CConstaterende datHaarlem
Koppel je AI →
Document · PDF

1 Gevolgen decembercirculaire 2025 Gemeentefonds

commissie Bestuur 5 februari 2026, gemeente HaarlemBij agendapunt: Gevolgen decembercirculaire 2025 Gemeentefonds2.435 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

Informatienota

Onderwerp Gevolgen decembercirculaire 2025 Gemeentefonds Nummer 2026/6282 Portefeuillehouder Roduner, F.J. Programma/beleidsveld 7.2 Algemene dekkingsmiddelen Afdeling CC Auteur Welsink, M. Telefoonnummer 06-46215473 Email mwelsink@haarlem.nl Kernboodschap Op 16 december 2025 is de decembercirculaire verschenen. Ten opzichte van de septembercirculaire 2025 zijn er structureel meer financiële middelen beschikbaar gesteld. De grootste mutatie (ten bate van beleidsvelden) vindt plaats door toevoeging (in 2026) van de CDOKE middelen aan het Gemeentefonds, voorheen werden deze middelen middels een SPUK uitgekeerd. De budgettaire mutaties voor algemene middelen zijn beperkt maar per saldo voordelig. De gemeente heeft geen directe invloed op deze mutaties. In deze informatienota wordt geen toelichting gegeven voor bedragen onder de € 100 duizend. Decembercirculaire 2025 (bedragen x € 1.000)* Budgettair effect voor algemene middelen

2025

2026

2027

2028

2029

2030

1.624 v

289 v

0v

0v

0v

0v

*: v= voordeel, n= nadeel, door afronding kunnen verschillen ontstaan.

Behandelvoorstel voor commissie Relevante eerdere besluiten Besluit college d.d. 20 januari 2026

De budgettaire gevolgen van de decembercirculaire voor 2025 worden verwerkt in de Jaarrekening 2025. Voor een aantal doelen en taken kan gelden dat de middelen in 2025 ontvangen zijn, maar dat deze pas in 2026 tot uitgaven leiden. In die gevallen wordt een voorstel tot bestemming van het rekeningresultaat 2025 voorgelegd. De meerjarige gevolgen uit de decembercirculaire worden verwerkt in de Kaderbrief 2027. Het college stuurt de informatienota ter kennisname naar de commissie Bestuur. Gevolgen van de septembercirculaire 2025 Gemeentefonds (2025/688245). 1. Het college van burgemeester en wethouders stelt de informatienota aan de commissie vast. de secretaris,

Kenmerk: 2026/6282

de burgemeester,

1/6

1. Aanleiding Alle gemeenten samen ontvangen ongeveer € 47,5 miljard per jaar van het Rijk uit het gemeentefonds. Dat geld wordt via de algemene uitkering (€ 42,2 miljard) en een aantal decentralisatie- en integratie-uitkeringen verdeeld over de gemeenten. Het Rijk maakt de verdeling bekend via meerdere circulaires per jaar van het ministerie van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties. Op 16 december is de decembercirculaire 2025 verschenen, deze nota geeft inzicht in de gevolgen van deze circulaire. 2. Toelichting Ten opzichte van de septembercirculaire 2025 zijn er structureel meer financiële middelen beschikbaar gesteld. De grootste mutatie (ten bate van beleidsvelden) vindt plaats door toevoeging (in 2026) van de CDOKE middelen aan het Gemeentefonds, voorheen werden deze middelen middels een SPUK uitgekeerd. De budgettaire mutaties voor algemene middelen zijn beperkt maar per saldo voordelig. De gemeente heeft geen directe invloed op deze mutaties. De budgettaire gevolgen van de decembercirculaire voor 2025 worden verwerkt in de Jaarrekening 2025. Voor een aantal doelen en taken kan gelden dat de middelen in 2025 ontvangen zijn, maar dat deze pas in 2026 tot uitgaven leiden en/of dat Haarlem de middelen als centrumgemeente voor de regio ontvangt. In die gevallen wordt een voorstel tot bestemming van het rekeningresultaat 2025 voorgelegd.

De meerjarige gevolgen uit de decembercirculaire worden verwerkt in de Kaderbrief 2027. In deze informatienota wordt geen toelichting gegeven voor bedragen onder de € 100 duizend. Samenvatting (bedragen x € 1.000)* Eindstand septembercirculaire 2025 Eindstand decembercirculaire 2025 Totaal verschil Waarvan: Effect voor overige beleidsvelden Budgettair effect voor algemene middelen

2025 479.585 481.209 1.624 0 1.624 v

2026 479.494 482.733 3.239 2.950 289 v

2027 472.757 473.130 373 373 0v

2028 462.385 462.757 372 372 0v

2029 463.812 464.185 373 373 0v

2030 469.062 469.435 373 373 0v

*: v= voordeel, n= nadeel, door afronding kunnen verschillen ontstaan.

3. Resultaten en/of consequenties Op basis van de decembercirculaire 2025 is een nieuwe berekening gemaakt van de algemene uitkering voor de jaren 2025 en verder. In deze analyse wordt de nieuwe berekening vergeleken met de berekening die is gemaakt op basis van de septembercirculaire 2025. De analyse volgt daarbij de opbouw van de berekening van de algemene uitkering. In de opgenomen tabellen is telkens aangegeven wat het budgettaire effect is voor de algemene middelen. 3.1 Ontwikkelingen rijksniveau De ontwikkelingen op rijksniveau bestaan uit het vrijvallen van een gedeelte van de verdeelreserve.

Kenmerk: 2026/6282

2/6

Verdeelreserve Op rijksniveau treedt, via de uitkeringsfactor, een voordelig verschil van € 289 duizend voor 2026 op als gevolg van het laten vrijvallen van een (een gedeelte van de) verdeelreserve voor gemeenten. Ontwikkelingen rijksniveau (bedragen x € 1.000)* Uitkeren verdeelreserve Totaal effect Budgettair effect voor algemene middelen

2025 0 0 0

2026 289 289 v 289

2027 0 0 0

2028 0 0 0

2029 0 0 0

2030 0 0 0

*: v= voordeel, n= nadeel, door afronding kunnen verschillen ontstaan.

3.2 Taakmutaties (voor beleidsvelden) In de decembercirculaire is sprake van taakmutaties met een voordelig effect van per saldo € 309 duizend in 2025. Normaal gaan deze middelen volgens de afspraak “rijksbudget = werkbudget” naar de beleidsvelden. Bij decembercirculaires gaan mutaties eerst ten bate/laste van de algemene middelen van 2025, waarna deze middelen eventueel via ‘voorstellen voor bestemming rekeningresultaat 2025’ nog aan beleidsvelden kunnen worden toegekend bij de Kaderbrief 2027. Voorwaarde hierbij is dat er nog lasten zullen volgen in 2026 of later voor de extra middelen en dat het een significante omvang betreft. Mutaties groter dan € 100 duizend worden onderstaand toegelicht. Taakmutaties (bedragen x € 1.000)* Kinderopvang pleegouders Hervormingsagenda jeugd 'Weeffout' jeugdzorg Wet versterking regie volkshuisvesting** Landelijke Vreemdelingen Voorziening BRP logisch ontwerp BRP experiment Bijdrage gebruik BRP Handelsregister KvK Totaal effect Effect voor beleidsvelden Budgettair effect voor algemene middelen**

2025 107 17 -88 423 -96 13 2 -48 -21 309 v 423 -114

*: v= voordeel, n= nadeel, door afronding kunnen verschillen ontstaan. **: Taakmutaties kunnen niet meer verwerkt worden in de begroting van de beleidsvelden: Omdat de decembercirculaire laat in het jaar verschijnt, is het niet meer mogelijk om wijzigingen voor het jaar 2025 in de begroting te verwerken. Zoals dit bijvoorbeeld wel gebeurt met wijzigingen in de meicirculaire (via de Bestuursrapportage) en septembercirculaire (via de Decemberrapportage). De mutaties gaan daarom ten bate/laste van de algemene middelen (programma 7). Via ‘voorstellen voor bestemming van het rekeningresultaat 2025’ kunnen eventuele grote voordelen als budget voor de beleidsterreinen worden toegekend voor besteding in jaar 2026. De raad besluit over de bestemming van het rekeningresultaat 2025 bij de Kaderbrief 2027. De mutatie in 2025 die daar (in ieder geval op basis van omvang) voor in aanmerking lijkt te komen is reeds gepresenteerd bij "Effect voor beleidsvelden".

Kinderopvang pleegouders Bij Voorjaarsnota 2025 is door de Rijksoverheid extra geld beschikbaar gesteld als bijdrage voor de kosten die pleegouders maken voor kinderopvang en buitenschoolse opvang van hun pleegkinderen. Deze bijdrage geldt voor alle pleegouders die gebruik maken van kinderopvang en buitenschoolse opvang (bso). Pleegouders betalen nu een eigen bijdrage in de kosten van kinderopvang en

Kenmerk: 2026/6282

3/6

buitenschoolse opvang; dit zijn kosten die overblijven na het ontvangen van de eventuele kinderopvangtoeslag. Besloten is om deze middelen voor 2025 alsnog eenmalig toe te voegen aan de algemene uitkering van het gemeentefonds. Haarlem ontvangt € 107 duizend. Voor de jaren 2026 en 2027 wordt nog gewerkt aan een wijze waarop deze middelen aan pleegouders worden uitgekeerd. Wet versterking regie volkshuisvesting Met de inwerkingtreding van het wetsvoorstel Versterking regie volkshuisvesting ontstaan extra werkzaamheden voor de medeoverheden. In een artikel 2 onderzoek is vastgesteld dat deze werkzaamheden financiële gevolgen hebben voor gemeenten in de vorm van incidentele en structurele uitvoeringslasten. Ter compensatie van de in het onderzoek geïdentificeerde incidentele uitvoeringslasten ontvangt Haarlem € 423 duizend in 2025. 3.3 Decentralisatie-uitkeringen (voor beleidsvelden) De algemene uitkering wordt hoofdzakelijk gebruikt om het gemeentefonds over alle gemeenten te verdelen volgens dezelfde maatstaven. Daarnaast wordt aan individuele gemeenten of groepen van gemeenten een uitkering verstrekt voor een bepaald doel. Gemeenten zijn formeel-juridisch vrij om dat geld aan dat doel te besteden of ergens anders aan uit te geven.

De reden dat het Rijk dit doet is dat gemeenten op deze manier geen verantwoording aan het Rijk hoeven af te leggen over de besteding van de ontvangen gelden; ze vallen immers onder de algemene uitkering. Dit in tegenstelling tot gelden die via specifieke uitkeringen door het Rijk worden verstrekt. Het Rijk vertrouwt erop dat gemeenten de ontvangen gelden in lijn met het doel zullen uitgeven. Voor onderstaande doelen kan gelden dat de gemeente de middelen in 2025 ontvangt, maar dat deze pas in 2026 tot uitgaven leiden. In die gevallen zal een voorstel tot bestemming van het rekeningresultaat 2025 worden voorgelegd. In onderstaande tabel wordt reeds een inzicht gegeven in drie mutaties (voor 2025) die daar voor in aanmerking lijken te komen omdat de gemeente de middelen als centrumgemeente voor de regio ontvangt of omdat er nog lasten in 2026 zullen volgen. Wanneer dit niet het geval is komen de middelen ten bate/laste van de algemene middelen. Mutaties groter dan € 100 duizend worden onderstaand toegelicht.

Decentralisatie-uitkeringen beleidsvelden (bedragen x € 1.000)* Wet betaalbare huur Impulsbudget arbeidsmarktregio's** Vrouwenopvang Capaciteit decentrale overheden klimaat- en energiebeleid Meerkosten Oekraïne Sociaal Domein Startbanen statushouders** Compensatie medewerkers sociaal ontwikkelbedrijven** Aanvullende ondersteuning lokale energiehulp Implementatie plateau 2 Totaal effect Effect voor beleidsvelden Budgettair effect voor algemene middelen**

2025

2026

2027

2028

2029

2030

373 2.577

373

373

373

373

2.950 v 2.950 0

373 v 373 0

373 v 373 0

373 v 373 0

373 v 373 0

11 157

330 269 436 99 13 1.315 v 862 453

Kenmerk: 2026/6282

4/6

*: v= voordeel, n= nadeel, door afronding kunnen verschillen ontstaan. **: Mutaties kunnen niet meer verwerkt worden in de begroting van de beleidsvelden: Omdat de decembercirculaire laat in het jaar verschijnt, is het niet meer mogelijk om wijzigingen voor het jaar 2025 in de begroting te verwerken. Zoals dit bijvoorbeeld wel gebeurt met wijzigingen in de meicirculaire (via de Bestuursrapportage) en septembercirculaire (via de Decemberrapportage). De mutaties gaan daarom ten bate/laste van de algemene middelen (programma 7). Via ‘voorstellen voor bestemming van het rekeningresultaat 2025’ kunnen eventuele grote voordelen als budget voor de beleidsterreinen worden toegekend voor besteding in jaar 2026. De raad besluit over de bestemming van het rekeningresultaat 2025 bij de Kaderbrief 2027. De drie mutaties in 2025 die daar (in ieder geval op basis van omvang) voor in aanmerking lijken te komen zijn gepresenteerd bij "Effect voor beleidsvelden".

Impulsbudget arbeidsmarktregio’s De arbeidsmarktregio’s ontvangen in de periode 2025-2028 een tijdelijk impulsbudget. Deze middelen maken het mogelijk om gezamenlijke dienstverlening te ontwikkelen met de partners in de arbeidsmarktregio. Hiermee kunnen de kaders ontwikkeld worden voor de regionale arbeidsmarktinfrastructuur en mogelijke knelpunten in de regionale samenwerking worden opgelost. Naast de eerder beschikbaar gestelde middelen wordt er nu aanvullend geld beschikbaar gesteld voor eenmalige kosten die te maken hebben met de transitie of implementatie van het Werkcentrum, Haarlem ontvangt € 157 duizend. Vrouwenopvang In de Rijksbegroting 2026 zijn vanaf 2026 structureel middelen toegevoegd aan de decentralisatieuitkering Vrouwenopvang ten behoeve van extra opvangplekken. Deze middelen zijn nu verdeeld en de toevoeging die Haarlem ontvangt bedraagt structureel € 373 duizend. Capaciteit decentrale overheden klimaat- en energiebeleid (CDOKE) Voor 2026 waren reeds middelen beschikbaar gesteld aan gemeenten om uitvoering te kunnen geven aan hun taken op het gebied van klimaat- en energiebeleid (zie ook septembercirculaire 2025 (2025/688245). Van het totale budget was een deel (ongeveer € 30 miljoen) toen nog niet verdeeld.

Het grootste deel hiervan (ongeveer € 26 miljoen) wordt nu toegekend voor plannen die gemeenten hebben op gebied van het aardgasvrij maken van wijken, het aanleggen van windparken of zonneweiden of een zero-emissie (ZE)-zone, het restant wordt verdeeld over alle gemeenten op basis van correcties en de verdeelsleutel. Haarlem ontvangt € 2,6 miljoen. Meerkosten Oekraïne sociaal domein De verantwoordelijkheid voor de zorg en ondersteuning vanuit de Wmo en de Jeugdwet, de uitvoering van het basistakenpakket Jeugdgezondheidszorg, het Rijksvaccinatieprogramma en het prenataal huisbezoek uit de Wet publieke gezondheid, ligt ook voor Oekraïense ontheemden bij gemeenten. Het aantal Oekraïense ontheemden is dusdanig groot in omvang dat dit niet als een onderdeel van gebruikelijke fluctuaties gezien kan worden. Het Rijk compenseert gemeenten via een decentralisatie-uitkering voor de extra kosten die zij ten aanzien van bovengenoemde taken maken, Haarlem ontvangt € 330 duizend. Startbanen statushouders Het Rijk spant zich in om de arbeidsparticipatie van statushouders te verbeteren. Gemeenten vervullen een belangrijke rol in de begeleiding (inclusief inburgering) naar werk van werkzoekende

Kenmerk: 2026/6282

5/6

statushouders. De betrokken centrumgemeenten ontwikkelen hun eigen werkwijzen om statushouders die zich gaan vestigen in een gemeente, intensief te begeleiden (inclusief inburgering) en een betaalde baan (Startbaan) aan te bieden. Elke betrokken centrumgemeente, waaronder Haarlem, ontvangt een gelijk basisbedrag van €269 duizend. Compensatie medewerkers sociaal ontwikkelbedrijven Medewerkers van sociaal ontwikkelbedrijven ondervinden nadelige gevolgen van de fiscale maatregelen uit het Belastingplan 2025. Er zijn middelen beschikbaar gekomen om medewerkers van sociaal ontwikkelbedrijven compensatie te bieden voor deze nadelige gevolgen. De grootste gemeente binnen een samenwerkingsverband rondom een sociaal ontwikkelbedrijf ontvangt de financiële middelen. Haarlem ontvangt € 436 duizend. Binnen het Belastingplan 2026 is een oplossing voor het financiële nadeel gekomen, waardoor eventuele voortzetting van deze decentralisatie-uitkering in 2026 niet aan de orde is. 3.4 Berekening budgettair effect In voorgaande paragrafen is per onderdeel aangegeven wat het budgettair effect is voor de algemene middelen, onderstaande tabellen vat dit in een overzicht samen. In eerste instantie worden alle mutaties voor 2025 (€ 1,6 miljoen) geboekt ten bate/laste van de algemene middelen (zie tabel kernboodschap).

Onderstaande tabellen geven een weergave aan van de verwachte mutaties na verwerking van de bestemming van het resultaatbestemming 2025. Samenvatting budgettair algemene middelen (bedragen x € 1.000)* 3.1 Ontwikkelingen rijksniveau 3.2 Taakmutaties voor beleidsvelden 3.3 Doeluitkeringen voor beleidsvelden Budgettair effect algemene middelen

2025

2026

2027

2028

2029

2030

0 -114 453 339 v

289 0 0 289 v

0 0 0 0

0 0 0 0

0 0 0 0

0 0 0 0

2025

2026

2027

2028

2029

2030

0 423 862 1.285 v

0 0 2.950 2.950 v

0 0 373 373 v

0 0 373 373 v

0 0 373 373 v

0 0 373 373 v

*: v= voordeel, n= nadeel, door afronding kunnen verschillen ontstaan.

Samenvatting effecten beleidsvelden (bedragen x € 1.000)* 3.1 Ontwikkelingen rijksniveau 3.2 Taakmutaties voor beleidsvelden 3.3 Doeluitkeringen voor beleidsvelden Effecten beleidsvelden**

*: v= voordeel, n= nadeel, door afronding kunnen verschillen ontstaan. **: Deze middelen dienen via ‘voorstellen voor bestemming van het rekeningresultaat 2025’ voor de betreffende beleidsterreinen worden toegekend voor besteding in jaar 2026. De raad besluit over de bestemming van het rekeningresultaat 2025 bij de Kaderbrief 2027.

De budgettaire effecten van de decembercirculaire voor 2025 worden verwerkt in de Jaarrekening 2025. De meerjarige gevolgen worden verwerkt in de Kaderbrief 2027. 4. Bijlagen Decembercirculaire 2025 Gemeentefonds.

Kenmerk: 2026/6282

6/6

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/16519160/1