20210629770 RIB Financiële middelen Jeugdhulp
Tekst van het document
Raadsinformatiebrief
Onderwerp Financiële middelen Jeugdhulp Nummer 2021/629770 Datum college 30 november 2021 Portefeuillehouder Botter, J. Programma/beleidsveld 2.2 Voorzieningen Jeugd Afdeling JOS Auteur S. Termorshuizen Telefoonnummer 023-5114876 Email stermorshuizen@haarlem.nl Bestemd voor: Het college stuurt deze raadsinformatiebrief ter kennisname naar de commissie Samenleving. Bijlagen geen Aanleiding De afgelopen jaren is de Decemberrapportage gebruikt om een laatste (financiële) prognose voor het sociaal domein af te geven. Aangezien er dit jaar geen Decemberrapportage gemaakt wordt én er binnen het Jeugdbudget wel een aantal ontwikkelingen is, wordt u hierover via deze RIB geïnformeerd. Op basis van de laatste facturatiedata is de verwachting dat de lasten voor jeugdhulp overschreden worden met een bedrag van € 500.000 tot € 1.000.000 ten opzichte van de bijgestelde begroting. De baten zijn, als gevolg van de extra middelen uit de Septembercirculaire 2021 bijna 500.000 hoger dan geraamd. Per saldo wordt daarmee saldo van € 0 tot € 500.000 nadelig verwacht. In de Jaarrekening 2021 zullen de definitieve bedragen bekend zijn en verklaard worden. Financiële ontwikkelingen jeugdhulp 2021 In juni 2021 is door het Rijk incidenteel extra budget voor 2021 beschikbaar gesteld. Het grootste deel van dit bedrag was voor de zomer al beschikbaar (€ 3,9 miljoen).
Omdat in de Begroting 2021 het jeugdbudget al met € 2,9 miljoen naar boven was bijgesteld, ten laste van de algemene middelen, is dit deel van de incidentele middelen weer ten gunste van de algemene middelen gebracht. Het resterende deel (€ 1,0 miljoen) is nog niet bestemd voor Jeugd maar beklemd in de Algemene reserve als buffer voor mogelijke tegenvallers in 2021 (zie BBV 2021/336401 Meicirculaire 2021). In de Bestuursrapportage 2021 is een nadeel van € 500.000 gemeld waarmee nog een bedrag van € 500.000 in de buffer resteert. Door het Rijk werd in de Meicirculaire 2021 tevens aangekondigd dat een bedrag van (landelijk) € 55 miljoen via de Septembercirculaire 2021 over alle gemeenten verdeeld zou worden; daarbij werd al aangegeven dat dit bedrag bedoeld is voor het oplossen van wachttijden en wachtlijsten. Op basis van eerdere verdelingen is het bedrag voor Haarlem destijds op € 475.000 - € 500.000 ingeschat. Omdat einde zomer sprake was van oplopende wachttijden en wachtlijsten is op deze extra middelen voorgesorteerd door extra uitgaven te doen voor het oplossen van de wachtlijsten.
Kenmerk: 2021/629770
1/3
Eind september werd via de Septembercirculaire duidelijk dat Haarlem incidenteel nog € 468.000 voor 2021 krijgt. Voor dit jaar is besloten om geen Decemberrapportage te maken, omdat hier onvoldoende aanleiding voor was. Als zodanig kan deze extra bijdrage niet meer financieel verwerkt worden in de Begroting 2021 op het budget Jeugdhulp. Er is vanzelfsprekend wel een direct verband tussen de hogere lasten (die zich daadwerkelijk voordoen) en deze extra baten. Per saldo (baten en lasten) verwachten wij een nadeel ter hoogte van een bedrag tussen € 0 tot € 500.000. Daar er gewerkt wordt met prognoses is dit bedrag niet exact weer te geven. Omdat in de Jaarrekening verschillen in baten en lasten apart (en dus niet gesaldeerd) toegelicht moeten worden, zal de overschrijding van de lasten dus wel voor het totale bedrag zichtbaar worden. In de beoordeling van de rechtmatigheid zal voor deze overschrijdingen aangegeven worden dat ze onrechtmatig zijn maar niet meetellen in het oordeel van de accountant (onrechtmatigheidscategorie 3 en 4). Het gaat om overschrijdingen die grotendeels gedekt zijn door baten (i.c. de extra rijksmiddelen) en de overschrijdingen zijn het gevolg van een open-einde regeling. Oorzaken hogere uitgaven Het eerder genoemde oplossen van de knelpunten op de wachtlijst heeft geleid tot extra uitgaven van ca. € 350.000.
Hiermee zijn 48 kinderen op de wachtlijst geholpen. Dit project behoorde tot de extra werkzaamheden voor het contractmanagement van team jeugdhulp. Naast dit project zijn er ook andere oorzaken voor de hogere uitgaven. Een verklaring is onder andere de na-facturatie van de aanbieders over de eerste 5 maanden. Over deze periode van dit jaar is er voor € 400.000 extra gefactureerd ten opzichte van de facturatiestand waarmee gerekend is ten tijde van de vorige rapportage. Omdat de facturatie als basis dient voor alle prognoses gedurende het jaar, heeft een correctie van deze omvang grote invloed op de prognose. Een andere verklaring voor de hogere uitgaven is de groei in het aantal cliënten en de kosten bij zorgpartners of voor productgroepen waar geen budgetplafond of limiet voor ingesteld kan worden (het eerder genoemde open-einde-karakter). In totaal zijn er in de eerste 9 maanden van 2021 4.052 cliënten in zorg geweest, tegenover 3.910 in 2020 in dezelfde periode. Dit is een toename van 3.6%. De vrijgevestigde aanbieders zijn qua omzet ten opzichte van de begroting fors gegroeid en voor de productgroep Landelijk Transitie Arrangement is ook een enorme groei ten opzichte van begroot waarneembaar.
Effecten budgetplafonds Als er wordt gekeken naar de kostenbeheersing met betrekking tot de budgetplafonds, dan is bij de instellingen met een budgetplafond te zien dat zij, als groep, binnen het budget blijven. Met groep wordt hier bedoeld de aanbieders die een budgetplafond opgelegd hebben gekregen. Per saldo koerst deze groep af op het budget dat voor deze instellingen is vastgesteld.
Kenmerk: 2021/629770
2/3
Dit is een ontwikkeling die bij andere aanbieders waarvoor geen budgetplafond geldt of bij productgroepen die uitgezonderd zijn van een budgetplafond niet het geval is, waardoor geconcludeerd kan worden dat het instellen van budgetplafonds een positief effect heeft in het kader van kostenbeheersing. Het college van burgemeester en wethouders, de secretaris,
de burgemeester,
Kenmerk: 2021/629770
3/3