CConstaterende datHaarlem
Koppel je AI →
Document · PDF

05-22 Schriftelijke inspreekbijdrage buurtbewoners Wilhelminapark

commissie Beheer 22 mei 2025, gemeente HaarlemBij agendapunt: 19.40 uur Vrijgave voorlopig ontwerp voor inspraak Koninginneweg & Noorder Emmakade e.o. (RB)4.319 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

Vergadering Commissie Beheer 22 mei 2025 Betreft: Schriftelijke inbreng van de bewoners van Wilhelminapark 4, 5, 6 en 10 te Haarlem op het voorlopig ontwerp Koninginneweg, Noorder Emmakade en omgeving en uitdrukkelijk bezwaar tegen de locatie plaatsing van een transformatorhuis.

Geachte Commissie Beheer van de Gemeenteraad, Wij vinden het belangrijk om voor deze plannen als wijkbewoners een inbreng te leveren. Wij hebben reeds uitgebreide reacties gegeven zowel mondeling bij de inloopspreekavonden als schriftelijk via de website van de Gemeente Haarlem. Echter lijkt er op geen enkele wijze iets gedaan te zijn met de gegeven input en/of vragen. Daarom hierbij, beknopt, een reactie op het voorlopig ontwerp en het Collegebesluit met kenmerk: 2025/97156. 1. Beschermd stadsgezicht De impressie van het “Wilhelminapark met trafo” op pagina 3 van het Collegebesluit lijkt geen weergave van de werkelijkheid te zijn. Zo ontbreken allereerst de parkeervakken die op het concept voorlopig ontwerp wel zijn ingetekend. Daarnaast is er veel groen getekend, terwijl het transformatorhuis rondom vrij moet blijven en er nu juist geen beplanting rondom mag worden geplaatst (aldus Liander). Dit “groene plaatje” heeft aldus niets met de werkelijkheid te maken. De werkelijkheid zorgt immers voor een enorme verstoring van het beschermde stadsgezicht. Onze buurt, ontstaan rond 1900, wordt gekenmerkt door monumentale huizen rondom een centraal park. Deze historische en esthetische waarden dragen bij aan het unieke karakter van de wijk.

De plaatsing van een transformatorhuis op de voorgestelde locatie zal het zicht op het park en de omliggende panden negatief beïnvloeden en afbreuk doen aan het beschermd stadsgezicht. Bovendien is de voorgestelde locatie direct zichtbaar voor iedereen die het Wilhelminapark inrijdt waardoor het aangezicht van de toegang van het beschermde stadsgezicht wordt aangetast. De gemeente Haarlem stelt in haar mobiliteitsbeleid dat de openbare ruimte groener en leefbaarder moet worden, met minder objecten die het straatbeeld verstoren. Het toevoegen van een transformatorhuis op deze locatie is in strijd met deze doelstelling. In de toelichting behorende bij het Bestemmingsplan Koninginnebuurt (zie bijlage 1) staat expliciet het volgende met betrekking tot het Wilhelminapark: “De Koninginnebuurt met het Wilhelminapark zijn ruim opgezette wijken tussen de Wagenweg en de Leidsevaart. Het gebied kenmerkt zich door een overwegend gebogen stratenpatroon met villabebouwing en geschakelde middenstandsbouw. Restanten van

vroegere bebouwing en aanleg zijn in de laat 19e-eeuwse ontwikkeling van het plan van Wolbers opgenomen. Het Wilhelminapark als voorbeeld van de Engels geïnspireerde landschapsstijl sluit aan op deze aanleg, gesitueerd achter de gevelwand van de Wagenweg. De huidige karakteristiek is vooral bepaald door het stedenbouwkundig patroon van Wolbers met de bebouwing uit de eerste decennia van de 20e eeuw. Villabebouwing en geschakelde middenstandswoningen vormen met scholen de kenmerkende architectuur. Het Wilhelminapark is in zijn oorspronkelijke conceptie bewaard gebleven. De vrijstaande villa's en geschakelde herenhuizen zijn gelegen rond een open binnenterrein. Het bebouwingsbeeld uit de bouwtijd sluit daar op aan.” “Het Wilhelminapark is een goed voorbeeld hiervan en maakt bovendien deel uit van het te behouden historisch groenstructuur in het stedelijk gebied van Haarlem. Daarnaast zijn er monumentale bomen verspreid door het plangebied te vinden die gehandhaafd moeten blijven.” De aanwijzing tot 'beschermd stadsgezicht' betekent dat het bijzondere ruimtelijke en functionele karakter van het gebied in een bestemmingsplan moet worden beschermd (ex art. 36 van de Monumentenwet). In het aanwijzingsbesluit zijn de volgende voor dit plangebied te beschermen waarden nader getypeerd: de gevarieerde, luxe villabebouwing van het Wilhelminapark uit de periode 1898-1906.

De plaatsing van een transformatorhuis in het Wilhelminapark zal het aanzicht van het beschermde stadsgezicht aantasten en van de monumentale panden, waar het transformatorhuis op zeer korte afstand van de gevels voorzijde wordt geplaatst. Daardoor zal zowel het ruimtelijke als het functionele karakter van het Wilhelminapark worden aangetast. Wij verzoeken de Gemeente Haarlem dan ook expliciet om een andere, minder belastende locatie, aan te wijzen voor het gewenste transformatorhuis. 2. Eenrichtingsverkeer Meerdere bewoners van het Wilhelminapark hebben reeds te kennen gegeven dat eenrichtingsverkeer in het Wilhelminapark onwenselijk is. Dit betekent immers dat de toegang vanaf de Schouwtjeslaan de enige toegang tot het park zal gaan worden. Deze toegang is reeds lange tijd een onoverzichtelijk en druk punt met veel fietsers, auto’s, jonge kinderen en scholieren. De bewuste toename van verkeer tot het park via deze route is dan ook onbegrijpelijk. Het enige argument dat wordt gegeven voor het aanpassen van de rijrichting is het “creëren van bredere voetpaden”. De noodzaak voor bredere voetpaden is onduidelijk. Immers zijn er al brede voetpaden en is er geen wens om deze nog breder te maken. Wij zullen dan ook als bewoners bezwaar indienen indien de rijrichting van het Wilhelminapark zal worden aangepast. 3. Historisch verantwoorde herinrichting (3.7.

Collegebesluit) In het Collegebesluit wordt gesteld dat er rekening is gehouden met de richtlijnen van de HIOR. Bij de thans ingetekende locatie van het transformatorhuis is echter geen rekening gehouden met de richtlijnen van de HIOR.

Het HIOR van de gemeente Haarlem benadrukt immers het belang van uniformiteit en het behoud van de esthetische en historische waarden binnen de openbare ruimte. Het plaatsen van objecten, zoals een transformatorhuis, dient zorgvuldig te worden overwogen om de ruimtelijke structuur en sfeer van de wijk niet aan te tasten. De geplande locatie voor het transformatorhuis bevindt zich in een gebied met vele monumentale panden en betreft bovendien een beschermd stadsgezicht. Het toevoegen van een dergelijk object zal het historische karakter en de visuele harmonie van de omgeving verstoren, hetgeen in strijd is met de uitgangspunten van het HIOR. 4. Locatie transformatorhuis Volgens het Collegebesluit zouden de bewoners van het Wilhelminapark unaniem te kennen hebben gegeven dat het Transformatorhuis niet in het Wilhelminapark geplaatst mag worden. Dit is echter onjuist. Immers is ons nooit om een reactie hierop gevraagd! En zijn er meerdere bewoners, naast onze huishoudens, van mening dat het Wilhelminapark wel degelijk een geschikte locatie zou kunnen zijn. En bovendien een geschiktere locatie dan de thans voorgestelde locatie als aangezicht van het park en pal voor 2 monumentale panden.

Voor zover mogelijk willen wij daarom hierbij uitdrukkelijk bezwaar maken tegen de voorgenomen plaatsing van een transformatorhuis door Liander aan het Wilhelminapark voor de woningen gelegen aan nummer 5 en 6. Dit bezwaar is gebaseerd op zowel juridische en ruimtelijke overwegingen, alsmede op de beschermde monumentale waarde van het Wilhelminapark en onze woningen. 5.

Alternatieve locatievoorstellen

Wij verzoeken de gemeente en Liander om gezamenlijk alternatieve locaties te onderzoeken voor de plaatsing van het transformatorhuis. Dit kan inhouden dat wordt gekeken naar locaties waar de visuele impact minimaal is of waar het transformatorhuis op harmonieuze wijze kan worden geïntegreerd in de bestaande infrastructuur, zonder afbreuk te doen aan het historische en esthetische karakter van de omgeving. Wij stellen de volgende alternatieve locaties voor waar i) minder monumentale panden zijn, ii) meer ruimte, iii) minder (monumentale) bomen en iv) minder in het zicht vanuit de woningen. Optie 1: Groendriehoek Koninginneweg (circa nr. 103) te Haarlem Er is hier voldoende ruimte en er hoeven geen wegen te worden afgesloten of parkeerplaatsen te worden opgeheven. De afstand tussen het transformatorhuis en de omringende woningen is groter dan de huidige conceptlocatie. Bovendien is deze plek omringd door minder monumenten en zorgt plaatsing hier voor geen van de omliggende woningen voor een belemmering van het uitzicht. Daarnaast is de boom die hier staat van mindere kwaliteit dan de boom die op het Wilhelminapark staat bij de concept locatie. Optie 2: Aan het einde van de Koninginneweg (circa nr. 140) te Haarlem

Hier is veel meer ruimte, er hoeven er geen wegen te worden afgesloten/omgeleid en er staan hier geen bomen die beschadigd kunnen raken. Bovendien is deze plek omringd door minder monumenten en zorgt plaatsing hier voor geen van de omliggende woningen voor een belemmering van het uitzicht. Optie 3: Langs de Wagenweg Langs de Wagenweg zijn genoeg plaatsen, minder tot geen monumentale panden en meer ruimte om het transformatorhuisje te plaatsen zonder dat het uitzicht van een woning belemmerd. Optie 4: Langs de blinde muur van de Vitaminebron Aan het begin van het Wilhelminapark, gezien vanaf de Wagenweg, is er de mogelijkheid tot het plaatsen van een transformatorhuisje langs de blinde muur van de Vitaminbron. Hier zijn geen monumenten, belemmerd het geen zicht van omliggende woningen en staan er geen bomen. Optie 5: Hoek Schouwtjeslaan en Wilhelminapark Hier is meer ruimte en hoeven er geen wegen te worden afgesloten/omgeleid. Hier hoeven geen parkeerplaatsen te verdwijnen en staan bovendien geen monumentale panden en bovendien ook niet in het zicht van omliggende woningen. Ook staan hier geen bomen die mogelijk schade kunnen oplopen. Optie 6: In het Wilhelminapark, in de buurt van de lommerrijke bomen aan de oostkant van het park De, naar wij begrijpen, initiële locatie in het Wilhelminapark.

Hier is genoeg ruimte en kan het transformatorhuis zodanig geplaatst worden dat deze niet opvalt tussen de bomen en struiken aan de oostzijde van het park. Ook kan deze geplaatst worden zonder dat de zichtlijnen van de bewoners van de omliggende woningen op het park geblokkeerd worden (zie bijlage 2 met zichtlijnen). Peperbus model Overkoepelende suggestie betreft het gebruik van een zogenaamde "peperbus” De peperbus is in een moderne variant beschikbaar, zie het voorbeeld van het Wilsonplein in Haarlem waar deze reeds in gebruik is. Dit model transformatorhuis past veel beter in het beschermd stadsgezicht van het Wilhelminapark dan de moderne variant die momenteel is ingetekend in het concept plan. Zie voorbeeld tekening in bijlage 2. Cirkels Liander Wij begrepen dat het transformatorhuis zoveel als mogelijk binnen de cirkel van Liander geplaatst moet worden. Echter is het onduidelijk waar de transformatorhuizen in de aanliggende cirkels geplaatst zullen worden, zodat het nog niet eens zeker is dat het plaatsen binnen de cirkel in onze wijk noodzakelijk is. Wij verzoeken de Gemeente en Liander dan ook om de plaatsingen binnen de verschillende aanpalende cirkels op elkaar af te stemmen.

Op alle voorgestelde alternatieve locaties is de overlast beperkter. De impact van het transformatorhuis is hier aanzienlijk kleiner, aangezien het transformatorhuis hier niet of minder in het zicht van woonhuizen is gelegen, verder af van woonhuizen en/of naast een blinde muur. 6. Conclusies en verzoek Gezien de bovengenoemde punten verzoeken wij de gemeente om: 

Expliciet bezwaar tegen eenrichtingsverkeer te noteren.

Duidelijkheid te verschaffen over de vergunningsplicht en de toepasselijke juridische procedures.

De huidige plannen voor de plaatsing van het transformatorhuis op de voorgestelde locatie op te schorten totdat een zorgvuldige heroverweging heeft plaatsgevonden. En alternatieve locaties en modellen zijn overwogen.

In samenspraak met bewoners en Liander alternatieve locaties te identificeren die minder belastend zijn voor het monumentale karakter van de wijk.

Bij de besluitvorming de monumentale en historische waarde van de buurt als zwaarwegende factor mee te nemen.

Wij zien uw reactie met belangstelling tegemoet en zijn bereid om in overleg te treden om gezamenlijk tot een passende oplossing te komen. Met vriendelijke groet, Mevr. en mevr. Nap-Puijk Mevr. Vintura-Jansen dhr. en mevr. Prakke-Roosendaal dhr. en mevr. Kok-Maier

ro; zzz C : 1

Beschermd stadsgezicht Haarlem-Zuidwest

Datum in procedure:

27-01-2006

Datum aanwijzing:

— 5 OKT. 2011

Errata:

Haarlem, Haarlem-Zuidwest

De staatssecretaris van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap en de minister van Infrastructuur en Milieu zijn bevoegd om gezamenlijk beschermde stads- en dorpsgezichten aan te wijzen. Het rechtsgevolg van de aanwijzing is dat de gemeenteraad ter bescherming van een stads- of dorpsgezicht een bestemmingsplan, als bedoeld in de Wet ruimtelijke ordening, vast moet stellen. In die zin kan de aanwijzing tevens een stimulans betekenen voor een te voeren ruimtelijk kwaliteitsbeleid. In totaal zijn er in Nederland meer dan 400 beschermde stads- en dorpsgezichten met een geschiedenis die teruggaat tot voor het jaar 1850. In het kader van het Monumenten Inventarisatie Project is ook de stedenbouw uit de periode 1850-1940 landelijk gemventariseerd. Het besluit tot aanwijzing van Haarlem-Zuidwest in de gemeente Haarlem als beschermd stadsgezicht vloeit voort uit deze inventarisatie.

wmmm

Inleiding Het gebied Haarlem-Zuidwest is samengesteld uit de Koninginnebuurt, met als oostelijke grens het Houtplein e n , in het verlengde hiervan, de Wagenweg, het Wilhelminapark met westelijk hiervan de restanten van de buitenplaatsen Vaartzigt en Zwanenburgh, en ten zuiden van de Schouwtjeslaan Bosch en Vaart. Tot 1927 hoorde het gebied ten zuiden van de Schouwtjeslaan bij de gemeente Heemstede. Het beschermd gebied sluit in het noorden en het oosten aan op het beschermd stadsgezicht Haarlem. Het gebied Haarlem-Zuidwest laat met de Koninginnebuurt een eerste stedenbouwkundige ontwikkeling van Haarlem in de 1 9 eeuw zien. Daarbij zijn enkele straten opgenomen die aansluitend op de zuidgrens van de nog ommuurde stad al aangelegd werden in de 1 7 eeuw. Gaandeweg heeft de Koninginnebuurt zich kunnen ontwikkelen tot een voorbeeld van stadsuitbreiding met hoogwaardige architectuur uit het eind van de 1 9 eeuw en de eerste decennia van de 2 0 eeuw. Het gebied kenmerkt zich door gebogen lanen met woningbouw voor de gegoede burgerij. De villaparken ten zuiden hiervan, het Wilhelminapark en Bosch en Vaart, zijn goed bewaarde voorbeelden van villaparkaanleg en gegoede middenstandsbouw van rond 1900. Het Wilhelminapark met grotendeels vrijstaande villa's en Bosch en Vaart met villa's en geschakelde middenstandswoningen.

De ruime groenvoorzieningen in de beide villaparken zorgen voor een goede aansluiting op de Haarlemmerhout en het Westerhoutpark. Westelijk van het Wilhelminapark bevinden zich de restanten van buitenplaatsen aan de Leidsevaart, die als rijksmonument beschermd zijn: Vaartzigt en Zwanenburgh. e

e

e

e

Ontstaan en ontwikkeling De prestedelijke structuur is bepaald door de noordzuidverbindingen van de Wagenweg en de in 1656-1657 gegraven Leidsevaart. Zij lopen min of meer parallel met de onderliggende strandwal, waarop de binnenstad en de Haarlemmerhout zijn gelegen. De wegenstructuur van dit gebied laat een nauwe aansluiting zien op de binnenstad en de Haarlemmerhout. Aan de zuidrand van de ommuurde stad verschijnt er al snel bebouwing aan de toegangswegen. Vooral het Houtplein, het voorplein van de Grote Houtpoort is al vroeg bebouwd. Datzelfde geldt voor de Wagenweg, deel uitmakend van de aloude Heerenweg, die parallel aan de duinrand Haarlem met Heemstede verbond. Vanuit de stad zelf zijn er twee ontwikkelingen te noemen die typerend zijn voor de prestedelijke ontwikkeling van HaarlemZuidwest. Dat zijn enerzijds de bedrijven en bijbehorende voorzieningen waar binnen de stadsmuur geen plaats meer voor was, anderzijds de buitenplaatsen van de gegoede stedelingen die hier een lustplaats creeerden. Door de aanleg van de trekvaart naar Leiden in 1656-1657, de Leidsevaart, kreeg het gebied westelijk van de Wagenweg een duidelijke begrenzing, die oorspronkelijk alleen bij de Schouwtjeslaan een brug had. De Emmabrug ontstond pas in samenhang met de ontwikkeling van de Koninginnebuurt in 1899.

Koninginnebuurt Aanvankelijk was het gebied dat de Koninginnebuurt beslaat in gebruik als wei- en grasland. Maar in het begin van de 1 7 eeuw werden de landerijen aan weerszijden van het Molenpad (het huidige noordelijke deel van de Koninginneweg) en ten westen van het Raamlaantje (de e

3

latere Van Eedenstraat), maar niet zuidelijker dan het Wijde Geldeloozepad, ingericht voor de grote houten ramen van de lakenwevers. Tot aan de Olieslagerslaan waren de gronden in gebruik als tuinbouwgebied en weiland. Allengs kwamen er steeds meer bollenkwekerijen. Een situatie die tot aan de tweede helft van de 19 eeuw voortduurt. Een aantal wegen en lanen kwam in de 18 eeuw tot stand zoals de Schouwtjeslaan en de niet meer bestaande Steenmuurslaan, l en 2 Hooglandslaan en de Lange Laan. e

e

s t e

d e

In de 1 7 eeuw concentreerde de bebouwing zich langs het Pleyn (het latere Houtplein), de Wagenweg, het Wijde Geldeloze Pad, het Molenpad en langs de singel. De uitbreidingsplannen van 1873-1878 van J.E. v.d. Arend, waaraan ook L.P. Zocher meewerkte, namen de bestaande structuur en bebouwing als uitgangspunt. Het waren pogingen van gemeentewege de particuliere initiatieven te kanaliseren, die niet tot uitvoering zijn gekomen. e

Daarna kwam het plan voor een 'aanzienlijk stadskwartier' van J . Wolbers uit 1895 tot uitvoering. Dit greep deels terug op de eerdere plannen. Amendementen uit 1901, 1902 en 1903 hebben het plan van Wolbers nog bijgesteld. Typerend voor deze aanleg zijn de vele gebogen straten en de gevorkte aanleg van de Eerste en Tweede Emmastraat. Naast de villabebouwing heeft dit "aanzienlijk stadskwartier' ook markante schoolgebouwen zoals Tempeliersstraat 1 van Jacques Leijh uit 1885 en Cruquiusstraat 2 van C.L.M. Robbers uit 1911. Een bijzondere ontwikkeling aan de Tempeliersstraat laat de U-vormige aanleg van het winkelcentrum met lunchroom zien. Het is een voorbeeld van functionalistische architectuur uit 1932 van de architect H.A. Pothoven.

4

Wilhelminapark Min of meer aansluitend op het eerste plan van Wolbers ontwierp S.J.W. Mons het Wilhelminapark. Geinspireerd door de schilderachtige Engelse landschapsstijl ontwierp hij in 1898 een villapark voor negentien enkele en dubbele villa's en een woonblok van vijf herenhuizen. Voor de aanleg van het Wilhelminapark was hier een bollenkwekerij gevestigd. Voor veertien villa's leverde architect Mons ook het ontwerp. C. Smink jr. is de ontwerper van de vijf herenhuizen. De totale aanleg gaat min of meer schuil achter de bebouwing van de Wagenweg. Van Tubergenterrein Het gebied westelijk van het Wilhelminapark en ingeklemd tussen de Koninginnebuurt en Bosch en Vaart heeft een heel eigen ontwikkelingsgeschiedenis. Na de aanleg van de Leidsevaart verschenen hier in de 18 eeuw de buitenplaatsen Vaartzigt en Zwanenburgh. Vanwege de aanleg van die buitenplaatsen werd het westelijk deel van de Olieslagerslaan particulier terrein en liep deze straat niet meer door tot aan de Leidsevaart. Het omringende gebied bleef in gebruik als tuingrond. e

Het deel van het plan van Wolbers voor het terrein van de buitenplaatsen Vaartzigt en Zwanenburgh kwam niet tot uitvoering en bleef tuinbouwgebied tot 1985, toen het gebied met een nieuw stedenbouwkundig plan, het Van Tubergenterrein, werd ingevuld. Alleen het begin van de Van Merlenstraat bij de Schouwtjeslaan gaat terug op het plan van Wolbers. Aan de Leidsevaart, thans Zuider Emmakade 4 3 , verscheen in 1925 het Christelijk Lyceum naar ontwerp van A. de Maaker.

Bosch en Vaart De buitenplaats Bosch en Vaart, gelegen aan de Wagenweg, had terreinen die uitstrekten tot aan de Leidsevaart. Voor dit terrein werd door de architect P. Kuiper in 1901 een plan ontworpen met een quasigeometrisch stratenpatroon, met als centrum het Oranjeplein. Van 1901 tot 1938 werd de wijk volgebouwd met 33 villa's en 352 geschakelde middenstandswoningen in stijl varierend van verschillende neostijlen tot Amsterdamse School, van vakwerkbouw tot chaletstijl. Het vele groen van tuinen en bomen ondersteunt de oorspronkelijke opzet van de wijk waarbij de tuinstadgedachte de leidraad vormde. De aanleg en bebouwing van Bosch en Vaart zijn uitzonderlijk gaaf bewaard gebleven.

bebouwing uit de eerste decennia van de 2 0 eeuw. Villabebouwing en geschakelde middenstandswoningen vormen met scholen de kenmerkende architectuur. e

Wilheiminapark Het Wilhelminapark is in zijn oorspronkelijke conceptie bewaard gebleven. De vrijstaande villa's en geschakelde herenhuizen zijn gelegen rond een open binnenterrein. Het bebouwingsbeeld uit de bouwtijd sluit daar op aan. Van Tubergenterrein Het scholencomplex aan de Zuider Emmakade van het Christelijk Lyceum, waarvan het hoofdgebouw uit 1911 dateert, vormt de eerste bebouwing van dit tuinbouwgebied naast de buitenplaatsrestanten aan de Leidsevaart uit de 18 eeuw. Alleen de Van Merlenstraat en de Zuider Emmakade zijn restanten van het stedenbouwkundig plan van Wolbers. De rest van het gebied werd pas na 1985 ingericht en bebouwd en valt derhalve buiten de bescherming. e

Huidig ruimtelijk karakter en bebouwingsbeeld De Koninginnebuurt met het Wilhelminapark en Bosch en Vaart zijn ruim opgezette wijken tussen de Wagenweg en de Leidsevaart. Het gebied kenmerkt zich door een overwegend gebogen stratenpatroon met villabebouwing en geschakelde middenstandsbouw. Restanten van vroegere bebouwing en aanleg zijn in de laat 19 -eeuwse ontwikkeling van het plan van Wolbers opgenomen. Het Wilhelminapark als voorbeeld van de Engels geinspireerde landschapsstijl sluit aan op deze aanleg, gesitueerd achter de gevelwand van de Wagenweg. e

Koninginnebuurt Van de oorspronkelijke bestemming als tuinbouwgebied en als terrein voor de ramen van de lakenindustrie is niets bewaard gebleven. Wel volgen enkele straten het trace van vroegere paden. De huidige karakteristiek is vooral bepaald door het stedenbouwkundig patroon van Wolbers met de

Bosch en Vaart Ook Bosch en Vaart is als oorspronkelijk concept bewaard gebleven met de waardevolle bebouwing uit de periode 1901-1938. Centraal punt vormt het groen ingerichte Oranjeplein, waaraan enkele, reeds als rijksmonument beschermde, villa's staan. De karakteristieke tuinen rond de bebouwing laten Bosch en Vaart goed aansluiten op de villaparken en de Haarlemmerhout oostelijk van de Wagenweg.

5

Nadere typering van te beschermen waarden Het gebied Haarlem-Zuidwest heeft een hoogwaardig en grotendeels gaaf bewaard gebleven stedenbouwkundig patroon met een karakteristieke architectonische invulling van villa's en geschakelde middenstandswoningen. Van zeer grote betekenis is het in dit gebied gelegen Wilhelminapark en de uitzonderlijk gaaf bewaarde aanleg en invulling van Bosch en Vaart. Het gebied is representatief voor de ontwikkeling van een vroege stadsuitbreiding waarbij gebruik werd gemaakt van een deels historisch bepaald stratenpatroon, dat enerzijds aansluit op de binnenstad van Haarlem en anderzijds op de Haarlemmerhout. Verschillende architecten van naam hebben gebouwen gerealiseerd in Haarlem-Zuidwest, zoals K.P.C de Bazel, A . J . M . Sevenhuijsen en J.A.G. van der Steur. Een aantal panden in Haarlem-Zuidwest geniet objectbescherming als rijksmonument, zoals de restanten van de buitenplaatsen aan de Leidsevaart. Ook het complex van het voormalig Gereformeerd Weeshuis "Coen Cuserhuis' aan de Olieslagerslaan uit 1907-1908 is als rijksmonument beschermd. Enkele schoolgebouwen aan de Tempeliersstraat, Cruquiusweg en de Zuider Emmakade zijn in de villabebouwing geintegreerd en zijn op zich representatieve voorbeelden van schoolgebouwen van kort voor tot begin jaren dertig van de 2 0 eeuw. e

Nadere typering van te beschermen waarden: • de Koninginnebuurt met de deels historische straten; • de karakteristieke aanleg met gebogen straten en pleinen van de Koninginnebuurt, met hierop aansluitend de Emmabrug; • de voor de periode karakteristieke traditionalistischefunctionalistische architectuur van de villabebouwing, geschakelde middenstandshuizen en scholen; • de min of meer experimentele architectuur van het winkelcentrum uit 1932 aan de Tempeliersstraat;

6

•

• •

• • •

• • •

de restanten van de buitenplaatsen aan de Leidsevaart: Vaartzigt (Van Tubergenpad 10) en Zwanenburgh (Koninginneweg 86); de hoofdstructuur van het stedenbouwkundig ontwerp van Bosch en Vaart; het specifieke tijdsbeeld van de architectuur van de tussen 1901 en 1920 gebouwde middenstandswoningen van Bosch en Vaart; de gevarieerde, luxe villabebouwing van het Wilhelminapark uit de periode 1898-1906; de samenhang van deze buurten met de Haarlemmerhout; de samenhang van het overwegend gebogen stratenpatroon met de architectuur van villa's en geschakelde middenstandswoningen; de samenhang van de scholen en complexen zoals het 'Coen Cuserhuis' met de overige bebouwing; het openbare en particuliere groen als wezenlijk onderdeel voor deze wijk; het afwisselend scala van architectuur dat hier werd gerealiseerd vanaf de tweede helft van de 19 eeuw als resultaat van vroege stadsuitbreidingen voor een belangrijk deel aangestuurd door particulier initiatief. e

Begrenzing De noordgrens van het gebied Haarlem-Zuidwest wordt gevormd door de bebouwing van de Raamsingel en die van het Tuinlaantje (aansluitend op de zuidgrens van het bestaand beschermd stadsgezicht), de oostgrens door de bebouwing van de Wagenweg, en ten zuiden van de Schouwtjeslaan, de Wagenweg (aansluitend op de westgrens van het bestaand beschermd stadsgezicht). De zuidgrens wordt gevormd door de historische bebouwing met tuinen van de Van Hogendorpstraat en de Eindenhoutstraat. De Leidsevaart vormt de westelijke grens. De exacte begrenzing is weergegeven op de bijgevoegde begrenzingskaart, M S P / 3 1 / 0 1 . Waardering Het gebied Haarlem-Zuidwest is van algemeen belang vanwege de cultuurhistorische betekenis van de Koninginnebuurt als een van de vroegste stadsuitbreidingen van Haarlem en aansluitend daarop het Wilhelminapark en Bosch en Vaart, als villaparken van het begin van de 2 0 eeuw. e

Het gebied is representatief voor de ontwikkeling van de Nederlandse stadsuitbreidingen en suburbane villagebieden uit het eerste kwart van de 2 0 eeuw. e

Rechtsgevolg van de aanwijzing

Ter effectuering van de aanwijzing van een beschermd stads- of dorpsgezicht moet ingevolge artikel 36 van de Monumentenwet 1988 een bestemmingsplan worden opgesteld. De toelichting op de aanwijzing kan daarbij voor wat het beschermingsbelang betreft als uitgangspunt dienen. Doel van de aanwijzing is de karakteristieke, met de historische ontwikkeling samenhangende structuur en ruimtelijke kwaliteit van het gebied te onderkennen als zwaarwegend belang bij de toekomstige ontwikkelingen binnen het gebied. De aanwijzing beoogt op die wijze een basis te bieden voor een ruimtelijke ontwikkeling die inspeelt op de aanwezige kwaliteiten, daarvan gebruikmaakt en daarop voortbouwt. In het aanwijzingsbesluit is bepaald in welke mate de vigerende bestemmingsplannen aan het beschermingsvereiste voldoen.

8

Bronnen

Colofon

Literatuur • J . v.d. Aar, Het Wilhelminapark te Haarlem 1898-1906; stadsuitbreiding - architectuur, z.p. 1984. • R. Blijstra, Haarlem: heel oud, heel nieuw, z.p. 1971. • R. Mens, Stadsuitbreiding van Haarlem rond 1900, Haerlem Jaarboek 1981. • G.F. van der Ree-Scholtens (eindredactie), Deugd boven geweld; een geschiedenis van Haarlem, 12451995, Hilversum 1995. • P. Roos, B. Uittenhout en W. de Wagt, Architectuurgids Haarlem, 1992. • H. van der Straaten en M. Maandag, Bosch & Vaart 1901-2001, 2001. • J.J. Temminck e.a., Haarlemmerhout 400 jaar 'mooier is de wereld nergens', z.p. 1984.

Uitgave Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed, Amersfoort 2011

Kaarten • Orientatiekaart, Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed 2011. • Waarderingskaart, Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed 2 0 1 1 . • Ontwerp voor Bosch en Vaart, circa 1880. Bron: Archiefdienst voor Kennemerland, Haarlem. • Uitbreidingsplan Haarlem, l herziening, 1905 (fragment Koninginnebuurt). Bron: Archiefdienst voor Kennemerland, Haarlem. e

Onderzoek en tekst • Gemeente Haarlem, drs. J.M.M. Jacobs • Provincie Noord-Holland, E. van der Kleij • Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed, drs. L G . M . van Roij Kaartmateriaal Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed, drs. B.A.R.T. Broex Foto omslag Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed, drs. L G . M . van Roij Redactie Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed, H. Bos en drs. B.A.R.T. Broex Productie Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed /Drukkerij Mailfors Amersfoort.

Luchtfoto • Haarlem-Zuidwest. Bron: Gemeente Haarlem, sector Stedelijke Ontwikkeling.

9

Bijlagen

1.

Orientatiekaart.

2.

Waarderingskaart.

3.

Ontwerp voor Bosch en Vaart, circa 1880.

4.

Uitbreidingsplan Haarlem, l herziening, 1905 (fragment Koninginnebuurt).

5.

Luchtfoto: Haarlem-Zuidwest.

10

e

Kaart 3

Ontwerp voor Bosch en Vaart, circa 1880

Uitbreidingsplan

Haarlem, le herziening,

1905 (fragment

Koninginnebuurt)

Kaart 5

Luchtfoto:

Haarlem-Zuidwest

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/15570413/1