CConstaterende datHaarlem
Koppel je AI →
Document · PDF

2. Bijlage 1. Jaarverslag Stichting Spaarnesant

commissie Samenleving 4 december 2024, gemeente HaarlemBij agendapunt: 19:40 uur Realisatie instandhouding openbaar basisonderwijs 2023 (BL)29.497 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 2 van 4

Bij het opstellen van de meerjarenbegroting op stichtingsniveau is de begroting van het lopende schooljaar een vaststaand gegeven maar worden naar de toekomst wel aanpassingen gemaakt die uitgangspunt zijn voor de volgende schoolbegroting. Dus de meerjarenbegroting 2024-2028 op stichtingsniveau geeft uitgangspunten voor de meerjarige schoolbegroting voor schooljaar 2024-2025 en verder.

2.4.2

Investeringsbeleid

Met een matige bekostiging van niet-personele uitgaven weten we tot op heden goede resultaten te bereiken. In het hele land is bekend waar de knelpunten zitten en waarom PO-besturen niet kunnen investeren in duurzaamheid (klimaatakkoord). In 2023 was het investeringsniveau aanzienlijk hoger dan de afschrijvingen, in 2024 is dit nog steeds het geval, in de jaren daarna komen de investeringsuitgaven en de afschrijvingen in lijn. Bovendien verdienen investeringen in renovaties, functionele verbeteringen, energiebesparing en duurzaamheid van gebouwen, meubilair en ICT zich grotendeels terug door besparing op energie en onderhoudsuitgaven, een gezond werk- en leerklimaat en betere arbo-omstandigheden.

32

Elke school heeft een meerjarig investeringsplanning voor meubilair, leermiddelen en ICT. Deze meerjarenplanning wordt jaarlijks geactualiseerd. Ook de meerschoolse investeringen, met name gebouwenonderhoud, worden meerjarig gepland. In onderstaand overzicht is het investeringsverloop voor de komende jaren opgenomen. Hierin is een nog toe te wijzen taakstelling op investeringen opgenomen. In 2024 zal circa € 400k moeten worden bespaard ten opzichte van de door de verschillende afdelingen opgenomen investeringen. Deze taakstelling wordt gedurende het jaar ingevuld.

ΖQYHVWHULQJHQ [Ȝ

2023



2025







Verbouwing, ICT-infra en duurzame investeringen gebouw

1.854

913

646

388

400

347

Onderhoud gebouwen

624

2.162

1.734

1.149

901

1.574

Inventaris en apparatuur

898

143

14

165

151

16

Leermiddelen

162

138

75

75

75

75

ICT

580

594

731

723

473

368

Activa in aanbouw

737 -395

-320

-250

-200

-260



3.555



2.250



2.120

2023



2025







Gebouw

962

1.005

1.203

1.330

1.400

1.430

Inventaris en apparatuur

340

385

385

390

390

385

Leermiddelen

193

210

200

185

170

155

ICT

803

840

790

770

685

540

-33

-60

-80

-95









Besparingsdoelstelling 7RWDDO

Dit heeft de volgende afschrijvingen tot gevolg. $IVFKULMYLQJHQ [Ȝ

Besparingsdoelstelling 7RWDDO





33

2.4.3

Treasury

Het treasurystatuut van Spaarnesant sluit aan op de wettelijke kaders voor het beleid inzake beleggen, lenen en financiële derivaten. Deze zijn opgenomen in de Regeling beleggen, lenen en derivaten OCW 2016 (ministerie van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap, 1 juli 2016). De algemene doelstellingen van het treasurybeleid zijn: • het zorgdragen voor de tijdige beschikbaarheid van de benodigde middelen tegen acceptabele condities; • het minimaliseren van de kosten van het verkrijgen van financiële middelen; • het optimaliseren van het rendement van eventuele tijdelijk overtollige liquide financiële middelen; • het beheersen van financiële risico’s die aan de financiële posities en geldstromen zijn verbonden; • het registreren van transacties in de administratie; • het vormen van adequate dossiers; • een goede interne en externe informatievoorziening over de uitvoering van het treasurybeleid; • het nakomen van wettelijke verplichtingen inzake bovenstaande. Stichting Spaarnesant dient te allen tijde aan haar korte en langdurige verplichtingen te kunnen voldoen en zo nodig altijd voldoende middelen te kunnen aantrekken voor het uitvoeren van de onderwijsactiviteiten. Daarbij worden de volgende ratio’s en normen gehanteerd. Solvabiliteit:

het vermogen om op lange termijn aan de financiële verplichtingen te voldoen, minimaal 35%.

Liquiditeit:

het vermogen om op korte termijn aan de financiële verplichtingen te voldoen, minimaal 100%.

In 2022 is Spaarnesant overgegaan op schatkistbankieren bij het ministerie van Financiën. De overstap heeft de kosten door negatieve rente beperkt. Inmiddels ontvangen we rente op de rekening bij het ministerie. Omdat er door OCW veel middelen op voorhand zijn gestort is het banksaldo nog steeds hoog. Bij het opstellen van de meerjarenbegroting en het bijbehorende treasuryplan voor 2023 werd ingeschat dat de liquide middelen eind 2023 € 13,4 miljoen zouden bedragen. In werkelijkheid is dit € 17,6 miljoen per jaareinde.



De volgende aspecten verklaren samen het verschil met de € 17,6 miljoen die het in werkelijkheid is geworden.

;Ȝ Hogere eindstand 2022

500

Lager resultaat uit opreationele activiteiten 2023

-540

Lagere afschrijvingen

-150

Hogere mutaties voorzieningen

290

Hogere vorderingen

-610

Hogere kortlopende schulden

1.940

Hogere Interest inkomsten

550

Lagere investeringen

2.200

9HUVFKLOLQOLTXLGHPLGGHOHQWXVVHQUHDOLVDWLHHQEHJURRW



De eindstand van de liquide middelen is net als vorig jaar hoog, maar zal de komende jaren weer afnemen naar normale hoogte. Het resultaat uit operationele activiteiten is in 2023 € 540k lager. Het totale resultaat is wel op begroting maar dat komt door de onverwacht hoge financiële baten. Die baten zijn namelijk € 550k hoger dan begroot. De hogere kortlopende schulden en lagere investeringen komen onder andere door € 750k activa in aanbouw. Daarnaast zijn een aantal significante investeringen doorgeschoven in de tijd. Daarnaast komt dit doordat we de vooruit ontvangen NPO-middelen inzetten, net als de vooruit ontvangen middelen voor School en Omgeving en voor 2023 hogere investeringen dan het afschrijvingsniveau.

2.4.4

Allocatie van middelen

Ontvangen bekostiging wordt rechtstreeks aan de scholen toebedeeld, conform de berekening van OCW: • Lumpsumbekostiging • Bijzondere bekostiging: • professionalisering en begeleiding starters en schoolleiders; • Eerste opvang asielzoekers en overige vreemdelingen. • Onderwijsachterstandsmiddelen; • Doorbetalingen rijksbijdrage samenwerkingsverbanden. Alle scholen ontvangen middelen alsof zij een zelfstandig BRIN-nummer zijn. In werkelijkheid is dit niet bij alle scholen het geval. Deze extra last wordt vanuit de solidariteitsgedachte gedragen door alle scholen. Op de middelen wordt een inhouding gedaan ter dekking van de kosten voor het stafbureau en de meerschoolse kosten. Dit wordt gedaan op de lumpsumbekostiging. Naast de inhouding voor de financiering als zelfstandige BRIN worden ook de huisvestingslasten en de vervangingskosten op deze manier verdeeld over de scholen. Iedere school draagt eenzelfde percentage af voor het dekken van de huisvestingslasten. Op deze wijze maakt het niet uit of een school in een oud, onderhoudsgevoelig pand onderwijs geeft of in nieuwbouw.

35

Tot slot worden ook de vervangingskosten voor langdurig zieken solidair gedragen. Hiervoor wordt op basis van de afgelopen jaren een percentage van de inkomsten van scholen centraal ingezet. De inhoudingen bepalen we per schooljaar. Van de NPO-middelen reserveren we voor meerschoolse inzet € 150 per leerling per schooljaar waarin de middelen zijn ontvangen. Voor de hele looptijd is dat dus € 300. De overige tijdelijke financiering, Masterplan Basisvaardigheden en Verrijkte schooldag (Achterstandsmiddelen via de Gemeente, School in de wijk en School en Omgeving) worden rechtstreeks aan de school verstrekt. In het geval van de Verrijkte schooldag wordt er in Haarlem gewerkt met een coalitie waarin alle besturen, welke deze middelen ontvangen, de Gemeente en partners zijn vertegenwoordigd. Deze coalitie heeft een coördinator aangesteld (voor een aantal uren per week) die rechtstreeks gefinancierd wordt door alle deelnemende scholen.

2.4.5

Onderwijsachterstandsmiddelen

De onderwijsachterstandsmiddelen worden binnen Spaarnesant al jaren door dezelfde scholen ontvangen. Deze middelen worden rechtstreeks aan de school toegekend en door de school ingezet, hierop wordt geen expliciet bovenschools beleid gevormd. In 2023 bedroeg de bekostiging € 1,6 miljoen.

2.4.6

Planning & control cyclus

Er wordt binnen Spaarnesant gewerkt met een Kompas waarin strategische ijkpunten zijn opgenomen welke bij elke stap in de beleidscyclus centraal staan. Deze werkwijze is toegelicht in het eerste hoofdstuk. De planning-en-controlcyclus sluit aan bij de beleidscyclus en is als volgt ingericht.

e gisch Strate risico se y l an a

Bijstellen beleid en uitvoering (continu)

Komp as Jaarverslag

Bestuursformatieplan

Jaar 1 Begroting scholen

Jaar 2 Jaar 3 Bijstelling strategische

Jaar 4

risico-analyse en gewenste reserves

Strategisch formatieplan (4 jaar)

Jaarplan en begroting

Meerjarige raming (4 jaar)

Management Ma rapportages ra 

Het proces is cyclisch. De verschillende fasen resulteren in producten die elkaar opvolgen in de tijd: • Jaarrekening (februari-maart); • Bestuursformatieplan (maart-april); • Schoolbegroting (op schooljaar, mei-juni); • Meerjarenraming (op kalenderjaar, vier jaar, november). Het opstellen van het jaarplan valt samen met het opstellen van de begroting, de Mid term review valt samen met de Marap over het eerste half jaar. Na afloop van het kalenderjaar worden bij het opstellen van het jaardossier, de jaarrekening en het bestuursverslag alle inkomsten en uitgaven van Spaarnesant grondig doorgenomen. Er wordt al gewerkt aan het bestuursformatieplan voordat de jaarrekening is gecontroleerd en afgerond. In februari schatten we de inkomsten voor Spaarnesant voor het komende schooljaar in. Bij het opstellen van het bestuursformatieplan begroten we de formatie voor het komend schooljaar met een doorkijk naar de drie opvolgende schooljaren (dus vier in totaal). Deze formatie stemmen we af op de verwachte financiële ruimte voor dat schooljaar. Het inschatten van de middelen voor het komende schooljaar is ieder jaar een uitdaging. Tot op heden wordt uitgegaan van de lumpsum bekostiging en de reeds toegekende bijzondere bekostigingen en subsidies (Masterplan Basisvaardigheden en Verrijkte Schooldag).

Hoewel er discussies worden gevoerd de financiering van het Masterplan Basisvaardigheden toe te voegen aan de Lumpsum bekostiging en te oriënteren op andere financieringsvormen is daar bij het opstellen van de meerjarenbegrotingen niet op geanticipeerd. Op 1 januari 2023 is overgegaan naar één lumpsumbekostiging, met een bekostiging per kalenderjaar in plaats van schooljaar en de teldatum op 1 februari t-1 in plaats van 1 oktober t-1. Dit zal de komende jaren om een enigszins aangepaste werkwijze vragen. We zullen nog steeds een inschatting maken van de financiële ruimte voor de personele lasten voor het komende schooljaar. Door het wegvallen van de koppeling met de personele bekostiging zullen we een inschatting moeten maken welk gedeelte van de inkomsten gevuld kan worden met formatiekosten. In eerste instantie zal Spaarnesant hiervoor globaal de verdeling aanhouden die OCW aanhoudt voor de indexering van de bekostiging, namelijk 10,15% materiële lasten en 89,85% personele lasten. Het bestuursformatieplan blijft bestaan en ook de deadline van goedkeuring door de GMR daarvoor blijft 1 mei. Spaarnesant houdt voor haar scholen een begrotingscyclus op schooljaar in stand. Bezetting voor een school wordt vastgesteld en ingezet op schooljaarbasis en ook eventuele veranderingen op een school worden in de cyclus van schooljaren doorgevoerd.

Zoals in de paragraaf over het opstellen van de meerjarenbegroting toegelicht vormen de schoolbegrotingen het uitgangspunt voor de daaropvolgend opgestelde meerjarenbegroting voor de stichting. Door het jaar heen hebben schooldirecteuren realtime inzicht in hun schoolexploitatie, investeringen, formatie en personele lasten met het begrotings- en rapportageprogramma Capisci. Ook vanuit AFAS/ InSite zijn diverse managementrapportages beschikbaar, bijvoorbeeld op het gebied van ziekteverzuim. Op bestuursniveau wordt vier keer per jaar een managent rapportage (Marap) opgesteld. Deze rapportage wordt ook met de RvT gedeeld. Hierin zijn, naast de financiële overzichten, indicatoren opgenomen op



het gebied van kwaliteit en operationele risico’s. Ook zaken omtrent bedrijfsvoering en huisvestingsprojecten worden in deze kwartaalrapportages opgenomen. Naast de Maraps is er ook een mid term review. Direct na de zomervakantie wordt deze opgesteld. Hierin wordt stilgestaan bij de voortgang op alle acties en doelen die in het jaarplan zijn opgenomen. Ook zijn er door het jaar heen verantwoordingsrapportages van het CvB aan de RvT op het gebied van Onderwijs & Innovatie, Mensen en Middelen (=bedrijfsvoering).

2.5 Continuïteitsparagraaf 2.5.1

Risicobeheersing- en controlesysteem

Het inschatten en beheersen van risico’s is onderdeel van in control zijn. Risico’s kunnen de verwezenlijking van onze doelen bedreigen en materiële en immateriële belangen schaden. In managementrapportages en het jaarplan benoemen en bespreken we de risico’s en bedreigingen die op dat moment prominent zijn. Periodiek, eens in de vier jaar of wanneer ontwikkelingen daarom vragen, wordt een algehele risicoanalyse uitgevoerd. In 2022 is de risicoanalyse van Spaarnesant herzien. Op de diverse domeinen (Onderwijs & Identiteit, Mensen, Organisatie, Huisvesting, Bedrijfsvoering & Financiën en Extern) zijn in totaal 45 risico’s benoemd. Deze zijn geclassificeerd als strategisch, operationeel, rapportage of compliance risico. De ingeschatte risico’s zijn, waar mogelijk, gekwantificeerd. De financiële risico’s liggen met name in de domeinen Huisvesting en Bedrijfsvoering & Financiën. Het gaat om 19 van de 45 risico’s (dus nog geen 50%), maar wel om 80 tot 85% van de financiële impact. Wat betreft de scope zijn de risico’s met impact met name de operationele en strategische risico’s. De top tien van gesignaleerde risico’s is als volgt.

'RPHLQ

6FRSH

1

Instabiliteit in bekostiging.

Bedrijfsvoering & Financiën

strategisch

2

Onvolledige indexatie bekostiging.

Bedrijfsvoering & Financiën

operationeel

3

Toename van incidentele bekostiging, waar-

Bedrijfsvoering & Financiën

operationeel

tegenover structurele kosten komen te staan, waardoor op termijn tekort gaat ontstaan. 4

Enorm stijgende energieprijzen.

Huisvesting

operationeel

5

Personeelstekort door hoge uitstroom van

Mensen

strategisch

Huisvesting

operationeel

leerkrachten door pensionering en mobiliteit. 6

Enorme prijsstijgingen in de bouw, waardoor projecten duurder worden maar de bekostiging minder snel stijgt.



7

Groeitempo woningbouw door de gemeente

'RPHLQ

6FRSH

Huisvesting

strategisch

Organisatie

operationeel

Bedrijfsvoering & Financiën

operationeel

Huisvesting

operationeel

moeilijk te voorspellen. 8

Enkele functionarissen op sleutelposities die niet vervangbaar zijn bij ziekte of uitval.

9

Hoge inflatie en daardoor hoge kosten die niet volledig vergoed worden in bekostiging.

10

Bouwheerschap Spaarnesant bij grote renovaties en nieuwbouwprojecten.

Er is veel beweging in de wijze van bekostiging, de top drie risico’s bestaat uit hieraan gerelateerde risico’s. Enerzijds zijn er veel middelen beschikbaar voor onderwijs, anderzijds kunnen er door toekenning met een specifieke looptijd (zoals ook de NPO-middelen) niet altijd structurele afspraken worden gemaakt. De middelen worden wel zoveel mogelijk structureel ingezet. Om deze risico’s zoveel mogelijk te beheersen volgt Spaarnesant alle ontwikkelingen met betrekking tot bekostiging op de voet door alert te zijn op de rechtstreekse communicatie van OCW en organisaties als de PO-Raad en VOS/ABB. In de managementrapportages worden ontwikkelingen opgenomen en effecten op termijn ingeschat, zodat we tussentijds kunnen bijsturen. Op dezelfde wijze monitoren we intensief de kosten, om risico’s te beheersen die gerelateerd zijn aan prijsstijgingen en inflatie. Nadruk ligt bij het beheersen van het risico dus op signaleren en bijsturen wat mogelijk is, als bestuur zijn we niet in staat het risico te elimineren. Als schoolbestuur is Spaarnesant immers niet in staat de bekostiging stabieler te maken. Voor wat betreft het beheersen van het risico van enorm hoge energieprijzen heeft Spaarnesant zich aangesloten bij het energiecollectief: Energie voor Scholen. In 2023 heeft Spaarnesant hierdoor beperkt ‘last gehad’ van de stijgende energieprijzen.

Helaas heeft echter ook dit collectief duidelijk last gehad van de beweging die gaande is op de energiemarkt. Energieleverancier DVEP heeft zich van de Europese markt teruggetrokken. Met behulp van verschillende partijen waaronder de ministeries van EZ en OCW en consultant Hellemans is daar spoedig een vervanger voor gevonden. Engie is nu energieleverancier voor het consortium. Voor de beheersing van dit risico geldt ook dat de nadruk ligt op het monitoren van de ontwikkelingen. Daarnaast stuurt Spaarnesant voortdurend op een reductie van het energie verbruik. Maandelijks wordt het energieverbruik gemonitord en wordt er gekeken wat er mogelijk is aan besparende acties. Komende periode is er bijvoorbeeld focus op het afschakelen van de verwarmingsinstallaties op de scholen in de vakanties. Het vijfde risico, een grote impact door personeelstekort is steeds meer aanwezig voor Spaarnesant. Vanwege dit groeiende personeelstekort (dat op dit moment voor Spaarnesant nog beheersbaar lijkt) heeft het bestuur in voorgaande jaren geadviseerd de scholen goed personeel dat zich aanbiedt direct aan te nemen, omdat verwacht werd dat deze medewerkers na afloop van onder andere het NPO-programma hoogstwaarschijnlijk een plaats zouden kunnen krijgen in de reguliere formatie. Op de reguliere operationele activiteiten is over 2023 een klein verlies geleden, dat overall wordt

39

gecompenseerd doordat er minder dan verwacht is uitgegeven van de NPO middelen. Voor het komende formatieplan en de schoolbegrotingscyclus wordt er in detail gekeken naar de haalbaarheid van het opnemen van de NPO bezetting in de reguliere bezetting. Dit om voor schooljaar 25-26 een gedwongen krimp te voorkomen. Stichtingsbreed zal er namelijk een afname van personeel moeten plaatsvinden. Beheersmaatregelen richten zich op het behoud van personeel en het werven van nieuwe medewerkers. Ook worden er clusters van scholen gecreëerd om intensiever samen te werken tussen scholen om een tekort op te vangen. Daarnaast wordt gekeken naar organisatie aanpassingen die het naar huis sturen van groepen (voor een dag in de week) kunnen voorkomen. Het blijft een veelomvattend probleem dat wordt aangepakt met directe en indirecte acties. Voor het beheersen van de huisvestingsrisico’s (nr 6 en 7) is een frequent en intensief contact met de gemeente Haarlem belangrijk. Spaarnesant heeft een goede samenwerking met zowel de gemeente als andere schoolbesturen. Zijn wij bouwheer voor een bouwproject, dan stemmen we iedere (toekomstige) overschrijding van kosten direct af met de gemeente om een geschil achteraf over hogere kosten (bij de afrekening van een huisvestingskrediet) te voorkomen. De bouw van de Wijde Wereld is in goede harmonie uitgevoerd.

Wel loopt ook Spaarensant meer en meer tegen de beperkingen van de bekostiging aan. Het is een uitdaging om met de beschikbare middelen voor alle schoolgebouwen het benodigde groot onderhoud uit te voeren. Het risico dat enkele functionarissen op sleutelposities niet vervangbaar zijn bij ziekte of uitval is deels een vaststaand feit door de omvang van onze stichting. Het is namelijk ook de doelstelling om de staforganisatie beperkt te houden. Er wordt voor iedere functie aan een consistente achtervang gewerkt, zodat ten minste de cruciale processen altijd belegd blijven en doorlopen. In het afgelopen jaar hebben er veel personele wisselingen plaats gevonden in met name de personeelsafdeling. Het heeft een forse inspanning van het zittende personeel gevraagd om alle processen goed door te laten lopen. Inmiddels is ook de personeelsafdeling weer op sterkte. Het stafbureau is actief bezig met het optimaliseren van haar organisatie toegespitst op het werken vanuit het kompas. Sommige functies en verantwoordelijkheden verschuiven, waardoor ook de achtervang opnieuw moet worden belegd. In 2023 is de structuur en invulling van het stafbureau afgerond. Begin 2024 zal nog wel finetuning plaatsvinden.

In de Maraps voor het bestuur (ook besproken in de RvT) en de verantwoordingsrapportages van het bestuur voor de RvT wordt aandacht besteed aan deze risico’s en het beheersen daarvan voor de bedrijfsvoering. Dit tezamen met de eerder genoemde revisie van de risico analyse als de omstandigheden daarom vragen maar in ieder geval elke vier jaar, zorgen voor een degelijke bedrijfsvoering.



2.5.2

AVG-beleid

Veiligheid in het onderwijs is een breed begrip. Dit loopt van gebouwen (wettelijke eisen) via arbobeleid en digitale veiligheid tot sociale veiligheid voor leerlingen en personeel. Tot 2023 hebben we in ons veiligheidsbeleid ook privacy (AVG) opgenomen. Dat is in 2023 gesplitst, omdat de onderwerpen nogal verschillen en op elk terrein de ontwikkelingen en regelgeving toenemen. Op het gebied van AVG zijn verdere stappen gezet conform de gehouden nulmeting en het stappenplan. Er is weer een groot aantal nieuwe documenten opgeleverd en waar nodig geactualiseerd. We hebben een start gemaakt met het Normenkader IBP FO.

2.5.3

Digitale veiligheid

Digitale veiligheid wordt steeds belangrijker. Dat ervaren we allemaal door de valse berichten die bij iedereen maar blijven binnenkomen met als enige doel het binnendringen van onze systemen, computers of telefoons en de beschikking krijgen over onze vertrouwelijke informatie. Bekend is dat wij zelf hierbij de zwakste schakel zijn, omdat systemen steeds beter worden beveiligd. Spaarnesant heeft zijn netwerken en systemen in 2023 door gespecialiseerde bedrijven laten doorlichten en waar nodig aanpassingen uitgevoerd. Ook is de hardening op onze Office 365 omgeving uitgevoerd. Duidelijk is dat wij werken met de best beschikbare beveiligingen die onze relaties bieden. In het kader van het bewustwordingsproces heeft het bedrijf Surelock een aantal webinars aangeboden over deze onderwerpen. Ongeveer 500 medewerkers namen hieraan deel. Spaarnesant heeft in samenwerking met Surelock in 2023 verplichte e-learningsessies aangeboden voor alle medewerkers. Doel is de digitale veiligheid beter te waarborgen en de kennis en bewustwording hierover op een hoger peil te brengen. Onze Microsoft 365-omgeving is veiliger gemaakt. Naast de e-learning modules hebben we in 2023 meerdere phishing simulaties gehouden om het personeel bewust te maken van de gevaren van het internet.



3. Verantwoording YDQGHƬQDQFLÆQ



3.1 Ontwikkelingen in meerjarig perspectief Voor de komende jaren gaat Spaarnesant uit van een lichte groei van het totaal aantal leerlingen. Het basisonderwijs groeit licht, het speciaal basisonderwijs en het speciaal onderwijs nemen iets af. Deze afname komt doordat leerlingen minder overstappen van het reguliere onderwijs naar het speciaal basisonderwijs of speciaal onderwijs. De geanticipeerde groei is bescheiden. De gemeente Haarlem voorziet op korte termijn eenzelfde ontwikkeling. Op de langere termijn voorziet de gemeente een sterkere groei. In 2042 verwacht de gemeente dat de reguliere scholen van Spaarnesant 7206 leerlingen hebben. Deze forse groei van bijna 10% is gerelateerd aan de toename van het aantal woningen.

$DQWDOOHHUOLQJHQRSSHLOGDWXPIHEUXDUL

2022

2023



2025





Basisonderwijs (BAO)

6.515

6.441

6.540

6.606

6.656

6.683

Speciaal Basis Onderwijs (SBO)

238

227

226

222

214

200

(Voortgezet) Speciaal Onderwijs ((V)SO)

301

321

328

330

332

332













-0,9%

1,5%

0,9%

0,6%

0,2%

Aantal leerlingen Percentage verschil

De formatie binnen Spaarnesant is gebaseerd op het leerlingaantal per school en de beschikbare bekostiging. In 2021 is het NPO aangekondigd: een grote financiële impuls in het onderwijs om corona-achterstanden in te lopen. De middelen zijn door OCW verstrekt in de twee schooljaren 2021-2022 en 20222023. Voor de besteding hebben de scholen vier schooljaren, tot en met 2024-2025. Wat in die periode nog niet is uitgegeven, blijft behouden voor de school en mag daarna nog worden ingezet. Het stoppen van de NPO-middelen is de oorzaak van de personeelsterugloop die we inschatten voor 2025. In 2023 is het aantal FTE’s gestegen. Dit komt deels door de inzet van meer ondersteunend personeel op de incidentele middelen van met name de NPO en het Masterplan Basisvaardigheden. In de toekomstige jaren veert de fte bezetting weer terug naar de bezetting voor corona. Daarnaast is er meer personeel op het stafbureau dan vorig jaar.

$DQWDOIWH

2022

2023



2025







Bestuur/management

35,7

37,8

38,0

37,9

37,7

37,5

37,3

Onderwijzend personeel

404,3

411,6

413,6

399,3

391,8

390,4

389,1

Ondersteunend personeel

202,6

210,5

197,8

191,3

184,3

183,5

182,9

7RWDDO















Ook het aantal medewerkers is toegenomen van 2022 naar 2023. In onderstaand overzicht is het aantal medewerkers dat is 2022 en 2023 in dienst was opgenomen.



*HPLGGHOG

$DQWDOPHGHZHU

)7(

NHUVGRRUKHWMDDU

Aantal PHGHZHUNHUV GHFHPEHU

2022

2023

2022

2023

2022

2023

Bestuur/management

35,7

37,8

41

47

43

44

Onderwijzend personeel

404,3

411,6

563

567

539

541

Ondersteunend personeel *

202,6

210,5

383

425

323

344

7RWDDO







1.039

905

929

3.2 Staat van baten en lasten en balans 3.2.1

Baten en Lasten

In onderstaande tabel zijn naast de kolommen Realisatie 2022, Begroting 23 en Realisatie 2023 ook de kolommen opgenomen met de verschillen tussen de beide realisaties en het verschil tussen de realisatie van 2023 ten opzichte van de begroting. %HGUDJHQ[Ȝ

5HDOLVDWLH

%HJURWLQJ

5HDOLVDWLH

61.795

61.005

65.248

3.453

4.243

686

596

902

216

306

2.890

2.437

2.801

-89

364

Verschil Verschil 5HDOLVDWLH 5HDOLVDWLH 5HDOLVDWLH %HJURWLQJ

%DWHQ Rijksbijdragen Overige overheidsbijdragen en subsidies Overige baten











Personeelslasten

51.561

53.669

57.806

6.245

4.137

Afschrijvingen

2.554

2.454

2.368

-186

-86

Huisvestingslasten

3.945

3.921

4.472

527

551

Overige lasten

4.504

3.697

4.548

44

852

7RWDDOODVWHQ











2.807

298

-243

-3.050

-541

14

-30

515

501

545









5

7RWDDOEDWHQ

/DVWHQ

Saldo Saldo baten en lasten Saldo financiële baten en lasten 7RWDDOUHVXOWDDW



7RHOLFKWLQJRSVWDDWYDQEDWHQHQODVWHQWHQRS]LFKWHYDQUHDOLVDWLH De grote verschillen tussen de realisatie van 2023 ten opzichte van 2022, maar ook de begroting van 2023 zijn te zien in de Rijksbijdragen en de Personeelslasten. Het verschil in Rijksbijdragen wordt in deze paragraaf ook ten opzichte van de begroting 2023 toegelicht omdat dit het inzicht in de ontwikkelingen vergroot. De rest van de toelichting zal zich in deze paragraaf uitsluitend richten op het verschil met de realisatie 2022 Dat het verschil in Rijksbijdragen ten opzichte van begroting 2023 groter is dan het verschil ten opzichte van de realisatie van 2022 komt omdat de Rijksbijdragen voor 2023 lager waren ingeschat dan voor 2022, immers de NPO middelen zijn in 2023 nog maar voor een half jaar ontvangen ten opzichte van het hele jaar 2022. In onderstaande overzicht zijn de grootste verschillen voor de rijksbijdragen uitgesplitst:

%HGUDJHQ[Ȝ

Verschil 5HDOLVDWLH 5HDOLVDWLH

Verschil 5HDOLVDWLH %HJURWLQJ

5.500

2.050

150

440

-2.600

480

Masterplan basisvaardigheden

415

415

School en omgeving

200

200

Samenwerkingsverbanden

-20

450

Overig

-195

205

([WUDULMNVELMGUDJHQ





Basisbekostiging (Lumpsum, Onderwijsachterstanden) Bekostiging Nieuwkomers NPO

WRYYRULJMDDUHQEHJURRW De lumpsum is ten opzichte van 2022 substantieel toegenomen als gevolg van de salarisverhogingen (10%) en de forse indexering van de materiële lasten. Bij het opstellen van de begroting was de ‘eerste’ salarisverhoging al een feit. Dat er gedurende 2023 nog eens een salarisverhoging zou volgen werd bij het opstellen van de begroting niet voorzien. Dat de NPO bijdrage in 2023 nog maar voor een half jaar werd uitgekeerd was bekend, dus dat verschil met de realisatie 2022 was volledig verwacht. Het verschil in de Overige overheidsbijdragen en subsidies komt door een veel grotere bijdrage voor de regeling Onderwijskansen / Verrijkte Schooldag vanuit de Gemeente. Dit is ongeveer € 200 k ten opzichte van de realisatie 2022. De overige baten zijn in 2023 lager dan in 2022. Dat verschil komt met name door lagere opbrengsten van derden voor personeel. Voor langdurig ziek paramedisch personeel wordt geen bijdrage van Reade ontvangen. De personeelslasten laten een groot verschil zien. Tussen realisatie 2022 en realisatie 2023 zit het verschil 

in salarissen door het gelijk trekken van de PO salarissen met het VO (dat is pas ingegaan halverwege 2022 en zit wel voor een heel jaar in 2023). Daarnaast is er de 10% salarisverhoging die per 1 juli 2023 is doorgevoerd. De afschrijvingen zijn in 2023 lager dan in 2022. In 2022 is er voor €345 k en in 2023 voor €70 k vervroegd afgeschreven. De huisvestingslasten zijn toegenomen in 2023 ten opzichte van 2022. Dit komt door hogere energielasten (€ 210 k hoger), hogere schoonmaakkosten ( € 150 k hoger) en hogere onderhoudslasten ( € 50 k hoger). De overige lasten zijn redelijk gelijk gebleven in 2023 ten opzichte van de realisatie van 2022. Het saldo van financiële baten en lasten is anders graag positiever dan in 2022. In combinatie met een ruim banktegoed geeft dit hoge rentebaten. In 2023 is er weer een positieve rente vervangen door de rente gestegen.

7RHOLFKWLQJRSVWDDWYDQEDWHQHQODVWHQWHQRS]LFKWHYDQGHEHJURWLQJ Het verschil in de Overige overheidsbijdragen en subsidies komt door een veel grotere bijdrage voor de regeling Onderwijskansen / Verrijkte Schooldag vanuit de Gemeente. Dit is ongeveer € 200 k ten opzichte van de begroting van 2023. Daarnaast was er voor de vergoeding vanuit de Gemeente voor NPO en andere subsidies in de begroting maar € 25 k opgenomen en is dat net als in de realisatie over 2022 bijna € 100 k geworden. Met daarnaast nog wat extra gymvergoeding (circa € 20 k) is het verschil volledig. Het positieve verschil van de overige baten ten opzichte van begroot komt doordat alle overige opbrengsten behoudend zijn ingeschat. Waardoor op verhuur en de overige baten van de Eigen Fondsen een positief verschil ten opzichte van begroot is. De personeelslasten laten een groot verschil zien. De 10% salarisverhoging die per 1 juli 2023 is doorgevoerd was niet voorzien. De afschrijvingen zijn in 2023 lager dan begroot. Dit komt met name door de bijdrage van € 872 k die is ontvangen van de verhuurder van de Ter Cleeff school. Dit is een bijdrage voor in eerdere jaren uitgevoerde investeringen in groot onderhoud en verduurzaming. Dit verlaagt de investeringen en dus ook de afschrijvingslasten De huisvestingslasten zijn in de begroting van 2023 nagenoeg gelijk opgenomen ten opzichte van de realisatie 2022.

Dit was een onderschatting, met name de energielasten € 60 k hoger), en onderhoudslasten (€ 315 k hoger dan begroot) zijn hiervan de redenen. De overige lasten zijn in 2023 ten opzichte van de realisatie van 2022 gelijk gebleven maar hoger dan begroot. Er was in de begroting een verlaging van de projectkosten ten opzichte van de realisatie 2022 verwacht van € 200 k die niet is gerealiseerd. In 2023 is er significant meer uitgegeven aan leer- en hulpmiddelen dan begroot € 300 k. Voor ICT zijn de kosten gelijk gebleven ten opzichte van 2022 waar dit niet was verwacht (begroting 2023 was € 100 k lager). Door het hoge banktegoed en het herstel van de rente zijn er in 2023 veel positievere rentebaten dan begroot. Het saldo van alle verschillen levert een resultaat dat voor 2023 heel dicht het begrote resultaat nadert.



7RHOLFKWLQJRSPHHUMDULJHRQWZLNNHOLQJYDQGHVWDDWYDQEDWHQHQODVWHQ In het onderstaande overzicht is de staat van baten en lasten van 2023 gepresenteerd, waarbij naast de realisatie van 2022 en de begroting van 2023 ook de raming voor de komende vijf jaar is opgenomen. %HGUDJHQ[Ȝ

5HDOLVDWLH %HJURWLQJ 5HDOLVDWLH

5DPLQJ

5DPLQJ

5DPLQJ

5DPLQJ

5DPLQJ

2022

2023

2023



2025







61.795

61.005

65.248

63.657

64.811

66.397

68.486

70.124

686

596

902

939

858

631

642

658

2.890

2.437

2.801

2.676

2.848

2.875

2.829

2.901







%DWHQ Rijksbijdragen Overige overheidsbijdragen en subsidies Overige baten











Personeelslasten

51.561

53.669

57.806

58.523

59.348

60.418

62.346

64.311

Afschrijvingen

2.554

2.454

2.368

2.450

2.551

2.621

2.572

2.414

Huisvestingslasten

3.945

3.921

4.472

4.259

4.510

4.603

4.762

4.910

Overige lasten

4.504

3.697

4.548

5.296

4.667

3.907

4.065

4.121

7RWDDOODVWHQ

















2.807

298

-243

-3.255

-2.558

-1.740

-1.788

-2.073

14

-30

515

295

145

95

20

-5

















7RWDDOEDWHQ

/DVWHQ

Saldo Saldo baten en lasten Saldo financiële baten en lasten 7RWDDOUHVXOWDDW

Er is begroot met een negatief resultaat voor de komende jaren. Dit komt voor een deel door het uitgeven van de NPO reserve. In onderstaande tabel is te zien dat het resultaat over een periode van 8 jaar in de basis niet negatief is. Kanttekening daarbij is wel dat het effect van het vervallen van de vordering van OCW wordt geëlimineerd. %HGUDJHQ[Ȝ 5HDOLVDWLH 5HDOLVDWLH 5HDOLVDWLH 2021 2022 2023

5DPLQJ 

5DPLQJ 2025

5DPLQJ 

5DPLQJ 

5DPLQJ 

2021 WP 

Totale resultaat

4.183

2.821

273

-2.960

-2.414

-1.645

-1.768

-2.078

-1.510

Effect NPO

1.834

3.124

609

-2.669

-1.634

-598

-609

-52

5

Effect vervallen vordering OCW 5HVXOWDDW]RQGHU LQFLGHQWHOHH΍HFWHQ

-2.700 



-2.700 













Daarnaast is ook te zien dat de reserve van de NPO over een langere termijn wordt ingezet dan de in eerste instantie bedoelde vier jaar. Dit omdat niet alle scholen in staat zijn om de middelen in korte termijn in te zetten voor structurele verbeteringen. Ook het gedeelte dat bovenschools wordt ingezet is vertraagd. In onderstaande tabel is de afname van de NPO reserve weergegeven. 

9HUORRSEHVWHPPLQJVUHVHUYH132 ΖQPOQȜ

5HDOLVDWLH 5HDOLVDWLH 2021 2022

5DPLQJ 2023

5DPLQJ 

5DPLQJ 2025

5DPLQJ 

5DPLQJ 

5DPLQJ 

2021 WP 

Naar reserve

1,8

3,1

0,6

-2,7

-1,6

-0,6

-0,6

-0,1

Bestemmingsreserve NPO

1,8

5,0

5,6

2,9

1,3

0,7

0,1

0,0

0,0

De meerjarige inschatting van de baten laat eerst een dalende en daarna stijgende lijn zien. Dit komt omdat er bij het opstellen van de meerjarenbegroting nog weinig informatie beschikbaar was over de daadwerkelijke inzet van de subsidie basisvaardigheden en verrijkte schooldag. Destijds is besloten deze subsidies geheel buiten de begroting te houden omdat de inzet van die subsidies niet zullen bijdragen aan een negatief resultaat. Daarnaast is de meerjarenbegroting opgesteld op basis van de prognose 2023 en was die voor de baten lager dan de daadwerkelijke realisatie. In de meerjarenraming is voor zowel de baten als de lasten een indexering van 3% opgenomen. In enkele gevallen is daarvan afgeweken omdat gedetailleerde informatie beschikbaar is. De indexering van de rijksbijdragen is hoger geweest dan verwacht. De overige baten zijn naar de toekomst minder conservatief begroot dan afgelopen jaar. De personele lasten zijn ingeschat op basis van het verwachte fte-verloop. De afschrijvingen lopen in de eerste jaren nog wat op om daarna wat terug te lopen. Dit is in lijn met de ontwikkeling van de investeringen. In de eerste jaren 2024 en 2025 wordt er net als in 2023 meer geïnvesteerd dan afgeschreven vanaf 2026 zal dit andersom zijn om daarna uit te balanceren naar een investeringsniveau dat in lijn is met de afschrijvingslast.

De huisvestingslasten zijn voor 2024 lager begroot dan in 2023 gerealiseerd omdat verwacht wordt dat deze nog wat beperkt kunnen worden op verschillende scholen. De stijgingen voor de jaren opvolgend komen door verwachte prijsstijgingen. De overige lasten zijn in 2024 nog vrij hoog door NPO uitgaven, deze zijn er ook nog voor de eerste helft van 2025, daarna zullen de lasten stijgen door prijsontwikkelingen. Voor wat betreft de ontwikkeling van de financiële baten is aangenomen dat deze weer zullen dalen. Dit komt enerzijds door het sterk dalende banksaldo en anderzijds door het heel behoudend inschatten van de ontwikkelingen van het rentepercentage.



3.2.2

Balans

In onderstaand overzicht is de ontwikkeling van de balans ten opzichte van de realisatie van 2022, de begroting van 2023 en de raming voor 2024 tot en met 2028 te zien. Dit is het meerjarenperspectief zoals het is vastgesteld eind 2023. %HGUDJHQ[ȜPOQ

5HDOLVDWLH %HJURWLQJ 5HDOLVDWLH 2022 2023 2023

5DPLQJ 

5DPLQJ 2025

5DPLQJ 

5DPLQJ 

5DPLQJ 

20,0

20,4

20,0

19,2

18,9 1,6

Activa Materiële vaste activa

17,7

18,2



Vorderingen

1,2

1,6



1,6

1,6

1,6

1,6

- Liquide middelen publiek

16,9

13,4



10,5

7,8

6,5

5,5

3,7

- Liquide middelen privaat

0,6

0,5



0,5

0,5

0,5

0,5

0,5

Liquide middelen

17,5

13,9



11,0

8,3

7,0

6,0

4,2

7RWDOH$FWLYD

















-

-



-

-

-

-

-

- Publiek vermogen

19,5

19,8



19,2

18,4

17,5

16,4

14,3

- Bestemmingsreserve NPO

5,0

5,3



3,0

1,4

0,7

-

-

- Privaat vermogen

0,6

0,5



0,5

0,5

0,5

0,5

0,5

Eigen vermogen

25,0

25,6



22,7

20,3

18,6

16,9

14,8

Voorzieningen

1,2

1,1



1,3

1,3

1,3

1,3

1,3

Kortlopende schulden

10,2

7,0



8,6

8,6

8,6

8,6

8,6

7RWDOH3DVVLYD

















waarvan gebouwen en terreinen

3DVVLYD

Langlopende schulden

7RHOLFKWLQJRSEDODQVWHQRS]LFKWHYDQ Duidelijk is dat de materiële activa zijn toegenomen. Er is ruim geïnvesteerd in 2023 in met name groot onderhoud van de scholen. Daarnaast zijn de liquide middelen op nagenoeg hetzelfde niveau gebleven als vorig jaar einde jaar. Dit komt met name door het vooraf ontvangen van de middelen vanuit OCW voor School en Omgeving. Voor drie scholen zijn zelfs al de middelen voor schooljaar 2024-2025 ontvangen (€ 1,2 miljoen). Aan de passiva kant zien we dat de NPO bestemmingsreserve nog iets is toegenomen. Ook dit jaar zijn de uitgaven hierop wat achter gebleven op de plannen. De voorzieningen zijn hoger geworden dan verwacht. Dit komt deels door de recente salarisverhogingen, daarnaast zijn er ook meer langdurig zieken die uitstromen. De toename van de kortlopende schulden relateert aan de vooruitontvangen middelen van OCW. Deze zijn voor zowel Basisvaardigheden als School en Omgeving voor een groot deel op de balans gebleven en niet in het resultaat genomen. Voor zowel Basisvaardigheden als School en Omgeving worden alleen de opbrengsten in het resultaat genomen welke relateren aan de uitgevoerde activiteiten. Deze behoudende



werkwijze wordt aangehouden zodat eventueel door een school terug te betalen subsidie, omdat activiteiten niet zijn gerealiseerd van de schulden worden afgeboekt.

7RHOLFKWLQJRSEDODQVWHQRS]LFKWHYDQGHEHJURWLQJ Ook ten opzichte van de begroting zijn de materiële activa toegenomen. Dit komt omdat er in 2023 ruimer is geïnvesteerd in groot onderhoud van de scholen dan begroot. In de begroting was een significante terugloop van de liquide middelen verwacht, door het forse investeren. Dat dit niet is gebeurd komt met name door het in voren ontvangen van de middelen vanuit OCW voor School en Omgeving, voor drie scholen zijn zelfs al de middelen voor schooljaar 2024-2025 ontvangen (€ 1,2 miljoen). Aan de passiva kant zien we dat de NPO bestemmingsreserve ten opzichte van begroot iets is toegenomen. Ook dit jaar zijn de uitgaven met betrekking tot het NPO wat achter gebleven op de plannen. De voorzieningen zijn hoger geworden dan verwacht. Dit komt deels door de recente salarisverhogingen die niet was ingeschat en de langdurig zieken die uitstromen. De verwachting was dat de kortlopende schulden zouden afnemen. Vorig jaar werden deze kortlopende schulden nog deels gevormd door van de gemeente ontvangen middelen voor de nieuwbouw van de Wijde Wereld waar we bouwheer van waren. De bouw is afgerond en begin 2024 is de eindafrekening opgesteld. De toename van de kortlopende schulden in 2023 relateert aan de vooruitontvangen middelen van OCW.

Deze zijn voor zowel Basisvaardigheden als School en Omgeving voor een groot deel op de balans gebleven en niet in het resultaat genomen zoals met de NPO middelen is gedaan, zoals hierboven is toegelicht.

7RHOLFKWLQJRSPHHUMDULJHRQWZLNNHOLQJYDQGHEDODQV De doorkijk naar de toekomst laat een redelijk stabiel verloop van de materiële activa zien. Spaarnesant streeft naar het ontwikkelen van een stabiel investeringsniveau waarbij afschrijvingen en investeringswaarde meer aan elkaar gelijk zijn. De meerjarige doorkijk laat in deze prognose in de toekomst een voor Spaarnesant niet wenselijke liquide positie zien die naar verwachting in kalenderjaar 2026 ontstaat. Het bestuur is zich hier goed van bewust en zet onder andere in op het beperken van investeringen naar de toekomst. Daarbij moet gerealiseerd worden dat de voorliggende meerjarenbegroting voor wat betreft de beschikbare middelen behoudend is opgesteld. Er is nog veel onduidelijk over het structureel worden van bekostiging die nu gerelateerd is aan NPO, Masterplan Basisvaardigheden en School en Omgeving. De spagaat voor Spaarnesant is het lerarentekort en behoeften voor wat betreft huisvesting enerzijds en de onduidelijkheid voor wat betreft de bekostiging in de toekomst vanuit OCW anderzijds. Voor nu richt Spaarnesant zich op een strakke bedrijfsvoering en wordt uitgegaan van meer duidelijkheid gedurende het huidige jaar. Mocht dit in het najaar nog niet zijn gegeven vanuit OCW dan zullen bij het opstellen van de volgende meerjarenbegroting verdere maatregelen moeten worden genomen.

50

De aan de meerjarenbegroting gekoppelde kasstroom ontwikkeling is weergegeven in de volgende tabel:

;Ȝ

5HDOLVDWLH 2022

%HJURWLQJ 2023

5HDOLVDWLH 2023

5DPLQJ 



298

-242

5DPLQJ 2025

5DPLQJ 

5DPLQJ 

5DPLQJ 

Kasstroom uit operationele activiteiten 5HVXOWDDW











Aanpassingen voor: Afschrijvingen

2.209

Mutaties eigen vermogen Mutaties voorzieningen

155

2.454

2.298

2.450

2.551

2.621

2.572

2.414

0

0

0

0

0

0

0

0

289

-224

0

0

0

0

2.454

2.364

2.587

2.226

2.551

2.621

2.572

2.414

Veranderingen in vlottende activa: Vorderingen

2.475

Kortlopende schulden

2.032

0

-645

200

0

1.533

-3.535



0

0 0 

888

0

0

0 0

0

0 0

0 0

0

Kasstroom uit bedrijfsoperaties: Ontvangen interest

60

Betaalde interest

45

0

515

295

-30

0

0



-30

145 0

20

0 

295

515

95

0

0 95

-5 

20

Kasstroom uit investeringsactiviteiten: Investeringen: Materiële vaste activa

-4.186

-6.328

-4.406

-3.555

-2.880

-2.250

-1.800

-2.120

344

0

753

0

0

0

0

0

Desinvesteringen: Materiële vaste activa



-6.328

-3.653











Kasstroom uit financieringsactiviteiten: Mutaties kredietinstellingen Mutaties overige langlopende schulden

0

0XWDWLHVOLTXLGH PLGGHOHQ

0

0

0

0

0

0

0

0

0

0



-3.606

95











Beginstand liquide middelen

11.700

17.551

17.551

17.646

10.021

7.279

6.005

5.009

Mutaties liquide middelen

5.851

-3.606

95

-7.624

-2.742

-1.274

-996

-1.451

(LQGVWDQGOLTXLGH PLGGHOHQ





17.646

10.021





5.009



51

Zoals eerder gezegd zal er goed gemonitord worden op de afname van de liquide middelen de komende perioden. Spaarnesant wil een te laag banksaldo voor het opvangen van pieken in uitgaven patroon voorkomen. Deze pieken worden ingeschat op maximaal € 3,5 miljoen.

*HZHQVWHEHQRGLJGHEDQNPLGGHOHQ

;Ȝ

- seizoenspatronen in personele baten en lasten (mei en dec)

2.000

- seizoenspatronen in leermiddelen (juni)

450

- onregelmatige uitgaven investeringen

1.000

*HZHQVWHEHQRGLJGHEDQNPLGGHOHQ



3.3 )LQDQFLÆOHSRVLWLH 





2025



2023

2022

Signa lering 2&HQ:

2PVFKULMYLQJ

kengetallen OCW Solvabiliteit 2

< 30%

72%

69%

74%

72%

70%

68%

65%

(Eigen Vermogen + voorzieningen)/ Totaal Vermogen

Weerstandsvermogen PO

<5%

38%

36%

34%

30%

27%

24%

20%

Eigen Vermogen / Totale Baten

Liquiditeit (current ratio)

< 0,75

1,84

1,60

1,47

1,15

1,00

0,88

0,67

Vlottende activa / Kortlopende schulden

Rentabiliteit

< -10%

4,3%

0,4%

-4,3%

-3,5%

-2,3%

-2,5%

-2,9%

Resultaat / Totale Baten

2-jarige rentabiliteit

< -5%

5,4%

2,2%

-1,9%

-3,9%

-2,9%

-2,4%

-2,6%

3-jarige rentabiliteit

< 0%

3,6%

3,5%

0,1%

-2,4%

-3,3%

-2,7%

-2,5%

norm

20,9

23,0

23,4

23,8

23,5

22,8

22,6

Spaarnesant

25,0

25,2

22,7

20,3

18,7

16,9

14,8

Spaarnesant zonder NPO

19,5

19,1

19,2

18,4

17,5

16,4

14,3

binnen de norm

ja

ja

ja

ja

ja

ja

ja

boekwaarde MVA + 5%* totale baten

52

Deze kengetallen worden als volgt berekend:

Solvabiliteit 2

(eigen vermogen + voorzieningen)/totale vermogen. De toereikendheid van het eigen vermogen om op lange termijn financiële risico’s op te vangen.

Weerstandsvermogen

eigen vermogen/totale baten. De indicatie van de financiële reserve om continuïteit te waarborgen.

Liquiditeit

vlottende activa/kortlopende schulden. De toereikendheid om op korte termijn aan verplichtingen te kunnen voldoen.

Rentabiliteit

resultaat/totale baten. Het resultaat van de gewone bedrijfsvoering per jaar en gemiddeld over een aantal jaren.

Normatief publiek

boekwaarde MVA + 5%* totale baten.

eigen vermogen

Door inspectie vastgestelde norm (maximum) nodig om bezittingen te financieren en risico’s op te vangen.

Voor 2023 bevestigen de kengetallen dat Spaarnesant een gezonde stichting is. Het Eigen vermogen is aan de hoge kant. Dit komt echter door de NPO reserve. Als gekeken wordt naar het Eigen Vermogen van de Stichting en deze reserve buiten beschouwing wordt gelaten valt het Eigen vermogen duidelijk binnen de norm. De solvabiliteit en het weerstandvermogen blijven voor de volledige periode waarvoor de kengetallen zijn gerekend voldoen. De liquiditeit is volgens deze norm afdoende tot 2027, echter wordt dit in absolute zin binnen Spaarnesant niet zo ervaren. Graag houd Spaarnesant haar liquide middelen op een wat hoger niveau dan door OCW voorgeschreven. De signalering van OCW richt zich op een 0% rendement over 3 jaar. Met de nu voorliggende meerjarenbegroting is dit al niet het geval vanaf 2025. Nu gaat het om een signaleringswaarde en geen norm, wel onderstreept dit het eerder genoemde feit dat de meerjarenbegroting van Spaarnesant in de toekomst bijstelling behoeft. Met hopelijk meer duidelijkheid met betrekking tot de inkomsten zal dit, net als ieder jaar, ook komend jaar gebeuren.

53

4. Bijlagen



Bijlage I

Jaarplan activiteiten per aandachtsgebied

Onderwijs & Kwaliteit Deelgebied

3LMOHU

2QGHUZHUS

'RHO%HRRJGHXLWNRPVWHQ

%LMVWHOOLQJRSEDVLVYDQ075 6WDWXV0LG7HUP  



6WDWXVHLQG

'H%DVLVRS2UGH Onderwijs

Kwaliteit - De basis op orde

Werken vanuit de Pedagogische Opdracht

We werken toe naar een schoolplan vanuit de pedagogische opdracht. Dat betekent onder andere dat het gesprek over de PO plaatsvindt, dat er is nagedacht over wat dat betekent voor het nieuwe schoolplan, voor de manier van werken in de school en voor de ontwikkelingen in het onderwijs.

Alle scholen hebben nagedacht over de vraag wat de PO betekent voor het nieuwe schoolplan. Drie kwart van de scholen heeft bij het gesprek over de PO gebruik gemaakt van de toolbox (met ouders/team). Een derde van de scholen heeft werken volgens de PO geagendeerd op studiedagen. Alle scholen zijn ermee aan het werk, maar de manier waarop en de mate waarin is nog heel divers.

Vrijwel alle scholen hebben hun nieuwe schoolplannen in de nieuwe opzet gemaakt. Uit de schoolplanbesprekingen blijkt dat er nog verschillen zijn in de mate waarin de pedagogische opdracht doorwerkt in het schoolplan. Door omstandigheden zijn de schoolplannen van drie scholen nog niet besproken.

Onderwijs

Kwaliteit - De basis op orde

Collegiaal Waarderend Onderzoek

In 2023 maken we schoolportretten op basis van Collegiale Waarderende Bezoeken, naar het format wat we in het DO hebben uitgewerkt

Op 23 van de 25 scholen zijn de cwo bezoeken tussen 03 oktober 2023 en 27 februari 2024 ingepland . Er is voor elk bezoek een team samengesteld van directeuren, leerkrachten en intern begeleiders, onder begeleiding van een medewerker van Take a step. Take a step zorgt na het cwobezoek voor een schoolportret. Een aantal scholen plant het cwo bewust voor een audit, om op deze manier de kracht van een school in te kunnen zetten bij ontwikkelpunten. (Als een hefboom)

Eind maart 2024 hebben 23 van de 25 scholen een collegiaal waarderend onderzoek gehad, en in april 2024 wordt een gezamenlijke evaluatie gehouden om de opbrengsten te bespreken en te bepalen hoe het CWO in de organisatie kan worden geïntegreerd.

Onderwijs

Kwaliteit - De basis op orde

Formatief beoordelen op de referentieniveaus

Alle scholen hebben voor hun leerlingen alle referentieniveaus op taal en rekenen in beeld. In 2023 leggen we de focus op het deelgebied schrijfvaardigheid.

Deze plaatsbepaling is voorbereid door het kwaliteitsteam in samenspraak met de werkgroep formatief. Het onderzoek zal in het najaar plaatsvinden. Voor de context: het inspectiekader is aangepast met een nieuwe standaard; dat betekent dat het zelfevaluatiemodel daar ook op wordt aangepast en dat daarmee de plaatsbepaling nog relevanter is geworden. Ter ondersteuning van formatief werken is er een digitale tool op het gebied van rekenen ontwikkeld en een taaltool in ontwikkeling. De eerste werkversie daarvan is begin 2024 gereed.

Het CWO lijkt bij te dragen aan een positieve en ontwikkelingsgerichte cultuur binnen Spaarnesant, waarbij de focus ligt op het benutten van bestaande kwaliteiten en het delen van kennis tussen scholen.

55

Deelgebied

3LMOHU

2QGHUZHUS

'RHO%HRRJGHXLWNRPVWHQ

%LMVWHOOLQJRSEDVLVYDQ075 6WDWXV0LG7HUP  

Onderwijs

Kwaliteit - De basis op orde

Burgerschapsonderwijs

Scholen voldoen aan de doelen voor burgerschapsonderwijs in samenhang met het werken vanuit de Pedagogische opdracht.

Er is verkennend onderzoek geweest naar de stand van zaken op een steekproef van zes scholen. Het beeld is dat de vertaling van de PO naar het aanbod gerealiseerd wordt. Er is aandacht nodig voor de populatiespecifieke behoefte en zicht op ontwikkeling.

Onderwijs

Kwaliteit - De basis op orde

Digitale geletterdheid

Het aanbod voor digitale geletterdheid op scholen wordt versterkt.

Er is een PLG (5 ICT-coördinatoren) gestart om vaardigheden van de leerkrachten in beeld te krijgen. Om hier mee verder te komen is een andere aansturing en uitvoering nodig; daarvoor is nu een voorstel gemaakt. Beoogd resultaat: er zijn straks minder ICT-coördinatoren die meer gespecialiseerd zijn.

Onderwijs

Kwaliteit - De basis op orde

Advisering zonder de verplichte eindtoets

Een aantal scholen vormen met elkaar de voorhoede in het opzetten van een eindviestraject zonder eindtoets. Dit jaar wordt bepaald wanneer zij daarmee stoppen.

9 scholen hebben zich aangemeld voor het traject. In het najaar zal aan de hand van de bestuurlijke handreiking het vervolg worden bepaald

De beoogde datum om te stoppen is voor deze scholen onveranderd per schooljaar 2024-25. Nu al sturen deze scholen geen toetsresultaten uit de eindtoets door naar het VO. Daarvoor is de overdrachtsapplicatie aangepast.

Onderwijs

Kwaliteit - De basis op orde

Advisering zonder de verplichte eindtoets

Starten project met VO voor drempelloze overstap

Er is een samenwerking met het Mendelcollege rondom drempelloos overstappen; dit schooljaar loopt de samenwerking tussen teams van beide scholen ter voorbereiding op een groep die daadwerkelijkdrempelloos overgaat (mogelijk groep 8 van schooljaar 26/27)

Geen verandering sinds de mid-term review. Wel is met de schoolbesturen inmiddels afgesproken werk te gaan maken van uitgetstelde selectie in onze regio.

Onderwijs

Innovatie

Samen leren

Op basis van de jaarplannen van de scholen maken we een inventarisatie van onderwerpen waar scholen elkaar door samenwerking in kunnen versterken

De inventarisatie is gedaan; het vervolg erop is niet uit de verf gekomen. We maken het nieuwe jaarplan in het najaar met de scholen.

In het najaar is een nieuw jaarplan op de tweedaagse samen met de directeuren gemaakt. Ten aanzien van de "basis op orde" hebben de scholen zelf een ambitieniveau (0, 1 of 2) gekozen om mee aan de slag te gaan met als einddatum 1 augustus 2025.

Onderwijs

Innovatie

Scholen van Morgen

De stuurgroep stimuleert en begeleidt ontwikkelingen op scholen in het kader van 'Anders Organiseren' (o.a. De Rijke Schooldag, IKC, Hybride werken/Teach today)

Is gebeurd en loopt door. Er zijn zes scholen die een verrijkte schooldag organiseren. Door gewijzigde subsidieregeling ligt nadruk meer op naschools aanbod.

Scholen van Morgen als programma is eind 2023 geëindigd. De activiteiten, projecten en opgaves in het programma zijn afgerond danwel omgezet in opgaves in het jaarplan 2024.

Onderwijs

Innovatie

Clusters

Er is samenwerking tussen scholen binnen een cluster waardoor een structureel tekort ( > 20% aan lestijd) op een school wordt voorkomen.

De situatie van meer dan 20% tekort heeft zich alleen voorgedaan op IKC Schalkwijk - daar bracht het cluster (SO) geen uitkomst; de clusters zijn op diverse manieren met elkaar in gesprek. In DO najaar is dit opnieuw geagendeerd.

De clusters vormen de basis voor het gesprek over het gezamenlijk oplossen van tekortvraagstukken.



6WDWXVHLQG Tijdens het DO in december heeft van de directeuren een presentatie gegeven over burgerschap. Deze presentatie gaf de scholen een helder beeld van de verwachtingen op dit gebied. Het diende als een waardevolle bron van informatie en zorgde voor een gemeenschappelijk begrip van de rol van scholen met betrekking tot burgerschap.

ΖQQRYDWLH



Deelgebied

3LMOHU

2QGHUZHUS

'RHO%HRRJGHXLWNRPVWHQ

%LMVWHOOLQJRSEDVLVYDQ075 6WDWXV0LG7HUP  

Onderwijs

Innovatie

Innovatiebeurs

We versterken het innovatief vermogen binnen Spaarnesant door medewerkers de mogelijkheid te bieden vanuit eigen motivatie een innovatie te starten op school.

Er zijn 6 beurzen uitgekeerd.

Er zijn 5 trajecten in ontwikkeling. Een aanvraag is teruggetrokken.

Onderwijs

Innovatie

Ontwikkeling Agoraschool

Er is een heldere richting bepaald voor het te ontwikkelen Agoraschool. De uitwerking gaat starten.

Het project is beëindigd in de afweging van prioriteiten.

Het project is beëindigd in de afweging van prioriteiten.

Onderwijs

Innovatie

Onderzoeksmatig werken binnen Spaarnesant

Versterking van het onderzoeksmatig werken in samenwerking met Hogeschool.

Deze samenwerking leverde onvoldoende op en is stopgezet.

Deze samenwerking leverde onvoldoende op en is stopgezet.

Onderwijs

Innovatie

Intern en extern schoolbezoek

Scholen leren van elkaar

Vier scholen hebben schoolbezoeken gedaan en diverse werkgroepen hebben scholenbezoek gedaan. De School is in de Academie geweest. Laterna Magica is bezocht door leerkrachten en directeuren. Er is een onderzoek gedaan naar vormen van IKC-samenwerking, bij verschillende scholen/besturen.

Er is meer en vaker onderling bezoek binnen en buiten de stichting.

Onderwijs

Innovatie

Ontwikkeling hybride onderwijs (Verplaatst naar Scholen van Morgen)

Vanuit plaatsbepaling zijn ontwikkelkeuzes gemaakt om tot flexibelere vormen van onderwijs te komen waarbij een visie op leren leidend is.

Zie hierboven bij Scholen van Morgen

De ontwikkeling van twee apps voor hybride onderwijs is geëvalueerd naar tools die ondersteunen bij het inzicht in de ontwikkeling van de leerlingen met betrekking tot de referentieniveau's.

Onderwijs

Innovatie

Wetenschap & Techniek

Versterking praktisch werken door de inzet van experts op basis van co-financiering door scholen

Is niet van de grond gekomen; is geen urgentie.



6WDWXVHLQG

.DQVHQJHOLMNKHLG Onderwijs

Kansengelijkheid

High Dosage Tutoring

Versterking kansen leerlingen met achterstanden via intensieve rekencoaching

Bij een kleine groep leerlingen zijn resultaten bereikt op het gebied van motivatie. De rekenwinst is beperkt. We moeten kijken naar de aansturing van dit traject in samenspraak met het samenwerkingsverband en de gemeentelijke stuurgroep.

Onderwijs

Kansengelijkheid

Deelname aan Multi-Stem

Versterking taalontwikkeling anderstalige kinderen d.m.v. moedertaalondersteuning.

Er is op één school een activiteit geweest; we moeten gaan uitzoeken wat de stand van zaken is in de samenwerking.

De snelheid van het traject wordt bepaald door het verloop van het onderzoek van de promovendi. Dat gaat niet zo snel dat er nog nieuwe activiteiten gepland konden worden.



Deelgebied

3LMOHU

2QGHUZHUS

'RHO%HRRJGHXLWNRPVWHQ

%LMVWHOOLQJRSEDVLVYDQ075 6WDWXV0LG7HUP  

Onderwijs

Kansengelijkheid

Verrijkte schooldag

Inrichting van een rijk aanbod met externe partners in aanvulling op het onderwijs om kansen van leerlingen te vergroten

Zie hierboven bij Scholen van Morgen

Schooljaar 2022-2023 kon met een geoormerkte subsidie een rijk aanbod worden vormgegeven om kansen van leerlingen te vergroten. Door de late subsidieverstrekking en de doorlooptijd die nodig is om dagindelingen aan te passen aan de Verrijkte Schooldag zijn de meeste scholen in het tweede kwartaal van 2023 opgestart. Helaas zijn in de zomer van 2023 de voorwaarden voor de Verrijkte Schooldag gewijzigd en is alleen nog een buitenschools aanbod subsidiabel. Dit vraagt wederom een grote inspanning van onze scholen en de andere partijen in de Haarlemse coalitie om de dagindeling hierop aan te passen.



6WDWXVHLQG

*RHGRQGHUZLMVYRRUDOOHNLQGHUHQ Onderwijs

Goed onderwijs voor álle kinderen

IKC-ontwikkeling

IKC-plan; bijdrage aan kwartiermakerschap en extra ontwikkeltijd

Het IKC-plan vordert en de samenwerking loopt steeds beter.

Inmiddels zijn zowel de gezamenlijke aanmeldcommissie als het expertise team een feit. De intergatie met jeugdhulp staat onder druk door de impasse over de financiering en de bezuinigingsdoelstelling bij de zorgpartners.

Onderwijs

Goed onderwijs voor álle kinderen

Invoering volumebekostiging onderwijs binnen IKC

Monitoren van de effecten van volumebekostiging op streef- en werkformatie

Het lukt om een streefformatie te maken binnen de bekostiging; ivm de dislocatie is er daarboven extra formatie nodig (tekort)

zie MTR

Onderwijs

Goed onderwijs voor álle kinderen

Ontwikkeling expertisefunctie IKC in het kader van volumebekostiging

Er is een bekostiging voor de expertisefunctie afgesproken; de inrichting voor die expertisefunctie is gereed

Er is een begin gemaakt met dit project door de IKC's gezamenlijk.

zie MTR

Onderwijs

Goed onderwijs voor álle kinderen

Uitfasering Hildebrand

Ondersteuning MLK en Hildebrand bij het uitfaseren van SBO-aanbod en de verbreding van het MLK-aanbod

Er zijn afspraken met het SWV over de compensatie van bekostigingsverlies; de adviesaanvraag bij de MR is uitgesteld om met wat concretere uitwerking te komen van het nieuwe aanbod zodat de MR zich een beter beeld kan vormen

Voorstel is gedaan en gehonoreerd.

Pedagogische opdracht

Ouders worden betrokken bij het gesprek over de pedagogische opdracht van de school.

70% van de scholen heeft al activiteiten ondernomen om het gesprek met ouders te voeren, 48% heeft activiteiten rondom het organiseren van het gesprek gepland. 14 van de 23 scholen organiseerden een ouderbijeenkomst rondom dit onderwerp of is dit van plan. De helft van de scholen zit nog in een brainstormfase, al dan niet met MR, over op welke wijze ouders komend jaar betrokken worden rondom het gesprek over de pedagogische opdracht.

In het kader van de nieuwe schoolplannen is op alle scholen het gesprek met de medezeggenschap over de PO gevoerd. Alle scholen maken gebruik van de toolbox.

(GXFDWLHI3DUWQHUVFKDS Onderwijs

Educatief Partnerschap



Deelgebied

3LMOHU

2QGHUZHUS

'RHO%HRRJGHXLWNRPVWHQ

%LMVWHOOLQJRSEDVLVYDQ075 6WDWXV0LG7HUP  

Onderwijs

Educatief Partnerschap

Voorbereiden advisering zonder eindtoets

Scholen die gaan voor het adviestraject zonder eindtoets hebben de ouders meegenomen in deze ontwikkeling en hun rol in dat kader bepaald

Zie laatste punt bij de Basis op Orde



6WDWXVHLQG

6SDDUQHVDQW$FDGHPLH Onderwijs

Kwaliteit - De basis op orde

Training kindgesprekken en geven van effectieve feedback als NPO interventie

Leraren leren op basis van de leerlijnen formatieve gesprekken te voeren met hun leerlingen en ze feedback te geven tijdens de les.

Is afgerond.

was al afgerond mid term

Onderwijs

Kwaliteit - De basis op orde

Opleiden van reken- en taalspecialisten

Specialisten in de scholen die een vertaling kunnen maken van de referentieniveaus naar de leerlijnen en doelen i.p.v. het volgen van de methode.

Is gebeurd; wellicht komt er een nieuwe ronde

in 2024 nieuwe ronde taalspecialisten

Onderwijs

Kwaliteit - De basis op orde

Leernetwerken rekenen, gedrag, talentbouwers, adjuncten, cultuur, ICT, IB en coaching

Rekenen: rekenspecialisten samen laten werken rond de ref.niveaus en het Multi Stem project.

Is gebeurd; de netwerken lopen door

netwerken lopen door, drukte op eigen scholen zorgt voor vertraging deelname en werkzaamheden voor de netwerken

Onderwijs

Kwaliteit - De basis op orde

Trainen onderwijsassistenten

Interventie NPO werken in kleine groepjes, ze leren effectiever te werken met deze groepjes leerlingen.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/14860751/1