20231020087 2 Bijlage 1 Concept beleidskader wijkplatforms
Tekst van het document
Concept beleidskader wijkplatforms Samen de stad maken
25 juli 2023 Guda Kay Programma's en gebieden 1
Inhoudsopgave
Concept Beleidskader wijkplatforms
3
Inleiding
3
Beschrijving wijkplatform
3
Erkenning wijkplatforms
5
Ondersteuning vanuit de gemeente
5
Gerelateerd beleid
7
Bijlage 1 Toelichting rechtsvormen
8
2
Concept Beleidskader wijkplatforms Inleiding Veel Haarlemmers hebben ideeën om hun buurt, wijk of de stad mooier of beter te maken. Bewoners zijn op tal van manieren actief, soms via de wijkraad, vaak op andere wijze. Zij voelen zich betrokken bij hun buurt of bij specifieke onderwerpen die zij belangrijk vinden. Om te zorgen dat iedereen de kans krijgt om actief te zijn, zich te laten horen én als gemeente een goed beeld te krijgen van wat er speelt in de wijken, zoekt de gemeente de samenwerking op in wijkplatforms. De gemeente wil met wijkplatforms stimuleren dat actieve bewoners en andere partijen die zich inzetten voor de leefbaarheid van de wijk meer met elkaar in verbinding komen en ondersteund worden. De gemeente beseft dat deze transitie een verbeter- en moderniseringsslag is die vraagt om een cultuurverandering die de gemeente samen met de betrokken partijen in wil gaan. Wijkraden die dat willen kunnen zich - binnen de uitgangspunten van dit beleidskader - doorontwikkelen tot wijkplatform, zodat hun opgebouwde kennis en kunde, netwerken en communicatiekanalen behouden blijven voor de wijk.
Beschrijving wijkplatform Definitie wijkplatform De betrokkenheid van bewoners staat voorop. Een wijkplatform bestaat daarom in de kern uit samenwerkende actieve bewoners (tenminste 3 personen) die zich inzetten voor hun wijk met daaromheen een netwerk aan partijen die actief zijn in de wijk (initiatiefnemers, maatschappelijke organisaties, woningcorporaties, (sociaal) ondernemers, etc.). Een wijkplatform vormt hiermee een netwerk dat bewoners onderling verbindt en zorgt voor een link met de gemeente om signalen uit de wijk te laten horen. Met elkaar wordt gewerkt aan betere buurten en wijken door het vergroten van de betrokkenheid van bewoners bij hun straat, buurt of wijk. Iedereen is welkom die wil bijdragen én wil samenwerken. Als minimale gebiedsgrootte gelden de huidige wijkraadsgrenzen; samenvoeging van gebieden is mogelijk. Er is één wijkplatform per wijk. Aangezien wijken bestaan uit bewoners die verschillend denken en doen, kan een wijkplatform niet 'namens de wijk' spreken. Vorm en werkwijze Een wijkplatform kiest zelf de vorm en werkwijze die voor hen het meest effectief is en passend is bij het DNA van de wijk. Dit vraagt om maatwerk per wijk. Een veelgenoemde vorm is een vaste kern met daaromheen een netwerk aan betrokken partijen en samenwerking via werkgroepen of rondom initiatieven, waar nodig wijkoverstijgend.
Het idee is dat een vaste kern faciliterend, verbindend en een schakelpunt voor informatie is. De organisaties in de wijk en de bewoners vormen samen de flexibele schil en zijn deskundig op inhoud of competenties. Een vaste kern hoeft niet van alle initiatieven op de hoogte te zijn; zaken mogen naast elkaar groeien en bloeien. De vaste kern kan zorgen voor verbinding en kennisdeling binnen het netwerk en bijdragen bij aan de continuïteit en herkenbaarheid van het wijkplatform. De samenstelling kan wisselen en deelname kan voor korte of langere duur zijn. Thema's en onderwerpen Een wijkplatform bepaalt zelf voor welke thema’s en onderwerpen zij zich wil inzetten, binnen de wijk of wijkoverstijgend. In de ene wijk speelt ook meer dan in de andere. In de basis gaat het om samenwerking met bewoners en andere in de wijk aanwezige partijen voor een prettige en 3
leefbare wijk. Het netwerk is gericht op de wijk en de wijkgemeenschap en staat in contact met de gemeente. Het gaat om aandacht voor de sociale samenhang en leefbaarheid. Gemeenschappelijke thema's kunnen zijn: het vergroenen van de wijk, openbare orde en veiligheid, verkeer, ruimtelijke ordening of het organiseren van sociale ontmoetingen in de wijk. Per thema kan bekeken worden wat en wie er nodig is. De ene keer zal dit binnen de wijk zijn, dan weer meer wijkoverstijgend. Wel is het wenselijk dat (de kern van) een wijkplatform minimaal de wijk informeert over de activiteiten die zij zelf ontplooien. Enkele voorbeelden van een werkwijze met samenwerking in werkgroepen of via initiatieven die de gemeente met de transitie naar wijkplatforms verder wil stimuleren (niet uitputtend): De wijkraad Indische Buurt Noord heeft een werkgroep Groen die zich bezighoudt met het vergroenen van de wijk via geveltuinacties, aanpak van boomspiegels, vergroeningstips en een buurtvergroeningsplan. Daarnaast is er de werkgroep Indische buurttuin. Samen met vrijwilligers wordt de tuin onderhouden en er worden activiteiten georganiseerd voor jong en oud. De werkgroep Groen werkt hierin samen met o.a. Buurts, gemeente, Ymere en de stichting Doetuinen. Ook is er een projectgroep die meedenkt over de inrichting van het Nieuw-Guineaplein, activiteiten rondom de opening en het onderhoud van het plein.
De buurtcoöperatie Garenkokerskwartier is ontstaan uit een gezamenlijke aanpak van duurzame energie, groen en zorg in de wijk. Inmiddels is er ook aandacht voor vergroening van de wijk en de buurtcoöperatie organiseert allerlei buurtactiviteiten, zoals het Garenkokerscafé, samen zwerfafval opruimen, voetbaltoernooi, burendag, Sint Maarten actie en kerstviering. De wijkraad Scheepmakersdijk heeft voor alles wat van invloed is op de wijk werkgroepen opgericht, zoals AED, Activiteiten, Bouw, Communicatie, De Koepel, Gemeente, Groen, Haven, Jeugd, Lobby, Milieu, Verkeer en Visie. Dit om bewoners op de hoogte te houden van alle activiteiten, maar ook alle veranderingen in de wijk, de plannen en vragen van de gemeente, vandaag en in de toekomst. De wijkraad Molenwijk heeft verschillende werkgroepen zoals Buurtouders, Groen, klankbordgroep Molenpark/plas, klankbordgroep Zuid Schalkwijkerweg. In het Open Koffie Huis houdt de wijkraad wekelijks spreekuur en samen met maatschappelijke organisaties in de wijk worden buurtmaaltijden en de buurtcamping georganiseerd. Formele organisatievorm mogelijk, niet verplicht Een wijkplatform is vrij om te bepalen hoe zij zich willen organiseren.
Een formele rechtsvorm biedt voordelen als gaat om het openen van een zakelijke rekening, het beperken van hoofdelijke aansprakelijkheid en brengt structuur met zich mee als het gaat om het aanstellen van een bestuur en het bijhouden van een (financiële) administratie. In bijlage 1 staan verschillende rechtsvormen toegelicht met de belangrijkste voor- en nadelen op een rij en is aangegeven hoe de situatie kan zijn als er geen rechtspersoon is. Het oprichten van een vereniging met een beperkte rechtsbevoegdheid vereist weinig voorwerk en de formaliteiten zijn beperkt; er is geen notaris nodig. De nieuwe wijkraad in de Krim heeft dit proces recentelijk doorlopen. Cultuurverandering De ontwikkeling naar wijkplatforms vraagt om een open en samenwerkende houding, gericht op vertrouwen in elkaar en gelijkwaardigheid. Dit geldt niet alleen voor de deelnemende partijen, maar zeker ook voor de gemeente. De gemeente wil de kracht van de samenleving vergroten door eigen initiatief te stimuleren en ruimte te maken voor mensen om verantwoordelijkheid te nemen voor zichzelf en hun omgeving. Waarbij iedere wijk zijn eigen karakter en eigen vraagstukken heeft. De gemeente is hierin een samenwerkingspartner die verbindingen legt, maar niet oplegt. Doel is 4
het bieden van perspectief en zo min mogelijk procedures. Dit past binnen de gemeentelijk organisatieontwikkeling om te werken vanuit de gedachte van Ja, mits in plaats van Nee, tenzij. De blik van een wijkplatform is op de wijk gericht en met elkaar wordt gewerkt aan het versterken van het netwerk in de wijk. Het gaat om waarderend samenwerken en het bundelen van krachten, kennis en inzet van verschillende organisaties en bewoners; ieder met zijn eigen waarde en talenten is welkom in een wijkplatform. Inzet moet vrijwillig, leuk en behapbaar blijven.
Erkenning wijkplatforms Een groep bewoners die voor langere tijd met elkaar wil samenwerken in een wijkplatform en ook andere partijen niet bij voorbaat uitsluit, kan een erkenningsaanvraag indienen bij de gemeente via een door het college vastgesteld aanvraagformulier 'Erkenningsaanvraag wijkplatforms'. De aanvraag bevat minimaal een beschrijving van de samenstelling van de groep, de contactgegevens, wie de (beoogde) samenwerkingspartners zijn en een samenwerkingsplan op hoofdlijnen. Een wijkplatform hoeft niet direct bij de start met alle partijen die actief zijn in de wijk al een samenwerking te hebben. In het samenwerkingsplan staat hoe men dit in alle redelijkheid denkt te bereiken. Een volledig overzicht van alle spelers en initiatieven in de wijk is niet het uitgangspunt. Sommige bewonersinitiatieven zijn van tijdelijke aard en niet iedereen wil overal onderdeel van uitmaken. Daarnaast kost de opbouw van een netwerk tijd. Indien gewenst brengt de gemeente de aanvragers in contact met bij de gemeente bekende partijen en personen uit de wijk. Met het indienen van de erkenningsaanvraag gaan de aanvragers akkoord met de uitgangspunten uit dit beleidskader. Het college toetst de erkenningsaanvraag aan het beleidskader wijkplatforms. Het college beslist uiterlijk binnen 9 weken na de datum van binnenkomst op een erkenningsaanvraag.
Het college kan de beslistermijn voor ten hoogste 13 weken verdagen. Als een erkenningsaanvraag niet voldoet aan het beleidskader wijkplatforms biedt het college de gelegenheid om de aanvraag aan te passen. Als er meerdere aanvragers zijn in 1 wijk, zal de gemeente het gesprek aangaan met de betrokken partij(en) om alsnog de mogelijkheden te verkennen om te komen tot één wijkplatform. Indien de partijen niet met elkaar willen samenwerken kan dit in het uiterste geval toe leiden dat in een wijk geen enkele partij als wijkplatform erkend wordt.
Ondersteuning vanuit de gemeente Opbouw van het netwerk en kennisuitwisseling De gemeente biedt op verschillende manieren ondersteuning. De gebiedsverbinder blijft het eerste aanspreekpunt voor een wijkplatform. Rondom de invoeringsdatum van dit beleidskader zal de gemeente een communicatiecampagne opzetten om alle inwoners te informeren over de komst van wijkplatforms en de mogelijkheden om daar zelf een rol in te spelen. Mogelijke geïnteresseerden brengt de gemeente met elkaar in contact. De gebiedsplannen van de gemeente en de Leefbaarometer bieden de wijkplatforms handvatten ten aanzien van de vraagstukken die spelen in de wijk. De gemeente stimuleert kennisdeling tussen wijkplatforms om te leren van goede voorbeelden, denk aan het gezamenlijk organiseren van netwerkbijeenkomsten als Mooi door Noord en Expeditie Zuid-West om het wijkoverstijgende netwerk te versterken. Bijvoorbeeld door presentaties uit de verschillende wijken en het delen van informatie over actuele thema's die spelen binnen de gemeente. Wijkplatforms kunnen met elkaar geslaagde initiatieven delen over hoe zij de samenwerking binnen de wijk vormgeven, hoe zij met bewoners communiceren en de verbinding leggen met groepen zoals jongeren en mensen met een migratieachtergrond. 5
In samenwerking met externe partijen worden cursussen en trainingen aangeboden ter ondersteuning van initiatiefnemers en (de kernen van) wijkplatforms. De gemeente biedt een startpakket aan informatie en faciliteert cursussen om wijkplatforms op weg te helpen. De gemeente reserveert hiervoor middelen in het programma Versterken Lokale Democratie. In wijken waar minder vanzelf een wijkplatform tot stand komt of sprake is van een moeizame samenwerking tussen partijen, zal de gemeente inspanningen leveren om betrokken partijen in de wijk bij elkaar te brengen. Denk aan overleg met sleutelpersonen, maatschappelijke organisaties die in de wijk actief zijn of gevestigd zijn, zelforganisaties en stichtingen. Het kan zijn dat een wijkplatform in sommige wijken te hoog gegrepen is, dan is de inzet op ondersteuning van kleinschalige buurtinitiatieven gericht op ontmoeting en verbinding belangrijker. Waar mogelijk trekt de gemeente samen op met Buurts met als uitgangspunt het benutten van de kracht van de wijk. Vanuit de sociale basis faciliteert en ondersteunt Buurts inwoners die iets voor een ander willen betekenen zoals bewonersinitiatieven, vrijwilligers, mantelzorgers, lotgenoten en ervaringsdeskundigen.
Ten aanzien van de wijkplatforms kunnen de sociaal makelaars van Buurts een ondersteunende rol vervullen vanuit hun verbindingsfunctie in de wijk en werken daarin samen met de gebiedsverbinders van de gemeente. Basisbudget (De vaste kern van) een wijkplatform kan jaarlijks via een door het college vastgesteld aanvraagformulier 'basisbudget wijkplatforms' een basisbudget aanvragen voor financiering van communicatie, organisatiekosten, ondersteuning van activiteiten in de wijk of faciliteren van het netwerk. Een wijkplatform zonder rechtsvorm met een rechtspersoonlijkheid wijst een penvoerder aan die belast wordt met de aanvraag en verantwoording van de subsidie. Het basisbudget is een subsidie die valt onder de Algemene Subsidieverordening gemeente Haarlem 2021. De subsidieregeling wordt door het college vastgesteld. Het basisbudget bedraagt minimaal 5.000 euro en maximaal 15.000 euro en bestaat uit meerdere componenten: • een basisbedrag dat gelijk is voor ieder wijkplatform; • een opslag voor wijkplatforms met een bovengemiddeld aantal inwoners; • een opslag voor wijkplatforms met een bovengemiddeld aandeel sociale huurwoningen; • een opslag voor wijkplatforms met een bovengemiddeld aantal bijstandsgerechtigden. De inwoneraantallen en sociale componenten zijn in te zien via www.haarlem.incijfers.nl.
De peildatum voor deze aantallen is 1 januari van het jaar voorafgaand aan het jaar waar de subsidieaanvraag betrekking op heeft. Het budget voor de wijkplatforms wordt jaarlijks geïndexeerd. Indien een wijkplatform gedurende het jaar start, wordt het basisbudget naar rato berekend over de resterende maanden. Het eerste jaar kunnen de erkenningsaanvraag en subsidieaanvraag gecombineerd worden. In de vervolgjaren is alleen nog de jaarlijkse subsidieaanvraag nodig. Een rechtsvorm met een rechtspersoonlijkheid hoeft geen verantwoording af te leggen voor subsidiebedragen tot € 15.000,-. Partijen zonder rechtsvorm met een rechtspersoonlijkheid leggen wel jaarlijks verantwoording af aan het college over het financiële beleid van het wijkplatform. Goedkeuring daarvan door het college strekt tot décharge van (de vaste kern van) het wijkplatform. Uitgangspunt is dat de verkregen subsidie doelmatig en efficiënt wordt ingezet voor de wijk. (De vaste kern van) het wijkplatform is verantwoordelijk voor een rechtmatige besteding van het verkregen basisbudget. Het college behoudt zich het recht voor om op basis van een steekproef of naar aanleiding van signalen uit de samenleving een verantwoording van bestede gelden te vragen en subsidie terug te 6
vorderen. Ook kan het college gesprekken voeren over het functioneren van het wijkplatform en in het uiterste geval overgaan tot opheffing van het wijkplatform. Signalen kunnen vanuit bewoners, andere wijkplatforms, organisaties of de gemeentelijke organisatie zelf komen. Elk signaal kan aanleiding zijn om het gesprek aan te gaan met het betreffende wijkplatform. In het uiterste geval kan dit leiden tot opheffing van het wijkplatform. Initiatiefbudget Naast het basisbudget kunnen initiatiefnemers een beroep doen op het Leefbaarheid- en initiatiefbudget (L&I) en subsidies voor groeninitiatieven, groene daken, energietransitie, cultuurstimuleringsfonds en sport. Deze subsidies zijn voor iedere inwoner van Haarlem toegankelijk en hoeven niet via het wijkplatform te lopen. (De vaste kern van) een wijkplatform is financieel ook niet verantwoordelijk voor subsidieaanvragen van bewoners of organisaties voor activiteiten of initiatieven in de wijk.
Gerelateerd beleid Burgerparticipatie en overheidsparticipatie Participatie is een moment om als gemeente in contact te zijn met haar inwoners. Participatie geeft Haarlemmers de mogelijkheid om, naast de gang naar de stembus eens in de vier jaar, betrokken te zijn bij lokaal beleid. En, waar mogelijk, zeggenschap te hebben over hun directe leefomgeving. In Haarlem betekent participatie dat de gemeente bewoners vraagt mee te doen in een initiatief van de gemeente (burgerparticipatie), of dat de gemeente meedoet in een initiatief van bewoners (overheidsparticipatie) als dit bijdraagt aan de ambities van de stad (het bestuur). Burgerparticipatie Met de actualisatie van het participatiebeleid werkt de gemeente aan een zorgvuldig en transparant proces voor burgerparticipatie rondom gemeentelijk beleid, projecten en opgaves. Waarbij duidelijk is wie welke rol heeft en waarover inwoners precies kunnen meepraten. In het participatiekader wordt uitgegaan van drie participatieniveaus: meedenken, meedoen en meebeslissen. Bij meebeslissen krijgen bewoners meer zeggenschap. Wijken bestaan uit bewoners die verschillend denken en doen; het is geen homogene groep. Het is aan de gemeente zo goed en zo veel mogelijk belangen en wensen op te halen: de uitgesproken voor- en tegenstanders, maar ook het stille midden. Het gemeentebestuur weegt de belangen vervolgens af en beslist.
Waarbij gezorgd wordt dat voor iedereen helder is waarom bepaalde keuzes gemaakt zijn of voor een oplossing gekozen is. Een wijkplatform spreekt niet 'namens de wijk' en is ook geen partij bij participatietrajecten. Wel hebben zij een beeld van wat er leeft in de wijk en kunnen helpen belangen in de wijk inzichtelijk maken. Daarmee kunnen ze bijdragen aan het tot stand komen van een passende participatieaanpak voor nieuw beleid of nieuwe projecten die in de wijk aan de orde zijn. Overheidsparticipatie De gemeente werkt aan het overdragen van meer zeggenschap naar bewoners over de inrichting van de wijk en het versterken van eigenaarschap bij ontwikkelingen in hun eigen leefomgeving. Wijkplatforms die een stap verder willen gaan, kunnen hiervoor een aanvraag indienen en in samenwerking met de gemeente kunnen wijkbudgetten worden ingezet in de wijk, mits er dat jaar nog budget beschikbaar is. Zie hiervoor het uitvoeringsbeleid voor wijkbudgetten en het uitdaagrecht dat omschreven is in het participatiebeleid.
7
Bijlage 1 Toelichting rechtsvormen Nederland kent een flink aantal verschillende rechtsvormen en subvarianten daarop. Voor de wijkplatforms, die lokaal opereren en primair een maatschappelijk doel hebben, liggen de meer op commerciële ondernemingen gerichte rechtsvormen, zoals de besloten vennootschap, niet voor de hand. De meeste gebruikelijke rechtsvormen voor de maatschappelijke organisaties en netwerkverbanden zijn de stichting, de vereniging en de coöperatie. De laatste twee hebben leden. De coöperatie kan worden beschouwd als een speciale vorm van vereniging die meestal is gericht op de materiële en/of financiële belangen van zijn leden. Bij de vereniging wordt verder nog onderscheid gemaakt tussen de vereniging met volledige rechtsbevoegdheid en de vereniging met beperkte rechtsbevoegdheid. Stichting
Een organisatie met primair een maatschappelijk, sociaal of ideëel doel. Het maken van financiële winst is nooit het doel, maar is ook niet verboden. Stichtingen kunnen eventuele winsten echter niet uitkeren; de winst blijft in de stichting ter besteding aan het maatschappelijke doel. Stichtingen hebben geen leden en worden bestuurd door het bestuur (al dan niet gecontroleerd door een Raad van Toezicht).
Vereniging (met volledige en met beperkte rechtsbevoegdheid)
De vereniging is een rechtsvorm met leden. Verenigingen hebben niet tot doel om financiële winst te maken, maar streven als collectief van leden een bepaald (maatschappelijk) doel na. Verenigingen bestaan in allerlei kleuren en smaken. Voor de rechtsvorm is het onderscheid van belang tussen verenigingen met volledige rechtsbevoegdheid (de ‘formele’ vereniging) en die met beperkte rechtsbevoegdheid (de ‘informele’ vereniging).
Coöperatie
De coöperatie is eigenlijk een vereniging met een bedrijf. De coöperatie heeft als doel, zoals het Burgerlijk Wetboek het zegt, om in bepaalde stoffelijke behoeften van haar leden te voorzien. De coöperatie lijkt daarmee in veel opzichten op de vereniging, maar heeft meer mogelijkheden om bepaalde zakelijke belangen van het collectief te behartigen. Vaak gaat het om collectieve inkoop (wat kostenbesparing oplevert voor de individuele leden) of om collectief ondernemerschap (zoals bij energiecoöperaties) waarbij winsten soms in de een of andere vorm worden uitgekeerd aan de leden.
Voor deze verschillende rechtsvormen worden hieronder, aan de hand van een viertal uitgangspunten, de belangrijkste voor- en nadelen op een rij gezet. Ook is daarbij aangegeven hoe de situatie zou zijn als er geen sprake zou zijn van een rechtspersoon.
8
Rechtsvorm
Geen/natuurlijk persoon
Stichting
Vereniging (volledig)
Vereniging (beperkt)
Coöperatie
Zo zou het eruit zien:
Het wijkplatform is een losse verzameling van natuurlijke personen en/of lokale rechtspersonen (zoals bedrijven, scholen). Samenwerking is hooguit geformaliseerd via een samenwerkingsovereenkomst
Het wijkplatform is een stichting met een eigen bestuur, en eventueel een Raad van Toezicht. Er zijn geen leden. Bewoners en organisaties kunnen niet in die rol aan het wijkplatform verbonden zijn.
Het wijkplatform is een vereniging die via notariële akte is opgericht. Bewoners en eventueel organisaties kunnen lid zijn van het platform. De algemene ledenvergadering stelt het bestuur aan.
Het wijkplatform is een vereniging die niet via notariële akte is opgericht, maar mogelijk wel is ingeschreven bij de Kamer van Koophandel. Bewoners en organisaties kunnen lid zijn van het platform.
Het wijkplatform is een coöperatie die via notariële akte is opgericht. Bewoners en eventueel organisaties kunnen formeel lid zijn van het platform.
#1 Open voor iedereen
Ja, tenzij het netwerkverband zelf anders beslist. Er zijn geen wettelijke kaders.
Nee, tenzij de stichting een informele vorm opzet voor bewoners en/of organisaties om te participeren. Maar formeel zal dat hooguit een adviserende rol zijn. Het bestuur wordt dan ook niet door leden benoemd of gecontroleerd.
Ja, tenzij de vereniging in statuten of beleid anders bepaalt. De vereniging moet in elk geval vaststellen wie lid kan worden en hoe toelating als lid wordt geregeld. Er kan onderscheid worden gemaakt tussen soorten lidmaatschap. De Algemene Ledenvergadering is het hoogste orgaan, dus de leden beslissen mee.
Ja, tenzij de vereniging anders bepaalt. De informele vereniging heeft in de wijze waarop dat wordt bepaald meer vrijheid dan de vereniging met volledige rechtsbevoegdheid. Maar het kan ook sneller onduidelijk worden of tot conflict leiden.
Ja, tenzij de coöperatie in statuten of beleid anders bepaalt. Net als bij de verenigingen kan er onderscheid worden gemaakt tussen leden (zoals aspirant-leden en volwaardige leden). De Algemene Ledenvergadering is het hoogste orgaan, dus de leden beslissen (mee).
9
Rechtsvorm
Geen/natuurlijk persoon
Stichting
Vereniging (volledig)
Vereniging (beperkt)
Coöperatie
#2 Eenvoudige opzet
Ja, er hoeft formeel niets te worden geregeld.
Kost een gang naar de notaris, Verplichting tot inschrijving in het handelsregister. Ingrijpende wijzigingen vereisen vaak aanpassing van statuten. Verplichting tot behoorlijk bestuur (WBTR) en tot het bijhouden van een (financiële) administratie.
Kost een gang naar de notaris, Verplichting tot inschrijving in het handelsregister. Ingrijpende wijzigingen vereisen vaak aanpassing van statuten. Verplichting tot behoorlijk bestuur (WBTR) en tot het bijhouden van een (financiële) administratie.
Schriftelijke of mondelinge overeenkomst ter oprichting. Mogelijkheid tot inschrijving in het handelsregister. Statuten zijn niet verplicht. Let op: de WBTR geldt óók voor verenigingen met beperkte rechtsbevoegdheid
Kost een gang naar de notaris, Verplichting tot inschrijving in het handelsregister. Ingrijpende wijzigingen vereisen vaak aanpassing van statuten (door de notaris). Verplichting tot goed bestuur (WBTR) en tot het bijhouden van een (financiële) administratie.
#3 Geen hoofdelijke aansprakelijkheid
Er is geen rechtspersoon, dus per definitie is er sprake van hoofdelijke aansprakelijkheid (voor eigen handelen)
In principe is er geen hoofdelijke aansprakelijkheid. Een bestuurdersaansprakelijkheidsverzekering is wel aan te raden.
In principe is er geen hoofdelijke aansprakelijkheid. Een bestuurdersaansprakelijkheidsverzekering is wel aan te raden.
Hoofdelijke aansprakelijkheid die enigszins wordt beperkt als de vereniging is ingeschreven in het handelsregister.
In principe is er geen hoofdelijke aansprakelijkheid. Een bestuurdersaansprakelijkheidsverzekering is wel aan te raden. Aansprakelijkheid van leden is statutair geregeld.
#4 Zakelijke rekening
Niet mogelijk
Is mogelijk
Is mogelijk
Soms mogelijk na inschrijving in het handelsregister*
Is mogelijk
*) Bij de vereniging met beperkte rechtsbevoegdheid bestaat de mogelijkheid om een zakelijke rekening te openen in principe wel, al zullen banken op zijn minst een inschrijving in het handelsregister vereisen. Met die inschrijving alleen is de aanvrager er echter nog niet, omdat in het kader van behoorlijk bestuur door de banken ook kritisch wordt gekeken naar de organisatiestructuur. Een vereniging met beperkte rechtsbevoegdheid die geen statuten heeft, loopt daarbij een behoorlijk risico om afwijzingen op de aanvraag voor een zakelijke rekening te krijgen.
10
Gemeente Haarlem Bronvermelding: Kunstenaar: Guillaume Bijl Titel: Ein neuer erfolgreicher Tag Beeldengalerij Haarlem ________________________________ Postbus 511 2003 PB Haarlem Tel. 14 023 haarlem.nl 11