CConstaterende datHaarlem
Koppel je AI →
Document · PDF

20200080654 6. Bijlage E Beleidsregel ter voorkoming van misbruik en oneigenlijk gebruik bij subsidies

commissie Samenleving 7 januari 2021, gemeente HaarlemBij agendapunt: Vaststelling nieuwe Algemene Subsidieverordening gemeente Haarlem3.716 woorden

Open het PDF bij iBabs ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

Besluit van het college van burgemeester en wethouders van de gemeente Haarlem houdende regels omtrent het voorkomen van misbruik en oneigenlijk gebruik bij subsidies Het college van burgemeester en wethouders van Haarlem Overwegende dat:  Bij het subsidiëren van activiteiten in de stad wordt uitgegaan van verantwoord vertrouwen  Het gewenst is misbruik en oneigenlijk gebruik van subsidies te voorkomen en te bestrijden  Het college op grond van de Algemene wet bestuursrecht een verleende subsidie lager kan vaststellen of een reeds verstrekte subsidie kan intrekken of ten nadele van de subsidieontvanger kan wijzigen  Het wenselijk is hierop aanvullende beheersmaatregelen te treffen en daarvoor beleid vast te stellen, en  De leidraad misbruik of oneigenlijk gebruik subsidieverlening gemeente Haarlem van 24 april 2013 verouderd is Gelet op  Artikel 3, derde lid, onder b van de Algemene subsidieverordening gemeente Haarlem ingaande <datum>  De Kadernota subsidiesystematiek in Haarlem (2012/113347) Besluit: vast te stellen de Beleidsregel ter voorkoming van misbruik en oneigenlijk gebruik bij subsidies gemeente Haarlem

Hoofdstuk 1. Inleidende bepalingen Artikel 1.1.

Opbouw beleidsregel

Deze beleidsregel voorziet in de volgende elementen, zoals vastgelegd in de Kadernota subsidiesystematiek in Haarlem en op basis van nieuwe inzichten aangevuld: a. risicoanalyses bij het opstellen van subsidieregelingen zoals bedoeld in artikel 3 van de ASV b. steekproefsgewijze beoordeling of de verantwoording en de subsidieontvanger voldoet aan de aan de subsidie verbonden voorwaarden en verplichtingen c. het uitvoeren van aanvullende administratieve of fysieke controles indien gerezen vermoeden van misbruik of oneigenlijk gebruik of andere omstandigheden daartoe aanleiding geven; d. handhaving en consequent toepassen van sancties inclusief preventief weigeren; e. het aanwijzen van toezichthouders zoals bedoeld in artikel 3, vierde lid van de ASV f. het bijhouden van overzichten van misbruik en oneigenlijk gebruik van subsidies.

Artikel 1.2.

Definities

a. Activiteitenverslag: een verslag zoals bedoeld in artikel 4:80 AWB. Het activiteitenverslag of inhoudelijk verslag maakt inzichtelijk in hoeverre de activiteiten hebben plaatsgevonden overeenkomstig de aan de subsidie verbonden verplichtingen. Tevens bevat het een vergelijking tussen de nagestreefde en gerealiseerde doelstellingen en een toelichting op de verschillen.

b. c. d. e.

Accountant: een accountant zoals bedoeld in artikel 393, eerste lid, Boek 2 BW. ASV: Algemene subsidieverordening gemeente Haarlem 2021 AWB: Algemene wet bestuursrecht Controleverklaring: een schriftelijke verklaring van de accountant omtrent de getrouwheid van het financiële verslag zoals bedoeld in artikel 4:78 AWB en/of omtrent de naleving door de subsidieontvanger van de aan de subsidie verbonden verplichtingen met een financieel effect (rechtmatigheid) zoals bedoeld in artikel 4:79 AWB. f. Egalisatiereserve: de egalisatiereserve zoals bedoeld in artikel 4:72 AWB. g. Financiële verantwoording: een financiële verantwoording kan een separaat financieel verslag zijn of een jaarrekening. Deze dienen een vergelijking te bevatten van de baten en lasten zoals opgenomen in de begroting bij de subsidieaanvraag. Uit de financiële verantwoording dient te blijken dat de subsidie is besteed aan de doelen en activiteiten waarvoor deze is verstrekt en dat is voldaan aan de verplichtingen die aan de verleende subsidie zijn verbonden. Indien aan de organisatie toestemming is gegeven om een egalisatiereserve te vormen, dient de financiële verantwoording tevens inzicht te geven in het begin- en eindsaldo van de egalisatiereserve over het afgelopen jaar. h.

Jaarrekening: indien de financiële verantwoording plaats via een jaarrekening dient deze te zijn opgesteld overeenkomstig de in Nederland geldende voorschriften voor de jaarverslaggeving. Dit betreft in het algemeen Titel 9 Boek 2 van het Burgerlijk Wetboek (BW) en/of de Richtlijnen voor de Jaarverslaggeving. In de jaarrekening dient een specificatie te worden opgenomen van de activa en de passiva, een vergelijking met voorgaand jaar en een vergelijking met de baten en lasten zoals opgenomen in de begroting bij de subsidieaanvraag. i. Misbruik: het verkrijgen of genieten van een (te hoge) subsidiebijdrage door het bewust niet, niet tijdig, niet juist of niet volledig verstrekken van gegevens en inlichtingen. j. Oneigenlijk gebruik: volgens de regels van de wet, maar in strijd met de bedoelingen van de wettelijke bepalingen verkrijgen of genieten van subsidie of een te hoge subsidie. k. Rechtmatigheid: een subsidie is rechtmatig besteed als deze is besteed in overeenstemming met de aan de verleende subsidie verbonden verplichtingen met een financieel effect, zoals vastgelegd in de verleningsbeschikking.

Artikel 1.3.

Toepassingsbereik

1. Deze beleidsregel is van toepassing op subsidies die worden verstrekt op grond van de ASV. 2. Deze beleidsregel is zoveel mogelijk van overeenkomstige toepassing op subsidies die niet worden verstrekt met toepassing van de ASV voor zover de mogelijkheid tot het toepassen van de instrumenten in deze beleidsregel is vastgelegd in de van toepassing zijnde verordening of subsidieregeling. 3. Ten aanzien van subsidieverstrekking waarop vanwege Europese cofinanciering of ter voorkoming van ongeoorloofde staatssteun Europeesrechtelijke voorschriften van toepassing zijn, is deze beleidsregel van toepassing voor zover zij niet strijdig is met deze voorschriften.

Hoofdstuk 2. Steekproefsgewijze beoordeling Artikel 2.1.

Doel

1. Het doel van de steekproef is het beoordelen van de rechtmatigheid bij de subsidies die direct zijn vastgesteld of verleende subsidies waarbij een financiële verantwoording geen onderdeel is van de aanvraag tot vaststelling. 2. Met de steekproef wordt bij direct vastgestelde subsidies beoordeeld of a. de prestaties zijn gerealiseerd; b. aan de aan de subsidie verbonden verplichtingen is voldaan; c. de subsidie volledig is besteed;

d. de subsidie is besteed aan de activiteiten waarvoor deze is verstrekt. 3. Met de steekproef wordt bij verleende subsidies waarbij een financiële verantwoording geen verplicht onderdeel van de aanvraag tot vaststelling is beoordeeld of a. de subsidie volledig is besteed; b. de subsidie is besteed aan de activiteiten waarvoor deze is verstrekt.

Artikel 2.2.

Risicoprofielen

1. Bij het opstellen van een subsidieregeling wordt aan de subsidieregeling een risicoprofiel ‘hoog’ of ‘normaal’ toegekend. Voor subsidies verstrekt op grond van subsidieregelingen met een risicoprofiel ‘hoog’ wordt een aparte steekproef uitgevoerd. 2. Het college stelt een model voor het toekennen van een risicoprofiel toe.

Artikel 2.3.

Selectie steekproef

1. De selectie wordt getrokken uit alle voor het afgelopen kalenderjaar a. direct vastgestelde subsidies; b. verleende subsidies waarbij een financiële verantwoording geen verplicht onderdeel van de aanvraag tot vaststelling is; c. subsidies verstrekt op grond van een subsidieregeling waaraan aan risicoprofiel ‘hoog’ is toegekend voor zover deze direct zijn vastgesteld of een financiële verantwoording geen verplicht onderdeel van de aanvraag tot vaststelling is. 2. Uit het totaal van de direct vastgestelde subsidies wordt een aselecte steekproef getrokken zodat de steekproef 10% van de totale waarde van direct vastgestelde subsidies vertegenwoordigd. Het aantal subsidies in deze steekproef is tenminste vijf. 3. Uit het totaal van de subsidies zonder financiële verantwoording wordt een aselecte steekproef getrokken zodat de steekproef 10% van de totale waarde van verleende subsidies zonder financiële verantwoording vertegenwoordigd. Het aantal subsidies in deze steekproef is tenminste vijf. 4. Uit het totaal van de op grond van een subsidieregeling met risicoprofiel ‘hoog’ verstrekte subsidies wordt een aselecte steekproef getrokken zodat de steekproef tenminste 20% van het aantal verstrekte subsidies en tenminste 10% van de totale waarde van de verstrekte subsidies vertegenwoordigd. 5.

Elke subsidie die geselecteerd kan worden voor de steekproef krijgt aselect een unieke waarde tussen 0 en 1 toegekend. De subsidies met de hoogste waarden worden geselecteerd voor de steekproef, zodat aan de volgende criteria wordt voldaan: a. Een ontvanger wordt ten hoogste eenmaal in de vier jaar opgenomen in een steekproef; b. Tenminste één particulier en tenminste één organisatie is opgenomen in de steekproef. 6. Het document waarmee de steekproef is geselecteerd is onderdeel van het controledossier.

Artikel 2.4.

Uitvoering steekproef

1. De controlewerkzaamheden kunnen bestaan uit het opvragen van nadere gegevens, deskresearch en fysieke controles. 2. Voor de subsidies in de steekproef die direct zijn vastgesteld wordt bij de subsidieontvanger opgevraagd: a. een activiteitenverslag waarmee inzichtelijk wordt gemaakt in hoeverre de activiteiten hebben plaatsgevonden overeenkomstig de aan de subsidie verbonden verplichtingen. Tevens bevat het een vergelijking tussen de nagestreefde en gerealiseerde doelstellingen en een toelichting op de verschillen; b. een schriftelijke verklaring van het bestuur van de organisatie of de particulier waarin de juistheid en volledigheid van de aanvullende documentatie en het voldoen aan de aan de subsidie verbonden verplichtingen wordt bevestigd.

c. een financieel verslag van de activiteiten waarin alle voor de activiteiten relevante kosten en baten zijn opgenomen; d. indien de organisatie een jaarrekening heeft opgemaakt en hierbij door een onafhankelijk accountant een controleverklaring met betrekking tot de getrouwheid van de jaarrekening is afgegeven kan in plaats van het financieel verslag en kopieën facturen en betaalbewijzen worden volstaan met de jaarrekening, controleverklaring en uitdraaien uit de boekhouding waaruit de subsidieopbrengsten en de kosten met betrekking tot de gesubsidieerde activiteiten duidelijk herleidbaar zijn en aansluiten op de jaarrekening; e. kopieën van facturen en betaalbewijzen van 80% van de waarde van de in het financieel verslag opgenomen kosten; 3. Voor de subsidies in de steekproef waarbij een financiële verantwoording geen verplicht onderdeel van de aanvraag tot vaststelling is worden bij de subsidieontvanger de hierboven onder b tot en met d bedoelde documenten opgevraagd. Het college kan naar aanleiding van de documenten onder c en d voor specifieke posten een onderbouwing van facturen en betaalbewijzen opvragen. 4. Voor de subsidies in de steekproef verstrekt op grond van een subsidieregeling met risicoprofiel ‘hoog’ wordt bij de subsidieontvanger de hierboven onder a tot en met e bedoelde documenten voor zover de aanvraag tot vaststelling hierin nog niet heeft voorzien.

Artikel 2.5.

Vastlegging controle steekproef

1. Het college legt per subsidie een controledossier aan bestaande uit: a. aanvraag; b. beschikking; c. activiteitenverslag (voor verleende subsidies waarbij een aanvraag tot vaststelling verplicht is); d. met de steekproef opgevraagde aanvullende documentatie; e. beoordelingsformulier waarin wordt vastgelegd of aan de beoordelingscriteria genoemd in Artikel 2.1 is voldaan; f. communicatie uitkomst beoordeling steekproef naar subsidieontvanger. 2. De subsidieontvanger ontvangt schriftelijk bericht over de uitkomst van de controle.

Artikel 2.6.

Sanctie bij constatering onregelmatigheden

Indien de controle aantoont dat de subsidieontvanger niet heeft voldaan aan de aan de subsidie verbonden verplichtingen, kan het college gebruik maken van de mogelijkheden genoemd in Hoofdstuk 4. De sanctie wordt opgelegd bij het bekendmaken van de uitkomst van de controle.

Hoofdstuk 3. Aanvullende controles Artikel 3.1.

Aanvullende controles

1. Het college kan onverminderd het bepaalde in Hoofdstuk 2, in aanvulling op de beoordeling van de aanvragen tot vaststelling van de subsidies, controles uitvoeren om te beoordelen of de activiteiten zijn uitgevoerd overeenkomstig de beschikking tot subsidieverlening en als bij de aanvraag tot vaststelling verantwoord: a. naar aanleiding van een vermoeden van misbruik of oneigenlijk gebruik; a. naar aanleiding van een vermoeden van een vastgesteld misbruik of oneigenlijk gebruik; b. op grond van een vermelding van de subsidieontvanger in het register misbruik en oneigenlijk gebruik van gemeente Haarlem of een ander bestuursorgaan. 2. Het uitvoeren van een aanvullende controle begint met het uitvoeren van een onderzoek in openbare bronnen. Indien een onderzoek in openbare bronnen niet voldoende informatie oplevert worden aanvullende documentatie opgevraagd. De op te vragen documenten zijn gelijk aan de documenten onder Artikel 2.4.

3. Het college kan een controle ter plaatse uitvoeren uit indien a. bewijsstukken van de activiteiten niet of niet voldoende verkregen worden naar aanleiding van het opvragen van aanvullende documentatie; b. opgevraagde aanvullende documentatie niet voldoende inzicht geeft, of c. de bewijsstukken hiertoe aanleiding geven. 4. De verslaglegging van een aanvullende controle vindt plaats volgens Artikel 2.5 en tevens zijn de sancties onder Hoofdstuk 4 mogelijk.

Hoofdstuk 4. Handhaving en sancties Artikel 4.1.

Sancties bij misbruik of oneigenlijk gebruik

1. In het geval van constatering van misbruik of oneigenlijk gebruik en voor zover van toepassing, kan het college gebruik maken van de mogelijkheid: a. een aanvraag om subsidieverlening te weigeren, in te trekken of ten nadele van de subsidieontvanger te weigeren op één of meer gronden genoemd in de artikelen 4:35 en 4:48 van de Algemene wet bestuursrecht; b. de subsidie lager vast te stellen op één of meer gronden genoemd in artikel 4:46, tweede lid, van de Algemene wet bestuursrecht; c. de vaststelling van de subsidie in te trekken of ten nadele van de subsidieontvanger te weigeren op één of meer gronden genoemd in artikel 4:49 van de Algemene wet bestuursrecht. 2. In geval van misbruik of oneigenlijk gebruik neemt het college de subsidieontvanger op in het register misbruik en oneigenlijk gebruik en kan het college aangifte van fraude doen bij het Openbaar Ministerie. Bij het maken van de afweging of het college aangifte van fraude doet, laat het college meewegen of sprake is van misbruik, het financiële belang en of sprake is van herhaling.

Artikel 4.2.

Sancties bij niet naleving subsidieverplichtingen

1. Wanneer de subsidieontvanger één van de volgende verplichtingen niet naleeft, kan het college, onverminderd het bepaalde in Artikel 4.1, de subsidie op 5% lager vaststellen dan het subsidiebedrag dat maximaal was verleend: a. de meldingsplicht als bedoeld in artikel 10 van de Algemene subsidieverordening Haarlem; b. de verplichting tot het houden van een inzichtelijke administratie als bedoeld in artikel 11 van de ASV; c. de overige verplichtingen van de subsidieontvanger als bedoeld in artikel 13 van de ASV; d. het niet tijdig indienen van de tussentijdse rapportage voor zover van toepassing; e. het niet tijdig indienen van de aanvraag tot vaststelling van de subsidie en de daarbij over te leggen gegevens en bescheiden. 2. De verlaging genoemd in het tweede lid betreft minimaal € 100,- en maximaal € 10.000,-.

Artikel 4.3.

Terug- en invordering

Wanneer het college toepassing geeft aan het bepaalde in de Artikel 4.1 of Artikel 4.2, gaat het over tot terugvordering en invordering van onverschuldigde betalingen. Bedragen kleiner dan € 100,worden niet teruggevorderd.

Hoofdstuk 5. Toezichthouders Artikel 5.1.

Aanstelling toezichthouders

Het college kan toezichthouders aanstellen zoals bedoeld in artikel 3 vierde lid van de ASV.

Artikel 5.2.

Bevoegdheden toezichthouders

De toezichthouder beschikt over de bevoegdheden genoemd in titel 5.2 van de Algemene wet bestuursrecht, met uitzondering van de bevoegdheden genoemd in de artikelen 5:18 en 5:19 van die wet.

Hoofdstuk 6. Register misbruik en oneigenlijk gebruik Artikel 6.1.

Doel register misbruik en oneigenlijk gebruik

1. Het college registreert subsidieontvangers in het register misbruik en oneigenlijk gebruik wanneer het toepassing heeft gegeven aan het bepaalde in Hoofdstuk 4 van deze beleidsregel. 2. Het doel van het register is: a. Het leveren van een onderbouwing om een volgende aanvraag van een geregistreerde ontvanger preventief te weigeren op grond van artikel 4:35 AWB; b. Het bieden van inzicht in de aard en omvang van misbruik en oneigenlijk gebruik bij subsidies; c. Het bijstellen van het model waarmee risicoprofielen worden toegekend aan subsidieregelingen.

Artikel 6.2.

Inhoud register misbruik en oneigenlijk gebruik

1. Het college registreert subsidieontvangers in het register misbruik en oneigenlijk gebruik wanneer het toepassing heeft gegeven aan het bepaalde in Hoofdstuk 4 van deze beleidsregel. 2. Het college vermeldt in het register: a. de persoons- of vestigingsgegevens van de subsidieontvanger; b. de persoons- of bedrijfsgegevens van de gemachtigde; c. de reden van registratie; d. de beschrijving van het geconstateerde misbruik of oneigenlijk gebruik; e. het bedrag van de oorspronkelijke subsidieverlening of oorspronkelijke directe vaststelling; f. het bedrag van de subsidie na lagere vaststelling of de vermelding dat het besluit tot subsidieverlening of –vaststelling is ingetrokken; g. andere sancties opgelegd of vervolgstappen genomen n.a.v. het constateerde misbruik of oneigenlijk gebruik; h. de naam van het project of de activiteiten waarvoor de subsidie werd aangevraagd; i. de grondslag van de subsidieverstrekking. 3. Het college stelt de subsidieontvanger op de hoogte van de registratie en verstrekt een afschrift van de opgenomen gegevens die gedurende een periode van vijf jaren in het register worden bewaard. 4. Het register is niet openbaar en is in beheer bij de Functionaris voor Gegevensbescherming bij gemeente Haarlem.

Hoofdstuk 7. Slotbepalingen Artikel 7.1.

Evaluatie

Deze beleidsregel wordt een keer per vier jaar geëvalueerd.

Artikel 7.2.

Inwerkingtreding

Deze beleidsregel treedt in werking op de dag na publicatie.

Artikel 7.3.

Publicatie

Deze beleidsregel wordt na vaststelling door het college bekendgemaakt in de Gemeenschappelijke Voorziening Officiële Publicaties.

Artikel 7.4.

Citeertitel

Deze beleidsregel wordt aangehaald als: Beleidsregel ter voorkoming van misbruik en oneigenlijk gebruik bij subsidies gemeente Haarlem

Toelichting Gemeente Haarlem kan op grond van de Algemene subsidieverordening gemeente Haarlem (‘ASV’) subsidies verstrekken. De ontvanger van een subsidie is verplicht om hierover verantwoording af te leggen. Verantwoordingarrangementen en proportionaliteit In de ASV zijn drie verantwoordingsarrangementen vastgesteld:  Subsidies tot en met 10.000 worden direct vastgesteld en hierbij is geen verantwoording verplicht. Uitzonderingen hierop, waarbij eerst wordt verleend en vaststelling plaatsvindt na verantwoording, zijn mogelijk.  Bij subsidies tot 100.000 vindt verantwoording plaats met een activiteitenverslag waarmee inzichtelijk wordt gemaakt in hoeverre de activiteiten hebben plaatsgevonden overeenkomstig de aan de subsidie verbonden verplichtingen. Een financiële verantwoording is niet standaard onderdeel van de verantwoording.  Voor subsidies groter dan 100.000 worden een activiteitenverslag, financiële verantwoording en controleverklaring verplicht gesteld. Bij subsidies groter dan € 500.000,- wordt tevens een risicoclassificatie uitgevoerd. De drie verschillende arrangementen geven weer dat het detailniveau van de financiële en activiteitenverantwoording afhankelijk is (proportioneel aan) het subsidiebedrag.

Het ontbreken van een financiële verantwoording en controleverklaring bij subsidies tot € 100.000,- betekent echter dat er geen zekerheid over de specifieke besteding van de subsidie bestaat. Beheersing rechtmatige besteding kleinere subsidies Het belangrijkste beheersinstrument in de beoordeling van de rechtmatige besteding van subsidies is de medewerker van de gemeente Haarlem (accounthouder) die via de relatie met en kennis van de subsidieontvanger toezicht houdt op realisatie van de prestaties waarvoor de subsidie is verstrekt en naleving van de verplichtingen. Ter onderbouwing van de rechtmatigheid van de subsidies waarvoor geen financiële verantwoording verplicht is, en daarmee ter onderbouwing van het vertrouwen in deze subsidieontvangers, hanteert het college een aantal beheersmaatregelen aanvullend op de werkzaamheden van de accounthouder. Hierbij wordt op steekproefbasis aan enkele subsidieontvangers een aanvullende onderbouwing van prestaties en bestedingen gevraagd waarmee voor de overige subsidieontvangers de administratieve lasten relatief laag kunnen blijven. De werkzaamheden van de accounthouder hebben een preventieve werking gedurende realisatie van de activiteiten door de subsidieontvanger, waar de steekproef een maatregel achteraf betreft.

Handhaving, consequente toepassing van sancties en de duidelijke kaderstelling hierover is een derde instrument waarmee gedurende realisatie van de activiteiten misbruik en oneigenlijk gebruik voorkomen en bestreden kan worden. Sancties kunnen ook opgelegd worden na een aanvullende controle die wordt uitgevoerd bij een gerezen vermoeden van misbruik of oneigenlijk gebruik. Deze beleidsregel stelt de procedures vast voor de aanvullende maatregelen voor het bestrijden en voorkomen van misbruik en oneigenlijk gebruik. Artikel 1.3 Toepassingsbereik

De beleidsregel van toepassing op alle subsidies die gemeente Haarlem verstrekt op grond van de ASV en andere verordeningen indien dit in de verordeningen is vastgelegd. De beleidsregel is niet van toepassing op subsidies die zonder wettelijke grondslag worden verstrekt. Door het karakter van deze subsidies is een uitgebreidere verantwoording gerechtvaardigd en is een steekproef niet noodzakelijk. De Algemene wet bestuursrecht biedt voldoende handvatten voor handhaving en sancties bij deze subsidies. Artikel 2.3 Selectie steekproef Gemeente Haarlem stelt in januari een totaaloverzicht samen van alle in het afgelopen jaar verstrekte subsidies. Het overzicht wordt samengesteld uit het zaaksysteem waarin de subsidiedossiers worden geadministreerd. In het overzicht wordt aangetekend onder welke categorie een subsidie valt: 1. 2. 3. 4.

Direct vastgesteld Verleend en verantwoording op basis van uitsluitend een activiteitenverslag Subsidieregeling met risicoprofiel ‘hoog’ Overig (verleend en verantwoording op basis van financiële verantwoording, o.a.)

De steekproef bestaat uit drie deelsteekproeven gevormd door categorieën 1 tot en met 3. Het aantal subsidies in de steekproef van categorie 3 is hoger vanwege het hogere risicoprofiel. Als het risicoprofiel ‘hoog’ wordt toegekend, wordt dit vastgelegd in de subsidieregeling. Het college bepaalt of een subsidieregeling een risicoprofiel ‘hoog’ krijgt toegekend mede op basis van:  De in de subsidieregeling voorgeschreven wijze van verantwoording (hoe gedetailleerder, hoe minder risico)  De typen ontvangers (particulieren, organisaties met of zonder rechtspersoonlijkheid) (hoe professioneler de ontvanger, hoe minder risico)  Het type activiteit en prestatie (hoe beter objectiveerbaar, hoe minder risico) Aan alle subsidies in het totaaloverzicht die behoren tot categorie 1, 2 of 3, wordt een waarde tussen de 0 en 1 toegekend door de functie RAND() in Excel (het totaaloverzicht wordt samengesteld met behulp van Excel). Daarna worden de subsidies met de hoogste waarde geselecteerd voor de betreffende (deel)steekproef. Indien met de selectie van de hoogste waarden niet is voldaan aan de voorwaarden, dan wordt de subsidie met de laagste waarde verwijderd uit de selectie en wordt de volgende subsidie geselecteerd. Enzovoorts totdat aan de criteria in lid 5 is voldaan.

Artikel 2.5 Vastlegging controle steekproef De aanvullende documentatie die benodigd is voor de beoordeling van de rechtmatigheid van de subsidie hangt mede af van de documenten die verplicht onderdeel van de aanvraag tot vaststelling zijn. In de steekproef wordt voor alle subsidies in de steekproef dezelfde documentatie verzameld en opgenomen in het controledossier. Voor alle subsidies vindt de beoordeling en vastlegging op dezelfde wijze plaats. Artikel 3.1 Aanvullende controles Het doel van het artikel is het regelen van de mogelijkheid en bevoegdheid om bij het verkrijgen van onvoldoende documenten in de steekproef of een vermoeden van misbruik of oneigenlijk gebruik gericht onderzoek te verrichten, zowel gebaseerd op documentatie als een bezoek ter plaatse van de subsidieontvanger. Artikel 4.1 Sancties bij misbruik of oneigenlijk gebruik

De sancties die opgelegd kunnen worden zijn geregeld in de Algemene wet bestuursrecht en hier opgenomen voor transparantie in de handelswijze van het college. De afweging om aangifte van fraude te doen bij het Openbaar Ministerie is geen lichte en zal altijd en tenminste plaatsvinden in overleg tussen accounthouder, afdelingsmanager en portefeuillehouder. Artikel 4.2 Sancties bij niet naleving subsidieverplichtingen Het niet nakomen van de subsidieverplichtingen, zoals de meldingsplicht waardoor iemand bijvoorbeeld verplicht is het zo snel mogelijk te melden als activiteiten niet op de gesubsidieerde wijze kunnen worden verricht, wordt gezien als misbruik of oneigenlijk gebruik. Bij een ernstige tekortkoming die verwijtbaar is aan de subsidieontvanger kan het college een sanctie opleggen door een korting van 5% toe te passen op de verstrekte subsidie tot maximaal € 10.000,-. De korting wordt in mindering gebracht op de subsidie bij het vaststellen van de subsidie of bij wijziging van de subsidievaststelling. Artikel 6.2 Inhoud register misbruik en oneigenlijk gebruik Verwerking van persoonsgegevens in het register vindt plaats in overeenstemming met de daarvoor geldende wet- en regelgeving, waaronder de Wet bescherming persoonsgegevens en de Algemene Verordening Gegevensbescherming.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij iBabs is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/12274470/1