1. Vestigen (voorlopig) voorkeursrecht ontwikkeling Hart voor Oostpoort
Tekst van het document
Collegebesluit
Onderwerp Vestigen (voorlopig) voorkeursrecht ontwikkeling Hart voor Oostpoort Nummer Portefeuillehouder Programma/beleidsveld Afdeling Auteur Telefoonnummer Email Kernboodschap
2026/129881 Roduner, F.J. 4.1 Wonen en woningbouw PG Dam-de Boer, S. van 06-28022704 svanboer@haarlem.nl De zone Oostpoort rondom het station Haarlem Spaarnwoude (met daarin de gebiedsontwikkeling Hart voor Oostpoort) is één van de belangrijkste ontwikkelgebieden in de gemeente Haarlem. Het gebied transformeert naar een compact, gemengd en aantrekkelijk stedelijk gebied om te wonen, werken en verblijven. Het merendeel van de gronden is in eigendom van de gemeente. Voor de resterende percelen zet de gemeente in op minnelijke verwerving. Om deze aanpak te ondersteunen en de regie op de gebiedsontwikkeling te waarborgen, kan op basis van de Omgevingswet een (publiekrechtelijk) voorkeursrecht worden gevestigd. Dit instrument voorkomt ongewenste grondspeculatie en versterkt de regierol van de gemeente, om haar daarmee in staat te stellen de ambities in het ontwerp Masterplan (december 2025), de toegekende WBIsubsidie (december 2021) en de SPUK WOKT 2.0 (november 2025) te realiseren. Het college besluit daarom tot het vestigen van een voorlopig voorkeursrecht voor de gebiedsontwikkeling Hart voor Oostpoort. De gemeenteraad dient dit binnen drie maanden om te zetten in een definitief voorkeursrecht om het te bestendigen. Zonder dit voorkeursrecht bestaat het risico dat derden grondposities innemen, die de gemeentelijke regie en herontwikkeling van Hart voor Oostpoort bemoeilijken.
Geheimhouding is van toepassing op het gehele collegebesluit inclusief bijlagen op grond van artikel 87 van de Gemeentewet op te leggen ten aanzien van dit besluit en de daarbij behorende bijlagen, ter bescherming van de economische en financiële belangen van de gemeente als bedoeld in artikel 5.1, tweede lid aanhef en onder b van de Wet open overheid. De geheimhouding wordt opgelegd tot de dag van publicatie van het collegebesluit. De geheimhouding wordt met ingang van de eerste dag na publicatie van het collegebesluit opgeheven.
Kenmerk: 2026/129881
1/11
Dit voorkeursrecht moet binnen 3 maanden door de gemeenteraad worden bekrachtigd. Behandelvoorstel voor
Het college stuurt het collegebesluit ter kennisname naar de commissie Ontwikkeling. Het collegebesluit betreft het vestigen van (voorlopig) voorkeursrecht. Onderdeel van het collegebesluit is bijlage c; een ontwerp-raadsbesluit. Deze is door het college vrijgegeven voor zienswijze voor een termijn van 2 weken (Art 4.8 Awb). Na afloop van deze termijn wordt een raadsvoorstel (met in achtneming van de zienswijze) opgesteld voor het vestigen van voorkeursrecht. Dit voorstel wordt in juni voorgelegd aan de commissie Ontwikkeling met het verzoek advies te geven aan de raad over de wijze van agendering van het raadsstuk in de raadsvergadering.
Relevante eerdere besluiten
-
-
Besluit college d.d. 21 april 2026
Startnotitie Ontwikkelzone Oostpoort (2018/323321); Vaststellen Ontwikkelvisie Oostpoort (2019/712616); Vaststellen Omgevingsvisie Haarlem 2045 (2021/492095); Toekenning impulsbijdrage versnelling woningbouw voor ontwikkelzone Oostpoort (2021/933572); Vaststellen Ontwikkelstrategie Oostpoort (2023/177910); Variant Masterplan “Hart voor Oostpoort” (2024/600695); Stationsbuurt Oostpoort: Principekeuzes voor het ontwerp-Masterplan (2025/498164); Aanvraag Specifieke Uitkering Woningbouw Op Korte Termijn 2.0 (SPUK WOKT 2.0) t.b.v. de fietsverbinding F205 ter hoogte van Hart voor Oostpoort (2025/611510); Ter inzage leggen van het ontwerp Masterplan Hart voor Oostpoort (inclusief Programma van Eisen voor de Leefomgeving) (2025/782111).
Het college van burgemeester en wethouders Besluit: 1. Op grond van artikel 9.1 lid 2 van de Omgevingswet een (voorlopig) voorkeursrecht te vestigen op de onroerende zaken die zijn aangegeven op de bij deze beschikking behorende en als zodanig gewaarmerkte grondtekening (bijlage a) en perceellijst (bijlage b), zodat op die onroerende zaken de artikelen 9.7 tot en met 9.22 van de Omgevingswet van toepassing zijn. Deze bijlagen vermelden de betrokken percelen, hun kadastrale grootte, en de namen van de eigenaren en de rechthebbenden van daarop rustende beperkte rechten, volgens de stand van de openbare registers van het Kadaster per 9 april 2026; 2. Te constateren dat op deze onroerende zaken een ontwikkeling wordt toegedacht met een niet-agrarische functie bestaande uit woningbouw,
Kenmerk: 2026/129881
2/11
openbare ruimte en infrastructuur, waarvan het huidig gebruik afwijkt. 3. Te concluderen dat deze onroerende zaken de afgelopen twee jaar niet bij een eerdere vestiging van een gemeentelijk voorkeursrecht op grond van de Wet voorkeursrecht gemeenten en/of de Omgevingswet betrokken zijn geweest; 4. Deze voorkeursrechtbeschikking, conform artikel 16.82a Omgevingswet in te schrijven in de openbare registers, zodat het voorkeursrecht in werking treedt en deze voorkeursrechtbeschikking bekend te maken overeenkomstig wettelijke eisen. 5. Vast te stellen dat dit voorkeursrecht van rechtswege vervalt drie maanden na het ingaan ervan, of op het tijdstip dat een voorkeursrecht ingaat dat door de raad wordt gevestigd op grond van artikel 9.1 lid 1. 6. Een geheimhoudingsverplichting op grond van artikel 87 van de Gemeentewet op te leggen ten aanzien van dit besluit en de daarbij behorende bijlagen, ter bescherming van de economische en financiële belangen van de gemeente als bedoeld in artikel 5.1, tweede lid aanhef en onder b van de Wet Open Overheid. De geheimhouding wordt op de eerste dag na inschrijving opgeheven. 7. Het ontwerp-raadsbesluit (bijlage c) vrij te geven voor zienswijzen nadat het voorlopig voorkeursrecht is ingeschreven. de secretaris,
de burgemeester,
1. Aanleiding Voor de gebiedsontwikkeling Hart voor Oostpoort is een masterplan opgesteld (inclusief een Programma van Eisen voor de Leefomgeving). Hart voor Oostpoort is een onderdeel van de grotere ontwikkelzone Oostpoort, waarvoor in 2019 een ontwikkelvisie is vastgesteld. Dit masterplan op hoofdlijnen beschrijft de ambitie voor het gebied rondom het station Haarlem Spaarnwoude. Het gebied wordt ontwikkeld tot een aantrekkelijke entree richting de stad, waarin een gemengd stedelijk gebied met wonen, voorzieningen en economische functies wordt beoogd. Dit wijkt af van het huidige gebruik. Het masterplan wordt op 21 april voor vaststelling voorgelegd aan uw college. Tegelijkertijd wordt voorgesteld de raad te verzoeken de grondexploitatie voor Hart voor Oostpoort te openen. Voor de ontwikkeling van Hart voor Oostpoort is de subsidie Woningbouwimpuls (WBI) en de Specifieke Uitkering Woningbouw op Korte Termijn 2.0 (SPUK WOKT 2.0) ontvangen.
Kenmerk: 2026/129881
3/11
Om de regie over de gebiedsontwikkeling te behouden en speculatie te voorkomen, wil de gemeente op grond van de Omgevingswet een voorkeursrecht vestigen op de onroerende zaken binnen dit gebied (zie bijlagen a en b) die niet binnen de gemeente in eigendom zijn. Dit geeft de gemeente de mogelijkheid om bij verkoop als eerste gegadigde deze grondposities te verwerven en de ambities van het masterplan te verwezenlijken. Het (voorlopig) voorkeursrecht van het college moet binnen drie maanden worden gevolgd door een besluit van de raad tot definitieve vestiging van het voorkeursrecht. Na bestendiging geldt een maximale looptijd van drie jaar. Het voorkeursrecht vervalt daarna, tenzij de beoogde functie vóór dat moment is opgenomen door het opvolgend planologisch instrument. 2. Beoogd resultaat Met het vestigen van een (voorlopig) voorkeursrecht voor Hart voor Oostpoort heeft de gemeente een betere onderhandelingspositie om een strategische grondpositie te verwerven binnen de gehele gebiedsontwikkeling, en de mogelijkheid om regie op die gebiedsontwikkeling te voeren en prijsopdrijving tegen te gaan. Het voorkeursrecht houdt in dat andere eigenaren en andere zakelijk gerechtigden van de aangewezen onroerende zaken in het gebied hun grond bij voorgenomen verkoop eerst aan de gemeente moeten aanbieden.
De gemeente kan op deze manier beter regie voeren op de ontwikkeling van Hart voor Oostpoort. 3. Onderbouwing voorstel 3.1 Snelle voorbescherming door het vestigen van een voorlopig voorkeursrecht Voorgesteld wordt om op grond van artikel 9.1 lid 2 Omgevingswet een voorlopig voorkeursrecht te vestigen. Dit is de snelste manier om een situatie van ‘voorbescherming’ te realiseren. Dat voorkomt grondverkopen in aanloop naar een raadsbesluit tot vestiging van een voorkeursrecht. Dit voorlopige voorkeursrecht vervalt van rechtswege drie maanden na het ingaan, tenzij voor dat tijdstip een raadsbesluit tot aanwijzing (op grond van artikel 9.1 lid 1 Omgevingswet) ingaat. In de voorkeursrechtbeschikking wordt de eerst mogelijke vervaldatum van het voorkeursrecht vermeld. 3.2 Het vestigen van een (voorlopig) voorkeursrecht zorgt voor een betere uitgangspositie op de grondmarkt om het beoogde resultaat te bereiken Haarlem heeft de ambitie om voor 2030 10.000 woningen te realiseren. De ontwikkeling Hart voor Oostpoort levert hierin een substantiële bijdrage. Om te voorkomen dat eigenaren of andere zakelijk gerechtigden van percelen in deze ontwikkelzone rechtshandelingen verrichten, die de verwerving c.q. ontwikkeling in de door de gemeente beoogde richting bemoeilijken of vertragen, is het van belang dat de gemeente een voorkeursrecht vestigt.
Het voorkeursrecht versterkt de onderhandelingspositie van de gemeente.
Kenmerk: 2026/129881
4/11
De gemeenteraad beslist uiteindelijk over de vestiging. Om te voorkomen dat de markt hierop anticipeert in de aanloop naar deze openbare besluitvorming, kan het college op grond van de wet vooruitlopend op een raadsbesluit een voorlopig voorkeursrecht vestigen. Deze voorlopige vestiging vervalt als de raad deze niet binnen drie maanden na het ingaan ervan bekrachtigt.
Kenmerk: 2026/129881
5/11
3.3 Het voorkeursrecht is onderdeel van de beoogde ontwikkelstrategie In 2023 is de ontwikkelstrategie voor de zone Oostpoort door de raad vastgesteld (2023/177910). Onderdeel van deze ontwikkelstrategie is dat de gemeente het voorkeursrecht onder de Omgevingswet als mogelijk instrument kan inzetten voor het realiseren van de gewenste gebiedsontwikkeling. 3.4 Met het voorkeursrecht krijgt de gemeente meer regie op de gewenste gebiedsontwikkeling Het doel van het vestigen van een voorkeursrecht is dat eigenaren van de gronden bij een voorgenomen verkoop hun gronden eerst aan de gemeente moeten aanbieden. Er is geen sprake van een verkoopverplichting, maar van een aanbiedingsplicht: de eigenaar beslist zelf of hij verkoopt, maar de gemeente heeft het recht van eerste koop. Met de verworven gronden kan de gemeente actief sturen op de ontwikkeling van het gebied en versnipperd grondeigendom concentreren. Dit maakt het eenvoudiger om via ruil of verkoop deelontwikkelingen mogelijk te maken. Zonder grondpositie kan minder sturing worden gegeven aan de gewenste gebiedsontwikkeling.
3.5 Het voorkeursrecht voorkomt ongewenste grondspeculaties in Hart voor Oostpoort Met de door het ministerie van BZK gehonoreerde WBI-subsidie (december 2021) en SPUK WOKT 2.0 (november 2025), het vast te stellen Masterplan en de te openen grondexploitatie wordt het aantrekkelijk voor speculanten om in vrijkomende grondposities te stappen. Hiermee wordt de ontwikkeling van Hart voor Oostpoort complexer, risicovoller en vooral kostbaarder. Met de vestiging van het voorkeursrecht wordt voorkomen dat speculanten grondposities overnemen. Prijsopdrijving kan nadelige gevolgen hebben voor de kosten en de uitvoerbaarheid van de ontwikkeling. 3.6 Algemeen belang weegt zwaarder dan individueel belang van de eigenaar Het algemeen belang dat met het vestigen van het gemeentelijk voorkeursrecht wordt gediend, weegt zwaarder dan het individuele (financiële) belang van de eigenaar. Het voorkeursrecht verplicht de eigenaar om bij een voorgenomen verkoop de percelen in beginsel eerst aan de gemeente aan te bieden. De eigenaar kan daardoor niet vrij aan een derde verkopen, maar moet daarvoor wel de reële (marktconforme) prijs vergoed krijgen. Deze beperking voor de eigenaar weegt niet op tegen het algemeen belang van de gemeente om regie te houden op de ontwikkeling en realisatie van de toegedachte bestemming op de betrokken locatie.
3.7 Er is geen eerder voorkeursrecht gevestigd op de percelen Conform artikel 7.1, lid 1, onder g van het Omgevingsbesluit dient in de beschikking van uw college vast te worden gesteld dat de percelen in de afgelopen twee jaar niet betrokken zijn geweest bij een eerdere vestiging van een gemeentelijk voorkeursrecht op basis van de Wet voorkeursrecht gemeenten en/of de Omgevingswet.
Kenmerk: 2026/129881
6/11
3.8 Juiste moment om voorkeursrecht te vestigen Het moment van vestigen van (voorlopig) voorkeursrecht luistert zeer nauw. Onder de Omgevingswet moet binnen 3 jaar na het vestigen van het voorkeursrecht het omgevingsplan (met de nieuwe functie waarvoor het voorkeursrecht is gevestigd, worden vastgesteld. Eerder vestigen van het voorkeursrecht was dus niet wenselijk.
4. Risico’s en kanttekeningen 4.1 Risico’s 4.1.1 Binnen 3 jaar na het vestigen van het voorkeursrecht moet er een omgevingsplan zijn Onder de Omgevingswet moet binnen 3 jaar na het vestigen van het voorkeursrecht op grond van artikel 9.1 lid 1 sub b, het omgevingsplan worden vastgesteld. Anders vervalt het voorkeursrecht. Dit betekent dat op korte termijn het masterplan nader moet worden uitgewerkt. 4.1.2 De wettelijke vormvoorschriften en termijnen zijn kort en strikt Er gelden korte reactietermijnen naar aanleiding van een aanbieding door de rechthebbende. Als een vormfout wordt gemaakt of te laat wordt gereageerd, is de rechthebbende vrij om de onroerende zaak te vervreemden. 4.2 Kanttekeningen
4.2.1. Zienswijzen belanghebbenden Belanghebbenden kunnen tegen de voorgestelde vestiging van het voorkeursrecht door de raad zienswijzen indienen. Deze zienswijzen worden meegenomen in de door de raad te maken belangenafweging bij de (definitieve) vestiging. In deze belangenafweging kunnen ook de eventuele meer specifieke, op de individuele situatie van de eigenaar toegespitste belangen door de raad worden meegewogen. Om deze belangen kenbaar te maken worden de eigenaren, en eventuele andere belanghebbenden, in de gelegenheid gesteld om, ingevolge artikel 4:8 Awb, een zienswijze in te dienen tegen het ontwerp-raadsvoorstel. De afweging van het algemeen belang, dat is gediend met de herontwikkeling van het gebied, zal in het algemeen echter zwaarder wegen dan het individuele belang van de betrokken eigenaren. Bij de beoordeling van de zienswijzen weegt mee dat de wetgever al rekening heeft gehouden met de belangen van eigenaren en beperkt gerechtigden. Immers, er is sprake van een uitgebreide
Kenmerk: 2026/129881
7/11
rechtsbescherming en bestaande rechtsverhoudingen worden bij de vestiging van het voorkeursrecht voldoende gerespecteerd. Voorts geldt dat de gerechtigden een reële (marktconforme) prijs zullen ontvangen als de gronden uiteindelijk aan de gemeente worden verkocht. 4.2.2 Het vestigen van het voorkeursrecht kan worden ervaren als onterecht overheidsingrijpen Eigenaren kunnen een gemeentelijk voorkeursrecht ervaren als een belemmering van hun zakelijk handelen en als ‘onterecht overheidsingrijpen’. Het is daarom van belang om direct na vestiging van het voorkeursrecht helder te communiceren. De gemeente kan daarbij ook een toelichting geven op de werking van het voorkeursrecht, en de uitzonderingen op en mogelijkheid om ontheffing van de aanbiedingsplicht te verzoeken, benoemen. 4.2.3 Het voorlopige voorkeursrecht moet binnen drie maanden door de raad worden bestendigd Om de aanwijzing en daarmee de aanbiedingsplicht voor de betrokken eigenaar te laten voortduren, is het noodzakelijk dat de raad tijdig het voorlopige voorkeursrecht bekrachtigt. Zoals aangegeven moet dit gebeuren en in werking treden binnen 3 maanden na inwerkingtreding van het voorlopig voorkeursrecht. Anders vervalt het voorlopig voorkeursrecht en zijn eigenaren en rechthebbenden vrij om hun percelen te vervreemden. De gemeente kan de door haar gewenste regierol dan niet verwezenlijken.
4.2.4 Gevolgen bij aanbieding gronden aan de gemeente De vestiging van het gemeentelijk voorkeursrecht kan betekenen dat gronden aan de gemeente te koop worden aangeboden. Het college moet binnen de termijn van 6 weken na een aanbod van een eigenaar een besluit nemen of het in beginsel bereid is de onroerende zaak tegen nader overeen te komen voorwaarden te verwerven. Als zij dat niet of niet tijdig doet, dan heeft dat tot gevolg dat de grondeigenaar gedurende drie jaar vrij is om de grond aan een andere partij te verkopen. Als het college een zogenoemd positief beginselbesluit heeft genomen, treden partijen in onderhandeling. De eventuele aankoop door de gemeente moet gebeuren tegen de werkelijke waarde, wat op dat moment uiteraard financiële gevolgen heeft. 4.2.5 Afnameverplichting na doorlopen prijsvaststellingsprocedure Als de onroerende zaak is aangeboden, het college heeft besloten deze in beginsel te willen verwerven onder nader overeen te komen voorwaarden, en er geen overeenstemming is bereikt in onderhandelingen, kan op verzoek van de rechthebbende door de rechtbank worden vastgesteld wat de prijs van de onroerende zaak moet zijn. Als de rechthebbende dit verzoek om een prijsvaststellingsprocedure doet, moet namens het college binnen vier weken de rechtbank verzocht worden om een oordeel over de prijs te geven.
Als dit verzoek namens het college niet wordt gedaan, of wordt ingetrokken, is de rechthebbende ook drie jaar vrij om tot vervreemding over te gaan. Als de rechtbank na het doorlopen van de prijsvaststellingsprocedure een prijsbeschikking heeft gegeven, kan de rechthebbende beslissen of hij voor die prijs wil vervreemden. Als hij dat wil, is
Kenmerk: 2026/129881
8/11
de gemeente in dat geval verplicht af te nemen. De rechtbank stelt de prijs vast conform de werkelijke waarde. In hoogst uitzonderlijke gevallen (die moeten bestaan uit bijzondere persoonlijke omstandigheden van de vervreemder), kan de vervreemder de rechtbank vragen tegen een door de rechtbank vast te stellen prijs mee te werken aan overdracht, als de gemeente na een positief beginselbesluit zou afzien van aankoop. 4.2.6 Voorhangprocedure niet haalbaar in verband met termijnen voorkeursrecht Het college dient binnen zes weken na ontvangst van een aanbod tot koop te besluiten of de gemeente in beginsel bereid is de gronden te kopen of op grond van een andere titel te verkrijgen (artikel. 9.13 Omgevingswet). Bij overschrijding van deze termijn is de vervreemder (eigenaar) gedurende drie jaar vrij om de grond aan een andere partij te verkopen. Bij aankopen van grond > € 500.000 door de gemeente wordt gebruikelijk een voorhangprocedure gehanteerd, waarbij de raad wordt gevraagd een zienswijze te geven. Het organiseren van een voorhangprocedure binnen de wettelijke termijn van artikel 9.13 Omgevingswet is gezien het vergaderschema van college en raad echter niet haalbaar.
Om die reden wordt de raad verzocht een zienswijze te geven over het afzien van een voorhangprocedure voor aankopen in het kader van het voorkeursrecht onder de Omgevingswet ten behoeve van de ontwikkeling Hart voor Oostpoort. De raad wordt zo snel mogelijk geïnformeerd over individuele aanbiedingen via een raadsinformatiebrief. 5. Consequenties en uitvoering 5.1 Financiën Met het instellen van het voorkeursrecht creëert het college de mogelijkheid om op grond van het voorkeursrecht grondposities te verwerven. In de – nog nader door de raad vast te stellen grondexploitatie – is rekening gehouden met het verwerven van de grond. Voor de eigendommen die niet in overheidshanden zijn, geldt dat deze recent zijn getaxeerd en dat die waarde is opgenomen in de nog te openen grondexploitatie Hart voor Oostpoort. Bij grondaankoop streeft de gemeente ernaar de grond zo kort mogelijk op de balans te laten staan. De gemeente treedt actief op in deelgebieden waar zij een sterke grondpositie heeft of waar de maatschappelijke urgentie hoog is. Uitgangspunt is dat de verworven gronden op korte termijn worden doorverkocht naar een gebiedsontwikkelaar of door de gemeente zelf actief worden ontwikkeld en geëxploiteerd. 5.2 Communicatie Na vaststelling van het collegebesluit, ontvangen de grondeigenaren in het gebied een bericht hierover per brief.
De voorkeursrechtbeschikking wordt ook gepubliceerd en ingeschreven in de openbare registers.
Kenmerk: 2026/129881
9/11
Om de vestiging van het voorkeursrecht en daarmee de aanbiedingsplicht voor de betrokken eigenaar te laten voortduren, dient de gemeenteraad het collegebesluit tot voorlopige vestiging tijdig te volgen met een besluit tot definitieve vestiging van het voorkeursrecht. Dit raadsbesluit moet in werking treden binnen drie maanden na inwerkingtreding van het collegebesluit. Voorafgaand aan de definitieve vestiging wordt een ontwerp- raadsvoorstel, als bijlage c bij dit collegebesluit, gedurende zes weken ter inzage gelegd. Belanghebbenden worden gedurende twee weken in de gelegenheid gesteld een zienswijze in te brengen. Het college legt, met inachtneming van de ingebrachte zienswijzen, een voorstel tot voortduring van het voorkeursrecht aan de raad voor. 5.3 Participatie De vestiging van een gemeentelijk voorkeursrecht leent zich niet voor participatie of voorafgaand overleg met belanghebbenden of belangstellenden. Dergelijk overleg kan marktpartijen ertoe aanzetten om een positie in te nemen in het gebied. Bij de voorbereiding van de raadsbehandeling worden belanghebbenden wel in de gelegenheid gesteld om een zienswijze in te dienen (zie hiervoor onder 4.2.1).
5.4 Juridisch De juridische grondslag voor het vestigen van een voorkeursrecht ligt sinds 1 januari 2024 in artikel 9.1 van de Omgevingswet. De voorlopige aanwijzing door het college is geregeld in artikel 9.1 lid 2 Omgevingswet. Procedure 1. Het college van burgemeester en wethouders wijst gronden voorlopig aan Het college neemt een besluit om het voorkeursrecht voorlopig te vestigen. Tegen het besluit van burgemeester en wethouders staat ingevolge de Algemene wet bestuursrecht (Awb) bezwaar open. Belanghebbenden hebben gedurende een termijn van zes weken, vanaf de terinzagelegging van dit besluit, de mogelijkheid een bezwaarschrift in te dienen. Het besluit van het college wordt op 21 april genomen en vervolgens toegezonden aan de rechthebbenden, in het gemeenteblad gepubliceerd en ingeschreven in de openbare registers. 2. Voorstel college aan de gemeenteraad (ontwerp-raadsbesluit) Met dit collegebesluit, neemt het college het besluit om het ontwerp-raadsbesluit (bijlage c) ter inzage te leggen. Het voorstel wordt in het Gemeenteblad gepubliceerd en ligt dan gedurende zes weken ter inzage bij het Klantcontactcentrum van de gemeente Haarlem. Gedurende twee weken hebben belanghebbenden ingevolge artikel 4:8 Awb de gelegenheid om zienswijzen ten aanzien van het voorgenomen raadsbesluit naar voren te brengen.
Kenmerk: 2026/129881
10/11
3. Besluit gemeenteraad De gemeenteraad moet nog een besluit nemen over het bestendigen van het voorkeursrecht. Naar verwachting neemt de gemeenteraad hierover op 18 juni 2026 een besluit. Dit besluit geldt voor een periode van drie jaar na het ingaan ervan, tenzij vóór dat tijdstip een omgevingsvisie, programma of omgevingsplan is vastgesteld. Het besluit van de gemeenteraad wordt toegezonden aan rechthebbenden, ter inzage gelegd met kennisgeving in het Gemeenteblad, en in de openbare registers ingeschreven. Belanghebbenden en/of eigenaren kunnen binnen zes weken na kennisgeving, zowel schriftelijk als mondeling, bezwaar maken tegen het besluit van de gemeenteraad. Het bezwaar tegen het besluit van het college wordt van rechtswege mede gezien als een bezwaar tegen het raadsbesluit. Geheimhouding Om te voorkomen dat bij openbare agendering van dit collegebesluit alvast bekend wordt dat een voorkeursrecht wordt gevestigd, waarmee het doel van het besluit wordt ondermijnd, geldt een tijdelijke geheimhoudingsplicht ten aanzien van het besluit en de daarbij behorende bijlagen. De dag ná inschrijving vervalt de geheimhouding. 5.5 Planning Nadat het collegebesluit is vastgesteld, dient dit te worden gepubliceerd en ingeschreven in de openbare registers. Het besluit treedt in werking bij inschrijving in de openbare registers (Kadaster).
Het is de bedoeling dat er zo min mogelijk tijd zit tussen kennisname van het besluit door betrokkenen en inwerkingtreding van het besluit. Alle grondeigenaren/rechthebbenden ontvangen kort na deze (voorlopige) vestiging van het voorkeursrecht een kennisgeving. Dit gebeurt met een persoonlijke brief. Gelijktijdig met het besluit voor (voorlopige) vestiging van voorkeursrecht wordt het ontwerpbesluit van de raad tot definitieve vestigen van het voorkeursrecht (bijlag c) ter inzage gelegd. Het ontwerpbesluit ligt met dit collegebesluit ter inzage. Gedurende twee weken kunnen zienswijzen worden ingediend. Vervolgens legt het college de raad een voorstel voor tot het nemen van een definitief besluit. De raad dient uiterlijk tijdens de vergadering van 18 juni a.s. een definitief besluit te nemen over het voorkeursrecht. 6. Bijlagen Bijlage a: Kadastrale kaart met markering eigendommen waar het voorkeursrecht op gevestigd wordt. Bijlage b: Lijst met overzicht rechthebbenden ‘aanwijzing voorkeursrecht’ Bijlage c: Ontwerp-raadsbesluit vestiging voorkeursrecht voor ontwikkeling Hart voor Oostpoort
Kenmerk: 2026/129881
11/11