1 Ruimte voor mensen en mobiliteit bouwstenen voor een nieuwe parkeernota
Tekst van het document
Opinienota
Onderwerp Ruimte voor mensen en mobiliteit: bouwstenen voor nieuw beleid over parkeren Nummer Portefeuillehouder Programma/beleidsveld Afdeling Auteur Telefoonnummer Email Kernvraag aan de commissie
2024/1441221 Berkhout, R.A.H. / Leeuwen, B. van 4.4 Ruimtegebruik PG Haker, P. 06-46215181 phaker@haarlem.nl Het gesprek met de stad is afgerond en het college heeft een eindrapportage aangeboden aan de gemeenteraad. Om recht te doen aan de opgehaalde ideeën en adviezen, gaat het college eerst hierover met de raad in gesprek voordat er een nieuw beleidskader wordt gemaakt. De gesprekken met de stad laten een gemengd beeld zien. De digitale raadpleging laat zien dat er steun is voor meer groen in de openbare ruimte en toegankelijke loop- en fietsroutes naar belangrijke bestemmingen. Het burgerberaad ziet dat het nodig is om het huidige parkeerbeleid aan te passen. Er komen nu eenmaal meer auto’s omdat de stad groeit, en de auto’s worden ook steeds groter. Auto’s nemen steeds meer ruimte in, terwijl die ruimte ook benut kan worden om bijvoorbeeld te spelen en te wandelen. De noodzaak om het autogebruik te verminderen wordt erkend, ondanks dat zo’n aanpassing misschien even wennen is. Maar er zijn ook zorgen, suggesties en adviezen ontvangen. Dat maakt dat er afwegingen te maken zijn. Uit het gesprek met de stad komen in hoofdlijn vier zorgen naar voren. Tijdens het gesprek met de stad is vaak gehoord dat de eerder voorgestelde tarieven te hoog zijn en dat het niet duidelijk is wat er met de opbrengsten gebeurt.
Ook kwam naar voren dat er veel onduidelijkheid is over wat de invoering van parkeermaatregelen precies betekent voor de inwoners van de stad. Een veelgehoorde zorg is dat er te weinig alternatieven werden geboden voor zowel het parkeren voor de deur als voor andere vormen van autovervoer. Deelnemers aan het gesprek met de stad gaven verder aan of geen probleem te ervaren of dat de gemeente het parkeerprobleem zelf creëert. Om deze zorgen aan te pakken, heeft het college tien bouwstenen benoemd. Hiermee ziet het college mogelijkheden om een voorspelbaar, duidelijk en samenhangend pakket aan parkeermaatregelen te maken. Waarbij wordt ingezet op meer parkeergarages en op ruimte maken voor stoepparkeren, waar dat kan. Met heldere keuzes en uitleg over tarieven en afspraken over het besteden van het geld dat de gemeente via parkeergelden binnenkrijgt. Waar er bij 95%
Kenmerk: 2024/1441221
1/9
parkeerdruk sprake is van het invoeren van parkeervergunningen in een wijk. Tegelijkertijd leidt deze parkeerdruk wat het college betreft voortaan niet automatisch alleen tot een besluit over parkeerregulering. Maar ook tot een gesprek over hoe dat er in de buurt uit moet zien, inclusief maatwerk, alternatieven en maatregelen op wijkniveau. De raad wordt gevraagd om richting mee te geven over de invulling van de bouwstenen door het college. De bouwstenen zijn: 1) Alternatieven voor parkeren voor de deur 2) Alternatieven voor autovervoer 3) Tarieven van de parkeervergunningen 4) Besteding van de opbrengsten 5) Ruimte voor stoepparkeren waar dat mogelijk is 6) Het omslagpunt waarbij over wordt gegaan tot het nemen van parkeermaatregelen 7) Het proces tot komen tot het nemen van parkeermaatregelen 8) Voorspelbaarheid, duidelijkheid en duidelijke communicatie bij implementatie 9) Buurtaanpakken 10) Maatwerk voor specifieke doelgroepen
Behandelvoorstel voor de commissie Relevante eerdere besluiten
De kernvraag die het college aan de raadsleden stelt is: hoe denkt de raad over de koers die per bouwsteen wordt voorgesteld en wat wil de raad het college hierover aanvullend meegeven? Het college stuurt de opinienota ter bespreking naar de commissie beheer. -
Besluit college d.d. 19 november 2024
Collegebesluit Beantwoording college motie 'in gesprek met de stad' (2024/584266) RIB Stand van zaken uitvoering motie 'in gesprek met de stad' (2024/983516) RIB Voortgang motie in gesprek met de stad over parkeren (2024/1230439) Informatienota rapportage uitvoering motie in gesprek met de stad (2024/1438171) 1. het college stelt de opinienota aan de commissie vast.
de secretaris,
Kenmerk: 2024/1441221
de burgemeester,
2/9
1. Inleiding: wat vooraf ging Parkeerregulering is voor Haarlem niet nieuw. Ongeveer 50 jaar geleden werd de eerste parkeerregulering geïntroduceerd. Inmiddels is 25% van de openbare parkeerplaatsen in Haarlem gereguleerd. De verwachte stijging van 10.000 woningen in de komende jaren heeft gevolgen voor de bereikbaarheid en de leefbaarheid, wat opnieuw keuzes vereist, ook als het gaat om parkeren. In 2022 heeft de gemeenteraad de Omgevingsvisie goedgekeurd. Deze visie geeft aan welke vraagstukken Haarlem de komende jaren moet aanpakken, zoals bereikbaarheid, wonen, duurzaamheid, klimaat, economie, sociaal en cultuur. Voor al deze thema’s is ruimte nodig in de stad, maar die ruimte is beperkt, waardoor er keuzes gemaakt moeten worden. De Omgevingsvisie stelt dat de enige manier om deze ruimte te creëren, een mobiliteitstransitie is. De mobiliteitstransitie is uitgewerkt in het mobiliteitsbeleid, dat de gemeenteraad in 2021 heeft vastgesteld. Het doel van dit beleid is om Haarlem aantrekkelijk, gezond en bereikbaar te houden. Ondanks de groei moet de stad leefbaar blijven en moeten de klimaatdoelstellingen worden gehaald. “Haarlem geeft voorrang aan schone manieren van vervoer die weinig ruimte innemen. Openbaar vervoer, fiets en lopen krijgen prioriteit boven autovervoer. In 2030 is onze openbare ruimte groener en leefbaarder, met minder auto’s op straat.
Instrumenten die dit doel faciliteren, zoals gereguleerd parkeren en een vergunningsplafond, worden ingezet op plekken met een hoge parkeerdruk en in en rond gebieden waar veel woningen worden gebouwd ter voorkoming van een hoge parkeerdruk.”1 Referendum 2024 De uitwerking van het mobiliteitsbeleid stond beschreven in de nota ‘Uitwerking parkeerregulering: uitbreiding betaald parkeren in Haarlem’. Op 6 maart 2024 is hierover een referendum gehouden. Inwoners van de gemeente Haarlem van 16 jaar en ouder konden stemmen over de nota. Het vereiste opkomstpercentage werd met 37,72% gehaald en 81,61% stemde tegen de nota, wat de aanleiding was voor de gemeenteraad om de nota in te trekken. Motie ‘in gesprek met de stad’ Na de uitslag van het referendum heeft de gemeenteraad de motie ‘in gesprek met de stad’ aangenomen2. Daarin werd gevraagd de uitslag van het referendum beter te duiden en suggesties op te halen voor een vervolg. Daarom zijn er in de periode juni – oktober 2024 verschillende instrumenten ingezet om de mening en voorstellen van inwoners op te halen. De 13 wijkgesprekken zijn door 312 Haarlemmers bezocht, een uitgebreide digitale raadpleging waaraan meer dan 10.000 Haarlemmers hebben deelgenomen en het burgerberaad dat uiteindelijk met 84 deelnemers tien adviezen heeft uitgebracht.
1 Mobiliteitsbeleid, vastgesteld 23 september 2021
2 16_05+Motie+In+gesprek+met+de+stad+D66+PvdA+GL+CDA+AP
Kenmerk: 2024/1441221
3/9
2. Kernvraag aan de commissie Hoe denkt de raad over de koers die per bouwsteen wordt voorgesteld en wat wil de raad het college hierover aanvullend meegeven?
3. Bouwstenen voor een nieuwe parkeernota Er moeten keuzes worden gemaakt over het gebruik van de ruimte op straat en op de stoep. Meerdere deelnemers aan het gesprek met de stad hebben aangegeven dat ze geen nieuw parkeerbeleid willen. Dat lijkt geen reële mogelijkheid. Ontwikkelingen op het gebied van klimaat, duurzaamheid, wonen, economie en bereikbaarheid maken dat de verdeling van de openbare ruimte anders moet. Gelet hierop en gezien de opdracht van de raad om binnen de bestaande kaders te blijven, zijn parkeermaatregelen onvermijdelijk om een groene en leefbare stad te zijn en te blijven. Het gesprek met de stad was waardevol. Er zijn zorgen gehoord en bruikbare suggesties gedaan voor het vervolg. Deze zijn op hoofdlijnen samen te vatten in vier zorgen en daar komen tien bouwstenen voor het nieuwe parkeerbeleid uit voort. Hieronder worden één voor één de bouwstenen en de voorgestelde koers van het college toegelicht.
Te weinig
Te duur
Te veel tegelijk
Geen probleem
•1. Alternatieven voor parkeren voor de deur •2. Alternatieven voor autovervoer
•3. Tarieven van parkeervergunningen •4. Besteding van de opbrengsten
•5. Ruimte voor stoepparkeren waar dat mogelijk is •6. Het omslagpunt waarbij over wordt gegaan tot het nemen van parkeermaatregelen •7. Het proces tot het komen van parkeermaatregelen
•8. Rust, voorspelbaarheid en duidelijkheid bij implementatie •9. Buurtaanpakken •10. Parkeervergunningen voor maatschappelijke doelgroepen
1. Alternatieven voor parkeren voor de deur Er zijn veel suggesties gedaan om parkeergarages te bouwen en P&R-locaties (Park and Ride) aan de randen van de stad te realiseren. Veel Haarlemmers zien dit als een goed alternatief voor het parkeren in de straat. Het college ziet mogelijkheden voor nieuwe parkeergarages op niet al te lange termijn en wil locaties serieus onderzoeken. Zo komt er een nieuwe parkeergarage aan de Oudeweg in Haarlem Oost en in Haarlem Noord op het Sonnebornterrein.
Kenmerk: 2024/1441221
4/9
In het Masterplan Zuidwest en het concept Masterplan Zijlweg wordt er een mogelijkheid voor een parkeergarage onderzocht. In de ontwikkelzone Oostpoort wordt de mogelijkheid van een P&Rvoorziening uitgezocht. Het college stelt voor om een verkenning naar mogelijke locaties voor parkeergarages te starten. Een onderdeel van deze zoektocht naar het bouwen van parkeergarages is ook hoe de bouw en het beheer ervan betaald worden. Tijdens het gesprek met de stad is vaak geopperd om een bewaakte parkeerplek voor bedrijfsbusjes van ZZP’ers buiten de woonwijken te maken. Dit is mogelijk, al is de vraag of eigenaars van bedrijfsbusjes ook echt verleid kunnen worden om hiervan gebruik te maken. Uit de wijkgesprekken en het burgerberaad kwam het idee naar voren om private parkeerterreinen, zoals die van supermarkten en ziekenhuizen die 's avonds leeg staan, beschikbaar te maken voor bewoners. Het college wil hiermee aan de slag door een parkeermakelaar aan te stellen. Uit eerder onderzoek is gebleken dat hier kansen liggen om meer parkeerplekken in een wijk beschikbaar te krijgen. 2. Alternatieven voor autovervoer Het burgerberaad heeft twee adviezen gegeven over alternatieven voor autovervoer. In de wijkgesprekken is het verbeteren van het openbaar vervoer ook naar voren gebracht.
Op dit moment moedigt het college fietsgebruik aan door het aantal fietsparkeerplaatsen uit te breiden (bijvoorbeeld bij het Houtplein) en het bestaande fietsnetwerk verder te verbeteren. Ook moedigt het college het gebruik van deelauto’s aan. Het college stelt voor om in te blijven zetten op deze alternatieven voor autovervoer. Een belangrijke ontwikkeling is de komst van een nieuw openbaar vervoer knooppunt in Haarlem Nieuw Zuid. Dit nieuwe knooppunt moet zorgen voor een betere bereikbaarheid van Haarlem en de regio, waar de komende jaren veel woningen worden gebouwd. Ook het Stationsplein wordt opnieuw ingericht. 3. Tarieven van de parkeervergunningen Tarieven zijn een veelbesproken onderwerp tijdens het gesprek met de stad. Niemand vindt het leuk om te betalen voor iets dat eerst gratis was. Tegelijkertijd kost het inrichten en onderhouden van de openbare ruimte en het beheren en uitvoeren van parkeermaatregelen geld. Hier kan op twee manieren naar worden gekeken: aan de ene kant is er een wisselwerking tussen de hoogte van de tarieven en het draagvlak voor parkeermaatregelen. Aan de andere kant is een wisselwerking tussen de tarieven en de haalbaarheid om alternatieven te realiseren. De financiële ruimte voor alternatieven hangt af van de omvang van het gereguleerd gebied en de hoogte van de tarieven.
Bij het kiezen van de hoogte van de tarieven is het mogelijk om verschillende tarieven te hanteren in verschillende zones. Parkeervergunningen aan de rand van de stad kunnen bijvoorbeeld goedkoper zijn dan dichter bij het centrum. Ook kan een verschil worden gemaakt in tarief voor de eerste en tweede vergunning. In het geval dat gekozen wordt voor een niet kostendekkend tarief, zal er voor de kosten waarvoor geen dekking is, ruimte gevonden moeten worden in de begroting.
Kenmerk: 2024/1441221
5/9
Het lijkt het college het meest voor de hand liggend dat de nieuwe parkeermaatregelen aansluiten bij de huidige tarieven waarbij een nieuwe schil voor parkeren tegen een lager tarief kan worden geïntroduceerd. Ook kan het duurder maken van een tweede vergunning een motivatie zijn in het verminderen van autobezit. 4. Besteding van de opbrengsten Tijdens verschillende onderdelen van het gesprek met de stad is meermaals het beeld naar voren gekomen dat parkeren voor de gemeente een bron van inkomsten is. Inwoners willen niet betalen voor parkeren zonder dat het duidelijk is wat zij hiervoor terug krijgen. Het college stelt voor om de inkomsten van de parkeermaatregelen in een parkeerfonds te stoppen. De opbrengsten worden zo geïnvesteerd in alternatieven, zoals het bouwen van parkeergarages, het stimuleren van deelmobiliteit of het maken van ruimte voor andere vormen van vervoer en fiets. Het college wil de extra parkeeropbrengsten expliciet hiervoor inzetten. Het verlagen van de prijs van een parkeervergunning of andere parkeermaatregelen, betekent ofwel dat het langer duurt voor er voldoende geld in het parkeerfonds zit om de alternatieven te realiseren, of dat deze op een andere manier moeten worden gedekt binnen de gemeentelijke begroting. 5. Ruimte voor stoepparkeren waar dat mogelijk is In het gesprek met de stad hebben veel deelnemers aangegeven geen probleem te ervaren.
Dit kan mogelijk te maken hebben met het zogenoemde Canadees parkeren. Deze op zichzelf verwarrende term houdt in: stoepparkeren, voortaan zal het college er op deze manier over spreken. Het college realiseert zich dat dit voor veel inwoners wordt beschouwd als een gewone vorm van parkeren. Ook al zijn dit geen officiële parkeerplekken en worden deze dus ook niet meegenomen in parkeerdruk metingen, in wijken en buurten wordt dit wel zo ervaren. De parkeerdrukmeting valt hierdoor op papier hoger uit, terwijl het niet zo wordt ervaren door de buurt. Stoepparkeren toestaan kan lang niet overal. De stoepen moeten breed genoeg zijn voor voetgangers en mensen met een beperking. En het moet veilig zijn. Het college stelt voor om deze vorm van parkeren op te nemen als onderdeel van het parkeerstelsel en daar waar het kan, de plekken te markeren als officiële parkeerplek. Hierdoor zal in verschillende wijken de parkeerdrukmeting lager uitvallen en komt de feitelijke situatie voortaan beter overeen met de ervaren situatie. Per situatie is er dus sprake van maatwerk. Maar dat betekent niet dat overal met twee wielen op de stoep kan worden geparkeerd. Voor het college ligt er een ondergrens bij de veiligheid, bijvoorbeeld op straathoeken.
Daar waar het niet kan, omdat de straten of stoepen niet breed genoeg zijn, kan er in overleg met de buurt naar alternatieven worden gekeken, zoals éénrichtingsverkeer in de straat.
Kenmerk: 2024/1441221
6/9
Op langere termijn is het de vraag of stoepparkeren nog nodig is en langzaam kan worden afgeschaald. Langzamerhand zal door de vergunningenplafonds en het realiseren van alternatieve parkeermogelijkheden ervoor zorgen dat er minder parkeerplekken nodig zijn op straat. 6. Omslagpunt waarbij over wordt gegaan tot het nemen van parkeermaatregelen Het college stelt voor om het omslagpunt voor de invoering van parkeermaatregelen te verhogen naar een parkeerdruk van 95%. Dat is inclusief stoepparkeren waar dat kan. Dit wordt nu niet meegerekend in de officiële parkeerdrukmetingen. Wanneer deze grens is bereikt, wordt niet alleen regulering ingevoerd, maar ook gezocht naar een samenhangend pakket aan maatregelen dat per wijk kan verschillen. Hier komt maatwerk bij kijken. 7. Het proces tot het komen tot het nemen van parkeermaatregelen Aan de ene kant zijn er veel deelnemers aan het gesprek met de stad die geen parkeerproblemen ervaren, ook in wijken waar een hoge parkeerdruk is gemeten en veel fout geparkeerd wordt. Aan de andere kant blijkt uit de digitale raadpleging dat er ook bewoners zijn die wel parkeeroverlast ervaren. Op dit moment kunnen bewoners die problemen ervaren rondom leefbaarheid, toegankelijkheid of parkeren in de straat, een aanvraag doen tot een draagvlakonderzoek voor de invoering van parkeerregulering.
Hiermee wordt maximaal ruimte gegeven aan zeggenschap, maar alleen de inzet van dit middel zal op termijn niet leiden tot een groene en leefbare stad. In de ingetrokken nota werd gekozen voor een objectieve maatstaf van het probleem en werd gekeken naar de maximale parkeerdruk in een wijk. Met deze meer feitelijke, maar ook technische benadering, werd ruim baan gegeven voor het behalen van de ambities op het gebied van leefbaarheid, toegankelijkheid en vergroenen. Het leidde in sommige wijken wel tot onbegrip bij inwoners. Voor het nieuwe beleidskader stelt het college een andere oplossing voor: er komt een objectief omslagpunt voor het nemen van parkeermaatregelen, namelijk een bepaalde parkeerdruk. Deze parkeerdruk wordt berekend door ook parkeren op de stoep mee te tellen en sluit daardoor beter aan bij de ervaren parkeerdruk. Wanneer deze grens is bereikt, wordt niet alleen gereguleerd, maar vooraf een wijk-specifiek pakket aan maatregelen samengesteld. Dit geeft meer ruimte voor maatwerk, bijvoorbeeld op het gebied van uitzonderingen en invoeringssnelheid. 8. Voorspelbaarheid, duidelijkheid en duidelijke communicatie bij implementatie Het college wil het huidige parkeerbeleid optimaliseren om zowel aan de parkeerbehoefte als aan andere stedelijke uitdagingen tegemoet te komen.
Dit betekent onder andere het invoeren van een vergunningenplafond in gereguleerd gebied om de leefbaarheid te verbeteren. Bij toekomstige uitbreidingen is de stad gebaat bij rust en voorspelbaarheid, dus daar zal sprake zijn van duidelijke overgangsregelingen.
Kenmerk: 2024/1441221
7/9
Uit het gesprek met de stad kwam naar voren dat er veel onduidelijkheid was over wat de invoering hiervan precies betekent voor de inwoners van de stad. Het college stelt daarom voor om in het nieuwe beleidskader met een proces tot invoering te komen dat recht doet aan de ambities op straatniveau, maar ook aan rust en zekerheid voor inwoners. Het voorstel is om rekening te houden met huidige bewoners die uitgaan van een vergunning voor de eerste en tweede auto en een overgangsregeling voor een derde auto. Het vergunningenplafond zal op termijn effect hebben op de parkeerdruk, bijvoorbeeld bij verhuizingen. Dan komt er ruimte vrij voor andere ambities in de openbare ruimte, waaronder vergroening. Ook zal bij het bereiken van een bepaalde parkeerdruk, goed gekeken worden naar de specifieke omstandigheden in een wijk. Daarbij hoort ook een fasering in de uitvoering, deze komt terug in de nieuwe nota over parkeren. 9. Buurtaanpakken Tijdens het gesprek met de stad is vaak gehoord dat de wijken en buurten te veel verschillen om overal dezelfde maatregelen in te voeren. Het college stelt daarom voor, bij het bereiken van het gekozen parkeerdrukpercentage, om eerst de bestaande situatie in een wijk goed in kaart te brengen. Er wordt dan onderzocht welke maatregelen kunnen bijdragen aan het oplossen van het parkeerprobleem.
Er kan gedacht worden aan de inzet van een parkeermakelaar, de mogelijkheden van parkeervoorzieningen in of dichtbij de wijk en gebruik maken van private parkeerplekken (bijvoorbeeld op de parkeerplaats van een supermarkt buiten de openingstijden). Er wordt in kaart gebracht welke ruimtelijke ontwikkelingen spelen in de buurt van de wijk, zoals bijvoorbeeld plannen voor woningbouw of mogelijkheden om uit te wijken naar parkeergarages. Dit alles maakt dan vervolgens onderdeel uit van het plan waarmee regulering in de wijk ingevoerd wordt. Dit kan betekenen dat bijvoorbeeld binnen een wijk een buurt afvalt vanwege significante afwijkingen door bijvoorbeeld natuurlijke grenzen, spoorwegovergangen of een randweg. 10. Maatwerk voor specifieke doelgroepen Het college steunt het advies van het burgerberaad om vergunningen in te stellen voor essentiële beroepen en specifieke functies, zoals voor onderwijs of sport. In de wijkgesprekken kwam dit ook naar voren. Er zijn al vormen van maatwerk in het parkeerbeleid, zoals vergunningen voor zorgverleners en mantelzorgers en gratis parkeren voor houders van een Europese Gehandicaptenparkeerkaart. Het college introduceert komend jaar een werknemersvergunning voor kinderopvang en onderwijs in bestaand gereguleerd gebied.
4. Vervolg De bouwstenen in deze opinienota staan niet op zichzelf en bieden ieder voor zich een deel van de oplossing. Zij moeten in hun samenhang worden bekeken en uiteindelijk worden beschreven in een
Kenmerk: 2024/1441221
8/9
nieuwe nota over parkeren. Als vervolg op de uitvoering van de motie in gesprek met de stad, en de bespreking van voorliggende opinienota, legt het college in maart 2025 deze nieuwe nota parkeren aan de raad voor.
Kenmerk: 2024/1441221
9/9