20230946517 4 Bijlage 3 Wijzigingsoverzicht bestemmingsplan Molenwijk (bijlage c)
Tekst van het document
Bijlage C: Wijzigingsoverzicht bestemmingsplan – Molenwijk
Inleiding Het ontwerpbestemmingsplan Molenwijk heeft ter inzage gelegen van 14 september tot en met 25 oktober 2022. Het eerste deel van dit overzicht bevat een lijst van de indieners van zienswijzen, het inhoudelijke commentaar op het ontwerpbesluit (zie kolom “zienswijze”) en het gemeentelijke antwoord op dit commentaar (zie kolom “antwoord”). Vervolgens wordt in de kolom “aanpassing” aangegeven of het commentaar heeft geresulteerd in aanpassing van toelichting, verbeelding en/of planregels. Een lijst met de namen van de indieners van zienswijzen en een kopie van de volledige zienswijzen ligt voor de raadsleden ter inzage. Het tweede deel van dit overzicht betreft ambtshalve wijzigingen van het college op het ontwerpbesluit die aan de raad worden voorgesteld.
1. Zienswijzen op ontwerpbestemmingsplan . A. Nr. 1.
Indiener zienswijze A- Gasunie Zienswijze In de toelichting (hoofdstuk 4 paragraaf 6) is geen aandacht besteed aan de externe veiligheidsaspecten van de aardgastransportleidingen. Hier wordt namelijk onterecht opgemerkt dat er geen risicovolle buisleidingen in het gebied aanwezig zijn terwijl deze hier wel aanwezig is (de W-532-01 welke ook in de verbeelding zichtbaar is). Op grond van de artikelen 11 en 12 Bevb bent u hiertoe wettelijk verplicht. Wij adviseren u om hier aandacht aan te besteden. Met behulp van het rekenpakket 'CAROLA' kunt u zelf de externe veiligheidsrisico's van ondergrondse (hoge druk) aardgastransportleidingen berekenen. U
Antwoord Wij danken u voor uw reactie. Naar aanleiding hiervan is aanvullend een onderzoek Externe Veiligheid uitgevoerd (zie bijlage Onderzoek Externe Veiligheid, AVIV 12 juni 2023). Uit dit onderzoek blijkt dat het aspect Externe Veiligheid de uitvoerbaarheid van het bestemmingsplan niet in de weg staat. De tekst in de paragrafen 4.6 en paragraaf 4.12 van de toelichting is aangevuld met informatie over leiding W-532-01 uit de zienswijze en de resultaten uit het verrichtte onderzoek. Ook wordt het onderzoek zelf als bijlage bij de toelichting opgenomen.
1
Toelichting Ja
Aanpassing Verbeelding -
Planregels -
2.
3.
dient de voor CAROLA benodigde leidingdata aan te vragen bij carola@qasunie.nl. Voor vragen omtrent CAROLA kunt u terecht bij de CAROLA-helpdesk van het RIVM. In hoofdstuk 4 paragraaf 12 wordt aangegeven dat er geen planologisch relevante leidingen in het gebied aanwezig zijn. Dit is zoals eerder vermeld onjuist. Wij verzoeken u om onze aardgastransportleiding W-532-01 aan deze paragraaf toe te voegen. In artikel 13 lid 4 is het wijzigen van het gebruik van bestaande gebouwen niet opgenomen als strijdig gebruik. Wij verzoeken u om dit alsnog op te nemen in de planregels (conform bijlage 1). In artikel 13 lid 5.2 sub c wordt gesproken over de 'Wet Informatieuitwisseling ondergrondse netten'. Deze regeling is echter per 31-3-2018 komen te vervallen. De huidig geldende wet op dit gebied betreft de 'Wet informatie-uitwisseling bovengrondse en ondergrondse netten en netwerken'. Wij verzoeken u om de aanduiding van de wet aan te passen. Wij verzoeken u het woord ‘evenredig’ zoals in artikel 13 lid 5.3. sub a wordt omschreven te verwijderen. Het huidige artikel biedt een beoordelingsvrijheid die niet door artikel 14 lid 3 Bevb wordt geboden. Hierin in bepaald dat de veiligheid van de in de belemmeringenstrook gelegen buisleiding niet mag worden geschaad en geen kwetsbaar object wordt toegelaten.
De planregels zijn op de gevraagde onderdelen overeenkomstig het verzoek van Gasunie aangepast.
-
-
ja
De planregels zijn op het gevraagde onderdeel overeenkomstig het verzoek van Gasunie aangepast. De tekst van artikel 13 komt als volgt te luiden:
-
-
ja
Artikel 13 Leiding - Gas 13.1 Bestemmingsomschrijving De voor 'Leiding - gas' aangewezen gronden zijn, behalve voor de andere daar voorkomende bestemming(en), mede bestemd voor: a. een ondergrondse gastransportleiding met de daarbij behorende belemmeringenstroken en bijbehorende
2
voorzieningen (zoals afsluiters en vloeistofafvangers); b. De regels van deze dubbelbestemming gelden primair ten opzichte van de regels van iedere andere bestemming, waarmee deze dubbelbestemming samenvalt. 13.2 Bouwregels Binnen de dubbelbestemming 'Leiding - gas' mogen uitsluitend 'bouwwerken geen gebouw zijnde' ten dienste van de leiding worden opgericht, onder de volgende voorwaarden: a. de bouwhoogte van 'bouwwerken geen gebouw zijnde' mag niet meer dan 3 m bedragen; b. ten behoeve van de andere, voor deze gronden geldende bestemming(en) mag – met inachtneming van de voor de betrokken bestemming(en) geldende (bouw)regels – uitsluitend worden gebouwd, indien het bouwplan betrekking heeft op vervanging, vernieuwing of verandering van bestaande bouwwerken, waarbij de oppervlakte, voor zover gelegen op of onder peil, niet wordt uitgebreid en gebruik wordt gemaakt van de bestaande fundering. 13.3 Afwijken van de bouwregels Het bevoegd gezag kan met een omgevingsvergunning afwijken van het bepaalde in lid 13.2 en toestaan dat wordt gebouwd overeenkomstig de bouwregels van de andere bestemming, indien: a. de veiligheid met betrekking tot de gasleiding niet wordt geschaad;
3
b. geen kwetsbare objecten worden toegelaten; c. vooraf schriftelijk advies wordt ingewonnen bij de betrokken leidingexploitant. 13.4 Specifieke gebruiksregels Naast de algemene gebruiksregels genoemd in artikel 20 gelden met betrekking tot het gebruik de volgende regels: a. tot een strijdig gebruik met deze bestemming, wordt in ieder geval gerekend het opslaan van goederen, met uitzondering het opslaan van goederen ten behoeve van inspectie en onderhoud van de gastransportleiding; b. het wijzigen van het gebruik van bestaande gebouwen, indien daardoor een kwetsbaar object wordt toegelaten. 13.5 Omgevingsvergunning voor het uitvoeren van een werk, geen bouwwerk zijnde, of van werkzaamheden 1. Voor de volgende werken of werkzaamheden is een aanlegvergunning vereist: a. aanbrengen van gesloten oppervlakteverhardingen; b. bodemverlagen of afgraven, ophogen, egaliseren dan wel anderszins aanbrengen van wijzigingen in het maaiveld; c. het aanbrengen van diepwortelende beplantingen en/of bomen;
4
d. het verrichten van graafwerkzaamheden anders dan normaal spit- en ploegwerk; e. het uitvoeren van heiwerkzaamheden en het op een of ander wijze indrijven van voorwerpen; f. het aanleggen van kabels en leidingen en daarmee verband houdende constructies; g. diepploegen; h. het aanleggen van watergangen of het vergraven, verruimen of dempen van reeds bestaande watergangen; i. het uitvoeren van werkzaamheden ter verlaging van de grondwaterstand; j. het plaatsen van objecten zoals lichtmasten, wegwijzers en ander straatmeubilair. 2. Geen aanlegvergunning is vereist voor werken of werkzaamheden die: a. het onderhoud en beheer betreffen, passend in het normale gebruik, waaronder normaal spit- en ploegwerk, anders dan diepploegen; b. reeds in uitvoering zijn op het tijdstip van het van kracht worden van het plan krachtens een verleende vergunning; c. graafwerkzaamheden betreffen als bedoeld in de Wet informatieuitwisseling ondergrondse netten; d. mogen worden uitgevoerd krachtens een reeds verleende vergunning.
5
3. De werken of werkzaamheden als bedoeld in dit lid zijn slechts toelaatbaar, indien: a. geen aantasting plaatsvindt van het doelmatig functioneren van de leiding; b. vooraf schriftelijk advies wordt ingewonnen bij de betreffende leidingbeheerder.
B Nr.
Indiener zienswijze B – Wijkraad Molenwijk Zienswijze
1. Allereerst willen wij u bedanken voor het meenemen van een groot aantal opmerkingen onzerzijds, die wij u in een mondelinge toelichting uwerzijds (9 juli 2021) hebben meegegeven. Op pagina 66 schrijft u dan ook terecht dat de opmerkingen van de wijkraad hebben geleid tot enkele tekstuele aanpassingen in de toelichting. Evenwel zijn nog een aantal opmerkingen onzerzijds óf niet meegenomen in de aanpassingen óf niet beantwoord met betrekking tot dit stuk. Deze items brengen wij in deze zienswijze nog eens onder uw aandacht. 2. Allereerst toch nog een paar kleine taalfouten in dit stuk: Op pagina 13 staat geschreven: Verenigde Grote en Kleine Polder en ook: Vereenigde Grote en Kleine Polders. Beide
Antwoord Wij danken u voor uw reactie. Hieronder worden de ingekomen zienswijzen beantwoord.
De voorgestelde aanpassingen zijn overeenkomstig verwerkt in de toelichting.
6
Toelichting -
Aanpassing Verbeelding -
Planregels -
Ja.
-
-
namen zijn foutief. Het moet zijn: Verenigde Groote en Kleine Polders. Graag aanpassen. Op pagina 18 staat het volgende: Het voorliggende bestemmingsplan maakt geen stedeljke ontwikkelingen mogelijk zoals bedoeld in het Bro. Ook op pagina 18 staat: Om deze ook voor de toekomst vast te kunnen houden, richten de provincie zich op een goede balans tussen economische groei en leefbaarheid. Hier moet worden geschreven: richt i.p.v. richten. 3. De naamgeving van het plan is niet echt duidelijk. Ons lijkt het beter om het plan als volgt te noemen: Bestemmingsplan Molenwijk (gedeeltelijk). Het plan omvat nl. niet heel Molenwijk
4. Pagina 8, bij 1.2 Begrenzing van het plangebied is de aanduiding van de wegen rondom het gebied niet duidelijk. Beter zou zijn: “… en wordt globaal begrensd door de Europaweg, Roosje Vospad, Europavaart, de Ringvaart, de grens tussen de bebouwing en het agrarisch
Het voorgestelde plangebied voor bestemmingsplan Molenwijk maakt onderdeel uit van het bestemmingsplan Schalkwijk, zoals dat op 18 december 2008 door de raad is vastgesteld. Dat plangebied bestond globaal uit de Molenwijk, Meerwijk, Boerhaavewijk en Europawijk. Onderdelen van dit plangebied voor Schalkwijk zijn intussen al geactualiseerd, zoals bijvoorbeeld de bestemmingsplannen voor Europawijk en Meerwijk. Vandaar dat voor dit plandeel de naam ‘Molenwijk’ is gekozen. De begrenzing van het plangebied is in de loop der tijd aangepast. Dat heeft te maken met de voorgestane herontwikkelingsplannen in de Waddenbuurt (rond de Frieslandlaan). Voor die herontwikkeling worden t.z.t. separate planologische procedures doorlopen. Dit gebied valt daarmee buiten de actualisatie van dit plangebied voor Molenwijk. Uit de verbeelding van het bestemmingsplan volgt de exacte planbegrenzing. Wij kunnen instemmen met de voorgestelde tekst. Deze wordt overeenkomstig opgenomen in de toelichting.
7
-
-
-
ja
-
-
gebied aan de Betuwelaan en het verlengde daarvan, het Watermolenplantsoen, Amelandstraat, Zuiderzeelaan, de bebouwing van Prattenburg, Engelenburg en de Groningenlaan. 5. Er staat in de inleiding (pag. 7): Kleinschalige ontwikkelingen en veranderingen binnen de bestaande functie en bebouwing zijn in meerdere of mindere mate mogelijk. Hoe is dat te rijmen met opmerkingen later als: In het plan wordt geen ruimte geboden op nieuwe locaties voor de vestiging van nieuwe detailhandel, dienstverlening of horeca (pag. 39)?
6. Op pagina 21 wordt gesproken over zonnepanelen, eventueel in het Molenplaspark en op de Molenplas. Hierbij wordt aangegeven dat dit kwetsbaar is in verband met de ruimtelijke kwaliteit. Dit onderschrijven wij van harte en wij zijn er bijzonder op tegen om op de Molenplas zonnepanelen te leggen. Wij zijn het eens met het gestelde dat het woongedeelte van Molenwijk kansrijk is voor zonne-energie. Al meerdere malen heeft de wijkraad aan de wethouder hiervoor suggesties aan de hand gedaan.
7. Pagina 21: windenergie zien wij in een woongebied niet als een haalbare optie. 8. Op pagina 24 staat vermeld onder 3.3.6: Aan de zuidkant van het plangebied bevindt zich het
Het toevoegen van nieuwe detailhandel, dienstverlening of horeca is niet te zien als een kleinschalige ontwikkeling. Toevoegen van dit soort functies kan immers behoorlijke ruimtelijke gevolgen hebben, bijvoorbeeld t.a.v. verkeer aantrekkende werking, parkeerproblematiek en (mogelijk) geluid(overlast). Bij een kleinschalige ontwikkeling kan in dit verband bijvoorbeeld gedacht worden aan de mogelijkheid om binnen de bestaande woonbestemming ook aan-huis-verbonden beroepen, gastouderopvang en/of bed & breakfast onder voorwaarden mogelijk te maken. De bedoelde tekst verwijst naar pagina 14 van de Nota Ruimtelijke Kwaliteit, die een kaart weergeeft, waarop de Molenplas en het Molenplaspark ín een gebied liggen dat in dit verband is aangeduid als’ Kansen voor zonne-energie, maar kwetsbaar in verband met ruimtelijke kwaliteit’. Dit bestemmingsplan kent geen concrete plannen voor het leggen van zonne-energie, ook niet op de genoemde locaties. Mocht er in de toekomst een initiatief ontstaan voor een van deze locaties, dan zal er in een separate ruimtelijke procedure een afweging moeten plaatsvinden tussen de invloed op de ruimtelijke kwaliteit en het rendement. Overigens is het leggen van zonnepanelen op daken in de meeste gevallen (omgevings)vergunningsvrij. Wij danken u voor uw reactie. Dit bestemmingsplan kent geen concrete plannen voor windenergie.
Het gaat in deze inderdaad om het Molenplaspark. De tekst is aangepast. 8
-
-
-
-
-
-
-
-
-
ja
-
-
Romolenpark. Wij denken dat aan de zuidkant van het plangebied het Molenplaspark ligt en niet het Romolenpark (copy paste uit het bestemmingsplan Europawijk?). 9. Ook lijkt de zin: “Verder hoort het gebied direct ten westen van het plangebied tot de groenstructuur zoals het Engelandpark” op pagina 24 niet relevant voor dit plan. Het Engelandpark ligt ook in Europawijk.
C Nr.
Indiener zienswijze C, Liander Zienswijze
1. 50 kV-kabelverbinding Liander is als regionale netbeheerder onder andere belast met het beheer, het onderhoud en de instandhouding van het hoogspanningsnet met een spanningsniveau tot en met 50 kV. Om deze taak uit te voeren, is het van belang dat de ligging van de kabelverbindingen planologisch wordt veiliggesteld. Daarnaast dient het tracé van de kabelverbindingen gevrijwaard te blijven van (nieuwe) ruimtelijke ontwikkelingen en activiteiten die van negatieve invloed kunnen zijn op de functionaliteit van de kabelverbinding. Er lopen drie 50 kV-kabelverbindingen door het ontwerp. Zie ook bijgevoegde afbeeldingen op de volgende pagina’s. De verbindingen zijn niet voorzien van een dubbelbestemming waarmee
Het gebied ten westen van het plangebied behoort wel tot de groenstructuur. Het Engelandpark is inderdaad niet relevant voor dit plandeel. De zinsnede ‘zoals het Engelandpark’ is verwijderd.
ja
-
-
Toelichting -
Aanpassing Verbeelding -
Planregels -
Antwoord Binnen het traject van de 50 KV- leiding zijn binnen de daarvoor voorkomende bestemmingen, waaronder de verkeersbestemming, op grond van de doeleindenomschrijving van deze bestemmingen o.a. nutsvoorzieningen en kunstwerken mogelijk. Op grond van deze bestemmingen is een dergelijke leiding rechtens toegestaan. Het is daarmee niet noodzakelijk een aparte dubbelbestemming op te nemen. In Haarlemse bestemmingsplannen worden alleen die leidingen opgenomen op de verbeelding en in de regels die in het kader van externe veiligheid een rol spelen. In dat kader zijn ondergrondse 50 kv- kabels planologisch niet relevant. Tevens wordt er in dit bestemmingsplan niet voorzien in ontwikkelingen in de nabijheid van de 50 KV-leiding. Voor zover er in de toekomst werkzaamheden worden verricht binnen de toetsingszone van de leiding 9
gebruiksbeperkingen worden gesteld aan de grond. Wij verzoeken u het ontwerp zodanig aan te passen dat aan de grond, waarin de 50kVkabelverbinding liggen, en niet in eigendom is van Liander N.V., een dubbelbestemming wordt toegekend, voorzien van passende bouwregels en een omgevingsvergunningstelsel voor het uitvoeren van een werk of werkzaamheden, ter bescherming van de verbindingen. 2. Gasdrukmeet- en regelstations De gasdrukmeet- en regelstations in het plangebied, gelegen aan de Ramspol 2 en aan de Vogelwaarde (ong.) te Haarlem, zijn type Binrichtingen in de zin van het Activiteitenbesluit. Op deze stations zijn de regels uit de Wet milieubeheer en het Besluit algemene regels voor inrichtingen milieubeheer (hierna: Activiteitenbesluit) van toepassing. In het ontwerp is aan de grond waarop het gasdrukmeet- en regelstations zijn gevestigd, de enkelbestemming ‘groen’ toegekend (zie ook bijgevoegde afbeeldingen). Het gasdrukmeet- en regelstation aan de Ramspol 2, heeft ook de functieaanduiding ‘nutsvoorziening’.
dient er eerst een zogenaamde klic- melding te worden gedaan, waarna er door het Kadaster digitale informatie wordt verstrekt t.a.v. in de grond aanwezige kabels en leidingen ter plaatse. Het belang van Liander van bescherming van de leiding is hiermee voldoende geborgd, een nadere regeling in het bestem
De door Liander aangegeven 'gasdrukmeet en regelstations' zijn vergunningvrij te realiseren op grond van artikel 2 lid 18 bijlage II Bor. Op de aangegeven kasten is het Activiteitenbesluit (Barim) van toepassing. Gelet op voorgaande is het niet noodzakelijk en binnen de bestemmingsplannen van de gemeente Haarlem ook niet gebruikelijk om een specifieke zone voor het kasstation op te nemen, omdat e.e.a. (dus) al geborgd wordt via het Barim.
Gelet op de ruimtelijke uitstraling van de bovengenoemde stations, zie de veiligheidsafstanden in artikel 3.12 lid 6 van het Activiteitenbesluit die gelden voor een vrijstaand gebouw, willen wij u vragen het gasdrukmeet- en regelstation aan de Vogelwaarde (ong) te koppelen aan de 10
-
-
-
functieaanduiding ‘nutsvoorziening’ op de verbeelding en de daarbij behorende veiligheidscontour (Activiteitenbesluit - zone). Daarnaast willen wij u verzoeken om aan het gasdrukmeet- en regelstation aan de Ramspol 2 ook een veiligheidscontour (Activiteitenbesluit zone) toe te kennen. Door deze wijze van bestemmen is de aanwezigheid van het gasdrukmeet- en regelstation voor derden zichtbaar en wordt beter geborgd dat de veiligheidsafstanden ten opzichte van respectievelijk kwetsbare objecten en beperkt kwetsbare objecten nu en in de toekomst in acht worden genomen.
2. Ambtshalve wijzigingen op voorstel van het college Opgemerkt wordt dat ondergeschikte tekstuele wijzigingen, zoals verbeteringen in spelling, interpunctie, woordvolgorde enzovoorts niet separaat zijn benoemd, aangezien deze niet leiden tot inhoudelijke wijzigingen van de in het bestemmingsplan opgenomen regelingen. Toelichting Nr. Paragraaf 6.2.3.
Paragraaf 7.2.2
Aanpassing De tekst in paragraaf 6.2.3 is aangepast overeenkomstig de hieronder voorgestelde aanpassing in de regels. De parkeernormen verhuizen naar een zelfstandig artikel 23 “Overige Regels’. De strijdige gebruiksregels die in het ontwerp zijn opgenomen onder artikel 20.3 verhuizen naar een zelfstandig artikel 20. Paragraaf 7.2.2. is aangevuld met een beschrijving van de Nota van Zienswijzen die zijn ingediend n.a.v. de terinzagelegging van het ontwerpbestemmingsplan.
Regels
Aanpassing Hoofdstuk 3 Bestemmingsregels 11
Artikel 20 (Algemene Gebruiksregels) is aangepast, mede n.a.v. de inwerkingtreding van de nieuwe Nota Parkeernormen. De algemene gebruiksregels, die in het ontwerpbestemmingsplan zijn opgenomen onder 20.3 worden separaat opgenomen in artikel 20 ‘Algemene Gebruiksregels. Voor de parkeernormen wordt, overeenkomstig de meest recente Haarlemse wijze van bestemmen een nieuw artikel ‘Overige Regels’ ingevoegd.
Artikel 20 komt al volgt te luiden: Strijdig gebruik Tot een strijdig gebruik van gronden en bouwwerken als bedoeld in artikel 2.1, eerste lid, onder c van de Wet algemene bepalingen omgevingsrecht wordt in elk geval gerekend het gebruiken of laten gebruiken voor: a. prostitutie en seksinrichtingen; b. het opslaan van onbruikbare of althans aan hun oorspronkelijke gebruik onttrokken voorwerpen, goederen, stoffen en materialen en van emballage en/of afval, waaronder kampeermiddelen, van aan hun gebruik onttrokken machines, voer-, vaar- of vliegtuigen, schroot, afbraak- en bouwmaterialen, grond en bodemspecie, puin- en vuilstortingen. Deze bepaling is niet van toepassing op opslag van materialen welke noodzakelijk is voor de realisering van de bestemming, welke voortvloeien uit het normale dagelijkse onderhoud; c. bijgebouwen als zelfstandige woning. Artikel 23 komt als volgt te luiden: Artikel 23 Overige regels 23.1 Parkeren, laden en lossen 23.1.1 Aanbrengen ruimte voor parkeren, laden en lossen Bij het verlenen van een omgevingsvergunning voor bouwen en/of het gebruiken van gronden of bouwwerken geldt dat in voldoende mate ruimte moet zijn aangebracht en in stand worden gehouden op eigen terrein voor parkeer- of stallingsgelegenheid en laad- en losmogelijkheden overeenkomstig de 'Nota Parkeernormen'.
23.1.2 Beleidsregels Het bevoegd gezag past de in sublid 23.1.1 genoemde regels toe met inachtneming van de 'Nota Parkeernormen' met inbegrip van eventuele wijzigingen van deze beleidsregels zoals die gelden ten tijde van de ontvangst van de aanvraag om een omgevingsvergunning. 23.1.3 Specifieke gebruiksregels 12
Tot een strijdig gebruik van gronden en bouwwerken als bedoeld in artikel 2.1, eerste lid, onder c van de Wet algemene bepalingen omgevingsrecht wordt in elk geval gerekend het gebruiken of laten gebruiken van gronden of bouwwerken waarbij niet in voldoende mate ruimte is aangebracht en in stand wordt gehouden op eigen terrein voor het genoemde in sublid 23.1.1 overeenkomstig de beleidsregels als bedoeld in sublid 23.1.2. 23.1.4 Afwijken Het bevoegd gezag kan met een omgevingsvergunning afwijken van het bepaalde in sublid 23.1.1 overeenkomstig de afwijkingsmogelijkheden die vastliggen in de beleidsregels als bedoeld in sublid 23.1.2.
Verbeelding: Op de volgende (3) locaties in het plangebied bevinden zich legale kinderdagverblijven. In het ontwerpbestemmingsplan was voor deze locaties de aanduiding ‘kinderdagverblijf’ niet opgenomen en daarmee werden ze abusievelijk wegbestemd. -
Engelenburg 2-4 Ramspol 2 Betuwelaan 2
In het vast te stellen bestemmingsplan is voor deze locaties alsnog een aanduiding ‘kinderdagverblijf’ opgenomen, zie onderstaande afbeeldingen met een uitsnede voor de genoemde locaties.
13
Locatie Engelenburg 2-4
Ramspol 2
Betuwelaan 2
14