20200888960 Transcript commissievergadering Bestuur d.d. 8 april 2021
Tekst van het document
TRANSCRIPT VAN DE COMMISSIE BESTUUR VAN GEMEENTE HAARLEM d.d. 8 april 2021
1.
Opening en mededelingen voorzitter De voorzitter: Nee. Ja? Ja. Oké, dank je wel, ‘…’. Ja. Goed, we beginnen opnieuw, excuus voor deze vertraging. Welkom bij deze vergadering van de commissie Bestuur. Het is vandaag 8 april, en in verband met de verlengde avondklok vergaderen wij nog steeds digitaal. U heeft de mogelijkheid gehad als commissieleden om u op te geven om het woord te voeren, daarvan is een lijst samengesteld, die lijst heeft u toegestuurd gekregen dus u weet precies wanneer u aan de beurt bent om uw bijdrage te doen. Als u iets te melden heeft, een interruptie of een mededeling van de orde, dan kunt u daar de chatfunctie voor gebruiken, en alleen daarvoor. Ook is aangegeven dat de spreektijdenklok, die kunt u vastpinnen aan uw beeld door in de menubalk bij het kroontje deelnemers de hoofdjes bij de deelnemers spreekklok de optie vast te maken aan te klikken. Nou, volgens mij doen we dit lang genoeg dat u inmiddels allemaal weet hoe dat werkt.
2.
Vaststellen van de agenda De voorzitter: We beginnen met het vaststellen van de agenda. Kan de agenda conform worden vastgesteld? Ja.
3.
Mededelingen voor leden en collegeleden De voorzitter: Er zijn geen mededelingen per se aangekondigd, maar ik vraag nog even aan deze commissie, zijn er nog mededelingen van een van de commissieleden? Of meerderen? Nee? Zijn er mededelingen van de wethouders of van de burgemeester? Helemaal geen mededelingen? Ook niet van de burgemeester? Goed. Dan wil ik tot slot aan de wethouder vragen, is er onlangs een bestuursvergadering bijeen voor deze commissie … O, is er toch nog een mededeling van de burgemeester? O, de burgemeester, dan moet u even uw microfoon aan doen en dan zet ik mijn geluid uit. Gaat uw gang. Uw microfoon staat uit denk ik of is er iets mis met de techniek nog steeds? We kijken even naar wat het probleem is, want burgemeester is niet hoorbaar. Ja, zou iemand anders uit de commissie even iets kunnen zeggen, microfoon openzetten en even iets kunnen zeggen? Nee, u bent allemaal niet hoorbaar dus nu ben ik wel hoorbaar maar u niet meer. Dus we gaan nog even een kleine break nemen totdat wij allemaal hoorbaar zijn op de momenten die wij verkiezen. Kort moment, even geduld aub. Mevrouw …: Moet je opnieuw uit … Als je Microsoft Teams, als je daar helemaal uitlogt en dan opnieuw inlogt, Johan, dan doet die het beter. Bij mij heb ik heel Teams helemaal afgesloten. De heer Rijbroek: Ja. Mevrouw …: En opnieuw inlogde, toen deed die het wel. De heer Rijbroek: O, nee.
Het is … Ik probeer het even opnieuw. Ik ga er even uit. De voorzitter: Ja. Mevrouw Van der Windt? De heer …: Ik ben ook even eruit geweest en er weer in en nu doet de chatfunctie het ook, ja.
De voorzitter: Kunt u mij verstaan? Mevrouw …: Ja. De heer Linder: Ja, loud and clear. De voorzitter: Ben ik hoorbaar? Goed zo. Dan wil ik vragen of iedereen zijn microfoon weer even uit wil zetten? Behalve de burgemeester want die gaat even een mededeling doen. Burgemeester, gaat uw gang. Burgemeester Wienen: Ja, dank u wel. Ik wil mij eigenlijk bij voorbaat verontschuldigen, mocht ik vanavond een beetje warrig overkomen of zenuwachtig, want morgen hoop ik te trouwen. En, nou, dat is toch een bijzondere gebeurtenis en ik dacht, misschien ook wel aardig om dat aan u te melden. Ik zal dat ook in een appje aan alle raadsleden nog even laten weten, maar dan weet u het in ieder geval. De voorzitter: Dank u wel, burgemeester. Alvast gefeliciteerd. Burgemeester Wienen: Ja, dank u wel. De voorzitter: Oké, dan wil ik nu even vragen aan de wethouder of er nog vergaderingen zijn geweest, bestuursvergaderingen voor deze commissie in relevant gemeenschappelijke regelingen, waar de wethouder deze commissie over wil informeren? Wethouder Botter: Nee, mevrouw de voorzitter, die zijn er in ieder geval niet geweest. Dank u wel. De voorzitter: Dank u wel. 4.
Agenda komende vergadering(en) De voorzitter: De agenda voor de komende vergaderingen, zijn er stukken die deze commissie wil agenderen en die ter kennisname zijn aangeboden aan deze agenda? Wie? Mijnheer Linder, gaat uw gang. De heer Linder: Ik had graag het stuk 1.8 willen agenderen, referentiekader van volwassenheid van informatiebeveiliging. Ik weet niet, daar wachten wij nog op een rapport van het RKC, ik weet niet precies wanneer dit rapport te verwachten is. Het zou even kunnen dat we zeggen van, oké, we wachten even tot het rapport er is. Maar ik zou graag dat stuk wel willen bespreken in de commissie. De voorzitter: Mijnheer Linder, gaat u ermee akkoord dat wij het actief dan agenderen op het moment dat het rapport binnen is? De heer Linder: Ik weet niet precies wanneer dat rapport verwacht wordt. De voorzitter: Nee, dat weten wij ook niet. Maar zodra het rapport binnen is gaan wij dit actief agenderen, sowieso. Is dat … Gaat u daarmee akkoord? De heer Linder: Als dit pas in de herfst is, nee. Maar als dit over, laten we zeggen, een maand of twee, dan vind ik dat goed. De voorzitter: Nou, nu heb ik geen ‘…’. Ja, kunt u mij verstaan?
De heer Linder: Ja, loud and clear. De voorzitter: Jeej. Nou, dat is alvast gelukt en we hopen dat het zo blijft. We gaan … Ik ga via Teams deze vergadering voorzitten want we hebben een storing in het grootsysteem, excuses daarvoor. Wij waren gebleven bij de heer Linder, die wil graag stuk 1.8 agenderen. En ik heb toegezegd dat dat binnen een periode van tussen nu en twee maanden sowieso proactief geagendeerd zal worden, zodat dat rapport aanwezig is zullen wij dit proactief agenderen. En toen vroeg ik aan mijnheer Linder, gaat u daarmee akkoord? En toen zei mijnheer Linder? De heer Linder: Als die inderdaad, het rapport echt binnen nu en twee maanden er ligt, dan is dat goed zo. Maar als die echt pas ergens eind van het jaar komt, of langer dan twee maanden, dan is dit niet voldoende. Dan wil ik hem vroeger geagendeerd hebben. De voorzitter: Nou, laten we hem sowieso dan op de agenda zetten en hopen dat het rapport er tijdig is. Gaat de commissie daarmee akkoord? Ja? Mijnheer Trompetter, u wilde ook wat agenderen, gaat uw gang. De heer Trompetter: Jazeker. Bij 1.7, zeg maar de basisregistratie ondergrond, eventueel omdat er nog steeds de controle van de kwaliteit is nog geheel afwezig.
Ik heb daar vorige keer iets over gezegd, ik weet ook niet hoe de commissie daartegenover staat? En ik heb een vraag of de informatiebeveiliging van DigiD en Suwinet, of dat ook wordt betrokken bij de vraagstelling over de ICT-veiligheid van gemeente Haarlem? En ik heb ook een vraag of het RKC-jaarverslag en jaarplan nog wordt geagendeerd? Dank u. De voorzitter: Dank u wel, mijnheer Trompetter. Ik hoor zojuist, dat wist ik eigenlijk ook wel, dat 1.7 wordt ook proactief geagendeerd. Daar had u het over, ENSIA. Ja, dus die komt sowieso voor mei op dat agenda. Dus, en u had het over een jaarplan? De heer Trompetter: Jaarplan van de rekenkamercommissie, en het jaarverslag. De voorzitter: Oké. Prima, als de commissie daarmee akkoord gaat in meerderheid? Ik zie één knikkend hoofd van de heer Rijbroek en verder blijft het angstvallig stil. De heer Trompetter: Misschien via de chat, steun of geen steun? De voorzitter: Ja, dat is handiger, mijnheer Trompetter, u heeft gelijk. Ik moet even wennen aan dit systeem van vergaderen als voorzitter. Is het gelukt? Oké. Ja.
Oké, prima, zijn er verder nog stukken die ter kennisname zijn aangeboden? Mijnheer Rutten, u wilt ook iets agenderen? De heer Rutten: Ja, nou misschien is het een beetje een vraag naar de bekende weg maar punt 1.2, de toelichting op de nota ‘Verwerking raadsconferentie indicatoren’, in dat stuk staat dat het voor vandaag geagendeerd werd. In de commissie Bestuur, op 8 april, en hij staat ook niet op de agenda en dan ook niet op de 15e, dus dat zal ongetwijfeld ergens binnenkort nog langs moeten komen. De voorzitter: O. Nou, dat heeft te maken met het feit dat we een hele drukke agenda hebben, mijnheer Rutten, we hebben het verplaatst naar mei. De heer Rutten: Oké. De voorzitter: Ja? De heer Rutten: Er staat op 8 april wordt deze besproken, maar dat is dus niet waar.
De voorzitter: Nee, dat is niet. Nee, was wel de bedoeling De heer Rutten: Dat is niet hè, nee, dat is niet. Oké. De voorzitter: ‘…’ maar we hebben het verschoven naar mei. De heer Rutten: Naar mei, prima. De voorzitter: Ik hoop dat dat uw goedkeuring kan krijgen. Dank u wel voor uw attentheid. Goed. Verder nog stukken? Mijnheer Trompetter, u heeft nog een vraag? De heer Trompetter: Ja, die werd ook al gesteld, en die vraag die was eigenlijk of de brief over de informatiebeveiliging DigiD en Suwinet betrokken wordt bij het onderwerp ICT-veiligheid van gemeente Haarlem, zeg maar de volwassenheid waar ChristenUnie net ook al aan refereerde? De voorzitter: Dat rapport van Suwinet, u heeft het over rapport van Suwinet of een brief van Suwinet? Welk stuk van Suwinet heeft u het over? De heer Trompetter: Ter kennisnamestuk, even kijken, is dat 1.75 denk ik. Als ik mij niet vergis. Even checken. De voorzitter: O, 1.6 waarschijnlijk bedoelt u, of niet? De heer Trompetter: Even kijken of ik nu bij een goede zit. Ja. 1.6, en dan ook … De voorzitter: En 1.7. De heer Trompetter: En 1.75, ja maar, o ja, 1.7 kwam al hè, die … De voorzitter: Ja. De heer Trompetter: Werd al actief geagendeerd. Oké. De voorzitter: Ja, nou, het is allemaal hetzelfde onderwerp. Misschien is het dan handig, ik kijk even naar mijn griffie, om al deze stukken te betrekken bij de behandeling van 1.8.
Dat was ook de bedoeling. Ja? De heer Trompetter: Ja. De voorzitter: Oké, prima, dank u wel. Verder nog stukken? Mijnheer Rijbroek. De heer Rijbroek: Dank u wel, voorzitter. 1.3, uitvoeringsprogramma VTH, dat is vergunningen, toezicht en handhaving. En specifiek de risicoanalyse waar veel rode signalering staat. Er zou ook nog een rapport komen over de breedvloerplaten, omdat de vloeren niet belast extra mogen worden van de Patronaat en het CIOS, en dat zou 31 maart komen. Ik heb er nog niks van gezien. Het werd afgedaan als een parketvloertje maar ik lees nu dit, dus er is meer aan de hand, of dat geagendeerd kan worden? En het rapport zo snel mogelijk naar de raad kan? Dank u wel. De voorzitter: Ja, mijnheer Rijbroek, nu hoor ik een vrij specifieke vraag over rijplaten in het Patronaat. Nu weet ik … De heer Rijbroek: Breedvloerplaten, breedvloerplaten, beton. De voorzitter: Neem me niet kwalijk.
De heer Rijbroek: Ja. De voorzitter: Breedvloerplaten die niet op een parketje lijken. En is het ook mogelijk dat u daar, want u heeft misstanden geconstateerd, concludeer ik hieruit? Zou u daar ook technische vragen over kunnen stellen of moet dan echt dit onderwerp geagendeerd worden? De heer Rijbroek: Nou, het rapport, het rapport willen we graag zien want die zou de 31e maart naar ons, nou ja, bekend zijn en dan naar ons worden toegestuurd. Er staat op bladzijde 3, risicoanalyse, staat dat. Waar die rode signaleringen bij staan. De voorzitter: Oké, nou ik heb hier de papieren versie dus ik kijk zo even. Ik vraag het gewoon even aan de commissie, wat de commissie ervan vindt. Commissie, wat vindt u ervan, gaan we dit agenderen? Ja. De heer Rijbroek: Het rapport ‘…’. De voorzitter: Ja. Ja, mijnheer Rijbroek, ja, is dat … Zou dat wat zijn, dat we eerst het rapport even afwachten en dat we aan de hand daarvan gaan besluiten of we het gaan agenderen. Gaat u daarmee akkoord? De heer Rijbroek: Ja. Prima, prima, ja. De voorzitter: Prima, goed dan, dank u wel. De heer …: We horen niks, mevrouw de voorzitter. De heer …: U bent weer doofstom. De voorzitter: Ja, nu weer wel hè. Dit keer was het mijn eigen schuld, sorry. Wat heb ik … Het is maar goed dat u niet heeft gehoord, ik heb hele rare dingen gezegd. 5.
Transcript commissie d.d. 11 maart en 18 maart 2021 (alleen n.a.v.)
6.
Spreektijd voor belangstellenden (over niet op de agenda staande onderwerpen) De voorzitter: We zijn bij de spreektijd voor belangstellenden over niet op de agenda staande onderwerpen. En we hebben inderdaad een inspreker. En zijn naam is mijnheer Straesser. En mijnheer Straesser, als het goed is bent u, ik kijk even in mijn schermpje, bent u aanwezig? Mijnheer Straesser, kunt u zich melden? Die heeft hem toegelaten in de … Mijnheer Straesser? Als er een probleem is met de verbinding en u heeft wel een chatfunctie, zou u dan ook even in de chatfunctie kunnen aangeven dat u er bent? Wethouder Botter: Hij is er maar de microfoon staat niet aan. De voorzitter: Mijnheer Straesser, u moet de microfoon even aanzetten. De heer Straesser: Ja, ik ben present. De voorzitter: Mijnheer Straesser, kunt u zich melden? De heer Straesser: Ik ben present. De voorzitter: Goed zo, u bent present. Mooi. Dan kunt u zo meteen inspreken. U krijgt van mij drie minuten de tijd om uw verhaal te doen.
De voorzitter: Mijnheer Straesser? De heer Straesser: Ja, ik ben er. De voorzitter: Ja, ik herhaal maar even. De heer …: U moet, mijnheer Straesser, u moet NotuBiz uitzetten. De voorzitter: ‘…’ in de chatfunctie kunnen aangeven dat u er bent? De voorzitter: Mijnheer Straesser, u heeft waarschijnlijk twee programma’s openstaan, waarvan … Wethouder Botter: Hij is er maar de microfoon staat niet aan. De voorzitter: Mijnheer Straesser, u moet de microfoon even aanzetten. De heer Straesser: Ja, ik ben present. De voorzitter: Mijnheer Straesser, kunt u zich melden? De heer Straesser: Ik ben present. De voorzitter: Mijnheer Straesser, u heeft NotuBiz aanstaan. De voorzitter: Dan kunt u zo meteen inspreken, u krijgt van mij drie minuten de tijd om uw verhaal te doen. De voorzitter: Mijnheer Straesser? De heer Straesser: Ja, ik ben er. De voorzitter: Ik herhaal maar even … De heer …: U moet, mijnheer Straesser, u moet NotuBiz uitzetten. De voorzitter: Mijnheer Straesser? Mijnheer Straesser, u heeft die andere website uitgezet hè, neem ik aan nu? Of bent u nu helemaal weg? Mijnheer Straesser, ik hoor u wel. Mijnheer Straesser, bent u daar? De heer Straesser: Met Koen Straesser, goedendag. Mevrouw …: Ja, ‘…’. De heer Straesser: Ja, dat weet ik. Nee, en ik hoor u ook niet via Teams.
Dus ik kan wel via de website horen maar die heb ik nu uitstaan, maar via Teams heb ik geen geluidsverbinding. De voorzitter: Ja, maar vraag dan even of hij wel zijn geluid van zijn computer aan heeft staan? Mevrouw …: Heeft u het geluid van uw computer aanstaan? De heer Straesser: Ja, dat klopt, ja.
De voorzitter: Maar wij horen hem wel. Mevrouw …: Wij horen u wel maar u hoort ons niet. De heer Straesser: Ik hoor u nog steeds niet maar als u mij kan horen dan ga ik eerst inspreken, en dan zet ik daarna NotuBiz aan. Mevrouw …: Oké, nou dan doen we gewoon zo via de telefoon. De heer Straesser: Oké, prima. Mevrouw …: ‘…’. De heer Straesser: Oké, via de telefoon. Mevrouw …: ‘…’. De heer Straesser: Ja. Mevrouw …: ‘…’. De heer Straesser: Is prima. Mevrouw …: ‘…’. De heer Straesser: Oké, goed. Dus verantwoording afleggen, kan ook niet, dat gaat niet, aldus Mark Rutte inzake het gelekte ‘Pieter Omtzigt functie elders’. De Rutte doctrine. Haarlem kent iets vergelijkbaars, de Wienen doctrine. Stukken inzake integriteit openbaren kan niet en gaat niet, aldus Jos Wienen tot voor kort. Dat zou niet kunnen omdat hij de wet ‘Huis voor Klokkenluiders’ te eerbiedigen had. Dit terwijl het Huis voor Klokkenluiders een onafhankelijk orgaan is. Het meldpunt valt rechtstreeks onder uw operationele verantwoordelijke gemeentesecretaris. De slager en eigen vlees. Een handvol uitspraken van de bestuursrechter maakte dat niet anders. Ik ben ook een Huis voor Klokkenluiders, hield uw burgemeester eigenwijs vol. Voor hoger beroep bij de Raad van State werd landsadvocaat Pels Rijcken ingehuurd.
Zelfs die durfde het bizarre, ‘ik ben ook een Huis voor Klokkenluiders’, niet te verdedigen en haalde een categorische uitsluiting onder WOB 10.2.g van stal. Een ‘vangnet’, een ‘kapstok’. U kent de afloop, drie, vier jaar later na indienen zullen de WOB-verzoeken toch beantwoord moeten worden. De ambtenaren zijn nu driftig aan het lakken, het zal zwart voor de ogen zien. Nieuwe procedures zullen volgen. Uw burgemeester schermt met, ‘we moeten de melder beschermen’, anders durf straks niemand meer te melden. Dat is abjecte onzin. De drie zaken die ik najaag hebben allemaal burgers als melder en juist die hebben de publiciteit gezocht omdat ze de afhandeling van de melding niet kunnen rijmen met de feiten. De melders willen begrijpen hoe het college van B&W tot een onbegrijpelijk oordeel over eigen ambtenaren en bestuurders is gekomen. Zo ook wat betreft de zaak Tuin van Jonker. Belangrijkste punt van mijn integriteitsmelding wordt niet in behandeling genomen, omdat uw burgemeester in de wirwar van de feiten meent dat alles wel oké is. Dus ik heb weer een WOBverzoek ingeschoten om te zien wat voor vreemds hier nu weer aan de hand is. Maar bij monde van het afdelingshoofd Juridische zaken, heeft de burgemeester al laten weten dat het mij niets gaat opleveren en dat verantwoording afleggen niet gaat en niet kan. U zult mij de komende acht jaar hier vaker zien.
De voorzitter: Dat was het, mijnheer Jonker? Mijnheer Straesser, neem me niet kwalijk.
De heer Straesser: Ja, dat was het. De voorzitter: Mijnheer Straesser, goed, o, heel verwarrend dit. Zijn er nog vragen van deze commissieleden aan de heer Straesser? Ik zie geen vragen, wel? Nee. Ja. Mevrouw Stroo, gaat uw gang. Mevrouw Stroo: Mijnheer Straesser, op wat voor gebieden loopt u dan ertegenaan dat u dan de informatie niet krijgt? Kunt u dat ‘…’ daar iets meer over vertellen? De heer Straesser: Ja. De voorzitter: Gaat uw gang. De heer Straesser: Het zijn twee dingen. Eén is dat mijn melding in integriteit dus niet goed worden doorgezet en niet bij het juiste loket terechtkomen omdat dat dicht gaat voor de burgers. En tweede punt is dat als je een WOB-verzoek indient, dat dat pertinent werd geweigerd onder de verwijzing naar het Huis van de Klokkenluiders, zodra het integriteit raakt. Dat is nu door de rechter weg afgewezen. En, maar ja, goed zoals Jos Wienen al heeft gereageerd in de krant en al eerder u heeft zich uitgelaten in de raadsvergadering, is het wel evident dat die nu alles gaat weglakken onder 10.2.g en dat we weer dure procedures ingaan. De voorzitter: Dank u wel, mijnheer Straesser. Ik zie dat mijnheer Rijbroek zijn handje heeft opgestoken, zijn gele randje, klopt dat? De heer Rijbroek: Ja, dat klopt.
De voorzitter: Ja, mijnheer Rijbroek, we hebben ook een chatfunctie, en die is eigenlijk bedoeld als u het woord wil, dat u dat dan even in de chatfunctie meldt, dan zien we dat eerder. De heer Rijbroek: Oké, akkoord dan. De voorzitter: Maar gaat uw gang. De heer Rijbroek: Dank u wel, voorzitter. Mijnheer Straesser, u heeft een procedure ingediend namens twee mensen die zelf publiciteit hebben opgezocht. Wat is nu uiteindelijk tot op heden zeg maar die gang van zaken? Want wat ik weet van de Universiteit van Utrecht, daar krijg je dus ook zeg maar nadere uitleg in cursussen, zal op een gegeven moment, of het nou een half jaar of een jaar duurt, u toch deze informatie verstrekt moeten worden, linksom of rechtsom. Wat is nu hier verder de stand van zaken? Want je kan hem opnieuw indienen, maar je kan ook meer informatie opvragen. De heer Straesser: Nou ja, eentje is duidelijk, die er ligt die is voor de Raad van State geweest, die is vier jaar geleden ingediend, en die zou nu beantwoord moeten gaan worden. En ik denk dat ik over een week of twee een ingebrekestelling ga sturen. En dan gaat de procedure weer opnieuw beginnen want ik ‘…’ veel te veel zwartgelakte teksten binnen, en dan gaan we weer bezwaar maken, en dan zijn we weer een jaar later voor de rechter. De heer Rijbroek: Ja. Ja, klopt. De heer Straesser: Dus dat is hoe het gaat.
De heer Rijbroek: Ja. Je moet een lange adem hebben, dat klopt. Het is veranderd. Ja. De heer Straesser: Ik zeg niet voor niks, u ziet mij de komende acht jaar hier nog. De voorzitter: Dank u wel, mijnheer Straesser. Zijn er verder nog vragen vanuit deze commissie aan mijnheer Straesser? Er komt niets meer binnen. Mijnheer Straesser, dan dank ik u wel voor uw aandacht en uw inspraak en uw bijdrage. Dan vraag ik u nu om de vergadering, nou ja, te verlaten. Maar u kunt hem natuurlijk wel blijven volgen via de gewone stream. Dank u wel. Succes. TER ADVISERING AAN DE RAAD 7.
Actuele status geheime raadsstukken (JW) De voorzitter: Oké, dan gaan wij door naar het volgende agendapunt, agendapunt 7, dat is ter advisering aangeboden aan deze commissie, de actuele status geheime raadsstukken. De raad wordt gevraagd de geheimhouding op te heffen van de genoemde raadstukken waarvan de raad geheimhouding eerder heeft bekrachtigd. En dan wil ik nu graag aan … Wie kan ik het woord geven? De heer Trompetter heeft zich opgegeven. Mijnheer Trompetter, gaat uw gang. De heer Trompetter: Dank u wel, voorzitter. Ja, de microfoon reageert iets traag. De Actiepartij is akkoord met het opheffen van de geheimhouding van de genoemde stukken. En wel, maar mijn fractie vraagt zich af, wat maakt dat de punten 21, vrijgeven krediet buitensport, en verkoop, 23, op onbepaalde tijd zijn gezet? Tot zover mijn vraag, maar voor de rest is dat wat mij betreft een hamerstuk. De voorzitter: Dank u wel. Dan geef ik nu het woord aan mijnheer Van den Doel, gaat uw gang. De heer Van den Doel: Ja, ik had eigenlijk geen spreektijd nodig voor dit, we gaan akkoord en we delen overigens de vragen van de Actiepartij. De voorzitter: Prima, u staat overigens wel op mijn lijstje maar dan geef ik nu het woord aan mijnheer Wienen, gaat uw gang. Burgemeester Wienen: Dank u wel.
Het is niet de bedoeling dat ze dan altijd geheim blijven, maar we weten niet precies wanneer het moment is dat die geheimhouding wordt opgeheven omdat die gekoppeld is aan een bepaald moment in de procedure. En daarna, want we doen dit dus periodiek en daarna wordt de geheimhouding opgeheven. De voorzitter: Dank u wel, burgemeester. Zijn er verder nog vragen? Nee. Dan stel ik voor dat we dit agenderen als hamerstuk. Gaat u daarmee akkoord? Ja. Graag even in de chat. Hoofdstuk stemverklaring, zie ik een hamerstuk, o nee, is hamerstuk, hamerstuk. Akkoord, prima, het wordt een hamerstuk tenzij iemand zwaarwegende bezwaren heeft, vooralsnog niet.
OVERIGE PUNTEN TER BESPREKING 8.
Onderzoek naar Joods vastgoed in Haarlem (JW) De voorzitter: Dan gaan wij over naar het volgende punt ter bespreking, het onderzoek naar het Joods vastgoed in Haarlem. Op verzoek van de commissie geagendeerd door Hart voor Haarlem, in de vergadering van 11 maart. Dan wil ik nu graag het woord geven aan Chris IJsbrandy, gaat uw gang. De heer IJsbrandy: Ja, dank u wel, voorzitter. U hoort mij nu goed? Ik check het maar even. De voorzitter: Ik hoor u uitstekend zelfs. Gaat uw gang. De heer IJsbrandy: Heel goed. Ja, wij vinden het prima dat het college of de burgemeester met een voorstel komt voor een onderzoek naar de betrokkenheid van de overheid bij de verkoop van Joods onroerend goed in de Tweede Wereldoorlog. Dit is ook mogelijk omdat de administratie van de Duitsers in de zogenaamde Verkaufsbücher openbaar gedigitaliseerd zijn. Inmiddels is door Louise Van Zetten van Hart voor Haarlem een onderzoek gedaan naar het geroofde Joods vastgoed in Haarlem. We vinden het dan ook jammer dat de burgemeester zich niet vooraf op de hoogte heeft gesteld van de stand van zaken met betrekking tot dit onderzoek. Nu is er een onderzoeksopdracht verstrekt voor een fors bedrag naar een vraag die eigenlijk al beantwoord is.
Kwalijk vinden wij het ook dat het oorlogsarchief van de gemeente Haarlem nog steeds een beperkende bepaling heeft van maar liefst 100 jaar, en informatie dus niet openbaar is, waar dit in de rest van het land wel zo is. Het is wel ‘…’ technisch slecht toegankelijk wat veel extra werk oplevert voor een onderzoeker. De vragen die wij dan ook hebben, wat is precies de samenwerking tussen het commerciële bureau en de archiefdienst op dit punt? Krijgt het bureau bijvoorbeeld bijzondere faciliteiten of geldt de 100jarige geheimhouding ook voor dit bureau? Tweede vraag, wanneer denkt het college of de burgemeester de beperkende bepalingen op te heffen en het archief openbaar te maken? En de derde vraag is, wanneer verwacht de burgemeester dat de nieuwe inventarisatie gereed is? Dank u wel. De voorzitter: Dank u wel, mijnheer IJsbrandy. Dan geef ik nu het woord aan mijnheer Trompetter, gaat uw gang. De heer Trompetter: Dank u wel, voorzitter. Ja, wij zijn, de Actiepartij is blij met de hernieuwbare aandacht voor de kwestie van de onteigening van Joost vastgoed, en ook de naheffingen. Wij zijn akkoord met het onderzoeksvoorstel, alleen ik ben wel nieuwsgierig naar de vragen die Hart voor Haarlem net gesteld heeft. Dank u. De voorzitter: Dank u wel, mijnheer Trompetter. Dan geef ik nu het woord aan mijnheer Van den Doel, gaat uw gang. De heer Van den Doel: Dank u wel, voorzitter.
Ook GroenLinks is het eens met dit onderzoek, we zien het graag dat het gebeurt, dat het uitgevoerd wordt. En dat er, mocht er mogelijk onrecht uit blijken, dat dat dan hersteld kan worden hopen wij. En inderdaad, de vragen van Hart voor Haarlem die ondersteunen wij, zijn we nieuwsgierig naar het antwoord van de wethouder. De voorzitter: Dank u wel, mijnheer Van den Doel. Mevrouw Van der Windt, gaat uw gang.
Mevrouw Van der Windt: Ja, dank u wel, voorzitter. Ja, D66 vindt het erg goed dat de gemeente Haarlem eindelijk ook onafhankelijk onderzoek laat doen hoe de gemeente Haarlem tijdens en na de Tweede Wereldoorlog is omgegaan met Joodse burgers. Het is natuurlijk een enorme omissie dat dit onderzoek niet al vele jaren geleden is gedaan, maar beter laat dan nooit. We zijn zeer benieuwd naar de uitkomst van het onderzoek en we hopen dat die inderdaad in september van dit jaar nog gepresenteerd zullen worden. Dank u wel. De voorzitter: Dank u wel, mevrouw Van der Windt. Mijnheer Rutten, gaat uw gang. De heer Rutten: Ja, voorzitter, dank u wel. Ik vraag me heel even af waarom u van de sprekersvolgorde afwijkt als we er zo op gewezen worden dat die bestaat? Maar dat is aan u. De voorzitter: Dat wil ik u best uitleggen. Mijnheer IJsbrandy kwam als eerste aan het woord omdat het is geagendeerd door Hart voor Haarlem en de griffier was vergeten om hem op nummer 1 te zetten, excuus daarvoor. De heer Rutten: O, maar in mijn lijst stond hij op 1 en stond ik op 2. Mevrouw Van der Windt: In mijn lijst stond hij ook op 1, ja. De heer Rutten: Ja, dan hebben wij andere lijsten, dan wordt het ingewikkeld. Hartelijk dank, mijnheer IJsbrandy, voor uw pleidooi. Daar sluiten we ons van harte bij aan. En vooral de vraag over die 100 jaar, die verbaast mij, ons hogelijk.
Het is absoluut niet gebruikelijk 100 jaar. Ik kan uit eigen ervaring spreken dat er dossiers zijn van ontslagen politieagenten in 1945, die nu gewoon op straat liggen. Dus die 100 jaar wil ik ook heel graag uitgelegd hebben, waarom daar zo hardnekkig aan wordt vastgehouden? De voorzitter: Dank u wel, mijnheer Rutten. Mevrouw Wisse, u bent nu aan het woord. En even voor de commissie, dit zijn de lijsten voor husseling van de namen. Dus de griffier rent nu naar boven om even iets uit te printen en ze is alweer terug. Dus, maar we gaan voor het eerste onderwerp nog even deze volgorde aanhouden. Ik heb het volgende onderwerp gaan we de sprekerslijsten aanhouden die u heeft gekregen. En nu is het woord aan mevrouw Wisse, gaat uw gang. Mevrouw Wisse: Dank u wel, voorzitter. Ja, ook de PvdA vindt het heel goed en fijn dat dit onderzoek er nu inderdaad eindelijk komt. Ja, als er samenwerking mogelijk is met mevrouw Van Zetten, en het onderzoek wat zij al gedaan heeft, zou dat mooi zijn. Het zou fijn zijn ook als er antwoorden op de vragen direct weer op de agenda komen, dat we dat niet zelf weer hoeven te agenderen als ze er straks zijn. Een hele kleine financiële vraag, dat onderzoek, de kosten daarvan worden gedekt door de post onvoorzien, maar dat doen we pas bij de voortgangsrapportage.
Waarom kunnen we niet gewoon het krediet vrijgeven vooraf, in de raad van 22 april, voordat het onderzoek op 1 mei begint? Dank u wel. De voorzitter: Dank u wel, mevrouw Visser. Dan geef ik nu het woord aan mijnheer Linder, gaat uw gang. De heer Linder: Dank u wel, mevrouw de voorzitter. Ook wij van de ChristenUnie zijn blij dat dit onderzoek eindelijk komt en dat dat wordt uitgevoerd. We hopen dat dit ook spoedig in die zin klaar is, dat we er gauw kunnen toegaan om dingen recht te zetten, die er moeten rechtgezet worden. Dus dank daarvoor. En ja, dank u wel.
De voorzitter: Dank u wel, mijnheer Linder. Dan geef ik nu graag het woord aan de burgemeester, gaat uw gang. Burgemeester Wienen: Ja, dank u wel. In de eerste plaats ook voor de brede instemming met in ieder geval het feit dat het wordt onderzocht. De voorzitter: Burgemeester? Burgemeester Wienen: Ja. De voorzitter: Even onderbreken, mevrouw Stroo zit mij vriendelijk toe te zwaaien, ik denk dat wij haar hebben overgeslagen, dat het niet is doorgekomen. Mevrouw Stroo, u krijgt nog even het woord. Excuses, burgemeester. Gaat uw gang, mevrouw Stroo. Mevrouw Stroo: Dank u, voorzitter en aanstaande bruidegom. Ik wil graag complimenten geven aan mevrouw Van Zetten van Hart voor Haarlem, voor haar research. We zijn het eens met het onderzoek. Dat was het. De voorzitter: Dank u wel, mevrouw Stroo. Heb ik verder nog iemand overgeslagen? Nee. Dan gaat het woord naar de burgemeester. Gaat uw gang, burgemeester. Burgemeester Wienen: Ja. Dank u wel. Al degenen die gezegd hebben, dit is eigenlijk te laat, daar ben ik het mee eens. Ik vind het eerlijk gezegd een bloody shame dat nog maar vrij recent naar boven gekomen is in diverse Nederlandse gemeenten op wat voor een trieste wijze omgegaan is met Joodse bewoners die terugkeerden uit de Holocaust, of die erfgenaam waren. En nou, dat is echt onvoorstelbaar. Er zijn nog mensen in leven die dit direct betreft, maar het is heel, heel laat.
Toen dit op gang kwam, want in Amsterdam is dat meen ik begonnen en vervolgens in diverse gemeenten is er onderzoek gedaan. Heel goed dat mevrouw Van Zetten gezegd heeft van, nou, ik vind dat ook een heel belangrijk punt dus ik wil dat ook onderzoeken. Ik heb direct tegen haar gezegd, want er is wel contact opgenomen van, ik vind dat hartstikke goed. Ik weet hoe zij betrokken is bij dit onderwerp. En wat mij betreft dus heel mooi. Alleen, ik denk ook, en sommigen van u hebben dat woord ook gebruikt, ik denk dat ook heel belangrijk is dat een onderzoek plaatsvindt wat buiten iedere discussie onafhankelijk is. En mevrouw Van Zetten is gewoon gemeenteraadslid, en dat is geen diskwalificatie maar dat betekent wel dat dat niet zomaar een onafhankelijk onderzoek is, net zo goed als wanneer ik het bijvoorbeeld zelf zou doen of wanneer je dat ambtenaren zou laten doen. Om die reden hebben wij in het college gezegd, wij denken dat het toch goed is dat we dit door een bureau, wat ook elders dit onderzoek gedaan heeft, wat er expertise in heeft, nog een keer laten doen. En natuurlijk wordt daar graag gebruik gemaakt van resultaten die er al bekend zijn, maar het wordt wel door een onafhankelijk bureau in ieder geval nog een keer langsgelopen. Dan de wijze van samenwerking, natuurlijk wordt gebruik gemaakt van het Noord-Hollands Archief, want dat is daar ook voor.
Mevrouw Van Zetten die heeft al eerder aangegeven dat zij zich verbaasde over de lange termijn waarop de archieven gesloten zijn. Ik heb toen direct gezegd, dus wat dat betreft denk ik dat sommige dat even kwijt zijn, dat dat wat mij betreft gewijzigd moet worden. Dat is een besluit wat genomen moet worden door het bestuur van het Noord-Hollands Archief. Nou is de gemeente Haarlem daar goed in vertegenwoordigt dus wij hebben dat ook aan de orde gesteld. Toevallig was er vandaag een vergadering waarin wij dat besluit zouden nemen, dat dat teruggebracht wordt naar wat er wettelijk vastligt. Voor de meeste gevallen gaat dat dan om 75 jaar, en dat betekent in feite dat het dus nu verlopen is. Alleen de vergadering, niet alle agendapunten konden worden behandeld dus het formele besluit duurt nog heel even maar het komt eraan, want ik ben het volstrekt eens, ik zie geen enkele reden waarom wij dat langer zouden doen. Dat is het verleden door de gemeente kennelijk op de een of andere manier zo
afgesproken maar wij gaan dat terugbrengen naar 75 jaar. En voor iedereen, dus dat is niet alleen voor deze onderzoeken maar voor alle mensen die onderzoek willen doen naar onze archieven uit de oorlog. Overigens zeg ik er wel bij dat sommige onderdelen op basis van wettelijke regels nog steeds op die 100 jaar zitten. Maar dat wordt beperkt tot het absolute minimum en dan is dat het niet anders kan. De doorlooptijd van het onderzoek is dat het in principe na vier maanden, want het begon op 1 mei, en in vier maanden ongeveer kan worden afgesloten is het idee. En dat betekent dat wij rond september of in september de rapportage verwachten. En afhankelijk van wat daaruit komt zullen wij ook met voorstellen komen om daar verder nog een vervolg aan te geven. Maar ja, ik denk dat we eerst moeten afwachten wat eruit komt. Dan de vraag over het krediet, als ik het me goed herinner is het zo dat de afspraken die we in de gemeente Haarlem hebben, dat is dat wij tot 50.000 euro daar als college zelf dat in gang kunnen zetten en dan wordt het later meegenomen bij de begrotingswijziging. Als ik dat verkeerd zie, dan zal ik dat corrigeren maar volgens mij is dat de reden waarom we het nu op deze manier doen, dat zijn gewoon de spelregels zoals we die met elkaar hebben afgesproken. De voorzitter: Dank u wel, burgemeester.
Is er … Zijn er nog vragen? Is er behoefte aan een tweede termijn? Nee? Mijnheer Rijbroek, u wilt het nog keer bespreken want? De heer Rijbroek: Nou, ik wilde het niet opnieuw bespreken, het is … Het lijkt mij helder. Naar aanleiding wat de burgemeesters zegt, als het onderzoek van het bureau klaar is, laten we recht doen aan. Het is weliswaar een bespreekpunt maar laten wij als raad zeggen van, laat het nu verder aan de gemeente en de burgemeester over en doe zo snel mogelijk recht aan die families. Het is al vanaf ‘45, laten we daar in dit discussiepunt eens mee stoppen, gewoon recht doen aan. Dank u wel. De voorzitter: Dank u wel, mijnheer Rijbroek. Verder geen opmerkingen? Nee? 9.
Corona gerelateerde onderwerpen (JW)
9.1 (Regionale) Corona Impact Monitor februari 2021 9.2 Raadsinformatiebrief Jongeren in coronatijd 9.3 BioMarkten Stadskweektuin en Botermarkt in Coronatijd 9.4 Brief burgemeester Wienen d.d. 26 maart – update maatregelen COVID-19 9.5 Brief burgemeester Wienen d.d. 2 april wekelijkse update COVID-19 De voorzitter: Gaan wij door naar agendapunt 9, corona gerelateerde onderwerpen. Er is een aantal bijlagen meegestuurd, Regionale Corona Impact Monitor voor februari ’21, de raadsinformatiebrief over jongeren in coronatijd, BioMarkten, Stadskweektuin en Botermarkt in coronatijd en de brief van de burgemeester van 26 maart, update van de maatregelen van Covid-19. Ik kijk even op mijn correcte sprekersvolgordelijst, en voor dit onderwerp, wat onderwerp 9 is, geldt dat, eens even kijken hoor, mevrouw Wisse als eerste het woord krijgt. Mevrouw Wisse, gaat uw gang. Mevrouw Wisse: Dank u wel, voorzitter. Ik heb een hele rits vragen waar ik zo snel mogelijk doorheen zal gaan. Eerst over onze Haarlemse vaccinatielocatie, de Kennemer Sporthal. Burgemeester, liggen we op schema qua vaccineertempo? Want het zou af en toe rustig zijn in de sporthal, en dat zou natuurlijk eigenlijk
niet moeten kunnen. Er zijn geluiden dat heel veel Haarlemmers een oproep krijgen om buiten Haarlem geprikt te worden en mensen van buiten de regio juist weer om hier geprikt te worden. Kan de GGD dat niet anders regelen? Dat Haarlemmers gewoon lekker in Haarlem gevaccineerd kunnen worden? Zeker als het rustig is in de sporthal. Dan nog een vraag over de beveiliging bij de sporthal, er zijn daar veiligheidsmensen, maar zijn er ook incidenten geweest de laatste tijd? Zeker gezien het nieuws vandaag over die geraamde aanslag in Den Helder op de vaccinatielocatie daar. Dan over de middelbare scholen, er komen nu sneltestpilots bij Teylers, Philharmonie en Patronaat, en dat is natuurlijk hartstikke fijn, maar hoe zit het met de gratis sneltesten voor scholen? Zodat die zo snel mogelijk vijf dagen per week les kunnen hebben en niet half digitaal. De drukte over het Spaarne, de vorige vergadering hadden we het over de Groene Muggen, die ook ingezet worden bij samenscholing. En eigenlijk een soort handhavingstaak krijgen. Nu stond er in de pers dat er stadswachters worden ingezet. Ja, wat voor bevoegdheden hebben die, wat voor mensen zijn dat, hoe herken je die? Dan in de VNG-ledenbrief stond er een stuk over een taskforce herstel lokale economie. Die richt zich op regionaal herstel na corona. Daar zouden wij natuurlijk baat bij kunnen hebben.
Is Haarlem bij die taskforce betrokken? De BioMarkt en de Botermarkt, we zijn natuurlijk hartstikke blij dat die nu allebei de juiste vergunning hebben. Het verbaast me alleen dat ze allebei vorige maand die vergunning hebben gekregen terwijl de BioMarkt daarvoor dus ook echt niet open mocht, en de Botermarkt volgens mij wel elke vrijdag doorging. Dus is dat toen zonder vergunning gebeurd of hoe kan dat? Jongeren, ja, helaas kwam van de week in het nieuws dat het echt ontzettend slecht gaat met heel veel jongeren, met ernstige psychische problemen, dat er wachtlijsten zijn van meer dan een jaar. Hoe gaat dat in Haarlem ten opzichte van de 41 andere GGZ-afdelingen die we kennen? En dan mijn laatste vraag over de Tweede Kamerverkiezingen, bij onze vorige vergadering sprak een dame in, die tegen haar wil voor een shift van zeventien uur was ingedeeld, en die eigenlijk liever een dagdeel van acht uur had willen hebben. En tegelijkertijd lazen we in de krant van allerlei Haarlemmers die ook heel graag stembureaulid hadden willen worden, maar voor wie er geen plek was. Kunnen we het de volgende keer zo doen, bij de eerstvolgende verkiezingen in Haarlem, dat dagdelen gewoon van acht uur, dat die de voorrang krijgen? En in plaats van een vrije keuze tussen een lange en een korte shift? Want dan kunnen er meer Haarlemmers meedoen, mensen blijven fitter, enzovoorts.
Dank u wel, burgemeester, voorzitter. De voorzitter: Dank u wel, mevrouw Wisse. Dan is nu aan het woord mevrouw Stroo, gaat uw gang. Mevrouw Stroo: Dank u, voorzitter. In het vragenuur heeft Jouw Haarlem een vraag gesteld over de bevoegdheden van de 1,5 meter stewards. We hebben daar nog een andere vraag over, deze stewards hebben onderling verschillende uniformen aan, die weer verschillen van die van de handhaving. Is het niet handig qua herkenbaarheid hier eenduidigheid in te scheppen en iedereen hetzelfde uniform te geven? Over de raadsinformatiebrief van de jongeren, goed dat hier aandacht en budget voor is, voor de hulpverlening en de activiteiten. Ook goed dat er jongeren geholpen kunnen worden, ook al is het budgetplafond bereikt. Kunt u ervoor zorgen dat er voldoende studieplekken komen in Haarlem voor jongeren? Dat werkt motiverend voor studie en stimuleert hen om naar buiten te gaan, is ook goed voor het dagritme. De bibliotheek is nu gesloten maar misschien kan die daarvoor wel worden opgesteld of kan er een ander groot leegstaand pand voor gebruikt worden? Over de activiteiten van de jongeren heb ik opgeschreven van, betrek jongeren bij het organiseren van activiteiten en denk ook aan game events en aan skate events. Tot zover. De voorzitter: Dank u wel, mevrouw Stroo. Mijnheer Trompetter. De heer Trompetter: Dank u wel, voorzitter.
De Corona Monitor laat duidelijk zien dat de impact van de pandemie op de samenleving groot is. Bijvoorbeeld wat betreft de toekomst lijkt het erop dat de
ontwikkelingen nauwgezet gevolgd dienen te worden. En de vraag is, is de gemeente, acht de gemeente zichzelf in staat om te anticiperen op de verwachte economische gevolgen van deze crisis in termen van financiële ondersteuning? Voorkomen huisuitzettingen om de druk op de maatschappelijke opvang te verminderen, en de psychische gevolgen, met name bij de jongeren van deze crisis die daar boven aan het komen zijn en die zullen komen. Dan heb ik nog eigenlijk een vraag of de wachttijden bij de teststraat, de files, of dat inmiddels wat opgelost is, en hoe daarmee omgegaan wordt? Misschien is het de planning. Het is goed dat de eerder afgelaste BioMarkt, de Stadskweektuin en de Botermarkt weer doorgang kunnen vinden. Het was jammer dat het één keer in ieder geval niet kon, vlak voordat de markt zou beginnen. En ik heb toch wel een vraag nog over de afwezigheid van de handhaving op het Spaarne met mooie dagen, ondanks eerdere toezeggingen, waaronder de brief van de burgemeester op 2 april. Misschien ben ik … Misschien is het inmiddels al verbeterd maar de afgelopen weken, voor de Pasen was het toch niet helemaal duidelijk zichtbaar. Dank u wel. De voorzitter: Dank u wel, mijnheer Trompetter. En dan geef ik nu graag het woord aan mijnheer Van den Doel, gaat uw gang. De heer Van den Doel: Dank u wel, voorzitter.
Ja, GroenLinks maakt zich ook over een aantal dingen zorgen, het blijft duren en de vaccinatie valt wat tegen, er zijn wat problemen waardoor de horizon steeds verschuift. We zien nu een verschil in mening tussen wat het kabinet vindt en wat de specialisten, de medici daarvan vinden, dus dat maakt de mens onzeker. Een aantal vragen die ik had was in ieder geval het schema van vaccineren, liggen we op schema? Zoals al door de PvdA is gevraagd. De sneltest voor scholieren, hoe het daarmee staat, of dat snel kan ingevoerd worden? Maar ook wij zijn blij dat de BioMarkt nu ook weer er mag zijn, net als de Botermarkt, en wij vroegen ons af wat het verschil was? Jongeren met psychische gesteldheid, daar moeten we heel scherp op zijn want daar komt straks een stuwmeer van jongeren die het echt niet meer zien zitten, die te lang te weinig afleiding hebben gehad of te weinig school of te weinig kunnen. En tot slot, een aanvullende vraag daarover is, de schuldhulpverlening, er komen steeds meer schulden, noodgedwongen omdat mensen hun inkomen verliezen en toch moeten leven. Utrecht heeft gezegd, wij kopen de schulden op en dan gaan mensen in een schuldtraject wat maar maximaal twee jaar doet.
Hoe staat Haarlem daartegenover? Ziet Haarlem dat als een manier om de schulden aan te pakken bij mensen met veel te hoge schulden, hoe dat op te lossen, want anders dan krijgen we straks een enorm meer aan mensen die te veel schulden hebben. En als dat traag opgelost gaat worden, dan blijft het maar duren en dan raken mensen in een fuik van eeuwige schuld. Dus wat Utrecht heeft gelanceerd, dat leek ons een buitengewoon goed initiatief. We zullen daar nog uitgebreide technische vragen over stellen maar dit is een soort aankeiler van dat wij graag zouden zien dat in Haarlem dit ook op deze manier werd opgelost. Dank u wel. De voorzitter: Dank u wel, mijnheer Van den Doel. Mijnheer IJsbrandy. De heer IJsbrandy: Ja, dank u wel. Een aanvulling op wat al gevraagd is hebben wij eigenlijk maar één vraag en dat is, de burgemeesters, zo lezen wij, zijn voorstander van het openen van de terrassen, op zo kort mogelijke termijn. Onze vraag is of onze burgemeester ook tot die burgemeesters behoort, en of Haarlem daarmee klaarstaat om zodra dat dan mag op 21 april, ook in Haarlem de terrassen weer open te gooien? Dank u wel. De voorzitter: Dank u wel, mijnheer IJsbrandy. Dan ga ik nu naar mevrouw Van der Windt, gaat uw gang. Mevrouw Van der Windt: Ja, dank u wel, voorzitter.
Ja, er is al heel veel gezegd door mijn voorgangers, en uit alles blijkt natuurlijk dat corona de samenleving hard raakt, niet alleen corona zelf maar ook de coronamaatregelen. En wij vinden het van belang dat de gemeente bewoners en ondernemers binnen de
grenzen van die coronamaatregelen zoveel mogelijk de ruimte geeft. Wij maken ons, zoals ook een aantal van mijn collega’s, echt extra zorgen over de effecten van de coronamaatregelen op jongeren. Die, zoals ook uit het onderzoek dat is bijgevoegd, blijkt disproportioneel zwaar worden getroffen. En we zijn blij dat onze motie, a little less conversation, a little more action, is aangenomen met hele brede steun. Maar tot op heden, ik zeg dat met enige spijt, heb ik de indruk dat jongeren nog heel weinig hebben gemerkt van die actie. En ik ben ook heel benieuwd of de burgemeester of misschien de wethouder wat kan vertellen wat hij nu gaat doen en hoe het programma eruit zal zien? En verder maken we, en ook daar staan wij niet alleen in, hele grote zorgen over de wachtlijsten voor jongeren met ernstige coronamaatregel gerelateerde problemen, zoals ernstige depressie en anorexia. Hebben we die groep in Haarlem nou echt goed in beeld? En, ja, kan de gemeente ook garanderen dat deze jongeren in deze regio snel toegang hebben tot de noodzakelijke hulp? Dat waren mijn vragen. Dank u wel. De voorzitter: Dank u wel, mevrouw Van der Windt. Mijnheer Rutten. De heer Rutten: Sorry, er kwam wat tussendoor dus ik had gezegd dat ik hem even ging overslaan. Ik luister nu weer mee maar ik heb geen bijdrage. De voorzitter: Oké, dank u wel. Mijnheer Linder, als laatste, gaat uw gang.
De heer Linder: Ik wil mij voor een groot deel aansluiten in wat er al is gezegd, ook aan de vragen. Ik heb alleen één vraag en dat betreft het rapport, die Monitor die wij hebben, waar ik heel interessant vind dat bij instroom en uitstroom aantal cliënten van de jeugdhulpverlening in de gemeente Haarlem, in het vierde kwartaal een gigantische uitstroom is. Hoe komt het dat er juist een grote uitstroom is en minder instroom? Want we zouden in principe verwachten dat juist de problematiek groter wordt, maar er is voornamelijk een uitstroom en de instroom is vrij klein. Dus ik ben eigenlijk benieuwd of er ergens een antwoord is wat daar de reden van is? Want een beetje zelfde is ook te zien bij sociaal maatschappelijk Wmo instroom, uitstroom, aantal Wmo-cliënten in de gemeente Haarlem. Waar dus ook gewoon de uitstroom eigenlijk sky high is en de instroom redelijk klein, terwijl ik voor mijn gevoel nu juist heel veel instroom zou moeten zijn. Dat waren mijn vragen. De voorzitter: Dank u wel, mijnheer Linder. Dan geef ik nu graag het woord aan de burgemeester. En misschien, dat vraag ik even aan mijnheer Botter, er zitten ook wat vragen over de jeugd tussen, wilt u hierna ook nog even het woord? Wethouder Botter: Als dat mogelijk is, mevrouw de voorzitter, heel graag maar ik geef graag eerst het woord aan de burgemeester om op zijn punten te reageren. De voorzitter: Ja.
De heer Rijbroek: Voorzitter? De voorzitter: Ik had een plan. En ja, mijnheer Rijbroek, u wilt ook nog wat zeggen? De heer Rijbroek: Ja, ik heb het in de chat gezet, ik had vooraf in de mail aangegeven dat ik Sander Van den Raadt vervang op agendapunten 4, alles op 9, 10, 11 en 12. Dus dan is dat niet doorgekomen? De voorzitter: Nee, maar gaat uw gang, dan noteer ik dat even.
De heer Rijbroek: Oké, dan vriendelijk dank. Ik zal het kort houden, ik zal het samentrekken al die coronaonderwerpen. Waar ik een beetje van geschrokken ben, het is in het hoofdstuk toerisme, de hotelbezetting. De bezettingsgraad is nu 19 procent tegen 73 procent over heel 2019. De vraag is, wat gaat de ontwikkeling ons brengen, is er enig toekomstperspectief? Wat zegt dat luisterend oor van de gemeente, van de burgemeester richting horeca Haarlem, afdeling Haarlem? Daarnaast, wat betreft de planning van het vaccineren. Ja, ik heb dat ook gehoord, landelijk, 2,4 miljoen in anderhalve maand tijd. Dan kan ik rekenen, dan redden we die termijn van juni niet, dus dat gaat dan waarschijnlijk langer duren. En dan hebben de medici, ja dat is hun vak, meestal gelijk, doorprikken, doorprikken, wie het kan, wie het mag. Dan had ik nog over de jongeren, op welke wijze werken de verschillende jeugdhulporganisaties samen en wat zijn de redenen, zoals in die stukken staan, waarom de problemen onder jongeren nog niet goed ingeschat kunnen worden? En, nou ja, 50 procent zeer gestrest, ja, dan kun je ook spreken over schooluitval en over, heeft men moeite met studeren met thuis? Want die signalen krijg ik ook in de kleine kring, dat het niet altijd meevalt. Wat kan het onderwijs, wat kan de gemeente daarin betekenen? Dank u wel. De voorzitter: Dank u wel, mijnheer Rijbroek.
Dan geef ik nu graag het woord eerst aan burgemeester Wienen en daarna aan wethouder Botter. Mijnheer Wienen, gaat uw gang. Burgemeester Wienen: Dank u wel, voorzitter. Heel veel vragen en ook begrijpelijk, want ik denk dat we in een hele cruciale fase zitten van deze epidemie. Met heel veel discussie en zorgen maatschappelijk, ook hier in Haarlem. Voor wat betreft de vaccinatielocatie Kennemer Sporthal, het klopt, ik heb dat geloof ik ook bij het vorige vragenuur gezegd, dat er momenten zijn waarop het duidelijk rustiger is. Er wordt gewerkt om hem zo vol mogelijk te plannen, dat is ook de reden waarom soms mensen van buiten een plek hier in Haarlem krijgen, want er wordt weliswaar geprobeerd om mensen in de buurt een plek te geven, maar als er op dat moment plek is en mensen van buiten vragen om te kunnen komen, dan wordt dat niet geweigerd want men wil zo maximaal mogelijk de capaciteit gebruiken. Maar ik constateer met mevrouw Wisse dat er momenten zijn waarop het zo rustig is dat je denkt van, jongens, kan het toch niet op de een of andere manier ervoor gezorgd worden dat we meer gebruik maken van de capaciteit die er is? Het grootste probleem dat we hebben, dat is de beschikbaarheid van vaccins. U weet dat er een periode geweest is dat AstraZeneca vaccin niet werd gebruikt.
Ja, dat betekent ook dat er direct een deel van de capaciteit niet gebruikt kan worden omdat die vaccins er gewoon niet zijn. Maar op zich, de oproep om te zeggen van, doe het in ieder geval zoveel mogelijk dat mensen uit Haarlem ook in Haarlem terechtkunnen, dat is aan de GGD doorgegeven. En zodra ik de mogelijkheden van de GGD in beeld heb zal ik u daarover informeren. Beveiligers bij de sporthal, dat is een voorzorgsmaatregel. Er zijn op een paar locaties problemen geweest. Wij hebben gelukkig op zich op de locatie hier in Haarlem geen problemen, maar we zijn wel op dingen voorbereid. En de GGD gebruikt dus een aantal standaardprocedures voor om eventuele problemen te voorkomen. Over de middelbare scholen, dat durf ik niet te zeggen. Wellicht dat wethouder Botter daar zo meteen iets over kan zeggen over of daar iets bekend is over sneltesten. De drukte langs het Spaarne, er zijn naast handhavers, Groene Muggen ingezet, en daarnaast ook stewards. Ik heb dat net ook in het vragenuur aangegeven, dat komt omdat er terecht gezegd is van, op drukke momenten is het toch wel heel zorgelijk, als je ziet dat er zoveel mensen bij elkaar zijn. Dat is voor handhavers, met de geringe hoeveelheid mensen die we dan beschikbaar voor de hele stad, niet goed te doen. En daarom hebben we extra hulp ingehuurd.
Dat zijn mensen zonder specifieke bevoegdheden, maar die wel mensen kunnen aanspreken en mensen kunnen waarschuwen. De vraag, kunnen dan niet allemaal in eenzelfde uniform dragen bijvoorbeeld? Nou, een echt uniform kan niet vanwege het feit dat ze die bevoegdheden dus niet hebben, dus die gaan we daar ook niet mee uitrusten. Ze maken gebruik van bedrijfskleding. En dat, ja, voor ons gevoel is het niet het allerbelangrijkste van hoe ze er dan precies uitzien maar wel dat ze mensen aanspreken en ervoor zorgen dat er meer mensen beschikbaar zijn om dat te doen. Ik
zou nog even kunnen kijken of we er iets mee kunnen maar ik denk het niet omdat wij dus niet zorgen voor de uniformen. Wij huren mensen in, mensen die wel een bepaalde kwalificatie hebben maar geen bevoegdheden, en die maken gebruik van de kleding die het bedrijf waar wij ze bij inhuren, beschikbaar stelt. Voor wat betreft de taskforce herstel lokale economie. Er zijn op allerlei plekken samenwerkingsverbanden om samen te kijken, wat kunnen we doen. Wij in Haarlem zijn er heel actief mee bezig. Het college is ook bezig het in kaart te brengen en probeert met voorstellen te komen, en gebruik te maken van alles wat er van verschillende kanten bij de G40 en bij de VNG beschikbaar is aan knowhow. De BioMarkt en de Botermarkt. De reden waarom de Botermarkt niet eerder is aangesproken en de BioMarkt wel, weet ik niet. Ik denk eerlijk gezegd dat dat gewoon te maken heeft met het feit dat de precieze status bij de Botermarkt niet in beeld was en bij de BioMarkt wel. En toen dat bij de Botermarkt bekeken werd, er ook onmiddellijk gezorgd is voor de aanpassing van de status zodat het ook open kon blijven. Over de jongeren en de gezondheidszorg en de psychische problematiek, daar hebben diverse sprekers naar gevraagd, en terecht. Wij herkennen dat daar echt een probleem zit. Er komen veel jongeren, komen en melden zich in principe.
Voor een deel worden de lichtere situaties, dus de lichtere klachten, worden opgevangen door vrijgevestigden en niet via de normale GGZ-kanalen. Dat is wellicht ook een deel van de verklaring voor de heer Linder, hoe het komt dat de aantallen niet hoger zijn bij instellingen waar wij direct de cijfers van hebben. Wij weten dat een deel uitwijkt naar vrijgevestigde beroepen. We zijn bezig om te kijken, wat kunnen wij doen aan die wachtlijsten? Dat valt niet mee want er is een bepaalde capaciteit, die kunnen wij niet makkelijk zomaar verhogen. Er is ook nog eens een keertje spraken van uitval, ook bij deze instellingen, doordat personeel ziek is of uitvalt. En dat betekent, ze lopen op hun tenen, er is druk, er wordt gebruik gemaakt van vrijgevestigde hulpverleners, maar het is absoluut zorgelijk. Wat wij als gemeente doen, dat is dat wij ons uiterste best doen om in ieder geval dingen aan te bieden, maar dat gaat dus niet om mensen die direct GGZ-hulp nodig hebben, maar dat gaat om mensen die we proberen via het aanbod van activiteiten, toch, ja, mogelijkheden te bieden. De wethouder zal daar zo meteen meer over vertellen want die coördineert dat en die is daarmee bezig. Ook in reactie op de motie die door de raad is genomen. En wij proberen samen op te trekken als het gaat om zoveel mogelijk middelen daarvoor vrij te maken.
We hebben gisteren allebei nog contact gehad met de provincie om te kijken of ook de provincie bereid is extra middelen in te zetten om activiteiten voor jongeren te organiseren, zodat we meer kunnen doen. De verkiezingen, een beetje een randonderwerp. Ik denk dat ik de echte beantwoording ook liever doorschuif, niet om ervan af te zijn maar wij hebben bij de verkiezingen gemerkt dat het een enorme extra opgave was voor de gemeentelijke organisatie in verband met de extra eisen die gesteld werden vanwege corona, drie dagen stembureaus open, allerlei extra voorzieningen die getroffen moesten worden. Het Rijk die op hun eigen manier mensen aantrok, maar vervolgens in de communicatie met de gemeente dat niet optimaal liep waardoor mensen gefrustreerd raakten en dat kwam dan wel weer bij de gemeente terecht. Ik vind de suggestie die de Partij van de Arbeid doet zeker wel de moeite waard, maar ik wil liever eerst eventjes de evaluatie, we zijn druk bezig om alles op een rij te zetten en te kijken van, wat leren we hiervan, hoe zorgen we ervoor dat dingen die nu niet helemaal goed liepen, dat die bij de volgende verkiezingen, dat zijn gemeenteraadsverkiezingen, zo goed mogelijk gaan lopen? En niet te snel nu weer nieuwe dingen doen die wellicht de logistiek weer verder in gevaar brengen. Het zou best kunnen dat er een goede maatregel is maar we zetten het even op een rij.
We kijken naar wat we leren van dingen die niet helemaal optimaal gegaan zijn of niet goed gegaan zijn. En ik neem dit punt dan in ieder geval mee. En wij komen daar ook in de commissie nog op terug. Dan de studieplekken waarnaar gevraagd is. Daar hebben wij beperkt mogelijkheden voor. Ik denk dat een van de plekken waar je dan inderdaad aan denkt, dat is de bibliotheek. Nou, daarvan is bekend dat die gesloten is en gesloten moet zijn, dus wij kunnen nauwelijks voldoen aan de wensen die er op dat terrein zijn. Ik ga er wel van uit dat vrij snel we nu te maken krijgen met gedeeltelijke opheffing van maatregelen, en dat dat ook weer nieuwe mogelijkheden creëert, en dat is dit ook een van de aandachtspunten. De heer Trompetter die vraagt naar de sociale consequenties van de
economische gevolgen, mensen die inkomensterugval hebben, die daardoor in de schulden terechtkomen, ook de heer Van den Doel die heeft daarover gesproken. Dat is een punt van voortdurende aandacht. Ik denk tot nog toe in ieder geval dat wij vooral proberen door ervoor te zorgen dat we onze normale faciliteiten zo goed mogelijk inzetten, dat we mensen tegemoet willen komen. We hebben een aantal instrumenten gehad waarmee we in ieder geval zelfstandigen proberen zoveel mogelijk tegemoet te komen zodat ze niet in die financiële problemen komen. Maar we kunnen niet uitsluiten dat er toch dingen niet goed gaan. De suggestie van de heer Van den Doel om dan te zeggen van, kun je bijvoorbeeld door het opkopen van schulden en te zorgen dat dat binnen twee jaar opgelost wordt, en in ieder geval mensen het niet langer met zich mee hoeven te slepen. Ik denk dat het de moeite waard is om ernaar te kijken. Waarbij ik overigens ook denk dat het beste is om die discussie te voeren met wethouder Roduner. Omdat het natuurlijk dan niet alleen gaat om een hele specifieke coronamaatregel maar om een gerichtere aanpak van de schuldenproblematiek bij cliënten van de gemeente. Dus het lijkt me gewoon goed om die mogelijkheden die elders ontwikkeld zijn, om te kijken of wij die ook in Haarlem kunnen inzetten. De vraag of ik een voorstander ben van open terrassen.
Ik doe in de interne discussies, doe ik flink mee maar ik heb mij als voorgenomen om, terwijl ik verantwoordelijk ben voor handhaving, niet als burgemeester te gaan roepen dat ik bepaalde maatregelen, dat ik die eigenlijk niet mee eens ben. Dus in, bij de discussies zeg maar in burgemeestersberaad, daar doe ik terdege mee maar ik vind het niet wenselijk om waar ik geacht word de maatregelen te handhaven, om dan openlijk te gaan roepen dat maatregelen volgens mij opgeheven zouden moeten worden. Ik begrijp wel waarom collega’s het wel doen want de druk is enorm. Zeker in Amsterdam, maar ook in een aantal andere plaatsen heeft men zich daarbij aangesloten en gezegd van, wij zien die problemen ook. Maar ik zie voor mijzelf in ieder geval niet de toegevoegde waarde als ik daar dan ook van alles over ga roepen, terwijl ik tegelijkertijd onze handhavers op pad moet sturen om de regels te handhaven. Mevrouw Van der Windt die vraagt, met name naar die hulp en de activiteiten voor jongeren, daar zal wethouder Botter straks op ingaan. Dat wij bewoners en ondernemers in ieder geval zoveel mogelijk de ruimte willen geven, dat is waar we voortdurend naar aan het kijken zijn van, waar liggen mogelijkheden en laten we daar dan ook op inspelen. Dus het is zeker niet zo dat Haarlem op een benepen manier probeert om zoveel mogelijk met die regeltjes de dingen onmogelijk te maken.
Maar dat wij kijken hoe we met serieus handhaven van de regels, want we zitten wel met een verschrikkelijke pandemie, maar dat wij de dingen die daarbinnen wel kunnen, dat wij daar ook zoveel mogelijk op een redelijke manier mee omgaan en mensen helpen en faciliteren om dan toch nog activiteiten te ontplooien. Ten aanzien van de hotelbezetting en het toekomstperspectief daarvan. Wethouder Berkhout heeft daar veel overleg over. Ik zelf heb ook diverse keren overleg gehad, het is heel erg zorgelijk. In de afgelopen tijd is er een enorme daling geweest, voor de hotels is dat een heftige situatie. Er zijn hotels die nog verder teruggevallen zijn dan het gemiddelde cijfer waar u over sprak. En dat terwijl de hotels dus nooit dicht geweest zijn hè, die hebben al die tijd, hebben ze open mogen zijn. Alleen er komen nauwelijks meer mensen. En waarom niet, omdat de winkels zijn dicht, de musea zijn dicht, dus er is gewoon niet zo heel erg veel te doen. En dat heeft geleid tot een soort, ja, hoe moet je dat noemen, toeristenstaking, de mensen komen niet meer. Wij hebben afgesproken dat zodra zich er weer mogelijkheden voordoen, dat Haarlem marketing dan in ieder geval samen met de ondernemers zijn best doet om ook de aantrekkelijkheid om naar Haarlem toe te komen, onder de aandacht te brengen en mensen zo snel mogelijk ook weer hier te krijgen.