CConstaterende datHaarlem
Koppel je AI →
Document · PDF

06 E Verordening Leges 2026

commissie Bestuur 4 december 2025, gemeente HaarlemBij agendapunt: 18:00-18.30 uur Haarlemse belastingvoorstellen 2026 (FR)14.328 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 2 van 2

€ 208,00

Artikel 2.19 Andere activiteiten Als de aanvraag om een omgevingsvergunning betrekking heeft op het verrichten van een andere activiteit dan in deze paragraaf en voorgaande paragrafen van dit hoofdstuk bedoeld en die activiteit betreft een bij of krachtens artikel 5.1 van de Omgevingswet aangewezen vergunning plichtige activiteit bedraagt het tarief, onverminderd het bepaalde in de andere artikelen van dit hoofdstuk als het ook gaat om de in die artikelen bedoelde activiteiten:

€ 179,00

Paragraaf 2.9 Maatwerkvoorschriften Artikel 2.20 Maatwerkvoorschriften bij bouwactiviteiten 1

Als de aanvraag om een of meer maatwerkvoorschriften betrekking heeft op een bouwactiviteit, bedraagt het tarief per maatwerkvoorschrift:

€ 892,80

2

Als de aanvraag betrekking heeft over een maatwerkvoorschrift als bedoeld in artikel 2.73 lid1 onder a van het BBL (afwijken reguliere werktijden) bedraagt het tarief per maatwerkvoorschrift

€ 125,00

29

Artikel 2.21 Maatwerkvoorschriften bij milieubelastende activiteiten Als de aanvraag om een of meer maatwerkvoorschriften als bedoeld in hoofdstuk 3 van het Besluit activiteiten leefomgeving betrekking heeft op milieubelastende activiteiten, bedraagt het tarief per maatwerkvoorschrift:

€ 1.100,00

Artikel 2.22 Maatwerkvoorschriften bij overige activiteiten Als de aanvraag om een of meer maatwerkvoorschriften betrekking heeft op een andere activiteit dan genoemd in de artikelen 2.20 en 2.21, bedraagt het tarief per maatwerkvoorschrift:

€ 892,80

Paragraaf 2.10 Gelijkwaardigheid Artikel 2.23 Gelijkwaardige maatregel Als de aanvraag betrekking heeft op toestemming voor een gelijkwaardige maatregel als bedoeld in artikel 4.7 van de Omgevingswet bedraagt het tarief per maatregel:

€ 892,80

Paragraaf 2.11 Overige tarieven Artikel 2.24 Wijzigen omgevingsvergunning Voor het in behandeling nemen van een aanvraag om wijziging van een omgevingsvergunning is hetzelfde tarief verschuldigd als op grond van dit hoofdstuk verschuldigd is voor het in behandeling nemen van een aanvraag om een omgevingsvergunning voor de activiteit of activiteiten waarop de aanvraag tot wijziging betrekking heeft. Artikel 2.25 Wijzigen voorschriften omgevingsvergunning bouwactiviteiten Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van een aanvraag om wijziging van voorschriften van een omgevingsvergunning, waarbij sprake is van een bouwactiviteit als bedoeld in artikel 2.5 en 2.6:

€ 425,00

Artikel 2.26 Wijzigen voorschriften omgevingsvergunning milieubelastende activiteiten Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van een aanvraag om wijziging van voorschriften van een omgevingsvergunning die betrekking heeft op milieubelastende activiteiten, zoals bedoeld in artikel 2.10:

€ 1.100,00

Artikel 2.27 Beoordeling aanvullende gegevens Onverminderd het bepaalde in de andere artikelen van dit hoofdstuk bedraagt het tarief voor het in behandeling nemen van aanvullende gegevens die worden ingediend nadat de aanvraag om een omgevingsvergunning, welke betrekking heeft op een bouwactiviteit als bedoeld in artikel 2.5 en 2.6, in behandeling is genomen, per gegevensoverdracht: Artikel 2.28 Beoordeling aanvullende gegevens omgevingsvergunning milieubelastende activiteiten

30

€ 130,00

Onverminderd het bepaalde in de andere artikelen van dit hoofdstuk bedraagt het tarief voor het in behandeling nemen van aanvullende gegevens die worden ingediend nadat de aanvraag om een omgevingsvergunning, welke betrekking heeft op een bouwactiviteit als bedoeld in artikel 2.5 en 2.6, in behandeling is genomen, per gegevensoverdracht:

€ 130,00

Artikel 2.29 Beoordeling onderzoeksrapporten De in artikel 2.33 opgenomen tarieven zijn van overeenkomstige toepassing op het in behandeling nemen van een aanvraag tot het beoordelen van een onderzoeksrapport, zonder dat sprake is van een aanvraag om een omgevingsvergunning of ander besluit. Artikel 2.30 Wijzigen van het omgevingsplan 1.

Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van een aanvraag tot het wijzigen van het omgevingsplan: het bedrag van de voorafgaand aan het in behandeling nemen van de aanvraag aan de aanvrager meegedeelde kosten, blijkend uit een begroting die door het college van burgemeester en wethouders is opgesteld.

2.

Het op grond van artikel 1 verschuldigde bedrag wordt verhoogd met de kosten van onderzoeken die noodzakelijk zijn ten behoeve van de ruimtelijke onderbouwing (luchtkwaliteit, geluid, bodem, flora en fauna e.a.) en de feitelijke druk- en publicatiekosten: de hoogte van deze kosten wordt bepaald op basis van een begroting die door het college van burgemeester en wethouders is opgesteld.

3.

Het op grond van het eerste en tweede lid verschuldigde bedrag wordt voorafgaand aan het in behandeling nemen van de aanvraag aan de aanvrager meegedeeld. De aanvraag wordt dan in behandeling genomen op de vijfde werkdag na de dag waarop het verschuldigde bedrag aan de aanvrager ter kennis is gebracht, tenzij de aanvraag voor deze vijfde werkdag schriftelijk is ingetrokken.

Artikel 2.30A Niet genoemd besluit op aanvraag Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van een aanvraag tot het nemen van een ander, in dit hoofdstuk niet benoemd besluit op grond van de Omgevingswet, de op die wet gebaseerde algemene maatregelen van bestuur of het omgevingsplan: € 892,00

Paragraaf 2.12 Modaliteiten Artikel 2.31 Planologische strijdigheid met het omgevingsplan (waarbij tevens of geen sprake is van een bouwactiviteit) Onverminderd het bepaalde in de artikelen van dit hoofdstuk bedraagt het tarief: Voor het beoordelen of gebruik kan worden gemaakt van een binnenplanse afwijkingsbevoegdheid in het (tijdelijke deel van het) omgevingsplan:

€ 300,00

Voor het beoordelen of gebruik kan worden gemaakt van een wijzigingsbevoegdheid of aan een uitwerkingsplicht wordt voldaan in het (tijdelijke deel van het) omgevingsplan:

€ 600,00

b.

voor het beoordelen of een afwijking van het tijdelijke omgevingsplan mogelijk is met een ‘kleine buitenplanse afwijking’ als bedoeld in artikel 2.1.1.3, onderdeel d:

€ 600,00

c.

voor het beoordelen of een afwijking van het tijdelijke omgevingsplan mogelijk is in andere gevallen dan genoemd in de onderdelen a en b:

€ 5.000,00

a.

Artikel 2.32 Achteraf ingediende aanvraag

31

.

Als de aanvraag om een omgevingsvergunning voor een activiteit wordt ingediend na aanvang of gereedkomen van de activiteit, worden de op grond van de paragrafen 2.3 tot en met 2.8 verschuldigde leges verhoogd met: met een maximum van:

10% € 10.000,00

Artikel 2.33 Beoordeling onderzoeksrapporten Onverminderd het bepaalde in de andere artikelen van dit hoofdstuk bedraagt het tarief, als krachtens wettelijk voorschrift voor de betreffende aanvraag een rapport moet worden beoordeeld, per rapport: a.

voor de beoordeling van een milieueffectrapportage (MER):

b.

voor de beoordeling van overige onderzoeksrapporten:

€ 2.397,40 € 684,97

Artikel 2.34 Advies 1. Onverminderd het bepaalde in de andere artikelen van dit hoofdstuk bedraagt het tarief, als een daartoe aangewezen bestuursorgaan of andere instantie advies moet uitbrengen over de aanvraag om een omgevingsvergunning of een ander besluit op grond van de Omgevingswet: a. voor een advies van de gemeenteraad:

€ 714,42

b. voor een advies van de gemandateerde van de gemeentelijke adviescommissie over de vraag of het uiterlijk of de plaatsing van het bouwwerk, zowel op zichzelf als in relatie tot de omgeving en de te verwachten ontwikkelingen, in strijd is met redelijke eisen van welstand als bedoeld in de gemeentelijke beleidsregels op grond van artikel 4.19 van de Omgevingswet:

€ 605,00

c. voor een advies van de voltallige gemeentelijke adviescommissie over de vraag of het uiterlijk of de plaatsing van het bouwwerk, zowel op zichzelf als in relatie tot de omgeving en de te verwachten ontwikkelingen, in strijd is met redelijke eisen van welstand als bedoeld in de gemeentelijke beleidsregels op grond van artikel 4.19 van de Omgevingswet:

€ 710,14

d. voor een advies in andere gevallen dan bedoeld in de onderdelen a, b en c: het tarief dat aan andere organen en derden deskundigen moet worden betaald, blijkend uit een begroting die door het college van burgemeester en wethouders is opgesteld. 2. Als een begroting als bedoeld in het eerste lid, onderdeel d, is uitgebracht, wordt een aanvraag in behandeling genomen op de vijfde werkdag na de dag waarop de begroting aan de aanvrager ter kennis is gebracht, tenzij de aanvraag voor deze vijfde werkdag schriftelijk is ingetrokken. Artikel 2.35 Instemming Onverminderd het bepaalde in de andere artikelen van dit hoofdstuk bedraagt het tarief, als een aanvraag om een omgevingsvergunning of een ander besluit op grond van de Omgevingswet betrekking heeft op een activiteit waarvoor de beslissing op de aanvraag op grond van artikel 16.16 van de Omgevingswet instemming behoeft van een bestuursorgaan:

32

€ 714,42

Paragraaf 2.13 Vermindering Artikel 2.36 Vermindering na vooroverleg 1.

Als de aanvraag om een omgevingsvergunning bedoeld in artikel 2.2, aanhef en onderdeel b, en zoals nader omschreven in de paragrafen 2.3 tot en met 2.8, is voorafgegaan door een aanvraag voor een vooroverleg als bedoeld in artikel 2.2, aanhef en onderdeel a, en zoals nader omschreven in paragraaf 2.2, waarop de aanvraag om de omgevingsvergunning betrekking heeft, bestaat onder de in het tweede lid genoemde voorwaarden aanspraak op vermindering van de voor het in behandeling nemen van de aanvraag om de omgevingsvergunning verschuldigde leges. De vermindering geldt voor zowel het eerste lid (de aanvraag voor het indienen van een vooroverleg) als het tweede lid (het inwinnen van advies) en bedraagt: Dit percentage betreft de leges die worden geheven voor het vooroverleg.

2.

100%

Voor de toepassing van het eerste lid wordt de aanvraag om een omgevingsvergunning gedaan: a. voor dezelfde activiteit of activiteiten als waarop het vooroverleg betrekking had; b. in overeenstemming met de uitkomsten van het vooroverleg en beoordeeld is als positief of kansrijk; en c. binnen 6 maanden na het laatste omgevingsoverleg of, als het vooroverleg volgens afspraak leidt tot een kennisgeving aan de aanvrager, na de dagtekening van de kennisgeving.

Paragraaf 2.14 Teruggaaf Artikel 2.37 Teruggaaf als aanvraag buiten behandeling wordt gesteld 1

Als na toepassing van artikel 4:5 van de Algemene wet bestuursrecht een aanvraag buiten behandeling wordt gelaten, bestaat aanspraak op teruggaaf. De teruggaaf bedraagt:

2

met dien verstande dat voor die activiteit tenminste verschuldigd blijft een bedrag van:

90%. € 200,00

Artikel 2.38 Teruggaaf als gevolg van intrekking aanvraag omgevingsvergunning of maatwerkvoorschrift bij reguliere procedure Als een aanvrager zijn aanvraag om een omgevingsvergunning of aanvraag om een maatwerkvoorschrift op de voorbereiding waarvan afdeling 3.4 van de Algemene wet bestuursrecht niet van toepassing is geheel of gedeeltelijk intrekt terwijl het college van burgemeester en wethouders daarover nog geen besluit heeft genomen, bestaat aanspraak op teruggaaf van een deel van de leges. De teruggaaf bedraagt:

40 %

van de voor de activiteit waarvoor de aanvraag is ingetrokken verschuldigde leges, met dien verstande dat voor die activiteit tenminste verschuldigd blijft een bedrag van:

€ 200,00

Artikel 2.39 Teruggaaf als gevolg van intrekking aanvraag omgevingsvergunning of maatwerkvoorschrift bij uitgebreide voorbereidingsprocedure Als een aanvrager zijn aanvraag om een omgevingsvergunning of aanvraag om een maatwerkvoorschrift op de voorbereiding waarvan afdeling 3.4 van de Algemene wet bestuursrecht van toepassing is geheel of gedeeltelijk intrekt terwijl het college van burgemeester 33

40%

en wethouders daarover nog geen besluit heeft genomen, bestaat aanspraak op teruggaaf van een deel van de leges. De teruggaaf bedraagt: van de voor de activiteit waarvoor de aanvraag is ingetrokken verschuldigde leges, met dien verstande dat voor die activiteit tenminste verschuldigd blijft een bedrag van:

€ 200,00

Artikel 2.40 Teruggaaf als gevolg van intrekking verleende omgevingsvergunning voor bouw- of milieubelastende activiteiten Als het college van burgemeester en wethouders een verleende omgevingsvergunning voor een bouw- of milieubelastende activiteit intrekt op aanvraag van de vergunninghouder, bestaat aanspraak op teruggaaf van een deel van de leges, mits deze aanvraag is ingediend binnen 24 maanden na verlening van de vergunning en van de vergunning geen gebruik is gemaakt. De teruggaaf bedraagt: van de voor de activiteit waarvoor de aanvraag is ingetrokken verschuldigde leges, met dien verstande dat voor die activiteit tenminste verschuldigd blijft een bedrag van:

25% € 200,00

Artikel 2.41 Teruggaaf als gevolg van het weigeren van een omgevingsvergunning voor bouw- of milieubelastende activiteiten 1. Als het college van burgemeester en wethouders een omgevingsvergunning voor een bouw- of milieubelastende activiteit weigert, bestaat aanspraak op teruggaaf van een deel van de leges. De teruggaaf bedraagt:

10%

van de voor de activiteit waarvoor de omgevingsvergunning is geweigerd verschuldigde leges. met dien verstande dat voor die activiteit tenminste verschuldigd blijft een bedrag van:

€ 200,00

2. Onder een weigering bedoeld in lid 1 wordt mede verstaan een vernietiging van de beschikking waarbij de vergunning is verleend bij rechterlijke uitspraak. Artikel 2.42 Minimaal verschuldigd bedrag Wanneer het bedrag van de oorspronkelijk verschuldigde leges lager is dan de hierboven genoemde minimaal verschuldigde leges dan geldt het bedrag van de oorspronkelijk verschuldigde leges als de tenminste verschuldigd bedrag. Artikel 2.43 Geen teruggaaf bepaalde legesdelen In afwijking van de voorgaande artikelen van deze paragraaf wordt geen teruggaaf verleend van het legesdeel dat betrekking heeft op de modaliteiten genoemd in paragraaf 2.12 en de beoordeling aanvullende gegevens artikelen 2.27 en 2.28.

Paragraaf 2.15 Nadeelcompensatie Artikel 2.44 Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van een verzoek tot nadeelcompensatie Vindt er gehele of gedeeltelijke uitbetaling van nadeelcompensatie plaats, dan zal het bovenstaande bedrag terug worden betaald. Indien het verzoek niet in behandeling wordt genomen na eenvoudige beoordeling en als zijnde kennelijk ongegrond wordt afgewezen of als het tijdig – dat is, uiterlijk vóórdat de inhoudelijke behandeling daarvan is begonnen – door aanvrager wordt ingetrokken, dan wordt het verschuldigde bedrag verminderd naar nihil. * Verwijst naar maximum tarieven van het Rijk.

34

€500,- *

HOOFDSTUK 3 DIENSTVERLENING VALLEND ONDER DE DIENSTENRICHTLIJN EN NIET VALLEND ONDER HOOFDSTUK 2 Paragraaf 3.1 Horeca VTH 3.1

Voor het in behandeling nemen van een aanvraag voor een vergunning bedraagt het tarief:

3.1.1

Voor een alcoholvergunning op grond van artikel 3 van de Alcoholwet:

€ 1.258,23

3.1.1.a Als een uitgebreide procedure zoals bedoeld in afdeling 3.4 van de Algemene wet bestuursrecht moet worden gevolgd, wordt het tarief als bedoeld in 3.1.1, verhoogd met

€ 276,58

3.1.1.b Als meer dan één leidinggevende wordt opgegeven wordt het tarief als bedoeld in 3.1.1 per leidinggevende, verhoogd met:

€ 56,58

3.1.2

Voor een melding bij overname / wijziging ondernemersvorm als bedoeld in artikel 30 van de Alcoholwet:

3.1.2.a Als meer dan één leidinggevende wordt opgegeven wordt het tarief als bedoeld in 3.1.2 per leidinggevende, verhoogd met 3.1.3

€ 1.244,63 € 56,58

voor het in behandeling nemen van een melding bij wijziging leidinggevende als bedoeld in artikel 30a van de Alcoholwet of bij wijziging van de oppervlakten van de horeca- of slijtlokaliteiten en terrassen als bedoeld in artikel 30 van de Alcoholwet.

€ 345,73

3.1.3.a Als meer dan één leidinggevende wordt opgegeven in de wijziging, wordt het tarief als bedoeld in 3.1.3 , per opgegeven leidinggevende, verhoogd met

€ 56,58

3.1.3.b Artikel 3.1.3 is niet van toepassing als de wijziging van een terras met een terrasvergunning is verleend 3.1.4

voor een tapontheffing als bedoeld in artikel 35 van de Alcoholwet, inclusief een screening van de leidinggevenden op levensgedrag, max 10 leidinggevenden.

€ 359,56

3.1.4.a Als meer dan tien leidinggevenden worden opgegeven, wordt het tarief als bedoeld in 3.1.4, per opgegeven leidinggevende, verhoogd met

€ 20,40

3.1.5

Voor het in behandeling nemen van een aanvraag exploitatie openbare inrichting, zoals bedoeld in artikel 2:28, eerste lid van de Algemene Plaatselijke Verordening, bedraagt het tarief:

3.1.5.a Voor een exploitatievergunning

€ 760,61

3.1.5.b voor wijziging leidinggevende of de wijziging van de oppervlakten van de horeca- of slijtlokaliteiten en terrassen

€ 220,01

3.1.5.c Als meer dan één leidinggevende wordt opgegeven wordt het tarief als bedoeld in 3.1.5 a en 3.1.5.b, per opgegeven leidinggevende, verhoogd met:

€ 56,58

3.1.6

Voor het in behandeling nemen van een aanvraag tot een ontheffing tot 05:00 als bedoeld in artikel 2:29b, eerste lid van de Algemene Plaatselijke Verordening, bedraagt het tarief:

3.1.6.a Voor het in behandeling nemen van een aanvraag tot een ontheffing nachtgelegenheden als bedoeld in artikel 2:29a, eerste lid van de Algemene Plaatselijke Verordening , bedraagt het tarief: 3.1.7

35

Voor het in behandeling nemen van een aanvraag tot het verkrijgen van 24uursontheffing als bedoeld in artikel 2:29c, eerste lid van de Algemene Plaatselijke Verordening, bedraagt het tarief:

€ 212,47

€ 212,47

€ 345,73

3.1.7.a Voor het in behandeling nemen van een aanvraag tot het verkrijgen van een exploitatievergunning als bedoeld in artikel 2:29b, eerste lid van de Algemene Plaatselijke Verordening (vergunning pilot vrije openingstijden) , bedraagt het tarief: € 345,73 3.1.8

Voor het in behandeling nemen van een aanvraag tot het verkrijgen van een terrasvergunning als bedoeld in artikel 2:32, tweede lid van de Algemene Plaatselijke Verordening, bedraagt het tarief:

€ 534,32

Paragraaf 3.2 Seksbedrijven VTH 3.2

Voor het in behandeling nemen van een aanvraag tot het verkrijgen van een vergunning seksbedrijf als bedoeld in artikel 3:3, eerste lid, van de Algemene plaatselijke verordening, bedraagt het tarief:

3.2.1 voor een seksinrichting

€ 980,63

3.2.2 voor een escortbedrijf

€ 705,30

3.2.3. wijziging van een vergunning in verband met uitsluitend een wijziging van het beheer in een seksinrichting of escortbedrijf, als bedoeld in artikel 3:13d, tweede lid, van de Algemene plaatselijke verordening, per beheerder

€ 223,38

Paragraaf 3.3 Speelgelegenheden VTH 3.3.1

Voor het in behandeling nemen van een aanvraag om vergunning speelautomatenhal als bedoeld in artikel 2:40b, lid 1 van de Algemene Plaatselijke Verordening bedraagt het tarief:

€ 880,26

3.3.2

Voor het in behandeling nemen van een aanvraag om ontheffing leeftijdsvereiste beheerder speelautomatenhal, als bedoeld in artikel 2:40f, tweede lid van de Algemene Plaatselijke Verordening bedraagt het tarief:

€ 223,38

Paragraaf 3.4 Deelvoertuigen VTH 3.4

Het tarief voor het in behandeling nemen van een aanvraag tot het verkrijgen van een vergunning voor deelvoertuigen als bedoeld in artikel 5.16b van de Algemene Plaatselijke verordening gemeente Haarlem bedraagt

€ 283,29

Paragraaf 3.5 Organiseren evenement of markt of foto- en filmopnamen VTH 3.5.1

36

Voor het in behandeling nemen van een aanvraag tot het verkrijgen van een ontheffing als bedoeld in artikelen 2:10, vierde lid en 2:45, tweede lid van de Algemene Plaatselijke Verordening tot het houden van film-/foto-opnamen, bedraagt het tarief:

€ 729,18

3.5.2

Bij intrekking van een ingediende aanvraag tot verkrijgen van een ontheffing als bedoeld in het artikel 3.5.1 bestaat aanspraak op teruggaaf van de leges. De teruggaaf bedraagt:

3.5.3

Voor het in behandeling nemen van een aanvraag om een vergunning voor een particuliere markt als bedoeld in artikel 5:23, eerste lid van de Algemene Plaatselijke Verordening, bedraagt het tarief:

10%

3.5.3.a Indien het een aanvraag betreft door maatschappelijke, sociale en culturele instellingen of natuurlijke personen die zonder winstbejag een liefdadig, sociaalcultureel of maatschappelijk doel nastreven en die een markt als voornoemd organiseren welke zich verhoudt tot de doelstelling van die instelling dan wel personen

€ 333,16

3.5.3.b Indien het een aanvraag betreft die niet onder het tarief als bedoeld in onderdeel 3.5.3.a van deze legestabel valt:

€ 760,61

3.5.3.c Bij intrekking van een ingediende aanvraag tot het verkrijgen van een ontheffing als bedoeld in het artikel 3.5.3 bestaat aanspraak op teruggaaf van de leges. De teruggaaf bedraagt:

10%

3.5.4

Voor het in behandeling nemen van een aanvraag tot het verkrijgen van een vergunning voor het houden van een evenement als bedoeld in artikel 2:25, eerste lid, van de Algemene Plaatselijke Verordening bedraagt het tarief:

3.5.4.a voor een evenement, als deze in de Regionale Kalender is aangeduid als risicoevenement (categorie C)

€ 5.610

3.5.4.b voor een evenement, als deze in de Regionale Kalender is aangeduid als aandachtevenement (categorie B)

€ 2.805

3.5.4.c voor evenementen waarvoor bovenstaande classificering niet geldt

€ 459

3.5.4.d Bij intrekking van een ingediende aanvraag tot het verkrijgen van een vergunning als bedoeld in het artikel 3.5.4 bestaat aanspraak op teruggaaf van de leges. De teruggaaf bedraagt:

10%

Paragraaf 3.6 Standplaatsen VTH 3.6.1

Voor het in behandeling nemen van een aanvraag tot het verkrijgen van een standplaatsvergunning zoals bedoeld in artikel 5:18, eerste lid van de Algemene Plaatselijke Verordening en Verordening en het Standplaatsenbeleid 2019, bedraagt het tarief:

3.6.1.a Voor een vergunning voor een jaarrond of seizoen standplaats

€ 714,00

3.6.1.b Voor een vergunning voor een incidentele :

€ 131,38

3.6.2

Voor een vergunning voor een standplaats op een weekmarkt zoals bedoeld in artikel 3 van de marktverordening gemeente Haarlem 2014.

€ 189,71

Paragraaf 3.7 Huisvestingswet 2014 VTH 3.7.1

VTH

37

Voor het in behandeling nemen van een aanvraag tot verkrijgen van een vergunning bedraagt het tarief:

3.7.1.a voor het onttrekken van woonruimte aan de bestemming tot bewoning, voor het omzetten van zelfstandige woonruimte in onzelfstandige woonruimte of voor het verbouwen van woonruimte tot twee of meer woonruimten als bedoeld in artikel 21, aanhef en onder a, van de Huisvestingswet jo. artikel 3.1.2 van de Huisvestingsverordening Zuid-Kennemerland/IJmond: Haarlem (onttrekken, omzetten en woningvormen)

€ 852,60

voor een splitsingsvergunning als bedoeld in artikel 22 van de Huisvestingswet jo. VTH 3.7.1.b artikel 3.2.2 van de Huisvestingsverordening Zuid-Kennemerland/IJmond: Haarlem (splitsen in appartementsrechten) VTH 3.7.1.c voor een vergunning opkoopbescherming, als bedoeld in artikel 41 van de

€ 852,60 € 356,15

Huisvestingswet, en artikel 3.4.3. van de Huisvestingsverordening ZuidKennemerland/IJmond (aangekochte koopwoningen verhuren) VTH 3.7.1.d Bij intrekking van een ingediende aanvraag om een vergunning als bedoeld in het artikel 3.7.1 bestaat aanspraak op teruggaaf van een deel van de leges, met dien verstande dat het tarief van de verschuldigde leges minimaal € 100 euro blijft. De teruggaaf bedraagt:

40%

Paragraaf 3.8 Overig Kinderopvang en Gastouderbureau VTH 3.8

Het tarief voor het in behandeling nemen van een verzoek tot registratie of wijziging in het landelijk register van een kinderopvang als bedoeld in artikel 1.45 van de Wet kinderopvang bedraagt:

3.8.1.a Voor de registratie van kinderopvang voor een kindercentrum/ gastouderbureau als bedoeld in artikel 1.45 eerste lid Wet kinderopvang:

€ 1.697,28

3.8.1.b Indien het verzoek voor een kindercentrum of gastouderbureau wordt ingetrokken of onvolledig verklaard, voordat de wettelijk verplichte inspectie door de GGD heeft plaatsgehad, wordt het legesbedrag van artikel 3.8.1.a verminderd met:

€ 1.434,12

3.8.1.c Indien het verzoek tot registratie in het landelijk register kinderopvang wordt ingetrokken voordat de wettelijk verplichte inspectie op locatie door de GGD heeft plaatsgehad, maar de inspectie op papier wel al is uitgevoerd, wordt het bedrag in 3.8.1a verminderd met:

€ 981,24

3.8.2.a Voor het in behandeling nemen van een verzoek tot registratie in het landelijk register kinderopvang voor een gastouder als bedoeld in artikel 1.45 tweede lid, van de Wet kinderopvang: Dit bedrag wordt ook in rekening gebracht als het verzoek wordt ingetrokken dan wel onvolledig verklaard.

€ 618,12

3.8.2.b Voor het in behandeling nemen van een verzoek tot registratie in het landelijk register kinderopvang voor een gastouder als bedoeld in artikel 1.45 tweede lid van de Wet kinderopvang, waarbij een verkort onderzoek volstaat

€ 482,46

3.8.3

Een verzoek tot wijziging in het landelijk register kinderopvang voor kindplaatsen en/of van de houder als bedoeld in artikel 1.47 eerste lid van de Wet kinderopvang en/of voor registratie van voorschoolse educatie als bedoeld in artikel 1.46 vierde lid van de Wet Kinderopvang:

€ 432,48

3.8.4

Een verzoek tot wijziging in het landelijk register kinderopvang voor verhuizing gastouderbureau als bedoeld in artikel 1.47 eerste lid van de Wet kinderopvang:

€ 131,58

3.8.5.

Een verzoek tot wijziging in het landelijk register kinderopvang anders dan genoemd in 3.8.3 en 3.8.4:

Overige ontheffingen of vergunningen VTH

38

nihil

3.9.1

Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van een aanvraag tot het verkrijgen van een vergunning voor personenvervoer als bedoeld in artikel 2.8 van de Algemene Plaatselijke Verordening

€ 257,04

3.9.2

Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van een aanvraag tot het verkrijgen van een andere, in deze hoofdstuk niet benoemde vergunning, ontheffing of andere beschikking

€ 455,11

3.9.3

Onverminderd het bepaalde in de andere artikelen van dit hoofdstuk wordt voor het in behandeling nemen van aanvullende gegevens die worden ingediend nadat de aanvraag voor een vergunning / ontheffing in behandeling is genomen van artikel 3.3.1, 3.3.2, 3.4, 3.5.1, 3.6.1, 3.7, 3.8, het tarief verhoogd met:

€ 66,53

3.9.4

Teruggaaf

3.9.4.a Voor alle aanvragen onder hoofdstuk 3 geldt, tenzij anders aangegeven, dat als de aanvraag buiten behandeling wordt gesteld dan wel deze wordt ingetrokken voor de fase buiten behandeling, er aanspraak bestaat op teruggaaf van:

90%

van de op grond van die aanvraag verschuldigde leges, met dien verstande dat ten minste een bedrag verschuldigd blijft van:

€ 102,00

Voor aanvragen waarvoor de leges minder bedragen dan het hiervoor genoemde minimaal verschuldigde bedrag, bestaat er geen recht op teruggaaf. Voor intrekking na de fase buiten behandeling geldt indien van toepassing het % zoals weergegeven bij het desbetreffende artikel. KCC 3.9.5.

Voor het in behandeling nemen van een aanvraag om ontheffing voor straatoptreden, als bedoeld in artikel 2:9, lid 3 APV voor meer dan één dag

Behorende bij raadsbesluit van 18 december 2025. De griffier van Haarlem,

39

€ 19,64

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/16266268/1