06 Bijlage 5 1 Dienstverleningsovereenkomst Centraal Loket 1 0 Zero-Emissiezone
Tekst van het document
Dienstverleningsovereenkomst Centraal Loket 1.0 Zero-Emissiezone (2024/1621455)
ONDERGETEKENDEN 1. De publiekrechtelijke rechtspersoon gemeente Amsterdam, gevestigd aan Amstel 1, 1011 PN te Amsterdam, te dezen rechtsgeldig vertegenwoordigd door mevrouw Josette Vallentgoed – Udo, hierna te noemen: ‘Amsterdam’, 2. De publiekrechtelijke rechtspersoon gemeente Haarlem, gevestigd aan de Grote Markt 2 (2011RD) te Haarlem, te dezen rechtsgeldig vertegenwoordig door de heer drs. J. Wienen hierna te noemen: ‘Gemeente”, Hierna allen gezamenlijk te noemen ‘partijen’: OVERWEGINGEN •
Bedrijven, overheden en kennisinstellingen hebben in 2014 een convenant gesloten om de stedelijke logistiek efficiënter en duurzamer te maken: de Green Deal Zero Emission Stadslogistiek (ZES). Vanuit deze Green Deal ZES zijn in de afgelopen jaren diverse regionale pilots uitgevoerd met innovatieve logistieke concepten om stadskernen efficiënter en duurzamer te bevoorraden.Met het Klimaatakkoord (28 juni 2019) hebben de doelstellingen van de Green Deal ZES een nieuwe impuls gekregen. Het Klimaatakkoord zet in op een versnelling naar een volledig emissievrije stadslogistiek: de zero-emissie stadslogistiek. Deze doelstellingen wettelijk zijn vastgelegd in artikel 2 van de Klimaatwet. Dit gebeurt met het instellen van (middel)grote zero-emissiezones voor vracht- en bestelauto’s in dertig tot veertig grotere gemeenten vanaf 2025. Deze afspraken zijn een belangrijke aanjager voor emissieloos transport in Nederland in 2050.
•
In de Uitvoeringsagenda Stadslogistiek van 27 november 2020 hebben gemeenten, de rijksoverheid en andere stakeholders zich gezamenlijk gecommitteerd aan het bevorderen van de invoering van zero-emissiezones voor stadslogistiek in 2025. Deze samenwerking richt zich onder meer op de totstandkoming en implementatie van eenduidige ‘regels’ voor de invoering van zero-emissiezones en het inventariseren en onderzoeken van knelpunten en oplossingsrichtingen bij de invoering van zero-emissiezones.
•
Een van de afspraken uit de Uitvoeringsagenda Stadslogistiek is dat gemeenten en het ministerie van Infrastructuur & Waterstaat (hierna: ‘IenW’) samenwerken aan een zo uniform mogelijk ontheffingen-/vrijstellingensysteem, bij voorkeur met een gezamenlijk of landelijk loket. Een centraal loket en gemeenschappelijk ontheffingenbeleid voorzien in de behoefte bij bedrijfsleven en gemeenten om eenduidig, transparant en klantvriendelijk ontheffingen aan te vragen. Op verzoek van IenW ontwikkelt de Dienst Wegverkeer (hierna: ‘de RDW’) het Centraal Loket dat op termijn wordt opengesteld.
•
Op 6 juni 2023 is er tussen IenW, de RDW, Service Huis Parkeren en Verblijven (SHPV) en gemeenten een intentieovereenkomst gesloten waarin partijen de intentie hebben afgesproken om zo spoedig mogelijk maar uiterlijk 1 juli 2024 Centraal Loket te realiseren
1
waarbij de RDW namens gemeenten met een zero-emissiezone ontheffingen voor die zones zal verlenen. •
Omdat deze intentie niet wordt behaald stellen de G4 per 1 juli 2024 een Centraal Loket 1.0 open, zodat aanvragers alsnog ruim voor de invoeringsdatum van de zeroemissiezones ontheffingen kunnen aanvragen en eventuele bezwaarprocedures kunnen voeren. Daarmee weten ondernemers zo snel mogelijk waar zij aan toe zijn.
DEFINITIES Het moment dat Gemeente aansluit bij het Centraal Loket 1.0. Het eerste gedeelte van de aanvraag van een ontheffing, waarin wordt beoordeeld of de aanvraag voldoet aan de eisen voor het in behandeling nemen ervan als bedoeld in afdeling 4.1.1 van de Algemene wet bestuursrecht (de ontvankelijkheidstoets) Behandelingsproces De inhoudelijke behandeling en beoordeling van een ontheffingsaanvraag op centraal niveau (voor de geharmoniseerde ontheffingen) of op gemeentelijk niveau (voor de ontheffing in verband met bedrijfseconomische omstandigheden of waarbij toepassing wordt gegeven aan de afwijkingsbevoegdheid) die kan leiden tot een afgegeven ontheffing. Bekendmakingproces De in de Algemene wet bestuursrecht voorschreven bekendmaking van de ontheffing aan de aanvrager. Beroep Het rechtsmiddel als bedoeld in hoofdstuk 8 van de Algemene wet bestuursrecht. Bezwaarproces De bezwaarschriftenprocedure zoals bedoeld in de Algemene wet bestuursrecht. Centraal Loket 1.0 De te ontwikkelen omgeving, bestaande uit meerdere componenten (zoals een landingspagina, kentekenchecker, achterliggende softwareapplicatie Cleopatra, een klantcontactcentrum, centraal behandelteam, koppelingen met externe registers/databases), voor het aanvragen, behandelen en bekendmaking van ontheffingen voor zero- emissiezones.
Cleopatra Softwareapplicatie van Amsterdam voor het aanvragen, behandelen en bekendmaken van ontheffingen in verband met de toegang tot zeroemissiezones. Deelnemende partijen Alle gemeenten die diensten van Amsterdam afnemen in het kader van het Centraal loket 1.0, inclusief Amsterdam als dienstverlener. Deponeringsproces Het deponeren van de toegekende ontheffing in het NPR. DVO Onderhavige overeenkomst KCC Het klantcontactcentrum zijnde de telefonische ingang waar algemene vragen kunnen worden gesteld en beantwoord. NPR Het Nationaal Parkeer Register waar verblijfsrechten voor zeroemissiezones worden gedeponeerd ten behoeve van handhaving door gemeenten. Ontheffing Een ontheffing als bedoeld in de artikelen 86c, 86d, 86e en 87 van het Reglement verkeersregels en verkeerstekens 1990. Ontheffingenbeleid Het landelijk geharmoniseerde gemeentelijk ontheffingenbeleid zeroemissiezone dat in overleg tussen gemeenten tot stand is gekomen en in iedere gemeente is vastgesteld. Verkeersbesluit Besluit van de wegbeheerder om verkeerstekens te plaatsen en/of fysieke maatregelen te treffen ten behoeve van de ruimtelijke begrenzing en inrichting van zero-emissiezones. Aansluiting Aanvraagproces
2
Artikel 1 - Doel van de overeenkomst In deze overeenkomst maken partijen afspraken over de diensten die Amsterdam zal verlenen aan Gemeente, en de voorwaarden waaronder Gemeente deze diensten kan afnemen, in het kader van het tot stand brengen en in stand houden van het Centraal Loket 1.0 met als doel een uniforme en efficiënte afhandeling van ontheffingsaanvragen voor zero-emissiezones voor bedrijfsen vrachtauto’s op grond van het ontheffingenbeleid. Artikel 2 –Taken en verantwoordelijkheden 1. Amsterdam zorgt ervoor het Centraal Loket 1.0 tot stand te brengen en in stand te houden. 2. Amsterdam zal het Centraal Loket 1.0. voorzien van een KCC waar algemene vragen gesteld kunnen worden. 3. Voor wat betreft paragraaf 1 en 2 van het ontheffingenbeleid is Amsterdam verantwoordelijk voor het uitvoeren van het aanvraag-, behandelings- bekendmakings-, bezwaar- en deponeringsproces. 4. Voor wat betreft de ontheffingen op basis van de artikelen 12 en 13 van het ontheffingenbeleid is Amsterdam verantwoordelijk voor het uitvoeren van het aanvraag-, bekendmakings- en deponeringsproces, en is Gemeente verantwoordelijk voor het uitvoeren van het behandelings- en bezwaarproces. Amsterdam zal Gemeente hierin faciliteren door het openstellen van een inlogmogelijkheid in de backend portal met twee-factor-authenticatie (2FA). 5.
Gemeente blijft zelf verantwoordelijk voor het voeren van verweer in eventuele beroepsprocedures, omdat Amsterdam in alle bovengenoemde gevallen niet instemt met een mandaat voor beroep. 6. Ontheffingsaanvragen worden uitsluitend beoordeeld op grond van het ontheffingenbeleid. Aanvragers worden in de ontheffing erop gewezen dat er eventueel andere ontheffingen in bepaalde gemeente(s) nodig zijn in verband met andere beperkingen dan emissies, zoals bijvoorbeeld gewichtsbeperking van een voertuig of laad- en losvenstertijden, die deze aanvragers dan zelf bij die gemeente(s) dienen aan te vragen. Artikel 3 Aansluitvoorwaarden 1. Gemeente dient voor datum aansluiting een mandaatbesluit voor de uitvoering van het ontheffingenbeleid vast te stellen en partijen dienen voor datum aansluiting onderhavige dienstverleningsovereenkomst te ondertekenen. 2. Gemeente stemt ermee in dat aanvragen uitsluitend worden beoordeeld op grond van het ontheffingenbeleid met uitzondering van de afwijkingsmogelijkheid. 3. Gemeente waarborgt de inrichting van haar eigen klantcontactcentrum, waarbij Amsterdam ondersteuning biedt, onder meer in de vorm van een vraag- en antwoorddocument. 4. Gemeente biedt aan dat aanvragen worden afgehandeld via het Centraal Loket 1.0. 5.
Gemeente waarborgt dat sprake is van zorgvuldige gegevensverwerking, een juiste toepassing van de Algemene Verordening Gegevensbescherming en Algemene wet bestuursrecht, door middel van een privacy protocol, een verwerkersovereenkomst en een DPIA. Artikel 4 – Rapportage Amsterdam verstrekt jaarlijks een rapportage over - het aantal aanvragen; - het aantal aanvragen uitgesplitst naar type ontheffing; - status van de aanvragen (toewijzen of afwijzen); - financiële exploitatie van het Centraal Loket 1.0. Artikel 5 - Mandaat ontheffingverlening en bezwaar 1. Gemeente mandateert en machtigt bij separaat besluit Amsterdam voor het uitvoeren van het ontheffingenbeleid ten behoeve van aansluiting van gemeente bij het Centraal Loket 1.0. Amsterdam zorgt hiertoe voor een conceptmandaatbesluit en een instructie. 2. In verband met de uitvoering van het ontheffingenbeleid en de afdoening van bezwaarprocedures zal het college van B&W van Amsterdam de bevoegdheid om in haar naam
3
besluiten te nemen op aanvragen voor ontheffingen en op bezwaarschriften ondermandateren aan functionarissen bij de gemeente Amsterdam. 3. Het mandaat om aanvragen inhoudelijk te behandelen en te beslissen zal niet gelden voor de ontheffingen als bedoeld in artikel 12 en 13 van het ontheffingenbeleid. 4. Het Centraal Loket 1.0 faciliteert met betrekking tot de in lid drie bedoelde ontheffingen alleen het aanvraag-, bekendmakings- en deponeringsproces. 5. Amsterdam stemt niet in met een mandaat in het kader van de beroepsprocedures rondom ontheffingen. Alle partijen zijn hier zelf verantwoordelijk voor. Artikel 6 - Leges 1. Amsterdam zorgt voor de grondslag om leges te mogen innen in de legesverordening ten behoeve van de behandeling van de ontheffingsaanvragen op grond van het ontheffingenbeleid, waarbij: o Een langdurige ontheffing als bedoeld in § 1 van het ontheffingenbeleid, met uitzondering van de ontheffing voor particuliere bedrijfs- en vrachtauto's als bedoeld in artikel 7: €100,00 gaat kosten vanaf 1 juli 2024. o Een langdurige ontheffing voor particuliere bedrijfs- of vrachtauto's als bedoeld in artikel 7 van het ontheffingenbeleid: € 60,00 2.
Gemeente zorgt voor de grondslag om leges te mogen heffen in de legesverordening ten behoeve van het in behandeling nemen van de ontheffingsaanvragen op grond van het ontheffingenbeleid bij het Centraal loket en wijst binnen Amsterdam daarvoor een heffings- en invorderingsambtenaar aan, waarbij een landelijk geharmoniseerd tarief gaat gelden van: o Dagontheffing als bedoeld in § 2 van het ontheffingenbeleid: € 30,00 o Ontheffing in verband met bedrijfseconomische omstandigheden als bedoeld in artikel 12 van het ontheffingenbeleid: €250,00 o Ontheffing waarbij toepassing wordt gegeven aan de afwijkingsbevoegdheid als bedoeld in artikel 13 van het ontheffingenbeleid: €250,00 3. Partijen kunnen voor aanvragen die bij de gemeente zelf binnen komen en daar ook worden afgehandeld een eigen tarief stellen. 4. Partijen dienen hun legesverordening dienovereenkomstig aan te passen. Amsterdam draagt zorg voor een voorbeeldbepaling tot aanvulling van de legesverordening. 5. Partijen zorgen ervoor dat de leges niet zelfstandig worden geindexeerd zodat de bedragen niet uiteen gaan lopen. 6. Gemeente wijst via een apart Aanwijzingsbesluit heffings- en invorderingsambtenaar centraal loket leges ontheffing nul-emissiezone de directeur Dienstverlening en de managers stadsdelen van de gemeente Amsterdam aan tot heffings- en invorderingsambtenaar. 7.
Partijen komen daarnaast een aparte Dienstverleningsovereenkomst zonder aanspraak op loon overeen waarin wordt afgesproken dat de de heffings- en invorderingsambtenaar geen aanspraak op loon heeft. 8. Indien de gemeente op het moment van aansluiten niet heeft voldaan aan het bepaalde in lid 2, 6 en 7, zal Amsterdam geen leges heffen voor de gemeente voor de in artikel 2 bedoelde ontheffingen. Amsterdam zal de gemiste legesinkomsten doorbelasten. Artikel 7 – Verrekening 1. De leges als bedoeld in artikel 6 dienen ter dekking van de kosten van de dienstverlening. Maximaal 95 % van deze kosten mogen door leges worden gedekt. 2. Amsterdam maakt vooraf middels een jaarlijks uiterlijk op 1 september aan deelnemende partijen te verstrekken exploitatieraming inzichtelijk hoe de geraamde toerekening van te maken kosten aan de leges opgebouwd is. 3. In het geval de leges niet alle kosten van het Centraal Loket 1.0 afdekken, zal Amsterdam een aanvullende bijdrage vragen aan alle deelnemende partijen. Uiterlijk 1 februari maakt Amsterdam de balans op en verstrekt een opgave van alle exploitatiekosten en baten. Een eventueel batig of schuldig saldo wordt verrekend met alle deelnemende partijen. Indien BTW van toepassing is zal dat meegenomen worden in de afrekening.
4
Artikel 8 - Samenwerking met derde partijen 1. Ten behoeve van de realisering en exploitatie van Centraal Loket 1.0 werken partijen samen met derde partijen zoals de RDW en SHPV. 2. Voor de advisering omtrent de behandeling van de aanvraag voor ontheffing in verband met bedrijfseconomische omstandigheden spreken partijen af samen te werken met een geselecteerd extern financieel adviesbureau. Dit bureau wordt voor alle deelnemende gemeenten centraal geselecteerd door SHPV en adviseert gemeenten bij de aanvragen voor ontheffing op basis van bedrijfseconomische omstandigheden. Artikel 9 - Vrijwaring 1.Partijen doen bij deze afstand van alle aansprakelijkheid die zij tegenover elkaar kunnen doen gelden wegens door hen geleden schade als gevolg van de uitvoering van deze dienstverleningsovereenkomst, behoudens opzet of grove schuld aan de zijde van een partij. 2. Partijen vrijwaren elkaar over en weer voor alle aanspraken van aanvragers tot vergoeding van schade, geleden ten gevolge van de uitvoering van deze dienstverleningsovereenkomst, behoudens opzet of grove schuld aan de zijde van een partij. Artikel 10 – Aansprakelijkheid 1. Amsterdam spant zich het Centraal Loket 1.0 per 1 juli 2024 operationeel te hebben en houden. 2. Amsterdam is niet aansprakelijk voor eventuele schade als gevolg van het niet pp tijd operationeel zijn van het Centraal Loket 1.0.
Artikel 11 - Wijziging overeenkomst 1. Partijen kunnen de dienstverleningsovereenkomst na wederzijdse instemming tussentijds schriftelijk wijzigen. 2. De dienstverleningsovereenkomst wordt gewijzigd indien tussentijds gewijzigd ontheffingenbeleid daartoe aanleiding geeft. 3. De dienstverleningsovereenkomst wordt gewijzigd indien de tarieven bedoeld in artikel 6 en dus de legesverordeningen wijzigen. 4. Het aangaan van andere dan in deze overeenkomst aangegane verplichtingen onder de dienstverleningsovereenkomst, anders dan de dienstverleningsovereenkomst heffings- en invorderingsambtenaar, vindt uitsluitend plaats na overleg tussen de partijen. Artikel 12 - Geschillenafhandeling 1. Er is sprake van een geschil zodra een partij dit schriftelijk en gemotiveerd aan de andere partij meldt. 2. In eerste instantie wordt op uitvoeringsniveau gezocht naar een oplossing in geval van een geschil. Als er geen oplossing wordt bereikt, vindt tussen partijen overleg plaats op directieniveau. Als op directieniveau geen overeenstemming wordt bereikt, vindt tussen partijen overleg plaats op bestuurlijk niveau. Als op bestuurlijk niveau geen overeenstemming wordt bereikt, is iedere partij gerechtigd het geschil voor te leggen aan de bevoegde rechter te Den Haag, tenzij partijen een andere wijze van geschilbeslechting overeenkomen zoals mediation of bindend advies.
Artikel 13 - Datum van inwerkingtreding en duur van de overeenkomst 1. Deze overeenkomst wordt voor onbepaalde tijd aangegaan, en treedt in werking als beide partijen hebben ondertekend. 2. Mocht er een ander systeem vergelijkbaar met het Centraal Loket 1.0 gerealiseerd en geaccepteerd zijn, en de G4 besluit tot migratie naar dat systeem, dan zal de dienstverleningsovereenkomst door Amsterdam met inachtneming van een opzegtermijn van drie maanden worden beëindigd. 3. Partijen verlenen volledige medewerking indien een van de partijen besluit om deze overeenkomst op te zeggen en de samenwerking te beëindigen met inachtneming van een
5
opzegtermijn van drie maanden. Lopende verplichtingen waaronder een verrekening als bedoeld in artikel 7 worden afgehandeld. 4. Rechtsgevolgen die voortvloeien uit deze overeenkomst en die naar hun aard geacht worden na beëindiging door te werken of eventueel na beëindiging ontstaan, worden afgehandeld in overeenstemming met het bepaalde in of de intentie van deze dienstverleningsovereenkomst. Artikel 14 – Bijlagen 1. De volgende bijlagen maken integraal onderdeel uit van dienstverleningsovereenkomst: -Verwerkersovereenkomst 2. Bij wijzigingen wordt de betreffende bijlage vervangen door de gewijzigde versie.
3. Bij strijdigheid tussen het bepaalde in een bijlage en deze dienstverleningsovereenkomst prevaleert deze dienstverleningsovereenkomst. Indien partijen de strijdigheid in de bijlage expliciet hebben benoemd en de bijlage hebben gedateerd en geparafeerd, prevaleert de bijlage.
Deze Dienstverleningsovereenkomst is in tweevoud opgesteld en ondertekend te Haarlem op 5 november 2024.
Datum:
Amsterdam Datum: 5 november 2024 Gemeente Haarlem de burgemeester,
drs. J. Wienen
6