1 Vaststellen Delegatie- en mandaatbesluit gemeente Haarlem 2025
Tekst van het document
Raadsvoorstel
Onderwerp Vaststellen Delegatie- en mandaatbesluit gemeente Haarlem 2025 Nummer 2025/582521 Portefeuillehouder Roduner, F.J. Programma/beleidsveld 4.4 Ruimtegebruik Afdeling OMB Auteur Glas, K.W. Telefoonnummer Email kglas@haarlem.nl Kernboodschap De raad heeft voor invoering van de Omgevingswet het vaststellen van onderdelen van het omgevingsplan gedelegeerd aan het college. Inmiddels is geconstateerd dat het delegatiebesluit op enkele onderdelen verbeterd kan worden. Hiermee wordt voorkomen dat onduidelijkheid ontstaat of sprake is van delegatie. Voor een aantal nieuwe gevallen wordt delegatie en mandaat voorgesteld om het omgevingsplan sneller te kunnen wijzigen. Verduidelijkt wordt wanneer geen sprake is van delegatie bij het wijzigen van het omgevingsplan. Ook is de delegatiebepaling over Woo-verzoeken aangevuld met de voorwaarde dat de raad wordt geïnformeerd, als dit verzoek mede ziet op informatie die onder de raad berust. Het nieuwe Delegatie- en mandaatbesluit gemeente Haarlem 2025 is nu gereed voor vaststelling. Behandelvoorstel voor commissie Relevante eerdere besluiten
Besluit college d.d. 7 oktober 2025
De commissie Ontwikkeling wordt verzocht advies te geven aan de raad over het voorstel van het college en over de wijze van agendering van het raadsvoorstel in de raadsvergadering. 1. Delegatiebesluit omgevingsplan Haarlem (2021/683268) in raadsvergadering 22 september 2022; 2. Mandateren bevoegdheid tot afwijzing van verzoek tot herziening bestemmingsplan (2013/512716) in raadsvergadering 13 maart 2014. 1. Het college van burgemeester en wethouders stelt het voorstel aan de raad vast. de secretaris,
Kenmerk: 2025/582521
de burgemeester,
1/5
Ontwerpbesluit raad d.d. ……….
De raad der gemeente Haarlem, Gelezen het voorstel van het college van burgemeester en wethouders, Besluit: 1. Het Delegatie- en mandaatbesluit raad van de gemeente Haarlem 2025 vast te stellen; 2. Het Delegatiebesluit gemeente Haarlem 2024 in te trekken.
de griffier,
de voorzitter,
1. Aanleiding De raad heeft voor invoering van de Omgevingswet het vaststellen van onderdelen van het omgevingsplan gedelegeerd aan het college. Inmiddels is geconstateerd dat het delegatiebesluit op enkele onderdelen verbeterd kan worden. Hiermee wordt voorkomen dat onduidelijkheid ontstaat of sprake is van delegatie. Voor een aantal nieuwe gevallen wordt delegatie en mandaat voorgesteld om het omgevingsplan sneller te kunnen wijzigen. Verduidelijkt wordt wanneer geen sprake is van delegatie bij het wijzigen van het omgevingsplan. Ook is de delegatiebepaling over Woo-verzoeken aangevuld met de voorwaarde dat de raad wordt geïnformeerd, als dit verzoek mede ziet op informatie die onder de raad berust. Het nieuwe Delegatie- en mandaatbesluit gemeente Haarlem 2025 is nu gereed voor vaststelling (bijlage 1). 2. Beoogd resultaat Efficiëntere, snellere besluitvorming over het omgevingsplan en milieueffectrapportagebeoordelingsbeslissingen; het kunnen voldoen aan wettelijke termijnen en het terugdringen van bestuurlijke lasten van de gemeenteraad. 3. Onderbouwing voorstel Omgevingswet Het gaat om de volgende wijzigingen: 1. Een verbeterde formulering van delegatie bij omgevingsprogramma’s; 2. Uitbreiding van delegatie in geval van: a. verwerking van een beleidsneutrale gerechtelijke uitspraak; b. dat geen zienswijzen zijn ingediend tegen de ontwerpwijziging van het omgevingsplan; c.
afwijzen van een verzoek tot wijzigen van het omgevingsplan 3. Geen delegatie bij samenloop bevoegdheden raad en college;
Kenmerk: 2025/582521
2/5
4. Verlenen mandaat voor m.e.r.-beoordelingsbeslissing; 5. Ondergeschikte tekstuele verbeteringen. 6. De toelichting op de artikelen is aangevuld. De voorgestelde wijzigingen (bijlage 2) worden hieronder toegelicht. 1. Besluitvorming over gebiedsgerichte omgevingsprogramma’s vereist een noodzakelijk aanscherping delegatiebepaling voor rechtszekerheid (nr. 5 lid 2) Ten tijde van het opstellen van het oorspronkelijke delegatiebesluit voor het omgevingsplan was nog geen ervaring opgedaan met de besluitvorming rond gebiedsgerichte omgevingsprogramma’s, zoals masterplannen en programma’s van eisen voor de leefomgeving. Dit is inmiddels wel het geval. Gebleken is, dat de formulering van de delegatiebepaling ‘ het verwerken van kaderstellend beleid waarover na inwerkingtreding van onderhavige regeling door de raad is besloten’ niet goed aansluit bij de voorhangprocedure die wordt gevolgd bij gebiedsgerichte omgevingsprogramma’s. De raad brengt in deze procedure wensen of bedenkingen naar voren op het voorgenomen collegebesluit tot vaststellen van een omgevingsprogramma, maar stelt formeel zelf niet vast. Dit kan tot discussie leiden of in dat geval sprake is van delegatie, terwijl dit wel is beoogd. Uit oogpunt van rechtszekerheid is ervoor gekozen, het delegatiebesluit hierop aan te passen, door een extra lid toe te voegen (nr.
5 lid 2) waarin is aangegeven onder welke voorwaarden het verwerken van gebiedsgerichte omgevingsprogramma’s is gedelegeerd. De delegatiebepaling over verwerking van beleid dat door de raad is vastgesteld, blijft gehandhaafd. 2. Uitbreiding van delegatie is gewenst (nr. 5 lid 11, lid 12 en nr.8) Voorgesteld wordt in de volgende gevallen de bevoegdheid van de raad te delegeren aan het college: a. het verwerken van een gerechtelijke uitspraak, voor zover dit via een beleidsneutrale wijziging wordt hersteld (nr. 5 lid 11); b. een wijziging waarbij geen zienswijzen zijn ingediend tegen het ontwerpbesluit en ten opzichte van dit ontwerpbesluit ook geen wezenlijke ambtshalve wijzigingen zijn aangebracht. Op grond van artikel 3:18, vierde lid van de Algemene wet bestuursrecht neemt de gemeente, als geen zienswijze zijn binnengekomen, het besluit binnen 4 weken nadat de termijn voor zienswijzen is verstreken. De enige mogelijkheid om deze termijn te halen is door de vaststelling van de wijziging van het omgevingsplan in deze gevallen te delegeren aan het college. Deze wijziging geldt alleen voor zover verder ook geen wezenlijke ambtshalve wijzigingen zijn doorgevoerd, waarvan het wenselijk is dat de raad hierover besluit (nr. 5 lid 12); c. De bevoegdheid een aanvraag voor een wijziging van het omgevingsplan af te wijzen.
Het nemen van een weigeringsbesluit was onder de Wet ruimtelijke ordening gemandateerd aan het college. De jurisprudentie is op dat vlak gewijzigd. Onder de Omgevingswet is mandaat niet langer mogelijk, omdat het gaat om algemene verbindende voorschriften (nr. 8).
Kenmerk: 2025/582521
3/5
3. Geen delegatie bij samenloop bevoegdheden (nr.6) Het kan voor komen, dat een besluit tot wijziging van het omgevingsplan een besluitonderdeel bevat dat in beginsel aan het college is gedelegeerd en tevens een besluitonderdeel bevat dat de bevoegdheid is van de gemeenteraad. Een voorbeeld hiervan is een wijziging van het omgevingsplan, waarin zowel beleidsneutraal verordeningen (college) als ruimtelijke regels uit het tijdelijk deel van het omgevingsplan (raad) worden verwerkt. Om onduidelijkheid over welk bestuursorgaan bevoegd is te voorkomen, is een bepaling toegevoegd (nr.6). Hierin is bepaald dat in geval van samenloop van bevoegdheden binnen dezelfde wijzigingsprocedure geen sprake is van delegatie. In die gevallen blijft de gemeenteraad bevoegd. 4. Mandateren m.e.r.-beoordelingsbeslissing voorkomt onnodige vertraging procedure (nr.10) Een MER-beoordelingsbesluit is een besluit van het bevoegd gezag waarin wordt beoordeeld of bij een project of plan aanzienlijke milieueffecten kunnen optreden. De initiatiefnemer dient een aanmeldnotitie in bij het bevoegd bestuursorgaan. In dit document beschrijft de initiatiefnemer het voorgenomen project en de mogelijke omgevingsinvloeden. Het bevoegd gezag beoordeelt vervolgens of de activiteit significante milieugevolgen heeft en of een volledige m.e.r.-procedure nodig is.
De uitkomst van de beoordeling wordt opgenomen in het ontwerpbesluit, zodat duidelijk is of en hoe milieueffecten worden meegenomen in de definitieve besluitvorming. Onder het oude recht bepaalde artikel 7.1, vierde lid, van de Wet milieubeheer dat zowel het college als de gemeenteraad een mer-beoordelingsbesluit konden nemen. Onder de Omgevingswet ontbreekt een met artikel 7.1, vierde lid, vergelijkbare bepaling. Dit betekent dat, wanneer de raad het bevoegd gezag is, het college door de raad gemandateerd moet zijn om een merbeoordelingsbeslissing te kunnen nemen. Aangezien het college deze besluiten voorbereid is het wenselijk deze bevoegdheid aan het college te mandateren (nr. 10). Zonder mandaat dient in voorkomende gevallen telkens eerst een raadsbesluit genomen te worden, voordat het college kan beslissen een ontwerpwijziging van het omgevingsplan ter inzage te leggen. Dit leidt tot onnodige vertraging, extra bestuurlijke lasten en ambtelijke capaciteit. 5. Woo-verzoeken (nr.1) De raad wil worden geïnformeerd als een Woo-verzoek wordt ontvangen dat (mede) ziet op informatie die onder de raad berust. Dit is als voorwaarde toegevoegd. Als het Woo-verzoek (geheel) of gedeeltelijk) wordt afgewezen wat betreft informatie van de raad, dan ontvangt de raad hier eveneens informatie over van het college.
Kenmerk: 2025/582521
4/5
4. Risico’s en kanttekeningen 4.1 Kanttekeningen In het omgevingsplan deelgebied Haarlem - Centrum is sprake van samenloop bevoegdheden Het vaststellen van het omgevingsplan deelgebied Haarlem – Centrum wordt de eerste wijziging van het omgevingsplan, die aan de raad voor vaststelling wordt aangeboden. Vaststelling van deze wijziging is in hoofdzaak een bevoegdheid van de raad. Maar er zijn ook delen die vallen onder reikwijdte van het delegatiebesluit 2024. Dit geldt onder meer voor de beleidsneutraal overgenomen verordeningen. Daarmee is sprake van samenloop van bevoegdheden. Het delegatiebesluit 2024 bevat geen bepaling over samenloop van bevoegdheden. De vaststelling van het omgevingsplan deelgebied Haarlem - Centrum staat gepland voor de raadsvergadering van 27 november 2025. Behandeling van het Delegatie- en mandaatbesluit gemeente Haarlem 2025 dient om die reden uiterlijk in dezelfde raadsvergadering plaats te vinden. 5. Consequenties en uitvoering 5.1 Communicatie •
Het besluit tot vaststelling van Delegatie- en mandaatbesluit gemeente Haarlem 2025 wordt bekend gemaakt in het gemeenteblad.
5.2 Juridisch •
• • •
In artikel 2.8 Omgevingswet is bepaald dat de gemeenteraad, de bevoegdheid tot het vaststellen van delen van het omgevingsplan, kunnen delegeren aan het college van burgemeester en wethouders. In artikel 3.4 Omgevingswet is bevoegdheid vastgelegd dat het college van burgemeester en wethouders programma kunnen vaststellen; In artikel 16.36 Omgevingswet is bepaald dat het bevoegd gezag beoordeelt of sprake is van aanzienlijke milieueffecten bij een plan of programma. Tegen het raadsbesluit tot vaststellen van het Delegatie- en mandaatbesluit gemeente Haarlem 2025 staat geen bezwaar of beroep op.
6. Bijlagen Bijlage 1: Delegatie- en mandaatbesluit gemeente Haarlem 2025; Bijlage 2: Overzicht wijzigingen Delegatiebesluit 2024
Kenmerk: 2025/582521
5/5