CConstaterende datHaarlem
Koppel je AI →
Document · PDF

20210039397 1. Opinienota 'hoe gaat Haarlem om met het vrijlaten van giften binnen de Participatiewet'

commissie Samenleving 18 maart 2021, gemeente HaarlemBij agendapunt: 18.45 uur Opinienota 'hoe gaat Haarlem om met het vrijlaten van giften binnen de Participatiewet' (FR)1.548 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

Opinienota

Onderwerp Opinienota over de omgang met giften binnen de Participatiewet Nummer Portefeuillehouder Programma/beleidsveld Afdeling Auteur Telefoonnummer Email Kernvraag aan de commissie

2021/39397 Roduner, F.J. 3.2 Inkomen WI Wegener, R. 023-5115209 rwegener@haarlem.nl Het college vraagt de commissie om haar visie te geven over de gemeentelijke omgang met giften en bijstand; 

Behandelvoorstel voor de commissie

Wilt u de huidige praktijk handhaven; het individueel beoordelen van giften op basis van de Participatiewet en de omgekeerde toets? óf Wilt u vooruitlopend op de mogelijke landelijke wijzigingen voor alle bijstandsgerechtigden een jaarlijkse standaardvrijlating toepassen tot een grensbedrag en hiervoor een richtlijn laten opstellen? Zo ja, welk vrij te laten bedrag: € 300, € 500 of € 1200 op jaarbasis? óf Wilt u een richtlijn op basis van de huidige wetgeving, waarin het college de kaders weergeeft voor de interpretatie van deze wet zonder het benoemen van een grensbedrag?

Het college stuurt de opinienota ter bespreking naar de commissie Samenleving. Met deze opinienota vraag het college de commissie Samenleving haar mening over een aantal keuzes die gemaakt moeten worden. Afhankelijk van de keuze van de commissie zal het college een collegebesluit opstellen voor het vaststellen van de richtlijnen.

Relevante eerdere besluiten Besluit college d.d. 9 februari 2021

1. Het college stelt de opinienota aan de commissie vast. de secretaris,

de burgemeester,

Kenmerk: 2021/39397

1/5

Inleiding Recente signalen in den lande en binnen onze eigen gemeente rondom terugvordering en beboeting wegens giften binnen de Participatiewet hebben geleid tot vragen rondom de ruimte die gemeenten hebben om ‘de menselijke maat’ toe te passen bij giften en de vraag of en hoe die ruimte in Haarlem genomen wordt. Het college heeft ruimte binnen de kaders van de Participatiewet om te beoordelen welke giften op grond van deze wet verantwoord zijn, en welke giften tot de middelen gerekend dienen te worden. Op dit moment wordt in Haarlem ieder geval individueel beoordeeld.

1. Achtergrondinformatie Uitgangspunt Participatiewet Voor alle inkomsten en dus ook voor giften geldt een informatieplicht op grond van de Participatiewetwet. De wet is het sluitstuk van de sociale zekerheid (vangnet) en is altijd aanvullend op alle eigen middelen (inkomsten/vermogen, ook in natura) van bijstandsgerechtigden. Basisprincipe binnen ons sociale zekerheidsstelsel is dat iemand te veel ontvangen uitkering moet terugbetalen. Dit principe is van belang voor het draagvlak van ons sociale zekerheidsstelsel. Er moet immers op vertrouwd kunnen worden dat de bijstand alleen terecht komt bij de mensen die het echt nodig hebben. Huidige Haarlemse werkwijze Artikel 31, lid 2, onderdeel m van de Participatiewet gaat over middelen die eventueel buiten beschouwing kunnen worden gelaten voor zover deze naar het oordeel van het college uit een oogpunt van bijstandsverlening verantwoord zijn. Hierin heeft de gemeente dus enige beleidsvrijheid en op deze basis worden giften altijd individueel beoordeeld. In Haarlem zijn ongeveer 3500 personen met een Participatiewetuitkering. In 2020 is een totaal van ongeveer € 7000 aan giften verrekend bij ongeveer 20 personen. Gemeente Haarlem vindt het belangrijk om betrokken en betrouwbaar te zijn en rekening te houden met de sociale en financiële omstandigheden van het individu.

Dat zien we terug in de dienstverleningsvisie, het beleid rondom schulddienstverlening en in de toepassing van de ‘omgekeerde toets’1 bij het beoordelen van rechtmatigheid in alle geledingen van de organisatie. En zo wordt dat ook onderwezen aan de uitvoerders. Dat vertaalt zich ook in de wijze waarop giften worden beoordeeld. Naast verantwoorde giften zijn onder meer de volgende vrijlatingen en toeslagen van toepassing in de Participatiewet:

1

Werken vanuit de bedoeling, in plaats van volgens de letter van de wet, zie ook: Dienstverleningsvisie Haarlem en Zandvoort 2021-2024: de menselijke maat /bestuurlijke-stukken/20200831242-2-Bijlage-1-Dienstverleningsvisie-Haarlemen-Zandvoort-2021-2024-de-menselijke-maat-2.pdf

Kenmerk: 2021/39397

2/5

 

  

Vrijlating van inkomsten uit werk (maximaal 6 maanden en 25% van inkomsten met maximum van € 220 per maand) Aanvullend hierop vrijlating voor alleenstaande ouders voor nog eens 12,5% van het verdiende salaris houden tot een maximum van 30 maanden met een maximum van € 137,46 per maand Vrijlating van kostenvergoeding voor vrijwilligerswerk tot € 1800 per jaar Vrijlatingen als schadevergoedingen, tegemoetkoming chronisch zieken, jonggehandicaptenkorting, kinderbijslag, financiële waardering voor mantelzorgers etc. Individuele inkomstenstoeslag voor mensen die langdurig moeten rondkomen van een inkomen op bijstandsniveau (€ 388 voor alleenstaande, € 498 voor alleenstaande ouders en € 554 voor gehuwden) Overige minimaregelingen zoals tegemoetkoming schoolkosten en tegemoetkoming chronisch zieken en gehandicapten, tegemoetkoming sportkosten, bibliotheekpas etc.

Landelijke ontwikkelingen Wegens recente gebeurtenissen, waaronder de terugvordering en boete in relatie tot ontvangen boodschappen van een dame in Wijdemeren, en de toeslagenaffaire rondom kinderopvangtoeslag, wordt in de landelijke politiek de Participatiewet tegen het licht gehouden en worden voorstellen ingediend om de wet op dit punt te versoepelen. De staatssecretaris gaat ook in gesprek met gemeenten over de omgang met giften (zie brief; bijlage 1). Op grond van de Participatiewet is het aan gemeenten om te oordelen of een ontvangen gift aan een inwoner in de bijstand verantwoord is. Dit leidt nu tot een onduidelijke en complexe uitvoeringspraktijk voor gemeenten en hun inwoners. Het vangnetkarakter van de bijstand en de menselijke maat moeten hier volgens de staatssecretaris meer in evenwicht komen. Met gemeenten wordt besproken of meer algemene kaders over dit onderwerp meer duidelijkheid kunnen bieden. Andere gemeenten Een aantal gemeenten in Nederland heeft beleidsregels of richtlijnen opgesteld, waarin beschreven staat welke giften het college per definitie verantwoord vindt. Als giften onder een bepaald bedrag per jaar blijven, hoeft in die gevallen geen toetsing plaats te vinden of het bedrag verantwoord is.

In gemeente Amsterdam is dat € 1200 per jaar, Rotterdam hanteert € 300, een aantal andere gemeenten hanteert € 500 of nemen een percentage van de bijstandsnorm. Gemeente Haarlem heeft momenteel geen richtlijn omtrent vrijlating van giften. Elk geval wordt individueel beoordeeld op grond van het artikel hierover in de Participatiewet. 2. Alternatieven Om extra zekerheid te bieden dat alle uitvoerders de wet op een eenduidige manier toepassen kan het opstellen van een richtlijn nuttig zijn. Richtlijnen kunnen richting geven aan de interpretatie van de wet, zonder maatwerk onmogelijk te maken. De wet biedt voldoende houvast en ruimte om richtlijnen op te stellen waarin de Haarlemse interpretatie wordt verwoord met oog voor de sociale en financiële omstandigheden van het individu. Bij het opstellen van richtlijnen zijn twee mogelijkheden: 

Richtlijnen met benoeming van een standaard vrij te laten bedrag (€ 300, € 500 of € 1200

Kenmerk: 2021/39397

3/5

per jaar) Richtlijnen zonder standaard vrij te laten bedrag

Als de gemeente richtlijnen opstelt met een standaard vrij te laten bedrag is het voorstel om ook de inlichtingenplicht voor het vrij te laten bedrag los te laten en de verplichting tot melding pas op te leggen bij het ontvangen van meer dan het vrij te laten bedrag per jaar. Het is namelijk niet mogelijk om de bedragen te registreren in het huidige systeem, waardoor er per individuele geval lijstjes in tekstvelden bijgehouden zouden moeten worden. Dat is arbeidsintensief en onoverzichtelijk. Om die reden heeft Amsterdam ook afgezien van de inlichtingenplicht tot het bedrag van € 1200. Op het moment dat de bijstandsgerechtigde opgeteld een hoger bedrag ontvangt dan het vrij te laten bedrag zal hij opgave moeten doen van het totaal van de ontvangen giften binnen dat jaar. Zo kan beoordeeld worden of het deel dat het vrij te laten bedrag overstijgt als middel aangemerkt moet worden, tot het vermogen gerekend moet worden of dat deze gift ook kan worden vrijgelaten. 3. Voor en nadelen in een schema

Juridisch

Gelijkheidsbeginsel

Toepassen maatwerk op basis van de Participatiewet zonder richtlijnen Participatiewet wordt toegepast zoals bedoeld

Blijft uitgangspunt

Oogpunt Risico op verschillende bijstandsgerechtigde behandeling door klantmanager, weinig bereidheid tot melden van giften, niet opgeven van giften kan leiden tot stress Administratief Geen wijziging

Financieel

Geen wijziging

Inlichtingenplicht

Inlichtingenplicht blijft gehandhaafd

Richtlijn giften en bijstand mét standaard vrijlatingsbedrag Participatiewet wordt opgerekt; bijstand is niet aanvullend op eigen middelen, maar inkomen uit de bijstand kan worden opgehoogd met giften Komt onder druk; niet iedereen heeft een netwerk dat giften geeft Gelijke behandeling, meer bereidheid tot melden, minder stress

Minder verrekeningen en terugvorderingen en minder bezwaar en beroep Minder verrekeningen, minder inkomsten, maar effect is beperkt Inlichtingenplicht rondom giften laten we los

Kenmerk: 2021/39397

Richtlijnen giften en bijstand zónder standaard vrijlatingsbedrag Participatiewet wordt toegepast zoals bedoeld

Blijft uitgangspunt

Gelijke behandeling, weinig bereidheid tot melden, niet opgeven van giften kan leiden tot stress

Geen wijziging

Geen wijziging

Inlichtingenplicht blijft gehandhaafd

4/5

4. Kernvragen aan de commissie 

Wilt u de huidige praktijk handhaven; het individueel beoordelen van giften op basis van de Participatiewet en de omgekeerde toets? óf Wilt u vooruitlopend op de mogelijke landelijke wijzigingen voor alle bijstandsgerechtigden een jaarlijkse standaardvrijlating toepassen tot een grensbedrag en hiervoor een richtlijn laten opstellen? Zo ja, welk vrij te laten bedrag op jaarbasis: € 300, € 500 of € 1200? óf Wilt u richtlijnen op basis van de huidige wetgeving, waarin het college de kaders weergeeft voor de interpretatie van deze wet zonder het toepassen van een vaste vrijlating?

5. Vervolg Afhankelijk van de keuze van de commissie zal het college een collegebesluit opstellen voor het vaststellen van de richtlijnen.

6. Bijlage 1) Brief staatssecretaris van ‘t Wout d.d. 18 januari 2021; ‘Aanpak hardheid Participatiewet en mogelijkheden tot maatwerk https://www.tweedekamer.nl/kamerstukken/brieven_regering/detail?id=2021Z00898&did=2021D0 2248

Kenmerk: 2021/39397

5/5

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/12274565/1