11-04 Transcript begrotingsraad
Tekst van het document
En er mogen misschien afgelopen twee jaar inderdaad 2000 woningen bijgebouwd zijn, maar dat is niet volgens de 40-4020 afspraak gegaan. En vorig jaar, het zogenaamde topjaar waarin 1434 woningen zijn opgeleverd, ging het, let
31
op, om slechts het schamele aantal van 125 sociale huurwoningen. Terwijl de nood, dat blijkt uit alle onderzoeken, juist daar het grootste is. Ook zien we… De voorzitter: Mijnheer Van den Raadt. De heer Van den Raadt: Voorzitter, ik hoor Jouw Haarlem zeggen dat dat dus die aantal woningen niet helpt. Enig idee waardoor dat komt? Omdat andere groepen voorrang krijgen? Of hoe ziet u dat? De heer Aynan: Voorzitter, het leveren van sociale huurwoningen blijft achter. Daar gaat het om. Er wordt wel gebouwd, maar in het verkeerde segment. Voorzitter, we zien ook dat er in de huidige begroting staat dat vanaf 2026 er ruim 2000 woningen tekort zijn. Vraag aan het college, hoe kan dit? En welk segment wordt hier naar achter geschoven? Is de sociale huur weer het kind van de rekening? En voorzitter, we hebben het altijd vreemd gevonden dat we al die jaren dat we een wooncrisis hebben, de gemeente haar eigen woningen verkoopt aan de hoogste bieder. Verpatst aan de markt, heb ik wel eens gezegd. Wij vinden trouwens dat je sowieso de woningen niet moet verkopen. Maar daar hebben we tot nu toe helaas nooit een meerderheid voor gekregen. En daarom komen we met een nieuw idee. Met een motie om als je de gemeentelijke woningen dan toch verkoopt, om ze gericht in te zetten voor essentiële beroepen, waar in Haarlem groot tekort aan is.
We vragen het college om te onderzoeken op welke manier en onder welke voorwaarden de gemeente een voorrangsregeling kan implementeren voor koopwoningen die in gemeentelijk bezit zijn, gericht op werknemers in essentiële beroepen. Dat zou bijvoorbeeld een gewogen loting kunnen zijn met een puntensysteem voor degene die al lang op zoek zijn naar een koopwoning. De voorzitter: U heeft opnieuw een interruptie van de heer Van den Raadt. De heer Van den Raadt: Voorzitter, ik vind het mooi om te horen dat er steun is voor het feit dat we niet moeten verkopen. Trots Haarlem heeft meerdere malen moties ingediend Verkoop geen kavels en geen woningen. Maar die werden niet, ook niet door de oppositiepartij Jouw Haarlem, gesteund altijd. Dus ik snap niet helemaal waar het besef nu van komt dat er wel wat moet veranderen. De heer Aynan: De heer Van den Raadt moet beter opletten. Wij hebben u, als wij met voorstellen kwamen om gemeentelijke woningen niet te verkopen, ook aan onze zijde gehad. En omgekeerd hebben wij u ook altijd gesteund. Dus niet selectief shoppen. Voorzitter, dan de armoedebestrijding. Het is goed dat het college zich op het toegankelijker maken van minimaregelingen richt. En we zijn verheugd dat onze motie, de bijverdienpremie, ter hand genomen is. En dat 376 mensen hun uitkering hebben verhoogd door bij te mogen verdienen. Compliment daarvoor.
Maar over kinderarmoede staat weinig concreets in deze begroting. Het is een zogenaamd A-dossier, maar daar had wat ons betreft echt meer snelheid en urgentie achter gemogen. Want iedere dag dat we kinderen in armoede laten leven is er één te veel. Dat leidt tot lagere onderwijsprestaties, dat weer een negatief effect heeft op toekomstige kansen. En daarom dienen we de motie, Verdubbel de tegemoetkoming voor de schoolkosten, in. Deze zijn sinds 2008 namelijk niet geïndexeerd en opgeteld is dat 45 procent inflatie. Dus eigenlijk hou je dan de helft over van die schoolkostenvergoeding. We vragen het college de verdubbeling van de tegemoetkoming vanaf het nieuwe schooljaar in te voeren, zodat ouders tijdig op de hoogte zijn van ondersteuning. En de benodigde ongeveer 410.000 euro te dekken uit de algemene middelen. En mijn collega Procee heeft net uitgelegd dat die een beetje uitpuilen. Voorzitter, daarnaast is er de herverdelingsparadox. En die stelt dat herverdeling succesvoller is als ook de middenklasse hiervan profiteert. Dit vraagt om beleid dat niet alleen de laagste inkomens ondersteunt, wat wij nu doen, maar breder draagvlak creëert. En wij vinden het daarom noodzakelijk om de grens voor minimaregelingen te verhogen van de huidige 130 procent naar 150 procent van het sociaal
32
minimum. Dit zorgt ervoor dat meer huishoudens toegang krijgen tot financiële ondersteuning en draagt bij aan het verminderen van kinderarmoede en het bieden van een waardig leven voor meer inwoners. In de motie vragen we het college om, een onderzoek uit te voeren naar de mogelijkheden, de kosten en de impact van het verhogen van de inkomensgrens van 130 procent naar 150 procent van het sociaal minimum voor de minimaregelingen. Om de financiële implicaties van deze verhoging in kaart te brengen. Evenals de benodigde aanpassingen in de uitvoering. En ons daarover te informeren voor de kadernota van volgend jaar. Dan voorzitter… De voorzitter: U heeft een interruptie van de heer Van Leeuwen. De heer Van Leeuwen: Voorzitter, ik vind dat een heel interessant voorstel van Jouw Haarlem en co. Ik kan me alleen herinneren dat Jouw Haarlem ook eerder vragen heeft gesteld, ik meen bij een vragenuur, maar misschien wel bij de vorige kadernota, wat de verhoging naar 140 procent zou betekenen. En volgens mij heeft u daar ook antwoord op gekregen van het college. Weet u nog wat het antwoord was om van 130 naar 140 procent te gaan? De heer Aynan: Dat weet ik niet meer precies, moet ik eerlijk toegeven. Maar de situatie, gezien de enorme inflatie, noopt ons om echt ook bij deze begroting met deze motie te komen en wij hopen op uw steun. De voorzitter: Mijnheer Van Leeuwen.
De heer Van Leeuwen: Als ik het goed herinner, was het antwoord eigenlijk, het is een nobel streven, maar het is eigenlijk niet te betalen. Dus wat verwacht u van 130 naar 150 procent dan? De heer Aynan: Als we kijken naar de algemene middelen, dan zeggen we dat het het onderzoeken waard is. En het is een onderzoeksmotie, voorzitter. Wij vragen ook om alles op een rijtje te zetten en dat te rapporteren naar de raad. Nogmaals, wij hopen op uw steun. Het is een onderzoeksmotie. Voorzitter, dan de bijzondere bijstand. We zien dat niet alle bijstand een gift is. De meeste wel trouwens, dat is hartstikke goed. Maar soms is het ook een lening die in drie jaar terugbetaald moet worden. Gemeenten hebben de bevoegdheid om bijzondere bijstand als gift toe te kennen. En net als de FNV constateren we dat het omzetten van bijzondere bijstand naar een gift kwetsbare inwoners duurzaam ondersteunt. Volgens mij willen we dat allemaal. En dat het verstrekken van bijzondere bijstand als gift ook administratieve lasten kan verminderen, scheelt weer werk voor onze ambtenaren, omdat het terugvorderen van leningen vaak tot extra werkzaamheden en kosten leidt. En daarom vragen we het college om de bijzondere bijstand voortaan als gift in plaats van lening te verstrekken aan inwoners die hiervoor in aanmerking komen.
En ons, de gemeenteraad, daarover voor de kadernota te informeren over de uitvoering, en eventuele financiële gevolgen van deze aanpassing te dekken uit de algemene middelen. Voorzitter, concluderend, het college legt in deze midterm review een optimistische nadruk op hun prestaties. Dat komt niet altijd overeen met de ervaringen van veel inwoners. En om geloofwaardig te zijn moet je het hele verhaal vertellen. Ook eerlijk zijn over wat er niet goed gaat. Dat je dus vanaf 2026 2000 woningen tekort komt. En het is cruciaal dat er minder wordt gesproken over eerste stappen zetten. Er moet daadwerkelijk resultaat geboekt worden die de levenskwaliteit van alle Haarlemmers verbeteren. Of zoals Elvis in 1969 al zei, a little less conversation, a little more action please. En met onze samenwerking tussen OPHaarlem, SP en Jouw Haarlem proberen we het goede voorbeeld te geven. We roepen het college op om vooral de focus te houden op de uitdagingen die nog blijven liggen. Voor de mensen die dagelijks wachten op betaalbare woningen, op de zorg die ze nodig hebben en op een toekomst zonder armoede. Dank u wel, voorzitter.
33
De voorzitter: Dank u wel. Dan gaan wij verder met de bijdrage van de actiepartij. Mijnheer Van Leeuwen. De heer Van Leeuwen: Voorzitter, die zal namens Actiepartij zelf zijn, die bijdrage. Je had in de vorige periode nog de bende van vijf. Misschien weet u dat nog. Dat was onder aanvoering van mevrouw Van Zetten en ook de vorige drie partijen. Een Actiepartij zat daar ook bij. Maar nu spreek ik namens Actiepartij alleen. Wij zijn ervan overtuigd dat wij als inwoners en overheid, als non-profit organisaties en bedrijven met winstoogmerk, in oppositie en coalitie elkaar keihard nodig hebben en elkaar kunnen versterken bij het vormgeven van onze stad, onze samenleving. Kortom, we moeten samenwerken. Denk aan de opvang van vluchtelingen in onze stad. Denk aan de uitwerking van ons initiatiefvoorstel Beter samen wonen of was het Samen beter wonen. Het initiatievencafé waar Haarlemmers mee komen. Het Right to Challenge. Kijk naar de wederopbouw van het Posthuis Zaanenpark. Of naar de onverzettelijkheid waarmee wijkplatform en bewoners boerderij Akendam voor verdere verkrotting willen behoeden. De meerwaarde zit hem in al die zaken toch in het feit dat we het samen in deze stad doen. Oftewel van een participatiesamenleving naar een coöperatieve samenleving. Van zelfredzaamheid naar saamhorigheid en samenwerking. Van zoek het zelf maar uit naar samen staan we sterk.
En met die gedachte hebben wij de begroting gelezen en zullen we een aantal thema's in deze termijn aansnijden. Allereerst de financiën, voorzitter. Inwoners, bedrijven en instellingen hebben door corona en de Oekraïne oorlog het echt in hun portemonnee gemerkt. Alles is duurder geworden. We hebben hier onlangs een debat gevoerd over de verkoop van de Egelantier. Maar als gemeente hebben wij ook te maken, net als projectontwikkelaars, ook te maken met enorme kostenverhogingen. We lazen vorige week in het Haarlems Dagblad dat we in onderwijshuisvesting meer, met 50 miljoen meer moeten gaan opplussen, boven de 80 miljoen die we al deden. 50 miljoen, op te brengen door onze inwoners. Geen marktpartij die ons dan terzijde staat om onze financiële noden te ledigen. Maar we lezen ook dat in deze begroting iets simpels als het budget voor de opstalverzekeringen moet worden verhoogd. Nogmaals, de inwoners van Haarlem, wij met elkaar, staan hiervoor aan de lat. En deze autonome ontwikkelingen in combinatie met het zeer onzekere beleid dat vanuit Den Haag op ons afkomt baren ons meer dan zorgen. We moeten dagelijks strategische financiële keuzes maken, waaronder bijvoorbeeld tijdige herfinanciering van schulden met wisselende rentestanden en het aankomende ravijnjaar. We vinden het zeer prijzenswaardig dat de afdeling financiën in deze begroting bereid is om 1 fte in te leveren.
Maar in alle eerlijkheid, kunnen we niet veel beter op volle oorlogssterkte blijven? Wetende dat de ambtelijke capaciteit in deze organisatie altijd de bottleneck is waar we tegenaan lopen. Daarom vragen we samen met CDA en GroenLinks middels de motie, Afdeling financiën blijvend op sterkte, het college om in samenspraak met de betreffende afdeling nog één keer goed te kijken en te herbeoordelen of deze afschaling van personeel wel zo verstandig is. Een heroverweging dus van dat voornemen. Voorzitter, dan de oplopende schuld en de kapitaallasten. De kapitaallasten lopen op met 5,5 miljoen, lezen we. Vraag aan de wethouder, ziet hij kans hier de komende jaren nog nader op bij te sturen? Kan dat bedrag lager worden dan de schuld die verdubbelt? En onze fractie onderkent de noodzaak tot opschaling van een groeiende stad. Maar we vragen gelijkertijd of die verdubbeling in die korte tijd, of dat houdbaar is. Dat is een zorg van ons. Tegelijkertijd hebben we veel vertrouwen in de begroting die voor ligt. Maar we willen wel weten dat we hier over een aantal jaren nog steeds met een goed gevoel tegenaan kijken. Dus, wethouder, daar, ook op die schuldgroei uw reflectie alstublieft. De afvalstofheffing laat ik, nee, daar ga ik toch wat over zeggen. Die verhogen we en daar zijn we helemaal niet op tegen.
Maar we zien wel graag dat Haarlemmers dan ook een kwalitatieve verbetering in de dienstverlening zullen ervaren. Te vaak zien we nog tegen de rijrichting in racende vuilniswagens van Spaarnelanden, rotzooi rondom overvolle vuilnisbakken en zwerfafval. Waar ook lokale politici zich niet alleen meer in verkiezingstijd, maar eigenlijk doorlopend maar al te graag op storten met hun politieke prikstok. In dat verband dienen we dan ook graag het voorstel over de subgelden van D66 en GroenLinks mede in. Voorzitter, het financiële blokje sluit ik af met een oproep, een herhaalde oproep, om de financiën, maar ook
34
de realisatie van projecten in onze stad, de ruimtelijke projecten in onze stad, in samenhang te blijven doen. Investeren we in de Prinsenbrug, hartstikke goed. Maar vergeet niet de doorstroming van de Oudeweg. Vergeet niet wat we achter het station onlangs hebben onderzocht, hoe daar de doorstroming gaat. En hij zit er nog, dus maak er gebruik van, smeed het ijzer als het heet is moest ik zeggen, de brug van ‘…’. Die hoort daar natuurlijk ook bij. Dus kom met behapbare projecten die we herkennen met een kop en een staart. Over koppen en staarten gesproken en over samenhang, het college stelt voor, of geeft aan eigenlijk, dat de stelpost bereikbare steden meer investeringen bevat om te komen tot de 10.000 woningen dan de nu in het huidige IP hebben gedefinieerd. Daarom een tweeledige vraag aan de wethouder. Halen we onze doelstellingen dan met dit IP op het gebied van die 10.000 woningen? En hoe prioriteert het college straks de financiële impulsen die zij vanuit die stelpost, als we het goed begrijpen, in die investeringsprojecten in de stad wil steken? Dus hoe gaan we verder prioriteren? Wat betreft wonen kunnen we ons in grote lijnen aansluiten bij het betoog van de Partij van de Arbeid. We kijken uit naar, in elk geval ook, het volkshuisvestingsprogramma 2025. En we hopen dat er stappen gemaakt worden en daar ook een reactie op van de wethouder alstublieft.
Hoe komen we met dat initiatiefvoorstel, Samen beter wonen, van initiatiefvoorstel tot feitelijke realisatie? We hebben gezien dat een aantal panden daarvoor niet in aanmerking kwamen. Panden die we gingen verkopen. Vraag is dus, wethouder, heeft u van ons daar extra iets in nodig? Dan het minimabeleid. Actiepartij kijkt met belangstelling uit naar dat nieuwe beleid waar de wethouder mee aan de slag is. We willen haar echter wel een tweetal moties voorleggen, waarin we haar nog wat meer richting meegeven. De motie Voorbij vraagverlegenheid minimaregelingen, die we samen met PvdA, GroenLinks, CDA, SP, Jouw Haarlem en OPHaarlem indienen roept op om verder vorm te geven aan heldere, en waar mogelijk, vereenvoudigde aanvraagprocedures. En voorzien van hulpmiddelen, we bedoelen daarmee rekentools, en een overzichtelijke presentatie van het woud van regelingen, zoals we dat op onze website presenteren. En naar aanleiding van het artikel 213a onderzoek constateren wij dat voor een aantal groepen de armoedeval nog steeds dreigt. Denk aan huishoudens tot 130 procent met kinderen en mensen tot 110 procent van het bestaansminimum. Wetende dat we geen inkomenspolitiek kunnen voeren vragen we de wethouder middels de motie Voorkom armoedeval, samen met de VVD, om te onderzoeken welke mogelijkheden er zijn om de armoedeval te voorkomen dan wel op te heffen.
En dit onderzoek te betrekken bij de verbeteringen van het minimabeleid en de commissie voor de kadernota van volgend jaar nader te informeren. Voorzitter, dan cultuur. We zijn het college meer dan erkentelijk dat nu eindelijk de vaker door Actiepartij bepleite terugdraaiing…. De voorzitter: U heeft een interruptie van de… De heer Van den Raadt: Voorzitter, want ik hoor, voorkom de armoedeval. De armoedeval vindt ook vooral plaats als mensen met een Haarlempas gaan werken, omdat je dan gewoon relatief minder overhoudt. Hoe wilt u dat ook gaan voorkomen met uw motie? De heer Van Leeuwen: Dat zou geweldig zijn en als daar misverstand over is, dan zie ik uw motie daar ook graag over tegemoet. Maar ik zou het wel willen. Voorzitter, de cultuur, die taakstelling cultuurhuisvesting, die wordt nu eindelijk geschrapt en daar zijn we blij mee. Dat duurde even, maar dan hebben we ook wat. Een belangrijke stap in een sector die niet vanzelfsprekend overeind kan blijven met cultuurontkenning in Den Haag. En ook de vervangingsinvesteringen in de cultuursector die worden vrijgemaakt, doen ons meer dan deugd. We hopen dan ook dat er uitvoering gegeven kan gaan worden aan onze bij de kadernota ingediende motie over die oude jas. U weet nog wel, waarin we kleinere instellingen gebruik willen laten maken van afgeschreven apparatuur van de grote instellingen.
Qua cultuur, het wordt een ongelooflijk spannend jaar. Want ga maar na, collega's hebben het al genoemd, het reddingsplan voor het Museum van de Geest, het ziet
35
er inderdaad naar uit dat er misschien toch iets kan. Het is spannend. De studielocatie, Frans Hals Museum. De archeologie die inderdaad onder het water dreigt te staan op de Grote Markt. Het strategisch plan cultuurhuisvesting. En ook, en dat is gericht aan de burgemeester, we hebben een hoop culturele evenementen en we zijn ontzettend bang dat we richting de kadernota de ene na de andere voorstellen gaan krijgen ten aanzien van hoe we het evenement X, Y of Z weer gaan redden voor een jaar. We wachten met smart op uw evenementenbeleid. Geef ons alstublieft begin volgend jaar dat lang verwachte kader voor de evenementen waar we met de raad een oordeel kunnen gaan geven over hoe we alles duurzaam kunnen financieren. Voorzitter, de Oekraïne- en vluchtelingenopvang. De Oekraïne oorlog neemt een zeer beangstigende wending aan nu de Noord-Koreanen zich op ons continent begeven. Het zal het verblijf van de Oekraïners in onze stad doen voortduren en daarmee zal het beroep op onze gastvrije inwoners en voorzieningen verder toenemen. We zijn een stad, zoals ik zei, gericht op coöperatie, op samenwerking. Maar we kunnen niet alles aan goedbedoelende Haarlemmers overlaten.
Het is daarom een zeer verstandig voorstel van dit college om de beklemde middelen, uit de beklemde middelen geld beschikbaar te stellen voor professionele, psychische ondersteuning van niet zelden getraumatiseerde, ontheemde mensen. Tegelijk willen we er wel voor maken dat dat beklemde bedrag niet in zijn totaliteit straks in de exploitatie van onze gemeente verdwijnt. We willen daar een duurzame investering voor zien, zoals we bij de kadernota ook hebben bepleit. Verder maken we ons zorgen, en dat zal u niet vreemd klinken, over de afschaling van het LVV. En we zullen niet schromen u te herinneren aan de toezegging die u heeft gedaan om Stem in de Stad in de gelegenheid te stellen kleinschalige tijdelijke opvang te realiseren in gemeentelijke panden. En dat vraagt meer dan alleen het telefoonnummer doorgeven van de leegstandsbeheerder. Dat is actief met elkaar in gesprek blijven. Voorzitter, het college geeft aan dat er tijdelijk extra inzet nodig is voor demonstraties. Dat noemt u een PM-post. Wij verwachten met een flink aantal partijen eind deze maand een motie in te dienen omtrent het demonstratierecht in onze stad, naar aanleiding van een zeer inspirerende bijeenkomst vorige week met Amnesty International en een brede delegatie uit deze gemeenteraad.
Dat wordt vervolgd, en ik kijk met een schuin oog naar mevrouw Çimen van D66, die zich hier als coördinator van een aantal partijen heeft opgeworpen. Een vooruitzicht, voorzitter, de begroting heet beleidsarm te zijn, maar dat neemt niet weg dat volgend jaar spannend wordt. Donderdag spreken we verder in een nieuwe realiteit wetende dat er aan de overkant van de plas de komende twee nachten verkiezingen zullen zijn. Verkiezingen die de samenwerking op het wereldtoneel wel eens verder zullen bemoeilijken en ons als Haarlemmers nog meer op elkaar aangewezen laten zijn. Dank u wel. De voorzitter: Dank u wel. Dan gaan we naar Hart voor Haarlem, mevrouw Van Zetten. Mevrouw Van Zetten: Dank u wel, voorzitter. Ook Hart voor Haarlem merkt op dat wij halverwege deze bestuursperiode zijn aangekomen en vindt het volgende. Uit een halvering van de spreektijd in deze begrotingsweek voor de politiek, we krijgen veertien minuten, en het is goedgekeurd door het presidium, leidt Hart voor Haarlem af dat de politiek niet veel heeft toe te voegen aan voorliggende begroting. En dat doen wij dan ook niet. De begroting is volgens u beleidsarm en dat scheelt iedereen weer een hoop werk. Heb ik eigenlijk niet gemerkt aan uw bijdrage, maar ik sta hier misschien alleen. Hart voor Haarlem beperkt zich tot een paar zaken die vooral de uitvoering van het beleid betreffen.
Over de duurzaamheid en mobiliteit. Onze wethouders staan tevreden in de krant. En dat is een schril contrast met wethouders elders in het land, die zich gefrustreerd en uitgeknepen voelen door de Haagse politiek. Uiteraard is dat allemaal de schuld van het verschrikkelijke kabinet Schoof. De wereld, Nederland, de minister, gaan de klimaatdoelen van 2030 niet halen. Maar waar iedereen faalt, zet Haarlem door. Haarlem ligt op koers, lazen we in een jubelstuk in de krant om het klimaatdoel van 2030 te halen. Het is knap van deze GroenLinks wethouder Berkhout, dat is knap wat hij doet, en dat verdient een compliment. Maar is de wereld nu beter af? Is de wereld beter af nu Haarlem
36
haar 2030 doelstellingen haalt? Of de stad, of het Noord-Hollands landschap, dat wij nu bedreigd zien worden door plaatsing van honderden hectare aan zonnepanelen? De automobilist is er in ieder geval niet goed vanaf. Heel Haarlem Zuidwest staat nu al ‘s ochtends vast om de stad uit te komen vanwege de herinrichting van de Amerikaweg. Dat is best wel ver weg. En dit is maar het begin. Zonder stadoverstijgend mobiliteitsplan worden onze belangrijkste uitvalswegen veranderd in stadsstraten en worden toegangen sluipenderwijs afgesloten. Met gevolgen, niet alleen voor ons in de stad, maar ook voor de hele achterliggende regio. Dit is nu al een groot probleem, maar de echte catastrofe dient zich pas aan met de ontwikkeling van busstation Nieuw Zuid. Uitgerekend gebouwd voor de oversteek van het Spaarne. Het is de belangrijkste doorgangsroute. Dit project valt nu onder twee portefeuilles, twee commissies en twee wethouders die binnen twee jaar zijn vertrokken. Of een andere portefeuille krijgen. Wat gaat dit voor de continuïteit en de kwaliteit van deze ingreep betekenen? Wat Hart voor Haarlem betreft is dit project een hoofdzaak en geen bijzaak. En het verwonderde ons ook zeer dat er over de planten van bomen werd gesproken bij het busstation, welk soort, of het inheems was of niet.
In plaats van, wat gaat er nu eigenlijk gebeuren daar op de kop van Haarlem? Dit project… De voorzitter: U heeft een interruptie van de heer Wiedemeijer. De heer Wiedemeijer: Voorzitter, mevrouw Van Zetten was erg complimenteus net voor de heer Berkhout. En u was bezorgd dat hij er straks misschien niet meer zou zijn. Doet u dan eigenlijk een oproep om te zorgen dat de huidige leden van het college aanblijven? Of was dat niet echt de richting die u in gedachten had? Mevrouw Van Zetten: U weet, gaan de partijen er zelf over. En ik zie dat er gewoon twee wethouders al twee periodes hier zitten. En is het gewoonte dat ze worden vervangen door een ander. De voorzitter: Mijnheer Wiedemeijer. De heer Wiedemeijer: Maar ik concludeer dat u dan op zich wel positief bent als de PvdA/GroenLinks dan nieuwe mensen blijven leveren. Want daar ageert u ook niet tegen. Mevrouw Van Zetten: Ik zie in die samenwerking zoals het in het landelijk wordt voorgesteld helemaal niets. Zal ik mijn betoog maar verder vervolgen? De heer Wiedemeijer: Het viel te proberen, maar het was ook tegen beter weten in eigenlijk. De voorzitter: Mevrouw Van Zetten, vervolgt u uw betoog. Mevrouw Van Zetten: Dit project verdient wat ons betreft permanente bestuurlijke aandacht. En om die reden pleiten wij voor het toevoegen van een partijloze projectwethouder.
Die gedurende de looptijd van dit project onderdeel is van het huidige en de toekomstige colleges. Deze wethouder, of een persoon, het is maar hoe je hem noemt, is bestuurlijk integraal verantwoordelijk. En om die reden een bestuurlijk zwaargewicht met een zeer ruime ervaring op het gebied van complexe en risicovolle projectontwikkeling. En die zie ik nu niet in dit college zitten. Het spijt me zeer, mijnheer Wiedemeijer. Wij overwegen op enig moment een motie op dit punt en we willen graag een reactie van het college op dit voorstel. De voorzitter: U heeft een interruptie van de heer Drost De heer Drost: Maar dit project is natuurlijk al een aantal jaar bezig, dat dit loopt. Dus stelt u nou voor dat u dit project dan weer bij die wethouders wegtrekt en dan bij de nieuwe wethouder zet, die projectwethouder.
37
Wordt die ook gekozen? Gaat die dan weer over twee jaar weg? Hoe moet ik dit zien? Of gaat u zich aanmelden misschien? Mevrouw Van Zetten: Ik ben niet begiftigd met het leiden van grote risicovolle projecten. Maar ik denk dat we daar over na moeten denken. Dat ga ik niet op een hier achternamiddag een voorstel voor indienen. Maar ik wacht eerst het college reactie af. En misschien kunnen we het erover hebben, mijnheer Drost. Een paar andere zaken. En dan heb ik het over de bedrijfsvoering en de Wet open overheid. De Wet open overheid draagt het bestuursorgaan op om de documenten in goede geordende en toegankelijk staat te bewaren, want anders is de toegang tot publieke informatie een illusie. En de controle door de politiek ook. Niet voor niets is een verslag van de uitvoering Woo een verplicht onderdeel van uw begroting. In dit verslag lezen we dat alles prima verloopt. Totdat we aan de zin komen, in 2025 gaat de organisatie verder met het inventariseren van waar te publiceren informatieobjecten zich op dit moment in de organisatie bevinden. Daar word ik dus heel erg zenuwachtig van. En ik denk dat wij dat allemaal moeten worden. U weet het dus gewoon niet.
En dan is de vraag, wat is hier aan de hand, voorzitter? En waarom krijgt dan de raad in deze begroting geen transparant verslag? Want uit de risicoparagraaf, eigenlijk niet te lezen, piepkleine lettertjes, blijkt dat er problemen zijn met de ondersteuning van Version. Het is een heel technisch verhaal, maar het risico kan wel oplopen tot 75 procent. En het gaat ons ongelooflijk veel problemen opleveren. En dat is geen nieuws, goed nieuws voor de bedrijfsvoering en ook niet voor de naar waarheid zoekende burger die met een Woo-verzoek informatie wil krijgen van de overheid. En zoals al gezegd, ook niet voor de politiek. Dat er iets mis is, bleek eigenlijk naar aanleiding van onze vragen naar de correspondentie rond beoogde AZC aan de Meesterlottelaan. Als die stukken niet meer chronologisch geordend worden, en dat waren ze niet, dan ligt het systeem toch al op zijn kont, voorzitter, en voldoet u niet aan de wet. En onze vraag, voorzitter, heeft de organisatie niet een groot probleem en is dit college, de wethouder, wel in controle? Wij willen graag een serieuze reactie. En dan kom ik ook, dan kan het archiefbeheer in feite ook niet op orde zijn. En hoe kunnen we daar dan zo positief over oordelen in deze begroting? Tot slot, de opvang van alleenstaande minderjarige vluchtelingen in Haarlem.
In de begroting gaan we nog uit van veertien AMV'ers, zo heten ze, opgevangen in de Asserstraat. En daarnaast moet het college ook nog op zoek gaan naar de huisvesting van nog eens 42 minderjarige vluchtelingen dit jaar. Maar de praktijk is een weerbarstige. En dat weet de burgemeester als geen ander, want u bent toch voorzitter van de asielregio. En wat blijft er dan over van de woorden als blijvende solidariteit en maatschappelijke verantwoordelijkheid, zolang het gefinancierd wordt door het Rijk, in deze begroting? We hebben hier allemaal de warme woorden gehoord van verschillende politieke partijen, van hoe er wordt gedacht over de Spreidingswet en de opvang van vluchtelingen en asielzoekers. Maar vrijdag, ik weet niet of jullie het hebben gezien, kregen we een provinciaal verslag in verband met de Spreidingswet van de commissaris van de Koning. En daar kon ik de hele opvang van die veertien AMV'ers in Haarlem niet meer terugvinden. Eerder stelden wij ook vragen, de antwoorden waren heel vaag.
En dan denk je, wat is hier nou eigenlijk aan de hand? En dan is de vraag aan het college, betekent dit dan dat het project Asserstraat is afgeblazen? En dan vraag je je af, zo ja, waarom is dat dan vorige week niet aan ons gemeld, toen wij daar vragen over stelden? En wat zijn dan die warme woorden die hier worden gesproken nog waard als wij veertien kinderen, nog niet eens in Haarlem, ze zouden hier in september al zijn, het is nu november. Wat gaat er dan eigenlijk gebeuren? Wat, is het dan toch wel boter bij de vis? Hier laat ik het nu bij en dan kan ik er donderdag misschien nog wat over zeggen. De voorzitter: Dank u wel. Dan mag uw buurman vervolgen, mijnheer Van den Raadt. De heer Van den Raadt: Dank u wel, voorzitter. Ik had eigenlijk niet zo'n zin in deze begroting. Af en toe dan vraag je je af, waar doe je het allemaal voor? Maar dan word je toch weer aangenaam verrast. Vier keer geloof
38
ik deze avond al. Want dan hoor je dat PvdA zegt van, eigenlijk zeggen ze, sommige groepen, bevolkingsgroepen verdringen onze Haarlemmers. Dan hebben ze het nu over expats. Maar dan denk ik meteen weer aan mijn motie van Geef Haarlemmers na hun achttiende verjaardag voorrang. Dan zien we ook een hele goede motie van de PvdA over gratis openbaar vervoer voor ouderen. En dan denk ik ook meteen weer aan een motie van Trots Haarlem, die datzelfde vroeg. We hoorden mensen zeggen, verkoop geen kavels en panden. Dan denk ik ook meteen aan een motie van Trots Haarlem. En we hoorden zeggen van, kijken of de Haarlempas beschikbaar is voor mensen die 150 procent van het minimum binnenhalen. Als u, een tip aan het college, kijk dat nog even terug. Trots Haarlem heeft daar ook moties over ingediend. Dan kunt u dat antwoord herhalen. U mag natuurlijk ook zeggen dat u nu wel overstag gaat, als we het maar binnenhalen. Dat is allemaal prima. Voor de rest dacht ik van, wat moet ik hier doen? Je gaat wel eens denken, kunnen we nog een leuk verhaal maken? Aan die kaft kan je tegenwoordig ook al geen leuk verhaal meer koppelen. Dus ik ging zondag naar de kerk in Amsterdam voor de Spaanse mis. En dan mag u wel weten dat ik niet goed in Spaans ben. Dus je zit te luisteren en je denkt, volgens mij wordt er nu gezegd van, jullie moeten eens nadenken over wat God nou zegt.
En wat nou eigenlijk het hogere plan is en de bedoeling. En klopt dat altijd wel? Dat haalde ik een beetje uit het verhaal. Toen dacht ik, ik zie eigenlijk wel een vergelijking met het college. Daar moet je je af en toe ook eens van afvragen van, wat bedoelen ze nou eigenlijk? En spreken ze altijd de waarheid? Hebben ze het wel op het goede pad? En toen dacht ik, het schoot me zo allemaal te binnen. In één keer had ik wel wat spreektekst voor de begroting. Want dan denk ik, we moeten op de fiets om de lucht schoon te houden. Maar aan de andere kant verbrandt de metropoolregio Amsterdam wagonladingen vol met huisvuil uit Italië. Voor een betere aarde moeten er windmolens komen, of moeten we gebruik maken van de energie van de windmolens. Maar de windparken op zee verstoren de groei van plankton en daarmee de voedselketen op de Noordzee. Dan hoor je wel eens dat linkse partijen vooral voor meer Europa zijn en minder Schiphol. Maar dan mocht van de EU Schiphol recentelijk niet krimpen. Ja, dan denk je ook, hoe kan dat allemaal? Dan zien we de burgemeester die laat dan vijftig garageboxen binnenvallen op zoek naar ondermijning en vindt niks. Maar in onze gemeentelijke democratie kun je weken wachten op een antwoord op technische vragen. Of jaren als we het CDA horen over of een motie die aangenomen is nog wordt uitgevoerd.
Hoezo is dat dan geen ondermijning? Haarlem is trots op het streven naar diversiteit, zeggen ze. En je mag vieren van wie je houdt. Daarom heeft het van die mooie posters en ik fiets er elke keer langs. Trots zijn op wie je bent, vieren van wie je houdt. Daarom heeft het van die mooie posters, en ik fiets er elke keer langs. Trots zijn op wie je bent, vieren van wie je houdt. Maar als je trots bent op oer-Hollandse tradities en het Sinterklaasfeest wil vieren met een piet die toevallig van alle kleuren de kleur zwart het mooiste vindt, dan krijg je geen subsidie van deze gemeente. Ja, hoe dan? Het college klopt zich graag op de borst en wil graag dat Haarlem koploper is. Maar dat Haarlem hopeloos achterloopt en zich echt bij de minderheid van de gemeenten behoort die nog hondenbelasting heeft, dat maakt dan weer niet uit. Ja, hoe dan? Dus dit soort gedachten gingen allemaal door m'n hoofd. Daarna ben ik voor het zingen de kerk uitgegaan. En toen zat ik hier. De voorzitter: Altijd onverstandig. De heer Van den Raadt: Ik weet het niet hoor. Ik heb er al twee. Maar dan zit je dus hier bij deze begroting en dan denk je, eigenlijk heb ik helemaal geen zin meer om moties in te dienen. Het is toch meestal hopeloos.
Maar als ik dan toch weer dat animo zie van mensen die eigenlijk indirect of direct refereren aan Trots Haarlem moties, dan denk ik, als hele kleine partij met één zetel maak je toch wel degelijk indruk. En daar ben ik heel blij mee. Dus ik doe er nog drie. En die moties die luiden, ik moet natuurlijk wel, dat ben ik verplicht aan mijn stand. En als die moties ook worden aangenomen, denk ik dat ik wel direct kan stoppen in de gemeentepolitiek. Maar, dus laat dat een overweging zijn om positief in te stemmen. Schaf de
39
hondenbelasting af. En daar vragen we per direct, ik moet dat dictum wel goed voorlezen, anders krijgen we daar weer problemen mee. Ik had ook bedacht om geen vragen te stellen aan het college, want dat is ook altijd die vorm van ondermijning waar ik me steeds meer aan begin te ergeren. Dat je dan gewoon in de tweede termijn exact diezelfde vraag nog een keer kan vragen. Vorige keer bij de commissie Samenleving sprak ik in de pauze nog de wethouder aan van, er staan nog twee vragen open. Ja, die zal ik straks beantwoorden. Gebeurde ook niet. Dus je krijgt steeds meer het idee dat het eigenlijk weinig nut heeft dat je vragen stelt. Want of je krijgt geen antwoord of je krijgt gewoon een antwoord wat totaal nergens op slaat. Maar de motie over schaf de hondenbelasting af. Daar gaan we het college opdragen om de hondenbelasting in de gemeente Haarlem per 1 januari 2025 af te schaffen. Met als dekking de algemene middelen te gebruiken. Want de hondenbelasting die verdwijnt ook direct in de algemene middelen. En dan hebben we nog de motie Schaf de hondenbelasting straks af. En dan vragen we, samen met BVNL om de hondenbelasting op 1 januari 2026 af te schaffen. En dan zelf voor de kadernota van 2025 met het idee te komen hoe dat gaat gebeuren. En dan een motie waarvan ik eigenlijk dacht, er is toch misschien wel een reden dat je in de politiek zit.
En dat was omdat ik vanmiddag op Twitter zag, nadat we natuurlijk dat hele verhaal toen hebben gehad over die vrouwen in Iran die, ik vind het zo'n onderwerp die eigenlijk wel, dan denk ik, het heeft toch wel nut dat je in de politiek zit. Mensen in Iran die hun haren niet willen bedekken die worden opgepakt. Wij praten dan misschien over hondenpoep, maar daar speelt natuurlijk veel meer. En toen hebben we die mevrouw, hoe heet ze ook alweer, Mahsa Amini gehad. Dan zien we dat mensen op tv een stukje van hun haar afknippen. Ik heb hier geloof ik ook een stukje van mijn haar afgeknipt. Als eerste natuurlijk, dat zie je altijd. Maar ja, kunnen we niet veel meer betekenen, vraag ik me dan wel eens af. Want mensen die gewoon verzet leveren tegen een regime en tegen beleidsmaatregelen, waar gewoon elk gezond mens van denkt, daar moeten we inderdaad niet aan meewerken. En dan denk ik, dat soort mensen, die moeten we gaan steunen. En wij hebben natuurlijk in Haarlem de geschiedenis van Hannie Schaft als verzetsvrouw. Kenau Simonsdochter Hasselaar. Dus we hebben daar een geschiedenis van. Dus ik wou eigenlijk het college opvragen om contact op te nemen met de kabinet. Vandaag zagen we op Twitter dat er een vrouw in Iran haar hele kleding had uitgedaan tot wat ondergoed na. En die wordt ook opgepakt. En die wordt straks ook mishandeld en in elkaar geslagen.
Dat is ook een vorm van femicide waar we wat aan moeten doen. Dus ik wil eigenlijk het college vragen om contact op te nemen met het kabinet en de COA om te melden dat Haarlem als gemeente met voorrang een veilige haven wil zijn, wil bieden aan de vrouwen uit Iran die voor hun verzet hun leven niet zeker zijn. Deze boodschap ook te sturen naar de Nederlandse ambassade in Iran, Teheran. En de raad te informeren over de reacties. Dank u wel. De voorzitter: Dank u wel. Dan gaan we naar de heer Visser, ChristenUnie. De heer F. Visser: Dank u wel, voorzitter. Ik moet even schakelen. Ik ben net bericht gekregen dat ik zo naar huis moet. Dus na mijn termijn ga ik weg in verband met privéomstandigheden. Voorzitter, over de begroting kan de ChristenUnie kort zijn. Wij zijn akkoord. Wel blijven wij het oneens met de eerdere keuze om de afvalstoffenheffing duurder te maken voor gezinnen. Ook betreuren wij het dat er ook in 2025 weer geen mantelzorgcompliment is. We hebben wel een bedenking. Het college zet een deel van de 100 miljoen reserve in om de gaten in de exploitatie structureel te dekken. Maar dat is helemaal niet structureel. Het is alleen gaten dekken in de komende jaren met geld dat we ook zouden kunnen inzetten voor investeringen in de stad. Het college noemt dat investeren in de stad aanlokkelijk, maar niet verstandig.
Voorzitter, volgens de ChristenUnie is het juist andersom. Voor het college was het blijkbaar aanlokkelijk om zo snel de gaten in de begroting te dichten in plaats van geld uit te geven aan structurele investeringen in de stad, waar we veel langer plezier van hebben. Kan het college uitleggen waarom haar koers structureel voor de stad beter is dan te investeren? Ik snap het namelijk echt niet. De ChristenUnie sluit zich aan bij de vragen over de monitoring
40
van het aantal bomen van onder andere de Partij voor de Dieren, de vragen over de opvang door Stem in de Stad van de Actiepartij, en de zorg van de VVD over het ontbreken van een lijst mogelijke bezuinigingen. We zijn net als de PvdA blij met het bouwrecord, maar voorzitter, het is onvoldoende. Ik zie om me heen het ene na het andere jonge gezin vertrekken uit Haarlem, omdat goedkope koopwoningen niet te vinden zijn. Wat gaat het college doen om de wachtlijst van bouwprojecten korter te maken, zodat er nog meer woningen kunnen worden gebouwd? Voorzitter, dan allereerst twee moties. In de motie Warm welkom nieuwe inwoners verzoek ik het college in samenwerking met Haarlem Marketing, Sportsupport, Haarlemse ondernemers, NME Haarlem, culturele instellingen en OV-bedrijven te onderzoeken of Haarlem een eigen welkomstpakket en/of welkomstbijeenkomst voor nieuwe inwoners kan ontwikkelen, en daarbij te leren van de goede voorbeelden van andere gemeenten en hiervoor dekking te zoeken in het budget van genoemde partijen, en de gemeentelijke beleidsafdelingen die belang hebben bij verduurzaming, gezond bewegen, participatie, et cetera. In mijn motie noem ik verschillende gemeenten die heel veel mooie initiatieven hebben waar we van kunnen leren.
In mijn tweede motie Eerst herinneren, dan pas manen, verzoek ik het college de aanmaningskosten bij de eerste herinnering voor belastingheffingen en leges, onder andere ook de bezoekersregeling parkeren, te schrappen en dit te dekken binnen de betreffende belasting en leges en door het verder stimuleren van machtiging, zodat minder herinneringen nodig zijn. Voorzitter, met die aanmaningen is er sowieso iets heel geks aan de hand. Uit antwoorden die ik vandaag ontving op mijn technische vragen blijkt namelijk dat zo'n aanmaning de gemeente 5 euro kost. We brengen echter bij de burger 9 euro in rekening. Kassa. Graag een uitleg van het college. Ik had vandaag ook graag een motie ingediend over de aanpak van de te lage spoorviaducten over de Westelijke Randweg om aanrijdingen te voorkomen, maar dit vraagt nog enig technisch uitzoekwerk, dus dat komt mogelijk nog donderdag en anders een andere keer. Voorzitter, vandaag wil de ChristenUnie het hebben over de verhalen achter de cijfers van deze begroting. En soms kom je er pas achter als je dingen persoonlijk meemaakt. Ik luister graag naar raadsleden die eigen kennis inbrengen. Als mevrouw Scholten van Jouw Haarlem bijvoorbeeld gepassioneerd spreekt over het onderwijs. Als de heer Hulster van de Actiepartij ons van alles leert over het belang van fietsen en verkeersveiligheid.
Als de heer Dreijer van het CDA zijn technische kennis inbrengt. Of als mevrouw Verhoeff van de PvdA haar bestuurlijke ervaring in de provincie inzet. Maar soms, voorzitter, is de inbreng van raadsleden nog veel persoonlijker. En dat zijn de mooiste en meest overtuigende verhalen. Neem bijvoorbeeld de passie van de heer Abbasi van de PvdA als het gaat om vluchtelingen en mensenrechten. Hij kan dit verwoorden vanuit zijn eigen ervaring. Ik denk ook aan mevrouw Çimen van D66 die ons de afgelopen jaren allemaal ademloos liet luisteren naar haar persoonlijk doorleefde verhaal over de aanpak van huiselijk geweld. Als we dit soort persoonlijke verhalen beluisteren, dan komen we tot de kern waar het hier in de raad om gaat. We willen een overheid die een schild is voor de zwakken. Een overheid die rechtvaardig is. Een overheid die toegankelijk is voor burgers. Een overheid die er is voor de inwoners van onze mooie stad. Ik heb vandaag ook zo'n persoonlijk verhaal. Een verhaal over hoe je als raadslid de plank kunt misslaan. Zo heb ik al jaren spijt van mijn stem voor de spekjesfabriek in de Waarderpolder. Ik had mij er onvoldoende in verdiept en dacht naïef aan snoepspekjes en niet aan een fabriek voor bacon die beter op een hele andere locatie in de Waarderpolder had kunnen komen. Op deze plek had veel beter woningbouw gemengd met kleine bedrijven kunnen komen.
Dat had meer werkgelegenheid opgeleverd en ook nog eens een oplossing in de huidige woningcrisis. Hopelijk kunnen we deze fout in de toekomst nog herstellen. Maar voorzitter, ik heb over iets anders nog veel meer spijt. En dat weet ik pas sinds kort. Ja, want soms sla je de plank mis en kom je pas jaren later achter. En zoiets ontdekte ik de afgelopen maanden. Ik heb spijt van complimenten die ik jaren geleden in deze raad gaf. Ik geloof aan toenmalig wethouder Snoek. Ja, ook van complimenten kun je spijt hebben. En nee, dit verhaal gaat niet over deze oud-wethouder. Het gaat puur om mijn houding in de raad. En waarom heb ik spijt van deze complimenten? Voorzitter, daarvoor citeer ik eerst graag uit het persoonlijke verhaal dat deze maand is gepubliceerd in Binnenlands Bestuur van Pieter Kos. En dit verhaal is voor mij helaas zeer
41
herkenbaar. Ik raad u allemaal aan dit artikel te lezen. Ik heb het u zojuist geappt. Pieter Kos was zeven jaar raadslid van GroenLinks. En tien jaar wethouder in Den Helder voor een lokale partij. Waarvan een groot deel als wethouder onderwijs. Hij dacht de ‘…’ wel te kennen in het onderwijsland. Maar toen kreeg hij onverwachts het bericht dat zijn zoon van acht jaar van school moest. Het ging niet meer in de klas. Het ging niet alleen slecht met zijn zoon, maar ook slecht op school. Er waren veel uitvallende docenten en een opgestapte directeur. En onder een nieuwe interim directeur ging de bezem er doorheen. Een paar kinderen die zogezegd onhoudbaar waren in de klas moesten een nieuwe school zoeken. En dus moest Pieter Kos op stel en sprong een nieuwe school vinden. En nu zijn er in Den Helder genoeg scholen, dus een nieuwe school vinden, dat zou wel lukken, dacht hij. Maar overal, bij maar liefst negen scholen, botst de wethouder tegen een dichte deur. Scholen hebben geen acceptatieplicht. Zeker als de juridische zorgplicht nog bij een andere school ligt. En tegelijk hebben scholen ook het recht leerlingen weg te sturen. Als ze maar een alternatief aanbod doen. In dit geval was het aanbod dat het kind voortaan maar bij de schooladministratie moest gaan zitten en daar zijn werk moest doen. In plaats van in de klas. De ouders vonden dit onacceptabel.
Maar hoewel ook het samenwerkingsverband vond dat dit niet kon, zij konden niets doen, want ze hebben geen doorzettingsmacht. Resultaat, het zoontje van acht kwam thuis te zitten en de wethouder stapte op, omdat hij alle tijd nodig had om zijn zoon op te vangen. Op deze manier gaan helaas veel gezinnen kapot. Allerlei hulpinstanties, van jeugdzorg tot samenwerkingsverband, onderwijsconsulenten, ze willen het probleem van een thuiszittend kind wel oplossen. Maar niemand heeft doorzettingsmacht. Voorzitter, waarom citeer ik Pieter Kos? Ik doe dit, omdat ik zelf inmiddels ook die ervaring heb. Mijn verhaal lijkt sterk op het verhaal van wethouder Kos. Van scholen bellen en horen dat er geen plek is voor je kind. Van een samenwerkingsverband die niet alleen geen doorzettingsmacht heeft, maar ook jouw geval zo complex vindt dat ze zelfs geen pasklare oplossing hebben. Het resultaat, je krijgt als ouders een zware last te dragen met veel overleggen. Je hebt ondertussen als zwaard voor Damocles boven je hoofd hangen dat je een thuiszitter krijgt. In ons geval is er sprake van een goedwillende school die zijn best doet. Maar ook zij lopen tegen grenzen aan. Het ideaal van passend onderwijs is voor veel kinderen alles behalve passend. Ja, voorzitter, mijn zoon is nu al een paar maanden parttime thuiszitter. Het gaat inmiddels iets beter met hem.
Gelukkig is hij nog niet fulltime thuiszitter. Maar we zijn nog niet uit de gevarenzone. Het is voortdurend balanceren als gezin met nog geen helder toekomstperspectief. We hebben een samenwerkingsverband dat zijn best doet, maar ook tegen ons zegt, probeer zelf maar een oplossing te vinden. Wij weten ook niet wat de beste oplossing is. Laat ik helder zijn, mijn verhaal gaat niet over Haarlem. Want mijn zoon gaat in Velsen naar school. Het gaat mij dus vanavond niet om mijn persoonlijke zaak. Maar ik vertel dit verhaal wel om al die gezinnen in Haarlem in een vergelijkbare situatie. Wat doen wij als raad voor deze gezinnen? En, voorzitter, dan kom ik bij mijn fout. Die complimenten die ik gaf aan deze raad die waren voor de goede resultaten in Haarlem ten aanzien van het voorkomen van schooluitval. De cijfers zagen er voor mij toen, als buitenstaander, goed uit. Maar toch waren mijn complimenten misplaatst. Ik citeer daarvoor weer wethouder Kos. Als ik dit had geweten, zegt hij, dan had ik het in Den Helder heel anders aangepakt. Dat je zo snel tussen wal en schip kunt vallen, dat was mij niet bekend. Als bestuurder zijn we veel te veel bezig met statistieken en veel te weinig met individuen. Dan vieren we successen als ons aandeel vroegtijdig schoolverlaters is gezakt van 4,3 per duizend naar onder de 2,8. Ik heb echt meegemaakt dat ze dan op kantoor taart haalden daarvoor.
Maar 2,8, dat zijn in een stad als Den Helder enkele tientallen kinderen. Dat zijn aantallen die kunnen we als gemeente gewoon persoonlijk helpen. Daar kunnen we een plek voor vinden. Die kennis is er binnen een gemeente en het samenwerkingsverband. Maar we sturen op statistieken. We zijn tevreden als we onder het landelijk gemiddelde vallen. Voorzitter, misschien is er door het Haarlemse college ook wel taart gegeten. Want in Haarlem is het percentage zelfs nog iets lager, 2,3 procent. Maar, voorzitter, met zo'n 25.000 leerlingen in basis- en voortgezet onderwijs gaat het in Haarlem om, schrik niet, bijna 600 leerlingen tot 23 jaar. En elk jaar komen er weer enkele tientallen leerlingen bij. Wat gaan we als raad voor die leerlingen doen? En daarom, geïnspireerd door mijn persoonlijke
42
ervaringen en het verhaal van Pieter Kos, mijn motie Regietafel tegen schoolverlaat en thuiszitten. Waarin ik het college oproep in overleg met schoolbesturen, samenwerkingsverband primair onderwijs, samenwerkingsverband voortgezet onderwijs en jeugdzorg te komen tot een regietafel waar alle betrokken partijen naar kunnen escaleren en die doorzettingsmacht krijgt om te komen tot een passend aanbod voor een onderwijs om het aantal schoolverlaters en parttime thuiszitters te minimaliseren. En, voorzitter, ik heb nog een motie. Want bij die 2,3 procent vroegtijdige schoolverlaters zitten nog niet eens leerlingen zoals mijn zoon. Want hij gaat immers deels nog naar school en is halve dagen geoorloofd afwezig. Daarom mijn motie, Beter zicht op potentiële thuiszitters. Waarin ik het college oproep langdurig relatief verzuim separaat op te nemen in de P&C-cyclus als effect indicator, zodat er compleet beeld ontstaat van het aantal thuiszitters. En daarnaast in overleg met schoolbesturen, samenwerkingsverband primair onderwijs, samenwerkingsverband voortgezet onderwijs en jeugdzorg te komen tot een monitor van leerlingen die geoorloofd langdurig het onderwijsprogramma niet of niet volledig volgen en de facto thuiszitter zijn. Of een risico hebben thuiszitter te worden. Voorzitter, dit klinkt allemaal ingewikkeld, maar het gaat om het hanteren van de juiste definities.
En ook te zien dat sommige van onze huidige statistieken niet het hele verhaal vertellen. Voorzitter, ik rond af. In vorige jaren vroeg ik vaak aandacht voor de effectindicatoren in de begroting die beter konden. En dat zal ik blijven doen, ondanks mijn kritiek op statistieken vanavond. Cijfers kunnen altijd beter. Maar ik roep alle raadsleden na dit persoonlijk verhaal op, blijf ook bij op het eerste oog goede cijfers kijken naar de mensen achter de cijfers. De mensen voor wie soms het goede cijfer niet geldt. Zie ook dat ene kind dat tussen wal en schip valt. Die ene jongere die maar geen huis vindt. Die ene mantelzorger die het niet meer trekt. Overigens zijn het er bijna 20 procent in Haarlem die het niet trekken. Laten we komend jaar nog veel meer met elkaar in gesprek gaan hierover. Zoals in het Bijbelboek Jeremia 29 vers 7 staat, zoek het goede. Of in de ‘…’, zoek de vrede voor de stad. Want in haar vrede zal uw vrede zijn. En zolang er nog die ene is die de overheid nodig heeft als schild en steun blijft dit de opdracht voor ons als leden van deze raad en voor het college. Ik zie komend jaar uit naar deze gesprekken. En wens het college veel wijsheid en zegen toe bij het besturen van onze mooie stad. Dank u wel. De voorzitter: Dank u wel. En dan is het woord aan de heer Rademaker. De heer Rademaker: Dank u wel, voorzitter. Ondernemers in deze stad worden klem gezet.
Burgers zien hun lasten omhoog schieten en ondertussen is de gemeente druk bezig met miljoenen te verspillen aan allerlei hobbyprojecten en ideologisch gedreven plannen. De lokale lasten voor Haarlemmers stijgen voor de zoveelste keer, nu weer met 5 procent en dat terwijl het leven al niet goedkoper wordt. Miljoenen aan opgehaald geld van inwoners en ondernemers gaat naar klimaatprojecten en duurzaamheidsplannen die vooral bestaan uit dure symbolische maatregelen zonder praktische waarde. In plaats van kritisch te kijken naar onnodige subsidies en klimaatdrammerij kiest dit college ervoor om de rekening simpelweg bij de burger te leggen. Wat BVNL betreft kunnen we prima snijden in die onzinnige subsidies om dat geld weer terug te laten stromen naar de Haarlemmer. En zelfs als je meegaat in deze klimaatpsychose hebben deze duurzaamheidsmaatregelen nauwelijks impact, behalve dan dat ze een grote hap nemen uit de portemonnee van de Haarlemmer. En wat gebeurt er met de ondernemers? Die worden keer op keer over het hoofd gezien. Door de lockdowns tijdens de corona-episode staan veel ondernemers op omvallen en nu mogen ze zich weer schrap zetten voor nieuwe lasten door de invoering van de nul-emissiezone.
Voor veel bedrijven betekent deze maatregel dat ze tienduizenden euro's, die waarschijnlijk uit hun pensioenpot komt, kwijt zijn aan de verplichte overstap naar elektrische voertuigen. En dat terwijl de laadinfrastructuur niet eens op orde is. Hoe denkt het college dit te gaan opvangen mocht de zero-emissiezone er echt komen? Want wat BVNL betreft schrappen we deze direct. Elektrische voertuigen zijn namelijk helemaal niet schoner. Kijk alleen al naar die enorme accu in een elektrische bestelbus. Door ons westerse beleid ontstaan er in arme landen industrieën
43
rond kobalt- en kopermijnen waar kinderarbeid, seksueel geweld en mishandeling aan de orde van de dag zijn. Is dat wat we willen? Onszelf een klopje op de schouder geven omdat we allemaal in een Toyota Prius rijden terwijl kindjes in Congo vroegtijdig sterven omdat ze onbeschermd aan het werk zijn in die mijnen. Ook de spreidingswet kan wat BVNL betreft van tafel. Landelijk is deze wet al zo goed als afgeschoten. Gaat de burgemeester nu ook proactief handelen of blijft het college doorgaan met het plaatsen van AZC's zonder dit aan de buurt te vragen? BVNL wil een gemeente die zich richt op haar kerntaken. Veiligheid, basisvoorzieningen en een fatsoenlijk ondernemersklimaat. Geen eindeloze stroom van regels en lasten. Maar een overheid die vertrouwen heeft in haar inwoners en ondernemers. De voorzitter: U heeft een interruptie van mevrouw Çimen. Mevrouw Çimen: Dank u wel, voorzitter. Het standpunt van BVNL over de Spreidingswet is helder. Ik ben het er niet mee eens, maar het is helder. Wat vindt BVNL van het standpunt van de minister van Asiel en Migratie, die dus zegt, ik wil de Spreidingswet intrekken, maar ik wil wel een aantal hele grote AZC-locaties? De heer Rademaker: Daar ben ik het ook niet mee eens. Voor BVNL is het duidelijk. Op landelijk niveau willen wij de grenzen sluiten en helemaal niemand meer opnemen.
Dan hoeven er geen kleine AZC's en geen grote AZC's te komen. Ik ga verder. Geen eindeloze stroom van regels en lasten, maar een overheid die vertrouwen heeft in haar inwoners en ondernemers. Minder regels, minder ambtenaren, minder externe inhuur, wat naast de hoge kosten misschien ook wel handig is gezien de wet DBA in 2025. En ook meer vrijheid voor Haarlemmers om hun eigen keus te maken. In de tweede termijn komt BVNL met geweldige moties om te proberen om Haarlem een stukje beter te maken voor onze inwoners en onze ondernemers. Ik reken ook op jullie steun. Bedankt. De voorzitter: Dank u wel. Mevrouw Hartman. Mevrouw Hartman: Dank u wel, voorzitter. Als oppositiepartij zullen wij ook van dit moment gebruik maken om een midtermvisie te geven. Dat doen we door te koppelen met wat we lezen, met wat we zien. Afgelopen week reed ik over de snelweg. Ik had niet bepaald last van autorijdschaamte, maar terwijl ik aan het rijden was, bekroop ik me een soort van ongemakkelijk gevoel. Een gevoel van afkeer, van onbegrip. Ik keek namelijk uit het raam en zag, waar voorheen gewoon een groene polder lag, een gebied dat zwarter was dan ‘…’. Een zonnepark, waar nog geen mol zou willen wonen. Zo'n zonnepark zoals ook bij ons in de A9 in aanbouw is, en ook waar het Schoteroog een aangewezen locatie voor is.
Ik kon echt met mijn hoofd er niet bij hoe het ideaal van het redden van het wereldklimaat, notabene voor het voortbestaan van de flora en fauna, tegelijkertijd de uitvoering heeft van iets dat die natuur ruïneert. En laat dat nou precies een fenomeen zijn dat de FVD vaker ziet, ook hier in de gemeente. We constateren iets dat we willen verbeteren, maken enkele doelen waaraan we dat meten en controleren vervolgens of die doelen zijn behaald. In plaats van te controleren of het verbeterd is. Ambities en idealen zijn losgekoppeld van de realiteit van de Haarlemmer. En tegen welke prijs? Op een van de weinige groene stukken van onze stad, het Schoteroog, waar de Haarlemmer de steeds dichter bebouwde stad nog even kan ontsnappen en een wandelingetje kan maken in een park, wordt binnenkort een gigantische zonneweide met windturbines gebouwd. Het Haarlems Dagblad kopt vervolgens, wat Nederland niet kan, kan Haarlem wel. En schrijft dat we onze papieren doelstelling halen. Terwijl we in de werkelijke wereld ondertussen weer een stukje natuur, rust en plezier van de Haarlemmer opofferen aan de zogenaamde duurzaamheidsscholen. Als we dat ideaal niet aan de uitvoering koppelen, maar aan de uitkomst, waar brengt dat ons vervolgens? De gemeente wil op elektriciteit overgaan. We moeten en zullen aardgasvrij worden, ook al moeten daar offers voor worden gemaakt.
We hadden echter onlangs een technische sessie over netcongestie, een verschijnsel waarbij het stroomnet overbelast raakt. En dit maakt het al onmogelijk om al
44
onze woningen en voorzieningen te elektrificeren. De uitkomst van de door deze gemeente georganiseerde bijeenkomst was dus letterlijk, ons stroomnetwerk kan die duurzame plannen helemaal niet aan. De stad jaagt met grote snelheid een duurzame droom na. En in deze haast zijn het de bewoners die te maken krijgen met stijgende energieprijzen en de onzekerheid of er überhaupt voldoende energie beschikbaar is. Maar neem ook bijvoorbeeld de woningbouw. De ambitie om duizenden woningen te realiseren klinkt in eerste instantie nobel. Maar de manier waarop dit gebeurt roept bij ons vragen op. Huizen worden steeds kleiner en dichter op elkaar gebouwd. De gemeentelijke doelstellingen lijken het begrip woonomgeving te reduceren tot aantallen en efficiëntie. We zien een stad die steeds voller en strakker wordt, waarin wonen haast een kwestie wordt van ophoppen. We slopen een flat om vervolgens een soortgelijk blok te plaatsen, met woningen die kleiner zijn en toch meer kosten. En kloppen onszelf op de borst omdat we in aantallen meer woningen hebben gecreëerd. Op papier zouden we het goed doen, maar tegelijkertijd zeggen we niets over de leefomstandigheden van de Haarlemmer. Als zij überhaupt al in deze woningen gaan wonen in plaats van de expats of statushouders. We strooien weer met een mooie idealistische term, brede welvaart, wat eigenlijk meer duidt op welzijn. Een leuk ideaal.
Maar als we kijken naar de uitkomst van het beleid, zien we niet per se iets dat daaraan bijdraagt. Terwijl de stad in omvang groeit, zien we dat basale voorzieningen onder druk komen te staan. Scholen die geen ruimte hebben om uit te breiden, sportvoorzieningen die moeten wijken. Terwijl juist deze faciliteiten zouden bijdragen aan educatie en sociale cohesie. Ironisch genoeg zorgt dus de groei van de stad er juist voor dat die voorzieningen, die die brede welvaart zouden moeten ondersteunen, juist onder druk komen te staan. Dan is de uitkomst van ons beleid toch niet het ideaal dat we voor ogen hadden? De gemeente heeft het ook over participatie. Samen maken we de stad. Van een informatiebrief tot een wijkbijeenkomst, de Haarlemmer mag van zich laten horen. Tenminste, zolang de Haarlemmer ook dingen zegt die in lijn liggen met wat het college al wilde. Anders niet. Het referendum over parkeren, dat notabene vijf ton meer moest kosten, zodat het een betere weergave zou geven van de opkomst en stemgedrag, leidde niet tot beleidsverandering. Terwijl er toch een hele duidelijke nee uit het referendum kwam. De gemeente vraagt om de mening van de stad, of het nou bij een wijkbijeenkomst is of bij een referendum... De voorzitter: U heeft een interruptie van de heer Wiedemeijer. De heer Wiedemeijer: Voorzitter, ik gun iedereen zijn eigen opvattingen, maar niet zijn eigen waarheid.
U zegt dat er geen beleidswijziging was, maar daarna is het hele parkeerplan ingetrokken. Het hele plan ging toen weg. Dus wat bedoelt u daarmee? Mevrouw Hartman: Volgens mij is dat nog geen gelopen race. Ik ben benieuwd hoe het uitkomt. De heer Wiedemeijer: Voorzitter, dan weet ik misschien meer dan u. Het plan is toen ingetrokken en er wordt een nieuw plan gemaakt. Dus dat is een ander plan. Dus vooralsnog is er, er komt misschien een nieuw plan, maar het is toch gewoon een feit. Dat was gewoon het raadsbesluit destijds. Het raadsbesluit was om het plan in te trekken. Dat is niet mijn opvatting, dat is gewoon het besluit. Dus wat u zegt klopt simpelweg niet. Mevrouw Hartman: Ik heb het over de inhoud, niet over het feit dat dit een document is met een bepaalde datum erop. Het gaat me over de inhoudelijke bestuursverandering. De voorzitter: U heeft nog een interruptie van de Actiepartij. De heer Van Leeuwen: Voorzitter, ik hoor Forum zeggen dat mensen geen andere opvatting mogen hebben als het een opvatting is die niet dezelfde is als die van het college, als ik het goed hoor. Maar is het nou niet juist zo dat onder andere het burgerberaad, maar ook de digitale uitvraag juist de mogelijkheid heeft gegeven om