20210377493 1. Beslissing op bezwaar
Tekst van het document
Raadsstuk
Onderwerp Beslissing op bezwaar van de heer R.E. Mooijekind inzake het bekrachtigen van geheimhouding Nummer Portefeuillehouder Programma/beleidsveld Afdeling Auteur Telefoonnummer Email Kernboodschap Behandelvoorstel voor commissie
Relevante eerdere besluiten
Besluit College d.d. 12 juli 2021
2021/377493 Wienen, J. 6.2 Gemeentelijk bestuur JZ Kapel, M.E. 023-5115612 mkapel@haarlem.nl Het nemen van een besluit op bezwaar inhoudende de instandhouding van geheimhouding De commissie bestuur wordt verzocht advies te geven aan de raad over het voorstel van het college in paragraaf 2 en over de wijze van agendering van het raadstuk in de raadsvergadering.
-
2018/901622: bekrachtigingsbesluit raad d.d. 26 juni 2019 van collegebesluit oplegging geheimhouding op opdrachtformulier PwC en PwC rapport - 2019/514180: bekrachtigingsbesluit raad d.d. 26 juni 2019 van collegebesluit beperking geheimhouding op PwC rapport - 2019/739686: bekrachtigingsbesluit raad d.d. 17 oktober 2019 van collegebesluit beperking geheimhouding opdrachtformulier PwC - 2019/857560: bekrachtigingsbesluit raad d.d. 21 november 2019 van collegebesluit oplegging geheimhouding op intern onderzoek 1. Het college stelt het voorstel aan de raad vast. de secretaris,
de burgemeester,
Kenmerk: 2021/377493
1/3
Besluit Raad d.d. ………. (wordt ingevuld door de griffie)
De raad der gemeente Haarlem, Gelezen het voorstel van het college van burgemeester en wethouders, Besluit: 1. Naar aanleiding van de ingebrachte bezwaren van de heer R.E. Mooijekind de bestreden besluiten, inhoudende de bekrachtiging van de geheimhouding op de weggelakte delen van het PwC rapport, de opdrachtbevestiging en het intern vooronderzoek, in stand te laten, overeenkomstig het advies van de commissie bezwaarschriften; 2. Over te gaan tot betaling van een aan bezwaarde verschuldigde dwangsom ten bedrage van € 1442,de griffier,
de voorzitter,
1. Inleiding Op 11 en 18 februari 2021 heeft bezwaarde bezwaar gemaakt tegen de besluiten van de raad waarmee ingevolge artikel 25 Gemeentewet een opgelegde verplichting tot geheimhouding is bekrachtigd dan wel gehandhaafd (hierna: de raadsbesluiten). Deze geheimhouding rust op: 1 het zogenoemde PwC-rapport, 2 het zogenoemde PwC-opdrachtformulier en 3 het rapport van het intern vooronderzoek dat aan het PwC-rapport vooraf is gegaan. Op 4 juni 2021 heeft de rechtbank twee beroepschriften van bezwaarde van 16 december 2019 doorgestuurd ter behandeling als bezwaarschriften gericht tegen de raadsbesluiten. Op 1 juli 2021 heet de commissie bezwaarschriften naar aanleiding van de bezwaarschriften geadviseerd om de raadsbesluiten in stand te houden. 2. Voorstel aan de raad Het college stelt de raad voor: 1. Naar aanleiding van de ingebrachte bezwaren van de heer R.E. Mooijekind de raadsbesluiten, inhoudende de bekrachtiging van de geheimhouding op de weggelakte delen van het PwC rapport, de opdrachtbevestiging en het intern vooronderzoek, in stand te laten, overeenkomstig het advies van de commissie bezwaarschriften; 2. Over te gaan tot betaling van een aan bezwaarde verschuldigde dwangsom ten bedrage van € 1442,-
Kenmerk: 2021/377493
2/3
3. Beoogd resultaat Het betreft een heroverweging van een door de raad genomen besluit naar aanleiding van ingediende bezwaarschriften. Door de raadsbesluiten in stand te houden blijft de geheimhouding, voor wat betreft de weggelakte delen van het PwC rapport, de opdrachtbevestiging en het intern vooronderzoek in stand. 4. Argumenten 1. In de documenten worden personen in relatie gebracht met bepaalde vermoedens van onregelmatigheden. Betrokkenen kunnen gemakkelijk beschadigd raken als hun namen bekend worden, ook als zij naar aanleiding van een onderzoek worden vrijgepleit. Het onderwerp zijn van een onderzoek naar vermeende misstanden kan al stigmatiserend werken. De potentiële schade staat niet in verhouding tot het belang van het openbaar verstrekken van de documenten. 2. Bezwaarde heeft de raad per brief van 18 juni 2021, ontvangen op 22 juni 2021 in gebreke gesteld. Op grond van artikel 4:17 van de Awb verbeurt het bestuursorgaan, indien een beschikking op aanvraag niet tijdig wordt gegeven, aan de aanvrager een dwangsom voor elke dag dat het in gebreke is, doch voor ten hoogste 42 dagen. De eerste dag waarover de dwangsom verschuldigd is, is de dag waarop twee weken zijn verstreken na de dag waarop de termijn voor het geven van de beschikking is verstreken en het bestuursorgaan van de aanvrager een schriftelijke ingebrekestelling heeft ontvangen.
De dwangsom bedraagt de eerste veertien dagen € 23 per dag, de daaropvolgende veertien dagen € 35 per dag en de overige dagen € 45 per dag. 5. Risico’s en kanttekeningen Tegen de beslissing op bezwaar staat beroep open. 6. Uitvoering Bezwaarde krijgt de beslissing op bezwaar toegezonden. 7. Bijlage 1. Advies commissie bezwaarschriften
Kenmerk: 2021/377493
3/3