2 Bijlage 1 Blinkertpad 3 Beantwoording zienswijzen en redengevende omschrijving
Tekst van het document
Redengevende omschrijving gemeentelijk monument
Straat Huisnummer Toevoeging Postcode Kadastrale aanduiding Naam object Bouwjaar Architect Bouwstijl Oorspronkelijke functie Huidige functie Gemeentelijk monumentnr. B & W besluit Inventarisatie / Beschrijving: Datum beschrijving
Blinkertpad 3 2015 EX HLM02 T 4245 Beatrixschool 1939-1940 G. Friedhoff Scandinavisch geïnspireerde boerderijstijl Lagere school Idem 59-0748 D. Broekhuizen /M. Temme /M.W. Enderman November 2023 / Juni 2025
Ligging en stedenbouwkundige context De Beatrixschool is gesitueerd langs de rand van het Ramplaankwartier, een wijk aan de westkant van Haarlem. Het Ramplaankwartier is gebouwd als tuindorp in opdracht van de gemeente Bloemendaal in 1910. Historie en stijl De Beatrixschool is deels voor de Tweede Wereldoorlog gebouwd maar past bij het gedachtengoed van de wederopbouw. Ook sluit de school aan bij het karakter van de als tuindorp opgezette Ramplaankwartier. Een gedachtegoed dat vlak voor de oorlog post had gevat. De school is gebouwd naar een ontwerp van architect Gijsbert Friedhoff, die op dat moment in dienst was van Bedrijf Openbare Werken in Haarlem. Het doel van het ontwerp van Friedhoff was om het gebouw te doen opgaan in de groene omgeving van het tuinbouwgebied. De lokalen van de Beatrixschool zijn geprojecteerd op de begane grond, zodat de hoogte van de school in overeenstemming is met de hoogte van de woningbouw aan deze kant van het Ramplaankwartier die is gebouwd als tuinwijk. Friedhoff, een bewonderaar van de traditionele Scandinavische bouwkunst, heeft zich hier mogelijk laten inspireren door Zweedse boerderijbouw. Exterieur Het gebouw bestaat uit een centraal gedeelte met hoofdingang, en twee lagere zijvleugels met daarin leslokalen.
Een derde vleugel, die diende als gymnastiekzaal, is vervangen door een nieuwe vleugel (aan de noordwestzijde) uitgevoerd in vergelijkbaar materiaal. Door de sloop van de derde vleugel, en de toevoeging van een nieuwe vleugel is de oorspronkelijke stedenbouwkundige en architectonische opzet van het gebouw niet meer intact. De witgeschilderde baksteen gevels van het gebouw bevatten regelmatige reeksen lokaalvensters en gangvensters. De kleine onderramen zijn zo geplaatst dat kinderen naar buiten kunnen kijken als zij in een lokaal zitten. De materiaal- en kleurkeuze zijn in overeenstemming met de landelijke architectuur. Boven de bakstenen plint zijn de gevels in een ivoor-achtige kleur gesausd. De zadeldaken van de school zijn bedekt met rode pannen. Interieur De school kan worden beschouwd als een zogenaamde gangenschool, met lokalen aangrenzend aan een gang. Dit is nog afleesbaar in het uit 1939-40 daterende gedeelte. Het bestaat uit een centrale hal met aan de
BLINKERTPAD 3
HAARLEM
westzijde de vestibule achter de hoofdingang en de voormalige kamer van het schoolhoofd. De hal geeft aan weerszijden toegang tot een gang met garderobe-nissen en toiletten waaraan aan de westzijde vier en aan de oostzijde drie oorspronkelijke lokalen zijn gelegen. Behalve de indeling is ook veel van de oorspronkelijke afwerking nog aanwezig en bepalend voor het karakter van het interieur. Zo is in de centrale hal een gewelfd plafond aangebracht. In de gangen zijn de muren afgewerkt met een lambrisering van geglazuurde baksteen. De verschillende toegangen hebben nog de oorspronkelijke deuren en omlijstingen. In de lokalen bevindt zich een betegeling tegen de buitengevel met vensters en is gelijk met de bovenzijde daarvan een houten lijstje rondom elke ruimte aangebracht. Aan de westelijke gang is een trappenhuis naar de zolder boven de hal met decoratief traphek. Motivering voor plaatsing op de gemeentelijke monumentenlijst De motivering heeft enkel betrekking op het gedeelte van de school dat dateert uit 1939-1940.
Architectuur, bouw- en/of kunsthistorische waarde Heeft hoge architectuurhistorische waarde, vanwege de voor Haarlem zeldzame Scandinavisch geïnspireerde boerderijstijl die tot uitdrukking komt in de gevelcompositie en de materiaaltoepassing; is vanwege de landelijke stijlkenmerken een voorbeeld van een school in lijn met de tuindorpgedachte; vanwege de gaafheid van het exterieur, op de toevoeging van de nieuwe vleugel na; als representatief voorbeeld uit het oeuvre van architect Friedhoff, in dienst van Openbare Werken gemeente Haarlem.
Stedenbouwkundige en situationele waarde Stedenbouwkundig van belang vanwege de vrije ligging van het gebouw in een groen opgezette stedenbouwkundige structuur aan de rand van het Ramplaankwartier; vormt een ensemble met andere gebouwen in het Ramplaankwartier. Cultuurhistorische waarde Heeft hoge cultuurhistorische waarde als schoolgebouw, met herinneringswaarde voor de mensen die aan deze onderwijsvoorziening verbonden zijn geweest; markeert de verschijningsvorm van de tuindorpgedachte in Haarlem. Het object, de Beatrixschool bevat in de voor Haarlem zeldzame boerderij-achtige kenmerken en is op basis van bovenstaande motivering beschermenswaardig als gemeentelijk monument in de gemeente Haarlem.
2/5
BLINKERTPAD3
HAARLEM
Plattegrond van de Beatrixschool waarin het beschermde deel rood is gemarkeerd.
De Beatrixschool in 1941 gezien vanuit het oosten. Bron: Noord-Hollands Archief, inv.nr. 25956
3/5
BLINKERTPAD 3
HAARLEM
De gang in de zuidvleugel in 1941 gezien naar het noordoosten.
De gang in de noordvleugel gezien naar het zuidwesten.
4/5
BLINKERTPAD3
HAARLEM
Klaslokaal in de noordvleugel gezien naar het zuiden.
5/5
Beantwoording zienswijzen Blinkertpad 3
Beantwoording zienswijzen aanwijzing Blinkertpad 3 als gemeentelijk monument Algemeen Het college bedankt de school voor het naar voren brengen van de zienswijzen. Deze zijn hieronder samengevat en voorzien van een beantwoording. Graag zijn wij bereid in gesprek te blijven en denken wij mee over verduurzaming of andere vragen. Op 4 juli 2024 is het voornemen om de Beatrixschool (Blinkertpad 3) aan te wijzen als gemeentelijk monument bij de school bekend gemaakt. Op het ontwerpbesluit van het college om het oudste gebouwdeel van de school aan te wijzen als gemeentelijk monument (d.d. 5-11-2024) is een zienswijze naar voren gebracht door de school (Stichting Spaarnesant d.d. 5-2-2025, bijlage 1). Naar aanleiding van deze zienswijze is het pand nogmaals bezocht en is gesproken met vertegenwoordigers van de school. Een concept beantwoording is voorgelegd aan de school. Op deze concept beantwoording heeft de school een nadere zienswijze gegeven (d.d. 10-7-2025, bijlage 2).
Naar aanleiding van de zienswijzen is de redengevende omschrijving aangevuld m.b.t. de interieurwaarden en is met kaartje verduidelijkt op welke delen de aanwijzing betrekking heeft. Het voornemen om het pand aan te wijzen als gemeentelijk monument en de aangevulde redengevende omschrijving zijn nogmaals voor advies voorgelegd aan de Adviescommissie omgevingskwaliteit. De commissie heeft ook in dit advies (d.d. 25-8-2025) positief geadviseerd op het voornnemen om de school aan te wijzen als gemeentelijk monument, zie ook bijlage 3. Zienswijze Tijdvlak Aangegeven wordt dat het gebouw van vóór de Tweede Wereldoorlog dateert en het daarmee niet de naoorlogse periode betreft. Beantwoording Als periode voor de wederopbouw of naoorlogse periode is 1940-1965 aangehouden. Dit is ook zo gedaan in het rapport “Naoorlogse architectuur en stedenbouw in Haarlem Cultuurhistorische inventarisatie en waardering” (Dolf Broekhuizen, april 2020). De datering van het gebouw betreft 1939 – 1940 en valt daarmee binnen deze periode. Hierbij wordt opgemerkt dat de afbakening niet rigide moet worden opgevat. De denkbeelden en ideeën die bepalend waren voor de wederopbouwperiode kennen een geschiedenis die langer teruggaat. Hiernaast is de school ook vanuit andere invalshoeken waardevol, zoals blijkt uit de redengevende omschrijving.
Nadere zienswijze In de reactie op deze beantwoording geeft Spaarnesant aan dat de school buiten het tijdvlak valt en de wederopbouw niet al vóór de oorlog is begonnen.
Beantwoording zienswijzen Blinkertpad 3
Beantwoording Het college deelt de stelling niet dat de school buiten het bedoelde tijdvlak ligt. Graag wordt verwezen naar bovenstaande beantwoording. Verder wordt nog opgemerkt dat ook gemeentelijke monumenten uit andere periodes kunnen worden aangewezen. Ook als geredeneerd wordt dat het pand niet in genoemde periode valt, hetgeen niet gedaan wordt, is er voldoende aanleiding voor aanwijzing van de school als gemeentelijk monument. In de redengevende omschrijving is de tijdsaanduiding verduidelijkt.
Zienswijze Verduurzaming Aangegeven wordt dat het van belang en noodzakelijk is om de school te verduurzamen. Zonnepanelen en warmte / koude opslag zijn hierbij onmisbaar. Een monumentaanwijzing betekent meerkosten bij verduurzaming. De school kan zich dit niet veroorloven. Beantwoording Ook voor schoolgebouwen die zijn aangewezen als monument zijn er goede mogelijkheden voor het energetisch verduurzamen en het opwekken van schone energie. Bij een locatiebezoek op 31 maart 2025 is door een erfgoedadviseur van de gemeente specifiek gekeken naar de kansen voor verduurzaming na aanwijzing als monument. Mede op basis van dit bezoek wordt geconcludeerd dat de huidige detaillering van de grotendeels nog oorspronkelijke kozijnen en vensters verschillende verduurzamingsmaatregelingen toelaat. Het toepassen van isolerende beglazing is goed voorstelbaar en ook reeds uitgevoerd. Ook voor het dak zijn mogelijkheden tot verduurzaming denkbaar. Het aanbrengen van pvt- of zonnepanelen op de niet monumentale delen van de school én op plekken uit het zicht van de openbare ruimte, is in beginsel mogelijk. Wij zien niet waarom een aanwijzing als monument het plaatsen van een WKO-installatie niet meer mogelijk zou maken.
Bij het energetisch verduurzamen van monumenten gaat het om maatwerk. De gemeente biedt hierbij graag ondersteuning via het Haarlems Monumentenloket met advies voor verduurzaming van monumenten en het maken van legplannen voor zonne- en pvt-panelen. Wij kunnen niet volgen waarom de kosten voor verduurzaming, als gevolg van de monumentaanwijzing, onoverkomelijk zouden worden. Het energetisch verduurzamen hangt onlosmakelijk samen met renovatie / onderhoudswerkzaamheden aan een schoolgebouw. De kosten voor deze werkzaamheden worden in beginsel, in het kader van het Strategisch Huisvestingsplan Onderwijs (SHO) 2023 – 2038, door de gemeente gedragen. Blijft over de maatregelen die de school, buiten het kader van het Strategisch Huisvestingsplan, aangeeft te willen treffen. Niet gezien wordt waarom de kosten hiervoor, als gevolg van de aanwijzing, onoverkomelijk zouden worden. Wij merken hierbij op dat de aanwijzing alleen ziet op het gedeelte van het schoolgebouw uit 1939-1940 en niet op de latere bouwdelen, de maatregelen zich (deels) terugverdienen, het verduurzamen ook zonder monumentenstatus kosten met zich meebrengt en er subsidies beschikbaar zijn zoals de DUMAVA-subsidie.
2/7
Beantwoording zienswijzen Blinkertpad 3
Nadere zienswijze Aangegeven wordt dat de kosten voor verduurzaming in beginsel worden gedragen in het kader van het Strategische Huisvestingsplan Onderwijs (SHO) 2023-2028. Gevraagd wordt hoe de school dit uit moet leggen. De school is van mening dat de meerkosten van verduurzaming die ontstaan door de status van gemeentelijk monument zonder meer voor rekening van de gemeente moeten komen. Beantwoording Wij verwijzen graag naar de eerdere beantwoording waar op dit onderwerp is ingegaan. Voor zover al sprake zou zijn van meerkosten voor maatregelen die buiten het kader van het Strategisch Huisvestingsplan Onderwijs (SHO) worden gemaakt, zien wij niet waarom dit onevenredig zou zijn in relatie tot het erfgoedbelang zoals blijkt uit de redengevende omschrijving en de stadsbrede inventarisatie en waardering Naoorlogse architectuur en stedenbouw. Nadere zienswijze Zonnepanelen kunnen na aanwijzing als monument alleen nog op de niet-monumentale delen van de school worden geplaatst, dat bekent een forse en ongewenste beperking van de mogelijkheden. Beantwoording In de voorbereiding van het besluit tot aanwijzing is gekeken naar de mogelijkheden voor verduurzaming. Kortheidshalve wordt verwezen naar de eerdere beantwoording.
Hierin is ook aangegeven dat zonnepanelen in beginsel mogelijk zijn op de niet monumentale delen van de school én op delen van het monument die uit het zicht zijn van de openbare ruimte. In het zicht van de openbare ruimte hebben zonnepanelen vaak een te grote (visuele) impact op de beleving van het monument omdat zonnepanelen als latere toevoeging meestal niet goed bij het karakter van het monument passen. Wij zijn niet van mening dat de aanwijzing leidt tot onevenredige beperking van de mogelijkheden voor het plaatsen van zonnepanelen. Zienswijze Erfgoedverordening / Adviescommissie Omgevingskwaliteit Gesteld wordt dat niet de Adviescommissie Ruimtelijke Kwaliteit heeft geadviseerd, zoals in de Erfgoedverordening is bepaald, maar een ander orgaan te weten Mooi Noord-Holland. Uit pagina 2 van het advies van de commissie zou blijken dat slechts één in plaats van de voorgeschreven twee deskundige bij het advies betrokken zijn. Aangegeven wordt dat het advies beknopt en algemeen is. Beantwoording De Adviescommissie omgevingskwaliteit heeft geadviseerd. Deze commissie is aangesteld conform de Verordening op de Adviescommissie Omgevingskwaliteit, gemeente Haarlem 2022. In deze verordening is overgangsrecht geregeld m.b.t. de in de Erfgoedverordening Haarlem 2023 genoemde Adviescommissie ruimtelijke kwaliteit.
De organisatie Mooi Noord-Holland ondersteunt commissies voor meerdere gemeenten in NoordHolland op het gebied van omgevingskwaliteit. De commissie is onafhankelijk en zelf verantwoordelijk voor haar advies.
3/7
Beantwoording zienswijzen Blinkertpad 3
De, op pagina 2 van het advies genoemde, erfgoedadviseur betreft niet een lid van de commissie maar een ambtenaar van de gemeente die betrokken is geweest bij de voorbereiding van de aanwijzing. In de Adviescommissie Omgevingskwaliteit zijn deskundigen betrokken met de discipline: - architectuur gericht op erfgoed, monumenten en restauratietechniek; - bouw- en architectuurhistorici. Dit is conform artikel 4 lid 3 van de Verordening op de Adviescommissie Omgevingskwaliteit. Hiermee wordt voldaan aan de voorwaarden uit de Erfgoedverordening Haarlem 2023. De motivering waarom de school aangewezen wordt als monument is gegeven in de redengevende omschrijving. Deze redengevende omschrijving is voorgelegd aan de commissie. De commissie heeft deze uitgebreide motivering met haar advies onderschreven. Wij zien niet waarom het advies van de commissie te beknopt of algemeen zou zijn. Nadere zienswijze Aangegeven wordt dat onduidelijk is waarom de Adviescommissie Omgevingskwaliteit geadviseerd heeft en niet de in de Erfgoedverordening genoemd Adviescommissie Ruimtelijke kwaliteit. Niet gezien wordt waarom de commissie die geadviseerd heeft gezien kan worden als de Adviescommissie Omgevingskwaliteit. Beantwoording Kortheidshalve wordt verwezen naar de eerdere beantwoording.
Zie verder het raadsbesluit Vaststelling Verordening op de Adviescommissie Omgevingskwaliteit, met in de bijlage de cv’s van de individuele leden, Vaststelling Verordening op de Adviescommissie Omgevingskwaliteit, onder punt 9. Nadere zienswijze Aangegeven wordt dat het advies van de commissie onvoldoende is en er niet gesproken wordt over de Beatrixschool en De Dolfijn. Beantwoording Bij de eerdere beantwoording is aangegeven waarom niet gezien wordt dat het advies van de commissie te beknopt of algemeen zou zijn. Bovenstaand is hier uitgebreid op ingegaan. Hierbij wordt opgemerkt dat in het advies zowel de Beatrixschool als De Dolfijn expliciet genoemd worden en er wordt verwezen naar de redengevende omschrijvingen en de in opdracht van de gemeente uitgevoerde inventarisatie naar naoorlogse architectuur en stedenbouw. Het voornemen om het pand aan te wijzen als gemeentelijk monument en de aangevulde redengevende omschrijving zijn nogmaals voor advies voorgelegd aan de Adviescommissie omgevingskwaliteit. De commissie heeft ook in dit advies (d.d. 25-8-2025) positief geadviseerd op het voornemen, zie ook bijlage 3. Nadere zienswijze Uit het advies blijkt niet dat aan de voorwaarde voldaan is dat enkele leden met deskundigheid op het gebied van monumentenzorg betrokken zijn geweest.
4/7
Beantwoording zienswijzen Blinkertpad 3
Beantwoording In het advies is aangegeven dat de Grote Commissie heeft geadviseerd. In deze commissie is deskundigheid op het gebied van monumentenzorg vertegenwoordigd, zie ook hierboven. Zienswijze Redengevende omschrijvingen De monumentaanwijzing staat op gespannen voet met ingrijpende veranderingen, waaronder het vervangen van de derde vleugel en het verdwijnen van het centrale schilderij. De genoemde gaafheid van het exterieur staat hiermee op gespannen voet. De school is het middelpunt van een ensemble. Genoemd wordt de tuindorp-gedachte. Het belang van het ensemble wordt niet gediend met de aanwijzing. Dat ziet primair op het gebouw zelf. Waarom het van belang is de Scandinavische invloeden te behouden, alsmede het werk van architect Friedhoff is onduidelijk. Beantwoording Zoals ook in de redengevende omschrijving is aangegeven zijn er in de loop van de tijd wijzigingen gemaakt aan het gebouw. Deze zijn niet zodanig dat er onvoldoende reden is voor de aanwijzing. De hoofdopzet is, m.u.v. het verdwijnen van de vleugel, redelijk gaaf bewaard gebleven net als het exterieur. Ook zijn in het interieur meerdere karakteristieke historische elementen nog aanwezig. De redengevende omschrijving is met betrekking tot dit punt verduidelijkt en met betrekking tot de interieurwaarden aangevuld.
Onderdeel ensemble De school draagt bij aan de kwaliteit van de omgeving en is van stedenbouwkundige / situationele betekenis. Dit is een van de redenen waarom het gebouw wordt aangewezen. De aanwijzing heeft niet als doel de ruimtelijke context van het schoolgebouw te beschermen. Met betrekking de bescherming van de ruimtelijke en beeldkwaliteit van de omgeving geldt ander beleid, zoals de Nota Ruimtelijke Kwaliteit. Architect Friedhoff In de redengevende omschrijving is aangegeven waarom het pand wordt aangewezen als gemeentelijk monument zie o.a. het kopje Architectuur, bouw- en/of kunsthistorische waarde. Hierbij wordt opgemerkt dat architect Gijsbert Friedhoff voor Haarlem en landelijk van betekenis is o.a. als rijksbouwmeester. In het register van de Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed zijn 14 gebouwen naar een ontwerp van Friedhoff als rijksmonument opgenomen. Zienswijze herinneringswaarden Het concept van herinneringswaarde wordt niet onderbouwd. Dit betreft zeker niet cultuurhistorische waarde, en dat is waar het bij aanwijzing op grond van erfgoedverordening om zou moeten gaan. Beantwoording Het begrip herinneringswaarde wordt, als onderdeel van cultuurhistorische waarden, landelijk gebruikt als waarderingscriterium bij gebouwd erfgoed, zie bijvoorbeeld de standaard met waarderingscriteria van de Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed. 5/7
Beantwoording zienswijzen Blinkertpad 3
De Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed hanteert voor de waardestelling van onroerend erfgoed verschillende criteria. De cultuurhistorische waarde houdt in dat een object of gebouw naar oordeel van de expert een bijzondere uitdrukking is van een culturele, sociaal-economische, bestuurlijke, beleidsmatige, geestelijke, technologische, landschappelijke, geografische of andere ontwikkeling. Én/of dat het van belang is vanwege de herinneringswaarde. Bij herinneringswaarde is er sprake van een meer collectieve waardering: niet zozeer de expert, maar de samenleving hecht waarde aan een fysiek object of plek als herinneringsdrager <zie eventueel de publicatie Erfgoed van betekenis https://www.cultureelerfgoed.nl/binaries/cultureelerfgoed/documenten/publicaties/2019/01/01/erf goed-van-betekenis/Erfgoed_van_betekenis_Herinneringserfgoed_PDFA.pdf <pagina 9 eerste alinea>. Wij zien niet waarom het gehanteerde criterium niet gebruikt zou mogen worden. Zienswijze Conclusie Bescherming gaat om het gehele gebouw. Dit zou bij eventuele aanwijzing, hetgeen cliënte zou betreuren, gepreciseerd moeten worden. Na de opname van november 2023 zijn veranderingen aangebracht, dit maakt de redengevende omschrijving achterhaald. Er wordt op aangedrongen de school niet aan te wijzen als gemeentelijk monument. Beantwoording De redengevende omschrijving is aangevuld met o.a.
een beschrijving van de interieurwaarden. Ook is expliciet opgenomen dat de aanwijzing betrekking heeft op het bouwdeel uit 1939-1940. De school is opnieuw bezocht op 31 maart 2025. Bij dit bezoek is niet gebleken dat de redengevende omschrijving achterhaald was. Het college acht aanwijzing van de school van belang gelet op de in de redengevende omschrijving aangegeven waarden. Hierbij wordt opgemerkt dat deze omschrijving is aangevuld en gepreciseerd waarbij expliciet is aangegeven op welke bouwdelen de aanwijzing betrekking heeft. Het voornemen om het pand aan te wijzen als gemeentelijk monument en de aangevulde redengevende omschrijving zijn nogmaals voor advies voorgelegd aan de Adviescommissie omgevingskwaliteit. De commissie heeft ook in dit advies (d.d. 25-8-2025) positief geadviseerd op het voornnemen zie ook bijlage 3. Nadere zienswijze Aangegeven wordt dat het preciseren van de redengevende omschrijving gewaardeerd wordt. Spaarnesant blijft van mening dat de gemeente zou moeten afzien van de aanwijzing.
6/7
Beantwoording zienswijzen Blinkertpad 3
Beantwoording Wij zien, mede gelet op bovenstaande, geen aanleiding om af te zien van de aanwijzing. Hierbij wordt opgemerkt dat het college graag meedenkt over mogelijkheden voor het (verder) verduurzamen van het gebouw.
Bijlagen Bijlage 1 Zienwijze d.d. 05-02-2025 Bijlage 2 Nadere zienswijze d.d. 10-07-2025 Bijlage 3 Advies Adviescommissie Omgevingskwaliteit d.d. 25-08-2025 en d.d. 17-06-2024
7/7
Zaak 24060446 / Mendelcollege (Pim Mulierlaan 4-6), Beatrixschool (Blinkertpad 3), De Dolfjn (Gijsbrecht van Aemstelstraat 118)
Mendelcollege (Pim Mulierlaan 4-6), Beatrixschool (Blinkertpad 3), De Dolfjn (Gijsbrecht van Aemstel MOOI nummer 24060446 Zaaknummer partij Omschrijving Aan te wijzen monumenten Aantal voorgaande 1 behandelingen Gemeente Zaakbeheerder Objecttype Beoordelingskader Bestemmingsplan
Haarlem Annamaria van Enk Overig Beschermende regie, consolidatie regie en transformatie regie Anders
Behandeling 25-08-2025 Bevindingen Beschrijving Het betreft een collegiaal overleg over de aanwijzing van schoolgebouwen als gemeentelijke monumenten. Op 17 juni 2024 heeft de commissie geadviseerd over het voornemen om 9 scholen uit de wederopbouwperiode aan te wijzen als nieuwe monumenten. Voor 3 van de 9 scholen is een zienswijze ingediend. Na aanleiding hiervan zijn de de betrefende redengevende omschrijvingen aangevuld, met name over het interieur. Er ligt een annotatie van de gemeentelijke afdeling Erfgoed van 21-08-2205 met een positief advies. Twee erfgoedadviseurs van de gemeente zijn aanwezig om toelichting te geven op het plan. De commissie wordt gevraagd te adviseren, mede op basis van de aangevulde redengevende omschrijvingen en de ingediende zienswijzen, over het voornemen om de volgende scholen aan te wijzen als monument: · Mendelcollege (Pim Mulierlaan 4-6) · Beatrixschool (Blinkertpad 3) · De Dolfjn (Gijsbrecht van Aemstelstraat 118) Beleid en regels De commissie heeft de aanvraag beoordeeld op grond van de gebiedsgerichte criteria uit de Nota Ruimtelijke Kwaliteit (2012). Alle drie de schoolgebouwen staan in gebieden 1920-1960', waarvoor een beschermende regie geldt. Op dit moment hebben de schoolgebouwen nog geen erfgoedstatus.
Bevindingen De commissie dankt voor de gegeven toelichting en spreekt opnieuw haar waardering uit over het feit dat de eerste naoorlogse panden in Haarlem worden aangewezen als beschermde wederopbouwmonumenten. De bescherming van een gemeentelijk monument betreft zowel de Pagina 2 van 5
directe omgeving, het exterieur als het interieur. Bij een Orde-2-status zou de bescherming uitsluitend gelden voor het exterieur. De commissie heeft kennisgenomen van de ingediende zienswijzen en begrijpt de wens van de scholen om een zekere mate van vrijheid te behouden bij verbouwingen. Met name bij verduurzamingsopgaven en interne verbouwingen, in het licht van veranderende onderwijsconcepten (zoals de wens voor leerpleinen), kan de status van gemeentelijk monument van invloed zijn. De commissie is evenwel van oordeel dat de interieurs van de schoolgebouwen zeer overtuigende monumentale waarden vertegenwoordigen. Het is van belang dat deze voor de gemeente Haarlem behouden en gekoesterd blijven. Onderwijsconcepten zijn steeds veranderlijk in de tijd, en het zou betreurenswaardig zijn indien dit zou leiden tot verlies van het waardevolle interieur. Daarbij wijst de commissie erop dat er veel voorbeelden bestaan van scholen die, ondanks een monumentenstatus, ruimte bieden voor noodzakelijke aanpassingen, ook omdat oudere schoolgebouwen soms meer ruimte bieden dan de huidige normen voor nieuwbouw. Dit vraagt om maatwerk en de commissie is bereid om mee te denken over oplossingen, zonder dat de functionaliteit van de school in het geding komt.
Welstandsadvies Behandelwijze Aanvraagsoort
Conclusie In dit collegiaal overleg adviseert de commissie positief ten aanzien van de aanwijzing van de drie schoolgebouwen tot gemeentelijk monument. Collegiaal overleg Grote commissie Omgevingsbeleid Haarlem
Behandeling 17-06-2024 Bevindingen IDe adviseur erfgoed en een jurist van de gemeente zijn aanwezig voor een toelichting. Het betreft een collegiaal overleg over een beleidsadvisering omtrent de aanwijzing van gemeentelijke monumenten. De gemeente is voornemens om negen panden aan te wijzen als gemeentelijk monument, als gevolg van een collegebesluit uit 2020. Het betreft de eerste aanwijzing van naoorlogse monumenten uit de wederopbouwperiode. De selectie komt voort uit een inventarisatie naar naoorlogse architectuur en stedenbouw in Haarlem. Voor de panden zijn redengevende omschrijvingen opgesteld waarin de motivering voor aanwijzing als monument is gegeven. Dit betreft: - Claes Tillyweg 2 (bedrijfsgebouw) - Gasthuisstraat 32 (openbare bibliotheek) - Spaarndamseweg 1 (havenkantoor) - Blinkertpad 3 (Beatrixschool) - Gijsbrecht van Aemstelstraat 118 (Basisschool de Dolfjn) - Pim Mulierlaan 4-6 (Mendel college) - Linneauslaan 19 (Transformatorstation) - Nauwe Appelaarsteeg 1-3 (Gebouw Zegelwaarden, Teylers) Pagina 3 van 5
- Versprockweg 325-339 (Appartementengebouw) Voor drie complexen wordt de bescherming als monument een te zwaar middel geacht en is gekozen voor een aanwijzing als beeldbepalend pand (orde 2). Omdat bij deze complexen, mede als gevolg van (interne)verbouwingen, minder hoog gewaardeerd worden en primair in de hoofdopzet en architectonische verschijningsvorm vanaf de openbare ruimte zijn gelegen. Ook is de beeldbepalende status gemakkelijker omdat er veel eigenaren en bewoners er mee gemoeid zijn. Dit betreft: - Van Leeuwenhoekstraat 5 (Wooncomplex Haarlem Hoog) - Prins Bernhardlaan 2, 2A t/m W, Dr. Schaepmanstraat 284 (Voormalige kantoorgebouw) - Karel Doormanlaan 69-117, Herman Robbersstraat 8-30 (Maisonnettes en atelierwoning) Ook zullen de wederopbouwgebieden nog worden geanalyseerd. Dan gaat het om het grotere schaalniveau zoals stedenbouw en groenaanleg. Deze gebieden zijn reeds opgenomen in het recent vastgestelde parapluplan. Ook wordt er in de erfgoednota aandacht aan besteed. Bevindingen De commissie staat positief tegenover het aanwijzen van de 9 panden als gemeentelijk monument. Zij is verheugd dat de eerste naoorlogse panden worden aangewezen als beschermde wederopbouwmonumenten, en is van mening dat het een representatieve en diverse selectie betreft.
Er zitten verborgen ‘parels’ tussen zoals het bedrijfsgebouw met het betonnen schaaldak in de Waarderpolder, of het transformatorstation dat vanwege de architectonische kwaliteit voor hedendaagse gebouwen van dit type als referentie kan dienen. De commissie geeft verdere enkele opmerkingen: - Zij ziet graag dat ook het voormalige kantoorgebouw, bekend als de Bosch-toren, aan de Prins Bernhardlaan de bescherming van monument krijgt. Het verzoek is om het voorstel op dit punt te heroverwegen. Het is een iconisch en monumentaal gebouw met een bijzondere bouwconstructie, een betonnen kolom die een zwevende kern omhoog houdt. Dit gebouw was zelfs kandidaat-rijksmonument in de selectieprocedure Top 100 Nederlandse monumenten 1940-1958. Het gebouw is recent op respectvolle wijze getransformeerd tot woongebouw. Bij de redengevende omschrijving kunnen niet-monumentale onderdelen in het interieur van de bescherming worden uitgesloten. - Aangegeven wordt dat enkel van de semi-publieke ruimtes zoals de scholen intern bekeken zijn. Pas bij een herontwikkeling of aanvraag omgevingsvergunning wordt een uitgebreider onderzoek gestart. Zijn deze summiere beschrijvingen juridisch steekhoudend, vraagt de commissie zich af. - Er wordt geadviseerd om de aanwijzing te ‘vieren’, en er zo publiciteit aan te geven. In Haarlem krijgt het wederopbouwerfgoed zo meer bekendheid.
- De commissie geeft aan dat het goed zou zijn dat ook breder naar de
Pagina 4 van 5
waarden van de Haarlemse wederopbouwgebieden wordt gekeken, en deze in te zetten in toekomstige ontwikkelingen. Welstandsadvies Behandelwijze Aanvraagsoort
Beleidsadvies Grote commissie Beleidsadvisering
Pagina 5 van 5