20200777651 1. Inventarisatie van adviescommissies
Tekst van het document
Informatienota
Onderwerp Inventarisatie van adviescommissies Nummer 2020/777651 Portefeuillehouder Wienen, J. Programma/beleidsveld 7.2 Algemene dekkingsmiddelen Afdeling JZ Auteur Barwari, R. Telefoonnummer 023-5115522 Email rbarwari@haarlem.nl Kernboodschap In de vergadering van de commissie Bestuur van 14 november 2019 is door de burgemeester toegezegd de commissie Bestuur een overzicht te doen toekomen waarin voor alle adviescommissies wordt aangegeven wat de hoogte van de vergoeding is aan de commissieleden en wat volgens de geldende verordening of regeling de vergoeding dient te bedragen. Behandelvoorstel voor Het college stuurt de informatienota ter kennisname naar de commissie Bestuur commissie Relevante eerdere besluiten Besluit College 1. Het college stelt de informatienota aan de commissie vast. d.d. 2 februari 2021 de secretaris, de burgemeester,
Inleiding In de vergadering van de commissie Bestuur van 14 november 2019 is door de burgemeester toegezegd de commissie Bestuur een overzicht te doen toekomen waarin voor alle adviescommissies wordt aangegeven wat de hoogte van de vergoeding is aan de commissieleden en wat volgens de geldende verordening/regeling de vergoeding dient te bedragen. De aanleiding voor deze toezegging was de bespreking van een voorstel in de vergadering van de commissie Bestuur over de vergoeding van leden van de commissie bezwaarschriften. Juridisch kader In de Gemeentewet wordt onderscheid gemaakt tussen raadscommissies, bestuurscommissies en andere commissies. Dit is geregeld in artikel 82 (raadcommissies), 83 (bestuurscommissies) en 84 (andere commissies) van de Gemeentewet. Een lid van een commissie, als bedoeld in de artikel 83 en 84 van de Gemeentewet kan niet tevens raadslid of ambtenaar zijn.
Kenmerk: 2020/777651
1/4
Andere commissies ex. artikel 84 Gemeentewet Andere commissies (artikel 84 Gemeentewet) kunnen alle mogelijke denkbare taken hebben. Hierbij kan gedacht worden aan adviescommissies, ad hoc commissies en wijkraden. Op basis van artikel 84 van de Gemeentewet kunnen bestuursorganen van de gemeente Haarlem commissies instellen die deze bestuursorganen adviseren ten behoeve van diverse taken. Deze commissies worden op grond van artikel 84 van Gemeentewet formeel ingesteld middels een verordening of instellingsbesluit. Een instellingsbesluit of verordening regelt de samenstelling en werkwijze van de commissie. Hierdoor liggen de taken en bevoegdheden van de adviescommissie en de status van de adviezen formeel vast. Een adviescommissie ex. artikel 84 Gemeentewet dient dan ook door de raad, het college van burgemeester en wethouders en de burgemeester te worden ingesteld, ieder voor zover het zijn bevoegdheid betreft. De bestuursorganen kunnen daar zelfstandig een besluit over nemen. De juridische basis kan ook door alle bestuursorganen worden verankerd in één instellingsbesluit. 2. Kernboodschap De gemeente Haarlem heeft een aantal onafhankelijk adviescommissies die het college of de raad gevraagd en ongevraagd adviseren over allerlei onderwerpen. Op verzoek van de commissie Bestuur is onderzocht of de vergoedingen van de commissieleden in lijn zijn met wet- en regelgeving.
In diverse Haarlemse collegebesluiten en verordeningen wordt wat betreft de vergoeding aan externe commissieleden voor het bijwonen van een vergadering verwezen naar de “Gemeentelijke Verordening Geldelijke voorzieningen raadsleden, wethouders, commissieleden en fractieassistentie”. Deze verordening is in 2019 komen te vervallen. De verordening die thans van toepassing is, is de Verordening rechtspositie raads- en commissieleden Haarlem 2019. Over het algemeen is de hoogte van de vergoeding aan externe commissieleden in lijn met regelgeving. Uit het overzicht, opgenomen in bijlage 1, blijkt dat een aantal verordeningen wel dienen te worden aangepast aan de landelijk geldende regelgeving, zoals opgenomen in het ‘Rechtspositiebesluit decentrale politieke ambtsdragers’ en de Verordening rechtspositie raads- en commissieleden Haarlem 2019. Dit houdt in dat een aantal vergoedingen dient te worden bijgesteld van € 113,-- per bijgewoonde vergadering naar 133,21 per bijgewoonde vergadering. Dit betreft een nieuwe standaardtarief. Ingevolge artikel 3.4.2 van het Rechtspositiebesluit decentrale politieke ambtsdragers kan de raad bij verordening bepalen dat de vergoeding voor het bijwonen van de vergaderingen van de commissie naar boven afwijkt van de (standaard)vergoeding.
Dat is mogelijk indien een lid is aangetrokken vanwege bijzondere beroepsmatige deskundigheid op het taakgebied van de commissie of indien de vergoeding niet in redelijke verhouding staat tot de zwaarte van de taak of de omvang van de te verrichten werkzaamheden. Voorbeelden hiervan zijn de vergoedingen van de leden van de Adviescommissie voor de bezwaarschriften en de vergoeding van de voorzitter van de Participatieraad Haarlem.
Kenmerk: 2020/777651
2/4
3. Argumenten Vergoeding In artikel 96 van de Gemeentewet is bepaald dat leden van een door de raad, het college, of de burgemeester ingestelde commissie, voor zover zij geen lid zijn van de raad of het college, een bij verordening van de raad vastgestelde vergoeding ontvangen. In het (landelijk) Rechtspositiebesluit decentrale politieke ambtsdragers zijn nadere regels gesteld. Dit Besluit is per 1 januari 2019 gewijzigd. In deze regelgeving zijn namelijk de rechtspositieregels van alle voorzitters, dagelijks bestuurders en volksvertegenwoordigers van de gemeenten, provincies en waterschappen, in één besluit en één regeling samengevoegd. De Verordening rechtspositie raads- en commissieleden Haarlem 2019, Verordening geldelijke voorzieningen gemeenteraadsfracties Haarlem 2019 en de Regeling rechtspositie burgemeester en wethouders gemeente Haarlem 2019 zijn als gevolg van het landelijk geldende Rechtspositiebesluit gewijzigd vastgesteld. Hiermee is de Verordening geldelijke voorzieningen raadsleden, wethouders, commissieleden en fracties Haarlem komen te vervallen. De Verordening rechtspositie raads- en commissieleden Haarlem 2019 is tevens van toepassing op commissieleden als in bedoeld in artikel 84 van de Gemeentewet.
In artikel 7 van de Verordening rechtspositie raads- en commissieleden Haarlem 2019 is het volgende opgenomen: Tenzij het Rechtspositiebesluit decentrale politieke ambtsdragers of de Rechtspositieregeling decentrale politieke ambtsdragers anders bepalen, vindt de betaling van de vergoeding van commissieleden, bedoeld in artikel 3.4.1 het Rechtspositiebesluit decentrale politieke ambtsdragers maandelijks plaats met inachtneming van een vergoeding per bijgewoonde vergadering. In artikel 3.4.1. van het Rechtspositiebesluit decentrale politieke ambtsdragers het volgende opgenomen: Aan een commissielid wordt per bijgewoonde vergadering van de commissie ten laste van de gemeente een vergoeding toegekend die afhankelijk is van het aantal inwoners van de gemeente, en wordt vastgesteld aan de hand van de volgende tabel:
Kenmerk: 2020/777651
3/4
Een commissielid (van een commissie ex artikel 84 Gemeentewet) dient een maximaal bedrag van € 133,21 te ontvangen per bijgewoonde vergadering. De raad heeft echter op grond van artikel 3.4.2 Rechtspositiebesluit decentrale politieke ambtsdragers de bevoegdheid om aan een commissielid een vergoeding toe te kennen die afwijkt van de in artikel 3.4.1 genoemde standaardvergoedingen. Hiertoe kan de gemeenteraad volgens sub a besluiten, indien een commissielid op grond van zijn bijzondere beroepsmatige deskundigheid op het taakgebied van de commissie voor deelneming aan haar werkzaamheden is aangetrokken. Op grond van sub b kan de gemeenteraad een hogere vergoeding toekennen, indien de vergoeding niet geacht kan worden in een redelijke verhouding te staan tot de zwaarte van zijn taak en de omvang van de door hem te verrichten arbeid. In artikel 96, tweede lid van de Gemeentewet is tevens opgenomen dat de raad bij verordening kan bepalen dat leden van een andere commissie als bedoeld in artikel 84 van de Gemeentewet een vaste vergoeding en een tegemoetkoming in de kosten kunnen ontvangen voor hun werkzaamheden. Semi-formele adviescommissies Commissies kunnen ook een semi-formele adviesstatus krijgen. Hier ligt de ’oprichting’ van het adviesorgaan veelal bij het particulier initiatief.
Hoe de advisering richting gemeente verloopt kan geregeld worden in een overeenkomst of convenant tussen de gemeente en de betreffende externe partij. Hierin kan tevens een vergoedingsregeling in worden opgenomen. 4. Vervolg Huidige werkwijze Er wordt vooralsnog geadviseerd om de huidige werkwijze ongewijzigd voort te zetten. Een lid van een commissie kan een van de Verordening rechtspositie raads- en commissieleden Haarlem 2019 en het Rechtspositiebesluit een afwijkende vergoeding ontvangen indien dat lid is aangetrokken vanwege bijzondere beroepsmatige deskundigheid op het taakgebied van de commissie of indien de vergoeding, als bedoeld in artikel 3.4.2 van het Rechtspositiebesluit, niet in redelijke verhouding staat tot de zwaarte van de taak of de omvang van de te verrichten werkzaamheden. Indien ervoor wordt gekozen om afwijkende vergoedingen op te nemen in specifieke verordeningen, dan dienen overschrijdingen van het maximum zoveel mogelijk te worden beperkt. Evenredigheid en beperking van de kosten staan voorop. Wat betreft de vergoeding van een lid van de Adviescommissie voor de bezwaarschriften zal dan ook aan de raad worden voorgesteld om deze per dag(deel) te verlagen en tegelijkertijd het aantal zittingen per dag(deel) te verminderen. 5. Bijlage -Bijlage 1. Overzicht commissies en vergoedingen.
Kenmerk: 2020/777651
4/4