CConstaterende datHaarlem
Koppel je AI →
Document · PDF

20221442683 2 Bijlage 1 Jaarverslag

gemeenteraad 15 december 2022, gemeente HaarlemBij agendapunt: Realisatie instandhouding openbaar voortgezet onderwijs (Stedelijk Gymnasium Haarlem)36.048 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 1 van 4

ffiSZGI

ONDERWIISSTICHTING ZELFSTANDIGE GYMNASIA

Jaarverslag

2027

van de

OnderwijsstichtÍng

Zelfstandige Gymnasia

Goedgekeurd Raad van Toezicht: Vastgesteld door het Bestuur:

!3iuni2O22 15 iuni 2022

Administratienummer: 13556 Brinnummers: 2oqY Stedelijk Gymnasium, Haarlem 2ODG Gymnasium Felisenum, Velsen 21AB Barlaeus Gymnasium, Amsterdam 2tAF Vossius Gymnasium, Amsterdam 02DW Gymnasium Bernrode, Heeswijk-Dinther 2OAJ Stedelijk Gymnasium,'s-Hertogenbosch

ter identificatie f:

BV1

VAN REE ACCOUNTANTS

1.

Bestuursverslag en verslag Raad van Toezicht

1.1 Bestuursverslag L.2 Verslag Raad van Toezicht 1.3 Nevenfuncties voorzitter en leden Raad van Toezicht

2. Algemene informatie 2.L Kernactiviteiten 2.2 Missie 2.3 Visie en juridische structuur incl. Code voor Goed Bestuur, openbaar onderwijs 2.4 Bestuur en Raad van Toezicht 2.5 Bestuursbureau, staf en allocatie middelen 2.6 GMR 2.7 Vertrouwenspersonen OSZG, klachten en juridische geschillen 2.8 A.V.G. (Algemene Verordening Gegevensbescherming)

3. Onderurijs 3.1 3.2 3.3 3.4 3.5 3.6 3.7

Ontwikkeling leerlingenaa ntallen Pe rsoneelssame nstell ing

Verzuim Internationa lisering en Onderzoek Strategisch personeelsbeleid Toetsing en examinering Duurzaamheid, maatschappel'rjke aspecten van het ondernemen en schoolgebouwen

3.8 lnvesteringen 3.9 Nationaal programma Onderwijs 3. 10 lnhaal- en Ondersteuningsprogramma's

4.

Financiële situatie op de balansdatum

4.L Exploitatie en kengetallen 4.2 Analyse exploitatie 4.3 Balans per 31 december 202L en202A 4.4 Analyse balansposten 4.5 Reserves en voorzieningen 4.6 Kasstromen 4.7 Treasurymanagement 4.8 Begroting 2022 4.9 Continuiteitsparagraaf 2023-2025 4.10 Risicoanalyse 4.11 Gebeurtenis na balansdatum

5. lnformatie per school 5.1 Stedelijk Gymnasium Haarlem 5.2 Gymnasium Felisenum 5.3 Barlaeus Gymnasium 5.4 Vossius Gymnasium 5.5 Gymnasium Bernrode 5.6 Stedelijk Gymnasium's-Hertogenbosch BV2

6. Jaarrekening 5.1 Grondslagen voor de jaarrekening {A1.0) 6.2 Balans per 31 december 2021 (A1.1) 6.3 Staat van Baten en Lasten 2021 (A1.2) 6.4 Kasstroomoverzicht over 2O2L (A1.3) 5.5 Toelichting op de Balans en Staat van Baten en Lasten (A1.4) 6.5 Niet in de balans opgenomen rechten en verplichtingen (A1.5) 6.7 Bezoldiging van bestuurder en toezichthouders (WNT) 5.8 Verantwoording subsidies (G) 6.9 Bestemming van het resultaat {C2) 6.10 Verbonden part'rjen (E)

7. Overige gegevens 7.L Accountantsverklaring (Cl) 7.2 Ondertekening

Bijlagen

1. Balans per31 december 2O21per school (81) 2. Exploitatierekening 2O27 per school (82) 3. Toelichting op de balans per 31 december 2021 per school (83) 4. Toelichting op de exploitatierekening 2021per school (84) 5. Gegevens overde rechtspersoon (D1) 5. Bestemming van het exploitatieresultaat per school (D3)

BV3

L. Bestuursverslag en verslag Raad van Toezicht 1.1 Bestuursverslag Het kalenderjaar 2O2l stond wederom in het teken van de coronapandemie. De uitvoering van het onderwijs op de scholen van de OSZG was onderhevig aan wisselende regelgeving: volledig afstandsonderwijs en hybride lessen droegen niet bij aan de continulïeit van het onderwijsproces dat voor de leerlingen juist zo belangrijk is. Ook op de scholen van de OSZG is duidelijk geworden dat het gevoel van eenzaamheid onder leerlingen als gevolg van het ontbreken van de verbinding met anderen in de coronaperiode een zware wissel heeft getrokken op de jongeren, niet alleen als het gaat om de voortgang van het onderwijsproces (wat heeft geleid tot achterstanden), maar m.n. ook op het sociaal-emotioneel welbevinden van onze leerlingen. lmmers, de omweg via de ander is nodig om tot zelfkennis en ontplooiing te komen. De school speelt daar een belangrijke rol in. Juist op het Gymnasium is het in de visie van de OSZG onze opdracht om leerlingen uit hun leefirvereld te trekken en hen interesse te doen krijgen in dingen waar ze in eerste instantie nog geen belangstelling voor hebben. ln de periode van thuisonderwijs en hybride lessen is dit nauwelijks mogel'rjk gebleken.

ln deze jaarrekening wordt het financiële resultaat gepresenteerd en toegelicht, eerst van de stichting als geheel en daarna van elk van de zes aangesloten scholen afzonderlijk. Daarnaast geeft het verslag inzicht in de inhoud en kwaliteit van het onderwijs op de scholen, het door hen gevoerde personeelsbeleid en hun relaties met de maatschappelijke omgeving. De structuur van de OSZG is in overeenstemming met de wettelijke eisen van scheiding tussen bestuur en intern toezicht. Als lid van de VO-raad houdt de OSZG zich tevens aan de Code Goed Onderwijsbestuur voor het Voortgezet Onderwijs. De OSZG heeft een bestuur bestaande uit de zes rectoren van de zes aangesloten scholen. Per 1 oktober 2021 werd Erik Jan Bakker aangesteld als nieuwe rector-bestuurder van het Stedelijk Gymnasium Den Bosch. Het bestuur kent een portefeuilleverdeling, die tweejaarlijks wordt beoordeeld. Deze portefeuilles zijn Financiën, Onderwijs en Kwaliteit, Personeelszaken en Bestuursbureau/Facílitaíre zaken. Ook het voorzitterschap rouleert tweejaarlijks. Vanaf augustus 202L vervulde ondergetekende, rector van het Gymnasium Felisenum, deze functie.

De Raad van Toezicht stond in 2021 onder voorzitterschap van Erwin van Geenen. Dit toezichtorgaan

bestaat verder uit nog vijf personen, die allen volgens een portefeuilleverdeling zitting hebben in één van de volgende commissies: Auditcommissie, Commissie Remuneratie en Commissie Onderwijs en

Kwaliteit. Eén van de aandachtspunten van het bestuur is de borging van de bestuurlijke sturing op de kwaliteit van het onderwijs op de individuele scholen van de OSZG. Op dat punt heeft het bestuur een verdere verdiepingsslag gemaakt, die in 2022 gereed zal zijn. Op het bestuursbureau is in 2021 een adviseur Onderwijs en Kwaliteit aangesteld, die het bestuur zal ondersteunen bij de ambitie om de kwaliteitszorg op bestuursniveau in te richten en aan te sluiten bij het systeem van kwaliteitszorg op de scho-

len. Bij het opstellen van de begroting werd rekening gehouden met een negatief resultaat van €

5I4.4OO,-. De OSZG heeft het kalenderjaar 2021 een voorlopig resultaat geboekt van € 1.763.800,-. Vanuít het Nationaal Programma Onderwijs en andere OCW-subsidies z'rjn extra middelen ontvangen voor € 4.L24.OOO,-. Van deze middelen wordt € 2.130.000,- opgenomen in de bestemmingsreserve voor de extra schoolprogramma's in de komende 4 jaar. Na toevoeging van dit bedrag aan de bestemmingsreserve wordt het jaar 2021 wordt afgesloten met een negatief resultaat van € 356.000,-. Dit sluit o.i. redelijk aan bij de begroting.

BV4

Reeds in2O2Q is begonnen met de oplevering en de financiêle afinrikkeling van de grootschalige verbouwing op het Vossius Gymnasium. Naast de verbouwing hebben ook de schadeherstelwerkzaam-

heden plaatsgevonden als gevolg van de brand die in 2019 uitbrak. De school beschikt inmiddels o.a. over nieuwe ondergrondse gymzalen, een serre en een luchtbehandelingsinstallatie. Daarnaast is de inrichting en het schilderwerk in de schoolverbeterd. De financiële afwikkeling is inmiddels afgerond. Voor het Stedelijk Gymnasium Haarlem werden in 2O2t belangr'rjke stappen gezet in de richting van de verbouwing van de verouderde locatie Prinsenhof. lnmiddels zijn de voorbereidingen getroffen om tot een ingrijpende renovatie over te gaan. Het bestuur gaf toestemming voor het opstellen van een definitief ontwerp. De aanbesteding van deze renovatie heeft in eerste instantie niet geleid tot een inschrijving die op grond van het ontwerp bÍnnen het beschikbare budget uitgevoerd kan worden. De school en het bestuur zijn in nauw overleg met de Gemeente Haarlem om verdere voorbereidingen te treffen. De geplande verbouwing van de oude ingang b-rj het Barlaeus Gymnasium is in 2021 uitgevoerd.

De balanspositie van de OSZG blijft onverminderd goed. De omvang van de algemene reserves en liquiditeit deed het bestuur van de OSZG al eerder besluiten beleidsrijk te begroten. Dit betekent dat begroten op een tijdelijk negatief resultaat, mits daar heldere beleidskeuzes onder liggen, is toegestaan. Daarnaast wordt er op basis van een historisch gemiddelde geanticipeerd op extra subsidies die gedurende het schooljaar toegekend worden door de Rijksoverheid. Vanwege de toegekende extra middelen om de leerachterstanden in te halen, de daarmee samenhangende uitgaven en omdat de middelen voor een groot deel als bestemmingsreserve voor de komende 4 jaar zijn opgenomen, betekent het voor de balanssituatie per einde 2021 dat de liquiditeit, solvabiliteit en signaleringswaarde zijn toegenomen. Het weerstandsvermogen is licht afgenomen vanwege de grotere toename van de baten ten opzichte van de algemene reserve.

Uíteraard is er in verband met het Nationaal Programma Onderwijs meer uitgegeven aan personele lasten. Er is tijdelijk uitgebreid met nieuw personeel én met tijdelijke uitbreidingen. Wij hopen en gaan ervan uit dat deze kwantiteitslag voldoende impact zal hebben op de reeds eerder ingezette kwaliteitsslag. De OSZG werkt met regelmatige tussentijdse rapportages, een meerjarenraming, risicoanalyse, alsmede - bij het opstellen van de jaarlijkse begrotingen - gedetailleerde prognoses van met name de personeelslasten. Voor het opstellen van de begroting worden afspraken hierover opgenomen in de

kaderbrief. Het onderwijs aan en de begeleiding van de leerlingen op de OSZG-scholen heeft in 2021 veel hÍnder ondervonden van de beperkingen als gevolg van de coronapandemie. ln deze tijd is een enorm beroep gedaan op de wendbaarheíd en flexibiliteit van de OSZG-medewerkers op de aangesloten gymnasia en op het bestuursbureau. Steeds opnieuw bleken zíj in staat de nodige aanpassingen te realiseren en de continuiteit van het onderwijsproces voorop te stellen. Wij danken hen daarvoor van harte! Bestuur en Raad van Toezicht rekenen ook graag op hun steun bij het streven de kwaliteit van het onderwijs en de begeleiding nog verder te verhogen en daarbÍj een helder systeem van kwaliteitszorg te hanteren.

Marcel Kemper, voorzitter bestuur

BV5

1.2 Verslag Raad van Toezicht 2021

1. Verantwoording wettelijke taken 6oedkeuring beqrotine. iaarrekenine. bestuursverslas en strategisch meeriarenplan De Raad van Toezicht heeft het jaarverslag van 2020, inclusief de jaarrekening, goedgekeurd. De Raad heeft de vier- en zevenmaands exploitatierapportagês van 2021 besproken, inclusief de bijge-

stelde rÍsicoanalyse. Over het gehele jaar heeft de OSZG een positief resultaat behaald van ongeveer

€ 1.764.000. ln dit bedrag is de 1e tranche van NPO-middelen opgenomen, conform de richtlijnen van OCW. De NPO-middelen kunnen echter over 5 jaar beschikt worden. Het niet beschikte deelvan 2021is als een bestemmingsreserve aangemerkt op de balans. De begroting gaf een te verwachten negatief resultaat van € 614.400. Door de coronapandemie en

daarmee gepaard gaande extra middelen die beschikbaar zijn gesteld door OCW is er van enigerlei verband tussen de begroting en realiteit geen sprake. Het deel van de bestemmingreserve van het

Onderwijsakkoord 2019 dat resteerde van de balans van 2020 is in 2021 besteed De Raad heeft de kaderstellingsbrief voor 2022 besproken en, mede op basis daarvan, de exploitatie-

begroting 2022 goedgekeurd. Ook heeft de Raad kennis genomen van het strategisch plan voor 2022 en de meerjarenbegroting voor de periode 2A22-2A25. Daarnaast is gesproken over het reguliere ad-

víesrapport vanuit de accountant, waarmee de OSZG mede invulling geeft aan het continu verbeteren van de administratieve organisatie en interne beheersing van de organisatie. De Raad van Toe-

zicht is tevreden over de wijze waarop het bestuur de voorgestelde maatregelen heeft geimplemen-

teerd. Naleving wetteliike voorschriften en omgane met de Code Goed Bestuur De Raad van Toezicht heeft gesproken over de Wet Bestuur en Toezicht Rechtspersonen (WBTR), die

op l juli 2A2lin werking is getreden. Op basis van deze nÍeuwe wet zijn de statuten aangepast. De Raad heeft daarnaast, samen met het bestuur, gesproken over de Code Goed Onderwijsbestuur VO

(2019) en de vier leidende principes die ten grondslag lÍggen aan de code. De principes - professionaliteÍt, verantwoordelijkheid, integriteit en openheid- vormen de basis voor de rolinvulling van de Raad. Met betrekking tot de wettelijke voorschriften heeft de Raad in 2O2L ook de klasse van de OSZG voor de WNT 2021vastgesteld, i.e. klasse D.

Rechtmatige vqr,wervinq en rechtmatise en doelmatire besteding van middelen Op basis van het eigen, intern toezicht, eR aangevuld met externe rapportages (zoals de controlever-

klaring van de accountant), oordeelt de Raad van Toezicht dat het bestuur op een rechtmatige wijze zijn middelen heeft verworuen en deze op een doelmatige wijze heeft besteed. Evaluatie van het uitvoerend bestuur Ten aanzien van de kwaliteit van onderwijs heeft de Raad de vigerende schoolplannen, de (reguliere)

inspectierapporten, de examenresultaten, alsmede het klachtenregister van de OSZG besproken. Op basÍs van deze informatie ís de Raad van oordeel dat de basiskwaliteit van onderwijs binnen de

OSZG-gymnasía goed is. Over het algemeen scoren de scholen binnen de OSZG boven de norm van

de indicatoren die de Onderwijsinspectie hanteert. De Raad heeft met tevredenheid kennis genomen van het lnspectierapport inzake de herstelopdracht voor het Vossius Gymnasium. Eind mei heeft de

BV6

lnspectie geconcludeerd dat de onderwijsresultaten, zoals we gewend zijn, weer voldoende zijn. Naar aanleiding van het inspectierapport had de Raad de discussie met het bestuur verdiept over de

borging van een kwaliteitscultuur en het opzetten van een kwaliteitsmanagementsysteem. Deze gesprekken hebben mede geleid tot een visie van het bestuur op de doorontwikkeling van de OSZG en de concrete aanstelling van een centrale kwaliteitsfunctionaris per 1 maart 2O22.Met name in de Commissie Onderwijs & Kwaliteit worden de gesprekken over de onderwijskwaliteit verder verdiept" De Raad van Toezicht heeft met het bestuur gesproken over de verantwoording van de middelen

voor de verbouwing van het Vossius Gymnasium. Het project was complex, mede omdat door een brand in 2019 aanvullende gedeelten van het pand hersteld moesten worden. De totale verbouwing

werd hierdoor pas Ín november 2A2O en boven budget afgerond. De verbouwÍng is samen met het bestuur geëvalueerd en de leerpunten zijn meegenomen in het voorbereidingstraject van de vernieuwbouw van het Stedelijk Gymnasium Haarlem. Ook deze verbouwing is complex vanwege de ligging in het centrum van Haarlem, het monumentale karakter van het pand en de noodzaak om renovatie en nieuwbouw te combineren. De schaarste in de bouwsector is een extra complicerende factor geweest, die uiteindelijk heeft geleid tot een herziening van het programma van eisen en een benodigde budgetuitbreiding. De Raad, en in het bijzonder de Auditcommissie, is intensief betrokken geweest b-rj deze trajecten. Optreden als werksever van het uitvoerend bestuur Medio 202L heeft mevrouw Schoemaker vanwege het bereiken van de pensioengerechtigde leeftijd afscheid genomen als rector-bestuurder van het Stedelijk Gymnasium 's-Hertogenbosch. Per 1 oktober heeft de Raad van Toezicht de heer drs. Bakker benoemd als haar opvolger. \n2021 heeft de Remuneratiecommissie functioneringsgesprekken gevoerd met alle rectoren-bestuurders. Keuze accountant

Voor de controle van de jaarrekening202L heeft de Raad van Toezicht wederom gekozen voor Van Ree Accountants. De belangrijkste reden daarvoor is om continuïteit te borgen, onder andere van-

wege wijzigingen in de bemensing van de Auditcommissie en de onzekerheid als gevolg van Corona De keuze is getoetst aan de statuten van de stichting en daarb'rj zijn er geen belemmeringen gecon-

stateerd.

2. Verantwoording op grond van de code goed bestuur lnrichtine. Werkwiiae De Raad van Toezicht houdt toezicht op het (bestuurlijk) functioneren van de organisatie, fungeert als klankbord voor de bestuurder en oefent een aantal bevoegdheden uit zoals vastgelegd in de sta-

tuten en het bestuursreglement van de OSZG. De Raad van Toezicht is gehouden aan de Code Goed Bestuur en de gedragsregels zoals deze zijn opgenomen in het Reglement voor de Raad van Toezicht van de OSZG.

|n2A2L heeft de Raad van Toezicht viermaalvergaderd, deels in aanwezigheid van het bestuur. Binnen de Raad van Toezicht wordt gewerkt met drie commissies. De commissie Onderwijs & Kwaliteit

adviseert de Raad van Toezicht inzake de onderwijskwaliteit binnen de scholen van de stichting.

BV7

Twee leden van de Raad hebben zitting in de commissie. ln 2021 heeft de commissie viermaalverga-

derd met de portefeuillehouders binnen het bestuur. De Auditcommissie adviseert de Raad inzake de beheersing (incl. risicomanagement), de adminístra-

tieve organisatie, de continuiteit en de compliance van de stichting. De commissie, die bestaat uit

twee leden van de Raad van Toezicht, heeft in 2021viermaal vergaderd met een financiële delegatie van het bestuur. De Remuneratiecommissie adviseert de Raad met betrekking tot de benoemingen van RvT-leden en vervult de werkgeversrol richting de rectoren-bestuurders. De voorzitter en een lid van de Raad heb-

ben zitting in de Remuneratiecommissíe. Het lid van de Raad is voorzitter van de Remuneratiecommissie.

Vanuit de notie van horizontale verantwoording vergadert de Raad van Toezicht tweemaal per jaar met de GMR in aanwezigheid van het bestuur. Vanwege Corona was de vergadering in maart online. Tijdens deze vergadering is, in aanwezigheid van een externe deskundige, gediscussieerd over forma-

tief toetsen en de wijze waarop dat binnen de OSZG wordt vorm gegeven. De vergadering in november vond fysiek plaats en tijdens deze vergadering is deels, zonder aanwezigheíd van het bestuur, met de GMR gesproken in het kader van de Wet Medezeggenschap Scholen (WMS).

Samenstellins

|n2A2L bestond de Raad van Toezicht uit:

-

De heer dr. E.W. van Geenen, voorzitter De heer drs. G.M. van Wijk, Iid

Mevrouw dr. K.S. Ali, lid De heer mr. H.T. van der Meer, lid

Mevrouw drs. C. Hueting, lid Mevrouw drs. S. Lijesen, lid

Nevenfuncties De nevenfuncties van de voorzitter en de leden van de Raad van Toezicht zijn opgenomen in 1.3 van

dit jaarverslag.

YsrsoeCiu De vergoedingen die de voorzitter en de leden van de Raad van Toezicht in 2021 hebben ontvangen,

zÍjn opgenomen in paragraaf 6.7 van dít jaarverslag. Sit u aties met ( ootentiggJ) tecenstri idig belans

ln 202t heeft de Raad van Toezicht niet voor situaties gestaan waarbij er sprake was van een (potentieel) tegenstrijdig belang. Proces rondom de accountantscor'!trole De jaarlijkse accountantscontrole over 202L heeft aangevangen met het vaststellen van het controle-

proces door de Auditcommissie van de Raad van Toezicht. Het controleteam van het accountants-

kantoor heeft op locatie van het bestuurskantoor controles en steekproeven uitgevoerd. Aangeleverde databestanden zíjn ook op afstand gecontroleerd. ln aanwezigheid van de accountant zijn de

BV8

bevíndingen besproken in de Auditcommissie. Tijdens een vergadering van de Raad van ïoezicht

heeft de accountant een toelichting op zijn controleverklaring gegeven. Evaluatie Raad van Toezicht Eind november heeft de Raad, onder begeleiding van een externe deskundige, het eigen functione-

ren over 2021 geëvalueerd. Voorafgaand aan de evaluatie heeft de voorzitter individuele reflectiegesprekken gevoerd met de leden van de Raad. De vicevoorzitter heeft dit individuele gesprek met de

voorzitter gevoerd. Vanwege Corona hebben Raad van Toezicht en bestuur besloten om het gebruikelijke, gezamenlijke gedeelte van de jaarevaluatÍe uit te stellen. Beide gremia hebben kennis genomen van elkaars jaarevaluatie. Tijdens de jaarevaluatie heeft de Raad allereerst stilgestaan bij de kwaliteit van z'rjn vergaderingen. Dat heeft geleid tot een aantal concrete actiepunten. Daarnaast is gereflecteerd op casui'stiek over het afgelopen jaar met betrekking tot het eigen functioneren en de samenwerking met het bestuur. Aan bod gekomen zijn de doorontwikkeling van de OSZG, het kwaliteitssysteem van de organisatie, de verbouwing van het Vossius en het eigen inhoudelijke toezichtskader. Tenslotte heeft de Raad de

hoofdlijnen omtrent het functíoneren van het bestuur als geheel besproken. Deze verplichte evaluatie zal in de eerste reguliere RvT-vergadering van 2022 worden afgerond.

Dr. E.W. van Geenen

Voorzitter Raad van Toezicht

1.3 Nevenfuncties Voorzitter en leden Raad van Toezicht De hoofd- en nevenfuncties van de voorzitter en de leden van de Raad van Toezicht zijn: E.W- van Geenen

Hoofdfunctie: Lid College van Bestuur HAS Hogeschool Nevenfunctie, samenhangend met de hoofdfunctie:

o Lid Bestuur stichting Ecosystemen Agrofood Zuidelijk Nederland Nevenfunctie, niet samenhangend met de hoofdfunctie:

o Lid Raad van Toezicht van Medèz r Vicevoorzitter Raad van Toezicht van Adelante Zorggroep, voorzitter auditcommissie K.S. Ati

Hoofdfunctie: Directeur Fundraising Technische Universiteit Eindhoven Nevenfuncties:

r Lid Raad van Toezicht Stichting Swalm en Roer: lid remuneratiecommissie o Voorzitter Kamer Onderwijs Hogeschool Zuyd: compliance vraagstukken o Líd Raad van Toezicht PlatOO: lid auditcommíssie

BV9

H.T. van der Meer

Hoofdfunctie:

o President Gerechtshof Amsterdam r Waarnemend President Rechtbank Noord-Nederland (beëindigd per 1-12-2020) Nevenfuncties, samenhangend met de hoofdfunctie:

r Voorzitter Raad van Toezicht StÍchting Onderwijsgeschillen te Utrecht . Plaatsvervangend voorzitter College van beroep voor de examens Vrije Universiteit e Gastdocent arbeids-(proces)recht diverse onderwijsinstellingen C. Hueting-den Dunnen

Hoofdfunctie:

o Senior Beleidsadviseur Onderwijs VO-raad S.C.M. Lijesen

Hoofdfunctie:

r Wiskundedocent Stedelijk Gymnasium Leiden (Leiden) r EigenaarFinancieelRaadsvrouw(Leiden) Nevenfunctie:

e Lid Raad van Toezicht StichtÍng Erasmus College r Lid Raad van Toezicht Stichting Pieterskerk Leiden o Bestuurslid Stichting Haanstra ldentiteit

BV 10

2. Algemene lnformatie 2.1 Kernactiviteiten Het bestuur van de Onderwijsstichting Zelfstandige Gymnasia (OSZG) is het bevoegd gezag van zes zelfstandige gymnasia: het Barlaeus Gymnasium en het VossÍus Gymnasium in Amsterdam, het Ste-

delijk Gymnasium Haarlem, het Gymnasium Felisenum in Velsen, het Stedelijk Gymnasium 's-Hertogenbosch en het Gymnasium Bernrode in Heeswijk-Dinther. De scholen verzorgen gymnasiaal onderwÍjs aan ongeveer 4.500 leerlingen.

2.2 Missie De OSZG wil een omgeving scheppen waarin zelfstandige gymnasia gedijen en waarin gymnasiaal on-

derwíjs zich verder kan ontwikkelen. Daarbij past ook de belangenbehartiging van dÍt schooltype op diverse maatschappelijke niveaus. De OSZG staat in principe open voor aansluiting van andere zelfstandige gymnasia in Nederland.

2.3 Visie en iuridische structuur incl. Code voor Goed Bestuur, openbaar onderwijs De OSZG bÍedt hoogwaardig gymnasiaal ondenrvijs op de aangesloten zelfstandige gymnasia. Daar-

mee levert de OSZG een belangrijke bijdrage aan de kennismaatschappij in Nederland. De gymnasia willen een leeromgeving bÍeden waarin leerlingen zich cognitief, cultureelen sociaal maximaal kunnen ontplooien. Zij nodigen de leerlÍng uit tot leren, onderzoeken, ontdekken, vragen stellen en het

vormen van een mening over mens en maatschappij, natuur en cultuur, lichaam en geest, verleden en toekomst. De zelfstandige gymnasia zijn kleinschalige scholen met een veilig schoolklimaat. Ze floreren in een

structuur waarin het bestuur ruimte geeft aan de scholen voor de invulling van hun onderwijs en er een adequate doch in omvang beperkte centrale ondersteuning is. De scholen hebben dan ook een

grote mate van autonomÍe. De scholen maken steeds meer gebruik van elkaars kennis en kunde, waarbij het een meerwaarde is dat de scholen een vergelijkbare structuur en onderwijscultuur kennen. Met het verbeteren van het kwaliteitsmanagement op bestuursniveau is het de verwachting en doelvan het bestuur dat Ín de komende jaren op het gebied van samen delen en samen leren een kwaliteitsslag gemaakt zal worden. De vernieuwde Code Goed Onderwíjsbestuur voor het Voortgezet Onderwijs is in 2018 volledig geïm-

plementeerd. Verantwoording wordt afgelegd aan OCW middels de Jaarverslaglegging. Ook aan de diverse gemeenten worden Jaarverslag (en begrotingen) ter beschikking gesteld; indÍen gewenst ver-

schaft het bestuur ook toelichting aan een gemeenteraad. Ouders en leerlingen krijgen informatie door middel van de lokale medezeggenschapsinstantíes, via de site van de school en/of de schoolgids, het schoolplan en de informatie op Vensters.

Openhaar onderwíjs Vijf van de zes scholen bieden openbaar onderwijs. Alleen Gymnasium Bernrode heeft een katholieke signatuur. Daarom is de OSZG voor de wet een stichting voor bijzonder onderwijs. De scholen zijn algemeen toegankelijk, zonder onderscheid van godsdienst, levensbeschouwing of lichamelijke

beperking. Leerlingen worden vertrouwd gemaakt met de waarden en normen die gelden Ín onze samenleving.

BV 11

2.4 Bestuur en Raad van Toezicht Het bestuur ln maart 2015 is de huidige bestuursstructuur conform de nieuwe statuten van kracht geworden. De toezichthoudende rol werd in2A2L uitgevoerd door de Raad van Toezicht, bestaande uit 6 perso-

nen. ln deze samenstelling voldoet de stÍchting aan de wettelijke eisen van goed bestuur voor het Voortgezet Onderwijs. Het bestuur heeft in 2OZLt0 keer met elkaar vergaderd. Helaas konden de bestuursdagen, gepland in april en uitgesteld naar oktober, geen doorgang vinden wegens Corona. De jaarl'ljkse evaluatie is gehouden in november. Tijdens de reguliere bestuursvergaderingen zijn onder meer de volgende onderwerpen aan de orde gekomen:

- Ontwikkelingen op de individuele scholen - Diverse financiêle rapportages - Het bespreken en goedkeuren van de begroting 2O22 (incl. meerjarenverwachting 2A?3-20251 - Het bespreken en vaststellen van de jaarrekening 2020 - Aanbevelingen, verplichtingen, planning en verwachte financiering van het NPO - Diverse investeringen, mede inzake geplande verbouwingen - Een aantalklachten en bezwaren - Aanmeldingen op scholen en loting - Burgerschapsonderwijs - Onderzoekskaderinspectie - Herstelonderzoek Vossius en rapport Vossius - Wet bestuur en toezicht en statutenwijzigíng - Ontwikkeling OSZG en formatie bestuursbureau - Beloning bij doorwerken AOW - Alle ontwikkelingen omtrent Corona: afstandsonderwijs, schoolsluitingen, organisatorische zaken m.b.t. aanwezigheid op de scholen

- Vergoeding voor thuiswerken/Corona aan alle personeelsleden - Schoolplannen - Werving rector-bestuurder Stedelijk Gymnasium den Bosch - Werving en profielen leden RvT - Privacyreglement - Nieuw functiehuis - Strategischejaaragenda - Onderwijs- en examenresultaten - Kosten boekenfonds en digitale leermíddelen - Portefeuilleverdeling bestuurn.a.v. nieuwe samenstelling - Kwaliteitszorgenkwaliteitsontwikkeling - Onderwijsresultaten + tevredenheidsonderzoeken - Werkkostenregeling - Uitwisselingdocenten - Samenloop zwangerschapsverlof metvakanties - Geboorteverlof in relatie tot Zizo-regeling BV 12

* Taakbeleid - Contract accountant - Werkdrukonderzoekleerlingen - VrijstellingRVU-heffing - Reiskosten bij thuiswerken - Rapportage AVG Samenstelling Het bestuur bestond in2A2L uit de volgende leden:

* Mevrouw E. Schoemaker (rector Stedelijk Gymnasium's-Hertogenbosch), tot I augustus - De heer E.J. Bakker (rector Stedelijk Gymnasíum 's-Hertogenbosch), vanaf 1 oktober - De heer J.H. van der Werff (rector Stedelijk Gymnasium Haarlem) - Mevrouw C.A. H'rjlkema (rector Vossius Gymnasium) - De heer H. Relou (rector GymnasÍum Bernrode) - De heer M. Kemper (rector Gymnasium Felisenum), voorzitter - De heer A. Hietbrink {rector Barlaeus Gymnasium}, De volgende 2 leden van het bestuur hadden in 2A2L onderstaande nevenfuncties. De overige 4 be-

stuursleden niet: A. Hietbrink (voorzitter tot 7-70-2A21 rector Barlaeus Gymnasium)

e Lid Adviesraad VU (onbezoldigd) r Lid bestuur Stichting het Zelfstandige Gymnasium (onbezoldigd) o Lid Raad van Toezicht Karavaan (onbezoldigd)

M. Kemper (voorzitter vanaf 7-7A-2027) rector Gymnosium Felisenum

r

Lid Raad van ToezÍcht Surplus Basisscholen

Het bestuur bespreekt jaarlijks de portefeuilleverdeling en legt deze opnieuw vast. Een roulatieschema is daarbij van toepassing. Het bestuur evalueert jaarlijks het eigen functioneren onder leiding van een externe deskundige. Tijdens de evaluatie wordt uitgebreid aandacht besteed aan elkaars rollen en de rol van de bestuurder en de rectorfunctie.

Alle reglementen en het jaarverslag worden op de website van de OSZG gepubliceerd conform de lidmaatschapseisen Code goed bestuur Vo-raad, alsmede het overzicht van de nevenfuncties van de

bestuursleden. Er is geen sprake van tegenstrijdige belangen. Er vindt een horizontale dialoog plaats met de GMR. Op alle scholen zeÍf hebben we een goed functionerende MR, waarmee overleg wordt gevoerd over schoolplan, formatie en begroting. Ook kennen

wÍj actieve ouderbesturen en leerlingenraden.

BV 13

2.5 Bestuursbureau, Staf en Allocatie van middelen Het bestuursbureau van de OSZG regelt de centrale administratie en financiën en verzorgt de regeling ouderbijdrage voor de scholen.

Het bureau, het bestuurssecretariaat en de stafafdeling HRM bestaan uit respectÍevelijk 5, 1 en 1 medewerker(s), met een totaalvan 5.3 fte. De verantwoordelijkheid voor het bestuursbureau ligt in handen van het hoofd bestuursbureau. Het bestuur en de Raad van Toezicht werden in2O27 ondersteund door de bestuurssecretaris. Het bestuur werd voor HRM-Personeelszaken ondersteund door de stafmedewerker HRM. ln 2021 is een eerste aanzet gedaan tot verdere ontwikkeling van onze stichting. Het streven is om onze gemeenschappelijkheid te versterken, maar het primaire proces zelf op schoolniveau invulling

te laten geven op basis van onderwijskundige keuzes en eigenaarschap. Dat betekent dat wij op het bestuursbureau zullen uitbreiden om de gezamenlijkheid te versterken.

Voor 2022 is ínmiddels ingezet op uitbreiden van HRM, Kwaliteitszorg en bestuurssecretariaat. De kosten en opbrengsten van het bestuursbureau worden conform een bestuursbesluit uit 2012

omgeslagen over de aangesloten scholen naar rato van het aantal leerlingen en vallen daarmee binnen de begrotingen van de individuele scholen. De totale exploitatie van het bestuursbureau

voor 2021 beslaat een bedrag van € 500.000. Hieronder

vallen de volgende kosten:

-

Personeelskosten bestuursbureau en toezichthouders € 435.000

Materiele kosten € 6.000, kosten beheer en bestuur € 8.000 en huur pand € 51.000

Kosten die direct toewijsbaar zijn aan de scholen, zoals administratieve software, worden direct om-

geslagen naar de scholen, ook naar rato van het aantal leerlingen, of naar de individuele school bij directe toewijsbaa rheid. De verwerking van de regeling ZiZo, intern vereveningsfonds

voor vervangingskosten, wordt uitge-

voerd binnen de administratie van het bestuursbureau. Het resultaat tussen de ingelegde premies en de uitbetaalde vergoedingen voor vervanging wordt toegevoegd aan of ingehouden van de balansrekeníng ZiZo-reserve. Dit betreft een bestemmingsreserve.

Kwaliteitszorg: Met de uitbreiding op centraal niveau met een stafmedewerker Kwaliteit en Onderwijs kiezen wÍj ervoor om de kwetsbaarheid van de stichting te reduceren en de kwaliteit van ons onderwijs te verbe-

teren. ln gesprekken tussen bestuur en RvT is namelijk gebleken dat rectoren-bestuurders te weinig

tijd hebben voor beleidsvorming. De nieuwe medewerker gaat de strategísche agenda bewaken op de voortgang en dat zalzeker effect hebben op de processen.

BV 14

2.6 Gemeenschappelijke medezeggenschapsraad (GMRI De GMR bestaat uit 12leden, bestaande uit docenten, leerlingen en ouders. De GMR kwam in2O2L

zowel digitaal als fosiek bijeen. De meeste bijeenkomsten werden op uitnodiging van de GMR bijgewoond door de voorzitter van het bestuur. De samenwerking met het bestuur was er een van prettige, constructieve aard. De agenda voor de vergaderingen is steeds in goed overleg tussen GMR en bestuur opgemaakt; te bespreken onderwerpen werden zowel door de GMR als ook het bestuur aangedragen. ln navolging van het bestuur heeft ook de GMR werkgroepen belegd. Tussen de werkgroepen van de GMR en die van het bestuur heeft een prettige samenwerking plaatsgevonden, waarbij de GMR tíjdig in de plannen van het bestuur is meegenomen. Onder andere bij de begroting en meerjarenverwachting is op deze manier gewerkt. Twee keer heeft er ook een bijeenkomst met de Raad van ToezÍcht plaatsgevonden, een keer in het voorjaar en een keer in het najaar. Tijdens deze bijeenkomsten was voldoende ruimte voor inbreng van de GMR. Leden van de GMR hebben zitting gehad in de BAC voor de benoeming van een nieuw lid van de Raad van Toezicht. Bovendien heeft de GMR een adviesgesprek gevoerd met de nieuwe rector/ bestuurdervan het SGDB. De samenwerkÍng met bestuur en RvT is er eentje waarbÍj we elkaar steeds vaker en makkelijker weten te vinden, ieder binnen de eigen rol.

Mevr. S. van Mierlo, voorzitter GMR

2.7

Vertrouwenspersonen OSZG, klachten en juridische geschillen

Naast de interne vertrouwenscontactpersonen bij de scholen z'rjn er ook twee externe gecertifi-

ceerde vertrouwenspersonen aangesteld voor de stichting. De OSZG heeft Merlijn Groep ingeschakeld om deze functies te vervullen. De functies werden in 2O2L ingevuld door mevrouw P. Meursing en de heerJ. Blok. ln 2O2t hebben 18 meldingen plaatsgevonden bij de externe vertrouwenspersonen. Klachten en geschillen op stichtingsniveou ln 2021 zijn 4 bezwaarschriften ingediend. Drie van deze bezwaarschriften betroffen de toelatings-

procedure in Haarlem. Een bezwaar betrof het besluit tot toekenning van het cijfer L.ln 202L2'rjn de bezwaarprocedures voor de toelatingsprocedure ín Amsterdam afgehandeld door de OSVO.

BV 15

2.8

A.V.G.(AlgemeneVerordeningGegevensbescherming)

De FG is de onafhankelijke toezichthouder op de naleving van de AVG en dient de organisatie te informeren en adviseren over de verplÍchtingen die de organisatie in dit kader heeft. DE FG rapporteert

het volgende:

ln het verslagjaar is opnieuw aandacht besteed aan het geven van onderwijs op afstand en de consequenties die dit op privacygebied kan hebben. Hiervoor zijn protocollen en richtlijnen opgesteld. De aangesloten scholen hebben dit voortvarend opgepakt en er zijn geen meldingen geweest van problemen of incidenten op dit gebied. Met betrekking tot AVG-compliancy hebben de scholen uitvoering gegeven aan de eerder opgestelde plannen van aanpak. Bíj een bezoek aan een aantal scholen is geconstateerd dat er belangrijke vorderingen zijn gemaakt. De overige scholen worden in2O22 bezocht. Er is melding gemaakt van een enkel beveiligingsincident. De omvang en impact hiervan bleek gering en een melding naar de AP is niet gedaan. Wel is deze opgenomen in het eigen register.

Conform art. 39 AVG maakt bewustmaking van prÍvacy voorschriften voor de medewerkers die bij het verwerken van persoonsgegevens betrokken zijn, een onmisbaar onderdeel uit van de AVG-compliancy. Behalve dat dit gebeurt binnen de op scholen geformeerde privacyteams, is hier nog geen gestructureerde vorm voor ingericht om bijvoorbeeld medewerkers belast met leerlingenadministratie of -begeleiding en zorg over de aspecten van de AVG binnen hun werkterrein goed te informeren. De ervaring leert dat gerichte sessies met kleine teams het meest effect hebben. Vanuit het bestuursbureau is het verwerkingsregister, waarin alle verwerkingen met persoonsgegevens van de gehele organisatie zijn opgenomen, verder onderhouden en aangevuld met de gegevens van nieuwe verwerkers. Hiermee zijn tevens verwerkersovereenkomsten afgesloten. Conclusie en aanbevelingen De OSZG heeft opnieuw laten zien dat het de privacy van leerlingen, medewerkers en andere betrok-

kenen zeer serieus neemt. Wat betreft de ínrichting van de organisatie richting AVG-compliancy zijn belangríjke stappen gezet en in 2O22 zullen verdere stappen gezet worden.

Voor het komende jaar dient het thema bewustwording een speerpunt te worden. Een ander aandachtspunt zijn DPIA's van bestaande of nieuwe systemen c.q. applicatíes. Een eenma-

lige, vroeger gedane beoordeling is door nieuwe ontwikkelingen mogelijk niet afdoende. Daarom

moeten scholen inventariseren voor welke programma's een DPIA georganiseerd zou moeten worden.

BV 16

3. Onderwijs 3.1 Ontwikkeling Leerlingenaantallen De scholen zijn sinds de vorming van de OSZG in 1998 gegroeid. De stichting begon destijds met 4

scholen met in totaal 2350 leerlingen. lnmiddels is het totaalaantal leerlingen op de teldatum l oktober 2020 (=basis bekostiging kalenderjaa r 202t1 4.493, incl. 3 vAVo-leerlingen. Jaar

SGHa

GF

BG

VG

GB

SGHe

Totaal

2016 2017

832

661

829

833

666

798

4.6L9

875

642

825

837

558

869

545

818

659

854

607

861

6L5 610

809 819

82s 83s 834 831

2018 2019

2020 2A2L

845

799

672

815 816 877

669

785

4.652 4.632 4.594 4.583

631

767

4.483

3.2 Personeelssamenstelling Aan het einde van het verslasiaar had de OSZG 506 personen in dienst; dat is iets mee dan vorig jaar

en heeft te maken met tijdelijke uitbreidingen ten behoeve van de ondersteuningsprogramma's. Wij verwachten een stabiel personeelsbestand voor de komende jaren en dat dit weer zal dalen naarmate de behoefte van ondersteuning aan leerlingen minder wordt. Er is een aantal individuele gevallen geweest waarbij ziekte of disfunctioneren aanleiding is geweest tot ontslag. Er wordt in dit soort gevallen steeds alles aan gedaan om de betrokken medewerker zijn functie goed

uit te laten voeren en te laten behouden. lndien daar toch uiteindelijk onvoldoende resultaat uit volgt, wordt er alles aan gedaan om deze medewerker een loopbaanvervolg te geven, waardoor de uitkeringslasten zo laag mogelijk worden gehouden. Het personeel was als volgt verdeeld over de drie geledingen Personeelsleden OSZG

2477

20L8

20L9

2020

202L

Directie Onderwijzend personeel Ondersteunend personeel

15

L4

1,4

T4

74

3s3

3s0

355

351_

372

777

1,L6

118

1r"8

tza

Totaal

485

480

488

483

506

ln deze tellingen zijn de tijdelijke aanstellingen voor vervangers meegenomen. ln de schoolleiding werkten eind 2021 10 mannen en 4 vrouwen.

Voor het OP geldt dat de formatie als volgt verdeeld was over mannen en vrouwen en over een betrekkingsomvang van 0 t/m 0,5 fte en 0,51 t/m 1,2 fte. a= Qg FTE

> 0,5 FTE

Totaal

Mannen Vrouwen

44 55

192 204

236 270

ïotaal

110

396

506

BV 17

ln vergelijking met eind 2020 is het aandeel mannen en vrouwen met resp. 14 en 9 personen toegenomen. Deze toename wordt mede veroorzaakt door de inzet van extra ondersteuning van het onderwijs door de ínzet van middelen voortkomend uit de ontvangen NPO-subsídies. Het aantal docenten is per einde kalenderjaar als volgt over de drie schalen verdeeld: Schalen

20t7

2018

20L9

2020

202L

80

74

89

80

77

LC

78

76

84

85

98

LD

194

197

192

192

185

1

0

0

0

0

3s3

3s0

356

351

372

LB

Oude schaal Totaal

Per gind 2021 komt de functiemix voor de OSZG in zijn geheel uit op 139. Voor de índividuele scholen

wordt per school in de toelichtingen afzonderlijk gerapporteerd.

3.3 Verzuim Verzuim % 2019 2020 Stedeliik Haarlem Felisenum

2.7 4.85 3.36

Vossius

2,L\

Bernrode Stedeliik Den Bosch Bestuursbureau

4.79 L,24

2,87 5.84 3,4 5.2L 5.93 2.57 3.79

eemiddeld

3.16

4.t8

Barlaeus

1.96

202t

Meldingsfrequentie 2020 2019 202t

3.72 7.95 3,77 4.48 4.46 2,4L

L,25

L,L2

L.24

4.77

0.84

0,24

0,25

4,38

7,29

L,25

!,TL

L,23

L,48

7,44

L,29

1,03

L.28

1,76 L,46 1.03

o.75

1,55

0.93

1,31

L,40

0.88

Gezien de ontwikkeling van het verzuimpercentage en de redelijk bescheiden meldingsfrequentie

(=aantal meldingen/aantal medewerkers) kunnen we constateren dat het vigerende verzuimbeleid zijn vruchten heeft afgeworpen, ondanks de pandemiê en aanverwante uitwassen. Wij zien een verzuimpercentage van AYo onder normale omstandigheden als een signaal tot verbetering. Uiteraard hebben de coronabesmettingen van zowel het onderwijzend personeel als het ondersteunend personeel het afgelopen jaar de nodige weerslag gehad op het verzuimpercentage. Gezien de bijzondere

omstandigheden beoordeelt het bestuur de omvang van het verzuim als relatief laag. Er is binnen de OSZG regelmatig overleg tussen de afdeling HRM-Personeelszaken en de leidinggevenden. Alle scholen worden nauwgezet gevolgd en ondersteund op het vlak van verzuim en vitaliteit, waarbij op regelmatige basis contact is met Arbodiensten om zoveel mogelijk personeelsleden betrokken te laten zijn bij hun herstelproces en gezondheíd.

BV 18

3.4 lnternationalisering en Onderzoek De OSZG-scholen hebben internationalisering hoog in het vaandel staan. Zo komen de belangrijkste

ontwikkelingen in de wereld aan de orde tijdens de lessen aardrijkskunde, geschiedenis en economie en zeker ook bij het vak maatschappijleer, als ook bij de culturele en historische lessen in het kader van de moderne vreemde talen Engels, Frans, Duits en Spaans. Bij de eerstgenoemde drie moderne

vreemde talen is het bovendien op de meeste OSZG-scholen mogelijk deel te nemen aan internationaal erkende examens als de diverse Cambridge-, Goethe-, Dele- en Delf-examens. Ook wordt binnen

de OSZG op enkele scholen het vak Geo Future gedoceerd; leerlingen leren bij dit vak zich te verhouden tot grote wereldproblemen als verdroging, aantastíng van het milieu, energieschaarste etc. Tevens is op een school het vak Wereldcultuur in voorbereiding. Binnen dit vak gaan leerlingen zich ori-

enteren op de kunstuítingen van andere werelddelen als Afrika, van landgenoten die uit deze werelddelen afkomstig zijn en bestuderen zij hoe beelden over en weer ontstaan en in stand gehouden worden. Ten slotte bestaan er op de scholen mogelijkheden voor het leren van de beginselen van talen als ltaliaans en Chinees.

Uiteraard kennen alle scholen taalreizen, naar Frankrijk, Engeland, Duitsland, Spanje en andere landen, waaronder uiteraard ltalië en Griekenland, de bakermatten van de klassieke beschaving. Verder spreekt het voor zich dat de toenemende diversiteit binnen de leerlingenpopulatie ontwikkelingen als geschetst alleen nog maar verder stimuleert. Leerlingen leren onderzoek te doen is een van de primaire opdrachten van de - in het algemeen academisch opgeleide- leraren van een categoraal gymnasium. op veel scholen krijgen leerlingen de eerste beginselen van onderzoek bijgebracht in lessen techniek en informatica. Vervolgens leren zij bij de natuurwetenschappen experimenten op te zetten - steeds meer ook in de vorm van simulaties op de computer- en deze vervolgens volgens een wetenschappelijk protocol te verslaan. Bij de geestes-

wetenschappen is de omgang met (schriftelijke) bronnen belangrijk; deze krijgt vooral in de bovenbouw vorm, bijvoorbeeld bij een vak als geschiedenis. Op alle scholen wordt hoog ingezet op de zogenaamde profielwerkstukken; daarmee worden ook geregeld door leerlingen prijzen gewonnen.

3.5 Strategisch personeelsbeleid (HRMI Het bestuur heeft de ambítie opgevat om het strategisch personeelsbeleid verder vorm te geven.

Aandachtspunten daarb'lj z'ljn het loopbaanbeleid, de ontwikkelingen op de arbeÍdsmarkt en de ervaren werkdruk. Daartoe heeft het bestuur een verkennend onderzoek gedaan rondom een breed op

te zetten medewerkersonderzoek. De resultaten van dit onderzoek worden gebruikt voor de vaststelling van een strategische agenda op het gebied van personeelsbeleid. Door de coronacrisis is het proces vertraagd. ln het najaar van 202L ís dit proces weer opgepakt, door o.m. te onderzoeken of het wensel'tjk is om het promotiebeleid van leraren te veranderen van kwantiteit naar kwaliteit. Daarnaast wordt in het kader van mobiliteit elk jaar een vraag uitgezet onder het OP, waarbij docenten

aan kunnen geven of zij voor de duur van één schooljaar (gedeeltelijk) aangesteld kunnen worden bij een andere school van de OSZG.

BV 19

3.6 Toetsing en examinering De kwaliteitsborging van de schoolexamens en de inrichting van de examencommissie heeft de aan-

dacht van het bestuur. ln het schooljaar 2OL9-2O2O zijn de PTA's van alle scholen onderling uitgewisseld en beoordeeld. Daarnaast is op alle scholen van de OSZG conform de nieuwe richtlijnen vanuit

de Rijksoverheld de samenstelling van de examencommissie aangepast aan de nieuwe wettelijke

richtlijnen.

3.7 Duurzaamheid, maatschappelijke aspecten van het ondernemen en schoolgebouwen De scholen van de OSZG streven naar een samenleving die toekomstbestendig is voor volgende gene-

raties. ln lijn met het Klimaatakkoord van Parijs (2015) vraagt dit om eên verantwoord gebruik van beschikbare energiebronnen om daarmee de invloed van klimaatveranderingen op de samenleving

te beperken. Schoolgebouwen hebben een aanzienlijke energiebehoefte en hebben daarmee impact op de gewenste energietransitie (van fossiel naar hernieuwbaar). De schoolgebouwen van de OSZG dragen bij aan het verantwoord omgaan met de beschikbare energíebronnen en aan de energietransitie. De scholen vinden het belangrijk om het goede voorbeeld op het gebied van duurzaamheíd aan leerlingen te geven. We sturen intern op verdergaande digitalisering van onze processen, wat resulteert in geen onnodíg papier verspillen, weinig afiral, afualscheiding, controle op de omgeving van de school. Er wordt rekening gehouden met het persoonlijk welbevinden van alle personen die met onze scho-

len en stichting verbonden zijn. Dat geldt ook voor externe partijen waar wij ons mee verbinden. Het klimaat ís de een van de grootste zorgen in de huidige maatschappij. Wtj houden bij al onze acti-

viteiten rekening met de effecten op het klimaat. De scholen van de OSZG zijn voor een gedeelte gehuisvest in oudere gebouwen met soms een monu-

mentenstatus. De afzonderlijke scholen geven veelal invulling aan duurzaamheid door het aanleggen van zonnepanelen en ledverlichting. Op Gymnasium Bernrode wordt gebruik gemaakt van een bin-

nenklimaatsysteem met warmteterugwinning. Op het Vossius Gymnasium is een vergunningsaanvraag voor plaatsing van zonnepanelen afgewezen vanwege de monumentale status van het gebouw. Daarnaast sluiten de scholen aan bij de ambities op het gebied van duurzaamheid zoals geformuleerd ín de afzonderlijke IHP's (lntegraal Huísvestingsprogramma). Bij het Stedelijk Haarlem en het Barlaeus zijn of worden zonnepanelen geihstalleerd. Daarnaast proberen we door mee te doen aan

"Energie voor scholen" bij te dragen aan vergroening en aan het monitoren op het verbruik van gas en water. Bij de verbouwing van het Stedelijk Gymnasium in Haarlem wordt rekening gehouden met een transitie van gas naar waterpompen.

Nadat de plannen voor Stedelijk Haarlem zijn gerealiseerd, zal er getracht worden om de gemeente

Amsterdam (eigenaar) opnieuw te benaderen voor een renovatie bij het Vossius Gymnasium. Na de nieuwe gymzalen en serre en de renovatie van een deelvan het gebouw na de brand in de kantine is de wens sterk om de rest van het gebouw flink aan te pakken. We willen de leerlingen een prettige en frisse leeromgeving bieden en daar zijn investeringen voor nodig.

BV 20

3.8 lnvesteringen Onze scholen (i.g. de rector-bestuurders) hebben de ruimte om over noodzakelijke investeringen tot

€ 100.000 die buiten de begroting om worden geïnitieerd een zelfstandig besluit te nemen. Uíteraard

wordt binnen het bestuurlijk overleg deze investering gedeeld met de andere scholen. Voor een aantal scholen is het voor afgelopen jaar en in 2O22 zaak om vooral nog in ICT voor het onderwijs te investeren. Er is mede door de noodzakelijke digitalisering de afgelopen 2 jaar veel gebeurd op het gebied van hardware en vooral software, mede voor leermiddelen. Bij Stedelijk Haarlem en het Vossius is de wens tot verbeteren van het gebouw een hot issue. Bij

Bernrode verwachten wijin 2O22 uiteindelijk toch het groene licht voor de investering voor het bin-

nenklimaat. Verder zal er weer in een aantal onderhoudswerkzaamheden worden geïnvesteerd, zoals schilderwerk, nieuwe toiletgroepen, verwarmingsketels, inrichting voor lokalen en gymzalen etc.

3.9 Nationaal Programma Onderwijs Het coronavirus heeft in 2O2O en 2027 een enorme impact gehad op het onderwijs in de gehele we-

reld. K'rjkend naar Nederland hebben de (gedeeltelijke)schoolsluítingen, de 1,5 meter-samenleving, het thuisonderwÍjs, de versnelde digitalisering, de examenperikelen en het niet doorgaan van buitenlandse reizen, excursies, verdiepingslessen, voorstellingen en schoolfeesten een onvoorstelbare slag -

-toegebracht aan de leerlingen, docenten en het ondersteunend personeel. Daar zijn herstelwerkzaamheden voor georganiseerd. Op alle scholen is conform de handreiking een

schoolscan uitgevoerd. Die heeft geleid tot allerlei soorten interventiest aanpassen jaarritme toetsbe-

leid; inzet oud-leerlingen klas Ltlm 4 in speciaal ingerichte ondersteuningslokalen; 1 op l-tutoring; inzet oud-leerlíngen ter ondersteuning van diverse secties als assistent; extra blokken auxÍlia opne-

men in het formatieplan; aanpassing splitsingsnorm; kleinere clustergroepen; zorgondersteuning door o.a. psychologen; vervangende excursies. ln principe is bij alle stappen van de menukaart het voltallige schoolpersoneel betrokken. Ouders zijn zoveel mogelijk op de hoogte gehouden en hun betrokkenheid is ook als zeer positief ervaren. De lokale MR is uiteraard betrokken geweest en heeft ingestemd met de schoolprogramma's. Er z'rjn geen middelen bovenschools ingezet. Bovenschools is uiteraard veel overleg geweest over hoe deze uitdaging op de verschillende scholen aan te gaan. De verantwoording voor de uitvoering bij de scholen is bij de schoolleiding belegd. Dat alle extra inzet van mÍddelen heeft geleid tot betere resultaten is zonder meer een feit, alleen is

dit op dit moment moeilíjk meetbaar. Dat zal blijken in de loop van het kalenderjaa r 2O22. Er is bij onze scholen in verhouding veel personeel langdurig uitgevallen wegens ziekte of besmet-

ting, waardoor de vervangingskosten Ín sommige gevallen hoger zijn uitgevallen dan verwacht. Op allerlei manieren is ervoorgezorgd dat het onderwijs en de kwaliteit zo goed mogelijk is ingevuld. Met extra inhuur van nieuwe docenten, met extra tijdeÍijke uitbreidingen en met externe inhuur is hierin geïnvesteerd. De inhuur van extra personeel is per regio door het (beperkte) aanbod verschillend in de uitvoering geweest. Per school is daarom de externe inhuur hoger of tager in relatie tot het aanbod. De versnelde digitalisering voor thuiswerken heeft veel gevergd van het lCT-personeel en de door de

school samengestelde taskforces, met daarin vooral de op ICT-gebied onderlegde docenten, die hun

BV 21

collega's uitstekend hebben b'rjgestaan. Uiteraard is er veel geïnvesteerd om apparatuur en lesmateriaal voor deze bijzondere manier van lesgeven te kunnen bewerkstelligen. Van de vanuit het NPO extra beschikbaar gestelde middelen voor nieuwkomers is alleen b'rj Gymna-

sium Bernrode in 2021 gebruik gemaakt. Het ontvangen bedrag ad € 6.000 is in zijn geheel besteed aan extra ondersteuning van mentoren en de begeleiding van docenten in de vakken waar de betref-

fende leerling vanuit zijn achtergrond minder bagage inbracht.

3.10 lnhaal-en ondersteuningsprograínma's De inhaal- en ondersteuningsprogramma's waarvoor bekostiging is ontvangen van OCW in het najaar van 2020 zijn door 5 van onze scholen reeds deels ingezet in 2020 en door alle 6 scholen afgewikkeld

in202L. Daarnaast zijn via regionale penvoerders van collega-besturen OCW-bijdragen ontvangen voor "Extra Hulp voor de klas". Hiervoor Ís extern personeel ingehuurd om ondersteuning te bieden en toezicht te houden bij het klassikaal lesgeven. Veel van de leerlingen hebben les gekregen in kleinere groepen gericht op hun gezamenl'rjke kwaliteiten en met inachtneming van de 1,5 meter richtlijn. ln model G van de jaarrekeníng zijn de bestedingen van de toegekende bedragen per school aangegeven. De lnhaal- en ondersteuningsprogramma's zijn begin 2022 verantwoord bij DUS-I, de regionale subsidies zijn verantwoord bij de betreffende penvoerders.

BV 22

4, Financiële situatie op de balansdatum 4.1 Exploitatie en kengetallen De financiële positie van de OSZG heeft ondanks het mindere resultaat van 2020 niet te veelte lijden gehad. Dat blijkt uit de verschillende kengetallen die voor de financiële positie worden gehanteerd.

Binnen de stichting was sprake van bovenmatig eigen vermogen. Als gevolg van het negatieve resul-

taat over 2020 is de omvang van dit bovenmatig eigen vermogen gedaald.

Liquiditeit Dít kengetal geeft aan ín hoeverre de OSZG de verplichtingen op korte termijn kan voldoen. Het

wordt berekend door de vlottende activa te delen door de kortlopende schulden.

Vlottende activa (A) Kortlopende schulden

2427

2020

L5.225.776 6.820.148

14.614.31s

2.23 0,5-1,5

1.91

7.656.206

(B)

Liquiditeit (=A/B) Norm VO

0,5-1,5

De liquiditeit op de balansdatum is aanzienlijk hoger dan vorig jaar, vanwege de ontvangen NPO-gel-

den, die later worden besteed, en de afwÍkkeling van de verbouwing bij het VossÍus Gymnasium.

Solvobiliteit 2 Dit kengetalgeeft aan in hoeverre de OSZG ín staat is om op lange termijn alle schulden te voldoen. Het wordt berekend door het eigen vermogen en de voorzieningen te delen door het totaalvan de passíva.

202L

2020

Eígen vermogen (A)

L7.57L_472

15.807.675

Voorzieningen (B) Totaalpassiva (C) Solvabiliteit (=(n+B)/C)

L.474.319 25.865.939

24.903.L82

Norm VO

1.439.302

o,74

0,69

> 0,3

> 0,3

De solvabiliteit op de balansdatum is iets hoger dan voríg jaar en ligt ruim boven de minimumnorm

voor het Voortgezet Onderwijs. De reden van deze verhoging is het positieve resultaat ten gevolge van de niet-bestede NPO-gelden.

Rentabiliteit De rentabiliteit drukt de relatie uit tussen het resultaat en de totale baten. Totaalresultaat (A) Totale baten incl. rentebaten (B) Rentabiliteit (=A/B*100/ol Norm VO

2021

2020

L.763.797 -919.230 43.836.869 39.L16,277

q.Oy" >-LOYo

BV 23

-2.35yo

>-LA%

De rentabiliteit is vooral positief doordat de NPO-gelden in de baten zijn opgenomen. De gemiddelde

rentabiliteit over de afgelopen 2 en 3 jaar ligt ook ruim boven 0. ln feite is dit kengetal door de NpOgelden en de uitgestelde besteding volkomen irrelevant. Weerstondsvermogen Het weerstandsvermogen geeft het verband aan tussen het aanwezige eigen vermogen en de totale baten van de stichting. Hiermee wordt inzichtelijk welke middelen de OSZG beschikbaar heeft om eventuele tegenvallers op te vangen.

Eigen vermogen (A)

2A2L L7.571.472

Totale baten incl. rentebaten (B)

43.836.868

15.807.675 39.LL6.277

40.1%

4O.4Yo

2s%

25To

Weersta ndsvermoge n (= A/ B* IOA%I

Norm OSZG

2020

Het weerstandsvermogen ligt ruim boven de norm van 25% die de oSZG daarvoor heeft gesteld en is iets gedaald doordat de baten (NPO) relatief meer zijn toegenomen dan het vermogen. De OSZG-

norm is als volgt tot stand gekomen. De OSZG schat de risico's op gemiddeld 2,5o,6 van de jaaromzet van een school gedurende 10jaar. Dat komt neerop een weerstandsvermogen van 2,5*1O=ZSVovan de jaaromzet van de OSZG. Het huidige weerstandsvermogen ligt ruim boven deze norm.

Signoleringswaarde bovenmatig Eigen Vermogen Deze door OCW geïntroduceerde signaleringswaarde is ingesteld om reden van de bovenmatige re-

serves die opgebouwd zijn bij een aantal onderwijsbesturen. Deze reserves zijn veelal opgebouwd wegens de onzekerheid over de OCW-bekostiging. Ten tijde van het opstellen van de jaarlijkse begroting is er geen zekerheid over de inkomsten voor het begrotingsja ar.Zodra er in de loop van het begrotingsjaar zekerheid is over de inkomsten vanuit OCW, is de formatie voor het nieuwe schooljaar al

afgerond. HÍerdoor werden niet alle middelen in het betreffende schooljaar besteed. De signaleringswaarde is een instrument van het ministerie om besturen te wijzen op de ongebruikte gelden en hen te dwingen deze in te zetten voor het onderwijs. Op de lange termijn zouden alle besturen binnen de marges van deze signaleringswaarde moeten opereren. De formule is Íngewikkeld, maar geeft een relatie aan tussen het gebouwencomplex + de totale baten en het eigen publieke vermogen. De signaleringswaarde voor de OSZG is nu € 1.713.520 bovenmatig, waarbij wij nadrukkelijk willen aantekenen dat de toename van dit jaar volledig voor rekening komt van de ontvangen NpO-gelden en de uitgestelde besteding hiervan. Vorig jaar was de signaleringswaarde gedaald tot iets boven de 1 miljoen. Met een normale bedrijfsvoeríng zou dit inmÍddels onder de 1 miljoen zijn uitgekomen,

Overige kengetallen Het aandeel personeelskosten is bijna 80% van de totale lasten. Hierbij moet worden vermeld dat nascholing en representatiekosten hierin niet zijn meegenomen. Het aandeel huÍsvestíng (incl. afschrijving) is nu 5.7Yo van de totale lasten.

BV 24

EXPLOITATIE

Realisatie 2021

€

Begroot 2021

Realisatie 2020

€

€

47.329.873

36,929.400

37.758.702

306.803

272.600

394,879

0

0

0

Baten 3.1

Rijksbijdragen

3.2

Overige overheidsbijd ragen

3.4

Baten werk i.o.v. derden

3.5

Overige baten

2.179.254

2.985.600

1.529,235

Totaal baten

43.815.930

40.187.600

39.082.816

Lasten

4.1

Personeelslasten

33,615.441

35.335.700

32.384,39s

4.2

Afschrijvingen

1,268.115

1,376.800

1.173.827

4.3

Huisvestingslasten

1..953.722

1.828.900

1.843.874

4.4

Overige lasten

s,334.319

,s.2q0.600

4.633.411

Totaal lasten

42.073.472

40.822.OO0

40.035.507

Saldo baten en lasten

1.644.933

-634.400

-952.691

20.e3q

20.000

33.461

IJSTI%

-614J9Íl

r$g23q

5

Financiële baten en lasten

Resultaat

Volgens de begroting zou de exploitatierekening een resultaat hebben van € -614.400. In werkel'rjk-

heid is er een positÍef resultaat van € 1,763.797. Een verschil van € 2.38 miljoen. ln ogenschouw nemend dat we van het resultaat € 2.13 miljoen opnemen in een bestemmingsreserve voor het NpO

{m 2A25, dan is het duidelijk dat het resultaat van 2O27 netto redelijk gel'tjk is aan de begroting. 4.2 Analyse exploitatie De rijksbijdragen waren ruim € 4.4 miljoen hoger dan begroot. Het gehele verschil komt bijna

voor rekening van de NPO-gelden en ondersteuningsprogramma's via OCW. Ongeveer € 200.000 komt van extra middelen van de samenwerkingsverbanden. De prestatiebox is in 2021voor 213' deel onderdeelgeworden van lumpsum. De middelen

zijn ingezet om de ambities uít het sectorakkoord te realiseren; er is ingezet op investeringen in de ICT-infrastructuur om meer gebruík te maken van ICT in het onderwÍjs; extra onderwijsaanbod ter verbreding en verdieping; versterken van mentoraten; begeleiding en coaching

nieuwe en jonge medewerkers; professionalisering; intervisies. De overige overheidsbijdragen waren € 34.000 hoger dan begroot en betreffen individueel

aangevraagde su bsid íes. De overige baten z'ljn € 800.00 lager dan begroot. Dit heeft te maken met de niet uitgevoerde

activiteíten, zoals buitenlandse reizen, excursies, die normaal gesproken onder opbrengst ouderbijdrage zouden vallen. De kosten van het personeel waren € 1.180.000 hoger dan begroot. De resultaten per school

vallen nogal verschillend uit. Dit komt o.m. door dotatÍe van personele voorzieningen en de hoge vervangingskosten i.v.m. Corona. Daarnaast hebben de inhaalprogramma's en andere

BV 25

ondersteuning voor het NPO een enorme aanslag op de middelen gedaan. lndividuele verklaringen staan bij de toelichting van de school weergegeven. De afschrijvingen zijn € 108.000 lager dan begroot. De investeringen bij sommige scholen zijn

mede door Corona uitgesteld naar 2O22, Daarnaast worden nieuwe investeringen pas geac-

tiveerd bij ingebruikname, waardoor de afschrijving later aanvangt. De huisvestingslasten zijn € 125.000 hoger dan begroot. Deze verhoging komt voor rekening

van extra huur voor inhaalprogramma's, energiekosten en hygiëne. De overige lasten zijn € 54.000 hoger dan begroot, voornamelijk door leermiddelen en extra inventariskosten wegens digitalisering/audiovisueel en kosten om het NPO te bewerkstelli-

gen. De financiële (rente)baten waren conform de begroting.

De recapitulatie van de saldi (rekening-l-begroting) (x € 1.000) ziet er als volgt uit!

a. Rijksbijdragen b. Overige overheidsbijdragen

€

4.400 34

c. Opbrengst werk voor derden

0

d. Overige baten e. Personele lasten

-L.L82

. Afschrijvingen g. HuisvestÍngslasten

-L24

h. Overige lasten

-54

i. Financiële baten en lasten

-l

-806

f

Totool verschil

147

€

2.374

BV 26

4.3 Balans per 31 december 2A2t en 2O2O 202L

2020 €

€ Vaste activa L.2

Materiële vaste activa

I0.040.762

1.3

Financiële vaste activa

600.000

9.388.868 900.000

Vlottende activa

L.4 Voorraden 1.5 Vorderingen

I.7 Liquide middelen

0

0

1.518.116

2.253.53I

13.707.660 L2.350.784

e5á65"939 2490:1182

2.L Eigen vermogen 2.2 Voorzieningen 2.3 Langlopende schulden 2.4 Kortlopendeschulden

17.57L.472

15.807.57s

t.474.379

7.439.302

6.820.148

7.656.206

25J55,e39 241103J82 4.4 Analysebalansposten

r

Materiêle vaste activa: deze activa zijn iets toegenomen, doordat de investeringen bij bijna alle scholen hoger zijn dan de desinvesteringen. Vooral de investeringen aan het gebouw bij het Vossius Gymnasium en Stedelijk Gymnasium Den Bosch dragen hieraan bij.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/12196482/1