CConstaterende datHaarlem
Koppel je AI →
Document · PDF

2. Definitieve Jaarverslag en Jaarrekening 2021 HLM (incl. bijlagen)

commissie Samenleving 9 juni 2022, gemeente HaarlemBij agendapunt: Behandeling jaarstukken (jaarrekening + Jaarverslag + Accountantsverslag) - alleen progr.nrs. 1t/m3 (MTM/JB/ER/FR)40.366 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 1 van 5

Jaarverslag en Jaarrekening 2021

Jaarverslag en jaarrekening 2021 gemeente Haarlem

Jaarverslag en Jaarrekening 2021

1

Aanbieding aan gemeenteraad Het college van burgemeester en wethouders biedt de raad met het Jaarverslag en de Jaarrekening 2021 de laatste jaarstukken aan die door dit college worden aangeboden. Het college legt hiermee verantwoording af aan de gemeenteraad over de realisatie van het afgesproken beleid uit de Programmabegroting 2021-2025 en de financiële resultaten over 2021. Met deze aanbiedingsbrief wordt een aantal resultaten over 2021 uitgelicht, waarbij ook het afgelopen jaar het effect van de coronacrisis en de daaruit voortvloeiende coronamaatregelen invloed heeft op het financiële resultaat van 2021. Zoals gebruikelijk zijn de jaarstukken ook digitaal beschikbaar. Financiële hoofdlijnen De gemeente sloot het jaar 2021 af met een positief saldo van € 32,1 miljoen op een begroting van ruim € 610 miljoen. Het resultaat is daarmee gunstiger dan voor de jaarafsluiting werd voorzien. Bij de Bestuursrapportage 2021 werd een positief resultaat van € 4,7 miljoen voorzien. Hierop volgen nog extra middelen uit de September- en Decembercirculaire 2021 (€ 10,9 miljoen) die niet begroot waren. Het te verklaren resultaat komt daarmee op € 16,4 miljoen. Voor dit positieve resultaat zijn een aantal belangrijke oorzaken aan te wijzen. Aan de batenkant zijn er over 2021 voor verschillende onderwerpen extra Rijksmiddelen ontvangen die nog niet zijn ingezet.

Aan de lastenkant is er sprake van voordelen als gevolg van krapte op de arbeidsmarkt waardoor vacatures niet konden worden ingevuld. De coronacrisis en de bijbehorende maatregelen beïnvloeden de cijfers over vrijwel alle programma’s van minder kosten door thuiswerken tot vraaguitval binnen het sociaal domein. Verder is de ten aanzien van de schuldpositie de vaste schuld gedaald met € 50 miljoen naar € 412 eind 2021, dit is € 84 miljoen minder dan verwacht werd bij de Programmabegroting 2021-2025 (€ 496 miljoen). Ondanks dat dit bijdraagt aan de gewenste schuldreductie en de financiële basispositie versterkt, is er tegelijkertijd aandacht nodig om de investeringsrealisatie te vergroten zoals eerder aangegeven in de informatiebrief ‘Versnelling bestedingsruimte Investeringen Openbare ruimte’ (2021/0549531). Financiële gevolgen van de coronacrisis Zoals hierboven reeds aangegeven hebben de coronamaatregelen een flinke invloed gehad op zowel de inkomsten als de uitgaven van de gemeente. In totaal was er voor € 27,5 miljoen aan maatregelen begroot, waartegenover € 33,3 miljoen aan Rijksmiddelen verwacht werden. Uiteindelijk is er € 25 miljoen aan coronakosten gemaakt, ofwel voor het uitvoeren van de maatregelen die in de verschillende nota’s zijn vastgesteld ofwel als gevolg van de effecten op de gemeentelijke begroting (lagere parkeerbaten, hogere personele inzet etc.).

De werkelijk gerealiseerde Rijksmiddelen die hier tegenover staan vallen lager uit dan begroot (€ 27,4 miljoen). Dit heeft grotendeels te maken met de inkomstenderving over 2021 (€ 5,4 miljoen) die nog niet mag worden opgenomen in deze jaarrekening. Aan de lastenkasten zijn er uiteindelijk ook minder uitgaven gedaan, waardoor de realisatie op € 25 miljoen uitkomt. Hierdoor ontstaat een totaal nadeel voor 2021 van € 3,5 miljoen.

Jaarverslag en Jaarrekening 2021

2

Duurzaamheid De afgelopen jaren stond duurzaamheid in Haarlem hoog op de agenda. In 2021 zijn dan ook verdere stappen gezet op weg naar verduurzaming en klimaatadaptatie. Bij de Kadernota 2022 is de duurzaamheidsbegroting voor het eerst opgeleverd, dit geeft de gemeente inzicht in de CO2 uitstoot binnen de eigen grenzen. Daarnaast is de CO2 uitstoot van de organisatie in beeld gebracht. Haarlem is als één van de eerste G40-gemeenten gecertificeerd op de CO2-Prestatieladder. In de Routekaart duurzaamheid is uitgeschreven met welke projecten de gemeente de doelstellingen Aardgasvrij 2040 en Circulair 2040 gaat halen. Met de Haarlemse transitievisie warmte is de ambitie vastgelegd dat in 2030 12.700 woningen en andere gebouwen aardgasvrij zullen zijn. In 2021 zijn stappen in de uitvoering gezet. Zo hebben veel inwoners gebruik gemaakt van de mogelijkheid kleine maatregelen te nemen om de energierekening te beperken; zijn er pilots uitgevoerd met verenigingen van eigenaren om aardgasvrij in de meerjaren onderhoudsplannen op te nemen en is gestart met een wijkgerichte aanpak met collectieve inkoop van hybride warmtepompen, isolatie en zonnepanelen. De gemeente staat garant voor het zonnewarmtenet in het Ramplaankwartier, daarnaast is een subsidie aangevraagd voor de Proeftuin Aardgasvrije Wijken, welke inmiddels is toegekend.

Voor het warmtenet in Schalkwijk is het Haarlems Warmte Netwerk (HWN) opgericht en is de samenwerkingsovereenkomst ondertekend. De Regionale Energiestrategie voor Noord-Holland Zuid is in 2021 vastgesteld. Hierin staat dat in Haarlem in de toekomst 20 tot 25% van het toekomstig elektriciteitsverbruik lokaal wordt opgewekt. Om dat te realiseren zijn de initiatiefnemers van een zonneweide en van windmolens bij Schoteroog door de gemeente gefaciliteerd. De mogelijkheden voor zonnepanelen op het eigen gemeentelijk vastgoed zijn geïnventariseerd. Het beleid voor zonnepanelen in het beschermd stadsgezicht is herzien en toegankelijk gemaakt met de kansenkaart. Met de inrichting van de openbare ruimte is in 2021 bijgedragen aan de opgave om Haarlem duurzamer te maken. Zo is het groenoppervlak toegenomen door, waar mogelijk, bij onderhoud en herinrichting van straten minder verharding toe te passen. Ook het aantal bomen is weer toegenomen. In 2021 is de nieuwe bomenverordening vastgesteld, waardoor bomen in Haarlem beter beschermd zijn. De wetgeving rond Bijna energieneutrale gebouwen (BENG) is sinds 1 januari 2021 van kracht. De inkomsten voor onderwijshuisvesting in het gemeentefonds zijn onvoldoende om te kunnen voldoen 35 aan de wettelijke eisen.

Vanuit de gemeenten is in 2021, samen met het primair en voortgezet onderwijs, de lobby richting het Rijk ingezet voor verhoging van het budget. Nieuwe schoolgebouwen en uitbreidingen zijn bijna of soms zelfs geheel energieneutraal gemaakt. Ook de nieuwe sportaccommodaties, zoals de gymzaal aan de Phoenixstraat en de Yvonne van Gennip sporthal voldoen aan de BENG-eisen. Sportaccommodaties zijn verder verduurzaamd, bijvoorbeeld met waterbergingen en led-verlichting. Groei van Haarlem De druk op de Haarlemse woningmarkt nam in 2021 verder toe. Haarlem is in 2021 aan de slag gegaan met een ambitieus woningbouwprogramma. In 2021 lag de focus op de zones Oostpoort, Europaweg en Zuidwest. Er is een eerste stap gezet met het vergroten van de slagkracht van de gemeentelijke uitvoeringsorganisatie in het brede fysiek domein, bijvoorbeeld met uitbreiding van ambtelijke capaciteit. Deze capaciteit kon in 2021 niet helemaal worden opgevuld: de arbeidsmarkt binnen het fysiek domein is krap. Binnen de prioritaire zones starten grondeigenaren inmiddels projecten om ontwikkelingen te realiseren. Een aantal initiatieven buiten de prioritaire zones, kon niet in behandeling worden genomen. In 2021 zijn pilots gestart om te onderzoeken of het Jaarverslag en Jaarrekening 2021

3

planproces versneld kan worden door de ontwikkelaar zelf producten voor besluitvorming te laten maken. De woningbouwopgave is in Haarlem vooral een ingewikkelde inbreidingsopgave: verdichting, sloop- nieuwbouw, renovatie, woningsplitsing en transformatie. Het Rijk heeft met een impulsregeling (Besluit Impuls Versnelling Woningbouw) geld beschikbaar gesteld om woningbouw te versnellen en om bij te dragen aan de zogeheten publiek onrendabele top. In 2020 is de aanvraag voor de zone Europaweg al gehonoreerd en in 2021 zijn de aanvragen voor de zones Zuidwest en Oostpoort toegekend. Hiermee is een investeringsvolume van ruim €20 miljoen beschikbaar gekomen, met de verplichting dat de bouw start binnen drie jaar na de indiening van de aanvraag. Daarnaast zijn, mede dankzij investeringen in de organisatie van het fysiek domein en een versterkte inzet op lobby en belangenbehartiging, andere subsidies binnengehaald zoals voor de ontwikkeling van de Koepel en voor de inzet van flexibele capaciteit (Metropoolregio Amsterdam), waardoor in totaal circa € 25 miljoen aan middelen is verkregen. In aansluiting op de beoogde groei van Haarlem is de verdere ontwikkeling van de OV-knoppunten Stationsgebied, Oostpoort en Haarlem Nieuw-Zuid essentieel om de stedelijke opgaven en verdichting te laten slagen.

Voor het Stationsgebied is in 2021 de integrale visie voor de transformatie vastgesteld door de gemeenteraad. Voor Haarlem Nieuw-Zuid is besloten twee varianten verder te onderzoeken zodat in de eerste helft van 2022 besloten kan worden over een definitieve variant. Op dit moment zijn er geen woningbouwprojecten die stil zijn komen te liggen door een te hoge stikstofdepositie. Echter, met name de Ontwikkelzone Zuidwest kan problemen gaan ondervinden; een onderzoek naar oplossingsrichtingen is gestart. Met de woonvisie Samen Doorbouwen aan een Duurzaam (t)huis (2021/25829) is in 2021 de basis gelegd voor meer en vooral ook extra betaalbare woningen toevoegen en een passend thuis in een stad waar iedereen meetelt. En in de nieuwe Huisvestingsverordening Zuid-Kennemerland/IJmond is in 2021 de mogelijkheid opgenomen voorrang te verlenen aan de beroepsgroepen verplegend- en onderwijzend personeel. Ook is een urgentiecategorie voor kwetsbare Haarlemmers die begeleiding bij zelfstandig wonen nodig hebben opgenomen. Daarnaast is het time-out gebied voor het splitsen van woningen en het omzetten naar kamerverhuur uitgebreid. Verder zijn er regels opgenomen om de toeristische vakantieverhuur van woonruimte te reguleren met een registratie- en meldingsplicht en nachtencriterium.

Een belangrijke mijlpaal met betrekking tot de kaders waarbinnen Haarlem kan groeien is het opleveren van de Omgevingsvisie Haarlem 2040. Met deze visie is vastgelegd hoe Haarlem de komende jaren de stad verder wil ontwikkelen en aan wil passen aan de grote opgaven die op de stad afkomen, zoals woningbouw, verduurzaming, economische ontwikkeling en het bevorderen van een gezonde leefomgeving. Deze omgevingsvisie is opgesteld in samenspraak met betrokken Haarlemmers. Ook is met het vaststellen begonnen met het omzetten van het tijdelijke omgevingsplan naar het omgevingsplan nieuwe stijl voor het deelgebied Haarlem Centrum. In 2021 is het nieuwe mobiliteitsbeleid 2030 vastgesteld. Hiermee geeft Haarlem richting aan een mobiliteitstransitie: schone manieren van vervoer die zo min mogelijk ruimte innemen krijgen voorrang. In de bijbehorende uitvoeringsagenda staat hoe en wanneer de doelen uit het mobiliteitsbeleid in 2030 bereikt worden. Verder is het Verkeersveiligheidsbeleid (2021/460861) vastgesteld, waarmee de komende jaren het aantal verkeersongevallen moet verminderen. Haarlem richt zich daarbij op fietsers, veilige infrastructuur en veilig verkeersgedrag. Het mobiliteitsbeleid gaat niet alleen over mobiliteit. Ook de acties uit het programma Modernisering Parkeren zijn erin opgenomen. In 2021 zijn in drie wijken draagvlakonderzoeken voor gereguleerd parkeren uitgevoerd.

Verder zijn grote stappen gezet in het verder digitaliseren en automatiseren van het parkeren.

Jaarverslag en Jaarrekening 2021

4

Economie en cultuur De coronacrisis heeft ook in 2021 grote gevolgen gehad voor de economische activiteiten in de stad. Met name sectoren als horeca, detailhandel, cultuur, evenementen en toerisme zijn opnieuw hard geraakt. De gevolgen zijn zoveel mogelijk beperkt gehouden door noodmaatregelen van Rijk en gemeente, zoals kortingen op precario en ondernemersbelastingen, verruiming van terrassen en een telefonisch spreekuur. Vooralsnog is er een opvallend laag aantal faillissementen. In 2021 is ingezet op de speerpunten van de vijf strategische uitvoeringslijnen uit de Economische visie Haarlem waaronder een plan van aanpak om knelpunten in het bestemmingsplan Waarderpolder weg te nemen. De krapte op de arbeidsmarkt nam toe in 2021, maar tegelijk bleken kwetsbare arbeidskrachten kwetsbaarder dan ooit en werden veel zelfstandig ondernemers hard getroffen. Er is een Regionaal Mobiliteitsteam ingericht om mensen die getroffen zijn door de crisis naar ander werk te leiden in combinatie met om- en bijscholing en zijn jongeren die geen of nauwelijks recht hadden op WW actief benaderd en verder geholpen. De Verordening BIZ Waarderpolder BIZ 2022-2026 is vastgesteld en er is uitvoering gegeven aan het Convenant Waarderpolder 2021-2025. Het aantal dagbezoekers en overnachtingen in Haarlem was ook in 2021 lager dan voorheen.

De oorzaak hiervan is de coronacrisis en de maatregelen om die te beheersen. Door deze lagere aantallen was er geen sprake van een disbalans tussen toerisme en leefbaarheid. Om die voor de toekomst wel te kunnen bewaken is de Toeristische Koers vastgesteld en is de hotelaanvraagpauze verlengd tot 1 januari 2024. In 2021 is ook een belangrijke stap gezet in de versterking van het Frans Hals Museum, met een structurele subsidieverhoging en met budget voor de registratie van een deel van de collectie en de verhuizing daarvan naar een betere opslaglocatie. Vanwege het voortduren van de coronamaatregelen is samen met de provincie in 2021 opnieuw steun verleend aan enkele culturele instellingen. Ook amateurkunst-organisaties en huurders van gemeentelijke ateliers zijn ondersteund. Sociale stad De coronapandemie verliep in 2021 grillig met opnieuw veel impact op het sociale leven. In 2021 kampte Haarlem, net zoals veel gemeenten, met tekorten in het sociaal domein. De toenemende vraag naar ondersteuning werd niet gecompenseerd met middelen van het Rijk. De uitspraak van de arbitragecommissie hierover heeft geleid tot een forse extra bijdrage. Haarlem heeft, met de wijze waarop de transformatie van de inrichting van het sociaal domein is ingezet, in 2021 de tekorten kunnen beperken.

In 2021 heeft de gemeente er een aantal taken bijgekregen onder meer het vroeg signaleren van schulden in de vaste lasten. Ook kreeg de gemeente de intensieve en meerjarige taak in de hersteloperatie voor ouders die zich als gedupeerde van de kinderopvangtoeslag hebben gemeld. Voor sommige van deze ouders is de gemeente ook schuldeiser. De gemeente heeft deze schulden gepauzeerd en scheldt deze kwijt zodra de ouders erkend zijn als gedupeerde(n) van de kinderopvangtoeslagaffaire De gemeente zorgde ook in 2021 voor passende ondersteuning en zorgcontinuïteit. Aanvragen voor begeleiding zijn via het Sociaal Wijkteam opgepakt en ondersteuningsvragen kunnen zo meer opgelost worden in de sociale basis of in de directe omgeving van de inwoner. Hierbij is de samenwerking tussen wijkteam, welzijn- en zorgaanbieders versterkt en krijgen inwoners laagdrempelig ondersteuning.

Jaarverslag en Jaarrekening 2021

5

De verwachting aan het begin van de coronacrisis was een stijging van het bijstandsvolume en het aantal HaarlemPassen en een toename van geldzorgen en schulden. In 2021 hebben echter minder Haarlemmers een beroep gedaan op tijdelijke inkomensondersteuning en hebben minder mensen zich gemeld met geldzorgen en schulden dan de verwachting was. De gemeente heeft in 2021 actief ingezet op dienstverlening aan werkzoekenden en jongeren en zelfstandig ondernemers om te voorkomen dat het aantal uitkeringen oploopt na beëindiging van de rijksregelingen. In 2021 is in samenwerking met de regiogemeenten Zandvoort, Bloemendaal en Heemstede een Participatiebedrijf opgericht voor de doelgroepen die zijn aangewezen op betaald werk in een beschutte werkomgeving zoals de sociale werkvoorziening, beschut werk en begeleiding naar betaald werk voor uitkeringsgerechtigden met een grote maar overbrugbare afstand tot de arbeidsmarkt. Het nieuwe bedrijf met de naam Spaarne Werkt is gestart op 1 januari 2022. De druk op de maatschappelijke opvang voor dak- en thuislozen was ook in 2021 groot. Er zijn nog altijd onvoldoende passende vervolgvoorzieningen waardoor er lange wachtlijsten zijn voor een woonplek in doorstroomlocaties en opvang- en woonplekken voor complexe doelgroepen. Wel is gestart met de realisatie van een tussenvoorziening in het Anton Pieckhofje.

In verband met de coronamaatregelen zijn tijdelijke extra locaties voor maatschappelijke opvang ingericht en/of verlengd: het schip Aurora en Joops Hotel. In 2021 vonden Haarlemmers elkaar mede door de activiteiten vanuit het Actieprogramma Nieuwe Democratie. Zo is de gelote wijkraad in de wijk Zijweg-West geïnstalleerd en is een eerste aanzet voor een wijkagenda bijna afgerond. De winnende plannen van de democratische wijkbegroting Schalkwijk aan Zet deel 1 zijn nagenoeg gerealiseerd. De wijkcontracten Bosch en Vaart en Burgwal zijn ondertekend. Er is een nieuwe verordening op de wijkraden vastgesteld. De wijkradenconferentie, voor en door de wijkraden, is gefaciliteerd door de gemeente. Er is gewerkt aan de vraag van de Stichting het Posthuis voor de herbouw van het Posthuis in het Zaanenpark; zijn er twee initiatievencafés georganiseerd en zijn cursussen vanuit de initiatievenschool aangeboden om initiatiefnemers te faciliteren. Ook via Bestuur op Maat, het leefbaarheids- en initiatievenfonds en het coronafonds zijn er tal van initiatieven genomen en gerealiseerd door actieve Haarlemmers. Raadsbehandeling Jaarverslag en Jaarrekening 2021 Tot en met 3 mei 12.00 uur kunnen raadsleden technische vragen stellen over de jaarstukken. De ambtelijke antwoorden hierop zijn 13 mei beschikbaar.

De jaarstukken staan geagendeerd in de commissies Ontwikkeling en Samenleving op 9 juni, Beheer en Bestuur op 16 juni en in de gemeenteraad op 23 juni.

Het college van burgemeester & wethouders, 30 maart 2021

Jaarverslag en Jaarrekening 2021

6

Inhoudsopgave Aanbieding aan gemeenteraad ................................................................................................................2 Inhoudsopgave .........................................................................................................................................7 Leeswijzer .................................................................................................................................................9 1 Algemeen............................................................................................................................................ 10 1.1 Beleidsmatige resultaten op hoofdlijnen .................................................................................... 11 1.2 Financiële resultaten op hoofdlijnen........................................................................................... 14 1.3 Gevolgen van de coronacrisis ...................................................................................................... 29 1.4 Versterkers Duurzaam Doen ....................................................................................................... 37 1.5 Algemene dekkingsmiddelen ......................................................................................................

37 1.6 Taakstellingen .............................................................................................................................. 38 1.7 Investeringen ............................................................................................................................... 39 1.8 Onderzoeken vanuit verordening artikel 213a ........................................................................... 40 1.9 Interbestuurlijk toezicht .............................................................................................................. 40 2 Programmaverantwoording ............................................................................................................... 42 2.1 Cluster Sociaal ............................................................................................................................. 43 Programma 1 Maatschappelijke participatie ................................................................................ 49 Programma 2 Ondersteuning en zorg ........................................................................................... 69 Programma 3 Werk, inkomen en schulden ................................................................................... 83 2.2 Cluster Fysiek ...............................................................................................................................

97 Programma 4 Duurzame stedelijke vernieuwing ........................................................................ 105 Programma 5 Beheer en onderhoud........................................................................................... 119 2.3 Cluster Burger en bestuur ......................................................................................................... 134 Programma 6 Burger, bestuur en veiligheid ............................................................................... 139 Programma 7 Algemene dekkingsmiddelen ............................................................................... 150 2.4 Duurzaamheid ........................................................................................................................... 159 2.5 Gebiedsgerichte vertaling ......................................................................................................... 160 3 Paragrafen ........................................................................................................................................ 161 3.1 Weerstandsvermogen en risicobeheersing ............................................................................... 162 3.2 Lokale heffingen ........................................................................................................................

173 3.3 Onderhoud kapitaalgoederen ................................................................................................... 188

Jaarverslag en Jaarrekening 2021

7

3.4 Financiering ............................................................................................................................... 194 3.5 Bedrijfsvoering .......................................................................................................................... 200 3.6 Verbonden partijen en subsidies............................................................................................... 208 3.7 Grondbeleid ............................................................................................................................... 232 4 Jaarrekening ..................................................................................................................................... 241 4.1 Balans ........................................................................................................................................ 242 4.2 Overzicht baten en lasten.......................................................................................................... 244 4.3 Toelichting op de jaarrekening .................................................................................................. 247 4.4 Incidentele baten en lasten .......................................................................................................

270 4.5 Reserves en voorzieningen ........................................................................................................ 273 4.6 Pilot rechtmatigheidsverantwoording ...................................................................................... 277 4.7 Kadernota rechtmatigheid ........................................................................................................ 278 4.8 Single informatie/single audit ................................................................................................... 282 4.9 Taakvelden ................................................................................................................................ 287 4.10 Controleverklaring van de onafhankelijke accountant ........................................................... 288 5 Besluit ............................................................................................................................................... 289 5.1 Besluit ........................................................................................................................................ 290 6 Bijlagen .............................................................................................................................................

291 6.1 Kerngegevens ............................................................................................................................ 292 6.2 Benchmarkindicatoren BZK ....................................................................................................... 295 6.3 Samenstelling bestuur ............................................................................................................... 310 6.4 Overzicht personeel................................................................................................................... 312 6.5 Analyse en toelichting per beleidsveld...................................................................................... 314 6.6 Investeringskredieten ................................................................................................................ 341 6.7 Overzicht verworven subsidies.................................................................................................. 347 6.8 Overzicht WOB verzoeken en ingediende bezwaren ................................................................ 349 6.9 Productenrealisatie ................................................................................................................... 353 6.10 Financiële risico's > € 50.000 ...................................................................................................

368 6.11 Lijst van aan- en verkopen gemeente ..................................................................................... 375

Jaarverslag en Jaarrekening 2021

8

Leeswijzer Het jaarverslag en de jaarrekening volgen de opzet van de programmabegroting van het jaar waar deze betrekking op hebben. Net als voorgaand jaar zijn de uitkomsten van de raadsconferentie 'de begroting ont(k)leed' (2019/204237) verwerkt in deze jaarstukken. De uitkomsten van de werkconferentie over indicatoren (2020/1186527) zijn opgenomen in de Programmabegroting 2022 en dus nog niet opgenomen in dit jaarverslag. Het Jaarverslag en Jaarrekening 2021 is als volgt opgebouwd. • • • • • •

In deel 1 wordt ingegaan op het resultaat op hoofdlijnen. Deel 2 is de programmaverantwoording. Dit is onderverdeeld in drie clusters: Sociaal, Fysiek en Burger en bestuur. In de overkoepelende teksten wordt het hoofdresultaat van het cluster beschreven. In de onderliggende zeven programma’s wordt daar dieper op ingegaan. In deel 3 zijn de wettelijk voorgeschreven paragrafen opgenomen. Dit geeft een dwarsdoorsnede van de jaarrekening vanuit een bepaald perspectief, zoals risico’s, financiering, kapitaalgoederen, bedrijfsvoering en grondbeleid. Deel 4 bevat de jaarrekening, balans en toelichting hierop. Deel 5 bevat het besluit tot vaststellen van het Jaarverslag en Jaarrekening 2021. Deel 6 bevat de bijlagen. Deze zijn alleen digitaal te raadplegen. De bijlagen bestaan onder andere uit kerngegevens, samenstelling bestuur en personele informatie.

Alle in de financiële tabellen vermelden bedragen zijn maal € 1.000, tenzij anders vermeld. Digitaal jaarverslag en jaarrekening Naast de papieren versie is er een digitale versie (pdf) van het Jaarverslag en Jaarrekening 2021 beschikbaar op de website. De begrippenlijst en afkortingenlijst is opgenomen in een online Lexicon. Nieuw in dit jaarverslag Op basis van de toezegging gedaan in het document ‘reactie college onderzoek Duisenberg Light bij jaarstukken 2018 en 2019’ (2021/24160) zijn in het jaarverslag de begrote en gerealiseerde bedragen per programma en beleidsveld toegevoegd aan de doelenbomen. Deze bedragen zijn aangegeven met een B voor begrote en R voor gerealiseerd. Hiervoor is gebruik gemaakt van de saldi exclusief reservemutaties, zoals ook weergegeven in de tabellen ‘financiën per programma’ aan het einde van ieder programma. Daarnaast zijn de aantallen medewerkers in dienst bij overheids N.V.’s zijn toegevoegd aan de bijlage personeel. Dit betreft een toezegging op basis van een Duisenberg-aanbeveling. Verder is bij de behandeling van de jaarstukken 2020 gevraagd om meer inzicht in de aansluiting tussen de primaire begroting en de jaarrekening. Aan het einde van ieder hoofdstuk zijn tabellen opgenomen waarin de mutaties tussen primaire begroting en jaarrekening zichtbaar gemaakt zijn. Tevens is in bijlage 6.5 een totaaloverzicht opgenomen.

Jaarverslag en Jaarrekening 2021

9

1 Algemeen

Jaarverslag en Jaarrekening 2021

10

1.1 Beleidsmatige resultaten op hoofdlijnen 1.1.1 Inleiding De gemeenteraad heeft zeven programma's (resultaatgebieden) vastgesteld om op hoofdlijnen te sturen, kaders te stellen en verantwoording af te leggen. Bij elk programma staat aangegeven welk maatschappelijk effect wordt nagestreefd met het programma. De programma's zijn onderverdeeld in meerdere beleidsvelden, waarbinnen de doelstellingen en prestaties zijn benoemd. Jaarverslag en Jaarrekening 2021 is een verantwoording wat de gemeente gerealiseerd heeft van wat zij in de Programmabegroting 2021 heeft aangekondigd. De begroting is opgesteld vanuit het coalitieprogramma Duurzaam Doen! 2018-2022. Dit coalitieprogramma vormde dus de basis voor de prestaties en doelstellingen die in dit jaarverslag worden verantwoord. Belangrijke onderdelen per programma zijn: 1. In de inleidende tekst wordt de programmadoelstelling (missie) benoemd en aangegeven in hoeverre de programmadoelstelling is bereikt. Daarbij wordt ook aandacht besteed aan de samenhang tussen de programmadoelstelling, de bereikte doelen en de verrichte prestaties. 2. Een systematische verantwoording over de drie zogenaamde W-vragen: - Wat hebben we bereikt in 2021 (doelen)? - Wat hebben we gedaan in 2021 (prestaties)? - Wat heeft het gekost in 2021? De beantwoording van de eerste twee W-vragen wordt vormgegeven via vier categorieën.

De aan deze categorieën gekoppelde kleuren hebben de volgende betekenis: : doel of prestatie is volledig gerealiseerd; : doel of prestatie is grotendeels gerealiseerd. Het kan ook zijn dat een doel of prestatie volledig is gerealiseerd, maar dat het meer heeft gekost, het niet binnen de tijd is gebeurd of dat gerelateerde doelen of prestaties niet zijn gerealiseerd, waardoor volledige realisatie te stellig is; : doel of prestatie is gedeeltelijk gerealiseerd; : doel of prestatie is niet gerealiseerd. Externe factoren Het bereiken van de beoogde maatschappelijke effecten wordt overigens niet volledig door de gemeente zelf bepaald. De maatschappelijke effecten worden vaak mede beïnvloed door verschillende andere factoren, zowel in positieve als in negatieve zin. Regionale, landelijke en zelfs mondiale ontwikkelingen, die buiten de invloed van de gemeente liggen, spelen daarbij een rol. Het is lastig aan te geven hoe groot de invloed van die maatschappelijke ontwikkelingen is. Als externe factoren van invloed zijn geweest op het bereiken van de beoogde maatschappelijke effecten, wordt dat in de programmateksten vermeld. Invloed Coronavirus Corona en de maatregelen die genomen worden om het virus in te dammen zorgen voor een complexe situatie. De coronacrisis heeft economische, sociaal-maatschappelijke en financiële impact op gemeenten.

Ook bij de effect- en prestatie-indicatoren in dit jaarverslag zal corona mogelijk een rol hebben gespeeld. Wanneer er een vermoedelijk effect is van corona zal hier melding van worden gemaakt. De gemeente Haarlem houdt in een separaat stuk de impact van de coronapandemie op de Haarlemse samenleving bij (Corona Impact Monitor).

Jaarverslag en Jaarrekening 2021

11

Samen met de stad Veel van de prestaties die bijdragen aan de beleidsdoelen van de gemeente Haarlem worden niet door de gemeente zelf verricht, maar door partners in de stad, zoals woningcorporaties en gesubsidieerde instellingen. De gemeente heeft in dat geval meer een regisserende taak en voorwaardenstellende rol en levert de prestaties niet zelf. Als de gemeente samenwerkt met partners in de stad voor het bereiken van doelen en prestaties, wordt dat in de programmateksten vermeld. Indicatoren Er wordt systematisch verantwoording afgelegd over de effect- en prestatie-indicatoren (inclusief streefwaarden) die waren opgenomen in de Programmabegroting 2021. Het streven is om indicatoren zo veel mogelijk te voorzien van de meest recente realisatiewaarden. In een aantal gevallen is dit niet haalbaar, omdat realisatiecijfers (voor 2021) bij het opstellen van het jaarverslag nog niet beschikbaar zijn. Dit is vooral van toepassing op indicatoren waarbij gebruik gemaakt wordt van een externe, niet gemeentelijke, bron. Een aantal van deze indicatoren is bijvoorbeeld afkomstig van partners van de gemeente. De gemeente werkt immers steeds meer samen met externe partners. Zij hebben vaak een eigen informatie- en verantwoordingscyclus waarbij de onderbouwing met indicatoren een afwijkende planning heeft.

Voor andere indicatoren geldt dat waarden afkomstig zijn uit een ‘landelijk’ onderzoek, registratie of statistiek waarbij bij het opstellen van het jaarverslag (nog) geen cijfer voor 2021 is gepubliceerd. Dit geldt met name ook voor de 29 vanuit de BBV (Besluit Begroting en Verantwoording provincies en gemeenten) verplichte indicatoren. Deze worden vanaf 2017 opgenomen in de programma's daar waar zij het meest aansluiten bij de Haarlemse doelen en prestaties. Aan de markering 'BZK' (naar het ministerie dat de set BBV indicatoren heeft opgesteld) is te herkennen dat het een verplichte indicator is van het ministerie. Naast de originele bron waar het cijfer uit voortkomt, is een digitale link opgenomen naar het platform 'waar staat je gemeente' van de VNG. Hier zijn alle landelijk verplichte indicatoren te raadplegen. Via het dashboard BBV en de onderliggende database kunnen online allerlei vergelijkingen worden gemaakt met andere gemeenten of landelijke cijfers. De belangrijkste vergelijkingen zijn daarnaast ook opgenomen in bijlage 6.2 Benchmarkindicatoren BZK. Voor vijf verplichte indicatoren geldt dat ze niet vergeleken kunnen worden met andere gemeenten omdat deze gegevens uit eigen gemeentelijke registraties afkomstig zijn en niet op het dashboard worden gepubliceerd. Daarom hebben deze indicatoren geen link.

De BZK indicatoren worden met regelmaat geactualiseerd, aangevuld, aangepast of met terugwerkende kracht gecorrigeerd. Het is dus mogelijk dat deze indicatoren in dit jaarverslag afwijken van de actuele situatie op het dashboard. In dit jaarverslag zijn de indicatoren opgenomen, zoals deze op 1 maart 2021 op het dashboard zijn gepubliceerd. In dit jaarverslag zijn alleen jaarcijfers opgenomen, terwijl op het dashboard soms ook halfjaarcijfers worden gepubliceerd. Doordat in het jaarverslag links worden opgenomen naar waarstaatjegemeente.nl kunnen ook na publicatie van het definitieve jaarverslag langs deze weg altijd de meest recente, beschikbare cijfers worden opgezocht. Derde W-vraag over kosten Bij de beantwoording van de derde W-vraag (Wat heeft het gekost?) worden de financiële afwijkingen tussen de begroting na wijziging en de werkelijke uitkomsten geanalyseerd. Omdat de totale omvang van de gemeentebegroting ruim € 600 miljoen bedraagt, is afgesproken in de Financiële verordening 212 (2016/593253) dat alleen afwijkingen van meer dan € 100.000 op beleidsvelden kort worden toegelicht. Per programma worden de toevoegingen en onttrekkingen aan reserves vermeld.

Jaarverslag en Jaarrekening 2021

12

Naast de aan de raad aangeboden papieren versie van het jaarverslag en de jaarrekening is deze als pdf-bestand ook beschikbaar via de website van de gemeente. Vanuit de pdf kan via een link de achterliggende informatie (beleidsnota's, visie documenten, websites, etc.) worden geraadpleegd.

1.1.2 Realisatie doelen en prestaties In de Programmabegroting 2021-2025 zijn 47 doelen geformuleerd en 73 prestaties om deze doelen te bereiken. Onderstaande grafiek geeft een overzicht van de realisatie van alle doelen en prestaties van de gemeente.

Onderstaande twee grafieken geven een beeld van de realisatie van doelen per programma en de prestaties per programma. In deel 2 vindt u per programma een gedetailleerde uitleg per doel en per prestatie terug.

Jaarverslag en Jaarrekening 2021

13

1.2 Financiële resultaten op hoofdlijnen Algemeen In dit hoofdstuk staan de uitkomsten van de jaarrekening op hoofdlijnen. Het hoofdstuk gaat in op de belangrijkste afwijkingen op de Programmabegroting 2021-2025. Ook staat in dit hoofdstuk een toelichting op de ontwikkeling van de algemene reserves. Een uitgebreide opsomming van afwijkingen van de vastgestelde begroting staat vermeld bij de verantwoording van de programma’s bij het onderdeel 'Wat heeft het gekost?' en bij de Analyse en toelichting per beleidsveld in bijlage 6.5. Het budgetbeheer en de rechtmatigheid van de bestede middelen wordt uitgelegd in paragraaf 4.7 Kadernota rechtmatigheid.

Analyse uitkomsten jaarrekening Gedurende het begrotingsjaar 2021 is de begroting bijgesteld. De opbouw van het begrotingssaldo kan als volgt worden samengevat:

Opbouw begrotingssaldo 2021 Programmabegroting 2021 (uitkomst meerjarenraming) Aanvullende voorstellen Programmabegroting 2021-2025

7.036 n -8.616 v

Bestuursrapportage 2020 (structurele doorwerking)

1.441 n

Programmabegroting 2021 incl. Bestuursrapportage 2020 en aanvullende voorstellen

-139 v

Voortgangsrapportage 2021 wijzigingen

1.661 n

Begrotingsuitkomst na Voortgangsrapportage 2021

1.522 n

Raadsbesluit Versterkers Duurzaam doen: - Bestedingsvoorstel 2021

1.415 n

- Budgetoverheveling 2021 naar 2022-2023

4.500 n

Bestuursrapportage 2021 wijzigingen

-12.184 v

Begrotingsuitkomst na Bestuursrapportage 2021

-4.747 v

Jaarverslag en Jaarrekening 2021

14

Bij de vaststelling van de Begroting 2021 heeft het college een sluitende begroting aangeboden. Na de verwerking van de Financiële voortgangsrapportage 2021 was sprake van een negatief saldo van € 1,5 miljoen. Bij de Bestuursrapportage 2021 werd een positief begrotingssaldo van € 4,7 miljoen verwacht. Het resultaat in de Jaarrekening 2021 is € 32,1 miljoen voordelig. Onderstaande tabel geeft de verschillen in de jaarrekening ten opzichte van de begroting per programma weer. Nr.

Programma (inclusief reserves)

1 2 3 4 5 6 7

Maatschappelijke participatie Ondersteuning en Zorg Werk, Inkomen en Schulden Duurz. Stedelijke Vernieuwing Beheer en Onderhoud Burger, Bestuur en Veiligheid Alg. Dekkingsmiddelen&Overhead Totaal

Saldo begroting Saldo rekening 2021 na wijz. 2021 61.690 132.823 38.175 46.458 27.223 35.682 -346.798

60.769 130.973 32.110 42.022 25.402 32.732 -356.102

Verschil begroting vs rekening 2021 -921 v -1.850 v -6.065 v -4.436 v -1.821 v -2.950 v -9.304 v

-4.747

-32.094

-27.346 v

Belangrijke financiële afwijkingen Het volgende overzicht laat de belangrijkste financiële afwijkingen zien van de Jaarrekening 2021 ten opzichte van de bijgestelde Begroting 2021 (het betreft primair financiële afwijkingen groter dan € 250.000). Indien een afwijking in lasten gecorrigeerd wordt door een evenredige afwijking in de baten, dan zijn die afwijkingen buiten beschouwing gelaten (budgettair-neutraal). De genoemde afwijkingen zijn divers van aard. De afwijkingen groter dan € 250.000 worden hieronder toegelicht. De verklaring voor de overige afwijking zijn te vinden op de website binnen de programmaverantwoording in het onderdeel 'Wat heeft het gekost?'. De verklaring voor de overige afwijkingen zijn te vinden in bijlage 6.5 Analyse en toelichting per beleidsveld. Analyse definitieve begroting - rekening Begrotingssaldo na wijzigingen 2021 Afwijkingen realisatie 2021 1.2 Sociale basis Er resteert programmabudget op het programma Transformatie sociaal domein aangezien de gereserveerde middelen voor het inkooptraject Jeugd en Wmo gedekt konden worden uit het regionale budget. Ook zijn personeelskosten voor databeheer gedekt uit de reguliere personeelsbegroting. 1.2 Sociale basis Voordeel heeft betrekking op de uit 2020 teruggevorderde subsidies.

2.1 Voorzieningen De groei van het aantal cliënten dat gebruik maakt van huishoudelijke volwassenen ondersteuning minder hard gestegen dan verwacht bij de Bestuursrapportage 2021 (11% verwacht versus 8% werkelijk) hierdoor ontstaat een voordeel van € 551.000 2.1 Voorzieningen De meerkosten voor Wmo die bij de Bestuursrapportage 2021 zijn gemeld volwassenen (€ 480.000) vallen lager uit waardoor een deel van het budget resteert. 2.1 Voorzieningen Bij de Bestuursrapportage 2021 is reeds een voordeel gemeld op de volwassenen woonvoorzieningen van € 450.000 vanwege lagere kosten in de eerste helft 2021 (waarschijnlijk door minder meldingen door corona). Deze ontwikkeling heeft zich ook in de tweede helft van 2021 voortgezet waardoor een voordeel van € 471.000 ontstaat.

Jaarverslag en Jaarrekening 2021

-4.747 v

-255 v

-281 v -551 v -263 v -471 v

15

Analyse definitieve begroting - rekening 2.2 Voorzieningen jeugd Door het oplossen van problemen met de wachtlijst jeugdhulp, een stijging in het aantal cliënten en extra kosten bij aanbieders of voor productengroep waarvoor geen budgetplafond geldt (door openeinde-regeling) zijn de kosten voor maatwerkvoorzieningen jeugd aanzienlijk toegenomen. Op 30 november is daarom een raadsinformatiebrief uitgegaan (2021/629770) waarin de verwachtte overschrijding is gemeld. 2.3 Opvang, wonen en Op de budgetten van beschermd wonen blijft in totaal € 1.3 miljoen over. Dit herstel voordeel ontstaat doordat de uitstroom naar de Wet Langdurige Zorg per 1-12021 langer doorzette dan verwacht bij de Bestuursrapportage 2021 (€ 802.000) en doordat de bestedingen op de PGB's lager uitvielen op basis van de bestedingsbrief (30/12/2021) van de Sociale Verzekeringsbank (SVB) (€ 500.000). De kosten voor maatschappelijke opvang vielen daarentegen juist hoger uit door extra hotelkosten als gevolg van de ontmanteling van de Aurora corona-opvang (€ 444.000). Na de hogere dotatie aan reserve opvang, wonen en herstel (€ 927.000) resteert een nadeel van € 69.000. 3.1 Werk

Extra middelen vanuit het Rijk voor o.a. WSW (€ 290.000), re-integratie (€ 633.000) hoefden in 2021 niet te worden ingezet omdat de groei in het aantal uitkeringsgerechtigden zich niet voor heeft gedaan. Daarnaast zijn middelen ontvangen voor de regionale arbeidsmarkt (€ 2,3 miljoen) deze middelen zijn meerjarig ontvangen. Er wordt een voorstel gedaan om een reserve in te stellen bij de Kadernota 2023 om de middelen meerjarig voor dit doel te reserveren. 3.2 Inkomen In praktijk is er minder gebruik gemaakt van de TONK regeling dan dat er middelen vanuit het rijk zijn verstrekt. 3.3 Schulden Vanuit het Rijk zijn middelen ontvangen ter dekking van de kosten die de komende jaren gemaakt moeten worden in de Kinderopvangtoeslag-affaire. 4.1 Duurzame stedelijke In 2021 is de verkoop Slachthuisbuurt Zuidstrook Blok II gerealiseerd dit levert ontwikkeling een voordeel op van € 2,5 miljoen. 4.1 Duurzame stedelijke Vanuit het Rijk zijn in 2021 bedragen ontvangen voor de Regeling Reductie ontwikkeling Energiegebruik woningen en voor de warmtetransitie (€ 260.000). Er is gestart met de voorbereiding om de bijbehorende activiteiten uit te voeren, de daadwerkelijke uitvoering zal in 2022 plaatsvinden. Door de coronamaatregelen zijn projecten achtergebleven waardoor duurzaamheidsadvies en diverse acties voor bewoners en ondernemers (€ 110.000) in 2021 niet tot besteding zijn gekomen.

Er wordt daarom een voorstel voor resultaatbestemming gedaan. 4.2 Economie, toerisme en De middelen voor registratie en uithuizing Baars Frans Hals Museum depot zijn cultuur nog niet uitgegeven. 4.2 Economie, toerisme en cultuur In verband met corona zijn veel (culturele) evenementen niet doorgegaan door lockdowns. 5.1 Openbare orde en Door lager dan geraamde coronakosten voor afvalinzameling en hogere mobiliteit inkomsten op verpakkingen en herbruikbaar afval ontstaat een voordeel van € 1,2 miljoen. 5.2 Parkeren Doordat subsidie aan buurtfietsen en realisatie van een nieuwe buurtfietsenstalling nog niet hebben plaatsgevonden resteren er middelen op dit budget. 5.2 Parkeren Door de lockdown aan het einde van het jaar ontstond een extra nadeel van € 1,1 miljoen op de parkeerbaten. 6.2 Gemeentelijk bestuur Door de stijging van de rekenrente hoeft minder vermogen te worden aangehouden in de voorziening pensioenverplichtingen. 6.3 Openbare orde en De bouwleges vallen hoger uit vanwege enkele grote bouwaanvragen. veiligheid 6.3 Openbare orde en Nadeel op de baten sociale veiligheid doordat lagere baten zijn ontvangen vanuit veiligheid het Rijk voor extra handhaving van de coronamaatregelen.

7.1 Lokale belastingen en Een combinatie van hogere belastinginkomsten, minder bezwaren en het treffen heffingen van terugbetalingsregelingen met debiteuren leiden tot een voordeel van € 870.000 Jaarverslag en Jaarrekening 2021

635 n

261 n

-3.205 v

-562 v -458 v -2.500 v -370 v

-250 v -299 v

-1.170 v

-430 v

1.118 n -533 v -251 v 297 n -870 v

16

Analyse definitieve begroting - rekening 7.2 Algemene middelen De extra baten uit de Septembercirculaire 2021 en Decembercirculaire 2021 (€ 10,9) miljoen konden niet meer worden geraamd. Anderzijds mag de verwachte inkomstenderving inzake corona vanuit het Rijk nog niet verwerkt worden in de jaarrekening (nadeel € 5,4 miljoen). Tesamen met een voordeel uit overige actualisaties (€ 312.000) van het Rijk betreft het voordeel € 5,8 miljoen. 7.2 Algemene middelen Het niet gebruiken van reserveringen en de lagere vennootschapsbelasting als gevolg van lagere parkeerbaten leveren samen een voordeel op van € 1,1 miljoen 7.3 Overhead Als gevolg van de coronacrisis vallen de kosten voor opleidingen, organisatieontwikkeling, reiskosten en kantoorartikelen en -machines lager uit. Dit levert een voordeel op van € 1,7 miljoen. Voordeel voortvloeiend vanuit het advies van de geschillencommissie over de 7.3 Overhead efficiencykorting Haarlem - Zandvoort 7.3 Overhead Nadeel als gevolg van de nieuwe CAO Diverse beleidsvelden Op verschillende beleidsvelden is een voordeel op de personeelslasten ontstaan als gevolg van krapte op de arbeidsmarkt waardoor het lastiger was om personeel aan te trekken en vacatures langer open bleven staan. In sommige gevallen is dit opgevangen met extra ingehuurd personeel waardoor deze lasten hoger uitvallen.

Diverse beleidsvelden Naast de specifieke coronagerelateerde voordelen (lagere afvalinzamelingskosten) en nadelen (lagere parkeerbaten) zijn er ook verschillende specifieke kleinere coronagerelateerde posten zoals resterende budgetten door evenementen die niet plaatsvonden, lagere zorgvragen, extra rijksmiddelen die (nog) niet zijn uitgegeven etc. Tesamen levert dit een voordeel op van ongeveer € 1,3 miljoen. Overige mutaties Overige verschillen <100.000 Rekeningsaldo 2021

-5.815 v

-1.128 v -1.751 v

-264 v 1.530 n -2.726 v

-1.328 v

-5.457 v -32.094 v

Ontwikkelingen van de algemene reserve in 2021 De algemene reserve dient als buffer voor het opvangen van uitgaven die incidenteel en onvoorzien, maar wel noodzakelijk zijn. In paragraaf 3.1 Weerstandsvermogen en risicobeheersing wordt hier nader op ingegaan.

Algemene reserve De algemene reserve is in 2021 met € 3,6 miljoen toegenomen. De oorzaak hiervan is: • Dotaties door genomen besluiten van totaal 5,7 miljoen; Voornaamste dotaties betreffen het jaarrekeningresultaat 2020 (€ 4,9 miljoen), de compensatie voor de inkomstenderving als gevolg van de coronacrisis vanuit het Rijk (€ 2,3 miljoen), de voormalige reserve Sociaal domein (€ 1,3 miljoen) en de middelen voor Jeugdzorg uit de Meicirculaire 2021 (€ 1 miljoen). • Onttrekkingen door genomen besluiten van totaal € 7 miljoen. Belangrijkste onttrekkingen vormen het saldo van de meerjarenbegroting (€ 3,9 miljoen) en de voorstellen rekeningresultaat 2020 (€ 2,4 miljoen). Op basis van wat nu bekend is, is hieronder de verwachte ontwikkeling van de algemene reserve voor de komende jaren weergegeven:

Jaarverslag en Jaarrekening 2021

17

Algemene reserve

2021

2022

2023

2024

2025

2026

Stand per 1-1 -30.578 v -34.210 v -36.224 v -36.847 v -36.847 v -36.847 v Saldi meerjarenbegroting -2.691 v -1.146 v Voormalig reserve Sociaal domein -1.303 v Vrijval urban agenda -110 v Uitkering aan regio vanuit reserve Opvang, -911 v Wonen & Herstel Jeugdzorg Meicirculaire 2021, beklemd t.g.v. AR -1.044 v Corona compensatie inkomstenderving 2020 -2.300 v Resultaat Jaarrekening 2020* -4.991 v Extra middelen jeugd -6.000 v (Voorgenomen) dotaties Saldi meerjarenbegroting Diverse voorstellen t.l.v. rekeningresultaat 2020 Bestemming resultaat 2018 (Kadernota 2019) Versterking inkoopfunctie Mantelzorgcompliment (amendement) Terugdraaien onttrekking reserve Vastgoed Voormalig reserve Sociaal domein (Voorgenomen) onttrekkingen Stand per 31-12

-10.660 v

-8.691 v

3.898 2.359 521 50 200

5.000 n

n n n n n

-1.146 v

50 n

50 n

1.000 n 627 n

473 n

0 v

0 v

0 v

7.028 n 6.677 n 523 n 0 n 0 n 0 n -34.210 v -36.224 v -36.847 v -36.847 v -36.847 v -36.847 v

* Resultaat jaarrekening 2020: -5.911 v + 920 n t.g.v. reserve Steunmaatregelen Corona is -4.991 v

Ontwikkelingen sociaal domein Financiële verantwoording 2021 Corona heeft ook in 2021 aanzienlijke impact op het zorggebruik gehad. Over de hele linie zijn aanbieders er in geslaagd waar nodig zorg op alternatieve manieren aan te bieden. Er is geen specifieke steun (in de vorm van omzetgaranties) meer geboden, dit in tegenstelling tot 2020. Alleen de aanbieders voor het doelgroepenvervoer zijn nog gedeeltelijk voor omzetverliezen gecompenseerd. Aanbieders hebben een kleine vergoeding gehad voor het voldoen aan de RIVMrichtlijnen (Haarlem is hiervoor ook door het Rijk gecompenseerd). Zowel bij de Wmo als Jeugd is er nog steeds sprake van een toename van zorgvraag. Een groei die, zeker bij de Wmo, wel iets lijkt af te nemen ten opzichte van de eerdere verwachtingen. Onduidelijk en onzeker is in hoeverre er sprake is van uitgestelde zorg(vraag) en dus mogelijk extra groei in de komende periode. Om een goed beeld van de financiële effecten van die groei te krijgen en afgewogen keuzes te kunnen maken is in 2020 door middel van een trendanalyse en een aantal scenario’s de kostenontwikkeling Jeugd en Wmo voor de jaren 2020 en verder in beeld gebracht. Voor zowel Jeugd als Wmo was in alle scenario’s sprake van een toename van de uitgaven, voor een belangrijk deel veroorzaakt door volumegroei. In de Kadernota 2022 is de raming voor het lopende jaar geactualiseerd.

Ten opzichte van de begroting werd voor de uitgaven Wmo een klein voordeel van € 630.000 verwacht. Bij Jeugd is het budget met € 870.000 naar boven bijgesteld, met name doordat de bestaande taakstelling via de budgetplafonds niet gerealiseerd kon worden. Voor de Bestuursrapportage 2021 is een nieuwe prognose van de verwachte uitgaven gemaakt. Daaruit bleek dat de volumegroei Wmo zich beperkter voordeed dan verwacht. Jaarverslag en Jaarrekening 2021

18

De coronamaatregelen zijn hier een belangrijke oorzaak van. De begroting Wmo werd met € 3,7 miljoen naar beneden bijgesteld. De uitgaven Jeugd liepen nagenoeg gelijk met de begroting. Eind november 2021 is nog een actuele raming Jeugd met de gemeenteraad gedeeld (RIB: Financiële middelen Jeugdhulp, 2021/629770). De verwachting was toen dat de uitgaven voor jeugdhulp met een bedrag van € 500.000 tot € 1.000.000 hoger zouden zijn dat de (bijgestelde) begroting. Tevens was toen al duidelijk dat de baten, als gevolg van de extra middelen uit de Septembercirculaire 2021 bijna € 500.000 hoger zijn. Per saldo werd daarmee een nadeel van € 0 tot € 500.000 verwacht. Uit de Jaarrekening 2021 komt voor de Wmo nu het onderstaande beeld naar voren. Ten opzichte van de Bestuursrapportage 2021 is er op de uitgaven Wmo een voordeel van € 1,3 miljoen. Een voordeel dat genuanceerd is, immers de Begroting 2021 is met € 8,9 miljoen naar boven bijgesteld. Ten opzichte van dat nadeel is er in de Bestuursrapportage 2021 een voordeel van € 3,1 miljoen gemeld en in deze Jaarrekening nog eens € 1,3 miljoen, in totaal € 4,4 miljoen. De werkelijke uitgaven liggen daarmee dus nog altijd circa € 4,5 miljoen hoger. Hogere uitgaven die voor het grootste deel het gevolg zijn van volumegroei.

En daarbij komt dat de meevallers in 2021 grotendeels incidenteel zijn én er sprake lijkt te zijn van uitgestelde vraag. Een einde aan de groei en dus structureel lagere uitgaven is dus nog niet in zicht. Onderwerp Dagopvang: In de Bestuursrapportage 2021 is het budget naar beneden bijgesteld, omdat er over de eerste maanden van 2021 sprake was van een daling van het aantal cliënten. In de laatste maanden van 2021 is het aantal cliënten echter gestegen met ongeveer 3%. Een belangrijke reden voor de toename is een grotere groep complexe cliënten voor wie doorstroommogelijkheden naar een andere voorziening (buiten de Wmo) momenteel niet beschikbaar is vanwege de corona-crisis en daardoor (langer) gebruik maken van een Dagopvang voorziening. Inclusief de zorg verstrekt via persoonsgebonden budgetten (pgb’s), heeft dit geleid tot een overschrijding van circa. € 140.000. Ambulante begeleiding: Voor ambulante begeleiding is het budget bij de Bestuursrapportage 2021 naar beneden bijgesteld, omdat er over de eerste maanden van 2021 sprake was van een minder harde groei van het aantal cliënten. In de laatste maanden van 2021 is dit nagenoeg gelijk gebleven, maar is wel het gemiddelde factuurbedrag per cliënt licht gedaald. Hierdoor resteert er - samen met de zorg verstrekt via pgb’s - over 2021 € 170.000 van deze budgetten.

Huishoudelijke Ondersteuning: De verwachte groei van het aantal cliënten is minder groot dan verwacht (8% realisatie vs. 11% verwacht). De kosten per client zijn wel toegenomen. Inclusief de zorg verstrekt via pgb’s resteert per saldo een voordeel van € 550.000. Er is geen eenduidige oorzaak voor de afnemende groei, uitgestelde vraag als gevolg van corona speelt zeker een rol maar ook de personele krapte (o.a. door ziekteverzuim) bij aanbieders is ook een mogelijke oorzaak. Meerkosten corona: Zorgaanbieders kunnen ook in 2021 de kosten die gemaakt worden om te voldoen aan de RIVM-richtlijnen declareren. Er is door de zorgaanbieders ongeveer € 150.000 gedeclareerd waardoor er een incidentele meevaller is van € 260.000. Woonvoorzieningen: In de Bestuursrapportage 2021 bleek al dat de uitgaven voor woonvoorzieningen flink lager waren. De begroting is met € 450.000 naar beneden bijgesteld. Ook in de tweede helft van 2021 heeft de daling zich verder doorgezet, vooralsnog is de verwachting dat deze daling incidenteel is doordat er vanwege corona minder aanvragen zijn gedaan. Daarnaast heeft de aanbesteding Woonvoorzieningen, waarin lagere tarieven zijn afgesproken voor een groot deel van de woningaanpassingen, een voordelig effect gehad in de tweede helft van 2021. Totaal

Bedrag 140

n

-170

v

-550

v

-260

v

-470

v

-1.310

v

Over 2021 zijn de uitgaven Jeugd ongeveer € 400.000 hoger dan begroot, een bedrag dat binnen de bandbreedte ligt die eind november met de gemeenteraad is gedeeld. De toegenomen complexiteit

Jaarverslag en Jaarrekening 2021

19

en daardoor hogere zorgkosten per client zijn de belangrijkste oorzaak. De toename van het aantal cliënten in zorg is beperkt gebleven, corona is hiervoor een belangrijke verklaring. In de September- en Decembercirculaire van het Rijk zijn eenmalig extra middelen voor Jeugd opgenomen. Deze middelen waren ook bedoeld voor het wegwerken van wachtlijsten en zijn ook die manier ingezet. Wel is duidelijk dat de meevallers in 2021 grotendeels incidenteel zijn én er sprake lijkt te zijn van uitgestelde vraag. Een einde aan de groei en dus structureel lagere uitgaven is nog niet in zicht. Het strikt toepassen van de budgetplafonds is in 2021 effectief gebleken om uitgaven per aanbieder te beheersen en zicht te houden op de verwachte uitgaven tot einde jaar, maar de werking kent ook beperkingen. Daar waar aanbieders in de buurt van hun plafond komen, ontstaan langere wachttijden en is extra inzet nodig om toch zorg voor deze cliënten te bieden. Kostenbeheersing bij de gecontracteerde aanbieders aan de ene kant leidt in enkele gevallen tot een kostenstijging elders, omdat sommige zorg altijd geleverd moet worden. Daarnaast vraagt het beheersen van alle plafonds bij alle verschillende aanbieders forse inzet bij gemeente en aanbieders. Ook is er sprake van een toename van de zorgkosten bij vrijgevestigden en de landelijk ingekochte zorg (landelijke transitie-arrangementen).

En op die zorgvormen zijn contractueel geen budgetplafonds mogelijk. Onderwerp Bedrag Maatwerkvoorzieningen Jeugdhulp: 425 n Met de raadsinformatiebrief van 30 november 2021 (nummer: 629770) is de raad geïnformeerd over een aantal ontwikkelingen binnen het jeugdbudget en is de verwachtte overschrijding van de lasten van € 500.000 tot een € 1 miljoen ten opzichte van de bijgestelde begroting benoemd. Nu 2021 is afgesloten is er een nadelig resultaat van € 425.000 (€ 635.000 nadeel zorg in natura en € 210.000 voordeel Pgb's). De toename van de uitgaven heeft een aantal oorzaken. In 2021 is een aantal knelpunten op de wachtlijst voor jeugdhulp opgelost, 48 kinderen op de wachtlijst zijn geholpen, dit heeft geleid tot extra uitgaven van € 350.000. Er is een stijging in het aantal cliënten en de kosten bij zorgaanbieders of productgroepen waar geen budgetplafond of limiet ingesteld kan worden (open einde regeling). Bij de landelijke transitie arrangementen zien we een groei van 12% in cliënten aantallen, maar een kostengroei van 245%. Tenslotte is de omzet van de vrijgevestigden significant gegroeid ten opzichte van 2020, ook hier is geen contractuele mogelijkheid tot het instellen van budgetplafonds. Ten opzichte van dit nadelig resultaat staan nog baten vanuit de Septembercirculaire en Decembercirculaire van € 640.000.

Extra middelen vooral bedoeld voor het snel wegwerken van we wachtlijsten. Daarnaast is nog compensatie voor de meerkosten corona (Wmo en Jeugd) ontvangen. Deze baten zijn niet verwerkt in de Begroting 2021. Deze middelen hebben wel samenhang met de overschrijding op de lasten; met inbegrip van deze extra baten is er geen sprake van een overschrijding.

De uitgaven binnen het domein Opvang, wonen en herstel zijn nagenoeg binnen de begroting gebleven. Op de uitgaven voor Beschermd wonen is sprake van voordelen, er is minder uitgegeven aan PGB’s en ook de uitgaven voor Zorg in Natura liggen lager. Dit laatste wordt voor een belangrijk deel veroorzaakt door een hogere uitstroom van BW-cliënten naar de Wlz. De zorguitgaven nemen hierdoor af, mogelijk komt er nog wel een eindafrekening met het Rijk. De uitgaven voor Maatschappelijke opvang zijn hoger dan begroot, vanwege extra opvang door corona. Deze meerkosten zijn deels gedekt door extra bijdragen van het Rijk. Per saldo is er in 2021 een klein bedrag aan de reserve Opvang, wonen en herstel onttrokken. De stand ultimo 2021 bedraagt € 13,4 miljoen. Een flinke buffer die ook nodig is om de onzekerheden rondom Maatschappelijke opvang, overgang van BW-cliënten naar de Wlz, de doordecentralisatie Beschermd wonen en de financiële aanpassingen in het verdeelmodel BW het hoofd te kunnen bieden.

Jaarverslag en Jaarrekening 2021

20

Interne beheersing De accountant heeft in de rapportage bij de Jaarrekening 2020 een aantal aanbevelingen voor het verder verbeteren van de interne beheersing Wmo en Jeugd gedaan. De belangrijkste aanbeveling had betrekking op de besteding en verantwoording van de Persoonsgebonden Budgetten (PGB). Om de onzekerheid rondom de prestatielevering weg te nemen was versterking van de interne beheersmaatregelen nodig om de controle-informatie te verbeteren. Eind 2021 zijn voor de PGB’s van Wmo-cliënten aanvullende controles verricht door huisbezoeken. Het onderzoek heeft de nodige inzichten opgeleverd over de rechtmatige besteding van de PGB’s. Er zijn geen huiscontroles op de besteding van de PGB’s Jeugd uitgevoerd. De risico’s (zoals privacy, complexe gezinssituaties, minderjarigen) wegen niet op tegen de opbrengsten van een dergelijk onderzoek. Daarmee wordt dus ook een onzekerheid over de besteding geaccepteerd. Waar mogelijk zullen de algemene bevindingen uit het Wmo-onderzoek ook gebruikt worden om verbeteringen aan te brengen in de PGB-proces Jeugd. Zorgfraude is een bijzondere vorm van onrechtmatigheid. De aanpak van zorgfraude vindt plaats door het signaal gestuurde en risico gestuurde rechtmatigheidstoezicht. De uitvoeringsorganisatie heeft zich in 2021 verder ontwikkeld op het gebied van preventie en bestrijding van zorgfraude.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/12284979/1