05-13 Inspreekbijdrage Bewoners Kleine Houtweg zuidelijk deel
Tekst van het document
INSPRAAKREACTIE
Herinrichting Kleine Houtweg — zuidelijk deel N205/Kamperlaan – Vijverlaan · Haarlem · 11 mei 2026
Aan: Gemeente Haarlem, College van Burgemeester en Wethouders Betreft: Formele inspraakreactie op het voorlopig ontwerp herinrichting Kleine Houtweg (zuidelijk deel) Betreffende procedure: Definitief ontwerp – verwachte behandeling mei/juni 2026
1. Inleiding Als bewoner en regelmatig gebruiker van de Kleine Houtweg, en als ouder van jonge kinderen die dagelijks per fiets naar school gaan via dit traject, dien ik deze inspraakreactie in op het voorlopig ontwerp voor de herinrichting van het zuidelijke deel van de Kleine Houtweg (traject N205/Kamperlaan – Vijverlaan). Ik accepteer de doelstelling van de gemeente om meer groen terug te geven aan de Haarlemmerhout en het Frederikspark, hoewel ik het zelf vrij overbodig vind en ik waardeer de ambitie om de verkeersveiligheid te verbeteren. Mijn bezwaren richten zich uitsluitend op de concrete uitwerking van het wegprofiel voor het zuidelijke deel, en ik doe een concreet tegenvoorstel.
2. Bezwaren tegen het voorlopig ontwerp 2.1 Overschrijding CROW-norm voor gedeeld rijden Het voorlopig ontwerp voorziet in één gedeelde rijbaan van 5,40 meter brede rode klinkers, waarop zowel gemotoriseerd verkeer als fietsers in twee richtingen rijden. De gemeente heeft in haar communicatie een verkeersintensiteit gepubliceerd van 3.250 motorvoertuigen per etmaal (mvt/etm) en 450 fietsers per etmaal. CROW stelt de maximale auto-intensiteit voor een gedeelde rijbaan (fietsstraat of vergelijkbare inrichting) op 2.500 mvt/etm. Met 3.200 mvt/etm overschrijdt het zuidelijke deel deze norm met 30%. Hier wil ik aan toevoegen dat de telkabel lag ter hoogte van kleine houtweg 135 en dus het verkeer van de mariastichting niet is meegenomen en hier misschien sprake is van onderrapportage. Parameter
Situatie Kleine Houtweg
CROW-norm
Auto-intensiteit
3.250 mvt/etm
max. 2.500 mvt/etm
Fiets/auto-verhouding
1:7 (fietsers minderheid)
Fietsers moeten meerderheid zijn
Minimale fietsintensiteit (fietsstraat)
450 fietsers/etm
min. 1.000 fietsers/etm
Inspraakreactie herinrichting Kleine Houtweg (zuidelijk deel) – 11 mei 2026 – pagina 1
Wegcategorie (CROW op basis intensiteit)
GOW (grijze zone)
ETW vereist < 2.500 mvt/etm
2.2 Strijdigheid met het gemeentelijk fietsbeleidsplan De Kleine Houtweg is door de gemeente aangemerkt als onderdeel van het "hoofdnet fiets”. Het gemeentelijk fietsbeleidsplan stelt over hoofdnet routes expliciet:
Citaat gemeentelijk fietsbeleidsplan — Hoofdnet fiets “Hoofdnet fiets zijn alle andere belangrijke fietsroutes. Deze routes worden gebruikt door alle soorten fietsers, maar zijn vooral bedoeld voor lokale fietsers van alle leeftijden. Ook in het hoofdnet horen bij 50 km/uur wegen altijd vrijliggende fietspaden. We maken alle routes in het hoofdnet voor fietsers extra comfortabel. Denk aan een fietsstraat of rijlopers in asfalt, in plaats van een standaard 30 km/uur woonstraat profiel."
Het voorlopig ontwerp — klinkerbestrating, 5,40 meter breed, gedeeld met 3.250 motorvoertuigen per etmaal — voldoet niet aan de in het beleidsplan voorgeschreven extra comfort voor alle leeftijden. Klinkerbestrating verlaagt het fietscomfort aantoonbaar en vergroot het valrisico, met name voor jonge kinderen en bij natte omstandigheden. De gemeente dient te motiveren waarom zij op dit punt afwijkt van haar eigen vastgesteld beleid.
2.3 Tegenstrijdigheid met de eigen projectomschrijving in het Actieplan Fiets In de Tussenrapportage Actieplan Fiets 2023–2027 (16 februari 2026) staat de Kleine Houtweg vermeld als project I-4, met de volgende omschrijving:
Actieplan Fiets 2023–2027, Tussenrapportage februari 2026 — project I-4 Locatie: Kleine Houtweg Maatregel: Herinrichting van 50 naar 30 Status: In voorbereiding, uitvoering start 2026
De projectomschrijving luidt uitsluitend “herinrichting van 50 naar 30”. Er is geen melding van een fietsstraat, een vrijliggend fietspad of enige andere specifieke fietsvoorziening. Dit staat in directe spanning met de Hoofdnet-status van de weg, die op grond van het Fietsbeleid 2023 extra comfort en een passende fietsvoorziening vereist. Een snelheidsreductie alleen volstaat niet als maatregel voor een Hoofdnet-route. Bovendien definieert de Tussenrapportage het Hoofdnet Fiets als “een goed verbonden netwerk met veel routes dicht bij elkaar”, met als doel “fietsen in de stad zo prettig mogelijk te maken.” Een gedeelde rijbaan van 5,40 meter met 3.250 motorvoertuigen per etmaal draagt niet bij aan dat doel.
2.4 Intern precedent: Professor Eijkmanlaan toont aan wat wél mogelijk is De Tussenrapportage vermeldt dat de Professor Eijkmanlaan (project 17, afgerond 2023) is heringericht als GOW30 – mét vrijliggende fietspaden. Deze weg is eveneens aangemerkt als Hoofdnet Fiets.
Inspraakreactie herinrichting Kleine Houtweg (zuidelijk deel) – 11 mei 2026 – pagina 2
Dit is een direct precedent binnen het eigen beleid van de gemeente. Op een vergelijkbare Hoofdnet-route heeft de gemeente wél gekozen voor een GOW30-inrichting met aparte fietsinfrastructuur, en niet voor een gedeelde rijbaan. De gemeente dient te motiveren waarom zij op de Kleine Houtweg — met een hogere verkeersintensiteit dan een typische ETW — afwijkt van dit precedent. Daarnaast beschrijft de Tussenrapportage de Boerhaavelaan (project 26, in uitvoering 2026) als een vergelijkbaar geval: een te smal, druk gebruikt eenrichtingsfietspad is verbreed en voorzien van rood asfalt als tweerichtingsfietspad. Dit is exact het type oplossing dat ik voor de oostzijde van de Kleine Houtweg voorstel.
2.5 Veiligheidsrisico tijdens schoolspits — strijdig met City Deal Fietsen voor Iedereen Op het betreffende traject bevinden zich meerdere schoolroutes. In de ochtendspits komen fietsende kinderen en doorgaand autoverkeer tegelijkertijd op dezelfde rijbaan. Op een breedte van 5,40 meter met twee rijrichtingen voor auto’s én fietsers ontstaat de volgende gevaarlijke situatie: – Een auto die een fietser inhaalt terwijl er tegemoetkomend verkeer is, heeft geen uitwijkruimte – Fietsende kinderen beschikken niet over de rijvaardigheid om adequaat te reageren op dergelijke conflicten – De rijbaanbreedte van 5,40 meter nodigt uit tot inhaalmanoeuvres, ook bij 30 km/u — SWOV-onderzoek toont aan dat rijbaanbreedte het enige wetenschappelijk bewezen bepalende inrichtingselement voor de geloofwaardigheid van de snelheid is Dit is bovendien in directe tegenspraak met het gemeentelijk fietsstimuleringbeleid. Zowel het Fietsbeleid 2023 als de Tussenrapportage 2026 benoemen expliciet dat steeds minder kinderen zelfstandig fietsen als een urgent zorgpunt. De Tussenrapportage vermeldt dat Haarlem zich heeft aangesloten bij de landelijke City Deal ‘Fietsen voor Iedereen’, met als speerpunt het stimuleren van fietsen bij kinderen en jongeren. Een wegprofiel dat het zelfstandig fietsen van schoolkinderen ontmoedigt of onveilig maakt, ondermijnt deze beleidsdoelstelling rechtstreeks.
De gemeente investeert via de City Deal in programma’s om kinderen op de fiets te krijgen, en creëert tegelijkertijd een wegprofiel op een schoolroute dat ouders ervan weerhoudt hun kinderen zelfstandig te laten fietsen. Een verkeersveiligheidsaudit specifiek gericht op de schoolspits is voor zover mij bekend niet uitgevoerd of gepubliceerd. Ik verzoek de gemeente dit alsnog te doen voorafgaand aan vaststelling van het definitief ontwerp.
2.6 Schending van het principe ‘Omgekeerd Ontwerpen’ — de Kleine Houtweg is een pilotproject De Uitvoeringsagenda Mobiliteitsbeleid Haarlem 2021–2030, vastgesteld door de gemeenteraad in september 2021, introduceert het principe van ‘Omgekeerd Ontwerpen’ als centraal uitgangspunt voor alle herinrichtingsprojecten. Dit principe luidt:
Uitvoeringsagenda Mobiliteitsbeleid Haarlem 2021–2030 — maatregel R1 (pagina 20) “Eerst wordt de benodigde ruimte gecreëerd voor de fiets en voetganger, waarna vervolgens
Inspraakreactie herinrichting Kleine Houtweg (zuidelijk deel) – 11 mei 2026 – pagina 3
gekeken wordt wat de beschikbare overgebleven ruimte is voor de auto.”
De Uitvoeringsagenda benoemt de Kleine Houtweg met name als één van de drie pilotprojecten waar dit principe direct toegepast moet worden (maatregel R1):
Uitvoeringsagenda Mobiliteitsbeleid Haarlem 2021–2030 — maatregel R1 “Toepassen omgekeerd ontwerpen: meer kwaliteit voor fiets en voetganger. Bij herinrichtingen Jan Gijzenkade, Prof Eykmanlaan, Kleine Houtweg.”
Het voorliggende ontwerp werkt in omgekeerde volgorde: de groenstrook aan de westzijde en de ontsluitingsfunctie voor autoverkeer zijn als uitgangspunt genomen, waarna fietsers de resterende 5,40 meter moeten delen met 3.200 auto’s per etmaal. Dit is niet omgekeerd ontwerpen. De gemeente heeft hiermee haar eigen beleidsuitgangspunt geschonden op juist het project dat als pilot voor dat uitgangspunt was aangewezen.
2.7 Strijdigheid met de eigen verkeersveiligheidsnorm uit de Uitvoeringsagenda De Uitvoeringsagenda bevat een voetnoot bij maatregel 3a die de eigen veiligheidsnorm van de gemeente voor gedeeld rijden expliciet benoemt:
Uitvoeringsagenda Mobiliteitsbeleid Haarlem 2021–2030 — voetnoot bij maatregel 3a (pagina 8) “Grofweg: onder de 3.000 mvt/etmaal kun je fietsers en auto’s veilig mengen, boven de 5.000–6.000 is dat moeilijk voorstelbaar.”
Met een gemeten intensiteit van 3.250 mvt/etm zit de Kleine Houtweg al één van de drie categorische zones: boven de 3.000, de drempel die de gemeente zelf hanteert voor ‘veilig mengen’. De gemeente schrijft daarmee in haar eigen beleidsdocument dat op deze weg fietsers en auto’s niet vanzelfsprekend veilig gemengd kunnen worden. De gemeente gebruikt elders de 6.000 mvt/etm als argument dat de Kleine Houtweg als ETW kan worden ingericht. Dit is een onjuiste toepassing van haar eigen norm. De 6.000 is in de Uitvoeringsagenda de grens voor woonstraten die ‘relatief eenvoudig’ naar 30 km/u kunnen worden omgezet — niet de grens waaronder gedeeld rijden met fietsers veilig is. Die grens stelt de gemeente zelf op 3.000 mvt/etm. Het ontwerp overschrijdt die drempel met 8%.
2.8 Ontbrekende randvoorwaarden: verkeerscirculatieplan en N205-verbetering De Uitvoeringsagenda beschrijft een expliciete volgordelijkheid voor de afwaardering van woonstraten naar 30 km/u. Maatregel 3b stelt:
Uitvoeringsagenda Mobiliteitsbeleid Haarlem 2021–2030 — maatregel 3b (pagina 23) “Allereerst proberen we met behulp van een goede verkeerscirculatie de hoeveelheid auto’s op deze wegen te verminderen, zonder dat dit zorgt voor onveilige situaties op omliggende
Inspraakreactie herinrichting Kleine Houtweg (zuidelijk deel) – 11 mei 2026 – pagina 4
30 km/uur wegen. Wanneer dit lukt kan een standaardinrichting van 30 km/uur worden toegepast.”
De gemeente geeft het definitief ontwerp voor de Kleine Houtweg vrij, terwijl: – Het stadsbreed verkeerscirculatieplan (maatregel R3b) nog niet is vastgesteld – De verbetering van de doorstroming op de N205 (maatregel A1) nog niet is gerealiseerd – Geen aantoonbare berekening is gepubliceerd van de verwachte verkeersreductie op de Kleine Houtweg als gevolg van die maatregelen De gemeente beroept zich op een verwachte verkeersafname die de ETW-inrichting zou rechtvaardigen, maar de randvoorwaarden die die afname moeten bewerkstelligen zijn nog niet ingevuld. Zonder verkeerscirculatieplan en N205-maatregelen is de prognose van verkeersreductie niet onderbouwd. De CROW-normen gelden voor de werkelijke situatie, niet voor een gewenste toekomstige situatie. Zolang de reductie niet aantoonbaar is gerealiseerd, voldoet de inrichting niet aan de norm. Daarnaast is onze wijk zeer slecht aangesloten op het OV en in de nieuwe plannen zal dit zeer zeker niet verbeteren: wanneer de afstand tot het OV te groot is, is aangetoond dat mensen geen overstap zullen maken van de auto naar het OV.
3. Alternatief voorstel: vrijliggend fietspad aan de oostzijde Ik stel het volgende alternatief voor, dat zowel de groenambities van de gemeente honoreert als voldoet aan het fietsbeleidsplan en de CROW-normen: Onderdeel
Gemeentelijk plan
Alternatief voorstel
Rijbaan
5,40m gedeeld auto en fiets (klinkers)
5.40m voor auto (klinkers)
Fietsvoorziening
Gemengd op rijbaan
Vrijliggend 2-richtingen fietspad oostzijde, 2,50m, rood asfalt
Oversteekbehoefte bij Oosterhoutlaan
Ja — fietsers moeten rijbaan oversteken
Nee — directe aansluiting aan oostzijde
Conform fietsbeleidsplan
Nee
Ja
Groenstrook west behouden
Ja
Ja
De benodigde ruimte voor het vrijliggend fietspad (ca. 2,50m) is kleiner dan de afgeschafte westelijke rijbaan. Het voorstel is daarmee ruimtelijk inpasbaar zonder dat de groenambities worden aangetast. Op de locatie waar het fietspad moet komen staan nu stoepen ingetekend, maar voor voetgangers is genoeg ruimte aan de overkant en er zijn ook al veilige oversteekplaatsen ingetekend om daar te komen. De aansluiting aan de Oosterhoutlaan aan de oostzijde heeft een aanvullend voordeel: fietsers die vanuit het noorden de wijk inrijden hoeven de rijbaan niet over te steken. Zij kunnen afslaan de wijk in via de Oosterhoutlaan, ipv door te fietsen naar de vijverlaan en daar de kleine houtweg over te moeten steken.
Inspraakreactie herinrichting Kleine Houtweg (zuidelijk deel) – 11 mei 2026 – pagina 5
4. Formele verzoeken aan de gemeente Op grond van het bovenstaande verzoek ik de gemeente: 1. Het voorlopig ontwerp voor het zuidelijke deel niet ongewijzigd vast te stellen als definitief ontwerp, en het te heroverwegen in het licht van de CROW-normen voor gedeeld rijden en het eigen fietsbeleidsplan. 2. Een onafhankelijke verkeersveiligheidsaudit uit te voeren voor het schoolspitsscenario op het zuidelijke deel, en de uitkomsten hiervan te betrekken bij het definitief ontwerp. 3. Het alternatieve voorstel voor een vrijliggend tweerichtingen fietspad aan de oostzijde (minimaal 2,50 meter, rood asfalt, directe aansluiting Oosterhoutlaan) inhoudelijk te beoordelen en de motivering van een eventuele afwijzing schriftelijk te onderbouwen. 4. De volledige verkeerstelgegevens (inclusief spitsuren en fietsintensiteiten) die ten grondslag liggen aan het ontwerp openbaar te maken. 5. Schriftelijk te motiveren waarom bij de Kleine Houtweg wordt afgeweken van het interne precedent van de Professor Eijkmanlaan, die als vergelijkbare Hoofdnet-route wél is heringericht als GOW30 met vrijliggende fietspaden (project 17, afgerond 2023). 6. De consistentie te verklaren tussen enerzijds de deelname aan de City Deal ‘Fietsen voor Iedereen’ (gericht op meer kinderen op de fiets) en anderzijds een wegprofiel op een schoolroute dat het zelfstandig fietsen van kinderen ontmoedigt. 7.
Aan te tonen op welke wijze het principe van Omgekeerd Ontwerpen — waarbij de fiets als uitgangspunt geldt en de auto de resterende ruimte krijgt — is toegepast in het voorliggende ontwerp, conform maatregel R1 van de Uitvoeringsagenda Mobiliteitsbeleid 2021–2030 die de Kleine Houtweg expliciet als pilotproject voor dit principe aanwijst. 8. De verkeerskundige onderbouwing openbaar te maken waaruit blijkt welke verkeersreductie op de Kleine Houtweg wordt verwacht, op basis van welk verkeersmodel, en wanneer die reductie gerealiseerd zal zijn — alsmede te bevestigen welke gemeten intensiteit aanleiding geeft tot herziening van de wegcategorie en inrichting. 9. Bewoners van aangrenzende wijken (Zuiderhout, Vredenhof, Welgelegen) actief te betrekken bij het participatieproces voor het definitief ontwerp, conform de eerder geuite wens van de Kerngroep Kleine Houtweg.
Alvast bedankt voor uw interesse en inspanningen rondom dit project en ik hoop als bewoner van harte dat jullie alsnog willen kijken naar een plan waarbij gemeente én bewoners straks weer 60 jaar naar volle tevredenheid gebruik kunnen maken van deze prachtige Haarlemse laan. Met vriendelijke groeten, Anne-Floor van Buren
Inspraakreactie herinrichting Kleine Houtweg (zuidelijk deel) – 11 mei 2026 – pagina 6