CConstaterende datHaarlem
Koppel je AI →
Document · PDF

20230207399 4 Bijlage 10 Grote en risicovolle projectenrapportage 2023

gemeenteraad 10 juli 2023, gemeente HaarlemBij agendapunt: Vaststellen Kadernota 2024 en Voortgangsrapportage 20235.838 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

Grote en risicovolle projecten rapportage Bijlage bij de kadernota 2024

Inhoud 1.

Inleiding

3

2.

Civiele projecten

4

2.1

Voortgangsrapportage IVORIM (Integrale Vernieuwing Openbare Ruimte In Meerwijk)

2.2

2.3

2.1.1

Fysieke voortgang van het project

4

2.1.2

Financiële voortgang

4

2.1.3

Globale ontwikkeling risico’s

5

2.1.4

Tegenspraak

5

Voortgangsrapportage Houtplein e.o. Fysieke voortgang project

6

2.2.2

Financiële voortgang

6

2.2.3

Globale ontwikkeling risico’s (top 7)

7

2.2.4

Resultaten van tegenspraak

8

Voortgangsrapportage Zuid Schalkwijkerweg, groot onderhoud

8

2.3.1

Fysieke voortgang project

8

2.3.2

Financiële voortgang

8

2.3.3

Globale ontwikkeling risico’s (top 5)

9

2.3.4

Resultaten van tegenspraak

10

Algemene ontwikkelingen WBI-zones

3.1

Ontwikkelzone Europaweg

3.3

6

2.2.1

3.

3.2

4

11 12

3.1.1

Fysieke voortgang van het project

12

3.1.2

Financiële voortgang

13

3.1.3

Risico's en globale ontwikkeling van de risico's

13

Ontwikkelzone Zuidwest

14

3.2.1

Fysieke voortgang van het project

14

3.2.2

Financiële voortgang

14

3.2.3

Risico's en globale ontwikkeling van de risico's

14

Ontwikkelzone Oostpoort

16

3.3.1

Fysieke voortgang van het project

16

3.3.2

Financiële voortgang

16

3.3.3

Risico's

16

2

1.

Inleiding Voor u ligt de voortgangsrapportage van de grote projecten welke volgens de regeling grote risicovolle projecten onderdeel uitmaken van de lijst grote risicovolle projecten. Nieuwe projecten in de regeling zijn de WBI-zones Europaweg, Zuidwest en Oostpoort. Voor deze WBI-zones zijn de algemene risico’s en beheersingsmaatregelen geduid die spelen voor alle WBI-zones. Daarna wordt specifieke ingegaan per zone op de fysieke en financiële voortgang en de specifieke risico’s en beheermaatregelen. Het is nog niet gelukt om te rapporteren over de resultaten van tegenspraak. Dat onderdeel wordt indien mogelijk meegenomen bij de Bestuursrapportage. De Regeling Grote Risicovolle projecten heeft een preventief oogmerk: de regeling draagt bij aan de sturing en beheersing vooraf en tijdens het project, in plaats van controle achteraf. Deze regeling zorgt ervoor dat de opdrachtgever en zijn procesmanager bij de opzet en in de uitvoering van een project expliciet aandacht besteden aan onderwerpen die essentieel zijn voor een succesvol verloop, in het bijzonder de risico's en de beheersing daarvan. Wanneer de regeling wordt nageleefd, zullen risico's niet worden uitgesloten maar wél beter worden beheerst. Een project dat valt onder deze regeling wordt dus intensief bestuurlijk gevolgd.

Hiertoe stellen de opdrachtgever en procesmanager rapportages op in samenwerking met het betreffende kernteam van de afdelingen Interne Dienstverlening (risicoanalyse, financiën, planning), Financiën (projectadministratie) en ConcernControl (bestuurlijke besluitvorming). Uitgangspunt is dat de frequentie en timing van de voortgangsrapportages gekoppeld zijn aan de planning & control cyclus (de jaarlijkse Voortgangsrapportage 1 en 2, onderdeel rapportage grote projecten), om dubbel werk te voorkomen. De procesmanager kan redenen hebben om hiervan af te wijken. De onderdelen dienen expliciet herkenbaar te zijn voor college en raad, maar het is geen vereiste om in het kader van de regeling afzonderlijke voortgangsrapportages te maken.

3

2.

Civiele projecten 2.1 Voortgangsrapportage IVORIM (Integrale Vernieuwing Openbare Ruimte In Meerwijk) 2.1.1 Fysieke voortgang van het project De werkzaamheden ten behoeve van de contractvorming van Fase A zijn in uitvoering. De daadwerkelijke uitvoeringsstart van Fase A geschiedt naar verwachting in september 2023. In oktober 2023 wordt het de ontwerpfase van Fase B gestart. 2.1.2 Financiële voortgang De gemeenteraad heeft bij het vaststellen van het Masterplan besloten dat het project IVORIM in totaal 25 miljoen euro mag kosten waarbij de variant ‘maximaal verbeterd’ wordt gerealiseerd. De kosten voor het voorbereiden en uitvoeren dienen binnen de reeds gereserveerde 13 miljoen euro voor de periode 2019-2024 en de 12 miljoen euro voor de periode 2025-2027 te blijven. De totale kosten voor het project IVORIM, fase A inclusief de voorbereidingskosten voor de uitvoering betreffen € 13.000.000. Voor fase B resteert een bedrag van € 12.100.000 voor het afmaken van ontwerp en de uitvoering. Bij het VO voor fase B zal er voor fase B een actualisatie op de benodigde kosten plaats vinden. Het is nu nog niet duidelijk genoeg wat de inflatiecorrectie gaat worden voor toekomstige jaren. Ook is een herontwerp van de doorgaande wegen aan fase B toegevoegd en zullen de ervaring tijdens de uitvoering in fase A ook effect hebben op fase B.

Het kader van € 25 miljoen voor het gehele project (fase A en B) is niet houdbaar, als gevolg van extra proceskosten in de ontwerpfase van fase A, de extra investeringskosten als gevolg van stijgende bouwprijzen en de impact van de stagnerende besluitvorming met de woningcorporaties ten aanzien van de warmteoplossing. Daarom is in lijn met het coalitieakkoord in de Programmabegroting 2023-2026 een extra krediet van 3.500.000 euro t.b.v. IVORIM fase B opgenomen. Op het moment dat de besluitvorming van fase B wordt aangeboden, is er meer inzicht of deze bijdrage afdoende is.

4

2.1.3 Globale ontwikkeling risico’s Risico Beheersmaatregel Het besluitvormingsproces en Onderzocht wordt om vooruitlopend de kaders van programma Warmte uitvoering warmtebuizen aan te leggen. kent een trager tempo dan het moment van uitvoering. Met stagnatie van IVORIM en daarmee hogere proceskosten als risico. De uitvoering van fase A kan gevolg hebben op de parkeerdruk in Fase B en daarmee de vraag welk aantal parkeerplaatsen gerealiseerd moet worden in het ontwerp. Beschikbare totaalbudget (Fase A + B prijspeil 2019) is niet toereikend als gevolg van marktontwikkelingen De capaciteit van nutsbedrijven is schaars, dit maakt dat het risico bestaat dat nutsbedrijven niet hun werkplanning volgen waardoor de engineering stagneert en/of het werk buiten langer open blijft wat tot overlast in de buurt leidt.

Vooruitlopend de uitvoering worden parkeertellingen uitgevoerd in het plangebied van Fase B. Daarbij worden deze tellingen tegen de RDW data aangehouden.

Status In uitvoering

In uitvoering

Bij besluitvorming VO Fase B financiële Niet gestart gevolgen expliciet maken. Eventuele keuzes voorleggen aan raad om besparingen te realiseren Met nutspartijen vindt regelmatig In uitvoering overleg plaats om te komen tot realistisch werkplanning. Omgevingsmanagement wordt per buurt (digitaal) ingericht om bewoners bij eventuele stagnatie zo snel mogelijk te informeren.

2.1.4 Tegenspraak De garantie en het gemak van een parkeerplaats voor de auto voor deur is niet houdbaar. Dit verlangt van bewoners een verandering in gedrag waardoor de noodzaak van de herinrichtingsprincipe ter discussie worden gesteld met vertraging en daarmee hogere faalkosten tot gevolg. Het participatie en inspraak plan (PIP) voor fase B zal daarom middels tegenspraak worden getoetst. De uitkomsten van de tegenspraak wordt als verslag toegevoegd bij de overige stukken die ter besluitvorming worden voorgelegd.

5

2.2 Voortgangsrapportage Houtplein e.o. 2.2.1 Fysieke voortgang project De werkzaamheden aan het Houtplein zijn eind 2021 aanbesteed en de uitvoering is in maart 2022 gestart. Aannemer Dura Vermeer is verantwoordelijk voor het uitvoeren van het ontwerp dat op 25/6/2020 door de raad is vastgesteld. Daarnaast worden binnen hetzelfde werk ook de kabels- en leidingen vernieuwd. Om ervoor te zorgen dat fietsers en voetgangers langs het werk kunnen blijven bewegen, is het project opgedeeld in verschillende fases. De bus werd gedurende de eerste fases stad uit omgeleid, maar tot na de afronding van de Tempeliersstraat wordt de bus in beide richtingen omgeleid. Daarvoor zijn veel maatregelen getroffen, waaronder het aanbrengen van tijdelijke haltes, met de juiste voorzieningen. De raad heeft tevens via motie 21.5 verzocht om fietsparkeren te realiseren in de parkeergarage Houtplein. Het college is hier vanuit het actieplan fiets mee aan de slag gegaan. Er wordt ingezet om de toegang tot de parkeergarage nog tijdens de uitvoering van het Houtplein te realiseren. Een eerste variant bleek niet haalbaar. Een tweede variant is nu uitgewerkt en op 26 januari 2023 heeft de raad krediet verstrekt voor de aanleg van de fietsenkelder en entree op h et Houtplein. De werkzaamheden van Liander en PWN worden uitgevoerd door onze contractpartner van het gehele werk.

Dit brengt minder risico’s met zich mee doordat slechts één aannemer verantwoordelijk is voor de totale planning. In maart 2021 is een krediet aangevraagd om de werkzaamheden aan kabels en leidingen voor te financieren. Gedurende het werk worden de kosten verrekend met Liander en PWN. Het is de bedoeling alle werkzaamheden uit te voeren en af te ronden in 2023. 2.2.2 Financiële voortgang Het totaal benodigd projectbudget is bij DO geraamd op € 6.700.000, vastgesteld door de raad op 25/6/2020. Door de raad is op 29 juni 2022 een aanvullend uitvoeringskrediet vrijgegeven van € 2.243.000. Het budget is door de raad op 29 juni 2022 bijgesteld naar € 1.350.000. Gemaakte kosten worden vergoed door Liander en PWN. Eind 2022 is gebleken dat er door autonome kostenstijgingen door onder andere de oorlog in Oekraïne een extra budget nodig is van € 950.000 Stand op 1 juni 2023: Vrijgegeven krediet: € 8.943.000. gevraagd aanvullend krediet kadernota: € 950.000 Vrijgegeven krediet voorfinanciering K&L: € 1.350.000. Geboekte kosten: € 7.035.463.

6

2.2.3 Globale ontwikkeling risico’s (top 7) risico beheersmaatregel Langdurige verkeersmaatregelen • Gedurende het gehele werk hebben nadelig effect op goed communiceren door draagvlak bewoners en staat van de aannemer over de de infrastructuur voortgang van het werk. • Vanuit de gemeente regie voeren op deze communicatie. Door te lange doorlooptijden past • Aanpassen fasering van het de aanleg van de fietsenkelder werk. niet in de huidige • De werkzaamheden aan de uitvoeringsplanning. Dit kan kelder uitvoeren na de vertraging* opleveren. werkzaamheden aan het Houtplein. verkeersfaseringsplan is niet voor • Aanpassen fasering 100% uitvoerbaar. Door te • Aanpassen werkvolgorde krappe werkruimte en/of gevaar • Contact leggen met voor verkeer moeten faseringen evenementen. worden aangepast. Dit zorgt voor vertraging* in het werk. Ondanks uitgebreid onderzoek • Er is onderzoek uitgevoerd worden onbekende en alle resultaten zijn ondergrondse zaken vertaald naar het bestek. aangetroffen. • Voldoende budget - Archeologische vondsten organiseren om - verontreinigingen onvoorziene zaken het - niet gesprongen explosieven hoofd te kunnen bieden. - foutieve ligging kabels en leidingen Dit kost tijd* en geld. Producten worden duurder en • Kritische producten slechter leverbaar door de onderzoeken. Producten recente ontwikkelingen in de vroegtijdig aanschaffen of wereld.

aankoop wellicht uitstellen. • Verder ophogen budget. De verkeerslichten op het • Afstemming aanpassingen kruispunt Wagenweg-Florapark project VRI`s zijn verouderd en kunnen mogelijk niet aangepast worden. Daardoor is het wellicht niet mogelijk de geplande linksafbeweging (Wagenweg naar Florapark) tijdig te realiseren. Onvolkomenheden in het • Voldoende budget contract kunnen zorgen voor organiseren om meer werk en vertraging*. onvoorziene zaken het hoofd te kunnen bieden.

Status Er is regelmatig overleg tussen partijen. Er wordt regelmatig een nieuwsbrief uitgedaan. De aannemer heeft een bouwapp waar veel mensen op aangesloten zijn. De planningen worden in overleg met de aannemer op elkaar afgestemd.

gedurende de uitvoering worden de plannen aangepast als dit nodig is.

De hoofdaannemer neemt bij aantreffen z.s.m. contact op met de directievoerder om verlies van tijd en geld tot een minimum te beperken.

Dit is inmiddels opgelost. Vanuit het beheerprogramma verkeerslichten zijn deze installaties vervangen en aangepast.

Op 29 juni heeft de raad aanvullend krediet beschikbaar gesteld

* Vertraging in het werk kan leiden tot extra kosten en kan leiden tot latere start van projecten die na Houtplein geprogrammeerd zijn.

7

2.2.4 Resultaten van tegenspraak In de regeling wordt tegenspraak genoemd in de initiatief en definitiefase om zo de keuzes voor de raad goed te onderbouwen en geen tunnelvisie te ontwikkelen. Omdat het project al in de uitvoeringsfase zit, is tegenspraak hier niet meer van toepassing.

2.3 Voortgangsrapportage Zuid Schalkwijkerweg, groot onderhoud 2.3.1

Fysieke voortgang project

Planning: vroegst mogelijke start uitvoering is verschoven naar Q3 2023. Voor de nieuwe inrichting van het gebied is Haarlem bevoegd gezag en zal het Haarlems Civiel Planproces worden gevolgd. Het Definitief Ontwerp is door de Raad vastgesteld op 20 april 2023. Voor het ophogen van de dijk en de versterking van de taluds wordt door Rijnland een Projectplanprocedure op basis van de Waterwet doorlopen. Hierdoor verandert ook de inrichting van het gebied, zoals nieuwe bomen, inritten en parkeerplaatsen. Vergunningsprocedure rondom het Projectplan Rijnland liep gelijktijdig met inspraak op het VO bij de gemeente. Inmiddels het definitieve Projectplan vastgesteld oor Rijnland. Beantwoording van de zienswijze voor Haarlem en Rijnland zijn verwerkt in een gezamenlijke nota van beantwoording. Eind 2020 lag het ontwerp projectplan Waterwet van Rijnland ter inzage. Er zijn veel zienswijzen gekomen bij Rijnland van bewoners op het ontwerp projectplan. Deze reacties hebben geresulteerd in nieuwe inzichten bij Rijnland over de dijkversterking en bij Haarlem over de inrichting. De procedure rondom het projectplan dijkversterking is in september 2021 tijdelijk bevroren en er is toen besloten om alternatieven te onderzoeken t.o.v. de eerder uitgewerkte oplossing in alleen maar een verhoging en verbreding in grond. Voorgestelde oplossing n.a.v.

alternatievenonderzoek is om deels de dijk nog steeds te versterken met een verbreding van de waterkering door grondaanvulling. Door toepassen van een teenslootverzwaring kan de dijk steiler en minder breed gemaakt worden. Hierdoor zal de dijk minder ruimte innemen op de aanliggende percelen en kan het huidige karakter van een smalle weg op de dijk behouden blijven. Er wordt voorgesteld om een damwand toe te passen in de huidige kering op locaties waar de kering grenst aan percelen met tuinen en woningen of zoals ter plaatse van de sportvelden om bomen niet te hoeven kappen. 2.3.2 Financiële voortgang De totale kosten van het project worden op dit moment geraamd op €9 miljoen waarbij de totale kosten voor de gemeente worden geraamd op ongeveer €5 miljoen. Voor de overige kosten heeft Rijnland budget gereserveerd. Hiermee is het beschikbare budget voor het gezamenlijk project met Rijnland sluitend. Bij de start van het gezamenlijke project met Rijnland was een totale bijdrage van € 0,6 miljoen voorzien door Rijnland. Voorts zijn nadere afspraken gemaakt in een samenwerkingsovereenkomst betreffende de onderlinge kostenverdeling. Rijnland heeft inmiddels een bijdrage geleverd t.b.v. de reeds gemaakte voorbereidingskosten t/m 2022. Tevens is er overeenstemming over een meer evenwichtige kostenverdeling van de nog te

8

maken kosten. Na afronding van het DO kan er een betere inschatting gemaakt worden van de totale kosten en wordt de definitieve kostenverdeling bepaald en vastgelegd. Er is subsidie kleine infrastructuur 2022 aangevraagd bij PN-H. Indien de subsidie wordt toegekend komt dit volledig ten goede van de gemeente Haarlem. In de huidige prognose is nog geen rekening gehouden met deze subsidie. Het toegezegde subsidiebedrag betreft € 1.528.163. De gemeentelijke kosten worden gedekt vanuit de onderhoudsbudgetten. Omdat het gaat om een vervanging van een weg geldt dit als verplicht te activeren uitgaven of ‘investeringen van maatschappelijk nut’. Dit zijn budgetten waarvoor de raad bij de begrotingsvaststelling de autorisatie geeft om deze uit te geven. Voor de kosten, noch voor de besteding van de ontvangen subsidie ter dekking hiervan, wordt geen kredietbesluit aan de raad voorgelegd. 2.3.3 Globale ontwikkeling risico’s (top 5) Risico Beheersmaatregel Bezwaren van Gemeente Haarlem/ Rijnland bewoners/omgeving tegen hebben een alternatief ontwerp en/of vergunningen ontwerp uitgewerkt. Dit resulteren in langdurige alternatieve ontwerp met procedures consequenties zal vervolgens (kappen bomen en verlies bestuurlijk worden tuingrond door verbreding in voorgelegd. grond)

Voor een definitief akkoord voor realisatie van de tijdelijke brug moet een vergunningenproces doorlopen worden bij 4 vergunningverlenende partijen (Haarlem, Rijnland, Noord-Holland, Haarlemmermeer) en is er een risico aanwezig dat het verkrijgen van alle vergunningen meer tijd vraagt dan verwacht, of dat er toch geen toestemming komt.

In voorliggende periode was er al contact het bevoegd gezag m.b.t. toestemming om de brug te kunnen bouwen. Dat zie er positief uit. Nu het besluit is genomen worden de vergunningsprocedures doorlopen.

Geen overeenstemming met Rijnland over kostenverdeling

Rijnland betrekken in het ontwerpproces en kostenramingen.

Status Er zijn zienswijzen binnengekomen op het VO. Veelal hadden deze betrekking op de tijdelijke ontsluitingsroute door de weilanden. Nu er is gekozen voor ontsluiting middels tijdelijke brug is de inschatting dat bezwaren minder zijn. Voor het kappen van de bomen is inmiddels een kapvergunning afgegeven. Op de kapvergunning zijn geen bezwaren gekomen. Kortom: het risico is afgenomen Met het verse besluit zijn meteen de procedures ingezet om in september 2023 de brug operationeel te krijgen. Indien er onverhoopt toch problemen ontstaan in vergunningverstrekking is er een terugvalscenario om toch een ontsluitingsroute door de weilanden aan te leggen.

Er is ambtelijk overeenstemming tussen Haarlem en Rijnland. Er is een samenwerkingsovereenkomst afgesloten tussen Rijnland en Haarlem. Hiermee is het risico

9

Risico

Beheersmaatregel

Uitzonderlijke prijsstijging bijvoorbeeld door stikstofproblematiek of door schaarste materiaal, materieel, brandstof

Hiervoor is geen extra beheersmaatregel opgenomen. Echter prijsontwikkeling is lastig te voorspellen.

Combineren van aanleg kabels en leidingen met aanleg van de weg door twee verschillende aannemers resulteren mogelijk in een langere bouwtijd

Aanleg van de kabels en leidingen dienen gelijktijdig te worden uitgevoerd met de werkzaamheden aan de kering en weg. Nutspartijen hebben een besluit genomen om de kabels en leidingwerkzaamheden met een eigen (neven-)aannemer te zullen uitvoeren waardoor een nauwe samenwerking tussen partijen noodzakelijk is. Over deze samenwerking en bijbehorend escalatieniveau dient één en ander contractueel vastgelegd te worden als beheersmaatregel

Status klein dat er geen overeenstemming komt Huidig prognose sluit aan op huidig prijsniveau (raming aannemer) Na afronden DO in mei 2023 zal definitieve aanbieding komen van de aannemer. Daarnaast lijken de maatregelen in het werk voldoende te zijn om geen milieuvergunning te hoeven aan te vragen. Gesprekken over planning, scope een aanpak zijn reeds opgestart. Als alles technisch is uitgewerkt kunnen afspraken worden vastgelegd

2.3.4 Resultaten van tegenspraak • Op basis van variantenstudie (Schetsontwerp + PvE) is tegenspraak georganiseerd. N.a.v. de tegenspraak was er geen aanleiding om het ontwerp aan te passen.

10

3.

Algemene ontwikkelingen WBIzones Binnen de gebiedsontwikkeling is sprake van een aantal algemene (markt)ontwikkelingen die van invloed zijn op voortgang en financiële haalbaarheid van alle zones. Dit hangt mede samen met de geopolitieke ontwikkelingen in de afgelopen periode. In 2022 heeft, ongeveer vanaf het derde kwartaal, een omslag plaatsgevonden in de woningmarkt. Woningprijzen zijn vanaf dat moment voorzichtig gedaald. Dit hangt mede samen met de gestegen rente en het dalende consumentenvertrouwen als gevolg van de geopolitieke situatie. Hoe dit in de rest van 2023 verder ontwikkelt is niet helemaal zeker maar de algemene verwachting is dat prijzen ook in 2023 verder zullen dalen of dat de daling stabiliseert. Het aantal te koop staande woningen is toegenomen en woningen staan gemiddeld langer te koop. Ook de huurmarkt staat meer onder druk door de verdere regulering van de middenhuur. Daar staat tegenover dat de bouwkosten met name in 2022 flink zijn gestegen. De verwachting voor 2023 is dat de bouwkosten weliswaar minder, maar nog steeds blijven stijgen. Dit komt onder andere door stijgende energiekosten, schaarste aan bouwmaterialen en personeel en stijgende loonkosten. De combinatie van de dalende / stagnerende opbrengsten en stijgende bouwkosten zet de ontwikkeling van woningen en overig vastgoed onder druk.

Ook de kosten in de grond- weg en waterbouw (GWW) zijn de afgelopen periode sterk gestegen. Dat is van invloed op de civieltechnische, publieke investeringen binnen de zones. Aan deze stijging liggen ongeveer dezelfde ontwikkelingen ten grondslag dan bij de stijgende bouwkosten. Ook voor de GWW-index is de verwachting dat de stijging in 2023 verder doorzet, maar daarna langzaam stabiliseert. De verschillende ontwikkelzones kennen een lange ontwikkelperiode. Dat betekent dat de genoemde effecten vooral op de korte termijn spelen. In financiële zin is in de verschillende businesscases rekening gehouden met het effect van prijsstijging en inflatie. Daarvoor hanteren we een langjarig gemiddelde. De stijging is op dit moment echter wat hoger dan deze gemiddelden. De toegekende WBI-subsidie wordt niet opgehoogd op basis van gestegen kosten. Het is dus zaak om de prijsontwikkelingen goed in de gaten te houden en de businesscases daarop tijdig te actualiseren. Voor elk van de drie ontwikkelzones geldt dat een WBI-subsidie is toegekend. Eén van de voorwaarden voor deze subsidie is de tijdige start van de bouw (3 jaar na toekenning van de subsidie). In de ontwikkelzone Europaweg is gestart met de bouw, maar in de zones Oostpoort en Zuidwest nog niet.

Dat betekent dat het stagneren van deelprojecten binnen de zones en het daardoor niet tijdig starten met de bouw voor die zones een belangrijk risico is. Vertraging van de start bouw kan verschillende oorzaken hebben, maar onder andere de ontwikkelingen ten aanzien van stikstof vormen een risico.

11

Beheersing In zijn algemeenheid worden de ontwikkelingen op de woningmarkt goed bijgehouden en vindt wekelijks monitoring plaats om projecten waar eventuele stagnatie optreedt tijdig in beeld te hebben. Er wordt gewerkt aan een standaard werkwijze om vastgelopen of stagnerende projecten weer vlot te trekken. Dit wordt centraal besproken om zoveel mogelijk uniformiteit in aanpak en inzet van instrumentarium te borgen. Dat voorkomt enerzijds dat in elk project 'het wiel opnieuw moet worden uitgevonden' maar zorgt er ook voor dat in vergelijkbare situaties zoveel mogelijk een vergelijkbare aanpak plaatsvindt. Deze werkwijze zal de komende periode nader worden uitgewerkt in een standaard aanpak. Met deze aanpak proberen we de ontwikkelingen in de markt zo goed mogelijk bij te houden maar we kunnen uiteindelijk niet tegenhouden dat een ontwikkelende partij stopt met een project. Bijvoorbeeld als dit niet meer financieel haalbaar is.

3.1 Ontwikkelzone Europaweg 3.1.1 Fysieke voortgang van het project De zone Europaweg bestaat uit verschillende deelprojecten met verschillende voortgang: • Toekanweg 7 (Greystar); een stedelijk wooncomplex met bijna 700 appartementen voor diverse doelgroepen, rondom een fraaie binnentuin. De anterieure overeenkomst is ondertekend, maar er zal, om het project haalbaar te maken, een allonge op de overeenkomst komen. De aanvraag omgevingsvergunning is ingediend. Na verlenen van omgevingsvergunning kan de realisatie starten. • Schiphol Poort (Being): een gemengd stedelijk wooncomplex met ruim 600 woningen met voorzieningen en werkfuncties. De initiatiefnemer werkt aan het ontwerp voor het complex. Gesprek over anterieure overeenkomst is gaande. • Middengebied Schalkwijk: transformatie van een verouderd werkgebied naar een gemengd stedelijk gebied. Het gebied valt uiteen in diverse deelgebieden • Elements (304 woningen + voorzieningen): in realisatie • De Keijzer (111 woningen): gerealiseerd • Rijksvastgoedbedrijf; in realisatie. Als dit project is afgerond (in de loop van 2023) dan verhuizen de werkplekken van Toekanweg 7 naar het gerenoveerde rijkskantoor in Schalkwijk Midden. • Wonam (131 appartementen + werkfuncties): in realisatie • Rootz (675 appartementen + werkfuncties): ontwikkelovereenkomst getekend, stedenbouwkundig plan vastgesteld, anterieure overeenkomst ondertekend.

De ontwikkelcombinatie heeft het ontwerptraject voor de woningbouwblokken opgestart. • Inrichting van de openbare ruimte tussen de verschillende ontwikkelgebieden. Het plan hiervoor is gereed en dit wordt als apart project opgepakt (kredietaanvraag wordt gedaan). • Centrum Schalkwijk; diverse deelgebieden • Fase 0 Ceylonpoort: Het voormalig kantoorgebouw Ceylonpoort wordt gerenoveerd en krijgt een nieuwe toekomst als wooncomplex. Er komen ongeveer 160 appartementen. In realisatie • Fase 1: Toevoegen van bioscoop, winkels, parkeren, en woningen; inrichten van de openbare ruimte, waaronder het marktplein. Gerealiseerd. • Fase 2: SPVE vastgesteld, AO in voorbereiding. De ontwikkelcombinaties bereiden momenteel de aanvraag omgevingsvergunning voor zo’n 1.100 woningen voor.

12

• Fase 3: initiatieffase. De ontwikkeling van Fase 3 vraagt een herijking van de plannen voor Centrum Schalkwijk. Hiervoor zal een actualisatie van het masterplan in gang worden gezet. 3.1.2 Financiële voortgang Voor de zone als geheel is een businesscase opgesteld op basis waarvan de WBI-subsidie is aangevraagd. Mede vanwege de ontwikkelingen en wijzigingen tussen moment van aanvragen van de subsidie en de huidige situatie, wordt de businesscase grondig geactualiseerd. Daarmee wordt een nieuw financieel kader gecreëerd als basis voor de verdere financiële sturing en bewaking. Vooralsnog blijft de financiële voortgang binnen de kaders van de businesscase. 3.1.3 Risico's en globale ontwikkeling van de risico's In zijn algemeenheid zijn de geschetste algemene risico's ook binnen de ontwikkelzone Europaweg van toepassing. Als grootste risico's zijn aangemerkt dat ontwikkelende partijen er onvoldoende in slagen aannemers te vinden tegen acceptabele bouwkosten of dat financiële haalbaarheid van projecten onder druk komt te staan (onder andere als gevolg van ontwikkelingen op de beleggersmarkt). Dit kan zich onder andere vertalen in een lagere looptijd voor totstandkoming van de anterieure overeenkomsten of een groter tijdsverloop tussen anterieure overeenkomst en start bouw en daarmee vertraging in de projecten.

Meer concreet zijn de volgende risico's gesignaleerd: • De kans dat ontwikkelende partijen er onvoldoende in slagen om, tegen acceptabele bouwkosten, aannemers te vinden om woningen of overig vastgoed te bouwen. Dit kan de financiële haalbaarheid en de planning van projecten onder druk zetten. • De beoogde ontwikkelingen kunnen niet of minder gemakkelijk gefinancierd worden als gevolg van gewijzigde marktomstandigheden. Dit kan leiden tot vertraging of afstel van projecten. • In het gebied liggen verschillende ondergrondse kabels en leidingen. De kans bestaat dat deze leiden tot conflicterende situaties met de ontwikkellocaties. • De startnotitie voor de Europaweg en de daarin opgenomen voorkeursvariant strookt niet met de ontwikkelvisie Europaweg Stadsstraat. De kans bestaat dat het plan voor de inrichting van de Europaweg niet volledig aansluit op de aangrenzende ontwikkellocaties. • De totstandkoming van de anterieure overeenkomsten kan langer duren dan vooraf verwacht. Of er kan sprake zijn van een langer traject tussen sluiten van de overeenkomst en de start bouw. Dit kan tot gevolg hebben dat de ontwikkeling van de projecten vertraagt. Beheersing Wat betreft de marktrisico's wordt voor de beheersmaatregel zoveel mogelijk aangesloten op de verdere uitwerking van de meer algemene beheersmaatregel zoals ook genoemd in hoofdstuk 2.

Dit betreft onder andere de risico's als gevolg van stijgende bouwkosten, financierbaarheid van de projecten en de totstandkoming van anterieure overeenkomsten. Voor de projecten grenzend aan de Europaweg worden plannen goed getoetst en beoordeeld dat deze goed aansluiten op de plannen voor de stadsstraat Europaweg. Daarmee kunnen we tijdig bijsturen op deze projecten.

13

3.2 Ontwikkelzone Zuidwest 3.2.1 Fysieke voortgang van het project Voor het plangebied is een Masterplan opgesteld waarin de principes van het tuindorp worden doorontwikkeld tot een eigentijdse tuinstad. Dit Masterplan heeft reeds voor inspraak ter inzage gelegen en de verschillende reacties worden op dit moment verwerkt. De bedoeling is dat het Masterplan na de zomer 2023 aangeboden wordt aan de raad. Het Masterplan is geen blauwdruk, maar biedt de kaders en randvoorwaarden voor de verdere planuitwerking van de deelgebieden. Vooruitlopend op het Masterplan is eind 2022 de anterieure overeenkomst gesloten voor de ontwikkeling van deelgebied Stephensonstraat 38 (circa 68 sociale en 28 vrije sector huurwoningen en circa 1.650 m² BVO commerciële ruimte). Het bestemmingsplan is inmiddels door de raad vastgesteld zodat (in geval van geen beroep) de bouw tijdig (Q1 2024) kan starten. Met andere partijen vinden de voorbereidende gesprekken plaats over de uitwerking van de plannen en het sluiten van de anterieure overeenkomst. De verwachting is dat vanaf 2025 gestart kan worden met de bouw. 3.2.2 Financiële voortgang Voor de zone Zuidwest is een businesscase opgesteld. Inmiddels zijn in het Masterplan enkele uitgangspunten gewijzigd en is de businesscase daarop aangepast. Vooralsnog leidt dit niet tot een groter publiek tekort. De huidige dekking is dus nog voldoende.

Tot nu toe zijn vooral gemeentelijke plan- en proceskosten gemaakt. De bestedingen tot op heden passen binnen de kaders van de vastgestelde businesscase. 3.2.3 Risico's en globale ontwikkeling van de risico's De algemene marktontwikkelingen zijn ook voor de ontwikkelzone Zuidwest van invloed. Dit kan ertoe leiden dat het langer duurt om met de ontwikkelende partijen tot overeenstemming te komen over de ontwikkeling van hun gebied. Op dit moment is alleen nog een anterieure overeenkomst gesloten voor de ontwikkeling van de Stephensonstraat 38. Daarnaast speelt voor deze zone de ligging aan de westkant van de stad mee waardoor stikstof een aanzienlijk risico is voor de aanpassing van de bestemmingsplannen. Dit betekent het risico op vertraging met als gevolg dat niet alle woningen zoals die in de WBI-aanvraag zijn opgevoerd binnen de termijn van 10 jaar gerealiseerd kunnen worden. Ook bestaat het risico op juridische procedures tegen de bestemmingsplannen waardoor ook vertraging optreedt. Het gevolg kan zijn dat niet tijdig kan worden gestart met de woningbouw dan wel dat niet tijdig alle woningen in het gebied ontwikkeld zijn. Onderstaand zijn de belangrijkste risico's aangegeven: • Benodigde gronden zijn niet tijdig beschikbaar voor ontwikkeling.

Bijvoorbeeld omdat het gaat om lopende bedrijven waarvoor dan elders een locatie moet worden gevonden of omdat niet tijdig overeenstemming wordt bereikt over grondverwerving door ontwikkelende partijen.

14

• De volledige woningbouwopgave van circa 1.500 woningen wordt niet binnen 10 jaar (de maximale termijn van de WBI-subsidie) gerealiseerd. Onder andere als gevolg van de stikstofproblematiek • Niet tijdig en binnen 3 jaar starten van het eerste deelproject om zo te voldoen aan de voorwaarde van de WBI-subsidie. Bijvoorbeeld door juridische procedures vanuit de omgeving tegen het bestemmingsplan waardoor dit vertraging oploopt. • Maatschappelijke druk om, ondanks toevoeging van de woningen in de zone, de ambities voor de verlaging van de parkeerdruk in de omliggende gebieden te verbeteren. Dit moet binnen de ontwikkelzone worden opgelost met alle gevolgen van dien (meerkosten, vertraging). • Het duurt langer om tot anterieure overeenkomsten met de ontwikkelende partijen te komen, bijvoorbeeld als gevolg van de marktontwikkelingen. Dit kan leiden tot vertraging in de planvorming en ontwikkeling. Beheersing Ook voor deze risico's geldt dat de voor de marktrisico's zoveel mogelijk wordt aangesloten op de algemene aanpak en monitoring van de voortgang van de woningbouw en de daar ingezette algemene beheersmaatregelen. Voor het tijdig beschikken over gronden houden we contact met de verschillende bedrijfseigenaren. Daarnaast zoeken we zelf proactief naar eventuele alternatieve locaties om bedrijven uit te plaatsen.

Voor de stikstofproblematiek worden verschillende onderzoeken gedaan hoe het gebied toch ontwikkeld kan worden, bijvoorbeeld meer gefaseerd. Om juridische procedures te voorkomen wordt de buurt regelmatig en proactief op de hoogte gehouden van de ontwikkelingen en de plannen.

15

3.3 Ontwikkelzone Oostpoort 3.3.1 Fysieke voortgang van het project Op dit moment wordt voor Oostpoort gewerkt aan de verschillende planproducten. Voor het eerste deelgebied, het zogeheten Blok 1F, zijn het stedenbouwkundig SPvE en bestemmingsplan eind maart vastgesteld door de raad. Dat betekent dat de grondverkoop (tender) verder wordt voorbereid. Doelstelling is om eind 2024 te starten met de bouw waarmee wordt voldaan aan de eisen vanuit de WBI (start bouw eerste woningen binnen 3 jaar na toekenning van de subsidie). Daarnaast is eind maart de ontwikkelstrategie voor Hart van Oostpoort vastgesteld door de raad. Dit is een belangrijke stap omdat daarin is vastgelegd 'hoe' de gemeente Oostpoort gaat ontwikkelen. In aanvulling op de vastgestelde ontwikkelstrategie is een afsprakenbrief met de woningcorporaties opgesteld waarin afspraken zijn vastgelegd over het verdere planproces. Voor Hart voor Oostpoort wordt het plan nu verder uitgewerkt in een Masterplan en Stedenbouwkundig Programma van Eisen voor de Leefomgeving (SPvEL). Dit SPvEL geeft de kaders waarbinnen de ontwikkelende partijen de stedenbouwkundige plannen verder kunnen uitwerken en is een belangrijk document als basis voor een tender. Daarin worden ook de uitkomsten van het door Sweco uitgevoerde onderzoek naar de aanpassing van de infrastructuur meegenomen.

Dit onderzoek wijst uit dat de beoogde vervanging van het bestaande viaduct niet uitvoerbaar is. 3.3.2 Financiële voortgang Voor Hart voor Oostpoort, inclusief Blok 1F, is een businesscase opgesteld, mede als onderbouwing voor de WBI-aanvraag. De verdere uitwerking in een Masterplan en SPvEL vindt plaats in een proces van rekenen en tekenen, waarbij continu wordt getoetst aan de financiële randvoorwaarden (huidige dekking). Bij het Masterplan wordt ook een geactualiseerde businesscase opgesteld. Tot nu toe zijn vooral gemeentelijke plan- en proceskosten gemaakt. De bestedingen tot op heden passen binnen de kaders van de vastgestelde businesscase. 3.3.3 Risico's Voor Oostpoort heeft een risico analyse plaatsgevonden en zijn verschillende risico's geïnventariseerd. Veel van de aangegeven risico's worden meegenomen in de volgende stappen in de verdere planuitwerking. Zo is de vraag of de in de proefverkaveling bedachte infrastructurele oplossing inmiddels geen risico meer, maar blijkt dat dit technisch niet mogelijk is. Dit betekent dat dit in de verdere uitwerking van de plannen wordt meegenomen. Belangrijkste risico's daarbij zijn: • De start bouw van het eerste project (Blok 1F) loopt vertraging op en daarmee wordt niet voldaan aan de voorwaarde van de WBI-subsidie dat binnen 3 jaar na toekenning (uiterlijk medio december 2024) wordt gestart met de woningbouw in Oostpoort.

Dit kan consequenties hebben voor de toegekende subsidie. • De gemeente voldoet niet aan de uitgangspunten die gesteld zijn bij toekenning van de subsidie. De subsidie is onder andere verkregen op basis van een aantal infrastructurele maatregelen.

16

Uit nader onderzoek is gebleken dat de aanpassing van de infrastructuur zoals opgenomen in de WBI-subsidieaanvraag niet mogelijk is. Voor de infrastructuur wordt een alternatieve oplossing uitgewerkt met als risico dat dit mogelijk financiële consequenties heeft of tot extra ruimtebeslag leidt. Dit kan eventueel er toe leiden dat niet alle woningen zoals die zijn opgevoerd in de WBI-aanvraag kunnen worden gerealiseerd. Dit kan consequenties hebben voor de toegekende subsidie. • De gemeente heeft niet alle gronden in eigendom. Het risico bestaat dat nog benodigde gronden niet tijdig in eigendom bij de gemeente komen dan wel dat niet tijdig tot afspraken met de eigenaren kan worden gekomen. • Er wordt niet snel genoeg een besluit genomen over de gebiedsoverstijgende vraagstukken zoals de afwaardering van de Amsterdamsevaart naar 2x1 rijstroken en het eventueel doorvaarbaar maken van de trekvaart. Dit kan vertraging opleveren. • Een deel van de investeringen in Oostpoort zijn niet toegerekend aan de WBI-businesscase. Dit betreft investeringen waarvan het nut groter is dan alleen de ontwikkeling van Oostpoort (bijvoorbeeld de te verplaatsen P+R). Het deel dat aan de businesscase is toegerekend maakt onderdeel uit van het publieke tekort en is gedekt (50% WBI-subsidie en 50% gemeentelijke dekking).

Voor het deel dat niet aan de businesscase is toegerekend is nog geen volledige dekking. Beheersing Voor de start bouw van blok 1F wordt op dit moment de planning nader uitgewerkt waarin ook de tenderprocedure wordt meegenomen. Waar nodig worden stappen samengevoegd of verkort in de tijd. Daarnaast worden periodiek gesprekken gevoerd met het ministerie van BZK over de voortgang en start bouw. Mocht blijken dat vertraging optreedt zal dit tijdig worden geagendeerd. De kosten en het ruimtebeslag van de infrastructuur worden meegenomen in de verdere uitwerking van het Stedenbouwkundig Programma van Eisen voor de Leefomgeving (SPvEL). Door verschillende scenario's uit te werken en financieel door te rekenen wordt gezocht naar de meest optimale oplossing. De mogelijke wijziging van de maatregelen is reeds geagendeerd tijdens gesprekken met het ministerie van BZK. Op basis van de geactualiseerde businesscase zal hierover inhoudelijk met het ministerie over worden gesproken. Ten aanzien van de benodigde gronden zijn inmiddels diverse gesprekken opgestart met de eigenaren in en om het plangebied Oostpoort. Voor het afwaarderen van de Amsterdamsevaart en de Trekvaart zijn / worden onderzoeken uitgevoerd. De uitkomsten zullen duidelijk worden geagendeerd en de consequenties van besluiten of het niet nemen van besluiten worden daarbij in beeld gebracht.

De niet gedekte investeringen zijn in beeld vanuit het programma Bereikbare Steden en vanuit dat programma wordt mede gezocht naar alternatieve dekkingsbronnen.

17

Dit is een uitgave van gemeente Haarlem, 24 mei 2023 ________________________________ Postbus 511 2003 PB Haarlem Tel. 14 023 haarlem.nl • pportage zijn toegelicht. 18

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/12963999/1