CConstaterende datHaarlem
Koppel je AI →
Document · PDF

2 Bijlage 5 bij bijlage 1 Smit Groenadvies 251125 - Boom Effect Analyse en BVC Orionweg Haarlem v2 0

commissie Ontwikkeling 8 januari 2026, gemeente HaarlemBij agendapunt: 20.30 uur Sociaal woningbouwproject Orionhof (FR)5.370 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

project#

Titel van het rapport invullen Ondertitel van het rapport invullen

Boom Effect Analyse Inventarisatie (BVC) en bomen effect analyse (BEA) Orionweg te Haarlem

De foto kan w Gewijzigd in een foto naar keuze. De hoogte van de foto is 23

Pagina 1 van 30

Inventarisatie en bomen-effect-analyse ten behoeve van sloop en nieuwbouw Orionhof te Haarlem

Smit Groenadvies B.V

.

Adres

Harmenkaag 11 1714 LA Schagen

Telefoonnummer

0224 75 12 75

E-Mail

maarten.van.atten@smitgroenadvies.nl

Website

www.smitgroenadvies.nl

Colofon Opdrachtgever

Stichting Ymere

Contactpersoon

De heer R. Leusink

Postadres

Postbus 2412

Adres

1000 CK AMSTERDAM

Projectstatus

Oriëntatiefase (SO)

Datum rapport

25 november 2025

Onderzoeker

Maarten H,. van Atten

Auteur

Maarten H. van Atten

Gecontroleerd door

ing. J.M. Smit

Opnamedatum BEA

2, 9 december 2024 en 5-11-2025

Status

VO

Versie

2.0

Pagina 2 van 30

Orionhof te Haarlem Inventarisatie en Bomen Effect Analyse

Inhoud 1 Inleiding .................................................................................................................... 4 1.1 1.2

De onderzoeksvraag .......................................................................................................................................................... 4 Leeswijzer ................................................................................................................................................................................... 5

2 Conclusie ................................................................................................................... 6 3 De werkzaamheden ..............................................................................................8 3.1 3.2 3.3

De geplande werkzaamheden ................................................................................................................................... 8 Invloed van de werkzaamheden op de bomen .............................................................................................. 8 Bronbemaling ........................................................................................................................................................................ 8

4 De toegepaste onderzoeksmethode ........................................................... 10 4.1 4.2 4.3

Inventarisatie en conditiebepaling van de boom .........................................................................................10 Visuele controle op gebreken ..................................................................................................................................... 11 Beoordeling van de groeiplaats boven- en ondergronds ........................................................................ 11

5 Onderzoeksresultaten ....................................................................................... 12 5.1 5.2

Inventarisatie en BVC van de bomen.................................................................................................................... 12 Groeiplaatsonderzoek ...................................................................................................................................................... 13

6 Analyse en advies ................................................................................................ 16 6.1 6.2 6.3 6.4 6.5 6.6

Boom 5 en 6 ............................................................................................................................................................................ 16 Boom 18 ..................................................................................................................................................................................... 17 Boom 20 en 22 ......................................................................................................................................................................18 Boom 37 .................................................................................................................................................................................... 18 Boom 45, 48 en 49 ............................................................................................................................................................. 19 Aanvullende adviezen .....................................................................................................................................................20

7 Boombescherming .............................................................................................. 21 8 Bijlagen....................................................................................................................22

Bijlage 1: Foto’s ........................................................................................................................................................................................... 22 Bijlage 2: Inventarisatie ........................................................................................................................................................................ 25 Bijlage 3: Boombeschermingsplan incl. bomenposter .................................................................................................. 28

Pagina 3 van 30

Orionhof te Haarlem Inventarisatie en Bomen Effect Analyse

1

Inleiding

Op het perceel tussen Orionweg en Helene Swarthstraat staat nu laagbouw in een groene omgeving met diverse bomen. Het voornemen van de eigenaar (woningbouwvereniging Ymere) is om deze woningen af te breken en een nieuwbouw met woonblokken van drie verdiepingen hoog te realiseren. Daarnaast is het wenselijk het groene hart dat tussen de gebouwen ligt opnieuw te ontwikkelen om een ruimtelijke verbinding te creëren tussen de verschillende doelgroepen die hier hun nieuwe woning gaan vinden.

Afbeelding 1: Concept ontwerp

1.1

De onderzoeksvraag

Voor de realisatie van het ontwikkelplan is het gewenst om inzicht hebben van het bomenbestand, hierin zijn ook enkele beeldbepalende bomen opgenomen. Het is ook goed om te weten hoe de bomen ook in het ontwikkelplan beeldbepalend kunnen blijven. Om deze vragen te beantwoorden is een Boom Veiligheid Controle (BVC) uitgevoerd op alle bomen binnen het plangebied en op de beeldbepalende bomen is een Boom Effect Analyse (BEA) uitgevoerd. Onderzoek: • Inventarisatie met conditiebepaling en toekomstverwachting van alle bomen; • Bepalen van bomen die het waard zijn om in het ontwikkelplan op te nemen (exclusief de bomen van de gemeente); • BEA van deze bomen: hoe maken we het project mogelijk zonder de toekomstverwachting van deze bomen negatief te beïnvloeden.

Pagina 4 van 30

Orionhof te Haarlem Inventarisatie en Bomen Effect Analyse

1.2

Leeswijzer

In hoofdstuk 2 worden de conclusies van het onderzoek behandeld. In hoofdstuk 3 worden de uit te voeren werkzaamheden beschreven en welke invloed deze hebben op de bomen. De onderzoeksmethodes die zijn gebruikt worden beschreven in hoofdstuk 4 met de resultaten in hoofdstuk 5. Tenslotte treft u in hoofdstuk 6 de analyse van de onderzoeksresultaten van beeldbepalende bomen. In dit hoofdstuk staan ook de adviezen, alsmede of en hoe betreffende bomen kunnen worden gehandhaafd. Hoofdstuk 8 bevat alle bijlagen waaronder een bomenposter.

Afbeelding 2: Plangebied

Pagina 5 van 30

Orionhof te Haarlem Inventarisatie en Bomen Effect Analyse

2

Conclusie

Tijdens het veldbezoek zijn alle bomen geïdentificeerd en gecontroleerd. In bijlage 2 is een lijst gepresenteerd met de geïnventariseerde bomen en hun huidige staat van groei, conditie en toekomstverwachting. Daarbij zit een kaart met boomnummers ter referentie naar de lijst. Een deel van de bomen kunnen niet gehandhaafd worden doordat deze in een locatie staan waar de nieuwe gebouwen komen te staan. Bij deze BEA is een tekening gevoegd met te kappen en te handhaven bomen (bijlage 4).

Afbeelding 3: Alle bomen met nummers binnen plangebied

Pagina 6 van 30

Orionhof te Haarlem Inventarisatie en Bomen Effect Analyse

6

5

18

56

20 22

37 45 48

50 Afbeelding 4: Bomen met Boom Effect Analyse

Op een 10 tal bomen is een BEA uitgevoerd, deze bomen kunnen beeldbepalend zijn binnen het ontwikkelplan en dienen daarom extra zorg en aandacht te ontvangen tijdens de aanleg van het project. Dit zijn de bomen met nr. 5, 6, 18, 20, 22, 37, 45, 48, 50 en 56. (Afbeelding 4) Om te waarborgen dat de toekomstverwachting van de te behouden bomen goed blijft, is het noodzakelijk dat de voorwaarden zoals beschreven in hoofdstuk 6 in acht wordt genomen en er gewerkt wordt met een goed boombeschermingsplan. Daarnaast is het wenselijk om tijdens het uitwerken van het ontwerp rekening te houden met de bomen die kunnen worden behouden.

Pagina 7 van 30

Orionhof te Haarlem Inventarisatie en Bomen Effect Analyse

3

De werkzaamheden 3.1

De geplande werkzaamheden

Om het ontwikkelplan te realiseren gaan er sloopwerkzaamheden plaatsvinden van de huidige gebouwen en aanwezige bestrating. Ook worden er graafwerkzaamheden uitgevoerd voor het plaatsen van o.a. kabels, leidingen en graven van de bouwput. Tijdens de bouwwerkzaamheden wordt er gebruik gemaakt van een kraan of hoogwerkers en is er zwaar transport binnen het plangebied aanwezig. Tevens wordt er een steiger rondom de nieuw te bouwen panden geplaatst voor de uitvoering van de werkzaamheden.

3.2

Invloed van de werkzaamheden op de bomen

De toekomstverwachting van de bomen kan ernstig verstoord worden door de werkzaamheden die uitgevoerd gaan worden. Hieronder vindt u een opsomming wat de kwalijke gevolgen kunnen zijn. Schade bovengronds Door de inzet van zwaar materieel en hijswerkzaamheden in korte nabijheid van de bomen is er een verhoogde kans op stam- en/of kroonbeschadiging. Ook bouwweg en transportroutes hebben invloed op mogelijk schade aan de bomen. Het plaatsen van de steiger rondom de gebouw heeft mogelijk effect op de aanwezige kronen van de bomen in de buurt van de nieuwbouw. Schade ondergronds: • Wortelverlies als gevolg van graafwerkzaamheden; • Een groot risico op bodemverdichting van de groeiplaats door inzet van zwaar materieel ; • Mogelijk een indirect wortelschade/sterfte door een verstoorde diffusie van bodemgassen met de buitenlucht als gevolg van opslag van materiaal en materieel; • Schade aan wortels door de verlaging van het grondwaterpeil (GWS) door toepassen bronbemaling (nader beschreven in paraaf 3.3). Onder het begrip wortelschade wordt de schade aan de opnamewortels verstaan. Deze wortels zorgen voor de opname van voedingsstoffen en vocht. Het schadeniveau wordt weergeven in procenten ten opzichte van de totale hoeveelheid opnamewortels. Onder het begrip stabiliteitswortelschade wordt verstaan: de schade aan de wortels die zorgen voor de stabiliteit van de boom.

Ook hier is het schadeniveau weergeven in procenten ten opzichte van de totale hoeveelheid stabiliteitswortels. Voor het percentage schade aan de beworteling zijn onderstaande richtlijnen opgesteld: • Tot 10% verlies is acceptabel bij een goede groeiontwikkeling; • Bij 10-20% wortelschade is compensatie gewenst; • Bij 20-40% wortelverlies is individuele afweging noodzakelijk; • Bij meer dan 40% wortelverlies van de stabiliteitswortels (>5cm diameter) is er sprake van acute instabiliteit. In de regel heeft een boom 3 jaar nodig om het wortelverlies te compenseren, op voorwaarde dat de doorwortelbare ruimte hiervoor toereikend is (gemaakt).

3.3

Bronbemaling

Ten tijde van de bouwkuip vindt er ook bronbemaling plaats. Veranderingen in de grondwaterstand (GWS) of bronbemaling zijn binnen de kwetsbare boomzone zonder toestemming (Goedgekeurd

Pagina 8 van 30

Orionhof te Haarlem Inventarisatie en Bomen Effect Analyse

Werkplan) niet toegestaan. Het (tijdelijk) verhogen van de GWS met meer dan 10% of het (tijdelijk) verlagen van de GWS met meer dan 20% van de bestaande bewortelingsdiepte kan schade aan de wortels van de bomen veroorzaken wat een negatief effect heeft aan de ontwikkeling van een boom. Zie afbeelding 5. Een verhoging van de GWS in het groeiseizoen kan leiden tot acute wortelsterfte vanwege zuurstofgebrek. Dit leidt tot afsterving van de boom. Een daling van de GWS in het groeiseizoen is vooral bedreigend wanneer deze langere tijd aanhoudt. De mate van verandering, de tijdsduur van de verandering en de periode is van invloed. In droge periodes heeft een verlaging van de GWS sneller fatale gevolgen. Tevens hebben veranderingen in de GWS buiten het groeiseizoen (november t/m februari) doorgaans minder invloed op de bomen.

Afbeelding 5: Leidraad voor grondwaterfluctuaties

Pagina 9 van 30

Orionhof te Haarlem Inventarisatie en Bomen Effect Analyse

4

De toegepaste onderzoeksmethode Voor het opstellen van deze BEA zijn er verschillende onderzoekmethodes toegepast: • Inventarisatie en conditiebepaling van de bomen; • Visuele controle op symptomen van verzwakking; • Toekomstverwachting; • Beoordeling van de groeiplaats. In paragraaf 4.1 t/m 4.4 worden de verschillende onderzoeksmethoden toegelicht.

4.1

Inventarisatie en conditiebepaling van de boom

Bij de inventarisatie en conditiebepaling is bepaald welke boom aanwezig is en wordt bepaald wat de conditie hiervan is. Inventarisatie Het gaat hierbij bijvoorbeeld om soort, grootte en locatie. Naast deze vaste gegevens worden ook variabele gegevens opgenomen, als stamomtrek en kroon afmeting. Conditiebepaling De conditiebepaling is een momentopname van de verschijningsvorm van de boom. Bij de conditiebepaling wordt er gebruik gemaakt van de conditiebepaling van Roloff. Roloff beschrijft met name de verandering van het vertakkingspatroon bij afname van de conditie. Bij de conditiebepaling van de bomen is gebruik gemaakt van 4 classificaties, te weten; goed(0), redelijk(1), matig(2) en slecht(3). In afbeelding 6 is de conditiebepaling volgens de methodiek van Prof. Dr A. Roloff toegelicht.

Afbeelding 6: Controlebepaling volgends de methodiek van Prof Dr. A. Roloff

Pagina 10 van 30

Orionhof te Haarlem Inventarisatie en Bomen Effect Analyse

4.2

Visuele controle op gebreken

BVC methode De boomveiligheidscontrole is uitgevoerd met behulp van de BVC-methode volgens het Handboek bomen. De afkorting BVC staat voor Boom Veiligheids Conrole. Bij deze visuele beoordeling van de bomen wordt gericht gekeken naar de bouw en het groeigedrag van de boom. Het breukrisico wordt beoordeeld door te kijken naar de stam, stamvoet, takaanzetten, kroonopbouw en aanwezigheid van zwammen. Bij de conclusie wordt de boom ingedeeld in één van de volgende categorieën: Zonder gebrek Attentieboom

Risicoboom

4.3

Een boom wordt goedgekeurd als er geen symptomen bij een boom worden aangetroffen die op een defect wijzen Bomen waarbij wel een symptoom gevonden wordt, maar waarvan duidelijk is dat deze op het moment van controle geen verhoogd risico veroorzaakt, worden als attentieboom aangeduid. Bij deze bomen is een verhoogde controlefrquentie aan de orde Bomen waarbij een symptoom gevonden wordt die een verhoogd risico veroorzaakt en bomen waarbij een symptoom gevonden wordt waarvan op het moment van controle niet kan worden aangegeven of het een verhoogd risico veroorzaakt, worden aangemerkt als zijnde risicoboom. Bij risicobomen zijn altijd maatregelen aan de orde. Dat kan zijn snoei, kap en/of nader onderzoek

Beoordeling van de groeiplaats boven- en ondergronds

De groeiplaats is visueel beoordeeld waarbij gelet wordt op de bovengrondse ruimte en - indien mogelijk - in de ondergrondse bewortelbare ruimte. Verder zijn er een aantal proefsleuven gemaakt en enkele grondboringen gedaan om de ondergrondse groeiplaats te beoordelen. De toekomstverwachting voor iedere boom wordt bepaald door: • Leeftijd; • Conditie; • Mechanische gebreken; • Groeiplaatsomstandigheden; • (in dit geval) de herinrichtingsplannen. Bij de uitslag wordt de boom ingedeeld in één van de volgende categorieën: • • • •

Toekomstverwachting meer dan 15 jaar actieve groei; Toekomstverwachting van 10 tot 15 jaar actieve groei; Toekomstverwachting van 5 tot 10 jaar actieve groei; Toekomstverwachting van minder dan 1 jaar actieve groei.

Pagina 11 van 30

Orionhof te Haarlem Inventarisatie en Bomen Effect Analyse

5

Onderzoeksresultaten

5.1

Inventarisatie en BVC van de bomen

Zie voor de volledige inventarisatie bijlage 2. Alle bomen die zijn geïnventariseerd zijn vertonen geen gebreken en vallen onder de categorie “zonder gebrek”. Boom 5, 6, 18, 20, 22, 37, 45, 48, 50 en 56 zijn bomen die een toekomstverwachting hebben van >15 jaar, dit mede doordat deze bomen over voldoende bewortelbare ruimte beschikken. Door hun goede toekomstverwachting kunnen deze bomen in het ontwikkelplan worden opgenomen. De bomen langs de Orionweg en langs de Helene Swartstraat zijn niet meegenomen in de boordeling van de vraag in hoeverre deze bomen beeldbepalend zijn, aangezien deze buiten het plangebied vallen.

6

5

18

56

20 22

37 45 48 50 Afbeelding 7: Situatie van beeldbepalende bomen ingetekend in de nieuwe inrichting

Pagina 12 van 30

Orionhof te Haarlem Inventarisatie en Bomen Effect Analyse

5.2

Groeiplaatsonderzoek

Boom 5 en 6 Deze Gleditsia’s (Valse christusdoorn) groeien in een zeer kleine boomspiegel, in de verharding. Onder de klinkers van de parkeerplaatsen is 40 tot 50 cm zand aangetroffen met daarònder een fundering van puingranulaat o.i.d. Onder de trottoirs is zand aangetroffen tot ca 100 cm diep. Onder de zandlaag is een laag van 20 cm klei en ijzerrijk zand. Vanaf ca. 120 cm begint de gereduceerde zone. Dat wil zeggen een zeer natte en zuurstofarme laag. In de verharding is een geringe mate van wortelopdruk te zien. De beworteling bevindt zich tot ver buiten de kroon. De bomen zoeken naar vocht en vooral voeding in omliggende tuinen en plantsoenen en mogelijk ook onder gebouwen.

Afbeelding 8: Grondboring bij boom 5

Boom 18 De Quercus (moeraseik) groeit in een gazon, dicht tegen de verharding. Het gazon ,waar ook de Betula’s (ruwe berken) in groeien, bestaat uit een ca. 30 cm toplaag van een venige lichte klei met iets zand. Daaronder is een laag (ca. 70 cm) van licht tot matig zware klei met veen. Vanaf ca. 100 cm is de gereduceerde zone aangetroffen. Onder het pad is een ca. 40 cm dikke laag zand op een puingranulaat fundering. In de bovenlagen van het gazon en pad is weinig beworteling aangetroffen, deze bevindt zich vooral dieper en buiten de kroonprojectie. In de nabijheid van deze boom is bij gebruik van de penetrometer (Afb. 10) een storende laag gevonden. Boom 20 en 22 Het gazon onder de Betula’s (ruwe berken) bestaat uit een toplaag (ca 30 cm) van een venige lichte klei met iets zand. Daaronder lichte tot matig zware klei met veen (ca. 70 cm). Vanaf ca. 100 cm is de gereduceerde zone aangetroffen. De Betula’s hebben een oppervlakkige, dichte beworteling in de bovenlaag, beginnend vlak onder de grasmat. Deze is aangetroffen tot buiten de kroonprojectie.

Afbeelding 9: Grondboring nabij boom 18, 20 en 22

Pagina 13 van 30

Orionhof te Haarlem Inventarisatie en Bomen Effect Analyse

Boom 37 Het gazon rond deze Aesculus (Witte paardekastanje) bestaat uit een toplaag van zanderige veengrond. Daaronder bevindt zich lichte tot matig zware klei met veen. Vanaf ca. 100 cm begint de gereduceerde zone. Pleksgewijs is vanaf ca. 50 cm zand aangetroffen. Onder de kroonprojectie bestaat intensieve beworteling. Buiten de kroonprojectie is weinig beworteling waargenomen. Boom 45, 48 en 50 Het plantsoen onder de Fraxinussen (gewone essen) bestaat uit een toplaag van een venige lichte klei met iets zand. Daaronder lichte tot matig zware klei met veen. Onder de kroonprojectie van boom 45 is aan de westzijde verharding aangetroffen op ca. 20 cm onder maaiveld.

Afbeelding 10: Met de penetrometer is de verdichting gemeten. Alleen bij boom nr. 18 is een storende laag gevonden.

Boom 56 Deze boom is in het verleden waarschijnlijk scheef gezakt of gewaaid. De boom staat nu weer vast dat is te zien aan de top die weer recht getrokken is. De boom heeft in de loop der jaren zijn kroon gecorrigeerd en z’n eigen vast gezet door het aanmaken van (trek)wortels. De boomkroon is éénzijdig ontwikkeld of gevormd aan de kant van het grasveld, boven de woningen is genoeg ruimte. De beworteling van de boom is rondom gevormd. Aangezien er een groenstrook en grasveld grenst aan de boom zal deze hier voornamelijk zijn voeding vandaan proberen te halen. Wel is gebleken tijdens het handmatig graven dat de boom als correctie op zijn scheefstand veel trekwortels heeft aangemaakt aan de kant van de bebouwing. De beworteling loopt eerst oppervlakkige maar duikt later diep de bodem in. De beworteling bevindt zich hier diep omdat waarschijnlijk het grondwater laag staat.

Pagina 14 van 30

Orionhof te Haarlem Inventarisatie en Bomen Effect Analyse

Afbeelding 11: top weer rechtgetrokken na scheefstand.

Pagina 15 van 30

Orionhof te Haarlem Inventarisatie en Bomen Effect Analyse

6

Analyse en advies

In dit hoofdstuk wordt per onderzochte boom/bomengroepje beoordeeld of en hoe ze kunnen worden opgenomen in het ontwikkelplan, inclusief een advies bodemverbetering. De laanbomen zijn niet opgenomen in dit onderzoek; ze zijn wel geïnventariseerd. De bomen langs de Orionweg kunnen evt. blijven staan. De bomen langs de Helene Swarthstraat zijn dermate klein en vertonen veelal een verminderde conditie. Boom 5, 6, 18, 20, 22, 37, 45, 48, 50 en 56 zijn onderzocht. De kroongrootte is op schaal in de nieuwe inrichting getekend, zodat te zien is tot hoever de kroon reikt en of deze bomen met het oog op de nieuwbouw te handhaven zijn.

6.1

Boom 5 en 6

Afbeelding 11: Boom 5 en 6

Boom 5 en 6 groeien in de verharding en dat blijft ook zo in de nieuwe situatie. Qua kroongrootte en nieuwbouw is er geen belemmering. Voorwaarden/bodemadvies De boomspiegels bij boom 5 en 6 mogen minimaal 150 cm verbreed worden zodat de wortelhals flink de ruimte krijgt (Afb. 24) Verwijderen en vervangen van de klinkers dient pas nà de bouw van de gebouwen te gebeuren zodat de klinkers nog enige bescherming geven aan de wortels tijdens het bouwproces. Het verwijderen en vervangen van de klinkers kan gebeuren bij de herinrichting van de parkeerplaats. De parkeerplaats kan tot de herinrichting gebruikt worden als parkeerplaats voor personenauto’s. Er mag geen vrachtverkeer en/of opslag van materiaal cq machines/vrachtwagens binnen de beschermde zone plaatsvinden. De beschermde zone is de kroonprojectie plus 150 cm. Tijdens het vervangen van de klinkers kan het maaiveld iets verhoogd worden om zo wortelopdruk weg te werken. De maximale ophoging is 10 cm.

Pagina 16 van 30

Orionhof te Haarlem Inventarisatie en Bomen Effect Analyse

Op de plaatsen waar nu trottoirtegels liggen rond de bomen, dient men het zand te verwijderen (zuigen) tot ca. 80 cm diep en vervangen door bomenzand (5% organische stof). Bomenzand dient te worden aangebracht van -10 tot -80 cm onder maaiveld. De bovenlaag (10 cm) wordt dan straatzand en verharding, eventueel te scheiden door worteldoek om zo wortelopdruk te voorkomen.

6.2

Boom 18

Afbeelding 12: Boom 18

Boom 18 kan qua kroon gehandhaafd worden. Het ontwikkelplan geeft aan dat er wel verharding onder de kroon wordt gerealiseerd. Dat is mogelijk onder de hieronder genoemde voorwaarden. Voorwaarden/bodemadvies Op de plek waar de verharding komt kan er grond/zand weggezogen worden tot op de harde onderlaag (fundering). Omdat er grond/zand gezogen wordt, blijven de aanwezige wortels intact. De grond wordt daarna vervangen door bomenzand. Aan te brengen bomenzand -10 cm tot de harde laag en/of wortels. De bovenlaag (10 cm) wordt dan straatzand en verharding, eventueel te scheiden door worteldoek om zo wortelopdruk te voorkomen. De fietsenstalling kan mogelijk buiten de beschermde zone worden geplaatst. Indien deze toch in de beschermde zone gebouwd gaat worden, kan deze gefundeerd worden op palen en/of poeren. Uitgraven om via een bekisting een fundering te maken is niet mogelijk zonder de boom ernstig te beschadigen en/of zijn toekomstverwachting fors te verminderen. Naast boom 18 heeft een Gleditsia (Valse christusdoorn ) gestaan. Waar de stronk gestaan heeft is nu een gat, met naast dat gat wortels die in het gazon verdwijnen. Deze wortels moeten met handkracht verwijderd worden tot ca. 50 cm in het gazon.

Pagina 17 van 30

Orionhof te Haarlem Inventarisatie en Bomen Effect Analyse

6.3

Boom 20 en 22

Afbeelding 13: Boom 20 en 22

Boom 20 en boom 22 kunnen qua kroon gehandhaafd worden. Ook ondergronds is er geen belemmering. Voorwaarden/bodemadvies Behalve een goede boombescherming zijn er geen voorwaarden. Zeker niet als de paden op dezelfde plek gehandhaafd blijven. Aanleggen van nieuwe paden onder de kroonprojectie is door de ondiepe beworteling niet mogelijk.

6.4 Boom 37

Afbeelding 14.: Boom 37

De kroon en groeiplaats van boom 37 komt ruim tegen de gevels van de nieuwbouw. Ook de ontgravingslijn van de bouwput en te plaatsen steiger komen tot aan de stam van de boom. Deze grote Aesculus kan niet gehandhaafd blijven. Dit omdat rondom de nieuwbouw ruim een bouwput wordt ontgraven en er worden steigers rondom geplaatst. Hierdoor zal de kroon meer dan 6 meter ingekort moeten worden. Ook de beworteling wordt aan de zijde van de nieuwbouw meer dan 4 meter verwijderd. Totaal zal ca. 40% van de beworteling verwijderd worden, waaronder ook meerdere stabiliteitswortels. Ook aanvoer materieel en materialen gaat via een bouwweg langs de

Pagina 18 van 30

Orionhof te Haarlem Inventarisatie en Bomen Effect Analyse

boom, waardoor de kroon flink gesnoeid moet worden. Grootste knelpunt is het verwijderen van de beworteling aan 1 zijde van de boom bij de nieuwbouw. De boom kan de werkzaamheden niet overleven omdat ca. 40% van de beworteling wordt verwijderd voor het graven van de bouwput, waarbij ook stabiliteitswortels verwijderd worden en de boom direct instabiel wordt. Een Kastanje van deze omvang en leeftijd kan van deze schade niet herstellen ongeacht eventuele maatregelen. Daarbij komt ook de stevige snoei van meer dan 35% in de kroon dat negatief effect heeft op de boom. Er is geen mogelijkheid om de boom te sparen en verplanten is ook geen optie gezien de soort boom, omvang en leeftijd.

6.5

Boom 45, 48 en 49

Afbeelding 15 (boom 48 op de foto)

Onder boom 45 is verharding aangetroffen, deze verharding is bedekt door Hedera-begroeiing. Aanleggen van een parkeerplaats, zoals beschreven in het ontwikkelplan, tot onder de kroon is (onder boom-technische begeleiding) mogelijk. Boom 48 en 50 blijven in de beplanting staan, deze kunnen zonder meer gehandhaafd blijven.

6.6

Boom 56

Afbeelding 16 veel trekwortels aanwezig

Pagina 19 van 30

Orionhof te Haarlem Inventarisatie en Bomen Effect Analyse

Het is voor behoud van de boom wenselijk minimaal te graven en bouwen richting de boom. De boom staat nu 5 meter vanuit de gevel en heeft deze ruimte benut om zijn wortels te vormen. Als het voornemen er is richting de boom te werken en te bouwen wordt het maatwerk. Advies is om maximaal 50 cm richting de boom onder de kroonprojectie te gaan met de nieuwe bebouwing (bouwput). De beworteling bevindt zich diep ten opzichte van het maaiveld. Het advies is dan ook om maatwerk te leveren doormiddel van gebruik maken van een grondzuiger bij het ontgraven van de bouwput ter plaatse van de boom. Mochten er boomwortels aangetroffen worden die verwijdert moeten worden dan zal dit in combinatie moeten met kroonreductie op basis van advies van een boomdeskundige. De werkzaamheden dienen uitgevoerd te worden onder toezicht en advies van een boomdeskundige. Wortelsnoei is beperkt mogelijk en altijd in combinatie met snoei in de kroon.

6.7

Aanvullende adviezen

Verhogen maaiveld Verhogen van het maaiveld is alleen mogelijk als daarmee de wortelhals ruim zichtbaar blijft. Ophogen van het maaiveld is alleen bij bomen 5, 6 en 18 mogelijk. Handhaven van het huidige maaiveldniveau is altijd aan te bevelen Beschermde zone De beschermde zone is gelijk aan de kroonprojectie plus 150 cm daar buiten. Bij Boom 37 mag hiervan afgeweken worden omdat deze boom weinig tot geen beworteling heeft buiten de kroonprojectie. Hier mag de beschermde zone gelijk zijn aan de kroonprojectie.

Pagina 20 van 30

Orionhof te Haarlem Inventarisatie en Bomen Effect Analyse

7

Boombescherming De toekomstverwachting van de (te handhaven) bomen kan ernstig verkort worden door werkzaamheden onder en rond de bomen.

Het opstellen van een boombeschermingsplan door de aannemers kan dit voorkomen. In bijlage 3 vindt u een bomenposter, die gebruikt kan worden bij het opstellen van een boombeschermingsplan Alle aannemers (sloper, bouwer, hovenier, enz.) moeten een boombeschermingsplan maken en mogen pas met hun werkzaamheden van start gaan als dit boombeschermingsplan is goedgekeurd door de opdrachtgever. Het is wenselijk dat de opdrachtgever de boombeschermingsplannen laat controleren door een boomdeskundige op tenminste ETT-niveau.

Pagina 21 van 30

Orionhof te Haarlem Inventarisatie en Bomen Effect Analyse

8

Bijlagen Bijlage 1: Foto’s

Afbeelding 21: Impressie huidige situatie boom 35 en 36

Afbeelding 22: Huidige situatie. Veel bomen hebben onvoldoende conditie en/of staan te dicht bij de bebouwing om te handhaven

Orionhof te Haarlem Inventarisatie en Bomen Effect Analyse

Afbeelding 23: Bomenrij langs de Orionweg

Afbeelding 24: Boom 5 en 6 hebben een veel te kleine boomspiegel

Orionhof te Haarlem Inventarisatie en Bomen Effect Analyse

Afbeelding 25: Boom 20 en 22, gezonde bomen in een royale groeiplaats

Afbeelding 26: Boom 37 in een royale groeiplaats

Orionhof te Haarlem Inventarisatie en Bomen Effect Analyse

Bijlage 2: Inventarisatie

Afbeelding 27: Huidige situatie met boomnummers

Orionhof te Haarlem Inventarisatie en Bomen Effect Analyse

Nr. 1 2 3 4 5 6 7 8 9 10 11 12 13 14 15 16 17 18 19 20 21 22 23 24 25 26 27 28 29 30 31 32

Boomsoort (lat.) Crataegus cv Crataegus cv Crataegus cv Crataegus cv Gleditsia triacanthos f. inermis Gleditsia triacanthos f. inermis Catalpa bignoniodes Crataegus cv Catalpa bignoniodes Catalpa bignoniodes Crataegus cv Crataegus cv Acer rubrum Crataegus cv Acer pseudoplatanus Quercus palustris Crataegus cv Quercus palustris Crataegus cv Betula pendula Malus toringo Betula pendula Malus toringo Crataegus cv Malus toringo Malus toringo Malus toringo Malus toringo Malus toringo Malus toringo Acer pseudoplatanus Acer pseudoplatanus

Boomsoort (nl.) Meidoorn Meidoorn Meidoorn Meidoorn Valse christusdoorn Valse christusdoorn Trompetboom Meidoorn Trompetboom Trompetboom Meidoorn Meidoorn Rode esdoorn Meidoorn Gewone esdoorn Moeraseik Meidoorn Moeraseik Meidoorn Ruwe berk Sierappel Ruwe berk Sierappel Meidoorn Sierappel Sierappel Sierappel Sierappel Sierappel Sierappel Gewone esdoorn Gewone esdoorn

Boomtype Niet vrij uitgroeiend Niet vrij uitgroeiend Niet vrij uitgroeiend Niet vrij uitgroeiend Niet vrij uitgroeiend Niet vrij uitgroeiend Niet vrij uitgroeiend Niet vrij uitgroeiend Niet vrij uitgroeiend Niet vrij uitgroeiend Niet vrij uitgroeiend Niet vrij uitgroeiend Niet vrij uitgroeiend Niet vrij uitgroeiend Niet vrij uitgroeiend Niet vrij uitgroeiend Niet vrij uitgroeiend Niet vrij uitgroeiend Niet vrij uitgroeiend Niet vrij uitgroeiend Niet vrij uitgroeiend Niet vrij uitgroeiend Niet vrij uitgroeiend Niet vrij uitgroeiend Niet vrij uitgroeiend Niet vrij uitgroeiend Niet vrij uitgroeiend Niet vrij uitgroeiend Niet vrij uitgroeiend Niet vrij uitgroeiend Niet vrij uitgroeiend Niet vrij uitgroeiend

Boomhoogte <6m <6m <6m <6m 6 tot 12 m 6 tot 12 m 6 tot 12 m <6m 6 tot 12 m 6 tot 12 m <6m <6m <6m <6m 6 tot 12 m <6m <6m 18 tot 24 m <6m 6 tot 12 m 6 tot 12 m 6 tot 12 m 6 tot 12 m <6m <6m 6 tot 12 m 6 tot 12 m 6 tot 12 m 6 tot 12 m 6 tot 12 m 12 tot 18 m 6 tot 12 m

Stamdiameter 1 < 20 cm < 20 cm < 20 cm < 20 cm 30 tot 50 cm 30 tot 50 cm 30 tot 50 cm < 20 cm 75 tot 100 cm 75 tot 100 cm < 20 cm < 20 cm < 20 cm < 20 cm 20 tot 30 cm < 20 cm 20 tot 30 cm 75 tot 100 cm < 20 cm 50 tot 75 cm 30 tot 50 cm 50 tot 75 cm 30 tot 50 cm < 20 cm < 20 cm 30 tot 50 cm 30 tot 50 cm 20 tot 30 cm 30 tot 50 cm 30 tot 50 cm 50 tot 75 cm 20 tot 30 cm

Conditie en groei Redelijk Zeer slecht Redelijk Goed Goed Goed Matig Goed Matig Matig Goed Goed Goed Goed Goed Goed Zeer slecht Goed Matig Goed Goed Goed Goed Matig Slecht Goed Goed Matig Goed Goed Matig Goed

Toekomstverwachting Meer dan 15 jaar Minder dan 1 jaar Meer dan 15 jaar Meer dan 15 jaar Meer dan 15 jaar Meer dan 15 jaar 5 tot 15 jaar Meer dan 15 jaar 5 tot 15 jaar 5 tot 15 jaar Meer dan 15 jaar Meer dan 15 jaar Meer dan 15 jaar Meer dan 15 jaar Meer dan 15 jaar Meer dan 15 jaar 1 tot 5 jaar Meer dan 15 jaar 5 tot 15 jaar Meer dan 15 jaar Meer dan 15 jaar Meer dan 15 jaar Meer dan 15 jaar 5 tot 15 jaar 1 tot 5 jaar Meer dan 15 jaar Meer dan 15 jaar 5 tot 15 jaar Meer dan 15 jaar Meer dan 15 jaar 5 tot 15 jaar Meer dan 15 jaar

Orionhof te Haarlem Inventarisatie en Bomen Effect Analyse

33 34 35 36 37 38 39 40 41 42 43 44 45 46 47 48 49 50 51 52 53 54 55 56 57 58 59 60 61 62

Fraxinus excelsior Acer pseudoplatanus Carpinus betulus Carpinus betulus Frans Fontaine Aesculus hippocastanum Malus toringo Acer pseudoplatanus Malus toringo Malus toringo Malus toringo Malus toringo Acer pseudoplatanus Fraxinus excelsior Malus toringo Acer pseudoplatanus Fraxinus excelsior Acer pseudoplatanus Fraxinus excelsior Carpinus betulus Taxus baccata Fastigiata Overig Taxus baccata Acer pseudoplatanus Acer pseudoplatanus Picea omorika Acer pseudoplatanus Betula pendula Chamaecyparis cv Acer pseudoplatanus Crataegus cv

Gewone es Gewone esdoorn Haagbeuk Haagbeuk Witte paardekastanje Sierappel Gewone esdoorn Sierappel Sierappel Sierappel Sierappel Gewone esdoorn Gewone es Sierappel Gewone esdoorn Gewone es Gewone esdoorn Gewone es Haagbeuk Venijnboom Overig Venijnboom Gewone esdoorn Gewone esdoorn Servische spar Gewone esdoorn Ruwe berk Cypres Gewone esdoorn Meidoorn

Niet vrij uitgroeiend Niet vrij uitgroeiend Niet vrij uitgroeiend Niet vrij uitgroeiend Niet vrij uitgroeiend Niet vrij uitgroeiend Niet vrij uitgroeiend Niet vrij uitgroeiend Niet vrij uitgroeiend Niet vrij uitgroeiend Niet vrij uitgroeiend Niet vrij uitgroeiend Gekandelaberd Niet vrij uitgroeiend Niet vrij uitgroeiend Gekandelaberd Niet vrij uitgroeiend Gekandelaberd Niet vrij uitgroeiend Vrij uitgroeiend Vrij uitgroeiend Vrij uitgroeiend Niet vrij uitgroeiend Niet bepaald Niet bepaald Niet bepaald Niet bepaald Vrij uitgroeiend Niet bepaald Niet bepaald

12 tot 18 m 12 tot 18 m 6 tot 12 m 6 tot 12 m 12 tot 18 m <6m 12 tot 18 m <6m <6m <6m <6m 12 tot 18 m 6 tot 12 m <6m 12 tot 18 m 6 tot 12 m 12 tot 18 m 6 tot 12 m <6m <6m 6 tot 12 m <6m 6 tot 12 m 6 tot 12 m 6 tot 12 m <6m 6 tot 12 m 6 tot 12 m 6 tot 12 m <6m

75 tot 100 cm 50 tot 75 cm 50 tot 75 cm 20 tot 30 cm 100 tot 125 cm 20 tot 30 cm 50 tot 75 cm 20 tot 30 cm 20 tot 30 cm < 20 cm 20 tot 30 cm 30 tot 50 cm 75 tot 100 cm 20 tot 30 cm 50 tot 75 cm 75 tot 100 cm 50 tot 75 cm 75 tot 100 cm 20 tot 30 cm 30 tot 50 cm 20 tot 30 cm 20 tot 30 cm 20 tot 30 cm 30 tot 50 cm 20 tot 30 cm < 20 cm 50 tot 75 cm 30 tot 50 cm 20 tot 30 cm < 20 cm

Goed Matig Goed Goed Goed Matig Matig Matig Matig Matig Matig Matig Goed Matig Matig Goed Matig Goed Goed Goed Goed Goed Goed Goed Goed Goed Matig Goed Matig Goed

Meer dan 15 jaar 5 tot 15 jaar Meer dan 15 jaar Meer dan 15 jaar Meer dan 15 jaar 5 tot 15 jaar 5 tot 15 jaar 5 tot 15 jaar 5 tot 15 jaar 5 tot 15 jaar 5 tot 15 jaar 5 tot 15 jaar Meer dan 15 jaar 5 tot 15 jaar 5 tot 15 jaar Meer dan 15 jaar 5 tot 15 jaar Meer dan 15 jaar Meer dan 15 jaar Meer dan 15 jaar Meer dan 15 jaar Meer dan 15 jaar Meer dan 15 jaar Meer dan 15 jaar Meer dan 15 jaar Meer dan 15 jaar 5 tot 15 jaar Meer dan 15 jaar 5 tot 15 jaar Meer dan 15 jaar

Orionhof te Haarlem Inventarisatie en Bomen Effect Analyse

Bijlage 3: Bomenposter

Orionhof te Haarlem Inventarisatie en Bomen Effect Analyse

Bijlage 4: Tekening te kappen en handhaven bomen

Orionhof te Haarlem Inventarisatie en Bomen Effect Analyse

Harmenkaag 11 1741 LA Schagen 0224 751 275 mail@smitgroenadvies.nl www.smitgroenadvies.nl

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/16419449/1