CConstaterende datHaarlem
Koppel je AI →
Document · PDF

20210089362 1. Compensatie voor uitvoeringslasten klimaatakkoord voor gemeenten (Artikel 2 onderzoek)

commissie Beheer 11 maart 2021, gemeente HaarlemBij agendapunt: Compensatie voor uitvoeringslasten klimaatakkoord voor gemeenten (Artikel 2 onderzoek)1.302 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

Informatienota

Onderwerp Compensatie voor uitvoeringslasten Klimaatakkoord voor gemeenten (Artikel 2 onderzoek) Nummer Portefeuillehouder Programma/beleidsveld Afdeling Auteur Telefoonnummer Email Kernboodschap

2021/85395 Berkhout, R.A.H. 4.1 Duurzame stedelijke ontwikkeling PG Woude, M. van der 023-5113531 mvdwoude@haarlem.nl In juni 2019 is het Klimaatakkoord ondertekend. Daarin zijn maatregelen afgesproken om de uitstoot van broeikasgassen te halveren in 2030. Veel van deze maatregelen worden uitgevoerd door de decentrale overheden (gemeenten, provincies en waterschappen). Om te bepalen welke kosten dit met zich meebrengt voor gemeenten, provincies en waterschappen is door de Raad voor het Openbaar Bestuur (ROB) een zogenaamd artikel 2 onderzoek uitgevoerd. Dit onderzoek is op 25 januari 2021 opgeleverd. Voor de uitvoering van het Klimaatakkoord hebben gemeenten, provincies en waterschappen de komende drie jaar 1,8 miljard euro nodig. Voor gemeenten gaat het hierbij om verreweg het grootste bedrag; 600miljoen op jaarbasis. De ROB constateerde nog een ander obstakel voor het in de praktijk brengen van klimaatmaatregelen. Behalve de energieregio’s van het Nationaal Programma Regionale Energie Strategie (RES) is er geen platform dat zorgt voor onderlinge afstemming en coördinatie van de inspanningen van decentrale overheden. Het risico bestaat dat decentrale overheden allemaal erg hun best doen, maar het zicht verdwijnt op het uiteindelijke doel: 49% CO2-reductie in 2030.

Om het probleem van ontbrekende coördinatie op te lossen, adviseert de ROB dat er op drie lagen duidelijke afspraken moeten worden gemaakt wie welke taak oppakt en waar verantwoordelijk voor is: lokaal, regionaal en landelijk. De gemeente staat klaar en in de startblokken om aan de gewenste opschaling en uitvoering van de klimaatopgave te beginnen. Met voldoende geld en afspraken voor afstemming en ondersteuning denkt de ROB dat decentrale overheden in staat gesteld worden om de plannen uit te voeren van het Klimaatakkoord. Dit is een belangrijke randvoorwaarde voor het behalen van de klimaatdoelen zoals gesteld in het Klimaatakkoord. Hiermee dienen ook de uitvoering van de Haarlemse transitievisie warmte en het Actieplan schone energie gerealiseerd te worden. Ook zijn deze middelen nodig voor de verschoning van mobiliteit en

Kenmerk: 2021/85395

1/4

Behandelvoorstel voor commissie Relevante eerdere besluiten Besluit College d.d. 16 februari 2021

verduurzaming van het eigen vastgoed. Middels de VNG en G40 zal ingezet worden op het benadrukken van de noodzaak van deze middelen voor de realisatie van de opgave waar we als gemeenten voor staan. Het college stuurt de informatienota ter kennisname naar de commissie beheer. Geen 1. Het college stelt de informatienota aan de commissie vast. de secretaris,

de burgemeester,

Inleiding In het Klimaatakkoord hebben het Rijk en de decentrale overheden afgesproken dat er een onafhankelijk onderzoek komt naar de extra uitvoeringskosten van gemeenten, provincies en waterschappen, dit is het artikel 2 onderzoek. Het onderzoek is in opdracht van de Raad van Openbaar bestuur (ROB) uitgevoerd door onderzoeksbureau AEF. Het onderzoeksrapport Van Parijs naar praktijk is als bijlage 1 toegevoegd. In het Klimaatakkoord is afgesproken dat de uitkomst van het artikel 2 onderzoek door het nieuwe kabinet wordt overgenomen en de decentrale overheden in de periode 2022-2030 vergoed zullen worden voor de uitvoeringslasten. Daar staat oa de verplichting tegenover dat de decentrale overheden samen 1,5 miljoen woningen en andere gebouwen in 2030 aardgasvrij gemaakt hebben en 35TWh aan elektrische opwek op land zullen realiseren. Haarlem heeft de afgelopen jaren hard gewerkt aan het in kaart brengen van de opgave en het klaarzetten van de benodigde plannen om de CO2 uitstoot in de stad te reduceren met de Haarlemse transitievisie warmte en het Actieplan schone energie. De komende maanden moet duidelijk worden in hoeverre het adviesrapport van het ROB wordt overgenomen. Via de vereniging Nederlandse Gemeenten (VNG) en het stedenverband van de 40 middelgrote steden (G40) zullen we de noodzaak hiervan voor de uitvoering van het Klimaatakkoord stevig benadrukken.

Deze nota informeert u over het artikel 2 onderzoek en de betekenis daarvan voor de gemeente Haarlem.

Kenmerk: 2021/85395

2/4

2. Kernboodschap De decentrale overheden hebben in de periode 2022-2024 jaarlijks € 600 miljoen nodig om het Klimaatakkoord uit te voeren. Voor de gemeente Haarlem gaat het naar verwachting om een bedrag van 4 tot 5 miljoen euro per jaar. Het ROB adviseert voor G 40 gemeenten extra capaciteit van 39-42 fte. Dit is een belangrijk speerpunt in de komende kabinetsformatie waar de gemeente Haarlem lobby voor voert. Met deze extra middelen kunnen de plannen uit de Haarlemse transitievisie warmte en uit het Actieplan schone energie uitgevoerd gaan worden. Indien onverhoopt het advies niet volledig overgenomen wordt dan voorzien we vertraging in de uitvoering en realisatie van de opgave richting 2030. Deze middelen zijn ons inziens cruciaal om de komende jaren de nodige stappen te zetten. 3. Consequenties Wat betekent het artikel 2 onderzoek voor Haarlem? Het afgelopen jaar heeft onderzoeksbureau AEF in opdracht van de ROB in beeld gebracht welke uitvoeringslasten de decentrale overheden hebben om het Klimaatakkoord uit te voeren. Hieruit blijkt dat een G40 gemeente als Haarlem extra middelen nodig heeft om het Klimaatakkoord uit te voeren. De gemeenten hebben deze middelen niet in de eigen begroting.

Decentralisatie zonder benodigde middelen Het risico bestaat dat gemeenten middels het vaststellen van Klimaatakkoord een extra taak hebben gekregen die zonder de benodigde middelen niet naar behoren uit te voeren is. Dit is een onwenselijke situatie en indien de geadviseerde middelen dan ook niet volledig worden toegekend zal ook een gesprek moeten plaatsvinden over de uitvoerbaarheid van deze extra taken. In afwachting van deze middelen is Haarlem wel bezig met de voorbereiding van de energietransitie. De Haarlemse transitievisie warmte ligt voor om ter inzage te leggen, de plannen om mobiliteit te ‘verschonen’ zijn in ontwikkeling, over de verduurzaming van het eigen vastgoed is onlangs besloten en ook het Actieplan schone energie ligt klaar. Bij de Transitievisie Warmte is nu de afspraak dat we warmteuitvoeringsplannen (WUP’s) gaan maken. Met name deze uitvoeringsplannen vragen om opschaling; in inzet en middelen. Wat betekent het als het artikel 2 onderzoek niet gehonoreerd wordt? De gemeente Haarlem heeft met de huidige eigen middelen de voorbereidingen getroffen, als het gaat om aardgasvrij worden en het opwekken van schone energie. Voor uitvoering zijn we afhankelijk van de middelen volgens het artikel 2 onderzoek. Het gaat om zo’n 4 tot 5 miljoen euro per jaar voor onze gemeente in de periode 2022-2024.

Kenmerk: 2021/85395

3/4

Het uitblijven van middelen betekent ook dat de uitvoeringsplanning van de Routekaart duurzaamheid en de transitiepaden vertraagt. In het Klimaatakkoord zijn afspraken over 5 klimaattafels gemaakt: elektriciteit, mobiliteit, industrie, landbouw en landgebruik en gebouwde omgeving. Haarlem heeft in 2017 de eerste versie van de Routekaart duurzaamheid vastgesteld. In die routekaart staat uitgewerkt hoe Haarlem in 2040 aardgasvrij zal worden en raakte daarmee vooral het onderwerp gebouwde omgeving. Tijdens de coalitieperiode Duurzaam Doen zijn ook de andere onderwerpen verder uitgewerkt. In juni wordt de Haarlemse Routekaart duurzaamheid opgeleverd. Deze routekaart omvat de transitiepaden: Haarlem Aardgasvrij 2040 met de transitievisie warmte, Actieplan Schone Energie, Duurzame mobiliteit en Duurzaam Grond Weg en Waterbouw. De middelen van het artikel 2 onderzoek maken het mogelijk om op deze transitiepaden projecten en plannen te gaan uitvoeren. 4. Vervolg De uitkomsten van het artikel 2 onderzoek zullen vermoedelijk een belangrijk onderwerp van gesprek zijn tijdens de onderhandelingen voor de nieuwe kabinetsformatie. Middels VNG en G40 zullen we ons inzetten om de noodzaak van deze middelen voor de uitvoering van het Klimaatakkoord over te brengen. We verwachten voor de zomer meer duidelijkheid te krijgen hierover.

Het rapport adviseert de middelen toe te kennen middels de brede doeluitkering voor de jaren 20222024 en vanaf 2025 middels regio-plannen. Voor deze regio plannen wordt voorgesteld het proces van de RES (Regionale Energie Strategie) te volgen. 5. Bijlage Bijlage 1 Van Parijs naar praktijk; Bekostiging en besturing van de decentrale uitvoering van het Klimaatakkoord

Kenmerk: 2021/85395

4/4

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/12275695/1