1. Gevolgen septembercirculaire 2022 Gemeentefonds
Tekst van het document
Informatienota
Onderwerp Gevolgen van de septembercirculaire 2022 Gemeentefonds Nummer 2022/1448114 Portefeuillehouder Roduner, F.J. Programma/beleidsveld 7.2 Algemene dekkingsmiddelen Afdeling CC Auteur Welsink, M. Telefoonnummer 023-5113887 Email mwelsink@haarlem.nl Kernboodschap Ten opzichte van de meicirculaire 2022 is er voor 2022 een positief budgettair effect, ook voor de eerstvolgende jaren daarna zijn er budgettaire voordelen. Voor 2027 is er echter sprake van een budgettair nadeel. De belangrijkste oorzaak van het voordeel in 2022 is de uitgekeerde ruimte onder het plafond van het BTWcompensatiefonds. Voor de daaropvolgende jaren zijn de accresontwikkeling en de eenmalige extra rijksbijdrage in 2026 de belangrijkste oorzaken van de voordelen. Het nadeel voor 2027 is het gevolg van ontwikkelingen in de uitkeringsbasis en de nominale ontwikkeling. Al deze oorzaken liggen buiten de invloedssfeer van de gemeente. Septembercirculaire 2022 (bedragen x € 1.000)* Budgettair effect voor algemene middelen
2022
2023
2024
2025
2026
2027
2.784 v
6.883 v
3.490 v
1.150 v
6.064 v
-5.521 n
*: v= voordeel, n= nadeel, door afronding kunnen verschillen ontstaan.
Behandelvoorstel voor commissie Relevante eerdere besluiten Besluit College d.d. 25 oktober 2022
De gevolgen van de septembercirculaire voor 2022 worden verwerkt in de Decemberrapportage 2022. De meerjarige gevolgen worden samen met de mogelijke gevolgen van de decembercirculaire verwerkt in de Kadernota 2024. Het college stuurt de informatienota ter kennisname naar de commissie Bestuur. Niet van toepassing 1. Het college stelt de informatienota aan de commissie vast. de secretaris,
de burgemeester,
Kenmerk: 2022/1448114
1/9
1. Inleiding Alle gemeenten samen ontvangen van het Rijk per jaar ongeveer € 40 miljard uit het gemeentefonds. Dat geld wordt via de algemene uitkering (€ 34 miljard) en een aantal doeluitkeringen verdeeld over de gemeenten. Het Rijk maakt de verdeling bekend via meerdere circulaires per jaar van het ministerie van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties.
2. Kernboodschap Ten opzichte van de meicirculaire 2022 stijgt het gemeentefonds voor de jaren 2022 tot en met 2026 en is er een daling in 2027. Budgettair is de trend over deze jaren hetzelfde. De belangrijkste oorzaak van het voordeel in 2022 is de uitgekeerde ruimte onder het plafond van het BTWcompensatiefonds. Voor de daaropvolgende jaren zijn de accresontwikkeling en de eenmalige extra rijksbijdrage in 2026 de belangrijkste oorzaken van de voordelen. Het nadeel voor 2027 is het gevolg van ontwikkelingen in de uitkeringsbasis en de nominale ontwikkeling. Al deze oorzaken liggen buiten de invloedssfeer van de gemeente. Mutaties op taakvelden en doeluitkeringen worden conform de afspraak “rijksbudget = werkbudget” toegevoegd danwel onttrokken aan de beleidsvelden waardoor zij niet zorgen voor een budgettair effect. De grootste toevoeging voor beleidsvelden zijn de toevoeging van de extra middelen voor de Energietoeslag van ruim € 6 miljoen voor 2022. De budgettaire effecten voor 2022 worden verwerkt in de Decemberrapportage 2022 en de effecten voor de latere jaren in de Kadernota 2024. Alle effecten groter dan € 50 duizend worden in deze nota toegelicht. Samenvatting (bedragen x € 1.000)* Eindstand meicirculaire 2022** Eindstand septembercirculaire 2022 Totaal verschil Waarvan: Effect voor overige beleidsvelden Budgettair effect voor algemene middelen
2022 392.758 402.994 10.236 7.452 2.784 v
2023 394.370 401.326 6.956 73 6.883 v
2024 401.693 405.360 3.667 177 3.490 v
2025 405.091 406.096 1.005 -145 1.150 v
2026 379.969 385.904 5.935 -129 6.064 v
2027 379.029 373.316 -5.713 -192 -5.521 n
*: v= voordeel, n= nadeel, door afronding kunnen verschillen ontstaan. **Eindstanden wijken af van de informatienota over de meicirculaire 2022, dit is het gevolg van verwerkingen van mutaties in de Kadernota, Bestuursrapportage en Programmabegroting.
3. Consequenties Op basis van de septembercirculaire 2022 is een nieuwe berekening gemaakt van de algemene uitkering voor de jaren 2022 tot en met 2027. In deze analyse wordt de nieuwe berekening vergeleken met de berekening die is gemaakt op basis van de meicirculaire 2022. De analyse volgt daarbij de opbouw van de berekening van de algemene uitkering. In de opgenomen tabellen is telkens aangegeven wat het budgettaire effect is voor de algemene middelen en de overige beleidsvelden.
Kenmerk: 2022/1448114
2/9
3.1 Ontwikkelingen rijksniveau Op rijksniveau zijn er drie grote ontwikkelingen: het accres inclusief de daarbij behorende nominale ontwikkeling en de eenmalige toevoeging in 2026, het BTW-compensatiefonds en de ontwikkeling van de uitkeringsbasis. Deze onderdelen tezamen zorgen voor relatief grote budgettaire effecten voor Haarlem. Elk effect wordt hieronder toegelicht. Ontwikkelingen rijksniveau (bedragen x € 1.000)* Accres-ontwikkeling Nominale en overige ontwikkelingen Eenmalige toevoeging accres Ruimte onder BTW-compensatiefonds Ontwikkeling uitkeringsbasis Totaal effect Effect voor beleidsvelden Budgettair effect voor algemene middelen
2022 -38
2023 3.671 2.945
2024 4.486 -416
2025 4.885 -2.598
2026 5.409 -6.210 8.557
2027 4.610 -8.169
3.043 -879 2.126 v 0 2.126
337 6.953 v 0 6.953
-508 3.562 v 0 3.562
-1.065 1.222 v 0 1.222
-1.626 6.130 v 0 6.130
-1.895 -5.454 n 0 -5.454
*: v= voordeel, n= nadeel, door afronding kunnen verschillen ontstaan.
Accres De accres-ontwikkeling bestaat normaal gesproken uit het effect van wijzigingen in de rijksuitgaven op de algemene uitkering en de loon- en prijsontwikkelingen hierover. Geeft het Rijk meer uit, dan ontvangen de gemeenten een hogere algemene uitkering en vice versa. Echter, het Rijk is samen met de VNG overeengekomen om het volumedeel van het accres voor 2022-2025 vast te zetten, hierdoor zullen er in deze periode minder budgettaire schommelingen zijn dan voorheen. De mutaties in deze jaren zijn nu dus enkel het gevolg van loon- en prijsontwikkelingen. Vanaf 2026 wordt het Gemeentefonds via een nog vast te stellen financierings- en indexeringssystematiek bepaald. Doel daarbij is voornamelijk om minder schommelingen in het accres en daarmee meer zekerheid voor de gemeenten te bewerkstelligen. In aanloop daarnaartoe stelt het Rijk voor 2026 eenmalig extra middelen beschikbaar, voor Haarlem ruim € 8,5 miljoen. Voor 2027 is er geen sprake van extra middelen, structureel is er daarmee nog steeds grote onzekerheid. De gemeente gaat in de begroting vooralsnog uit van het (gedeeltelijk) bevriezen van de opschalingskorting in 2026 en verder (ad € 3,2 miljoen, zie pagina 27 van de Kadernota 2023). Bij de Kadernota 2024 wordt het al dan niet handhaven van deze (voordelige) stelpost op basis van de op dat moment bekende informatie heroverwogen.
De nominale ontwikkeling kan omschreven worden als de omzetting van lopende prijzen naar constante prijzen. Dit is normaal gesproken een afslag van de accres-ontwikkeling. In deze septembercirculaire vindt daarnaast een wijziging van de grondslag waarop deze nominale ontwikkeling wordt berekend plaats. Voorheen werd het accres gecorrigeerd op basis van de prijsmutatie Bbp. De afgelopen jaren is gebleken dat dit indexcijfer vanuit het Centraal Bureau Statistiek laag is gebleken in vergelijking met de werkelijke inflatie. Met ingang van de septembercirculaire 2022 wordt gecorrigeerd op basis van het Loon- en Prijsaccres, welke voor een betere aansluiting op de inflatie moet zorgen. Doordat het accres voor het eerst door het Rijk
Kenmerk: 2022/1448114
3/9
inzichtelijk is gemaakt in het volume deel en het Loon- en prijsdeel is deze wijziging nu mogelijk. Dit zorgt eenmalig voor grotere meerjarige afslagen dan gewoonlijk. De sinds de Kadernota 2023 reeds in de begroting opgenomen stelpost voor onderuitputting en tegenvallende indexaties vanuit het Rijk wordt daarom ingezet. Dit voorkomt niet dat de resterende afslag in 2026 en 2027 de accresontwikkeling overstijgt. Tegenover deze grotere afslagen zullen in de komende jaren hogere bedragen voor het verleggen van het basisjaar (de jaarlijkse indexatie in de Kadernota) staan. Hierdoor verkleind het risico dat de middelen vanuit het Gemeentefonds voor indexatie de werkelijke prijsstijgingen niet kunnen dekken. BTW-compensatiefonds Gemeenten declareren hun BTW op overheidstaken bij het BTW-compensatiefonds. Om te voorkomen dat er een open einde regeling ontstaat, past het Rijk een plafond toe voor deze declaraties. Wanneer er ruimte onder het plafond overblijft wordt dit toegevoegd aan het Gemeentefonds. Voor 2022 is de verwachting dat de ruimte onder het plafond niet volledig benut wordt, waardoor voor Haarlem een voordeel van € 3 miljoen ontstaat. Ontwikkeling uitkeringsbasis De ontwikkeling van de hoeveelheden op rijksniveau (de uitkeringsbasis) geven aanleiding de uitkeringsfactor te verlagen.
Grootste aanleiding hiervoor zijn de stijging van bijstandsontvangers, bedrijven en omgevingsadressendichtheid op macroniveau. De wijziging binnen de maatstaf ‘Bedrijven’ is zo significant dat er is gekozen om deze aantallen ook tussentijds te actualiseren voor Haarlem. Per saldo resteren er voor de meeste jaren nadelen oplopend tot € 1,9 miljoen in 2027. Wanneer de aantallen van Haarlem gelijke tred hebben met de (stijgende) landelijke aantallenontwikkelingen kan het zijn dat de nadelen (gedeeltelijk) teniet worden gedaan. Omdat Haarlem conform beleid de aantallen jaarlijks voorafgaand aan de meicirculaire wijzigt komt dit, met uitzondering voor de bedrijven, dan pas tot uiting. 3.2 Taakmutaties voor beleidsvelden Onderstaand volgt een toelichting voor alle taakmutaties met een effect van € 50 duizend of groter. Energietoeslag In de meicirculaire 2022 heeft verwerking plaatsgevonden van het door het Rijk beschikbaar gestelde bedrag in verband met het verstrekken van een energietoeslag aan huishoudens met een laag inkomen. Het Kabinet heeft aangekondigd het richtbedrag van de toeslag te verhogen. De energietoeslag bedraagt voor het jaar 2022 € 1.300 (in plaats van € 800) voor mensen die leven van 120% van het sociaal minimum. Haarlem ontvangt € 6,3 miljoen als aanvulling op het eerder ontvangen bedrag.
Bij de meicirculaire heeft Haarlem reeds € 10,7 miljoen ontvangen, in augustus heeft het Rijk aangegeven dat de bedragen uit deze circulaire niet juist waren. Daarom heeft er bij de Bestuursrapportage 2022 vooruitlopend op de septembercirculaire direct een aframing van € 1,2
Kenmerk: 2022/1448114
4/9
miljoen plaatsgevonden. Bij deze circulaire blijkt nu dat de werkelijke afwijking € 39 duizend groter is dan eerder geraamd. Tijdens de augustusbesluitvorming is besloten om de € 1.300 in 2023 nogmaals aan de 120% doelgroep uit te keren. Om huishoudens in 2022 nog beter te ondersteunen, wordt aan gemeenten de mogelijkheid geboden om een deel hiervan in 2022 al uit te keren. Over de verdeling van deze middelen volgt spoedig nog informatie vanuit het Rijk. Asiel (inburgering) Met betrekking tot de opvang van asielzoekers is in augustus afgesproken dat het kabinet voldoende financiële middelen beschikbaar stelt voor integratie. Als gevolg van een hogere instroom van inburgeraars is afgesproken het budget voor de inburgering voor de jaren 2022, 2023 en 2024 op te hogen, voor Haarlem met € 185 duizend, € 407 duizend en € 315 duizend. Hiermee worden gemeenten in staat gesteld alle inburgeraars passende ondersteuning te bieden. Participatie: Regeling vergoeding Individuele Plaatsing en Steun (IPS) Voor de Regeling vergoeding Individuele plaatsing en steun (IPS) voor de gemeentelijke doelgroep is geld beschikbaar, volgens een bestuurlijk afspraak dragen gemeenten de helft bij van de uitgaven van de subsidie. Daarom wordt in 2023 eenmalig geld uitgenomen uit het gemeentefonds, voor Haarlem € 87 duizend.
Uitvoeringskosten SVB persoonsgebonden budget trekkingsrechten De VNG en het ministerie van VWS zijn overeengekomen om met ingang van 2023 een structureel bedrag uit te nemen uit het gemeentefonds ten behoeve van de uitvoeringskosten van de Sociale Verzekeringsbank (SVB) van de Jeugdwet en de Wet maatschappelijke ondersteuning (Wmo). Het overeengekomen bedrag is gelijk aan de begrote uitvoeringskosten van de SVB voor de Jeugdwet en de Wmo in 2022 en bedraagt voor Haarlem ongeveer € 235 duizend structureel vanaf 2023. Gezien de onzekerheid over de kostenontwikkeling evalueren de VNG en het ministerie van VWS deze afspraak na vier jaar (dus in 2026), op basis van de werkelijke uitvoeringskosten van de SVB voor de Jeugdwet en de Wmo. Op basis van de evaluatie kan besloten worden om de structurele uitname uit het gemeentefonds naar boven of naar beneden bij te stellen. Bijdrage centrale financiering GDI De financiering van de generieke digitale infrastructuur (GDI) wordt vanaf het begrotingsjaar 2023 centraal onder gebracht bij het ministerie van BZK. Een centrale financiering draagt bij aan de gewenste bredere deelname en een hoger gebruik van de GDI. De centrale financiering wordt gerealiseerd door de structurele bijdragen van departementen en medeoverheden en een bijdrage uit de Werk Aan Uitvoering enveloppe op de Aanvullende Post bij het ministerie van Financiën.
Voor Haarlem bedraagt de bijdrage ongeveer € 70 duizend structureel vanaf 2023.
Kenmerk: 2022/1448114
5/9
Taakmutaties (bedragen x € 1.000)* Energietoeslag Energietoeslag correctie fout meicirculaire Landelijke Vreemdelingen Voorziening Asiel (inburgering) BRP en BSN naheffing 2021 en bijdrage 2022** Participatie: IPS Regeling Uitvoeringskosten SVB PGB Trekkingsrechten Bijdrage centrale financiering GDI** Overig** Totaal effect Effect voor beleidsvelden Budgettair effect voor algemene middelen
2022 6.274 -39 -41 185 -15
2023
2024
407
315
-87 -233 -70
-242 -72
17 v 87 -70
1v 73 -72
-1 6363 v 6.379 -16
2025
2026
2027
-249 -74 2 -321 n -249 -72
-231 -68 2 -297 n -231 -66
-232 -69 2 -299 n -232 -67
*: v= voordeel, n= nadeel, door afronding kunnen verschillen ontstaan. **: ten bate/laste van algemene middelen.
3.3 Doel- en decentralisatie-uitkeringen voor beleidsvelden De algemene uitkering wordt hoofdzakelijk gebruikt om het gemeentefonds over alle gemeenten te verdelen volgens dezelfde maatstaven. Daarnaast wordt aan individuele gemeenten of groepen van gemeenten een uitkering verstrekt voor een bepaald doel. Gemeenten zijn formeel-juridisch vrij om dat geld aan dat doel te besteden of ergens anders aan uit te geven. De reden dat het Rijk dit doet is dat gemeenten op deze manier geen verantwoording aan het Rijk hoeven af te leggen over de besteding van de ontvangen gelden; ze vallen immers onder de algemene uitkering. Dit in tegenstelling tot gelden die via specifieke uitkeringen door het Rijk worden verstrekt. Het Rijk vertrouwt erop dat gemeenten de ontvangen gelden in lijn met het doel zullen uitgeven. De bedragen in onderstaande tabel zijn extra inkomsten die ten gunste komen van de betreffende beleidsvelden en daarom niet leiden tot een verhoging van de vrij besteedbare algemene middelen.
Doeluitkeringen beleidsvelden (bedragen x € 1.000)* Maatschappelijke opvang en OGGz Vrouwenopvang Voorschoolse voorziening peuters Maatschappelijke begeleiding statushouders Waarvan reeds verwerkt Uitstapprogramma prostituees Invoeringskosten Omgevingswet Wet kwaliteitsborging bouw Leerlingenvervoer Oekraïne Dichterbij dan je denkt Totaal effect Effect voor beleidsvelden Budgettair effect voor algemene middelen
2022 -69 14 2 339 -289 937 154 95 478 1.661 v 987 674
2023 -69 14
2024 -69 14
2025 -69 14
2026 -69 13
2027 -69 13
96
96
96
96
96
63
63
63
62
104 v 104 0
104 v 104 0
104 v 104 0
102 v 102 0
40 v 40 0
*: v= voordeel, n= nadeel, door afronding kunnen verschillen ontstaan.
Kenmerk: 2022/1448114
6/9
Maatschappelijke opvang en OGGz De omvang van de decentralisatie-uitkering Maatschappelijke opvang wijzigt niet. Met ingang van 2022 is de verdeling van maatschappelijke opvang ten opzichte van de meicirculaire 2022 veranderd als gevolg van het gebruik van actuelere basisgegevens voor de maatstafaantallen. Haarlem ontvangt structureel € 69 duizend minder. Maatschappelijke begeleiding statushouders Haarlem ontvangt in 2022 geld voor de maatschappelijke begeleiding van inburgeringsplichtige asielmigranten en hun gezinsleden. Dit betreft een compensatie die de gemeente achteraf ontvangt voor kosten gemaakt in 2021. Per saldo wordt er € 50 duizend toegevoegd aan het beleidsveld. Uitstapprogramma prostituees Aangewezen gemeenten ontvangen middelen voor het ontwikkelen en uitvoeren van regionale uitstapprogramma’s voor prostituees. Een uitstapprogramma is een programma waarbinnen begeleiding van prostituees plaatsvindt bij het vinden van werk of overige dagbesteding buiten de prostitutie. De programma’s hebben nadrukkelijk als doel om de stap naar ander werk dan prostitutie te vergemakkelijken en daarin ondersteuning te bieden. Vanaf 2023 is er sprake van een uitbreiding en verbreding van de uitstapprogramma´s. Hiervoor ontvangt Haarlem vanaf 2023 structureel € 96 duizend extra.
Invoeringskosten Omgevingswet In de meicirculaire 2022 is reeds aangekondigd dat het Rijk in totaal € 150 miljoen bijdraagt aan de transitiekosten die gemeenten hebben gemaakt in aanloop naar de invoering van de Omgevingswet. Er volgt nog een stelselevaluatie, waarbij de daadwerkelijk gemaakte kosten opnieuw in kaart worden gebracht. De verdeling van deze decentralisatie-uitkering vindt plaats via de verdeelsleutel 60% inwonertal, 25% landoppervlak en 15% vast bedrag. Voor Haarlem resulteert dit in een bedrag van € 937 duizend. In de Voortgangsrapportage 2022 en de Programmabegroting 2023 heeft reeds dekking vanuit de algemene middelen van in totaal € 672 duizend voor lasten omtrent de invoering Omgevingswet plaatsgevonden. Daarom wordt dit bedrag weer toegevoegd aan de algemene middelen in plaats van volledige toevoeging aan de betreffende beleidsvelden. Wet kwaliteitsborging bouw De wet Kwaliteitsborging voor het bouwen (Wkb) treedt naar verwachting vanaf 1 januari 2023 gefaseerd in werking. Er wordt gestart met de eenvoudigere bouwprojecten, daarna volgen eventueel de meer complexere projecten. De Wkb heeft als doel de bouwkwaliteit en het bouwtoezicht te verbeteren door inschakeling van private kwaliteitsborgers. Onder deze wet zullen kwaliteitsborgers zorgdragen voor het voldoen aan de bouwtechnische regels.
Deze taken vervallen hiermee bij gemeenten die overigens wel het bevoegd gezag blijven houden. Zoals aangekondigd in de meicirculaire 2022 ontvangen gemeenten, voor de noodzakelijke voorbereidingen die de gemeenten nog moeten treffen tot de inwerkingtreding van de Wkb in 2022 een aanvullende
Kenmerk: 2022/1448114
7/9
bijdrage, voor Haarlem € 154 duizend. Daarnaast ontvangen de gemeenten na inwerkingtreding een jaarlijkse bijdrage (tot en met 2026) van voor het uitvoeren van de Wkb-taken, voor Haarlem € 63 duizend per jaar. Leerlingenvervoer Oekraïne Uit Oekraïne komen mensen naar Nederland, waaronder veel kinderen en jongeren onder de 18 jaar. Gemeenten hebben de regie en verantwoordelijkheid voor het leerlingenvervoer aan Oekraïense leerlingen. De decentralisatie-uitkering Leerlingenvervoer Oekraïense leerlingen is een tegemoetkoming aan gemeenten voor de kosten die zij hebben gemaakt. De decentralisatieuitkering ziet toe op de periode vanaf 1 maart 2022 tot aan de zomervakantie op 16 juli 2022 en bedraagt voor Haarlem € 95 duizend. Dichterbij dan je denkt Het actieplan ‘Dichterbij dan je denkt’ van het ministerie van SZW beoogt om op korte termijn de krappe arbeidsmarkt te benutten om mensen die nu langs de kant staan naar (parttime) werk of een leerwerkplek te begeleiden. Het ministerie van SZW wil ook arbeidsmarktregio’s in staat stellen om bij te dragen aan het actieplan. Doelstelling van de decentralisatie-uitkering is om de match tussen werkgevers en werkzoekenden uit het onbenut arbeidspotentieel te intensiveren. De decentralisatie-uitkering wordt verstrekt aan de centrumgemeenten van de arbeidsmarktregio’s, waaronder Haarlem.
Elke centrumgemeente ontvangt een gelijk bedrag, zijnde € 478 duizend. 3.4 Integratie-uitkeringen In de circulaire vinden twee mutaties plaats binnen de integratie-uitkeringen. Beschermd wonen Actualisatie van de verdeling over de gemeenten voor de integratie-uitkering Beschermd wonen leidt in 2023 tot een verlaging van de uitkering voor Haarlem met € 118 duizend. In de meicirculaire 2022 is reeds aangekondigd dat de invoering van het woonplaatsbeginsel en het nieuwe objectieve verdeelmodel beschermd wonen, eerder voorzien voor 1 januari 2023, is uitgesteld. Meer informatie over de invoering van het woonplaatsbeginsel en het nieuwe objectieve verdeelmodel beschermd wonen volgt in de meicirculaire 2023. Participatie In 2020 en 2021 heeft het kabinet een bijdrage verstrekt voor het opvangen van de exploitatietekorten van de Sociale Werkbedrijven als gevolg van de coronapandemie. Het kabinet stelt voor ditzelfde doel middelen beschikbaar voor de periode van 1 januari tot 1 april 2022, voor Haarlem een bedrag van € 118 duizend.
Kenmerk: 2022/1448114
8/9
Integratie-uitkeringen (bedragen x € 1.000)* Beschermd wonen Participatie Totaal effect Effect voor beleidsvelden Budgettair effect voor algemene middelen
2022 86 86 v 86 0
2023 -118 -118 n -118 0
2024
2025
2026
2027
0 0
0 0
0 0
0 0
*: v= voordeel, n= nadeel, door afronding kunnen verschillen ontstaan.
3.5 Berekening budgettair effect In voorgaande paragrafen is per onderdeel aangegeven wat het budgettair effect is voor de algemene middelen en wat het effect is voor de beleidsvelden. Onderstaande tabellen vatten dit in een overzicht samen. Samenvatting budgettair algemene middelen (bedragen x € 1.000)* 3.1 Ontwikkelingen rijksniveau 3.2 Taakmutaties voor beleidsvelden 3.3 Doeluitkeringen voor beleidsvelden 3.4 Integratie-uitkeringen Budgettair effect algemene middelen
2022
2023
2024
2025
2026
2027
2.126 -16 674 0 2.784 v
6.953 -70 0 0 6.883 v
3.562 -72 0 0 3.490 v
1.222 -72 0 0 1.150 v
6.130 -66 0 0 6.064 v
-5.454 -67 0 0 -5.521 n
2022
2023
2024
2025
2026
2027
0 6.379 987 86 7.452 v
0 87 104 -118 73 v
0 73 104 0 177 v
0 -249 104 0 -145 n
0 -231 102 0 -129 n
0 -232 40 0 -192 n
*: v= voordeel, n= nadeel, door afronding kunnen verschillen ontstaan.
Samenvatting effecten beleidsvelden (bedragen x € 1.000)* 3.1 Ontwikkelingen rijksniveau 3.2 Taakmutaties voor beleidsvelden 3.3 Doeluitkeringen voor beleidsvelden 3.4 Integratie-uitkeringen Effecten beleidsvelden
*: v= voordeel, n= nadeel, door afronding kunnen verschillen ontstaan.
4. Vervolg De gevolgen van de septembercirculaire voor 2022 worden verwerkt in de Decemberrapportage 2022. De meerjarige gevolgen worden samen met de mogelijke gevolgen van de decembercirculaire verwerkt in de Kadernota 2024. 5. Bijlage Septembercirculaire 2022 Gemeentefonds
Kenmerk: 2022/1448114
9/9