20210156607 Transcript commissie Beheer d.d. 9 september 2021
Tekst van het document
Goed, dus ik zou graag van de wethouder willen horen of er een onderzoek kan komen naar de HOV-routes en of nultarief in het beleid toegevoegd kan worden. Dank u wel. De voorzitter: Mijnheer Amand, gaat u uw termijn doen. De heer Amand: Ja, dank u wel. Ik ben blij dat ik nog hele goede collega’s heb. Want dit is natuurlijk het plan voor de eerste auto gratis, een plan van Sander van den Raadt. En dat is natuurlijk een dingetje wat ons natuurlijk een beetje raakt nu, dat een ander het een beetje wil gaan kapen. Dus wij maken daar toch wel een beetje bezwaar tegen. Wij willen ook, en dat kom ik toch weer een beetje op terug, voorzitter, een referendum willen wij toch voor al die mensen die daar tegen zijn. Want die hoor je niet, die spreek je hier niet, die spreek je enkel op je adres waar je woont, of je krijgt mailtjes. Dus wij zouden dan toch wel een verzoek willen doen om dat toch nog eens een keer goed te bekijken. Om heel Haarlem nou betaald parkeren
51
te maken, dat gaat Trots een beetje te gortig worden. Wij willen eventueel met de bewoners samen beslissen. En niet dat wij het eventjes hup in de mand gooien van, dit is het. Dus dank u. De voorzitter: De heer Krouwels, D66. De heer Krouwels: Dank u wel, voorzitter. Ja, het mobiliteitsbeleid, een prettig en veilig Haarlem met een brede invoering van 30 km/u in de staat. Het had zomaar uit het verkiezingsprogramma van D66 gehaald kunnen worden. Complimenten, wethouder, voor dit lang verwachte stuk. Fiets komt heel erg goed terug, goed opgenomen. En dingen zijn verduidelijkt, zoals de Gedempte Oostersingelgracht. Ook kunnen wij ons in brede zin vinden in de hoofd ontsluitingsstructuur, als een soort van ruggengraat in het zogenaamde gewenste eindbeeld voor de 30 km/u, die mijn college Bas van Leeuwen altijd lang voor heeft gestreden. Staat er ook prominent in. We hebben wel wat vragen aan de wethouder en ook eigenlijk aan de commissie. En laat ik beginnen met betaald parkeren, of gereguleerd parkeren. De PvdA zei het ook al eigenlijk goed. Gereguleerd parkeren mag wat D66 Haarlem betreft niet een doel op zichzelf zijn. En daar lijkt het een beetje op, en dat heeft ook te maken met de einddatum van 2030. Hoe zijn wij op die deadline gekomen, wethouder, van 2030 in de hele stad gereguleerd parkeren.
Want gereguleerd parkeren moet problemen oplossen in de wijk waar het wordt ingevoerd. En dat is nu niet altijd het geval. Is dat handig voor het draagvlak? D van D66 staat voor democratie, en dan zoeken wij altijd naar draagvlak. Aan de andere kant, we hebben ook meegelezen met de inspraakbijdrages. En hoeveel weerstand u krijgt, dat valt eigenlijk best wel mee. U krijgt net zoveel complimenten op dit idee. Zou het misschien zo kunnen zijn dat Haarlem toch doorkrijgt dat we het in de toekomst minder met de auto moeten doen? Maar ik denk aan de andere kant ook aan de Nieuwe Groenmarkt. Daar hebben we met succes de auto’s weggehaald uit de openbare ruimte. Maar vervolgens is er geen budget om het plein te vergroenen of te verfraaien. En nu kan D66 daar wel inkomen als het gaat om het centrum, gewoon daar de auto’s weghalen voor de ruimte. Maar … De voorzitter: U heeft een interruptie van de heer Aerssens, VVD. De heer Aerssens: En de VVD staat voor Volkspartij voor Vrijheid en Democratie. En democratie hebben wij hoog in het vaandel. Want we hebben een afspraak gemaakt over het invoeren van betaald parkeren. De heer …: Microfoon. De heer Aerssens: Ja kijk, nu wel. Voorzitter, dank u. De Volkspartij voor Vrijheid en Democratie, de VVD, staat voor democratie, de laatste D. En wij staan ook enorm voor de afspraken die wij gemaakt hebben omtrent de invoering van die democratie.
De heer Krouwels van D66 heeft het eigenlijk helemaal niet over democratie, want die steunt nu het idee wat hier voorligt, namelijk om de afspraken met betrekking tot gereguleerd parkeren helemaal opzij te schuiven. Waarin afgesproken is dat een wijk om invoering vraagt, en dat we dan een referendum houden in die wijk. In dit stuk gaat u zomaar aan die afspraak voorbij en gaat u het gewoon doodleuk in de hele stad invoeren. Hoe durft u dan u nog een democraat te noemen? De heer Krouwels: Ik vraag juist om dat draagvlak te onderzoeken. Het niet in één keer over de hele stad te doen. En er zijn, kom ik ook zo meteen op terug in mijn betoog, waar er ontwikkelingen plaatsvinden, waar meer woningen worden toegevoegd, dat dat nodig is om, nou het staat ook in het mobiliteitsbeleid, om de parkeernormen te verlagen. Maar nee, dat we altijd op zoek gaan naar draagvlak en participatie, dat moeten we altijd blijven doen. En volgens mij doen we dat ook goed. Is ook gebeurd met dit mobiliteitsbeleid. De voorzitter: De heer Aerssens, VVD, nogmaals.
52
De heer Aerssens: Maar met het verlagen van parkeernormen creëren we juist nog meer problemen. Die problemen die dit college al heeft gecreëerd in andere wijken, die gaan we alleen maar meer creëren. En u heeft het nog doodleuk over het verlagen van de parkeernorm. In de commissie ontwikkeling snap ik dat u het daarover heeft. Maar hierzo in beheer moet er over fatsoenlijk parkeren worden gesproken. En het onderzoeken van draagvlak werkt andersom. De wijk vraagt erom en dan gaan we een referendum houden. En niet andersom, zoals het nu in dit stuk staat, dat wij het gaan vragen. De heer Krouwels: Nee, volgens mij staan we daar ook gewoon nog steeds zo achter. Dat is niet veranderd en dat heb ik ook niet in mijn betoog benoemd. Mag ik door, voorzitter? De voorzitter: U heeft toch nog een interruptie van de heer Aynan, Jouw Haarlem. De heer Aynan: Om het scherp te krijgen, want het kan nog helderder. Nu is het zo dat we bewoners vragen in enquête of ze voor of tegen de invoering van betaald parkeren zijn, en de meerderheid besluit. Staat u daar nog steeds achter na vanavond? De heer Krouwels: Ja, daar staan wij zeker … Daar staan we zeker nog steeds achter. Er zijn wel dingen in ontwikkeling waar we een andere tactiek moeten plaatsen, omdat we ook rekening moeten houden met de nieuwe Haarlemmers die daar gaan wonen.
De heer Aynan: Nee, helder, dan verwacht ik ook steun voor een amendement. De heer Krouwels: Die zijn wij graag tegemoet, mijnheer Aynan. Dit dossier roept al heel veel emotie op, u kunt het zien. Het is, kunnen we de deadline van het gereguleerd parkeren niet overlaten aan een nieuw college, wethouder? Ik ben niet het meest ervaren raadslid, maar wel een ervaren campaigner. En dit is een uitgelezen onderwerp voor een verkiezingscampagne. We hebben hier … De voorzitter: De heer Aynan nogmaals. De heer Aynan: Vraagt u nou advies over uw campagne aan de wethouder? De heer Krouwels: Nee, ik heb … Wij hebben moeite met de deadline van 2030 in heel de stad gereguleerd parkeren. De heer Aynan: Ik zal u helpen, het antwoord staat in één van de zienswijze. Ja, het wordt onderdeel van de campagne. Ja, het wordt onderdeel van de coalitieonderhandelingen. De voorzitter: De heer Krouwels, gaat u verder. Nee, u heeft nog twee interrupties. Eerst de heer Amand, Trots. De heer Amand: Dank u wel, voorzitter. Mijnheer van de D66 heeft het steeds maar 30 kilometer, maar ik hoor en zie hem nooit ergens in een wijk waar hij dat gaat propageren. Dus waarom doet u dat niet? Ik zie u helemaal niet in die wijken van 30 kilometer. De heer Krouwels: Ik vind dit echt vervelend om te horen.
Ik ben hier geen vast woordvoerder op, maar mijn collega Bas van Leeuwen heeft echt in de wijken in Haarlem hard gestreden voor zijn initiatiefvoorstel. Dus ik vind dit echt misplaatst, mijnheer Amand.
53
De voorzitter: De heer Abbasi. De heer Abbasi: Mijnheer Krouwels, wat vindt u van een nultarief? De heer Krouwels: Goed bespreekbaar. Ik kijk … Ik wil graag weten wat de wethouder daarvan vindt. Vind ik een hele mooie tussenoplossing. U suggereerde een beetje dat het over de hele stad moet, daar zijn wij het als D66 het niet helemaal mee eens. De voorzitter: De heer Krouwels, gaat u verder met uw betoog. De heer Krouwels: Dank u wel. Ik ga even kijken waar ik ben. Ja, gereguleerd parkeren. Nou nogmaals, het moet … Gereguleerd parkeren moet problemen oplossen en iets doen voor de leefbaarheid. En in Schalkwijk hoeft dat niet altijd zo te zijn. Graag een reactie. Ik heb in ieder geval genoeg reactie gekregen van mijn commissieleden. Dan vervolgens het dilemma voor hoogwaardig openbaar vervoer en de 30 kilometer. D66 begrijpt goed dat hoogwaardig openbaar vervoer een belangrijke pijler is van deze belangrijke energietransitie. Het is ook de bedoeling dat het OV een volwaardig alternatief voor de auto moet zijn. En een aantal wegen die een uitzondering krijgen, dat begrijpen wij op zich goed. We hebben hier ook aandachtig de inspraakbijlage van het Bus-kruit meegenomen. Maar hier wordt echt wel heel veel gedaan om de 30 km/u te doen.
Anderzijds, en mijnheer Abbasi zei het ook al, kunnen we een onderzoek doen wat de impact echt is op de OV routes, zonder eigen busbaan dan, naar 30 km/u te krijgen en wat de impact dat is. Misschien weet u het antwoord zelf al. Ik heb ook technische vragen gesteld over 50 km/u-wegen dicht bij scholen. Zet er alsjeblieft prio op voor de uitrol van de 30 km/u. Ja, heel veel inspraakbijdrages zijn geleverd, 160 pagina’s daarvoor. Dat helpt ons sterk in onze afweging. De Fietsersbond zei het wel goed, op sommige plekken lijkt dit eerder een visie dan een beleidsplan. Wij kijken dus heel erg uit naar de vele beleidsstukken die u nog gaat aanleveren. Ik zie ook veel in de bijdrages. Het versnellen van een autoluwe binnenstad krijgt hele grote duim omhoog. En ik wil toch even inhaken op de inspraakbijdrage van mijnheer Blom expliciet. De ruimtevraag bij de Zijlweg is ontzettend lastig, dat begrijpen we. Maar wat is hier nog meer mogelijk als we kijken binnen dit mobiliteitsplan om hier toch 30 km/u te handhaven. Zoals mijnheer Blom het zelf zei, dan rijdt hij dan maar even op dit stukje 30 km/u. Ik heb een … Ik heb wel drie punten als dat mag, voorzitter. Mijn hoofdredactrice van het partijprogramma voor de volgende gemeenteraadsverkiezingen, An-Jes Oudshoorn, die keek ook even met mij mee.
Op pagina 27 staat, kunnen we kijken of er een tussenoplossing mogelijk is voor gebied ontsluitingsweging van 30 km/u. En als dat niet mogelijk is, dat er toch gekozen kan worden voor 50 km/u als maximum snelheid. Ja, dit lijkt D66 een verkeerd signaal en een beetje de omgekeerde wereld. Want 30 km/u moet we gewoon handhaven. Dit is … Dit match ik niet goed met 30 km/u tenzij. En dit is wel een vrij makkelijke tenzij. Graag een reactie van de wethouder. In het stuk daarna staat dat de standaard inrichting van 30 km/u zal sluipverkeer in de wijken zal ontstaan. Maar er is weinig ambitie getoond om daar wat aan te doen. Is er nagedacht over inderdaad huidige woonstraatjes waar 30 km/u mogelijk is naar 15 km/u te verplaatsen, eenrichtingsverkeer toe te passen. Daar had D66 graag wat meer ambitie willen zien. Ik zie een … De voorzitter: Ja, de heer Aerssens, VVD. De heer Aerssens: Weet u wat er nodig voor is om straten naar 15 km/u? Dan moet de volledige inrichting veranderen en dan moeten de tuinen gelijk worden aan het wegdek. Is dat daadwerkelijk wat u wilt en de hele stad daarmee om willen gooien? De heer Krouwels: Nou, dit is een mobiliteitsbeleid met hele grote ambities, ook om die ontsluitingswegen. Als dat moet gebeuren om dit goed te regelen, dan hadden we die ambitie best kunnen uitspreken. Ja, dat mag,
54
die ambitie hier uitspreken. Tot sluit, het staat wel in de uitvoeringsagenda, maar niet zozeer in het mobiliteitsbeleid, de snorfiets naar de rijbaan, dat wordt onderzocht. Maar als we 30 km/u gaan uitrollen, dan moet dit toch echt een no-brainer zijn. Graag een reactie van de wethouder. Tot zover. De voorzitter: Dank u wel. De heer Bloem, SP. De heer Bloem: Voorzitter, ik denk dat ik het nog mee ga maken als ik een beetje oud wordt, dat wij allemaal auto’s ergens aan de rand van de stad hebben staan die alle Haarlemmers op komen halen, zelfbesturend, en ze brengen naar de plek waar ze moeten zijn. Bumper aan bumper en toch veilig en elektrisch, zonder uitstoot. Dat is de droom voor mobiliteit. Dat is wat technologisch eigenlijk nu al zou kunnen, maar wat nu maatschappelijk nog lang niet geaccepteerd is. En dat gaat nog wel langer dan 2030 duren. En dan hebben we hier een soort tussenstuk tot 2030. En ik moet allereerst een compliment geven aan de wethouder, ook wat de signalen die uit de binnenstad komen, hoe die daaraan … Dat wat aan geluiden terugkomt, die mag je zeker in zijn zak steken. Fantastisch, draagvlak organiseren. Dat compliment kan ik niet geven voor één klein stuk waar het eigenlijk al veel te veel over gaat. Want dit stuk staat vol met goede ideeën voer mobiliteitshubs en hoe die ingericht kunnen worden. Daar staat de SP volledig achter.
De SP staat absoluut voor het investeren in openbaar vervoer in brede zin, maar we er natuurlijk niet altijd over hè. Dat gaat naar de provincie. En sterker nog, als de SP een motie indient om de bezuinigingen die er gedaan zijn terug te draaien, om daartoe op te roepen, dan ontraadt het college die. Ja, dat is de praktijk. En de praktijk is ook dat dit goede beleid, al die goede ideeën om openbaar vervoer beter te maken, aanlokkelijker, aantrekkelijker te maken, toch weer hier in de schaduw staat van het P-woord, parkeren. Daar gaat het toch weer het meeste over en dat vind ik zo jammer. Het invoeren van gereguleerd parkeren, c.q. betaald parkeren in de stad is echt een maatregel die het draagvlak onder de rest vandaan haalt. En daarom is het extra zonde. Maar ik heb er ook al een vraag over gekregen. De voorzitter: U heeft eerst nog een interruptie van mevrouw Schneiders, GroenLinks. Mevrouw Schneiders: Dank u wel. Maar, mijnheer Bloem, u zegt net dat het zo mooi zou zijn als alle auto’s naar de rand van de stad zouden gaan. Dus dat betekent de auto’s uit de stad. En dan wilt u toch niet dat we gaan gereguleerd parkeren en dus minder auto’s op de straat krijgen. De heer Bloem: Nou ja, kijk, ik schets echt een visie en een toekomstbeeld die kan op langere termijn, op zeer langere termijn. Maar hoe je daar komt is heel belangrijk, en daar moet je draagvlak voor organiseren.
En dat is juist niet wat je doet met deze maatregelen. Ik kreeg … Want ik krijg positieve reacties om auto’s allemaal uit de straten te krijgen. Maar dat zijn toch andere signalen die de SP binnen krijgt. Zo kreeg ik … De voorzitter: U heeft nog twee interrupties zelfs. En dat is de heer Abbasi en daarna de heer Hulster. Maar eerst de heer Abbasi. De heer Abbasi: Ja, dank u wel. Ja, mijnheer Bloem, u suggereert dat er geen draagvlak is voor gereguleerd parkeren. Maar er zijn buurten waar daar wel draagvlak voor is. Eén voorbeeld daarvan is de Sportheldenbuurt, de Tubergen, dat is echt wel draagvlak voor gereguleerd parkeren, omdat daar een enorme parkeerproblematiek is. De heer Bloem: Voorzitter, daar is de SP natuurlijk ook voor. Als mensen er zelf om vragen, tuurlijk doe het dan als het de meerderheid is. Daar heb ik het niet over. Ik heb het erover als generiek in een beleidsstuk
55
neerzetten, heel Haarlem betaald parkeren. Dat is een probleem, dat haalt het draagvlak teveel weg onder al die goede maatregelen. De heer Abbasi: Ja, en dan vraag ik ook aan u. Als je daar een nultarief van maakt, zal daar dan geen draagvlak voor zijn? De heer Bloem: Kom ik op terug. De voorzitter: De heer Hulster. De heer Hulster: Ja nou, kijk, als gemeente heb je niet zo heel veel sturingsinstrumenten om het autoverkeer terug te dringen in je stad. Je kent vast wel de situatie in Amsterdam vroeger voordat er betaald parkeren was? Toen stonden namelijk overal files. En nu kun je gewoon met de auto de stad in rijden. Maar u suggereert eigenlijk een beetje dat gereguleerd parkeren ervoor zorgt dat er meer auto’s in de stad komen. De heer Bloem: Suggereer ik niet, dus ik weet niet waar u dat vandaan haalt. Ik wil eigenlijk meer terug naar de mensen waar het om gaat. Want het stond al in de krant dat dit stuk er komt. En ik kreeg een bezorgde mail van een verpleegster uit Haarlem-Noord die zegt van, ja, ik werk bij het OVG in Oost en ik heb onregelmatige diensten. Ik moet invallen als een collega uitvalt, dat moet snel. Hoe kom ik daar dan? Die deelauto is niet gegarandeerd daar. Openbaar vervoer? Ik heb even gekeken, dat is twee tot drie uur. Fiets is ook nog wel iets. Zelfs een speed pedelec wordt nog best wel een lange rit.
Moeten wij diegene dan uit de auto gaan pesten met gereguleerd parkeren? En dan kunnen we zeggen, ja, dan doen we nultarief. Maar we weten allemaal, gereguleerd parkeren wordt ingevoerd, eerst goedkoop en dan wordt het steeds duurder. Dat is de praktijk en dat is het wantrouwen wat we met dit beleid creëren. Dus ik kan niet antwoorden aan deze verpleegster dat zij het vertrouwen kan hebben dat als we dit goed uitvoeren dat zij niet de pineut kan zijn. Ja, want zij verdient ook niet genoeg om bijvoorbeeld een dure vergunning te betalen. Dat is het probleem met deze specifieke maatregelen. En ik vind het zo jammer dat zo’n mooi stuk hiermee bevlekt wordt. Dus nou, op zich kun je dat als raad oplossen, wij gaan het er gewoon uithalen wat ons betreft. De voorzitter: U heeft een interruptie van de heer Hulster, Actiepartij. De heer Hulster: Heeft u enig idee hoe de verpleegsters in Amsterdam dat dan doen? De voorzitter: Nou, als je ernaast woont dan kun je op de fiets erheen, dat is iets dichterbij. Ja, ik vind het een beetje rare vraag. De heer Hulster: Ja, Amsterdam is … De voorzitter: Mevrouw Schneiders, GroenLinks. Mevrouw Schneiders: Wil ik toch ook, maar ik wou het al laten zitten. Maar kunt u zich niet voorstellen dat we juist om die reden voor die verpleegster gereguleerd parkeren invoeren.
Want dat betekent dat als zij uit haar werk komt, dat ze haar auto vlak bij haar huis kan parkeren omdat het gereguleerd is. En dat als ze weggaat, dat ze dan dus niet eerst drie wijken verder haar auto moet gaan ophalen. Dus het is … De heer Bloem: Dat gaat uit van de illusie dat gereguleerd parkeren leidt tot minder auto’s. Het is niet in de Leidsche buurt gebeurd, dat is nergens gebeurd, is niet het geval. U kunt het duur maken, dan gaan mensen die het goed kunnen betalen, die leggen dat gewoon neer. Dat zijn met name de thuiswerkers die wat beter
56
verdienen. GroenLinks gaat hiermee voorbij aan de mensen die wij de essentiële werkers hebben genoemd toen we ze nog nodig hadden in de COVID-dienst, de COVID-tijd. En nu zijn ze niet meer onmisbaar en pakken we ze met gereguleerd parkeren. En dat vind ik zonde. Het hoeft niet, het kan uit het stuk. Het verrijkt het stuk wat mij betreft door het gewoon eruit te halen. En dan kunnen we het echt hebben over het verleiden van mensen om uit de auto te gaan. Om mensen in staat te stellen hun auto de deur uit te doen, want daar zult u de SP altijd aan uw zijde vinden. De heer Abbasi: Ja, mijnheer Bloem. Ja. De voorzitter: Mijnheer Abbasi die had nog een interruptie. De heer Abbasi: Wat mij opvalt, is dat u zelf inderdaad heel erg focust op dat gereguleerd parkeren, terwijl dat maar één van de maatregelen. We moeten als we dit invoeren, gereguleerd parkeren met een nultarief, dan moeten we gelijk OV als een goed alternatief aanbieden. Moeten we tegelijkertijd goede fietspaden aanleggen. Moeten we tegelijkertijd allerlei andere dingen doen om die verpleegster dus de kans te geven om op een goede comfortabele manier op haar werk te komen. Gereguleerd parkeren is niet van, hier heb je gereguleerd parkeren en zoek maar uit hoe je verder komt. Bovendien wordt het over negen jaar ingevoerd, als het gedaan wordt.
Dus ik ga er vanuit dat het college alle tijd gaat nemen en gebruiken om ook die alternatieven toch neer te zetten. Dus waarom alleen maar focussen op gereguleerd parkeren? De heer Bloem: Voorzitter, omdat bij mobiliteitstransitie, bij alle transities, het altijd van belang is … Net zoals wij … Toen we de vorige energietransitie heeft de overheid gewoon alle kosten genomen. Die leg je niet bij de burgers neer om dat draagvlak ervoor te organiseren. Dat moeten we ook niet doen in de mobiliteitstransitie door de lasten meteen al vooraf neer te leggen. Nee, verleiden, voorwaarden creëren waardoor anderen mobiliteit, normaal openbaar vervoer, deelauto’s, beter zijn, objectief beter zijn. En we kunnen dat. Dat kunnen wij doen en daar hebben we geen gereguleerd parkeren voor nodig. De voorzitter: Wie dan. De heer Visser. Nee sorry, ik ga eerst het woord geven aan mevrouw Schneiders, GroenLinks, die zit al een paar keer met haar hand omhoog. Mevrouw Schneiders: Dank u wel, mijnheer de voorzitter. Ja, ik wil ook heel graag wat zeggen, omdat ook ik vind dat dit echt een prachtige nota is met een opzet die echt helemaal past bij een moderne stad. Klimaatdoelstellingen voorop, veel ruimte voor stoepgangers en voor de fiets, en tegelijkertijd ook voor groen en leefbaarheid. En ik ben ook heel blij met het vooruitstrevende uitvoeringsprogramma wat we erbij hebben gekregen nu.
Er zijn wel een paar vragen natuurlijk aan de wethouder. En dat zijn wel natuurlijk de onderwerpen die hier iedereen al heeft aangehaald, dus ik zal het wat korter doen dan ik eerst van plan was. In de eerste plaats die 30 kilometer. Dat is een mooi uitgangspunt, daar hebben we als raad natuurlijk ook om gevraagd om die 30 kilometer in te voeren. Maar ik zou u willen vragen, mijnheer de wethouder, om dat nou te versnellen. Is het niet mogelijk om het hele stedelijk gebied wat we ook gaan gebruiken in de milieuzone, die op 1 januari van kracht gaat, om dat een 30 kilometerzone te gaan maken. Want dat kan, je mag dat … De SWOV die zegt dat ook. Je moet dan een soort poort maken. De toegangswegen moet het duidelijk zijn dat dit dertig is. En dan hoef je eigenlijk niet binnen die wijk allerlei maatregelen te nemen. Nou, ik wil het u maar meegeven. Misschien is het een oplossing. Het voordeel is dat je dan niet overal drempels hoeft te leggen, zodat de nooddiensten niet meer bij mensen kunnen komen. En dan kun je daarna maatregelen, zo nodig kun je dan nog extra maatregelen doen. Utrecht is ermee bezig. Stationsgebied hebben dat al gedaan. En we zouden dan zeker ook de Rustenburgerlaan, de Gedempte Oude Gracht en ook het N200, als ik het goed zeg,
57
achter het station langs, meteen gewoon 30 kilometer kunnen maken. Dat is de eerste vraag. Tweede gaat over de bus. De voorzitter: U heeft … Voordat u uw tweede vraag stelt, heeft u nog een interruptie van de heer Dreijer, CDA. De heer Dreijer: Ja. Dank u wel, voorzitter. Ja, u zegt iets interessants, en ik wilde eigenlijk weten of dat klopt. U zegt van, maak het een 30 kilometerzone en dan hoeft u geen drempels et cetera, dus maatregelen, te nemen die de weg inrichten zoals het bij een 30 kilometerweg zou moeten passen. Klopt dat wel? Want volgens mij is er nog steeds zo het beleid, of de richtlijn, dat je een 30 kilometerweg moet inrichten dat het er ook uitziet als een 30 kilometerweg. En daar doet een zone niets aan af, want overal zijn eigenlijk zones. Mevrouw Schneiders: Nou, onze politie die zegt natuurlijk dat ze niet willen handhaven op een weg die geen 30 kilometer … Die er niet zo uitziet. Maar dat SWOV, en dat zijn de deskundigen, die zeggen dat het wel kan. Dat je dus zo’n zone kan maken. En dan is het wel de bedoeling dat je op termijn binnen die zone, dus als je een keer een weg gaat herstellen of gaat renoveren, dat je hem dan ook aanpast. Maar dan kun je wel in één keer die zone aanleggen. En er is ook wel geconstateerd dat soms binnen de zones niet zo heel erg alle wegen worden aangepast, maar dan heb je wel gewoon een zone.
En straks als dat ook nog landelijk beleid wordt, dan is het helemaal goed. Maar goed, misschien dat de wethouder daar wat … De voorzitter: De heer Dreijer wil nog een aanvullende vraag stellen. De heer Dreijer: Ja, laatste korte vraag. Nou ja, het klinkt natuurlijk allemaal fantastisch. Maar is de politie het daar ook mee eens wat het SWOV daar voorstelt? Gaan zij dus handhaven in dit soort zones? Mevrouw Schneiders: Ja, uiteindelijk kan … De politie is natuurlijk ook niet weer de baas. We hebben … Dan moet … Of nou, tenminste, ja, die moeten natuurlijk ook een beetje handhaven. Dat moet ook samen, daar moeten we misschien de burgemeester op inzetten die over de handhaving gaat. Dus daar zouden we wel mee samen kunnen werken om zoiets voor elkaar te kunnen krijgen. En dan zou je misschien eisen kunnen stellen. Dus volgens mij is het wel iets wat uitgewerkt zou kunnen worden door het college. Als u het goed vindt ga ik door, want ik kan ook niet alle vragen daarover beantwoorden. De bus en 30 kilometer. Nou, ook volgens mij kan dat prima. Ik heb het al eerder gezegd, het sneller door langzamer. De doorstroming goed verzorgen met de ‘…’, groene golf op 30 kilometer. Zorgen dat zij voorgaan, dan ga je veel sneller, ook al rijdt je 30, dan als je 50 mag en de hele tijd weer moet remmen en optrekken, remmen en optrekken.
Dus wij vinden wel dat het HOV betrouwbaar en snel moet zijn, als GroenLinks. Maar we vinden ook dat het beter is dat het smooth door de stad glijdt met 30, dan dat het alsmaar af en toe eens heel eventjes 50 kan rijden. In Hillegom, mijnheer de wethouder, daar rijdt de bus 80 op een ... Rijdt bus 80 op een 30 kilometerweg. Hij rijdt niet 80. Maar nou, misschien weet u hoe dat daar geregeld is en of wij dat op diezelfde manier kunnen doen. Dus Hillegom wel Zuid-Holland, maar we kunnen misschien toch het voorbeeld volgen. En dan, ja, toch iets over gereguleerd parkeren. Wij zijn het er van harte mee eens. De ruimte in de stad wordt steeds kleiner doordat we meer mensen moeten en willen huisvesten. En voor de leefbaarheid is het gewoon noodzakelijk dat er ook groen komt in zo’n versteende stad. De ruimte op de openbare weg om te parkeren wordt dus steeds schaarser. En als je dat dan gaat reguleren, dan help je Haarlemmers om toch een plekje voor die auto te kunnen vinden. Want dan is het misschien niet zo dat iemand vier auto’s heeft en de ander daarom zijn ene auto niet kan parkeren. Je zorgt dat dan iedereen, dat het gelijk verdeeld wordt, eerlijke verdeling van autoparkeergelegenheid in de stad. En …
58
De voorzitter: U heeft een interruptie van de heer Bloem, SP. De heer Bloem: Ja, voorzitter, kijk, ik kan best een eind meegaan met de redeneertrend. Maar ik zag in de krant GroenLinks al zeggen, nou misschien Schalkwijk niet. Dat is opgetekend in ieder geval. Of het waar is, is een tweede. Maar meer specifiek op mijn voorbeeld. Degene die ik ken die woont in Delfwijk, daar speelt dit … Dat is ook groen. Dat kan wel veel beter groen hoor wat mij betreft. Maar dat is best wel groen, daar is en parkeerruimte. Dus om nu geen generiek te zeggen om het over de hele stad heen te doen, doet u daarmee recht aan de verscheidenheid die onze stad kent? Mevrouw Schneiders: Oké, daar wil ik graag op reageren, want ik vind dat we wel zo snel moeten beginnen, zo snel mogelijk moeten beginnen met de invoering ervan. Er zijn wel acht wijken, daar hebben we het al eerder over gehad, die het verzoek hebben ingediend voor gereguleerd parkeren en die dat maar niet krijgen, omdat het nu veel te langzaam gaat. Dus zo snel mogelijk beginnen. Frustratie bij de mensen kwijtraken, zodat ze niet alsmaar rondjes moeten rijden om hun auto kwijt te raken. Maar ik kan me … Logischerwijs zal dat toch een soort van gefaseerd moeten plaatsvinden.
En dan zou ik dus ook heel graag willen weten van de wethouder of hij daar al een beeld bij heeft van, hoe zou die fasering er dan uit kunnen zien? En dan ben ik het er helemaal mee eens dat je zou moeten zeggen van, nou we beginnen bij de wijken waar de schaarste het grootste is. Bijvoorbeeld om ontwikkellocaties heen met kleine parkeernormen, waardoor allemaal in de buurten eromheen gaan parkeren. En we eindigen bij de wijken waar heel veel ruimte is en waar dus de behoefte nu nog niet zo heel erg groot is, maar misschien tegen 2030 langzamerhand wel heel groot wordt. De voorzitter: U heeft verscheidene interrupties. Eerst de heer Amand, Trots. De heer Amand: Dank u wel, voorzitter. Ik heb wel even een vraag aan mevrouw Schneiders. Uw wethouder zegt altijd dat de jeugd minder interesse heb in de auto’s, die laten hun auto’s meer staan. Hoe rijmt u dat dan? Mevrouw Schneiders: Nou ja, ik hoop dat dat waar is, dan zijn we makkelijker van de auto’s op straat af. Dus … De voorzitter: U had nog meer interrupties. Ik zag de heer Aynan van Jouw Haarlem. De heer Aynan: Dank u wel. Hebben we in de stad al gereguleerd parkeren in bepaalde wijken? Mevrouw Schneiders: De B en C wijken, dat is natuurlijk ook gereguleerd par… Ja, het is natuurlijk vergunning parkeren, dus we hebben gereguleerd parkeren.
De heer Aynan: Is daar nou zoveel meer ruimte en groen in de wijken waar niet gereguleerd parkeren is? Is in de wijken waar al gereguleerd parkeren is, nu al, is daar nou zoveel meer ruimte en groen gekomen door het gereguleerd parkeren? Mevrouw Schneiders: Ik denk dat dat … Daar willen we natuurlijk naartoe, maar daar zijn we nog niet. We moeten beginnen met te reguleren, zodat iedereen weer een plekje in ieder geval voor zijn eerste auto heeft, en misschien voor de tweede. En daarna … De heer Aynan: Maar u doet alsof … Mevrouw Schneiders: Gaan we … Willen we natuurlijk verder en willen we hopen dat mensen vaker ook die tweede auto eruit doen en in een deelauto gaan rijden. Of misschien zelfs de eerste eruit doen en met een
59
deelauto gaan verdergaan, zodat we langzamerhand meer groen krijgen. Maar dat zal inderdaad … Dat duurt nog even. Daarom hebben we iets tot 2030. De heer Aynan: Ja, u schetst hier in deze commissie en voor alle mensen die meeluisteren, schetst u het beeld alsof invoeren van gereguleerd parkeren, alsof dat gepaard gaat met het creëren van meer ruimte en meer groen. Daar is gewoon helemaal geen sprake van. Mevrouw Schneiders: Nou, misschien niet direct, maar ik denk wel op termijn. Kijk, we hebben het … U hebt het over 2030. Nou, ik hoop dat we met dit gereguleerd parkeren vooral eerder klaar zijn eigenlijk, voor die tijd. Dus bijvoorbeeld al in 2026. Maar dan zijn we in die tijd, dan komt er wel ruimte voor groen. En misschien wel veel sneller. Misschien als mensen, als we het gaan reguleren en dat mensen meer moeten betalen voor hun derde of hun vierde auto, dat ze dan zeggen, nou dan doe ik die eruit. En dan komt er langzamerhand ook ruimte voor groen. De voorzitter: Ja, laatste keer. De heer Aynan: Maar kijk, u staat veel sterker in uw verhaal als u kunt, zeg maar de mensen kunt overtuigen met het huidige gereguleerd parkeren in de huidige wijken, als zegt van, kijk, er is door het gereguleerd parkeren is er ruimte ontstaan, is er meer groen, is het leefbaarder geworden. Dat was ook de argumentatie om het gereguleerd parkeren in te voeren.
Nou, daar is dus helemaal niks van waar gebleken. Dus weet … U doet hier valse beloftes. Mevrouw Schneiders: Nee, dat is zeker niet waar, want ik moet zeggen, in mijn straat is gereguleerd parkeren, en dat heel raar, want … De heer Aynan: In mijn straat ook. Mevrouw Schneiders: Nou goed, precies. Dus mijn straat was een eilandje. Maar daar is het gevraagd en hebben we het gekregen. En er is inderdaad meer ruimte. Er stond … Alles stond aan twee kanten van de weg stonden allemaal auto’s, en dat is gewoon niet meer zo. Dus er is nu ruimte voor kinderen om te voetballen. De voorzitter: Laatste. De heer Aynan: Er is bij het invoeren van het nieuwe parkeerbeleid is er inderdaad ook onderzoek gedaan, gemonitord, en er is niets van waar gebleken. In de wijken waar betaald parkeren is ingevoerd is de parkeerdruk alleen maar toegenomen. Nogmaals, u doet hier valse beloftes. De voorzitter: De heer Aerssens, VVD. De heer Aerssens: Ja. Dank u, voorzitter. Ja inderdaad, mevrouw Schneiders doet valse beloftes ook op de afspraak die gemaakt is bij het invoeren van betaald parkeren. Maar even, de vraag die ik wil stellen is en hele anderen. Mevrouw Schneiders, ik vind altijd dat we het goede voorbeeld moeten geven als wij hierzo als volksvertegenwoordigers zijn. Hoeveel auto’s heeft u zelf? Mevrouw Schneiders: Nou, ik heb er eigenlijk geen één.
Maar mijn echtgenoot die heeft er één en één voor de kinderen, dus een anderhalf. Met zijn vier kinderen, met drie kinderen en hij zelf. De heer Aerssens: Dat noemen we er toch twee. Misschien moet u bij uzelf beginnen.
60
Mevrouw Schneiders: Met drie kinderen erbij. De voorzitter: Mevrouw Otten, Liberaal Haarlem. Mevrouw Otten: Nou, zoals jullie weten ben ik al heel lang het goede voorbeeld, en ik ben niet eens GroenLinks. Maar ik heb ook een vraag aan mevrouw Schneider. U geeft geen antwoord vind ik op de vraag van de heer Aynan over of het nou echt bijdraagt aan extra groen als we minder gaan parkeren of gereguleerd gaan parkeren. Vanavond werd al eerder het voorbeeld Nieuwe Groenmarkt genoemd. Nou dat ziet er troosteloos uit. Echt een hele … Ik vind het een heel naar plein geworden. Ja, ik zou toch iets meer, dat u iets meer de diepte in zou kunnen gaan. Of u willen vragen of u iets meer de diepte kan ingaan over het groen wat in de plaats komt van parkeren. Mevrouw Schneiders: Heel veel tijd voor diepte hebben we hier meestal niet. Maar ik vind het een aardig aanbod op dat te doen. Waar we natuurlijk naartoe kunnen en wat misschien ook wel aardig is in combinatie met het voorstel van mijnheer Abassi, wat ik ook al een aantal keer heb gedaan, en inderdaad samen met mijnheer Van den Raadt ook een voorstel voor in elkaar had gezet, die eerste auto gratis in die D-wijken.
Je zou ook kunnen zeggen dat het geld dat we ophalen … Ik heb het over D-wijken, want ik heb het dus over wijken … Ik denk, we hebben nu B en C, als we nu de andere wijken D noemen, dan kunnen we daar zeggen, daar is de eerste auto gratis. Maar we kunnen ook zeggen, het geld dat we ophalen met die parkeervergunningen, want door het reguleren, daar moet je natuurlijk iets voor betalen, dat wordt meteen weer geïnvesteerd in groen in diezelfde straten en wijken. De voorzitter: De heer Aynan, Jouw Haarlem. De heer Aynan: Ja, voorzitter, wat voor beeld geeft u nou als GroenLinks dat u zegt, in die D-wijken mogen mensen hun eerste auto gratis parkeren. Wat voor beeld geeft u richting de mensen in die C en die B-wijken waar ze wel voor hun auto moeten betalen? Dat moeten we toch niet willen? U bent voor de ongedeelde stad, en hier creëert u weer een tweedeling. Mevrouw Schneiders: Maar er is … Nou ja, kijk, er zijn plekken … Als je midden in het centrum wilt wonen, dan weet je gewoon dat je eigenlijk niet een auto kunt hebben. Dus dan weet je ook dat als je die dan toch wilt hebben en in de buurt wilt hebben staan, dat je daarvoor moet betalen. En als je daar iets omheen woont in plekken waar het druk is, waar smalle straatjes zijn, waar het onhandig is, dan is dat ook zo.
En hoe verder je weg woont, nou ja, dan kan je zeggen van, nou dat moeten we meer faciliteren, dan is er dus meer ruimte om misschien een eerste auto gratis te doen. Het zou ook kunnen dat je dat bijvoorbeeld een termijn doet voor de mensen die er nu wonen, en dat je dat niet meer doet voor de nieuwe mensen. Maar dat is iets wat een voorstel wat we mee kunnen geven aan de wethouder om een voorstel over te doen. Ik denk dat er gewoon toch geen nieuwe dingen meer komen, mijnheer de voorzitter, dus misschien mag ik gewoon mijn verhaal afmaken? De voorzitter: Ik ga je zo … Ja, de heer Aynan gaat toch nog zijn interruptie doen. Maar ik ga even in het algemeen zeggen, let u alstublieft op uw spreektijd, want er komen nog twee belangrijke onderwerpen aan. En u weet zelf, ik ben dol op betaald parkeren en discussies daarover voeren. Dus wat mij betreft gaat u hier nog uren over door, maar dan kunnen we het straks niet over de verkeersveiligheid hebben of over het havenkantoor. Dus let u daar even op. Mijnheer Aynan, u mag gewoon uw interruptie doen. En mevrouw Schneiders, u kunt daarna verder met uw verhaal.
61
De heer Aynan: Verschillende fracties hebben het gehad over de eerste auto gratis. Maar weet u hoe, onder andere door de woningnood, mensen noodgedwongen kinderen bij hun ouders inwonen en dus ook sprake is van een noodgedwongen tweede, derde auto. Wat gaat u daarmee doen? Mevrouw Schneiders: Er is natuurlijk … Daar heb ik ook wel over zitten denken, en dat was eigenlijk ook een vraag aan de wethouder waar ik nog niet aan toe ben gekomen. Dat idee waar ook mijnheer Bloem over had van, zou je ergens aan de rand van de stad, of zou er ergens een plek zijn misschien waar je nog wel gratis zou kunnen parkeren? Misschien is het aan de rand van de stad en kun je daar met een bus heen? Dus dan zouden daar ook mensen die zouden eventueel daar hun auto neer kunnen zetten. De heer Bloem: Voorzitter? Ik wil alleen zeggen dat dat … De voorzitter: De heer Bloem. Ja, zullen we wel gewoon afspreken dat als ik u zie dat ik u het woord geef? Ga uw gang. De heer Bloem: Ik wil alleen even zeggen dat dat niet mijn idee was. De voorzitter: Mevrouw Schneiders, gaat u verder met uw verhaal. Mevrouw Schneiders: Dank u wel. Nou, mijnheer de wethouder, misschien kunt u nog iets daarover zeggen of u daar ook over na hebt gedacht over zo’n mogelijkheid van een transferiumachtige plek die we nu bij Oostpoort hebben. Maar misschien straks niet meer als daar huizen komen. Er waren nog twee dingetjes.
Die fietsers te gast, daar ben ik op zichzelf helemaal voor. Hoewel ik, wat de Actiepartij zegt, er wel mee eens ben. Maar wij hadden daarom wel bedacht dat als er dan zo’n ringetje om de stad komt, een klein ringetje zeg ik daarom, dat het wel fijner zou zijn als we dan ook kunnen zien waar die ring precies loopt, dat je daarnaar verwezen wordt. Zodat je weet, als je sneller gaat, hoe je dan moet rijden. En als je langzamer gaat dwars door de stad, wat dat dan betekent. En nog één klein puntje. We hebben het indertijd ook gehad over de trein. Toen heb ik ook weleens gezegd van, kunnen we niet zorgen dat voor een treinverbinding Utrecht-Haarlem, want volgens mij zijn er veel forenzen die naar Utrecht moeten en daarom met de auto gaan, omdat ze dat dan die overstap in Amsterdam veel te groot vinden. Dat kan nu, omdat we zo’n lang spoor in Zandvoort hebben, kan de trein naar Zandvoort. Dat spoor is lang genoeg, dus daar kan een trein uit Utrecht komen. Kunt u zich niet ook nog sterk maken om te zorgen dat wij weer zoals vroeger een directe trein tussen Utrecht en Haarlem krijgen? De voorzitter: De heer Visser, ChristenUnie. De heer Visser: Dank u wel, voorzitter. Er ligt een mooi mobiliteitsbeleid. En de insteek voor een mobiliteitstransitie steunt de ChristenUnie. Dus vaker kiezen voor lopen, de fiets en het OV en minder de auto.
Maar om dit te bereiken is hier en daar wel meer scherpte nodig in deze nota. En hoeveel transitie willen we eigenlijk bereiken. Hoe ver willen we komen? Wethouder, stel een SMART doel. Ik kon hem niet zo snel vinden. Ik ga even snel de molariteit in. Allereerst de fiets. Prima dat er meer aandacht komt voor voetgangers in het centrum. Maar de fiets te gast op belangrijke doorgaande fietsroutes vindt de ChristenUnie echt geen goed idee. Fietsring, prima. Maar er zijn gewoon heel veel mensen die echt altijd sneller zullen zijn door de binnenstad. En als je dan gaat zeggen, de voetgangers mogen midden op de straat gaan lopen, dan is het gewoon vragen om ongelukken en vragen om protesten. Deze raad heeft, ook toen plan B werd besproken, eigenlijk heel veel punten van de wijkraad gesteund. Met uitzondering van dit punt zeiden eigenlijk bijna alle fracties, de Gierstraat moet gewoon voor de fietsers blijven. De ChristenUnie wil daarom ook duidelijk op de
62
kaart, bijvoorbeeld bladzijde 7 en bladzijde 30, dat het Spaarne, de Kleine Houtstraat, de Kleine Houtweg, de Gierstraat, de Barrevoetestraat, de Jansweg, Jansstraat, Kruisweg en Kruisstraat en Leidsevaart gewoon als fietsroute op de kaart komt. En anders gaan wij dat amenderen. In deze fietsstraten zijn de fietsen minstens net zo belangrijk als de voetgangers en ze zijn zelfs ver in de meerderheid. Wij steunen daarom ook de opmerking van de Actiepartij over de fietsparkeernorm en over het toestaan … Oh nee, dat zinnetje sla ik even over. En we merken ook op dat de fietsroute rond het Plesmanpein, ondanks eerdere discussies die we hier eerder in de raad hebben, volgens ons nog niet helemaal goed op de kaart staat. En hetzelfde geldt voor het Delfplein. Voorzitter, dan het openbaar vervoer. De ambitie moet hier net als de fiets zijn, meer OV gebruik. Ik lees echter, meer OV kwaliteit. Ja, voor meer OV gebruik is natuurlijk een hogere kwaliteit nodig, maar het doel moet die transitie zijn. En die kwaliteit, dat is het middel. Dus de tekst op bladzijde 51 moet anders. En als ik dan kijk naar de kaart, dan mis ik op het gebied van openbaar vervoer echt nog wel wat. Bijvoorbeeld een HOV-route door de Waarderpolder via Oostpoort en de Prins Bernhardlaan naar Schalkwijk en Hoofddorp. Juist om bussen rond de binnenstad te leiden.
Ik weet het, er staat wel een route ingetekend langs de Amsterdamse poort, naar knooppunt Nieuw Zuid, prima. Maar, voorzitter, vergeet die Waarderpolder niet. En dan een nationaal spoorsysteem. Ja, die vind ik echt slap in het stuk staan. We hebben er eerder zelfs amendement over ingediend in de raad. Uit mijn hoofd gezegd, GroenLinks bij de SOR, wat veel concreter was. Ik was ook heel blij met de opmerking net van GroenLinks. Wij willen niet dat … Mooi dat er 30% meer zitplaatsen komen naar Amsterdam. Maar als al die treinen allemaal keren in Amsterdam, dat betekent dat iedereen die verder moet reizen dan Amsterdam, daar moet overstappen. En ja, dat is nationaal beleid, maar het is een heel groot Haarlems belang. En als wij dat nog geen eens durven op te schrijven in deze nota, hoe kunnen we dan met goed fatsoen daarvoor in Den Haag gaan lobbyen? Dus wij vinden dat in deze nota heel krachtig moet staan dat er rechtstreekse treinen moeten komen naar Almere, Amersfoort en Utrecht. En dan niet alleen Sprinters, een soort metrosysteem, maar ook van intercity niveau. Want Haarlem is samen met de hele regio Kennemerland een serieuze stad. Ook op dat punt overweg ik een amendement. Dan het gedrag. Een paar hele mooie opmerkingen over het gedrag staan er in het stuk.
En dan valt me op van, ja, nieuwe inwoners als ze naar Haarlem komen, krijgen informatie over de mogelijkheden van deelauto’s. Toen dacht ik van, oh leuk. Maar waarom krijgen ze geen informatie over het openbaar vervoer. Dus kan de wethouder ook dat aanpassen. En die deelmobiliteit sowieso, ik lees het her en der, maar ik vond dat onderwerp toch nog wel een beetje slap in het stuk staan. Ik ben ook blij dat er een nota over komt. Maar in verhouding tot de andere stellige punten over parkeren, over de fiets, vind ik echt deelmobiliteit onderbelicht. En daarmee kom ik op de auto. Ik lees over een ambitie dat de reistijden binnen Haarlem voor de auto gelijk moeten blijven. En ik weet, sommige verbindingen in Haarlem zijn al erg traag. En die zou ik denk ik ook niet willen bepleiten van, het moet allemaal trager ofzo. Maar het is wel zo dat als wij minder doorgaand autoverkeer door de stad, door de binnenstad willen, en dus meer eromheen, ja, dan zullen sommige reistijden langer worden. En dat klopt niet met deze ambitie die toch zwart op wit in de nota staat. Dus volgens mij zit daar een mismatch en moeten we dat uit de nota halen. En dan verbaas ik me toch over als ik naar de kaart kijk, dat de Gedempte Oude Gracht, het Houtplein en Tempeliersstraat gewoon als hoofd autoroute staan ingetekend.
Dan denk ik van, huh, we waren toch bezig met een knip op het Houtplein? En de Gedempte Oude Gracht is deels ook geloof ik eenrichtingsverkeer voor auto’s. En dat is toch vooral voor bestemmingsverkeer? We willen de auto’s toch er omheen. Waarom staan ze dan op de kaart als hoofd autoroute? Ik snap het niet. Dus volgens mij moet ook dat aangepast worden. En dan die 50 kilometer en 30 kilometer per uur discussie. De Europaweg staat als 50 km/u op de kaart. Waarom? We leggen daar straks … Of nee, hij ligt er zelfs al, een mooie busbaan. Prima als die bussen daar over die busbaan 50 doen. Maar laten we dan die auto’s die er langs rijden, waar we de Europaweg een stadsstraat gaan maken, smaller gaan maken, laat die gewoon 30 rijden. Dan ben je tenminste met het openbaar vervoer wat sneller, is het ook veiliger op de rotondes voor de fietsers. En het … Heel makkelijk, want het is geen doorgaand verkeer, het is geen bestemmingsverkeer wat ergens in Schalkwijk
63
moet zijn. Maar er gewoon 30 van. En voorzitter, iemand zei het al, de binnenstad 15 km/u. Wij vinden dat er serieus naar moet worden gekeken. En heel veel straten zijn al gelijk niveau, dus die hoeven er nog geen eens voor ingericht worden. Maar een bordje 15 km/u helpt dan wel. En dan heb ik het echt over al die kleine straatjes in de binnenstad. En tot slotte, voorzitter, het verbaast me over … Volgens mij heeft de VVD het niet genoemd, maar ik wil toch ook even een belangrijk VVD-punt noemen. Eén partij ontbreekt volgens mij in dit mobiliteitsbeleid. De heer …: ‘…’. De heer Visser: Nee. Iemand een idee? De werkgevers. Waar zijn de werkgevers gebleven. Als wij een mobiliteitstransitie in Haarlem willen, dan moeten wij ook durven een mobiliteitsakkoord te sluiten met de bedrijven in de Waarderpolder. Dat zij gaan inzetten dat hun werknemers op de fiets komen, met het openbaar vervoer komen, dat er deelmobiliteit komt. Als wij al deze mooie doelen uit het mobiliteitsbeleid willen bereiken, dan zullen we om de tafel moeten met de werkgevers. Graag dat toevoegen aan deze nota. Dank u wel. De voorzitter: Mijnheer Mohr, Hart voor Haarlem. De heer Mohr: Ja, voorzitter, dank u wel. Ik aarzel een beetje of ik moet beginnen met iets te zeggen over de inbreng van mevrouw Schneiders. En dan met name de geloofwaardigheid. Want zij zei, ik ben blij met deze nota, de klimaatdoelen voorop.
En vervolgens bekend zij twee auto’s te hebben, waarvan één, dat weet ik, extreem vervuilend is. En ik geloof ook nog een diesel gestookte boot. Kortom, uw CO 2 … Of uw, hoe heet dat, zo’n footprint is wel erg groot. En u had het over uw straat waar een enquête is geweest, en dat heeft geleid tot verlichting. Ik geloof dat uw auto niet in die straat staat, maar op een andere plek. Kortom de geloofwaardigheid van uw inbreng is ernstig in het geding. De voorzitter: U heeft een interruptie van de heer Bloem, SP. De heer Bloem: Voorzitter, de VVD begon ermee en u gaat … Ik vind dit zo makkelijk. Ik vind het zo makkelijk. Vind ik het handig dat het zo is? Nee. Maar om … Er zijn genoeg redenen waarom de bijdrage van GroenLinks gewoon qua argumentatie gewoon niet goed in elkaar zit. Alsjeblieft, toon de intellectualiteit om het daarop te doen, in plaats van zo’n goedkope onderbuik … Nou, iets meer fatsoen alstublieft. De heer Mohr: Voorzitter, de geloofwaardigheid van de inbreng van mevrouw Schneiders is ernstig in het geding. Concludeer ik dan maar, ik zeg er verder niets over, omdat ik mevrouw Schneiders die vrijheid gun. Voorzitter, ons uitgangspunt is dat de Haarlemmer de vrijheid moet hebben om eigen keuzes te maken, zonder dat de overheid die bijvoorbeeld in financiële zin belemmerd of oplegt. Want precies dat is wat de wethouder met deze notitie doet.
En u vraagt er toch ook nog eens een smak geld voor. Voorzitter, dan een ander punt. Een oud leider van de VVD, inmiddels op leeftijd en slecht ter been, zei ooit dat het politieke debat zelden gaat waarover het lijkt te gaan. En dat geldt naar mijn overtuiging in zeer sterke mate voor het stuk dat wij nu bespreken. Zo bespreken wij vandaag het mobiliteitsbeleid. Maar feitelijk bespreken wij vooral één van de manieren waarop dit college het onvermijdelijke gat van Berkhout, die krater in de gemeentelijke begroting, wil dichten. Dat gat ontstaat omdat de wethouder er niet in is geslaagd om de financiële risico’s die samenhangen met het warmtenet in Schalkwijk te mitigeren. En die risico’s komen op ons af, die zullen een gat slaan in de begroting en daar is geld voor nodig en veel ook. En dat geld haalt het college op met het vergroten van de parkeerinkomsten. En voorzitter, dat is nog maar het begin. Wat de wethouder vervolgens siert, is dat hij dit ook opschrijft in zijn notitie. Hij schrijft: hoe meer middelen hoe beter. Dit, voorzitter, is een
64
vrijbrief om ongegeneerd te gaan graaien in de portemonnee van Haarlemmers. En dat baart ons zorgen. Wij zijn van mening dat onze portemonnee niet de feestwinkel van Berkhout mag zijn. Want zo leidt de krater van Berkhout tot een kater na Berkhout. En zoal wel vaker pakt GroenLinks de groep die zij het meest lijkt te verafschuwen, namelijk de Haarlemmer die werkt voor zijn geld en die daarvoor een auto nodig heeft. En soms zelfs twee, omdat beide partners werken. Er wordt immers voorrang gegeven aan een schone manier van vervoer, en dat is de auto meestal niet, die niet veel ruimte inneemt, en dat doet de auto vaak wel. Het aantal auto’s mag niet groeien. Voorzitter, die ontmoediging zien wij niet zitten. Wij delen de 30 kilometer als norm in onze stad, ook voor de bus. Wij staan achter een betere ontsluiting voor Zuid-West, bijvoorbeeld via een tunnel. Want hier, wethouder, wordt het geld verdiend. Wij willen af van die killerbussen door het centrum. En tot het pakken voor de fiets voor kleinere afstanden moet de Haarlemmer worden verleid en zeker niet gedwongen. En we zien de benodigde middelen graag gemaximeerd, want dat beschermd de Haarlemmer immers het beste tegen het financieren van de aanstaande crisis in de Haarlemse overheidsfinanciën. En tot slot zullen wij de aangekondigde motie van de Partij van de Arbeid steunen. Dank u wel. De voorzitter: De heer Aerssens, VVD.
De heer Aerssens: Dank u, mijnheer de voorzitter. Ik heb de meeste partijen in deze zaal horen beginnen met een compliment, namelijk dat het zo’n goed stuk is. En die mening deel ik niet. Sterker nog, dit lijkt niet echt een beleidsstuk, maar meer een ideologisch visiedocument waar een hele hoop wensdenken in staat, gericht voornamelijk op gedwongen gedragsverandering, gesteund door de grootste fractie hier in deze zaal. Als ik naar mezelf ga kijken. Vroeger werd ik altijd aangemoedigd om te gaan werken voor mijn geld in plaats van dat ik verplicht werd. Dat motiveerde mij vervolgens, zo had ik ten slotte zelf wat te besteden. En die vergelijking is een klein beetje te maken met hoe wij met Haarlemmers om willen gaan en de verschillen tussen de VVD en GroenLinks. Namelijk, GroenLinks zet in op een actieve gedragsverandering, maakt dingen niet mogelijk, en belast keihard de mensen die keihard een klein bedrag al niet kunnen missen, namelijk hard werkende Haarlemmers. Er wordt niet ingezet op alternatieven waar zo op ingezet zou moeten worden, juist om die ambities die we samen hebben daadwerkelijk te gaan realiseren. Waar gaan we bijvoorbeeld een park en ride, en voeg daar dan ook direct een park en ride a bike aan toe, waar gaan we die aanleggen? Om ervoor te zorgen dat auto’s niet per se de stad in hoeven.
Waar zijn connecties tussen zo’n plek om bijvoorbeeld naar het centrum te gaan of naar het nieuwe centrum Schalkwijk waar ontzettend veel gebeurt. We hebben het al veel over betaald parkeren gehad, wat er nu eventjes snel, snel in dit beleid wordt gefietst. De wethouder tast het vertrouwen aan, namelijk door hierzo in te zetten dat hij betaald parkeren in heel Haarlem wil invoeren, tegen alle afspraken in die gemaakt zijn. Wethouder, hoe reflecteert u op dat vertrouwen wat wel in die afspraak is gesteld. En in wijken waar betaald parkeren ingevoerd wordt, daar gaan ongetwijfeld de lasten omhoog. Want een nultarief mag misschien leuk klinken, maar is een illusie, want de kosten voor dat betaald parkeren moeten ook ergens door betaald worden. En parkeerdruk in wijken waar betaald parkeren is ingevoerd, is er niet minder op geworden. Dus iedereen die aankomt met, het wordt groener, is echt een illusiedenker. Andere oplossingen zijn echt degenen waar we op in moeten zetten. En ik had in dit stuk zo gehoopt op meer maatregelen van de wethouder die daadwerkelijk actie ondernemen om mensen te stimuleren om andere maatregelen te nemen en om andere dingen te doen. Bijvoorbeeld door die auto buiten de stad te laten staan, bijvoorbeeld de verbetering van het OV en meer in te zetten nog op het gebruik van een fiets.
Want mobiliteit is een compleet pakket waar ook de auto een essentieel onderdeel van uitmaakt. En naast de files de stad in en de stad uit, hebben we ook fietsfiles die we aan moeten pakken. En ook daar moeten we op inzetten. Maar het blijft een compleet plaatje wat volledig rond moet zijn. In Haarlem zetten we ook in op de GOW30, de gebiedsontsluitingsweg 30. En ook dat is iets waar de VVD geen
65
voorstander van is. In ieder geval niet voordat er duidelijke resultaten zijn van het nu in te richten Professor Eijkmanlaan en de GOW30 die we daar creëren. In het stuk lijkt die GOW30 nu al als een gegeven te zijn, terwijl we nog helemaal niet weten wat de GOW30 gaat betekenen voor de wijk. Want in het geval van die Professor Eijkmanlaan is de verkeersintensiteit veel te hoog om een 30 kilometerzone daarvan te maken. Kortom, voorzitter, dit is niet echt een beleidsstuk. Een ideologische visie waarin we echt meer van de wethouder hadden verwacht. En naast alle onderzoeken die er komen en naast alle input van de collega’s hier, lijkt het stuk wel bijna niet behandelrijp om nu te gaan bespreken in de raad, maar moet er eerst nog eens goed aan gesleuteld worden en moet er daadwerkelijk onderzoek gedaan worden alvorens er op een heleboel van deze punten in ieder geval akkoord gegeven kan worden. Want ja, er staan ook zeker goede punten in, maar die worden op dit moment echt ondergesneeuwd door alle andere maatregelen. De voorzitter: U heeft twee interrupties. Eerst de heer Krouwels van D66. De heer Krouwels: Ja. Dank u wel, voorzitter. Ik weet niet zeker of de VVD hetzelfde beleidsstuk heeft gelezen als ik. Volgens mij zitten er heel veel alternatieven in.
Kunt u één alternatief of een goed punt uit die mobiliteit noemen? Want volgens mij is het idee dat we niet de volledige ruimte hebben in deze stad. Dus die transitie moet toch ergens naartoe gaan? Dat is 90% met de fiets, met de voet en inzetten op OV. De heer Aerssens: Spannend deze microfoon vandaag. Ik ben echt van mening dat we echt moeten inzetten op dat OV. Maar dan moeten we wel eerst stimuleren en ervoor zorgen dat die verbindingen correct zijn naar Schiphol, naar Amsterdam Zuid, naar Amsterdam Centraal. En inderdaad ook, wat al eerder gezegd werd, die verbinding naar Utrecht. Ik denk echt dat dat essentiële onderdelen zijn. Maar dat moet eerst geregeld worden, en eerst moeten die alternatieven in orde zijn alvorens we andere maatregelen kunnen gaan nemen die op ontmoediging gaan lijken. En daarzo echt het ontmoedigen van mensen, daar zul je ons sowieso geen voorstander van vinden. De voorzitter: De heer Abbasi, PvdA. De heer Abbasi: Ja. Dank u wel, voorzitter. Ja, ik … Mijnheer Aerssens, ik snap dat u als lid van de vroemvroempartij het heel lastig vindt om te accepteren dat de tijd van de auto hier in Haarlem voorbij is en dat we moeten focussen op andere vervoersmiddelen.
Dus mijn vraag is, waar komt die ongezonde liefde voor de auto naar vandaan? Waarom kunnen we niet samen gaan kijken naar die alternatieven? Waarom kunnen we niet samen gaan focussen op het aanbieden van het iets anders, zodat die mensen die auto uitstappen. U bent u het toch met ons allemaal eens dat we minder vaak die auto moeten gaan gebruiken? De heer Aerssens: Ik ga deze gebruiken, want die andere microfoon die heeft er echt geen zin meer in vanavond. Ja, mijnheer Abbasi, ik ben het helemaal met u eens. Maar dan als u deze vraag stelt, lijkt het er bijna op alsof u mijn betoog net niet heeft gehoord. Want ja, wij willen ook graag inzetten op al die andere maatregelen. Maar de auto is op dit moment, en zal ook de komende jaren nog een essentieel onderdeel blijven van ons vervoer. Er zijn mensen die hebben die auto kei- en kei- en keihard nodig om op mijn werk te komen. En al die mensen die wij … Mijnheer Bloem zei het eerder al, bijvoorbeeld die essentiële beroepen. Mensen die op onverwachte tijden snel op hun werk moeten komen, die hebben die auto keihard nodig en het OV is daar niet klaar voor, dat is nog geen alternatief. De voorzitter: De heer Abbasi. Ja, gaat u verder.
66
De heer Abbasi: Ja, dank u wel. Maar dan denk ik toch dat we samen moeten gaan kijken naar die mensen die niet de auto per se nodig hebben om naar hun werk te gaan, want die zijn er ook. Je kan mij niet wijs maken dat al die mensen die vooral pre corona, maar waarschijnlijk ook als corona voorbij is, met zijn allen ’s ochtends in de file staan om naar hun werk te gaan, dat ze allemaal per se met de auto naar werk moeten gaan. Die mensen, een groot gedeelte daarvan, kan met de trein, kan misschien zelfs wel met de fiets. Maar die pakt de auto. Laten we erop focussen om die mensen uit de auto te zetten, met een ander vervoersmiddel te gaan, zodat die mensen die echt daadwerkelijk met de auto naar hun werk moeten gaan, zonder file op hun werk aankomen. Waarom doen we dat niet? De heer Aerssens: Ja, en hoe gaan we dat doen? Door de alternatieven te stimuleren en niet per se … Dat is dan de manier van GroenLinks. Niet door die automobilisten te pesten, maar gewoon door die alternatieven beter te maken. Door ervoor te zorgen dat reistijden korter worden, dat er betere verbindingen ontstaan met het OV, met de bus. Al dat soort dingen daar zult u ons zeker een voorstander van vinden. Maar het is een omgekeerd beleid. Wij zijn namelijk voor het stimuleren en voor het aanmoedigen en niet voor de stok. De heer Abbasi: Als ik nog laatste iets mag zeggen? Ja? De voorzitter: Laatste.
Maar wel kort alstublieft. De heer Abbasi: Heel goed. Dan moet ik de heer Krouwels van D66 gelijk geven, want volgens mij heeft u een heel ander stuk gelezen. De focus is inderdaad die mobiliteitstransitie stimuleren van ander gebruik dan die auto, zodat die auto minder gebruikt wordt en dan ook nog zorgen dat mensen dat ook gaan doen. Ja, dat staat volgens mij echt in het stuk. De heer Aerssens: Daar kan ik me niet in vinden. In dit stuk staat het echt het typische automobilistje pesten met het invoeren van betaald parkeren. En al dat soort maatregelen dat is gewoon niet wat je moet willen. En als u daar overheen leest of dat minder belangrijk acht, ja, dan denk ik inderdaad dat we een hele andere visie hebben op dit stuk. De voorzitter: De heer Aynan, Jouw Haarlem. De heer Aynan: Dank u wel, voorzitter. Allereerst dank aan de vele Haarlemmers die de moeite hebben genomen om een reactie te geven op dit wazige stuk. En bij het concept was ik al kritisch van de weinig concrete inhoud. En daar is helaas niets aan veranderd. Er is inderdaad sprake van veel wensdenken. Maar het hoe, daar krijgen we helemaal geen antwoord op. Dus ik er ga er eerlijk gezegd ook weinig woorden aan vuil maken. En deze constatering zien we ook terug in de vele inspraakreacties.
Zoals gevraagd wordt naar concrete maatregelen of mensen hebben zelf concreet voorstel, dan wordt er steevast geantwoord, en dan quote ik, het mobiliteitsbeleid is beleid op hoofdlijnen, concrete uitwerking volgt later. En voorzitter, dat is precies wat het college en deze wethouder jarenlang met de raad heeft gedaan. Want toen we vroegen, want dat is namelijk de bron voor dit mobiliteitsbeleid bij de ontwikkelzones. Toen we vroegen om concrete beleidsantwoorden voor de mobiliteitsvraagstukken, werd ons gezegd, joh dat komt later bij het mobiliteitsbeleid. En nu zegt u, wacht concrete voorstellen af, dat komt later. Deze cirkelberedenering die wordt tegenwoordig vaker gebruikt door dit college. En voorzitter, ik snap nu ook waarom. Want in de reacties wordt ook gezegd, ja, er wordt expliciet gezegd van, ja, de concrete uitwerking volgt wel na de verkiezingen. En u ziet wel waar de keuzes worden gemaakt door de volgende coalitie. Dat is hoe het zit. Dus wij gaan er inderdaad een verkiezingsthema van maken. U gaat onze inbreng lezen in ons verkiezingsprogramma. En ten slotte, voorzitter, toch eventjes concreet. Want er worden wel een aantal concrete …