20220616 Raadsvoorstel Inititatiefvoorstel HCPP 10-6-22
Tekst van het document
Initiatiefvoorstel
S.M.L.M. Schneiders (GroenLinks Haarlem), C.M. Verhoeff (Partij van de Arbeid), G. Hulster (Actiepartij)
Onderwerp Initiatiefvoorstel Visie op de positie van de Raad bij herinrichtingsplannen in het fysiek domein (HCPP). Ingediend door Groen Links Haarlem, Actiepartij en Partij van de Arbeid.
Nummer
2021/ 174729
Portefeuillehouder
M. Rog/E. De Raadt
Programma/beleidsveld
5.1 (Openbare ruimte en mobiliteit)
Afdeling
GRIFFIE
Auteur
Mw. S.M.L.M. Schneiders (GroenLinks Haarlem), Mw. C.M. Verhoeff (Partij van de Arbeid), Dhr. G. Hulster (Actiepartij)
Telefoonnummer
023-5113034
griffiebureau@haarlem.nl
Kernboodschap
Naar aanleiding van het opgestelde Haarlems Civiel Plan Proces (HCPP) verzoekt de raad het college om, bij herprofileringsprojecten in de openbare ruimte met hoge impact en midden impact, de informatie aan en beslismomenten voor de Raad te verbeteren. 1. Jaarlijks wordt de commissie beheer geïnformeerd over de meerjarenplanning van herinrichtingsprojecten en welke mate van impact het college aan het project koppelt. Bij de begroting (IP) wordt voor die projecten jaarlijks voorbereidingskrediet vastgesteld. Voor grote meerjarenprojecten wordt jaarlijks een deelkrediet vrijgegeven. 2. Jaarlijks of zonodig meerdere keren per jaar wordt de commissie geïnformeerd over de projecten die dat jaar gestart zijn of van start gaan. Vervolgens is het besluitvormingsproces bij projecten met HOGE impact: 3. Er wordt altijd een opinienota aan de commissie gestuurd ter bespreking. 4. Vervolgens wordt de bestuurlijke startnotitie met het programma van eisen, na advies van de commissie, door de raad vastgesteld. Hierna start participatie. 5. Het Voorlopig Ontwerp (VO) wordt besproken in de Commissie Beheer, die besluit tot vrijgave voor inspraak. Op de agenda voor de commissie wordt standaard ruimte gereserveerd voor VO’s, zodat geen vertraging kan optreden omdat de agenda vol is. Hier kan een zienswijze worden meegegeven. Ná akkoord van de commissie wordt de inspraak gestart.
Kenmerk: 2021/172102
1/6
6. Het definitief ontwerp (DO) wordt vastgesteld door de raad. In dezelfde vergadering wordt het benodigde uitvoeringskrediet vrijgegeven. Het besluitvormingsproces bij projecten met MIDDEN impact is: 7. Indien er op voorhand en/of na contact met de stakeholders, duidelijk is, dat er sprake is van politieke keuzes en/of dilemma’s, wordt eerst een opinienota naar de commissie gestuurd ter bespreking. 8. Vervolgens wordt de bestuurlijke startnotitie met het programma van eisen door de commissie geaccordeerd, waarna de participatie wordt gestart. Zonder dilemma’s is de bestuurlijke startnotitie het 1e stuk dat naar de commissie gaat. Dit is een moment waarop de commissie kan aangeven dat het project opgewaardeerd moet worden en het DO toch door de raad moet worden vastgesteld. 9. Het VO wordt in de commissie besproken of ter informatie toegestuurd (indien er geen politieke keuzes waren). 10. Het DO wordt alleen met advies van de commissie door de raad vastgesteld indien dat eerder (bij punt 8) door de commissie is verzocht in verband met dilemma’s of politieke gevoeligheid. Op deze manier wordt de raad in positie gebracht om zijn volksvertegenwoordigende, taakstellende en controlerende taak én zijn budgetrecht naar behoren uit te oefenen. Behandelvoorstel voor commissie
Relevante eerdere besluiten
De commissie beheer wordt verzocht advies te geven aan de raad over het initiatiefvoorstel van de raadsleden Schneiders (GroenLinks Haarlem), Hulster (Actiepartij) en Verhoeff (PvdA) met inachtneming van de wensen en bedenkingen van het college van burgemeester en wethouders . -
Haarlem Civiel Planproces (2019/518735) Bevoegdheden van de Raad in het civiele planproces (2020/179143) Bedenkingen College op initiatiefvoorstel HCPP (2021/172102)
Kenmerk: 2021/172102
2/6
Besluit Raad d.d. ………. (wordt ingevuld door de griffie)
De raad der gemeente Haarlem, Gelezen het voorstel van de raadsleden Schneiders (GroenLinks Haarlem), Hulster (Actiepartij) en Verhoeff (PvdA) en gezien de ter kennis van de raad gebrachte wensen en bedenkingen van het college van burgemeester en wethouders (ex. artikel 147a lid 1 en 4 Gemeentewet en artikel 36 van het Reglement van Orde voor de vergaderingen van de gemeenteraad van Haarlem), Besluit het initiatiefvoorstel “Visie op positie raad bij herinrichtingsplannen fysiek domein” vast te stellen en aan het college op te dragen dat wordt uitgevoerd: 1. Het aanpassen van het HCPP op de voorstellen voor herinrichtingsprojecten met hoge impact en herinrichtingsprojecten met midden impact zoals hiervoor aangegeven en verbeeld in bijbehorende infographics; 2. De bijgevoegde infographics, waarop ook de momenten van participatie en inspraak zijn aangegeven, op de website te plaatsen; 3. Deze nieuwe wijze van besluitvorming na één jaar te evalueren, waarbij in het bijzonder aandacht is voor de doorlooptijden van de projecten, het benoemen van projecten als hoog of midden impact en (de beslispunten in) de route voor midden en hoge impact projecten.
de griffier,
de voorzitter,
1. Proces: Hieronder staat de tekst van het voorstel zoals dat aan de raad wordt gepresenteerd en aangeboden voor de raadsvergadering van 24 maart 2022. Het voorstel is besproken in de commissie beheer van 20 mei 2021. Het college van B&W heeft wensen en bedenkingen geuit, waarna het voorstel opnieuw is besproken in de commissie beheer van 4 november 2021. Na deze commissievergadering is informeel overleg gevoerd met de wethouder en betrokken ambtenaren en is tot deze definitieve versie gekomen. Ten opzichte van de laatste commissievergadering van 4 november 2021 zijn enkele veranderingen doorgevoerd, die hieronder bij punt 2 worden aangeven.
Kenmerk: 2021/172102
3/6
1. Inleiding: De aanleiding voor dit initiatiefvoorstel is de presentatie van het Haarlems Civiel Plan Proces (verder HCPP). In dit proces wordt beschreven in welke fase van een herinrichtings- of renovatieproject in de openbare ruimte welke partijen betrokken moeten worden en welke beslissingen op welk niveau moeten worden genomen. Daarom komen ook de beslismomenten van het College, de commissie beheer en de Raad in het stuk aan de orde. De initiatiefnemers zijn het niet eens met de momenten, waarop de raadsleden worden betrokken en een beslissing wordt gevraagd. Dit heeft keer op keer geleid tot het opwaarderen van ter kennisname stukken ter bespreking naar de commissie. Met als gevolg of vertraging in het proces, omdat alsnog wijzigingen in het te bespreken stuk moeten worden doorgevoerd of onvrede bij de raadsleden omdat geen optimaal resultaat kan worden behaald. Tevens is er voor belanghebbenden onduidelijkheid over de momenten waarop zij worden betrokken en op welke wijze hun inbreng kunnen leveren. Daarom wordt in dit voorstel voorgesteld de Raad (en de commissie) op essentiële momenten te betrekken, zodat de raad in positie wordt gebracht om zijn taken naar behoren te vervullen en een duidelijk op de website vindbaar, beeld te schetsen van het nieuwe proces inclusief participatiemomenten. 2.
Voorstel aan de raad De initiatiefnemers stellen de raad voor om bij herinrichtingsprojecten in de openbare ruimte met hoge en met midden impact, zoals benoemd in het HCPP de momenten waarop de commissie Beheer en of de Raad wordt geïnformeerd en de momenten waarop aan de raad een besluit wordt voorgelegd als volgt te benoemen: 1. Jaarlijks wordt de commissie beheer geïnformeerd over de meerjarenplanning van herinrichtingsprojecten en welke mate van impact het college aan het project koppelt. Bij de begroting (IP) wordt voor die projecten jaarlijks voorbereidingskrediet vastgesteld. Voor grote meerjarenprojecten wordt jaarlijks een deel van het voorbereidingskrediet vrijgegeven. 2. Eenmaal tot vier maal per jaar wordt de commissie geïnformeerd over de projecten die dat jaar gestart zijn of van start gaan. Vervolgens is het besluitvormingsproces bij projecten met HOGE impact: 3. Er wordt altijd een opinienota aan de commissie gestuurd ter bespreking. 4. Vervolgens wordt de bestuurlijke startnotitie met het programma van eisen, na advies van de commissie, door de raad vastgesteld. Hierna start participatie. 5. Het Voorlopig Ontwerp (VO) wordt besproken in de Commissie Beheer, die besluit tot vrijgave voor inspraak. Op de agenda voor de commissie wordt standaard ruimte gereserveerd voor VO’s, zodat geen vertraging kan optreden omdat de agenda vol is.
Hier kan een zienswijze worden meegegeven. Ná akkoord van de commissie wordt de inspraak gestart. 6. Het definitief ontwerp (DO) wordt vastgesteld door de raad. In dezelfde vergadering wordt het benodigde uitvoeringskrediet vrijgegeven.
Kenmerk: 2021/172102
4/6
Het besluitvormingsproces bij projecten met MIDDEN impact is: 7. Indien er op voorhand en/of na contact met de stakeholders, duidelijk is, dat er sprake is van politieke keuzes en/of dilemma’s, wordt eerst een opinienota naar de commissie gestuurd ter bespreking. 8. .Vervolgens wordt de bestuurlijke startnotitie met het programma van eisen door de commissie geaccordeerd, waarna de participatie wordt gestart. Zonder dilemma’s is de bestuurlijke startnotitie het 1e stuk dat naar de commissie gaat. Dit is een moment waarop de commissie kan aangeven dat het project opgewaardeerd moet worden en het DO toch door de raad moet worden vastgesteld. 9. Het VO wordt in de commissie besproken of ter informatie toegestuurd (indien er geen politieke keuzes waren). 10. Het DO wordt alleen met advies van de commissie door de raad vastgesteld indien dat eerder (bij punt 8) door de commissie is verzocht in verband met dilemma’s of politieke gevoeligheid. Op deze manier wordt de raad in positie gebracht om zijn volksvertegenwoordigende, taakstellende en controlerende taak én zijn budgetrecht naar behoren uit te oefenen.. Op die manier wordt de raad in positie gebracht om zijn volksvertegenwoordigende, taakstellende en controlerende taak én zijn budgetrecht naar behoren uit te oefenen.
Het Haarlems Civiel Planproces wordt (in de vorm van de infographic) inclusief de participatie en inspraakstappen op de website van de gemeente geplaatst. BESLUIT: Aan de Raad wordt gevraagd het volgende besluit te nemen: Besluit het initiatiefvoorstel “Visie op positie raad bij herinrichtingsplannen fysiek domein” vast te stellen en aan het college op te dragen dat wordt uitgevoerd: 1. Het aanpassen van het HCPP op de voorstellen voor herinrichtingsprojecten met hoge impact en herinrichtingsprojecten met midden impact zoals hiervoor aangegeven en verbeeld in bijbehorende infographics; 2. De bijgevoegde infographics, waarop ook de momenten van participatie en inspraak zijn aangegeven, op de website te plaatsen; 3. Deze nieuwe wijze van besluitvorming na één jaar te evalueren, waarbij in het bijzonder aandacht is voor de doorlooptijden van de projecten, het benoemen van projecten als hoog of midden impact en (de beslispunten in) de route voor midden en hoge impact projecten.
3. Beoogd resultaat Een duidelijker besluitvormingsproces bij herinrichtingsprojecten met grote en middelgrote impact voor de omgeving zorgt voor een beter begrip van de procedure en een betere doorstroming van projecten. Dit beslismodel zorgt ervoor dat de raad weet dat een besluit zal worden voorgelegd en wat de beslismomenten zijn. Daarmee wordt de raad beter in positie gebracht dan in het huidige
Kenmerk: 2021/172102
5/6
HCPP. Door de Raad op het juiste moment te betrekken kunnen vertragingen in het proces en daarbij behorende kosten worden voorkomen. 4. Argumenten De afgelopen periode zijn civiele herinrichtingsprojecten herhaaldelijk terug naar de tekentafel gegaan doordat de raad onvoldoende invloed heeft op de besluitvorming. Daarmee is veel tijd en geld verloren gegaan. Door de raad volledig te informeren, en besluitvormingsprocedures zo in te richten, dat de raad tijdig op de hoogte is van uitgangspunten, kaders en keuzemogelijkheden wordt de raad in positie gebracht om zijn taken naar behoren uit te voeren. Daarmee kan het besluitvormingsproces worden versneld en verstevigd. We verwachten dat dit ook zal leiden tot meer begrip bij omwonenden. Als de raad het niet eens is met een genomen collegebesluit, dan rest als enig correctiemiddel de motie naar aanleiding van het DO. Het DO wordt vaak niet aan de raad voorgelegd (omdat geen uitvoeringskrediet nodig is, als dat al in het IP is vastgesteld), zodat het enige middel de motie vreemd is. Een goede prijs-kwaliteitstoets is voor de Raad niet mogelijk en de volks vertegenwoordigende rol in het participatie en inspraakproces is onduidelijk, niet transparant genoeg en onvoldoende zichtbaar voor de Raad. Een motie vreemd is niet alleen een oneigenlijke manier om de raad in positie te brengen, het is ook veel te laat in het proces.
Als bij bespreking in de commissie van het definitief ontwerp (DO) blijkt dat belangrijke kaders niet overeind zijn gebleven of keuzes zijn gemaakt die de raad niet kan accorderen, dan moet pas op dat late moment het project terug naar de tekentafel en is veel tijd en geld verspild. Bewoners, die wellicht wel akkoord waren met het voorgestelde plan, snappen de handelwijze van de raad niet in zo’n situatie en dat zorgt voor onduidelijke situaties en vervelende dilemma’s voor raadsleden. Voorbeelden in de afgelopen tijd zijn: · Het plan rond de bomenkap bij Dreefzicht, · Het kruispunt Schipholweg – Amerikaweg, · De herinrichting van de Rollandslaan Omdat bij deze projecten de besluitvorming niet goed liep, was de raad niet goed in staat op de juiste wijze gebruik te maken van zijn kaderstellende, volksvertegenwoordigende en controlerende taak.
5. Bijlage 1. Integrale tekst Initiatiefvoorstel 2. Vergelijking oud en nieuw 3. Twee infographics van het voorgestelde proces ------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------
Kenmerk: 2021/172102
6/6