CConstaterende datHaarlem
Koppel je AI →
Document · PDF

05-13 Transcript commissie Samenleving 13 mei 2026

commissie Samenleving 11 juni 2026, gemeente HaarlemBij agendapunt: Transcript commissie d.d. 13 mei 2026 (alleen naar aanleiding van)24.428 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 1 van 3

5 alinea's met “mededelingen”: 2 10 12 14 18

TRANSCRIPT VAN DE COMMISSIE SAMENLEVING VAN GEMEENTE HAARLEM d.d. 13 mei 2026 1.

Opening en mededelingen voorzitter De voorzitter: Goed, dames en heren, ik heet u van harte welkom bij de vergadering van de Commissie Samenleving van 13 mei 2026. De eerste reguliere Commissie Samenleving die we als nieuwe gemeenteraad hebben. Alle nieuwe leden hier van harte welkom. Ik begin met een aantal huishoudelijke mededelingen, vervolgens met de mededelingen die u elke keer mag verwachten en dan gaan we zo de agenda afwerken. In ieder geval dank aan u allen dat ik hier op deze stoel weer mag zitten deze periode, namens u de commissie mag leiden en er namens u ook voor zijn om ervoor te zorgen dat agenda's zo behapbaar mogelijk blijven. In ieder geval wat de Commissie Samenleving betreft. Daar werken we hier zo hard aan. Zowel richting het college, maar ook richting de ambtenarij als het gaat over technische sessies. Graag houden we het ook voor ieder behapbaar, maar zorgen we er ook voor dat er voldoende informatie is voor u allen om een goede bijdrage te kunnen leveren. En daarnaast staat de Commissie Samenleving er bekend om dat we hier de meest uitgebreide spreektijden hebben van alle vier de raadscommissies. Dat moet u in ieder geval genoeg in de gelegenheid stellen om uw bijdrage op een goede manier te kunnen doen. Dan toch echt over naar de spelregels.

Voor degenen die mij hier al langer kennen en de afgelopen vier jaar ook hebben meegemaakt, het beleid is streng doch rechtvaardig. Ik zal u daarop aanspreken op het moment dat u niet op de juiste manier spreekt. Dat betekent dat u collega's aanspreekt met de achternaam of partijnaam. Als u het over u heeft, dan heeft u het over mij en ik ben uw voorzitter. Dat is de standaardfrase die we dan maar gebruiken. Dat is in ieder geval een van de zaken waar ik u op wil wijzen. En daar zal ik u tijdens uw bijdrages in begeleiden. Mocht u willen interrumperen, dan is dat altijd een gunst is van de voorzitter. U steekt uw hand op en dan kijk ik naar een zo passend mogelijk moment om u het woord te geven. Soms is dat direct, soms kan dat even duren. En in mijn hoofd werk ik dan met de gebruikelijke wachtrij. Op het moment dat u uw hand heeft opgestoken, dan ga ik het rijtje af aan de hand van wie ik als eerste heb gezien. En zo werkt dat ook voor bijdrages. Als u op een gegeven moment met meerdere uw hand opsteekt, hoeft dat niet een extra keer. Ik probeer echt bij te houden wie dat heeft gedaan. En dan krijgt u soms verwacht en soms onverwacht ineens het woord. Mocht u overigens opmerkingen hebben over mijn rol als voorzitter, dan nodig ik u van harte uit om die vooral te maken. We zijn hier tenslotte allemaal om te leren.

Ik mag u hier vanuit deze rol begeleiden in de goede vergaderingen die we gaan hebben. Maar mocht u andersom opmerkingen hebben, dan hoor ik dat ook graag. Ik zit hier als onpartijdig voorzitter, dus niet namens mijn partij en dat zijn dan de dingen die ik standaard moet zeggen en waar ik denk ook altijd aan te houden. Ook nog belangrijk is dat aan tafel maximaal twee vertegenwoordigers per partij mogen zitten. Of dat raadsleden, commissieleden of een combinatie daarvan is, maakt niet uit. Maar u mag maar maximaal twee aan deze of de raadstafel beneden zitten. Mocht u meerdere fractieleden hebben die in de commissie een bijdrage willen leveren, dan wisselt u tussentijds. En over het algemeen als ik wisselingen zie, dan maken we daar ruimte voor. En één persoon spreekt per onderwerp. U mag dus niet in uw fractie, als u met zijn tweeën aan tafel zit, beiden het woord voeren in één onderwerp. Zo hebben we dat nu eenmaal met elkaar afgesproken. Mocht u ooit vragen hebben, opmerkingen of aanmerkingen over de regels, dan kunt u die ook altijd stellen met een punt van de orde of als u het niet eens bent met de gang van de orde, kan dat ook. Ik wil u nog wel erop wijzen dat ik standaard stipt om 23.00 uur stop. Dat doen we elke keer. Is vorige periode ook gelukt. Dus ik ga ervan uit met u allen dat u dat ook deze periode waar kunt maken. Ja, toch? Ja, vind ik wel.

En tot slot de spreektijden. Ze staan op het scherm. Soms heeft de techniek ons nog weleens in de steek gelaten dat we het zonder hebben gedaan. Maar in dit geval werken ze. Met de spreektijd van OPHaarlem is een klein probleem. Die hebben we handmatig moeten instellen en daar wordt nog door de techniek naar gekeken. In ieder geval staat die nu bijna goed. Die 2

1

seconden. Die nemen we maar af in gedachten. Let u in ieder geval goed op de spreektijd, want op is echt op. Betekent dat u er niets bij krijgt. We doen niet aan bijplussen. De heer El Aichi zegt: dat meet hij echt. En dat meet hij ook echt, zeker weten. En dat is geen dreigement, maar slechts een constatering van eerdere ervaringen. In dit geval zijn in het verleden behaalde resultaten misschien wel een goede voor de toekomst. Dan houden we hier tenslotte ook van een goede dosis humor en een beetje debat. Als u aan het debatteren bent met elkaar, laat ik dat heel graag toe. Dan ga ik er niet tussen zitten. Soms is het met een knikje, soms is het met een handgebaar. Gaat u vooral samen het debat aan. Dat vind ik alleen maar leuk, maar dat is ook leuk dat u namelijk het goede gesprek met elkaar kunt voeren. Waar het uiteindelijk ook om gaat, want het is hier geen vraag en antwoord vanuit het college, maar vooral de raad en als commissie moeten we het toch ook vooral samen met elkaar doen. Dan gaan we nu over naar de volgende zaken, de standaarddingen die u van mij elke keer krijgt. Ik heb geen berichten van verhindering ontvangen. En de presentielijst die wordt zo meteen rondgedeeld door de griffier. Ik wil u vragen om die in ieder geval allemaal te tekenen.

En naar aanleiding van de eerste sessie die we als commissie hadden, de informatieve sessie over sport, gaan er een heleboel uitnodigingen aankomen. De afdeling sport die lost in ieder geval die belofte al goed in. De eerste twee mag ik u mededelen, namelijk de openingsceremonie voor de Special Olympics. Dit gaat plaatsvinden op vrijdag 12 juni van 18.00 tot 20.00 uur bij de ijsbaan. U wordt hiervoor uitgenodigd mede namens de wethouder sport. Ook hebben we de demomiddagen van de prototypevelden voor de toekomstbestendigheid van kunstgras. De uitnodiging van Team ScaleUp, deze staat ook in de Raadzaam. Daarin staat een link waarmee u zich kunt aanmelden. Na de aanmelding ontvangt u het volledige programma. Maar in ieder geval gaat dit plaatsvinden op woensdag 10 juni in Haarlem of op woensdag 17 juni in Amsterdam. Beide van 13.00 tot 16.30 uur. Aanmelden kan tot 1 juni. Dus u heeft nog twee weken. Dan heb ik ook voor u in de agenda de kennismaking met de ambtelijke organisatie. Die vindt plaats op maandag 22 juni en daar hebben we een ietwat aangepaste tijd, namelijk inloop vanaf 17.30 uur. Dan is er eten voor u het eerste half uur en na dat half uurtje eten vanaf 18.00 uur vindt de informatieve sessie plaats in de Enschedekamer. Met aansluitend een informeel gesprek wat nog plaats kan vinden met de afdelingen die raken aan deze commissie.

Ook nog voor in uw agenda heb ik op donderdag 21 mei van 18.30 uur tot 22.00 uur een debattraining in de raadszaal. Ook hiervoor gaat een intekenlijst rond. En ook nog de voorbereiding op de behandeling van de jaarstukken kennismaking met de Duisenberg-methode. Deze staat op dinsdag 26 mei van 19.00 tot 22.00 uur en ook hiervoor gaat de intekenlijst rond. Dan zit uw agenda ongeveer vol. Dan houd ik op. 2.

Vaststellen van de agenda De voorzitter: Ga ik naar het vaststellen van de agenda. Kan deze agenda zoals die nu voorligt conform worden vastgesteld voor vanavond? De heer Koeckhoven, u heeft een opmerking over de agenda. Ga uw gang. De heer Koeckhoven: Dat gaat over de ter kennisname meegezonden stukken. De voorzitter: Dat doen we zo meteen pas. We zijn nu bij de vaststelling van de agenda. U mag nu eerst zeggen of u het eens bent met de agenda of niet. De heer Koeckhoven: Mooi, als u dan de microfoon even uitzet, dan gaan we eerst nog even naar iets anders. Dan zo meteen als we het gaan hebben over punt 3, de mededelingen van commissieleden en wethouders, mag u eventueel over de ter kennisnamestukken een opmerking maken. Dan stellen we de agenda conform vast.

2

De voorzitter: Ga ik kijken naar de agenda voor de komende vergaderingen. Dan heb ik een agenderingsverzoek ontvangen van de fractie van Jouw Haarlem. Mevrouw Scholten, wilt u dat nog kort toelichten of denkt u het is duidelijk zo? Een korte toelichting. Mevrouw Scholten: Een korte toelichting kan altijd. Het gaat ons erom dat we nu deze ronde bespreken het jeugd- en jongerenwerk en dat wij de motie Extra steun en veiligheid voor lhbtiqa+ aangenomen hebben gekregen in de vorige periode. Het lijkt ons fijn om in de context van wat we vandaag meegeven over jeugden jongerenwerk, daar de volgende keer op te kunnen voortborduren. Specifiek ook voor hulp aan jongeren uit de regenbooggemeenschap. Zodat we dat niet alleen met wethouder De Raadt bespreken, maar misschien ook met wethouder Van Loenen. De voorzitter: Is daar steun voor vanuit de commissie? Dan mag u uw hand opsteken als daar steun voor is. Ja, voldoende. Gaan we dat een volgende keer agenderen. En kijken we even welke wethouders daarbij kunnen zijn. Dat in ieder geval de agenda voor de komende vergaderingen. De heer …: Voorzitter, een punt van orde. Heeft u niet agendapunt 4 overgeslagen? De voorzitter: Het staat een beetje … De heer …: Mededelingen over gemeenschappelijke regelingen. De voorzitter: Nee, ik ben nog bij punt 2 momenteel. De heer …: Sorry, ik dacht dat u bij punt 5 was. Excuses.

De voorzitter: Het is heel veel van vanavond om te beginnen. Maar goed dat u mij scherp probeert te houden. We komen er. Ik denk: waar is hij? Nee, gaat helemaal goed zo. 3.

Mededelingen commissieleden en wethouder(s) De voorzitter: De mededelingen van commissieleden en wethouders. Daar gaan we naartoe. De heer Koeckhoven, u had een opmerking over agendapunt, één punt, vertel. De heer Koeckhoven: Dat gaat over de ter kennisname meegezonden stukken. Nummer 2.3, dat is de afdoening van de motie rookvrij sport en bewegen. De Partij voor de Dieren vindt het heel fijn dat dat allemaal is uitgezocht. En dat er al 57 plekken zijn die rookvrij zijn verklaard. Maar toch wel teleurstellend dat een verbod in de APV niet kan, helaas. Maar de Partij voor de Dieren die zou toch graag zien dat er dan bij alle openbare sport- en beweegplekken ontmoedigingsborden zouden komen. Dat is mijn opmerking hierover. De voorzitter: Ietwat buiten de orde, maar vooruit. Vaak zegt u of u de motie vindt dat die afgedaan is of niet. En vergeet u niet de microfoon uit te zetten, want uw spreektijd loopt door. Dat even voor de toekomst. Zijn er verder vanuit de kant van de commissie mededelingen? De heer Amand, ga uw gang. De heer Amand: Voorzitter, ik ga zo meteen ook nog even naar beneden, dus dan weet u dat. De voorzitter: Dat staat dan bij deze genoteerd, dank. Dan gaan we naar mededelingen van de wethouder. Wethouder Van Loenen heeft een mededeling over zorgverlener Accuraat.

3

Wethouder Van Loenen: Accuraat levert beschermd wonen in diverse vormen, afhankelijk van de indicatie van de cliënt. Ik zal het even iets langer toelichten, want vorige keer hebben we het er weleens achter gesloten deuren over gehad. Dit keer is het openbaar. In 2025 is er door de onafhankelijke toezichthouder kwaliteit, de GGD Kennemerland, in meerdere rapporten geconstateerd dat er tekortkomingen waren in de kwaliteit van geleverde ondersteuning bij zorgaanbieder Accuraat begeleid wonen. Dit heeft ertoe geleid dat we in maart 2025 Accuraat hebben opgedragen zich te verbeteren. En is een hersteltermijn geboden tot 1 november 2025, om tekortkomingen tijdig en volledig op te lossen. En ook zijn we op dat moment begonnen met het overplaatsen van cliënten, welke een traject volgden bij Accuraat. Circa 20 van de 30 cliënten kregen een passende vervolgplek. En de overige 10 cliënten wilden het traject vervolgen bij Accuraat. Op 8 april 2026 is het nieuwe onderzoek in het kader van de geboden hersteltermijn voor Accuraat afgerond door de toezichthouders en het rapport opgeleverd. Hierin kwam naar voren dat er nog steeds sprake is van een diversiteit aan tekortkomingen. De GGD heeft in het rapport de oproep gedaan aan de gemeente om te gaan handhaven. Om die reden hebben we op 7 mei 2026 Accuraat laten weten dat de overeenkomst per 30 juni dit jaar wordt ontbonden en opgezegd.

De geboden hersteltermijn is immers niet gehaald. En voor de cliënten die er destijds voor gekozen hebben om bij Accuraat te blijven, dat zijn die circa 10 cliënten, is een passende vervolgplek beschikbaar. De voorzitter: Dank daarvoor. 4.

Mededelingen over gemeenschappelijke regelingen en andere samenwerkingsverbanden De voorzitter: Gaan we verder naar punt 4, de mededelingen over de gemeenschappelijke regelingen en andere samenwerkingsverbanden. Ik wil u er graag nog even op wijzen dat er een informatiemarkt over de gemeenschappelijke regelingen en de MRA op 27 mei plaatsvindt, in de avond in het van de Valk-hotel hier in Haarlem. Heeft de wethouder nog mededelingen hier verder over? Nee.

5.

Agenda komende vergadering(en), Bestuurlijke Agenda en overzicht moties en toezeggingen De voorzitter: Gaan we naar agendapunt 5, daar had hij tussen moeten zitten. Dat agendapunt voor de volgende vergaderingen. Maar zijn er opmerkingen over de Bestuurlijke Agenda en het overzicht van moties en toezeggingen? Los van een opmerking vanuit mijzelf dat we het eerste punt op de lijst met moties en toezeggingen al na aan het vragen zijn, omdat daar nog oude data in stond. Maar zijn er verder opmerkingen over? Nee, fijn. Dit wordt ook actief bijgehouden overigens door de griffier en mijzelf. En mochten we hier echt nou tekortkomingen of vertraging of iets dergelijks in zien vanuit de kant van het college, dan zullen we dat ook altijd vragen of dat medegedeeld kan worden. In juni hebben we een behoorlijke lijst met onderwerpen. Dat worden twee agenda's, twee vergaderingen, kan ik u in ieder geval al meedelen.

6.

Transcript commissie d.d. 5 maart 2026 De voorzitter: Ga ik naar punt 6, het transcript van 5 maart. Zijn er naar aanleiding van het transcript opmerkingen of aanmerkingen? Nee, mooi.

4

7.

Verzoek om zienswijze op de ontwerpbegroting/ Kadernota 2027-2030 en de ontwerpjaarrekening 2025 van het Gemeenschappelijk Orgaan Beschermd Wonen regio Zuid-Kennemerland, IJmond en Haarlemmermeer en het Bijdragebesluit 2027 De voorzitter: Gaan we dan naar punt 7, is het verzoek om een zienswijze op de ontwerpbegroting/ Kadernota 2027 tot 2030 en de ontwerpjaarrekening 2025 van het Gemeenschappelijk Orgaan Beschermd wonen ZuidKennemerland, IJmond en Haarlemmermeer en het Bijdragebesluit. Dus drie stukken. Er zijn al technische vragen gesteld van de fracties van de VVD, PRO en de Partij voor de Dieren, die achter de inlog gepubliceerd staan. En ik ga proberen als u zienswijzen heeft om die per onderwerp te noteren. Wie mag ik als eerste het woord geven? Mevrouw Zwart, ga uw gang. Mevrouw Zwart: Dank u wel, voorzitter. Vanavond ben ik hier voor het eerst als commissielid in de Commissie Samenleving. Ik ben nieuw in deze rol, maar ik ben wel gemotiveerd om mij snel in te zetten voor de inwoners van Haarlem. De voorzitter: Een kleine opmerking, iets meer in de microfoon praten, dan kan ik beter horen. En als ik u kan horen, dan kan ook iedereen thuis u horen. Mevrouw Zwart: Dat vermoeden hadden we al eventjes. Zo beter? Iets beter? Ik kom uit de luchtvaart van Van KLM. Daar leerde ik tijd is geld, op tijd is te laat en samenwerken is essentieel.

Die instelling neem ik graag mee naar deze commissie. Ik heb respect voor de ervaring die hier aanwezig is en kijk ernaar uit om ervan te leren. Tegelijkertijd ben ik hier om namens de fractie van Forum voor Democratie en onze kiezers helder en betrokken bij te dragen. Voor onze fractie staat centraal dat beleid begrijpelijk, uitvoerbaar en werkbaar moet zijn voor onze inwoners. Uiteindelijk gaat het om de vraag: helpt het mensen echt verder? U kunt van mij verwachten dat ik duidelijk ben, zal doorvragen waar nodig en zal meewerken waar het kan. Ik zie uit naar de prettige samenwerking. Dan voorzitter, Forum voor Democratie is altijd scherp ten aanzien van overheidsuitgaven. Mijn eerste vraag gaat dan ook over de advieskosten, genoemd in ontwerpjaarrekening 2025 pagina 11, is dat om precies te zijn. Hiervoor werd ongeveer 162.000 euro overgemaakt, onder andere om het capaciteitsonderzoek. Nu stapte ik vorige week zondag even op mijn fiets en fietste naar de dak- en thuislozenopvang in de Wilhelminastraat en daar leerde ik binnen 15 minuten en overigens geheel gratis, dat er een opvangcapaciteit is van 30 deelnemers. En dan zijn er nog 3 uitloopmogelijkheden voor echte hoge nood. Maar dat er regelmatig 60 deelnemers moeten worden opgevangen, omdat Haarlem het geen mens op straat principe hanteert. Ze moeten ze echt binnenlaten.

Voorzitter, kan de wethouder inzage geven in hoe deze advieskosten van 162.000 euro tot stand zijn gekomen? En is hij het met mij eens dat het een bizar hoog bedrag is? Dan voorzitter, is het begroten voor de komende jaren op basis van de jaarrekening 2025 nog realistisch, gezien de huidige en de aanstaande inflatie, die mede wordt aangedreven door uitzonderlijke hoge brandstof- en energieprijzen? Voorzitter, mijn derde en tevens laatste vraag gaat over de conceptbegroting voor 2027 en 2030. Hierin lees ik over de extra huurkosten van Domus Plus en dat is 300.000 euro. Klopt het, voorzitter, dat de gemeente Haarlem op dit moment volledig voor deze extra huurkosten opdraait? Terwijl het toch een regionale Wlz-voorziening aangaat? En zo ja, waarom wordt er niet gekozen voor een regionale verdeelsleutel? Dan worden de lasten eerlijk verdeeld over de betrokken gemeenten. Dank u wel, voorzitter. De voorzitter: Dank voor uw bijdrage. Wel één opmerking. Dat is een algemene, maar u bent dan als eerste spreker een klein beetje mijn voorbeeld. U had het over de advieskosten, de totstandkoming van die kosten, de onderbouwing daarvan. Dat is een technische vraag. Ik zou u voor willen stellen als u dat soort vragen heeft, dus echt om uitleg, verdieping, dat die voor de vergadering gesteld worden.

Maar vervolgens wat vindt het college ergens van? Dat is een politieke vraag en die kunt u hier stellen. We gaan kijken of de wethouder

5

het antwoord weet. Soms weet de wethouder meer dan ik weet. Maar wel eventjes voor u in het algemeen, dan weet u dat. Wie dan? De heer Van der Vliet, ga uw gang. De heer Van der Vliet: Dank u wel, voorzitter. VVD Haarlem kan zich grote lijnen vinden in de begroting en de Kadernota. Enkele … Wel hebben we echter een paar vragen aan de wethouder, voordat wij ons standpunt echt definitief gaan bepalen en kijken of we aanvullende zienswijzen hebben. Eerst over de forse stijging van het aantal cliënten in het afgelopen jaar. Dat heb ik technisch uitgevraagd. En daar hebben we ook een goed, snel antwoord van de ambtenaren op gekregen. Waarvoor dank. Het meest opvallende, ook wel het jammere is het Innovatiefonds. Niet dat we het fonds hebben, want dat is goed. Maar de onderbenutting daarvan. De vraag voor de wethouder is: is zij het eens met de VVD eens dat er meer initiatief vanuit Haarlem zou moeten komen? En kan de wethouder een toezegging doen dat zij een gesprek gaat voeren met Haarlemse organisaties om te kijken hoe we tot goede, nieuwe initiatieven kunnen komen of voert de wethouder deze gesprekken al? En dan tot slot de reserve. Deze daalt richting 2030 fors. En dat gaat van nu ongeveer ruim 27 miljoen naar onder de 8 miljoen. De vraag aan de wethouder is of zij deze ontwikkeling als wenselijk acht? En voor zover mijn bijdrage. De voorzitter: Dank.

Mevrouw Hamzad, namens PRO. Mevrouw Hamzad: Dank u wel, voorzitter. Ten eerste, PRO Haarlem bedankt de betreffende ambtenaar voor de uitgebreide beantwoording van onze technische vragen. Voorzitter PRO Haarlem kijkt positief naar het stuk en we kunnen ons heel goed vinden in de begroting. Ook vinden wij het goed dat erkend wordt dat armoede en schulden en eenzaamheid invloed kunnen hebben op de instroom in beschermd wonen en dat in 2026 evaluatie komt om hier meer inzicht in te krijgen. Tegelijkertijd maken wij zorgen over het beperkte gebruik van het Innovatiefonds. We vinden dat dit geld actiever moet worden ingezet voor preventie en begeleiding in de wijk. Ook vinden wij het zorgelijk dat er weinig verdiepend onderzoek is gedaan naar sociale oorzaken, zoals armoede en schulden. Zonder goed inzicht blijft het lastig om problemen vroeg te voorkomen in de plaats pas hulp te bieden als het misgaat. PRO Haarlem vraagt het college daarom deze punten duidelijk mee te nemen in het definitieve besluit. Zodat beschermd thuis ook echt veilig en haalbaar wordt voor iedereen. Dank u wel. De voorzitter: Dank u wel. Mevrouw De Valk, ga uw gang. Mevrouw De Valk: Dank, voorzitter. D66 steunt de beweging naar beschermd thuis. Want mensen met een psychische kwetsbaarheid horen waar mogelijk in hun eigen wijk te wonen, met passende hulp en regie over hun eigen leven.

En juist daarom, ook met het oog op de technische vragen die zijn gesteld, vragen wij het college ook om de zienswijze op drie punten wellicht ook aan te scherpen. De eerste is de reserve, die al is aangestipt door PRO. Die bedraagt inmiddels ook fors, terwijl regionaal een bandbreedte van veel minder is afgesproken. En tegelijkertijd zien we ook de wachtlijsten en tekort in de doorstroom en daarom vragen we ons ook af dat we in de zienswijze misschien wel expliciet kunnen opnemen dat de reserve wordt teruggebracht binnen de afgesproken bandbreedte. En dat de beschikbare middelen eerder in gerichter worden ingezet voor preventie, doorstroom en de transformatie naar beschermd thuis. Het tweede punt is de begrotingssystematiek. Deze begroting is namelijk nu gebaseerd op Rijksbudget, is werkbudget. En daarmee besturen we op beschikbare middelen en niet op de feitelijke zorgkosten. D66 vraagt zich daarom af of dat in de zienswijze om dat vast te leggen, dat de begroting juist een meerjarige prognose kan bevatten op basis van de daadwerkelijke zorgkosten. En ten derde het Innovatiefonds, dat ook door de VVD is aangestipt. We zien ook zeker die onderbenutting en we maken ons daar ook zorgen. Daarom vragen we ons ook af of dat het misschien in de zienswijze opgenomen kan worden om explicieter te maken om de concrete bestedingsdoelen

6

misschien een jaarlijkse verantwoording en prioriteit voor projecten rondom uitstroom uit de jeugdhulp en beter spreiden van voorzieningen opgenomen kan worden. Tot slot vragen wij het college ook om samen met de regio en de VNG druk te blijven houden op het Rijk op de opnieuw uitgestelde Wet woonplaatsbeginsel, zodat de gemeente niet in onzekerheid blijft sturen. En we hopen daarmee ook steun van de andere partijen. Tot zover. De voorzitter: Dank u wel. De heer El Aichi, ga uw gang. De heer El Aichi: Dank u wel, voorzitter. Wij kunnen instemmen met de ontwerpbegroting, de jaarrekening en het Bijdragebesluit van het Gemeenschappelijk Orgaan Beschermd Wonen. Het is positief dat de begroting nu realistischer is opgesteld en dat er op dit moment voldoende reserves lijken te zijn om financiële risico's op te vangen. Wel zien wij nog enkele aandachtspunten. De kosten voor beschermd thuis blijven stijgen. Ook maken wij ons zorgen over de structurele financiering van tekorten binnen de maatschappelijke opvang en vrouwenopvang. Daarnaast vragen wij ons af of er voldoende capaciteit beschikbaar is voor de regionale toegang. Wij vragen het college daarom om deze ontwikkeling goed te blijven volgen en de raad hierover op tijd te informeren. Dank u wel. De voorzitter: Dank u wel. De heer Koeckhoven. De heer Koeckhoven: Dank u wel, voorzitter.

Ook de Partij voor de Dieren kan zich in grote lijnen vinden met de begroting en met de jaarrekening. En ook dank voor het beantwoorden van de technische vragen, heel snel en adequaat door de ambtenaren. Dank daarvoor. Wel een paar kanttekeningen. De Partij voor de Dieren vraagt zich af waarom het nodig is om zo hard te streven naar innovatie. In 2026 zit er een 1,5 miljoen in de pot innovatie. En de jaren daarna ook nog ruim 7 ton. Terwijl dat potje maar heel moeizaam, dat hebben we net ook gehoord, leeg komt. En bovendien is er een jaarlijks verlies van 3 miljoen dit jaar tot oplopend 5,3 miljoen in 2030. De Partij voor de Dieren is geen voorstander van innoveren om het innoveren. Daar zou je toch wel op willen bezuinigen als dat kan binnen de huidige afspraken. Ik ben bijna klaar. Hetzelfde geldt voor … De voorzitter: Een interruptie, mijnheer Koeckhoven of niet? Nee, niet. Aan die kant wel. De heer Van der Vliet, ga uw gang. De heer Van der Vliet: Ik hoor de Partij voor de Dieren zeggen dat de Partij voor de Dieren niet zo enthousiast is over innovatie. In ieder geval dat begrijp ik uit uw … Uw knop indrukken, het loopt door. Begrijp ik uit uw betoog. Maar we zitten met best wel wat problematiek in de jeugdhulp en ook wel met een budget wat ook krap uiteindelijk is. Dat gaan we zo meteen ook nog bespreken.

Wat ziet de Partij voor de Dieren dan als andere oplossing, als innovatie niet zo belangrijk daarvoor is? De heer Koeckhoven: Voor wat ik ervan begreep, is het hele project een innovatief project. En als ik dan zie hoeveel moeite het kost om daar binnen dat project weer allerlei nieuwe innovatieve ideeën te ontwikkelen. Dan denk ik van: kennelijk is het zo moeilijk, laten we dan eerst maar de hoofdlijnen van het project zelf goed doen, dat vind ik al innovatief genoeg. Dank u wel. De voorzitter: U was klaar met uw bijdrage? De heer Koeckhoven: Excuus, ik ben nieuw. Ik moet even wennen aan de systematiek. Hetzelfde geldt voor het inhuren van de derden- en advieskosten. Ook heel hoog van jaar op jaar. Wij denken dat de gemeente

7

voldoende expertise in eigen huis heeft. Waarom niet wat ambitieuzer op dat gebied en proberen het verlies wat kleiner te maken? Dank u wel. De voorzitter: Helemaal goed. Dank u wel. Mevrouw Tromp, ga uw gang. Mevrouw Tromp: Dank voor het woord, voorzitter. Wij kunnen ons ook in grote lijnen vinden in de begroting. En in de vorige periode is het tekort aan beschermde woonvormen ook zo goed als weggewerkt. Er blijft in onze visie echter een doelgroep over die moeilijk op te vangen en te begeleiden is. Het gaat hier met name om jongeren met multiproblematiek en dan hebben we het over jongeren met psychiatrische problemen verslaving, onbegrepen gedrag. De vraag van de Actiepartij is dan ook hoe in de opvang en begeleiding van deze doelgroep wordt voorzien. Is Domus Plus daarvoor bedacht? En zijn er nog andere ontwikkelingen die helpen om deze doelgroep goed te begeleiden en te huisvesten? Dank je wel. De voorzitter: Dank u wel. Anders nog commissieleden? Mevrouw Scholten, ga uw gang. Mevrouw Scholten: Dank u wel, voorzitter. We kunnen ons grotendeels vinden in deze stukken en zijn er ook zeker mee akkoord.

We vragen ons wel af: wat is op dit moment de status van het Verdrag van Lissabon om dakloosheid in 2030 uitgebannen te hebben? Gaat het ons lukken? Daarnaast, hoe wordt de gewenste doorstroming en ook de genoemde doorstroming vanuit de vrouwenopvang gerealiseerd? Want het lijkt dat daar toch echt wel knelpunten nog zijn. Hebben we daar zicht op vanuit dit GO? Daarnaast maken we ons zorgen over cliënten die algemene begeleiding krijgen via Buurts, daar niet genoeg aan hebben, maar niet in aanmerking komen voor bijvoorbeeld beschermd thuis? Valt op zich misschien buiten de scope van dit onderwerp, maar hebben we in Haarlem in beeld of er mensen tussen wal en schip vallen van de algemene ondersteuning via Buurts, beschermd thuis en beschermd wonen? Die daardoor op straat belanden, omdat ze dus niet de wat meer specialistische hulp krijgen, waardoor bijvoorbeeld hoarderproblematiek zodanig toeneemt, dat ze toeneemt dat ze op straat uit zouden komen. En verder zijn we akkoord. De voorzitter: Uitstekend, dank u wel. Anders nog commissieleden? Mevrouw Özogul, ga uw gang. Mevrouw Özogul: Heel kort. Alles hangt samen met de beschikbaarheid van woningen en plekken en de hulpverlening rondom het beschermd wonen. Een vraag, aanvullend op mevrouw Scholten, met betrekking tot de vrouwenopvang. Toevallig was ik vandaag bij een bijeenkomst met politie en een aantal organisaties.

En ik hoorde dat de problematiek rondom de plekken van vrouwenopvang op dit moment wel heel hoog is. Landelijk, maar ook in Haarlem. En dat daardoor mensen langer thuis moeten wonen met een partner die gewelddadig was. Misschien dat de wethouder daar iets over kan zeggen. Dank. De voorzitter: Dank u voor uw bijdrage. De heer Amand, ga uw gang. De heer Amand: Dank u, voorzitter? Trots kan zich het algemeen goed vinden. Maar ik hoorde net over die vrouwenopvang. Ik krijg ook die berichten steeds in mijn mailbox, maar ik moet de wethouder toch wel even een pluimpje geven. Dat is ook een mevrouw hier in de buurt en die werd ook mishandeld met haar dochtertje. En dat vind ik heel netjes geregeld. Bij deze heb ik daar toch wel vertrouwen in onze wethouder. Dat wil ik toch wel even vertellen. En voor de rest loopt het redelijk, laat ik het netjes zeggen. De voorzitter: Dat is toch fijn dat de fractie van Trots vertrouwen heeft in deze wethouder. Dat is zeker mooi. Andere commissieleden die het woord nog willen voeren? Anders gaan we luisteren naar die wethouder. Ik denk het. Wethouder Van Loenen, ga uw gang.

8

Wethouder Van Loenen: Dank u wel, voorzitter. En ik ga proberen er weer zoveel mogelijk op in te gaan op de vragen die er zijn, maar het zijn er ook wel weer veel. Misschien even ook, omdat er ook wat nieuwkomers zijn. Dit gaat over het gemeenschappelijk orgaan, gemeenschappelijke regeling beschermd wonen. En ik merk dat er veel overlap zit met vragen over de opvang. Ik ga wel even terugkomen op de vrouwenopvang, omdat ik daar ook altijd heel veel mee bezig ben. Eigenlijk hoort het niet bij dit onderwerp, maar ik ga er toch iets over zeggen. Maar beschermd wonen is wel iets anders en daar kom ik ook meteen op de eerste vraag van mevrouw Zwart, als ik het goed heb, van Forum voor Democratie. Want u heeft het over de Wilhelminastraat. Dat is echt de maatschappelijke opvang. Het gaat hier over beschermd wonen, om heel even het verschil aan te geven, maar daar komen we nog heel vaak over te spreken in de komende periode. Dat ging over de advieskosten. Die advieskosten hebben allerlei oorzaken. Dat staat ook in de rapportage erbij. Zo zijn we bijvoorbeeld bezig met een evaluatie op beschermd wonen. En ik ben heel erg blij dat er werd gezegd net van de ambtenaren van gemeente Haarlem zijn ongetwijfeld goed genoeg om zelf zo'n evaluatie te doen bijvoorbeeld of dat advieswerk zelf te doen. Maar dit is een gemeenschappelijke regeling. Het is dus niet iets van de gemeente Haarlem.

We zitten daar met zijn allen in en dat betekent ook dat er vaker niet iets is wat door gemeente Haarlem zelf wordt gedaan. En dat er ook soms wordt gekozen, als je zo'n gemeenschappelijke regeling evalueert, om dat door een extern bureau te laten doen. Maar dat zijn meerdere adviesaanvragen bij elkaar en niet alleen deze. Dat gaat ook bijvoorbeeld over de capaciteit. Het is niet zo simpel als bij de Wilhelminastraat, waar iedereen van weet wat de capaciteit daar precies is. Maar dat gaat echt ook over bijvoorbeeld signalen die dan komen, dat bepaalde toegang knelt. Het zijn heel erg veel verschillende aanbieders en ook heel erg veel verschillende soorten cliënten in dat beschermd wonen en beschermd thuis. En dan moet je echt wel even goed gaan kijken: hebben we het juiste aanbod en waar knelt het dan? Daar is ook het Innovatiefonds bijvoorbeeld voor, om te komen tot oplossingen. Kwam de vraag van enerzijds de vraag van de Partij voor de Dieren: waarom zoveel streven naar innovatie? En een aantal andere partijen zeggen: waarom zo weinig uitgeven in het Innovatiefonds? Sowieso is het minder geweest in 2025 dan we hadden gehoopt. Het kost best wel wat tijd in die opstartfase met de regiogemeenten die dit voor het eerst doen. Vroeger lag dit allemaal bij Haarlem, het hele beschermd wonen onderwerp. Maar we hebben dat gedecentraliseerd.

Dat betekent dat de gemeenten in onze regio zelf zijn van de toegang tot beschermd wonen. En dat daar ook wel even wat ondersteuning soms bij nodig is en ook wel even zoeken hoe dat dan gaat in die regiogemeenten. En dan hebben ze minder tijd soms gehad om ook te komen tot nieuwe projecten en nieuwe ideeën, waar we wel bij gebaat zijn. We hebben overigens wel in 2026 al veel meer aanvragen voor het Innovatiefonds. Het heeft ook echt wel, denk ik, een beetje in aanloop moeten hebben. En dan heb je het bijvoorbeeld ook over, wat heel erg belangrijk is, ook voor ons als gemeente Haarlem, een coördinator die net ook van start is gegaan, die bekostigd wordt uit het Innovatiefonds. Een coördinator die echt kijkt: hoe krijgen we nou dat pact voor uitstroomwoningen? Dat zijn de mensen die in de maatschappelijke opvang zitten die recht hebben op een woning. Hoe krijg je die nu zo snel mogelijk op de juiste plek wonend? We zagen, dat is best moeizaam in de regio om dat voor elkaar te krijgen. Het hangt heel erg af welke corporaties daar hard mee aan de slag zijn. Het hangt ook heel erg af van de samenwerking in die hele keten. Toen hebben wij gezegd: het zou verstandig zijn, wij als Haarlem halen onze aantallen altijd, maar in de regio is dat niet het geval. Wel heel belangrijk om ervoor te zorgen dat de maatschappelijke opvang zo leeg mogelijk komt, zo snel mogelijk.

En daar is bijvoorbeeld de coördinator voor aangesteld. Dat is zoiets wat juist net even het verschil kan maken tussen een stagnerende keten of juist wat meer doorstroming, uitstroming en dus ook wat meer plek voor de mensen die daar recht op hebben. Want wij vangen bijvoorbeeld op de Wilhelminastraat in de maatschappelijke opvang de mensen op die recht hebben vanuit de Wmo op opvang. Er zit groei in de besteding van het Innovatiefonds. Ik denk dat we ook uiteindelijk moeten kijken aan het eind van deze periode wat we daarvan vinden voor de volgende periode. Wat heeft opgeleverd? Er zitten ook allerlei projecten, zoals Onder de pannen in, er zit ook een leergang voor gemengd wonen projecten, zoals bij ons in

9

de Athenestraat, in. We moeten, denk ik, gaan kijken: levert dat voldoende op? Want ik ben het wel eens met de opmerking die gemaakt wordt. Soms heb je wel net die innovatie nodig om iets te doorbreken, want het zijn hele taaie processen, zoals we hier vaak zien. Dan de reserve. De reserve zit wel in de bandbreedte die die heeft en anders keren we hem uit. Maar we betalen daar ook het tekort op de maatschappelijke opvang van en daar ben ik op zich blij mee, dat dat kan, omdat we al sinds jaar en dag een groot tekort hebben op de maatschappelijke opvang. Dat is in heel Nederland zo, ook in heel erg veel andere regio's wordt dat ook bekostigd vanuit het overschot van beschermd wonen. Dat is fijn dat het kan. Zoals je ziet is er wel een soort dalende trend en daarom moeten we ook in gesprek blijven met de regio. Hoe zorgen ervoor enerzijds dat het tekort op maatschappelijke opvang kleiner wordt? Onder andere dus bijvoorbeeld door die uitstroom te bevorderen. Of hoe maken we daar echt een regionaal verhaal van? Hoe zorg je ervoor dat ook vanuit de regio meer wordt bijgedragen conform de indexatie? Het wordt een beetje technisch. Dat zijn ook gesprekken waar we mee bezig zijn. En dat zie je nu in beschermd wonen terug. Dat in deze GO BW dat er best wel wat geld overblijft, maar dat het ook heel erg hard nodig is voor de maatschappelijke opvang. Dan eens even kijken.

Misschien nog wel even over Domus Plus. Domus Plus is een regionale voorziening, dus daar is geen regionale verdeelsleutel voor nodig, want het is regionaal geld. Die gaat grotendeels hier uit worden betaald of volledig, met uitzondering van ik dacht voor het eerste jaar de beveiligingskosten, maar verder is dat een regionale voorziening. En zal dat dus ook voor een deel vanuit de regionale middelen worden betaald. Maar ook voor een deel, zoals dat de bedoeling is, vanuit het zorgkantoor. Want het zijn ook uiteindelijk niet alleen Wmocliënten, maar ook Wlz-cliënten. En dat wordt vanuit het Rijk bekostigd. Even kijken. Dan nog toch ook even over de vrouwenopvang. Daar zijn we heel erg hard mee bezig. Daar hebben we het ook al heel vaak over gehad. Zeker landelijk een groot tekort aan vrouwenopvangplekken. Wij hebben vorig jaar onze wachtlijst voor de vrouwenopvang meer dan gehalveerd. Dat komt, omdat we er bovenop zitten. Samen met de twee andere regio's met wie we dat doen. Dat is de regio Zaanstreek en Noord-Holland voor een groot deel.

En Alkmaar en Zaanstreek en wij als Haarlem als centrumgemeente voor onze regio, zijn continu in gesprek om te kijken: hoe kunnen we extra vrouwenopvangplekken erbij maken? En het goede ineens is, ik heb daar weleens eerder een mededeling volgens mij over gedaan, maar misschien is dat even ontglipt, was ook de voorgaande raad, zijn wij ook de eerste regio geweest die extra plekken hebben gerealiseerd. Er komen een aantal plekken bij in de Zaanstreek. Maar ook wij zijn nog verder aan het kijken hoe we verder kunnen uitbreiden. Het is ontzettend belangrijk dat we dat maken, want het is enorm belangrijk om op tijd erbij te zijn. Volgens mij gaan we daar relatief … We worden vaak ook door de Blijf Groep als voorbeeld gezien gelukkig inmiddels. Maar die continue aandacht, ook bestuurlijk, is daarvoor echt essentieel. Dan nog even iets over beschermd thuis, want daar kwamen ook een paar vragen over. Daar zit dus ook geen wachtlijst op. Je krijgt altijd de zorg in die beschermd thuisconstructie. En dat is ook niet door Buurts. Ik had een beetje het idee dat dat de indruk was. Nee, dat gebeurt door al onze aanbieders. Dat zijn er uit mijn hoofd 25. En die geven hele specifieke zorg voor de mensen met die indicatie. En dan blijkt ook dat niet alle mensen daarna echt beschermd wonen, dus echt een woonvoorziening, nodig hebben.

Ik denk dat dat ook wel een beetje het voordeel is van beschermd thuis, dat je dus sneller wat meer intensieve zorg krijgt dan je voorheen had, maar anderzijds dat je ook wat langer kan kijken wat er echt nodig is voor een cliënt, waardoor ze aan de beterende hand zijn. Misschien laat ik het daar heel even bij, want het is best veel. De voorzitter: Dat was best wel heel erg veel, maar dat is niet erg, want dat is goed. Zeker met wat extra toelichting zo'n eerste keer. Naar aanleiding van het antwoord van de wethouder kijk ik sowieso even naar de fractie van D66. Namelijk actief aangegeven dat ze zienswijzen willen aanscherpen. En dan kijk ik ook even of ze daar echt concrete tekstvoorstellen voor hebben. Want willen we daar nu het gesprek over voeren, dan is het wel handig omdat te delen. En in de toekomst, mochten we het dan hebben over zienswijzen, om die

10

alvast te delen, zodat uw collega's daar ook alvast zich op kunnen voorbereiden. Maar goed, mevrouw De Valk. Mevrouw De Valk: Bedoelt u vooraf dan echt voorafgaand aan een vergadering? Dan zal ik dat in het vervolg doen. De voorzitter: Helemaal goed. Dat maakt het proces wat makkelijker. Want ik ga u nu vragen: heeft u die concrete tekstvoorstellen? En als het antwoord dan misschien negatief is, dan zou ik voor kunnen stellen van is het dan niet een wijselijk idee om dat per amendement te doen? Dat zou dan wel de logische weg zijn. Dan dient u een amendement in op de zienswijze of u bent tevreden met het antwoord van de wethouder. Dat kan ook. Kijk ik naar mevrouw De Valk. Mevrouw De Valk: Ik heb wel concrete tekstvoorstellen, maar ik denk dat ik dan aardig over de tijd heen ga. De voorzitter: Laten we het dan per amendement doen. Dat is dan misschien wel zo handig. Dan doen we het sowieso, maar dan loop ik een klein beetje vooruit op wat ik concludeer, maar doen we het als bespreekpunt naar de raad en dan heeft u de mogelijkheid om een amendement in te dienen op de zienswijze van de begroting, denk ik dan. Maar dan kan in ieder geval uw fractie en kunt u ook daarvoor al steun vergaren bij de collega's. Ga ik nog wel even kijken naar de sprekers in de tweede termijn verder, mag ook nog hoor, als u wilt. De heer Van der Vliet als eerste.

De heer Van der Vliet: Dank u wel, voorzitter. Goed dat de wethouder bezig is met het voeren van de gesprekken op beide terreinen. Daarmee zijn onze vragen ook voldoende beantwoord en hebben wij geen aanvullende zienswijze. De voorzitter: Uitstekend. Anders nog sprekers in de tweede termijn? Mevrouw De Valk. Mevrouw De Valk: Dank, voorzitter. Ik had nog wel een extra aanvullende vraag over het Innovatiefonds. Dat de aanloop meer is en we waren ook wel benieuwd waardoor die aanloop misschien wel wordt veroorzaakt en ook van wat voor initiatieven of projecten er nu worden in behandeling worden genomen, worden geaccepteerd? Dat daar ook wel een uitspraak over gedaan kan worden, want dat heeft wel invloed op hoe we ons amendement dan gaan vormgeven. De voorzitter: Mevrouw Hamzad, ga uw gang. Wacht, u heeft uw microfoon nog niet aanstaan. Mevrouw Hamzad: Dank, voorzitter. Twee vragen aan de wethouder. Op welke manier worden ervaringen van cliënten en hulpverleners meegenomen in de evaluatie van beschermd thuis in 2026? En kan de wethouder aangeven hoe de raad tussentijds geïnformeerd wordt over de voortgang van deze evaluatie en verbeterpunten? Dank. De voorzitter: Dank u wel. Andere commissieleden? Nee. Wethouder, aan u een paar korte concrete vragen. Wethouder Van Loenen: Ten eerste die projecten in het Innovatiefonds. Ik had er net een paar genoemd, maar misschien heel kort.

Onder de pannen bijvoorbeeld. Ik heb ze toevallig ook net weer opgevraagd. Leergang voor gemengd wonen voor de Athenestraat bijvoorbeeld aan de Diakenhuisweg. Dat is een leergang voor allerlei partners en gemeenten en op verzoek van de regiogemeenten gaat die ook in de regio plaatsvinden. De coördinator voor Pact-uitstroom, zoals ik net al zei. Dat zijn er een paar. Bijvoorbeeld in

11

Zandvoort is er ook eentje, stichting Juttersgeluk. In Heemstede is er ook eentje met een soort maatjesproject. Dat zijn allerlei soorten… Ook vanuit de regiogemeenten die worden ingediend en ook zeker vanuit Haarlem. Wij zijn altijd al wel veel aanwezig geweest in het Innovatiefonds. De voorzitter: Mevrouw De Valk, een interruptie. Mevrouw De Valk: Dank, voorzitter. Ik vraag me af: kan die lijst misschien gedeeld worden met de commissie? Wethouder Van Loenen: We kunnen hem als een soort technisch antwoord geven, denk ik. Dat moet wel kunnen, denk ik. Dan ga ik verder. De voorzitter: Ga uw gang. Wethouder Van Loenen: Even kijken. Over hoe de cliëntervaringen worden meegenomen. Een hele goede vraag. Wij hebben verschillende trajecten doorlopen inmiddels om daar meer ervaring mee op te doen, want het is ontzettend belangrijk om ook de cliëntervaringen mee te nemen. Wij hebben dat in de afgelopen maanden een aantal keer gedaan met opvanglocaties. En dat gaan we nu ook inzetten op het gebied van beschermd wonen. Dat gebeurt met een bepaalde methode, waarbij … Dat zijn wij dus niet zelf, maar dat is een extern bureau of externe organisatie, die echt gespecialiseerd daarin is om samen met de cliënten te gaan zitten om te kijken hoe ook kwalitatief, niet alleen kwantitatief, die ervaringen op te halen. En die leiden ook tot andere verbeteringen. Een belangrijke vraag.

Er wordt op dat hele terrein van maatschappelijke opvang en beschermd wonen veel mee gewerkt op dit moment. Steeds meer gelukkig. En de voortgang vindt plaats vanuit de gemeenschappelijke regeling, het gemeenschappelijk orgaan. We hebben volgens mij laatst ook, vorige keer ook, de halfjaarrapportage gedeeld. Zo wordt er vanuit de gemeenschappelijke regelingen, want dat is ook formeel de lijn bij gemeenschappelijke regelingen, dat zij zelf ook communiceren met u. Wordt u inhoudelijk op de hoogte gehouden. Maar we komen ook weer te spreken over opvang, wonen en herstel. Dat is het hele terrein. Daar zit ook veel meer dat beleidsmatige in. Dat gaat ook altijd in bespreking met de raad en daar komt ook weer een deel terug. Volgens mij zijn een aantal momenten per jaar waarop u wordt meegenomen. Volgens mij kunnen we ook eens kijken hoe we daar op een andere manier ook vanuit gemeenschappelijke regelingen, ik denk dat zij ook nog wel zijn bij die markt, hoe jullie daarin meegenomen worden. De voorzitter: Dan denk ik dat we dat zo voldoende hebben besproken. Zoals we net al even concludeerden op voorhand, was dat het als een bespreekpunt doorgaat naar de raad. Dat geeft de fractie van D66 de mogelijkheid om een amendement in te dienen. Mocht het uiteindelijk niet nodig zijn om dat te doen, dan kunnen we altijd nog terug naar een hamerstuk met stemverklaring. Hebben we dat zo gedaan.

8.

Eindrapport en opvolging pilot vaktherapie De voorzitter: Gaan we door naar agendapunt 8, de eindrapportage en opvolging pilot vaktherapie. Dan vragen we of wethouder Van Leeuwen gezellig hier komt zitten. Dan zien we wethouder Van Loenen zo weer terug. Lukt het? Ja, helemaal goed. De eindrapportage en de opvolging van de pilot vaktherapie. 8.1 Inspreekbijdrage bij agendapunt 8 De voorzitter: En voor dit onderwerp hebben wij één inspreker hier bij ons aanwezig, mevrouw Dors. Zij komt inspreken. Mag hier achter de microfoon komen staan. En heeft dan 3 minuten de tijd om haar bijdrage te

12

doen. Kan dan blijven staan voor eventuele aanvullende vragen vanuit de kant van de commissie. De 3 minuten gaan lopen zodra u zo direct de knop indrukt. Als de tijd bijna op is, dan zal ik u daaraan helpen herinneren. Mevrouw Dors, uw 3 minuten. Ga uw gang. Inspreker 1: Dank u wel, voorzitter. Geachte commissieleden, de pilot vaktherapie krijgt geen vervolg als het aan de wethouder ligt. En wij zijn niet alleen teleurgesteld, maar ook boos. We voelen ons misleid. Waarom zou je in deze pilot investeren als een positieve uitkomst niet tot verandering mag leiden? Ruim vier jaar geleden werd door wethouder Botter de pilot vaktherapie toegezegd. En die kwam er niet zomaar. Sinds 2015 zijn we als vrijgevestigd vaktherapeuten regelmatig komen inspreken. En in 2022 hebben we een petitie aangeboden en was de Commissie Samenleving na zeven jaar gedoe overtuigd dat er een toekomstbestendige oplossing moest gaan komen. En er is door de gemeente flink geïnvesteerd in deze pilot. Met de inzet van een externe projectleider, Ipsos, ambtelijke uren voor het opzetten en begeleiden van de pilot, het verzamelen van data en daarnaast de inzet van CJG'ers. We hebben er als vaktherapeuten vele onbetaalde uren in geïnvesteerd. Na ruim tien maanden ligt het eindrapport er eindelijk. En we missen in het rapport relevante informatie.

En de onderliggende rapporten laten zien dat de pilot goed verlopen is en dat wat we wilden aantonen, is gelukt. Ouders zijn blij, CJG'ers positief. En toch is het besluit van de huidige wethouder Van Leeuwen dat er geen vervolg op de pilot komt. En de argumenten die ervoor worden gegeven zijn aantoonbaar onjuist in de vaste riedel die we al twaalf jaar horen. En het maakt dus niet uit hoe goed wij ons werk doen. Het maakt niet uit hoeveel documenten wij aangeleverd hebben. Waaruit blijkt dat vaktherapeuten zelfstandig jeugdhulp mogen bieden. We deelden een pilot uit Helmond over vaktherapeuten in het wijkteam en onze eigen visie over het anders organiseren van de jeugdhulp. Wij zien allerlei mogelijkheden voor een vervolg, maar alles wat de wethouder en diens ambtenaren niet uitkomt, verdwijnt in een onderste lade. Niet alleen bij vaktherapeuten, maar ook de tevreden ouders en CJG'ers worden genegeerd. En het is ons inmiddels duidelijk dat het nooit de bedoeling is geweest dat er een vervolg op de pilot zou komen. Achterliggend aan dit besluit ligt het wensdenken dat vaktherapie met de hervormingsagenda jeugd uit de jeugdhulp zou verdwijnen. De pilot was een zoethoudertje voor ons en voor u, in afwachting daarvan. De vaktherapeuten blijven echter erkende professionals binnen de Jeugdwet. En zo blijft dit probleem de komende jaren bestaan.

Nu sinds juli 2020 de pgb-route weer nodig is, merken wij de oude problemen weer. Ontmoedigingsbeleid en bureaucratie door het starten van behandelingen of verlengingen weer maanden vertraging oplopen. En desondanks blijft de wethouder vinden dat de pgb een prima manier is om vrijgevestigde vaktherapie te organiseren. De wethouder negeert de dagelijkse realiteit van de problemen met de pgb. Waar ouders, CJG en wij tegenaan lopen. En ons verzoek aan u als commissie is: baseer uw overwegingen op basis van juridisch juiste informatie en voorkom feitenvrij beleid. De wethouder te motiveren zijn besluiten herzien. Een nieuw besluit te onderbouwen op basis van de tussenrapporten, alle inspreekbijdragen en aangeleverde relevante documenten van 023 Vaktherapeuten. En zorg te dragen voor een vervolg op de pilot, de directe inzet van vrijgevestigde vaktherapie bij verwijzing. Dank u wel. De voorzitter: Ik dacht dat u ongeveer klaar was, dus ik denk: ik wacht even en laat u uitspreken. Aanvullende vragen vanuit de kant van de commissie? De heer Van der Vliet als eerste. De heer Van der Vliet: Dank u wel, mevrouw Dors voor uw inspraakbijdrage en ook het contact dat u volgens mij ook met de brede fracties heeft gezocht.

Waar ik nog op zoek naar ben, is ook wat is die pgb-route? Hoe gaat … Wat levert dat dan voor extra werk op? En wat maakt het nu makkelijker als we dat via die pilot structureel zouden doorzetten in een product bijvoorbeeld?

13

Inspreker 1: Dank u wel, voor uw vraag. Heel simpel. Als een pgb een handige route was, hoefden we geen zorg in te kopen. Dan konden we alle zorg via de pgb regelen. Wat het ingewikkeld maakt bij een pgb, is het gaat om hulp op indicatie. Dus een huisarts, een POH, die tevens een CJG'er is of het CJG zelf, krijgt een gezin en een kind op bezoek en die gaan dan helemaal uitvragen: wat is er aan de hand? En die zeggen dan: hier is hulp nodig. U heeft recht op jeugdhulp gezien de aard en de ernst van uw probleem. Bij ingekochte zorg, zoals de ggz in perceel 2, kun je met dat briefje van de huisarts direct naar de psycholoog en is het geregeld. Als deze huisarts of de POH’er deze indicatie stelt, maar er wordt gezegd: vaktherapie is het beste, maar dat is niet ingekocht, moeten ouders met dat briefje naar een andere afdeling van het CJG. Die gaan dan helemaal opnieuw de hele uitvraag weer doen. Dan gaan er twee CJG'ers ten minste twee gesprekken opnieuw bij het gezin houden. Het gezin moet een heel hulpplan invullen ineens. Dan gaat dat daarna nog eens besproken worden in het team. Dan wordt er gezegd: vooruit dan maar. Dan gaat het nog eens in het CJG naar het team passende hulp en die mogen dan het pgb geven. Daar wordt dus ook dubbel werk gedaan, want een POH’er is een CJG'er. En als die … De voorzitter: Wacht even mevrouw Dors, want u noemt heel veel technische termen.

En dat is voor u misschien heel duidelijk, maar voor misschien bepaalde anderen niet helemaal. En u mag iets meer afstand houden van de microfoon. Dan gaat het net iets beter. Bent u iets beter te verstaan. Maar als u de technische termen even volwaardig uitspreekt, dan weet iedereen waar het over gaat. Andere commissieleden? Ik zag mevrouw Hamer net voor een aanvullende vraag. Mevrouw Hamer: Dank u wel, voorzitter. Ik heb een aanvullende vraag. Voor welke specifieke leeftijdsgroepen heb je het hierover, die bij de vaktherapie terecht kunnen of komen? Inspreker 1: Dank u wel, voor uw vraag. In principe voor een groot deel dezelfde leeftijdsgroepen die naar de ggz kunnen bij perceel 2. Dat zijn de 5- tot 18-jarigen. Er is daarnaast ook een leeftijdsgroep, laten we zeggen de 0- tot 5-jarigen, die kunnen niet zomaar naar de ggz. Die krijgen bijvoorbeeld van de JGZ, de jeugdgezondheidszorg en bijvoorbeeld een organisatie als het Kabouterhuis, die hebben een ontwikkelingsachterstand deze jonge kinderen en die krijgen het advies voor FloorPlay-therapie bij een speltherapeut. Daar is al een soort indicatie gesteld. En dat zijn hele jonge kinderen, die kun je alleen bij een speltherapeut kwijt.

Die ga je niet naar de gz-psycholoog sturen en zeggen: je bent drie jaar, je hebt een ontwikkelingsachterstand, jij kan nog helemaal niet praten, vertel toch maar wat jij nodig hebt om beter te worden. Ik denk dat we allemaal snappen dat dat niet gaat. Daar is een aparte leeftijdsgroep die je daarmee nu misloopt. En daarnaast zijn er alle kinderen verder tussen de 5 en de 18 die ook hulp nodig hebben, maar dat niet door praten voor elkaar krijgen. Die hebben vergelijkbare problemen, maar een andere manier nodig om hun probleem op te lossen. En daar is waar dit over gaat. Dank u wel. De voorzitter: De heer Koeckhoven, ook een aanvullende vraag. De heer Koeckhoven: Een vraag voor mevrouw Dors. Ik hoorde u zeggen, u heeft het over wensdenken dat vaktherapie uit de jeugdhulp zou verdwijnen. Ik vind het best zware woorden. Maar kunt u toelichten hoe u daarbij komt? Inspreker 1: Dank u wel, voor uw vraag. Ik ben het ermee eens dat dat best zware woorden zijn, maar na twaalf jaar hier over soebatten, komen we ook tot geen andere conclusie meer. Vooral ook, omdat al in de aanloop van de pilot, het voorbereiden van de pilot, er steeds gesproken is dat alles was onder voorbehoud van de Hervormingsagenda jeugd. Daar gingen we al de hele tijd. We hebben gezien in een eerste versie van het rapport, oktober 2025 werd er gezegd: jullie staan niet in een zorgvormenlijst. Toen hebben wij daarop

14

moeten wijzen dat die hele zorgvormenlijst niet eens bestaat, nog nooit gepubliceerd is. Die moest al uit het huidige rapport. Er worden steeds allemaal redenen … De reikwijdte komt eraan. Daarmee gaan jullie er waarschijnlijk uit. Het werken met het wijkteam, daar horen jullie waarschijnlijk ook niet meer bij. Dat wordt de hele tijd aangedragen. En dat horen we niet alleen hier in Haarlem. Dat is een beetje een tendens die in het hele land een beetje rondwaait. Maar als we goed kijken naar de documenten die aangegeven worden bij het Convenant wijkteam, dan wordt daar het document de juiste professional op de juiste plek in het lokale team. Daar staat op bladzijde 89 vaktherapie als professionals die in dat wijkteam hun werk mogen doen. Dat zijn documenten die op dit moment naar voren geschoven worden. En daar wordt maar geen rekening mee gehouden. Daardoor komen wij toch tot deze conclusie. Het zijn harde woorden, maar we weten ook niet anders meer wat hier speelt. De voorzitter: De heer Amand, ook een aanvullende vraag. De heer Amand: Dank u, voorzitter. Eentje, een vraag. Ik ken het hele probleem wat u schetst, want ik was er zelf bij jaren geleden met de heer Botter. Ik snap precies hoe het allemaal zit.

Maar mijn vraag is: kunt u aangeven om hoeveel kinderen het gaat in Haarlem en omstreken? Kunt u dat mij vertellen? Inspreker 1: Ik kan u in ieder geval vertellen dat we binnen de pilot in 2 jaar tijd 63 kinderen hebben kunnen helpen, die anders naar de ggz verwezen zouden zijn. Dat hebben we binnen de pilot kunnen doen. Hoeveel het er in totaal zijn, nog geen idee, maar dat was de afgelopen periode, hebben we dat kunnen laten zien. De voorzitter: Uiteraard, mijnheer Amand. Stelt u nog een vraag. De heer Amand: Dank u. Ik sta daarvoor bekend, voorzitter. Ik heb een vraag aan mevrouw. Dit is al jaren aan de gang. En wat vindt u nu een concrete goede oplossing voor de gemeente Haarlem om te doen? Wat voor plan zou u hebben? Inspreker 1: Dank u wel, mooie vraag. We hebben in de inspreekbijdrage ook een stuk daaronder nog geschreven, waarin we onze gedachten delen. Wij zijn vele mogelijkheden. Dat zeggen we ook. De een is heel simpel. Zet de pilot voort zoals die was. Haal een deel uit het pgb geld, want dat geld is er. Dat is gereserveerd. Er is geen nieuw potje nodig of zo. We moeten nu toch al op die pgb werken. Oormerk daarvan een deel voor de vrijgevestigde vaktherapie en gaat door zoals we in de pilot deden, is een mogelijkheid. Een andere mogelijkheid die we hebben en die past volgens mij helemaal in wat men zegt te willen, namelijk meer met wijkteams gaan werken.

Koppel ons als een soort onderaannemer, freelance constructie, dat weet ik nog niet, daar moet je dan over nadenken, meer aan die wijkteams. Zodat we daar kunnen doen wat we ook in de pilot deden. Helpen in de triage, met dat korte product consultatie en advies. Alvast met CJG-coaches af en toe kinderen kunnen zien en af en toe de gezinnen samen activiteiten doen, om CJG-coaches die soms vastlopen op weg te helpen. Ik kan daar een college van een dag over geven, maar zoveel tijd krijg ik denk ik niet. Maar er zijn oplossingen genoeg en we hebben daar een korte schets van gegeven in onze inspreekbijlage. De voorzitter: Mevrouw Dordonat, ook een aanvullende vraag nog. Mevrouw Dordonat: Dank u wel. Ik had nog een vraag, want in uw bijdrage geeft aan dat de CJG'ers ook positief zijn. Kunt u iets zeggen over de verbetering misschien van de relatie met de CJG en de vaktherapeuten? En dat het misschien na de pilot dan ook van betekenis kan zijn, misschien een andere route dan de pilot?

15

Inspreker 1: Dank u wel, mooie vraag. We hebben bij de start van de pilot een presentatie gegeven aan een grote groep CJG’ers. Om te laten weten, de pilot is er en dit is wat we kunnen. Daar werd gelijk gereageerd: wat fijn dat we nu eindelijk direct naar jullie kunnen verwijzen. Want dat kon nooit. Je mag alleen maar verwijzen naar ingekochte zorg. Ze mochten vaktherapie nooit noemen. Er was gelijk echt een reactie: dit is heel fijn. En we hebben ook gezien dat er in geen tijd 34 aanmeldingen gekomen zijn. Terwijl voorheen moesten ouders die pgb's aanvragen. Dan kwamen we er twee per jaar of zo. We hebben gezien dat CJG'ers heel blij zijn met die mogelijkheid om buiten de ggz te mogen denken. Buiten dat moeten indiceren naar die ggz toe. We hebben ook gezien dat die consultatie en advies erg gewaardeerd is. Dat was drie keer meekijken met de kinderen en een gezinssessie doen, om een goed beeld te krijgen van wat moet je bijvoorbeeld aan doorverwijzing doen? Is er echt een behandeltraject nodig? Moet een vaktherapeut dat doen? Moet een ander dat doen? Moet dat meer systeemtherapeutisch zijn? We hebben met CJG-coaches echt in de gezinnen gewerkt.

Dat ik bijvoorbeeld een kind had, maar wel samen met de CJG-coach regelmatig een gesprek met de ouders had, om wat zij thuis aan het doen waren in de gesprekken te koppelen aan wat zie ik? Wat heeft je kind van ouders nodig? Daar hebben we hele mooie trajecten met elkaar in gedraaid. En we zien ook, dat valt dus nu weer meer stil, omdat ze niet meer naar ons kunnen verwijzen, maar ouders weer eerst dat hele pgb moeten gaan regelen. Hele mooie dingen die een beetje in de sfeer van dat werk in dat wijkteam al gaande waren, lopen weer helemaal vast. De voorzitter: Nog een aanvullende vraag, mevrouw Zwart. Mevrouw Zwart: Voorzitter, dank u wel. Ik zou graag willen weten, de inspreekster vertelt over de kortere lijnen. Dat klinkt heel positief. Bovendien is dat niet alleen korter, maar ook sneller en goedkoper lijkt mij. Heeft mevrouw ook een beeld van om hoeveel geld dat zou kunnen besparen? Inspreker 1: Ik ben vooral therapeut en geen accountant en zie de begrotingen allemaal niet. Ik vind dat heel moeilijk om te zeggen. Ik zie wel dat wij … Als ik zie dat wij 63 kinderen geholpen hebben, die anders naar de ggz zouden gaan, die sowieso al een ander uurtarief hebben dan wij. Zit daar je besparing. Daarnaast denk ik dat die snellere route enorm bespaart, dat het CJG geen dubbel werk zit te doen zoals nu.

Daar lekt op dit moment ongelooflijk veel geld weg, omdat een POH’er een indicatie stelt en daarna die hele pgb-route nog drie mensen voor aan de slag gaan. Ook daar zit een besparing, die misschien minder zichtbaar is onmiddellijk in de uitgaven aan aanbieders, maar die is er ook. Wat bekend is, als iets passende hulp, is het efficiënte hulp en is het altijd goedkoper dan iets inzetten wat niet passend is. Maar cijfers daarvan, denk ik, heeft niemand. De voorzitter: Er zijn nog meer aanvullende vragen. U bent populair. Mevrouw Dordonat als eerste. Mevrouw Dordonat: Dank u wel, voorzitter. Ik had ook nog een aanvullende vraag op wat u net zei. Zegt u dat de route via pgb dus niet meer mogelijk is? Want dat is volgens mij niet de conclusie van het college, maar die route is er nog steeds of heb ik u verkeerd begrepen? Inspreker 1: Nee, u heeft me goed begrepen. De pgb-route bestaat wel. Alleen een pgb-route betekent dat ouders zelf actief moeten vragen om een andere vorm van hulp dan is ingekocht. En aangezien het CJG of een huisarts moet verwijzen naar ingekochte hulp, zullen zij geen vaktherapie meer kunnen aanbieden, dit lijkt mij het beste voor u. Dan moeten ouders dus hier al van weten. En dan zeggen: ik weet hiervan, ik wil iets anders dan u mij voorstelt.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/17061203/1