2 Bijlage 1 Nota Reserves en Voorzieningen
Tekst van het document
5.2 Bestemmingsreserves met een egalisatiefunctie 5.2.1 Reserve Duurzame sportvoorzieningen De reserve Duurzame sportvoorzieningen is een egalisatiereserve die samenhangt met de subsidie van sportgoederen met een levensduur van meer dan 10 jaar. Op basis van deze verordening kan het college van B&W subsidie verstrekken aan organisaties ten behoeve van de aanschaf/subsidiering van sportartikelen met een afschrijftermijn van meer dan 10 jaar. Er is voor een reservevorm (egalisatiereserve) gekozen omdat de kosten door de jaren heen fluctueren.
26
Naam
Duurzame sportvoorzieningen
Programma Doel
1. Maatschappelijke participatie De reserve Duurzame sportvoorzieningen is een egalisatiereserve die samenhangt met de Verordening subsidie sportgoederen met een levensduur van meer dan 10 jaar. Op basis van deze verordening kan het college van B&W subsidie verstrekken aan organisaties ten behoeve van de aanschaf/subsidiering van sportartikelen met een afschrijftermijn van meer dan 10 jaar. Er is voor een reservevorm (egalisatiereserve) gekozen omdat de kosten door de jaren heen fluctueren. Egalisatiereserve Afdelingsmanager Jeugd, Onderwijs en Sport Jaarlijks € 50.000 Diverse sportverenigingen Onbeperkt Bijdrage aan verenigingen o.g.v. verordening zoals vastgesteld door college B&W op 8 juni 2021 € 100.000 € 500.000, verhoogd met de middelen voor de Duinwijckhal € 380.000 € 136.000
Functie Budgethouder Toevoegingen/dotaties Bestedingen/onttrekkingen Maximale duur/datum opheffen Bijzonderheden Minimale omvang Maximale omvang Omvang per 31-12-2024
5.2.2 Reserve Vastgoed Voor het gemeentelijk vastgoed zijn meerjarenonderhoudsplannen opgesteld waarmee de lasten van planmatig, preventief, dagelijks en storingsonderhoud in grote mate voorspelbaar zijn. Fluctuaties in bestedingen ontstaan door mutaties in de vastgoedportefeuille. Voor niet-strategisch vastgoed met het voornemen om te verkopen wordt geen planmatig, maar (minimaal) instandhoudingsonderhoud uitgevoerd waarbij elk jaar per object wordt beoordeeld of er in aanvulling op standaard instandhoudingsonderhoud aanvullende maatregelen nodig zijn. Ook zijn de herstelkosten uit preventief, dagelijks en storingsonderhoud niet zeker gedurende het boekjaar omdat dit afhangt van het voordoen van incidenten. De Reserve Vastgoed wordt ingezet om schommelingen in de onderhoudslasten op te vangen. Voeding bestaat uit verkopen van gemeentelijk vastgoed en incidentele baten uit de eerste uitgifte van erfpacht voor zover niet anders bestemd. Naast eventuele onderhoudslasten worden ook incidentele lasten als gevolg van aan- en verkopen opgevangen met de Reserve Vastgoed (met enkele kanttekeningen). Achterstallig onderhoud, waar op het moment geen sprake van is, zal voor zover het noodzakelijk is verlopen via een voorziening achterstallig onderhoud en niet via de Reserve Vastgoed. Naam
Vastgoed
Programma Doel
5. Gezonde en duurzame stad 1. Het dekken van afwaarderingen als gevolg van het verlagen van boekwaarden van panden (en gronden) naar de marktwaarde (i.c. de duurzame waardevermindering van vastgoed zoals bedoeld in de notitie Materiële vaste activa van de commissie BBV). 2. Het dekken van verkoopkosten benodigd voor verkoop van vastgoed, slechts indien de opbrengst van de verkoop waar de kosten voor worden gemaakt wordt gedoteerd aan de Reserve Vastgoed. 3. Het dekken van aankoopkosten benodigd voor aankoop van vastgoed, slechts indien dit niet-activeerbare kosten betreffen en geen andere dekking mogelijk is. 4. Het dekken van werkelijke tekorten op de exploitatie van onderhoud aan gemeentelijk vastgoed, wanneer deze inzichtelijk worden of zijn ten tijde van het opstellen van de jaarrekening. 5. Het egaliseren van incidentele onderhoudslasten indien incidentele onderhoudswerkzaamheden uitgesteld worden en het budget voor het komende jaar onvoldoende is om de uitgestelde werkzaamheden te dekken. 6. Het dekken van de kosten voor het toegankelijk maken van het
27
gemeentelijke vastgoed dat daarvoor vanuit het Jaar van de Toegankelijkheid in 2018 is aangewezen. Functie Egalisatiefunctie voor incidentele onderhoudslasten, een bufferfunctie (in ieder geval) tot en met 2027 voor (incidentele) onderhoudslasten en een bestedingsfunctie voor afwaarderen, aan- en verkoopkosten, onderhouden en toegankelijkheid van gemeentelijk vastgoed. Budgethouder Afdelingsmanager Vastgoed Toevoegingen/dotaties 1. De verkoopopbrengst boven boekwaarde van panden en van gronden (erfpacht). De opbrengst van gronden vloeit alleen toe aan de Reserve Vastgoed indien de verkoop niet verbonden is aan een grondexploitatie of conform een raadsbesluit benodigd is voor toekomstige ontwikkelingen (in die omstandigheid wordt een af te boeken boekwaarde ook niet ten laste van de Reserve Vastgoed gebracht). 2. Incidentele baten als gevolg van de eerste uitgifte van gronden (erfpacht) voor zover deze gronden geen onderdeel zijn van een lopende grondexploitatie. Bestedingen/onttrekkingen Er is sprake van een principebesluit ten aanzien van de onttrekking van de aanen verkoopkosten en dotatie dan wel onttrekking voor het tekort of de egalisatie van de onderhoudslasten. De raad kan via bestuursrapportages geïnformeerd worden, maar bij de jaarrekening worden de werkelijke totale kosten onttrokken.
Dit betreft de kosten genoemd als de bestedingsdoelen onder 1 tot en met 6 waarvan specifiek door de raad besloten is dat deze uit de Reserve betaald mogen worden. Een overschot op budget voor structurele onderhoudslasten (planmatig, preventief, dagelijks en storingen) wordt niet gedoteerd aan de Reserve Vastgoed. Een tekort op onderhoudslasten kan wel worden onttrokken bij de jaarrekening. Doteren van overschotten op budgetten voor incidentele onderhoudswerkzaamheden kan alleen indien de opdracht hiertoe is verstrekt en uitvoering (deels) in het volgende jaar plaatsvindt. Maximale duur/datum opheffen n.v.t. Bijzonderheden n.v.t. Minimale omvang €0 Maximale omvang n.v.t. Omvang per 31-12-2024 €0
5.2.3 Reserve Baggeren De reserve Baggeren dient om de kosten te dragen die worden gemaakt om de gemeentelijke wateren op diepte te houden. Naam
Baggeren
Programma Doel
5. Gezonde en duurzame stad De reserve Baggeren is bedoeld om de gemeentelijke wateren op diepte te brengen voordat het in beheer kan worden overgedragen aan Rijnland, die het vervolgens op diepte houdt. Voor de gemeente geldt daarnaast de ontvangstplicht van verspreidbare bagger Functie Egalisatiefunctie Budgethouder Afdelingsmanager Beheer en Beleid Openbare Ruimte Toevoegingen/dotaties Conform raadsbesluit 2008/162737 (overdracht onderhoud oppervlaktewater aan Rijnland) jaarlijks € 219.000 vanuit het begrotingsproduct Riolering. Omdat Haarlem de ontvangstplicht van verspreidbare bagger heeft, wordt er jaarlijks € 219.000 gespaard om in de toekomst voldoende budget te hebben om de bagger op te kunnen ruimen. Dit bedrag is op basis van de huidige inzichten voldoende om de lasten over de jaren heen te egaliseren. Bestedingen/onttrekkingen In 2008 zijn afspraken gemaakt met Waterschap Rijnland (2008/162737). Besteding/onttrekking betreft de werkelijke door Waterschap Rijnland in rekening gebrachte kosten voor het baggeren. Hoe vaak en wanneer gebaggerd moet worden, is afhankelijk van veel externe factoren. Maximale duur/datum opheffen n.v.t. Bijzonderheden n.v.t. Minimale omvang €0 Maximale omvang n.v.t.
28
Omvang per 31-12-2024
€ 2.691.000
5.2.4 Reserve Parkeren Schalkstad De reserve Parkeren Schalkstad is een egalisatiereserve die samenhangt met de Parkeerexploitatie winkelcentrum Schalkwijk. Het gemeentelijk aandeel van de parkeerexploitatie wordt afgewikkeld op deze reserve. Naam
Parkeren Schalkstad
Programma Doel
5. Gezonde en duurzame stad In de POK voor de gezamenlijke parkeerexploitatie van de winkelcentrum Schalwijk zijn gemeente en CvvE van het winkelcentrum overeengekomen een egalisatiereserve te vormen voor het jaarlijkse exploitatie resultaat. Het aandeel van de gemeente wordt afgewikkeld op deze reserve. Egalisatiefunctie Afdelingsmanager Beheer en Beleid Openbare Ruimte Partijen zijn overeengekomen dat de gemeente minimaal € 150.000 aanhoudt als reserve en de CvvE minimaal € 100.000 als voorziening. Het gemeentelijke aandeel in de jaarlijks exploitatieresultaten wordt toegevoegd dan wel onttrokken aan de reserve. Als de reserve parkeren Schalkstad en de parkeervoorziening Schalkstad tezamen meer dan € 500.000 bedragen dan treden partijen in overleg om de reserve te verlagen, bijvoorbeeld door de parkeertarieven te verlagen. n.v.t. Jaarlijks wordt de gemeentelijke eigendomsverhouding bepaald op basis van het aantal parkeerplekken in de gezamenlijke parkeerexploitatie. €0 n.v.t. € 150.000
Functie Budgethouder Toevoegingen/dotaties
Bestedingen/onttrekkingen Maximale duur/datum opheffen Bijzonderheden Minimale omvang Maximale omvang Omvang per 31-12-2024
5.2.5 Reserve Budgetoverheveling Het via de exploitatie rechtstreeks aan reserves toevoegen of onttrekken van middelen is conform het BBV niet toegestaan. Dat zou immers de transparantie voor de raad niet ten goede komen. In het BBV is daarom voorgeschreven dat bij de rekening eerst een overzicht wordt gegeven van de baten en de lasten waarna het resultaat voor bestemming wordt bepaald, daarna wordt het resultaat bestemd bijvoorbeeld door middelen over te hevelen naar een volgende jaarschijf. De reserve Budgetoverheveling is de reserve waarmee middelen daadwerkelijk kunnen worden overgeheveld naar een volgend jaar. In één oogopslag is duidelijk wat het restantsaldo is dat kan vervallen. Naam
Budgetoverheveling
Programma Doel
7. Algemene dekkingsmiddelen en overhead Door middel van deze reserve worden budgetten doorgeschoven naar volgend begrotingsjaar Egalisatiefunctie Afdelingsmanager Concerncontrol Niet bestede gelden worden via raadsbesluit bij de betreffende P&C rapportage overgeheveld Bedragen die in jaar t-1 worden gedoteerd worden in jaar t (of t+ n) onttrokken en toegevoegd aan het exploitatiebudget waar zij betrekking op hebben.
Functie Budgethouder Toevoegingen/dotaties Bestedingen/onttrekkingen Maximale duur/datum opheffen Bijzonderheden Minimale omvang Maximale omvang
n.v.t. €0 n.v.t.
29
Omvang per 31-12-2024
€ 22.622.000
5.3 Bestemmingsreserves met een bufferfunctie 5.3.1 Reserve Kapitaallasten Maatschappelijk Nut Het is op basis van het BBV sinds 2017 verplicht om investeringen met een maatschappelijk nut (wegen, parken, etc.) te activeren. Voor deze investeringen moet afschrijving plaatsvinden over de (economische) gebruiksduur. Bij de invoering van deze verplichting ontstond extra begrotingsruimte omdat uitgaven niet langer direct ten laste van de exploitatie kwamen maar werden geactiveerd, waardoor lasten naar de toekomst verschoven. Om te voorkomen dat het financieel beeld werd vertroebeld, is in 2016 de reserve kapitaallasten activa met een maatschappelijk nut ingesteld. Inmiddels is het activeren van deze investeringen de reguliere praktijk, zijn de begrote uitgaven direct in de exploitatie verlaagd en zijn de verwachte kapitaallasten vanuit deze investeringen verwerkt in de begroting. Met het vaststellen van het Strategisch Beheerplan Openbare Ruimte is bedacht om de toenemende kosten van groot onderhoud en vervangingsinvesteringen op te vangen vanuit de reserve Beheer en Onderhoud Openbare Ruimte. Daarbij is besloten om die reserve te voeden met het niet meer benodigde saldo van de reserve Kapitaallasten Maatschappelijk Nut. Deze voeding vindt plaats per eind 2025. Het voorstel is om de reserve Kapitaallasten Maatschappelijk Nut op te heffen.
Deze wijziging zal verwerkt worden in het eerst volgende P&C product. 5.3.2 Reserve Grondexploitaties Vanwege de omvangrijke kasstromen en risico’s die met grondexploitaties zijn gemoeid, heeft de gemeente Haarlem een speciale reserve voor de grondexploitaties. Deze risico’s zijn bijvoorbeeld: het niet doorgaan van grondverkopen of het moeten afwaarderen van grondprijzen. De risico’s worden afgedekt door de reserve Grondexploitaties en de voorziening Toekomstige verliezen grondexploitaties die samen het weerstandsvermogen vormen. Daarnaast wordt ook de fiscale last van de grondexploitatie ten laste van de reserve gebracht. Jaarlijks wordt bij de jaarrekening het surplus van de reserve grondexploitatie bepaald. Daarbij worden de berekende marktrisico’s, belastingrisico’s (VPB-claim) en projectspecifieke risico’s afgetrokken van de stand van de reserve per 1-1. Indien er een surplus aanwezig is dan kan dit gebruikt worden voor het mogelijk maken van nieuwe gebiedsontwikkelingen. Bij een tekort (dat wil zeggen wanneer de stand van de reserve onvoldoende is om het berekende risicoprofiel op te vangen), is het niet mogelijk om vanuit de reserve geld beschikbaar te stellen voor nieuwe gebiedsontwikkelingen. Als het risicoprofiel en de resultaten van de lopende gebiedsontwikkeling verbeteren en er weer een surplus ontstaat dan kunnen wel weer nieuwe ontwikkelingen worden opgestart.
Jaarlijks wordt een totaaloverzicht van alle grondexploitaties (Meerjaren Perspectief Grondexploitaties oftewel MPG) ter informatie en besluitvorming aangeboden aan de gemeenteraad. Het MPG wordt bij de kadernota vastgesteld. Bij de begroting wordt de jaarsnede t+1 van de grondexploitaties vastgesteld. Naam
Grondexploitatie
Programma Doel
4. Aantrekkelijke woon-werkstad Dekken van risico's die uit de grondexploitatie voortvloeien en bijdragen gebiedsontwikkeling uitsluitend uit een surplus Bufferfunctie en bestedingsfunctie Afdelingsmanager Programma en Gebiedsmanagement 1. Jaarlijks worden tussentijdse winstnemingen op de grondexploitaties bepaald op basis van de gestelde voorwaarden uit het BBV. De winstnemingen komen ten bate van de reserve grondexploitatie.
Functie Budgethouder Toevoegingen/dotaties
30
2. Voor zover opbrengsten of voordelen niet volgens de bepalingen van de reserve Ontwikkelzones en de reserve Vastgoed aan de reserves gedoteerd moeten worden, kunnen in de reserve Grondexploitatie ook opbrengsten gestort worden die volgen uit projecten gebiedsontwikkeling en dienen ter reservering van toekomstige ontwikkelingen in het betreffende gebied of dienen ter compensatie van eerdere onttrekkingen aan het surplus van de reserve. Bestedingen/onttrekkingen Nadelige resultaten op grondexploitaties worden onttrokken aan de reserve. De verwachting is dat de reserve de aankomende jaren stijgt. In 2025 groeit de reserve substantieel (naar bijna € 23 miljoen). Daarnaast wordt de reserve Grondexploitaties ook gebruikt als dekkingsbron voor nieuwe ruimtelijke ontwikkelingen zoals het Verre Oosten, Delftplein, Beatrixplein en dergelijke. Hiervoor worden wel separaat raadsbesluiten voorgelegd. De reserve Grondexploitatie vormt samen met de getroffen voorziening het beschikbare weerstandsvermogen. Dit weerstandsvermogen is nodig om de risico's (marktrisico’s en projectrisico’s) die gemoeid gaan met de grondexploitaties op te vangen. De risico's die zich voordoen in de grondexploitaties worden uitgedrukt in het benodigde weerstandsvermogen. De beschikbare weerstandscapaciteit wordt geconfronteerd met de benodigde weerstandscapaciteit. Is deze kleiner, dan is er een aanvulling nodig.
Als deze groter is, dan ontstaat er een surplus. Dit surplus kan worden ingezet voor het afdekken van risico’s voor nieuw op te starten plannen, voorfinanciering van nieuwe ruimtelijke ontwikkelingen en/of investeringen of andere bijdragen in de ruimtelijke kwaliteit. Maximale duur/datum opheffen n.v.t. Bijzonderheden Minimale omvang €0 Maximale omvang n.v.t. Omvang per 31-12-2024 € 15.783.000
5.4 Reserves met een regiofunctie Voor een aantal taken ontvangt de gemeente middelen vanuit het Rijk voor het uitvoeren van een specifieke taak waarbij Haarlem een centrumfunctie heeft of werkzaamheden voor de regio uitvoert. De middelen moeten dan ook voor dat doel worden besteed. In vakjargon: het zijn beklemde reserves. Als er bij het opmaken van de jaarrekening blijkt dat er middelen over zijn, worden deze via resultaatbestemming overgeheveld naar een volgend jaar en gelabeld voor de specifieke taak. Als dat niet zou gebeuren, verdwijnt het saldo in het jaarrekeningresultaat van de gemeente Haarlem en dat is bij gelden die voor de regio zijn niet de bedoeling. Door het instellen van een reserve wordt hieraan tegemoet gekomen. Er wordt niet geschoven tussen de deelreserves. Voor een reserve met een regionale functie gelden grotendeels dezelfde spelregels als bij de “eigen” reserves met een paar aanpassingen. • De reserve voor de regiotaak blijft alleen bestaan als het nut en de noodzaak onomstotelijk vast staan. Als dat niet zo is volgt opheffing en wordt het saldo teruggestort naar de participanten behalve als een verstrekker van middelen (bijvoorbeeld een ander bestuursorgaan of een subsidiegever) vooraf heeft bepaald dat de middelen terug moeten naar de verstrekker.
Periodiek wordt dit bezien; • Bij het instellen van de regioreserve wordt vastgelegd voor wiens rekening risico’s komen en welke afspraken gelden voor sturing, beheersing en verantwoording aan de betrokken gemeenten. Die moeten zo zijn vormgegeven dat er transparantie is voor de andere betrokken gemeenten;
31
•
•
Van elke regioreserve ligt vast wat het doel van de reserve is, wat de geraamde besteding is, binnen welk kader besteding plaatsvindt en hoe de reserve wordt gevoed. Bestedingen moeten passen binnen de spelregels die de geldgever hiervoor stelt. Dat kunnen spelregels zijn hoe de specifieke taak moet worden uitgevoerd maar ook spelregels over verantwoording van de uitgaven. De verantwoording moet ook passen binnen hetgeen Haarlem gebruikelijk is; Het gehele saldo van de regioreserve kan, conform nader te bepalen afspraken van de regionale stuurgroep, voor specifieke bestedingen worden ingezet. Hiervoor is geen afzonderlijk raadsbesluit van de gemeenteraad van Haarlem nodig. Door deze spelregel toe te voegen wordt de onderstreept dat de besteding van de middelen een regionale zaak is.
Er zijn de volgende reserves met een regiofunctie: 5.4.1 Reserve Opvang, Wonen en Herstel Door de oprichting van het Gemeenschappelijk Orgaan Beschermd Wonen (GO BW) per 01-012024 is de reserve Opvang, Wonen & Herstel uitgesplitst in een aantal nieuwe reserves. Dit betreft de reserve Gemeenschappelijk Orgaan Beschermd Wonen en de reserve Regio Aanpak Huiselijk Geweld/Vrouwenopvang. De huidige reserve Opvang, Wonen en Herstel dient in stand te blijven voor historisch begrote onttrekkingen. Naam
Opvang, Wonen en Herstel
Programma Doel
2. Ondersteuning en Zorg
Het faciliteren van reeds begrote onttrekkingen voor met name verbouwingsen kapitaallasten (Anton Pieckhofje en Perron 18) en eventuele verschuivingen in jaargrenzen van budgetten (Domus Plus). Functie Bestedingsfunctie Budgethouder Afdelingsmanager Maatschappelijke Ondersteuning Toevoegingen/dotaties Indien het saldo van de reserve ontoereikend is, zal deze aangevuld worden vanuit de reserve Gemeenschappelijk Orgaan Beschermd Wonen (GO BW). Bestedingen/onttrekkingen Kapitaal- en verbouwingslasten inzake Anton Pieckhofje en Perron 18 en voorbereidingskosten Domus Plus. Maximale duur/datum opheffen Nadat alle historisch begrote onttrekkingen zijn afgehandeld zal de reserve Opvang, Wonen en Herstel worden opgeheven. Dit hangt mede samen met de looptijd van de afschrijvingstermijnen. Bijzonderheden Als er bij opheffing nog middelen in de reserve resteren dan worden deze gedoteerd aan de reserve GO BW. Minimale omvang €0 Maximale omvang € 2.774.850 Omvang per 31-12-2024 € 2.425.000
5.4.2 Reserve Regio Aanpak Huiselijk Geweld/Vrouwenopvang Door de oprichting van het Gemeenschappelijk Orgaan Beschermd Wonen (GO BW) per 1-1-2024 dient de reserve Opvang, Wonen & Herstel uitgesplitst te worden in een aantal nieuwe reserves. Dit betreft de reserve Gemeenschappelijk Orgaan Beschermd Wonen en de reserve Regio Aanpak Huiselijk Geweld/Vrouwenopvang. Naam
Regio Aanpak Huiselijk Geweld/Vrouwenopvang
Programma Doel
2. Ondersteuning en Zorg Niet bestede middelen voor centrumgemeentetaak Vrouwenopvang (DU VO) reserveren en beschikbaar houden voor deze taak. Bestedingsfunctie Afdelingsmanager Maatschappelijke Ondersteuning
Functie Budgethouder
32
Toevoegingen/dotaties
Na aftrek van kosten voor ambtelijke inzet wordt het positieve saldo van baten en lasten, bepaald als begroting versus realisatie, voor Regio Aanpak Huiselijk Geweld/Vrouwenopvang gedoteerd aan deze reserve. Indien een verhoging van de decentralisatie-uitkering Vrouwenopvang (DU VO) niet in de begroting verwerkt kan worden, wordt deze gedoteerd aan deze reserve. In de praktijk passen we bij deze reserve een principebesluit toe. Hier is geen afzonderlijk raadsbesluit voor nodig. Bestedingen/onttrekkingen Het negatieve saldo van baten en lasten, bepaald als begroting versus realisatie, voor Regio Aanpak Huiselijk Geweld/Vrouwenopvang wordt onttrokken aan deze reserve. Indien een verlaging van de DU VO niet in de begroting verwerkt kan worden, wordt deze onttrokken aan deze reserve. In de praktijk passen we bij deze reserve een principebesluit toe. Hier is geen afzonderlijk raadsbesluit voor nodig. Maximale duur/datum opheffen n.v.t. Bijzonderheden De kostenplaatsen gerelateerd aan de centrumgemeentetaak Regio Aanpak Huiselijk Geweld/Vrouwenopvang rekenen af met de reserve Regio Aanpak Huiselijk Geweld/Vrouwenopvang. Per 1-1-2024 is dit kostenplaats: - 669001 (Regio Aanpak Huiselijk Geweld) Deze opsomming is niet limitatief. In de toekomst kunnen er kostenplaatsen bijkomen of afvallen, zolang deze kostenplaatsen maar voldoen aan de aard en het doel van de reserve.
Eventuele overheadkosten (conform Haarlemse richtlijnen rondom overhead – vast bedrag per FTE) op de ambtelijke inzet worden separaat/extracomptabel ten laste gebracht op de reservestand, omdat het doorbelasten van de overheadkosten naar product via de exploitatie in strijd is met de BBV-regels. Dit is een principebesluit, hier is geen afzonderlijk raadsbesluit meer voor nodig. Minimale omvang €0 Maximale omvang n.v.t. Omvang per 31-12-2024 € 3.522.000
5.4.3 Reserve Gemeenschappelijk Orgaan Beschermd Wonen Door de oprichting van het Gemeenschappelijk Orgaan Beschermd Wonen (GO BW) per 1-1-2024 dient de reserve Opvang, Wonen & Herstel uitgesplitst te worden in een aantal nieuwe reserves. Dit betreft de reserve Gemeenschappelijk Orgaan Beschermd Wonen en de reserve Regio Aanpak Huiselijk Geweld/Vrouwenopvang. Naam
Gemeenschappelijk Orgaan Beschermd Wonen
Programma Doel
2. Ondersteuning en Zorg
Functie Budgethouder
Niet bestede middelen binnen het Gemeenschappelijk Orgaan Beschermd Wonen (GO BW) te reserveren en beschikbaar te houden voor het GO BW. Bestedingsfunctie Afdelingsmanager Maatschappelijke Ondersteuning
33
Toevoegingen/dotaties
De middelen die aan de reserve worden toegevoegd zijn in elk geval: a) Het saldo van beschermd wonen en maatschappelijke opvang binnen de reserve Opvang, Wonen & Herstel van de Gemeente Haarlem per 31 december 2023 (€ 22.355.259); b) Het positieve saldo van lasten en baten, bepaald als begroting versus realisatie, op het product Beschermd Wonen, de gekantelde dagbesteding BW (op product begeleiding en dagbesteding) en de regionale maatschappelijke opvang (op product maatschappelijke opvang); c) het eventuele overschot op de uitvoeringskosten van het GO BW; d) het eventuele overschot op de Vereveningsreserve Gemeenschappelijk Orgaan Beschermd Wonen aan het einde van de eerste drie jaar na ingangsdatum van de nieuwe wet woonplaatsbeginsel beschermd wonen (Ingangsdatum Woonplaatsbeginsel) onder de voorwaarde dat de reserve van het GO BW op dat moment lager is dan het afgesproken minimum van € 5 miljoen aan het eind van de begrotingsperiode (jaar t+4); e) het eventuele overschot op bestedingen binnen het innovatiefonds. f) verhogingen van de Integratie-uitkering Beschermd Wonen en/of decentralisatie-uitkering Maatschappelijke Opvang (DU MO), indien deze niet in de Haarlemse begroting kan worden. In de praktijk passen we bij deze reserve een principebesluit toe. Hier is geen afzonderlijk raadsbesluit voor nodig. Bestedingen/onttrekkingen 1.
De reserve wordt aangewend om de volgende kosten te bekostigen: a) het negatieve saldo van lasten en baten, bepaald als begroting versus realisatie, op het product Beschermd Wonen en de gekantelde dagbesteding BW (op product begeleiding en dagbesteding); b) het negatieve saldo van lasten en baten, bepaald als begroting versus realisatie, van de gemeenten op de taakuitvoering opvang, als bedoeld in artikel 1.1.1 van de Wet Maatschappelijke Ondersteuning voor in ieder geval de eerste 3 jaar na Ingangsdatum Woonplaatsbeginsel; c) het tekort op de Vereveningsreserve Gemeenschappelijk Orgaan Beschermd Wonen; d) het eventuele tekort vanuit bestedingen binnen het innovatiefonds. e) verlagingen van de Integratie-uitkering Beschermd Wonen en/of decentralisatie-uitkering Maatschappelijke Opvang (DU MO), indien deze niet in de Haarlemse begroting verwerkt kunnen worden. 2. In aanvulling op deze bestedingen kan het GO BW besluiten de reserve aan te wenden om andere kostenposten te dekken. 3. Het GO BW besluit jaarlijks bij het vaststellen van de begroting over de inzet van de reserve. In de praktijk passen we bij deze reserve een principebesluit toe. Hier is geen afzonderlijk raadsbesluit voor nodig. Maximale duur/datum opheffen n.v.t.
34
Bijzonderheden
Minimale omvang
Maximale omvang
Omvang per 31-12-2024
De kostenplaatsen gerelateerd aan de regionale taken rondom beschermd wonen (inclusief gekantelde dagbesteding beschermd wonen) en maatschappelijke opvang rekenen af met de reserve Gemeenschappelijk Orgaan Beschermd Wonen. Per 1-1-2024 zijn dit kostenplaatsen: - 669002 (Beschermd Wonen) - 669003 (GidW Beschermd Wonen Kanteling) - 669004 (Beschermd Wonen EB) - 669008 (Beschermd Wonen PGB) - 668501 (Opvangvoorzieningen MO) - 668502 (Preventie en Herstel) Deze opsomming is niet limitatief. In de toekomst kunnen er kostenplaatsen bijkomen of afvallen, zolang deze kostenplaatsen maar voldoen aan de aard en het doel van de reserve. Eventuele overheadkosten op de ambtelijke inzet worden separaat/extracomptabel ten laste gebracht op de reservestand, omdat het doorbelasten van de kosten naar product via de exploitatie in strijd is met de BBV-regels. Dit is een principebesluit, hier is geen afzonderlijk raadsbesluit meer voor nodig. Indien de nieuwe wet Woonplaatsbeginsel wordt uitgesteld tot na 1 januari 2026 worden de afspraken inzake het negatieve saldo van lasten en baten van de gemeenten op de taakuitvoering opvang, als bedoeld in artikel 1.1.1 van de Wet Maatschappelijke Ondersteuning herzien. Het GO BW zorgt ervoor dat de reservepositie bij het vaststellen van de begroting minimaal € 5 miljoen bedraagt aan het eind van de begrotingsperiode (jaar t+4).
In afwijking hiervan kan het GO BW besluiten dat een hogere of lagere stand van de reserve benodigd is. Voor dit besluit is een meerderheid van drie vierde van de stemmen binnen het GO Beschermd Wonen vereist. Wanneer de reservepositie bij het vaststellen van de begroting boven de € 7 miljoen uitkomt aan het eind van de begrotingsperiode (jaar t+4), dan wordt het resterende overschot op basis van het percentuele aandeel van elke gemeente in het totaalbudget van de rijksbijdragen die de gemeenten ontvangen voor de uitvoering van Beschermd Wonen, waartoe ook de rijksbijdrage hoort voor cliënten zonder bekende verblijfplaats (Verdeelsleutel), uitgekeerd aan de gemeenten. In afwijking hiervan kan het GO BW besluiten dat een hogere of lagere stand van de reserve benodigd is. Voor dit besluit is een meerderheid van drie vierde van de stemmen binnen het GO BW vereist. € 26.830.000
5.4.4 Vereveningsreserve Gemeenschappelijk Orgaan Beschermd Wonen Per 1 januari 2024 is er een Gemeenschappelijk Orgaan Beschermd Wonen (GO BW). Dit betreft een samenwerkingsverband tussen gemeenten Heemskerk, Beverwijk, Velsen, Zandvoort, Bloemendaal, Heemstede, Haarlemmermeer en Haarlem op basis van de Wet gemeenschappelijke regelingen (WGR). Aangezien een GO geen rechtspersoonlijkheid heeft worden de uitvoerende taken – tot nader order - belegd bij de Gemeente Haarlem. Op basis van de WGR ontvangt de gemeenteraad jaarlijks een kadernota en ontwerpbegroting waarop een zienswijze kan worden ingediend. Gedurende de eerste drie jaar na ingangsdatum van de nieuwe wet Woonplaatsbeginsel beschermd wonen (Ingangsdatum Woonplaatsbeginsel) worden overschotten en tekorten op de zorgkosten van de deelnemende gemeenten aan het Gemeenschappelijk Orgaan Beschermd Wonen (GO Beschermd Wonen) onderling verrekend onder het beheer van het Uitvoeringsteam Regionale BW Taken (URB) middels een vereveningsreserve. Met dit oprichtingsdocument wordt formeel uitvoering gegeven aan dit besluit. Voor alle bepalingen wordt verwezen naar bijlage 5 (Bijdragebesluit 2024) en bijlage 6 (Ontwerpbegroting 2024-2026 GO BW) van Raadstuk 2023/157504. De oprichting van de vereveningsreserve GO BW betreft daarom een pro-forma besluit. Naam
Verevening Gemeenschappelijk Orgaan Beschermd Wonen
35
Programma Doel
Functie Budgethouder Toevoegingen/dotaties
Bestedingen/onttrekkingen
2. Ondersteuning en Zorg Gedurende de eerste drie jaar na ingangsdatum van de nieuwe wet Woonplaatsbeginsel beschermd wonen (Ingangsdatum Woonplaatsbeginsel) worden overschotten en tekorten op de zorgkosten van de deelnemende gemeenten aan het Gemeenschappelijk Orgaan Beschermd Wonen (GO Beschermd Wonen) onderling verrekend onder het beheer van het Uitvoeringsteam Regionale BW Taken (URB) middels een vereveningsfonds. Egalisatiefunctie Afdelingsmanager Maatschappelijke Ondersteuning Indien een deelnemende gemeente in een kalenderjaar minder zorgkosten heeft gemaakt dan vastgesteld in de Ontwerpbegroting, dan draagt de betreffende gemeente dit overschot over aan het GO Beschermd Wonen ten behoeve van de vereveningsreserve. Indien de Vereveningsreserve Gemeenschappelijke Orgaan Beschermd Wonen (Vereveningsreserve GO BW) niet voldoende middelen bevat voor de compensatie, wordt het tekort aangezuiverd vanuit de Reserve Gemeenschappelijk Orgaan Beschermd Wonen (Reserve GO BW).
Indien ook die reserve onvoldoende middelen bevat voor de compensatie, draagt elke gemeenten overeenkomstig het percentuele aandeel van elke gemeente in het totaalbudget van de rijksbijdragen die de gemeenten ontvangen voor de uitvoering van Beschermd Wonen, waartoe ook de rijksbijdrage hoort voor cliënten zonder bekende verblijfplaats (Verdeelsleutel) bij aan het aanzuiveren van het tekort in de vereveningsreserve. Indien een gemeente in een kalenderjaar meer zorgkosten heeft gemaakt dan vastgesteld in de Ontwerpbegroting, dan wordt dit tekort van de betreffende gemeente volledig gecompenseerd uit de vereveningsreserve.
Maximale duur/datum opheffen 3 jaar na Ingangsdatum Woonplaatsbeginsel. Bijzonderheden Het GO BW stelt jaarlijks, gelijktijdig met het vaststellen van de begroting, vast hoeveel middelen elke gemeente beschikbaar heeft voor zorgkosten voor de eigen inwoners. Dit bedrag bestaat uit de rijksbijdrage die iedere gemeente ontvangt voor Beschermd Wonen, verminderd met alle kosten, inclusief eventuele kosten voor de lokale uitvoering van beschermd wonen, waarvan de taakuitvoering niet onder de regeling valt. Het GO BW stelt jaarlijks, gelijktijdig met het vaststellen van de jaarrekening en ten aanzien van het jaar waarop de betreffende jaarrekening ziet, vast hoeveel middelen elke gemeente heeft ingezet van de beschikbare middelen. Om in aanmerking te komen voor de financiële compensatie uit de Vereveningsreserve GO BW dient een gemeente na afloop van het kalenderjaar een compensatieverzoek in bij het GO BW. Het GO BW besluit na ontvangst op een verzoek tot compensatie volgens de voorwaarden vastgesteld door het GO BW. Na drie jaar vanaf de Ingangsdatum Woonplaatsbeginsel wordt de Vereveningsreserve GO BW opgeheven. Eventueel resterende middelen worden overeenkomstig de Verdeelsleutel, verdeeld over de deelnemers, tenzij de Reserve GO BW op dat moment lager is dan het afgesproken minimum van € 5 miljoen (aan het eind van de begrotingsperiode jaar t+4).
Dan wordt de reserve GO BW eerst aangezuiverd tot dit afgesproken minimum van € 5 miljoen, waarna verdeling overeenkomstig de verdeelsleutel plaatsvindt. Minimale omvang €0 Maximale omvang n.v.t. Omvang per 31-12-2024 €0
5.4.5 Reserve Regionale Middelen Arbeidsmarkt Binnen de arbeidsmarktregio Zuid-Kennemerland en IJmond werken de samenwerkende partijen (gemeenten Beverwijk, Bloemendaal, Haarlem, Heemskerk, Heemstede, Velsen en Zandvoort, UWV, ROC Nova College, Hogeschool Inholland, SBB, Doorstroompunt, FNV, CNV, VNO-NCW West) samen aan een inclusieve arbeidsmarkt waarin iedereen duurzaam mee kan doen. De partners dragen bij aan de realisatie van maatschappelijke opgaven en streven naar een zo goed mogelijke aansluiting tussen de behoefte en mogelijkheden van werkgevers, werkenden en werkzoekenden, nu en in de toekomst. De samenwerking in de arbeidsmarktregio’s is vastgelegd in de Wet SUWI, met o.a. een verplichting om te werken met een meerjarige strategische arbeidsmarktagenda. De
36
centrumgemeente Haarlem ontvangt Rijksmiddelen voor het voeren van regie op de samenwerking, voor de uitvoering van regionale dienstverlening in het Werkcentrum en voor de uitvoering van inhoudelijke projecten, vaak gericht op specifieke doelgroepen. De centrumgemeente Haarlem ontvangt ook middelen uit subsidies die door de arbeidsmarktregio zijn aangevraagd. De wettelijke opdracht tot samenwerken in de arbeidsmarktregio is structureel, een groot deel van de middelen zijn incidenteel. Deze reserve dient om niet bestede middelen te reserveren en beschikbaar te houden voor de opdracht die de arbeidsmarktregio heeft. Naam
Regionale middelen arbeidsmarktbeleid
Programma Doel
3. Werk en Inkomen
Reserveren van middelen om instellen van de reserve Regionaal arbeidsmarktbeleid, waaruit de regionale bestedingen voor het versterken van de regionale arbeidsmarkt gedekt worden. Functie Bestedingsfunctie Budgethouder Afdelingsmanager Werk en Inkomen Toevoegingen/dotaties In de Jaarrekening 2020 zijn de niet-bestede regionale budgetten bestemd voor 2021 en is de regionale reserve ingesteld. Ook in de jaren daarna zijn ontvangen middelen niet altijd volledig besteed. Hiervoor zijn verschillende oorzaken te benoemen. In 2020-2021 zijn sommige projecten bijvoorbeeld vertraagd als gevolg van corona. Andere projecten kennen een gefaseerde uitrol. Ook wordt een deel van de middelen ontvangen voor de uitvoering over meerdere jaren. Het gaat om tijdelijke middelen bestemd voor de hele regio en gekoppeld aan de opdracht voor de gemeente Haarlem om deze te besteden in samenwerking met sociale partners en andere gemeenten. Voor de komende jaren zijn in dit kader regionale bestedingen gepland. Om de middelen voor de regio beschikbaar te houden en jaarlijkse overhevelingen te voorkomen is in 2021 hiervoor een aparte bestemmingsreserve “regionaal arbeidsmarktbeleid” ingesteld om de niet-bestede saldo’s aan toe te voegen. Bestedingen/onttrekkingen - Aan het einde van het jaar wordt er gedoteerd of onttrokken teneinde de exploitatie “glad“ te laten lopen.
Bij deze nota wordt voorgesteld om een principebesluit te nemen rondom de onttrekking of toevoeging bij de jaarrekening ten laste of ten behoeve van deze reserve zodat hiervoor geen afzonderlijke raadsbesluiten meer nodig zijn. Op basis van dit principebesluit wordt aan het einde van het jaar het tekort (t.o.v. begroting) onttrokken of het overschot (t.o.v. begroting) gedoteerd aan de reserve van de kostenplaatsen 661516 Talentenfonds ZKIJ 661519 Programmakosten ZKIJ 661517 Programmateam ZKIJ 661521 Werkcentrum ZKIJ 661523 Regiomid. impulsbudsoc.infrastr Deze opsomming is niet limitatief. In de toekomst kunnen er kostenplaatsen bijkomen of afvallen, zolang deze kostenplaatsen maar voldoen aan de aard en het doel van de reserve. Maximale duur/datum opheffen Nader te bepalen Bijzonderheden Minimale omvang €0 Maximale omvang n.v.t. Omvang per 31-12-2024 € 2.609.000
5.4.6 Reserve RIEC NH Het Regionaal Informatie en Expertise Centrum (RIEC) is een samenwerkingsverband van o.a. de politie, justitie, de Belastingdienst, de provincie en gemeenten in Noord-Holland om de bestuurlijke en geïntegreerde aanpak van georganiseerde criminaliteit vorm te geven. De gemeente Haarlem onderhoudt de subsidierelatie met het Ministerie van Veiligheid en Justitie namens het RIEC Noord-Holland. Daarnaast is Haarlem de beheersorganisatie van het RIEC. Zowel de jaarlijkse verantwoording als de periodieke rapportages gaan via de stuurgroep richting het ministerie van
37
Veiligheid en Justitie. Het RIEC wordt aangestuurd door de stuurgroep Ondermijning waar de burgemeester van Haarlem, tevens Regioburgemeester Politie, voorzitter van is. Bij de jaarrekening 2015 is besloten deze deelreserve in te stellen, zodat de middelen beschikbaar blijven voor de regio. Uitgaven moeten in lijn liggen met de doelstellingen van het RIEC. Dat krijgt in de praktijk gestalte door het resultaat op de kostenplaats RIEC te doteren (bij positief resultaat) of onttrekken (bij negatief resultaat). Naam
RIEC NH
Programma Doel
6. Burger, bestuur en veiligheid Deze reserve heeft een tweetal functies: 1. Bestedingsfunctie: middelen die aan het RIEC ter beschikking zijn gesteld moeten beschikbaar blijven voor het RIEC. Eventuele budgetoverschotten vallen derhalve niet vrij in de jaarrekening van de gemeente Haarlem maar blijven beschikbaar voor het RIEC. Bij de jaarrekening zullen tekorten worden onttrokken of overschotten worden gedoteerd aan de reserve. Uitgaven moeten in lijn liggen met de doelstellingen van het RIEC. 2. Bufferfunctie: het afdekken van WW risico’s voor tijdelijk personeel van het RIEC. Idem risico terugbetalen subsidie. Bestedingsfunctie en bufferfunctie Afdelingsmanager NH Veilig Het resultaat op de kostenplaats RIEC wordt gedoteerd (positief) of onttrokken (bij negatief resultaat). Centrumgemeente Haarlem ontvangt een subsidie voor het Regionaal Informatie en Expertise Centrum.
Functie Budgethouder Toevoegingen/dotaties Bestedingen/onttrekkinge n
Maximale duur/datum opheffen Bijzonderheden Minimale omvang Maximale omvang Omvang per 31-12-2024
Aan het einde van het jaar wordt er gedoteerd of onttrokken teneinde de exploitatie “glad“ te laten lopen. Bij deze nota wordt voorgesteld om een principebesluit te nemen rondom de onttrekking of toevoeging bij de jaarrekening ten laste of ten behoeve van deze reserve zodat hiervoor geen afzonderlijke raadsbesluiten meer nodig zijn. Op basis van dit principebesluit wordt aan het einde van het jaar het tekort (t.o.v. begroting) onttrokken of het overschot (t.o.v. begroting) gedoteerd aan de reserve van de kostenplaatsen 611005 RIEC, 611006 RIEC flex. Uitvoeringskracht en 611007 RIEC versterkingsgelden. n.v.t. Zolang het RIEC blijft functioneren, is de reserve noodzakelijk. €0 n.v.t. € 449.000
5.5 Bestemmingsreserves met een financieringsfunctie 5.5.1
Reserve Kapitaallasten (voorheen Kapitaallasten Economisch Nut)
Naam
Kapitaallasten
Programma Doel Functie Budgethouder
7. Algemene dekkingsmiddelen en overhead Dekken van rente- en afschrijvingslaten van investeringen. Financieringsfunctie Afdelingsmanager Concerncontrol
38
Toevoegingen/dotaties
Toevoeging aan de reserve vindt plaats uit de exploitatie of vanuit andere reserves. Ook bijdragen van derden, die niet specifiek zijn verleend voor een concrete investering en daarom vanuit de BBV regels niet direct in mindering mogen worden gebracht op een investering, kunnen in deze reserve worden ondergebracht als dekking van de kapitaallasten. Bij actualisatie van het Investeringsplan (bij de kadernota en de programmabegroting) wordt het verschil tussen de begrote kapitaallasten volgend vanuit het investeringsplan en de begrote kapitaallasten o.b.v. het verwachte investeringsvolume vanuit historische trendmatige bevindingen gedoteerd aan de reserve. Daarnaast wordt bij de kadernota een eventueel verschil tussen de voor het boekjaar begrote kapitaallasten en/of dotatie aan de reserve Kapitaallasten en de werkelijke kapitaallasten in dat jaar gedoteerd aan de reserve. Tot slot kan worden besloten om onafhankelijk van specifieke investeringen een bedrag een de reserve te doteren om via toekomstige onttrekkingen de druk van de kapitaallasten op de begroting te verlichten. Bestedingen/onttrekkingen De jaarlijkse afschrijvingslasten voortvloeiend uit investeringen waarvan is besloten de kapitaallasten (deels) te denken vanuit eigen middelen, reserves of bijdragen van derden die niet direct in mindering mogen worden gebracht op de investering.
Jaarlijks wordt bij de kadernota een eventueel verschil tussen de voor het boekjaar begrote kapitaallasten (en bijbehorende dotatie aan de reserve Kapitaallasten) en de werkelijke kapitaallasten in dat jaar bepaald. Wanneer de werkelijke kapitaallasten hoger zijn dan begroot op basis van historische trendmatige bevindingen, wordt dit verschil onttrokken uit de reserve. Per investering wordt vooraf besloten of de kapitaallasten geheel of gedeeltelijk door deze reserve worden afgedekt. Tot slot kan worden besloten om onafhankelijk van specifieke investeringen een bedrag een de reserve te onttrekken om de druk van de kapitaallasten op de begroting te verlichten. Maximale duur/datum opheffen n.v.t. Bijzonderheden Het moment van toevoegen is in principe uiterlijk het moment waarop de afschrijving start van de investering die (deels) vanuit de reserve wordt gedekt. Minimale omvang €0 Maximale omvang n.v.t. Omvang per 31-12-2024 € 12.636.000
39
6.
Bijlage 2 Actueel overzicht voorzieningen Zowel in de begroting als in de jaarstukken is een opsomming van de voorzieningen vermeld, inclusief de toevoegingen en onttrekkingen. In de jaarrekening is aangegeven waar de voorziening voor is bedoeld. De toelichting is summier. Dat heeft te maken met het feit dat er bij een voorziening geen keuzemogelijkheid is: de voorziening moet conform wettelijke spelregels worden aangehouden.
6.1 Voorzieningen voor verplichtingen en verliezen 6.1.1 Noodvoorziening Kenter (programma 2) Betreft financiële noodvoorziening Kenter Jeugdhulp, hiermee wordt voorkomen dat hulp aan jeugdigen waar geen ander aanbod voor beschikbaar is wordt stopgezet. 6.1.2 Liquidatie Fietsznfabriek (programma 4) Voorziening is getroffen na afsluiten van grondexploitatie en nog een klein deel van de kosten (uren) gemaakt dient te worden. 6.1.3 Liquidatie Entree Oost en West (programma 4) Voorziening is getroffen na afsluiten van grondexploitatie en nog een klein deel van de kosten (uren) gemaakt dient te worden. 6.1.4 Liquidatie Aziëweg (programma 4) Voorziening is getroffen na afsluiten van grondexploitatie en nog een klein deel van de kosten (uren) gemaakt dient te worden. 6.1.5 Liquidatie Badmintonpad (programma 4) Voorziening is getroffen na afsluiten van grondexploitatie en nog een klein deel van de kosten (uren) gemaakt dient te worden. 6.1.6 Liquidatie Deliterrein (programma 4) Voorziening is getroffen na afsluiten van grondexploitatie en nog een klein deel van de kosten (uren) gemaakt dient te worden. 6.1.7 Liquidatie Schalkwijk fase 1 (programma 4) Voorziening is getroffen na afsluiten van grondexploitatie en nog een klein deel van de kosten (uren) gemaakt dient te worden.
6.1.8 Voorziening Negatieve grondexploitaties (programma 4) De negatieve balanswaarde van grondexploitaties met voorzieningen.
40
6.1.9 Wethouderspensioen (programma 6) Pensioenvoorziening voor huidige en voormalige wethouders of nabestaanden of voor tekorten op de lopende pensioenverzekeringen. 6.1.10 Fiscale Risico’s (programma 7) Betreft voorziening voor fiscale risico’s (vennootschapsbelasting) inzake de activiteiten grondexploitaties en reclameconsessies. 6.1.11 Wachtgeld wethouders (programma 7) Voorziening toekomstige verplichtingen wachtgeld voormalige wethouders, conform regelgeving BBV (artikel 44). 6.1.12 Verlofsparen (programma 7) Verplichting voortvloeiende uit gespaarde/niet bestede verlofuren door medewerkers (bovenwettelijke vakantie-uren).
6.2 Voorzieningen niet bestede middelen van derden 6.2.1 Fietsknooppunt (programma 4) Onderhoud bebording fietsroutenetwerk in de regio Zuid-Kennemerland. 6.2.2 Egalisatie afvalstoffenheffing (programma 5) Deze voorziening moet zorgen voor een gelijkmatig lastenpatroon voor de burger. 6.2.3 Waterbergingen (programma 5) Compensatie waterbergingen DSK en Roemer Visserstraat in het kader van stedelijke wateropgave. 6.2.4 Tariefsegalisatie riolering (programma 5) Deze voorziening moet zorgen voor een gelijkmatige lastenpatroon voor de burger. 6.2.5 GR Regionale bereikbaarheid Zuid-Kennemerland (programma 5) Betreffen de opgebouwde middelen van de gemeenschappelijke regeling bereikbaarheid ZuidKennemerland. 6.2.6 Parkeren Schalkstad (programma 5) In de POK voor de gezamenlijke parkeerexploitatie van de winkelcentrum Schalwijk zijn gemeente en CvvE van het winkelcentrum overeengekomen een egalisatiereserve te vormen voor het jaarlijkse exploitatie resultaat. Het aandeel van de CvvE wordt afgewikkeld op deze voorziening. 6.2.7 Middengebied Schalkwijk (programma 5) Bijdrage van derden in toekomstige onderhoudskosten openbare ruimte middengebied Schalkwijk. 6.2.8 Grafleges (programma 5) De voorziening is ingesteld voor verplichtingen ten aanzien van vooruit ontvangen afkoopsommen voor onderhoud en huur van graven.
41
Dit is een uitgave van gemeente Haarlem, 30 november 2025
Tekst: Concerncontrol, Fotografie: -, Ontwerp: -, Drukwerk: ________________________________ Postbus 511 2003 PB Haarlem Tel. 14 023 haarlem.nl 42