CConstaterende datHaarlem
Koppel je AI →
Document · PDF

06-23-transcript-raad-23-juni

gemeenteraad 23 juni 2022, gemeente Haarlem22.533 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 1 van 3

TRANSCRIPT VAN DE RAADSVERGADERING VAN GEMEENTE HAARLEM d.d. 23 juni 2022

1.

Opening en mededelingen

De voorzitter: Dames en heren. Ik heet u allemaal hartelijk welkom bij deze vergadering van de raad van de stad Haarlem. En er ligt … Deze vergadering is gewijd aan de behandeling van het jaarverslag en de jaarrekening 2021. Anders dan voorgaande jaren is er dit keer geen Duisenberg onderzoeksrapport ter bespreking, maar we komen wel op oude aanbevelingen terug. Namelijk een voorstel van de rapporteurs inzake opvolging van eerder aangenomen aanbevelingen. Omdat dat zo was, heeft het presidium in haar wijsheid gezegd, dan kan de spreektijd ook iets korter zijn en wellicht zijn we redelijk op tijd klaar. Maar we zullen het zien. Extra aanwezig in ons midden in de accountant, de heer Arjan Schutgens. Heel hartelijk welkom. Het gebeurt heel weinig dat in de vergadering van de raad een niet-lid van de raad en niet-lid van het college aanwezig is. Maar we zijn blij dat u er bent om een toelichting te geven op het verslag van de accountant en om vragen te beantwoorden. Wij spreken straks volgens de gebruikelijke volgorde. Eerst de oppositie, dan de coalitiepartijen en dat om en om op grootte. En misschien ook goed dat u zich realiseert dat de vragen die u stelt aan de accountant ook spreektijd kosten. 2.

Vaststellen van de agenda

De voorzitter: Het voorstel is om agendapunt 3 te laten vervallen. Want er is niets waarover geheimhouding kan worden opgelegd, bekrachtigd of opgeheven. Kunt u zich verder vinden in de agenda? Dat is het geval. Hamerstuk met stemverklaring 4.

Begroting 2023 en het meerjarenperspectief 2024-2027 gemeenschappelijke regeling Cocensus

De voorzitter: Dan gaan wij naar agendapunt 4. En dat is de begroting 2023, meerjarenperspectief 2024-2027 van de gemeenschappelijke regeling Cocensus. En daar is alleen een stemverklaring over heb ik begrepen. De heer Drost. De heer Drost: Ja, even van de orde. Er is iemand aanwezig, maar er is ook nog iemand tijdelijk afwezig en dat is mevrouw Schneiders-Spoor. Even ter informatie. De voorzitter: Aha. Dit is niet de stemverklaring, maar dit is een mededeling. Dank u wel. Fijn dat ze nog wel komt. Ik zie trouwens nu dat er daar nog een stoel leeg is. Dus misschien betekent dat dat er … Eens even kijken. Mevrouw Hartman, aha. Nee, die zit er wel. De heer …: Oh, sorry, sorry, sorry. De voorzitter: De heer Van den Raadt is er niet. Oké. Nou wij worstelen ons toch door deze vergadering heen dan. En wellicht komt die ook nog. Dan zijn wij nog steeds bij agendapu… Oh, hij is ziek, dus hij komt niet meer. Oké. Dan wensen we hem beterschap, want wellicht volgt hij onze vergadering. Dan zijn we nog steeds bij agendapunt 4, want ik heb nog steeds geen stemverklaring gehoord. En iemand wilde volgens mij een stemverklaring geven. Aha. Nou, we stellen het gewoon vast.

1

Bespreekpunten De voorzitter: Dan gaan we door naar de bespreekpunten. 1.1 Toelichting accountant op accountantsverslag en controle en gelegenheid tot stellen van vragen De voorzitter: En het eerste punt daarin is agendapunt 5.1, de toelichting van de accountant op het accountantsverslag en de controle die hij heeft uitgevoerd en gelegenheid tot het stellen van vragen. Ik wil graag het woord geven aan de heer Schutgens. De heer Schutgens: Ja, dank u wel. Ik ga even staan, want het is best een grote zaal. En volgens mij hebben heel veel mensen mij … Een aantal heb al gezien tijdens een eerst raadsinformatiebijeenkomst. Een heel aantal mensen natuurlijk nog niet. Mijn naam is Arjan Schutgens, eindverantwoordelijke ook voor de controle van uw gemeente. We hebben dit voor het tweede jaar gedaan dit jaar. Dus afgelopen jaar, een eerstejaarscontrole is altijd een heel intensief proces. En we zien eigenlijk nu in zo’n tweede jaar dat die samenwerking toch steeds meer mooie vormen eigenlijk aanneemt en dat we dus toch wel zien dat dat proces steeds efficiënter en ook beter loopt. Dus ook weer voldoende redenen nog steeds om wel te blijven evalueren om te zien waar het nog steeds beter kan natuurlijk. Wij hebben gisteren een controleverklaring verstrekt. Dat is een verklaring met een goedkeurend oordeel op getrouwheid en op rechtmatigheid.

En eigenlijk betekent dat dat de jaarrekening die u vanavond gaat behandelen, dat de cijfers die daarin staan, dat die getrouw zijn. Dus juist en volledig, maar ook dat die voldoet aan de verslaggevingsvoorschriften. En dat betekent dat de bestedingen daarin voldoen aan de wet- en regelgeving die daarvoor van toepassing is. En die heeft u ook eerder dit jaar of vorig jaar vastgesteld in uw controleprotocol. Als we dan even terugblikken naar de voorgaande auditcommissie, dan hebben we met die auditcommissie een auditplan afgesproken met een aantal thema’s en aandachtpunten voor de controle. En ik wil eigenlijk met name even stilstaan bij die drie thema’s. Want u heeft het verslag kunnen zien, het is best een lijvig en omvangrijk verslag, omdat daar ook gewoon heel veel verplichte rapporteringsthema’s in terugkomen. En ik wil eigenlijk stilstaan bij de grondexploitatie, het sociale domein en de Europese aanbestedingen. Ook drie thema’s die eigenlijk bij veel gemeenten ook elk jaar wel terugkomen en waar de foutgevoeligheid op rechtmatigheidsfouten of getrouwheidsfouten eigenlijk ook al altijd het grootste is. Nou, als we even kijken naar de grondexploitatie, dan zien we eigenlijk dat die, als we kijken naar de omvang van uw gemeente en de omvang van die grondpositie, nou dat die redelijk goed te overzien is.

Met korte doorlooptijden naar de toekomst en ook veelal winstgevende projecties daarin. Toch is het altijd goed om met name naar de toekomstige prognoses van opbrengsten en kosten om daar goed naar te kijken en om te kijken of dat plausibel is. Dus we hebben daar ook onze specialisten van Deloitte Real Estate ingezet om met ons mee te kijken. En daar komen in ieder geval geen bevindingen uit die van invloed zijn op uw jaarrekening. Tweede thema. Ik zal eerst even de Europese aanbestedingen nog behandelen. We zien ook elk jaar terug dat daar ook bij jullie gemeente rechtmatigheidsfouten uit naar voren komen. Dus feitelijk dat inkopen die gedaan worden niet in overeenstemming zijn met de, ja, daarvoor geldende aanbestedingsregels. We zien wel dat die fout afgenomen is, van 3,5 miljoen naar 2,4 miljoen. Dus dat is ook eigenlijk wel de trend, zoals we die ook met elkaar hadden willen zien en ingezet zijn, ingezet hebben. En wat we ook zien is dat daar met name fouten naar voren komen, ja, die voortkomen uit contracten die in het verleden al onrechtmatig zijn aanbesteed. Dus dat is wel goed om te zien dat er geen nieuwe aanbestedingsfouten of onrechtmatige inkopen hebben plaatsgevonden. En we zien ook dat dit één van de thema’s is die de ambtelijke organisatie als een prioriteit heeft benoemd en daar ook heel gericht acties op uitzet.

Het laatste onderwerp wat ik nog even toelicht, gaat over het sociale domein. Ja, ook daar zien we dat gemeenten en u ook afhankelijk bent van zorgaanbieders. Dus je bent afhankelijk van de productieverantwoording en de controleverklaringen die daarbij komen. Ja, en

2

die afhankelijke positie betekent dus ook dat wanneer er geen controleverklaring bij zo’n productieverantwoording zit, dat u als gemeente eigenlijk weinig weet, te weinig weet, over de prestatielevering van die zorg. En u neemt deze zelf, kwantificeert u deze al als onzeker. En wij nemen die onzekerheid ook over. Dat geldt dan heel specifiek voor de zorg in natura. En als we dan kijken naar de persoonsgebonden budgetten, dan zien we dat u afgelopen jaar wel interne controles heeft kunnen verrichten om die totale onzekerheid van die geldstroom terug te brengen. Nou, van de ene kant is dat natuurlijk heel positief. Van de andere kant zien we ook dat er naar aanleiding van dat onderzoek bevindingen zijn geconstateerd die u zelf ook als fout meeneemt en kwantificeert. Nou die ziet u ook in ons verslag terug. Dus wij nemen dat ook over als fouten en onzekerheden. Maar het is wel goed ook om komend jaar te zien van, ja, wat zijn dat nou voor fouten en wat gaan we nou daaraan in de toekomst doen om die fouten zeg maar verder terug te dringen. Dan wil ik afsluiten met een toelichting die we hebben opgenomen over de financiële positie. Wij hebben in de raadsintroductie of de startbijeenkomst zijn we daar wat uitvoeriger bij stilgestaan bij de ontwikkeling van uw financiële positie.

Als we kijken in de jaarrekening 2021 dan valt echt op dat het gerealiseerd saldo van baten en lasten en het gerealiseerd resultaat fors hoger is dan het begrote resultaat. Wij merken dat overigens bij heel veel gemeenten op. Hoeveel honderdduizend plus gemeenten zien we dat dat toch wel een trend aan het worden is. En enerzijds is dat goed te verklaren. Door incidentele baten, uitkeringen van de rijksoverheid, die pas relatief laat in het jaar bekend worden gemaakt, waar je dus eigenlijk in je laatste begrotingswijziging onvoldoende op zou kunnen inspelen. Van de andere kant zien we ook over de gehele linie, ook in jullie jaarverslag, dat daar een onder uitputting plaatsvindt aan de kostenkant. Dus dan stellen wij ook de vraag van, hé we zien dat daar bepaalde activiteiten worden gepland en daaraan kosten worden geraamd en dat dat niet gerealiseerd wordt. En dan is de vraag, ja, is dat wel mogelijk met de ambtelijke organisatie, de capaciteit die je hebt, om al die activiteiten die gepland waren ook uit te kunnen voeren. Daar wil ik eigenlijk mee afsluiten. De voorzitter: Dan dank ik u hartelijk. Maar wellicht zijn er raadsleden die nog vragen hebben voor de accountant. Is dat het geval? Ja, de heer Smit. De heer Smit: Voorzitter, ik betreur het dat ik zittend mijn betoog moet doen, maar swa.

Geachte accountant, u schrijft dat alle baten en lasten van de gemeente zichtbaar moeten zijn in de jaarrekening en niet rechtstreeks in het eigen vermogen mogen worden gemuteerd. En daarmee constateert u dat het resultaat van alle baten en lasten 38 miljoen bedraagt. Waarom kan dan tussentijds 6 miljoen euro toegevoegd aan de reserves, waardoor aan de Haarlemmers een resultaat van 32 miljoen wordt gepresenteerd. Dat lijkt toch in tegenspraak met uw constatering? Graag uw toelichting daarop. De voorzitter: Ik kijk even of er nog andere vragen zijn? De heer Smit: Nou ik heb er nog twee. ‘…’ (buiten microfoon). De voorzitter: Oh, dan denk ik dat het beter is dat u ze even benoemd en dat u ze dan … De heer Smit: ‘…’ antwoord geven ‘…’ (buiten microfoon). De voorzitter: Jawel, maar tegelijkertijd wordt het dan … Dat kan heel lang vergen, dus ik … Stelt u gewoon uw vraag. De heer Smit: Ik stel de tweede vraag ook. In 2014 bedroeg het benodigde weerstandsvermogen van 13,3 miljoen 3 procent van de uitgaven. In 2021 is het weerstandsvermogen van 15 miljoen 2,4 procent van alle

3

uitgaven. Acht u het logisch dat de risico’s in de loop der jaren kleiner zijn geworden? Dat is vraag twee. En vraag drie is, heeft u in 2022 voldoende instrumentarium om te meten of en hoe de eerste en tweede line of defence in de ambtelijke organisatie sterker en constanter zijn gaan functioneren. Dank u wel. De voorzitter: Dank u wel. Eén moment, want er zijn nog een paar vragen. Mevrouw Oosterbroek. Mevrouw Oosterbroek: Ja. Ja, wij hadden een vraag over het auditverslag en de manier waarop we duurzaamheid, ja, verder kunnen vervlechten, dat dat ook daarin terugkomt. We hadden begrepen dat binnen de aanbesteding van het wisselen van de accountant dat daar extra om werd gevraagd. En we vroegen ons af hoe dat verder vorm krijgt? De voorzitter: De duurzaamheid in het verslag van de accountant. Goed. De heer Van Kessel. De heer Van Kessel: Ja. Dank u wel, voorzitter. En ook dank u wel aan de accountant voor dit goed werk. Ten aan zien van de zorg en de jeugdzorg worden er grote onzekerheden geconstateerd, maar er wordt ook geschreven dat er verbeteringen zijn ingezet. Kan de accountant iets meer vertellen over die verbeteringen en ook over de onzekerheden die zijn gevonden? En of hij nog ideeën heeft hoe die verbeterslag gemaakt wordt? Of hij daar ook zicht op heeft hoe dat loopt? De voorzitter: Dank u wel. Ja, mevrouw Çimen. Mevrouw Çimen: Ja. Dank u wel, voorzitter.

In het accountantsverslag wordt er ook een aanbeveling gedaan. Want we eindigen dit jaar met een toch wel onverwacht flink overschot van 32 miljoen. En de accountant verwijst ook in het verslag naar het realiteitsgehalte van de begroting en doet ook een aanbeveling om in 2022 nader onderzoek te doen naar die oorzaak van het rekeningsaldo en te bezien hoe het realiteitsgehalte en die voorspellende waarde van de begroting is te verbeteren. Nou willen we natuurlijk voorkomen dat we dit jaar precies met hetzelfde resultaat terechtkomen. Maar kan de accountant iets meer toelichten? Want wij hebben in de commissie bestuur hebben we dit eigenlijk ook gevraagd en hebben we een afpelling gekregen van waar bestaat dat bedrag nou uit? Maar hoe voorkom je nou dat je volgend jaar weer in dezelfde positie zit? Kan de accountant daar iets meer toelichting op geven? De voorzitter: Dank u wel. En let u er allemaal op dat voor de verstaanbaarheid het handig is als u de microfoon zo dicht mogelijk bij uw mond heeft. Ik kijk even rond nog of er nog meer vragen zijn voor de accountant. Op dit moment niet. Dan geef ik u het woord. De heer Schutgens: Ja, dank u wel. Ik had … Ik heb de vragen opgeschreven.

De eerste vraag heb ik … Als ik het goed heb begrepen, ging ook over de analyse tussen het saldo, of het gerealiseerd saldo van baten en lasten, en uw mutaties in het vermogen daarin en uiteindelijk het gerealiseerd resultaat. Eigenlijk is dat ook een verslaggevingstechnisch voorschrift over hoe je dat verwerkt. Dus eigenlijk gaan alle baten en lasten lopen altijd via de exploitatie en leiden dus ook tot een gerealiseerd saldo van baten en lasten. En vervolgens worden alle mutaties in de reserves die eigenlijk afgelopen jaar door de raad zijn goedgekeurd, die worden dan ook daarna verwerkt. Dat leidt per saldo tot een mutatie van zes miljoen. We zien daar een heel aantal toevoegingen aan de reserves en onttrekkingen aan reserves die in 2021 nog zijn besloten. En die leiden uiteindelijk tot een gerealiseerd resultaat. Wij gaan meestal ook bij de analyse van dat resultaat uit van het saldo van baten en lasten, dus voordat alle mutaties in de reserves zijn gedaan. Want dat saldo van baten en lasten laat ook eigenlijk zien op welke wijze je zeg maar inteert op je vermogen en wat het feitelijk resultaat is.

4

De voorzitter: Ja, ga uw gang, mijnheer Smit. De heer Smit: Verdient het dan geen voorkeur om eigenlijk het saldo van baten en lasten tot resultaat te benoemen, zichtbaar voor de Haarlemmers, en dan pas die zes miljoen af te boeken? De heer Schutgens: Nou dat zou heel goed kunnen. Alleen ja, dat is natuurlijk wel een verslaggevingstechnisch thema. Dus dat zou dan bij de commissie BBV aangekaart moeten worden of dat het … Of dat zou moeten. Dank u wel. Tweede vraag ging over het weerstandsvermogen. Eigenlijk is het weerstandsvermogen natuurlijk een redelijk subjectief begrip, want dat is een kwantificering of een analyse van de risico’s. Dat doet de organisatie zelf. En die worden gekwantificeerd naar een behoefte aan weerstandscapaciteit. Dat kan jaarlijks wijzigen. Dat kan ook wijzigen door trends die er ontstaan en ontwikkelingen waar we nu in zitten. Maar dat kunnen ook specifieke risico’s zijn voor uw gemeente. Vervolgens worden die afgezet tegen de beschikbare weerstandscapaciteit en komt daar inderdaad een ratio uit. Zo wordt dat gemeten en wordt dat ook toegelicht. Dus het kan heel goed zijn dat bepaalde risico’s en kwantificering van die risico’s in de loop van de tijd wijzigen. Ik moet daar ook bij zeggen dat wij met name ook kennis nemen van de vraag van heeft de gemeente een risicoanalyse gemaakt en de risico’s gekwantificeerd? Zoals dat ook voorgeschreven wordt.

Wij doen geen onderzoek of controle naar de betrouwbaarheid of plausibiliteit van die risico’s en de onderbouwingen daarvan. De voorzitter: Ja, een korte vervolgvraag. De heer Smit: Doet u soms vergelijkende onderzoeken tussen de gemeentes onderling als het gaat om het percentage van de ex… Van de lasten die toegerekend worden aan het risicovermogen? De heer Schutgens: Ja, we hebben een aantal benchmarks waarin we dat vergelijken. Ik heb die informatie niet paraat nu, maar wij kunnen dat … wij hebben dat wel inzichtelijk. De derde vraag die gesteld werd, ging over de vraag of wij voldoende instrumentarium hebben om inderdaad te kunnen beoordelen of die eerste en tweede line of defence of dat, en dat vertaal ik het even vrij, of daar in ieder geval de stappen in gezet kunnen worden, zoals we die ook afgelopen jaar in de managementletter hebben gerapporteerd en waar we ook een aantal deep dive sessies over hebben gehad. We hebben twee, zowel op de Europese aanbestedingen en op het sociaal domein, hebben wij met de ambtelijke organisatie een aantal workshopsessies gehad om te zien hoe die interne beheersing is ingeregeld en hoe je dat inderdaad zou kunnen versterken. Kijk, feitelijk kijken wij in die processen of daar tekortkomingen zijn in de interne beheersing. Nou die zijn er niet.

En we proberen ook samen met de organisatie te kijken welke werkzaamheden, die nu vaak door de derde lijn worden uitgevoerd, zou je kunnen vertalen naar beheersmaatregelen in de eerste en tweede lijn. Zodat je eigenlijk van detectieve naar meer preventieve maatregelen gaat. En dat kunnen wij doen aan de hand van interviews en gesprekken, en daar hebben wij ook over gerapporteerd in onze managementletter. De volgende vraag ging over het thema duurzaamheid. Het klopt inderdaad dat wij dat ook als één van de thema’s hebben laten terugkomen, omdat we ook in de uitvraag van de gemeente hebben gezien dat jullie dat ook een belangrijk thema vinden. Niet alleen het thema zelf, maar ook duurzaamheidsverslaggeving te willen laten terugkomen in het verslag. Dus wij hebben inmiddels een twee- of drietal gesprekken, interviews, gehouden, ook met de collega’s die daarbij betrokken zijn. En je ziet dat daar ook zoekende is van hoe kunnen we dat duurzaamheidsverslaggeving, hoe kunnen we dat nou invullen? Dit is wel natuurlijk iets wat zeker ook op de korte termijn de komende periode echt wel een thema wordt om daar ook transparant over te zijn.

En eigenlijk kun je dat pas goed doen op het moment dat ook de duurzaamheidsthema’s en beheersmaatregelen ook zodanig zijn ingebed in je organisatie, dat je daar ook KPI’s voor kunt formuleren en daar ook aan de voorkant kan aangeven, wat willen we daarmee bereiken. En ook in het verslag dan verantwoording kunt

5

afleggen, en wat hebben we uiteindelijk gerealiseerd. En in die fase heb ik begrepen, daar zitten jullie ook zelf in om te zoeken van, hé waar willen wij die lat leggen en hoe gaan wij dat de komende jaren invullen? De volgende vraag die ik heb opgeschreven ging over de onzekerheden in het sociaal domein. Terechte vraag ook. Die vraag krijgen wij bij heel veel auditcommissies, van wat kunnen we nou doen om die onzekerheden in die toch wel forse geldstroom om die verder terug te kunnen dringen. Wat wij vaak zien, en dat is ook wat jullie gemeente of wat uw gemeente ook doet, dat is om te kijken om de contacten met de verschillende zorgaanbieders niet alleen per jaar einde te hebben, maar ook gedurende het jaar. Dus periodiek contact, om zo goed mogelijk inzicht te krijgen in de besteding van die middelen in het sociaal domein. We zien ook dat dat gebeurt. Maar het zijn ontzettend veel zorgaanbieders. Het zijn er … Als je ziet, de aantallen, dan heb je voor tientallen zorgaanbieders van groot tot echt hele kleine zorgaanbieders waar je gewoon dan contact mee moet onderhouden, waardoor je nog steeds in een afhankelijke positie blijft. Dus ook één van de thema’s zou kunnen zijn om het aantal zorgaanbieders terug te dringen, zodat die groep ook wat overzichtelijker wordt. En dan inderdaad periodiek contact daarmee te onderhouden. De voorzitter: De heer Van Kessel.

De heer Van Kessel: Ja, en de … Dank u wel, voorzitter. De nieuwe verwerving van zorg en van jeugdzorg die is begonnen … Die is afgerond of is bijna afgerond. Heeft u nou ook nog zicht op in hoeverre dat dus tot een verbetering gaat leiden? Aangezien er nu toch minder aanbieders zijn waar de gemeente mee te dealen heeft? Heeft u daar een beeld bij? De heer Schutgens: Nee, daar heb ik op dit geen beeld bij. We hebben inderdaad gezien dat er een aanbesteding liep of loopt of is afgerond, maar die gaat inderdaad pas in zeg maar vanaf het boekjaar 2022. En ja, helaas kijken wij altijd nog even een jaar terug. Maar dat is wel één van de thema’s waar we ook over rapporteren aan onze managementletter, dat we dat hebben geconstateerd, dat we dat zien en dat we ook hopen dat daarin dus weer nieuwe afspraken of omstandigheden zijn om die geldstroom beter te beheersen. Misschien ook een thema om de onzekerheid verder terug te dringen. Dus om ook met name te kijken naar die hele grote groep aan kleine zorgaanbieders, waar je ook eigenlijk geen controleverklaring vraagt. En dan toch te kijken van, ja, vinden wij die totale geldstroom die naar de kleine aanbieders gaat, vinden wij die ook echt onzeker of zouden wij met een controle daarop die onzekerheid kunnen terugbrengen naar een veel lager niveau. En dan zul je zien dat die totale onzekerheid wel echt afneemt.

De laatste vraag die ik heb opgeschreven die ging ook inderdaad over het stukje financiële positie en de realiteitsgehalte van de begroting en hoe je dit zou kunnen verbeteren. De eerste vraag is dan natuurlijk, welke informatie heb je tussentijds, dus bij de laatste begrotingswijziging tot je beschikking om die begroting op dat moment, of het resultaat, zo te presenteren zodat het de best prognose geeft voor jaareinde. Dus dat is ook de eerste stap die je zou kunnen zetten. Daar hebben we het ook over gehad met de organisatie, van had je nou alle informatie al of had je op dat moment nog echt informatie al die je al had mee kunnen nemen? Eén van die voorbeelden is bijvoorbeeld de verwerking en mutaties van de grondexploitaties. De organisatie kiest er bijvoorbeeld bewust voor om die mutaties pas aan het eind van het jaar te verwerken. Nou dat zou één van die thema’s zijn dat als je dat naar voren haalt en ook in de laatste begrotingswijziging meeneemt, dat dat in ieder geval leidt tot minder afwijkingen aan het eind van het jaar. De voorzitter: Hartelijk dank. Nu komen er toch nieuwe vragen. Ik … Mevrouw Oosterbroek. Mevrouw Oosterbroek: Ik was een beetje laat net met de reactie. Maar ik vroeg me af, want ik heb net een statusupdate gehoord van het thema duurzaamheid binnen ook het verslag en de werkzaamheden van de

6

audit, of van de accountant. Is het ook mogelijk om dat in een paragraaf samen te vatten voor volgend jaar, wat dan de statusupdate is? De voorzitter: Mevrouw Van Zetten. Mevrouw Van Zetten: Ja. Dank u, voorzitter. Ik lees een belangrijk aandachtspunt voor u. En dat is het eigenlijk ook voor mij. Is dat de begroting … Dat u constateert dat de begroting meer gebaseerd is op de politiek bestuurlijke ambities dan de werkelijke beschikbare middelen en de capaciteit om het te realiseren. U bent nu volgens mij voor de tweede keer bezig als accountant hier. Dat klopt toch? Ja, het is een aandachtspunt. Het lijkt me dat het vorig jaar ook een aandachtspunt is. Wat … Ziet u al enige voortgang? Wordt er naar u geluisterd? De voorzitter: Nog andere vragen? Want anders sluiten we het hiermee af. Niet? Ga uw gang. De heer Schutgens: Over het thema duurzaamheid, om het op te nemen in de paragraaf. Dat was even de vraag. In een paragraaf in een accountverslag of in uw eigen … Want dat zou ook kunnen hè, in uw eigen jaarrekening daar een paragraaf over op te nemen. Maar dit is een thema wat we bij de eerstvolgende auditcommissie bijvoorbeeld mee kunnen nemen als een speerpunt voor komend jaar om daar expliciet over te rapporteren.

De tweede vraag ging … Klopt, we hebben inderdaad in ons accountverslag opgeschreven over de politiek bestuurlijke ambities die met name gekoppeld zijn aan die activiteiten en die taken in de begroting. En de vraag is van, ja, hoe … Dat geven wij ook aan van, is dat realistisch genoeg om met de ambtelijke organisatie en de capaciteit die je hebt dat uit te kunnen voeren? Belangrijkste thema daarin zou wat mij betreft ook zijn om bij de toekomstige begrotingsbehandeling of het bij raadsbesluiten ook daar expliciet niet alleen te kijken van wat is bijvoorbeeld het financiële effect van een raadsbesluit, maar wat is ook de … Hebben wij ook de mensen en de middelen om daarmee om te kunnen gaan? De voorzitter: Goed, dan wil ik u heel hartelijk danken voor de toelichting die u heeft gegeven en voor de beantwoording van de vragen. En dat helpt ons ongetwijfeld om de jaarrekening en het jaarverslag 2021 verder te behandelen. Ik heb nog één puntje. Dat wil ik namelijk helemaal aan het begin zeggen, en dan kunt u bevestigen of ik dat goed weergeef. Er is tijdens de commissievergadering van 16 juni door wethouder Botter de toezegging gedaan om de waardering met betrekking tot de dienstverlening op pagina 139 van de jaarstukken aan te passen van geel naar rood. Daarover is dus politiek in ieder geval overeenstemming.

College, commissie, die zei van, dat vinden dat eigenlijk rood moet zijn. Maar wij hebben ook begrepen dat wij de jaarstukken niet meer mogen wijzigen nadat de accountant daar zijn goedkeurende verklaring voor heeft gemaakt. En dat we dus om die reden wel politiek met elkaar afspreken van, zo kijken wij ernaar, maar dat we de stukken formeel niet wijzigen. Ja? Goed. Ik krijg een bevestiging van de accountant. Wij mogen de stukken dus niet meer wijzigen nadat de accountant daar zijn oordeel over heeft gegeven. De heer Wiedemeijer. De heer Wiedemeijer: En er ligt ook een amendement voor van het CDA en D66. Betekent het dan dat die ook niet kan worden verwerkt? De voorzitter: Nee, want dat is het raadsbesluit, dus dat is aan u. Dat is niet de stukken waar wij een besluit over nemen. En overigens kom ik daar zo meteen ook nog even op terug. Maar dat staat er los van. Dit gaat alleen over een wijziging in de stukken zelf, in de jaarrekening. Ja? De heer Van Kessel. De heer Van Kessel: Zou de accountant misschien een toelichting kunnen geven wat het laatste moment is eigenlijk dat het college nog een aanpassing kan doen in het jaarverslag dat ze oplevert?

7

De voorzitter: Nou ja, dat is tot … Als de … Nou goed, laat de accountant zelf spreken. De heer Schutgens: Nou dat kon in feite nog tot gisteren een uur of vier hè. Dus tot het moment dat wij ook de stukken waarmaken en daar de controleverklaring bij verstrekken. De voorzitter: De heer Van Kessel. De heer Van Kessel: Ja, dan is mijn vraag aan het college, waarom het een week gewacht heeft met dit wijzigen en eigenlijk dit gewoon niet gedaan heeft. De voorzitter: Ja, was op dat moment niet gerealiseerd dat dat voor die tijd gebeurd moest zijn. En ja, toen bleek het niet gebeurd te zijn. Overigens denk ik inderdaad van, we hebben met elkaar volgens mij volstrekte helderheid over hoe we het beoordelen, dus dat lijkt me verder ook niet zo heel veel bijzonders. Behalve dan dat u het even wel formeel weet. Mevrouw Van Zetten. Mevrouw Van Zetten: Ja, kunnen we dan niet … In voorbereiding van het volgend jaarverslag beginnen met een minpunt op dit gebied. Dat u gewoon dat even onder die schaal gaat zitten en dat we niet ineens in het geel zijn en dat er gewoon een … Dat dat terug te vinden is. De voorzitter: Nou we zullen eens kijken hoe je dat … Mevrouw Van Zetten: Dat is niet heel erg orthodox, maar … De voorzitter: Hoe je dat kunt doen. 1.2 Behandeling jaarrekening en jaarverslag 2021 De voorzitter: Goed, dan is aan de orde de behandeling van de jaarrekening en het jaarverslag.

En daarbij spreken wij in een aantal … Of in twee termijnen. In de volgorde zoals ik net ook heb aangegeven. Misschien is het dan goed om nog even in te gaan dat punt van de heer Wiedemeijer, want er staan in het raadsstuk staan ook een paar conclusies over de eerdere Duisenberg aanbevelingen. En eigenlijk is dat een beetje raar. Dat gebeurde omdat er nog geen duidelijkheid was hoe daarmee om te gaan. Maar ondertussen ligt er een stuk van de rapporteurs. En het is toch gek dat je in twee stukken die na elkaar komen verschillende besluitpunten hebt voorliggen als het gaat om die Duisenberg rapportage. Dus ik stel mij voor dat we die beoordeling van de Duisenberg rapportage dat we die gewoon doen bij het punt 5.2.1, opvolging Duisenberg light aanbevelingen ten behoeve van de behandeling jaarstukken 2021. Mevrouw Çimen. Mevrouw Çimen: Even voor mijn begrip, wat betekent dat nu dan voor het amendement? De voorzitter: Dat zou betekenen, dat wilde ik bij de besluitvorming dan zo meteen even zeggen, dat het amendement daarmee dan overbodig is, omdat dat besluitpunt wordt verwijderd. Want het is wonderlijk … En als u zegt, we doen het liever via een amendement. Maar het is een beetje raar dat er eerst een stuk voorligt waarin gezegd wordt van, nou het is afgehandeld, en vervolgens een volgend stuk van u zelf waarin staat dat het niet is afgehandeld.

En het is raar dat u dat zou moeten regelen met een amendement. Ja? Goed.

8

Eerste termijn raad (volgens sprekersvolgorde) De voorzitter: Dan gaan wij nu naar de eerste termijn. En ik wil graag als eerste het woord geven aan de heer Van Kessel van de VVD. De heer Van Kessel: Ja. Dank u wel, voorzitter, en welkom allemaal. De VVD dankt het college voor het opstellen van het uitgebreide jaarverslag. En het is duidelijk dat ook in 2021 weer enorm veel goed werk verricht is. En dat is zeker niet makkelijk geweest in een jaar waarin corona een grote impact gehad heeft. We mogen blij zijn en trots dat alle professionals van de gemeente Haarlem voor ons aan het werk zijn. Als gemeente zullen we heel voorzichtig moeten zijn op onze arbeidskrachten, want steeds meer organisaties merken de gevolgen van de krappe arbeidsmarkt. De vraag aan de wethouder bedrijfsvoering, hoe Haarlem een aantrekkelijke werkgever kan blijven in de toekomst? En in navolging van de tip van de accountant de vraag aan het college of bij voordrachten voortaan aandacht besteed kan worden of er voldoende ambtelijke capaciteit is om de voordracht uit te voeren, over de ambities daarin? Wie gaat daarover? Welke wethouder? Ik zit even te denken. Maar in ieder geval de wethouder financiën dan. Corona en een krappe arbeidsmarkt hebben het de gemeente heel moeilijk gemaakt om de hoge ambities te halen.

De gemeente Haarlem krijgt de investeringen niet weggezet en daarmee loopt ons mooie Haarlem achterstanden op voor wat betreft onderwijshuisvesting, in de sport, in de culture sector, maar ook onze wegen, bruggen en viaducten hebben daaronder te lijden. Het is onze schuld aan de stad. De huizen die niet zijn gebouwd, de tijd die we niet thuis zijn omdat we in de file staan, de bomen waaronder we graag gewandeld hadden. En daarover een aantal vragen. Ik begin met onze veiligheid. De ingezette bezuinigingen van de afgelopen periodes bleken lastig terug te draaien. Als burgemeester trek je nu eenmaal niet snel een blik nieuwe handhavers open. Hoe kijkt de burgemeester met de kennis van nu terug op de bezuinigingen in de afgelopen periode op veiligheid? Dan de woningbouw. Dat is één van onze grootste opgaven. De trajecten vertragen vanwege corona en te weinig personeel. De gemeente loopt hier flinke opbrengsten mis. En dat de woningvoorraad afgelopen jaar met slechts driehonderd woningen is gegroeid, dat is pijnlijk. En dat in 2021 de sociale huurvoorraad zelfs met tweehonderd woningen is gedaald, daar zou ik graag een reactie van de wethouder wonen op krijgen. Dan kom ik bij het vergroenen. Het groen was de afgelopen jaren in linker handen. Het groenoppervlak in de openbare ruimte is de afgelopen jaren afgenomen. De bomen.

Laten de bomen dan wel in goede geweest zijn bij dit college. Dat resultaat na vier jaar is dat we honderd bomen minder hebben. Graag een reactie van de wethouder. Het college geeft aan dat personele krapte bij aanbieders … De zorg is dit overigens. Dan kunnen de wethouders meeschrijven. Het college geeft aan dat personele krapte bij de aanbieders een mogelijke oorzaak voor minder huishoudelijke ondersteuning is. Kan de wethouder dit nader duiden? Want schrijft zij hier eigenlijk op dat er Haarlemmers zijn die ondersteuning hebben gevraagd, toegewezen door de gemeente, maar niet hebben gekregen vanwege een aanbieder die dat niet kon leveren. Bij welke aanbieders was dit dan het geval en in welke mate is dit voorgekomen? En eigenlijk natuurlijk ook de vraag, wat heeft ze eraan gedaan? En dan de files. Haarlem heeft in 2021 de twijfelachtige eerder om filehoofdstad van Nederland te zijn. In de file staan is voor niemand leuk. Het is slecht voor het milieu en het slecht voor het humeur. Het college zet goede stappen naar alternatieven voor de auto, maar vanuit een geïnformeerd vertrouwen. En de begrotingsexperts in deze raad weten waar ik het over heb. Vanuit een geïnformeerd vertrouwen zouden we deze stappen graag meten. En daarom heeft onze woordvoerder filebestrijding een goede motie geschreven die ik u warm aanbeveel. Dank u wel, voorzitter. De voorzitter: Dank u wel.

Dan is het woord aan de Partij van de Arbeid, de heer Wiedemeijer.

9

De heer Wiedemeijer: Ja, voorzitter, dank u wel. 2021 was een bijzonder jaar door de omvangrijke maatregelen vanuit de gemeente om de coronacrisis op te vangen. Hier werd uiteindelijk 25 miljoen euro aan besteed. De coronacrisis heeft veel gevraagd van de stad. Er is hier door de gemeente ruim op ingezet met financiële ondersteuning voor Haarlemmers, ondernemers en de lokale cultuur. Het jaarresultaat van 2021 kent uiteindelijk een positief saldo van 32 miljoen euro. Hiermee groeien de reserves fors. Het weerstandsvermogen is zeer ruim met een ratio van 2,3. Dit biedt de ruimte om de komende jaren incidentele middelen beschikbaar te stellen. Hier gaan we later met elkaar over in gesprek over de plannen uit het nieuwe coalitieakkoord en bij de kadernota. De voorzitter: Interruptie van de heer Van Kessel. De heer Van Kessel: Ja. Dank u wel, voorzitter. De heer Wiedemeijer die brengt het financiële resultaat als iets positiefs. Ik heb het net gebracht als iets negatiefs, namelijk een schuld aan de stad. Het geld dat over is, is geld dat niet besteed is en wel, gelet ook op uw ambities, besteed had moeten worden. Hoe kijkt u daarop? De heer Wiedemeijer: Nou helemaal mee eens. Dus wat mij betreft gaan we het zo snel mogelijk alsnog besteden. Ik hoop dat u daar ook in mee wilt denken en dan gaan we er mooie plannen mee doen.

Ik heb al wat mooie plannen vorige week gepresenteerd zien worden, dus ik hoop dat u daar ook enthousiast van wordt. Voorzitter, aan investeringen, want daar ging ik verder op, is er in 2021 56 miljoen euro gepland. Hier is daadwerkelijk maar 42 miljoen van uitgegeven. Een realisatiepercentage van 74 procent. De komende jaren, ik ga eigenlijk een beetje verder op de vraag van de heer Van Kessel, zijn de jaarschijven meer dan het dubbele in de omvang. Het is dan ook een grote uitdaging voor het college, de stad, onze maatschappelijke partners, de raad, om dit de komende jaren op te gaan schroeven. Hier moeten we als raad periodiek met elkaar het college en het gesprek over blijven voeren wat nodig is om de realisatie flink op te schroeven. Want dit is eigenlijk misschien wel, ongeacht welke plannen er worden gemaakt, de grootste uitdaging voor de komende jaren. En de vraag hoe we daar als raad op blijven controleren? Voorzitter, het ging net ook al even over wonen. De voorzitter: U krijgt een interruptie van de heer Van Kessel. De heer Van Kessel: Ja, anders wordt het ook zo’n saai debat. De heer Wiedemeijer die geeft aan dat hij heel graag wil meten in hoeverre de ambities ook worden waargemaakt. Ambities op ambities overigens, dus dat wordt nog wel stevig.

Mijn vraag is, is hij eigenlijk bereid om het college te vragen om een zogeheten nulmeting ten aanzien van het coalitieakkoord? Dus alle acties en plannen die erin staan om daar een soort nulmeting voor neer te zetten van wat is de situatie nu? Zodat we ook jaar op jaar dat kunnen bijhouden, aangezien het coalitieakkoord niet precies hetzelfde is als de P&C-cyclus en het jaarverslag wat we hebben. Dus mijn vraag is, is hij bereid om hem op nul te zetten en te kijken ieder jaar hoe goed zijn coalitieakkoord wordt uitgevoerd? De heer Wiedemeijer: Nou, volgens mij worden de ambities uit het coalitieakkoord, tenminste, ik hoop binnenkort uw steun daarvoor, en vanuit mijn collega’s, toegevoegd aan de ambities die al zijn. En daarmee worden de financiële mutaties hopelijk toegevoegd bij de begroting, en daarmee worden ze gewoon integraal onderdeel van onze P&C-cyclus. Als we veel uitvoering willen, moeten we volgens mij niet nog een apart traject opzetten, dus daar ben ik dan niet voor. De voorzitter: De heer Van Kessel.

10

De heer Van Kessel: Ja, dat is in ieder geval heel goed dat in ieder geval de financiële bedragen worden overgenomen in de P&C-cyclus. Dat lijkt me logisch. Dat heeft u ook in uw coalitieakkoord heeft u ook een financiële tabel neergezet. Alleen uw doelen, en in hoeverre u doelen bereikt? Je zou dat eigenlijk ook in de P&C-cyclus willen terugzien van de gemeente. En daar hoor ik u van zeggen, dat moet allemaal niet te veel tijd kosten. Nou wat je dan gaat krijgen zijn twee werelden. De werelden van de ambtenarij en de wereld van de politieke ambities die, zoals de accountant al zei, nogal uit elkaar kunnen liggen. Dus nogmaals mijn vraag, los van de financiën, bent u ook bereid om uw doelen en de prestaties die u daarachter zet om die in de P&Ccyclus te verwerken en om dat te doen zodat die overeenkomen met elkaar. De heer Wiedemeijer: Voorzitter, volgens mij staan er niet alleen financiële ambities in de begroting, er staan ook beleidsmatige ambities in een begroting. Die kunt u ook in het jaarverslag aantreffen. Dus we sturen niet alleen op financiële indicatoren, maar ook op beleidsrealisatie. Nou ik ga er toch even van uit dat er straks een college zit die de ambities ook gaat toevoegen bij de begroting in tweeduizend … De begroting voor 2023. En dat we na afloop van ieder jaar gewoon toetsen wat erin is gerealiseerd.

Dus volgens mij worden buiten de financiële ambities ook de beleidsmatige ambities gewoon compleet onderdeel van onze reguliere trajecten. De voorzitter: Dank u wel. Dan is er een interruptie van de heer Smit. De heer Smit: Dank u wel, voorzitter. Aan de heer Wiedemeijer en aan de heer Van Kessel een vraag. Zijn we bezig met de kadernota of met de jaarrekening? De heer Wiedemeijer: Ik kan niet voor de heer Van Kessel bepalen waar hij het debat over wil voeren. Maar ik geloof dat hij tevreden was over de antwoorden, dus ik ga in ieder geval verder met mijn bijdrage over de jaarrekening. Voorzitter, het ging net al even over wonen. In 2021 werden ook belangrijke stappen gezet op de gebiedsontwikkeling in Haarlem om de woningnood het hoofd te bieden. Zo kwam er twintig miljoen euro rijkssubsidie binnen voor de ontwikkelzone Zuidwest en Oostpoort. Hiermee kunnen in de toekomst duizenden betaalbare woningen worden opgeleverd. Ook werd de nieuwe huisvestingsverordening aangenomen, waarmee vakantieverhuur en woningsplitsing verder aan banden werd gelegd. Hiermee werd ook de basis gelegd voor de invoering van de opkoopbescherming, waar onze gemeente als eerste in Nederland de opkoopbescherming stadsbreed invoerde vervolgens in het nieuwe jaar. Met verduurzaming werd ook een belangrijke stap gezet met het vaststellen van de regionale energiestrategie Noord-Holland Zuid.

De voorzitter: U heeft een interruptie van de heer Van Kessel. De heer Van Kessel: Ja, omdat de heer Wiedemeijer doorgaat op het volgende onderwerp, op wonen. In mijn bijdrage gaf ik aan dat er netto driehonderd woningen bijgekomen zijn en dat er tweehonderd woningen in de sociale huur afgegaan zijn vorig jaar. Hoe tevreden bent u daarover? De heer Wiedemeijer: Voorzitter, ik denk dat er zeker meer woningen moeten worden opgeleverd. Er zijn in de afgelopen periode veel plannen gemaakt. Die heeft mijn fractie altijd volledig gesteund. Daarmee zijn we overigens ook de enige partij die alle plannen heeft gesteund. Dus dat zullen wij graag continueren. Ik zie nu veel goede plannen om de plannen ook daadwerkelijk te gaan uitvoeren. Ik verwacht dat de komende jaren er veel woningen bij gaan komen, ook in het sociale segment. Dus ik ben hoopvol voor de toekomst in onzekere tijden die er zijn. De voorzitter: De heer Van Kessel.

11

De heer Van Kessel: Ja, ik denk … Dat was denk ik een partijgenoot van u die zei dat je … Nou, hij zei het iets anders, maar laat ik het netjes houden, in plannen kun je niet wonen. Driehonderd woningen in een jaar bij een tweehonderd sociale woningen eraf. Dat was mijn vraag, niet welke plannen u had. Hoe … We kijken nu terug op vorig jaar. Hoe duidt u dat? De heer Wiedemeijer: Voorzitter, in plannen die je helemaal niet steunt gaat in ieder geval nooit iemand wonen, dus dat is in ieder geval helder. Dus je kunt beter plannen wel steunen. Dus ik zou u vooral aanmoedigen om dat te gaan doen. Ik denk dat er de komende jaren veel moet worden opgeleverd. Er zijn veel goede plannen gemaakt, daar zijn ook de gelden voor binnen. Voor alle grote ontwikkelzones zijn de gelden binnen. Dus ik verwacht dat de nieuwe wethouder wonen veel sleutels aan Haarlemmers kan uitgeven de komende jaren. Dus ik denk dat dat zeker de goede kant op gaat. En dan gaan die wachttijden omlaag. Ik weet niet of u ook het jaarverslag van Woonservice heeft gezien? De gemeente Haarlem is de enige gemeente in heel Zuid-Kennemerland waar de wachttijd vorig jaar is gedaald. Het aantal verhuringen is gestegen. Dus volgens mij in alle andere gemeenten, waar meestal de VVD aan de macht is, gaat het de verkeerde kant op en hier gaat het langzaam omlaag. Voorzitter, verduurzaming.

Met de verduurzaming van Haarlem wordt een belangrijke stap gezet met het vaststellen van de regionale energiestrategie Noord-Holland Zuid. Hiermee moet er in de toekomst een fors deel van de elektriciteit lokaal worden opgewerkt. Gedurende het jaar werd hier ook samengewerkt om concrete initiatieven verder uit te werken, zoals de windmolens op Schoteroog, waarvan de PvdA hoopt dat ze nu echt weer een keer gaan draaien. Want stilstaande windmolens hebben we niet zoveel aan. Voorzitter, we gaan naar het goede nieuws. De accountant heeft gister een goedkeurende controleverklaring afgegeven, en op basis daarvan kan de PvdA-fractie instemmen met het jaarverslag en de jaarrekening. Voorzitter, om toch even het bruggetje te maken naar aanleiding van de vraag van de heer Van Kessel. We kijken ernaar uit om met de raad de komende tijd het debat aan te gaan over de plannen van de nieuwe coalitie en vanavond sluiten we de oude periode af. De voorzitter: Dank u wel. Dan is het woord aan de Partij voor de Dieren. Mevrouw Van den Broek: Dank u wel, voorzitter. Nou ik zal eerlijk zijn, deze jaarstukken waren voor ons best een puzzel om op te reflecteren. Het gaat immers over beleid waar we niet bij betrokken zijn geweest of waar we op hebben kunnen bijsturen. Maar we delen graag toch onze blik en onze conclusies.

Nou om positief te beginnen, we hebben echt oprechte intenties in de jaarstukken kunnen terugzien en we herkennen ons in veel doelen. En ook is het te waarderen dat de gemeente transparant is in wat niet is gelukt. Het is geen gemakkelijke periode geweest om dingen voor elkaar te krijgen, en we zijn echt alle medewerkers van de gemeente dankbaar voor hun inzet. Dus wat vonden we positief? Nou, we vonden het heel goed om te zien dat de richtlijn duurzame stedenbouw is opgenomen in de jaarstukken. Dat dan vervolgens de indicator gaat over het percentage waarin de richtlijn wordt toegepast, komt op mij zachtst gezegd een beetje vreemd over. Je stelt een richtlijn vast, zodat deze wordt geïmplementeerd bij ruimtelijke ontwikkelingstrajecten. Dat zou dus altijd honderd procent moeten zijn. Een beetje een sigaar uit eigen doos. Wat juist interessant zou zijn om te meten is in hoeverre de randvoorwaarden met doeleinden, dus alles boven de wettelijke vereisten, worden gerealiseerd in de plannen. Dan kun je als gemeente echt zien of je op het gebied van duurzame en stedelijke ontwikkeling bovengemiddeld goed bezig bent. Dus laat bijvoorbeeld zien in je plannen en projecten hoeveel er natuurinclusief gebouwd is of gaat worden. Voorzitter, ik ga over naar de energietransitie. Belangrijke effectindicatoren hier zijn de reductie in CO2-uitstoot en het percentage hernieuwbare elektriciteit.

Als wij dan kijken naar de prestatie-indicator, is één daarvan het aantal duurzaamheidsleningen, wat voor 2021 op 103 is komen te staan. En ook hebben 243 huishoudens gebruik gemaakt van de uitvoeringsregeling om hun huis een start te geven met het aardgasvrij te krijgen. Hierbij wil ik toch de opmerking maken dat de intentie weliswaar

12

goed is, en ik snap de beperkingen van capaciteit en middelen, maar met deze aantallen gaan we het denk ik toch niet redden. Want we hebben dus in zeven jaar tijd een half procent van het aantal huizen verduurzaamd. Graag een reflectie hierop. Voorzitter, ik blijf nog even bij doel duurzaam Haarlem. Wat wij eigenlijk missen in die indicatoren is voedsel. Voedsel is bij uitstek een knop waar je goed aan kunt draaien om duurzaamheidsdoelstellingen te bereiken. Je kunt er fors CO2 mee besparen. Het leent zich uitermate goed voor circulariteit en het kan duurzaam en lokaal en regionaal voedselondernemerschap flink stimuleren. En het is ook nog eens een voordelige knop. Landelijk heeft het ministerie van LNV een strategie opgesteld voor de eiwittransitie. En Haarlem heeft, voor zover wij hebben kunnen nagaan, nog niets. Wij zouden voorstellen om hier eens te kijken of hier wat indicatoren voor kunnen worden opgesteld. Dan ten aanzien van beheer en onderhoud. Daar zijn we zeker … Zien we zeker positieve zaken in, zoals dat er een biodiversiteitsmonitor … De voorzitter: U heeft een interruptie van mevrouw Schonerbroek. Mevrouw Van den Broek: Wie? De voorzitter: Oosterbroek. Mevrouw Oosterbroek: Meer een vraag. Is het niet eerst handig om dan wat voedselbeleid te maken voordat we naar die indicatoren gaan? Mevrouw Van den Broek: Zeker. Nee, mee eens hoor.

Dus dat voedselbeleid moet er zeker komen. Maar ik denk dat we daar gewoon tempo mee kunnen maken. Voorzitter, ik ga door. Nou ik sluit me aan bij de VVD dat we ons zorgen maken over de, nou, beperkte toename van het openbaar groen. En de donkergroene smiley klopt volgens mij niet. Van 371 hectare naar 372 hectare is wat ons betreft toch een treurig resultaat. Hetzelfde geldt voor de bomen. Er zijn weliswaar bomen geplant, maar je zou wat ons betreft beter kunnen kijken naar het succesaantal geplante bomen, want niet alle bomen redden het. En tot slot, voorzitter, willen we onze reflectie afsluiten met de bespreking … Of wilden we onze reflectie afsluiten met de bespreking van dierenwelzijn in de jaarstukken. Maar wat blijkt, die is er niet. Het product dierenwelzijn is … Of dierenbescherming is overgeheveld naar beheer openbare ruimte, maar daar zijn geen indicatoren over dieren of dierenwelzijn. Dus wat ons betreft heeft dierenwelzijn niet echt, ja, onderdeel van dat beleid uitgemaakt afgelopen jaar. En graag zouden wij vanaf volgend jaar zien dat hier indicatoren voor worden opgenomen. Daar denken we uiteraard graag in mee. Dank u wel. De voorzitter: Dank u wel. Dan ga ik naar de heer Drost, GroenLinks. De heer Drost: Ja, bij GroenLinks is het de traditie dat de woordvoerder financiën het woord voert bij de jaarrekening. Dat was de heer Van den Doel.

Deze periode is dat mevrouw Oosterbroek. U heeft haar al even gehoord af en toe. De voorzitter: Mevrouw Oosterbroek. Mevrouw Oosterbroek: Ja, voorzitters, bedankt. De financiële cijfers zien er goed uit. Duidelijk is ook dat er een groene progressieve coalitie goed op het geld kan passen. Al is de uitkomst mogelijk niet wat we hebben besteld. We hadden natuurlijk liever gezien dat het positieve resultaat was uitgegeven. En de daadkracht van onze organisatie nog niet … Ja, nog onvoldoende is. En we komen te weinig met resultaten. Gelukkig hebben we wel al stappen gezet om Haarlem weer een bijzondere plek om te werken te maken. We hebben nieuwe waarden om onze organisatie richting te geven. We werken in vertrouwen, snel en simpel waar het kan,

13

persoonlijk waar het hoort en we werken betrokken en betrouwbaar. En daarnaast heeft GroenLinks vorige week in de commissie bestuur bij de behandeling van Haarlem in de wereld ook een vurig betoog gehoord van de burgemeester over de noodzaak van stevig beleid in samenwerking met andere landen. En we geloven dat dit internationale beleid, waar onze organisatie de kans heeft zich verder te ontwikkelen en te beste te worden op die drie domeinen circulaire stad, mobiele stad en digitale stad, dat daar ook een betere toeloop van goede mensen voor gaat zorgen. Dus ja, wij, ja, zien dat … We geloven dat de capaciteit … Dat we de goede weg op zijn gegaan. En daarnaast … De voorzitter: Interruptie van mevrouw Van Zetten. Mevrouw Van Zetten: Ik hoor u over goede mensen praten. Kunt u daar een definitie van geven? Wat bedoelt u met een goed mens? Mevrouw Oosterbroek: Nou, mensen die, ja, het beleid goed uitvoeren. Gewoon leuke mensen in onze organisatie. Mevrouw Van Zetten: Oh, ambtenaren. Ambtenaren zijn goede mensen. Mevrouw Oosterbroek: Ja, ambtenaren, ja. Ja. Goede mensen, ja. Ik zal voortaan ambtenaren zeggen. Goed. Het kan ook trou… Daarnaast zien we dat wanneer we de Haarlemmers betrekken, zoals bij de groene dakensubsidie, we in staat zijn om Haarlem sneller te vergroenen.

En de Haarlemmers staan klaar om ons te helpen en we geloven dat we dit soort regelingen … Met dit soort regelingen de daadkrachten van de Haarlemmers verder kunnen inzetten op die drie opgaves die we belangrijk vinden. Haarlem een stad om in te wonen, klimaatpositieve stad en een eerlijke stad. En kijkend naar de jaarrekening zien we dat we sneller het vastgoed hadden kunnen verduurzamen. Maar ook dat we gelukkig op tijd in hebben gezet op scheiding bij de bron bij onze afvalstromen. Alleen dit jaar al heeft de materialentransitie waarbij we afvalstoffen zien als een nieuwe grondstof, ons zes ton extra opgeleverd dan begroot. En we geloven dat ook dat wanneer we de kansen pakken om beter inzichtelijk te krijgen waar, ja, waar het nog niet duurzaam is, dus door middel van de CO2begroting, dat we sneller die kansen pakken om in de toekomst ook meer die opbrengsten naar ons toe te trekken. En GroenLinks is blij en trots dat we als Haarlem de eerste gemeente van Nederland een goede aanzet hebben tot een eerlijke afweging tussen geld en schadelijke CO2. En we willen dit proces graag verder professionaliseren. En ook ziet GroenLinks dat de CO2-ladders nog niet door alle gebonden partijen zijn ingevuld. Ja, terwijl we ons als Haarlem wel hebben gecommitteerd aan een circulariteitsdoelstelling van de MRA.

En dat vraagt een vertaling voor in de inkoopvoorwaarden van de gemeente Haarlem. Er is dus nog voldoende werk aan de winkel, zodat we de afweging tussen uitgeschoten schadelijke CO 2 … De voorzitter: De heer Aerssens. De heer Aerssens: Ja. Dank u, voorzitter. Ja, ik hoor mevrouw Oosterbroek spreken over dat ze CO 2 wil tegengaan, of de uitstoot ervan, en vindt dat ze heel goed bezig is. Maar in het beleid wat GroenLinks gevoerd heeft, hebben we natuurlijk wel inmiddels de trofee filehoofdstad nummer één te pakken. Hoe rijmt u die twee nou met elkaar en wat heeft nou voor u het beleid opgeleverd over de afgelopen jaren? Mevrouw Oosterbroek: Uh ja, nou, mijn stuk ging vooral over de jaarrekening, en dan daarin het specifieke kopje CO2-begroting. Dus daar, ja, daar ging het vooral over. En ik heb het eigenlijk niet echt gehad over de auto en file en over indicatoren. Maar als u daar onze mening over wilt, dat kan ik u ook geven, dat kunt u

14

denk ik bij de Duisenberg het beste aangeven ergens in november. Dan kunnen we het rustig over die indicatoren hebben, gezien uw motie. Er is nog … De voorzitter: De heer Aerssens. De heer Aerssens: Ja, voorzitter, ik heb het idee dat mevrouw Oosterbroek compleet de vraag niet snapt. Want zij heeft over het uitstoten van CO2 tegengaan. Daar zijn wij heel erg voor. Maar in de periode dat GroenLinks hierzo het voor het zeggen heeft gehad, zijn we filehoofdstad nummer één geworden. En ik vraag hoe zij die twee met elkaar rijmt? Waarom is daar niks aan gebeurd? Waarom heeft u het laten gebeuren dat Haarlem filehoofdstad nummer één is geweest met alle bijbehorende uitstoot. Mevrouw Oosterbroek: Ja, ik heb zelf daar niet zo heel veel last van gehad, want ik sta natuurlijk niet zo vaak in de file. Maar goed. Ik weet niet. Het gaat dus … Ik weet inderdaad … Ik begrijp uw vraag niet, want het gaat niet over de jaarrekening en het gaat ook niet over de CO2-begroting. Er is dus nog voldoende werk aan de winkel, zodat we de afweging tussen uitgestoten schadelijke CO2 en de euro hier in de raad hier kunnen maken. Want de kosten die we krijgen door klimaatverandering zijn nog niet te overzien. GroenLinks heeft de klimaatrisico’s die wij op initiatief van GroenLinks, D66 en ChristenUnie sinds kort meenemen in de P&Ccyclus, verder uitgevraagd.

En op dit moment worden alleen de risico’s meegenomen die zich volgend jaar afspelen. Terwijl we juist in deze termijn, na het vaststellen van het beleid, beslissingen moeten maken die, ja, vooral de risico’s van onze kinderen gaan verzachten. En dan hebben we een vraag aan het college en dat is, welke volgende stap kunnen wij zetten om de risico’s op lange termijn ook mee te nemen? De voorzitter: Dank u wel. Dan gaan we naar de heer Smit van OPHaarlem. De heer Smit: Dank u wel, mijnheer de voorzitter. Wat zeg je over de jaarrekening 2021 van onze stad in een jaar dat door corona gekleurd is? Allereerst complimenten voor de ambtelijke inzet om de processen in onze stad zo goed mogelijk voortgang te laten vinden en te ondersteunen. En ook, en laat OPHaarlem dit zeggen, waardering voor de griffie die weer een berg complexiteit in 2021 vakkundig heeft verwerkt. We hebben de indruk dat bij de uitvoerende functies en bij de directe communicatie met de Haarlemmers de werkdruk zeer hoog en wellicht te hoog is geweest, zoals bij het klantcontactcentrum. Vraag. Kan het college in 2023 … In 2022 de raad informeren over de werkdruk en de mogelijke continuïteitsrisico’s van het klantencontactcentrum? Het rapport van Berenschot dat in 2021 verscheen, loog er niet om.

De ambtelijke organisatie werd al jaren niet toereikend aangestuurd en er was onvoldoende duidelijkheid over de centrale missie en visie. Een vraag aan het college. Per wanneer kan het college een gedegen rapportage toezeggen over de resultaten van het ingezette verbeteringstraject? Uiteraard is OPHaarlem in 2020 niet blij geweest met het aanbestedingstraject voor de wijk en de jeugdzorg. De raad staat buiten spelen nu in de dialoogfase. Er bereiken ons berichten dat tarieven verlaagd worden. Bij de behandeling van de kadernota zullen wij daarop terugkomen. Het afgelopen jaar heeft dieptepunten gekend in het omgaan van de gemeente met Haarlemmers. Het Anton Pieckhofje was en is nog steeds een drama. De communicatie met direct betrokkenen is gefrustreerd en OPHaarlem blijft dit dossier echt van zeer nabij volgen. In 2021 is er gestart met een traject om de veiligheid van de huidige bezoekers van het Reinaldapark te verbeteren. Dat betekent niet automatisch voor ons een toereikende opmaat naar de huisvesting van een groep uitbehandelde alcoholen drugsverslaafden aan de rand van het park in de Groene Zoom. En zijn en blijven geschiktere plekken voor de huisvesting van de Domus Plus bewoners. Uiteraard heeft in 2021 ons milieu veel aandacht gekregen. Zij dat onze inzet buiten de gemeentegrenzen ons wat beperkt overkomt.

Tata Steel ligt toch op een steenworp afstand, net zoals Schiphol, en voor ons gevoel had hier onze inbreng in 2021 steviger dienen te zijn. We zijn blij met de aandacht die de fietser en het fietsverkeer in 2021 hebben gekregen, want dat is zeer zeker

15

milieuondersteunend. Al lijkt de voetganger daarbij soms in de knel te komen. Aan de veiligheid van de fietser en de handhaving van de verkeersregels werd naar de mening van OPHaarlem nog niet voldoende aandacht geschonken. De jongerenraad heeft dit voor jaar goed gemotiveerd een aantal knelpunten benoemd die aangepakt dienen te worden voordat er gedacht kan worden aan veilig fietsverkeer. OPHaarlem zou het waarderen als u de dialoog met de jongerenraad aangaat. Kunt u dat toezeggen? OPHaarlem vindt dat de definitie fiets aan een herziening toe is. Ontwikkelingen op dit gebied gaan razendsnel en daarmee ook de snelheid van de nieuwe varianten, en die lijkt geen gelijke tred te houden met de omschrijving in het huidig beleid. En wij vragen nadrukkelijk aandacht voor het fenomeen van alle nieuwe fietsmodellen en de snelheid die die hebben. Onze IT is heel precies in staat geweest in 2021 om fouten en zwakheden in onze systemen te herkennen, analyseren en oplossingen toe te passen. Dat is een kracht voor onze IT die er een aantal jaren geleden nauwelijks was en een compliment voor de huidige status van de IT. OPHaarlem kan in enkele minuten niet heel 2021 uitgebreid belichten en toelichten, derhalve nog enige beknoptheid bij de volgende punten. De gemeenteraad vonden wij in 2021 nog niet in positie en dat lijkt ook nu nog steeds niet te lukken.

Het VN-verdrag voor de rechten van mensen met een beperking kreeg in ’21 naar onze mening slechts minimale aandacht. Wij zijn benieuwd hoe begaanbaar het vernieuwde Houtplein straks is. Er is geen hoogbouwvisie gekomen en dat gaan we wel merken in onze stad. Het warmtenet in Meerwijk baarde en baart ons toenemende zorgen. Onze kunst, cultuur en sportsectoren hebben een moeizaam jaar gekend en ervaren nog steeds minder bezoekers en sporters. Blijvende aandacht en steun is hier nodig. Het positieve resultaat over 2021, en straks ook over 2022, is voor OPHaarlem een basis om lagere gemeentelijke belastingen voor onze inwoners in ’23 te willen. Een jaar waarin veel Haarlemmers de doorlopende effecten van hoge inflatie nog meer gaan voelen. Dank u wel, mijnheer de voorzitter. De voorzitter: Dank u wel. U heeft nog een interruptie van de heer Wiedemeijer. De heer Wiedemeijer: Ja, voorzitter, even dat ik het goed begrijp. U stelt voor met incidentele ruimte structureel de lasten van Haarlemmers te verlagen? Of heb ik u dan verkeerd begrepen? De heer Smit: U heeft mij niet verkeerd begrepen, maar ik heb het niet gezegd. Alleen ik heb gezegd dat er een baten saldo is in ’21. Dat ik verwacht dat dat ook in ’22 dat is, en dat je dan moet kijken naar de mogelijkheden om de belasting voor de Haarlemmers te verlagen. De heer Wiedemeijer: Aanvullende vraag, voorzitter.

U bent vast bekend met de zalmnormen als financieel expert. Dat betekent dat je structurele uitgaven structureel moet bekostigen. Hoe wilt u structurele lasten dekken met incidentele middelen? De heer Smit: Dat wil ik ook niet, dat wil het coalitieakkoord wel. Die wil heel veel incidentele middelen structureel inzetten. De heer Wiedemeijer: Voorzitter, dan heeft u het coalitieakkoord moet u dan nog even nader tot u nemen, want het zijn allemaal incidentele uitgaven die incidenteel worden gedekt. Alle structurele uitgaven worden structureel gedekt. U doet juist een voorstel om daar vanaf te wijken, dus dat is niet heel erg consistent. De heer Smit: Mag ik het met u oneens zijn? De heer Wiedemeijer: Dat mag altijd. De voorzitter: Ik stel voor dat we dat dan constateren. Dan gaan we naar D66, mevrouw Çimen.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/12277823/1