CConstaterende datHaarlem
Koppel je AI →
Document · PDF

20221095768 3. Bijlage 2 Ontwerpbestemmingsplan Molenwijk

commissie Ontwikkeling 29 september 2022, gemeente HaarlemBij agendapunt: Ter inzage leggen ontwerpbestemmingsplan Molenwijk (FR)21.549 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 3 van 3

7.1.2 Planschade Bestaande bouw- en gebruiksregels worden t.o.v. de vigerende regelingen gerespecteerd. Er is geen sprake van rechtens toegestane functies en/ of bouwmogeljkheden, Het aspect planschade staat de uitvoerbaarheid van het bestemmingsplan niet in de weg.

7.2

M aatschappelijke uitvoerbaarheid

7.2.1 Wettelijk vooroverleg Op grond van artikel 3.1.1 van het Besluit ruimtelijke ordening is het concept ontwerpbestemmingsplan op 23 april 2021 toegezonden aan de volgende instanties, met het verzoek om binnen 4 weken een reactie te geven op het concept Hoogheemraadschap Rijnland Omgevingsdienst IJmond VRK (Brandweer) Gasunie West Wijkraad Molenwijk De volgende instanties maakten schriftelijk hun opmerkingen kenbaar: Hoogheemraadschap van Rijnland 'Ten zuiden van Molenwijk (tussen de bebouwing en de Molenplas) is een afvalwatertransportleiding aanwezig. Zie onderstaand de locatie op kaart. Ons verzoek is om deze leiding als dubbelbestemming (met 2,5 m bereik aan 65

bestemmingsplan "Molenwijk" (ontwerp)

iedere zijde) op te nemen op de plankaart. Verder wijs ik u er op dat voor de water gerelateerde aspecten de Keur (Waterwet) van Rijnland 2020 alsmede bijbehorende uitvoeringsregels van toepassing zijn. Bijvoorbeeld voor toename aan verhard oppervlak, graven of dempen van oppervlaktewater, werken in of nabij de kern- en beschermingszones van waterkeringen of oppervlaktewater of in kwelgevoelig gebied dient een vergunning/melding op grond van de Waterwet te worden aangevraagd bij ons hoogheemraadschap via het Omgevingsloket Online (OLO). De Keur en uitvoeringsregels kunt u vinden op onze website www.rijnland.net'. Reactie gemeente: De betreffende afvalwatertransportleiding is overeenkomstig het verzoek van het waterschap opgenomen in de regels (artikel 14) en op de verbeelding. Wijkraad Molenwijk De wijkraad heeft per email enkele vragen/opmerkingen toegezonden, die op 18 juni 2021 schriftelijk zijn beantwoord. Ten aanzien van deze beantwoording heeft op 9 juli 2021 aanvullend een overleg plaatsgevonden tussen (leden van de) wijkraad en de gemeente. De opmerkingen van de wijkraad hebben geleid tot enkele tekstuele aanpassingen in de toelichting. 7.2.2 Zienswijzen Gedurende een periode van 6 weken is eenieder in de gelegenheid gesteld om te reageren op het ontwerp van het bestemmingsplan.

Het eindverslag van de zienswijzeprocedure is onderdeel van het raadsbesluit tot vaststelling van dit bestemmingsplan. PM

66

bestemmingsplan "Molenwijk" (ontwerp)

7.3

Handhaving Met dit bestemmingsplan beoogt de gemeenteraad een voor de burgers duidelijk en herkenbaar ruimtelijk beleid te formuleren. Op grond daarvan mag dan ook verwacht worden dat het college van burgemeester en wethouders handhavend optreedt als iemand de regels van het bestemmingsplan niet naleeft. Immers, de ruimtelijke kwaliteit van het gebied loopt gevaar als men in strijd met het bestemmingsplan een bouwwerk bouwt of als men in strijd met het bestemmingsplan gronden of bouwwerken gebruikt. Het achterwege laten van handhaving kan ertoe leiden dat zich ongewenste ruimtelijke ontwikkelingen voordoen, die negatieve gevolgen hebben voor de ruimtelijke kwaliteit en de veiligheid. Daarom wordt hier het beleid inzake de handhaving uiteengezet en aangegeven hoe de handhaving van de bestemmingsplanregels wordt opgepakt. Volgens vaste jurisprudentie bestaat er een beginselplicht om handhavend op te treden. Dit houdt in dat, gelet op het algemeen belang dat gediend is met de handhaving, in geval van overtreding van een wettelijk voorschrift of regel het bestuursorgaan dat bevoegd is om met bestuursdwang of een last onder dwangsom op te treden, in de regel van deze bevoegdheid gebruik moet maken. Slechts onder bijzondere omstandigheden mag van het bestuursorgaan worden gevergd dit niet te doen. Dit kan zich voordoen als er concreet zicht op legalisatie bestaat.

Voorts kan handhavend optreden zodanig onevenredig zijn in verhouding tot de daarmee te dienen belangen dat van optreden in die concrete situatie behoort te worden afgezien. De gemeente Haarlem voldoet aan deze beginselplicht door daadkrachtig en consequent op te treden. Eens in de vier jaar stelt de gemeente Haarlem een integraal handhavingsbeleid vast waarin de projecten staan aangegeven die worden opgepakt. De opzet is dat de afdeling Handhaving Bebouwde Omgeving niet alle illegale situaties tegelijk aanpakt, maar wel een werkbaar aantal zaken, hetgeen een uitstralend effect zal hebben. Nieuw vastgestelde bestemmingsplannen lenen zich bij uitstek voor deze projectmatige aanpak. Uiteraard wordt bij calamiteiten altijd opgetreden. Handhaving van de regels van bestemmingsplannen vindt in de gemeente Haarlem plaats langs bestuursrechtelijke weg. Rechtszekerheid en gelijke behandeling van burgers staan hierbij voorop. Daarbij is ook communicatie belangrijk. Hier kan bovendien een preventieve werking van uitgaan. De gemeente brengt met name de relatie met de na te streven beleidsdoelstellingen onder de aandacht, zodat voor iedere inwoner, eigenaar en ondernemer duidelijk mag zijn hoe en wanneer het college handhaaft.

Ook voor dit plangebied zal de handhaving van de kaders van het bestemmingsplan tevens plaatsvinden na het verstrekken van omgevingsvergunningen voor de activiteiten 'bouwen', 'het uitvoeren van een werk' en 'het gebruiken van gronden en bouwwerken'. Want niet alleen handelingen zonder vergunning zijn onderwerp van handhaving, maar ook handelingen in afwijking van een omgevingsvergunning vormen een overtreding. Het gemeentelijk toezicht tijdens de vergunningplichtige activiteiten is gewaarborgd doordat inspecteurs in Haarlem volgens het Landelijk Toezichtprotocol werken. Deze inspecteurs classificeren projecten volgens het

67

bestemmingsplan "Molenwijk" (ontwerp)

protocol, waarmee zij de noodzakelijke frequentie en het niveau van de controles tijdens de bouw bepalen. De rapportage van deze controles slaan zij digitaal op. Aldus draagt het college zorg voor de handhaving van de bestemmingsplanregels.

68

bestemmingsplan "Molenwijk" (ontwerp)

BIJLAGEN BIJ DE TOELICHTING

69

bestemmingsplan "Molenwijk" (ontwerp)

70

bestemmingsplan "Molenwijk" (ontwerp)

Bijlage 1 Milieuzonering

71

bestemmingsplan "Molenwijk" (ontwerp)

72

bestemmingsplan "Molenwijk" (ontwerp)

Bijlage 2 Bodem

73

bestemmingsplan "Molenwijk" (ontwerp)

74

bestemmingsplan "Molenwijk" (ontwerp)

Bijlage 3 Verwerking artikel 3.1.1 Bro overleg

75

bestemmingsplan "Molenwijk" (ontwerp)

76

bestemmingsplan "Molenwijk" (ontwerp)

Regels

77

bestemmingsplan "Molenwijk" (ontwerp)

78

bestemmingsplan "Molenwijk" (ontwerp)

Hoofdstuk 1 Artikel 1

Inleidende regels

Begrippen

1.1

aan-huis-verbonden-beroep: het uitoefenen van een beroep of het beroepsmatig verlenen van diensten op administratief, juridisch, medisch, therapeutisch, educatief, kunstzinnig of technisch vlak of daarmee gelijk te stellen activiteiten niet zijnde detailhandel, dat een uitwerking of uitstraling heeft die met de woonfunctie in overeenstemming is.

1.2

aanbouw en uitbouw: een aangebouwd gebouw behorende bij een op hetzelfde bouwperceel gelegen hoofdgebouw.

1.3

aanduiding: een geometrisch bepaald vlak of figuur, waarmee gronden zijn aangeduid, waar ingevolge de regels regels worden gesteld ten aanzien van het gebruik en/of het bebouwen van deze gronden.

1.4

aanduidingsgrens: de grens van een aanduiding indien het een vlak betreft.

1.5

aanlegvergunning: omgevingsvergunning voor het uitvoeren van een werk, geen bouwwerk zijnde, of van werkzaamheden zoals bedoeld in artikel 2.1, eerste lid, onder b van de Wet algemene bepalingen omgevingsrecht.

1.6

achtergevelrooilijn: bebouwingsgrens aan de van de weg afgekeerde zijde van het bebouwingsvlak.

1.7

antenne-installatie: installatie bestaande uit een antenne, een antennedrager, de bedrading en de al dan niet in een of meer techniekkasten opgenomen apparatuur, met de daarbij behorende bevestigingsconstructie.

1.8

archeologisch deskundige: professioneel archeoloog die op basis van de Kwaliteitsnorm Nederlandse Archeologie bevoegd is om archeologische onderzoek uit te voeren en programma's van eisen op te stellen en te toetsen.

1.9

archeologisch onderzoek: diverse vormen van onderzoek naar de archeologische waarde binnen een plangebied, uitgevoerd volgens de Kwaliteitsnorm Nederlandse Archeologie.

79

bestemmingsplan "Molenwijk" (ontwerp)

1.10

archeologisch rapport: in rapportvorm vervat verslag van een volgens de in de archeologische beroepsgroep gebruikelijke normen verricht archeologisch onderzoek, op basis waarvan een conclusie kan worden getrokken over de aanwezigheid van archeologische waarden.

1.11

archeologisch waardevol gebied: gronden waar archeologische waarden aanwezig of te verwachten zijn.

1.12

archeologische waarde: vindplaats of vondst met een oudheidkundige waarde. Het betreft hier met name archeologische relicten in hun oorspronkelijke ruimtelijke context.

1.13

bebouwing: één of meer gebouwen en/of bouwwerken geen gebouwen zijnde.

1.14

bebouwingspercentage: een op de verbeelding aangegeven percentage dat de grootte van het deel van het bouwvlak aangeeft dat maximaal mag worden bebouwd.

1.15

bed & breakfast: het tegen betaling verstrekken van logies met ontbijt binnen de (bedrijfs)woning met behoud van de woonfunctie, waarbij het aanbod zich beperkt tot maximaal 2 kamers en 4 slaapplaatsen.

1.16

bedrijf: een onderneming gericht op het produceren, bewerken, herstellen, installeren of inzamelen van goederen, alsmede verhuur, opslag en distributie van goederen.

1.17

bedrijfswoning: een woning in of bij een gebouw of op een terrein, kennelijk slechts bedoeld voor één huishouden, wiens huisvesting daar gelet op de bestemming van het gebouw of het terrein noodzakelijk is.

1.18

begane grond: een bouwlaag waarvan het vloerniveau (nagenoeg) ter hoogte van het aansluitende peil ligt.

1.19

begeleid wonen: vormen van wonen waarbij de begeleiding door externen plaatsvindt, zodat zelfstandig wonen mogelijk wordt of blijft, met dien verstande dat de externen niet voortdurend of nagenoeg voortdurend aanwezig zijn en in de woning geen afzonderlijke ruimte voor de begeleiding aanwezig is.

80

bestemmingsplan "Molenwijk" (ontwerp)

1.20

beperkt kwetsbaar object: een object waarvoor ingevolge het Besluit externe veiligheid inrichtingen, een richtwaarde voor het risico dan wel een risicoafstand is bepaald, die in acht genomen moet worden.

1.21

bestaande (situatie): onder “bestaande” goot- of bouwhoogte, kap- en dakvorm, gevelindeling, maatvoering en oppervlakte wordt verstaan de goot-/bouwhoogte, kap- en dakvorm, nokrichting, gevelindeling, maatvoering en oppervlakte zoals die op het tijdstip van terinzagelegging van het ontwerpbestemmingsplan rechtens bestaat of rechtens mag bestaan.

1.22

bestemmingsgrens: de grens van een bestemmingsvlak.

1.23

bestemmingsplan: de geometrisch bepaalde planobjecten met de bijbehorende regels en de daarbij behorende bijlagen.

1.24

bestemmingsvlak: een geometrisch bepaald vlak met eenzelfde bestemming.

1.25

bijbehorend bouwwerk: uitbreiding van een hoofdgebouw dan wel functioneel met een zich op hetzelfde perceel bevindend hoofdgebouw verbonden, daar al dan niet tegen aangebouwd en met de aarde verbonden bouwwerk met een dak.

1.26

bijgebouw: een gebouw dat, zowel in bouwkundige als in functionele zin ondergeschikt is aan en ten dienste staat van een hoofdgebouw.

1.27

bouwen: het plaatsen, het geheel of gedeeltelijk oprichten, vernieuwen of veranderen en het vergroten van een bouwwerk.

1.28

bouwgrens: de grens van een bouwvlak.

1.29

bouwlaag: een doorlopend gedeelte van een gebouw dat door op gelijke of bij benadering gelijke hoogte liggende vloeren of balklagen is begrensd.

1.30

bouwperceel: een aaneengesloten stuk grond, waarop ingevolge de regels een zelfstandige, bij elkaar behorende bebouwing is toegelaten.

81

bestemmingsplan "Molenwijk" (ontwerp)

1.31

bouwperceelgrens: de grens van een bouwperceel.

1.32

bouwvlak: een geometrisch bepaald vlak, waarmee gronden zijn aangeduid, waar ingevolge de regels bepaalde gebouwen en bouwwerken geen gebouwen zijn toegelaten.

1.33

bouwwerk: een bouwkundige constructie van enige omvang die direct en duurzaam met de aarde is verbonden.

1.34

bruto vloeroppervlak (bvo): de totale vloeroppervlakte van alle tot het gebouw behorende binnenruimten, met inbegrip van de bouwconstructie, bergingen,trappenhuizen, interne verkeersruimten, magazijnen, dienstruimten et cetera, met uitzondering van balkons, galerijen, parkeer- en stallingsvoorzieningen.

1.35

cultuurhistorische waarde: de aan een bouwwerk of een gebied toegekende waarde, gekenmerkt door het beeld dat is ontstaan door het gebruik dat de mens in de loop van de geschiedenis heeft gemaakt van dat bouwwerk of dat gebied.

1.36

dakhelling: de hoek die een dakvlak maakt met het horizontale vlak.

1.37

dakkapel: een zich in een dakvlak bevindende uitbouw.

1.38

dakopbouw: een extra bouwlaag boven de goot met een platte afdekking.

1.39

dakterras: een met een omheining afgezette buitenruimte op een gebouw.

1.40

detailhandel: het bedrijfsmatig te koop aanbieden, waaronder begrepen de uitstalling ten verkoop, het verkopen en/of leveren van goederen aan personen die goederen kopen voor gebruik, verbruik of aanwending anders dan in de uitoefening van een beroeps- of bedrijfsactiviteit, met uitzondering van horeca.

1.41

dienstverlening: het bedrijfsmatig verlenen van diensten, waarbij afnemers rechtstreeks (al dan niet via een balie) te woord worden gestaan en geholpen.

82

bestemmingsplan "Molenwijk" (ontwerp)

1.42

gastouderopvang gastouderopvang als bedoeld in artikel 1.1 van de Wet kinderopvang en kwaliteitseisen peuterspeelzalen, die een uitwerking of uitstraling heeft die met de woonfunctie in overeenstemming is.

1.43

gebouw: elk bouwwerk, dat een voor mensen toegankelijke, overdekte, geheel of gedeeltelijk met wanden omsloten ruimte vormt.

1.44

hoofdgebouw: een of meer panden, of een gedeelte daarvan, dat noodzakelijk is voor de verwezenlijking van de geldende of toekomstige bestemming van een perceel en, indien meer panden of bouwwerken op het perceel aanwezig zijn, gelet op die bestemming het belangrijkst is.

1.45

horeca 1: horecabedrijven die hoofdzakelijk overdag eenvoudige etenswaren verstrekken en als nevenactiviteit licht- en niet-alcoholische dranken verstrekken, zoals lunchrooms, ijssalons, koffie/theehuizen, broodjeszaken en daarmee gelijk te stellen horecabedrijven.

1.46

horeca 2: horecabedrijven die hoofdzakelijk maaltijden verstrekken en als nevenactiviteit alcoholische en niet-alcoholische dranken verstrekken waarbij de nadruk ligt op het verstrekken van maaltijden, zoals restaurants en eethuisjes, snackbars en daarmee gelijk te stellen horecabedrijven.

1.47

horeca 3: horecabedrijven die hoofdzakelijk dranken en eten verstrekken waarbij de nadruk ligt op het verstrekken van dranken, zoals (eet)cafés en bars en daarmee gelijk te stellen horecabedrijven.

1.48

horeca 4: horecabedrijven die hoofdzakelijk logies per nacht verstrekken met als nevenactiviteit het verstrekken van maaltijden en dranken en het houden van bijeenkomsten/vergaderingen/congressen.

1.49

horeca 5: horecabedrijven die hoofdzakelijk dranken verstrekken en gericht zijn op dansen en beluisteren van muziek, zoals dancings en discotheken en daarmee gelijk te stellen horecabedrijven.

1.50

horecaschip: een zich op het water bevindend object dat (nagenoeg) geheel dient als horecabedrijf.

83

bestemmingsplan "Molenwijk" (ontwerp)

1.51

kamerverhuurbedrijf: het exploiteren van onroerende zaken door bedrijfsmatige verhuur van in hoofdzaak afzonderlijke kamers ten behoeve van bewoning.

1.52

kampeermiddel: a. een tent, een tentwagen, een kampeerauto, camper of een caravan; b. enig ander onderkomen of enig ander voertuig of gewezen voertuig of gedeelte daarvan voor zover geen bouwwerk zijnde, een en ander voor zover deze geheel of ten dele blijvend zijn bestemd of opgericht dan wel worden of kunnen voor recreatief nachtverblijf.

1.53

kantoor: een gebouw voor het verlenen van diensten en het uitvoeren van handelingen, waarbij de nadruk ligt op de administratieve afwikkeling van die handelingen.

1.54

kap een uitwendige scheidingsconstructie onder een hoek met het horizontale vlak.

1.55

kiosk: klein gebouw in de openbare ruimte waar goederen of diensten te koop worden aangeboden of verstrekt.

1.56

kunstwerk: civieltechnisch werk voor de infrastructuur van wegen, water, spoorbanen,waterkeringen en/of leidingen niet bedoeld voor permanent menselijk verblijf.

1.57

kwetsbaar object: een object waarvoor ingevolge het Besluit externe veiligheid inrichtingen, waarvoor een grenswaarde voor het risico dan wel een risicoafstand tot een risicovolle inrichting is bepaald, die in acht genomen moet worden.

1.58

lessenaarsdak: een dakvorm die bestaat uit slechts één dakvlak of dakschild die onder een zekere helling is aangebracht.

1.59

molenbiotoop: de vrije ruimte rondom een molen in verband met de windvang.

1.60

natuurwaarden: de aan een landschap toegekende waarden in verband met de in dat gebied voorkomende geologische, bodemkundige, biologische en ecologische elementen.

84

bestemmingsplan "Molenwijk" (ontwerp)

1.61

oeverlijn de scheidingslijn tussen water en land.

1.62

onderdoorgang/overbouwing: een op de verbeelding aangegeven gebied waar binnen het bouwvlak een doorgang mogelijk is, waarboven bebouwing mag worden opgericht.

1.63

peil: a. voor een bouwwerk, waarvan de hoofdtoegang direct aan de weg grenst: de hoogte van de kruin van de weg ter plaatse van die hoofdtoegang; b. voor een bouwwerk, waarvan de hoofdtoegang niet direct aan de weg grenst: de hoogte van het terrein ten tijde van de terinzagelegging van het ontwerpbestemmingsplan; c. indien in of op het water wordt gebouwd: het plaatselijk gemiddelde waterpeil.

1.64

perifere detailhandel: detailhandel die moeilijk inpasbaar is in bestaande winkelgebieden vanwege de volumineuze aard en de bevoorrading ( zoals auto's, boten, caravans, tuincentra artikelen, bouwmarkt, grove bouwmaterialen, keukens en sanitair en woninginrichting).

1.65

plan: het bestemmingsplan Molenwijk met identificatienummer NL.IMRO.0392.BP9120010-on01 van de gemeente Haarlem.

1.66

plat dak: een afdekking onder een hoek van maximaal 5 graden ten opzichte van het horizontale vlak.

1.67

prostitutie: het zich beschikbaar stellen tot het verrichten van seksuele handelingen met een ander tegen vergoeding.

1.68

seksinrichting: de voor het publiek toegankelijke, besloten ruimte waarin bedrijfsmatig, of in een omvang alsof zij bedrijfsmatig was, seksuele handelingen worden verricht, of vertoningen van erotische-pornografische aard plaatsvinden. Onder een seksinrichting worden in elk geval verstaan: een (raam) prostitutiebedrijf, seksbioscoop, seksautomatenhal, sekstheater, een parenclub of een besloten huis, waaronder tevens begrepen een erotische massagesalon, al dan niet in combinatie met elkaar.

1.69

seriebouw: twee of meer gebouwen naast elkaar die in dezelfde architectuur zijn uitgevoerd.

85

bestemmingsplan "Molenwijk" (ontwerp)

1.70

sloopvergunning: omgevingsvergunning voor het slopen van een bouwwerk zoals bedoeld in artikel 2.1, eerste lid , onder g van de Wet algemene bepalingen omgevingsrecht.

1.71

standplaats: een plaats in de openbare ruimte waar met een voertuig, een kraam, een tafel of enig ander middel: a. bedrijfsmatig goederen of diensten te koop worden aangeboden of verstrekt; b. voorlichting wordt gegeven al dan niet met promotionele activiteiten.

1.72

trend: binnen een (deel van een) straat voorkomende nagenoeg indentieke dakopbouwen, kapvormen of dakkapellen (die juridisch, technisch en qua ruimtelijke kwaliteit gewenst bevonden zijn).

1.73

verbeelding: de analoge en digitale voorstelling van de in het bestemmingsplan opgenomen ruimtelijke informatie.

1.74

verkooppunt van motorbrandstoffen: een inrichting waar door middel van een of meer pompinstallaties motorbrandstoffen worden verkocht en geleverd.

1.75

verkoopvloeroppervlakte: het voor publiek toegankelijke deel van de winkelvloeroppervlakte, inclusief etalageruimte en de ruimte achter de toonbank dan wel kassaruimte.

1.76

voorgevelrooilijn: de bouwgrens aan de wegzijde van het bouwvlak.

1.77

voorzieningen van openbaar nut: voorzieningen ten behoeve van openbare verlichting, telecommunicatie, gas-, water- en elektriciteitsdistributie alsmede soortgelijke voorzieningen van openbaar nut, waaronder in ieder geval worden begrepen ondergrondse kabels en leidingen, transformatorhuisjes, pompstations, gemalen, telefooncellen en zendmasten.

1.78

waterberging: een aangewezen gebied waarbinnen incidenteel of permanent het teveel aan water wordt vastgehouden op het ene moment totdat er water nodig is op een later moment.

86

bestemmingsplan "Molenwijk" (ontwerp)

1.79

wet: de Wet ruimtelijke ordening.

1.80

windmolen: inrichting bestemd en geschikt voor het benutten van windkracht.

1.81

woning: een (gedeelte van een) gebouw dat dient voor de huisvesting van een huishouden.

1.82

woonschepenligplaats: de op de verbeelding aangegeven ruimte, waarop een woonschip ligplaats mag hebben.

1.83

woonschip: een vaartuig, uitsluitend of in hoofdzaak als woning gebruikt of tot woning bestemd.

1.84

woon-zorgsteunpunt: Een steunpunt van waaruit zorginstellingen zorg kunnen verlenen aan specifieke groepen.

1.85

zorgwoning: een gebouw of zelfstandig gedeelte van een gebouw dat bedoeld is voor de huisvesting van personen die niet zelfstandig kunnen wonen en die geestelijke en/of lichamelijke verzorging behoeven; verzorging kan voortdurend of nagenoeg voortdurend plaatsvinden en in het gebouw kan afzonderlijke ruimte ten behoeve van de verzorging aanwezig zijn.

87

bestemmingsplan "Molenwijk" (ontwerp)

88

bestemmingsplan "Molenwijk" (ontwerp)

Artikel 2

2.1

Wijze van meten

Bij de toepassing van de regels wordt als volgt gemeten: afstand tot de bouwperceelsgrens tussen de grens van het bouwperceel en een bepaald punt van het bouwwerk, waar die afstand het kortst is. bouwhoogte van een bouwwerk vanaf het peil tot aan het hoogste punt van een gebouw of van een overig bouwwerk met uitzondering van ondergeschikte onderdelen, zoals schoorstenen, antennes en naar de aard daarmee gelijk te stellen onderdelen. Siergevels zoals trapgevels, halsgevels, klokgevels en lijstgevels worden niet meegerekend bij het bepalen van de bouwhoogte. de dakhelling langs het dakvlak ten opzichte van het horizontale vlak. goothoogte van een bouwwerk vanaf het peil tot aan de bovenkant van de goot, dan wel de druiplijn, het boeiboord, of een daarmee gelijk te stellen constructiedeel. verticale diepte van een ondergronds bouwwerk vanaf het peil tot aan de bovenzijde van de laagstgelegen vloer. inhoud van een bouwwerk tussen de onderzijde van de begane grondvloer, de buitenzijde van de gevels (en/of het hart van de scheidsmuren) en de buitenzijde van daken en dakkapellen. oppervlakte van een bouwwerk tussen de buitenwerkse gevelvlakken en/of het hart van de scheidingsmuren, neerwaarts geprojecteerd op het gemiddelde niveau van het afgewerkte bouwterrein ter plaatse van het bouwwerk.

breedte dakvlak bij dakdoorbreking de meetlijn wordt gelegd op de helft van de hoogte van de dakdoorbreking.

2.2

Overschrijden bouwgrenzen Het is toegestaan de in dit plan aangegeven bouwgrenzen te overschrijden ten behoeve van: a. stoepen, stoeptreden, funderingen, plinten, pilasters, kozijnen, standleidingen voor hemelwater, gevelversieringen, wanden van ventilatiekanalen, schoorstenen en dergelijke ondergeschikte onderdelen van gebouwen, mits de overschrijding niet meer bedraagt dan 0,5 m; b. gevel- en kroonlijsten, overstekende daken en dergelijke onderdelen van gebouwen, mits de overschrijding niet meer bedraagt dan 10 % van de breedte van de aangrenzende straat en met een maximum van 1 m. Deze werken mogen niet lager gelegen zijn dan 4,2 m boven de rijweg met 89

bestemmingsplan "Molenwijk" (ontwerp)

inbegrip van een strook van 0,6 m breedte ter weerzijde van de rijweg, dan wel 2, 2 m boven een fiets- en/of voetpad; c. hijsinrichtingen, mits de overschrijding niet meer bedraagt dan 1 m en deze werken niet lager zijn gelegen dan 5 m boven peil.

90

bestemmingsplan "Molenwijk" (ontwerp)

Hoofdstuk 2 Artikel 3 3.1

Bestemmingsregels

Bedrijf

Bestemmingsomschrijving De voor 'Bedrijf' aangewezen gronden zijn bestemd voor: a. nutsvoorzieningen, ter plaatse van de aanduiding nutsbedrijf; b. bij de bestemming behorende 'bouwwerken geen gebouw zijnde', groenvoorzieningen, wegen en paden, tuinen, erven en terreinen, (ondergrondse) parkeervoorzieningen, warmte-koudeopslag, warmte-koudetransport.

3.2

Bouwregels Binnen de bestemming 'Bedrijf' gelden de bouwregels zoals aangegeven in artikel 19.

91

bestemmingsplan "Molenwijk" (ontwerp)

92

bestemmingsplan "Molenwijk" (ontwerp)

Artikel 4 4.1

Gemengd - 1

Bestemmingsomschrijving De voor 'Gemengd - 1 aangewezen gronden zijn bestemd voor:

4.1.1 Begane grond a. wonen zoals bedoeld in artikel 12.1 onder a, uitsluitend ter plaatse van de specifieke functieaanduiding 'wonen'; b. bedrijven of bedrijfsactiviteiten van categorie B, zoals genoemd in de bij deze regels behorende zoneringslijst; c. publieksgerichte en niet-publieksgerichte dienstverlening; d. maatschappelijke voorzieningen zoals genoemd in artikel 7; e. detailhandel met daaraan ondergeschikte en daarmee verbonden horeca van categorie 1, tot niet meer dan 30 % van het brutovloeroppervlak; f. een kinderdagverblijf met bijbehorende voorzieningen, uitsluitend ter plaatse van de aanduiding 'kinderdagverblijf'; g. bijbehorende voorzieningen, zoals voorzieningen ten behoeve van de functies op de overige verdiepingen, verkeers- , parkeer- en groenvoorzieningen, kunstwerken, nutsvoorzieningen, water, tuinen, erven en terreinen. 4.1.2 Overige verdiepingen a. wonen, zoals bedoeld in artikel 12.1 onder a; b. bijbehorende voorzieningen, zoals voorzieningen ten behoeve van de functies op de begane grond. 4.2

Bouwregels Binnen de bestemming 'Gemengd - 1' gelden de bouwregels zoals aangegeven in artikel 19;

4.3

Specifieke gebruiksregels Naast de algemene gebruiksregels genoemd in artikel 20 gelden met betrekking tot het gebruik de volgende regels: a. een woning dient voor de huisvesting van maximaal één huishouden; b. het gebruik van een woning voor aan-huis-verbonden beroep, gastouderopvang en/of bed & breakfast mag in totaal niet meer bedragen dan 35 procent van het bruto vloeroppervlak met een maximum van 50 m²; Strijdig gebruik c. Tot een strijdig gebruik van gronden en bouwwerken als bedoeld in artikel 2.1 lid 1 onder c Wet algemene bepalingen omgevingsrecht wordt in elk geval gerekend het gebruiken of laten gebruiken van bijgebouwen als zelfstandige woning.

93

bestemmingsplan "Molenwijk" (ontwerp)

94

bestemmingsplan "Molenwijk" (ontwerp)

Artikel 5 5.1

Groen

Bestemmingsomschrijving De voor 'Groen' aangewezen gronden zijn bestemd voor: a. openbare groenvoorzieningen; b. voet- en fietspaden; c. ter plaatse van de aanduiding 'recreatieve voorziening' een recreatieve gebouwde voorziening; d. bij de bestemming behorende waterlopen en waterpartijen, kunstwerken, kunstobjecten, waterberging, bergbezinkbassins, (ondergrondse) afval- en recyclecontainers en speelterreinen.

5.2

Bouwregels Binnen de bestemming 'Groen' mogen bouwwerken geen gebouwen zijnde worden opgericht onder de volgende voorwaarden: a. de bouwhoogte van 'bouwwerken geen gebouw zijnde' mag niet dan 3 m bedragen, met uitzondering van gronden die op de verbeelding zijn voorzien van de nadere aanduiding 'recreatieve voorziening', waar de bouwhoogte maximaal 4 m bedragen en de oppervlakte maximaal 15,0 m2; b. de diepte van een (ondergronds) bouwwerk mag niet meer dan 7,0 m bedragen.

5.3

Specifieke gebruiksregels Naast de algemene gebruiksregels genoemd in artikel 20 gelden met betrekking tot het gebruik de volgende regels: a. tot een strijdig gebruik van gronden en bouwwerken als bedoeld in artikel 2.1, eerste lid, onder c van de Wet algemene bepalingen omgevingsrecht wordt in elk geval gerekend het gebruiken of laten gebruiken voor het parkeren van motorvoertuigen.

95

bestemmingsplan "Molenwijk" (ontwerp)

96

bestemmingsplan "Molenwijk" (ontwerp)

Artikel 6 6.1

Horeca

Bestemmingsomschrijving De voor 'Horeca' aangewezen gronden zijn bestemd voor: a. horeca tot en met categorie 2; b. bij de bestemming behorende 'bouwwerken geen gebouw zijnde', groenvoorzieningen, wegen en paden, tuinen, erven en terreinen, waterlopen en waterpartijen, (ondergrondse) parkeervoorzieningen en terrassen.

6.2

Bouwregels Binnen de bestemming 'Horeca' gelden de bouwregels zoals aangegeven in artikel 19.

6.3

Specifieke gebruiksregels Naast de algemene gebruiksregels genoemd in artikel 20 gelden met betrekking tot het gebruik de volgende regels: 1. tot een strijdig gebruik van gronden en bouwwerken als bedoeld in artikel 2.1, eerste lid, onder c van de Wet algemene bepalingen omgevingsrecht wordt in elk geval gerekend het gebruiken of laten gebruiken voor: a. detailhandel.

97

bestemmingsplan "Molenwijk" (ontwerp)

98

bestemmingsplan "Molenwijk" (ontwerp)

Artikel 7 7.1

M aatschappelijk

Bestemmingsomschrijving De voor 'Maatschappelijk' aangewezen gronden zijn bestemd voor: a. educatieve, levensbeschouwelijke, medische en sociaal- medische en sociaal - culturele voorzieningen; b. aan de hoofdfunctie ondergeschikte en daarmee verbonden horeca-activiteiten tot en met categorie 2 ten dienste van deze voorzieningen tot niet meer dan 20% van het bruto vloeroppervlak tot een maximum van 100 m²; c. aan de hoofdfunctie ondergeschikte en daarmee verbonden detailhandel ten dienste van deze voorzieningen tot niet meer dan 20% van het bruto vloeroppervlak, tot een maximum van 100 m²; d. een kinderdagverblijf met bijbehorende voorzieningen, uitsluitend ter plaatse van de aanduiding 'kinderdagverblijf'; e. de bij de bestemming behorende verkeers- , parkeer- en groenvoorzieningen, kunstwerken, nutsvoorzieningen, water, tuinen, erven en terreinen.

7.2

Bouwregels Binnen de bestemming 'Maatschappelijk' gelden de bouwregels zoals aangegeven in artikel 19.

99

bestemmingsplan "Molenwijk" (ontwerp)

100

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/12265053/1