20220708000 Woonwerk balans gewogen rapport RKC Second opinion EVH - aangepast nav collegereactie (def).pdf
Tekst van het document
De raad is voorafgaand aan het proces geïnformeerd over de totstandkoming van de visie, de commissie Ontwikkeling is op sleutelmomenten betrokken bij de (concept)visie en de commissie heeft sturingsinformatie ontvangen door middel van de evaluaties en het onderzoeksrapport ‘werken aan een toekomstbestendige economie’. Ook mochten raadsleden bij participatiebijeenkomsten aanwezig zijn, zijn vragen van de raadsleden beantwoord en is de inspraakreactie gedeeld. Hoewel de raad op de juiste momenten is aangehaakt, betekent dit niet automatisch dat de raad in positie is gebracht. De informatie die de raad ontvangt moet toegankelijk, volledig en zinvol zijn om de raad in staat te stellen om richtinggevende beleidskeuzes mee te maken. Dit is ten dele het geval. Raad is goed meegenomen wat betreft invloed en belang van de visie De raad wordt goed meegenomen in het belang van het beleid. Het is duidelijk dat de impact van de Economische Visie Haarlem groot zal zijn, onder andere omdat veel andere beleidsstukken, zoals de omgevingsvisie, de detailhandelsvisie Haarlem, Convenant Waarderpolder en de Toeristische visie Haarlem, nauw verwant zijn met dit beleidsstuk. Het college onderstreept in de informatienota het belang van de economische visie door te benadrukken dat de economische visie een richtinggevende visie is met financiële consequenties.
Ook communiceert het college duidelijk over de belangrijkste ambities. Al in de informatienota is aangegeven dat de gemeente met deze visie kaders wil bieden voor een toekomstbestendige economie, het ondernemings- vestigings- en investeringsklimaat in de stad wil versterken en een werkgelegenheidsratio van 0,43 beoogt. Volgens het college is deze woonwerkratio noodzakelijk om de stedelijke dynamiek te behouden, om woon-werk pendel beheersbaar te houden en om een gezonde arbeidsmarkt dichtbij huis te creëren40. College verschaft gedeeltelijk inzicht in het speelveld Om richting te bepalen, is het van groot belang dat de raad goed zicht heeft op waar de gemeente op dat moment staat. Wat zijn de uitdagingen en waar blinkt Haarlem in uit? Wat zijn de risico’s en welke knelpunten blijken er uit het verleden? Deze informatie wordt ten dele verstrekt. Het onderzoeksrapport van de Stec-groep bevat een analyse van de economische structuur en werkgelegenheid in Haarlem, te verwachten economische en maatschappelijke trends en handvatten voor strategieën om de beoogde werkgelegenheidsratio te behalen. Zo geeft de Stec-groep aan dat om de woonwerkratio van 0,43 te
40
Plan van Aanpak Economische Visie Haarlem, p. 1
44 RKC rapportage Woon-werk balans gewogen
rekenkamercommissie
behouden zijn er minimaal 6.000 extra banen nodig zijn, waarvan 3.000-5.000 banen automatisch mee zullen groeien met het aantal inwoners. Het rapport laat tevens zien dat er een mismatch is tussen het type banen in Haarlem en de beroepsbevolking. Als kansrijke strategieën om de woonwerkratio van 0,43 te behouden, worden twee acquisitierichtingen aangedragen. De eerste is om in te zetten op sectoren die qua opleidingsniveau goed aansluiten op de werkzame beroepsbevolking in Haarlem: advisering en zakelijke dienstverlening en overige kennisintensieve bedrijvigheid. De tweede acquisitierichting is om in te zetten op bedrijven die bijdragen aan de transitie naar een circulaire economie en om een circulaire hub te ontwikkelen. Het rapport ‘werken aan een toekomstbestendige economie’ biedt daarmee en duidelijke analyse van de stand van zaken met een stevig handelingsperspectief en helpt de raad daarmee om de positie te pakken om beleidskeuzes te maken. Een evaluatie die inzicht geeft in voorgaande beleid kan tevens stevig bijdragen aan de positionering van de raad. De commissie Ontwikkeling ontvangt voorafgaand aan de behandeling van de conceptvisie op 5 maart een evaluatie van het voorgaande beleid. De evaluatie geeft inzicht in wat er bereikt is door per doel aan te merken of het doel is behaald.
Het ontbreekt echter aan overkoepelend inzicht: is met het behalen van het doel om ‘in te zetten op kwalitatief hoogwaardige evenementen’ of ‘het vragen van bedrijven en instellingen als ambassadeurs voor Haarlem voor nieuwe acquisitie’ bijgedragen aan de overkoepelende doelen? Ook ontbreekt het aan duiding bij waarom doelen wel of niet zijn behaald. Was het niet haalbaar, miste er specifieke inzet en/of was het doel niet wenselijk]? En bovenal, wat betekent dat voor risico’s en budgetten in de toekomst? Voor het bepalen van een nieuwe visie is het goed om successen en knelpunten te kennen, vooral omdat een aantal doelen uit de Economische Visie 2040 overeenkomen met de economische agenda uit 2016. Onduidelijk of ambitie van 0,43 banen per inwoner realistisch is De ambitie om minimaal 0,43 banen per inwoner te behouden, is vanaf het begin duidelijk gecommuniceerd. Ook is duidelijk dat deze ambitie een spanning met zich meebrengt met betrekking tot de beperkt beschikbare ruimte. Het aantrekken van bedrijven vraagt namelijk ruimte en er zijn in de commissie Ontwikkeling zorgen voer groeimogelijkheden van locaties die geschikt zijn voor bedrijven en kantoorvestigingen. Bovendien zijn er in Haarlem ontwikkellocaties waarin werklocaties getransformeerd zullen worden naar woonlocaties.
De commissieleden realiseren zich dat het mogelijk is dat de ambities op het gebied van wonen en ten aanzien van de ontwikkellocaties en de ambities op het gebied van werk, wellicht onverenigbaar zijn. Zo vraagt een commissielid voorafgaand aan de behandeling op 5 maart verduidelijking ten aanzien van de ruimteclaim van de economische visie. Hij vraagt hoe de vier actielijnen uit de economische visie afzonderlijk de ruimtevraag beïnvloeden en wat de verwachte ruimtevraag is voor de realisatie van de woonvisie en de groei van het aantal inwoners. Hier volgt een antwoord op vanuit de organisatie, maar inhoudelijk wordt deze niet geheel beantwoord: zo wordt aangegeven dat het niet mogelijk is om een inschatting te maken van de concrete ruimtevraag, omdat het afhankelijk is van het type werkgelegenheid. Ook in de behandelingen van de Economische Visie uiten commissieleden meerdere malen hun zorgen over de haalbaarheid van de ruimteclaim die de economische visie doet, zeker in samenhang met de woonvisie. De commissieleden merken daarbij op dat zij behoefte hebben aan concretisering. Een commissielid geeft aan ‘De ambities zijn mooi, maar als we deze ratio willen waarborgen, dan moeten rondom bouwprojecten, ovknoppunten meer de nadruk leggen op werkgelegenheid.
De vraag is: zijn we daartoe bereid en welke ambitie heeft dan prioriteit in het wonen en werken? Het beleidsstuk Economische Visie Haarlem geeft globaal richting; behoefte aan concretere uitwerking, desalniettemin stelt de raad het vast Een groot deel van doelstellingen en acties in de Economische Visie Haarlem en de Economische Agenda 2020-2024 zijn overwegend abstract. De strategieën en acties richten zich met name op zaken
45 RKC rapportage Woon-werk balans gewogen
rekenkamercommissie
zoals ‘faciliteren’ en ‘stimuleren’. Het ontbreekt aan concrete uitwerking: het is niet duidelijk hoe de gemeente de ambities wil bereiken. Tegelijkertijd is het wel duidelijk dat de concrete ambitie om een werkgelegenheidsratio van 0,43 te behouden een stevige ambitie is. Bovendien bevat deze ambitie een grote ruimteclaim. Gezien de beperkt beschikbare ruimte in Haarlem is het aannemelijk dat het realiseren van deze ambitie om stevige keuzes vraagt. Gedurende het proces van de totstandkoming van de visie merken commissieleden meerdere malen op dat het abstractieniveau van de visie en de agenda wat hen betreft te hoog is. Commissieleden geven te kennen dat ze behoefte hebben aan concretisering, met name rondom de ruimteclaim. Bij de eerste en tweede behandeling van de Economische Visie wordt het college een aantal keer opgeroepen om de visie op een aantal punten verder te concretiseren. Het CDA vraagt voorafgaand aan de behandeling op 4 juni op welke manier de reacties vanuit de commissie Ontwikkeling van 5 maart 2020 zijn verwerkt. Volgens de organisatie vormden veel van de opmerkingen die gemaakt zijn in de behandeling een bevestiging op de visie die er al ligt. Dat wat nog wel weinig aandacht krijgt in de economische visie, zal in de toeristische koers en in visieplannen voor detailhandel en horeca worden uitgewerkt.
Tijdens de behandeling op 4 juni geven de commissieleden aan dat de oproep om verder te concretiseren, onvoldoende is opgepakt door het college. Zo geeft een commissielid aan: ‘er zijn wel wat opmerkingen toegevoegd wat betreft corona en dat we eventueel rekening moeten houden met eer leegstand, maar ook de invulling daarvan: geen harde keuzes. [we] blijven zitten met het gevoel: wat is er met onze zienswijze gebeurd?’41. Desalniettemin besluit de commissie Ontwikkeling dat de Economische Visie Haarlem voor vaststelling naar de raad gestuurd kan worden. In de behandeling op 25 juni door de raad wordt opnieuw opgemerkt dat raadsleden concretisering missen. Het college geeft aan dat het beleid in de jaarplannen en andere beleidsstukken concreter uitgewerkt zal worden. De raad stelt de visie vast, met het voornemen om in de gaten te houden of deze concretisering in deze beleidsplannen terugkomt. Raad maakt geen harde beleidskeuzes Er bestaat een spanning tussen visievorming en het bepalen van concrete acties zoals vertaling naar andere beleidsinstrumenten. Een visie bestaat uit punten op de horizon waar de gemeente naar toe wil werken. Tegelijkertijd vraagt een visie ook om richtinggevende keuzes, vooral op het moment dat bekend is dat er rond ruimteclaim keuzes zijn te maken.
Concrete informatie hierover stelt de raad namelijk in staat om keuzes te maken over welke functie (wonen of werk) prioriteit heeft op bepaalde plekken, of er wellicht ruimte voor werk benut kan worden net buiten de gemeentegrenzen en in welke mate OV -en fietsbereikbaarheid aandacht vragen. In de behandelingen dragen commissie -en raadsleden deze onderwerpen wel aan, maar men gaat er niet over in discussie en maakt tevens – gevoed door het gebrek aan duidelijke informatie- geen keuzes over deze onderwerpen. Uiteraard is het nemen van kaderstellende beslissingen het resultaat van een samenspel tussen raad en college. Het college heeft (gedeeltelijk) zinvolle sturingsinformatie aangeleverd: is het kaderstellen dan niet aan de raad? Vanuit kennis en expertise kan een deel van de concretisering waarschijnlijk het beste worden overgelaten aan college en organisatie. Maar tegelijkertijd, wanneer info mist, wanneer geen keuzes gemaakt worden. De raad heeft er echter wel zelf voor gekozen om het beleid vast te stellen, en de concretisering daarmee uit te stellen. Raad vraagt aandacht voor specifieke onderwerpen, deze worden uitgewerkt in andere beleidsstukken Tevens is in de verschillende behandelingen aangegeven dat de raadsleden in de visie graag meer aandacht zien voor de binnenstad en winkelleegstand, de detailhandel en de horeca. De ambtelijke
41
Transcript behandeling 4 juni.
46 RKC rapportage Woon-werk balans gewogen
rekenkamercommissie
organisatie geeft aan dat de onderdelen detailhandel en horeca nader zullen worden uitgewerkt in het Actieplan Detailhandel en Horeca. De ontwikkelingen rondom toerisme zullen worden uitgewerkt in de toeristische Koers en de ambities voor Waarderpolder worden vastgelegd in een nieuw Convenant Waarderpolder42.
Raad zeer globaal op de hoogte van risico’s Het college geeft in maart 2020 aan dat het ruimtegebrek in de ontwikkelzones een mogelijk risico is voor een succesvolle uitvoering van de economische visie. Daarnaast geven ze aan dat beperkingen in capaciteit en middelen en de afhankelijkheid van externe partijen in dit domein risicofactoren vormen. Uit de behandelingen in de commissie Ontwikkeling blijkt dat de commissieleden het ruimtegebrek in de ontwikkelzones ook als risico zien. De commissieleden willen hier graag meer informatie over. Dit wordt niet verschaft. Raad zeer globaal op de hoogte gesteld van financiële consequenties, mede door corona Het college gaf in maart 2020 aan dat de visie en de economische agenda ambitieus zijn en vragen om investeringen vanuit overheid, bedrijven en andere stakeholders in de stad. De beschikbare capaciteit en middelen uit de programmabegroting 2020 worden ingezet om een groot deel van de agenda uit te voeren. Om het economisch potentieel optimaal te faciliteren vanuit de overheid zijn volgens het college aanvullende middelen en capaciteit nodig. De zaken die extra middelen en capaciteit behoeven, staan apart opgenomen bij de acties 2020-2024. In juni 2020 blijkt dat er als gevolg van de coronacrisis in 2020 en 2021 geen financiële ruimte is voor de aanvullende capaciteit en middelen.
Bij behandeling van 4 juni hebben commissieleden aandacht voor de consequenties van deze beperkingen in capaciteit en middelen op de acties die wel of niet kunnen worden uitgevoerd. Het college geeft aan dat er in de doorvertaling van de Economische agenda 2020-2024 naar het economisch jaarplan 2021 prioriteiten zullen worden gesteld die passen binnen de bestaande capaciteit en middelen. Er is echter niet aangegeven welke prioritering dit zou zijn, en welke zaken de meeste prioriteit hebben43. De wethouder geeft in de behandeling op 4 juni aan dat de gemeente eerst zal moeten inventariseren wat de financiële gevolgen zijn van de coronacrisis, alvorens te besluiten waar het budget wel of niet aan zal worden besteed.44 Corona De Economische Visie Haarlem is grotendeels tot stand gekomen in de periode voor de coronacrisis. Half maart 2020 deed de coronacrisis zijn intrede in Nederland. Hoewel de coronacrisis veel onzekerheid met zich meebrengt, is het zeker dat de pandemie gevolgen zal hebben op de economie. Het college communiceert hier duidelijk over. Het college geeft aan dat de Economische Visie Haarlem nog steeds relevant is en inhoudelijk invulling zal geven aan het economisch herstel na de coronacrisis. Daarnaast zullen raad en college een vinger aan de pols kunnen houden door middel van de Corona Impact Monitor, zodat er indien noodzakelijk snel bijgestuurd kan worden.
Ten slotte is besloten om economische jaarplannen op te stellen, zodat flexibel ingespeeld kan worden op veranderende omstandigheden.45
42
Collegebesluit ‘XXX’.
43
Raadstuk vaststellen Economische visie Haarlem, p.2
44
Transcript commissie Ontwikkeling 4 juni 2020
45
Raadstuk vaststellen Economische visie Haarlem, p.2
47 RKC rapportage Woon-werk balans gewogen
rekenkamercommissie Bijlage 2 onderzoeksrapport Platform31 Separaat document vanwege omvang.
48 RKC rapportage Woon-werk balans gewogen