2. Bijlage 1 Onderzoeksopdracht 213a toepasbaarheid 26 kernindicatoren Green Deal
Tekst van het document
Bijlage Onderzoeksopdracht 213a 26 kernindicatoren Green Deal
Aan
College
Datum
12 december 2022
Onderwerp
Onderzoeksopdracht 213a 26 kernindicatoren Green Deal
Van
W. Odekerken
Inleiding De Europese Commissie heeft 26 kernindicatoren bekend gemaakt die gebruikt kunnen worden om de vooruitgang van de milieu- en klimaatdoelstellingen uit de Green Deal te meten. De kernindicatoren meten zowel de vooruitgang op het gebied van milieuwelzijn, als economische en sociale aspecten. Hierdoor wordt het mogelijk om de gezondheid van economieën en de samenleving te bekijken op basis van andere indicatoren dan het BBP. De 26 kernindicatoren zijn verdeeld over een aantal ‘prioritaire doelstellingen’, welke zijn opgenomen in het achtste milieuactieprogramma (MAP). Het MAP bestaat uit principes en doelstellingen die samen het milieubeleid van de Europese Unie vormen. Het achtste MAP, wat in maart 2022 is aangenomen, loopt tot 2030. Het plan beoogt de klimaatverandering, uitstoot en vervuiling terug te dringen en de biodiversiteit te beschermen. De opgenomen lange termijn doelstelling voor 2050 is ‘Goed leven, binnen de grenzen van onze planeet’. Elke doelstelling bestaat uit twee of drie indicatoren. Daarnaast is er een vijftal indicatoren toegevoegd om de druk op het klimaat te bepalen. Verder zijn er vijf indicatoren die kijken naar de faciliterende voorwaarden. Tot slot zijn er vijf indicatoren om economische en sociale dimensies van milieuwelzijn te meten. Het meten van duurzaamheidsthema’s is een uitdaging, ook voor Haarlem ligt hier nog een ontwikkelopgave.
Om deze reden is Haarlem geïnteresseerd in deze nieuwe publicatie van de Europese Commissie met de 26 kernindicatoren. Haarlem is voornemens te onderzoeken of deze methodiek toepasbaar is op de gemeente, waarbij een mogelijke uitkomst is dat er stapsgewijs zal worden ingevoerd en uitgebreid. Context van de onderzoeksopdracht Om goede afwegingen te kunnen maken over de inhoud van de onderzoeksopdracht, worden onderstaand de relevante ontwikkelingen en uitgangspunten uitgelicht. Haarlemse Duurzaamheidsdoelstellingen en Duurzaamheidsbegroting Haarlem heeft met de duurzaamheidsdoelstellingen Aardgasvrij 2040, Circulaire stad 2040 en Klimaatbestendig 2050 een duidelijk doel voor zichzelf gesteld. Het behalen van de doelstellingen van Aardgasvrij in 2040 is goed meetbaar, echter de mate van circulariteit in 2040 en klimaatbestendig in 2050 zijn vooralsnog onvoldoende meetbaar.
1/4
Jaarlijks wordt de Haarlemse Duurzaamheidsbegroting opgeleverd (vanaf 2021). De duurzaamheidsbegroting biedt meer dan enkel een cijfermatig inzicht in de CO₂-uitstoot van de gemeente, het is een samenstel van een begrotingsdocument en -instrumenten ten bate van effectief en kostenefficiënt klimaatbeleid ten behoeve van een leefbare stad voor Haarlemmers. Het belang van integrale afweging en het meenemen van duurzaamheid als criterium in de afweging staat hierbij centraal. In de duurzaamheidsbegroting wordt gerapporteerd over CO₂ uitstoot van het gebruik van aardgas, elektriciteit en motorbrandstoffen. Dit is reeds goed inzichtelijk. Voor de andere duurzaamheidsthema’s, zoals circulaire economie, is dit inzicht er nog niet. Met alleen de energietransitie bereikt de wereld volgens het Circularity Gap report 2021 hooguit 15% van wat er in 2015 in het Parijs-akkoord is afgesproken. De overige 85% moet komen uit een circulaire economie. Kortom, het inzichtelijk maken van de circulaire economie is een opgave waar Haarlem de komende periode mee aan de slag wil. Brede welvaart In het coalitieakkoord ‘Actie!’ is de ontwikkelopdracht meegegeven waarin het doel gesteld is om aan het einde van de periode brede welvaart volledig te integreren in de reguliere begroting. Brede welvaart omvat alles wat mensen van waarde vinden, waarbij het o.a.
gaat om zaken zoals gezondheid, onderwijs, milieu en leefomgeving, sociale cohesie, persoonlijke ontplooiing en (on)veiligheid. In brede welvaart staat centraal dat er naast een financieel-economische dimensie, ook een sociaal-maatschappelijke en ecologische dimensie is. Ontwikkelopgave: doorontwikkeling Duurzaamheidsbegroting Komende periode zullen er stappen gezet moeten worden om de duurzaamheidsbegroting door te ontwikkelen zodat deze stapsgewijs verrijkt wordt met duurzaamheidsthema’s zoals circulaire economie en klimaatbestendigheid. De opgave die er voor Haarlem ligt is groot. Er zijn vooralsnog weinig tot geen universeel geaccepteerde methodieken om de diverse thema’s van duurzaamheid te meten. Daarnaast is brede welvaart een veelomvattend thema, waar Haarlem nog geen concrete doelstellingen en/of indicatoren voor heeft geformuleerd. Net zoals bij de energietransitie, is Haarlem op zoek naar een leidraad om de duurzaamheidsbegroting stap voor stap uit te breiden. Vermoed wordt dat de 26 kernindicatoren voor het meten van de Green Deal de volgende houvast kunnen bieden waar Haarlem naar op zoek is. De 26 kernindicatoren meten niet alleen vooruitgang op het gebied van milieuwelzijn, maar er zijn ook indicatoren waarmee de gezondheid van economieën en samenlevingen (brede welvaart) worden gemeten.
Haarlem ziet het als een kans om na te gaan in hoeverre de 26 indicatoren toepasbaar zijn op de gemeente, en om te onderzoeken of deze set aan indicatoren als basis kunnen dienen om een breder perspectief te ontwikkelen bij de beoordeling van de vooruitgang op duurzaamheidsdoelstellingen. Haarlem probeert zo veel mogelijk aan te sluiten bij (inter)nationale ontwikkelingen. Een goed voorbeeld hiervan is het gebruik van de Regionale Klimaatmonitor van het Rijk voor inzicht in CO₂ uitstoot. Aansluiten bij de methodiek van de Europese Commissie en het meten van dezelfde 26 kernindicatoren wordt dan ook als voor de hand liggend beschouwd.
2/4
Toepasbaarheid van de 26 kernindicatoren op Haarlem – toepassingsgericht 213a onderzoek De indicatoren zijn logischerwijs veelal gericht op de EU en haar lidstaten. Hierdoor zijn (vermoedelijk) niet alle indicatoren toepasbaar op Haarlem. Haarlem is voornemens om na te gaan in hoeverre de 26 kernindicatoren toepasbaar zijn op de gemeente. Het voorstel is om in 2023 een extra 213a onderzoek uit te voeren in de vorm van toepassingsgericht onderzoek. Toepassingsgericht onderzoek helpt de gemeente bij beleidsvragen, praktische problemen en het oplossen van maatschappelijke vernieuwingsopgaven. Gekozen is voor toepassingsgericht onderzoek dat bijdraagt aan de doorontwikkeling van de duurzaamheidsbegroting. Voorgesteld wordt om met dit toepassingsgerichte 213a onderzoek te inventariseren voor welke indicatoren het mogelijk is om deze te meten en te monitoren voor Haarlem. Uit dit onderzoek zal blijken of het monitoren van de 26 kernindicatoren een richting is die Haarlem op wil gaan en waar eventueel op den duur stappen in gemaakt kunnen worden. Indien de indicator op het schaalniveau van Haarlem irrelevant is, kan de keuze gemaakt worden om de indicator niet op te nemen. Voor het verkrijgen van de benodigde data zal er gekeken worden naar beschikbaarheid van externe bronnen en de mogelijkheid om voor Haarlem hierop aan te sluiten.
Hierbij kan in dit geval gedacht worden aan bronnen zoals het CBS en de Rijksoverheid. In dit onderzoek zal dus niet gekeken worden naar de interne informatiebronnen. Haarlem ziet de mogelijkheid om een toekomstgericht 213a onderzoek uit te laten voeren naar de toepasbaarheid van de 26 kernindicatoren op de gemeente Haarlem. Dit kan in samenwerking met een externe partij uitgevoerd worden, met als doel om de ontwikkelopgave voor Haarlem in beeld te brengen. Het 213a onderzoek wordt gecoördineerd door Concerncontrol.
Bovenstaande overwegingen/beschouwingen leiden tot de volgende probleemstelling en onderzoeksvragen die door middel van het te verrichtte onderzoek dienen te worden beantwoord. Centrale onderzoeksvraag In hoeverre zijn, gelet op de ontwikkelingen en uitgangspunten van de Gemeente Haarlem, de 26 kernindicatoren opgenomen in het Milieuactieprogramma toe te passen op de Gemeente Haarlem? De volgende vragen moeten ten minste in het onderzoek worden behandeld: - Welke informatie kan Haarlem gaan gebruiken/monitoren om aan te sluiten op de 26 kernindicatoren van de Europese Commissie? - Indien een kernindicator niet toepasbaar is op Haarlem: welke alternatieve informatie (in lijn met de kernindicator) kan Haarlem gaan gebruiken/monitoren? De aanbevelingen dienen de organisatie richting te geven voor wat betreft:
3/4
a. De toepasbare en bruikbare gegevens en data, in lijn met de 26 kernindicatoren, ten behoeve van de nationale verantwoordingsmonitoren; b. De wijze waarop aansluiting kan worden bereikt van gegevens en data; c. De ontwikkelopgave voor de organisatie om te komen tot getrouwe gegevens en data in lijn met de 26 kernindicatoren vanuit de Europese commissie. Onafhankelijk onderzoek Goed onafhankelijk onderzoek begint bij een geschikte opdrachtnemer waarbij de opdrachtgever de grenzen van het onderzoek aangeeft. Vereisten aan het bureau zijn kennis en ervaring met de duurzaamheidsopgave. Het onderzoek zal meervoudig onderhands uitgezet worden. Uitvoering: kosten, capaciteit en planning Kosten: De verwachte kosten voor het onderzoek zijn € 20.000, deze zullen gedekt worden vanuit de algemene middelen. In de Voorjaarsrapportage 2023 zal de vrijgave van het budget aan de raad worden voorgelegd (indien dit niet binnen het budget t.b.v. 213a onderzoeken past). Benodigde capaciteit vanuit de organisatie: Het 213a onderzoek zal uitgevoerd worden door concerncontrol en zal verder (vrijwel) geen capaciteit vragen van de overige afdelingen. Werkwijze en planning: 213a onderzoeken worden uitgevoerd namens het college. Het college stelt de onderzoeksopzet en de eindrapportage vast, en afgesproken is dat de raad geïnformeerd wordt over zowel de onderzoeksopzet als de uitkomsten.
Planning Akkoord M. Jonker op onderzoeksopdracht Onderzoeksopdracht aanbieden aan het DT Onderzoeksopdracht aanbieden aan Staf P&C Onderzoeksopdracht vaststellen college & raad informeren over voorgenomen onderzoek Onderzoek (laten) uitvoeren & eindrapportage opstellen Rapportage bespreken in DT Bestuurlijke reactie op eindrapportage opstellen & afstemmen in de staven Rapportage incl. bestuurlijke reactie vaststellen in college & aanbieden aan de raad Bespreking rapportage in commissie met de verantwoordelijke portefeuillehouders
1 december 7 december 12 december December - januari Na gunning t/m juni Begin juli juli Na het zomerreces Na het zomerreces
De bovenstaande planning is een richtlijn, omdat de daadwerkelijke planning afhankelijk is van het onderzoeksbureau waar het onderzoek aan gegund zal worden.
4/4