CConstaterende datHaarlem
Koppel je AI →
Document · PDF

2 Bijlage 1 Regionale woonzorgopgave Zuid-KennemerlandIJmond

commissie Samenleving 17 oktober 2024, gemeente HaarlemBij agendapunt: Regionale woonzorgopgave Zuid-Kennemerland/IJmond16.000 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 2 van 2

Aantal inwoners

% 65+

Haarlem

165.390

17%

Zandvoort

17.540

27%

Bloemendaal

23.920

27%

Heemstede

26.190

27%

Velsen

68.790

21%

Beverwijk

42.710

19%

Heemskerk

39.430

23%

Totaal

383.970

Figuur bijlage 3.1 Bevolkingsontwikkeling voor de regio Zuid Kennemerland en IJmond in relatie tot Totaal van Nederland. Verwachting 2040 voor Zuid Kennemerland en IJmond: 407.340

34

https://www.regiobeeld.nl/bevolkingsontwikkeling?regioIndeling=ZS&demografischeDrukCategorie=Demo&leeftijdsklasse=65%2B&leef tijdOpties=0&bevolkingsopbouwRegio=ZS13&leeftijdsklasse_1phh=plus65&huishoudenType=Alleenstaand&regio=ZS13#bevolkingsopb ouw

DSP-groep

RAPPORT ─ Regionale woonzorgopgave Zuid-Kennemerland/IJmond

31

Tabel bijlage 3.2: Bevolkingsopbouw 2022 en 2040 regio Zuid Kennemerland en IJmond. 0-19

DSP-groep

20-64

65-79

80+

Jaar

Percentage

Aantal

Percentage

Aantal

Percentage

Aantal

Percentage

Aantal

2022

21,6%

82.130

57,9%

220.700

15,1%

57.410

5,5%

20.810

2040

21%

85.520

53,3%

216.940

17,1%

69.650

8,6%

35.230

RAPPORT ─ Regionale woonzorgopgave Zuid-Kennemerland/IJmond

32

Bijlage 4: Bevindingen per aandachtsgroep Mensen met psychische kwetsbaarheid en (dreigend) dakloze mensen Onder deze groep verstaan we: Omschrijving Mensen met een behoefte aan wonen met begeleiding, beschut, beschermd wonen (Wmo, Wlz) (Dreigend) dakloze mensen inclusief economisch daklozen Mensen die de thuissituatie hebben verlaten, of dreigen te verlaten in verband met risico’s voor hun veiligheid als gevolg van huiselijk geweld Mensen die uitstromen uit detentie/ forensische zorg Mensen met multiproblematiek, zoals GGZ, LVB, gedragsproblematiek (intramuraal en extramuraal) NB. Jongeren komen apart aan bod.

Beleid Rijksbeleid zet met de verdere decentralisatie van beschermd wonen in op voorkomen van instroom, bevorderen van uitstroom naar zelfstandig wonen in de wijk. Voor de aanpak van dakloosheid ligt de focus op ‘wonen eerst’ en preventie met passende en flexibele begeleiding op maat. Integraal werken is daarbij een noodzakelijke randvoorwaarde.

Uitgangspunten regio35 Regionale samenwerking rond Beschermd Wonen en Maatschappelijke Opvang vindt plaats op het niveau van Zuid-Kennemerland, IJmond en Haarlemmermeer. Haarlem is centrumgemeente voor deze taken, hetgeen betekent dat zij de rijksmiddelen hiervoor ontvangt en de taken uitvoert namens, en in afstemming met de andere gemeenten. De eerder genoemde doordecentralisatie van Beschermd Wonen krijgt in onze regio gestalte door de oprichting van een gemeenschappelijk orgaan. Door middel van dit orgaan zal deze taak per 2024 door de gemeenten gezamenlijk uitgevoerd worden.

Voor Beschermd Wonen en Maatschappelijke Opvang heeft een nieuwe aanbesteding plaatsgevonden. Middels deze aanbesteding wordt onder andere ingezet op een duidelijker scheiding van wonen en zorg. Daarnaast wordt ingezet op een gezamenlijke ontwikkelagenda voor de spreiding en beschikbaarheid van voldoende passende huisvesting voor Beschermd Wonen en Maatschappelijke Opvang.

35 Kader opvang, wonen en herstel, 2022 tot en met 2027 (2021).

DSP-groep

RAPPORT ─ Regionale woonzorgopgave Zuid-Kennemerland/IJmond

33

Met het beleidskader en uitvoeringsprogramma Opvang, Wonen en Herstel wordt in ZuidKennemerland/IJmond en Haarlemmermeer gewerkt aan vier speerpunten: Versterken van preventie. Verbeteren van ondersteuning op maat. Vergroten tijdelijke en structurele woonoplossingen. Realiseren van stabiele uitstroom. Met name het derde speerpunt overlapt met de woonzorgvisie.

Een urgent aandachtspunt is de druk op de maatschappelijke opvang. Dat komt enerzijds doordat centrumgemeente Haarlem de afgelopen jaren een ruimhartig opvangbeleid onder de Wmo hanteerde en mensen opving die geen perspectief hadden op uitstroom binnen de regio. Anderzijds is het lastig om mensen die wel recht hebben op uitstroom snel te laten uitstromen. De centrumgemeente werkt aan beleid en regelgeving om de reikwijdte van de toegang tot de maatschappelijke opvang te beperken, andere groepen op andere manieren te huisvesten en huidige cliënten te laten uitstromen.

Gemeenten, woningcorporaties, zorg- en welzijnsorganisaties in Zuid-Kennemerland/ IJmond hebben op 8 oktober 2020 het Pact voor Uitstroom getekend. Met dit pact spreken de deelnemende partijen in IJmond en Zuid-Kennemerland hun commitment uit om de uitstroom van cliënten uit intramuraal verblijf naar zelfstandig wonen met begeleiding, maar de afspraken kunnen ook gebruikt worden om instroom te voorkomen. De partijen delen de ambitie om cliënten die uitstromen uit een zorginstelling passende huisvesting te bieden met voldoende zorg in een prettige wijk, van waaruit zij volop kunnen meedoen aan de samenleving. Tegelijk willen de partijen rekening houden met andere bewoners en het leefklimaat in kwetsbare wijken. Er zijn afspraken gemaakt over het kunnen toewijzen van maximaal 178 woningen per jaar de komende 10 jaar op basis van een regionale verdeelsleutel. De Opstapregeling in Haarlemmermeer biedt de mogelijkheid maximaal 45 woningen per jaar met urgentie toe te wijzen.

Kenmerken GGZ in regio

36

Het totaal aan GGZ-patiënten in de regio in 2021 is lager dan gemiddeld in Nederland: 408 per 10.000 inwoners tegenover 444 per 10.000 inwoners. Het aantal specialistische GGZ patiënten met verblijf ligt daarentegen hoger in de regio ten opzichte van het gemiddelde in Nederland: 24 per 10.000 inwoners respectievelijk 21 per 10.000 inwoners. Het aantal zelfstandig wonende volwassenen met psychiatrische problematiek is de afgelopen jaren met name in Haarlem en Heemstede toegenomen.

36 Zorginstituut Nederland.

DSP-groep

RAPPORT ─ Regionale woonzorgopgave Zuid-Kennemerland/IJmond

34

De meeste BW- en MO-voorzieningen zijn in Haarlem gesitueerd, zie tabel Bijlage 4.2. Wachtlijsten binnen de GGZ zijn in de regio, in dit geval inclusief gemeenten Castricum en Uitgeest, onder het gemiddelde van Nederland en binnen de zogenaamde treeknorm (14 weken) 37.

Tabel Bijlage 4.1: Aantal zelfstandig wonende personen van 19 jaar of ouder met psychiatrische problematiek38 Aantal zelfstandig wonende personen van 19 jaar of ouder met psychiatrische problematiek Haarlem (2020)

1.440

Haarlem (2025)

1.590 (110%)

Zandvoort (2020)

170

Zandvoort (2025)

170 (100%)

Bloemendaal (2020)

60

Bloemendaal (2025)

60 (100%)

Heemstede (2020)

110

Heemstede (2025)

120 (109%)

Velsen (2020)

510

Velsen (2025)

510 (100%)

Beverwijk (2020)

380

Beverwijk (2025)

380 (100%)

Heemskerk (2020)

260

Heemskerk (2025)

270 (104%)

37 Zorgaanbieders, zorgverzekeraars en Zorgverzekeraars Nederland hebben in 2005 afspraken gemaakt over aanvaardbare wachttijden

in de zorg. Die afspraken vormen samen de zogeheten ‘treeknorm’. 38 Wonenenzorgopdekaart.nl

DSP-groep

RAPPORT ─ Regionale woonzorgopgave Zuid-Kennemerland/IJmond

35

Tabel Bijlage 4.2: voorzieningen: Beschermd Wonen- en Maatschappelijke opvangvoorzieningen per gemeente39 Aantal voorzieningen Beschermd Wonen

Aantal voorzieningen Maatschappelijke Opvang

Haarlem

7

5

Zandvoort

2

0

Bloemendaal

3

0

Heemstede

1

0

Velsen

2

0

Beverwijk

0

1

Heemskerk

0

0

Ontwikkelingen binnen de doelgroep Inzichten van de aanbieders: De instroomgroep voor beschermd wonen (BW) is complexer geworden; zwaardere, meervoudige problematiek. Intramuraal groepswonen is daardoor ook ingewikkelder geworden. Er is meer sprake van chronische, lichamelijke aandoeningen (vooral bij ouderen). Dit vraagt om woonruimte die passend is voor ouderen: nultreden, rolstoel-/ rollatordoorgankelijk. Dit betreft een groep die niet meer zal uitstromen. Voor mensen met meervoudige problematiek is onvoldoende aanbod voor in de regio (DomusPlus, skaeve huse). Voor skaeve huse gaat het om 24 woningen in de komende 10 jaar38; deze mensen hebben wel zorg nodig.

Behoefte-ontwikkeling De totale omvang van mensen met psychische kwetsbaarheid in 2022 is onbekend, maar op basis van beschikbare informatie over plaatsen gaan we uit van ca. 4.400 personen. Hierna zetten we de omvang en behoefte-ontwikkeling van verschillende deelgroepen uiteen.

Beschermd en beschut wonen met Wmo Indicatie39 Voor de groep beschermd wonen met een Wmo-indicatie zijn prognoses geraamd. Op grond van het bekostigingsmodel van de nieuwe aanbesteding Beschermd Wonen zijn grofweg de volgende woonzorgarrangementen af te leiden: Beschermd thuis (alleen trajectbegeleiding) (‘gespikkeld’). Beschermd thuis met een vorm van woonbegeleiding en/of veiligheid (‘geclusterd’). Beschermd wonen (intramuraal).

39 Wonenenzorgopdekaart.nl

DSP-groep

RAPPORT ─ Regionale woonzorgopgave Zuid-Kennemerland/IJmond

36

Categorie 1 bestaat in de huidige situatie niet (en is daarom niet meegenomen in de basisraming). Het nieuwe ‘beschermd thuis geclusterd’ komt overeen met het huidige ‘beschut wonen’. Met ‘beschermd wonen’ wordt in de oude en nieuwe situatie hetzelfde bedoeld. Naast een basisraming (bij ongewijzigd beleid) zijn twee beleidsscenario’s doorgerekend. De scenario’s hebben als uitgangspunt de beweging van beschermd wonen naar beschermd thuis (i.c. van intramuraal wonen naar zelfstandig wonen met begeleiding), rekening houdend met beleidskeuzes en maatschappelijke trends. Op grond van die scenario’s zou in de regio de vraag naar (intramuraal) beschermd wonen afnemen, terwijl de vraag naar andere woonzorgarrangementen toeneemt (beschut wonen, beschermd thuis, zelfstandig wonen met begeleiding). Dat laat overigens onverlet dat de vraag naar specifieke vormen van beschermd wonen – zoals Domus Plus - onverminderd blijft. De komende maanden zullen gemeenten, zorgaanbieders en corporaties bepalen welk scenario het meest realistisch wordt geacht. In tabel 4.3. wordt voor beide scenario’s per gemeente een prognose gegeven van de vraag naar verschillende woonzorgarrangementen. Tabel 4.3 Gematigd en ambitieus (beleid)scenario per gemeente Gemeente en Wmo-

Scenario gematigd

Scenario ambitieus

voorziening

Haarlem Zelfstandig wonen met

2025

2030

2040

2025

2030

2040

262

268

280

262

267

280

5

12

28

5

12

28

ambulante begeleiding Beschermd thuis gespikkeld

9

25

56

14

37

84

Beschut wonen

55

65

84

55

65

84

Beschermd wonen

193

166

112

188

153

84

Zandvoort

20

19

20

19

20

20

Zelfstandig wonen met

0

1

2

0

1

2

Beschermd thuis gespikkeld

1

2

4

1

3

6

Beschut wonen

4

4

6

4

4

6

Beschermd wonen

15

12

8

14

12

6

Bloemendaal

17

18

17

17

18

17

Zelfstandig wonen met

0

1

2

0

1

2

Beschermd thuis gespikkeld

1

2

3

1

2

5

Beschut wonen

4

5

5

4

5

5

Beschermd wonen

12

10

7

12

10

5

Heemstede

14

15

14

15

15

13

Zelfstandig wonen met

0

1

1

0

1

1

Beschermd thuis gespikkeld

0

1

3

1

2

4

Beschut wonen

4

4

4

4

4

4

Beschermd wonen

10

9

6

10

8

4

ambulante begeleiding

ambulante begeleiding

ambulante begeleiding

DSP-groep

RAPPORT ─ Regionale woonzorgopgave Zuid-Kennemerland/IJmond

37

Velsen

39

39

37

39

39

37

Zelfstandig wonen met

1

2

4

1

2

4

Beschermd thuis gespikkeld

1

3

7

2

5

11

Beschut wonen

9

10

11

9

10

11

Beschermd wonen

28

24

15

27

22

11

Beverwijk

62

64

64

62

64

63

Zelfstandig wonen met

1

3

6

1

3

6

Beschermd thuis gespikkeld

2

6

13

3

9

19

Beschut wonen

20

20

19

20

20

19

Beschermd wonen

39

35

26

38

32

19

Heemskerk

23

24

22

23

24

23

Zelfstandig wonen met

0

1

2

0

1

2

Beschermd thuis gespikkeld

1

2

4

1

3

7

Beschut wonen

6

7

7

6

7

7

Beschermd wonen

16

14

9

16

13

7

Eindtotaal

437

447

454

437

447

453

ambulante begeleiding

ambulante begeleiding

ambulante begeleiding

Maatschappelijke opvang40 Voor de maatschappelijke opvang zijn geen prognoses beschikbaar. Deze groep heeft diverse problematiek. Zo verblijven in de opvang ook economisch daklozen: bij deze mensen is dakloosheid door bijvoorbeeld baanverlies het voornaamste probleem. Maar zij vallen niet onder de Pact-regeling en stromen daardoor nog minder snel uit. Een aparte aanpak voor deze groep is dan ook nodig. Inschatting van de omvang (volgens de aanbieders) is voor alleen IJmond al minimaal 60 personen per jaar 41. Gemeenten hebben ook een inschatting gedaan van de omvang van de groep dreigend dakloos. Tabel Bijlage 4.5: Huisvesting en zorg - Maatschappelijke opvang (MO) en dreigend dakloos Huisvesting en zorg 2023 Aantal unieke personen in MO

382 personen

Inschatting dreigend dakloos

45 personen

Vrouwenopvang42 Volgens de gemeenten worden 123 vrouwen opgevangen in de vrouwenopvang.

40 Bron: uitvraag gemeenten ZKIJ (2023). 41

Bron: HHM (2019).

42 Bron: uitvraag gemeenten ZKIJ (2023).

DSP-groep

RAPPORT ─ Regionale woonzorgopgave Zuid-Kennemerland/IJmond

38

Tabel bijlage 4.6 Huisvesting en zorg vrouwenopvang Huisvesting en zorg 2023 Aantal unieke vrouwen in dagopvang

123 personen

Multiproblematiek, extreem overlastgevend Een inschatting van de doelgroep skaeve huse is beperkt qua omvang (24 woningen in de komende 10 jaar) maar er zijn vooralsnog nauwelijks huisvestingslocaties. In centrumgemeente Haarlem is een DomusPluslocatie in ontwikkeling, met 24 plekken.

Tabel Bijlage 4.7: Huisvesting en zorg - Multiproblematiek Huisvesting en zorg 2030 Inschatting behoefte

Skaeve huse: 24 woningen (4 clusters van 6 woningen)

Aanbod

Skaeve huse •

Velsen: 3 woningen

•

Haarlem: in ontwikkeling

DomusPlus Haarlem: 24 plekken in ontwikkeling

Uitstromers Uit de laatste monitor43 van het Pact voor Uitstroom, d.d. oktober 2023, blijkt dat het aantal afgesproken woningen (maximaal 178 woningen/ jaar) niet wordt gehaald. Mogelijk komt dat door de afspraken over regiobinding en woonbehoefte. De behoefte aan woningen is zeker aanwezig maar komt niet overeen met de locaties van beschikbare woningen in de regiogemeenten: zo is er veel behoefte aan woningen in Haarlem waar ook veel opvangvoorzieningen zijn. Het aantal mensen op de wachtlijst om uit te stromen staat volgens de monitor op 82, waarvan 51 op de wachtlijst voor Haarlem. De vraagdruk blijft dus hoog: het afgesproken aantal uitstroomwoningen per jaar is eerder aan de lage dan de hoge kant.

43 Bron: (concept) Monitor Voortgang Uitstroomregeling Pact IJmond en Zuid-Kennemerland 2022 tm/ 2 oktober 2023 (2023).

DSP-groep

RAPPORT ─ Regionale woonzorgopgave Zuid-Kennemerland/IJmond

39

Aantal uitstromers uit BW/ MO/ VO/ detentie

107 personen (2022)

naar zelfstandig woning Aantal mensen op de wachtlijst voor uitstroom

82 (2022)

Jongeren met zorg met verblijfbehoefte Beleid De Hervormingsagenda Jeugd 2023-2028 (2023) heeft twee doelen, die nadrukkelijk aan elkaar zijn gekoppeld: 1.

Betere en tijdige zorg en ondersteuning, op de juiste plek en wanneer dit nodig is.

2.

Een beheersbaar en daarmee duurzaam financieel houdbaar stelsel.

Hiervoor wordt landelijk ingezet op beleidsmaatregelen zoals jeugdhulpplicht voor de meest kwetsbare jeugdigen en gezinnen. Jeugdigen en ouders met bijvoorbeeld opvoedvragen kunnen op een laagdrempelige manier in de wijk terecht. De inzet betreft ook stevige lokale teams en toegang. Ook voor de jeugdzorg geldt: zo thuis mogelijk.

Regionaal Beleid Op het gebied van jeugdhulp werken de gemeenten in Zuid-Kennemerland/IJmond nauw samen. Een van de thema’s is de transformatie van de residentiële jeugdhulp, waarin op een nieuwe manier zorg en kleinschalig wonen wordt vormgegeven ter verbetering van de kwaliteit en effectiviteit. (Boven)regionaal44 is de opgave om enerzijds de instroom in de residentiele jeugdhulp te voorkomen c.q. te beperken en anderzijds op het verbeteren van de accommodaties. De verbetering richt zich op het ombouwen van grootschalige instellingen -zowel gesloten als open- naar zo thuis mogelijk kleinschalige woonvormen in de wijk, waar jongeren langer durend kunnen blijven wonen. Voor de gesloten jeugdhulp is het streven dat deze in 2030 geheel is afgebouwd. Het beperken van de instroom richt zich op het voorkomen van uithuisplaatsingen door extra inzet van ambulante hulp in gezinnen. Zowel in de thuissituatie als in kleinschalige woonvormen is het van belang dat jongeren kunnen door- of uitstromen naar een volgende passende woonplek, al dan niet met een vorm van begeleiding.

44 Bron: Een Thuis voor Noordje, 2021 en Toekomstperspectief JeugdzorgPlus Zuid-Kennemerland en IJmond, 2023.

DSP-groep

RAPPORT ─ Regionale woonzorgopgave Zuid-Kennemerland/IJmond

40

De regionale inzet draagt bij aan een dekkend zorglandschap op de schaalgrootte van Noord-Holland, zoals verwoord in het bovenregionale plan Een Thuis voor Noordje en in de visie Open Driemilieusvoorzieningen; op weg naar kleinschalige woonvormen.

Kenmerken regio Het totaal aantal jeugdzorgtrajecten volgt de landelijke trend. De verwachting is een snelle toename, met name jeugdhulp zonder verblijf, vervolgens zal het aantal zich stabiliseren.45 Het percentage kinderen en jongeren dat gebruik maakt van jeugdzorg is alleen in Velsen en Beverwijk (beide 12%) boven het Nederlandse gemiddelde (11%).46

Behoefte-ontwikkeling Aanbieders benoemen met name: In de regio zijn nu drie kleinschalige woonvoorzieningen. De komende jaren is meer van dit soort huizen in de regio nodig, in de nabijheid van school, openbaar vervoer en wijkvoorzieningen maar niet dicht op buren. Het gaat dan om een zogenaamd moederhuis voor 4 tot 6 jeugdigen met idealiter een aantal studio’s in de buurt. De schattig is dat ca. 40 jongeren doorstromen voor wie geen huisvesting voor handen is: veelal (zelfstandige) woonruimte met begeleiding. Hier zit wel een gradatie in van mate van beschutheid/ ondersteuning. Een kleiner deel van uitstromers gaat naar een Wlz-instelling. Tussenvormen zijn nodig voor de stap naar (meer) zelfstandig kunnen wonen in een beschermde omgeving, al is de uitstroom naar een zelfstandige woonruimte weer lastig vanwege de beperkte beschikbaarheid.

Verwachte ontwikkeling van aanbod en vraag tot 2025 NB. Onderstaande data is te beperkt; consortia jeugdhulp gaan de behoefteontwikkeling 18- en 18+ specificeren. Gemiddeld melden zich jaarlijks ongeveer 50 tot 60 dakloze jongeren (18-23 jaar) voor opvang; het overgrote deel kampt met OGGZ-problematiek.

Tabel Bijlage 4.9: Huisvesting en zorg voor jeugdigen in verblijf 2021 en inschatting behoefte 202547 Huisvesting en zorg 2021 Aandachtsgroep jeugdigen in verblijf

Huisvesting en zorg 2025

Opgave

755 jeugdigen

(18-)

45 Bron: Beleidsinformatie Jeugd, CBS. 46

Bron: Regiobeeld Kennemerland, 2023.

47 Toekomstperspectief JeugdzorgPlus Zuid-Kennemerland en IJmond

DSP-groep

RAPPORT ─ Regionale woonzorgopgave Zuid-Kennemerland/IJmond

41

Aantal plaatsen kleinschalige woonvoorziening jeugdzorg+ (18-)

26 personen (3 locaties)

Inschatting behoefte korte termijn: 36 personen

Aantal plaatsen voor dakloze jongeren (18+)

+10 plaatsen, tot 2025 (na 2025: geen prognose voor handen)

50-60 plaatsen/ jaar

Mensen met verstandelijke en lichamelijke beperking Beleid De betrokken partijen in de gehandicaptenzorg en VWS hebben gezamenlijk de Toekomstagenda (2021) opgesteld, waarmee zij de noodzakelijke stap wilden zetten naar een toekomstbestendige zorg en ondersteuning voor mensen met een beperking. Er zijn zes speerpunten benoemd in de programmatische Uitwerking Toekomstagenda 2022-2026 (2022): 1.

Complexe zorg, inzet op onder meer vroegsignalering en goede toeleiding, passende en betaalbare Wlzzorg en kennisinfrastructuur

2.

Mensen met een licht verstandelijke beperking (LVB): inzet op onder meer bewustwording, continuïteit van zorg en ondersteuning, huisvesting

3.

Cliëntondersteuning: voortzetting van gespecialiseerde ondersteuning van cliënten en naasten Stimuleren van technologie & innovatie bij zorgorganisaties

4.

Vakmanschap & arbeidsmarkt: inzet op onder meer betere aansluiting van onderwijs op praktijk en behouden van professionals

5.

Levenslang en levensbreed Wmo, gericht op thuiswonenden met een blijvende aandoening.

Ontwikkeling doelgroep De zorgaanbieders48 zien de volgende ontwikkeling: Diversiteit en verzwaring binnen de groep mensen met een verstandelijke beperking groeien: er is vaker sprake van combinatie met bijvoorbeeld licht verstandelijke beperking, verslaving en gedragsproblemen en/of meervoudige, complexe beperkingen. Het gaat veelal om mensen met een Wlz-indicatie. De grotere mate van gedragsproblemen en complexiteit maakt kans op ontsporing bij onder meer het zelfstandig wonen groter. Cliënten met zware problematiek worden bij het ouder worden qua gedrag ‘zachter’ en kunnen dan wel doorstromen naar een woning in de wijk.

48 Dit betreft met name de zorgaanbieders voor mensen met een verstandelijke beperking.

DSP-groep

RAPPORT ─ Regionale woonzorgopgave Zuid-Kennemerland/IJmond

42

Kenmerken regio De afgelopen jaren is het aantal lichamelijke en zintuigelijke gehandicapten met een Wlz-indicatie minder hard gegroeid in de regio ten opzichte van het totaal in Nederland. De verwachting is dat het aantal vanaf 2030 stabiel blijft (510 cliënten). Het totaal van Nederland zal nog licht stijgen. Er zijn geen of weinig locaties voor gehandicaptenzorg in Zandvoort en Bloemendaal.

Behoefte-ontwikkeling Intramurale voorziening voor zorgzwaartepakket VG7+ (indicatie ‘Verblijf zwaar in combinatie met gedragsproblematiek’) is nodig: deze vraag neemt toe volgens de aanbieders. Streven is de ontwikkeling naar een ander type woonvorm: geclusterd wonen met gemiddeld 25-30 cliënten. Kleinschaligere locaties zijn niet meer rendabel. Combinatie van lichte en zwaardere zorg op een locatie is gewenst. De Hartekampgroep is hiermee bezig op eigen grond, in samenwerking met een corporatie en aanbieders ouderenzorg. Daarnaast is veelal sprake van verouderde (intramurale) complexen: renovatie is gewenst.

Verwachte ontwikkeling van aanbod en vraag 2020-204049 Voor mensen met een verstandelijke beperking met een indicatie vanuit de Wet langdurige zorg (Wlz) gaat het vooral om de indicatie Verblijf zwaar/ gedrag en (in mindere mate) ook om de indicatie Verblijf matig, dat geldt eveneens voor de komende 20 jaar. Er is nauwelijks sprake van groei, maar het huidige aanbod is al onvoldoende toereikend. Er zijn tot 2040 in de regio (daarom) zo’n 310 extra plaatsen nodig die geschikt zijn voor deze groep. De groep mensen met een lichamelijke beperking met een Wlz-indicatie is klein qua omvang, maar divers. De groep lijkt niet toe te nemen. Voor deze mensen is binnen de regio het aanbod beperkt; waarschijnlijk maakt een groot deel gebruik van gespecialiseerde voorzieningen buiten de regio. Nadere duiding van de prognose bij aanbieders is gewenst om de opgave aan te kunnen geven.

Tabel Bijlage 4.10: Verwachte ontwikkeling van aanbod en vraag 2022-2040 – personen met een beperking Huisvesting en zorg 2022

Prognose huisvesting en

Opgave

zorg 2040 Omvang aandachtsgroep verstandelijke beperking met Wlz-indicatie

1.520 personen

Aanbod

1.290 plaatsen (intramuraal)

Prognose behoefte: 1.580 personen

Gezien de groei in omvang en afname van aanbod betreft de opgave 310 plaatsen.

Prognose aanbod: 1.270 plaatsen

49 Bron: Verkenning wonen met zorg 2021-2040, Zuid-Kennemerland en IJmond (ABF Research, 2022).

DSP-groep

RAPPORT ─ Regionale woonzorgopgave Zuid-Kennemerland/IJmond

43

(intramuraal)

Omvang aandachtsgroep fysieke beperking met Wlzindicatie

115 personen

Prognose behoefte: 115 personen

Aanbod

55 plaatsen (intramuraal)

Prognose aanbod: 55 plaatsen (intramuraal)

Ouderen Deze groep betreft ouderen van 65 jaar en ouder.

Beleidsontwikkeling Nederland vergrijst in hoog tempo. De sterke toename van het aantal huishoudens van 75 jaar of ouder gaat gepaard met een stijging van de vraag naar intensieve (intramurale) zorg en een groeiende behoefte aan voor ouderen geschikte woningen. Gezondheidsbeperkingen en mobiliteitsproblemen treden vanaf de leeftijd van 75 jaar in aanmerkelijk hogere mate op dan op jongere leeftijden. Het Rijk zet al jaren in op zelfstandig en thuis wonen, met (digitale) ondersteuning (zelf als het kan, thuis als het kan, digitaal als het kan). Dat betekent (meer) intensieve zorg aan huis. Met een beperkte uitbreiding van verpleeghuisplekken ligt de nadruk op zelfstandige huisvesting. Het landelijk programma Wonen, ondersteuning en zorg voor ouderen benoemt de volgende pijlers: 1.

Samen vitaal ouder worden: normaliseren in plaats van medicaliseren, voorbereiden op ouder worden, reablement (ondersteuning gericht op zelfregie), versterken van de ondersteuningsstructuur, intergenerationeel wonen

2.

Sterke basiszorg voor ouderen: bevorderen van goede samenwerking binnen de zorg (tussen Wlz, Zvw, Wmo), realiseren van teams in de wijk, doorontwikkeling van de geneeskundige zorg voor specifieke patiëntgroepen.

3.

Passende Wlz-zorg: scheiden wonen en zorg, opzetten regionale ondersteuningsstructuur, domeinoverstijgend samenwerken, meerjarig contracteren en sturingsinstrumenten voor zorgkantoren

4.

Wonen en zorg voor ouderen: versnellen van de woningbouw50, het verbeteren van de doorstroming en het verbeteren van de leefomgeving zodat deze ook bijdraagt aan het langer zelfstandig wonen. Dit maakt onderdeel uit van

5.

Arbeidsmarkt en innovatie: ontwikkelen van nieuwe werkvormen, sociale en technologische innovatie, en goed werkgeverschap.

50 170.000 nultredenwoningen, 80.000 geclusterde woningen voor ouderen en 40.000 zorggeschikte woningen realiseren t/m 2030.

DSP-groep

RAPPORT ─ Regionale woonzorgopgave Zuid-Kennemerland/IJmond

44

In het kader van dit programma en de uitwerking van woondeals heeft BZK de huisvestingsopgave voor ouderen per gemeente tot 2030 in beeld gebracht 51. Hierbij wordt uitgegaan van drie woningtypen: nultredenwoningen, geclusterd wonen (met ontmoetingsruimte), zorggeschikte woningen voor 24 uurszorg (Wet langdurige zorg)52. De provincies spelen een coördinerende rol bij de uitwerking van het programma Wonen en zorg voor ouderen: de vertaling naar concrete plannen en voorstellen, met de opdracht om met gemeenten, zorgaanbieders, corporaties en zorgkantoor versnelling te brengen in de realisatie van voldoende ouderenhuisvesting.

Kenmerken regio 53

Het aantal ouderen groeit en het mantelzorgpotentieel ligt onder het Nederlands gemiddelde en daalt verder. Het aantal kwetsbare ouderen (75+) neemt in 2030 toe met 26% 54. De groep patiënten met een combinatie van chronische ziekten, in de regio groeit door toename in behandelmogelijkheden én vergrijzing, omdat ouderen vaker meerdere aandoeningen hebben. De wachtlijsten voor intramurale verpleging en verzorging zijn vaak boven de treeknorm55, al zijn ze korter dan landelijk. Het ouderenzorgvastgoed is verouderd: 50% van de verpleeghuiscapaciteit is na 1995 niet meer gerenoveerd. Er zijn arbeidsmarkttekorten in de curatieve (gericht op genezing) en langdurende zorg en deze tekorten nemen toe richting 2030.

Tabel Bijlage 4.11: Aantal woonzorgcomplexen ouderen per gemeente56 Aantal woonzorgcomplexen

Haarlem

52

Zandvoort

6

Bloemendaal

7

Heemstede

5

Velsen

10

Beverwijk

8

Heemskerk

8

51 Kenmerken regio 52 De definities staan in bijlage 1. 53 Mantelzorgpotentieel: ratio 50-64 jarigen en 85-plussers. 54 Bron: Regiobeeld Kennemerland, 2023. 55 Zorgaanbieders, zorgverzekeraars en Zorgverzekeraars Nederland hebben in 2005 afspraken gemaakt over aanvaardbare wachttijden

in de zorg. Die afspraken vormen samen de zogeheten ‘treeknorm’. 56 Wonenenzorgopdekaart.nl

DSP-groep

RAPPORT ─ Regionale woonzorgopgave Zuid-Kennemerland/IJmond

45

Ontwikkeling doelgroep Volledig Pakket Thuis (VPT), oftewel verpleeghuiszorg aan huis, is groeiende: in thuiszorg is een enorme toename van cliënten die intensieve zorg nodig hebben. In de thuiszorg is sprake van psychogeriatrie, zoals dementie, Alzheimer, en somatiek. Bij somatiek wordt de hulp van familie en mantelzorgers ingezet. Zodra psychogeriatrie neigt naar zorgzwaartepakket5 komt de persoon op de wachtlijst voor een intramurale setting. De intramurale groep heeft daardoor zware problematiek (somatiek en vooral psychogeriatrie): de diversiteit binnen een verpleeghuis verdwijnt. Dit vereist meer van het personeel en ook ander personeel. Intramuraal neemt de mutatiegraad toe; degenen die als laatste binnenkomen, overlijden over het algemeen eerder.

Behoefte-ontwikkeling De vraag naar intramurale verpleeghuisplekken blijft groot, maar uitbreiding van plaatsen is slechts zeer beperkt mogelijk vanuit Rijksbeleid dat inzet op afbouw van intramurale (verpleeghuis)capaciteit op lange termijn. Daarnaast is er behoefte aan: aanleunwoningen, groepswoningen, geclusterd wonen nabij een bestaande zorglocatie/ verpleeghuis. Voor de doorstroom is aanbod in koop en vrije sectorhuur ook nodig. Woningen waar ouderen dicht bij elkaar (geclusterd) wonen, is wezenlijk om zorg financieel haalbaar en voor cliënt aantrekkelijk te maken. Dat kan gaan om een mix van jonge(re) en oudere bewoners, met en zonder zorg.

Definities woningtypen ouderen en BZK-prognose ouderenhuisvesting In het kader van het landelijke programma Wonen en zorg voor ouderen en de uitwerking van woondeals heeft het ministerie van BZK de huisvestingsopgave voor ouderen per gemeente tot 2030 in beeld gebracht. Hierbij wordt uitgegaan van drie woningtypen:

6.

Nultredenwoningen

7.

Geclusterde woonvormen

8.

Zorggeschikte woningen.

De definities van het Rijk staan hieronder vermeld.

Nultredenwoningen Nultredenwoningen zijn reguliere woningen die zowel intern als extern toegankelijk zijn. Dit houdt in dat je de woningen kan bereiken zonder trap te lopen (extern toegankelijk) en dat keuken, badkamer, toilet en minimaal 1 slaapkamer zonder trappen te bereiken zijn (intern toegankelijk). Geclusterde woonvormen

DSP-groep

RAPPORT ─ Regionale woonzorgopgave Zuid-Kennemerland/IJmond

46

Geclusterde woonvormen zijn onder andere hofjeswoningen, serviceflats en seniorenflats. Geclusterde woonvormen beslaan woningen die voldoen aan de uitgangspunten voor nultredenwoningen. Daarnaast zijn deze woonvormen ingericht op het bevorderen van sociaal contact en gemeenschapsgevoel, waardoor eenzaamheid wordt tegengegaan. Er moet een ontmoetingsruimte inpandig aanwezig zijn en de woonvorm is wordt voor minimaal 50% bewoond door 55+’ers. Landelijk gaat het Rijk bij clustering uit van een schaal van minimaal 12 woningen. De schaal voor clustering kan op het platteland of in kleine kernen lager liggen. Het verdient aanbeveling dat de woningen dementievriendelijk ingericht worden. Zorggeschikte woningen Zorggeschikte woningen zijn zelfstandige woningen die onderdeel zijn van een geclusterde vorm waarin WLZ-zorg geleverd wordt voor bewoners. Deze zorggeschikte woningen zijn bedoeld voor mensen die in de huidige situatie vaak naar een verpleeghuis gaan. Om zorg te kunnen leveren is het van belang dat deze wooneenheden en de toegang hiertoe rolstoel- of rollatorgeschikt zijn, met voldoende ruimte bij de entree, in de toiletruimte en in de badkamer. Ook dient de woning brandveilig te zijn en te beschikken over een goede en stabiele internetverbinding voor domotica.

Verwachte ontwikkeling van aanbod en vraag 2020-204057 Het aantal 65-plussers neemt de komende 20 jaar toe van 53.000 naar 74.000 (40%). Van alle 52.250 geschikte woningen in de regio Zuid-Kennemerland/ IJmond worden er in 2021 bijna 24.000 bewoond door een 65-plushuishouden (45%). De vraag naar uitbreiding van de geschikte woningvoorraad door 65-plushuishoudens tot 2030 omvat in de regio 6.820 woningen; dit betreft met name nultredenwoningen. Haarlem en Velsen hebben de grootste opgave, zie hieronder58. Theoretisch zou deze opgave in z’n geheel ruimschoots ingevuld kunnen worden binnen de huidige geschikte voorraad. Door factoren als beschikbaarheid, gewenst marktsegment en dergelijke zal dit in de praktijk maar deels te realiseren zijn.

De provincie Noord-Holland heeft in 2024 een dashboard ontwikkeld met de regionale en gemeentelijke data over ouderenhuisvesting, de bestaande voorraad en de opgave tot 2031 59. Hierbij is geen differentiatie naar huur/ koop gemaakt. In een eerdere regionale prognose tot 2040 naar de uitbreidingsbehoefte naar geschikte woningen voor ouderen60, was wel een onderverdeling gemaakt naar marktsegment. Hierbij was de indeling van woningtypen enigszins anders dan de huidige BZK-indeling: nultreden-, aangepaste en geclusterde woningen. Uit deze prognose bleek dat de opgave zich met name richt het marktsegment: 55% van de opgave betreft koop, met name nultredenwoningen. 30% betreft sociale huur, met name geclusterde en nultredenwoningen. 15% betreft vrije sectorhuur, met name nultreden- en geclusterde woningen.

57 Bron: Verkenning wonen met zorg 2021-2040, Zuid-Kennemerland en IJmond (ABF Research, 2022) en Huisvestingsopgave

ouderenzorg Kennemerland, Maatschappelijke opgave tot 2040 (Gupta Strategists, 2020). 58 Prognose van het Rijk van de huisvestingsvraag voor ouderen 2022-2031, per gemeente. 59 https://geoapps.noord-holland.nl/dashboards/2023_008_Ouderenhuisvesting.htm 60 Bron: Verkenning wonen met zorg 2021-2040, Zuid-Kennemerland en IJmond (ABF Research, 2022).

DSP-groep

RAPPORT ─ Regionale woonzorgopgave Zuid-Kennemerland/IJmond

47

Tabel Bijlage 4.12: Huisvestingsopgave per gemeente, 2022-203161 Gemeente

Zorggeschikte woningen

Haarlem

265

470

2.030

2.765

Zandvoort

35

140

570

745

Bloemendaal

85

185

105

375

Heemstede

70

200

230

500

Velsen

115

445

735

1.295

Beverwijk

35

50

355

440

Heemskerk

115

160

425

700

Totaal

720

1.650

4.450

6.820

Geclusterde woningen

Nultredenwoningen

Totaal

Bij de afronding van dit document is de actualisering van de eerdere regionale verkenning62 naar ouderenhuisvesting voor ouderen met Wlz-zorg niet verwerkt. De actualisering is naar aanleiding van recent Rijksbeleid waar wordt ingezet op nauwelijks uitbreiding van intramurale capaciteit op termijn en geeft aanvullende informatie op de BZK-data.

4.8

Overige aandachtsgroepen Van de overige aandachtsgroepen zijn alleen voor woonwagenbewoners en arbeidsmigranten (regionale) prognoses beschikbaar voor de komende 5 tot 7 jaar.

Statushouders

63

Regionaal In het Woonakkoord is afgesproken: het huisvesten van vergunninghouders is een lokale verantwoordelijkheid, maar bij een grote toename is regionale afstemming gewenst. In de eerste helft 2023 is regionaal gezien de taakstelling behaald64, er zijn 36 personen bovenop de taakstelling gehuisvest. Er is binnen de regio wel enig verschil: zo hebben Velsen en Beverwijk de taakstelling nog niet volledig gerealiseerd.

61 Prognose van het Rijk van de huisvestingsvraag voor ouderen tot 2030, per gemeente (ABF Research, 2023). 62 Huisvestingsopgave ouderenzorg Kennemerland, Maatschappelijke opgave tot 2040 (Gupta Strategists, 2020). 63

Bon: Overzicht huisvesting vergunninghouders 1 juli 2023 | Publicatie | Rijksoverheid.nl

64 Bon: Overzicht huisvesting vergunninghouders 1 juli 2023 | Publicatie | Rijksoverheid.nl

DSP-groep

RAPPORT ─ Regionale woonzorgopgave Zuid-Kennemerland/IJmond

48

Tabel Bijlage 4.13: Taakstelling statushouders regio en realisatie 1e helft 2023 Taakstelling 2023 Statushouders

Taakstelling 1e helft 2023: 458 Taakstelling inclusief voor/achterstand 1e helft 2023: 320 Gerealiseerd 1 juli 2023: 356

Tabel Bijlage 4.14: Taakstelling statushouders en realisatie 1e helft 2023, per regiogemeente Taakstelling 1e

Taakstelling inclusief

Realisatie

Achter/ voor

helft 2023

voor- of achterstand

tot 1 juli 2023

realisatie tot 1 juli

Haarlem

195

99

116

-17

Zandvoort

21

19

19

0

Bloemendaal

29

29

44

-15

Heemstede

33

9

27

-18

Velsen

82

84

70

14

Beverwijk

51

31

26

5

Heemskerk

47

49

54

-5

Woonwagenbewoners Landelijk Woonwagenbewoners hebben een specifieke huisvestingsvraag. Gemeenten moeten volgens het Rijksprogramma Een thuis voor iedereen recht doen aan de culturele identiteit die samenhangt met de woonvorm, en daarom zorgdragen voor voldoende standplaatsen in hun gemeente.

Regionaal In het regionaal Woonakkoord65 is afgesproken: de verantwoordelijkheid wat betreft woonwagenbewoners en –standplaatsen is in principe lokaal, maar indien mogelijk wordt hier regionaal afgestemd en kennis uitgewisseld. De aantallen standplaatsen zijn de afgelopen jaren redelijk stabiel. In de regio bevinden de meeste standplaatsen zich in Haarlem, Velsen en Heemskerk. Heemskerk behoort tot de top 10 van gemeenten in Nederland met relatief gezien de meeste woonwagenbewoners. Haarlem heeft naar aanleiding van het Rijksbeleidskader gemeentelijk woonwagen- en standplaatsenbeleid (2018) in 2019 een behoefteonderzoek laten uitvoeren. Hieruit bleek dat er een additionele vraag is naar ca. 45 woonwagenstandplaatsen binnen de gemeente. Haarlem werkt sindsdien, in nauwe samenwerking met woonwagenbewoners en corporaties, aan het realiseren van aanvullende 65 Woonakkoord Zuid-Kennemerland/IJmond 2021-2025 (2021).

DSP-groep

RAPPORT ─ Regionale woonzorgopgave Zuid-Kennemerland/IJmond

49

woonwagenstandplaatsen, verbetering van de bestaande locaties en het verbeteren van het toewijzingsbeleid voor vrijkomende standplaatsen. De afspraken en doelstellingen zijn vastgelegd in het Actieprogramma Woonwagens 2021-2022 en het Uitvoeringsprogramma Woonwagens 2022-2026. Heemskerk en Beverwijk hebben in 2020 onderzoek 66 laten doen onder inwonende familieleden in woonwagens en onder mensen die in de afgelopen jaren vanuit een woonwagen zijn verhuisd naar een ‘reguliere’ woning. Rekening houdend met het natuurlijke verloop wordt de additionele behoefte voor de komende 5 jaar in Heemskerk geraamd op 17 tot 19 standplaatsen en in Beverwijk op 2 tot 4 standplaatsen.

Bloemendaal, Heemstede en Zandvoort hebben onlangs een vergelijkbaar behoefteonderzoek 67 gedaan. De additionele behoefte is: 11 plaatsen in Bloemendaal, 2 in Heemstede en 6 in Zandvoort.

Tabel Bijlage 4.15: Aantal bewoonde standplaatsen 2022 en opgave tot 2028 in de regio Huisvesting 2022 Woonwagenbewoners

335 standplaatsen, zie hieronder Meeste standplaatsen in Haarlem, Velsen, Heemskerk

Opgave 2028 +23 extra standplaatsen in Heemskerk, Beverwijk +19 extra standplaatsen in Bloemendaal, Heemstede, Zandvoort +45 extra standplaatsen Haarlem Velsen: PM

Tabel Bijlage 4.16: Aantal bewoonde standsplaatsen (CBS68) 2022 Haarlem

100

Zandvoort

20

Bloemendaal

15

Heemstede

15

Velsen

75

Beverwijk

45

Heemskerk

65

Totaal

335

66 Bron: Inventarisatie behoefte woonwagenstandplaatsen (Companen, 2020). 67

Bron: Inventarisatie behoefte woonwagenstandplaatsen (Companen, 2024).

68 Bron: CBS, Monitor bewoonde standplaatsen.

DSP-groep

RAPPORT ─ Regionale woonzorgopgave Zuid-Kennemerland/IJmond

50

Arbeidsmigranten NB. Onderstaande informatie komt uit een definitief concept van het onderzoeksrapport naar arbeidsmigranten69. Op basis van de prognose en de huidige registratiegraad, is de verwachting dat het aantal woonachtige arbeidsmigranten (zowel geregistreerd als ongeregistreerd) tot 2030 doorgroeit binnen een bandbreedte van 4.305 tot 11.665 arbeidsmigranten. Maximaal de helft van deze arbeidsmigranten zal naar verwachting wonen én werken in regio ZuidKennemerland en IJmond. Een deel van de huisvestingsopgave ligt in tijdelijke woonvormen (short-en midstay): het gaat om 2.185 tot 5.915 extra tijdelijke woonplekken. Daarnaast vestigen 2.120 tot 5.750 arbeidsmigranten zich de komende jaren permanent in de regio. De instroom van ‘permanente’ arbeidsmigranten wordt vaak maar beperkt meegenomen in reguliere bevolkingsprognoses. Een deel van deze arbeidsmigranten vormt dus een ‘plus’ op de huidige inschatting van de woningbehoefte.

Tabel Bijlage 4.17: Huisvesting arbeidsmigranten 2022 en opgave tot 203070 Huisvesting 2022 Omvang aandachtsgroep woonachtige

Inschatting: 10.030 personen

Opgave 2030 +4.305 tot 11.665 personen

arbeidsmigranten Tijdelijke versus permanente huisvesting

Tijdelijke huisvesting: +2.185 tot 5.915 arbeidsmigranten Permanente huisvesting: +2.120 tot 5.750 arbeidsmigranten

Mantelzorgers Landelijk Het aantal mantelzorgers per zelfstandig wonende 75-plusser neemt af van bijna 5 in 2018, naar 3 in 2040. Dat betekent vooral een daling van mantelzorgers in de leeftijd onder de 75 jaar. Het aantal mantelzorgers van 75 jaar en ouder zal verhoudingsgewijs toenemen 71.

69 Bron: Regionaal onderzoek huisvesting arbeidsmigranten ZKIJ (Companen, 2023). 70

Bron: Regionaal onderzoek huisvesting arbeidsmigranten ZKIJ (Companen, 2023).

71 Toekomstverkenning mantelzorg aan ouderen in 2040 (SCP en PBL, 2019).

DSP-groep

RAPPORT ─ Regionale woonzorgopgave Zuid-Kennemerland/IJmond

51

Regionaal Inschatting van Mantelzorg.NL is dat er circa 112.850 mantelzorgers in de regio zijn. Circa 85% van de mantelzorgers verleent langdurige mantelzorg en 10% voelt zich zwaarbelast. Er is geen inschatting van het aantal mantelzorgers dat een woning zoekt. Toewijzing van sociale huurwoningen aan mantelzorgers via de Urgentieregeling: gemiddeld 3 per jaar.

Tabel Bijlage 4.18: aantal mantelzorgers per gemeente (15 jaar of ouder)72 Inwoners 15 jaar of ouder

Mantelzorgers 15 jaar of ouder

Mantelzorgers die langdurig zorgen

Mantelzorgers langdurig en intensief

Mantelzorgers zwaarbelast

Haarlem

135.427

47.941

41.170

7.855

4.363

Zandvoort

14.850

5.257

4.514

861

478

Heemskerk

33.449

11.841

10.168

1.940

1.078

Beverwijk

34.996

12.389

10.639

2.030

1.127

Velsen

58.229

20.613

17.702

3.377

1.876

Bloemendaal

19.430

6.878

5.907

1.127

626

Heemstede

22.392

7.927

6.807

1.299

721

Studenten Landelijk Vanwege het toenemende tekort aan studentenhuisvesting heeft het Rijk met betrokken partijen, zoals onderwijsinstellingen en studentenhuisvesters, een Landelijk Actieplan Studentenhuisvesting 2022-2030 opgesteld. Het doel is te komen tot een uitbreiding van 60.000 betaalbare studentenwoningen in de periode 2022 – 2030, door onder andere nieuwbouw en betere benutting van bestaande bouw, en beter zicht en grip op de instroom.

Doelgroep Naast voltijdleerlingen aan een universiteit of hogeschool, worden door het Rijk ook mbo-leerlingen tot studenten gerekend. Landelijk gezien zijn WO-studenten merendeels uitwonend (70%) terwijl bij de HBOstudenten meer dan de helft thuis woont (60%). Qua woonwensen willen uitwonende studenten vaak nabij de onderwijsinstelling en stedelijke voorzieningen wonen. Met ov-verbindingen van en naar de instellingen kan het in het ouderlijk huis wonen mogelijk worden gemaakt/ vereenvoudigd.

Metropoolregio Amsterdam en Haarlem Binnen de MRA wonen er met name veel studenten in Amsterdam, Diemen, Amstelveen en Almere73.

72

Bron: Mantelzorg.nl

73 Notitie Duiding van de gegevens-analyse huisvesting aandachtsgroepen (MRA, augustus 2023).

DSP-groep

RAPPORT ─ Regionale woonzorgopgave Zuid-Kennemerland/IJmond

52

In Amsterdam blijkt tot 2028-2029 een behoefte aan 13.840 tot 16.450 extra studentenwoningen te zijn 74. Momenteel wordt binnen de MRA geïnventariseerd welke gemeenten een bijdrage aan deze opgave kunnen leveren. Ook Haarlem is een van de steden waar sprake is van een relatief zeer krappe woningmarkt voor studenten. De verwachting is dat de vraagdruk de komende jaren verder toeneemt 75 (de prognose is niet verder geconcretiseerd). Haarlem geeft vooral prioriteit aan andere aandachtsgroepen; studenten vinden veelal hun weg in het particuliere aanbod. Wel worden er tot 2032 circa extra 235 studentenwoningen toegevoegd, naast starterswoningen.

74

Bron: Landelijk Actieplan Studentehuisvesting 2022-2030.

75 Bron: Landelijke monitor studentenhuisvesting 2021 (ABF Research, 2021).

DSP-groep

RAPPORT ─ Regionale woonzorgopgave Zuid-Kennemerland/IJmond

53

Bijlage 5: Regionale woonafspraken en ontwikkelingen Woonakkoord Zuid-Kennemerland/IJmond 2021-2025 en Woondeal MRA 2023 Woonakkoord Zuid-Kennemerland/ IJmond77 In het tweedelige Woonakkoord (Bestuursakkoord en Uitvoeringsagenda) zijn afspraken gemaakt over onder meer de onderwerpen betaalbaarheid en de huisvesting van doelgroepen. De volgende afspraken hebben raakvlakken met de onderwerpen van de woonzorgvisie:

Afspraken betaalbaarheid We breiden de sociale huurwoningvoorraad uit (netto), in de regio en in elke gemeente 76. Uitvoeringsagenda: we streven naar een netto groei van de sociale huurvoorraad in bezit van de corporaties met minimaal 2.400 woningen tot 2030. Elke gemeente realiseert in de woningbouwproductie 30% sociale huur. Deze afspraak betreft de bruto productie (exclusief sloop) Een evenwichtige en transparante verdeling van de beschikbare sociale huurwoningen over de regio. Uitvoeringsagenda: we stemmen de nieuwe Huisvestingsverordeningen goed regionaal af en besluiten indien mogelijk gelijktijdig hierover.

Afspraken doelgroepen We gaan door met het agenderen, kennis delen en monitoren van wonen en zorg. Uitvoeringsagenda: we updaten de woonzorgagenda, organiseren kennisbijeenkomsten en actualiseren jaarlijks de (online) monitor Wonen en zorg op de kaart. We stimuleren dat zoveel mogelijk ouderen passend (gaan) wonen. Uitvoeringsagenda: evalueren bewustwordingscampagne en faciliteren nieuwe woonvormen. We werken samen aan de huisvesting van kwetsbare groepen. Uitvoeringsagenda: uitwerken en implementeren Pact voorUitstroom. We werken aan huisvesting van spoedzoekers, buitenlandse werknemers, woonwagenbewoners en vergunninghouders. Uitvoeringsagenda: inzicht verkrijgen in de omvang, samenstelling en woonwensen van deze groepen en bespreken in hoeverre kennisdelen en regionale afstemming wenselijk is.

76

Beverwijk vormt hierop een uitzondering: zij streeft naar behoud van de sociale huurvoorraad. Beverwijk en Heemskerk zullen gezamenlijk inzetten op een groei van de sociale voorraad in Beverwijk/Heemskerk.

DSP-groep

RAPPORT ─ Regionale woonzorgopgave Zuid-Kennemerland/IJmond

54

Evaluatie regionaal Woonakkoord en Woondeal MRA (2023) Het landelijk beleid verandert; er is meer inhoudelijke sturing met de nationale Woon- en Bouwagenda en de daarvan deel uitmakende programma’s. Belangrijke beleidslijnen die het Rijk heeft ingezet, zijn: de bouw van 900.000 woningen t/m 2030, waarvan per gemeente tweederde ‘betaalbaar’ is (gemiddeld 30% sociale huur en 36% middeldure huur/betaalbare koop) in verband met fair share; de bouw van meer woningen voor ouderen; de huisvesting van diverse aandachtsgroepen (programma ‘Een thuis voor iedereen’).

Deze onderwerpen zijn inmiddels vastgelegd in de Woondeals. De gemeenten in Zuid-Kennemerland/ IJmond maken onderdeel uit van de MRA en hebben de Woondeal MRA in maart 2023 getekend.

De speerpunten van de Woondeal MRA stroken goed met de doelen uit het Woonakkoord ZuidKennemerland/IJmond. Wel zal er extra inzet nodig zijn op de bouw van betaalbare woningen. Om de bouw van tweederde betaalbare woningen te kunnen realiseren (gemiddeld 30% sociaal en 36% middelduur segment), blijven gemeenten kennis delen, monitoren met de regionale woningbouwmonitor en van elkaar leren over de inzet en toepassing van sturingsinstrumentarium.

Bouwbeleid per gemeente Voor de aandachtsgroepen maken sociale huurwoningen een essentieel onderdeel uit van de huisvestingsopgave. Voor ouderen ligt er ook een opgave in middelduur (huur en koop). De regiogemeenten hebben in hun eigen bouwbeleid hun voornemens voor vergroting (of behoud) van de sociale huurvoorraad opgenomen: Haarlem gaat uit van 40% sociaal in nieuwbouwprojecten ten oosten van het Spaarne en 50% sociaal ten westen van het Spaarne. Zandvoort heeft vastgelegd dat bij nieuwbouw uitgegaan moet worden van 30% sociale huurwoningen. Bloemendaal heeft als spelregel voor het programmeren van woningbouw minstens 33% sociale huur. Heemstede heeft als ambitie om bij nieuwbouwprojecten 30% sociale huurwoningen binnen het totaal van projecten te realiseren. Velsen beoogt differentiatie binnen de gemeente77, geen uitbreiding van sociale huur in IJmuiden en Velsen-Noord en in andere kernen 30% sociaal. Heemskerk heeft vastgelegd dat bij nieuwbouw 30% sociale huur wordt toegevoegd. Beverwijk beoogt vitale wijken en wil meer differentiatie. De gemeente heeft vastgelegd om in bestaande wijken met sloop/nieuwbouw het aantal sociale huurwoningen op peil te houden en in nieuwe gebiedsontwikkelingen 20% sociale huur toe te voegen.

77 In Velsen is een grote sloop/nieuwbouwopgave (IJmuiden). Door de herbouw komt de gemeente waarschijnlijk op de 30% terwijl het in

IJmuiden en Velsen-Noord niet de bedoeling is dat de sociale voorraad erg toeneemt – er is al relatief veel sociale huur. Hier ligt de nadruk op het in absolute aantallen behouden van de sociale voorraad. In de andere kernen van Velsen geldt wel: 30% sociale huur bij nieuwbouwprojecten.

DSP-groep

RAPPORT ─ Regionale woonzorgopgave Zuid-Kennemerland/IJmond

55

Metropoolregio Amsterdam: koploperprogramma Onderdeel van het Rijksprogramma Een thuis voor iedereen is het werken met zogenaamde koploperregio’s. Vooruitlopend op wetgeving wordt in de koploperregio’s gestart met het uitvoeren van diverse acties uit het programma. De MRA is een van de koploperregio’s waarvoor een programma is opgezet. In 2023 is voor de MRA regio de verdeling over de regio van de in het programma benoemde aandachtsgroepen in beeld gebracht en kennis en ervaring tussen gemeenten en regio’s uitgewisseld

DSP-groep

RAPPORT ─ Regionale woonzorgopgave Zuid-Kennemerland/IJmond

56

DSP-groep BV Van Diemenstraat 410 1013 CR Amsterdam +31 (0)20 625 75 37

dsp@dsp-groep.nl KvK 33176766 www.dsp-groep.nl

DSP-groep is een onafhankelijk bureau voor onderzoek, advies en management, gevestigd aan de IJ-oevers in Amsterdam. Sinds de oprichting van het bureau in 1984 werken wij veelvuldig in opdracht van de overheid (ministeries, provincies en gemeenten), maar ook voor maatschappelijke organisaties op landelijk, regionaal of lokaal niveau. Het bureau bestaat uit 40 medewerkers en een groot aantal freelancers.

Dienstverlening Onze inzet is vooral gericht op het ondersteunen van opdrachtgevers bij het aanpakken van complexe beleidsvraagstukken binnen de samenleving. We richten ons daarbij met name op de sociale, ruimtelijke of bestuurlijke kanten van zo’n vraagstuk. In dit kader kunnen we bijvoorbeeld een onderzoek doen, een registratie- of monitorsysteem ontwikkelen, een advies uitbrengen, een beleidsvisie voorbereiden, een plan toetsen of (tijdelijk) het management van een project of organisatie voeren.

Expertise Onze focus richt zich met name op de sociale, ruimtelijke of bestuurlijke kanten van een vraagstuk. Wij hebben o.a. expertise op het gebied van transitie in het sociaal domein, kwetsbare groepen in de samenleving, openbare orde & veiligheid, wonen, jeugd, sport & cultuur.

Meer weten? Neem vrijblijvend contact met ons op voor meer informatie of om een afspraak te maken. Bezoek onze website www.dsp-groep.nl voor onze projecten, publicaties en opdrachtgevers.

[Typ hier]

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/14598815/1