CConstaterende datHaarlem
Koppel je AI →
Document · PDF

10-12 Inspreekbijdrage erfgoedvereniging Heemschut

commissie Ontwikkeling 12 oktober 2023, gemeente HaarlemBij agendapunt: 21.00 uur Terinzagelegging Concept Erfgoedbeleid (FR)3.669 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

INSPREEKTEKST

Pagina 1 van 1

Onderwerp : Concept Erfgoednota in raadscommissie Ontwikkeling van 12 oktober 2023 Voor : de raadsleden van de commissie Ontwikkeling, in c.c. Datum : 12 oktober 2023 Bijlage : Reactienota Heemschut d.d. 12 mei 2023 op 1e conceptnota versie 1.0 ___________________________________________________________________________________________ Haarlem is de 5e erfgoedstad van Nederland. Aan zijn erfgoed dankt Haarlem in belangrijke mate zijn huidige populariteit als woon- en verblijfsstad. Daar denken we niet dagelijks aan, maar dat gaat niet vanzelf. Daarvoor is sterk beleid nodig met daarin als basis een scala aan beschermingsmaatregelen. Het nieuwe erfgoedbeleid voor de stad waar we nu mee bezig zijn, is een heel goede aanleiding om daarbij eens goed stil te staan. En dan praten we niet alleen over de vele duizenden monumenten die onze stad rijk is. Die zijn voor een belangrijk deel beschermd door de wet, maar ook hier maakt het beleid van de gemeente als hoeder en verantwoordelijke, ook voor de rijksmonumenten, zeker het verschil. We moeten het ook, en wat onze Bond Heemschut betreft vooral hebben over de bescherming van de nog veel meer dan vele duizenden beeldbepalende gebouwen die geen wettelijk monument zijn. Hebben we de bescherming voldoende geregeld in Haarlem? Er is op papier het nodige en steeds meer vastgesteld.

Maar de dagelijkse praktijk leert ons dat er meer ambitie nodig is om de bescherming op het benodigde niveau te brengen. En meer ook dan het nu voorliggende conceptbeleid laat zien. Heemschut heeft een bijdrage geleverd aan de totstandkoming van het concept erfgoedbeleid. Vanuit onze doelstelling van bescherming van het erfgoed, hebben wij ons vooral gefocust op hoofdstuk 4: ‘Erfgoed en leefomgeving’. Daar zou de bescherming en borging van erfgoed moeten worden geregeld. Wij hebben daarbij twee keer input geleverd. Onze laatste input van 12 mei dit jaar en die hebben wij u hierbij ook doen toekomen. De aandacht voor betere bescherming of borging van erfgoed is in de concept Erfgoednota nogal ondergeschikt opgenomen. Bovendien wordt in algemene termen gesproken en is het onduidelijk wat de ambitie is voor meer bescherming. En mocht ambitie wel de bedoeling zijn, dan is niet concreet wat dan precies. En dat terwijl een optimaal mogelijke bescherming van erfgoed, rekening houdend met o.a. de dynamiek van een stad, de basis zou moeten zijn van welk erfgoedbeleid dan ook. Heemschut heeft bij haar input in het voortraject een lijst met concrete maatregelen voorgesteld voor een noodzakelijk betere bescherming. Die maatregelen zijn gebaseerd op wat we in onze dagelijkse beschermingspraktijk meemaken in Haarlem.

In die dagelijkse praktijk van ontwikkel- en herbestemmingsprocessen en verleende omgevingsvergunningen, constateren we teveel verstoringen van erfgoedwaarden en verrommelingen van stadsbeelden, in toenemende mate ook in de beschermde stadsgezichten. Aanscherping van beleid, regelgeving en handhaving is in onze visie nodig. Daarvoor hebben we dus nu concrete maatregelen voorgesteld, van aanpassing van bestemmingsplannen tot aanscherpen van de regels in de uitvoering en handhaving. Helaas vinden we dit nauwelijks terug in de concept Erfgoednota. In 2020 hebben we onze zorgen en hoe die op te lossen al vastgelegd in onze nota ‘Erfgoedzorgen en -oplossingen’ voor het college van B&W, maar daar lijkt de facto niets mee gedaan. Wij doen een beroep op uw raad om de basis van erfgoedbeleid, de optimale bescherming van erfgoedwaarden en meer in het algemeen van de ruimtelijke kwaliteit, een flink stevigere positie te geven in de opzet en uitvoering van het nieuwe Erfgoedbeleid. De nieuwe Omgevingswet die per 1 januari 2024 in werking treedt, biedt goede en betere mogelijkheden dit te realiseren. Met name bij het Omgevingsplan waar de komende jaren de bestemmingsplannen en andere normen en regels aangepast worden vastgelegd. Dit alles vergt extra ambtelijke capaciteit.

Bezien vanuit de veel grotere erfgoedformaties in vergelijkbare erfgoedsteden als Den Bosch en Leiden, zou hiervoor ruimte moeten kunnen zijn. Tot slot. Een stad heeft dynamiek nodig, en beweegt en ontwikkelt zich daartoe. Erfgoed is een belangrijke identiteitsdrager en kan en moet meebewegen. Daarbij kunnen behoud en ontwikkeling in onze ogen in voldoende mate samengaan. Ook ten aanzien van het belangrijke thema van duurzaamheid. Bond Heemschut, Vereniging tot Bescherming van Cultuurmonumenten in Nederland. Opgericht in 1911. Beschermvrouwe: H.K.H. Prinses Beatrix Erfgoedvereniging Heemschut | Nieuwezijds Kolk 28 | 1012 PV Amsterdam | www.heemschut.nl | info@heemschut.nl

REACTIENOTITIE

Pagina 1 van 5

Onderwerp : Reactie Heemschut op 1e concept Erfgoedprogramma Haarlem versie 1.0 d.d. 15-2-2023 Voor : Gemeente Haarlem, Afdeling Erfgoed, Angeli Poulssen, Hugo Alefs, Marjoleine van Schaik Van : Heemschut, contact Peter Koppen peterkoppen@xs4all.nl, 06-29010389 Datum : 12 mei 2023 ___________________________________________________________________________________________

Door Heemschut geleverde input voor het nieuwe Erfgoedprogramma Heemschut heeft in het laatste overleg met de gemeente van 21-11-2022 de volgende input geleverd voor het nieuwe Erfgoedprogramma. Het gaat om onderwerpen/issues uit bestaande documenten die Heemschut eerder heeft ingebracht bij de gemeente maar die nog ‘openstaan’. • onze nota ‘Erfgoedzorgen en -oplossingen’ van 24-9-2020 en daarbij behorend ons laatste, nog openstaande uitvoeringvoorstel 22-4-2022 (hierna te noemen ‘nota erfgoedzorgen’); • onze zienswijze van 19-7-2021 op de ontwerp Omgevingsvisie; • onze brief van 14-4-2022 met inspiratie en input voor de toenmalige coalitievorming 2022.

Onze conclusie Heemschut is verheugd dat Erfgoed Haarlem er in het programma blijk van geeft meer naar ‘buiten’ te willen treden, zowel binnen de gemeentelijke context als naar de stad/inwoners en de erfgoedpartners . En dat daarbij het (belang van) erfgoed meer nadrukkelijk wordt ingezet en afgewogen bij ruimtelijke ontwikkelingen en -beleid (w.o. ook i.h.k.v. de nieuwe Omgevingswet). Aan de andere kant vindt Heemschut dat het concept Erfgoedprogramma te beperkt is als het gaat om basisprincipes voor erfgoed zoals bescherming(sconstructies) tegen sloop en aantasting, normen en regels ruimtelijke ordening en -kwaliteit, en vergunningverlening en handhaving. Verdere aanscherping van dit alles zou dan moeten leiden tot een maximaal effectieve bescherming c.q. het voorkomen van aantasting, verstoring en verrommeling van erfgoedwaarden en breder van de ruimtelijke (erfgoed)kwaliteit. Zowel voor individuele objecten als op het niveau van het stadsbeeld, vooral in de beschermde stadsgezichten. Dit alles valt onder thema 2 van het concept Erfgoedprogramma. Op dit vlak is naar onze mening veel verbetering mogelijk. Verder hebben wij de sterke indruk dat het erfgoed-DNA te weinig in de brede gemeentelijke organisatie van de 5e Erfgoedstad van Nederland zit. De afdeling Erfgoed kan zeker een rol vervullen om dit beter te borgen.

Voor dit alles lijkt uitbreiding van de personeelsformatie bij Erfgoed onvermijdelijk. Hierna onze opmerkingen op specifiek niveau, onderverdeeld in: 1. vanuit onze bovengenoemde input die we eerder hebben geleverd, en 2. in reactie op het concept Erfgoedprogramma.

1.

Vanuit onze input missen wij, dan wel verzoeken wij om een aanscherping van de volgende zaken in het 1e concept Erfgoedprogramma

Wij hebben ons hierbij gezien onze doelstelling als erfgoedbeschermers gefocust op het thema 2 ‘Erfgoed = Onderdeel van de fysieke leefomgeving’ van hoofdstuk 4. De belangrijkste zaken die wij missen, dan wel een aanscherping behoeven vanuit onze input, zijn de volgende: • Uit onze nota erfgoedzorgen: aanscherpen beleid/regelgeving en uitvoering rond de ruimtelijke en erfgoedkwaliteit. Voor meer bescherming en bevordering daarvan, en flink minder verstoringen, in het algemeen en op objectniveau. Vooral ook om de sterk toegenomen verrommeling van het afgelopen decennium (in toenemende mate ook in de rijksbeschermde gezichten) te stoppen/verminderen en daarmee verdere verrommeling te voorkomen. O.a. door: ➢ aanscherpen bestemmingsplannen (bij herziening i.h.k.v. de nieuwe Omgevingswet). O.a. minder basismogelijkheden voor allerhande gevel- en met name dakaanpassingen en voor afwijkingen van (basis)regels. Voorts flink minder (automatisme van) ontheffingen van ‘regels ruimtelijke ordening’ i.c. flink minder binnen- en buitenplanse ontheffingen (wat nu meer regel dan uitzondering is). Ook bij de Orde-panden en in de beschermde gezichten. ➢ in relatie hiermee aanpassing nota ‘Ruimtelijke kwaliteit’ (incl. ‘Nota Dak’); Bond Heemschut, Vereniging tot Bescherming van Cultuurmonumenten in Nederland. Opgericht in 1911. Beschermvrouwe: H.K.H.

Prinses Beatrix Erfgoedvereniging Heemschut | Nieuwezijds Kolk 28 | 1012 PV Amsterdam | www.heemschut.nl | info@heemschut.nl

REACTIENOTITIE

Pagina 2 van 5

➢

•

•

2.

een actief/actiever aanwijzingsbeleid rond gemeentelijke monumenten, Orde 2, 3 en bouwhistorie, en andere beeldbepalende/karakteristieke panden. Ook buiten de beschermde gezichten, en inclusief (her- of na) inventarisaties voor opwaarderen status van niet of niet voldoende beschermde/gewaardeerde panden. Alsook het opwaarderen van de daadwerkelijke bescherming (en nakoming hiervan) voor de Orde 2 en 3-panden. W.o. bijvoorbeeld een openbaar sloopvergunningsstelsel met erfgoedinhoudelijke issues en mogelijkheid van bezwaar en weigering, ook buiten de beschermde gezichten. Juist omdat in deze categorieën meer panden dan nu in aanmerking lijken/blijken te komen voor aanwijzing/opwaardering, en de hierin wel benoemde panden de meeste risico’s (op verlies van waarden) lijken/blijken te lopen; ➢ meer gebruik van beschermmogelijkheden die beschermde gezichten bieden (mede in relatie tot de nieuwe Omgevingswet/Omgevingsvisie); ➢ In relatie tot bovenstaande meer inzet van de afdeling Erfgoed in het omgevingsvergunningstraject, met name in de beschermde stadsgezichten, als het de (meer directe) omgeving van een monument betreft (in de nieuwe Omgevingswet moet de omgeving van een monument meer in aanmerking worden genomen), en bij Orde 2 objecten. Voorts versterking van de erfgoedinvloed bij de ARK.

➢ In relatie tot bovenstaande een meer uitgebreide en betere inspectie en handhaving door VTH, ook t.a.v. aanpassingen zonder de vereiste omgevingsvergunning. ➢ Het verhogen van de erfgoeddeskundigheid binnen de afdeling VTH (ook aanbeveling externe evaluatie erfgoedbeleid 2013-2018). Uit onze nota erfgoedzorgen en coalitie-input 2022: (verdere) uitbreiding personeelsformatie afdeling Erfgoed. Uit de (wettelijk vereiste) externe evaluatie van het Haarlemse erfgoedbeleid 2013-2018 blijkt dat de afdeling erfgoed (ook na de uitbreiding van de formatie uit het coalitieakkoord 2018-2022) een veel te lage personeelsformatie kent. Hierbij is gekeken naar de aantallen monumenten, als 5e erfgoedstad, en zeker gelet op de veel hogere formaties van (meest) vergelijkbare erfgoedsteden als Leiden en Den Bosch. Het externe evaluatierapport meldt in dit kader verder dat de personeelsformatie (na voornoemde uitbreiding) slechts net aan voldoende is om de reguliere en wettelijke taken te verrichten, laat staan dat die ruimte laat om ambities te realiseren. In ieder geval zal alleen al de in het onderhavige concept Erfgoedprogramma genoemde ambities een extra (overigens nog onbepaalde) personeelsformatie vergen, en onze huidige aanbevelingen nog meer.

Uit onze nota erfgoedzorgen: ➢ het veel meer borgen van de erfgoedcomponent in de brede gemeentelijke organisatie en bij het stadsbestuur (in het huidige coalitieakkoord ontbreken zelfs de woorden ‘erfgoed’ en ‘monument’); ➢ een actieve informatievoorziening aan de betrokken erfgoedorganisaties (i.p.v. het huidige eenrichtingsverkeer vanuit de erfgoedorganisaties en structureel onbeantwoorde brieven/nota’s etc.); ➢ het actief bevorderen en meer serieus nemen van de zienswijzen/participatie van erfgoedorganisaties (die in de nieuwe Omgevingswet sowieso meer gewicht moet krijgen). Niet alleen bij projecten, maar ook bij erfgoedbeleid en -regels.

Opmerkingen Heemschut bij teksten concept Erfgoedprogramma

Ook hier gefocust op het al genoemde thema 2 ‘Erfgoed = Onderdeel van de fysieke leefomgeving’ in hoofdstuk 4, maar ook opmerkingen bij andere hoofdstukken. Algemeen • Verschillende van de onderwerpen in het concept Erfgoedprogramma lijken bestaand beleid te zijn, waarbij wij ons dan de vraag stellen wat de ambities op deze issues zijn. Is het misschien zinvol die (al dan niet veranderde intensiteit van de) ambitie erbij te vermelden? Hoofdstuk 1 ‘Haarlems Erfgoed’, lijkt een inleiding van de nota. • In de inleidende alinea bovenaan pagina 5 staat dat het Erfgoedprogramma een looptijd heeft van tien jaar. Dit vinden wij erg lang voor een beleidsstuk. Wie kan er in deze ‘snelle’ tijden in beleidskaders nog verder kijken dan hooguit vijf jaar? Bond Heemschut, Vereniging tot Bescherming van Cultuurmonumenten in Nederland. Opgericht in 1911. Beschermvrouwe: H.K.H. Prinses Beatrix Erfgoedvereniging Heemschut | Nieuwezijds Kolk 28 | 1012 PV Amsterdam | www.heemschut.nl | info@heemschut.nl

REACTIENOTITIE •

•

•

Pagina 3 van 5

1.3 ‘Cultureel erfgoed in de fysieke leefomgeving’ bij het 1e ‘[KADER] Cultureel erfgoed in de fysieke leefomgeving – Omgevingswet’ op pagina 7, en 1.4 ‘De status van deze nota’ op pagina 8 bovenaan, waar verwezen wordt naar bijlage 2 over de wettelijke kaders van het erfgoed in de Omgevingswet: hier worden een soort van definities gegeven van allerlei erfgoederen. Maar geen van deze dekt het brede begrip erfgoed waar het in dit Erfgoedprogramma wat ons betreft over zou moeten gaan. Zou het daarom voor de duidelijkheid/leesbaarheid niet beter zijn om in 1.3 één definitie van erfgoed op te nemen? Temeer omdat voor de begrippen ‘cultureel erfgoed’ en ‘erfgoed’ aan het eind van 1.3 is vermeld dat in de rest van de nota voor de leesbaarheid alleen ‘erfgoed’ wordt aangehouden? Het lijkt ons dan goed om in 1.3 deze eenduidige definitie van erfgoed op te nemen, en wel een zo breed mogelijke (en in de bijlage 2 wel het wettelijke kader te handhaven). In onze zienswijze van 19-7-2021 op de concept Omgevingsvisie Haarlem hebben wij het volgende definitievoorstel hiervoor gedaan: ‘2. Definitie erfgoed Het is van belang wat er onder het gehanteerde woord ‘erfgoed’ wordt verstaan.

Onze suggestie is de brede/breedste definitie op te nemen in de omgevingsvisie, bijvoorbeeld bij 02 Leeswijzer, en wel als volgt: wettelijke monumenten, (rijks)beschermde stads- en dorpsgezichten, Orde 2 en 3-gebouwen, gebouwen met dubbelbestemming Bouwhistorie, andere beeldbepalende gebouwen, gebieden en gevelstructuren en -wanden (op straatniveau) in of buiten de beschermde gezichten, zichtlijnen en lange lijnen, archeologie, landschap, cultuurhistorie, immaterieel erfgoed etc. En vooral ook, hun omgevingen. Wat ons betreft wordt deze brede/breedste definitie van erfgoed gehanteerd, en dient dit alles als basis (tot behoud) van de erfgoedwaarden.’ 1.3 ‘Cultureel erfgoed in de fysieke leefomgeving’ pagina 7 bij het 2e ‘[KADER] Omgevingsvisie Haarlem 2045’: typerend voor de Omgevingsvisie Haarlem is dat in de in dit [KADER] vermelde beschrijving van een belangrijk onderdeel uit die omgevingsvisie het woord ‘erfgoed’ ook niet voorkomt – Heemschut heeft na de verwerking van de zienswijzen onveranderd geconcludeerd dat het erfgoed in de Omgevingsvisie Haarlem niet voldoende is geborgd, en niet de rol en ‘zwaarte’ krijgt die past bij de 5e erfgoedstad, maar slechts een bijrol. 1.4 ‘De status van deze nota’ pagina 7, 1e alinea: daar staat dat de nota de status krijgt van een ‘(vrijwillig) programma’. Het is ons niet duidelijk wat hier wordt bedoeld.

Het leest alsof dit beleid niet officieel zou zijn, misschien wel ondergeschikt, en deze beschrijving straalt daarom geen ‘kracht’ uit. Dit lijkt ons niet de bedoeling.

Hoofdstuk 2 ‘Fundamenten van het Haarlems Erfgoed • Behoud en bescherming van erfgoed en meer in het algemeen van de ruimtelijke kwaliteit, vindt Heemschut vanuit haar doelstelling een belangrijk, voor ons het belangrijkste fundament en ambitie van beleid. Dat blijkt ook uit de opmerkingen in het eerder genoemde deel 1 van onze reactie. In de startnotitie ‘Erfgoednota Haarlem’ van de gemeente uit 2021 is behoud (en koesteren) van erfgoed dan ook als één van de thema’s benoemd. Behoud en bescherming hoort primair thuis bij thema 2 Erfgoed = Onderdeel van de fysieke leefomgeving’ (hoofdstuk 4 hierna). Maar in dit belangrijke overkoepelende en aanlopende hoofdstuk 2 over met name de missie en de visie is een krachtige verankering van deze ambitie ook essentieel. Die ambitie behoud en bescherming missen wij hier echter (in voldoende mate). Bijvoorbeeld bij 2.2 de beschrijving van de missie (pagina 9, erfgoed wordt zelfs niet genoemd), bij 2.3 de omschrijving van de visie (pagina 10), bij de eerste uitwerking van de visie daarna onder de kop ‘Erfgoed = onderdeel van de fysieke leefomgeving’ (pagina 10 onderaan en 11 bovenaan, het benoemde thema 2). En ook bij de begintekst van thema 2 (begin hoofdstuk 4 op pagina 16 waar alleen, wellicht te algemeen, ‘borgen van erfgoedwaarden’ staat).

• 2.1 ‘Haarlemse identiteit’ pagina 9: is het niet een goed idee hier (het rapport van) de Cultuurhistorische Hoofdstructuur Haarlem te introduceren? En het aldus al hier als formeel onderdeel van het Haarlemse Erfgoedbeleid te maken. • 2.2 ‘Missie’ pagina 9: in de beschrijving van de missie zelf staat samenwerken met de inwoners. Is hier bewust alleen gekozen voor ‘inwoners’, en niet ook voor andere belanghebbenden/maatschappelijke organisaties? In de uitwerking verderop komen deze organisaties namelijk wel aan de orde. Bond Heemschut, Vereniging tot Bescherming van Cultuurmonumenten in Nederland. Opgericht in 1911. Beschermvrouwe: H.K.H. Prinses Beatrix Erfgoedvereniging Heemschut | Nieuwezijds Kolk 28 | 1012 PV Amsterdam | www.heemschut.nl | info@heemschut.nl

REACTIENOTITIE •

Pagina 4 van 5

2.3 ‘Actuele accenten’ pagina 10, [KADER] ‘Visie erfgoedbeleid Haarlem’: daar staat ‘….innovatief beleid….’. Ook verderop de het programma wordt dit genoemd (bijvoorbeeld de inleiding van hoofdstuk 4 pagina 16, waar staat ‘We vernieuwen onze aanpak…….’). Wat houdt ‘innovatief’ c.q. ‘vernieuwen’ hier in? Voor zover wij hebben gezien wordt dit niet verder uitgewerkt in de het Erfgoedprogramma. Een beperkte nadere uitleg lijkt ons gepast.

Hoofdstuk 3, thema 1 ‘Erfgoed = samen benutten en beleven’ • 3.3 ‘Kennis als basis voor dienstverlening en ontwikkeling’, paragraaf ‘Kernregistratie Erfgoed (KER)’ pagina 15: zie onze eerdere opmerking over actief verder/alsnog aanwijzen/opwaarderen Orde-panden in het deel 1 van onze reactie. Dit zou dan bij dit issue KER ook onder de genoemde inhaalslag kunnen worden opgenomen. Hoofdstuk 4, thema 2 ‘Erfgoed = Onderdeel van de fysieke leefomgeving’ • Het hoofdstuk begint met 4.1 ‘Beleidskaarten’. ➢ Het is ons uit de beschrijving niet voldoende duidelijk wat wordt bedoeld en beoogd met de genoemde Onderzoekagenda uit hoofdstuk 3 en de Advieskaart Erfgoed & Ruimte in dit hoofdstuk 4.1. En horen deze Onderzoekagenda en de in het vorige hoofdstuk 3 genoemde KER niet ook onder deze ‘Beleidskaarten’ te worden gerangschikt (en dus zouden moeten worden samengevoegd)? ➢ Bij de al hiervoor genoemde ‘Advieskaart Erfgoed & Ruimte’ staat op pagina 17 bovenaan dat er twee ‘aanvliegroutes’ worden gekozen voor ‘de omgang met het erfgoed in ruimtelijke opgaven’. Te weten ‘het borgen van de historische identiteit…….’ en ‘(door)ontwikkelen met waardecreatie en inspiratie vanuit erfgoed’. Het staat wel elders genoemd, maar juist hier missen wij de eerste en belangrijk(st?)e aanvliegroute van behoud/bescherming van het erfgoed als uitgangspunt bij ruimtelijke ontwikkelingen.

• 4.2 ‘Borgen van erfgoedwaarden’, pagina 17 en 18. ➢ De één na laatste bullet betreft ‘het vergemakkelijken van vergunningen…..’ en ‘…. activiteiten vergunningsvrij te maken’. Waar komt dit vandaan? Is dit algemeen of erfgoedbeleid? Voor de zekerheid zou hier een disclaimer op zijn plaats zijn: dat het niet ten koste van de zorgvuldigheid en van de erfgoedwaarden van Orde- en bouwhistoriepanden mag gaan, niet (zichtbaar) in het beschermde stadsgezicht, dan wel bij Orde- en bouwhistoriepanden geen vergunningsvrije activiteiten. ➢ Zijn deze bullets een volledige opsomming? Wij hebben het niet helder in het vizier, maar zijn er niet (veel?) meer erfgoedissues die aandacht vragen bij het (opstellen en uitvoeren van het) nieuwe Omgevingsplan? ➢ Er wordt steeds gesproken van Orde 2, maar wij komen in (formele) documenten ook de Orde 3-status tegen. • 4.3 ‘Erfgoed als inspiratie bij ruimtelijke ontwikkelingen’, pagina’s 18 t/m 20. ➢ Bij de inleiding is vermeld dat de erfgoedpraktijk is verbreed van objectgerichte naar gebiedsgericht aanpak. Door de zinsopbouw wordt (bij ons) de indruk gewekt dat er nu alleen nog sprake is van een gebiedsgerichte aanpak, en geen objectgerichte meer. Misschien de zin aanpassen zodat duidelijk is dat de objectgerichte aanpak is gebleven en de gebiedsgerichte daarnaast ook praktijk is geworden.

➢ In het [KADER] bovenaan pagina 19 wordt twee keer gesproken het ‘soms’ genoemd in relatie tot behouden van erfgoed. Het woord ‘soms’ lijkt ons hier ongepast; behoud van erfgoed en dienende als uitgangspunt bij ontwikkelingen is altijd primair/uitgangspunt, en niet slechts ‘soms’. ➢ Ook bij de volgende paragraaf ‘Transformatieruimte binnenstad’ (pagina 19) wordt bij de zin over verandering van de werkwijze het behoud/bescherming van individueel erfgoed als uitgangspunt ook weggelaten/niet meer genoemd. Ook dat lijkt ons niet de bedoeling c.q. wij vinden dat ook hier behoud/bescherming van het (individueel) erfgoed meegewogen moet blijven worden. ➢ In de 2e alinea staat de volgende zin: ‘Monumenten en historische steden hebben zich door de tijd heen goed aan kunnen passen aan nieuwe opgaven, zolang ze in hun hoofdopzet en belangrijkste karakteristieken maar gerespecteerd werden.’ Deze zin zou de indruk kunnen wekken dat slechts Bond Heemschut, Vereniging tot Bescherming van Cultuurmonumenten in Nederland. Opgericht in 1911. Beschermvrouwe: H.K.H. Prinses Beatrix Erfgoedvereniging Heemschut | Nieuwezijds Kolk 28 | 1012 PV Amsterdam | www.heemschut.nl | info@heemschut.nl

REACTIENOTITIE

Pagina 5 van 5

behoud van ‘hoofdopzet en belangrijkste karakteristieken’ normen zijn voor behoud van erfgoed, en dat lijkt ons niet de bedoeling c.q. daarmee zijn wij het oneens. Aanpassing van deze zin is gepast. Hoofdstuk 5, thema 3 ‘Erfgoed = Duurzaam’ • Drie opgaven: [1] Herziening monumentenrichtlijnen verduurzaming (5.1 ‘Regelgeving en vergunningverlening’, pagina 22), [2] Evalueren beleid zonnepanelen (idem, pagina 22), en [3] Plan van aanpak verduurzaming historische binnenstad (5.2 ‘Versnellen verduurzaming historische binnenstad, pagina 23): in het concept Erfgoedprogramma is samenwerking en participatie een ambitie. Hoe zit het met de participatie en inspraak bij deze drie opgaven? PS: de opgaven 1 en 3 waren ons niet bekend. • [1] Herziening monumentenrichtlijnen verduurzaming: daar staat dat onderzocht wordt ‘hoe we…… de vergunningverlening kunnen vergemakkelijken.’ Dat duidt erop dat het in ieder geval vergemakkelijkt zal worden. Is dat niet te voorbarig? Want ook hier worden nemen wij aan de erfgoedwaarden centraal gesteld (en behoud uitgangspunt is). Een minder stellige woordkeuze lijkt ons gepast. • [2] Evalueren beleid zonnepanelen: in het [KADER] van pagina 22 staan enige goede voorbeelden genoemd van verduurzaming. Komen in de evaluatie ook de ‘missers’ aan de orde? Heemschut heeft voorbeelden.

Voorts, er staat dat de evaluatie ‘de komende jaren’ (na in werking treden van dit Erfgoedprogramma eind 2023??) gaat plaatsvinden. Een snellere evaluatie lijkt gewenst, waarbij Heemschut denkt aan het laatste kwartaal 2023, bijna twee jaar na de inwerkingtreding van het aangepaste beleid.

3.

Tot slot

De ontvangen ‘Samenvatting’ (Concept 15-2-2023) en ‘Uitvoeringsagenda’ (concept ontvangen e-mail 13-2-2023) hebben wij nog niet van een reactie voorzien omdat aanpassingen n.a.v. onze huidige reactie mogelijk/waarschijnlijk doorwerken in deze stukken. Hopelijk kunnen we deze onderdelen van het Erfgoedprogramma in definitieve conceptvorm nog voorzien van een eventuele reactie.

Bond Heemschut, Vereniging tot Bescherming van Cultuurmonumenten in Nederland. Opgericht in 1911. Beschermvrouwe: H.K.H. Prinses Beatrix Erfgoedvereniging Heemschut | Nieuwezijds Kolk 28 | 1012 PV Amsterdam | www.heemschut.nl | info@heemschut.nl

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/13333754/1