2 Bijlage 1 Management samenvatting onderzoek naar de uitgaven voor de Maatschappelijke Opvang inde regio IJmond, Zuid Kennemerland en Haarlemmermeer
Tekst van het document
Dak boven het hoofd, grond onder de voeten
Managementsamenvatting van het onderzoek naar uitgaven voor de maatschappelijke opvang − IJmond, Zuid-Kennemerland en Haarlemmermeer 13-11-2023
Managementsamenvatting
Aanleiding voor dit onderzoek, werking van de maatschappelijke opvang en de aanpak In opdracht van de regio IJmond, Zuid-Kennemerland en Haarlemmermeer voerde Andersson Elffers Felix (AEF) een onderzoek uit naar de verklaringen en oplossingen voor het structurele tekort op de maatschappelijke opvang in de regio. Maatschappelijke opvang (MO) is de opvang en begeleiding van (dreigend) dakloze mensen die niet in staat zijn om zich op eigen kracht te handhaven in de samenleving. Centrumgemeente Haarlem voert de MO uit voor de regio. In de regio zijn er negen opvangvoorzieningen, die verzorgd worden door vijf aanbieders. De Brede Centrale Toegang bepaalt in opdracht van de centrumgemeente wie er wordt toegelaten tot de opvang in de regio. Via een hypothesegerichte aanpak hebben we in kaart gebracht wat de meest waarschijnlijke verklaringen voor het tekort op de MO zijn.
2
We hebben eerst door bureauonderzoek en gesprekken met betrokkenen uit het veld mogelijke verklaringen voor het tekort geïdentificeerd. Deze hebben we vervolgens getoetst op basis van o.a. een enquête onder aanbieders en landelijke bronnen. Samen met aanbieders en beleidsmedewerkers hebben we nagedacht over oplossingen om het tekort te verkleinen.
Restant niet te verklaren, te verklaren aan de hand van verklaringen waaraan niet eenduidig een bedrag te koppelen is of verklaringen die buiten de invloedssfeer van de regio
Managementsamenvatting
Er zijn verschillende plausibele verklaringen waarvan de omvang vergelijkbaar is met het tekort Tekort: 5,9 mio
Er zijn veel verschillende mogelijke verklaringen voor het tekort in de regio. De meest aannemelijke en omvangrijke verklaringen zijn: ▹ dat de uitkomsten jaar op jaar in omvang toenemen vanwege loon- en prijsstijgingen (± €3.3 mio in 5 jaar tijd), maar de inkomsten tegelijkertijd niet geïndexeerd zijn. De middelen hiervoor worden aan de algemene uitkering van het gemeentefonds toegevoegd (en dus door alle gemeenten ontvangen) in plaats van aan de decentralisatie-uitkering voor de MO. Dit verklaart (vanaf 2016 gerekend) 3,6 mio van het tekort. ▹ Dat de MO deels gebruikt wordt als overbruggingszorg voor Beschermd Wonen (BW) vanwege de lange wachtlijsten bij BW3
voorzieningen en het ontbreken van voorzieningen voor mensen met een triple diagnose of overlastgevers in deze regio (± € 0,8 mio) ▹ Dat een deel van de cliënten zelfstandig kan wonen, maar wacht op een woning via het pact (± €1 mio) Tezamen is de omvang van deze verklaringen op het budget vergelijkbaar met de omvang van het tekort, zie de afbeelding rechts. Daarnaast zijn er verscheidene andere redenen met een mindere waarschijnlijkheid of kleiner aandeel in het tekort (bijvoorbeeld, cliënten uit andere regio’s).
Cliënten die wachten op BW: 0,8 mio
Cliënten die wachten op een Pact-woning: 1 mio Prijsstijgingen / gebrek aan indexering: 3,6 mio
Managementsamenvatting
We hebben drie verschillende oplossingsrichtingen verkend om met het tekort om te gaan In dit rapport worden drie oplossingsrichtingen voor de omgang met het tekort nader verkend: 1. Verschuiven
2. Verkleinen
3. Verdelen
1. Verschuiven Er zijn verschillende uitgaven waarvan het de vraag is of zij onder de MO horen. De kosten voor de cliënten met een BW-indicatie in een MO-voorziening, bijvoorbeeld. Het tekort kan met deze oplossingsrichting met ongeveer €0,9 mio worden teruggebracht.
4
2. Verkleinen Daarnaast kunnen er maatregelen getroffen worden die de uitgaven verlagen. We hebben verschillende maatregelen uitgewerkt en beoordeeld, ondergebracht in drie sturingsstrategieën:
▹ Strategie 1: preventie. Hieronder vallen twee maatregelen: de inzet van de steungroepenmethodiek en (verdere) inzet op voorkomen van schulden, etc. Deze maatregelen zijn wenselijk, redelijk haalbaar en snel, maar met onzekere impact. ▹ Strategie 2: meer passende plekken / aanbod. Hieronder vallen drie maatregelen: housing first, meer beschermd wonen / thuis en meer sociale huurwoningen. Het zijn (redelijk) wenselijke maatregelen, maar in het algemeen uitdagend qua haalbaarheid. Hun impact is minder onzeker, maar ook niet erg groot omdat er ondersteuningskosten op andere domeinen tegenover staan.
▹ Strategie 3: strenger aan de poort en uitgang. Deze maatregelen zijn in het algemeen beperkter wenselijk en (politiek) haalbaar, maar wel veelal wel praktisch haalbaar en sorteren bovendien op vrij korte termijn een effect dat redelijk in omvang is. 3. Verdelen Als er na het verschuiven en verkleinen nog een tekort over is, kan een resterend tekort ook verdeeld worden. Dit rapport vergelijkt verschillende verdeelsleutels waarmee dit kan worden gedaan.
Managementsamenvatting
Deze oplossingsrichtingen zijn allemaal nodig, maar bovenal zijn regionale afspraken over indexatie benodigd We concluderen dat er geen ei van Columbus is om het tekort op te lossen: er moet ingezet worden op verschillende oplossingsrichtingen. De onderzochte oplossingsrichtingen Verschuiven en Verkleinen kunnen het huidige tekort verkleinen of zelfs nagenoeg oplossen, maar op lange termijn en onder soms ingrijpende veranderingen. Dit alleen biedt echter geen duurzame oplossing: bij ontbreken van afspraken om de inkomsten te indexeren, wordt het tekort steeds groter, en zal op termijn helemaal niet meer te dichten zijn. Een duurzame financiële dekking is dus alleen mogelijk met afspraken over hoe het budget geïndexeerd wordt. We adviseren om het tekort als regionaal
5
probleem te beschouwen en regionaal eigenaarschap hierover te nemen. Een onderdeel daarvan is het maken van duurzame en rechtvaardige afspraken over de toekomstige indexatie van het MO-budget. Hoe groter het bedrag dat op deze laatste manier gedekt wordt, hoe meer er bij de oplossingsrichting Verkleinen ingezet kan worden op wenselijke maatregelen vanuit maatschappelijk perspectief, in plaats van noodzakelijke maatregelen vanuit budgettair perspectief. Verder adviseren we om alle oplossingsrichtingen in te zetten om met het tekort om te gaan: het verschuiven van de uitgaven waarvoor dat mogelijk is, het
verkleinen van de uitgaven via maatregelen en het verdelen van een eventueel resterend tekort, ook na 2026. We benadrukken het belang van het voeren van een regionaal gesprek over wat deze conclusies en adviezen betekenen voor de verhoudingen tussen en verantwoordelijkheden van de verschillende gemeenten. De bevindingen, conclusies en aanbevelingen lichten we uitgebreider toe in onze volledige rapportage.