CConstaterende datHaarlem
Koppel je AI →
Document · PDF

05-11 Transcript Commissie Bestuur

commissie Bestuur 25 mei 2023, gemeente HaarlemBij agendapunt: Transcript commissie d.d. 11 en 25 mei 2023 (alleen naar aanleiding van)19.730 woorden

Open het PDF bij iBabs ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 2 van 2

Maar kunnen wij het besluitvormingstraject via de driehoek en de minister, kunnen wij dat versnellen? En heeft de burgemeester nog extra middelen nodig om versneld de trainingen uit te voeren die hiervoor nodig zijn of om de aanschaf van de wapenstok te bekostigen? Dank u wel, voorzitter. De voorzitter: Dank u wel. Mevrouw Çimen, D66. Mevrouw Çimen: Voorzitter, dank u wel. Het Openbaar Ministerie telde in 2022 bijna 10.000 verdachten van geweld tegen politieagenten, boa's en ambulancemedewerkers, een lichte toename ten opzichte van 2019. En meestal gaat het om verbale agressie zoals schelden of dreigen, maar één op de drie verdachten gebruikte volgens het OM fysiek geweld. Het aantal zaken is vrij constant, maar de zwaarte van de delicten waarvoor aangifte is gedaan is toegenomen, zegt plaatsvervangend hoofdofficier van justitie in Rotterdam. Het meeste geweld is gericht tegen politieagenten en boa's, maar ook medewerkers van andere hulpdiensten, zorgmedewerkers en conducteurs melden zich en om het aantal incidenten omlaag te krijgen ligt er volgens het Openbaar Ministerie een belangrijke taak voor werkgevers. Begin citaat, zij moeten een veilig werkklimaat creëren en uitdragen dat zij het niet pikken als iemand aan hun medewerkers komt. En ik zie weleens dat er bij een organisatie honderd meldingen zijn van incidenten, maar er toch maar tien keer aangifte is gedaan.

Einde citaat. Voorzitter, het is niet normaal dat dit gebeurt. Het hoort er niet bij, dus doe ook zeker aangifte. De

17

politie in Nederland heeft al jaren last van te weinig personeel. De verwachting wanneer het politiekorps weer op volle kracht is, is inmiddels bijgesteld naar 2027 en het is nog maar de vraag of dat ook echt gaat gebeuren. Ondertussen zijn wijkagenten slechter bereikbaar, want zij worden opgenomen in basisteams, ook in Haarlem. En de politie doet absoluut haar best, maar er zijn veel taken en te weinig mensen. Het blijft een verdeling van schaarste bij de politie. En het personeelstekort bij de politie betekent dat zij op straat en in onze wijken stappen terug hebben moeten zetten en ook de aanrijtijden duren langer, boa's springen in dat gat door meer controle- en handhavingstaken toebedeeld te krijgen. En ik wil iedereen hier in deze zaal op het hart drukken dat wij handhavers de stad insturen met een opdracht, mensen aanspreken op hun gedrag, mensen beboeten, de regels handhaven. Wij sturen boa's elk elke dag weer op slechtnieuwsgesprek met mensen in deze stad en dat kan de nodige frustratie, ergernis en zelfs woede opwekken. En boa's worden op hun beurt in toenemende mate onheus bejegend en soms zelfs bespuugd of fysiek aangevallen. Tegelijkertijd, voorzitter, is een aantal jaar geleden de gemeentepolitie afgeschaft en we moeten ervoor waken dat we met het bewapenen van de boa's niet de facto een nieuwe gemeentepolitie gaan optuigen.

Dat is wat D66 betreft absoluut niet de bedoeling. En het eventueel uitrusten van boa's met een korte wapenstok betekent niet dat we over een paar jaar nog iets anders gaan toevoegen. En ik heb ook de wens voor meer politieagenten, voor meer wijkagenten voor een goede samenwerking tussen politie en boa's en dat mensen zich ook gewoon netjes kunnen gedragen. Maar dat is nu helaas een brug te ver. Wat is dan de oplossing? Ik voorzie twee scenario's. Optie één, we doen een aanvraag voor een korte wapenstok bij de minister van Justitie en Veiligheid. Gaat een korte wapenstok al deze problemen oplossen? Nee, natuurlijk niet. Zorgt het ervoor dat onze mensen zich veiliger voelen op straat? Veilig om hun werk te kunnen doen, om zich in het ergste geval te kunnen verdedigen en tijd te kunnen winnen voordat de politie er is? Dat lijkt uit de evaluatie van de pilot en tien gemeenten wel naar voren te komen. Voor D66 is deze optie mogelijk, maar dan wel met een paar voorwaarden. Kan de burgemeester in dit geval toezeggen dat de boa's jaarlijks periodiek trainingen volgen voor gebruik van de korte wapenstok en om de-escalerend op te treden in hun werk? Kan de burgemeester toezeggen om de inzet van de korte wapenstok bij te houden? En wat ook de afloop is van de specifieke situatie, want dat bleek niet uit de evaluatie.

En kan de burgemeester toezeggen om dit door een externe partij te laten monitoren en het ook jaarlijks te sturen naar de commissie Bestuur? En kan de burgemeester ook aangeven wat zijn visie is op mogelijke een opmaat naar nog meer middelen? Graag een reactie op al deze punten. Dan is er nog een tweede optie, we voegen de korte wapenstok niet toe aan de uitrusting van de boa's, maar dan schroeven we wel de taken van de boa's terug en passen het handhavingsarrangement aan. Want het zo laten als het nu is, is wat ons betreft geen optie. Dan moet de werkgever ervoor zorgen dat boa's minder in de vuurlinie terechtkomen. De voorzitter: U heeft een interruptie van de heer Klaver, CDA. De heer Klaver: Het bezoek aan de boa's heeft mij het inzicht gegeven dat het niet altijd een kwestie van taken is die toebedeeld zijn aan boa's, maar dat het ook niet van oudsher politietaken zijn die kunnen leiden tot agressie. Dus dat er niet echt een relatie is tussen een incident en een taak. Ziet u dat ook zo? De voorzitter: Mevrouw Çimen. Mevrouw Çimen: Jazeker, die situatie kan zich zeker voordoen. Maar wat we wel zien is dat als boa’s steeds meer taken toebedeeld hebben gekregen gedurende de afgelopen jaren, vanwege de ontwikkelingen bij de politie. Dus dat is met name het verband wat ik hier probeer te maken.

En wat ik ook denk dat een aandachtspunt is op het moment dat we zeggen, we voegen de korte wapenstok niet toe. Dan moeten we gaan kijken waar zetten we onze boa's dan wel voor in? Zoals ik zei voorzitter, mijn laatste paar punten, dan

18

moet de werkgever ervoor zorgen dat boa's minder in de vuurlinie terechtkomen. En ik ben dan ook benieuwd wat Haarlemmers die overlast melden, hulp nodig hebben of zich eventueel onveilig voelen, die willen dat het gezag optreedt, vinden van deze optie. Dan kunnen ze de politie bellen en wachten totdat zij langskomen. Graag ook een reflectie van de burgemeester op deze optie. Tot zover, dank u wel. De voorzitter: Dank u wel. De heer Drost, u heeft nog een interruptie op mevrouw Çimen? Gaat uw gang. De heer Drost: Dank u wel, voorzitter. Maar waar kiest D66 voor? Mevrouw Çimen: Voor mij is de optie, of in ieder geval voor D66 is de optie van een kort wapenstok mogelijk, maar dan wel met een paar voorwaarden. En die vragen heb ik nu net gesteld aan burgemeester. De voorzitter: Dank u wel. Dan gaan we naar de heer Drost, GroenLinks. De heer Drost: Dank u wel, voorzitter. Ja, we komen nu te spreken over het voornemen van de burgemeester om de bevoegdheid van de wapenstok toe te staan. Niet de eerste keer dat we hierover spreken, volgens mij ‘21, ‘20 voelde deze commissie zich redelijk overvallen over het voornemen en daarbij vond een meerderheid van de commissie toen ook het geen goed idee om hieraan mee te doen. Geweld roept altijd geweld op en agressie tegen boa’s zal alleen maar toenemen, om bijvoorbeeld maar even een quote van de SP te quoten uit die vergadering toentertijd.

En GroenLinks zag op dat moment ook geen reden om aan de pilot mee te doen, we zagen meer heil in het continueren van de bodycam. Inmiddels is die pilot achter de rug, er is geëvalueerd en heeft de commissie ook een intens werkbezoek gebracht aan onze Haarlemse boa’s, ik zie ook veel bekende gezichten op de tribune. We hebben daar situaties uit de praktijk gehoord, de incidenten die onze boa’s meemaken zijn heftig en het hoort ook niet normaal te zijn. D66 zei dat ook. In dat licht begrijpen we ook wel de positie van de burgemeester, dat vanuit goed werkgeverschap naar maatregelen wordt gezocht om zo goed als gaat de veiligheid van onze medewerkers te borgen. Als ik de evaluatie lees, ik heb gelezen van de pilot over de tien gemeenten en de controlegemeente, blijf ik wel wat met wat vragen zitten en daar wil ik in mijn eerste termijn vooral de burgemeester op bevragen. Wat natuurlijk allereerst ontzettend het resultaat vertroebeld, om dat men heeft te noemen, is het uitgebreide takenpakket door de coronamaatregelen ten tijde van de pilot en de daaraan gekoppelde sfeer in de maatschappij. We lezen een aantal zaken terug in de evaluatie, nu quote ik gewoon even die evaluatie en daar zou ik graag reactie op willen, onder andere op basis van de resultaten kan niet worden geconcludeerd dat in de pilotgemeenten dragers minder vaak met geweld zijn geconfronteerd.

In het verlengde daarvan kan dus ook niet worden gesteld dat het dragen van de wapenstok een preventieve werking heeft op het aantal geweldsincidenten tegen de boa's. En nog één zin en dan rond ik ook af. Opvallend daarbij is dat zaken als uitrusting of het al dan niet dragen van de wapenstok dus niet significant kan bijdragen aan het gerapporteerde veiligheidsgevoel van de boa's, in plaats daarvan lijken de handhavingstaken van boa’s juist de centrale rol te spelen. Graag een reactie. De voorzitter: Dank u wel. En u heeft het zelf ook al opgemerkt u heeft geen tijd meer. Forum voor Democratie, de heer Alberts, gaat uw gang. De heer Alberts: Voorzitter, de pilot in Zandvoort liet dreigende situaties veiliger doen overkomen bij handhavers die het dragen van een wapenstok mochten proberen. In gesprek met de handhavers van Haarlem werden verhalen verteld van daarmee onvergelijkbare situaties van excessief geweld waarover wij heel lang hebben nagedacht of een wapenstok überhaupt zou helpen. De samenleving verhard en we zijn het volstrekt met de kernboodschap van de burgemeester eens, agressie tegen handhavers wordt niet getolereerd. Als FvD Haarlem willen wij toch de stem van de ratio en de lange termijn laten horen in dit debat en van daaruit

19

komen wij op de volgende conclusie. Er is geen langetermijnstudie aangaande de bewapening van handhavers en nadenken hierover brengt ons bij glijdendeschaalargumenten omdat wij hier symptoombestrijding bespreken voor een dieper onderliggend probleem, wat elke dag verergert. Daarom stemmen wij hier tegen en roepen wij de burgemeester dringend op om echt naast de handhavers te staan en een dringende brief naar de overheid te sturen met een urgente vraag naar meer agenten in het straatbeeld en in de ondersteuning van het huidige personeelsbestand dat ook onze stad veilig moet houden. Dank u wel, voorzitter De voorzitter: U heeft nog een vraag van mevrouw Çimen en ik wil ook wel opmerken dat u ook al door uw tijd bent. Mevrouw Çimen, D66. Mevrouw Çimen: Voorzitter, dank u wel. Ik snap, ik bedoel ik heb zelf ook het glijdende schaalargument genoemd en dat we daarvoor moeten waken, zeker, en ik wil natuurlijk ook gewoon meer agenten Maar we hebben nu geen blik aan mensen die we nu gaan opentrekken. Wat betekent dat in de tussentijd dan voor, volgens FvD, voor de boa's? De voorzitter: De heer Alberts, kort graag. De heer Alberts: Ja.

Dit is een meningsverschil dat gebaseerd is op conservatief afwachtende houding met het risico vermijden dat het misschien verergert, wat we concreet niet weten, waar we gewoon echt niet solide genoeg voor weten dat het de zaak op lange termijn ook verbetert en een progressieve houding van beter iets doen dan iets. En daar staan we gewoon anders in, denk ik. De voorzitter: Dank u wel. Wie kan ik dan? De heer Klaver, CDA. De heer Klaver: Ja voorzitter, het CDA heeft destijds de evaluatie geagendeerd zonder een vooringenomen standpunt. We zijn er eigenlijk heel open ingegaan om goed naar die evaluatie te kijken, goed met elkaar in gesprek te zijn over de voor- en nadelen. Het is ook heel goed, denk ik, dat we op bezoek zijn geweest bij de boa's. Dat heeft bij velen van ons denk ik indruk gemaakt. Uiteindelijk zijn wij tot de conclusie gekomen dat wij het voornemen van de burgemeester om handhavers de bevoegdheid te geven om een korte wapenstok te dragen, om dat te steunen. We kunnen onze ogen niet sluiten voor de verruwing van de samenleving, we moeten onze handhavers beschermen tegen verbaal en fysiek geweld. En escalatie kan bij het minste of geringste aan de hand zijn en dat kan ook bij taken zijn die niet oude politietaken zijn, die heel voor de hand liggende boa-taken zijn, kan het zomaar escaleren.

De wapenstok moet natuurlijk preventief en als uiterste redmiddel worden ingezet, gericht op de-escalatie en als middel om tijd te overbruggen. En het CDA heeft op grond van de evaluatie en op grond van het bezoek en op grond van ook de houding van de burgemeester het vertrouwen dat de korte wapenstok zorgvuldig zal worden gehanteerd. En ja, steun dus. Dank u. De voorzitter: U heeft een interruptie van de heer Aynan. De heer Aynan: Dank u wel, voorzitter. Twee jaar geleden was u faliekant tegen. Wat is er in de tussentijd zo veranderd? De voorzitter: De heer Klaver. De heer Klaver: Ja, wat is er veranderd? Misschien zit er een andere woordvoerder, een andere samenstelling van de fractie met andere inzichten. Ik begrijp dat dat bij de SP ook aan de hand is. Maar wat ik zeg, wij zijn

20

eigenlijk heel neutraal die discussie aangegaan om ons goed te laten voeden met de voors en tegens en ten tijde dat we de evaluatie hebben geagendeerd, hadden wij op dat moment geen standpunt voor of tegen. Wij hebben echt op basis van de afgelopen paar maanden onze afweging gemaakt en zijn nu tot dit standpunt gekomen. De voorzitter: Dank u wel. Nog een aanvullende vraag. De heer Aynan: Dat dat snap ik en dat pleit voor u, maar het belangrijkste argument toen was dat dit soort geweldsincidenten hebben vooral te maken met daklozen, kwetsbare mensen. Daar is denk ik niets aan veranderd. Vindt u nou dat zo'n stok daarbij gaat helpen? De voorzitter: Mijnheer Klaver, ik wil erop wijzen dat u nog enkele seconden heeft, 16 seconden. De heer Klaver: Ja, nee, als we de, ik heb benadrukt de zorgvuldigheid en terughoudendheid is natuurlijk heel erg belangrijk, de preventieve houding is belangrijk. Dus het is natuurlijk niet de bedoeling om allerlei mensen heel agressief met de korte, integendeel, dat is niet de bedoeling, dus een juiste inzet is belangrijk. En ik denk dat de evaluatie ook heeft aangegeven welke voorwaarden daarvoor nodig zijn, de training, de voorwaarden die aan boa's worden gesteld. En alles met elkaar hebben wij vertrouwen in een zorgvuldige aanpak en een zorgvuldig hantering van dit middel. De voorzitter: Dank u wel.

Dan kijk ik even, de heer Amand, maar heeft ook geen … De heer Amand: Ik hou het heel kort, voorzitter. Nou, wij steunen dit helemaal. Wij vinden als Haarlemmers zijnde, de boa’s hebben ook recht op bescherming en ook voor ons als Haarlemmer zijnde. Dus wij willen dit gewoon steunen, namens Sander en ik en de Haarlemmers. De voorzitter: Dank u wel. Dan kijk ik even, de heer Linder, ChristenUnie. De heer Linder: Bedankt. Ja, de maatschappij is veranderd, helaas niet altijd tot het beste en dus ook, er heeft een verharding plaatsgevonden waardoor ook de taak van handhavers ook anders komt eruit te zien dat die misschien vroeger is geweest. Wij steunen dit verzoek van de burgemeester voor een wapenstok voor de handhaver ook. Daarom ook dat als zij zelf aangeven dat zij daar behoefte aan hebben, ik vertrouw ook een stuk op professionaliteit, ook van de handhavers. Zelf heb ik ook nog gezien wat voor opleiding zij ook allemaal volgen en ik heb dat vertrouwen erin dat zijn er goed mee omgaan. Even duidelijk, dat doen we niet heel verheugd, wij hadden het liever niet gehad, we hadden het liever dat het niet nodig was. Maar de andere kant nog eens, als werkgever voelen wij ons ook verplicht om onze werknemers te beschermen en hun de mogelijkheid te geven om hun baan zo uit te voeren zoals wij dat van hun vragen. De voorzitter: Dank u wel. De heer Abbasi, PvdA.

De heer Abbasi: Dank u wel, voorzitter. Laat ik maar meteen zeggen wat wij willen, wij gaan namelijk het voornemen om tot het doen van de aanvraag voor een wapenstok voor boa's, gaan we steunen. En er zijn twee redenen waarom we dat doen. We hebben namelijk gekeken naar de rol van de handhaving de afgelopen jaren en wat voor taken zij erbij hebben gekregen en hoe ze daarmee om moeten gaan. Maar vooral ook, en dat is het belangrijkste, we hebben de afgelopen periode een evaluatie gezien van een pilot die anderhalf jaar heeft gelopen en daar zijn belangrijke inzichten uitgekomen die ons hebben geholpen om uiteindelijk tot een ander besluit te komen dan drie jaar geleden. En om het even te hebben over de taken van

21

handhaving, we hebben een mooi overzicht gehad en in dat overzicht hebben we gezien dat er veel taken zijn die, los van dat we dat van tevoren kunnen inschatten, die ook eigenlijk al van tevoren kan zien dat daar best wel wat agressie richting de boa’s kan zijn. We vragen ze om naar overlastsituaties te gaan, we vragen ze om hier in de horeca te helpen in bepaalde straten en we vragen bijvoorbeeld ook om naar jeugd te gaan als er overlast is en dan is het goed om onze boa’s daar dan ook dusdanig uit te rusten dat ze zichzelf kunnen blijven verdedigen, naast andere dingen die ze hebben. Maar bovendien is er nog de evaluatie waar ik zo op terug kom, maar ik wil eerst … De voorzitter: Mijnheer Abbasi, de heer Aynan heeft een interruptie. De heer Aynan: Ja, u heeft het over een evaluatie, maar heeft u een andere evaluatie gelezen dan die van GroenLinks? De voorzitter: De heer Abbasi. De heer Abbasi: Ja, ik wil het daar nu over gaan hebben. Het belangrijkste punt in de evaluatie wat ons heeft overtuigd was het feit dat die wapenstok eigenlijk bijna nooit is ingezet tijdens die pilot. De heer Aynan: Dan heb je hem dus niet nodig. De voorzitter: Blijft u even via de voorzitter vragen, spreken. Ja. De heer Abbasi: Dan ga ik door. Nee, want een van de argumenten wat vaak hiertegen gebruikt wordt, is dat een wapenstok agressie uitlokt en dat het daarom ingezet.

Maar we zien in die evaluatie dat dat niet het geval is. Ik kan die cijfers er wel bijhalen. Je hebt, in Amsterdam is die 16 keer ingezet, waar hij is geslagen, en Amsterdam is natuurlijk een bijzonder gemeente waar de handhaving tot twee uur 's nachts bezig is in de horeca om taken uit te voeren. Maar er zijn bijvoorbeeld ook gemeentes zoals in Alkmaar, in Hoorn, in Leeuwarden, Leeuwarden twee keer, Zandvoort, Zoetermeer waar die nul keer gebruikt is om te slaan. De voorzitter: U heeft een interruptie van de heer Trompetter van de Actiepartij. De heer Trompetter: Dank u voorzitter. Mijnheer Abbasi, bent u ervan op de hoogte dat ze in Amsterdam nu kaders gaan maken? Dat het zomaar het dragen overal en altijd van de wapenstokken niet meer van toepassing wordt verklaard. De voorzitter: De heer Abbasi. De heer Abbasi: Jazeker, dat is denk ik een heel goed iets. En ik wilde zelf ook nog zo wat dingen meegeven aan de burgemeester. Het zullen geen kaders zijn, maar andere dingen. Maar ja, zo hebben wij de evaluatie gelezen en voor ons is dat dan een conclusie dat het argument dat een wapenstok agressie uitlokt, niet zo is. Maar er zijn twee vragen die ik heb aan de burgemeester en eigenlijk zijn die vragen al via technische vragen beantwoord, maar ik wil dat hier toch nog benoemen, zodat andere commissieleden dat dan ook horen.

Wij hebben namelijk gevraagd na de evaluatie, stel dat er een wapenstok wordt gebruikt, dus er wordt een wapenstok gebruikt om te slaan, hoe wordt dat geëvalueerd? Het antwoord daarop vanuit die technisch vragen is dat dat door een externe organisatie gedaan wordt, namelijk door de politie. En dat is een heel goed iets. En als de burgemeester inderdaad ook kan bevestigen dat dat zo is, vinden we dat we daaraan moeten houden. Want het kan natuurlijk niet zo zijn dat een wapenstok gebruikt wordt en dat vervolgens een collega-

22

boa gaat evalueren waarom dat gedaan is. Dus goed dat die taak bij de politie wordt belegd. En het tweede punt is, we hebben gevraagd om trainingen, worden er inderdaad periodiek trainingen gegeven? De vraag van D66. En het antwoord daarop is ja, er worden jaarlijks verplichte trainingen gegeven waaraan die boa’s moeten voldoen. En als je die trainingen niet volgt, mag je geen wapenstok dragen. En als de burgemeester dat inderdaad ook kan bevestigen, zijn dat voor ons de twee belangrijkste voorwaarden om dan hiermee door te gaan. De voorzitter: Dank u wel. Wie kan ik het woord geven? In eerste termijn nog? Ja, de heer Zandwijken, Partij voor de Dieren. De heer Zandwijken: Dank u wel, voorzitter. Wij maken ons ernstig zorgen over het gebruik van een wapenstok. Wij zijn dan ook tegen een aanvraag voor een korte wapenstok. Een risico dat wordt benoemd voor het dragen van een wapenstok is dat er mogelijk meer geweld gaat worden gebruikt. Ook blijkt niet uit de stukken dat het veiligheidsgevoel nu slecht is en dat vanuit het perspectief van de burger is het ook niet zonder risico's. Het WODC heeft onderzoek gedaan naar boa's die van de pilot gebruik hebben gemaakt en daarin staat letterlijk dat er geen direct verband is tussen het dragen van een korte wapenstok en het veiligheidsgevoel onder boa's.

Wij zien dan ook geen reden om boa’s hiermee uit te rusten en eerder na te denken over de taken die bij handhaving komen te liggen. Dank u wel, voorzitter. De voorzitter: Dank u wel. Wie mag ik nu het woord geven? De heer Kuin van de SP. De heer Trompetter: Dank u wel voorzitter. De voorzitter: Ik zei de heer Kuin, maar u gaat nu als eerste. De heer Trompetter van de Actiepartij. Nee hoor, gaat uw gang. De heer Trompetter: In de voorbije periode heeft de raad met de ruime meerderheid niet gekozen voor inzetten van de wapenstok. Daar waren goede redenen voor. Mijn fractie was toen ook al geen voorstander voor het uitrusten van de boa’s met een wapenstok. De redenen daarvoor zijn als volgt. In de pilot die u allemaal het kunnen lezen, kon niet worden aangetoond dat de wapenstok tot de-escalatie geleid heeft of dat andere middelen hetzelfde effect zouden hebben gehad. In de wetenschap wordt nu getwijfeld over de juridische status van de wapenstok als verdedigingsmiddel. Volgens onderzoeker Gert-Jan Lindeboom, die ook in het stuk wordt genoemd van Universiteit Leiden, is het bijzonder dat de wapenstok in de wet als geweldsmiddel omschreven staat ter ondersteuning bij boa’s. En het dat nu ook kunnen stukken, als geweldsmiddel, dus niet als verdedigingsmiddel, dat is nieuw. Dus strikt genomen, zegt hij, is een wapenstok ter verdediging niet toegestaan.

Hij noemt het een schimmige situatie met veel haken en ogen. Heeft de commissie dit ook begrepen? Er is naar aanleiding van de pilot niet geconcludeerd dat vaak het gevoel van de boa’s is verbeterd of is verslechterd door de wapenstok, wel door een verandering van inzet van taken. Dat is al eerder genoemd. De gewijzigde taken hebben met name tijd tijdens de Covid-19-periode het meeste onveiligheidsgevoel veroorzaakt bij de boa's. Wat ons fractie betreft dient de discussie in de driehoek gevoerd worden over welke taken voor wie zijn, waar worden de boa’s voor ingezet en waar niet. Als de commissie er toch naar neigt in meerderheid om de burgemeester toestemming te geven voor de aanvang van de wapenstok, zal mijn fractie een tweetal moties indienen. De eerste motie is om dat niet te doen, als motie vreemd. En de tweede motie is in het geval dat de raad hier toch verkiest, om het ieder geval in te kaderen, zoals recent in Amsterdam gebleken is, was er een noodzaak om kaders te stellen voor de inzet van welke plaats, welke tijd, wanneer en waar en precies wie. En ik zeg dat niet zomaar, want zelfs de boa’s hebben het genoemd, maar ook de burgemeester twee keer toe in de twee behandelingen die we hebben gehad. Hij heeft

23

twee keer daklozen genoemd en dan komt hij bij mij echt op een terrein waar ik mee werk. En boa's, volgens mij hebben die boa's geen wapenstokken nodig om daklozen te bewegen om ergens al dan niet heen te gaan. Ik heb al wel begrepen dat het onderzoek het gebruik van de wapenstok wordt onderzocht door een onafhankelijke partij. Maar ik vind de politie niet de meest geschikte partij om dat te gaan onderzoeken. Dus met die vraag, met het antwoord zijn we niet blij en dat was voor nu even. Dank u wel. De voorzitter: Dank u wel. Dan geef ik denk nu de heer Kuin het woord. Ja, SP, gaat uw gang. De heer Kuin: Dank u wel, voorzitter. De SP steunt het voornemen van de burgemeester. Laat ik meteen maar helder zijn. Per 1 juli 2022 zijn de beleidsregels die de belangrijkste regels bevatten voor boa's, die zijn gewijzigd. Tot die tijd golden er redelijk stringente criteria voor het toekennen en uitrusten van geweldsmiddelen voor boa's en alle aanvragen tot die tijd werden in feite afgewezen op criteria 4, criteria d, criterium b, dat zegt er moet sprake zijn van fysiek geweld tegen boa’s. Dat is één. En er moet sprake zijn van toename van fysiek geweld. Daarvan hebben de vakbonden altijd gezegd, je moet dus eerst op je gezicht geslagen worden, het moet ook blijvend zijn, het moet ook toenemen, wil je in aanmerking komen voor een verdedigingsmiddel.

De minister was het eens met de boa-bonden en de politiebonden, trouwens goed om dat te zeggen … De voorzitter: Mijnheer Kuin, u heeft een interruptie van de heer Trompetter. De heer Trompetter: Dank u wel, voorzitter. Bent u het met mij eens dat het nu zo is dat in de wet het een geweldsmiddel is voor de boa’s en nog geen verdedigingsmiddel? De voorzitter: De heer Kuin. De heer Kuin: Dat is correct. Die beleidswijziging heeft plaatsgevonden per 1 juli 2022 en dat criterium dat er sprake moest zijn van fysiek geweld en van een toename van fysiek geweld, dat is er uitgehaald. En nu gelden er slechts drie criteria en de meesten hebben dat in feite ook zo verwoord. Wat zijn de taken van de boa’s? Wat zijn de risico's die bij die taken aan de orde zijn? En zijn de risico's te minimaliseren? Dat is de kale afweging die moet worden gemaakt. Daarmee is het naar onze mening ook minder principieel, meer voor of tegen geweld, meer voor of tegen gebruik van wie dat gaat doen. Het gaat erom met welke taak sturen we mensen op pad? Welke risico's horen erbij en zijn niet te minimaliseren? En in veel gevallen zijn die niet te minimaliseren. Dat heeft veel te maken met, daarbij moet worden gekeken, bij het minimaliseren van de risico's, wat is de back-up van de politie? Ook in die afspraken met de bonden en de minister staat, kijk ook naar de tijdsfactor bij het minimaliseren van de risico's.

Het maakt nogal uit, en dat hoor ik heel veel in steden waar het gewoon soms een half uur kan duren voordat de politie ter plaatse is. En je moet wel een afweging maken, grijp ik in, ga ik handhaven en dan kan je daarna niet hard wegrennen. Dan moet je ook in feite je werk afmaken. Dus die beleidsregels zijn veranderd en dat betekent dat het versoepeld is, dat het eenduidiger is en dat het vaker voorkomt. En de tweede belangrijke wijziging is dat het niet meer zozeer aan de minister is, maar vooral aan de driehoek om die beslissing te nemen. En aan de minister om te toetsen of die drie vragen op een goede manier zijn afgehandeld. Een paar dingen die genoemd zijn, daar wou ik even op ingaan. Ik denk dat niemand er tegen zou zijn als er meer politie zou komen. En dat is denk ik de vraag die al jaren wordt opgeworpen. Nou, daar gaan we hier niet echt over en ik kan één belangrijk feit noemen, er stromen de komende tien jaar 16.000 agenten uit. En de Politieacademie zal alle zeilen moeten bijzetten, alle zeilen moeten bijzetten om die uitstroom alleen al op te vangen. Dus het is al een kunst- en vliegwerk om te zorgen dat de huidige aantal agenten op dat niveau blijft. Dus wat je er ook van vindt, de komende jaren zitten we

24

met het tekort, ook al zou er vandaag worden besloten om heel veel meer agenten aan te nemen. En dan moeten we toch wat doen met de taken, die mensen hebben. Het tweede is denk ik goed om even te … De voorzitter: U heeft een interruptie van mevrouw Van Zetten, Hart voor Haarlem. Mevrouw Van Zetten: Ja, vindt u dan ook dat het functieprofiel moet worden aangepast voor de handhavers? Want dat hoort er dan natuurlijk bij als ze toch politietaken, in feite in het gat moeten springen die de politie achterlaat als en 16.000 man weg zijn. Hoe staat u daar dan tegenover? Moeten ze ook meer gaan verdienen bijvoorbeeld? De voorzitter: De heer Kuin. De heer Kuin: Dat is een mooi bruggetje naar mijn volgende punt wat ik zou willen maken. Die taken zijn al veranderd in feite, dus de taken zijn al verruimd, dus dat is helemaal niet de vraag van dat die nu moet worden verruimd. Dat gebeurt en ze hebben met van alles te maken. Het is goed om te zeggen dat de meeste boa’s tegenwoordig een roc-opleiding hebben op mbo3-niveau, tweejarig, op zijn minst gelijkwaardig aan die van de politiesurveillant en ik zou willen zeggen ook op zijn minst gelijkwaardig aan die van de politieagent tegenwoordig, die niet drie jaar naar de academie gaat, die is verkort naar twee.

Over de arbeidsvoorwaarden, vaak wordt er gedacht, vooral in linkse kringen, dat de boa’s een goedkope oplossing zijn voor dit gebrek aan agenten. Ook dat moet ik tegenspreken. In de meeste gemeenten, en zeker de eerste jaren, verdienen boa's meer dan beginnende agenten. En boa’s vallen in dit domein onder de gemeente-cao, zitten veelal in schaal 7 in de wat grotere steden en bij de politie is het schaal 5. Die schalen lopen iets anders, maar het duurt even voordat een agent op het niveau van de arbeidsvoorwaarden van een boa’s is. Ik wil daarmee zeggen, het is geen goedkope oplossing voor het gebrek aan agenten. De voorzitter: Ik ga u er even op wijzen, ja oké, dank u wel. Wie kan ik in eerste termijn nog meer het woord geven? De heer Aynan, Jouw Haarlem. De heer Aynan: Dank u wel, voorzitter. Dat waren mooie woorden van bijna de portefeuillehouder, zou ik willen zeggen. Voorzitter, ik constateer dat heel veel fracties in vergelijking met twee jaar geleden gedraaid zijn. Daar hebben ze hun eigen redenen voor, maar Jouw Haarlem is dat niet. Voor ons is er eigenlijk weinig veranderd. Overigens wil ik wel even beginnen met de handhavers bedanken voor het werkbezoek. Ook bedankt voor het delen van jullie toch echt heftige verhalen, daar wil ik helemaal niets aan afdoen. Maar Jouw Haarlem gelooft niet in de preventieve werking van de wapenstok, of de knuppel zoals sommigen zeggen.

Geen knuppel maar knuffel, zou ik willen zeggen. En dat is ook inderdaad gebleken uit de evaluatie. En die terughoudendheid waar het CDA het over had, ik weet niet of dat zo is. Want een van de voorbeelden van de handhavers zelf, bij het gebruik in Zandvoort, was niet preventief. Het was om het laten zien, het afdwingen van het laten zien, van het idee gebruikt en daar was dus niks preventiefs aan. En daar zit juist echt onze twijfel. Als je hem hebt namelijk, dan, al heb je de intentie niet, maar je komt op een gegeven moment echt in de verleiding om als hem wapen te gaan gebruiken. En dat willen wij niet. Het geweldsmonopolie ligt bij de politie en Jouw Haarlem vindt het principieel dat het ook daar moet blijven. De voorzitter: U heeft een interruptie van mevrouw Çimen, D66. Mevrouw Çimen: Even een kleine correctie, het geweldsmonopolie ligt bij de overheid en de overheid die bedeelt hem toe aan uitvoeringsinstanties. Maar goed, nog even los daarvan, ik vind wel, ik snap op zich de zorg dat het verder, het bewapenen van de boa's, om het maar even zo te zeggen. Tegelijkertijd denk ik, het

25

voelt voor mij toch een beetje alsof u hen ook wel tekortdoet. Want u zegt eigenlijk, ik ben er eigenlijk bang voor, zodra ze die knuppel hebben dat ze dan gaan inslaan op Haarlemmers. De voorzitter: Mijnheer Aynan. De heer Aynan: Nee hoor, dat is een invulling die u er zelf aan geeft, voorzitter. Het is een invulling die D66 ervan maakt. Daar neem ik ieder geval afstand van. Ik zeg, je kunt in de verleiding komen. Ik geloof echt niet dat ze al slaand de deur uitgaan. Absoluut niet. Maar u was ook bij het werkbezoek geloof ik, op het moment, op het moment dat je je zo bedreigd voelt, die situaties hebben zich voorgedaan, die verhalen kennen we, dan kun je eigenlijk niet anders dan hem trekken. En als je dus … De voorzitter: U heeft een interruptie van, nog een aanvullende vraag, korte vraag, want u heeft ook niet veel tijd meer, mevrouw Çimen, D66. Mevrouw Çimen: Ja dank u wel, voorzitter, want oké, er vindt dus plaats, er vindt een dreigende situatie plaats en uw oplossing is dan, oké we moeten deze persoon dus geen korte wapenstok geven. Maar wat is dan wel de oplossing? Want die bedreigende situatie vindt wel plaats. De heer Aynan: Ja dat klopt. In dat geval kun je inderdaad niet knuffelen. Wij hebben inderdaad ook een zeer warm pleidooi gehouden voor de webcam. Die is ook ingezet en daar hebben we ook goede resultaten van gezien.

Ik geloof echt niet, mevrouw Çimen, dat op het moment dat er echt gewoon een dreiging van geweld is, dat die wapenstok het verschil gaat maken. Trek je dan terug, bel de politie en die zijn veel beter uitgerust. Want op het moment dat we beginnen aan de wapenstok zijn wij echt gewoon bang voor een wapenwedloop. Waar stopt het dan? Dus voor ons is het een principiële kwestie. Onze handhavers, ja daar staan we voor, maar we staan ook voor hun veiligheid en we zien echt niet in dat de wapenstok nu de veiligheid verbetert. Sterker nog, het risico is dat het verslechtert. Voorzitter, tot zover dus. Wij staan, en overigens wij zijn wel verrast dat deze aanvraag dus via een U-bocht alsnog ingediend gaat worden. De voorzitter: U heeft nog een interruptie van de heer Abbasi, PvdA. De heer Abbasi: Ja, ik had twee vragen. Laat ik beginnen met Zandvoort, u had het over dat daar een voorbeeld van dat er agressie was opgewekt. Maar ik zie hier dat de in Zandvoort is er één keer gedreigd met het gebruik van een wapenstok, één keer is die gebruikt om te duwen en één keertje is die gebruikt om een tik te geven op een autoruit. Dus wat bedoelt u daar dan? De voorzitter: De heer Aynan. De heer Aynan: Ik verwijs gewoon uit het werkbezoek waarin inderdaad de wapenstok getrokken is om het laten zien, het tonen van een idee afgedwongen is. De voorzitter: De heer Abbasi.

De heer Abbasi: Mijn tweede vraag, goed, dit geeft dan eigenlijk toch al aan dat het werkt? Maar goed. Tweede vraag is, u zegt u bent bang dat ze in een dreigende situatie de wapenstok gebruiken, maar dat is toch juist de bedoeling? En tijdens het werkbezoek werd dat door de boa’s gezegd, als ik daar toen een wapenstok had gehad, had ik de mensen wat meer op afstand kunnen houden. Daar gaat het toch juist om? De voorzitter: De heer Aynan.

26

De heer Aynan: Nee, dan maakt u een inschattingsfout. Je kunt hem gebruiken om inderdaad mensen van je af te houden, maar het risico dat het geweld juist oproept, vinden wij gewoon te groot. De heer Abbasi: Een laatste vraag, we hebben toch … De voorzitter: Mijnheer Abbasi, heel kort De heer Abbasi: Ik zal het heel kort houden. Ik heb net al antwoord geven op de technisch vragen die gesteld en ik neem aan dat de burgemeester dat zo bevestigt. Als dat dan gebeurt, dan komt er toch een evaluatie en desnoods wordt dan een boa toch dan het recht ontnomen om zo'n wapenstok dan te gebruiken, als hij het onrechtmatig gebruikt heeft. Dan wordt het probleem toch opgelost? De voorzitter: De heer Aynan. De heer Aynan: Ja goed, als u achteraf onrechtmatig gebruik wilt evalueren, prima. Maar ik wil hem vooraf voor zijn. De voorzitter: U heeft ook nog een vraag van heer Klaver, CDA. De heer Klaver: Ja, u had het over een U-bocht. Maar we zijn nu een paar jaar verder in de tijd en intussen heeft een pilot heeft er plaatsgevonden. Dat is toch geen U-bocht? Dat is gewoon gebruik maken van de inzichten die zijn verzameld om op basis daarvan een standpunt te bepalen. De voorzitter: Mijnheer Aynan. De heer Aynan: Voorzitter, wat Jouw Haarlem betreft is er in twee jaar niet zoveel veranderd en dat verandert weinig aan ons standpunt, in tegenstelling tot u.

Ik ga u niet corrigeren of aanspreken op uw gedraai, maar ik constateer het alleen maar. De voorzitter: Dank u wel. Zijn er nog anderen in eerste termijn? Nee. Dan gaan we nu naar de beantwoording van de burgemeester en ik heb er al even op gewezen dat hierna ook weer een nieuwe vergadering begint. Dus ik zou graag willen de beantwoording, duidelijk uiteraard, mogelijk als nodig is een tweede termijn en dan gaan we kijken of dit voorstel meegenomen kan worden. Gaat uw gang. Burgemeester Wienen: Ja dank u wel. Ik zal me dus niet heel uitgebreid op dingen ingaan, hoewel ik dat graag doe, zoals u weet eigenlijk. Maar goed. Ik probeer kort aan te geven wat is het antwoord op de vragen die gesteld zijn? De VVD vraagt wat is het verdere proces? Ik zal, tenzij deze commissie mij overtuigd dat ik dat niet zou moeten doen, ga ik bij de driehoek hier in Haarlem agenderen dat we dit zouden moeten invoeren, moeten doen. Dan, als de driehoek daarmee instemt, gaat het naar een landelijke toetsingscommissie. Dat is de toetsing waar net ook even over gesproken is. De minister checkt dan of op een zorgvuldige manier dat gedaan is. Nou, daar kunt u vanuit gaan dat dat zo is. En daarna geeft de minister toestemming. Dus dat is het proces. Kunnen we dat nog versnellen? Dat denk ik niet. De voorzitter: De heer Van Kessel, VVD. De heer Van Kessel: Dank.

En de laatste vraag was of u nog extra middelen nodig heeft hiervoor. Burgemeester Wienen: Nee, in principe kan dit binnen de begrotingsmiddelen die we hebben.

27

De voorzitter: U heeft ook nog een vraag van de heer Trompetter, een interruptie. De heer Trompetter: Dank u wel, voorzitter. Ik hoop toch wel dat de aanvraag en het proces wordt uitgesteld tot na de raadsbehandeling waar de eventuele moties worden behandeld. Vooral vanwege de kaderstelling, los van de vraag of we het wel of niet doen, maar de kaderstelling dat raad, of in ieder geval deze commissie wordt geïnformeerd over wanneer, wat, wie, waar, welke kaders et cetera, voordat er ook maar iets de deur uitgaat. Dank u wel. De voorzitter: U vraag is helder. Mijnheer Wienen. Burgemeester Wienen: Wat mij betreft, als deze commissievergadering naar het zich laat aanzien niet zegt u moet het niet doen, dan agendeer ik het, maar de raad is ruim voordat het behandeld wordt in de driehoek. Dan gaan we naar de vragen van D66. Nou ik denk een heel … De voorzitter: U heeft nog een aanvullende vraag van de heer Van Kessel, interruptie. De heer Van Kessel: Ja, voor het beeld van de commissie, zou ik nogmaals dan het verzoek tot snelheid en voortvarendheid willen herhalen en aan de burgemeester vragen of hij ook dat gevoel in de commissie gehoord heeft. Burgemeester Wienen: Zeker, zeker, zeker, nee dank. Maar daarom reageer ik ook zoals ik reageer.

Mevrouw Çimen die geeft denk ik een heel zorgvuldige analyse van wat is hier aan de hand en waar is het op gericht? De vragen die gesteld zijn, de voorwaarden bij de eerste oplossing die ze noemt, jaarlijks training, ja die is er. Dat is ook trouwens een eis, maar die wordt ook voor gezorgd. Evaluatie, bij elk gebruik van de wapenstok hoort die evaluatie, die wordt extern gemonitord en wordt vervolgens teruggerapporteerd. En wat mij betreft geen enkel probleem om dat ook met u te delen jaarlijks van hoe loopt dat. Dat moeten we denk ik ergens in een reguliere rapportage gewoon een onderdeel van laten zijn. Hoe zie ik het als een mogelijke opmaat naar meer middelen? Ik denk dat eerlijk gezegd niet het enige, dat staat ook in een het stuk, ik ben zelf eigenlijk een voorstander van een ander middel, namelijk pepperspray. En daarvan heeft de minister gezegd, die kant wil ik gewoon niet uit, in de escalatieladder zit dat een niveau hoger en daar is op dit moment geen ruimte voor. Dus daarom is de wapenstok, is gewoon het instrument waar we het over hebben. Dan de reflectie op, stel dat je dit niet zou doen, wat dan? Ik constateer dat er gelukkig steun is, dus dan is dit niet de kant die we uitgaan.

Het lastige daarvan vind ik wel, dat zal zeker een bepaalde invloed hebben, maar A vind ik het een probleem omdat deze raad heel regelmatig bij mij aandringt van u moet meer doen aan handhaving, doe hier iets aan. En dan is het toch een hele contraire beweging om te zeggen, dan gaan we juist het takenpakket verminderen en we gaan er minder aan doen. Dat is één. En twee, ik constateer ook, en dat was een van de dingen die tijdens die middag met de boa's ook naar voren kwamen, en dat zie je ook in rapportages, dat de agressie ook voorkomt bij hele simpele taken die de boa's uitvoeren. En juist op dat moment is het ook gewenst dat er dan een verdedigingsmiddel is. Dan de heer Drost, die zegt, ja toch als je die die evaluatie leest dan vraag je je toch af, werkt het eigenlijk wel zoals wordt voorgesteld, want je kunt het daar niet helemaal uithalen. In de eerste plaats wijs ik op wat anderen ook gezegd hebben, het eerste wat volgens mij uit de evaluatie komt, dat is dat het niet het effect heeft dat het veel wordt ingezet, dat er veel incidenten zijn, het wordt niet zoveel ingezet. Mijn beeld is dat het wel degelijk invloed heeft op de beleving van de boa's. Ik heb aardig wat contacten met boa's in Haarlem, maar ook buiten Haarlem. En iedere keer opnieuw word ik bevestigd in het beeld van wij voelen ons veiliger.

En ik vind onze eigen boa's daar eigenlijk nog het allersterkste voorbeeld van. Want dat zijn zo ongeveer in Nederland de enigen die door de bijzondere constructie die er is, namelijk dat ze in Haarlem zonder wapenstok en in Zandvoort met wapenstok konden opereren. En dat zij zeggen, wij voelen

28

ons daar gewoon veiliger. Dus ja, ik constateer ook dat het gezegd wordt. Als je wetenschappelijk analyseert, dan zeggen zij, wij vinden dat dat niet voldoende uit het onderzoek komt om daar een stellige uitspraak over te doen. Maar ik doe op grond van datgene wat ik hoor, ook van onze eigen mensen, constateer ik dat het in de beleving in ieder geval verschil maakt. Bovendien, en dan kom ik op een tweede punt, dat is in een aantal reacties naar voren gekomen. Wat ik zelf heel erg wezenlijk vind, dat is inderdaad, het is niet een instrument om te gaan inzetten van je wil iets en daar ga je die wapenstok inzetten om het te bereiken. Dat is wat de heer Aynan zegt, dan zeg je van je moet iets en dan pak je je wapenstok, nou dan zullen ze het misschien wel doen. De wapenstok is bedoeld als een verdedigingsmiddel. Ik vind ook dat de heer Trompetter als die die wetenschappers citeert die dan zegt het is een geweldsmiddel, kijk maar want dat staat daar. Dat vind ik nou eerlijk gezegd van die wetenschapper onder de maat. Dus dan zeg ik niet tegen u, u gebruikt het als citaat, het is een redenering die u kunt volgen. Maar ik vind het onder de maat. Want wat hier gebeurt, er wordt eerst gedefinieerd ik noem het een geweldsmiddel, ik geef er die naam aan en vervolgens wordt gezegd, dat is erg, het is een geweldsmiddel.

Het is een middel wat bedoeld is om onze medewerkers te beschermen op de momenten dat er een escalatie dreigt. En dat betekent dat je dan, en dat is ook precies zoals het ons is uitgelegd op die middag en zoals ik het ook iedere keer tegenkom, het wordt niet gebruikt om te zeggen, jongens nou gaan we eens eventjes erop losslaan, of nu gaan we eens even mensen dwingen om dit of dat te doen. Nee, het wordt gebruikt om in een situatie, ik gebruik het voorbeeld gewoon zoals het hier in Haarlem heeft plaatsgevonden. Je bent ergens in een controle en je wordt aangevallen, je wordt gewoon aangevallen, fysiek en hard. En dan als je die wapenstok hebt, hou je mensen op afstand. Dat is wat wij willen. En dat noem ik een verdedigingsmiddel, al wordt nog 25 keer gezegd, we noemen het gewoon onder de verzamelnaam, het is een geweldsmiddel. Het is een verdedigingsmiddel. Dat je het kunt gebruiken om te slaan is evident, trouwens. Dat is ook duidelijk. De voorzitter: Sorry, even, u heeft nog een, maar eerst was ook de heer Aynan, die wil ook nog opmerking maken, maar het gaat nu op het antwoord op de heer Trompetter. Dus ik wou eerst even vragen of u nog kort wat wil zeggen hierop. De heer Trompetter: De burgemeester kan daar van mening over verschillen. Het is wettelijk gewoon een aanvalsmiddel en als de ‘…’ het er gewoon inzet, dan is het prima. Zo is het gewoon omschreven.

De voorzitter: Dat is geen vraag meer, mijnheer Trompetter. De heer Trompetter: Mijn enige doel is of de raad weet wat ze vaststellen. En kunnen jullie een andere mening over hebben, maar vindt u dus ook dat het zo is, want u gaat nu het een beetje … De voorzitter: Dank u wel. Uw tijd is trouwens om. En de heer Aynan, wilt u nog een aanvullende vraag? Dan kan het gelijk beantwoorden worden, want we zitten nu in de tijd. De heer Aynan: Het is niet de heer Aynan die zegt dat wapenstok als dwangmiddel wordt gebruikt, het was het voorbeeld dat de boa's zelf hebben gegeven, mijnheer Burgemeester Wienen: Dan vind ik toch, want we moeten proberen de discussie zo zuiver mogelijk te houden. En wat ik constateer, want ik begrijp heel goed dat u zegt van nou, dan vraag ik me af of je niet die kant uitgaat. Maar wat er gezegd wordt, dat is dat een boa die een wapenstokuitrusting heeft, dat hij meer door het publiek wordt gerespecteerd en gezien wordt als iemand van oké, daar moet ik rekening mee houden. Het geeft een andere uitstraling. Dat is waar. En dan kan je van zeggen van daar ben ik eigenlijk ongelukkig mee, met die uitstraling. Je kunt ook zeggen van het feit dat die wapenstok er is, dat geeft bij mensen het idee van

29

daar kan ik toch beter maar wel naar luisteren. Nou dan vind ik het positief. Want dat is wat we ook graag willen, we willen dat ze zich kunnen verdedigen als aangevallen worden en we willen dat ze gerespecteerd worden en dat er geluisterd wordt. De voorzitter: Mevrouw Van Zetten, Hart voor Haarlem Mevrouw Van Zetten: Ik heb een vraag aan de burgemeester. Want u bent heeft liever pepperspray dan een wapenstok. Pepperspray zie je niet en u zegt je houdt mensen op een afstand, want je laat je geweldsmiddel in principe zien. Maar waarom bent u dan voor pepperspray? De voorzitter: Dank u wel. De heer Wienen. Burgemeester Wienen: Ja, het is overigens nu een zijpad, want dat is gewoon niet waar we het nu over hebben. Maar ik ben daarvoor. Je kunt het ook zien, want dat draag je ook bij je. Je kunt hem ook pakken. Maar het punt is dat in het gebruik, daarmee wordt iemand fysiek stevig, ik bedoel als je dat in je ogen krijgt, dat is heftig. En dat houdt mensen op afstand. Ik vind dat het in zijn directe werking meer een defensieve functie heeft, een verdedigende functie. Mevrouw Van Zetten: U vindt het effectiever? Burgemeester Wienen: Ja, dan de wapenstok waarmee je ook in principe zou kunnen slaan. Dat is ook precies de reden waarom sommigen hier zeggen van ja maar ik wil die kant niet uit. Want stel je voor, ze zouden er ook mee kunnen gaan slaan van enzovoorts.

Dat dat is het verschil. De voorzitter: Mag ik even vragen. U geeft antwoord op een vraag die buiten de orde was. Dus laten we het afronden. Want we moeten, er staat hierna een vergadering gepland en ik wil graag dat we dit agendapunt zodanig afronden dat u ermee verder kunt. Burgemeester Wienen: Ja, dat is uitstekend. Volgens mij, de glijdende schaal. Dat zijn degenen die, Forum voor Democratie bijvoorbeeld, maar nog een paar partijen, die zeggen dan maken we ons zorgen over. Ik denk het niet, ik denk dat het andersom is. Ik denk dat wij in een samenleving die de hardheid heeft helaas op een aantal punten die we constateren, dat wij daar als overheid niet moeten zeggen van wij laten onze mensen daar niet in meegaan want stel je voor dat het de glijdende schaal is. Nee, wij moeten onze mensen de verdedigingsmiddelen geven die nodig zijn. Dat is mijn opvatting en ik ben blij dat ik hier in de commissie in ieder geval daar nu brede steun voor voel. Ten aanzien van de vragen van de Partij van de Arbeid, ja u had die antwoorden gehad en dat zijn de correcte antwoorden, zo is het.

Dan even kijken, mijnheer Trompetter, die zegt van ja, weet u wel wat er in Amsterdam allemaal aan de hand is? Dat wordt overigens voor een belangrijk deel ingegeven, dat ze zeg ik er ook bij, door eenzelfde politieke weerstand tegen, ja we willen dit eigenlijk niet maar we voelen ons aan de andere kant, het kan eigenlijk niet anders en dan gaan we er zoveel mogelijk dingen omheen maken. En als ik heel eerlijk ben, als je ziet wat voor voorwaarden er zijn, als je ziet hoe mensen getraind worden, als je ziet hoe er gecontroleerd wordt, hoe de ingegrepen wordt als het eventueel verkeerd gebruikt zou worden, wat in zo'n hele pilot feitelijk niet aan de orde is, dan zou ik zeggen waar zijn we mee bezig als we dan weer allemaal regels gaan proberen te maken om iedere eventualiteit uit te sluiten, maar ook om mensen op te zadelen met ingewikkelde bureaucratie rond de inzet van een instrument waar we al zoveel garanties voor hebben gecreëerd. Dus wat mij betreft, ik zit niet te wachten op nog weer discussies van dat er precies per geval moet worden of voorgeschreven van hoe het exact moet.

30

De voorzitter: Ik ga nu toch vragen … Burgemeester Wienen: Maar ik ben nog niet klaar, want ik ben met de heer Kuin, dat zult u begrijpen, kan ik mij in grote lijnen in vinden. Hij heeft gelijk qua opleiding op dit punt en qua beloning is er feitelijk geen verschil tussen de mensen die vanuit de politie het moeten gebruiken en de mensen die het als boa gebruiken. En tenslotte, ik denk richting mijnheer Aynan, je kan natuurlijk zeggen wij zeiden dit twee jaar geleden en wij blijven het zeggen, dus wij draaien niet en sommige anderen draaien wel. Je zou ook kunnen zeggen, in een doorlopende discussie met een pilot die er geweest is waar je kennis van kunt nemen, met de discussie met onze eigen mensen, daarna luisterend kom ik tot een andere afweging. En volgens mij is dat geen draaien, maar is het gebruik van gezond verstand. De voorzitter: Dank u wel. Oké dan, nee ik ga het nu echt afronden, we moeten gaan afronden. Het spijt me heel erg. We moeten nu gaan. De vraag aan u was het voorstel is besproken en kunt u achter burgemeestersbesluit staan? De heer Drost, ja ik wil gewoon afronden. De heer Drost: Nee dat snap ik, maar on wille ook van de tijd, ik wilde nog wat terug, want ik had wat vragen gesteld op basis van de resultaten uit de evaluatie voel ik me onvoldoende overtuigd dat het een goed idee is om het nu wel te doen.

Maar het is even omwille van de tijd, maar GroenLinks blijft bij het standpunt zoals eerder … De voorzitter: Want we moeten even kijken, er werd al benoemd door de burgemeester dat er een meerderheid is om dit mee te nemen naar de driehoek, om dit voor te gaan stellen. Is dat ook zo? Misschien moeten we dat eventjes met hand opsteken vaststellen dat er echte meerderheid is dat we daar geen discussie over hebben. Wilt u even zeggen als u voor bent om dit … De heer Abbasi: De Partij van de Arbeid is voor, moeten we het zo zeggen? De voorzitter: Ja. De heer Abbasi: De Partij van de Arbeid is voor. De voorzitter: Gewoon even hand opsteken. Dan hebben we een meer … Het is ook belangrijk … We zijn hier niet gewend om te stemmen, maar het is meer een het uitspreken van het voornemen. Mevrouw Van Zetten: Mag ik zeggen dat Hart voor Haarlem het nog even mee terugneemt naar de fractie? De voorzitter: Oké, maar we hebben er nu over gesproken en er komt een motie vreemd, er komen twee moties vreemd hoor ik van de Actiepartij en het gaat verder niet door naar de raad en we gaan, u heeft het voorstel besproken en u kunt dus, er is een meerderheid die achter het burgemeestersbesluit staat om een aanvraag te doen voor de korte wapenstok. En dat is denk ik de conclusie na deze bespreking. 9.

Sluiting De voorzitter: Dan wil ik het hierbij afronden, dan dank ik de burgemeester voor zijn aanwezigheid en u voor uw inbreng. En dan zien wij elkaar op 25 mei. Dank u wel.

31

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij iBabs is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/12791289/1