CConstaterende datHaarlem
Koppel je AI →
Document · PDF

10-07 Transcript Commissie Bestuur

commissie Bestuur 7 oktober 2021, gemeente Haarlem41.383 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 1 van 4

1 alinea's met “rondvraag”: 7

TRANSCRIPT VAN DE RAADSCIE BESTUUR VAN GEMEENTE HAARLEM d.d. 7 oktober 2021

1.

Opening en mededelingen voorzitter De voorzitter: Hartelijk welkom bij deze vergadering van de commissie Bestuur. Het is vandaag 7 oktober. We hebben een bericht van verhindering ontvangen van mevrouw De Raadt, die schuift wat later aan en ook de heer Bloem zal pas aanschuiven bij agendapunt 11. Zijn er verder nog berichten van verhindering? Nee? Goed, via de mail bent u vandaag via een raadsinformatiebrief geïnformeerd over de voortgang inzake het openbaar maken van de delen van het PWC-rapport, het PWC-opdrachtformulier en het intern vooronderzoek. Tijdens de raadsvergadering van 23 september heeft u besloten om twee weken na uw besluit de informatie openbaar te maken. In de brief staat dat de feitelijke openbaarmaking van de genoemde documenten met twee weken vanaf de datum van bekendmaking van het besluit aan belanghebbenden is opgeschort, te weten twee weken vanaf 5 oktober. Op deze wijze worden belanghebbenden in de gelegenheid gesteld zich te verzetten tegen de openbaarmaking. Indien binnen twee weken geen beroep is ingesteld en geen verzoek om voorlopige voorziening is gedaan, zullen wij overgaan tot openbaarmaking van de documenten. Indien binnen twee weken na beroep is ingesteld en een verzoek om een voorlopige voorziening is gedaan, wordt de uitspraak door de voorzieningenrechter afgewacht, voordat tot daadwerkelijke openbaarmaking wordt overgegaan. Oké.

Dat was mijn eerste mededeling. In het presidium van vrijdag 17 september zijn de resultaten van de peiling onder de fracties en het college over het vragenuurtje nieuwe stijl besproken. Het presidium heeft besloten het vragenuurtje nieuwe stijl voort te zetten en verzoekt de griffie nog meer werk te maken en tijd te nemen voor het filteren van de ingediende vragen vooraf. Er is één wijziging: de vragen die niet aan bod komen door tijdgebrek, die komen te vervallen en deze vragen kunnen of door de fractie een volgende keer opnieuw worden gesteld, of worden ingediend als artikel 38-vragen. Het college gaat dus niet langer over tot schriftelijke beantwoording van deze vragen. Mijnheer Smit. De heer Smit: Hoorde ik u zeggen: het filteren van vragen? De voorzitter: … opgemerkt, mijnheer Fritsen … Mijnheer … hoe heet u ook alweer? Mevrouw …: Smit. De voorzitter: Smit. Mijnheer Smit, goed gezien. Maar het gaat inderdaad niet om het filteren, maar het gaat om het rubriceren van de vragen. Mijn microfoon stond uit, vandaar. De heer Smit: Dank u. Maar ik schrok even van het woord filteren, maar dat is goed toegelicht door u. De heer …: Censuur. De voorzitter: Mijnheer Trompetter. De heer Trompetter: Dank u wel. Ik wilde graag vragen of er een termijn is voor het indienen van schriftelijke vragen, of nee, van rondvragen eigenlijk, van vragenuurvragen.

Of daar een termijn voor staat en zo ja, wanneer die bekend is gemaakt. En als er een vraag wordt gesteld, of de griffie aanneemt dat het een technische of een vragenuurvraag is. Dat is eigenlijk mijn vraag.

1

De voorzitter: Ja, dat is inderdaad wat ik net filtering noemde, dat is ook het rubriceren. Door de griffie wordt vastgesteld of het hier om een technische vraag gaat. Dat is eigenlijk een beetje dezelfde procedure als wij in het vragenuurtje of in de rondvraag, als er een vraag wordt gesteld die te technisch is, wordt er ook gezegd: stel deze schriftelijk als technische vraag. Dus dat doet de griffie vooraf en de indiener krijgt daar ook bericht van dat het dan technisch ingediend moet worden. De termijn is, naar ik weet, is dat gewoon kan dat tot op de dag zelf nog ingediend worden. De heer Trompetter: Want daar heb ik nog wel een vraag over, over het informeren dan van de fractie. Want het is vandaag bijvoorbeeld niet gebeurd met een vraag die wij bij de rondvraag hadden willen stellen en die dus niet is meegenomen. Dus vandaar. Er is gewoon een aanname gemaakt dat het zeg maar technisch zou zijn, maar later is dat gecorrigeerd rondvraag en geen reactie op gekomen, ik ben voor niks erheen gegaan. De voorzitter: Nou, daar gaat de griffie even achteraan hoe dat heeft kunnen gebeuren. 2.

Vaststellen van de agenda De voorzitter: Goed, dan gaan wij over tot het agendapunt 2, ‘Vaststellen van de agenda’. Wil iemand nog iets wijzigen in deze agenda zoals die nu voorligt? Nee?

3.

Mededelingen commissieleden en wethouder(s) De voorzitter: Mijnheer Roduner, heeft u een mededeling toevallig? Nee? Bent u nog bij een bestuursvergadering van een voor deze commissie relevante gemeenschappelijke regeling geweest waar u deze commissie over wilt informeren? Nee? U weet het niet meer zeker? Wethouder Roduner: Ik ben bij Paswerk geweest, dat is een gemeenschappelijke regeling, maar die valt meer volgens mij in commissie Samenleving.

4.

Agenda komende vergadering(en), Jaarplanning en Actielijst De voorzitter: Goed, dan wat betreft de agenda voor de komende vergaderingen. De volgende vergadering zal zijn op 4 november en op de agenda staan dan in ieder geval de begroting inclusief het inspreken; de nota Verbonden partijen, die is doorgeschoven van vandaag; de stand van zaken en aanpak overlast Reinaldapark, de burgemeester zal ik straks vragen of dat inderdaad gaat lukken voor 4 november; de benoeming van de leden voor de commissie Bezwaarschriften; beleid van voorkomen en terugdringen misbruik en oneigenlijk gebruik van gemeentelijke regelingen, dat wordt ter bespreking aangeboden; en het rapportage 213aonderzoek Three Lines of Defense, inclusief de adviezen van de auditcommissie, ook ter bespreking. Verder zijn we geïnformeerd dat de actualisatie van het protocol geheimhouding wordt aangeboden voor behandeling in december in plaats van november, dus die schuift een maandje op. Eens even kijken, hoor. Mevrouw Wisse is er niet en de burge… Mevrouw …: ‘…’ (buiten microfoon). De voorzitter: Ja, ik snap het. Maar dan, de burgemeester is er nog niet. U had een vraag over … Even kijken, hoor. De burgemeester heeft een notitie toegezegd over hoe om te gaan met de dwangsommen in relatie tot Wob-verzoeken.

Dat was een vraag van u, dus ik zal straks kunt u die vraag misschien zelf ook stellen wanneer we dat kunnen verwachten en als u hem niet stelt, dan zal ik hem aan de burgemeester stellen. Akkoord? U

2

mag knikken. Knik. Goed, een van de initiatiefnemers van het Burgerberaad – ik kijk dan even naar u, mijnheer Van den Doel – kunt u al aangeven wanneer er een voorstel komt richting de raad? De heer Van den Doel: … voor het Burgerberaad. Laat ik afspreken dat maandag aan het eind van de dag ik het aanbied aan de griffie, de stukken daarvoor. De voorzitter: Dan nemen we die mee op de agenda en dan komen die op 4 november nog terug in deze commissie. Ja? Zijn er verder nog ter kennisnamestukken die de commissie wil agenderen voor volgende vergadering? Nee? Zijn er op de jaarplanning en actielijst nog zaken waar deze commissie de wethouder wil vragen om verduidelijking? Of zijn er nog vragen die van de lijst verwijderd kunnen worden, omdat ze inmiddels achterhaald zijn? Heeft u ze überhaupt bekeken? Nee? Goed zo. Ter advisering aan de raad 6.

Bestuursrapportage 2021 (FR) De voorzitter: Goed, dan gaan we over naar agendapunt 6, dat is de ‘Bestuursrapportage 2021’. Jaarlijks geeft het college met de bestuursrapportage inzicht in het verwachte financiële en beleidsmatige resultaat over het huidige begrotingsjaar, dat is dus dit jaar 2021. Vaststelling van de bestuursrapportage inclusief de financiële gevolgen daarvan voor de begroting 2021 is een bevoegdheid die is voorbehouden aan deze raad. De raad wordt gevraagd de Bestuursrapportage 2021 vast te stellen en financieel-technisch te verwerken. Wie mag ik als eerste het woord geven? Mijnheer IJsbrandy. De heer IJsbrandy: Dank u wel, voorzitter. Voor ons was het meest markante nieuws in de bestuursrapportage dat er een per saldo meevaller van in totaal 12,2 miljoen op dit moment in de boeken staat ten opzichte van de stand van zaken ten tijde van de voorjaarsrapportage. Deze meevaller verhoudt zich echter tot een negatief verwacht resultaat bij deze voorjaarsrapportage van op dat moment 28,7 miljoen. Dus het operationele resultaat is daarmee nog steeds negatief, 11,2 miljoen om precies te zijn. Door een greep in de reserves, nu bij de Berap begroot op 15,9 miljoen, komt het college op een positief resultaat voor dit jaar van 4,7 miljoen en ziet daar ruimte om voor 12 miljoen zogenaamde versterkers in te zetten.

De ruimte voor de komende jaren komt bovendien voor een groot deel uit extra middelen die voor jeugdhulp verkregen worden, een domein dat in crisis verkeert, een crisis die door de voorgenomen aanbestedingen eerder groter dan kleiner zullen worden. We kunnen dit daarom niet anders kwalificeren dan als een sigaar uit eigen doos. Een minder negatief resultaat wordt gepresenteerd als een besteedbaar voordeel. Het geld hiervoor komt gewoon uit een reserve, oftewel uit verhoging van de schuld die deze reserve uiteindelijk financiert. Ook op het niveau van de beleidsvelden zijn er vele die aanzienlijke netto overschrijdingen vertonen, dat wil zeggen na aftrek van extra baten in dit veld. Hart voor Haarlem begrijpt dan ook niet waar het college het idee vandaan haalt dat er extra financiële ruimte beschikbaar is voor de zogenaamde versterkers. Graag een toelichting hierop. Dank u wel. De voorzitter: Dank u wel, mijnheer IJsbrandy. Wie mag het woord geven? Mijnheer Trompetter. De heer Trompetter: Dank u wel. We hebben ook het stuk bestudeerd, gelukkig dat de bestuursrapportage apart zit en dus een resultaat laat zien. Het is natuurlijk wel zo dat dat ook deels wordt gefinancierd vanuit de algemene reserve. In het krantenartikel stond een heel mooie opsomming van allemaal dingen die het college daarmee gaat doen.

Hoe kijkt het college dan naar het budgetrecht van de raad? Het lijkt al vroeg Sinterklaas in het licht van de verkiezingen en de vraag die we hebben is: is het budgetrecht verworden tot tekenen bij het kruisje? Wederom zoals jaar na jaar is er weer geld overgehouden op de post maatschappelijke opvang, die

3

naar de algemene middelen gaat, 250.000 euro deze keer. Hoe kan dit toch? Gaat het allemaal goed, met de winterregeling nog voor de deur en met mogelijk verminderen van de opvangplekken? Mijn fractie is wel akkoord met de extra uitgaven van 200.000 euro voor de griffie. Wel is de vraag hoe de griffie het wel van procesondersteuning verder wil vormgeven en wat de griffie daarvoor nodig heeft. Wat wel opviel is dat de beraming parkeerboetes twee ton lager is en mijn vraag is of de boetes worden meebegroot als zijnde een begrotingspost die we zullen gaan krijgen. Dank u wel. De voorzitter: Dank u wel, mijnheer Trompetter. Mijnheer Smit, ik ga u zo het woord geven. Eerst wil ik even deze commissie erop attenderen dat de spreektijden, daar is iets misgegaan. Als we deze spreektijden aan zouden houden, dan zouden we hier tot zondagochtend kwart over negen zitten, heb ik uitgerekend. Dus ja, hartstikke gezellig, maar ik heb misschien ook wel andere dingen te doen, u misschien ook. Dus de griffie is dat nu handmatig aan het aanpassen, maar wel eerlijk en rechtvaardig, dat u dat weet. Mijnheer Smit. De heer Smit: Nou, 41 minuten, alsof dat veel is, mevrouw de voorzitter, kom toch. Aansluitend bij mijn voorgangers, de versterkers, de uitvoering van het versterkersplan is verwerkt in dit stuk en daarmee kunnen wij het niet goedvinden. Daar komen we straks bij de versterkers wel op terug.

Ik heb één specifieke vraag, hoewel ik het antwoord dreig te weten, wil ik het van de wethouder horen. Uit de extra middelen voor jeugd, 2022 11,9 miljoen bijna, is 6 miljoen overgeboekt naar de algemene reserve. Betekent dat dat daarmee ook de link met jeugd, met de titel rijksbijdrage Jeugd, is losgelaten en in die zin er vanuit mogelijke tekorten bij de jeugd ook geen beroep meer op die 6 miljoen gedaan kan worden? Dank u wel, mevrouw de voorzitter. De voorzitter: Dank u wel, mijnheer Smit. Verder geen … Ja, mevrouw De Windt. Mevrouw Van der Windt: Dank u wel, voorzitter. D66 is om financiële redenen eigenlijk heel erg tevreden met deze bestuursrapportage. Het ziet ernaar uit dat we ongeschonden de coronacrisis doorkomen en dat is eigenlijk een groot compliment waard. We zijn eigenlijk wel erg ontevreden over het feit dat we onder druk en dreiging van een niet-sluitende begroting hebben ingestemd met een veel hogere verhoging dan de ozb, terwijl die soep uiteindelijk niet zo heet is opgediend en ik vroeg me af: ziet de wethouder nog mogelijkheden om daar iets aan te doen? Dank u wel. De voorzitter: Dank u wel, mevrouw Van der Windt. Verder nog mensen die iets … Ja, mijnheer Van den Doel. De heer Van den Doel: Ik kan er kort over zijn. Ook wij zijn akkoord met de begroting … Of, met de rapportage en ook met de afdoening van de motie voor extra geld voor de griffie.

Daar wil ik het bij laten. We zijn blij met een positief resultaat. De voorzitter: Ja, mevrouw Verhoeff. Mevrouw Verhoeff: Ik dacht: ik ga proberen aandacht trekken, maar het ging toch nog goed. Dank u wel, voorzitter. Natuurlijk gaan wij ook akkoord met de Berap, want iedereen is natuurlijk tevreden als er een positief resultaat wordt voorspeld. Anders dan D66 vinden wij niet dat je dan naar één factor kan kijken, maar dat je naar het totaal in balans moet kijken of je wel of niet ergens iets naar beneden of naar boven bijstelt. Die discussie doen we gewoon bij de begroting als het nodig is. Wat ons wel zorgen baart is het lage niveau van uitvoeren van alle activiteiten die zijn opgedragen, waar wij als raad blij van zouden worden als ze daadwerkelijk worden gerealiseerd. De cijfers zijn nog iets treuriger als je erbij nadenkt dat er al een bijstelling naar beneden heeft plaatsgevonden. We kunnen niet alles op corona zetten, dus we weten ook dat er problemen zijn qua personeelscapaciteit, dat we daar flink aandacht aan moeten besteden om dat omhoog te

4

krijgen. Maar laten we vooral ook heel realistisch, toch wat realistischer dan nu, gaan plannen: hoe krijgen we de uitvoering op orde? Dit is gewoon een kritische kant ‘…’, omdat we zo graag willen zien dat dat gebeurt wat wij met zijn allen graag willen. We laten nu ook dingen niet opnemen in het investeringsplan, of schuiven dat ver naar achter, omdat we gewoon de middelen in een enig jaar niet hebben en als je het dan doorschuift is dat reuze zonde. Ja, de Berap zit goed in elkaar, eindelijk staan we een keer aan de goede kant van wijzigingen in de circulaire. Vele jaren stonden we aan de verkeerde kant. De voorzitter: Mevrouw Verhoeff, u heeft een interruptie van de heer IJsbrandy. De heer IJsbrandy: Dank u wel. Mevrouw Verhoeff, waar komt toch dat idee vandaan dat er een positief resultaat is in deze Berap? Mevrouw Verhoeff: Als u kijkt, dan ziet u dat het verwachte jaarresultaat 4,7 miljoen positief is. Dat lijkt me een heel duidelijke boodschap die het college geeft. Hoe u dat gelooft, dat mag u dadelijk bij de volgende producten zien, maar op dit moment is dit de raming en daar ben ik dus blij mee. De heer IJsbrandy: Mag ik nog even? De voorzitter: Ja, mijnheer IJsbrandy. De heer IJsbrandy: Maar dat is toch … Dit is geen geloof, dit is gewoon de feiten zijn dat er gewoon 15 miljoen uit de reserves gehaald wordt om dit positieve resultaat te bereiken.

Dat is dan toch geen positief operationeel resultaat? Mevrouw Verhoeff: Mijnheer IJsbrandy, ik vind het bijzonder hoe u dit kunt interpreteren als u ziet dat ons weerstandsvermogen naar een niveau gaat waarbij zelfs de accountant zegt: pas wel op, haalt u uw doelen nog wel, gemeente? Want u heeft een dusdanig resultaat dat op uitstekend begint te lijken, of misschien zelfs wel uitstekend is, dan moet je kritisch zijn: heeft u wel voldoende middelen ingezet op uw doelen? Dus uw … Nou, ik ga verder met mijn verhaal, ik ben al bijna klaar, maar ik begrijp u echt niet. O, ik moet hem juist wel aan laten. Ook enige zorg is er wel dat de klachtafhandeling, dat daar … Nou, de klad in komt is niet waar, maar dat de doelstelling niet gehaald wordt. Wij vragen sowieso aandacht, zonder erover te gaan zeuren, maar wel aandacht: zorg dat mensen de gemeente makkelijk en doelmatig kunnen bereiken. Want ik vind het zelf, als ik gewoon als burger bel, compleet ingewikkeld en negen van de tien keer word ik niet doorverbonden omdat mensen er niet zijn. Dat snap ik, hè, telefoonnummers niet mogen worden gegeven. Laten we daar aandacht aan besteden, dat is eigenlijk gewoon de oproep. En verder, ja, laten we gewoon ons best blijven doen om alle doelen te halen die erin staan, en die rode smileys, alsjeblieft, extra aandacht? De voorzitter: Dank u wel, mevrouw Verhoeff.

Zijn er verder nog mensen die iets willen bijdragen? Dan geef ik het woord graag aan wethouder Roduner, gaat uw gang. Wethouder Roduner: Dank u wel, voorzitter. Nou, ten opzichte van de kadernota zijn we er eigenlijk ontzettend op vooruitgegaan, 12,2 miljoen is al gememoreerd. Een aantal belangrijke posten hebben daaraan bijgedragen, dus de zekerheid over de coronacompensatie vanuit het Rijk, het positieve resultaat eigenlijk wat al in de meicirculaire zat. Wat in ieder geval ook de komende jaren ons ontzettend gaat helpen is dat het Rijk in ieder geval over de brug lijkt te komen met extra middelen voor jeugd. We hadden al gerekend in onze begroting, nou, we hadden eigenlijk al gezorgd dat de eventuele tekorten bij jeugd gedekt zouden kunnen worden, dus eigenlijk al het geld wat we dan ook krijgen van het Rijk is in dat opzicht ook een meevaller voor

5

de gemeente en ontlast onze begroting op een aantal punten. En om daarom nog even de vraag van OPHaarlem te beantwoorden: nee, door die 6 miljoen expliciet in de algemene reserve te storten, houden we wel zicht op de middelen die we gekregen hebben voor jeugd – dat is overigens 2022, dus ik loop een beetje op de begrotingszaken vooruit – maar op die manier houden we dus wel zicht waar de middelen voor jeugd heen gaan en is er ook duidelijk, zonder dat het nou specifiek bestemd is voor jeugd, maar is ook duidelijk dat er een dotatie is gedaan aan de algemene reserve voor jeugd en dan kunnen we uiteindelijk ook het gesprek met elkaar aangaan dat mochten er noden of wensen zijn bij jeugd, dat misschien op termijn daar ook weer een beroep op kan worden gedaan. De voorzitter: Mijnheer Smit. De heer Smit: Waarom, geachte wethouder, is die stap gemaakt om het aan de algemene reserve toe te voegen en niet gewoon even op dit moment ook bij jeugdzorg te laten? Want het is nu niet gelabeld in de algemene reserve. De voorzitter: De wethouder. Wethouder Roduner: Dan moet u één stap teruggaan. Kijk, het standpunt van de Vereniging Nederlandse Gemeenten is eigenlijk dat het geld wat wij nu van het Rijk krijgen, dat dat niet zozeer is voor extra jeugdgeld, maar vooral om de tekorten uit het verleden te dekken.

Dus wij hebben voor 2022, en ’21 en ’22 hadden wij zelf al in onze eigen begroting de tekorten voor jeugd opgelost. Daar hebben we ook afgelopen jaren maatregelen op moeten nemen op andere beleidsvelden ook om die tekorten te dekken. Op het moment dat je dus geld krijgt voor jeugd voor die tekorten uit het verleden, is dat dus ook wat meer algemeen geld, dat is het standpunt van de Nederlandse Gemeenten. Alleen, het Rijk heeft ook gezegd: maar we gaan er wel van uit dat dat voor jeugd bestemd is. Dus daar zit een beetje frictie ook tussen en juist om die … Ja, het is dus niet expliciet voor jeugd bestemd, dus dat rechtvaardigt denk ik geen specifieke reserve. Maar we hebben het wel, nou ja, in ieder geval transparant, helder in de algemene reserve gezet, zodat we wel dat beeld van het Rijk ook een beetje overeind houden. Dus dat is wat er gebeurd is. Dat heeft in ieder geval … Dus die incidentele middelen heeft ook incidenteel tot extra ruimte geleid. Nou, de invulling daarvan gaan we straks bij de versterkers met elkaar bespreken. Structureel heb ik u denk ik bij het aanbieden van de begroting al gezegd: structureel is er eigenlijk heel weinig ruimte om iets te doen. We zitten nog echt met veel onzekerheid en dat rechtvaardigt denk ik ook een voorzichtige begroting. Maar er is in ieder geval incidenteel ruimte en die is dus deels ingezet voor de zogeheten versterkers.

Die liggen ook voor aan de raad, dus het budgetrecht van de raad wordt daarin ook gestand gedaan. De parkeerboetes, ik denk dat die gewoon onderdeel zijn van onze parkeerbatenbegroting. Ik bedoel, ja, we willen eigenlijk liever dat mensen gewoon netjes hun parkeergeld betalen, maar mocht dat niet zo zijn, dan kunnen we een boete opleggen en dan wordt daarmee eigenlijk ook het parkeergeld weer aangevuld. D66 vraagt … De voorzitter: Wethouder, u heeft een interruptie van de heer Trompetter. De heer Trompetter: Ik heb daar toch wel een vraag over, want het lijkt me niet dat je op boetes zeg maar kunt begroten, op mogelijke ontstane boetes, over dat je wel denkt dat je ze binnenkrijgt. Dus ik vind het een beetje een gekke figuur eigenlijk. Het lijkt me meer een soort extra baat die dan komt. Wethouder Roduner: Nou ja, het betekent dat we gewoon uit het verleden hebben gezien dat er daar ook baten van komen, dat er dus structureel mensen zijn die hun boetes niet betalen. Nou, we hebben ook gelukkig een aantal extra maatregelen genomen om de betalingsbereidheid te vergroten, een nieuwe

6

scanauto en een scanscooter zelfs, dus daarmee hopen we ook dat mensen echt hun parkeergeld gaan betalen. Dat zal er misschien ook wel toe leiden dat de boete-inkomsten afnemen, dat is denk ik ook een goede ontwikkeling. Maar je kunt op zich prima inschatten ook welke boetes er komen. De voorzitter: U heeft nog een aanvullende vraag, mijnheer Trompetter. De heer Trompetter: Ja, omdat hij geen antwoord op mijn vraag gaf. Mijn vraag is meer principieel, of je boetes die nog niet zijn uitgeschreven dan begroot als onderdeel van je inkomsten. Ik vind dat nog eens vreemd, merkwaardig. Wethouder Roduner: Het kan in ieder geval wel. Dan … O, dat roept nog een interruptie op, voorzitter. De voorzitter: Mijnheer Van den Raadt. De heer Van den Raadt: Ja, want als nou de parkeerboetes dalen – straks gaan we allemaal met de fiets, of een paar mensen niet – maar betekent dat dan dat die paar mensen dan hogere parkeertarieven moeten gaan betalen om het een beetje in evenwicht te houden? Wethouder Roduner: Nou, of dat uiteindelijk moet worden aangevuld met hogere parkeerinkomsten, daar gaat u zelf over uiteindelijk als raad. U moet daarmee instemmen. Maar mochten er minder boetes binnenkomen, ja, dat is dan een autonome ontwikkeling die we gewoon in de begroting zullen moeten verwerken. Dus dat gaat gewoon autonoom, daar kunnen wij ook niet op sturen.

We kunnen niet de boetebedragen opeens flink verhogen, dat is gewoon automatisch zal dat leiden tot minder inkomsten in de gemeentekas. De heer Van den Raadt: U kunt natuurlijk ook met een voorstel komen … De voorzitter: Mijnheer Van den Raadt, u heeft nog een vraag? De heer Van den Raadt: Ja, laatste, voorzitter. De voorzitter: Gaat uw gang. De heer Van den Raadt: U kunt dan ook met een voorstel komen om fietsbelasting in te voeren bijvoorbeeld. Wethouder Roduner: Nee, dat kan niet, dus er moet wel een wet aan ten grondslag liggen om uiteindelijk een aantal belastinginkomsten te heffen. Nou, parkeerinkomsten is inderdaad een van de gemeentelijke bevoegdheden die wij volgens de wet hebben gekregen. D66 vroeg nog aan de ozb. Nou kijk, de ozb is structureel, dus daar zien we op dit moment gewoon niet de ruimte voor om structureel ook echt iets aan de lasten te doen. Wat u wel terugziet in de versnellers zogeheten is wel dat wij wel aan de afvalstoffenheffing een bijdrage hebben gedaan om juist ook die lasten voor de Haarlemmers beperkt te houden. Dat zit denk ik op twee manieren werkt die door. Aan de ene kant is die gewoon wat verlaagd. Hij zou volgend jaar nog verder stijgen en die stijging is er eigenlijk uit gehaald.

En doordat we nu wat extra investeren in de afvalscheidingscapaciteit, ik noem het even zo, verwachten we ook dat we op de lange termijn daar ook niet alleen qua afvalscheiding profijt van hebben, maar uiteindelijk ook financieel. De afvalverbrandingsbelasting is stevig en de verwachting is ook dat die nog wel weer gaat stijgen, dus hoe beter wij ons afval scheiden, uiteindelijk hoe beter voor de gemeentelijke lasten. Partij van de Arbeid had een vraag over eigenlijk de IPrealisatie. Nou, u kunt zien, volgens mij zit het in de bestuursrapportage dat daar vanuit het college ook

7

aandacht op is en dat we daar met een voorstel gaan komen hoe we die IP-realisatie beter kunnen realiseren. Die zit met name in het programma 5 – ja, ik kijk af en toe even naar links, want dit is voor mij ook wel weer nieuwe materie allemaal. En de klachtenafhandeling, ja, dat is volgens mij een uitspraak die u doet die verder niet in de Berap, waar ik geen reactie op heb, maar ik denk dat u daar gewoon aandacht voor vraagt en dat kunt u ook bij de wethouder Bedrijfsvoering doen. De voorzitter: Dank u wel. Zijn er verder nog vragen? Mijnheer Van den Raadt. De heer Van den Raadt: Nou ja, u zegt – dat vind ik hartstikke goed, hoor, dat u dat zegt – dat u de lokale lastenstijging wil beperken. We weten nu allemaal dat natuurlijk door die energiecrisis straks mensen 900 euro voor hun gasrekening extra gaan betalen, boodschappen zullen duurder worden want het moet vervoerd worden. Ik neem aan dat tuinboontjes die in de kassen gekweekt worden, waar ze gas stoken om het warm te houden, ook duurder worden. Dus alles zal duurder worden. Kunt u op de een of andere manier daar ook nog iets mee, dat u zegt: nou, we merken dat de gemiddelde Haarlemmer straks anderhalf keer zoveel geld moet uitgeven om te overleven, dus wij als grote gemeente die heel goedkoop geld kunnen lenen gaan nog iets lager in die lokale belastingen zitten. De voorzitter: De wethouder.

Wethouder Roduner: Nou, ik denk niet we, dat kunnen we in ieder geval niet oplossen door zelf extra schulden aan te gaan. Volgens mij, ik las een bericht vandaag dat de inflatie verwacht wordt te gaan naar drie procent. Ik denk, dat is echt stevig ook vanwege de energielasten. We houden zelf de stijging van de lasten op 0,5 procent, dus dat is echt een substantieel lager onder inflatieniveau, dus dragen we denk ik op een positieve manier bij aan het beperken van de inflatie en de stijging voor onze inwoners. Ik denk dat uiteindelijk is natuurlijk de echte oplossing dat we met elkaar zorgen dat we minder energie gaan gebruiken. Dat is denk ik de enige echte oplossing, dus minder energiegebruik, dus inderdaad toch wel meer die fiets pakken in plaats van de auto, het huis beter isoleren, zorgen dat we uiteindelijk een aantal van onze wijken en energieprocessen ook gewoon zuiniger maken en uiteindelijk ook echt CO2-neutraal, of af kunnen van de fossiele brandstoffen. Dat is denk ik uiteindelijk de echte opgave. Ik denk dat we naar gemeentelijk inzicht ook daar een stevige bijdrage leveren, misschien de leningsinstrumenten die we inzetten, we hebben een actief duurzaamheidsbeleid en ook voor onze eigen portemonnee ons gemeentelijk vastgoed hebben we ook een behoorlijke investering gedaan.

Ik denk dat dat de oplossing is, maar dat is misschien meer een discussie die thuishoort in de commissie Beheer. De voorzitter: Dank u wel, wethouder. Er is nog één vraag waar ik u geen antwoord op heb horen geven. Nu zit ik zelf in het presidium, misschien kan ik daarin wat betekenen. Die kwam van mijnheer Trompetter, u vroeg wat de griffie gaat doen voor het extra geld wat zij toegezegd hebben gekregen. De heer Trompetter: Nou, wat ze nodig hebben is inderdaad, eigenlijk … De voorzitter: Er ligt een plan van aanpak en als het goed is hebben de fractievoorzitters dat in ieder geval gekregen en als u dat wil, dan kan ik ervoor zorgen dat u dat ook kunt inzien. Ja? Sorry? Mevrouw …: ‘…’ (buiten microfoon). De voorzitter: Ja, u zou het moeten hebben. Goed, tot zover.

8

6.1 * 20210449019 Motie 40 Eén voor allen, allen voor één De voorzitter: Dan ligt er nog een motie, motie 40, ‘Eén voor allen, allen voor één’. Gaat de commissie akkoord met de afdoening van deze motie? Ja? Nu gaat deze nota, of deze bestuursrapportage gaat ter advisering naar de raad, maar dat gaat niet naar de raad van 14 oktober, maar hij gaat naar de begrotingsraad. Dus de vraag is of die daar als hamerstuk aan gevoegd kan worden. Mijnheer Rutten. De heer Rutten: Voorzitter, nee, wat mij betreft niet. Ik wil hem gewoon mee kunnen nemen in de termijn en de behandeling van de begroting en niet even separaat afhameren. De voorzitter: Nou ja, dat lijkt mij mogelijk, toch? Ik kijk even naar de griffie. Die versnellers komen, mijnheer Rutten, als het u daarover gaat, die komen in de komende raad aan de orde. De heer Rutten: Dat klopt, maar de weerslag daarvan zit voor een deel in de Berap en zit ook voor een deel in de begroting. De administratieve verwerking. Dus ik behoud me het recht voor om daar ook bij de begrotingsbehandeling nog wel wat over te zeggen. De voorzitter: Oké, dat zou betekenen dat die Berap in één klap gezamenlijk met de begroting al dan niet vastgesteld gaat worden, dat is uw voorstel. De heer Rutten: Klopt.

De voorzitter: Ik kijk even naar de griffie of dat mog… Mijnheer Rutte, ik zeg u toe, wij hebben morgen een presidiumvergadering en dan komt het ook aan de orde en dan houden we u op de hoogte van hoe dat voorstel valt. Ja? De heer Rutten: En anders wil ik hem als hamerstuk-stemverklaring, dat is dan het alternatief. De voorzitter: Oké, prima. Goed, eens even kijken, hoor. 7.

Verzoek Alliander voor gemeentelijke deelname in obligatielening ten behoeve van energietransitie (FR) De voorzitter: Agendapunt 7, het ‘Verzoek van Alliander voor gemeentelijke deelname in de obligatielening ten behoeve van energietransitie’. Haarlem krijgt als minderheidsaandeelhouder van Alliander de vraag deel te nemen in een obligatielening. Alliander heeft kapitaal nodig om de grootschalige energietransitie – waarschijnlijk ja – investeringen te doen die nodig zijn in verband met het klimaatakkoord en de energietransitie. Het college stelt voor het voorstel van Alliander te honoreren en is bereid om voor 125 procent deel te nemen van het pro rata deel van het Haarlemse aandeel. Om deze reden stelt het college de commissie Bestuur in de gelegenheid het voorgenomen besluit om deel te nemen aan de obligatielening te bespreken, voordat het college een definitief besluit neemt en dit kenbaar maakt aan Alliander. Wie mag ik als eerste het woord geven op dit onderwerp? Mevrouw Van der Windt. Mevrouw Van der Windt: Dank u wel, voorzitter. D66 is eigenlijk teleurgesteld in de zeer terughoudende reactie van het Rijk. Het lijkt ons eigenlijk dat dit bij uitstek een lening is die aangegaan en geborgd zou moeten worden door het Rijk en niet door individuele gemeentes. Ik heb twee vragen.

Zijn er mogelijkheden, bijvoorbeeld in MRA-verband, om samen een krachtig appel te doen op het Rijk dat die alsnog naar deze lening kijkt? Een tweede vraag is: wanneer niet alle gemeentes meedoen, verbindt Alliander zich dan wel om het geld eerst aan te wenden ter verbetering van de noodzakelijke verbeteringen in de gemeentes die wel

9

meedoen, zodat de gemeentes die niet meedoen pas als laatste aan bod zijn? En hoe schat u de kans van een dergelijke voorwaarde in? Dank u wel. De voorzitter: Dank u wel, mevrouw Van der Windt. Mijnheer Trompetter. De heer Trompetter: Dank u wel. Ik ben ook wel nieuwsgierig naar de antwoorden op de vragen die D66 heeft gesteld. Actiepartij is er wel mee akkoord met het voorstel, omdat het netwerk een verbetering nodig heeft om toekomstige stroomuitval te voorkomen en om onze energietransitie met duurzaamheid mogelijk te maken. Nu al kunnen er geen straten vol worden gelegd met zonnepanelen, omdat het net het gewoon niet aankan. Het is wel te hopen dat er geen nieuwe vergunningen voor datacenters worden uitgegeven, met als gevolg meer waterverbruik – in Haarlem toevallig niet – belasting van het net en nauwelijks extra werkgelegenheid. Dank u. De voorzitter: Dank u wel, mijnheer Trompetter. Mijnheer Linder. De heer Linder: De ChristenUnie is op zich akkoord met het voorstel van het college. We moeten bij energietransitie gas geven, we vinden het erg verdrietig dat om de krant te lezen dat er groene stroom wordt opgewekt die niet aan het netwerk geleverd kan worden, omdat ons netwerk het gewoon niet aankan. Daarom willen wij de wethouder ook vragen of hij bereid is om samen met de andere aandeelhouders in Den Haag te gaan lobbyen voor meer geld.

Is dat door een brief te sturen, of om bestuurlijk overleg te arrangeren? De voorzitter: Dank u wel, mijnheer Linder. Mijnheer Van den Doel. De heer Van den Doel: Dank u wel. Wij zaten er ook even tegenaan te hikken waarom het Rijk dit niet zou moeten betalen. Nou, ik heb twee voorgangers die die vraag al hebben gesteld, dus dat hoef ik niet nog te doen. We zijn natuurlijk wel aandeelhouders en de lening wordt aangevraagd bij de aandeelhouders om het reserve convertible te maken, dus dat betekent dat je lening omgezet kan worden in aandelen en dan wordt het lastig om een partij van buiten erbij te betrekken, als ik het goed begrepen heb, en dat is mijn vraag de wethouder. Maar verder zijn we akkoord, omdat wij ook zien dat het net grote uitbreiding nodig heeft om alle uitvraag die we met zijn allen doen, om daaraan te voldoen. Wij willen niet dat Haarlem op een gegeven moment dingen moet afsluiten of niet toekennen, zoals laadpalen en andere voorzieningen, omdat het net het niet aankan. Ik denk dat dat economisch buitengewoon onverantwoord zou zijn en als je dan ziet over wat voor bedrag het gaat, dan denk ik: de economische problemen die zouden kunnen opdienen door een tekortschietend net zijn zoveel groter, dan moeten we dit echt doen. Dat was het, dank u wel. De voorzitter: Dank u wel, mijnheer Van Doel. Mevrouw Wisse. Mevrouw Wisse: Dank u wel, voorzitter.

De PvdA stemt ook in met het collegebesluit, omdat we inderdaad eenmaal goede infrastructuur nodig hebben om nieuwe bedrijven, woningen en energieprojecten aan te kunnen sluiten. We hebben wel één vraag aan de wethouder. Er lijken nu in Haarlem opeens knelpunten uit de lucht te vallen, bijvoorbeeld bij bedrijven in de Waarderpolder en het zonnedak van de Rudolf Steiner, die opeens niet aangesloten kunnen worden op het net – althans, voor ons lijkt dat opeens. Waren de knelpunten die we nu hebben niet te voorzien en hadden we hier dus niet op kunnen anticiperen? En is er wel regelmatig overleg tussen Alliander, de provincie en Noord-Holland en natuurlijk gemeente Haarlem over de plannen die we hebben voor de stad? Dank u wel. De voorzitter: Dank u wel, mevrouw Wisse. Mijnheer Smit.

10

De heer Van den Raadt: Ik had een interruptie. De voorzitter: Mijnheer Van den Raadt heeft een interruptie op mevrouw Wisse. Gaat uw gang. De heer Van den Raadt: Ja, want ik vroeg net bij het vorige onderwerp met die aankomende hoge gasprijzen wat de wethouder daaraan kan doen en dan zegt de wethouder: nou, je moet zo snel mogelijk van het gas af en dat energienet op eigenlijk. Maar u komt nu zelf tot de ontdekking dat dat niet de juiste oplossing is. Wat vindt u daarvan? De voorzitter: Mevrouw Wisse. Mevrouw Wisse: Ik vind het gewoon heel jammer dat we niet gewoon in 2018 al begonnen zijn met, voordat we onze grote duurzaamheidsplannen hadden, eerst eventjes in gesprek te gaan met Liander: zijn we daar eigenlijk wel op voorbereid? Want nu bij de kleinste projecten blijkt eigenlijk al dat het misgaat, terwijl we grote woningbouwplannen hebben, echt grote wind- en zonneprojecten moeten gaan uitvoeren. Ja, heel jammer, niet goed genoeg geanticipeerd, niet goed genoeg overlegd, ben ik bang. De voorzitter: Mijnheer Smit. De heer Smit: Dank u wel, mevrouw de voorzitter. Ik kan mevrouw Wisse niet geruststellen, want ik denk dat we nog jarenlang in forse problemen zitten voordat het hele elektriciteitsnet aangepast is aan onze ambitie. Dat gaat nog echt jaren duren. Toch een vraag hierbij.

Ik mis – gewoon uit zorgvuldigheid, misschien dan ook wel uit noodzaak en dat wil ik ook horen van de wethouder – het advies van de Treasury Commissie. Voor de rest sluit ik me aan bij de opmerkingen en vragen die gesteld zijn. Dank u wel. De voorzitter: Dank u wel, mijnheer Smit. Mijnheer Rutten. De heer Rutten: Dank u wel, voorzitter. Je kan je op een gegeven moment afvragen bij dit soort dingen: als wij het niet doen, wie doet het dan wel? Dat daar een kapitaalinjectie naartoe moet, lijkt mij vrij helder. Van de week in NRC een interessant artikel over al deze mogelijkheden, de groene obligaties. Dan zie je dat bijvoorbeeld TenneT 1,8 miljard euro uit groene obligatieleningen uit de markt haalde en dat de Volksbank een maand later 500 miljoen. Dus de vraag is: heeft Alliander ook overwogen en een poging gedaan, of heeft u daar ook op gereageerd als college, om het uit de markt te halen, waar goede conditie zijn voor groene obligatieleningen – dat kan ik ook iedereen die geld wil investeren aanraden om het groen te doen – in plaats van naar de aandeelhouders toe te gaan? Want ik vind dat nogal een tweede stap die ik eigenlijk pas gerechtvaardigd vind op het moment dat Alliander duidelijk kan maken en aantoonbaar kan maken dat het uit de markt niet komt. De voorzitter: Dank u wel, mijnheer Rutten. Dat was het qua … Mijnheer Van den Raadt, gaat uw gang.

De heer Van den Raadt: Ik kan me helemaal aansluiten bij de vorige spreker. Prima dat Liander wat wil, maar dat hoeven ze niet bij de gemeente Haarlem te proberen. Kijk, als u zegt als wethouder: nou, wij gaan wel meedoen, maar dan eisen we hele goedkope stroom en heel goedkoop gas, zodat we de Haarlemmers gaan helpen. Prima, maar dat gaat u waarschijnlijk niet doen. U bent waarschijnlijk wel mee bekend dat er andere mogelijkheden zijn. Ze kunnen gewoon misschien een keertje aanbellen bij een bank, of obligaties uitgeven. En het hele verhaal met die warmtenetten, daar waren ze bijvoorbeeld, daar zijn we hier ook blij over, maar het heeft er zijdelings wel wat mee te maken, maar in Rotterdam staat dat al op instorten en in Purmerend

11

waren er natuurlijk al megaproblemen, dus Trots Haarlem adviseert om hier verre van te blijven. Laat ze eerst aanbellen bij een bank, of obligaties in de markt te zetten en niet te zorgen dat Haarlem uiteindelijk, als het allemaal misloopt, met de gebakken peren zit, maar die kunnen we dan niet meer bakken, want we hebben geen gas. De voorzitter: Dank u wel, mijnheer Van den Raadt. Mijnheer IJsbrandy. De heer IJsbrandy: Dank u wel. Er moeten denk ik toch een paar dingen opgehelderd worden als ik zo de vragen beluister. Toen Liander ontstond, dat is een onderdeel van Alliander, was het de verplichting vanuit Economische Zaken om veertig procent eigen vermogen te krijgen. Dat is toen zeg maar door de toenmalige moederbedrijf Nuon dat geregeld bij de inbundeling die toen plaatsvond. Die veertig procent staat volgens mij nog steeds, betekent dus ook dat als Alliander weer groot gaat investeren, dat ze veertig procent eigen vermogen nodig hebben om dan zestig procent alsnog uit de markt te halen. Dus die groene obligaties zullen er heus wel komen, maar dat is dan voor die zestig procent en niet voor die veertig procent. Voor die veertig procent moeten ze terug naar de aandeelhouders. Nou heeft Haarlem het grote geluk dat dat een hele kleine aandeelhouder is, namelijk 0,093 procent, dus dat is echt minuscuul.

Bijvoorbeeld de provincie Gelderland, de grootste aandeelhouder, heeft een aandeel van meer dan 44 procent van Alliander. Dus als die ook pro rato worden aangeslagen voor de investeringen die eraan zitten te komen, ja, dan zal de provincie Gelderland naar schatting een 15 miljard ongeveer moeten investeren in Alliander om volgens dit principe dit te gaan bewerkstelligen. Dit is hun eerste tranche, het gaat nu om 1,2 miljard extra investeringen. Uiteindelijk zal Alliander, er zijn schattingen tot 2050, die praten over 100 miljard dat de netbeheerders moeten gaan investeren. Tot 2030 gaat het om 40 miljard, dus dit is een eerste tranche, waarschijnlijk zal het uiteindelijke bedrag nog wel wat hoger worden. Maar ja, Haarlem is echt spekkoper doordat we een heel laag aandeel hebben. Ons aantal aansluitingen is bijvoorbeeld 2,4 procent van het totale aantal van Liander, dus als je dat als grondslag zou nemen, dan zouden we 26 keer zoveel moeten betalen als dat er nu gevraagd wordt. Dus ik zou zeggen: count your blessings en zet zo snel mogelijk die handtekening. De voorzitter: Dank u wel, mijnheer IJsbrandy. Dat waren de bijdragen? De wethouder. Wethouder Roduner: Nou, mijnheer IJsbrandy heeft dat eigenlijk wel heel mooi samengevat. Dus er ligt gewoon een noodzaak voor Alliander om het kapitaal te versterken, om juist ook weer dat vreemd vermogen extra aan te trekken.

Nou, daar kan dit een nuttige bijdrage in zijn en in ieder geval vanuit de inhoud ook gezegd hebben wij als college: wij vinden het een taak voor de overheden – het is ook een taak voor de overheden – om uiteindelijk voor dat eigen vermogen te zorgen en wij willen daar in ieder geval als Haarlem ook onze verantwoordelijkheid in nemen. Ik vind een naar rato … Wat is het, pro … Het aandeel wat we nu hebben, komen we er inhoudelijk goed uit, laat ik het zo zeggen. Die knelpunten waren natuurlijk wel te voorzien. Ik kijk even naar de Partij van de Arbeid. Ja, dat was wel te voorzien. Ik denk dat het al langer een lopende discussie is over: hoe gaan we de energietransitie met elkaar financieren? Ik heb daar vanuit de aandeelhoudersroute hebben we daar niet eerder een verzoek toe gehad, dus de vragen die u stelt liggen denk ik ook meer bij de beleidswethouder, noem ik het even zo, dus die ook de gesprekken heeft vanuit het beleid met zulke partijen over de energietransitie. Maar vanuit de aandeelhouder hebben wij niet eerder een verzoek gehad, dit is eigenlijk het eerste verzoek. Ik denk dat dit te prefereren is boven het inhouden van dividend om het aan eigen vermogen te versterken. Dus we hebben er in dat opzicht ook wel belang bij. En misschien toch even de vergelijking met de rijksbegroting, want TenneT heb ik ook gehoord.

Kijk, in de huidige begroting die bij de miljoenennota is gepresenteerd zit ook voor een kleine 3 miljard extra kapitaalinjectie in TenneT. Dus ook het Rijk heeft een opgave, TenneT is de landelijke netbeheerder en Liander zijn de regionale

12

netten eigenlijk, om het zo te zeggen, en iedereen moet daarin zijn eigen verantwoordelijkheid nemen. Dus ik zit een beetje te zoeken: hier nog weer een lobbybrief sturen naar het Rijk, ik weet niet of dat zinvol is. We zien in ieder geval dat het Rijk ook voor zijn deelneming ook zijn verantwoordelijkheid neemt. Ik hoop dat in ieder geval de provincie Gelderland bijvoorbeeld en Noord-Holland en Amsterdam, dat die ook instappen, want dan kan het ook echt vergeven worden. Als dat niet zo is, ja, dan moeten we ook kijken of überhaupt dit instrument wordt ingezet, of dat toch door Alliander moet worden teruggevallen op het inhouden van dividend. Ik denk dat dat vanuit Haarlem in ieder geval een minder te prefereren optie is, maar het gaat natuurlijk voor een aantal van de grote aandeelhouders echt over substantiële bedragen die hier gevraagd worden, dus dat zal even afwachten zijn hoe dat loopt. Nou ja, nog even GroenLinks, dit is dus ook weer nodig om van buiten kapitaal aan te kunnen trekken. Dit is het versterken van het eigen vermogen, daarom hopen we uiteindelijk ook dat weer andere investeerders, financiers instappen. Het aantal groene obligaties is explosief aan het toenemen, dus volgens mij moet dat ook wel goed komen.

Ja, en ja, D66 had ook nog een vraag: als de rest dan niet instapt, moet het dan naar onszelf? Ik denk niet dat wij dat als minderheidsaandeelhouder geregeld gaan krijgen en ik weet ook niet of ik dat nou per se … Ik bedoel, we hebben jarenlang geprofiteerd van het feit dat wij toch relatief veel aansluitingen hebben, dus om op dat moment gelijk met je vuist op tafel te gaan slaan is denk ik niet heel verstandig, want het kan ook een tegenreactie veroorzaken. Maar ik denk dat we gewoon met elkaar moeten hopen dat andere aandeelhouders ook instappen en dat we dit gewoon, zoals het CDA zegt, schouder aan schouder gaan doen. De voorzitter: Dank u wel. U heeft nog een vraag van de heer Rutten. Gaat uw gang. De heer Rutten: Nou ja, ik ben een beetje in de war, want wethouder IJsbrandy geeft nu een betoog waarvan u zegt dat hij het goed samenvat en ik heb aan u een vraag gesteld en in de papieren van Alliander komt dit niet voor en is er ook maar gewoon eigenlijk een vrijblijvend verzoek aan de aandeelhouders: wilt u alstublieft instappen, maar wilt u wel voor 1,25 procent instappen voor het geval dat andere aandeelhouders zeggen: we doen het niet? Dus die door wethouder IJsbrandy geschetste noodzaak heb ik nog niet gehoord, dus ik heb nog steeds geen antwoord op de vraag: is er in de markt gekeken om die kapitaalstructuur daar te verstevigen? De voorzitter: Wethouder.

Wethouder Roduner: Nou, had ik duidelijker moeten … Kijk, volgens mij, ik hoop dat ik het goed zeg, maar de wet schrijft voor dat netbeheerders in publieke handen moeten zijn, dus je kan niet een private investeerder vragen om zulke hybride aandelen, dus het is geen aandeel, maar een hybride lening te verstrekken. Dus vanuit de markt zal de zestig procent vreemd vermogen mag gefinancierd worden, maar alles wat inderdaad ook een beetje lijkt op eigen vermogen en dat is inderdaad een grens van veertig procent, zal toch door een publieke partij moeten worden verstrekt. Er zijn twee mogelijkheden, of eigenlijk drie, denk ik. Je kunt zeggen: we keren gewoon een aantal jaar geen dividend uit en dan versterken we op die manier, op een autonome manier het eigen vermogen. Je kunt zeggen: nou, we gaan echt eigen vermogen aantrekken. En dit is eigenlijk de derde manier weer, een soort tussenvorm waar je zegt: een hybride vorm die je mag meetellen met het eigen vermogen, wel meer in de vorm van een lening is. Volgens mij dat is het vliegwiel waarmee je ook juist naar de markt toe kan gaan en dat vermogen kan aantrekken, wat ook … Zestig procent van het vermogen moet ook nog op de markt worden gerealiseerd. En richting OPHaarlem, ja, de Treasury Committee heeft hier ook meegekeken en dat is ook verwerkt in dit stuk. De voorzitter: Nog een aanvullende vraag. Mijnheer Rutten, gaat uw gang.

13

De heer Rutten: Dat is dan echt de laatste, hoor, want het is toch een schip wat niet meer te keren is. Maar het besluit is al genomen door de grootaandeelhouders. Hoeveel hoesten die bij elkaar op? De grootaandeelhouders van Alliander hebben dit al geaccordeerd en die hebben dit ook uitgewerkt, dat staat er: “In samenspraak met de grootaandeelhouders is gekozen voor de uitgifte van die reverse convertible hybrid obligatielening” – ik vraag me af hoe ze het thuis noemen. Hoeveel leveren zij bij elkaar dan op van dat benodigde bedrag van 600 miljoen met die ondergrens van 550? Met andere woorden: wat gebeurt er als wij niet meedoen? Wethouder Roduner: Gelderland en Noord-Holland hebben zich wel gecommitteerd, dus dat is fijn. Amsterdam is volgens mij nog onzeker, dus dat is denk ik ook … Ja, kijk, ik weet niet of zij zich voor 125 procent hebben gecommitteerd, die andere twee provincies. Ja, dus dan lijkt het er wel op dat dat toch al redelijk kansrijk is dat de lening gaat lukken. Dus het is wel afgestemd met een aantal, Alliander heeft wel besproken met een aantal van hun grootaandeelhouders, maar er wordt ook aan de kleinere aandeelhouders een vraag gesteld. De voorzitter: Dank u wel, wethouder. Ik zag nog een … Ja, mijnheer IJsbrandy. De heer IJsbrandy: Ja, op gevaar dat als je hier kennis brengt, dat dat kennelijk gediskwalificeerd wordt.

Maar ik wou daar nog even aan toevoegen dat uiteindelijk die hele rekening natuurlijk gewoon door ons allemaal betaald wordt, hè? Ik bedoel, die investeringen zullen in de vorm van afschrijvingen en rentes gewoon in de netwerktarieven terechtkomen. De ACM ziet daarop toe. Dus uiteindelijk komt het volledige bedrag gewoon in ons huishoudboekje terecht en het is dus een beetje vestzak-broekzak of dat nou via de ene overheid of via de andere overheid wordt voorgefinancierd. De voorzitter: Dank u wel, mijnheer IJsbrandy, voor het meenemen van deze kennis. Mijnheer Smit. De heer Smit: Dank u wel, mevrouw de voorzitter. Mag ik het enigermate onzorgvuldig vinden dat de afwegingen van de Treasury Commissie niet opgenomen zijn in het besluit van burgemeester en de wethouder? De voorzitter: Mag mijnheer Smit dat onzorgvuldig vinden van u? Dat is uw mening. Of verwacht u nog een antwoord van de wethouder? De heer Smit: Mag ik de wethouder vragen om aan te geven in welke gevallen het advies van de Treasury Commissie bij B en W-besluiten gewenst c.q. noodzakelijk is? Dat hij dat aan kan reiken aan ons, zodat we dat voor de toekomst weten. De voorzitter: Wethouder. Wethouder Roduner: Nou, dat is een beetje een technisch antwoord. Bij garantieverstrekkingen en leningen doen we dat in ieder geval expliciet als een los document. Dit zit meer op het kapitaalinstrument.

Maar goed, er is wel heel kritisch naar gekeken en volgens mij ziet u die kritische blik ook terug in het stuk wat hier voorligt. De voorzitter: Mijnheer Smit.

14

De heer Smit: Zou u dat schriftelijk mee willen delen aan de commissie? Dan kan ik daar eventueel op enig moment een motie op maken. Wethouder Roduner: Wat wilt u precies schriftelijk hebben? De heer Smit: Dat u constateert dat met betrekking tot het aangaan van een obligatielening blijkbaar het advies van de Treasury Commissie niet verplicht is. Klopt dat? Wethouder Roduner: Ik begrijp dat die er wel is, alleen dat die niet expliciet hier is opgenomen. Dus dat zou denk ik ook even moeten opzoeken waar dan precies de afspraken in staan over hoe we met zulk soort zaken omgaan. De heer Smit: Graag van u de afspraken en dan kan ik dat beoordelen. Dank u wel. De voorzitter: Hoor ik hier, is hier een toezegging van de wethouder dat dit nagestuurd wordt? Ja, dat wordt dus nagezonden aan de commissie. Ja, oké, prima. Dan neem ik aan dat dit stuk voldoende behandeld is. Het was ter bespreking, dus er hoeft verder geen oordeel van de commissie over gegeven te worden hoe het naar de raad gaat. Dan wil ik de wethouder graag bedanken. U bent hier klaar voorlopig, u komt wel weer terug aan het eind van de avond. Mijn complimenten voor de manier waarop u zich van deze taak hebt gekwijt, u neemt het over van wethouder Rog, die tijdelijk afwezig is. Nou, goed gedaan. Ter advisering aan de raad 8.

Versterkers Duurzaam doen: incidentele impuls voor 2021 t/m 2023 (JW en JB) De voorzitter: Dan gaan wij door – tenminste, als wethouder Botter en de burgemeester er zijn inmiddels – gaan wij door naar agendapunt 8. We gaan even kijken. Wethouder Roduner geeft aan dat hij nog even aanwezig blijft voor eventuele algemene vragen bij het volgende onderwerp. Oké, we gaan verder met agendapunt 8. Wethouder Botter is hierbij aanwezig. Het gaat over de ‘Versterkers Duurzaam doen: incidentele impuls voor 2021 tot en met 2023’. Er ligt een bestedingsvoorstel voor de periode ’21, ’22 en ‘23 en aan de raad wordt gevraagd om deze vast te stellen en de financieel-technische gevolgen hiervan te verwerken in de Bestuursrapportage 2021 voor het jaar 2021. Dat is in grote lijnen wat we hier gaan doen zo meteen. Verder wordt de raad gevraagd om in te stemmen met het doteren van 4,5 miljoen aan de reserve budgetoverheveling van 2021, te onttrekken van 3,5 miljoen uit de reserve budgetoverheveling in 2022 ter dekking van de incidentele voorstellen 2022 en het onttrekken van 1 miljoen uit de reserve budgetoverheveling in 2023 ter dekking van de incidentele voorstellen 2023 en deze te verwerken. Welkom, wethouder. Ja, ja.

De burgemeester is er nog niet, dus ik wil deze commissie vragen om de eventuele vragen en opmerkingen een beetje te splitsen in hetgeen wat hoort bij de portefeuille van deze wethouder en wat hoort bij de portefeuille van de burgemeester, die aanstonds zal aanschuiven. Dan beginnen we met de onderwerpen voor de portefeuille van wethouder Botter. Wie mag ik als eerste het woord geven? Goed, zullen we dat dan gewoon vaststellen in zijn geheel? Mijnheer Smit. En toch valt er een stilte. De heer Smit: … gewoon gebruiken. OPHaarlem is principieel tegen het voorstel van de versterkers. OPHaarlem is tegen de gescheiden behandeling van dit voorstel in relatie tot de programmabegroting. Wij vinden dat er een integrale afweging moet plaatsvinden, zeker gezien het bedrag, zeker gezien de voorstellen. Dan moet je in die integrale afweging met de programmabegroting nagaan hoe je als raad de incidentele ambities die hier staan, uitgaven, afweegt tegen de probleemstelling van de integrale meerjarenbegroting en

15

hoe je dat relateert aan de structurele uitgaven. Dat is één. Een tweede is wat ons enorm trof en dat bleek ook wel uit de vragen die OPHaarlem heeft gesteld – overigens ook dank aan Jouw Haarlem voor de vragen – is dat de opinienota van de SPA, die in het voorjaar is behandeld, alleen een opinienota en die toen met een hoop huiswerk is teruggestuurd met de wethouder mee: ga daar eens naar kijken. Die nota, die dus daarna geen behandeling heeft meer gehad in de commissie, staat nu als opinienota integraal uitgevoerd in de versterkers. Nou, als je je als commissie, maar ook als raad eigenlijk, belachelijk wil maken, dan moet je vooral deze versterkers gaan goedkeuren en voorbijgaan aan het feit dat de commissie en vervolgens de raad op geen enkele wijze de voortgang SPA heeft kunnen becommentariëren, heeft kunnen bespreken in de commissie en de raad. Daarbij vind ik wel een saillant detail, als je ziet welke grote problemen de stad nog kent – en ik zou er een paar kunnen noemen, maar die hou ik heerlijk voor me – dat er nu in dat voorstel staat, en dat is ook bekritiseerd door OPHaarlem in het voorjaar, dat er ik geloof 70.000 milieubelastende BEST-tassen worden gemaakt voor alle Haarlemmers. Dat staat nu ook pontificaal in het onderdeel van de, wat is het, achtenhalf of negen ton voor de voortgang SPA.

U kunt zich voorstellen dat alleen al dit punt ons wat doet lachen eigenlijk over het niveau van de versterkers. En natuurlijk kan je zeggen: o, wat goed dat we een paar dingen terugdraaien. Maar het fenomeen versterkers separaat behandelen van de programmabegroting vinden wij ten enenmale onjuist en ook het feit – en daar verwees volgens mij collega IJsbrandy naar – dat je eerst de reserve moet opkrikken om er 12 miljoen uit te halen, vinden wij toch wel enigszins zorgelijk. En ons afwegingskader is onvoldoende, want we hebben de begroting nog niet bestudeerd. Dus ik heb eigenlijk ook amper een vraag aan de wethouder, gewoon de constatering: voor ons kan dit niet. Dank u wel, mevrouw de voorzitter. De voorzitter: Dank u wel, mijnheer Smit. Mijnheer Trompetter. De heer Trompetter: Dank u wel, voorzitter. Wij hebben er ook moeite mee. Ik begon al met de begroting waar die eigenlijk een beetje thuishoort bij de Berap-behandeling, dat het wel een beetje Sinterklaas in het licht van de verkiezingen lijkt met sommige zaken. Dus wij hebben hier grote moeite mee, ‘…’ terugnemen. Ik weet niet precies wie waarover gaat, de camera’s is volgens mij de burgemeester, de externe inhuur is misschien de wethouder. Daar wordt nu weer heel veel gebruik van gemaakt en de vraag is dus of dit niet kostenverhogend is en waardoor er minder voor het doel overblijft.

Is het dan niet handig om dat zeg maar … O, de burgemeester is inmiddels aangeschoven. Dus Duurzaam doen heeft weinig met camera’s te maken, vanwaar de dekking uit deze post en niet structureel vanuit de algemene middelen? Veel van de voorstellen zijn incidenteel, hoe zit dat met de structurele kosten, bijvoorbeeld met Handhaving? Incidenteel worden er wat handhavers bij gezet, maar blijft dat zo? Of is het geld straks weer op en wordt het dan weer minder? Blijft de sociale basis structureel gefinancierd, of wordt dat weer een soortement van bezuinigingspost als het even tegenzit? Ofwel, wat zijn de garanties voor de toekomst in het kader van consistent beleid? Tot zover de eerste termijn. De voorzitter: Dank u wel, mijnheer Trompetter. Mijnheer Rutten. De heer Rutten: Voorzitter, dank u wel. Het is ook een wat eigenaardige behandeling, want we kijken nu per commissie naar de programma-uitgaven die in die versterkers worden genoemd, maar we bespreken niet in de commissie Bestuur het financiële verhaal met de wethouder Financiën of zijn vervanger. Ja, u zit daarachter, maar u stond niet aangegeven in de agenda om … De voorzitter: Ik heb net aangegeven, mijnheer Rutten, dat mijnheer Roduner aanwezig is voor het beantwoorden van eventuele vragen op zijn portefeuille.

16

De heer Rutten: Prima, inderdaad, dat heeft u net aangegeven, maar dat was bij de voorbereiding niet helder. Daarom zeg ik, het is wat eigenaardig hoe dat gaat. Maar los daarvan, Sinterklaas is vroeg dit jaar, mijnheer Trompetter gaf dat ook al aan en mijn collega’s van mijn fractie hebben dat ook in andere commissies aangegeven. Het college heeft door een meevaller uit het Rijk 12 miljoen over en dat is omgerekend 75 euro per Haarlemmer. Dat geld gaat niet terug naar de Haarlemmers. Het ging net al over de hoge energierekening, dan zou je ook die keuze kunnen maken. Maar niets is minder waar, want het college geeft zichzelf 12 miljoen cadeau. Nou, we kunnen een heel rijtje dingen noemen en ik weet dat mijnheer Van Kessel dat al heeft gedaan, ik weet dat mijnheer Blokpoel al een aantal dingen heeft genoemd en er zijn twee dingen die in deze commissie landen waar ik in ieder geval van de betrokken portefeuillehouders dan wel een wat nadere toelichting op wil: de anderhalve ton voor het leiderschapsprogramma. Het is interessant dat de sociaaldemocraat Tony Blair ooit zei dat de kunst van leiderschap is om nee te zeggen. Een ton, kortweg tachtig plus twintig voor een Europees reisbudget uit de nota internationaal, toch wel iets wat meer toelichting op wat daarmee bedoeld wordt.

Verder sluit ik me ook aan inhoudelijk bij de kritiek van mijnheer Smit van OPHaarlem over deze gang van zaken. Daar komen we ongetwijfeld op een later moment nog verder over te spreken. De voorzitter: Dank u wel, mijnheer Rutten. Mijnheer IJsbrandy. De heer IJsbrandy: Dank u wel. Hart voor Haarlem sluit zich aan bij de vorige sprekers die kritisch zijn op dit hele proces. Het gaat ons niet eens zozeer om het lijstje, hoewel er staan inderdaad zoals gememoreerd dingen op die toch echt structureel zijn. Althans, het terugdraaien van bezuinigingen en taakstellingen, het intensiveren van Handhaving of jongerenwerk, ja, dat is over twee jaar niet opeens niet meer nodig of zo. Dus dan zijn er toch posten die dan weer bezuiniging moeten worden of afgebroken moeten worden. Dus ja, ons ontgaat een beetje dat incidentele karakter van dit soort posten. Verder wordt er ook gezegd dat we die versterkers ook nog eens allemaal apart gaan monitoren. Die hele P&C-cyclus is toch al niet erg transparant, ik denk dat die niet bevorderd zal worden om ook nog weer eens aparte lijstjes rond de versterkers dan aan te gaan houden. Dus voor ons hoort dit ook gewoon thuis in de begroting per beleidsveld en als daar keuzes gemaakt worden voor de ene of de andere maatregel, prima, maar niet allerlei aparte lijstjes in het leven gaan roepen waar we straks alleen maar pijn in ons hoofd van krijgen.

De voorzitter: Mijnheer IJsbrandy, u heeft een interruptie van mevrouw Verhoeff. Mevrouw Verhoeff: Mijnheer IJsbrandy, volgens mij moet u wel even toelichten wat u verstaat onder niet transparant, want dat is feitelijk wat u zegt: er wordt hier wat geritseld achter de schermen. Ik denk niet dat u dat bedoelt, dus wilt u het alstublieft duidelijk maken? Anders staat dadelijk wel zo in de krant. De heer IJsbrandy: Nou, maar die … De heer …: ‘…’ (buiten microfoon). De heer IJsbrandy: Nou ja, kijk, het punt is: we maken een begroting en daar staat per beleidsveld in wat we gaan doen en dat komt eigenlijk pas weer terug in de jaarrekening, dan komen die beleidsvelden weer tevoorschijn. Tussendoor als we het hebben over de voorjaarsnota of over de Berap die we net gezien hebben, dan vind je die beleidsvelden eigenlijk niet terug. Daar worden hele aparte overzichten gemaakt van meevallers en tegenvallers, kriskras eigenlijk door de hele begroting heen. Er worden ook vergaande conclusies aan verbonden, zo van: we hebben 12 miljoen verdiend. Nou, we hebben helemaal niks verdiend, we staan er iets minder slecht voor dan we er in april voorstonden, zeg maar. Dus daardoor wordt ook jullie

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/12289851/1