07. KN Bijlage 2; Investeringsplan Haarlem Kadernota 2022
Tekst van het document
Actualisatie Investeringsplan Haarlem 1. Inleiding Met als basis de Programmabegroting 2021 is de planning van de voorgenomen investeringen geactualiseerd. Tevens is geïnventariseerd welke wensen er zijn voor nieuwe investeringen of bijstelling van al bestaande investeringen. Deze Kadernota dient ter actualisatie van het Investeringsplan en om alle nieuwe of bijgestelde investeringswensen in kaart te brengen. De vervangingsinvesteringen als verwerkt in de actualisatie van het Investeringsplan (IP) worden voorlopig vastgesteld. De nieuwe of bijgestelde investeringswensen worden gepresenteerd maar hierover wordt nog niet -ook niet voorlopig- besloten. Geen enkele nieuwe of bijgestelde investeringswens is strikt genomen onontkoombaar. Gelet op de onzekerheden in het financieel beeld vindt besluitvorming hierover daarom plaats bij de Programmabegroting 2022-2026.
2. Actualisatie Kadernota 2022 Na het opmaken van de Jaarrekening 2020 blijkt dat afgelopen jaar een bedrag van € 39 miljoen is geïnvesteerd, ten opzichte van een begroot bedrag 2020 van € 51 miljoen. Dit betekent dat 77% van de voorgenomen investeringen is gerealiseerd, een vergelijkbaar beeld met de afgelopen jaren. Een bedrag van € 12 miljoen aan voorgenomen investeringen schuift door naar 2021 of latere jaren. Onderdeel van deze actualisatie is dat van alle investeringen opnieuw is gekeken of de geraamde (jaren van) uitgaven realistisch zijn. Na de actualisatie bedraagt de jaarschijf 2021 € 75 miljoen en de jaarschijf 2022 is € 90 miljoen. Hoewel dit aanzienlijk hoger is dan de werkelijke uitgaven in de afgelopen jaren (ca. € 39 miljoen per jaar) sluiten deze bedragen wel aan bij de ambities van de huidige coalitie om € 20 miljoen per jaar méér te investeren dan was voorzien voordat de coalitie aantrad. Deze toename is de afgelopen jaren nog niet gerealiseerd, dus op dit punt is een inhaalslag nodig. De afgelopen jaren zijn veel investeringen voorbereid, die dit jaar tot uitvoering moeten komen. Zo staat er dit jaar € 18 miljoen aan investeringen geraamd in onderwijshuisvesting, waarvoor scholen in de afgelopen jaren de voorbereiding hebben getroffen.
Er is € 12 miljoen geraamd voor investeringen in sportaccommodaties die over het algemeen weinig voorbereidingstijd hebben en waarvan de grootste investering in de sporthal Sportweg al in uitvoering is. Tot slot is € 33 miljoen aan (vervangings-) investeringen in de openbare ruimte en riolering geraamd, waarbij een aantal grote investeringen zoals de parkeervoorziening Schalkstad, het Houtplein en het Schoterbos al in uitvoering zijn. De IP stelposten 81.27 en 81.30 vormen, samen met de € 3 miljoen die de raad bij de Programmabegroting 2021 beschikbaar stelde, de dekking voor de Investeringsagenda binnensport. De financiële raming van de investeringsagenda wordt geactualiseerd, waarbij ook een nieuwe sporthal in Schalkwijk (onder andere ten behoeve van Triple ThreaT) wordt betrokken. Bij de behandeling van de Programmabegroting 2022-2025 wordt de investeringsagenda als onderdeel van het Investeringsplan aan de raad gepresenteerd en voor besluitvorming voorgelegd.
3. Verschuiving van uitgaven tussen IP en exploitatie De voor gemeenten geldende begrotingsregels (Besluit Begroting en Verantwoording) schrijven voor wanneer uitgaven als investeringen moeten worden aangemerkt, en wanneer dat niet mag. In de 1
Programmabegroting 2021 is aangekondigd dat in deze Kadernota een voorstel zou worden opgenomen voor de verschuiving van uitgaven van cultuurpodia van het Investeringsplan naar de exploitatie. Vervangingen cultuurpodia Uit voortgaand overleg met de cultuurpodia blijkt dat veel van de verwachte uitgaven in de komende jaren onder de € 100.000 zijn en daarom niet zijn aan te merken als investering, maar direct ten laste van de exploitatie moeten worden gebracht. Het gaat om een bedrag van € 0,6 miljoen per jaar voor 2021 t/m 2024. Levensduur verlengende investeringen gemeentelijk vastgoed Bij het groot onderhoud aan gemeentelijk vastgoed is soms sprake van ingrepen aan panden die op grond als vervangingsinvestering of als renovatie zijn aan te merken. Conform de begrotingsregels moeten deze kosten als investering worden gezien. De dekking voor deze ingrepen staat echter begroot in de exploitatie. In deze gevallen is dus sprake van een verschuiving van uitgaven van de exploitatie naar het Investeringsplan. Dit gaat in totaal om € 2,5 miljoen. Dit bedrag wordt, verspreid over de periode 2021 t/m 2024 en in mindering gebracht op de begrote lasten in de exploitatie.
Verschuiving groot onderhoud (IP Maatschappelijk) nut naar reguliere investering In enkele investeringsprojecten wordt tijdens de voorbereiding of de uitvoering geconcludeerd dat in het zelfde gebied (verder) vervangingsonderhoud nodig is. Dit vervangingsonderhoud wordt betaald vanuit het in de begroting beschikbare onderhoudsbudget, en wanneer sprake is van te activeren kosten vanuit de post IP Maatschappelijk nut uit het Investeringsplan. Het is in deze gevallen logisch om vanuit het onderhoudsbudget of de post IP Maatschappelijk Nut een aanvullend budget beschikbaar te stellen en het vervangingsonderhoud uit te voeren als onderdeel van het investeringsproject en het krediet hiervoor te verhogen. Naast een budgettair effect heeft deze verschuiving ook tot gevolg dat de uitgaven niet langer zijn goedgekeurd via begroting of stelpost. Als reguliere investering is ook voor deze uitgaven een raadskrediet nodig. Momenteel is dit aan de orde bij vijf investeringen. Drie daarvan zijn lopende projecten, waarvoor in deze Kadernota kredietbesluiten worden opgenomen. Voor de andere twee projecten volgt op een later moment een kredietvoorstel, waarin ook deze kosten worden meegenomen.
Verschuivingen zoals hiervóór beschreven vinden plaats in project Snelfietsroute Haarlem – Velsen (aanvulling van het SOR budget met € 174.000 vanuit onderhoudsbudget), de Spaansevaartstraat (aanvulling van het SOR budget met € 463.000 vanuit onderhoudsbudget), het Schoterbos (aanvulling met € 100.000 vanuit onderhoud voor werkzaamheden aan de Schoterplasbrug en de vervanging van trimtoestellen), de Prinsenbrug (aanvulling van de IP post met € 200.000 vanuit onderhoud voor de vervanging van de landbedieningsseinen en de slagbomen) en de Prins Bernhardlaan (IP budget aangevuld met € 396.000 voor vervanging van de verkeersregelinstallaties). Het effect van deze verschuivingen is dat er met uitzondering van 2022 voordelen in de exploitatie optreden omdat er per saldo meer uitgaven als investering worden verantwoord en niet als directe last in de exploitatie. De volgende bedragen worden in mindering gebracht op (negatieve bedragen) of toegevoegd aan (positieve bedragen) het Investeringsplan. Tabel: mutaties investeringsplan IP post Onderwerp CLT.00 Vervangingen cultuurpodia
2021 2022 -568 -568
2
2023 2024 -568 -568
Totaal -2.272
VG.IN Div
Renovaties en uitbreidingen Groot onderhoud / IP MN Totale mutatie IP
2.300 737 2.469
200 -368
396 -172
2.300 1.333 1.361
-568
Deze verschuivingen leiden tot de mutaties in de begrote lasten, waarbij de volgende bedragen worden toegevoegd aan (positieve bedragen) of in mindering gebracht op (negatieve bedragen) de begrote lasten in de Programmabegroting: Tabel: mutaties exploitatie begroting Beleidsveld Onderwerp 4.2 Vervangingen cultuurpodia 5.3 Vastgoedbeheer 5.2 Groot onderhoud / IP MN Totale mutatie exploitatie
2021 2022 568 568 -350 -350 -737 -200 -519 18
Totaal 2.272 -2.300 -1.333 -1.361
2023 2024 568 568 -800 -800 -396 0 -628 -232
4. Investeringsplan en gevolgen voor de begroting De actualisatie en de verschuiving van uitgaven van IP naar exploitatie leiden tot een geactualiseerd Investeringsplan. De kapitaallasten van dit Investeringsplan en de lasten in de exploitatie hebben gevolgen voor het begrotingssaldo voor 2021 en verder. 4a. Investeringsplan op hoofdlijnen Het totaal saldo aan geraamde investeringen voor 2021 na deze actualisatie bedraagt € 75 miljoen, voor de twee jaren er na respectievelijk € 90 miljoen en € 74 miljoen. Daarmee is het geplande volume hoger dan de realisatie in 2020. Dat past bij de ambitie uit de Kadernota 2018 om € 20 miljoen per jaar extra te investeren. Het “wegzetten” van investeringen vergt de nodige voorbereiding en organisatie. Naarmate deze raadsperiode vordert, is daar logischerwijs meer energie aan besteed en daardoor is het aantal lopende projecten gestegen. Tabel: investeringsplan op hoofdlijnen Programma 1 Maatschappelijke. participatie 2 Ondersteuning en Zorg 4 Duurzame Stedelijke Vernieuwing 5 Beheer en Onderhoud 6 Burger, Best en Veiligheid 7 Alg. Dekkingsmidd. & Overhead Eindtotaal
2021 30.630 225 3.606 36.110 38 4.308 74.916
2022 23.636 1.800 3.805 56.955 100 2.775 89.070
2023 12.809 0 3.097 54.687 50 3.530 74.173
2024 7.094 0 3.718 45.090 0 5.430 61.332
2025 1.821 0 5.418 37.780 0 2.960 47.979
2026 1.846 0 1.000 31.290 0 2.860 36.996
De grootste investeringen vallen onder de programma’s 1 (maatschappelijke participatie) en 5 (beheer en onderhoud). In programma 1 gaat het om investeringen in onderwijshuisvesting en sportcomplexen en -accommodaties. Programma 5 bevat de investeringen in de openbare ruimte, waaronder de investeringsbudgetten voor de Structuurvisie Openbare Ruimte (SOR). Bij deze cijfers is nog geen rekening gehouden met de bij deze Kadernota aangedragen nieuwe of hogere investeringen. Deze worden apart voorgelegd (zie paragraaf 6 van dit hoofdstuk) en pas verwerkt na bestuurlijke besluitvorming. Dat het totaalvolume van de jaarschijf 2026 op dit moment nog lager is dan in voorgaande jaren is normaal. De praktijk leert dat naarmate een jaarschijf in de tijd dichterbij komt, de nodige investeringen meer in beeld komen en de planning beter te maken is.
3
4b. Wijziging in begrote exploitatie lasten De wijzigingen in het investeringsplan werken door in de begrote rente- en afschrijvingslasten. Daarnaast hebben verschuivingen van uitgaven van het Investeringsplan naar de exploitatie (zie paragaaf 3) een gevolg voor de lasten in de exploitatie. De kapitaallasten van het geactualiseerde Investeringsplan zijn als volgt:
Tabel: kapitaallasten van dit investeringsplan
Lasten Kapitaallasten Waarvan kapitaallasten riolering Waarvan kapitaallasten reserve MN Waarvan gedekt door doeluitkering Totaal
2021 41.929 5.824 896 174 35.053
2022 45.449 6.218 1.153 174 37.904
2023 49.122 6.535 1.263 174 41.150
2024 52.889 7.012 1.359 174 44.344
2025 55.039 7.448 1.469
2026 56.741 7.654 1.579
46.122
47.508
De kapitaallasten van het bij de Programmabegroting 2021 vaststelde Investeringsplan zijn als volgt: Tabel: kapitaallasten van investeringsplan huidige begroting (Programmabegroting 2021)
Kapitaallasten Kapitaallasten Waarvan kapitaallasten riolering Waarvan kapitaallasten reserve MN Totaal
2021 42.231 5.814 968 35.449
2022 46.265 6.470 1.148 38.647
2023 49.748 6.785 1.318 41.645
2024 52.824 7.043 1.487 44.294
2025 54.675 7.388 1.653 45.634
2026 54.675 7.388 1.653 45.634
De verschillen in kapitaallasten tussen het bij de Programmabegroting 2021 vastgestelde Investeringsplan en het geactualiseerde Investeringsplan zijn als volgt, en geven het volgende beeld voor het begrotingskader: Tabel: mutatie in lasten van investeringsplan t.o.v. Programmabegroting 2020
Mutaties lasten uit investeringen (negatief is voordeel) Saldo mutatie lasten Waarvan mutatie kapitaallasten riolering Waarvan mutatie kapitaallasten reserve MN Waarvan gedekt door doeluitkering Subtotaal: mutatie kapitaallasten In te vullen taakstelling stelpost investeringen (2021) Lasten direct in exploitatie (zie paragraaf 3) Stelpost kapitaallasten of andere lasten Totaal rekening resultaat (negatief: voordeel)
2021 -302 11 -72 174 -414 776 -519 -157
2022 -816 -253 4 174 -742
2023 -626 -249 -56 174 -495
2024 65 -31 -128 174 -50
2025 364 59 -187 0 489
2026 2.067 266 -74 0 1874
18 724 0
-628 1.123 0
-232 182 0
0
0
489
1.874
De kapitaallasten zijn na de actualisatie tot en met 2024 lager dan was begroot bij de Programmabegroting 2021-2024, doordat per eind 2020 minder is geïnvesteerd dan eerder was verwacht. Deze investeringen worden in de periode 2021-2023 alsnog uitgevoerd, waardoor met ingang van 2024 de begrote kapitaallasten weer hoger zijn. Daarnaast is de verschuiving van uitgaven van het Investeringsplan naar de exploitatie zoals besloten bij de Programmabegroting 2021 en zoals genoemd in paragraaf 3 verwerkt. Dit leidt tot lagere kapitaallasten. Daar tegenover staat een hogere last in de exploitatie. Deels zijn deze bij de Programmabegroting 2021 al begroot. De last in de exploitatie vanuit deze Kadernota is op de onderste regel in de tabel meegerekend. Per saldo ontstaat voor alle jaren tot en met 2024 een lagere last in de exploitatie. Het grootste verschil doet zich voor in 2023 als de kapitaallasten ruim €1,1 miljoen lager zijn dan bij de Programmabegroting 2021 geraamd. Omdat in de jaren 2023 en 2024 sprake is van een voordeel uit verschuivingen van uitgaven tussen exploitatie en Investeringsplan, is in de jaren tot en met 2024 sprake van een voordeel ten opzichte 4
van de huidige begrote lasten. Met ingang van 2025 ontstaat een nadeel omdat naar verwachting dan ingehaalde investeringen tot hogere kapitaallasten leiden en geen voordeel meer wordt verwacht uit verschuivingen van uitgaven van de exploitatie naar het Investeringsplan. In de begroting wordt met jaarlijkse stelposten al rekening gehouden met een zekere mate van onderbesteding van voorgenomen investeringen, waarmee al lagere kapitaallasten worden begroot. Deze stelpost wordt voor 2021 ingevuld nu het verschil tussen begrote en werkelijke kapitaallasten voor dit jaar bekend is. Vanwege de onzekerheid in het financieel beeld en de nieuwe investeringen waarover nog een besluit volgt, worden de voordelen uit de actualisatie voor 2022, 2023 en 2024 als begrote last op een stelpost begroot. Hierdoor ontstaat voor deze jaren vooralsnog geen voordeel ten opzichte van de bestaande begroting. Bij de Programmabegroting 2022 zal blijken welk deel van deze stelpost kan vrijvallen. 5. Toevoegingen aan het Investeringsplan In verschillende domeinen zijn nieuwe investeringen of ophogingen van geplande investeringen nodig of gewenst. 5a. Voortzetting stelposten vervangingsinvesteringen in 2026 In het Investeringsplan wordt met jaarlijkse stelposten rekening gehouden met toekomstige vervangingsinvesteringen.
Bijvoorbeeld jaarlijkse investeringen in accommodaties voor sportverenigingen, gemeentelijk vastgoed, riolering en automatisering. De volgende jaarlijkse stelposten voor vervangingsinvesteringen worden ook in 2026 in het IP opgenomen: IP post 81.06 81.27 81.28 81.28 63.19 VG.IN ICT.01 ICT.02 FAC.01 Totaal
Omschrijving Vervanging grassportvelden Vervanging accommodaties sport Vervanging sportvelden: toplagen Vervanging sportvelden: onderbouw Vervanging riolering Levensduur verlengende investeringen gem. bezit Vervanging ICT Digitale transformatie Vervanging meubilair
Bedrag 2026 126 530 930 260 8.357 500 1.500 1.000 376 13.563
5b. Financieel kader voor nieuwe investeringen Er zijn twee variabelen die de omvang van het Investeringsplan begrenzen: Het maximum aan de schuldquote (NSQ) Bij de Programmabegroting 2021 is alle op dat moment berekende ruimte binnen dit plafond tot eind 2024 ingevuld met hogere investeringen. Uit een recente actualisatie van de berekende NSQ blijkt dat er tot eind 2025 nog ruimte is voor € 46 miljoen aan aanvullende investeringen binnen een NSQ van 120. De NSQ is afhankelijk van veel factoren, die deels niet door de gemeente te beïnvloeden zijn. Kapitaallasten passend in een sluitende begroting De kapitaallasten, volgend vanuit de reeds geplande investeringen, zijn geactualiseerd (zie paragraaf 4b). Voor 2026 is een stijging van de kapitaallasten zichtbaar. Dit wordt veroorzaakt door de hogere investeringsbedragen in de aankomende jaren. Hierdoor stijgt de totale omvang aan activa: er is een groter bedrag aan nieuwe investeringen dan dat er oude investeringen worden afgeschreven.
5
Een verdere ophoging van het investeringsvolume leidt tot een verdere verhoging van kapitaallasten. Gemiddeld worden investeringen in dertig jaar afgeschreven en het huidige rentepercentage bedraagt 2%. Hieruit volgt dat € 46 miljoen aan extra investeringen leiden tot een extra jaarlijkse kapitaallast van zo’n € 2,4 miljoen. Deze post vormt een niet-beïnvloedbare last in de begroting en kan er toe leiden dat het moeilijker is een sluitende begroting te presenteren. Er is een hoge mate van onzekerheid over de ontwikkeling van het financieel beeld als gevolg van externe factoren en de vraag in hoeverre rekening houdend met alle onzekerheden het financieel beeld sluitend kan worden gehouden. Gelet daarop wordt op dit moment nog geen besluit genomen over het eventueel invullen van niet onontkoombare investeringen. Deze investeringen worden bij de Programmabegroting 2022 afgewogen. 5c. Nieuwe investeringen Naast de voortzetting van (stelposten voor) vervangingsinvesteringen zijn de volgende nieuwe en / of hogere investeringen aangemeld. In een aantal gevallen gaat het om investeringen die al in uitvoering zijn, die duurder worden. Bij de investeringen is aangegeven of het gaat om een vervanging of een uitbreiding. Vaak is het een combinatie van beiden.
Bij onderwijshuisvesting is vaak sprake van een combinatie van renovatie (vervanging) en uitbreiding van een gebouw vanwege de groei van leerlingen of het herhuisvesten van leerlingen vanuit een ander gebouw. In de openbare ruimte zijn vrijwel geen investeringen die puur een uitbreiding zijn, maar ook weinig investeringen die alleen maar een vervanging zijn. Meestal wordt bestaande openbare ruimte vervangen en verbeterd of opnieuw ingericht. Per post is aangegeven in welke categorisering deze valt voor de afweegbaarheid. Het gaat daarbij om a) onontkoombare investeringen waarbij geen keuzemogelijkheid is, b) ‘meest gewenst’ voor investeringen waar een keuze is te maken, maar waarbij de gevolgen van het niet toekennen groot zijn en c) ‘indien alles meevalt’ voor claims die belangrijk zijn maar niet onontkoombaar. Tabel: Nieuwe en hogere investeringen Afweging Programma 1 Onderwijshuisvesting (zie nota SHO 2019-2022: 2019/842178)
B
Stelpost sportvelden (ophoging)
C
Schoterstraat 4 ISK (2021/212823)
A
Programma 4
2021
2022
2023
2024
2025
2026
Totaal
2021
2022
2023
2024
2025
2026
Totaal
7.060
15.750
21.000
30.300
74.110
60
60
120
270 2021
270 2022
2023
2024
2025
2026
Cultuur Vervangingsinvesteringen cultuurpodia
Totaal 0
C
1.200
1.200
Ontwikkeling Bereikbare steden
C
Programma 5
2021
2022
782
200
2023
15.000
15.000
15.000
45.000
2024
2025
2026
Totaal
Openbare ruimte Schalkwijkerbrug
A
Wilhelminastraat (basis)
C
250
6
982 500
1.900
2.000
4.650
Wilhelminastraat (aanvulling SOR ambitie)
C
HOV Noord (netto nul)
A
315
315
HOV Noord subsidie (netto nul)
A
-315
-315
Klimaatadaptatie stelpost
C
Nul-emissie zone
C
Parkeergarages apparatuur
C
Parkeergarages speedgates
C
SOR mobiliteit
C
8.000
8.000
SOR groen
C
2.000
2.000
750
380 170
380
516
2.000
2.750
1.168
2.444
400
400
180 120
350 370
490
Gemeentelijk bezit Verduurzaming NME gebouw
C
Verduurzaming gemeentelijk bezit
C
Totaal nieuwe en hogere investeringen
300
1.222
1.430
300
8.610
600
33.916
7.000
7.000
14.000
48.628
63.560
157.366
In totaal is voor € 157 miljoen aan nieuwe en/of hogere investeringen voorgesteld, waarvan € 93 miljoen in de periode tot en met 2025. Onderwijshuisvesting (categorie B) Bij de Programmabegroting 2021 is een budget van € 17 miljoen in het Investeringsplan opgenomen om de komende jaren te investeren in onderwijshuisvesting. De opgave zoals verwoord in het SHO 2019-2022 is groter dan dat. De nieuwe opgave voor deze Kadernota is tot stand gekomen door de projecten die reeds opgenomen waren in de ‘lijst van 100 miljoen’ van het SHO 2019-2022 geïndexeerd op te nemen plus als aanvulling een drietal nieuwe projecten (Internationale school, internationale schakelklas en integraal kindcentrum). Stelpost sportvelden (ophoging, categorie C) Met ingang van 2022 wil de gemeente haar beleid ten aanzien van de hockeyvelden wijzigen. De gemeente Haarlem legt zand ingestrooide kunstgrasvelden aan bij de eerste aanleg van een nieuw hockeyveld. Verenigingen zijn vrij om vanuit eigen middelen aanvullende investering te doen, zodat een semi- of water kunstgrasveld gerealiseerd kan worden. Als een vereniging een extra investering doet in de aanleg van een semi- of waterveld vervangt de gemeente aan het einde van de technische en financiële afschrijftermijn (na 10 jaar) de toplaag voor eenzelfde toplaag.
Dit betekent dat met ingang van 2025 de jaarlijkse stelpost voor de vervanging van sportvelden met €60K moet worden verhoogd. Schoterstraat 4 Internationale Schakelklas (ISK, categorie A onontkoombaar) Het college heeft op 16 maart besloten dat de Internationale Schakelklas (ISK) in de meivakantie van 2021 verhuist naar de Schoterstraat 4. Tevens is afgesproken dat dit pand wordt verbeterd en aangepast voor deze school. Voor deze aanpassing is een investering nodig van in totaal € 700.000. Hiervan moet € 270.000 worden gedekt vanuit een ophoging van de IP post levensduur verlengende investeringen in gemeentelijk vastgoed (VG.IN). Omdat binnen deze IP post of het onderhoudsbudget voor gemeentelijk vastgoed geen andere uitgaven naar achteren kunnen worden geschoven, betekent dit een ophoging van de IP post en dus per saldo een nieuwe investering. Vervangingsinvesteringen cultuurpodia (categorie C) In overleg met de cultuurpodia is de vervangingsbehoefte meerjarig in beeld gebracht. Voor de 7
vervangingen tot en met 2024 zijn al voldoende middelen in het Investeringsplan gereserveerd. Voor de in 2025 verwachte vervangingen is een aanvulling op de bestaande reservering nodig van € 1,2 miljoen. Bereikbare steden (categorie C) Samen met acht andere gemeenten in en om de MRA heeft Haarlem in het kader van het traject Bereikbare Steden een propositie ingediend bij het rijk. Hierin wordt een substantieel aanbod gedaan om voor deze steden en de samenleving versneld het woningtekort aan te pakken, de OVbereikbaarheid te optimaliseren, de werkgelegenheid te stimuleren, de steden te verduurzamen en de klimaatbestendigheid te vergroten, en te investeren in leefbaarheid, ontmoeten en inclusiviteit. Voor een nadere toelichting zie de Informatienota Bereikbare steden en uitwerking gebiedsplannen (2021/75310). In de verwachting dat het rijk en andere partijen bijdragen zullen leveren in de kosten moet Haarlem de eigen financiële dekking op orde hebben. Aanvullend op reeds beschikbare posten in de begroting en het Investeringsplan stelt het college voor in het IP een substantiële reservering co-financiering Bereikbare Steden op te nemen en adaptief om te gaan met reeds geprogrammeerde investeringen. Schalkwijkerbrug (categorie A, onontkoombaar) De Schalkwijkerbrug, van bouwjaar 1926-1927, is aan vervanging toe. De brug verkeert in een slechte staat en is niet meer te herstellen.
Tijdens de technische voorbereiding is gebleken dat de totale kosten € 950.000 hoger zijn dan oorspronkelijk was geraamd. Om IP post GOB.80 met dit bedrag te kunnen ophogen binnen het financieel kader van de NSQ, wordt de vervanging van de kader Kinderhuisvest in tijd naar achteren geschoven. Wilhelminastraat (categorie C) Voor de Wilhelminastraat is onderhoud nodig aan de verharding, groen en verkeersregelinstallaties. Voor de Raaksbruggen en de Brouwersbrug moeten het membraan en slijtlaag worden vernieuwd. In de SOR zijn de Raaksbruggen en de aansluitende straten (waaronder Wilhelminastraat, Zijlsingel en Zijlweg) benoemd als sleutelproject (6.2.7). Het project biedt kansen de wegenstructuur te heroverwegen, het wegdek anders in te delen, de VRI aan te passen, de ruimtelijke kwaliteit op normniveau te brengen en groen toe te voegen. De verwachte kosten bedragen € 4,65 miljoen voor het opnieuw aanleggen vanuit de onderhoudsbehoefte, eventueel aan te vullen met € 2,75 miljoen voor het realiseren van SOR doelstellingen. HOV Noord (categorie A, onontkoombaar) De provincie kent een subsidie toe van € 315.000 voor onvoorziene meerkosten en voor de aanpassingen bij de halte Delftplein / Spaarne Gasthuis. Deze subsidie is specifiek bedoeld voor bovengenoemde investeringen.
De totale investering in HOV noord wordt hiermee hoger, maar vanwege dekking vanuit de subsidie heeft dit geen gevolgen voor de NSQ of het begrotingskader. Klimaatadaptatie stelpost (categorie C) Tot nu toe zijn de (meer)kosten van klimaatadaptatie niet meegenomen in investeringsbudgetten. Er is dus geen financiële ruimte om maatregelen voor klimaatadaptatie mee te nemen. Om bij investeringsprojecten klimaatadaptatie mee te kunnen nemen wordt voorgesteld om voorlopig een stelpost op te nemen, gebaseerd op 10% van de investeringsbudgetten voor rioolvervanging. Bij deze projecten wordt de openbare ruimte namelijk volledig vernieuwd en met dit budget ontstaat de mogelijkheid om klimaatadaptatie hier goed in mee te nemen. Bij het plan dat er wordt gemaakt voor het klimaatbestendig maken van Haarlem zal een meer permanente opzet voor financiering van klimaatadaptatie worden voorgesteld.
8
Nul-emissie zone (categorie C) Vanaf januari 2025 gaat een nul-emissiezone voor vracht- en bestelwagens in. Die vervangt de milieuzone die per 2022 ingaat voor vrachtauto’s. Het betreft hetzelfde gebied waardoor grotendeels gebruik gemaakt kan worden van dezelfde handhavingsapparatuur (camera’s, software) en (ophangingen van) borden. Wel moet bebording worden vervangen en moet apparatuur worden aangepast en uitgebreid. Parkeergarages apparatuur (categorie C) Met reeds beschikbare IP-budgetten (circa 840k) wordt in 2021 en 2022 een grote inhaalslag gemaakt door slagbomen, betaalapparatuur en het parkeermanagementsysteem te vernieuwen. Een groot aantal kleinere investeringen zijn nog niet geprogrammeerd. Denk aan afvalbakken, vervanging van camerasystemen en aanbrengen van noodzakelijke Wifi punten en vervanging van fietsenrekken. Ook moet een groot aantal armaturen vervangen worden omdat Tl-verlichting wordt afgeschaft en LED haar intrede doet. Grotendeels gaat het om vervanging van bestaande apparatuur. Door innovatie vanuit de markt (zaken als software, betaalapparatuur en kentekenherkenning worden continu doorontwikkeld) zal ook vernieuwing en verbetering van de dienstverlening plaatsvinden.
Parkeergarages speedgates (categorie C) In de parkeergarages is zeer regelmatig overlast van dak- en thuislozen, die zich ophouden in de parkeergarages en overnachten in de noodtrappenhuizen c.q. andere plekken die zich hiertoe lenen. Naast overlast is ook sprake geweest van brand in de Raaks garage. Veel bezoekers van de parkeergarages, maar ook omwonenden ervaren het gedrag van zowel dak- en thuislozen als hangjongeren als intimiderend. Ook het personeel van de parkeergarages wordt regelmatig verbaal onheus bejegend, bedreigd en zelfs geconfronteerd met fysiek geweld. De inzet van BOA’s en politie is niet genoeg om de overlast tegen te gaan. Ook door de corona maatregelen is de overlast toegenomen. De meeste parkeergarages zijn dag en nacht toegankelijk en kunnen niet volledig worden afgesloten. Een oplossing om de overlast in te perken is het minder goed toegankelijk maken en afsluiten van de parkeergarages voor niet-parkeerders c.q. onbevoegden. Dit kan gerealiseerd worden door het afsluiten van de noodtrappenhuizen en het realiseren van speedgates. SOR Mobiliteit (categorie C) In het coalitieprogramma en de Kadernota 2018 is besloten om jaarlijks een budget in het Investeringsplan op te nemen voor investeringen in duurzame mobiliteit vanuit de SOR. Deze budgetten zijn tot en met 2025 in het Investeringsplan opgenomen. De reservering voor 2026 zou € 8 miljoen bedragen.
Het opnemen van deze investering heeft geen effect op de NSQ per eind 2024 of 2025, omdat het gaat om investeringen in het jaar 2026. SOR Groen (categorie C) In het coalitieprogramma en de Kadernota 2018 is besloten om jaarlijks een budget in het Investeringsplan op te nemen voor investeringen in duurzame mobiliteit vanuit de SOR. Deze budgetten zijn tot en met 2025 in het Investeringsplan opgenomen. De reservering voor 2026 zou € 2 miljoen bedragen. Het opnemen van deze investering heeft geen effect op de NSQ per eind 2024 of 2025, omdat het gaat om investeringen in het jaar 2026. Verduurzaming NME gebouw (categorie C) – onder voorbehoud akkoord wethouder De verduurzaming van het NME-kantoor kan in deze collegeperiode als goed voorbeeld dienen voor het zichtbaar maken van de duurzaamheidsdoelstellingen van de gemeente. Dit gebouw is het verst in de voorbereiding voor duurzame renovatie in vergelijking met de andere gemeentelijke gebouwen. Het kantoor is eenvoudig en betaalbaar te verduurzamen waarbij de investering in het 9
gebouw in 40 jaar grotendeels terugverdiend kan worden door lagere kosten voor onderhoud en energie. Verduurzaming gemeentelijk bezit (categorie C) De totale kosten van verduurzaming zijn geraamd op circa € 53 miljoen. Voor de periode 2021-2024 is € 9 miljoen ter beschikking gesteld. Vanuit de ambitie om in 2030 49% Co2 is voor de jaren 2025 en verder jaarlijks circa € 7 miljoen benodigd.
6. Kredietbesluiten In de regel worden kredietbesluiten via aparte raadsnota’s aan de raad voorgelegd. Daarnaast kan de raad bij het vaststellen van een P&C document kredieten verlenen. In de volgende gevallen gaat het veelal om technische reparaties van eerdere kredietbesluiten, aanvullingen op eerdere kredieten, beleidsarme kredieten (toestemming om ontvangen subsidie te mogen uitgeven), kredieten ten laste van stelposten en twee kredieten voor uitgaven die verschuiven van de exploitatie naar het Investeringsplan zoals beschreven in paragraaf 3. Parkeergarage Schalkwijk In 2016 verleende de raad bij besluit nummer 2016/140275 een krediet voor de bouw van een parkeervoorziening in Schalkstad. Vanwege de manier waarop het krediet is geformuleerd, heeft de raad echter geen formele toestemming gegeven voor de totale uit te geven kosten. In het stuk is vermeld dat de totale kosten werden begroot op € 6 miljoen. Daarvan werd € 0,8 miljoen gedekt door derden en € 3,6 miljoen uit opgespaarde parkeerbaten vanuit Schalkwijk. Daarna bleef per saldo € 1,6 miljoen over die nog vanuit het Investeringsplan moesten worden betaald, en alleen voor dat bedrag is krediet aangevraagd en verleend.
In gemeentelijk Investeringsplan, voor het laatst vastgesteld bij de Programmabegroting 2021, is op post GOB.65 altijd rekening gehouden met uitgaven van € 6 miljoen waar een dekking van € 4,4 miljoen vanuit bijdragen van derden of gereserveerde parkeeropbrengsten tegenover staat. De budgetbevoegdheid van de raad houdt in dat voor alle uitgaven, ook als deze worden gedekt door bijdragen van derden of vanuit eigen gereserveerde middelen, goedkeuring nodig is van de gemeenteraad in de vorm van een krediet. Het besluitpunt in nota 2016/140275 had, achteraf gezien, geen krediet moeten zijn voor € 1,6 miljoen maar voor € 6 miljoen. Daarom wordt nu een aanvullend krediet gevraagd van € 4,4 miljoen. Onderlaag Olympia veld 4 Op 28 januari 2021 heeft de raad een krediet vrijgegeven voor de vervanging van de kunstgras toplaag van Olympia veld 4 (2020/1064341). Uit bodemonderzoek blijkt dat de volledige sporttechnische onderlaag verwijderd en afgevoerd moet worden. De saneringskosten van de huidige onderlaag komen ten laste van de exploitatie, hierover is een melding opgenomen in de bestuursrapportage / voortgangsrapportage. Daarna wordt er een nieuwe sporttechnisch onderlaag aangelegd. Voor de aanleg van de nieuwe onderlaag wordt de raad gevraagd een krediet te verlenen van € 200.000.
HOV Noord Voor project HOV Noord is bij de Decemberrapportage 2018 (2018/802709) een krediet verleend van 3,3 miljoen, waarvan € 2,9 miljoen wordt gedekt door een subsidie van de provincie. Binnen het project HOV Noord zijn verschillende kruisingen op het traject Schoterweg – Rijksstraatweg – Delftplein opnieuw ingericht. Tijdens de herinrichting hebben zich onvoorziene meerkosten 10
voorgedaan, onder meer in verband met een waterleiding die moest worden verlegd ter hoogte van de Jan Gijzenbrug. Verder heeft de provincie aan de gemeente verzocht om, aanvullend op het definitieve ontwerp, enkele aanpassingen door te voeren bij de halte Delftplein / Spaarne Gasthuis. Door de komst van laadinfra voor elektrische bussen, ontstond hier de noodzaak om het perron te verlengen, in verband met een langere halteertijd. Ook verzocht de provincie om de aanleg van een uitwijkstrook voor buurtbus 481 op de kruising Delftplein – Rijksstraatweg. De provincie kent subsidie toe voor zowel de onvoorziene meerkosten als voor de aanpassingen bij de halte Delftplein / Spaarne Gasthuis. Deze subsidie is specifiek bedoeld voor bovengenoemde investeringen. Het budgetrecht voor de besteding van deze subsidie ligt bij de raad. De raad wordt verzocht een aanvullend krediet te verlenen voor HOV Noord van € 315.000 dat volledig wordt gedekt door de hogere de provinciale subsidie. Huisvesting organisatie Op 17 oktober 2019 verleende de raad met besluit 2019/608346 een krediet voor de huisvesting van de organisatie, bestaande uit de componenten meubilair en inrichting en automatisering. Een investering in de huisvesting was nodig omdat de gebouwen intensiever werden gebruikt dan eerder was bedacht.
Vanwege dit intensieve gebruik van Raakspoort en Zijlpoort werd gewerkt aan een plan voor de aanpassing van warmte- en luchtinstallaties in beide gebouwen waarvoor een afzonderlijk krediet zou worden aangevraagd. Met de impact van het coronavirus op de bezetting van beide gebouwen is het plan voor aanpassing van de installaties voorlopig uitgesteld en is hierover nog geen bestuurlijk besluit in procedure gebracht. Vanwege het in gebruik nemen van de F-vleugel van Zijlpoort en de wijzigingen op de Raakspoort zijn wel enkele aanpassingen nodig in de installaties van beide gebouwen. De kosten van deze aanpassingen op zichzelf blijven onder de activeringsgrens en zijn daarom budgettair een collegebevoegdheid. Omdat de kosten samen hangen met de huisvesting van de organisatie, dienen zij echter te worden gezien als één investering waarvoor een kredietbesluit van de raad nodig is. De raad wordt daarom gevraagd een krediet te verlenen van € 70.000 voor de aanpassing van installaties als onderdeel van de huisvesting van de organisatie, ten laste van IP post VG.IN levensduur verlengende investeringen vastgoed. Snelfietsroute Haarlem – Velsen De gemeenten in de MRA hebben samen een uitvoeringsagenda opgesteld voor aanleg en opwaardering van metropolitaanse fietsroutes.
Eén van de routes loopt van Uitgeest via Heemskerk, Beverwijk, Velsen-Noord en -Zuid, Driehuis, Santpoort Noord en —Zuid en Haarlem langs de Westelijke Randweg (N208) naar Heemstede (Doorfietsroute Kennemerland). Voor de aanpak van de Haarlemse schakels in dit netwerk is subsidie beschikbaar en is dekking opgenomen in het IP budget SOR. Om het knelpunt bij de Orionbrug / Pim Mulierlaan op te lossen, wordt dit budget aangevuld met budget groot onderhoud. Voor een juiste beheersing van het budget wordt € 174.000 van het budget groot onderhoud toegevoegd aan het IP budget voor de SOR. Voor besteding van het onderhoudsbudget is geen raadsbesluit nodig. Door de overheveling naar het SOR IP budget, is voor deze uitgaven een kredietbesluit van de raad nodig. Spaansevaartstraat duiker en afkoppelen In de Transvaalbuurt wordt gewerkt aan het rioolstelsel voor de afkoppeling van ‘wijk 55’. Tegelijkertijd is een projectontwikkelaar momenteel actief met de herontwikkeling van een nieuw woongebied aan de Delistraat, genaamd ‘het Schoterkwartier’. In het voorbereidingsproces van deze 11
ontwikkelingen is een bestaande 400/600 HWA-duiker in de Spaansevaartstraat onder de aandacht gekomen. Deze duiker verbindt de vijverpartij van de Algemene Begraafplaats met het Spaarne, maar is in het verleden dichtgezet. De sluiting van de duiker resulteert bij regenval in een tijdelijke stijging van de waterspiegel aan de vijverzijde. Bij hevige buien ontstaat wateroverlast nabij de begraafplaats. Het opnieuw in gebruik nemen van de duiker door het maken van een nieuwe uitlaat naar het Spaarne moet deze problemen oplossen. Hiervoor is in aanvulling op het bestaande SOR krediet een aanvullend krediet nodig van € 463.000. Schoterbos Tijdens de uitvoering van het project is gebleken dat er vanuit een vervangingsbehoefte aanvullende kosten zijn. Het betreft groot onderhoud en aanpassing aan de Schoterplasbrug en het vervangen van de trimtoestellen in het park. Vanwege het lopende project is het praktisch om deze werkzaamheden als onderdeel van het project uit te voeren. Deze kosten zouden normaliter worden betaald vanuit het budget groot onderhoud of de IP stelpost IP Maatschappelijk Nut (verplicht te activeren groot onderhoud). Voor een juiste beheersing van het budget wordt € 100.000 van het budget groot onderhoud toegevoegd aan het IP budget voor het Schoterbos.
Hierdoor is voor het besteden van deze € 100.000 een kredietbesluit van de raad nodig en wordt een kredietvoorstel aan de raad voorgelegd. Ook is door de provincie Noord-Holland op grond van de Uitvoeringsregeling subsidie regionaal fietsnetwerk Noord-Holland 2020 een subsidie verstrekt van € 1 miljoen voor het Schoterbos. Deze wordt als dekking ingezet voor het reeds verleende uitvoeringskrediet. Uitbreiding datacenter Om de organisatie op een toekomstbestendige manier het juiste niveau van IT dienstverlening te kunnen blijven bieden, is een uitbreiding van de hardware in het Datacenter noodzakelijk. De uitbreiding is noodzakelijk omdat er meer Digitale Werkplekken (Any) nodig zijn en de organisatie steeds meer data verbruikt door het digitale werken (groei), de Digitale Werkplekken zwaarder worden belast door nieuwe applicaties (waaronder Teams) (verandering) en omdat er op het gebied van beveiliging wordt doorontwikkeld met geavanceerde antivirus / -malware / -ransomware oplossingen (security). De kosten van deze uitbreiding bedragen € 257.000. Deze worden gedekt vanuit IP post ICT.01 ‘vervanging hardware’. Deze IP post is in het IP als B-post opgenomen, waarvan het budgetrecht bij het college ligt. Omdat het hier niet gaat om vervanging maar om uitbreiding van hardware, wordt het kredietbesluit voorgelegd aan de raad.
Bij de Programmabegroting wordt de raad voorgesteld de IP post te hernoemen naar vervanging en uitbreiding van hardware, waarmee het budgetrecht voor zowel vervanging als uitbreiding van hardware binnen de door de raad in het Investeringsplan gereserveerde budgetten bij het college komt te liggen. Opvanglocatie daklozen In het plan brede aanpak dakloosheid 2020/2021 (besluit 2020/883762) is de ambitie opgenomen om “vanuit de brede aanpak ten minste één extra doorstroomvoorziening voor volwassenen te realiseren waardoor cliënten sneller kunnen uitstromen uit de noodopvang.” Voor deze ambitie is een totaal budget geraamd van 2,2 miljoen euro. Het plan brede aanpak dakloosheid regio Kennemerland, waarop de rijksoverheid incidenteel ruim 5 miljoen euro extra middelen aan centrumgemeente Haarlem heeft toegekend, is eerder aan de gemeenteraad en het regionaal bestuurlijk overleg voorgelegd. Vanuit de rijksuitkering wordt een eenmalig budget van maximaal 1,0 mln euro gereserveerd waarmee de accommodatie voor de tussenvoorziening voor gebruik kan worden voorbereid. 12
Ondanks de dekking van de kosten vanuit de rijksuitkering, is voor deze uitgaven een raadskrediet nodig omdat het geschikt maken van een gebouw conform de begrotingsregels als investering wordt aangemerkt. Aan de raad wordt daarom een kredietbesluit voorgelegd van € 1 miljoen, waarvan de afschrijvingslasten worden gedekt vanuit de ontvangen rijksbijdrage. De afschrijvingstermijn van deze investering wordt gesteld op vijf jaar, vanwege de vermoedelijke lengte van het huurcontract bij de aanhuur van een pand. Integrale vernieuwing Meerwijk (IVORIM) In besluit 2020/327996 heeft de raad een voorbereidingskrediet verleend van € 1,75 miljoen voor het opstellen van het voorlopig ontwerp voor de integrale vernieuwing van de openbare ruimte. Dit krediet is verleend ten laste van IP post GOB.78 terwijl grofweg 20% van de kosten voor IVORIM bestaan uit kosten voor het vervangen van de riolering. Van het verleende krediet wordt daarom een bedrag van € 350.000 niet ten laste gebracht van IP post GOB.78 maar in plaats daarvan ten laste van IP post 63.19 vervangen riolering. Besluitpunten raad De raad der gemeente Haarlem, Gelezen het voorstel van het college van burgemeester en wethouders Besluit, in te stemmen: a. de gewijzigde begrote kapitaallasten vanuit het geactualiseerde investeringsplan te verwerken in de Programmabegroting 2022-2026 b.
de verschuivingen tussen Investeringsplan en exploitatie zoals genoemd onder paragraaf 3 te verwerken in het Investeringsplan en de Programmabegroting 20222026. c. bij de Programmabegroting 2022-2026 de stelposten voor vervangingsinvesteringen in 2026 zoals genoemd onder paragraaf 5a op te nemen in het Investeringsplan d. de in paragraaf 5b opgenomen investeringen in de categorie A ‘onontkoombaar’ (Schalkwijkerbrug, HOV noord en Schoterstraat 4) op te nemen in het Investeringsplan en de investeringen uit de categorieën B en C af te wegen bij de Programmabegroting 2022-2026 e. een krediet te verlenen van €4.400.000 ten behoeve van de Parkeervoorziening Schalkstad, ten laste van IP post GOB.65. Van deze uitgaven wordt € 0,8 miljoen gedekt door bijdragen van derden. De overige € 3,6 miljoen worden gedekt vanuit de gespaarde parkeerbaten uit Schalkwijk. f. een krediet te verlenen van € 200.000 voor de aanleg van een nieuwe sporttechnische onderlaag van Olympia veld 4, ten laste van IP stelpost 81.28 onderbouw. g. een aanvullend krediet te verlenen van € 315.000 voor HOV Noord ten laste van IP post GOB.63 en dit krediet te dekken vanuit de extra te ontvangen provinciale subsidie. h. een aanvullend krediet te verlenen van € 70.000 voor de huisvesting van de organisatie en dit krediet toe te voegen aan IP post M&S.106, terwijl IP post VG.IN met een zelfde bedrag wordt verlaagd. i.
een krediet te verlenen van € 1.279.000 voor de aanleg van de snelfietsroute Haarlem-Velsen ten laste van IP post SOR.00, waarvan € 964.000 wordt gedekt uit subsidies. j. een krediet te verlenen van € 815.000 voor de verbetering van het watersysteem in de Spaansevaartstraat en omgeving, te dekken vanuit IP post SOR.01. 13
k. een aanvullend krediet van € 100.000 te verlenen voor de uitvoering vervolgfasen Schoterbos en dit krediet te dekken ten laste van IP post GOB.43. l. een ontvangen subsidie á € 1.031.000 in te zetten als dekking voor het in besluit 2020/450115 verleende krediet voor uitvoering van vervolgfasen Schoterbos. m. een krediet van € 257.000 te verlenen voor de uitbereiding van het Datacenter, ten laste van IP post ICT.01 n. een krediet van € 1.000.000,- te verlenen voor het geschikt maken van een locatie om te dienen als doorstroomvoorziening en tussenvoorziening maatschappelijke opvang ten laste van de in het Investeringsplan op te nemen post MTS.02. De afschrijvingslasten van dit krediet worden gedekt vanuit de ontvangen rijksbijdrage. o. het bij besluit 2020/327996 verleende voorbereidingskrediet voor IVORIM voor een bedrag van € 350.000 niet te dekken uit IP post GOB.78 zoals bij kredietverlening is besloten, maar uit IP post 63.19
14