20210252484 1 Besluit concept groenbeleidsplan vrijgeven voor inspraak
Tekst van het document
Collegebesluit
Onderwerp Concept Groenbeleidsplan Nummer 2021/252484 Portefeuillehouder De Raadt, E. Programma/beleidsveld 5.1 Openbare ruimte en mobiliteit Afdeling BBOR Auteur Esterik, D.M. van Telefoonnummer 023-5113380 Email dmesterik@haarlem.nl Kernboodschap Het college besluit om het concept Groenbeleidsplan ter bespreking naar de commissie Beheer te sturen met het doel om dit na 10 februari vrij te geven voor inspraak. Er wordt op dit moment nog niet om een keuze in één van de 4 routes gevraagd. Na de inspraakperiode van 6 weken, worden de reacties verwerkt in het concept en wordt de nota van beantwoording opgesteld. Hierna stelt het college aan de raad voor om het Groenbeleidsplan vast te stellen.
Behandelvoorstel voor commissie
Relevante eerdere besluiten Besluit College d.d. 25 januari 2022
Vooruitlopend op de vaststelling van het NatuurNetwerk Haarlem besluit het college tot het aanpassen van de status van een aantal gebieden die in ecologisch opzicht veel waarde hebben. Binnen het kader van het Groenbeleidsplan besluit het college voorts om de Gedragscode soortbescherming gemeenten (2020-1217998) voor ruimtelijke ontwikkeling en bestendig beheer, ter vaststelling aan de raad te sturen. Het college stuurt het besluit over het concept Groenbeleidsplan ter bespreking naar de commissie Beheer met het doel om dit vrij te geven voor inspraak. Het college besluit de Gedragscode soortbescherming om advies naar de commissie Beheer te sturen. https://Raad/2020/25-juni/19:30/Startnotitie-integraal-groenbeleidsplan Het college van burgemeester en wethouders Besluit: 1. Het concept Groenbeleidsplan vrij te geven voor inspraak daags na de bespreking in de commissie Beheer; 2. Aanpassingen te doen in de status van gebieden met een grote ecologische waarde overeenkomstig de bijlage 10 van het Groenbeleidsplan. de secretaris,
Kenmerk: 2021/252484
de burgemeester,2
1/6
1. Inleiding Naar aanleiding van de Startnotitie die uw raad op 25 juni 2020 heeft vastgesteld is het nieuwe Groenbeleidsplan uitgewerkt. Het Groenbeleidsplan zal het Groenstructuurplan uit 1991 vervangen. In een viertal digitale werksessies zijn de voornaamste groene stakeholders in de stad betrokken bij de totstandkoming van het Groenbeleidsplan. De commissie Beheer beoordeelt of het concept voor inspraak kan worden vrijgegeven.
2. Besluitpunten college 1. Het concept Groenbeleidsplan vrij te geven voor inspraak daags na de bespreking in de commissie Beheer. 2. Aanpassingen te doen in de status van gebieden met een grote ecologische waarde overeenkomstig bijlage 10 van het Groenbeleidsplan.
3. Beoogd resultaat Met het concept Groenbeleidsplan wordt een strategie gepresenteerd voor de actualisatie van het groenbeleid en de integratie met verwant beleid zoals klimaatadaptatie. Het plan past binnen de Omgevingsvisie en is overkoepelend voor het bestaande groenbeleid zoals het Ecologisch beleidsplan en het toekomstig beleid zoals het Bomenbeleidsplan. Verder biedt het plan handvatten voor het opstellen van een adequaat groenbeheer en het incorporeren van een actieve burgerbetrokkenheid. Het streven is om onze stad in 2030 aanmerkelijk meer ‘vergroend’ te hebben en het beleidsplan stippelt de route uit om dit doel te bereiken: Haarlem gaat op groen! 4. Argumenten 1 Robuust groenbeleid is noodzakelijk voor een leefbare toekomst Groen in de stad is onmisbaar en is van groot belang voor een leefbare toekomst. Onze wereld staat onder druk door klimaatverandering, vermindering van de biodiversiteit en verstoring van de natuurlijke balans. Juist op lokaal niveau kunnen wij maatregelen nemen die een positieve invloed hebben op onze leefomgeving en daarmee op ons welzijn. Inwoners van Haarlem moeten groen in de directe omgeving kunnen ervaren en hier ontspanning kunnen vinden. Maar ook hun eigen bijdrage aan een groener Haarlem kunnen geven door hier in de buurt mee bezig te zijn. Het groen draagt direct bij aan de klimaatadaptatie en de biodiversiteit.
De ambitie is om Haarlem een gezonde, leefbare toekomst te geven en daarom heeft het college opdracht gegeven voor het opstellen van dit Groenbeleidsplan zodat mede met hulp hiervan een solide basis wordt gecreëerd. 2 Past in het gemeentelijke beleid De Omgevingsvisie zet voor Haarlem de stip op de horizon voor een gezonde en leefbare stad in 2045 en voor welke integrale opgaven de stad zich ziet staan. Het Groenbeleidsplan schetst hoe tot 2030
Kenmerk: 2021/252484
2/6
met groen gewerkt kan worden aan de integrale opgaven. Bij de opstelling van het Groenbeleidsplan is daarom rekening gehouden met de uitgangspunten van de Omgevingsvisie en de Structuurvisie Openbare Ruimte als overkoepelend beleid. Met name is getoetst of het Groenbeleidsplan binnen de kaders van de Omgevingsvisie op een adequate manier kan worden uitgewerkt. Meer groen realiseren in de verdichte stad is een uitdaging en vereist creatieve toepassingen. Waar de Omgevingsvisie niet de aangewezen plek was om een vuistregel voor het betrekken van groen op te nemen, is het Groenbeleidsplan dat wel. De vuistregel luidt: 3-30-300 en betekent dat vanuit elke woning 3 bomen te zien zijn, is 30 procent aan openbaar groen als percentage van het totale oppervlak in de wijk aanwezig, en is in de nabijheid van 300 meter van een woning een groen park of plantsoen toegankelijk. Wij realiseren ons dat het niet mogelijk zal zijn om in elke buurt van Haarlem aan alle drie de niveaus te voldoen, een vuistregel geeft aan dat het in de meeste gevallen wel opgaat. De vuistregel nodigt wel uit om op drie niveaus aan verbetering te werken. In onderliggend beleid en regelgeving zal de uitwerking van visie en beleid fijnmaziger en concreter worden, passend bij uitvoering in een specifiek gebied. Per gebied zal het maatwerk zijn hoeveel groen kan worden toegevoegd en op welke manier dit kan gebeuren.
Daarnaast is rekening gehouden met het Duurzaamheidsbeleid, met name klimaatadaptatie. Het Groenbeleidsplan biedt een overkoepelend kader voor de ontwikkeling van Haarlem tot een groene en toekomstbestendige stad. 3 Opgesteld met input van de groene stakeholders Bij de formulering van de groene opgave, de opstelling van de groene speerpunten, de te volgen strategie en de maatregelen zijn de belangrijkste groene stakeholders in Haarlem in vier digitale werksessies betrokken en geconsulteerd. Met het Groenbeleidsplan wordt een basis gelegd voor de meer concrete uitwerking in deelbeleid als Bomenbeleidsplan, Bomenverordening, NatuurNetwerk Haarlem, Maaibeleid, Gedragscode en dergelijke. 4 Aandachtspunten voor verbetering van het groenbeleid De stad Haarlem is gunstig gesitueerd in het overgangsgebied tussen verschillende landschappen en van nature is de bebouwing in een langgerekte vorm op een strandwal gegroeid. Hierdoor is het groene buitengebied vanuit de stad nooit ver weg. Ook in Haarlem zelf zijn fraaie groene parels aanwezig in de vorm van een aantal (monumentale) stadsparken en een aantrekkelijke groene zoom langs de stadsrand. Niettemin is er een grote uitdaging om het groen en de natuur in de stad in de toekomst te versterken. Er ligt een grote woningbouwopgave met direct in het kielzog ontwikkelingen zoals meer voorzieningen, meer en intensievere mobiliteit.
Het Groenbeleidsplan formuleert de volgende speerpunten: 1. Naar een kwalitatievere, groenere woonomgeving 2. Naar een klimaatbestendige stad 3. Naar een meer biodiverse stad 4. Naar een groenbewustere stad
Kenmerk: 2021/252484
3/6
Deze speerpunten geven focus en richting aan het groenbeleid. De uitwerking van deze speerpunten - het ‘hoe’- gebeurt door middel van vier sporen. 5 Integrale uitwerking in vier sporen De vergroeningsopgave wordt in samenhang met de opgaven van andere functies uitgewerkt. Dit zijn als eerste de verdichting van de woningbouw in de diverse ontwikkelzones en de mobiliteitsopgave. Niet alles kan overal maar ook in een verdichte stad kan groen uitstekend worden geïntegreerd. In vier groene sporen wordt duidelijk op welke wijze aan de vier speerpunten wordt gewerkt en wie hiervoor binnen de stad een rol heeft. De vier groene sporen zijn: - Groeninclusief ontwerpen; hierbij kunnen zowel gemeente als andere ontwikkelaars aan zet zijn dan wel bijdragen. In de processen en projecten van de ruimtelijke ontwikkeling wordt een groen instrumentarium verankerd zodat in ieder ontwerp groen en ecologie actief wordt betrokken; - Actief werken aan de groendragers (groene structuur), hiervoor ligt het initiatief bij de gemeente; - Vergroeningsprojecten in de woonomgeving, bijvoorbeeld groene experimenten in groenarme wijken waarbij gemeente, woningcorporaties en bewoners een rol hebben.
In het recente verleden al ingezet, dienen deze projecten te worden gestimuleerd en gefaciliteerd; - Partnerschap in vergroening; benutten van de kracht van de samenleving bij het vergroenen waarbij meerdere actoren zijn betrokken: onder meer wijkraden, maatschappelijke organisaties, bewoners maar ook onze natuur- en milieueducatie, enz. De rol van de gemeente is hier faciliterend waar het gaat om ruimte geven aan groene initiatieven en stimulerend waar het gaat om educatie en participatie. 6 Groenbeleidsplan is in lijn met de nieuwe Gedragscode In december 2020 is de nieuwe Gedragscode Soortbescherming vastgesteld door de Minister van Landbouw en Natuurbeheer op basis van de Wet natuurbescherming. De Gedragscode maakt het algemeen mogelijk om handelingen te verrichten, als voldoende zeker is dat beschermde soorten niet worden verstoord, in de meest brede betekenis. Deze Gedragscode stelt strengere eisen aan het jaarrond werken, inrichten OR en ruimtelijke inrichting. In de oude Gedragscode was het vooronderzoek vrijblijvend, met als gevolg meer kans op verstoring van beschermde soorten. De vervanging van de Gedragscode is een uitwerking van het ecologisch beleid en onderdeel van het groenbeleid. 7 Strategie Om te kunnen voldoen aan de ambitie ‘Haarlem gaat op groen in 2030’ is het streven om op korte termijn zoveel mogelijk van de vergroeningsopgave te realiseren.
Niettemin zijn er vier routes uitgewerkt waarbij het tempo waarbinnen de groenambitie wordt gerealiseerd door de raad kan
Kenmerk: 2021/252484
4/6
worden bepaald op basis van te kiezen prioriteiten (zie Groenbeleidsplan bijlage 9). Hierbij geldt vanaf 2023 tot en met 2030 dat: Bij route 0: ‘Haarlem verliest groen’ wordt jaarlijks geen aanvullend budget beschikbaar gesteld. In deze route wordt het steeds moeilijker om het huidige groen areaal te behouden als gevolg van oplopende kosten in onderhoud en beheer. Oorzaken zijn de toenemende gebruiksdruk door woningverdichting en de negatieve effecten van klimaatverandering met groenschade als gevolg. Bij Route 1: ‘Haarlem gaat voor groen in 2050’ de voorgestelde maatregelen worden gedekt door een beperkt extra budget van bijna 1 miljoen euro. Bij deze route wordt de huidige groenkwaliteit wel gehandhaafd maar zal de groenkwaliteit door verbetering van werkprocessen en beperkte extra maatregelen, slechts langzaam toenemen. Bij Route 2: ‘Haarlem gaat voor groen in 2040’ met een budget van circa 1,5 miljoen euro het mogelijk is om gerichte maatregelen te nemen waardoor kansen ontstaan om het groen te versterken in samenwerking met bewoners en maatschappelijke organisaties. De horizon voor een groen Haarlem overeenkomstig de ambitie ligt bij deze route echter na 2030. Bij Route 3: ‘Haarlem gaat voor groen in 2030’ het de verwachting is dat jaarlijks ruim 2 miljoen euro extra nodig is.
De groene ambitie kan door het consequent volgen van deze route al vóór 2030 zijn bereikt. Kortom: afhankelijk van de route met de prioritering en de te kiezen termijn kan de raad het budget ophogen dan wel verlagen. Maatschappelijke ontwikkelingen, nieuwe financieringsbronnen of andere aanleidingen kunnen bewegen tot bijsturing in de uitvoeringsambities. Hoe hoger het ambitieniveau, des te sneller de uitvoering, des te hoger de kwaliteit van de inzet en hoe eerder de gestelde ambitie is bereikt. Met dit besluit wordt dus nog niet een keuze voor een bepaalde route vastgelegd maar wel de systematiek bepaald waarlangs de ambitie kan worden bereikt. De kosten voor instandhouding (dagelijks- en groot onderhoud) zijn gedekt middels de beheer- en onderhoudskosten in de begroting. Die worden hier buiten beschouwing gelaten. Ze zijn noodzakelijk voor de uitvoering van de Dienstverleningsovereenkomst (DDO). 8 Routekaart Groenbeleidsplan De routekaart (Groenbeleidsplan bijlage 9) bevat maatregelen die bijdragen aan de ambitie, de groenopgave en de speerpunten van het Groenbeleidsplan. De routekaart gaat niet over de reguliere beheer- en onderhoudsmaatregelen zoals vastgesteld in de DDO (schoffelen, snoeien, e.d.), maar is gericht op de realisatie van de groenopgave en de speerpunten.
De routekaart kan dus jaarlijks worden aangepast op basis van de middelen die de raad beschikbaar stelt en de kansen die zich voordoen. Met de vaststelling van het Groenbeleidsplan wordt de route naar een groener Haarlem met bijbehorende planning en prioriteiten globaal vastgesteld. De individuele maatregelen volgen hun eigen uitwerking met bijbehorend financierings- en besluitvormingsproces.
Kenmerk: 2021/252484
5/6
Elk jaar wordt de uitvoering en de daarbij behorende financiële middelen van lopende en nieuwe maatregelen voor het komende jaar met elkaar afgestemd en een doorkijk gegeven voor de jaren daarop. De vergroeningsopgave wordt waar dat kan, gekoppeld aan de klimaat- en duurzaamheidsopgave, uitvoering van andere programma’s of infrastructuur- en bouwprojecten. Financieringsbronnen voor bekostiging hiervan zijn mogelijke subsidies vanuit het Rijk en de provincie of een voorstel aan uw raad voor het vrijmaken van extra budget via de kadernota. Daarnaast zal er binnen en buiten de gemeentelijke organisatie blijvend gewerkt moeten worden aan het waarborgen van het groene bewustzijn. Dit wordt ingebouwd door de verankering binnen de gemeentelijke beleids- en beheerprocessen en met het Groenbeleidsplan wordt hiervoor de basis aangereikt. Een voortdurende alertheid op het groenbewust omgaan en groeninclusief ontwerpen vereist inspanning op alle niveaus binnen de organisatie. Actieve betrokkenheid van de partners in de stad (inwoners, ontwikkelaars en andere externe partijen, wijkraden en het Platform Groen) is een essentiële pijler voor het welslagen van de Haarlemse vergroening.
5. Uitvoering Na de inspraaktermijn worden de reacties worden verzameld in een nota van beantwoording. De inspraakreacties kunnen aanleiding geven om het concept Groenbeleidsplan op onderdelen bij te stellen. Het definitieve beleidsplan wordt door het college om advies naar de commissie Beheer gestuurd en gaat daarna ter vaststelling naar de raad.
6. Bijlagen A. Concept Groenbeleidsplan met bijlagen B. Gedragscode soortbescherming gemeenten
Kenmerk: 2021/252484
6/6