07-10 Transcript Raad
Tekst van het document
Daarnaast komt er bij de productie van zuivel veel dierenleed voor, zoals bloedarmoede en longontsteking bij kalfjes, waardoor in de eerste drie weken van hun leven 11 procent van de kalfjes komt te overlijden. In 2021 waren dat er bijna 133.000. Voorzitter, 133.000 kalfjes als collateral damage. De noodzaak tot een grotere inzet op plantaardige
17
voeding wordt inmiddels alom erkend, ook door de gemeente Haarlem die hier in het Actieprogramma Circulaire Economie eveneens op wil inzetten. Wat de Partij voor de Dieren betreft zouden wij dan zelf als progressieve gemeente het goede voorbeeld moeten geven, zoals de provincie Noord-Holland dat eerder ook al deed. Daarom dienen we de volgende motie in: verzoekt het college als standaard plantaardige voeding te serveren tijdens de door de gemeente georganiseerde bijeenkomsten, intern en extern, met de mogelijkheid om van tevoren andere eetwensen door te geven en het gesprek aan te gaan met verbonden partijen en hen te verzoek het concept eveneens toe te passen. Voorzitter, … De voorzitter: Mevrouw Van Zetten. Mevrouw Van Zetten: Ik dacht, mevrouw Van den Broek, dat we al standaard plantaardige maaltijden krijgen. Is dat niet zo, heb ik me vergist? Mevrouw Van den Broek: Nee, het is nu standaard vegetarisch, maar niet plantaardig. Mevrouw Van Zetten: O, en wat is het verschil dan? Mevrouw Van den Broek: Nou, ik denk dat u dat wel weet, maar vegetarisch betekent dat er nog steeds zuivel bij in de gerechten kan zitten. Mevrouw Van Zetten: Vegan wilt u? Mevrouw Van den Broek: Ja. Vegan, plantaardig, dat is hetzelfde. Dank u wel, voorzitter. De biodiversiteitscrisis maakt dat het stil is, veel te stil.
Want waar zijn de zoemende bijen, waar is de grote variëteit aan tuinvogels, waar zijn de insecten in de grond? Maar raakt die stilte ons als bewoners nu direct? Niet echt nog. Het is een crisis in slow motion waar je nu nog relatief makkelijk van kunt wegkijken, als je de talloze nieuwsberichten er in ieder geval over negeert. De voorzitter: U heeft een interruptie van de heer Van den Raadt. De heer Van den Raadt: Voorzitter, want daar is wel een goed punt. Want ik hoorde: waar zijn de tuinvogels? Daar heb ik me ook wel eens voor ingezet en dat schijnt dan te komen omdat al die katten die loslopen die vogels opeten. Er is een Europese richtlijn dat een kat aangelijnd moet zijn, dus vindt de Partij van de Dieren dat we daar samen binnenkort een motie voor moeten schrijven? Mevrouw Van den Broek: Nou, mijn collega Janneke Moedt heeft een initiatiefvoorstel voor dierenwelzijn. Dingen waar je aan zou kunnen denken is sowieso 's nachts katten binnenhouden en eventueel een kattenbelletje. Dus je hoeft ze niet per se aan te lijnen. Ik ga door, voorzitter. Maar die biodiversiteit is tegelijkertijd het fundament waarop we ons bestaan baseren. Zonder een diverse natuur zijn we als mensheid niets. Het interessante is dat steden een steeds belangrijkere rol gaan spelen, aldus het Planbureau voor de Leefomgeving in haar meest recente studie Natuur in en om de stad.
Door de schaalvergroting in de landbouw en het gebruik van pesticiden is de natuurlijke rijkdom dramatisch achteruit gegaan op het platteland, dus we kunnen niet zeggen: voor de leuke vogels ga je maar naar het landelijk gebied. Want daar zie je ze simpelweg ook niet meer. In de kadernota lezen we dat het college wil inzetten op ontharing, maar een echt concreet plan ontbreekt nog en ik zag dat meerdere partijen daar technische vragen over hadden gesteld. De Partij voor de Dieren dient bij deze kadernota drie moties in die bijdragen aan het versterken van de natuur en het welzijn voor inwoners, jong en oud. De eerste motie ‘Minder maaien, meer insecten’: verzoekt het college in
18
plaats van 20 procent bij elke maaibeurt van ecologisch beheerd grasland minimaal 30 procent te laten staan. Mede ingediend trouwens door CDA, Jouw Haarlem, GroenLinks en ChristenUnie. De motie ‘Meer Bomen Nu’: verzoekt het college de acties van MeerBomenNu, waarbij gratis boompjes aan particulieren worden uitgedeeld, te ondersteunen door middel van een financiële bijdrage van 1 euro per boom, dat zou maximaal op 10.000 euro per jaar uitkomen; aandacht aan deze acties te besteden via de gemeentelijke communicatiekanalen; en te onderzoeken of en waar MeerBomenNu op gemeentelijke grond extra bomen kan plaatsen, de zogenaamde bomenhub. Mede ingedeeld door CDA en Trots. De laatste motie over dit punt, motie ‘Ook voor kleine muggen zetten we in op groen’: verzoekt het college met een subsidievoorstel te komen om ook de kinderdagverblijven in Haarlem te vergroenen en hier de raad uiterlijk bij de programmabegroting 2024-2028 over te informeren. Mede ingediend door GroenLinks, Trots en ChristenUnie. En voorzitter, dan nog de crisis die veel mensen direct in het hier en nu raakt, namelijk dat alles duurder wordt en hun portemonnee de stijgingen simpelweg niet kan bijhouden. Hun energierekening, de boodschappen, de zorg voor hun dieren en hobby's van hun kinderen staan allemaal onder druk.
Het is dan ook goed om te lezen dat het college middelen blijft inzetten om bijvoorbeeld isolatieoffensief aan te blijven jagen. Maar hulp kan ook in kleine dingen zitten voor inwoners die klem komen te zitten tussen alle hoge kosten, zoals ondersteuning bij noodzakelijke dierenartskosten voor minima, zodat goede zorg voor hun huisdieren niet onder druk komt te staan. Daarom de volgende motie: verzoekt het college te onderzoeken hoe middels minimabeleid in een ondersteuning bij noodzakelijke dierenartskosten zou kunnen worden voorzien en de gemeenteraad hier uiterlijk bij de programmabegroting over te informeren. Mede ingediend door Jouw Haarlem, SP, Trots en Partij van de Arbeid. Voorzitter, onze voorstellen dragen stuk voor stuk bij aan het verminderen en of verzachten van de crises zoals hierboven beschreven. Het college doet zelf ook goede voorstellen, minus het onzinnige voorstel om 12 miljoen te investeren voor een paar extra ondergrondse parkeerplaatsen. En voorzitter, de Partij voor de Dieren is voorstander van het principe dat de vervuiler betaalt, dus ook voor gedifferentieerde tarieven voor de afvalstoffenheffing. Dat betekent dus dat we niet op basis van het aantal personen willen differentiëren, zoals nu lijkt te gaan gebeuren. Een gezin dat fanatiek consumindert en recyclet, betaalt meer dan de buurman die zegt: o, de restcontainer, die eet alles hoor.
Tel daarbij op dat het nog niet in de commissie is besproken. Betalen voor wat je produceert aan restafval is dat de vervuiler betaalt. Onze oproep is dus: laten we zorgen dat de investering in natuur, milieu, klimaat, sociaal beleid en een schone economie de boventoon gaan voeren, in plaats van geld te stoppen in zaken die voortbouwen op het huidige systeem van meer is beter. Dank u wel, voorzitter. De voorzitter: Dank u wel. Dan gaan we naar GroenLinks, de heer Drost. De heer Drost: Dank u wel, voorzitter. Wij hebben ongeveer 35 minuten eerste termijn, dus ik hoop dat dat u gaat bevallen. Dus laat ik snel ook beginnen. Laat ik maar beginnen met gelijk te zeggen, met de deur in huis vallen, want we leven in een wereld met schadelijke klimaatverandering, de grootste opgave van onze tijd. De biodiversiteit, die ligt zo'n beetje aan het infuus en de huizenprijzen stijgen deze maand weer vol. Ook zien we een eerdere toe- dan afnemende ongelijkheid. Om maar even ongezellig te beginnen. Ik had natuurlijk ook met een liedje kunnen beginnen, Haarlem wat meer mooi. Op zich, Haarlem is natuurlijk ook een hele mooie stad. Tegelijkertijd zie je ook wel dat de problemen die we hebben, die zijn er en die hebben natuurlijk ook zijn invloed op Haarlem.
Wat heeft onze stad nodig en wat vraagt dat van ons al politiek? Het zijn crises die niet ophouden bij onze gemeentegrenzen en we staan er dan ook niet alleen voor. Maar samen deze crises het hoofd bieden, daar is wel wat voor nodig. Een overheid bijvoorbeeld die keuzes durft te maken, niet duikt voor verantwoordelijkheid en duidelijkheid geeft. In deze klimaatcrisis mag je dat ook van ons verwachten, hè? Keuzes maken en niet schuwen ook voor maatregelen. Niet weglopen, maar aan de slag. Maar als er iets is dat sinds vandaag duidelijker is dan ooit, we zien het niet altijd aankomen, maar verandering is soms dichtbij en
19
mogelijk, en daarmee de hoop op betere tijden. Het jarenlange pappen en nathouden, dat zien we concreet terugkomen in het stikstofdossier. Maar Haarlemmers mogen echt meer dan dat verwachten. Meer acties, meer keuzes en het zijn ook precies die waarden waarmee GroenLinks naar de aanvullende voorstellen heeft gekeken uit de kadernota en ook aanvullende voorstellen doet. Actiegericht om te zorgen voor meer vergroening, verdere verduurzaming en het tegengaan van ongelijkheid. De voorzitter: De heer Van den Raadt heeft een interruptie. De heer Van den Raadt: Even kijken. Voorzitter, ik hoorde een tijd geleden mijnheer Drost iets zeggen en dat ging over klimaat en dat is buiten onze grenzen. Als wij nou als Haarlem alles doen wat we kunnen doen, hoeveel gaat dan de temperatuur in Haarlem naar beneden straks? De heer Drost: Kijk, het punt is natuurlijk dat al die problemen die er zijn, die gaan over de gemeentegrens heen en daarom sta je met zijn allen aan de lat om die klimaatverandering aan te pakken. Dus het gaat er helemaal niet om wat wij precies doen, het gaat erom dat we dat met zijn allen doen en daar heeft u ook zelf baat bij. Dus dan ga ik door met mijn betoog. Wat betreft het vergroenen van onze stad kan het niet actiegericht genoeg. We hebben alle beleidsplannen op orde, groenbeleidsplan bedoel ik om maar eens iets te noemen.
Dus college, volle kracht richting uitvoering. Bomen zijn van vitaal belang voor onze stad. Het helpt om de opwarming tegen te gaan, het houdt je stad koel. Je kan erin schuilen, het draagt ook bij aan je eigen geluk. Juist dat er nu vorige week zoveel bomen zijn omgegaan, dat is dan natuurlijk ook helemaal niet goed en doodzonde, maar alleen het bijplanten van bomen, dan draag je nog beperkt bij aan het verbeteren van de biodiversiteit, je bent er dan nog lang niet. Daarom is het Natuur Netwerk Haarlem, een groen lint door de stad. Daarom dienen we ook twee moties in voor het bijplanten van bomen en het verbeteren van de biodiversiteit. Dat is motie 46, ‘Kappen met bomen, maar bomen planten’, die dienen we in samen met D66, CDA, Actiepartij, Trots Haarlem, Partij voor de Dieren, ChristenUnie en de PvdA. We verzoeken het college ervoor te zorgen dat vanaf 2024 zo snel mogelijk de achterstand in het aantal te planten bomen en de omvang van het Haarlems groen wordt ingelopen en ook de geplande toevoegingen worden behaald; voor of uiterlijk bij de begroting aan te geven of en hoeveel extra incidentele middelen voor deze inhaalslag moeten worden vrijgemaakt. En ik noemde hem al, de tweede motie, dat is motie 49, dat is ‘Natuur Netwerk Haarlem nu’ en die dienen we een samen met CDA, Partij voor de Dieren in de ChristenUnie.
Daarin verzoeken we het college voor de begroting 2024 in het uitvoeringsprogramma van het groenbeleidsplan aan te geven welke belangrijke knelpunten in het Natuur Netwerk Haarlem zouden moeten kunnen worden opgelost en dit in het IP op te nemen en zo nodig cofinanciering te organiseren. Kennis en respect voor alles wat groeit en bloeit, dat begint natuurlijk bij de jeugd. Hiervoor hebben schooltuintjes een onschatbare waarde. We zien positieve kortetermijneffecten zoals kennis over meer groenten en fruit, maar ook lichamelijke beweging in de buitenlucht, kennis over natuur, samenwerken, verantwoordelijkheid. Nou, het zit er allemaal in. Om deze reden dienen we de motie 47 in ‘Schooltuinen ook in Schalkwijk’ en dat doen we samen met Hart voor Haarlem, Partij voor de Dieren, D66, OPH, Actiepartij, CDA, PvdA en de ChristenUnie. Hierbij verzoeken we het college te zorgen voor een goede schooltuinvoorziening in Schalkwijk, met als langeretermijnambitie dat elk kind in Haarlem ervaring opdoet met het bewerken van de tuin; hiervoor samen te werken met dan wel dit uit te laten voeren door de stadslandbouwinitiatieven in Schalkwijk, in samenwerking met scholen en daarbij ondersteund door de afdeling NME; en het derde punt, de opstart van een schoolvoorziening te bekostigen vanuit de middelen voor vergroening uit de incidentele middelen.
Dan gaan we dus aanplanten en dan is het natuurlijk ook zo fijn dat het zo inheems en biologisch mogelijk wordt. Om hier stappen in te zetten dienen we de motie 50 in, ‘Gifvrije aanplant, de bodem onder beter leven voor mens en dier’ en dat doen we samen met Partij voor de Dieren en de ChristenUnie. Hierbij verzoeken we het college voor de aanplant van groen en
20
bloemen in de openbare ruimte het gebruik van giftige aanplant uit te faseren en in 2028 uitsluitend nog gebruik te maken van het gifvrije biologische zaden en bollen en biologisch gekweekte struiken met het MPSA+ keurmerk; en tweede bullet, gezamenlijk op te trekken met andere gemeenten en VNG om vraag en aanbod van biologische aanplant beter op elkaar af te stemmen en gezamenlijk te streven naar een dusdanig aandeel biologisch geteelde aanplant dat telers gestimuleerd worden om over te stappen op biologische teelt. Nou, tot zover de wat meer groenere moties. Wat betreft verduurzaming dienen we als gemeente altijd het goede voorbeeld geven. Verduurzamen van ons eigen vastgoed bijvoorbeeld is een onderdeel, maar ook door zoveel mogelijk gemeentelijke regels weg te nemen die verduurzaming in de weg staan. Hij zal zo door D66 worden ingediend, maar we dienen motie 43, ‘Onderzoek deregulering’ samen in. De voorzitter: Interruptie van mevrouw Van Zetten. Mevrouw Van Zetten: Nou, eindelijk. Ik was even benieuwd naar planten zonder gif opgegroeid en zo, dat is allemaal veel duurder. Wat is de dekking? De heer Drost: Daar wachten we het college in af. Volgens mij, we doen dat gefaseerd en je ziet vaak als je dit soort dingen gefaseerd doet, dat die dekking geeneens heel veel meer hoeft te kosten.
Ik vind het een vrij … Lage ambitie is overdreven, maar zeker als je dat gefaseerd doet, dan valt dat wel mee qua extra kosten. Maar daar kan het college vast ook zinnige dingen over zeggen. De voorzitter: Mevrouw Van Zetten. Mevrouw Van Zetten: Als u zelf bloembollen gaat kopen waar je er echt als gemeente best wel heel veel van nodig hebt, die inderdaad zonder gif zijn gekweekt, dan is dat behoorlijk veel duurder. Dat weet u toch wel, dan heeft u dat toch nagerekend voordat u als GroenLinks zo'n motie indient? De heer Drost: Ten eerste, het is nu al 60 procent wat we goed inkopen en nogmaals, als je gefaseerd, hoe meer dat gemeengoed wordt, hoe goedkoper dat ook wordt. Daarom, als je daar gewoon in stapjes naartoe werkt, dan vallen die kosten wel mee. Maar nogmaals, ik hoor graag als dat nou heel veel duurder wordt, mijn inschatting is dat dat wel meevalt. Kan ik door? Oké, helemaal goed. Dus verduurzaming was ik mee bezig. We zien ook dit jaar weer de duurzaamheidsbegroting, dat we daar stappen in zetten en we juichen de ontwikkeling naar brede welvaart, dat we ook kijken naar onder andere de kwaliteit van leven, die juichen we toe. Daarnaast is het goed dat in deze kadernota geld wordt uitgetrokken voor het opschalen van het zonnewarmtenet Ramplaankwartier.
Met dit bedrag kan dit warmtenet echt als een voorbeeld, een vliegwiel gaan dienen voor de rest van Haarlem en zo de energietransitie versnellen. We vinden het daarnaast erg belangrijk, zeer belangrijk zelfs, dat zoveel als mogelijk belemmeringen worden weggenomen die die realisatie uiteindelijk in de weg staan. Daarom dienen we ook motie 3, ‘Zonnig vooruitzicht voor zonkapel’ mede in met de ChristenUnie, en die zal hem verder indienen en uitleggen. We hebben het vaak in deze raad, ik refereerde in het begin al wel naar, hebben we het over verschillende crises. Het debat in Den Haag afgelopen dagen, dat ging alleen over asiel. Maar laat ik u de vraag stellen: wat is nou de echte crisis? Zijn dat die 20.000 asielzoekers die dit jaar naar Nederland zijn gekomen? De voorzitter: U heeft opnieuw een interruptie van mevrouw Van Zetten. Mevrouw Van Zetten: Toch nog een vraag over dat Ramplaankwartier. Volgens mij is dat toch best een elitair wijkje in Haarlem, waarom krijgen die altijd zoveel aandacht en steun van GroenLinks en een andere, minder bedeelde wijk niet die misschien ook wel wat wil met zonne-energie.
21
De heer Drost: Het mooie is, we doen ontzettend veel voor de sociale energietransitie. We dienen ook de motie, of amendement is dat, met PvdA mede in voor verduurzaming sociale huurwoningen. Er komt een warmtenet in Meerwijk, een van de grootste van Nederland. En we zijn hier ook mee aan de slag, omdat je juist zo’n pilotproject, daar leer je heel veel en juist wat je hier leert kan je ook inzetten voor de rest van Haarlem. Dus dat is dat vliegwiel. De voorzitter: Mevrouw Van Zetten. Mevrouw Van Zetten: Maar u bent het toch wel met me eens dat Ramplaan toch best een elitair wijkje is? De heer Drost: Het is helemaal niet ter zake of iets elitair is of niet, we doen in de volste breedte zijn we bezig met de verduurzaming van Haarlem en dat is het belangrijkste punt. Mevrouw Van Zetten: Misschien is dan de vraag aan mijnheer Wiedemeijer, die alles knalrood en knalgroen wil, vindt u het Ramplaankwartier niet heel elitair en waarom … De voorzitter: We worden niet … De heer Drost: Dan heb ik een vraag voor D66. De voorzitter: Deze discussie, als de heer Wiedemeijer wil, kan hij in zijn tweede termijn er misschien wat over zeggen. Gaat uw gang, mijnheer Drost. De heer Drost: Goed, het werd een leuk praatgroepje, maar laten we ons gewoon aan de debatorde houden.
Dus ik had het over: wat is nou die echte crisis? Want zijn dat nou die asielzoekers waar het steeds over gaat, of zijn het 815.000 mensen die jaar in, jaar uit leven in armoede in Nederland? Nou, dat lijkt me wel duidelijk het laatste, dus daarom dienen we ook dat amendement voor die 2000 extra labelstappen samen met PvdA in ieder geval in. Maar het zijn ook juist onze jongeren die we kansen willen bieden, met goed ontbijt bijvoorbeeld, of het aanbieden van een rijke schooldag, staat ook in de kadernota. Daarbij vinden we ook dat sport en cultuur onmisbaar zijn, dus daarom dienen we ook motie 48, ‘Sport en cultuur voor ieder kind’ samen in met Jouw Haarlem, de SP, Actiepartij, CDA en ChristenUnie en hierbij verzoeken we het college op basis van cofinanciering met het Jeugd Sport en Cultuurfonds meerjarig incidenteel in 2024 tot ‘26 middelen in te zetten, 90.000 euro op jaarbasis, om de inkomensgrens voor gebruikmaking van dat fonds te verhogen naar 150 procent van het minimuminkomen; de benodigde middelen hiervoor in te zetten uit de incidentele middelen en de nog onbenutte middelen uit de extra subsidie uit 2020 van 150.000 euro niet terug te vorderen van het fonds, maar in te zetten voor dit doel. We kijken, een aantal partijen hebben dat ook gezegd, maar ook wij kijken uit naar de voorstellen die u heeft ingediend.
Ik heb er veel gisteravond langs zien komen, ik had ook vandaag gepland om dat allemaal te lezen. Ik heb dat deels gedaan, ik heb ook met een schuin oog in eerlijkheid ook naar Den Haag gekeken. Dus we gaan met de fractie dat allemaal wegen en bekijken. We doen het ieder geval vanuit GroenLinks vanuit drie pijlers: helpt het actief Haarlem duurzamer, groener en eerlijker te maken? De voorzitter: Dank u wel. Dan gaan wij naar de volgende bijdrage van OPHaarlem. De heer Smit. De heer Smit: Dank u wel, mijnheer de voorzitter. Is Haarlem in balans en is ons politieke proces in positie? OPHaarlem maakt zich grote zorgen of de balans in Haarlem wel gediend wordt met de kadernota 2024. Nu dreigen veel Haarlemmers nog verder in de knel te komen, ze kunnen zich vaak niet meer betaalbaar
22
verplaatsen, ze kunnen de dagelijkse kosten niet meer betalen en ze worden geacht zich niet te bemoeien met het besturen van de stad, van hun stad. Zo'n 15.000 Haarlemse huishoudens, dat zijn ongeveer 30.000 Haarlemmers, zitten in een inkomenssituatie tot 130 procent van het sociale minimum. Een deel van deze groep betreft senioren met AOW en soms heel klein pensioen, soms ook mensen met een beperking, volwassen en jongvolwassen met een beperking. Plus een klein autootje, want te voet en met de fiets gaat vaak niet meer en het OV ook in de stad verschraalt. Deze groep komt steeds verder in de knel, in dit geval door de parkeervignetten en het dure parkeren buiten het eigen kleine vergunninggebied. Want elke cent moet ook uit deze groep Haarlemmers geperst worden. Deze mensen behoren niet tot de kiezerskern van GroenLinks en D66 en worden door deze partijen dan ook terzijde geschoven. Er zijn enkele buurten of wijken met hogere gemiddelde inkomens die gelukkig nog net van de C- naar de minder dure D-wijken verschoven konden worden. Het drama van de parkeerregulering en van het referendum, dat laat ik even aan collega’s over, met dank alvast aan de VVD die de eerste schot voor de boeg gaf. Ik heb wel als OPHaarlem een motie, die hebben wij op 30 maart benoemd en die hebben wij lichtjes aangepast en dat is motie 17. Ik lees even het dictum voor.
Verzoekt het college de raad uiterlijk in het komend voorjaar en voor het vormgeven van de kadernota 2025 te informeren over de mogelijkheid of haalbaarheid en de financiering van een tijdelijke regeling die Haarlemmers kan verleiden blijvend afstand te doen van hun auto. Wellicht kan het ook op een creatievere en speelsere manier. Deze circa 15.000 huishoudens houden hun hart vast voor 2024 en dat doen ze samen met de huishoudens tot één keer modaal. Het wonen in de stad wordt ze onbetaalbaar gemaakt, met ook nog de stijgende gemeentelijke belasting erbij. Daar hebben wij ook een motie voor en dat is motie 16, ‘Energie blijft duur’. Het dictum: verzoekt het college om voor 2024 de Haarlemse energietoeslag in stand te houden en voor zover overheidstoeslagen niet worden gecontinueerd, om deze dan aanvullend te compenseren voor de inkomens tot 130 procent van het sociaal minimum, zodat deze mensen zich niet ellendig veel zorgen gaan maken over 2024. Haarlem dreigt steeds verder uit balans te raken. Als wij niet meer rekening houden met de Haarlemmers met een bescheiden portemonnee. Haarlemmers zijn helemaal niet zo geïnteresseerd in de wat-vraag, zegt onze coalitie. Bijvoorbeeld, wordt een straat een 30-kilometerzone, of hoeveel parkeerplaatsen voor auto's beschikbaar zijn – ik citeer even uit de kadernota 2023, nog voor ons referendumverzoek – maar alleen in de hoe-vraag.
De vraag hoe de straat wordt ingericht, kortom, het stoeptegelniveau. In feite wordt de Haarlemmer aan de kant gezet en gediskwalificeerd. Wij zien dat ook in de omgang met de wijkraden. Bij de start van het traject van wijkraden naar wijkplatforms durfde wethouder Roduner dan nog te zeggen dat de wijkraden niet het alleenrecht mogen claimen in de vertegenwoordiging van de wijk. Hebben ze ook nooit gedaan, het heeft ook nooit in de vordering gestaan en zelfs al zou het ooit gezegd zijn, dan is dat nog geen reden om ze af te schaffen. Als de opvattingen van een wijkraad het college goed uitkomen, dan wil het wel luisteren. Het college had er geen enkele moeite mee om het aanbod van de wijkraad Vondelkwartier om positief mee te denken en mee te werken aan de vestiging van Skaeve Huse met beide handen aan te grijpen en te omarmen. Pragmatiek en schijnheiligheid lijkt op dit college te kunnen leiden tot opportunistisch gedrag. Dit najaar worden participatie en inspraak afgewaardeerd en wordt er ook stug doorgewerkt aan het aan de kant schuiven van de wijkraden. Het koord om de democratische processen wordt verder aangetrokken. Maar we hebben het burgerberaad ervoor teruggekregen, een door de coalitie en ambtenaren omarmd en gepamperd fenomeen.
Haarlemmers proberen op allerlei manieren aan de coalitie duidelijk te maken dat het anders moet, met oproepen, petities en ingezonden brieven. Maar klasse hoor, tot op heden geen krimp, geen wezenlijk antwoord van de coalitie. Wat jammer dat de burgemeester bij zijn Keti Koti toespraak zijn excuses namens het Haarlems gemeentebestuur niet heeft uitgesproken, voorsorterend op het onderzoek dat nog loopt. Net als onze koning Willem-Alexander, maar die vroeg op voorhand wel om vergiffenis, want immers na vergeven kan pas het helen beginnen. Onze motie over Keti Koti als eerste ingediend hier lichten wij bij deze ook toe. Verzoekt het college de raad uiterlijk dit najaar te informeren over de financieringsmogelijkheid, wellicht vanuit cultuurstimuleringsfonds dan wel anderszins, voor een jaarlijkse
23
viering in Haarlem van Keti Koti. Daar even een annotatie op, geachte voorzitter. Inmiddels hebben wij begrepen dat – en er komt dus een BIZ morgen, hebben wij begrepen – dat de uitwerking in het evenementenbeleid wellicht meer voor de hand ligt en uiteraard zal er ook in komen te staan dat met de organisatoren over de vorm en de wijze van financiering nog dialoog moet plaatsvinden. Dus nogmaals, er komt daar een BIZ-variant op motie nummer 18 – dank u wel, mijnheer Van Leeuwen. Is de gemeenteraad dan in positie? Na 30 maart lijkt het ons dat de raad nog een hele tijd niet in positie is, als het in deze raadsperiode nog gaat lukken. De nota Uitwerking parkeerregulering is door 39 min 10 raadsleden behandeld en vele amendementen en moties van afwezige raadsleden en fracties zijn zonder de procesvereisten afgestemd. Wat kan er dan wel in positie zijn? De coalitie denkt in positie te zijn, zeker als alle tegenspraakmogelijkheden ingeperkt zijn, want dat lijkt het enige beeld van inspraak dat de coalitie heeft. Maar waarom zou dat moeten? Dat lijkt nodig te zijn om in grote vaart het coalitieprogramma Actie uit te voeren. We hebben het gevoel dat vanaf de start van deze coalitie GroenLinks achteroverleunt en de PvdA en D66 met name uitvoering geven aan het beleid, met dat vette GroenLinksstempel erop. Dat was namelijk het beeld van de verhouding in de vorige vier jaar.
Mijnheer Drost, dank u voor het beamen van deze tekst. Voor D66, met nagenoeg hetzelfde inkomensprofiel van de achterban als GroenLinks, zou dat gemakkelijker moeten zijn dan voor de PvdA. Het verbaast ons daarom ook hoe gemakkelijk de PvdA een deel van de achterban financieel klem zet en ook probleemloos lijkt mee te werken aan het afknijpen van democratische processen. Ook het GroenLinksfort, het warmtenet in Schalkwijk, lijkt nog steeds door de PvdA en D66 de hand boven het hoofd gehouden te worden. Vanaf het moment dat het Rijk geen geld wilde steken in de eerste krakkemikkige Haarlemse plannen tot nu, waarbij nu mini-warmtenetjes bedacht zijn die te zijner tijd aan elkaar gekoppeld kunnen worden, maar waarvan het draagvlak niet duidelijk lijkt, is dit warmtenet al een jaar of zes, zeven een financieel en bestuurlijk zwart gat. Het heeft al miljoenen gekost aan persoonlijke inzet, externe adviezen en aan uitstel van IVORIM, c.q. vertraging van IVORIM. In de rapportage grote en risicovolle projecten … De voorzitter: Interruptie van de heer Drost. De heer Drost: Tussen de regels door hoor ik u wat negatief zijn over het warmtenet, als ik het goed heb gehoord. Ik had daar wel een vraag over, want u dient een motie in over, u wilt zien wat CO2-footprint is van de stad.
U dient een motie in omdat u inzichtelijk wil maken wat de CO2-footprint van de stad is, als ik het goed heb gezien, die heb ik dan wel gelezen. Maar daarmee zegt u toch ook dat we die willen reduceren? Dus dan zou je toch ook maatregelen moeten nemen om die CO2-reductie voor elkaar te krijgen? De heer Smit: De een-op-een link kan ik niet leggen. Op die motie kom ik ook nog terug. Ik ben vooralsnog een warm voorstander van de initiatieven in het Ramplaankwartier en in de Waarderpolder, omdat ik denk dat dat haalbaar is, los van de wijze waarop we denken te financieren, maar technisch denk ik haalbaar. Hier heeft OPHaarlem van gezegd vanaf het begin: doe het niet. De voorzitter: U heeft nog een interruptie van de heer Wiedemeijer. De heer Wiedemeijer: Voorzitter, u stelde wat kritische vragen over het sociale karakter van het beleid dat we hier voeren. We hebben dit jaar de minimaregelingen uitgevoerd, fors geïnvesteerd in de bouw van sociale woningen. Heeft u vorig jaar tegen of voor de begroting gestemd die dat mogelijk heeft gemaakt? De heer Smit: Ik heb vorig jaar op onderdelen tegen de begroting gestemd, als ik het goed heb. Ik meen dat dat zelfs tot hilariteit leidde toen ik ongeveer een rol wc-papier voorlas over voor en tegens. Dat heb ik begrepen inmiddels, wordt niet zo gewaardeerd, dus ik zal bij de begroting nu wellicht wat vierkanter moeten zijn.
24
De heer Wiedemeijer: Oké, dan wagen we dit jaar een nieuwe poging. Gaat u dit jaar voor de kadernota stemmen, die allerlei concrete voorstellen doet om het sociale karakter van Haarlem te versterken, of gaat u dan weer cherry picken wat u wel en niet leuk vindt? De heer Smit: Ik doe niet aan cherry picken, ik doe alleen aan de constatering of ik vind dat een kadernota evenwichtig is en of ik een evenwichtige kadernota kan steunen. De heer Wiedemeijer: Oké, poging twee. Gaat u voor of tegen stemmen? De heer Smit: Dat hoort u donderdag van mij. De heer Wiedemeijer: Als u … De voorzitter: Nee, nee, nee. Ik laat bij iedereen maximaal drie keer een interruptie toe op één onderwerp, dus mijnheer Smit, gaat u nu verder. De heer Smit: Dank u wel. In de rapportage grote en risicovolle projecten, een bijlage bij deze kadernota, staat bij 2.1.3 over IVORIM: “Het besluitvormingsproces en kaders van programma warmte kent een trager tempo dan het moment van uitvoering, met stagnatie van IVORIM en daarmee hogere proceskosten als risico. Onderzocht wordt om vooruitlopend de uitvoering warmtebuizen aan te leggen.” Deze stagnatie kost ook weer klappen geld aan kostenstijging en nu lijkt het zelfs alsof de wethouder een ambtelijke draai om de oren krijgt.
Wethouder Berkhout, een vraag aan u: hoeveel mag dit traject de Haarlemmers nog gaan kosten? Ook heeft de coalitie afscheid genomen van het getal van 10.000 nieuwe woningen binnen de beloofde termijn. Is ook nooit haalbaar geweest naar onze mening. Een detail misschien, maar ook zo'n pijnpunt wat maar doorziekt, de verbouwing van het Anton Pieckhofje heeft nog steeds geen bevredigende oplossing voor de bovenbewoners. Wietgeur en tabaksrook komen dagelijks de bovenwoningen in, om één grote en terechte ergernis te noemen, en de bovenwoners kunnen geen kant op. Geachte wethouder Van Loenen, wanneer gaat u echte oplossingen creëren? In de financieel onleesbare en onnavolgbare kadernota – dat durf ook ik te zeggen – wordt voor 40 miljoen aan incidentele middelen door de coalitie ingevuld, nagenoeg buiten het normale toetsingsproces in de commissies en buiten de Haarlemmers om. Meer dan 10 miljoen van de 40 miljoen wordt ingezet voor nieuw eigen personeel en daar komt nog miljoenen bovenop voor inhuur personeel om die 40 miljoen uit te voeren. Knotsgek voor een organisatie … De voorzitter: Een interruptie van de heer Wiedemeijer. De heer Wiedemeijer: Voorzitter, u zet mij wel even aan het denken, want u zegt, ook eerder had u kritische opmerkingen over of de raad wel in positie was.
Maar volgens mij hebben we eerder dit jaar een noviteit gehad, namelijk de volledige gemeenteraad kon in januari haar ideeën kenbaar maken voor de incidentele middelen. U zegt dat de raad niet in positie is, die hebben allemaal een bijdrage kunnen leveren. U zegt dat de buitenwereld er niet van wist, die hebben het allemaal kunnen volgen en hun ideeën kenbaar kunnen maken. Dus uw constatering is, mogen we concluderen, gewoon feitelijk incorrect, toch? De heer Smit: Nou, ik dacht van niet. Ik vind dat als je uiteindelijk 40 miljoen aan voorstellen hebt, dan ga je die voorstellen wegen, je gaat ze toelichten en je gaat aan de commissies vragen wat die ervan vinden. Voor zo'n behandeling in de commissie kunnen raadsleden, commissieleden volgens dan ook hun achterban raadplegen. Nou, ik heb de indruk dat dat traject niet gevolgd is. Meer dan 10 miljoen van de 40 miljoen wordt ingezet voor nieuw eigen personeel en daar komt nog eens miljoenen bovenop voor inhuur personeel. Zoals ik
25
al zei, knotsgek voor een organisatie die zegt vastgelopen te zijn. Een college dat ondemocratische plannen door de raad probeert te smoezelen en daarbij vooral de ambtelijke formatie verder spekt. OPHaarlem is daar in ieder geval tegen, mijnheer Wiedemeijer. Kortom, geachte Haarlemmers, ons college, de coalitie en feitelijk de raad als geheel … De voorzitter: Interruptie van mevrouw Çimen. Mevrouw Çimen: Dank u wel, voorzitter. ik ben toch wel benieuwd, want ik hoor eigenlijk heel veel voorbeelden van de heer Smit dat hij zegt: er gebeurt niks en er is geen actie en hartstikke traag. Dan wordt er natuurlijk ook gekeken, gelet op de krapte op de arbeidsmarkt, naar externe inhuur, dan wordt meer geïnvesteerd in het eigen personeel om die uitvoeringskracht te verbeteren, en dan is het ook niet goed. Dus wat is nou het plan de campagne volgens de heer Smit? De heer Smit: Mevrouw Çimen, goede vraag. Ik denk dat het plan de campagne is dat je ten eerste die 40 miljoen genuanceerd in de tijd gaat invullen op het moment dat de hele raad daar inhoudelijk ook mee ingestemd heeft. Dat betekent dat je allereerst je eigen formatie op sterkte gaat brengen, dan wel – en dat is ook gebleken uit het rapport van Berenschot – de eigen organisatie verder traint in grotere doelmatigheid, want daar kan ook op gescoord worden.
Als je vervolgens constateert dat je aan alle eisen hebt voldaan, dan constateer je dat er ruimte is om het nieuwe beleid in te vullen en ga je daar ook mensen voor werven. Maar dat is een andere volgorde dan hier wordt gesuggereerd. De voorzitter: Mevrouw Çimen. Mevrouw Çimen: Op zich, ik snap het betoog wel, dat je eerst gewoon vaste formatie wilt, omdat externe inhuur duur is. Tegelijkertijd, elke gemeente in Nederland is naarstig op zoek naar vakmensen, dus als we dan op zoek gaan naar, als we dus het niet doen met externe inhuur, betekent dat dus de facto dat we heel veel projecten niet gaan uitvoeren. Is dat dan uw voorstel? De heer Smit: Net niet, denk ik. Als je ten eerste constateert in januari dat er projecten in uitstel en afstel gaan, dan is die afweging niet gemaakt met de 40 miljoen. Vervolgens wordt er in de toelichting op de beantwoording van de technische vragen over de kadernota gezegd dat er inderdaad zo'n 10 miljoen aan nieuw eigen personeel dit moet gaan uitvoeren, maar het is er nog niet. Dus je hebt de plannen wel, je suggereert dat ze uitgevoerd gaan worden, maar je moet 10 miljoen aan eigen personeel eerst erin zetten. Vervolgens, dat staat ook in de toelichting bij de beantwoording, komt er ook nog extern personeel bij. Dan is de optelsom iets waarvan ik zeg: deze 40 miljoen komt op het rijtje ook vastgelopen en daar moet dus ook op terugkomen.
Ik had liever dus een meer gestructureerde, logische aanpak gehad. Kortom, geachte Haarlemmers, ons college, de coalitie en feitelijk de raad als geheel zijn niet in positie en worden geconfronteerd met de ambtelijke organisatie die twee zenuwachtige wethouders begin dit jaar liet uitleggen welke dossiers worden uitgesteld of afgesteld. Dat zijn soms niet de minste, zoals de Orionzone. Ook hierover weer geen dialoog met de stad. De stad raakt steeds meer uit balans doordat de bestuursorganen en de ondersteuning ervan niet in positie zijn en dat vindt Haarlem zorgwekkend. We worden ook niet bestuurd, we worden geregeerd. OPHaarlem blijft hiertegen ageren en Haarlemmers, laat onze stad niet technocratisch geregeerd worden, want die richting gaan we steeds meer op. In Den Haag is het kabinet gevallen, de balans was weg. In Haarlem is de balans ook weg. Dan dan pak ik nog even één bijzondere motie die ik … De voorzitter: Gaat u maar verder, mijnheer Smit.
26
De heer Smit: Motie ‘Onze Haarlemse ecologische voetafdruk zichtbaar maken’. Om het klimaatbewustzijn verder aan te moedigen is er meer zicht nodig op hoe wij als stad functioneren en omgaan met onze hulpbronnen en ons klimaat belasten. Daar kun je op internet heel veel over vinden en vooral ook dat al vrij lang steden in de wereld, Calgary, een aantal Portugese steden als voorbeelden, werk hebben gemaakt van een stedelijke ecologische voetafdruk waarmee in feite de inzichtelijkheid van processen, maar ook van hetgeen je als stad wil bereiken, beter zichtbaar gemaakt kan worden en de bewustwording van de Haarlemmers ook beter ontwikkeld kan worden. Het grappige is trouwens daarin, dat kwam ik tegen op internet en dat is bemoedigend, maar voor het geval iemand mij probeert te tackelen, relatief bemoedigend is dat mensen het milieu minder schade lijken toe te brengen als ze in hoge dichtheid in een stad leven dan wanneer ze verspreid wonen op het platteland.
In de motie zeg ik dat de raad constateert dat Haarlem op velerlei wijze bezig is om klimaatdoelen vorm te geven en uit te voeren, er minder zicht lijkt op het beroep dat onze stad doet op natuurlijke bronnen en de milieubelasting die onze stad veroorzaakt en overweegt dat door een beter inzicht in de opbouw van onze ecologische Haarlemse voetafdruk ons klimaatbewustzijn verder kan worden ontwikkeld en daarvoor technieken en processen beschikbaar zijn die de inzichtelijkheid kunnen doen toenemen. En het dictum: verzoekt het college de raad uiterlijk in het komend voorjaar en voor het vormgeven van de kadernota 2025 te informeren of en zo ja, hoe onze Haarlemse ecologische voetafdruk duidelijker zichtbaar gemaakt kan worden en kan worden gemonitord om bij te gaan dragen aan een grote samenhang en inzichtelijkheid in onze doelen en maatregelen. Want OPHaarlem is wel degelijk een hele groene partij. Dank u wel, voorzitter. De voorzitter: Dank u wel. U heeft nog een interruptie op de valreep van mevrouw Van den Broek. Mevrouw Van den Broek: Vooral dat laatste zinnetje triggert mij natuurlijk, want er worden veel voorstellen bij deze kadernota gedaan om ook daadwerkelijk te gaan vergroenen, dus ik mag dan ervan uitgaan dat die allemaal gaat steunen? De heer Smit: Nee, dat zeg ik niet op voorhand.
Het gaat erom dat we met zijn allen zicht moeten krijgen op en OPHaarlem probeert ook weer de relevantie van maatregelen weer te baseren op de beschikbaarheid van mensen en middelen om dat te doen. Maar wij zullen zichtbaar heel veel aandacht hebben voor de groenmoties. De voorzitter: Dank u wel. Interruptie van de heer Van Leeuwen. De heer Van Leeuwen: Ik dacht dat ik de heer Smit hoorde zeggen dat je wanneer je in een stad woont in hogere dichtheden, dat je ecologische voetafdruk geringer is dan op het platteland. Als u dat zei, want ik dacht het te horen, hoe verhoudt zich dat dan tot uw bekende visie op geen hoogbouw in deze stad? De heer Smit: U bent er bijna, maar nog net niet. Ik ben niet tegen hoogbouw, maar ik ben wel tegen hoogbouw waarbij de afweging in het kader van een hoogbouwvisie ontbreekt. De voorzitter: De heer Van Leeuwen. De heer Van Leeuwen: Wij hebben in dat verleden daar heel erg samen in opgetrokken, dat weet u. Alleen, kijkt u nog eens na, want volgens mij – maar misschien weet u dat niet –staat de hoogbouwvisie in de Omgevingsvisie, is die daarin verwerkt en is het daarmee ook bestaand beleid, waar wel en vooral waar niet.
27
De heer Smit: Nou, als u ziet wat er in staand beleid staat en u vergelijkt dat bijvoorbeeld met de hoogbouwvisie van de gemeente Amstelveen, dan weet u wat er ontbreekt. Er is ook destijds door de wethouder gezegd: het zijn kaders, maar het is geen visie. Wat dus ontbreekt is een hoogbouwvisie in Haarlem. De voorzitter: Dank u wel. Wij gaan naar de volgende bijdrage van D66. Mevrouw Çimen. Mevrouw Çimen: Dank u wel, voorzitter. Het kabinet-Rutte IV is vorige week vrijdag gevallen en er staan alweer nieuwe landelijke verkiezingen op stapel. En wat je ook vindt van het kabinet, ik denk dat we allemaal kunnen erkennen dat de uitdagingen voor Nederland met de dag groter worden en we gebaat zijn bij een overheid die aan de bak gaat. We zullen zien wat er in Den Haag gaat gebeuren in november, wie onze nieuwe premier zal gaan worden en wat de impact van het volgend kabinet gaat zijn op gemeenten. Maar laten wij ondertussen in Haarlem vooral doorgaan met het aanpakken van de uitdagingen en het realiseren van onze ambities, want Haarlemmers zijn niet gebaat bij stilstand. Onze ambities voor de stad zijn groot op het gebied van klimaat, duurzaamheid wonen en onderwijs. Koers zetten, koers houden en resultaat boeken voor Haarlemmers. Voorzitter, ik start met onderwijs. Goed onderwijs biedt kinderen een goede start in het leven en is essentieel om kansengelijkheid te vergroten.
Het zorgt ervoor dat jongeren en kinderen meer kansen krijgen om de eigen dromen jagen. Als gemeente dragen hieraan bij door voldoende, goede en gezonde schoolgebouwen op te leveren. D66 zet zich al jaren in om geld vrij te maken voor het Haarlems onderwijs en we zijn dan ook ontzettend blij en trots dat we komende jaren 30 miljoen euro extra investeren in goede en gezonde schoolgebouwen. Onze wethouder kan samen met de schoolbesturen de komende jaren weer flink aan de bak, succes daarmee. Bij goede en gezonde schoolgebouwen horen we D66 … De voorzitter: U heeft een interruptie van de heer Smit. De heer Smit: Onderwijs, mevrouw Çimen, gaat me ook aan het hart, maar de 30 miljoen heeft helaas ook wel een inflatieaspect wat we niet moeten vergeten. Dus intrinsiek is het wat minder, maar uiteraard onderwijs is heel belangrijk en moet goed gefinancierd worden. Maar 30 miljoen moet u wel zien in het beeld van ook inflatoire aanpassing. Mevrouw Çimen: Er zit inderdaad ook een stukje inflatie bij, daar is ook apart ook nog geld voor vrijgemaakt, dus voor de bestaande plannen zat er 7 miljoen euro aan inflatie bij. Daar kan ik helaas zelf vanuit deze raad niks aan doen, maar ik ben blij met elke miljoen extra erbij die we krijgen voor het onderwijs en daar zet ik me ook de komende jaren uiteraard voor in. De voorzitter: De heer Van Kessel. De heer Van Kessel: Dank u wel, voorzitter.
Eigenlijk wel bijzonder, want meestal is de VVD van de twee liberale partijen de partijen waar het glas halfvol is en is het bij D66 meestal wat leger. Maar hier lijkt het toch andersom te zijn. Ik hoor D66 wel heel trots zijn op de paar miljoen die erbij gezocht wordt, maar de openstaande rekening op het gebied van schoolhuisvesting is al jarenlang ongeveer 130 miljoen. Daar wordt nu 55 miljoen ongeveer van die rekening voldaan, maar er is nog een enorm bedrag over. Dus dat hoog van de toren blazen, dat is toch zal ik maar zeggen het halve verhaal. Hoe reflecteert D66 daarop? Mevrouw Çimen: Nou, ik vind het jammer dat u de strijd van D66 voor meer miljoenen voor het onderwijs wegzet als hoog van de toren blazen. We hebben miljoenen extra geregeld bij de onderhandelingen van vorig jaar – of nee, welk jaar leven we? Ja, van vorig jaar. En we hebben nu 30 miljoen extra erbij. Is dat voldoende?
28
Zeker niet, bij lange na niet. Maar zoals ik zeg, ik heb ook niet zomaar tientallen extra miljoenen in mijn achterzak zitten, dus ik ben in ieder geval heel blij met dit resultaat. Daar gaan een hele hoop scholen verbeterd van worden en kunnen kinderen naar een heel mooi schoolgebouw. De voorzitter: De heer Van Kessel. De heer Van Kessel: Wat ik daar dan toch bijzonder aan vind, als dit de hoogste prioriteit is en ook het eerste is waar een liberale partij als D66 mee begint, dan is het toch verbazingwekkend dat een paar miljoen al tot grote vreugde stemt, terwijl eigenlijk de ambitie – ik bedoel, dat is dan de strijd – maar die ambitie is vele miljoenen groter. Een fooi heeft u erbij geregeld en ondertussen kleurt het felgroen en felrood en de liberalen komen er toch een beetje bekaaid vanaf. Dus ik hoop dat ik toch die strijd samen met u mag gaan voeren, want ik vind eigenlijk dat er wel wat meer bij had gemogen. Mevrouw Çimen: Nou, als de heer Van Kessel met mij wil strijden voor beter onderwijs, dan vindt u mij altijd aan uw zijde, maar ik heb deze periode met mijn partij 40 miljoen extra euro geregeld voor het onderwijs in de komende jaren en ik weet niet hoeveel geld u in uw achterzak heeft, maar dat is niet een habbekrats. Voorzitter, ik ga verder. De voorzitter: Nee, de heer Aynan heeft ook nog een interruptie.
De heer Aynan: Ook van deze kant nog een vraag, want u zegt: ik heb geen tientallen miljoenen in mijn achterzak. Maar als we kijken naar het jaarverslag en ook de kadernota, dan wordt er 49 miljoen in de reserve, dus in het spaarpotje gestopt. U had ook daar aanspraak op kunnen maken voor de onderwijshuisvesting. Mevrouw Çimen: Ik blijf het toch bijzonder vinden hoe men 40 miljoen euro in deze periode extra voor onderwijs wegzet als een glas halfleeg. Maar ik ga daar wel op reageren. U heeft gevraagd naar die 49 miljoen extra. Nou, we hebben eerder dit jaar die incidentele middelen met elkaar besproken, daar vonden wij het onderwijs natuurlijk ook een belangrijk plan van. Mensen hebben ook andere behoeftes om in andere dossiers ook te investeren en daar heb ik mij natuurlijk ook toe te verhouden, of in ieder geval mijn partij heeft zich daartoe te verhouden. Tegelijkertijd zijn er ook weer onzekere landelijke ontwikkelingen op stapel en moeten we ook een stukje gaan sparen. De heer Aynan: Voorzitter, het ging mij om het feit dat u zegt: ik heb de miljoenen niet in mijn achterzak. Die heeft u wel degelijk, alleen moet u erbij zeggen, wij maken andere keuzes. Want de algemene reserve is meer dan goed gevuld. Mevrouw Çimen: Ik heb niet de alleenheerschappij over de miljoenen hier, dus … De heer Aynan: Gelukkig niet. Mevrouw Çimen: Nee, gelukkig niet nee.
Nou, dat laat ik even aan de heer Aynan. Maar dit is in ieder geval wel een heel mooi resultaat die wij belangrijk vinden om hier te benoemen. Dan ga ik verder. Bij goede … De voorzitter: Als u even wacht, dan geef ik het even over aan de vicevoorzitter, dan maak ik een korte stop. De plaatsvervangend voorzitter: Gaat uw gang, mevrouw Çimen. Ik begrijp dat er vragen zijn over de reden van de afwezigheid van onze burgemeester. Ik weet het ook niet. Misschien moest hij gewoon even naar de wc, dat kan. Mevrouw Çimen, gaat uw gang.
29
Mevrouw Çimen: Hij gaat alvast een hapje eten. Nee. Dan ga ik verder met mijn betoog, voorzitter. Bij goede en gezonde schoolgebouwen horen wat D66 betreft ook groene schoolpleinen. Wij hebben bij de begroting vorig jaar gevraagd om meer geld ervoor vrij te maken en het liefst in de vorm van een subsidie, zodat scholen die dit willen ook zo snel mogelijk aan de slag kunnen. Wij zijn dan ook verheugd te zien dat dit voor de komende jaren is geregeld. Wel een vraag nog: kan het college aangeven vanaf wanneer scholen zich kunnen melden voor deze subsidie, en wordt hier ook actief over gecommuniceerd richting scholen en schoolbesturen? Dan vervolg ik een vraag over sport. In Haarlem is de beleidskoers al jaren dat we inzetten op breedtesport om zoveel mogelijk inwoners aan het bewegen te krijgen, bij sportverenigingen, sportscholen in het park, of middels hardlooproutes door de hele stad. Dit is ook van belang, omdat we na jaren van afvlakking weer een groei van het aantal Haarlemmers verwachten en ook zij moeten ergens kunnen bewegen en sporten. In de kadernota zien we op meerdere plekken een inzet van het college op extra sportevenementen en talentontwikkeling en mijn vraag is: is dit niet de facto een beleidswijziging in de kadernota? Die bij mijn weten niet in de commissie Samenleving is besproken. Graag een reactie van de wethouder.
Aanvullend, als dit wel een koerswijziging is, wat voor gevolgen heeft dit dan voor het sportbudget? Dan over toegankelijkheid. D66 vraagt regelmatig aandacht voor toegankelijkheid bij ontwikkelingen in de openbare ruimte, bijvoorbeeld bij het optekenen van de ontwikkelzones en de mobiliteitshub. Het is dan ook goed dat er een reservering wordt gedaan in de kadernota voor een coördinator toegankelijkheid openbare ruimte voor een integrale aanpak en afstemming. Maar deze reservering is alleen geregeld voor 2024 en zou dat dan ook niet moeten voor 2025 en 2026? En klopt het dat het gereserveerde bedrag bedoeld is om alleen de coördinator te betalen en niet voor concrete acties? Graag een reactie. Daarnaast hebben wij er het volste vertrouwen in dat deze coördinator meer kan dan afstemmen.
Wij zouden ook graag meer actie willen zien en hebben daarvoor de motie ‘Meer actie voor toegankelijkheid’ ingediend, samen met Actiepartij, Partij van de Arbeid, CDA, ChristenUnie, Jouw Haarlem en SP met het volgende dictum: verzoekt het college bij de begroting 2024 een voorstel te doen om de coördinator toegankelijkheid ook in 2025 en ‘26 aan de slag te laten gaan; indien nodig bij de begroting 2024 incidentele middelen ter beschikking te stellen aan de maatregelen op straat om de toegankelijkheid van de stad te verbeteren en bij het treffen van maatregelen ten behoeve van de toegankelijkheid ook belangenvertegenwoordigers te betrekken. Dan ga ik door naar de regentonsubsidie. D66 steunt de inzet van het college om Haarlemmers bewust te maken van kleine interventies die veel resultaat kunnen opleveren, bijvoorbeeld het kopen van regenton voor in de tuin om regenwater op te slaan en wateroverlast te voorkomen.
Maar een beetje degelijke regenton kost een paar tientjes bij een tuincentrum, waarom kunnen mensen zelf niet een regenton kopen en is daar een subsidie voor nodig? Kost de ambtenaar die de subsidieregeling moet optuigen en de aanvragen moet beoordelen niet veel meer dan de kosten van de regenton zelf? En even hardop nadenkend, had het college niet beter gewoon duizend regentonnen zelf kunnen kopen en dat kunnen weggeven bij de milieustraat of iets dergelijks? D66 is niet overtuigd dat in een subsidie geregeld hoeft te worden en dient daarom het amendement in ‘Geen onnodige rompslomp rondom een regenton’ en besluit … De plaatsvervangend voorzitter: U heeft een interruptie van mijnheer Van den Raadt. Gaat u gang. De heer Van den Raadt: Voorzitter, ik hoor zeggen: hadden we niet beter duizend regentonnen kunnen inkopen? Is D66 het met Trots Haarlem eens dat als de gemeente massaal inkoopt, zij dan producten goedkoper kan leveren aan de bewoners die dat nodig hebben, bijvoorbeeld ook zo met isolatie? De plaatsvervangend voorzitter: Mevrouw Çimen.
30
Mevrouw Çimen: Ik denk dat dat met isolatie niet mogelijk is op dezelfde manier. Ik denk met regentonnen dat deze lijn wel inderdaad toepasbaar is, maar daar moet ik het helaas bij houden. Dan ga ik verder met het dictum van het amendement: besluit 1, onderstaande passage op pagina 14 te schrappen, en dan tussen haakjes, “en wordt beoogd om de groenedakensubsidie uit te breiden met een regentonsubsidie om wateroverlast te beperken”; 2, onderstaande passage op pagina 118 te schrappen “de reservering regentonsubsidieregeling”; en 3, en in navolging daarvan de subsidieregeling te verlagen met het bedrag dat beoogd was voor subsidiëren van regentonnen. Dan naar cultuur. De plaatsvervangend voorzitter: U heeft een interruptie van de heer Drost. Gaat u gang, mijnheer Drost. De heer Drost: Mevrouw Çimen, politiek is soms ook over je eigen schaduw heen stappen natuurlijk en een ander wat gunnen. Ik hoef het misschien u geeneens in herinnering te brengen natuurlijk, maar in het verkiezingsprogramma van de VVD staat onder andere dat het afkoppelen van de regenwaterafvoer moet worden gestimuleerd en dat de gemeente opslag van overtollig regenwater moet stimuleren. Dan zou ik toch wel een moreel appel op u willen doen, gun deze VVD-fractie ook iets en gun ze gewoon hun regentonnen.
Mevrouw Çimen: Ik ben blij dat deze verbroedering gewoon aan het plaatsvinden is en dat de heer Drost de woordvoerder van de VVD wordt op dit punt. Maar wellicht kan de VVD hier zelf een oproep voor doen, maar ik heb u goed verstaan, ik ga er nog eens even over nadenken. De plaatsvervangend voorzitter: Gaat u verder, mevrouw Çimen. Mevrouw Çimen: Ik ga verder met cultuur, voorzitter. Onze stad heeft een mooi en breed cultuuraanbod en ook voor een diverse en veilige nachtcultuur timmert Haarlem aan de weg. Maar de cultuursector zit nog niet op het niveau van voor de zware coronajaren en Haarlem is daarbij geen uitzondering. We maken met deze kadernota geld vrij om tekorten bij de Schuur te overbruggen, we maken ook incidenteel geld vrij om de tekorten bij het Slachthuis te dekken. D66 staat achter deze investeringen en heeft daarbij ook, zoals in de discussie in de commissie Ontwikkeling wel een aantal voorwaarden meegegeven voor het vervolg. En wie weet wat er nog meer op ons afkomt. Culturele instellingen zijn wat D66 betreft het visitekaartje van onze stad met immateriële waarden voor Haarlemmers en bezoekers van buiten de stad. Tegelijkertijd voelt het wel alsof we veel pleisters aan het plakken zijn en dat houden we niet lang op deze manier vol.
We hebben natuurlijk een cultuurplan tot 2028 vastgesteld en dan vragen wij ons af in ieder geval: hoe houdbaar is dat nog? We hebben in ieder geval nu zaken afgedekt voor deze collegeperiode, maar wat is de langetermijnvisie van het college en welke stappen gaat deze wethouder zetten de komende maanden om hier meer grip op te krijgen? En kan de wethouder toezeggen om een langetermijnvisie van het college te betrekken bij de evaluatie van het cultuurplan in 2024? Graag een reactie. Voorzitter, het is een paar keer aan bod gekomen, maar dan ga ik toch over naar de organisatie en de uitvoeringskracht. Ik begin met de afdeling vergunningen, toezicht en handhaving. Die kent namelijk al een tijd een zeer hoge werkdruk en heeft al langer te maken met capaciteitstekorten. We begrijpen dat er begin 2023 een extern onderzoek is uitgevoerd en daaruit blijkt dat er een forse extra inzet vereist is. Zeker ook met de komst van de Omgevingswet en de Wet kwaliteitsborging voor het bouwen en de Wet goed verhuurderschap. D66 is dan ook blij met het voorstel van het college om de afdeling VTH, zoals ik het voortaan zal noemen, structureel een impuls te geven en daar geld voor vrij te maken.
De afdeling VTH staat voor hun werk in direct contact met Haarlemmers en D66 vindt van het grootste belang dat het contact tussen Haarlemmers en de gemeente servicegericht en tijdig is en dat wettelijke doorlooptijden van vergunningaanvragen worden gehaald, ook in meer complexe dossiers. Dan een klein intermezzo, voorzitter, bij dit punt. Afgelopen donderdag was het wereldwijd de warmste dag ooit gemeten, een triest nieuw record. Voor D66 is het overduidelijk, klimaatverandering wacht niet op ons en alleen samen
31
creëren wij in klimaatbestendig Haarlem. Gelukkig onderneemt onze gemeente al veel actie en koerst Haarlem naar een aardgasvrije stad in 2040. Maar D66 ziet in de praktijk veel regels voor het verduurzamen van monumenten, rondom verduurzaming van huizen die zorgen voor vertraging van het behalen van onze klimaatdoelen en zorgen voor een hoge werkdruk bij de gemeente. Dan heb ik het concreet over regels die belemmeringen vormen voor verduurzaming en welke mogelijk geschrapt kunnen worden. Wij denken daarom dat het waardevol is voor Haarlemmers, voor de uitvoeringskracht van de gemeente en voor het halen van onze klimaatambities om te onderzoeken waar de gemeente Haarlem kan dereguleren, of de regeldruk kan verminderen. D66 dient daarom samen met Actiepartij, GroenLinks, Partij van de Arbeid, CDA en ChristenUnie de motie ‘Minder regels, minder werkdruk, doe onderzoek naar deregulering’ in met het volgende dictum: verzoekt het college onderzoek te doen waar de gemeente Haarlem kan dereguleren, dan wel de regeldruk verminderen, de resultaten van dat onderzoek voor te leggen aan de raad en indien mogelijk al met een concreet voorstel. Dan de uitvoeringskracht zelf. We hebben grote ambities voor deze stad en we willen vol inzetten op actie. In 2022 heeft een mooie versnelling plaatsgevonden en hebben we de realisatiecijfers flink omhoog gekregen. Chapeau.
Maar hoe houden we dat vast? Welke ingrepen in het ambtelijk apparaat ziet het college nog meer voor zich om deze versnelling in de uitvoering vast te houden? De plaatsvervangend voorzitter: Mevrouw Çimen, u heeft een interruptie van de heer Van den Raadt van Trots. Gaat uw gang. De heer Van den Raadt: Voorzitter, het kan zijn dat natuurlijk als er minder regels zijn, dat er iets versneld om het klimaatdoelen te behalen, maar het blijft natuurlijk veel geld kosten om al die dingen in te voeren. D66, denkt u dat dat ook misschien helpt als dus acties als je huis isoleren, dubbel glas, dakisolatie, muurisolatie, als dat gewoon in totaliteit goedkoper wordt, misschien doordat je het massaal laat inkopen door de gemeente? Mevrouw Çimen: Deze vraag heeft u me net al gesteld, maar ik blijf toch bij mijn antwoord die ik zojuist heb gegeven. We proberen natuurlijk inderdaad, we zetten ook massaal in op het beter isoleren van huizen, maken daar ook geld vrij, krijgen daar volgens mij ook deels financiering voor vanuit het Rijk. Dus dat blijven we zeker stimuleren. Maar het massaal inkopen door gemeenten, elk huis is anders, elk huis heeft andere maatregelen nodig en mensen moeten ook zelf kunnen bepalen wat ze dan doen. Wij stimuleren in ieder geval en wij informeren Haarlemmers. Dan ga ik verder met mijn betoog.
Ik had nog een vraag over de uitvoeringskracht en welke mogelijkheden ziet het college om de uitvoeringskracht de komende jaren nog verder te verstevigen, en ziet het college daar ook een rol voor deze raad? Dan het investeringsplan. D66 is blij met het investeringsplan voor de komende tien jaar. We denken dat dit een goede ontwikkeling is. Het geeft de raad namelijk beter beeld bij de geplande investeringen, maar ook zicht op mogelijke strategische keuzes. Dit zien we ook duidelijk in het Strategisch Huisvestingsplan Onderwijs wat we recent hebben vastgesteld met elkaar. Hierin is een sprong gemaakt van vier jaar vooruitkijken naar de komende zestien jaar vooruitkijken. D66 ziet dat deze manier van werken nog wel in de kinderschoenen staat, maar we zouden dit ook heel waardevol vinden op andere beleidsterreinen, denk aan beheer en onderhoud en ook sport. Deelt het college dit beeld en kan het college aangeven of ze hiermee aan de slag gaan in de komende maanden, en zou de raad hier bij de begrotingsbehandeling in november een update over kunnen krijgen? Graag een reactie. Dan transparant bestuur. Transparant besturen begint bij de juiste stukken toegankelijk maken voor Haarlemmers.
Besproken raadsstukken worden regelmatig geamendeerd door de raad en we zien dat ingediende amendementen wel worden toegevoegd bij de gepubliceerde stukken, maar niet worden verwerkt in een definitief stuk dat is vastgesteld door de raad. De geamendeerde versies van stukken zijn dus niet beschikbaar voor raadsleden en Haarlemmers op onze eigen gemeentewebsite. Raadsleden zijn daardoor aangewezen op het eigen geheugen of die van de fractie. Dat vinden wij onwenselijk en het zorgt ook best vaak voor ruis en
32
gedoe in het debat in dit huis en daarbuiten. Daarom dienen wij samen met CDA, Actiepartij, GroenLinks, Partij van de Arbeid, ChristenUnie, Jouw Haarlem, SP en de VVD de motie ‘Publiceer geamendeerde versies van raadsstukken op de gemeentewebsite’ in. Het dictum luidt als volgt: verzoekt het college voortaan een conceptstuk met datum vaststelling college op de website publiceren en na vaststelling door de raad een definitief stuk inclusief de verwerkte amendementen te publiceren voorzien van de datum vaststelling gemeenteraad. Voorzitter, tot slot. De voorzitter: U heeft een interruptie van de heer Smit. De heer Smit: Mevrouw Çimen, zet u ons logo er alstublieft ook bij? Mevrouw Çimen: Dat ga ik doen, uiteraard. Dank voor de steun. Tot slot, voorzitter, de indicatoren. Haarlem wil een ongedeelde stad zijn met vitale en veerkrachtige wijken, met een gebalanceerde verdeling van sociale, middeldure en dure woningen over de hele stad, dat bijdraagt aan het realiseren van die ongedeelde stad. In de kadernota in de bijlage 6 volgens mij is een nieuwe indicator opgenomen voor het aantal sociale huurwoningen in stadsdelen Noord, Centrum en Zuid-West. Dat is helemaal prima uiteraard om te monitoren, maar D66 is van mening om een meer compleet beeld te krijgen van deze goede verdeling van woningen over de hele stad een extra indicator nodig is en dan gericht op Schalkwijk.