CConstaterende datHaarlem
Koppel je AI →
Document · PDF

20210299496 Transcript commissie Ontwikkeling 28 oktober 2021

commissie Ontwikkeling 2 december 2021, gemeente HaarlemBij agendapunt: Transcript commissie d.d. 28 oktober 2021 (alleen naar aanleiding van)44.886 woorden

Open het PDF bij iBabs ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 1 van 5

TRANSCRIPT VAN DE RAADSCIE ONTWIKKELING VAN GEMEENTE HAARLEM d.d. 28 oktober 2021 Commissie ontwikkeling 1.

Opening en mededelingen door voorzitter Dilia Leitner De voorzitter: Ja, dan open ik de vergadering van de commissie ontwikkeling van de maand oktober. 28 oktober is het vandaag. Even kijken, er zijn een aantal werkbezoeken gemeld. Ik heb geen berichten van verhindering ontvangen, niemand. Ja, maar die zag ik net al wel, meneer Blokpoel. De heer Bruch: Meneer Blokpoel is nog even in een telefonische conferentie, die kan ieder moment komen. De voorzitter: Oké, heel efficiënt. Er is een werkbezoek geregeld op uw eigen verzoek aan de woonwagenlocatie Amelandstraat op vrijdag 19 november van 10 tot half 12. Mevrouw Heesbeen is de gastvrouw. Aanwezig zullen zijn vertegenwoordigers van de woonwagenlocatie Spijt op Tand, de woonwagenbewoners en meneer Kessels, de projectleider actieplan woonwagens. Lijst voor deelname gaat rond, dit is op uw eigen verzoek geweest, dus we verwachten ook deelname. Maandag 22 november tussen half 7 en half 8 is een technisch vragenuurtje, waar het kaartmateriaal wat onder de omgevingsvisie 2045 ligt toegelicht wordt en gepresenteerd is. Daar gaat de tweede lijst is dat die rondgaat. Voor uw informatie, de omgevingsvisie wordt in de vergadering van 2 december behandeld. Klopt dat? Ja. En dan is uw eigen initiatief ook een werkbezoek aan de hotelarena in Amsterdam georganiseerd.

Meneer Van den Doel? De heer Van den Doel: Dat was een aanbod wat we kregen om in gesprek te gaan met degene die ook de Egelantier het culturele plan moeten gaan maken. En die zijn ook in de Arena bezig en daarvoor wilden we daar op bezoek gaan om dat even door te praten. De voorzitter: Heel goed. En dat heeft u afgestemd met meneer Botter, begrijp ik. Dat is vrijdag 26 november geworden om half drie. Waar kunnen mensen zich aanmelden? Of gaat er ook een lijst rond? Oké, maar het komt in de raad, maar mocht u nu al denken daar moet ik bij zijn, dan kunt u zich aanmelden bij de griffie.

2.

Vaststellen van de agenda De voorzitter: Dan gaan we naar agendapunt 2, dat is het vaststellen van de agenda. Meneer Aynan. De heer Aynan: Ja, agendapunt 17, die hadden wij geagendeerd. Maar bij nader inzien willen we daar eerst technische dan wel artikel 38-vragen over stellen. En als dat aanleiding geeft om het te agenderen, dan kan het alsnog. Dus ons voorstel is haal het maar van de agenda. De voorzitter: Verstandig. Dank u wel, dat geeft rust in de agenda. Dat gaat over de mail over makelaarspelletjes. Dus die gaat van de agenda af. Meneer Aynan. De heer Aynan: Misschien ten overvloede. Misschien kunt u ook meneer Botter inlichten dan. Prima, dank u wel. De voorzitter: Even kijken, er staat hier een vraag over: er is een bespreekpunt van de ChristenUnie nog actueel. Maar ook die zie ik niet. Oh daar, natuurlijk, meneer Slik, recht voor me. Meneer Slik.

1

De heer Slik: Ik moet hem nog afstemmen met de fractie, maar dat komt dan eventueel later. De voorzitter: En wat betekent dat voor nu? Welk punt is het? Punt 18. De heer Wiedemeijer: Voorzitter, er is ook geen toelichting, dus misschien is het handig, we kunnen het ook altijd nog een andere keer dan agenderen. De heer Slik: Het kan er nu in ieder geval af. De voorzitter: Ja, dan doen we dat, dank u wel. Dan heeft u tijd om het af te stemmen. Dan gaan wij naar mevrouw Van Zetten. Mevrouw Van Zetten: Nog een opmerking. Ik vind het zo vlak voor de begroting wel een hele zware agenda. En ik was ook inderdaad verbaasd over die hub, mag de tijd even uit of niet? Over die hub, we hebben een paar weken geleden nog een bezoek gehad, er was helemaal geen sprake van een tunnel of wat dan ook. En nou kreeg je ineens negen documenten met een onderzoek. En ik vind dat eigenlijk de gang van zaken, daar hebben we het al eerder over gehad, of dat toch eens een keer in het presidium kan bespreken. De voorzitter: Ik neem aan dat u dat ook in uw termijn straks bij dat agendapunt de wethouder haarfijn gaat uitleggen. Ik ben het met u eens, het is een zware agenda. 3.

Mededelingen commissieleden en wethouder(s) De voorzitter: De mededelingen, zijn die er vanuit het college? Daar heb ik die niet, dan vanuit de raad. Meneer Van Leeuwen. De heer Van Leeuwen: Ja, dank u wel. Ik weet niet of wij goed geïnformeerd zijn of dat het al oud nieuws is, maar we lezen dat burgemeester benoemd is als erelid bij de raad van Europa. Dat vonden we een felicitatie namens Actiepartij waard. De voorzitter: Heel goed van u, dank u wel. Meneer Berkhout, iets met betrekking tot recreatieschap Spaarnwoude in het C-district. Wethouder Berkhout: Jazeker, ja, twee mededelingen. We krijgen een tweede kans om het C-district te bezoeken, of u krijgt die kans. Aanstaande maandag nodigt de 3D-makerszone de raadsleden uit om half vijf, het staat ook in de raadzaam trouwens, het slaan van de eerste paal van de plaatsing van het circulaire pand op het achter-terrein van het maakterrein bij te wonen. Dus half vijf aanstaande maandag. En een tweede mededeling heeft betrekking op de boerderij Noord-Akendam, eerder door de PvdA bij de rondvraag volgens mij een paar weken terug gevraagd, of ik dat onder de aandacht van het bestuur van het recreatieschap kon brengen.

Dat heb ik deze ochtend gedaan, zowel de staat van de boerderij, de zorgen daarover door Bond Heemschut en de wijkraad, als wel het voorstel om in gezamenlijkheid een subsidie voor de Rijksteams voor erfgoed in te dienen. En daar waren ook nog wel wat vragen over, maar daar gaan we de komende weken met elkaar over in gesprek om die subsidie eind van de maand november hopelijk in te kunnen dienen. Om zo het ernstigste verval te gaan tegenhouden. Dank u wel. De voorzitter: Mevrouw Van Zetten, heel kort.

2

Mevrouw Van Zetten: Wat was de aard van die vragen? Of Haarlem zelf ook nog wat ging doen na al die jaren, of niet? Wethouder Berkhout: Nou, dus wij hebben de vraag gesteld of ik heb de vraag gesteld eigenlijk aan het bestuur, waar ik natuurlijk zelf ook in zit. Het is wel zo dat inderdaad de reactie van het bestuur daar natuurlijk ook enigszins is van: ja Haarlem, ook door u zijn we in deze situatie beland. Ik denk dat u dat goed schetst. Dus daarom gaan we in goed overleg proberen hier toch gezamenlijk een subsidie en cofinanciering voor los te maken. De voorzitter: Dank u wel. 4.

Agenda komende vergadering(en), Jaarplanning en Actielijst De voorzitter: Dan gaan we naar agendapunt 4, de komende commissievergadering, de jaarplanning en de actielijst. Zijn er op de jaarplanning en de actielijst nog zaken waar de commissie om verduidelijking wil vragen of die aan de lijst toegevoegd of verwijderd kunnen worden? Meestal blijft het stil, maar ik zie hoofden nee schudden. Voor de volgende vergadering, dat is 2 december, daarvoor heb ik alvast voor uw informatie hebben we ontvangen de omgevingsvisie, de raadsjaaragenda 2022, overzicht van het niet strategisch vastgoed, gaat over motie 13.1 gedifferentieerd bouwen in de project Pasteur, op verzoek van de commissie. En de MRA duurzaamheidstop. Zijn er nog zaken die de commissie wenst te agenderen? De agenda zit al vol, hè. Dank u wel.

5.

Transcript commissie d.d. 30 september 2021 (alleen naar aanleiding van) De voorzitter: Dan gaan we naar agendapunt 5. Transcript van de vergadering van 30 september. Zijn er nog opmerkingen naar aanleiding van? Niemand, nee. Ter advisering aan de raad

6.

Verklaring van geen bezwaar instellen werkgeverscommissie ten behoeve van bestuursbureau recreatieschappen (RB) De voorzitter: Dan gaan we naar het eerste echte agendapunt van vanavond. Ter advisering is ontvangen verklaring van geen bezwaar instellen de werkgeverscommissie ten behoeve van het bestuursbureau recreatieschappen. En het college stelt aan de raad voor om verklaringen van geen bezwaar af te geven ten aanzien van het instellen van deze werkgeverscommissie. Iemand die daarover het woord wil voeren? Meneer Slik, ChristenUnie. De heer Slik: Dank u, voorzitter. Ja, de ChristenUnie vindt het op zich een logische stap. Maar ik zou wel graag van de wethouder willen weten van: is dat dan de enige stap voor ons als raad, als commissie? Of gaat er bij elke formatiewijziging gaat u ons dan inlichten of om advies vragen? En ja, hebben we dan nog wat in te brengen daarna? De voorzitter: Meneer Rijbroek zag ik, Trots. De heer Rijbroek: Dank u wel, voorzitter. Even een korte opmerking en wat vragen. Er is dus sprake van zeg maar een werkcommissie, een bestuurscommissie en een werkgeverscommissie. Moeten we dat zien als een AB/DB of is dat toegevoegd? Dat is een, want het werd mij niet helemaal duidelijk. Want ik zie geen

3

organigram. Het tweede is, er wordt gesproken over zo snel mogelijk financiële middelen ter beschikking te stellen. Nou, dan is mijn vraag natuurlijk: wat is de hoogte van het bedrag en wat betreft het dan met betrekking tot dus de loonsom? En daar wil ik het even bij houden. De voorzitter: Dank u wel. Een goede vraag, het valt me wel op dat ze beide allemaal vrij technisch zijn. Dus die kunt u ook om de vergadering te ontlasten van tevoren stellen. Meneer Bruch, VVD. De heer Bruch: Ja, dank u wel, voorzitter. In eerste instantie schieten er toch iets bedenkingen door je hoofd, meer mensen achter het bureau om de operatie beter te laten verlopen. Zou dat nou echt helpen? En dan als doel meer regie voeren op de vergaderingen, zijn daar echt drie mensen voor nodig? Aan de andere kant, daar staat tegenover dat het bestuursbureau invulling geeft aan de gewenste betere aansturing van de schappen. Dus laten we het maar proberen en dan kom je niet zonder werkgeverscommissie. Dus wat ons betreft gaan we akkoord met de verklaring van geen bezwaar en kan dit stuk onder de hamer. De voorzitter: Dank u wel. Meneer Berkhout. Wacht, ik zie nog een vinger, twee, drie. Ja, dat kan ook eerder. Achter elkaar, meneer Van Leeuwen. De heer Van Leeuwen: Ja, dank u wel. Wij zijn akkoord. Doelstelling is een goede doelstelling, dus daar staan wij achter.

We vroegen ons wel af van: waarom zou je niet gewoon een dienstverlening of detacheringsovereenkomst hebben gesloten? Omdat het volgens ons medewerkers van de provincie NoordHolland zijn. Maar als dit de keuze is, dan staan we hierachter. De voorzitter: Mevrouw Kok, OPH. Mevrouw Kok: Ja, dank u wel, voorzitter. Ja, we kennen wel de problemen bij het recreatieschap. En of dit de oplossing is weten wij ook niet. Het kan een oplossing zijn, dus het kan wellicht helpen. En de opzet, het format, zit goed of logisch in elkaar. Dus wat ons betreft ook een hamerstuk. De voorzitter: Mevrouw Oosterbroek, GroenLinks. Mevrouw Oosterbroek: Ja, GroenLinks is op zich ook wel akkoord, alleen vraagt zich nog wel af aan de wethouder hoe we onze doelstellingen, die we hebben bij Spaarnwoude, namelijk en financieel en biodiversiteit, hiermee gaan waarborgen. Omdat het bestuursbureau voornamelijk gaat sturen op efficiëntie en wij zijn eigenlijk op zoek naar effectiviteit. Dus ik ben wel benieuwd hoe de wethouder dat ziet en hoe we ervoor kunnen zorgen dat ook onze zachte waarden, maar wel hele belangrijke waarden, op een juiste manier ook door deze nieuwe bestuurslaag worden meegenomen. De voorzitter: Wethouder Berkhout. Toch nog, mevrouw Verhoeff. Mevrouw Verhoeff: Heel kort en krachtig. De PvdA vindt gewoon dat dit een stuk is wat als hamerstuk door kan.

En wij vragen aan de wethouder: wil u ervoor zorgen dat wij op een goede manier worden meegenomen? Want wij zijn allemaal wel heel geïnteresseerd in de goede ontwikkelingen die we hier hopen te zien. De voorzitter: Driemaal is scheepsrecht, wethouder Berkhout. Wethouder Berkhout: Ja, dank u wel, Ik zal proberen u zo min mogelijk mee te nemen, nee, natuurlijk gaan we dat doen. Dat staat voorop, dat doen we al via de reguliere PNC-cyclus vaak, als het hier om de recreatieschappen gaat. Ja, dit is eigenlijk gewoon een logisch vervolg, de keuze die we hier maken. dus ik

4

hoor dat ook een aantal van u zeggen: deze knip is eigenlijk een uitvoeringsgerichte knip. En wat dat betreft, nou, een logische stap om de uitvoering van het schap te verbeteren. Is dat de enige situatie bij het schap of specifiek recreatieschap Spaarnwoude op orde te brengen? Nee, ik denk het niet. Dus daarvoor zien we vaak ook de situaties die we bijvoorbeeld altijd in het voorjaar hebben, als het gaat om het achterstallig onderhoud van het schap. Maar wij denken hier een slag in te kunnen slaan. Dan eventjes de vragen van de ChristenUnie. Dat zou ik eventjes willen vragen om daar schriftelijk op terug te komen hoe u als raad in het vervolg betrokken wordt. Volgens mij als het nodig is, ik zie niet zo gauw een ander moment waarop dat in deze omstandigheid nogmaals voorkomt. Maar ik kan gewoon in de lijn van het antwoord op mevrouw Verhoeff zeggen: als dat nodig is, dan komen we uiteraard bij u terug. Ik zie dus niet zo gauw een moment. Mocht dat er wel zijn, dan kunnen we dat schriftelijk even verduidelijken wanneer dat wel het geval is. En dan in reactie op meneer Rijbroek, dit is dus niet een extra bestuurlijke laag ofzo. Dus het AB, waar ik vanochtend nog inzat, dat blijft gewoon ongewijzigd, evenals het DB. Dit is gewoon een andere vormgeving van de uitvoeringsorganisatie. Dat, voorzitter. De voorzitter: Dank u wel. Mevrouw Oosterbroek en dan meneer Rijbroek.

Mevrouw Oosterbroek: Ja, ik had nog niet echt antwoord over hoe we de biodiversiteit in deze uitvoeringsorganisatie gaan waarborgen. Wethouder Berkhout: Nou, hopelijk beter hiermee. Want we hebben een visie vastgesteld. En de uitvoeringsorganisatie beoogt hiermee beter te gaan functioneren dan voorheen. En dus ook beter in staat gaat zijn om de visie vorm te geven die we voor het schap hebben vastgesteld. En ook de uitvoeringsplannen zoals voor het ontvangstgebied Veerplas, waar die biodiversiteit hoog in het vaandel staat, ook beter vorm te geven. Dus hopelijk beter. De voorzitter: Meneer Rijbroek. De heer Rijbroek: Kort, dank u wel, voorzitter. Ik had nog een vraag gesteld over, er wordt gesproken over zo snel mogelijk financiële middelen ter beschikking te stellen. Wat is dat precies en wat is de hoogte daarvan? De voorzitter: Wethouder Berkhout. Wethouder Berkhout: Ja, daar komen we dan even schriftelijk op terug, dat kan ik zo gauw niet overzien. Maar dat gaan we dan even schriftelijk aan u doen toekomen. De voorzitter: Mag ik de commissie voorstellen dit als hamerstuk op de agenda te plaatsen? Ja, dank u wel. Overige punten ter bespreking 7.

Onderzoek t.b.v. invoering opkoopbescherming (MTM) De voorzitter: Dan gaan we naar agendapunt 7, onderzoek ten behoeve van de invoering van de opkoopbescherming. Het college informeert de commissie over de huidige situatie omtrent aankopen van woningen van eigenaar bewoners door investeerders, met als doel te verhuren. Deze informatie kan dienen als basis voor de besluitvorming over de invoering van een opkoopbescherming via de aanpassing van de huisvestingsverordening. Wie mag ik het woord geven? Even kijken, PvdA en daarna Jouw Haarlem. Meneer Wiedemeijer.

5

De heer Wiedemeijer: Ja, voorzitter. We hebben er vorige maand natuurlijk al uitgebreid over gesproken. En toen heeft, sorry. Dinsdag hebben we er een motie over aangenomen, nou, die heeft het college ook omarmd. Ik wil er nog aan toevoegen dat de motie van Jouw Haarlem en alle andere partners, die natuurlijk is aangenomen, richt zich er wel degelijk op om ook een gedegen proces te organiseren. Vandaar ook het specifieke verzoek om nu de belanghebbenden te benaderen. Dus dat staat ook in de motie. En daarnaast wensen we het college succes met de uitvoering. Er is denk ik nog wat uitzoekwerk met het VNG te verrichten en ik ben het verder gewoon akkoord met het voorstel zoals het er ligt. Dus de prijshoogte en de andere juridische aspecten. Dus succes. De voorzitter: Interruptie, meneer De Groot. De heer De Groot: Ja, dank u, voorzitter. Beste PvdA, u geeft aan: wij willen een gedegen proces. Tegelijkertijd leven we op 28 oktober. Er ligt nog geen tekst, niet van de VNG, hoe gaat u dat gedegen proces vormgeven? De heer Wiedemeijer: Ja, voorzitter. We hadden graag denk ik de motie twee weken eerder aangenomen, dan was er twee weken meer tijd. Maar we weten dat die avond is opgegaan aan de discussie over een van de wethouders, helaas. Dus nu zijn er twee weken minder, er kunnen nog vier weken inspraak, zes weken inspraak houden. Dus er is nog genoeg tijd voor inspraak.

Ik neem aan dat er wel een paar juristen te vinden zijn die de komende maand het gewoon netjes kunnen regelen. De voorzitter: Meneer De Groot. De heer De Groot: Maar u bent het met mij eens dat er op dit moment nog geen tekst is, wij eind oktober leven. Dus hoe groot acht u de kans om zes weken inspraak toe te staan en 1 januari te gaan halen? De heer Wiedemeijer: Zeer groot. De voorzitter: Zeer groot, meneer De Groot. Sorry, dat vond ik even leuk. Meneer Aynan, Jouw Haarlem. De heer Aynan: Ja, dank u wel, voorzitter. Ja, het voelt eigenlijk best wel lekker om een keer tegen het college te kunnen zeggen dat ze door de actualiteit zijn ingehaald. En dat door toedoen van de raad. Want inderdaad, afgelopen dinsdag is onze motie opkoopbescherming zo snel mogelijk met grote meerderheid aangenomen, waarvoor dank voor alle mede-indieners en steun. En voor de rest sluit ik me aan bij de woorden van de PvdA. Maar dit is inderdaad gewoon te doen. En per 1 januari hopen we de opkoopbescherming in te kunnen voeren. De voorzitter: Zijn dat handen voor interrupties of termijnen? Ja, meneer Klaver. De heer Klaver: Ja, toen u over actualiteit begon, toen dacht ik dat u het over een andere actualiteit had, namelijk de actualiteit van gister. Dat het aantal transacties, waarbij een belegger en investeerder de koper is, drastisch is afgenomen ten opzichte van vorig jaar, gehalveerd.

Dus in het licht van die actualiteit zou u ook kunnen zeggen: nou, die urgentie. Kijk, wij discussiëren niet over de toegevoegde waarde van een opkoopregeling, want daar zijn we het wel over eens. Alleen de urgentie die lijkt wat minder te zijn. En of het daadwerkelijk nog iets toevoegt, nou, laat ik tot mijn vraag komen. Ik dacht dat u op die actualiteit doelde, kent u die actualiteit? En hoe kijkt u dan in het licht van die actualiteit aan tegen de opkoopregeling? De voorzitter: Meneer Aynan.

6

De heer Aynan: Wat een heerlijke vraag. Kijk, dat het gehalveerd is wil niet zeggen dat het ook gewoon niet meer bestaat. En iedere belegger die een Haarlems huis opkoopt om dat vervolgens voor enorme prijzen door te verhuren is er wat ons betreft een te veel. En als we dat door de opkoopbescherming tegen kunnen houden, dan doen we dat. En dat doen we het liefst per 1 januari. De voorzitter: Was dat een interruptie voor de termijn? Even meer handen voor de termijn, dan kunnen we even de volgorde. Oh, dat zijn er vier. Mevrouw Kok daarna, meneer Van Leeuwen en dan de ChristenUnie. Meneer Rijbroek. De heer Rijbroek: Dank u wel, voorzitter. Opkoopregeling, ook ter bescherming van. Een opening en vrijlating voor starters op de woningmarkt die het al zo lastig hebben in Haarlem. En daar hebben we speciale doelgroepen aan toegevoegd. Echter, ik heb een opmerking, die verontrust mij wel. Als ik dan kijk naar de gemeente Bergen, daar is een spoeddebat gehouden omdat de minister van Binnenlandse Zaken, Ollengren, verboden heeft om voorrang te geven aan bewoners in hun eigen stad Bergen. En met nadruk de speciale doelgroepen. Hoe dit afloopt, dat weet ik niet. Ik weet niet of de wethouder daarvan op de hoogte is. Want nu stelt men daar voor om het uit te stellen, die woningverordening, naar 2023.

Als we dat doen en niet onze maatregelen, dan denk ik alsnog dat we zeg maar achter het net vissen en allerlei andere met onbedoelde misschien verkeerde redenen die woningen opkopen. De voorzitter: Meneer Wiedemeijer. De heer Wiedemeijer: Ja, voorzitter, ik wil niet lullig zijn. Maar dat juridisch onhoudbare voorstel heeft u notabene zelf dinsdag als motie vreemd voorgesteld. Dus dit is toch echt een hele rare vraag. Want u komt juist met onhoudbare voorstellen om in die huisvestingsverordening te verwerken. En dan vraagt u nu aan het college: nou, doet u misschien niet iets wat juridisch onhoudbaar is? Kom op zeg. De voorzitter: Meneer Rijbroek. De heer Rijbroek: Daar wil ik op reageren, want dat zijn de feiten die het nieuws hebben achterhaald door het feit wat de minister heeft gezegd, Ollengren van Binnenlandse Zaken. En daar kan ik ook geen verandering aanbrengen. Dank u wel. De voorzitter: Dank u wel. Interruptie meneer Aynan. De heer Aynan: Voorzitter, dat is echt gewoon totaal iets anders dan de opkoopbescherming. Dus zullen we dat alsjeblieft even buiten dit debat houden. De voorzitter: Dank u wel. Gaat u verder, meneer Rijbroek. Was u klaar? De heer Rijbroek: ik was klaar. De voorzitter: Dan gaan we naar mevrouw Kok, OPH. Mevrouw Kok: Ja, dank u wel, voorzitter. OP Haarlem is ook voor opkoopbescherming.

Wij horen wel graag van de wethouder of 1 januari inderdaad gaat lukken. Daar zijn we reuze benieuwd naar. De voorzitter: Meneer Van Leeuwen, Actiepartij.

7

De heer Van Leeuwen: Ja, dank u wel. Ja, het onderzoek die je wist dat zou komen. Je zou er een lied over kunnen schrijven, maar het is goed dat het er ligt. Het is een helder onderzoek, waarvoor dank. U geeft aan dat er gebrek aan dekking is in de uitvoering. Ik zou willen voorstellen: kijkt u eens naar de mogelijkheid om de inschatting van de leges van 500 euro daartoe te verhogen. Het zal iets schelen. De aansluiting die u zoekt bij de WOZ-waarde lijkt ons correct. U geeft alleen terecht aan dat er een mediane WOZ-waarde bestaat, die ligt hoger dan de andere WOZ-waarde zeg maar. En die mediane WOZ-waarde, dat geeft de grootste dekking van de woningvoorraad. Dus wij zouden daarvoor pleiten in de uitwerking. Dank u wel. De voorzitter: Dank u wel. Meneer Slik, ChristenUnie. De heer Slik: Dank u, voorzitter. Ja, de ChristenUnie vindt het goed dat die opkoopbescherming nu eindelijk geregeld wordt. Het is een gedegen onderzoek, op wat het CDA noemde, ja, die urgentie blijft wat ons betreft. Het is goed dat er uitzonderingsgevallen zijn vernoemd, eerste of tweedegraads familieleden, tijdelijke vergunningen en dergelijke. Dit voorkomt als klein stapje de marktverzieking die er af en toe is, ten koste van een gewone burger en de belastingbetaler. We hopen dat in de vervolgstappen er heldere regels en voorwaarden geschapen worden.

Precies, die WOZ-waarde, vierkante meters, welke wijk, welke niet. Want voor elke voorwaarde die in het vangnet gesteld wordt vindt een ontwikkelaar of een opkoper wel twee mazen in de regels. Dus wat dat betreft blijft daarom de urgentie wel aanwezig. De voorzitter: Dank u wel. Nog meer mensen die het woord willen voeren? Meneer Van den Doel, GroenLinks. Daarna CDA en D66. De heer Van den Doel: Dank u wel, voorzitter. Ja, ook wij vinden het een goed stuk, wij zijn er blij mee. We hebben de motie gesteund om het zo snel mogelijk, het liefst per 1/1/2022, in te voeren. Omdat we vinden dat we geen dag meer kunnen wachten. De wethouder heeft toegezegd dat er misschien wat juridische loopholes waren. Nou, daar zou ik graag horen van: kunt u daar preciezer over zijn wat dat precies is? Is het alleen de inspraak of ook nog anderszins? En verder ook inderdaad zoals meneer Klaver van het CDA zei van: nu zien we al beleggingen in panden dat dat minder is, de aankopen daartoe. Maar dat is ook maar een fluctuerende markt, dus dat kan morgen weer anders zijn. En daarvoor stellen we regels om te zorgen dat wat nu gebeurt, dat dat blijvend is en dat de starter en de mensen met een wat kleinere portemonnee dan 2-3 keer modaal toch gewoon een woning kunnen kopen en toch gewoon daar kunnen wonen waar ze willen, als het meezit.

En ook nog een goede woning kunnen kopen, in plaats van dat ze zoals het nu is niet kunnen, omdat het opgekocht wordt met name in het goedkope segment. En voor duur verhuur wordt aangewend. Dank u wel. De voorzitter: Dank u wel. Meneer Klaver, CDA. De heer Klaver: Ja, voorzitter. Laat ik beginnen dat het CDA ook voor de opkoopbescherming is, om die in te voeren. Het ligt voor de hand om dat voor de hele stad te doen. De grens is wat ons betreft akkoord, die van 389 duizend. Maar de maar gaat over de zorgvuldigheid. Wat ons betreft zorgvuldigheid boven snelheid. En die actualiteit waar ik het net over had, wat niet een golfbeweging is maar wat ingegeven is door de 8% overdrachtsbelasting voor beleggers. Die maakt dat de hoogste urgentie er wat ons betreft af is en dat dat extra reden is om voor zorgvuldigheid te kiezen boven snelheid. De voorzitter: Dat levert een interruptie op. Meneer Wiedemeijer.

8

De heer Wiedemeijer: Ik had daar een korte vraag over. Want volgens mij door de differentiatie van de overdrachtsbelasting is de belasting in 2020 juist heel erg hoog. En logischerwijs in 2021 wat lager. Als je dat met elkaar gaat vergelijken, dan zal het altijd lager zijn. Dus kunnen we dan niet beter pas, die cijfers zijn een beetje appels met peren vergelijken, dat kun je pas over een langere periode kijken wat het effect daarvan is toch. Dus u snapt mijn vraag. De heer Klaver: U heeft daar natuurlijk gelijk in. Maar ik lees ook dat het aantal transacties lager is dan in alle jaren na 2013. Dus er is wel wat structureels aan de hand, denk ik. Maar goed, maakt niet uit. Wat ons betreft is er dus geen reden voor hijgerigheid, er is geen reden om nou enorm te jagen voor 1 januari. Laten we het goed doen, laten we het goed doen. Laten we kiezen voor zorgvuldigheid, het is dankzij D66 en CDA en mogelijk nog andere partijen dat we op de concept huisvestingsverordening, dat we daar inspraak op hebben. En we weten hoeveel discussie we in deze commissie hebben gehad en hoe belangrijk dus die inspraak is. En dat geldt wat mij betreft ook voor dit punt. Laten we recht doen aan een goede inspraak, aan een zorgvuldig traject, zorgvuldigheid boven snelheid. De voorzitter: Dank u wel. Meneer De Groot, D66. Was dit een interruptie? Nee, dan is eerst meneer De Groot, D66.

De heer De Groot: Ja, dank u, voorzitter. Goed betoog van het CDA, ook wij zijn als D66 voor de invoering van opkoopbescherming. Maar dat was wel duidelijk en er is ook breed draagvlak voor deze stap in deze raad. Er is afgelopen dinsdag wel een nieuwe realiteit ontstaan in de zin van een motie die het college oproept om snelheid te maken. En daar hebben wij wel onze twijfels bij. En ik hoor hier ook een aantal betogen en ik hoor ook meneer Van den Doel zeggen van: we willen het mogelijk maken om voor een modaal inkomen weer een huis te kopen. Ja, meneer Van den Doel, ik wil u niet teleurstellen, maar dit is een pleister. En het is wat dat betreft geen oplossing voor de wond. Rentestanden, aanbod van woningen, dat zijn zaken die veel meer invloed hebben op de woningprijzen dan deze stap. De voorzitter: Meneer Van den Doel. De heer Van den Doel: Nou ja, als u mij aanspreekt, dan moet ik daarop antwoorden natuurlijk, u begrijpt. Nee, ik ben me er heel erg van bewust dat dit een instrument is en niet een totaalpakket. Maar als je niet ergens begint, dan kom je nooit bij het eind. En ik denk dat dit wel een essentieel onderdeel is om bij het eind te komen, namelijk dat die een keer modaal ook een woning kan kopen. Dus ik ben het wel met u eens en niet met u eens. De voorzitter: Ja, maar uw vraag is? De heer De Groot: Dan dank ik u daarvoor. Dat ben ik met meneer Van den Doel eens.

Wat ik het lastige hieraan vind, en dat is ook besproken in de raad afgelopen dinsdag, is dat hier een onzorgvuldig proces dreigt. En dat heeft het college ook wel aangegeven, we maken nu echt wel heel veel haast. Alleen dat is wel een realiteit. Een meerderheid van de raad heeft ingestemd met die motie, ook deze commissiebehandeling brengt draagvlak. Dus het lijkt er heel sterk op dat wij afstevenen op invoering per 1 januari. Dat lijkt ons niet de meest verstandige route en daar zijn wat ons betreft twee wensen die ik graag aan u voor zou willen leggen en ook het college voor wil leggen in dit verdere proces. Wij zouden heel graag ons willen baseren op de VNG-tekst die nog in wording is. Dan hoeven we het niet zelf te doen. En ik zou ook graag van het college willen horen dat wij die ambtelijke capaciteit eigenlijk op dit moment ook niet hebben. En het tweede is dat ik heel graag een inspraakperiode wil van zes weken op die tekst die voorgelegd moet worden. Dat is namelijk de

9

enige manier om inspraak op een zuivere manier te doen, namelijk met de tekst voor handen. Als we dat beide uit willen voeren, dan wordt 1 januari een lastig verhaal. En dus zou ik aan willen sturen op een tussentijdse aanpassing van de huisvestingsverordening, bijvoorbeeld op 1 april of zoveel eerder als mogelijk is. Dank u wel. De voorzitter: Dank u wel. Meneer Bloem, SP. De heer Bloem: Ja, voorzitter. Ik ben blij dat de geluiden die er zijn om hier geen haast mee te maken niet de meerderheid hebben. En dat is gewoon wat ik moet constateren. Ik wil de wethouder vooral veel succes wensen. Regel het, dat is de opdracht en dat is gewoon wat we met zijn allen gaan doen. En het is ook wat de stad vraagt, geen haast maken, niet meer nodig. CDA, alsjeblieft, kijk om je heen. De voorzitter: Interruptie, meneer Klaver. De heer Klaver: Nee, laat maar. Dit vind ik een verkeerde voorstelling van zaken wat ik naar voren heb gebracht. De voorzitter: Meneer Bloem. De heer Bloem: Voorzitter, de verkeerde voorstelling van zaken, die deed het CDA alsof er nu geen woningnood is, alsof het een goed idee is om te wachten. We kunnen niet zoveel doen, u gaf terecht aan, D66, het is geen wondermiddel. Maar als het bloedt en je kan snel een pleister plakken, dan ga je daar niet mee wachten. De voorzitter: Meneer Klaver. De heer Klaver: Ja, u daagt me nu toch andermaal uit.

Ik ben begonnen te zeggen dat wij voor die opkoopbescherming zijn. En het tweede is dat ik voor zorgvuldigheid ben. Dat is wat ik heb gezegd, niet meer en niet minder. De heer Bloem: Ja, voorzitter. We weten allemaal wat zorgvuldigheid bij deze wethouder betekent, dat hebben we bij het Frans Hals museum gezien. Dat is vertraging, vertraging, vertraging. Sorry, u kunt me ook tegenspreken in een interruptie. Maar blijkbaar heb ik gewoon gelijk. De voorzitter: Meneer Van den Doel. De heer Van den Doel: ik vind uw retoriek weer fantastisch. U raapt alles bij elkaar wat u kunt vinden om maar te kijken of u drie minuten een betoog kunt opbouwen. En dat vind ik wel heel erg goedkoop dat u de wethouder en hoe zij acteert, dat een dossier bepalend is voor de rest van haar dossiers die ze onder zich heeft. Ik vind dit echt een lage manier van debatteren. Maar als u daarmee uw drie minuten vol wil krijgen, dan moet u dat vooral doen. De heer Bloem: Oh, voorzitter, geen probleem. Ik kan het ook nog even hebben over de WMO, de wachtlijsten die we daar hebben. Ik kan het hebben over de daklozenopvang waar we het al heel lang over hebben gehad. De voorzitter: U heeft veertien minuten. Gaat dit veertien minuten duren? De heer Bloem: Ja, als ik dat zou willen, voorzitter, dan heb ik die veertien minuten gewoon.

10

De voorzitter: Ja, maar houdt u zich eventjes aan het onderwerp. De heer Bloem: Dus er zijn genoeg voorbeelden waardoor, niet alleen het Frans Hals museum, het gewoon kenmerkend is. En er wordt hier weer gezegd: zorgvuldigheid. En zorgvuldigheid betekent dus per definitie weer vertraging en daar zitten de mensen in de stad niet op te wachten. En dan kunt u zeggen dat ik retorisch ben, u kunt ook gewoon zeggen: u heeft gelijk, we hebben haast nodig, want dat is ook waarom u de motie steunt. De voorzitter: Dank u wel. Nog anderen die het woord willen voeren? Meneer Blokpoel, VVD. De heer Blokpoel: Ja, dank u wel, voorzitter. Ja, in tien jaar tijd is er 10% meer opgekocht door investeerders en 9% minder door de starters. Ik moet ook constateren dat nog steeds ongeveer 37% van de markt wordt gekocht door starters en niet door investeerders. Daarmee onderkennen we het probleem natuurlijk dat er mee opgekocht wordt door investeerders en dat het aanbod voor starters afneemt. Maar we moeten niet met elkaar gaan doen alsof de starters geen kans meer hebben op de woningmarkt. Want nog altijd maakt meer dan een derde heeft kans op die woningmarkt. Meneer Slik. De voorzitter: Meneer Slik. De heer Slik: Ik zou graag van de VVD willen weten of u dan de mismatch ziet tussen welke starters er nog een kans hebben.

Starters in Haarlem die moeten naar Velzenbroek of die moeten naar Beverwijk of die moeten naar Den Helder om nog een kans te maken überhaupt. De voorzitter: Meneer Blokpoel. De heer Blokpoel: Ik zal altijd Haarlem verkiezen boven Den Helder, maar dat daar gelaten. Laten we wel zijn, we staan altijd nog voor die starters. En dat starters ook zeker nog een kans maken in Haarlem. Dat wijzen de cijfers uit, dat leest u in het onderzoek. Tegelijkertijd, zoals ik al zei, is er de bescherming gekomen in de overdrachtsbelasting, daar hebben we het net ook over gehad. De voorzitter: Meneer Wiedemeijer. De heer Wiedemeijer: Ja, ik weet me hier niet zo goed raad mee. Ik hoor de VVD zeggen dat starters zeker nog een kans maken op de woningmarkt in Haarlem. Ik weet echt niet wat ik hoor. Ik bedoel, is dit een ander Haarlem of woon ik in hetzelfde Haarlem? Kunt u dat nog benaderen? Ik vind dit een heel bijzondere conclusie. De heer Blokpoel: Nou, volgens mij woont u in een ander Haarlem, maar dat wisten we al even. Een andere perceptie inderdaad van de woningmarkt. De heer Wiedemeijer: Hoe omschrijft u de kans van starters? Hoelang moeten ze wachten, hoeveel kansen hebben ze op een betaalbare woning? De heer Blokpoel: Ja, we kunnen hier eindeloos een debat voeren over de woningmarkt in Haarlem, heel graag zelfs. Laten we dan ook de markt vragen hier een toelichting te geven.

Uiteraard heb ik onderzoek gedaan naar hoe dat leeft, hoe de makelaars hierover denken. En de makelaars geven ook aan, heel veel verkopers zeggen ook: we willen geen investeerder, we willen het gewoon aan een starter verkopen. En dat gebeurt ook. En er zijn nog heel veel starters die gewoon een huis kunnen kopen in Haarlem. En gelukkig maar, want anders

11

hadden we een heel groot probleem. Maar goed, zoals ik al zei: de overdrachtsbelasting die is ook al aangepast. Die effecten zien we, die effecten hebben duidelijk nut. Maar toch gaat het college nu op verzoek van de meerderheid van de raad heel snel dit paardenmiddel inzetten voor de hele stad. Iets met een mug en een olifant. Maar laten we vooral ook inzetten op het bouwen van woningen en zorgen dat er wel voldoende is, dat er voldoende goedkope koopwoningen, dat we voldoende huurwoningen hebben in het middensegment, zodat iedereen daar nog kans op maakt en we niet steeds meer regels opleggen die de markt niet veel beter maken. En die regels nu even snel op papier zetten met alle mogelijke fouten van dien, mogelijke rechtszaken die het alleen maar in zorgvuldigheid afdoen, dat gaat wat ons betreft te ver. Dus inderdaad, we zeiden het dinsdag ook al: zorgvuldigheid gaat voorop. De capaciteit staat immers al onder druk en waarschijnlijk blijven er nu andere dingen liggen die we later weer op ons bord krijgen. Dus wethouder, is er daarin een mogelijkheid om ook gewoon die zorgvuldigheid te betrachten? En uiteraard, u heeft ook de meerderheid van de raad gehoord dat ze die snelheid willen. Maar ja, 1 januari, meneer De Groot zei het al, is hier onmogelijk natuurlijk.

Dus hoe kunnen we daaruit komen? Een andere vraag die we nog wel hebben: is er niet een mogelijkheid dat bijvoorbeeld in de regeling wordt opgenomen dat als een woning langer dan drie of zes maanden te koop staat, dat het dan weer gewoon aan de markt is om daar iets aan te doen. En dat er dan wel de mogelijkheid is voor investeerders om te kopen. Want als er na drie of zes maanden geen starter is die de woning koopt, dan zou toch iedereen weer kans moeten maken. Er staat nu dat de regeling ook vier jaar lang duurt, waarbij er dan pas geëvalueerd gaat worden. Kunnen we na een jaarlijkse evaluatie toe, waar u jaarlijks rapporteert over het nut van deze regeling. De voorzitter: Meneer Aynan, interruptie. De heer Aynan: Dus u pleit ervoor dat we gaan registreren hoelang woningen dan te koop staan? En na drie maanden mogen ze dan voor een andere prijs ofzo, wat bedoelt u nou concreet? De heer Blokpoel: Meneer Aynan, met deze opkoopbescherming sluit u een doelgroep uit voor het kopen van een woning. Dat is uw keuze, dat is prima. De meerderheid van de raad heeft daarvoor gekozen. Wij zeggen: als die doelgroep, als de huidige doelgroep de starters, die maken daardoor meer kans, dat juichen we toe. Maar tegelijkertijd zeggen we: als die doelgroep van de starters niet binnen drie of zes maanden, dat vragen we dus aan de wethouder om uit te zoeken, niet reageert op die woning.

Waarom zouden we dan nog mensen uit moeten sluiten om ook die woning te kopen? De voorzitter: Meneer Slik. De heer Slik: Ik zou graag van de VVD willen weten, u zegt van: ja, het kost weer formatie. Wat ons betreft is het maar een heel klein beetje extra formatie om een leefbare stad te faciliteren. Maar tegelijkertijd wil u wel het elk jaar evalueren. Ziet u dan niet dat die extra formatie daarvoor gebruikt kan worden? De heer Blokpoel: ik weet niet wat ik met uw vraag moet. Iets opstellen is iets anders dan jaarlijks evalueren. De voorzitter: Oké, dank u wel. Was u aan het einde gekomen van uw betoog? Ja, meneer Aynan. De heer Aynan: Ik snap eigenlijk niet zo goed wat de VVD bedoelt. Dus op het moment dat een huis te koop wordt aangeboden en hij staat drie maanden te koop, dan mag die wel aan een belegger worden verkocht ofzo? Dat betekent toch ook dat je dat kunt uitlokken, dat je ieder bod dat je niet aanstaat, dan zeg je nee. Dan wacht je drie maanden en dan zorg je ervoor dat een belegger het alsnog voor de hoofdprijs krijgt. Is dat wat u wil?

12

De heer Blokpoel: Meneer Aynan, de markt kan daar in zijn werk doen. Als de verkopers die willen ook door. De heer Aynan: We zien nu toch wat de markt nu aan het doen is? Die is onze woningmarkt helemaal aan het verpesten, daarom willen we juist hier een eind aan maken. De voorzitter: Dat is helder, maar is dat een vraag aan de VVD? U mag hem zelf beantwoorden, dat hoeft u niet te doen. Goed, dat is helder. Wie wil hier nog iets over kwijt? Want anders ga ik naar wethouder Meijs. Wethouder Meijs: Dank u wel, voorzitter. Dank u wel, commissie. Ja, zoals ik afgelopen dinsdag al zei: het college zou het steunen als het zo snel mogelijk ingevoerd kan worden. Want het is ons natuurlijk ook wat waard om de huizen die we voor de starters en de middengroep beschikbaar hebben op deze krappe woningmarkt, om die te beschermen van allerlei opkopers. Dus daar kan ik jullie alleen maar in ondersteunen. Vandaar ook dat we die motie als een steun in de rug zien. Maar dit is wel bijtend met wat ik afgelopen dinsdag ook aan u heb voorgehouden van: wil je het zorgvuldig doen? En die zorgvuldigheid zit niet in vertraging, maar wel in de juridische risico’s. En die juridische risico’s zijn best wel groot. We hebben nog geen VNG voorbeeld. Als we daarop zouden moeten wachten, dan wordt het denk ik pas juni. Dus dat lijkt me niet iets als we het over snel hebben invoeren, niet iets wat wenselijk is.

We hebben op dit moment wel contact met andere steden die ook met een voorbeeld werken, daar kunnen we wat van overnemen. Amsterdam, Rotterdam en nog wat steden zijn al wat verder, dus we zijn niet helemaal van scratch af aan bezig. Maar we willen het ook wel goed juridisch toetsen, die tijd krijgen we niet. Als we het op 1 januari al in willen voeren krijgen we die tijd wel, dan zouden we bijvoorbeeld kunnen streven naar maart. Dan zijn we twee maanden verder, dus dan zou je het 1 maart in kunnen voeren. Dan kunnen we het 1, juridisch toetsen, dan kunnen we de regels goed opstellen, dan kunnen we ook kijken hoe we het goed af kunnen stemmen met al onze stakeholders. Maar dat houdt in dat we dus niet 1 januari halen. Als we 1 januari doen, dan kunnen we het niet voorleggen voor de inspraak, want we moeten de tekst nog opstellen. Dus PvdA denkt dat we dat heel snel voor 1 januari al kunnen doen, dat is echt niet haalbaar. Want dat betekent dat die aanpassing in november pas in het college komt. Dan komt het in december bij u in de commissie en dan kunnen we in eind december in de raad erover beslissen. En dan is die 1 januari in de huisvestingsverordening opgenomen. De voorzitter: Meneer Wiedemeijer. De heer Wiedemeijer: Ja, voorzitter. Ik snap wel de complicatie die mevrouw Meijs schetst.

Echter er is geen juridische verplichting op het in inspraak leggen van de huisvestingsverordening. Dat hebben we alleen gedaan omdat inderdaad een aantal partijen dat wilden. Dus dat betekent dat we nu ook al het voornemen wat de raad dinsdag heeft geuit aan alle belanghebbenden kunnen voorleggen. Dat is niet exact hetzelfde als een juridische formulering, maar voorziet wel in een vorm van participatie die juridisch dus al niet verplicht is. Dus u kunt het ook op die manier oplossen om het in ieder geval daar nu mee aan te vangen. Wethouder Meijs: Dat klopt ook. Ik schets u alleen maar even het landschap waar we mee te maken hebben. Het moment dat wij nog niet een volledige vergunning hebben of een volledige verordening hebben, sorry, en we worden achteraf door rechtszaken of juridische zaken teruggefloten, dan kan het tegen je gaan werken. En dan kom je in een oneigenlijke tijdspad terecht, want dan heb je een opkoopbescherming toegevoegd aan je verordening, dan word je rechts of links ingehaald door juridische zaken en moet je je verordening alsnog aanpassen. En dan loopt die opkoopbescherming eigenlijk doordat je hem zo snel hebt ingevoerd tegen het feit dat je gewoon een deel van je markt wil beschermen voor starters in het middeldeel.

Ik snap heel goed wat het pijnpunt is en ik begrijp ook heel erg goed dat we hier te maken hebben met een wooncrisis en dat we te maken hebben met een aantal investeerders die hier in verschillende wijken, vooral in de oude binnenstad

13

en in bepaalde wijken van Haarlem, massaal opkopen. Dat is natuurlijk heel erg onwenselijk, dus ook ik ben voor die opkoopbescherming. Maar mijn zaak is om u wel te waarschuwen, als ik het 1 januari invoer dan hebben we geen inspraak in de inzagelegging. Dan hebben we maar een beperkte afstemming met onze stakeholders en dan is de juridische toetsing ook nog beperkt. En nog een klein detail, want dat waren de vragen die ook nog gesteld worden. Dan heb ik al de vragen wel beantwoord. Ja, we hebben los van die juridische zaken hebben we ook nog budgettair personeelsproblemen. We moeten natuurlijk ook dealen met de mensen waar we nu op dit moment met de ambtenaren mee van doen hebben. Dus we moeten mensen weghalen op andere zaken. Dus het wordt ook nog even een hell of a job om het dan voor 1 januari te klaren. De voorzitter: U heeft de vragen beantwoord. Ik zie een heleboel vingers, we maken er gewoon een tweede termijn van. Wat vindt u daarvan. Meneer Slik, dan de Actiepartij en dan OPH. De heer Slik: Dank u. Een vervolgvraag aan de wethouder op het laatste wat u zei. Even kijken, hoe ga ik dat zeggen. U zegt van: nou ja, we hebben geen tijd voor de stakeholders. Als er geen inspraak benodigd is, dan is volgens mij de raad de enige stakeholder. Dus dan zou ik zeggen: maak wel vaart. De voorzitter: Mevrouw Kok, OPH. Mevrouw Kok; Ja, ik had een soortgelijke vraag.

Wie bedoelt u precies met de stakeholders? En ja, daar kunt u toch direct mee starten, met dat overleg? De voorzitter: Meneer Van Leeuwen, Actiepartij. De heer Van Leeuwen: Ja, voorzitter. Alles wat ik heb gehoord over inspraakprocedures en dergelijke en stakeholders vind ik eigenlijk het minst relevant. Het meest relevante wat de wethouder hierover zegt is de juridische toets die ze wil doen. Daar heb ik begrip voor. Ik zou alleen willen weten hoe zij dat voor zich ziet, misschien heeft ze het gezegd, als de VNG als leidend instrument zou willen zien waar we dan mee te maken hebben. Qua invoeringsdatum. De voorzitter: Meneer Blokpoel. De heer Blokpoel: Ja, ik heb nog geen antwoord gehad op mijn vragen. De voorzitter: Dank u wel. Meneer Wiedemeijer, PvdA. De heer Wiedemeijer: Voorzitter, wat ons betreft blijft het streven gewoon 1 januari en kunnen belanghebbenden nu al over het voornemen informeren. Ik snap dat we de uiteindelijk juridische tekst niet kunne voorleggen, maar dat is dus ook geen formele wettelijke verplichting. Dus de inspraak doen we alleen maar omdat wij dat als raad wensen, niet omdat het moet. En ik heb er begrip voor dat de juridische zaken ook via VNG en andere gemeenten, dat dat nog wat complicaties kan opleveren snap ik, maar het streven moet gewoon 1 januari blijven.

En op die manier houden we er ook gewoon de druk op om de juristen samen met de VNG daar gewoon mee aan de slag te gaan. Nou, daar gaan we voor. De voorzitter: Dank u wel. Meneer De Groot, D66. De heer De Groot: Ja, dank u, voorzitter. Ja, complimenten aan het college. Ik snap heel goed dat het lastig is om aan alle wensen van deze commissie en de raad, om die gestand te doen. Ik vind het echt heel bijzonder wat hier gaat gebeuren, want we gaan dus blijkbaar een verordening die we niet kunnen voorleggen op 1

14

januari invoeren, zonder dat we hem hier nog een keer bespreken. Ik vind dat echt heel erg raar dat de meerderheid van deze commissie kiest voor een dergelijke procedure. De voorzitter: Meneer Wiedemeijer. De heer Wiedemeijer: Ja, voorzitter, ik vind het prima als u het met mij oneens bent. Maar u verkondigt nu fake news, want de huisvestingsverordening komt gewoon terug naar de inspraak. Dus kunt u bevestigen dat u er zelf naast zit? De heer De Groot: Wat ik zeg is dat de tekst van dit stukje van de verordening, namelijk die opkoopbescherming, die gaat niet op de commissie van 2 december klaar zijn. Dus die gaan wij helemaal hier niet bespreken, voordat die op 1 januari ingevoerd wordt. Dus u wil gewoon, pardon … De voorzitter: Meneer De Groot heeft het woord. De heer De Groot: U geeft het college nu mandaat om een stuk tekst in te voeren waar u verder niet meer naar kunt kijken. En dat alleen maar omdat u zoveel urgentie voelt. Ik vind dat onbegrijpelijk. De voorzitter: Meneer Wiedemeijer. De heer Wiedemeijer: Voorzitter, dat is deels waar. Dus de huisvestingsverordening, daar rust geen juridische verplichting op om die in inspraak te leggen. De voorzitter: Dat heeft u verteld. De heer Wiedemeijer: Desalniettemin verzoek ik, ja, maar ik vind dat u echt fake news verkondigt.

Want wij hebben duidelijk gevraagd om belanghebbenden en om hier inspraak, dat staat letterlijk in de motie. Dus u wrijft andere iets staan wat gewoon feitelijk niet waar is. Dat vind ik echt heel vervelend. De heer De Groot: Meneer Wiedemeijer, is er op dit moment een juridische tekst met betrekking tot de opkoopbescherming, ja of nee? De heer Wiedemeijer: Nee, maar het voornemen kan die partijen worden voorgelegd. De heer De Groot: Nee, dus die tekst is er niet. De voorzitter: Volgens mij verschilt u hier van mening over, dat is duidelijk. Wie wil nog meer het woord voeren in de tweede termijn? Mevrouw Van Zetten en dan meneer Klaver. Mevrouw Van Zetten: Een klein dingetje dan. Ik hoor meneer Wiedemeijer zeggen: het is niet wettelijk verplicht om zaken in inspraak te doen. Maar wij hebben hier ook gewoon gewoonten en we hebben afspraken gemaakt in feite met de burgers van deze stad. Nou, dat betwijfel ik, daarin steun ik wel D66. Nou, u bent wel … De voorzitter: Meneer Wiedemeijer, als u iets wil zeggen dan moet u het woord voeren. Nee, maar meneer Wiedemeijer, het woord heeft u niet. Mevrouw Van Zetten.

15

Mevrouw Van Zetten: Ik vind als er bepaalde zaken toch wel ingrijpend zijn, dat we dat in de inspraak laten gaan. Daar moet dan ook de tijd voor zijn en die moet u dan ook gebruiken. En daarin steun ik de wethouder. De voorzitter: Meneer Klaver. De heer Klaver: Ja, ik kon me goed vinden in de beantwoording van de wethouder. ik denk dat we afkoersen op invoering per 1 april. Ik denk dat we dan recht doen aan zorgvuldigheid, dat we de inspraakprocedure kunnen doorlopen zoals we dat gewend zijn. En als raad willen we een goede inspraak. En dan denk ik niet dat het bij dit onderwerp zo kan zijn, want het is best ingrijpend dat we daar toch te makkelijk mee omgaan. Dus ik kan mij heel goed vinden in de benadering van de wethouder. De voorzitter: Dank u wel. Meneer Wiedemeijer, had u nog behoefte eraan om iets te zeggen? Nee, dank u wel. Mevrouw Meijs, wil u nog reageren op de commissie? Wethouder Meijs: Ja, weet je, dat is altijd wel een dilemma. En zeker als ik kijk naar de eerste inspreektermijn, als ik het woord zorgvuldig ga gebruiken. Maar vorige keer in de bespreking in de commissie werd geopperd dat Amsterdam 1 januari het zou invoeren. Amsterdam gaat het ook niet op 1 januari invoeren. Die zal waarschijnlijk ietsje later zijn, ook februari of maart, misschien wel april.

Maar goed, ik heb het dilemma hier wel voor mij dat er afgelopen dinsdag een motie is aangenomen die gewoon stelt dat wij op 1 januari een opkoopregeling geregeld hebben. Ik kan u in ieder geval zeggen dat wij 2 december met een tekstvoorstel zullen komen, zoals die is … Ik zeg u: in december ligt er een tekst. Oh, ik kijk de verkeerde meneer aan, pardon. Dan zal er een tekst liggen, zodat u daar niet alleen maar dat wij die tekst zien, maar dat u die tekst ziet. Maar die wordt dan 2 december toegevoegd aan de huisvestingsverordening en daar beslist u dan over. Maar die is niet totaal dichtgetimmerd voor juridische toetsing, dat is het risico wat ik u meegeef. Het woord plak- en knipwerk dat doe ik eerlijk gezegd de professionaliteit van de afdeling tekort. Maar wij zullen echt wel zorgen dat daar natuurlijk iets ligt wat goed is. Maar ik zeg u, wij hebben dan geen inspraak gehad. En wie zijn de stakeholders? Nou, dat zijn onder andere onze gemeentes in de regio waar we mee van doen hebben, want daar hebben we een huisvestingsverordening mee. Daar zeggen we, daar maken we alle afspraken mee. Dus daar moeten we ook mee afstemmen dat we in de huisvestingsverordening deze opkoopverordening toevoegen. En we zullen dat ook met makelaars moeten afstemmen. Ik bedoel, er zijn vele partijen die in deze stad van doen hebben met koopwoningen, nog even als antwoord op de VVD.

Huizen die langer dan drie tot zes maanden, nou ja, niet gekocht of verkocht worden. Ik denk eerlijk gezegd dat er dan iets met de prijs aan de hand is. Dus volgens mij kun je dat niet opnemen in de verordening en ben je alleen maar bezig met een opdrijving van de verkoopprijs. Dus ik zal dat technisch uitvragen of dat zou kunnen, maar volgens mij is dat wel een hele bijzondere toevoeging aan een opkoopbescherming als huizen langer leeg staan. De voorzitter: Vier handen. Eerst meneer Wiedemeijer. De heer Wiedemeijer: Ja, ik heb twee vragen. Eerst voor de zekerheid, u gaat dus belanghebbenden wel informeren over dit voornemen? Dus die oplossing, die route neemt u dan aan. En ten tweede, volgens mij is de inspraak op de huisvestingsverordening, die verloopt volgens mij eind oktober. Dus de mensen die daarop hebben ingesproken kunt u alvast ook als reactie dit voornemen nemen. Want dat zijn de mensen die nu ook al inspraak hebben gegeven op de huisvestingsverordening. De voorzitter: Ja, u mag reageren hoor.

16

Wethouder Meijs: Nou, dat eerste ja. Wij kunnen ze natuurlijk meenemen, ook zij lezen natuurlijk de kranten, zij weten ook wel dat er een motie is aangenomen en dat dit uitgevoerd gaat worden op 1 januari. Tenminste, dat het voornemen er is. Maar dat tweede, dat vind ik wel, ja, bijzonder wat u zegt. Dat kan niet. De voorzitter: Meneer Klaver zag ik. De heer Klaver: Ja, nou was ik zo blij met uw beantwoording. En vervolgens gaat u toch doen wat de motie vraagt. En dat snap ik in zekere zin, maar ik begrijp dat u dan iets gaat doen waarvan u zelf zegt: dat is eigenlijk onverantwoord. Klopt dat? Wethouder Meijs: Nee, ik zeg niet onverantwoord. Ik heb u gewezen op een bepaald risico wat we lopen. En dat heb ik bij u voorgelegd. De voorzitter: Meneer Van den Doel. De heer Van den Doel: Ja, u zegt … De voorzitter: Eerst meneer Van den Doel dan maar, gaat u. U was al begonnen. De heer Van den Doel: Dank u wel, voorzitter. Ja, u zegt van: nou, dan krijgt u 2 december de tekst. Maar die is nog niet juridisch getoetst. Dan denk ik, of beperkt getoetst. Want ik weet niet hoe lang dat gaat duren, zo’n extra juridische toets. Want dan is misschien 1 februari ook onmogelijk. Kijk, ik bedoel, we hebben de motie gesteund omdat wij zien het risico van dat we een kopershausse krijgen, dat elk huis wat ook maar enigszins in aanmerking komt door beleggers wordt gekocht.

En dan wil ik nog wel even zeggen dat het feit dat beleggers op de markt zijn prijsopdrijvend is. En dat betekent dat je als starter meer moet betalen dan je eigenlijk had gehoeven, omdat de beleggers in de achtergrond meedoen. Maar goed, even terug over de tijdigheid. GroenLinks is ook wel voor zorgvuldigheid, maar we zien ook het risico om het uit te stellen. Vandaar dat we het hebben gesteund. En als u zegt dat u 2 december een degelijk stuk kunt neerleggen, dan willen wij graag daarnaar kijken en dan afwegen wat we precies moeten gaan doen. Want uiteindelijk nemen we dan het besluit. De voorzitter: Dank u wel. Mevrouw Van Zetten, Hart voor Haarlem. Mevrouw Van Zetten: Ja, Hart voor Haarlem hecht in ieder geval aan behoorlijk bestuur. U praat heel erg over zorgvuldigheid, maar we hebben het gewoon over behoorlijk bestuur. En daar hoort inspraak en participatie bij. Ik vind de Partij van de Arbeid behoorlijk dwingend. En kunnen we even constateren dat de motie toch gewoon richtinggevend is. Ik heb hier vele moties gewoon aangenomen gezien die niet worden uitgevoerd, of althans heel erg worden vertraagd. En daar spreek ik dan de wethouder ook op aan, dus ik begrijp niet waarom wij ons behoorlijke bestuur in de wagenschaal gaan stellen om nu op het moment onder stoom en kokend water deze motie die dinsdag aangenomen is uit te voeren.

En ik hecht er wel aan dat wij ons niet belachelijk maken in de regio. Dank u wel. De voorzitter: Dank u wel. Meneer Blokpoel nog, VVD. Nee, niet meer? Dank u wel. Mevrouw Meijs. Wethouder Meijs: Nou, ik heb u op twee zaken gewezen, dat is als eerste natuurlijk de juridische toets. En het tweede was dat er geen inspraak kan plaatsvinden als we het op 1 januari invoeren. Dat zijn de twee zaken die ik u heb voorgelegd.

17

De voorzitter: Oké, volgens mij hebben we alles nu wel besproken. En de wethouder heeft drie keer gereageerd op uw vragen. Ik wil dit onderwerp hier eigenlijk mee gaan afronden, het komt niet meer terug op de agenda van de raad. 2 december, ja. Meneer Aynan kondigt een motie vreemd aan. De heer Aynan: Nee, dat was … De voorzitter: Oh grapje, gelukkig. Ja, zeker, zouden we meer van moeten hebben. Even kijken. 8.

Concept Raadsjaargenda 2022 commissie Ontwikkeling (FR/MTM/JB) De voorzitter: Wij zitten bij de raadsjaaragenda. Dat gaat over de nieuwe punten voor de planning van deze commissie. Aan u wordt gepland of u nog onderwerpen wil toevoegen of die u verwacht. En ook wordt er nu gevraagd of er belangrijke kaderstellende onderwerpen zijn, waarvoor wellicht een startnotitie gewenst is. Meneer Blokpoel. De heer Blokpoel: Ja, dank u wel. We hebben het dinsdag een korte tijd gehad over het Frans Hals museum en dat staat niet op de agenda. Dus dat geeft ook wel aan hoe groot de urgentie was. Dus graag zouden we dat toegevoegd willen zien op de agenda, in ieder geval de toezegging dat er iets in januari of februari komt. De voorzitter: Even over hoe de raadsjaaragenda werkt. Mij wordt uitgelegd dat het altijd om de nieuwe onderwerpen zijn. Dus het Frans Hals zal gewoon doorschuiven vanuit de agenda van dit jaar. Dit zijn gewoon, dit is de raadsjaaragenda met de nieuwe onderwerpen voor volgend jaar. Zo doen we dat elk jaar. Het is geen verwijt verder. De heer Blokpoel: Nee, het is prima, ook al was het wel een verwijt, dat is goed. De voorzitter: Maar het staat genoteerd. U heeft het genoemd. De heer Blokpoel: De vraag dan waarom het C-district er dan wel opstaat, terwijl dat onderwerp ook al behandeld is. Maar goed, voor zover. De voorzitter: Ik dacht het niet. Maar helder.

Mevrouw Van Zetten. Mevrouw Van Zetten: Dan weet ik ook niet of ik het allemaal goed zeg. Maar in ieder geval het lijkt mij dat het depot, los van het Frans Hals museum, het depot er wel moet komen. Dat staat nota bene ook in het investeringsplan en dat lijkt me een nieuw onderwerp, want we hebben nog geen idee waar het zou komen. De voorzitter: Dat lijkt mij ook een nieuw onderwerp. Mevrouw Van Zetten: Dus dat lijkt me dan toch dat ik een goede aanvulling doe. Ik heb ook al een hele tijd niets gehoord wat er gaat gebeuren bij het Lieven de Key-terrein van de school. De Lange Wijngaardstraat is niet speciaal een nieuw onderwerp, maar daar zal toch iets moeten gaan gebeuren. En wat had ik nou nog meer? Ja, het stationsplein is geen nieuw onderwerp, dat zal dan wel op de lopende agenda staan. Maar ik heb die nu niet gezien, dus ik dacht: wat gaat hier allemaal gebeuren en wat missen wij nu? De voorzitter: Lange Wijngaardstraat, stationsplein. Mevrouw Van Zetten: En het depot.

18

De voorzitter: Ja, dat had ik al bevestigd. Ja, is genoteerd. Komen we daar nog even op terug dan? Mevrouw Van Zetten: Helemaal niet duidelijk hoe het staat met de bibliotheek. De voorzitter: En de bibliotheek. Wat bedoelt u met de bibliotheek? Mevrouw Van Zetten: Nou, daar hebben we vijf miljoen vier jaar geleden … De voorzitter: De investeringsplannen? Mevrouw Van Zetten: Ja, van wat gebeurt er eigenlijk? We hebben geen idee. Maar dat is al misschien een oud onderwerp. De voorzitter: Ja, daarom, daar kijken we even naar. Maar het is goed dat u het genoemd heeft. Meneer Amand. De heer Amand: Dank u wel, voorzitter. Mijn vraag en Trots vraag is eigenlijk: het Frans Hals museum depot naar Schalkwijk. Dat zouden wij graag willen dat dat onderzocht wordt. De volgende vraag heb ik: hoe zit het met het energieterrein van het hotel of wat er zou komen? Ook nergens gelezen. Ik heb nu gezien dat er padellen is, dus we kunnen daar sporten. Maar wanneer wordt die grond verkocht aan Lingetto? Is wat bekend, we horen niks? Ik hoor het van de buitenwereld, van ondernemers, maar van het bestuur hier hoor ik helemaal niks. Dus bij deze: waarom staat dat niet geagendeerd en waarom horen we niks? De voorzitter: Misschien is dat goed om daar een rondvraag aan de commissie, aan de wethouder, over te stellen. Nieuwe energie, hoe staat dat.

We kunnen padellen daar inmiddels, we kunnen daar ook slapen. De heer Amand: Voorzitter, ik ben uitgenodigd om te gaan padellen daar. Nou ja, ik heb bionische knieën, dus dat zal moeilijk gaan. Maar ik ga er toch heen. Dus kom even met een goed fris onderwerp en rond het eens af. De voorzitter: Ja, even een check in de commissie. Waren dat alle opmerkingen? Dan even kijken wat meneer Roduner ons nog kan melden. Wethouder Roduner: Nou, volgens mij het concept programma van eisen, dus meer de stedenbouwkundige plannen zijn hier behandeld in de commissie, er is inspraak geweest. En we proberen, er wordt volgens mij hard gewerkt met de ontwikkelaar om tot een overeenkomst te komen van die verkoop van die twee kavels die we nog hebben. Zodat inderdaad ook, maar goed, ondertussen wordt er wel heel erg hard al gewerkt aan het vernieuwen van de bestaande gebouwen, dus dat is denk ik heel fijn. Alleen het directiekantoor, dat is hetgeen waarom we ook snel willen dat het laatste kavel verkocht wordt, zodat we daar ook snel mee aan de slag kunnen, dat dat niet verder vervalt. De voorzitter: Meneer Amand. De heer Amand: Mag ik een korte vraag stellen, voorzitter. Kunt u een termijn vertellen wanneer u nou rond bent met Lingetto? Dat zit gewoon op de financiële transactie ‘…’.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij iBabs is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/12267295/1