CConstaterende datHaarlem
Koppel je AI →
Document · PDF

2 Bijlage 1 - Rapport Doelmatig- en doeltreffendheidsonderzoek Spaarnelanden

commissie Bestuur 20 maart 2025, gemeente HaarlemBij agendapunt: 18:40 uur Afdoening motie "Spaarnelanden: Meten is weten" (FR)18.880 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 2 van 3

Niet gevonden in dit document.

te worden. In de businesscase worden tenminste verwerkt; de concessievergoeding, de energielasten en de kapitaallasten van de investeringen in verzwaring elektrische capaciteit.

BJ7296

13

Doelmatig- en doeltreffendheidsonderzoek Spaarnelanden

3.4

Kostenprestaties Zandvoort

Er is geen benchmark uitgevoerd naar de beheerkosten voor unit Zandvoort. Dit komt omdat het onvoldoende navolgbaar welke werkzaamheden Spaarnelanden zou moeten uitvoeren volgens de verschillende DVO’s (Zie ook Bijlage: Uit te voeren werkzaamheden unit Zandvoort). De afspraken op papier tussen de gemeente en Spaarnelanden wijken af van de kostenposten die Spaarnelanden hanteert. Tabel 3-13 toont deze verschillen per domein. Binnen de unit Zandvoort lijken daarom verschuivingen van budgetten plaats te vinden. Tabel 3-13 Opdrachtsom per taakveld voor unit Zandvoort Domein in opdrachtbrief Som in opBegrotingspost(en) bij vanuit Zandvoort drachtbrief 2024 Spaarnelanden Groen € 307.887 Bomen, Beplanting, Grasen Kruidachtigen (Groen) Groen Begraafplaats € 56.834 Duinen, zeereep € 42.055 Verhardingen € 724.757 Verharding, straat-/verkeersmeubilair Verkeer/vervoer € 137.351 Verkeer en vervoer Speelgelegenheden € 59.026 Speelvoorzieningen Wegafval € 352.237 Straatreiniging Afval € 1.880.043 Afval Ongediertebestrijding € 26.124 Ongediertebestrijding Riolering € 507.296 Riolering Civiele Kunstwerken € 24.045 Civiele kunstwerken Strand € 323.821 Strand Strandhuisjes € 64.294 Gladheidsbestrijding € 12.477 Gladheidsbestrijding Bijdrage Spaarnelanden € 2.957.491 Unit en concern overhead (geen DVO) Totaal € 7.475.738 Totaal

Prognose Spaarnelanden 2024 € 1.023.840

€ 487.014 € 149.422 € 65.397 € 1.008.895 € 1.516.133 € 2.838 € 475.718 € 40.668 € 602.576 € 97.960 € 1.862.641 € 7.333.102

Een overzicht van financiële kengetallen voor taken (een tarievenblad) ontbreekt eveneens. Tenslotte zijn areaalgegevens niet van de juiste kwaliteit om op objectieve wijze een kostenanalyse uit te voeren. Wel kunnen we algemene uitspraken doen over de doelmatigheid en -treffendheid van middelen. Beperkt financieel voordeel sinds aansluiting Zandvoort Zandvoort is sinds 2018 aandeelhouder van Spaarnelanden. Sindsdien voert Spaarnelanden verschillen beheertaken uit namens de gemeente Zandvoort. Op verschillende taakvelden zijn schaalvoordelen te behalen door werkzaamheden te integreren, concreet door de uitwisseling van uitvoerend en 11 november 2024

ondersteunend personeel, voertuigen en materieel. Een efficiëntere, gedeelde inzet van mens en middelen levert financieel voordeel op. Tot nu toe is alleen sprake van gedeelde inzet bij de afvalinzameling. Voor de overige taken opereert de unit Zandvoort van Spaarnelanden onafhankelijk van de units BOR en Afval en Grondstoffen. Financieel voordeel kan verder bereikt worden door het samenvoegen en/of efficiënter organiseren van: • Teamleiding- en ondersteuning; • Administratieve taken, zoals planning; • Inkoop, aanbesteding en contractbeheer; • Rapportageverplichtingen (richting gemeente); • Instandhouding, beheren en onderhouden van voorzieningen – inclusief het beheer van Geovisio. De unit Zandvoort is zes jaar onderdeel van Spaarnelanden. Het is vanuit bedrijfseconomisch perspectief ongunstig dat er niet meer is gedaan om de unit meer te laten samenwerken met de andere units van Spaarnelanden. Er is te weinig aandacht besteed aan de integratie en de argumenten die daartegen werden gebruikt lijken vooral op gevoelens te berusten: Zandvoort zou materiaal hebben dat alleen geschikt is voor Zandvoort (door het soort materieel) en personeel zou (in tegenstelling tot unit BOR en Afval en Reiniging) breed geschoold zijn. Riolering (6,8%), Strand (4,3%) en Strandhuisjes (0,9%) zijn goed voor 12% van de totale DVO-sommen van Zandvoort.

Dit zijn activiteiten die niet in Haarlem voorkomen. Het integreren van deze activiteiten met de andere units van Spaarnelanden zal daarom minder synergievoordelen opleveren. Kansen op vergroten bedrijfscontinuïteit en kennis Een betere samenwerking tussen de units op het gebied van beleid, beheer en onderhoud kan zorgen voor een duidelijkere afstemming van doelen en resultaten. Dit is met name voor Zandvoort een groot voordeel, omdat zij minder capaciteit hebben voor beleid en uitvoering dan ‘grote broer’ Haarlem. Door samenwerking kan voor Zandvoort (of vice versa voor Haarlem) nieuwe inzichten en methoden worden gevonden voor het beheer van openbare ruimte. Integratie van de units kan daarnaast ook leiden tot meer weerbaarheid: uitval van personeel, voertuigen en materieel kan eenvoudiger worden opgevangen doordat deze integraal ingezet kunnen worden. BJ7296

14

Doelmatig- en doeltreffendheidsonderzoek Spaarnelanden

3.5

Werkzaamheden die Spaarnelanden uitbesteed

Tabel 3-14 toont de kosten die Spaarnelanden maakt voor uitbesteed werk. Bij unit BOR wordt in 2024 € 2,9 miljoen besteed aan derden. Dit betreffen vooral diensten die zijn uitbesteed aan onderaannemers, met name bij bomen, het bestrijden van exotische flora en verhardingen. Uitbesteed werk betreft in 2024 23% van de totale begroting voor BOR en is 38% als we alleen kijken naar de som van personeelskosten en uitbesteed werk. Bij unit Afval en Reiniging is onkruidbestrijding de grootste uitbestede activiteit. De unit Zandvoort besteedt een aanzienlijk deel (22% van de begroting) uit aan onderaannemers. Eén van de grotere activiteiten die wordt uitbesteed is het beheer en onderhoud van het strand. Het strandbeheer is specialistisch en uniek werk en wordt daarom van oudsher al overgelaten aan externen. Tabel 3-14 Kosten uitbesteed werk Unit17 BOR Parkeerservice Afval en Reiniging Urgente Meldingen Zandvoort Subtotaal

Prognose 2024 € 2.912.000 € 6.000 € 1.288.000 -

% van totaal prognose unit 23% 0% 5% -

€ 1.688.000 € 6.801.000

22% -

Het is de verantwoordelijkheid van Spaarnelanden zelf om te bepalen of zij taken door te leggen naar onderaannemers, op voorwaarde dat Spaarnelanden ervoor zorgt dat deze uitbesteding bijdraagt aan het behalen van de doelstellingen en opgaven binnen het DBC en de DVO's. Het uitbesteden van activiteiten door Spaarnelanden kan echter inefficiënt zijn wanneer Spaarnelanden hoofdzakelijk als tussenpersoon fungeert. Wij raden aan om te beoordelen welke activiteiten door Spaarnelanden worden uitbesteed en per activiteit te evalueren in hoeverre: • Spaarnelanden enkel als tussenpersoon fungeert (het simpelweg doorgeven van werkzaamheden aan onderaannemers); of • Spaarnelanden juist in haar rol wordt benut om te bepalen welke gespecialiseerde kennis en expertise nodig is om te voldoen aan de bredere, integrale opgaven binnen het DBC en de DVO's. Hier lijkt bijvoorbeeld sprake van bij de bestrijding van onkruid en exotische flora. 17

Tenslotte kent de unit Bedrijfsvoering (financiële zaken, inkoop en IT) enige kosten voor derden, ongeveer € 250.000, 3% van de begroting van deze unit. 11 november 2024

In het eerste geval adviseren wij de gemeenten om te overwegen deze taken zelf uit te besteden, zodat de overhead binnen de gehele keten beperkt kan worden. In het laatste geval is het volkomen verantwoord dat Spaarnelanden zelf opdrachten doorgeeft aan onderaannemers. Bij het uitbesteden van werkzaamheden vallen verder de volgende zaken op: (1) Indexering onderaannemers wijkt af van het DBC De overeenkomsten met onderaannemers bevatten andere indexatieafspraken dan diegene in het DBC. Dit kan betekenen dat de kosten van onderaannemers harder stijgen dan de indexatiemethode die Spaarnelanden zelf mag toepassen naar gemeente. Ook het afgesproken indexatiemoment of peiljaar kan afwijken. De geprognosticeerde kosten van Spaarnelanden laten zien dat Spaarnelanden inderdaad te maken heeft gehad met indexeringen van onderaannemers die hoger zijn dan de indexering die ze zelf kunnen toepassen richting de gemeenten. Uit interviews blijkt dat Spaarnelanden de extra kosten graag had willen verrekenen met Haarlem. (2) Contracten onderaannemers niet in lijn met inkoopbeleid gemeente De contracten die Spaarnelanden afsluit zijn niet in overeenstemming met het Strategisch Inkoopbeleid 18 van gemeente Haarlem. De gemeente Haarlem heeft drie pijlers voor de inkoopdoelstellingen: de lokale economie, sociaal inkopen en duurzaamheid.

Deze elementen zijn niet terug te vinden in de overeenkomsten die Spaarnelanden zelf in de markt plaatst. (3) Geen langdurige contracten met onderaannemers Daarnaast kiest Haarlem er zelf voor om te investeren in langdurige onderaannemers (tot 8 jaar). In de beleving van functionarissen van de gemeente Haarlem dragen dergelijke langdurige contracten bij aan het gezamenlijk opbouwen kennis van de stad bij contractpartners. Dit is ook een reden waarom de gemeente Haarlem heeft besloten zelf een langdurig contract met Spaarnelanden aan te gaan. Spaarnelanden past dit principe zelf niet toe op de contracten met haar onderaannemers. Dit kan als ongewenst worden gezien. Echter, Spaarnelanden benadrukt dat zij altijd de Aanbestedingswet naleven. Hierdoor kan het voorkomen dat zij de wet laten voorgaan boven hun eigen beleid. 18

Gemeente Haarlem (2021) Strategisch Inkoopbeleid 2021 BJ7296

15

Doelmatig- en doeltreffendheidsonderzoek Spaarnelanden

4

Milieuprestaties, resultaten en effecten

In dit hoofdstuk gaan we nader in op de milieuprestaties. De volgende thema’s komen aan bod: • Energie en klimaat (paragraaf 4.1); • Grondstoffen en circulariteit (paragraaf 4.2); • Natuur en biodiversiteit (paragraaf 4.3); • Social Return (paragraaf 4.4). Per thema gaan we in op beleid, wat er gedaan wordt om de beleidsdoelen te halen en welke vorderingen zijn gemaakt.

4.1

Energie en klimaat

Beleid Er zijn drie belangrijke beleidsdoelen ten aanzien van energie en klimaat. 1. CO2-reductie realiseren: Het Klimaatakkoord stelt dat Nederland in 2030 een reductie van broeikasgassen met minimaal 55% moet realiseren ten opzichte van 199019 De ambitie is inmiddels zelfs verhoogd naar een streven van 60% vermindering.20 Gemeente Haarlem stelt als minimale doelstelling 60% CO2-reductie in 2030 ten opzichte van 2017 en streeft naar 65% CO2-reductie, zodat bij tegenvallers de 60% emissiereductie binnen bereik blijft.21 De activiteiten van Spaarnelanden vallen onder scope 3 emissies van de gemeente Haarlem. Daar zijn geen doelstellingen voor geformuleerd. De gemeente heeft alleen scope 3 doelen geformuleerd voor woon-werk verkeer en dienstreizen van medewerkers. De grootste scope 3 impact van gemeenten zit juist in het beheer van de openbare ruimte en afvalbeheer. Spaarnelanden heeft ook CO2-doelstellingen. Spaarnelanden wil in 2030 CO2-neutraal zijn. 2. Meer laadpunten in parkeergarages realiseren: De Nationale Agenda Laadinfrastructuur is gekoppeld aan het Klimaatakkoord en streeft naar een aanzienlijke toename van laadpunten/laadpalen in parkeergarages om de groei van elektrische voertuigen te ondersteunen en de transitie naar duurzame mobiliteit te bevorderen. De doelstelling is om tegen 2025 tien keer zoveel laadpunten in parkeergarages te hebben als nu.

In 2025 moet ten 19 20

Op weg naar ZES (20 oktober 2020) Spelregels invoering zero-emissiezones bekend Rijksoverheid (geraadpleegd 17 mei 2024). Voortgang klimaatdoelen.

11 november 2024

minste 5% van de parkeerplaatsen in publieke parkeergarages voorzien zijn van laadpunten, in 2030 moet dit 10% zijn. Vanuit de gemeente zijn geen doelstellingen gevonden. Spaarnelanden heeft geen doelstellingen omdat het geen actieve rol heeft: ze mag concreet geen laadinfra meer plaatsen in parkeergarages. Deze rol ligt bij de gemeente. 3. Wagenpark verduurzamen: Het Klimaatakkoord schrijft voor dat vanaf 2030 alle lichte voertuigen in het gemeentelijk wagenpark emissievrij zijn. Zware voertuigen moeten zoveel mogelijk emissievrij zijn. In het Klimaatakkoord zijn ook afspraken gemaakt over het instellen van zones waarin vrachtwagens geen CO2 meer uitstoten. In de Green deal 173 ZES (zero emissie stadslogistiek) is dit nader geconcretiseerd. Haarlem heeft deze Green Deal ondertekend waarbij de huidige milieuzone een nulemissiezone wordt. Spaarnelanden werkt zelf ook aan de verduurzaming van het eigen wagenpark en heeft daar reductiedoelen voor geformuleerd. Opmerking: Het beheer van groen kan een belangrijke vierde pijler zijn. Gezond, volwassen groen en minder verharding dragen bij aan het opvangen van CO 2. De taken van Spaarnelanden spelen hier een belangrijke rol in. De baten van groenbeheer op CO2-reductie zijn niet geanalyseerd.

Maatregelen en inkoop De gemeente Haarlem en Spaarnelanden beogen de volgende maatregelen met betrekking tot energie en klimaat relevant voor Spaarnelanden: 1. CO2-reductie realiseren: Er zijn drie reductiedoelstellingen gesteld voor scope 1 (de directe emissies) en scope 3 (de indirecte emissies van derden): • Inzet alternatieve brandstoffen voor het eigen wagenpark (inzet HVO50); • Vervanging en elektrificatie van het wagenpark; • Reductie emissies verwerking restafval (beter afval scheiden). Spaarnelanden monitort de resultaten en publiceert deze jaarlijks sinds 2017 en vorderingen op de website. 2. Meer laadpunten in parkeergarages realiseren: In de verkregen stukken en uit de gesprekken zijn geen maatregelen hieromtrent naar voren gekomen. Gemeente Haarlem heeft inmiddels enkele 21

Gemeente Haarlem (2022) Update Haarlemse Routekaart - Route voor C02 reductie BJ7296

16

Doelmatig- en doeltreffendheidsonderzoek Spaarnelanden

laadpalen geïnstalleerd in Parkeergarage Raaks en is voornemens om de parkeergarages te voorzien van meer laadpalen. De gemeente Haarlem is eigenaar van het vastgoed en is verantwoordelijk voor de realisatie van de laadinfrastructuur. Spaarnelanden draagt de verantwoordelijkheid voor het beheer van de voorzieningen. 3. Wagenpark verduurzamen: Om de CO2-emissies van het wagenpark op diesel te verlagen, is Spaarnelanden overgegaan van reguliere diesel naar eerst HVO20 en nu HVO50. HVO50 bestaat voor 50% uit reguliere diesel en voor 50% uit afgewerkte plantaardige oliën en restafval, zoals dierlijke vetten. Spaarnelanden is in 2015 gestart met het elektrificeren van haar wagenpark. Dit betreffen vooral lichtere voertuigen. Voor de zware voertuigen en dan met name de inzamelwagens zijn (nog) geen voertuigen op de markt geschikt voor Haarlem: voor Haarlem zijn zogenaamde smalspoor voertuigen nodig met een maximale breedte van 220 of 230 centimeter. Uit een marktconsultatie van Spaarnelanden blijkt dat deze voertuigen voorlopig nog niet als fabrieksmodellen beschikbaar zijn. Vanwege slechte ervaringen in het verleden, bouwt Spaarnelanden geen brandstofvoertuigen om naar elektrische voertuigen. Verder liggen de aanschafkosten van een elektrisch zwaar voertuig ongeveer twee keer hoger dan die van een dieselvoertuig.

Spaarnelanden verwacht dat dit financieel een grote impact zal hebben: de jaarlijkse kosten voor voertuigen relevant voor het DBC zullen met circa € 2 miljoen toenemen en tot 2030 is een extra investering van bijna € 19 miljoen nodig. Gerealiseerde prestaties 1. CO2-reductie realiseren: In de onderstaande tabel staan de CO2-emissies van Spaarnelanden.22 Tabel 4-1 CO2-emissies Spaarnelanden in ton CO2 Emissies 2017 2018 2019 Haarlem Scope 1 - direct 1.902 1.854 1.927 Scope 2 - indirect 24 31 30 Scope 3 - derden 20.769 20.388 19.438 Zandvoort

2020

2021

2022

2023

1.994 26 20.367

1.972 36 19.860

1.602 34 18.333

1.461 40 17.702

Emissies Scope 1 - direct Scope 2 - indirect Scope 3 - derden

2017 -

2018 136 0 2.640

2019 165 0 2.356

2020 152 0 2.414

2022 169 0 1.949

2023 135 0 2.057

Uit de tabel blijkt dat de CO2-emissies van Spaarnelanden zijn gedaald sinds 2017. In Haarlem zijn de totale emissies van Spaarnelanden sinds 2017 met 15% gedaald. Het grootste deel van de uitstoot van Spaarnelanden vindt in Haarlem plaats – circa 9 keer zo veel als in Zandvoort. Ongeveer 85% van de scope 1-emissies komt door de brandstof die het wagenpark verbruikt. De grootste (keten) uitstoot van Spaarnelanden zijn de scope 3 uitstoot van het afvalbeheer, vooral van het restafval. Nog niet alle CO2-emissies die onder scope 3 vallen zijn meegenomen: dit geldt bijvoorbeeld voor de emissies van aannemers die Spaarnelanden heeft ingehuurd en ingekochte producten/materialen. 2. Meer laadpunten in parkeergarages realiseren: Uit de verkregen stukken en uit de gesprekken zijn geen maatregelen hieromtrent worden gevonden. Bovendien is de gemeente Haarlem verantwoordelijk voor de realisatie van de laadinfrastructuur. In de onderstaande tabel staan het aantal landpunten in parkeergarages die Spaarnelanden namens gemeente Haarlem beheert. Tabel 4-2 Huidig aantal laadpunten en beoogd aantal laadpunten Aantal parkeerplaatAantal laadpalen Doel aantal laadpasen 2024 2024 len 2025

3.254

30 (0,01%)

163 (5%)

Doel aantal laadpalen 2030

325 (10%)

3. Wagenpark verduurzamen: Vanaf september 2023 rijden alle voertuigen op HVO50. Zo kan een CO 2-reductie worden behaald van 40 tot 45% ten opzichte van reguliere diesel. Spaarnelanden schat in dat de emissies van het wagenpark daardoor structureel op jaarbasis dalen met 443 ton. Dit zijn scope 1 emissies. 85% van de scope 1 emissies komen van het wagenpark. Eind 2023 zijn 61 van de 179 voertuigen elektrisch, ofwel 34% van het wagenpark. Dit betreffen vooral lichtere voertuigen. Spaarnelanden schat in dat met de elektrische voertuigen ongeveer 146 ton aan CO2-reductie wordt gerealiseerd.

22

Verkregen uit jaarlijkse CO2-prestatieladderrapportages die Spaarnelanden. Zie ook: Spaarnelanden (18 april 2024). CO2-Prestatieladder, Voortgangsrapportage 2023 11 november 2024

2021 172 0 2.268

BJ7296

17

Doelmatig- en doeltreffendheidsonderzoek Spaarnelanden

4.2

Grondstoffen en circulariteit

Beleid Er zijn drie hoofddoelen binnen het beleid voor grondstoffen en circulariteit: 4. Naar een circulaire economie: Europa moet in 2050 een volledig circulaire economie hebben. Dit staat in de Europese Green Deal. Sindsdien zijn er diverse pakketten voorgesteld om de transitie naar een CE te versnellen. Het Nationaal Programma Circulaire Economie 2023-2030 (NPCE) bevat de honderden Nederlandse maatregelen om de komende jaren zuiniger om te gaan met grondstoffen. In 2030 moet het primaire abiotische grondstoffenverbruik (mineralen, metalen en fossiel) met 50% zijn gereduceerd. De gemeente Haarlem heeft haar circulair beleid vastgelegd in Haarlem Circulair 2040. Haarlem wil al 10 jaar eerder in 2040 een volledig circulaire stad zijn. Er zijn ook een aantal focusgebieden genoemd die relevant zijn voor het afvalbeheer uitgevoerd door Spaarnelanden: • Textiel: reductie, meer hergebruik en recycling en meer gescheiden inzameling. Hoeveelheid ingezameld textiel moet van 4 naar 8 kilo per inwoner; • Voedsel: verminderen voedselverspilling; • Consumptiegoederen: reductie, meer hergebruik en aandacht voor levensduurverlenging. 2. De hoeveelheid restafval minimaliseren en afvalscheiding: In het landelijke programma VANG – Huishoudelijk afval (HHA) ligt de komende jaren de focus op het nog beter scheiden van restafval en het verbeteren van de kwaliteit van deelstromen.

Het programma VANG-HHA beslaat de periode van 2015-2025. De doelstellingen voor 2020 (maximaal 100 kg restafval per inwoner en minimaal 75% afvalscheiding) zijn niet gehaald en blijft de richtlijn. Haarlem heeft in haar programmadoelstellingen en het uitvoeringsprogramma Continuering Afval Scheiding (kortweg: CAS) doelstellingen en maatregelen geconcretiseerd met zowel de focus op de kwantiteit van (bron)scheiden als de kwaliteit van de gescheiden ingezamelde grondstoffen. Haarlem heeft hiermee aansluiting gezocht bij het landelijke programma voor huishoudelijk afval (VANG-HHA). De doelstellingen uit CAS zijn: • 60% afvalscheiding in 2026; 11 november 2024

•

Maximaal 163 kg restafval in 2026.

3. Circulair aanbesteden en inkopen: In het NPCE is de ambitie geformuleerd dat de Nederlandse overheden veel meer circulair gaan inkopen. In 2030 moeten overheden 100% circulair aanbesteden en in 2023 moesten alle uitvragen van het rijk, provincies en gemeenten als circulair zijn. Er zijn echter geen definities wat een circulaire aanbesteding of uitvraag precies is. In het Actieprogramma CE staat dat de gemeente Haarlem het goede voorbeeld wil geven door bij investeringen te zorgen voor duurzame inkoop en gebruik van materialen in de openbare ruimte: • 50% van de inkoop is circulair in 2025; • 50% van Grond Weg en Waterwerken wordt in 2025 circulair uitgevraagd. Maatregelen en inkoop De gemeente Haarlem en Spaarnelanden beogen de volgende maatregelen met betrekking tot grondstoffen en circulariteit: 1. Naar een circulaire economie De maatregelen die de gemeente Haarlem de komende jaren wil nemen om naar een circulaire economie te gaan staan in het Actieprogramma Circulaire Economie 2023 t/m 2025. Rondom de drie relevante focusstromen (textiel, voedsel en consumptiegoederen) zijn verschillende maatregelen gedefinieerd die ook terugkomen c.q. nader zijn uitgewerkt in CAS (zie hierna bij punt 2).

Spaarnelanden neemt deel aan enkele circulaire projecten/initiatieven, vaak samen met de gemeente Haarlem en Spaarne Werkt: • Haarlemse Waardemakers: een circulair ambachtsnetwerk voor ondernemers en organisaties uit de regio die zich bezighouden met (hoogwaardig en lokaal) hergebruik van producten, materialen en grondstoffen; • Circulaire houtketen Haarlem: lokale en hoogwaardige verwerking van het hout van Haarlemse stadsbomen. 2. De hoeveelheid restafval minimaliseren en afvalscheiding: Maatregelen om de hoeveelheid restafval te verlagen en afvalscheiding te verbeteren staan in CAS: • Meer en beter GFT scheiden (3 pilots omzetten naar reguliere inzameling);

BJ7296

18

Doelmatig- en doeltreffendheidsonderzoek Spaarnelanden

• • • • • • • •

Verbeteren huidige inzamelstructuur (o.a. van bovengrondse naar ondergrondse containers); Maximeren van de klepopening in containers voor restafval; Recyclewagen (mobiele milieustraat waarmee klein grof huishoudelijk afval wordt ingezameld); Recycletas (speelgoed, boeken, apparaten en textiel aan huis ingezameld); Voedselrestenvermalers (innovatie voor inzamelen GFT in nieuwe hoogbouw); Textiel (inrichten fijnmaziger netwerk van textiel verzamelcontainers); Glas (evaluatie van de inzamelresultaten en op basis daarvan bijsturen); Nascheiding PBD (bij galerijflats die achterblijven in de bronscheiding); Communicatie (gedragscampagne gericht op scheiding en preventie).

3. Circulair aanbesteden en inkopen Circulair inkopen is een maatregel om meer circulair te worden. In de geïnventariseerde documenten is geen nadere uitwerking gevonden hoe de gemeente en Spaarnelanden dit willen gaan doen. Ook is niet gedefinieerd wanneer er wel of niet sprake is van een circulaire inkoop. Gerealiseerde prestaties Met betrekking tot de hoeveelheid restafval, afvalscheiding en textiel zijn doelstellingen gedefinieerd waarvan de prestaties op basis van landelijke CBS-data in beeld gebracht kunnen worden.

Restafval in kg/inw

290 270 250

Haarlem

230

Zandvoort

210

70 60 50 40

Haarlem Zandvoort

30 2016 2017 2018 2019 2020 2021 2022 2023 2024 2025 2026

Figuur 4-2 Trend Afvalscheiding in Haarlem en Zandvoort (%)23

Uit de figuur blijkt dat het percentage afvalscheiding tussen 2015 en 2022 jaarlijks met 2 tot 3 procent is toegenomen in Haarlem en Zandvoort en nu op 49,5% (Zandvoort) en 49,1% (Haarlem) ligt. Dit is vergelijkbaar met het gemiddelde van gemeenten in dezelfde hoogbouwklasse. De stijging is mede het gevolg door de inspanningen uit het CAS (en diens voorloper SPA), het Duurzaam Afval Beheerplan in Zandvoort en door de nascheiding van fijn en grof huishoudelijk afval. In de jaren 2023-2026 moet de hoeveelheid afvalscheiding nog met 10-11% stijgen (de gestippelde lijnen voor Haarlem en Zandvoort lopen lineair op). Op basis van de gerealiseerde trend lijkt dit niet haalbaar.

190 170 150 2015 2016 2017 2018 2019 2020 2021 2022 2023 2024 2025 2026

Figuur 4-1 Trend fijn restafval in Haarlem en Zandvoort (in kg/inw)

23

De figuur laat via de doorlopende lijn de gerealiseerde trend zien in de hoeveelheid restafval in Haarlem en Zandvoort over de jaren 2015-2022. De stippellijn laat de trend zien die de komende jaren nodig is om de restafval doelstelling voor 2026 te realiseren. De benodigde extra reductie in de jaren 2023-2026 (ca 50 kg/inw) is vergelijkbaar met wat is gerealiseerd in de jaren 2016-2019. Met effectieve maatregelen zouden de doelstellingen uit CAS dus haalbaar moeten zijn. NB. De tijdelijke stijging in 2020 en 2021 kan worden verklaard door Corona. Het afvalaanbod lag landelijk in die jaren hoger.

Afvalscheiding (%)

•

De reden dat de reductie van de hoeveelheid restafval wel goed lijkt te gaan en de stijging van het percentage afvalscheiding niet heeft ook te maken met de totale hoeveelheid afval die per inwoner wordt aangeboden in Haarlem: die is gedaald van 438 kg in 2015 naar 410 kg in 2022. Wat wordt bespaard op restafval lijkt niet in dezelfde mate terug te komen als extra ingezamelde grondstof.

Op basis van Jaarverslag Spaarnelanden en benchmark huishoudelijk afval

11 november 2024

BJ7296

19

Doelmatig- en doeltreffendheidsonderzoek Spaarnelanden

4.3

Natuur en biodiversiteit

Beleid In de Nationale Omgevingsvisie 24&25 zijn verschillende maatregelen opgenomen om natuur en biodiversiteit in stedelijke gebieden te bevorderen. De Nationale Omgevingsvisie benadrukt het belang van het in evenwicht brengen van functies met natuurlijke systemen en het creëren van een klimaatbestendige inrichting van Nederland. Specifiek voor steden, is er een focus op het vergroten van groen in de stad om problemen door klimaatverandering tegen te gaan, zoals wateroverlast en hitte. Dit omvat het stimuleren van meer natuur in stedelijke gebieden door middel van groene daken, natuurinclusief bouwen en het integreren van natuur in bouwplannen en het bevorderen van biodiversiteit door middel van bijvoorbeeld aanleggen van waterpartijen en biodiverse beplanting en natuurvriendelijk(er) maaibeheer. Gemeente Haarlem heeft vier speerpunten in haar Groenbeleid, dat zich richt op natuur en biodiversiteit:26 1. Naar een kwalitatievere, groenere woonomgeving; 2. Naar een klimaatbestendige stad; 3. Naar een meer biodiverse stad; 4. Naar een groenbewustere stad. De gemeente Haarlem heeft haar Groenbeleid vertaald in het SBOR.

Hierin verschuift het beheer en onderhoud van openbare ruimte van een voornamelijk technische aangelegenheid naar opgaafgericht beleid – met aandacht voor opgaven als biodiversiteit en klimaatadaptatie, de beleving van inwoners en een verhoogde betrokkenheid van de gebruikers van de openbare ruimte. Er zijn in het DBC op het gebied van natuurlijke en culturele beplanting en boom- en grasbeheer doelstellingen opgenomen ten aanzien van het vergroten van ecologische functies, natuurwaarden en versterken biodiversiteit. Maatregelen en inkoop De maatregelen die Haarlem de komende jaren wil nemen om natuur en biodiversiteit te bevorderen staan in het Groenbeleid en het SBOR. Er zijn

verschillende sporen beschreven. Spoor 2, ‘een robuust netwerk van groenstructuren’, is het meest relevante spoor in de samenwerking tussen Haarlem en Spaarnelanden.27 Binnen dit spoor zijn de volgende maatregelen genoemd. 1. Data-gestuurd werken: het continu verbeteren van data-gestuurde beleidsvorming en regelmatige monitoring; 2. Verbonden ecologische structuur: het vergroten van de stevigheid en kwaliteit van de groenstructuur en het leefgebied van planten dieren; 3. Uitbreiden ecologisch beheer: ecologisch beheer op basis van soortbeschermingsplannen of specifieke gebiedskwaliteiten, met speciale aandacht voor het ecologische maaibeheer; 4. Uitwerken Bomenbeleidsplan met aandacht voor het behoud van het bestaande gemeentelijke bomenareaal en uitbreiding van het areaal; 5. Stadsparken voorzien van kwaliteitsimpuls. Gerealiseerde prestaties De prestaties van Spaarnelanden kunnen nog niet worden beoordeeld. Het is nog niet geheel duidelijk wat de gevolgen zijn van deze maatregelen voor het groenbeheer dat Spaarnelanden uitvoert. De Resultaatbladen geven nog geen gedetailleerde eisen aan. Daarom zijn de gemeente Haarlem en Spaarnelanden begonnen met het Living lab om de beleidsdoelstellingen van de gemeente Haarlem die gericht zijn op het beoogde resultaat, te verbinden met welke werkzaamheden Spaarnelanden zou moeten uitvoeren.

Naar verwachting moet het Living Lab eind dit jaar leiden tot een complete lijst van werkzaamheden en bijbehorende KPI’s. In de gemeente Haarlem wordt tegelijkertijd steeds meer aandacht besteed aan het ontwerpen en inrichten van groenstroken, parken en dergelijke die natuurwaarden en biodiversiteit bevorderen. In deze gebieden zijn de beheeractiviteiten wezenlijk veranderd. Zo wordt bijvoorbeeld niet meer volledig geklepeld gemaaid, maar cyclisch. Uit interviews met Spaarnelanden is gebleken dat zij nieuwe werkwijzen hebben geïmplementeerd. Deze veranderingen waren tot nu toe vrij gering, waardoor het lijkt dat Spaarnelanden in staat is om zich aan te passen aan nieuw ecologisch beleid.

24

26

25

27

Rijksoverheid (10 september 2020). Nationale Omgevingsvisie Ministerie van Binnenlandse Zaken (geraadpleegd 10 juni 2024) Meer over de Nationale Omgevingsvisie 11 november 2024

Gemeente Haarlem (1 september 2022) Groenbeleidsplan Verder zijn het bomenbeleid, de bomenverordening, het Ecologisch beleid en NatuurNetwerk Haarlem relevant. Zo dient gewerkt te worden volgens de Gedragscode soortenbescherming. BJ7296

20

Doelmatig- en doeltreffendheidsonderzoek Spaarnelanden

4.4

Social return

Beleid De belangrijkste beleidsdoelen op het gebied van Social return zijn: 28 1. Het vergroten van arbeidsparticipatie en werkervaring voor mensen met een afstand tot de arbeidsmarkt, bij voorkeur bewoners van de regio; 2. Het voorkomen en terugdringen van voortijdige schooluitval; 3. Het verbinden van onderwijs en arbeidsmarkt. 29 De drie doelen richten zich uitkeringsgerechtigden, vroegtijdige schoolverlaters, leerlingen van het Beroeps Opleidende leerweg (BOL) en Beroeps Begeleidende Leerweg (BBL), Voortgezet Speciaal Onderwijs (Vso) en Praktijkonderwijs (Pro) en werkzoekende niet-uitkeringsgerechtigden. Maatregelen en inkoop De gemeente Haarlem streeft naar het behalen van de beleidsdoelen door duurzame werkplekken te realiseren, stage- en werkervaringsplaatsen aan te bieden en opleidingen te faciliteren. Daarnaast worden diensten en producten ingekocht bij sociale werkbedrijven en sociaal ondernemers.30 Om Social return te bevorderen, hecht gemeente Haarlem er belang aan om te erkennen wat contractpartners al doen. Een hulpmiddel hiervoor is de Prestatieladder Socialer Ondernemen (PSO). Het DBC voorziet in een verplichting dat Spaarnelanden ten aanzien van Social Return minimaal PSO-trede 2 gecertificeerd dient te zijn. Hoewel Spaarnelanden zelf geen specifiek beleid heeft geformuleerd voor Social return, is zij actief op dit domein.

Spaarnelanden is bij uitstek een organisatie die duurzame werkplekken biedt aan mensen die tot de doelgroep behoren en werkt hierin samen met regionale re-integratiebedrijven en reclassering. Spaarnelanden werkt concreet samen met sociaal werkbedrijf Spaarne Werkt en besteedt hier opdrachten uit voor drukwerk en postbezorging. Ook 28

Gemeente Haarlem (2021) Beleidsregels Social Return On Investment Een vierde algemene doelstelling is een bijdrage leveren aan de maatschappelijke doelen van de gemeente. 30 Er zijn alternatieve vormen van invulling mogelijk die bijdragen aan de sociale doelstellingen of initiatieven. Maatwerk is hierbij het uitgangspunt. Gemeente Haarlem waardeert de Social returninvulling op basis van de ‘bouwblokkenmethode’. Dit houdt in dat elke beschreven invulling een vaste waarde vertegenwoordigt, uitgedrukt in euro’s. De waardes van de bouwblokken zijn 29

11 november 2024

werkzaamheden zoals het verwijderen van zwerfafval, het legen van afvalbakken en groenonderhoud worden hier ondergebracht. Spaarnelanden organiseert in dit kader ook scholing en cursus voor haar medewerkers. Gerealiseerde prestaties Wij constateren dat Spaarnelanden beschikt over een PSO-certificaat en op Trede 3 van de PSO-Prestatieladder staat. Spaarnelanden presteert daarmee prima en voldoet ze aan de minimumeis van het DBC. Trede 3 betekent dat Spaarnelanden (volgens PSO) een ‘koploper’ is op het gebied van sociaal ondernemen, met name in het bieden van werkgelegenheid aan mensen met een kwetsbare positie op de arbeidsmarkt. 31 Trede 3 is de hoogste trede op de PSO Prestatieladder en geeft aan dat de organisatie meer dan gemiddeld presteert in het in dienst nemen van mensen met een afstand tot de arbeidsmarkt en het inkopen bij andere PSO-gecertificeerde bedrijven of sociale werkvoorzieningen. Het behalen van trede 3 houdt in dat minimaal 3,7% van de medewerkers, afkomstig is uit een kwetsbare arbeidsmarktpositie. Dit omvat mensen uit de eerdergenoemde doelgroep. Spaarnelanden scoort op dit onderwerp in 2022 een hoog percentage, namelijk 7,2%.32 Het auditrapport van PSO32 toont verder aan dat de organisatie zich actief inzet voor een meer inclusieve arbeidsmarkt. Er zijn teams in de wijken gevormd, waarin mensen uit de doelgroep werken.

Hierbij wordt rekening gehouden met de competenties, niveau en tempo van de medewerkers en het werk wordt hierop afgestemd. De medewerkers uit de doelgroepen krijgen een duidelijke mondelinge instructie over de werkafspraken. Indien nodig worden er pictogrammen gebruikt. Met alle medewerkers uit de doelgroepen worden verschillende keren per jaar evaluatiegesprekken gehouden. Leidinggevenden bij Spaarnelanden hebben een training ‘coach kwetsbare medewerker’ gevolgd. In deze training komen onderwerpen als communicatie (feedback geven), begeleiden, coachen, inschatten en signaleren aan bod.

gebaseerd op de afstand tot de arbeidsmarkt van de kandidaat en de gemiddelde inzet bij de betreffende Social return-invulling. Het DBC beschrijft echter geen minimumeis ten aanzien van de bouwblokkenmethode. 31 Zie ook: PSO Nederland (geraadpleegd op 12 mei 2024) Over de Prestatieladder Socialer Ondernemen 32 KIWA Nederland (26 juli 2022) PSO Auditrapport Spaarnelanden N.V. BJ7296

21

Doelmatig- en doeltreffendheidsonderzoek Spaarnelanden

Afkortingen en terminologie Term of afkorting

Omschrijving

BBOR

Afdeling Beheer en Beleid Openbare Ruimte. Dit is binnen de gemeente Haarlem de ambtelijk opdrachtgever van het DBC.

BOR

Het domein of de unit Beheer Openbare Ruimte.

DBC

Dagelijks Beheercontract, de overeenkomst die de gemeente Haarlem met Spaarnelanden per 1 januari 2023 is overeengekomen.

DDO

Domein dienstverleningsovereenkomst, de voorganger van het DBC.

DVO

Dienstverleningsovereenkomst, de overeenkomst(en) die de gemeente Zandvoort met Spaarnelanden is overeengekomen.

D&O

Afdeling Directie & Ondersteuning; een afdeling binnen Spaarnelanden.

GFT

Groente, fruit, tuin en keukenafval

K&I

Afdeling Klant en Innovatie; een afdeling binnen Spaarnelanden.

PBD

Plastic, blik- en drankverpakkingenafval

OUP

Operationeel Uitvoeringsplan, een specifieke van de uitgevoerde activiteiten en geplande activiteiten per domein.

SBOR

Strategisch Beheerplan Openbare Ruimte. Hierin staan de beleids- en beheeropgaven voor de openbare ruimte.

Taakveld

Unit

VANGHHA

VTW

11 november 2024

Functiegebied binnen de gemeentelijke organisatie, zoals Groen en Spelen, Afval en Reiniging en Parkeren. Afdeling binnen Spaarnelanden die een bepaalde functie of verantwoordelijkheid heeft, zoals Beheer Openbare Ruimte, Afval en Reiniging en Parkeerservice. Een unit is niet hetzelfde als een taakveld, echter zijn binnen een unit wel de uitvoerende taken behorend bij een taakveld georganiseerd. Het programma Van Afval naar Grondstoffen (VANG) – Huishoudelijk afval (HHA) is ontwikkeld om gemeenten te helpen de nodige stappen te zetten naar een circulaire economie. Het doel voor heel Nederland is om in 2050 volledig circulair te zijn. Voor de komende jaren ligt de focus op het nog beter scheiden van restafval en het verbeteren van de kwaliteit van deelstromen. Voorstellen tot wijziging van het DBC.

BJ7296

22

Doelmatig- en doeltreffendheidsonderzoek Spaarnelanden

Bijlagen Bijlage: Resultaatonderwerpen in DBC Haarlem per taakveld 23 Bijlage: Resultaatonderwerpen in DVO’s Zandvoort 26 Bijlage: Onderzoeksmethode 27 Bijlage: Benchmark kosten groen en spelen 29 Bijlage: Kostenpost per gemiddelde parkeerplek per parkeergarage 30 Bijlage: Beleidsdoelstellingen gemeente Haarlem 28 Bijlage: Beleidsdoelstellingen gemeente Zandvoort 27 Bijlage: Uit te voeren werkzaamheden unit Zandvoort 31 Bijlage: Vergelijking van de afvalstoffenheffing 32 Bijlage: Toelichting overhead Spaarnelanden 32

11 november 2024

BJ7296

23

Doelmatig- en doeltreffendheidsonderzoek Spaarnelanden

Bijlage: Onderzoeksmethode Royal HaskoningDHV heeft een Doelmatigheids- en Doeltreffendheidsonderzoek uitgevoerd. Dit type onderzoek ondersteunt gemeenten met het beoordelen van de zuinigheid, effectiviteit en kosteneffectiviteit van de uitvoering van gemeentebeleid. Het is een solide basis voor het afleggen van verantwoording over beleid en de besteding van middelen. Onderstaand figuur toont de werking en de kernbegrippen binnen het DDO.

▪

Interviews met betrokkenen: de bevindingen van de documentenanalyse zijn verder aangevuld met informatie uit meerdere rondes van interviews. Error! Reference source not found. toont de lijst met geïnterviewden.

Deelvragen Het onderzoek is verdeeld in drie thema’s: 1. Financiële prestaties (zuinigheid en doelmatigheid); 2. Doeltreffendheid van prestaties; 3. Samenwerking en governance. Deze thema's zijn onderzocht middels de volgende onderzoeksvragen.

Het DDO helpt allereerst inzicht te creëren in hoeverre Spaarnelanden, binnen de in de DVO vastgelegde afspraken, kosten minimaliseert en verspilling van middelen voorkomt. Een volgende concrete stap is het beoordelen van de effectiviteit van beleid. Dit geeft inzicht bij het vaststellen of beleidsdoelen worden bereikt maar ook of er sprake is van onbedoelde neveneffecten. Deze stap helpt ook bij het vaststellen van knelpunten in de uitvoering van beleid – en eventueel het formuleren van aanbevelingen voor verbetering. Een DDO draagt uiteindelijk bij aan transparantie over beleid. Dit helpt de gemeenten Haarlem en Zandvoort bij het inzichtelijk maken van de resultaten van beleid en het verantwoorden van de keuzes die zijn gemaakt. Daardoor kan geleerd worden van succesfactoren en faalfactoren van beleid en het formuleren van lessen voor de toekomst. Er zijn in dit onderzoek twee onderzoeksmethodieken toegepast:

▪

Documentenanalyse: op basis van beleidsplannen, begrotingsstukken, contractstukken, rapportages en openbare benchmarks is een beeld geschetst van de situatie van de verschillende taakvelden die Spaarnelanden uitvoert.

Financiële prestaties 1. Wat zijn de verwachte33 financiële baten en lasten per taakveld? a. Welke kosten en/of baten zijn gemoeid met de uitvoerende taken per taakveld. Welke taken/posten wel en niet? b. Welke kosten en/of baten zijn gemoeid met de opgehaalde en verwerkte: a. restafval; en b. herbruikbare grondstoffen? c. Zijn de financiële baten en lasten vergelijkbaar voor een overheidsonderneming met een omvang als die van Spaarnelanden (benchmark)? d. Wat is de trend met betrekking tot kosten, baten en investeringen de komende jaren? Is die trend toekomstbestendig? 2. Hoe zijn de afvalstoffenheffing en de rioolheffing opgebouwd in Haarlem (specifiek m.b.t. de kosten van de dienstverlening door Spaarnelanden)? Hoe heeft deze opbouw zich ontwikkeld in het afgelopen decennium. Hoe verhoudt dit zich (in hoogte en reikwijdte) tot andere gemeenten. Welke (landelijke) ontwikkelingen spelen hierbij een rol? Doeltreffendheid van prestaties 1. Wat zijn de programmadoelstellingen per taakveld? a. In hoeverre zijn de programmadoelstellingen vertaald in de dienstverleningsafspraken? b. Op welke wijze zijn kosten per taakveld gealloceerd en beschikbaar gesteld aan Spaarnelanden? 2. In hoeverre zijn de programmadoelstellingen en de beleidsuitvoering ervan door Spaarnelanden in lijn met huidig en toekomstig beleid, zoals: a.

Europese Kaderrichtlijn en VANG-doelstellingen voor afvalbeheer; b. Integraal Beleidsplan Openbare Ruimte; c. Green Deal Zero Emission Stadslogistiek;

33

Aangezien de basis voor het onderzoek de begroting van 2024 betreft, gaan we uit van geprognosticeerde kosten en baten. 11 november 2024

BJ7296

24

Doelmatig- en doeltreffendheidsonderzoek Spaarnelanden

3.

4.

5.

6.

7.

d. Social Return on Investment; e. Ambities t.a.v. circulaire ambachtcentra; f. 100% duurzaam inkopen en aanbesteden in de GWW. Past Spaarnelanden de juiste werkmethoden toe om doelmatig en doeltreffend te werken? Heeft Spaarnelanden voldoende mogelijkheden om deze werkmethoden aan te passen om doelmatigheid en doeltreffendheid te verbeteren? Welke prestaties levert Spaarnelanden m.b.t. op gebied van bijv. milieu en duurzaamheid, service en (beeld)kwaliteit? Zijn deze conform de DVO en beleidsambities? Waarom worden deze prestaties wel of niet geleverd? Zijn deze prestaties in lijn met andere gemeenten en overheidsbedrijven? Hoe verhouden de kosten van de taakuitvoering (ingezoomd op de kosten van de dienstverlening door Spaarnelanden) zich tot vergelijkbare gemeenten en andere overheidsbedrijven? In hoeverre zorgen de prestaties van Spaarnelanden voor het realiseren van ambities binnen beleidskaders m.b.t.: a. Europese Kaderrichtlijn en VANG-doelstellingen voor afvalbeheer; b. Integraal Beleidsplan Openbare Ruimte; c. Green Deal Zero Emission Stadslogistiek; d. Social Return on Investment; e. Ambities t.a.v. circulaire ambachtcentra; f. 100% duurzaam inkopen en aanbesteden in de GWW. Wat zijn de verwachte effecten met betrekking tot: g. Afvalscheiding en -verwerking; h. CO2/klimaat i. Circulariteit j. Andere duurzaamheidsaspecten; k. Social Return

Samenwerking en governance 1. Hoe is de uitvoering van de taakvelden georganiseerd? a. Welke taken worden door Spaarnelanden uitgevoerd en welke door derden? b. Welke prestaties moet Spaarnelanden conform de DVO leveren per taakveld en in hoeverre kan Spaarnelanden zelf invloed uitoefenen aan effectieve uitvoering daarvan? c. Is de wijze van uitvoering van de taakvelden vergelijkbaar met andere overheidsbedrijven overeenkomstig Spaarnelanden? d. Hoe is de sturings- en verantwoordingsrelatie tussen gemeente en Spaarnelanden vormgegeven?

11 november 2024

BJ7296

25

Doelmatig- en doeltreffendheidsonderzoek Spaarnelanden

Bijlage: Resultaatonderwerpen in DBC Haarlem Taakveld

Groen en Spelen

Verhardingen

Parkeerservice

Afval en Reiniging

Urgente Meldingen

RB-code

Resultaatonderwerpen

RB1.1 RB1.2 RB1.3 RB1.4 RB1.5 RB1.6 RB1.7 RB1.8 RB2.1 RB2.2 RB2.3 RB2.4 RB2.5 RB7.1 RB7.2 RB7.3 RB7.4 RB7.5 RB6.1 RB6.2 RB6.3 RB6.4 RB6.5 RB6.6 RB6.7 RB6.8

Natuurlijke beplanting Cultuurlijke beplanting Boombeheer Onderhoud gras Schooltuinen Kerstboom (op de Grote Markt) Haarlemmerhout Inboet bomen Open verharding – onderhoud incl. markering Verkeersmeubilair Straatmeubilair Parkeerplaatsen voor mensen met een mobiliteitsbeperking Open verharding - bermonderhoud Beheer straatparkeren Beheer openbare parkeergarages Beheer openbare fietsenstallingen Parkeeradministratie en controle Havendienst Inzameling huishoudelijk afval Afvalverwerking Inzamelvoorzieningen en -middelen Reiniging Hygiëne Gladheidsbestrijding Welvaartsvuil Overige dienstverlening

RB8.1

Coördinatie – urgente meldingen

Bijlage: Resultaatonderwerpen in DVO’s Zandvoort Domein

RB-code

Resultaatonderwerpen

Bomen

1.1 1.2 1.3 2.1 2.2 2.3 2.4 2.5 2.6 3.1 3.2 3.3 3.4 4.1 4.2 4.3 5.1 5.2 5.3 5.4 5.5 5.6 5.7 5.8 5.9 6.1 6.2 6.3 6.4 6.5

Niet Vrijuit Groeiende Bomen (Straatbomen) Vrijuit Groeiende Bomen Knot- En Vormbomen Bosplantsoen Hagen En Blokhagen Heesters En Botanische Rozen Vaste Planten Bloembakken / Perkgoed Duinen En Zeereep Gebruiksgras (Met Bollen), Speelvelden Ruw Gras / Kruidenvegetatie Bermen Oevers En Watergangen Open Verharding (Elementen) Ongebonden- En Halfverharding Belijning, Markering, Spuitwerk Afvalbakken Hondenpalen En Hondenpoepdispensers Banken, Tafels, Picknicksets Fietsenstandaards En Hekwerken Boomroosters En -Beschermers Openbare Toiletten Zoutkisten Bladkorven Vlaggenmasten Bebording Incl. Dragers, Verkeersspiegels En Hoogtebegrenzers Afzetpalen Hekwerken Met Verkeersfunctie Verbijzondering Parkeerplaatsen Mobiele Snelheidsmeter Evenementen Speeltoestellen Zandbakken Valondergronden Groen (Bomen, Beplantingen, Grassen) Verhardingen Openbare Afvalbakken (Niet-Huishoudelijk Afval), Hondenpoepdispensers Huishoudelijk Afval Hygiëne Graffiti / Besmeuring Pompen, Gemalen, Persleidingen En Schuiven Vrijverval/Hoofdriolering Randvoorzieningen Kolken En Lijngoten Peilbuizen (Drainage) Huisaansluitingen Onderhoud Telemetrie-Systeem Vijvers En Waterpartijen Grondkerende Constructies Strandvoorzieningen Strandtentenkamp Strandafgangen Gladheidsbestrijding Urgente meldingen

Beplanting

Gras- en kruidachtigen

Verharding

Straatmeubilair

Verkeersmeubilair

Evenementen Speelvoorzieningen

Afval en Reiniging

Riolering

Civiele kunstwerken Strand

Gladheidsbestrijding Urgente meldingen 11 november 2024

7 8.1 8.2 8.3 9.1 9.2 9.3 9.4 9.5 9.6 10.1 10.2 10.3 10.4 10.5 10.6 10.7 11.1 11.2 12.1 12.2 12.3 13 14 BJ7296

26

Doelmatig- en doeltreffendheidsonderzoek Spaarnelanden

Bijlage: Beleidsdoelstellingen gemeente Zandvoort

Domein

De gemeente Zandvoort hanteert doelen voor zeven beleidsclusters. Ieder cluster is verdeeld over verschillende beleidsvelden en beschrijft per beleidsveld doelen waarop jaarlijks, via de Programmabegroting, wordt gerapporteerd. Dit hoofdstuk beschrijft welke programma’s relevant zijn voor de taakvelden die Spaarnelanden in opdracht van de gemeente Zandvoort uitvoert en op welke wijze de programmadoelstellingen zijn vertaald in dienstverleningsafspraken met Spaarnelanden. De programmabegroting is het basisinstrument voor de gemeente om per beleidsveld de beleidsdoelen en bijbehorende effectindicatoren, inkomsten en uitgaven. Onderstaand figuur geeft de samenhang weer tussen de Programmabegroting van de gemeente Zandvoort, relevante kaderstellende beleidsnota’s of uitvoeringsplan en de dienstverleningsafspraken met Spaarnelanden. Doelenboom programma

Kaderstellende beleidsnota of uitvoeringsplan per beleidsveld gemeente Zandvoort

gemeente Zandvoort

Doelstellingen

Beleidsvelden

Prestatie

per beleidsveld

Effectindicator(en)

Doelstelling Overige taakvelden

Effectindicatoren

Resultaat afspraken

Addendum DVO 2021

Programmabegroting 2024 - 202834 is de meest recente programmabegroting van de gemeente Zandvoort. Beleidsvelden 4.3 (Leefomgeving) en 5.3 (Circulariteit): zijn in de programmabegroting de relevante programma’s voor de taakvelden die de gemeente Zandvoort bij Spaarnelanden heeft belegd. Tabel 0-1 beschrijft de relevante doelstellingen en effectindicatoren per beleidsveld.

2. 3. 4. 6.

Basis overeenkomst

per domein

per doelstelling

2. 3. 4. 5.

1.

Uit te voeren taken Effectindicator(en)

Beleidsveld

DVO's gemeente Zandvoort & Spaarnelanden

Afwegingskader Doelstelling

1. Effectindicatoren

hergebruiken zijn noodzakelijke activiteiten voor de gewenste circulaire economie. Percentage meldingen over afvalinzameling dat binnen de tijd is afgehandeld; Omvang huishoudelijk restafval inclusief nascheiding; Omvang huishoudelijk restafval in kg per inwoner 4.3 Leefomgeving De komende jaren zetten we in op het verbeteren van het onderhoud van de openbare ruimte (groen, meubilair, verhardingen, afval en reiniging). Het moet overeenkomen met de afspraken die al zijn gemaakt over de uitstraling van ons dorp (Nota Openbare Ruimte A en B). Door middel van wijkgerichte aanpakken richten we ons niet alleen op het verbeteren van de openbare ruimte en klimaat-adaptatie, maar ook op aspecten op het gebied van veiligheid en sociale cohesie en het bevorderen van bewegen/sport. Door het omringende landschap meer het dorp in te brengen ontstaat een onderlinge verbinding en kan het landschap meer benut worden voor recreatie, natuur en educatie.

Door het buitengebied het dorp in te halen wordt Zandvoort nog aantrekkelijker voor onze bewoners en bezoekers, wordt de openbare ruimte groener en wordt de biodiversiteit versterkt Percentage klachten en meldingen overwegen, straten en pleinen dat binnen de tijd is afgehandeld; Voldoen aan CROW-B norm en op zichtlocaties aan CROW-A norm; Percentage meldingen over groenvoorzieningen dat binnen de tijd is afgehandeld; Groenoppervlak van de openbare ruimte; Speelplaatsen voldoen aan de wettelijke eisen van het Attractiebesluit

De programmadoelstellingen zijn in de meeste gevallen duidelijk en de effectindicatoren, inclusief de meetwijze, zijn concreet beschreven in de Programmabegroting 2024-2028. Een uitzondering hierop is de effectindicator “voldoen aan CROW-B norm en op zichtlocaties aan CROW-A norm.” Deze is onduidelijk omdat het niet duidelijk is voor welk taakveld of welke areaal deze doelstelling geldt. In het Duurzaam Afval Beheer plan kondigt de gemeente Zandvoort een aantal maatregelen aan om meer inwoners te stimuleren afval te scheiden. Zo komen meer verschillende verzamelcontainers voor grondstoffen te staan. Bewoners van een laagbouwwoning met een voortuin en/of achtertuin met achterom ontvangen een duocontainer voor papier en PBD. Voor de overige taakvelden heeft de gemeente Zandvoort de volgende kaderstellende nota’s en uitvoeringsplannen uitgewerkt.

Tabel 0-1 Doelstelling en effectindicator per domein Domein Beleidsveld Afval

34

Doelstelling

• •

5.3 Circulariteit Gestreefd wordt naar de afname van de hoeveelheid restafval per huishouden. Hiervoor wordt ingezet op het voorkomen van afval en beter afval scheiden. Minder gebruiken, minder weggooien en meer

o o o

Nota Openbare Ruimte Deel A 2013 Nota Openbare Ruimte Deel B 2017 Speelruimteplan 2021

Gemeente Zandvoort (september 2023) Bijlage 1 Programmabegroting 2024-2028.

11 november 2024

BJ7296

27

Doelmatig- en doeltreffendheidsonderzoek Spaarnelanden

Bijlage: Beleidsdoelstellingen gemeente Haarlem Dit hoofdstuk beschrijft welke programma’s relevant zijn voor de taakvelden die Spaarnelanden in opdracht van de gemeente Haarlem uitvoert en op welke wijze de programmadoelstellingen zijn vertaald in dienstverleningsafspraken met Spaarnelanden. De programmabegroting is het basisinstrument voor de gemeente om per beleidsveld de beleidsdoelen en bijbehorende effectindicatoren, inkomsten en uitgaven. De gemeente Haarlem hanteert hierin een doelenboom voor zeven programma’s. Ieder programma is verdeeld over verschillende beleidsvelden en beschrijft per beleidsveld doelen waarop jaarlijks, via de programmabegroting, wordt gerapporteerd. Programmabegroting 2024 - 2028 35 is de meest recente programmabegroting. Programma 4: Aantrekkelijke woon-werkstad en Programma 5: Gezonde en duurzame stad zijn de twee relevante programma’s voor de taakvelden die de gemeente Haarlem bij Spaarnelanden heeft belegd. Tabel 0-1 beschrijft per taakveld de relevante programma’s en bijbehorende beleidsvelden, doelstellingen, effectindicatoren en de prestaties.

Tabel 0-1 Programmadoelstelling per taakveld Taakveld en onderwerp Groen en spelen Beleidsveld Doelstelling Effectindicator Prestatie Verharding Beleidsveld Doelstelling Effectindicator

Prestatie Parkeren Beleidsveld Doelstelling Effectindicator

Prestatie Beleidsveld Doelstelling Effectindicator Prestatie Afval en reiniging Beleidsveld Doelstelling Effectindicator

4.3 Aantrekkelijke leefomgeving Haarlem is groen en biodivers Groenoppervlak van de openbare ruimte (ha) Verminderen verharding en aanbrengen groen Versterken ecologische structuur en biodiversiteit

• • • •

4.3 Aantrekkelijke leefomgeving De leefomgeving heeft het afgesproken kwaliteitsniveau Oordeel Haarlemmers over hun buurt / straat % Haarlemmers dat tevreden is over onderhoud openbare ruimte in hun wijk Cijfer Haarlemmers over onderhoud openbare ruimte in wijk Uitvoeren dagelijks onderhoud openbare ruimte

• • • • • • • • • • • • • • • •

Prestatie

• • • • • • • •

Taakveld overstijgend Beleidsveld Doelstelling Effectindicator Prestatie

• • • •

Prestatie Beleidsveld Doelstelling Effectindicator

35

• • • • •

4.3 Aantrekkelijke leefomgeving Goede fietsparkeervoorzieningen Oordeel Haarlemmers over parkeerplekken voor fietsers Parkeerdruk van fietsparkeerplekken bij OV-knooppunten Parkeerdruk van fietsparkeerplekken in de binnenstad Realiseren extra fietsparkeerplekken 4.3 Aantrekkelijke leefomgeving Minder auto's in de openbare ruimte % Haarlemmers dat veel overlast ervaart van parkeren in de eigen woonbuurt Invoering parkeerregulering en vergunningplafond 4.3 Aantrekkelijke leefomgeving De leefomgeving heeft het afgesproken kwaliteitsniveau Oordeel Haarlemmers over hun buurt / straat % Haarlemmers dat tevreden is over onderhoud openbare ruimte in hun wijk Cijfer Haarlemmers over onderhoud openbare ruimte in wijk Uitvoeren dagelijks onderhoud openbare ruimte 5.3 Circulariteit Meer hergebruik van afvalstromen Omvang huishoudelijk restafval (BZK) Omvang huishoudelijk restafval incl. nascheiding % gescheiden ingezameld huishoudelijk afval van het totale afval Verbetering van de mogelijkheden voor huishoudens om afval gescheiden aan te leveren 4.3 Aantrekkelijke leefomgeving Toename actieve en duurzame manieren van verplaatsing % elektrische auto’s t.o.v. totaal aantal auto’s Uitbreiden grootstedelijke milieuzone naar nulemissiezone voor stadslogistiek

Gemeente Haarlem (september 2023) Programmabegroting 2024-2028.

11 november 2024

BJ7296

28

Doelmatig- en doeltreffendheidsonderzoek Spaarnelanden

Bijlage: Benchmark kosten groen en spelen Een kostenanalyse is gebaseerd op een beheerkostenoverzicht die namens de gemeente Haarlem is opgesteld. Het betreft dus geen overzicht dat door Spaarnelanden is opgesteld. Bij het gebruik van deze kostencijfers voor een kostenanalyse moet rekening worden gehouden met enkele belangrijke voorbehouden: • Er is een verschil in perspectief tussen Spaarnelanden en gemeente Haarlem. Medewerkers van Spaarnelanden geven aan niet betrokken te zijn geweest bij het vaststellen van de uitgangspunten, de vorming en de evaluaties van de berekeningen ten behoeve van het SBOR. Zo valt op dat de VAT-kosten per taakveld gelijk zijn, terwijl deze in de praktijk verschillen. Dit resulteert in onzekerheden bij Spaarnelanden over diverse calculaties. Deze onzekerheid wordt versterkt omdat diverse formules en verwijzingen in het Excel-model incorrect lijken en de arealen die als uitgangspunt voor de berekeningen dienden niet altijd overeen met de werkelijkheid. Gemeente Haarlem geeft weer aan dat er recentere doorrekeningen gedeeld met Spaarnelanden die betrouwbaarder zijn en beter aansluiten bij de huidige situatie en dat de arealen zijn aangepast. • Er is verschil in perspectief ontstaan wat betreft de uit te voeren werkzaamheden.

In de calculaties van Haarlem is rekening gehouden met het inboeten én vervangen van bomen; Spaarnelanden vervangt bomen die niet aanslaan (inboet36) en bomen die door ziekten worden gekapt en bomen die einde levensduur zijn (vervanging). Volgens Spaarnelanden wordt een groot deel van de kosten niet binnen het DBC vergoed. Ook is er verschil in inzicht in het beheer van speelvoorzieningen. Volgens de analyse ten behoeve van het SBOR dient rekening te worden gehouden met significant meer kosten dan de praktijk bij Spaarnelanden. • Tenslotte zijn de prijzen gebaseerd op prijspeil 2021 of 2022; een indexatie dient toegevoegd te worden. (1) Algemeen De vastgestelde prijzen bevatten een risicoreservering van 15%, dit lijkt overdreven omdat de maatregelen gedetailleerd zijn en de opdrachtnemer bekend is met de objecten; een reserve van 10% lijkt passender. (2) Bomen Voor inboeten van bomen zijn de volgende kosten opgenomen:

36

Inboeten is het vervangen van planten en bomen dat binnen enkele jaren na aanplant niet is aangeslagen of beschadigd is geraakt. 11 november 2024

Tabel 0-1 Kostenkengetallen inboeten van bomen o.b.v. Excel-bestand 20220040 P-notitie (maatregelpakketten SBOR).xlsx MaatregelInboeten boom Frequentie Bew.% Prijs (2021) Stuk prijs Bomen in gras

1,00

1%

€ 352,52

€ 370,15

€ 1,85

Bomen in verharding

1,00

0,5%

€ 352,52

€ 370,15

€ 1,85

Bomen in groen

1,00

0,5%

€ 352,52

€ 370,15

€ 1,85

Bomen in bos

1,00

0,5%

€ 352,52

€ 370,15

€ 1,85

Bomen knotbomen

1,00

1%

€ 352,52

€ 370,15

€ 1,85

Bomen Leibomen

1,00

0,5%

€ 352,52

€ 370,15

€ 1,85

De vermelde eenheidsprijzen zijn per boom per jaar. Hierbij is gehanteerd dat de verwachting is dat tussen de 0,5% en 1% van de bomen zal moet worden ingeboet. Dat is in Nederland een gebruikelijk percentage. Voor vervanging van zijn de volgende kosten opgenomen: Tabel 0-2 Kostenkengetallen inboeten van bomen o.b.v. Excel-bestand 20220040 P-notitie (maatregelpakketten SBOR).xlsx MaatregelVervangen boom Frequentie Bew.% Prijs (2021) Stuk prijs Bomen in gras

0,03

100%

€ 1.100

€ 1.155

€ 28,88

Bomen in verharding

0,03

100%

€ 2.500

€ 2.625

€ 87,50

Bomen in groen

0,03

100%

€ 1.000

€ 1.050

€ 26,25

Bomen in bos

0,02

100%

€ 1.000

€ 1.050

€ 17,50

Bomen knotbomen

0,03

100%

€ 1.000

€ 1.050

€ 35,00

Bomen Leibomen

0,02

100%

€ 1.000

€ 1.050

€ 17,50

Bomen Kandelaberen

0,02

100%

€ 1.000

€ 1.050

€ 17,50

De vermelde eenheidsprijzen zijn per boom per jaar. Hierbij gelden als uitgangspunten dat de levensduur varieert tussen de 30 en 60 jaar en dat alle bomen worden vervangen naar de levensduur. De combinatie van de vermelde levensduur en het feit dat 100% van de bomen dan worden vervangen komt niet overeen met de ervaring van RHDHV; er wordt naar onze mening een te korte levensduur gehanteerd. De kosten voor vervangen van bomen zijn hoog. De tabel hieronder toont aan dat er bijna 2,8 miljoen euro nodig is om bomen in Haarlem te vervangen.37 Tabel 0-3 Samenvatting “p maal q” groen o.b.v. Excel-bestand 20220040 P-notitie (maatregelpakketten SBOR).xlsx Kosten Kosten Areaal per Kosten dagelijks groot dec-21 vervanging onderhoud onderhoud Groen totaal

3.597.140

€ 1.594.182

€ 1.628.693

€ 3.579.024

Bloembak

547

€ 122.213

€0

€0

37

Let op: dit betreffen niet per se activiteiten die in het DBC staan en door Spaarnelanden (moeten) worden uitgevoerd. Dit bedrag zit dus niet geheel in de DBC-som maar wordt vanuit het SBOR-budget geprogrammeerd. BJ7296

29

Doelmatig- en doeltreffendheidsonderzoek Spaarnelanden Areaal per dec-21

Kosten dagelijks onderhoud

Kosten groot onderhoud

Kosten vervanging

Bomen

61.374

€ 236.241

€ 562.671

€ 2.778.570

Bosplantsoen en hakhout

887.435

€ 129.632

€ 446.888

€ 240.142

1.099.738

€ 560.866

€ 96.110

€ 261.688

Gazon

112

€0

€0

€0

48.926

€ 104.662

€ 229.971

€ 66.801

Heesters en bodembedekkers

125.931

€ 272.453

€ 92.180

€ 117.589

Ruw gras, bermen en oevers

1.347.155

€ 30.214

€ 176.629

€ 62.044

25.921

€ 137.902

€ 24.246

€ 52.190

Geen bomen Hagen

Vaste planten

(2) Groen overig. De frequentie en duur per eenheid voldoen aan de Nederlandse praktijk. De prijzen zijn echter zo'n 10 tot 20% hoger dan bij andere organisaties en gemeenten gebruikelijk is. Dit kan komen omdat gemeente een sterke focus heeft op biodiversiteit in hun groenbeheer. Groeninclusief ontwerp en beheer kan leiden tot hogere kosten, omdat het meer gespecialiseerde kennis en materialen vereist. Hierin loopt Haarlem voorop. Bovendien variëren de kosten voor groenbeheer aanzienlijk per gemeente, wat afhangt van de ambitie die resulteert in verschillen in beplanting, apparatuur en arbeidsmethoden. In mindere mate kunnen kosten variëren vanwege lokale verschillen in ecosysteem. (3) Speelvoorzieningen. Speelvoorzieningen zijn divers van aard waardoor een beoordeling van de kostenkengetallen complex is. De genoemde maatregelen in het Excel-bestand ten behoeve van speelvoorzieningen komen echter overeen met de gangbare praktijk in Nederland. De levensduur wordt ingeschat op 14 jaar, ook dit komt overeen met andere gemeenten waar vervangen na 15 jaar gebruikelijk is.

Bijlage: Kostenpost per gemiddelde parkeerplek per parkeergarage De kosten voor een parkeerplek zijn gemiddeld 295 euro. Parkeergarage Appelaar is tegelijkertijd met 565 euro per parkeerplek bijna 2 keer zo duur als het gemiddelde. Alle kostenposten (onderhoud machines, inhuur van personeel, energie en telecom) zijn hoger op deze locatie. Zie hiervoor ook onderstaande tabel.

€ 600 Afschrijvingen € 500 Telecom € 400 Energie

€ 300

€ 200

Inhuur

€ 100

Overige bedrijfskosten

€-

(4) Straat- en verkeersmeubilair. De frequentie, levensduur en maatregelprijs per eenheid komen overeen met de dagelijkse praktijk. De tabel hieronder toont de ingeschatte totaalkosten voor klein en groot onderhoud van divers meubilair. Tabel 0-4 Samenvatting “p maal q” meubilair o.b.v. Excel-bestand 20220040 P-notitie (maatregelpakketten SBOR).xlsx

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/15232821/1