20201157964 4. Bijlage C Ruimtelijke Onderbouwing
Tekst van het document
omgevingstype 'rustige woonwijk' dan wel 'gemengd gebied’. Het plangebied en haar omgeving dient te worden aangemerkt als
onderlinge afstand moet groter zijn naarmate de milieubelastende functie het milieu
‘gemengd gebied’.
sterker belast. Milieuzonering heeft twee doelen:
het voorkomen of zoveel mogelijk beperken van hinder en gevaar bij woningen en andere gevoelige functies;
het bieden van voldoende zekerheid aan bedrijven dat zij hun activiteiten duurzaam onder aanvaardbare voorwaarden kunnen uitoefenen.
Voor het bepalen van de aan te houden afstanden wordt de VNG-uitgave 'Bedrijven en Milieuzonering' uit 2009 gehanteerd. Deze uitgave bevat een lijst, waarin voor een hele reeks van milieubelastende activiteiten (naar SBI-code gerangschikt) richtafstanden zijn gegeven ten opzichte van milieugevoelige functies. De lijst geeft richtafstanden voor de ruimtelijk relevante milieuaspecten geur, stof, geluid en gevaar. De grootste van de vier richtafstanden is bepalend voor de indeling van een milieubelastende activiteit in een milieucategorie en daarmee ook voor de uiteindelijke richtafstand. De richtafstandenlijst gaat uit van gemiddeld moderne bedrijven. Indien bekend is welke activiteiten concreet zullen worden uitgeoefend, kan gemotiveerd worden uitgegaan van de daadwerkelijk te verwachten milieubelasting, in plaats van de richtafstanden.
Milieucategorie Richtafstand omgevingstype woonwijk en buitengebied
tot Richtafstand rustige omgevingstype rustig gemengd gebied
1
10 m
0m
2
30 m
10 m
3.1
50 m
30 m
3.2
100 m
50 m
4.1
200 m
100 m
4.2
300 m
200 m
5.1
500 m
300 m
5.2
700 m
500 m
5.3
1.000 m
700 m
6
1.500 m
1.000 m
Richtafstanden en omgevingstype
Haarlem Zuid Schalkwijkerweg
31
31
tot
Hiernaast gelden ten aanzien van bedrijven die onder de werkingssfeer van de Wet
4.8
Externe veiligheid
4.8.1
Wettelijk kader
milieubeheer vallen, deze Wet en haar uitvoeringsbesluiten als toetsingskader voor de toegestane bedrijfshinder.
Sommige activiteiten brengen risico's op zware ongevallen met mogelijk 4.7.2
Onderzoek / beoordeling
Woningen worden gezien als milieugevoelige objecten, waardoor gekeken dient te
grote gevolgen voor de omgeving met zich mee. Externe veiligheid richt zich op het beheersen van deze risico's. Het gaat daarbij om onder
worden naar functies in de nabije omgeving. Direct ten noorden en direct ten zuiden bevinden zich woningen. Deze hebben vanuit milieuzonering geen invloed
meer de productie, opslag, transport en het gebruik van gevaarlijke stoffen. Dergelijke activiteiten kunnen een beperking opleggen aan de
op onderhavig initiatief.
omgeving. Door voldoende afstand tot de risicovolle activiteiten aan te houden kan voldaan worden aan de normen. Aan de andere kant is de
Ten oosten van het plangebied bevinden zich sportvelden. Een veldsportcomplex met verlichting valt onder milieucategorie 3.1, waardoor er (in gemengd gebied)
ruimte schaars en het rijksbeleid erop gericht de schaarse ruimte zo
een richtafstand geldt van 30 meter. De afstand tussen de gevel van de nieuw te bouwen woningen tot de grens van de bestemming die de sportvoorzieningen
efficiënt mogelijk te benutten. Het ruimtelijk beleid en het externe veiligheidsbeleid moeten dus goed worden afgestemd. De wetgeving rond externe veiligheid richt zich op de volgende risico’s:
toestaat, is circa 20 meter, waardoor onderbouwd dient te worden dat geluid geen belemmering vormt voor de kwaliteit van het woon- en leefklimaat. Aan de ZuidSchalkwijkerweg tegenover het sportveld liggen meer woningen. Ook op slechts
risicovolle (Bevi-)inrichtingen;
vervoer gevaarlijke stoffen door buisleidingen;
enkele meters afstand zijn woningen gelegen (Zuid Schalkwijkerweg 25 en 26) waar het sportcomplex reeds rekening moet houden. Verwacht wordt dan ook dat
vervoer gevaarlijke stoffen over weg, water of spoor.
er ruim voldoende afstand tussen het sportcomplex en de gewenste locatie voor de woningen is gelegen.
Daarnaast wordt er in de wetgeving onderscheid gemaakt tussen de begrippen kwetsbaar en beperkt kwetsbaar en plaatsgebonden risico en groepsrisico.
Anderzijds zal nagegaan moeten worden of de gewenste uitbreiding hinder veroorzaakt voor gevoelige functies, zoals omliggende woningen. De woningen tasten – in het kader van milieuzonering – de omliggende gevoelige functies niet
Kwetsbaar en beperkt kwetsbaar
aan in het woon- en leefklimaat. Voorts wordt uitbreiding van een bedrijf of
gezondheidsinstellingen, kinderopvang- en dagverblijven en grote kantoorgebouwen (>1.500 m²). Beperkt kwetsbaar zijn onder meer
sportveld niet beperkt door onderhavig initiatief, omdat er reeds woningen zijn gelegen. 4.7.3
Conclusie
Vanuit het aspect bedrijven en milieuzonering zijn er geen belemmeringen voor
Kwetsbaar
zijn
onder
meer
woningen,
onderwijs-
en
kleine kantoren, winkels, horeca en parkeerterreinen. De volledige lijst wat onder (beperkt) kwetsbaar wordt verstaan is in het Besluit externe veiligheid inrichtingen (Bevi) opgenomen.
onderhavig initiatief.
Haarlem Zuid Schalkwijkerweg
32
32
Plaatsgebonden risico en groepsrisico Het plaatsgebonden risico wordt uitgedrukt in een contour van 10 als
beschermingsniveau te bieden. Via een bijhorende ministeriële regeling (Revi) worden diverse veiligheidsafstanden tot kwetsbare en beperkt
grenswaarde. Het realiseren van kwetsbare objecten binnen deze contour is niet toegestaan. Het realiseren van beperkt kwetsbare objecten binnen deze contour is
kwetsbare objecten gegeven. Aanvullend op het Bevi zijn in het Vuurwerkbesluit en het Activiteitenbesluit (Besluit algemene regels
in principe ook niet toegestaan. Echter, voor beperkte kwetsbare objecten is deze -6 10 contour een richtwaarde. Mits goed gemotiveerd kan worden afgeweken van
inrichtingen milieubeheer) veiligheidsafstanden genoemd die rond minder risicovolle inrichtingen moeten worden aangehouden.
-6
-5
deze waarde tot de 10 contour.
Vervoer gevaarlijke stoffen door buisleidingen
Het groepsrisico is gedefinieerd als de cumulatieve kansen per jaar dat ten minste 10, 100 of 1.000 personen overlijden als rechtstreeks gevolg van hun
Met betrekking tot het beleid en de regelgeving voor het vervoer van gevaarlijke stoffen door buisleidingen is het Besluit externe veiligheid
aanwezigheid in het invloedsgebied van een inrichting en een ongewoon voorval
buisleidingen (Bevb) en de Structuurvisie buisleidingen van belang.
binnen die inrichting waarbij een gevaarlijke stof betrokken is. Het groepsrisico wordt niet in contouren vertaald, maar wordt weergegeven in een grafiek. In de
Deze structuurvisie bevat een lange buisleidingentransport van gevaarlijke stoffen.
grafiek wordt de groepsgrootte van aantallen slachtoffers (x-as) uitgezet tegen de cumulatieve kans dat een dergelijke groep slachtoffer wordt van een ongeval (y-
Het Bevb en de bijbehorende Regeling externe veiligheid buisleidingen
as). Voor het groepsrisico geldt geen grenswaarde, maar een zogenaamde oriëntatiewaarde. Daarnaast geldt voor het groepsrisico een verantwoordingsplicht.
(Revb) zijn op 1 januari 2011 in werking getreden. Het Bevb regelt onder andere welke veiligheidsafstanden moeten worden aangehouden
Het bevoegd gezag moet aangeven welke mogelijkheden er zijn om het
rond buisleidingen met gevaarlijke stoffen. Op basis van het Bevb wordt het voor gemeenten verplicht om bij de vaststelling van een
groepsrisico in de nabije toekomst te beperken, het moet aangeven op welke manier hulpverlening, zelfredzaamheid en bestrijdbaarheid zijn ingevuld. Het
termijnvisie
op
het
bestemmingsplan, op basis waarvan de aanleg van een buisleiding of
bevoegd gezag moet tevens aangeven waarom de risico's verantwoord zijn, en de veiligheidsregio moet in de gelegenheid zijn gesteld een brandweeradvies te
een kwetsbaar object of een risicoverhogend object mogelijk is, de grenswaarde voor het plaatsgebonden risico in acht te nemen en
geven. Hierbij geldt hoe hoger het groepsrisico, hoe groter het belang van een goede groepsrisicoverantwoording.
het groepsrisico te verantwoorden.
Risicovolle (Bevi-)inrichtingen
Het Besluit externe veiligheid transportroutes (Bevt) stelt regels aan
Voor (de omgeving van) de meest risicovolle bedrijven is het Besluit externe veiligheid inrichtingen (Bevi) van belang. Het Bevi legt veiligheidsnormen op aan
transportroutes en de omgeving daarvan. Zo moet een basisveiligheidsniveau rond transportassen (plaatsgebonden risico) en
bedrijven die een risico vormen voor mensen buiten de inrichting. Het Bevi is
een transparante afweging van het groepsrisico worden gewaarborgd.
opgesteld om de risico's, waaraan burgers in hun leefomgeving worden blootgesteld vanwege risicovolle bedrijven, te beperken. Het besluit heeft tot doel zowel
individuele
als
groepen
burgers
een
minimaal
(aanvaard)
Vervoer gevaarlijke stoffen over weg, water en spoor
Als onderdeel van het Bevt is op 1 april 2015 tevens het basisnet in werking getreden. Het basisnet verhoogt de veiligheid van mensen die wonen of werken in de buurt van rijksinfrastructuur (auto-, spoor- en
Haarlem Zuid Schalkwijkerweg
33
33
vaarwegen) waarover gevaarlijke stoffen worden vervoerd. In de regeling ligt vast wat de maximale risico’s voor omwonenden mogen zijn. Die begrenzing was er tot nu toe niet. Bovendien zorgt het basisnet ervoor dat gevaarlijke stoffen tussen de belangrijkste industriële locaties in Nederland en het buitenland vervoerd kunnen blijven worden. Indien een bestemmingsplan betrekking heeft op een gebied dat geheel of gedeeltelijk gelegen is binnen 200 m van een (basisnet)transportroute voor gevaarlijke stoffen, moet in de toelichting ingegaan worden op de dichtheid van personen in het invloedsgebied van de transportroute op het tijdstip waarop het plan wordt vastgesteld. Hierbij moet rekening worden gehouden met de personen die a) in dat gebied reeds aanwezig zijn, b) in dat gebied op grond van het geldende bestemmingsplan redelijkerwijs te verwachten zijn en c) de redelijkerwijs te verwachten verandering van de dichtheid van personen in het gebied waarop dat plan betrekking heeft. 4.8.2
Onderzoek / beoordeling
Een woning betreft een beperkt kwetsbaar object, zodat de bouw getoetst dient te worden aan de wetgeving omtrent externe veiligheid. Voor de beoordeling of in de omgeving van het plangebied risicovolle inrichtingen en/of transportroutes gevaarlijke stoffen aanwezig zijn, is de risicokaart geraadpleegd. Onderstaande afbeelding toont een uitsnede van deze kaart.
Uitsnede risicokaart met aanduiding plangebied
Transport gevaarlijke stoffen Er ligt in de directe omgeving van het plangebied geen hoofdvaarweg, spoorbaan, rijksweg of provinciale weg waarover transport van gevaarlijke stoffen plaatsvindt. Wel ligt er in de nabijheid van het gebied, op circa 170 meter afstand, een buistransportleiding. Deze gastransportleiding heeft een diameter van 323.9 mm (12 inch) en een werkdruk van 40 bar. De invloedszone van de gastransportleiding is 140 meter aan weerszijden van de leiding. Het plangebied ligt dus op voldoende afstand van de leiding. Inrichtingen Op ruim 200 meter afstand is een Texaco tankstation gelegen. Hiervoor -6
geldt een risicoafstand (PR 10 ) van 35 meter. De afstand tot de grens
Haarlem Zuid Schalkwijkerweg
34
34
van het invloedsgebied voor het groepsrisico is 150 meter. De planlocatie ligt dan ook op voldoende afstand van het tankstation.
4.10
Water
4.10.1
Inleiding
Anderzijds is de voorgenomen planontwikkeling geen risicovolle inrichting in het
Water en ruimtelijke ordening hebben veel met elkaar te maken. Aan de
kader van de BEVI.
ene kant is water één van de sturende principes in de ruimtelijke ordening en kan daarmee beperkingen opleggen aan het ruimtegebruik
4.8.3
Conclusie
Er bestaat vanuit het thema externe veiligheid geen belemmering voor onderhavig
zoals locaties voor stadsuitbreiding. Aan de andere kant kunnen ontwikkelingen in het ruimtegebruik ongewenste effecten hebben op de
initiatief aan Zuid Schalkwijkerweg in Haarlem.
waterhuishouding.
4.9
Op Europees en nationaal niveau heeft water een eigen plaats gekregen in de ruimtelijke besluitvorming via de verplichte 'watertoets'.
Kabels en leidingen
Planologisch relevante leidingen en hoogspanningsverbindingen dienen te worden gewaarborgd. Tevens dient rond dergelijke leidingen rekening te worden gehouden
Een watertoets geeft aan wat de gevolgen zijn van een ruimtelijk plan voor de waterhuishouding in het betreffende gebied. Zo'n
met zones waarbinnen mogelijke beperkingen gelden. Planologisch relevante leidingen zijn leidingen waarin de navolgende producten worden vervoerd:
waterparagraaf moet sinds 1 januari 2003 worden opgenomen in de
gas, olie, olieproducten, chemische producten, vaste stoffen/goederen;
aardgasleidingen afhankelijk van druk;
defensiebrandstoffen;
warmte en afvalwater, ruwwater of halffabricaat voor de drink- en industriewatervoorziening met een diameter groter of gelijk aan 18 inch.
Voor de verdere realisatie van het plan zal een KLIC-melding gedaan worden om te achterhalen of er relevante kabels en leidingen in het plangebied of in de directe omgeving daarvan aanwezig zijn.
toelichting bij ruimtelijke plannen. Doel van de watertoets is de relatie tussen planvorming op het gebied van de ruimtelijke ordening en de waterhuishouding te versterken. Een watertoets is verplicht als het gaat om een functieverandering en/of bestemmingswijziging. Op basis van informatie en randvoorwaarden vanuit waterbeheerder, het waterbeleid en relevante bodemgegevens worden de verschillende wateraspecten uitgewerkt in een waterparagraaf. De waterparagraaf beschrijft het huidige watersysteem alsmede de mogelijkheden en randvoorwaarden voor het toekomstig watersysteem.
De
waterparagraaf
wordt
afgestemd
met
waterbeheerder. Het plan voorziet in een forse toename van het wateroppervlak.
Haarlem Zuid Schalkwijkerweg
35
35
de
4.10.2
Beleidskader rijk en provincie
Waterschap/gemeente beleidsnota's
De gemeente Haarlem en het Hoogheemraadschap van Rijnland
verschenen aangaande de waterhuishouding. Deze paragraaf geeft een overzicht van de voor het plangebied relevante nota's.
hebben eind 2004 het Integraal Waterplan Haarlem vastgesteld. Centrale doelstelling van het Integraal Waterplan is het ontwikkelen en
Europa
behouden van een veilig, veerkrachtig en ecologisch gezond watersysteem. Het plan functioneert als strategisch kader voor
Op
verschillende
bestuursniveaus
zijn
de
afgelopen
jaren
Met ingang van december 2000 is de Europese Kaderrichtlijn Water (KWR) van kracht geworden. In het kader van de Kaderrichtlijn worden kwaliteitseisen gesteld, gericht op het beschermen en verbeteren van de aquatische ecosystemen (verplichting per stroomgebied). Deze richtlijn stelt als norm dat oppervlaktewateren binnen 15 jaar na inwerkingtreding moeten voldoen aan een 'goede ecologische' toestand (GET). Voor kunstmatige wateren, zoals de meeste
gerelateerde beleidsvelden zoals het grondwater-, afvalwater-, en baggerbeleid. Om ervoor te zorgen dat het Haarlemse waternetwerk bestand is tegen klimaatsverandering (hoger zeeniveau, toename van de hoeveelheid en intensiteit van de neerslag), inklinking van de bodem, en verstedelijking (toename verhard oppervlak) is ruimte voor oppervlaktewater nodig
stadswateren, geldt dat de oppervlaktewateren minimaal moeten voldoen aan een 'goed ecologisch potentieel' stroomgebied uitgewerkt.
(GEP). Inmiddels
zijn de GEP-normen per
Rijk In december 2009 heeft het kabinet het Nationaal Waterplan vastgesteld. Dit plan geeft op hoofdlijnen aan welk beleid het Rijk in de periode 2009 - 2015 voert om te komen tot een duurzaam waterbeheer. Het Nationaal Waterplan richt zich op bescherming tegen overstromingen, voldoende en schoon water en diverse
Ruimte voor extra oppervlaktewater kan worden gevonden door het verbreden van bestaande watergangen, het graven van nieuwe watergangen en het weer open leggen van gedempte grachten. Doelstelling voor het oppervlaktewater is het creëren van een veilig watersysteem met voldoende afwaterend en bergend vermogen, een adequate doorstroming en maximale benutting van gebiedseigen water. Als streefbeeld heeft de gemeente voor ogen een verbeterd waternetwerk dat uitgebreid is met nieuw water.
vormen van gebruik van water. Ook worden de maatregelen genoemd die hiervoor worden genomen. Het Nationaal Waterplan is de opvolger van de Vierde Nota Waterhuishouding uit 1998 en vervangt alle voorgaande nota's waterhuishouding.
4.10.3
Beoordeling
Het plan levert een substantiële bijdragen aan de toename van het
Het Nationaal Waterplan is opgesteld op basis van de Waterwet die met ingang van 22 december 2009 van kracht is. Op basis van de Wet ruimtelijke ordening
oppervlaktewater. Met onderhavig initiatief zal zowel de verharding als de hoeveelheid oppervlaktewater toenemen. Waterschap Rijnland heeft
heeft het Nationaal Waterplan voor de ruimtelijke aspecten de status van structuurvisie. In het Nationaal Waterplan is een eerste uitwerking gegeven aan het
dan ook aangegeven dat zij op basis van waterhuishoudkundige uitgangspunten geen belemmering verwachten voor de uitvoering van
Deltaprogramma dat wordt opgesteld naar aanleiding van het advies van de
het plan.
Deltacommissie in 2008. Dit programma is gericht op duurzame veiligheid en zoetwatervoorziening.
Bij de verdere uitwerking zal de precieze toename van het verhard oppervlak en de precieze toename van het wateroppervlak met het waterschap afgestemd worden.
Haarlem Zuid Schalkwijkerweg
36
36
5
Uitvoerbaarheid
5.3
Privaatrechterlijke belemmeringen
De gronden waarop de wens bestaat de vier woningen te realiseren zijn 5.1
Economische uitvoerbaarheid
De planontwikkeling komt geheel voor rekening en risico van de initiatiefnemer. De ontwikkeling zal geschieden conform hetgeen bepaald is in de Wet ruimtelijke ordening. De verwezenlijking van het plan is dan ook niet afhankelijk van
in handen van de initiatiefnemer. LD Int. Holding B.V is
de enige
eigenaar van dit perceel (HAARLEM II Y 279). Er zijn geen rechten van anderen op gevestigd. Er zijn privaatrechterlijk gezien dan ook geen belemmeringen voor onderhavig initiatief.
gemeentelijke investeringen. De kosten voor de ambtelijke afhandeling van de procedure worden verrekend op basis van de daarvoor geldende leges. Voor wat betreft planschade zal de gemeente met initiatiefnemer een (anterieure) overeenkomst afsluiten. Het plan wordt dan ook economisch haalbaar geacht. 5.2
Maatschappelijke uitvoerbaarheid
Voor onderhavig ontwerpbesluit wordt de uniforme voorbereidingsprocedure gevolgd als bedoeld in hoofdstuk 3.4 van de Algemene wet bestuursrecht. Het besluit tot verlenen van de omgevingsvergunning wordt op de voorgeschreven wijze bekendgemaakt. Tegen dit besluit staat bezwaar en (hoger) beroep open. Tijdens de procedure zullen de omwonenden alvast geïnformeerd worden. In overleg met de gemeente zal er een moment bepaald worden om contact op te nemen met de omwonenden. Het concept ‘Island of Tolerance’ richt zich op verschillende doelgroepen en culturen. Achter het idee zit de maatschappelijke gedachte om verschillende cultuurgebieden bij elkaar te laten komen. Centraal staat de Nederlandse cultuur, waarbij tolerantie door initiatiefnemer als typerend wordt gezien. Ook typerend voor de Nederlandse cultuur is de relatie met het water. Verschillende typologieën rondom water vormen de inspiratie voor dit project.
Haarlem Zuid Schalkwijkerweg
37
37
6
Conclusie
6.1
Het initiatief
6.4
Experiment, ambitie en financiën
In deze ruimtelijke onderbouwing is toegelicht op welke wijze de
De wens van de initiatiefnemer is om op het perceel aan de Zuid Schalkwijkerweg op de huidige bestemming ‘Landschappelijke doeleinden, weide’ vier woningen te realiseren, waarvan twee drijvend. Deze worden gerealiseerd op een ‘Island of
ontwikkeling een verbetering kan opleveren van de ruimtelijke kwaliteit. De initiatiefnemer wil aanvullend ook investeren in verbeteringen in de stad Haarlem en dan in het bijzonder in de directe omgeving. Voorbeelden zijn:
tolerance’. Deze woningen zijn niet passend binnen de huidige bestemming zoals
opgenomen in het bestemmingsplan ‘Schalkwijkerweg’. In dit geval kan dan ook niet zonder meer een omgevingsvergunning worden afgegeven.
aankoop van de tuinhuisjes die het zicht op het Spaarne belemmeren;
inrichten van een speel/ sportplaats aan het Jaagpad en het Spaarne;
6.2
Afwijking bestemmingsplan
Het initiatief van de realisatie van de vier woningen in Haarlem kan niet worden gerealiseerd op grond van het ter plaatse geldende bestemmingsplan. Via een
inrichten van het Jaagpad als onderdeel van een recreatief wandelroutenetwerk.
Het plan is een uitdaging, een experiment, op vele fronten:
uitgebreide omgevingsvergunning (art. 2.12 lid 1 onder a onder 3 Wabo) of via een zogeheten postzegelbestemmingsplan kan worden afgeweken van het bestemmingsplan om het voornemen alsnog planologisch te regelen. Een verplicht
Het zo sterk mogelijk terugbrengen van de relatie met het Spaarne;
Zo veel mogelijk meerwaarde bieden voor de omgeving. De
onderdeel van deze procedure is het opstellen van een ruimtelijke onderbouwing. Met voorliggende ruimtelijke onderbouwing is gemotiveerd dat het plan kan
initiatiefnemer wil investeren om de plek van de tuinhuisjes tussen het perceel en het Spaarne in te richten met speel en
voldoen aan de uitgangspunten van een goede ruimtelijke ordening.
sporttoestellen. Dit als versterking van de recreatieve route langs het Spaarne.
6.3
Goede ruimtelijke ordening
Het nieuwe initiatief voorziet in een viertal woningen. Met het realiseren van de woningen wordt de ruimtelijke kwaliteit van de omgeving vergroot. Er wordt een forse hoeveelheid oppervlaktewater toegevoegd. Er wordt geïnvesteerd in natuur. De zichtlijnen worden versterkt door het behouden en verbreden van de watergang en het verwijderen van enkele tuinhuisjes op de volkstuinen. Tevens zijn de woningen passend binnen de lintbebouwing en zijn er geen milieutechnische belemmeringen ten aanzien van het voornemen te verwachten.
De bouw van experimentele waterwoningen waaronder drijvende woningen;
Zo veel mogelijk toepassen van technieken op het gebied van duurzaamheid. Groene wanden, groene daken, installaties voor duurzame energie.
De huizen worden gebouwd met een hoogwaardige uitstraling van moderne Nederlandse architectuur. Het interieur van de woningen zal worden geïnspireerd door vier verschillende culturen. Deze verschillende type woningen met invloeden uit verschillende culturen staan symbool voor de onderlinge tolerantie.
Haarlem Zuid Schalkwijkerweg
38
38
Bijlage 1 Visualisatie Ruimtelijk Concept, ZN Design & Visualisation, 27-02-17
Haarlem Zuid Schalkwijkerweg
39
39
Haarlem Zuid Schalkwijkerweg
40
40
Haarlem Zuid Schalkwijkerweg
41
41
Bijlage 2 Situatietekening met afmetingen, ZN Design & Visualisation, 09-01-18
Haarlem Zuid Schalkwijkerweg
42
42
Kerkewijk 117 3904 JB Veenendaal T. 0318 – 50 56 37 I. www.kubiek.nu E. info@kubiek.nu