04-02 Transcript Inspreekavond nota Parkeerbeleid 2 april 2025
Tekst van het document
Kunt u dat wat nader toelichten? Inspreker 7: Hoe kan ik … Staat hij aan? Ja, nu wel. Nee, nog niet. De voorzitter: Ja, gaat goed. We horen en we zien u ook. Inspreker 7: Omdat de wens van de meerderheid, daar wordt eigenlijk helemaal niet goed over gesproken. Alles wat er … Er wordt zoveel inbreng gebracht. Mensen die komen met allerlei wensen en daar wordt helemaal niet naar geluisterd. Dat idee. Dan heb ik toch zoiets van ze zeggen dit en ze doen dat. Het is niet echt, ik heb niet het idee dat er echt goed naar geluisterd wordt en dat er ook iets gedaan wordt met al die inbreng. De voorzitter: Dank u wel. Dan gaan we wel naar de andere kant. Mijnheer Amand. De heer Amand: Dank u wel, voorzitter. Eén vraag aan mevrouw Kaart. Ik kom ook uit een buurt waar je dus de ene straat betaald parkeren hebt en de andere niet. Ik zal een voorbeeld geven. Bijvoorbeeld de Zomervaart. Daar heb je één kant mag je betaald parkeren. Dus de mensen met kinderen, met auto's, die verdwijnen naar de marktkant, want daar kan je vrij parkeren. Maar bij u in de buurt, dat weet ik toevallig ook, heb je ook straten en dan hoor ik van de mensen, nu vraag ik aan u de mening. Die gaan allemaal in de andere straten parkeren. Heeft u daar ook last van? Inspreker 7: Ik heb daar niet heel veel last van, want bij ons, wij hebben helemaal geen parkeerdruk. Ik ervaar dat dat niet ook niet.
Bij ons in de buurt ook niet. Wij hebben wel meerdere Canadees parkeersituaties, maar ook dat is geen probleem. Ik weet wel dat het in het betaald parkeren gebeuren, dat is meer met die blauwe vergunning, toch, met die kaart dat je twee uur mag parkeren? Ja. Wat ik om me heen hoor, willen de mensen daar niet voor betalen. Een parkeervergunning zouden ze dan op zich nog niet eens een groot probleem vinden, maar alleen de kosten die er allemaal bij komen en dat je geen garantie krijgt op een plek. Dat is het
17
meest irritante eraan. Dus je gaat ergens voor betalen, terwijl je helemaal geen garantie hebt op een plek. Sterker nog, de mensen die aan het betalen zijn nu, die hebben vaak zelfs niet eens een plek. Die moeten nog verder rijden. Het werkt een beetje als een olievlek. Als je daar laat betalen, dan gaan ze daar weer verderop. De heer Amand: Dank u wel. De voorzitter: Zeker, dank u wel. Dat is op het nippertje. Mevrouw Moedt, ga uw gang. Mevrouw Moedt: Ik heb nog een vraag aan mevrouw Kaart. Want inderdaad, het is druk ook in gereguleerd gebied, omdat er ook geen maximum wordt gesteld aan het aantal vergunningen wat wordt uitgegeven. Iedereen kan een eerste en tweede vergunning aanvragen, maar dat maakt ook dat mensen het in gereguleerd gebied als druk ervaren. En stel nou dat uw wijk niet gereguleerd wordt, maar de wijk ernaast wel, dan wordt het bij u wellicht nog veel drukker, omdat mensen gaan uitwijken. Zou u dan van mening veranderen of zegt u: ik wil het sowieso niet dit parkeerbeleid? Inspreker 7: Het parkeerbeleid heeft natuurlijk ook veel goede kanten, daar niet van. Maar dat gereguleerde, ik merk in mijn omgeving dat de meeste mensen waar het al gerealiseerd is het betaald parkeren, dat die evengoed die druk nog blijven ervaren. Dus dat lost niets op. Het geeft niets. De voorzitter: Omdat er niet gemaximeerd wordt, vroeg mevrouw Moedt.
Dat kunnen mensen thuis niet goed horen. De heer Van Leeuwen: Maar dat is niet de conclusie van de spreker. De voorzitter: Nee, ik wil mevrouw Kaart daar nog op laten reageren. Excuus. Als een microfoon uitstaat, dat moet u niet onderschatten. Als een microfoon uitstaat, is het echt lastiger, ook zeker voor de mensen die thuis kijken, om dit te volgen. Dus omdat er niet gemaximeerd wordt punt, was de opmerking van mevrouw Moedt. Wilt u daar nog op reageren, mevrouw Kaart? Nu staat uw microfoon uit. Dan wordt het een moeilijk verhaal. Inspreker 7: Het gaat goed zo. Zo kom je wel door je tijd heen. Omdat er niet gemaximeerd wordt, dat begrijp ik niet helemaal. Want er zijn heel veel mensen, vooral ook jongeren die niet nog bij hun ouders thuis inwonen en die hebben die vaak ook busjes nodig voor hun werk en die kunnen dit allemaal niet betalen. En die mensen in die arbeiderswijken die kunnen dat sowieso allemaal niet bekostigen. Weet je, als er dan alleen maar een tweede auto mag komen, de derde auto sowieso dan. Maar waar moeten ze het van betalen? En de mensen die nu al in gereguleerd betaald parkeergebied wonen, dat is veelal de binnenstad. Ik heb wel zoiets van als je in de binnenstad gaat wonen, dan wordt het heel lastig om je auto daar kwijt te kunnen.
En als je dan inderdaad een garage hebt, zoals ook al meerdere voorbeelden werden gegeven, gebruik die dan daar dan ook maar voor. Ik denk dat het in de binnenstad heel normaal is dat je daar moet betalen om te parkeren. En dat is dan toch ook al veelal gerealiseerd? De voorzitter: Dank u wel. Mijnheer Aerssens nog, VVD. Aan wie wilt u de vraag stellen? De heer Aerssens: Aan de laatste spreker een vraag. De voorzitter: Mevrouw Kaart, wilt u uw microfoon uitzetten? En dan komt er een vraag uw kant op, mevrouw Geerlings.
18
De heer Aerssens: Daar komt hij, voorzitter. Aan de laatste spreker inderdaad ook een vraag. U had het net over die derde vergunning. U heeft ook waarschijnlijk gelezen dat nu die derde vergunning tot 2032 in bepaalde wijken geldt, maar in de wijken die nog niet zijn opgenomen om nu betaald parkeren in te voeren, die gaan zo meteen direct geen derde vergunning meer hebben. Heeft u daar ook dan een mening over? De voorzitter: Nee, ik heb er geen mening over is ook een antwoord. Inspreker 9: Ik heb het niet begrepen. Ik dacht dat het voor deze mijnheer was. Want ik heb niets gezegd over een derde. De heer Aerssens: Voor de mevrouw die het meeste aan mijn rechterkant zit. De voorzitter: Mevrouw Kaart. De heer Aerssens: Exact, sorry. Voor u was de vraag namelijk, want u zei net iets over die derde vergunning, dat dat ook in sommige wijken niet is. Ik vroeg u: in 2032 is het laatste moment dat die derde vergunning nog bestaat. Wat vindt u ervan voor wijken die nu niet aangekondigd zijn om gereguleerd parkeren te krijgen, dat daar dus ook nooit meer een derde vergunning uitgegeven kan worden? Inspreker 1: Triest wel, maar ook al met het idee dat die jongeren nu zo veel thuis moeten blijven wonen en ze hebben voor hun werk vaak die busjes nodig of andere auto's. Maakt niet helemaal niet uit wat voor auto. En als dat dan helemaal opgeheven wordt.
Het is sowieso al de bedoeling om zoveel mogelijk auto's te gaan mijden in Haarlem. Dus daar zal je dan niet onderuit komen. Dus dat is aan het college om daar dan over te beslissen hoeveel auto's er nog bij mogen komen. Want er komen wel allemaal huizen bij en woningen, maar niet echt voor die jongeren die nu nog bij hun ouders thuis wonen, omdat de wachttijd zo lang is. Dus waar moet je met je auto heen? Als er zijn meerdere oplossingen, maar dat is niet heel makkelijk te realiseren. Dat is waar. De voorzitter: Dank u wel. En dan wil ik u alle drie, denk ik, bedanken. Als er verder geen vragen meer zijn. Dank u wel, voor het komen inspreken. Dan gaan wij naar de laatste twee insprekers van vanavond, mevrouw Vervennen en mijnheer Persoon. Zijn die allebei aanwezig? Ik zie u alleen als een schriftelijke bijdrage, maar gaat u alsjeblieft voor mij zitten. Hartstikke goed. Fijn dat u er bent. De heer Persoon mis ik dus. Welkom. Dan nog één laatste oproep, want dit is de laatste groep insprekers. De heer Persoon mis ik dus. Niet op de publieke tribune? Helaas. Nee, oké. Dan even goed. Mevrouw Vervennen, dan wil ik met u beginnen. Als u op het knopje drukt, gaan uw 3 minuten in. Ga uw gang. Als u dat goed vindt, mijnheer Blok. Dan mijnheer Blok. Heren eerst. Inspreker 10: Beste commissieleden, mijn naam is Ernst Blok. Ik woon in Haarlem-Noord in de Planetenwijk.
Oftewel de waterbedwijk gaat dat straks worden. De kogel is door de kerk. Tijdens het beleg van Haarlem door de Spanjaarden in het ravijnjaar 1573 schoot de Spaanse vijand een kogel door onze heilige Sint-Bavokerk. Twee eeuwen later, Carolus Tuinman schreef het eerste Nederlandse spreekwoord eind 1700. En hij schreef: het is een blijk dat men door geen ontzag wordt afgeschrikt en nu alles durft ondernemen. Volgens Tuinman betekent die uitdrukking dus eigenlijk: nu blijkt dat niets en niemand meer wordt ontzien. Nu is alle fatsoen verdwenen. Hieruit is de betekenis, de beslissing is gevallen, we hebben de hoop doorgehakt voortgekomen. Er is in de afgelopen twee jaar heel veel gezegd en geschreven over het verder doorvoeren van betaald parkeren in Haarlem. Ik zou vandaag niet zo graag in uw schoenen staan. Je hebt het beste met de mensen in de stad voor. Je weet wat goed voor ze is. Toch zijn ze niet altijd blij met een besluit. Maar ja, je doet het ook
19
nooit goed voor iedereen. Zeker als het gaat om de heilige koe voor onze deur. Maar toch, als ik één ding zou kunnen wijzigen in het voorliggende parkeerbeleid, dan is dat dit. Voor de goede orde, ik heb tegen het betaald parkeerbeleid gestemd. Wat zou er nou mooier zijn om samen bewoners en de gemeente Haarlem de komende 50 jaar te sparen in een Mobiliteitsfonds voor de komende mobiliteitsvraagstukken. Er is dan immers ook een continue instroom van geoormerkt geld. De gemeente wil tot nu toe echter niet weten van een fonds, hoewel er wel over is gesproken. Het karige parkeerkosten-baten businessplan van de gemeente loopt echter slechts vijf jaar. En tegen de tijd dat alle wijken zijn ingevoerd, dan zijn we vijf jaar verder. Tot 2030 tot dat jaar wordt er geen geld verdiend. Maar ja, in de 50 jaar daarna gaat er wellicht wel geld overblijven. Na aftrek van alle parkeerbeheerskosten. Dat geld dat overblijft dat stoppen we dus vanaf 2030 in een Haarlem Stedelijk Mobiliteitsfonds. Beter goed gejat, dan slecht verzonnen, zeg ik eerlijk, want in Amsterdam hebben ze dat fonds al jaren. Echt waar. Dat weten jullie misschien niet. De voorzitter: Mijnheer Blok, wilt u afronden, alstublieft.
Inspreker 10: Wat doen we met de opbrengsten, zei de gemeente Amsterdam? De opbrengsten van parkeren op straat, vergunningen, naheffingsaanslagen gebruiken we voor een deel om de kosten van parkeercontrole te dekken, maar het overgrote deel gaat naar het Stedelijk Mobiliteitsfonds. Uit dit fonds worden verkeersprojecten en openbare ruimte projecten in de stad medegefinancierd ter lering en de vermaak. Hartelijk dank voor uw aandacht. En het staat op de website van de gemeente Amsterdam. De voorzitter: Dank u wel, de heer Blok. Historisch en poëtisch. Jammer dat de burgemeester hier niet zit. Die zou dat kunnen waarderen, denk ik. Wilt u uw microfoon uitzetten? En dan gaan we naar, hoe zei u het nu? Inspreker 11: Jolanda Vervennen. De voorzitter: Voor het slapengaan, zei u? Inspreker 11: Een verhaaltje voor het slapengaan. De voorzitter: Ik ben heel benieuwd. Ga uw gang. Inspreker 11: Er was eens een grote stad vol lichtjes, grachten straten en met een heleboel burgermuggen. En een aantal van die burgermuggen reden met auto's en busjes, onder andere naar werk om hun lasten te betalen. In deze muggenstad konden de muggenburgers bijna overal gratis parkeren. Zo reden ze op en neer naar hun werk en zetten hun auto's thuis neer zonder zorgen, maar op een dag kwam er een nieuwe leider.
De grote gemeente-mug, hij was arm, maar groot en machtig en kon zich niet inleven in de muggenburgers die hij hoorde te dienen. De grote gemeente-mug had een groot stadhuis, een negatief saldo. Grote gemeente-mug moest een plan verzinnen om zijn saldo weer positief te maken. Dus verzon hij een nieuwe regel. Vanaf nu moeten alle autobezitters betalen om ergens te parkeren. Geen gratis parkeerplekken meer en in de toekomst één auto per huis. De burgermuggen waren geschokt. Maar waar moeten we dit nog van betalen? En waar moet ik mijn werkbus neerzetten? Vroeg mug Peter. En mijn vrouw, die werkt ook buiten de muggenstad. En dan heb ik nog drie thuiswonende volwassen kinderen die buiten de stad werken. Wat oneerlijk, roept mug Peter. Ik moet nu een keuze maken wie van mijn kinderen tijdelijk een auto mag en welke kinderen hun baan moeten opzeggen. De grote mug lachte streng: dan blijven jullie maar rondrijden, want wij willen geen gratis parkeerplekken meer. En als je er een wil, moet je maar gaan betalen. Want wij hebben geld nodig. De grote mug wilde per se zijn zin en luisterde niet naar de verdrietige burgermuggen. Nou, weet je wat, zei de grote mug, dan luister ik naar de burgermuggen en mogen zij hun ideeën en voorstellen opschrijven en dat
20
gebeurde ook. Burgermuggen kwamen bij elkaar en schreven flappen vol super ideeën, maar helaas, die super ideeën vond de grote machtige mug helemaal geen superidee, want die leverde niet genoeg geld op en kwam hij weer met zijn eigen zelfzuchtige ideeën. Onder dwang zei de grote gemeente-mug: ik heb een vriendje en ik laat hem wel opnieuw de parkeerplekken tellen. Dan zien jullie wel dat ik gelijk heb. Dat domme vriendje beweerde dat er inderdaad niet genoeg parkeerruimte was, maar dat kwam, omdat hij de auto's die half op de stoep stonden, er niet bij had geteld. Want nogmaals, ze hebben geld nodig. Rijdend langs het Spaarne zat mug Peter achter zijn stuur, machteloos en verdrietig. Hij dacht terug aan vroeger. Toen werkte alleen opa mug en oma mug was huisvrouw. Ze hadden geen auto nodig, want opa mug werkt om de hoek en oma mug kon elke 10 minuten goedkoop een bus pakken naar de stad. Toen waren er genoeg huizen voor jongeren en was er geen parkeerdruk. Toen woonden families bij elkaar in de straat. Zodat ze naar elkaar toe konden lopen, om voor elkaar te zorgen en er was geen thuiszorg nodig. Maar nu had de grote gemeente-mug nare toekomstplannen. En alleen omdat hij geld van de burgermuggen nodig heeft. Toch wist mug … De voorzitter: Mevrouw Vervennen, zou u alstublieft uw sprookje willen uitblazen? Mevrouw Vervennen: Ja, dat komt er nu aan.
Toch wist mug Peter één ding zeker, hoe woest en machtig de gemeente-mug ook leek, zij konden hem nooit beroven van het enige dat echt van hem was, zijn hoop. De hoop dat alles slechts een verzonnen vertelling was, een sprookje dat ooit mooi zal eindigen. De voorzitter: Dank u wel. Dat is inderdaad wel een mooie afsluiting. Mevrouw Vervennen: Voor het slapengaan. De voorzitter: Maar niet voordat we hebben geluisterd naar vragen die mogelijk uit de commissie ... Ik zie alleen mijnheer Haver. Dat is mooi. De heer Haver: Dank u, voorzitter. Voor de heer Blok. U begon uw betoog met de gemeente wil graag het beste voor de inwoners doen. En daardoor dacht ik dat u een voorstander was. En toen zei u dat u tegen had gestemd bij het referendum. Dus ik vroeg me nog af waarom de tegenstem? Inspreker 10: Sorry, waarom ik tegenstemde? De heer Haver: Ja. Inspreker 10: Als ik heel plat de mening van de Haarlemmer mag vertegenwoordigen, alhoewel ik niet natuurlijk de hele bevolking mag vertegenwoordigen. Dat staat ook in de verordening. Iets waar je bij mij in de wijk al 80 jaar gratis kan parkeren zonder problemen, tot op de dag van vandaag. Dat je daarvoor moet betalen, daar worden mensen niet vrolijk van. En het is al eerder gezegd: de parkeerdruk gaat niet afnemen.
Misschien over 30 jaar, als mensen van mijn categorie over 20 jaar heel oud en gebrekkig worden, dan gaan ze dood en dan wordt mijn tweede parkeervergunning afgepakt. Maar de komende 20 jaar gaat er aan de parkeerdruk helemaal niets veranderen met jullie plannen en daarom heb ik tegengestemd. U bedoelt het goed, dat begrijp ik wel. De heer Haver: Het is niet noodzakelijkerwijs mijn plan. Ik had een vervolgvraag. Vindt u het nieuwe plan …
21
De voorzitter: Laten we de koppies erbij houden. Ik wil ook nog netjes afsluiten. Mijnheer Haver, u kunt zo meteen uw vraag stellen. Ik zag daar nog twee handjes. Misschien als reactie hierop. Van de heer Mohr en van de heer Aynan. Klopt dat? En mevrouw Moedt. Dan ga ik dat rijtje af en that’s it. Mijnheer Haver, u als eerste. De heer Haver: Dank u, voorzitter. Ik vroeg me af: vindt u het nieuwe plan dan wel beter dan het oude plan? De voorzitter: Dat is een gesloten vraag. Inspreker 10: Ik vind het beter, maar nog niet goed genoeg. De voorzitter: Duidelijk. Mijnheer Mohr. Inspreker 10: Dank u. Ook aan mijnheer Haver. U had in uw betoog gebruikt u … De voorzitter: Mijnheer Blok, mijnheer Haver dat mag morgen pas. De heer Mohr: Ook aan u. Het is nu niet per se uw autobeleid. Dat is goed. Het wordt een leuke avond morgen. U bent allemaal welkom. Mijnheer Blok, dag. U had in uw betoog een citaat waarin u zei: alle fatsoen is verdwenen. Wat is uw advies aan deze coalitie om dat fatsoen weer te herwinnen? Inspreker 10: Poeh, dat is een gewetensvraag. Ik heb ook niet de wijsheid in pacht. Het zou heel … Heel veel dingen die zijn nu onomkeerbaar. We hadden graag opnieuw weer inspraak gehad in het plan. Dat gaat niet meer. Je had nog een nieuw referendum kunnen … Volgens de oude regels had dat gemogen, maar dat is ook afgekapt.
Nou ja, er zijn nog twee vergaderingen waarbij de raadsleden en de commissie heel goed nog een keer naar de scherpe kantjes kunnen kijken. En doe ons een groot plezier. Als je dan toch gaat afhameren, wat ik niet hoop, maar wat wellicht gaat gebeuren, geef ons dan toch nog wat, probeer het toch nog te wijzigen daar waar er scherpe kantjes zitten, waar je toch heel veel reacties op heb gekregen. En wees niet zo star om ook weer niet geluisterd te hebben naar de laatste reacties. Dat zou wel heel zuur zijn voor ons. Het verbaast mij overigens dat hier maar 10 mensen zitten terwijl er 70.000 mensen gestemd hebben. Dat dat doet mij ook een beetje zeer, eerlijk gezegd. De voorzitter: Dank u wel. Mijnheer Aynan, u had nog een vraag? De heer Aynan: Ja, mevrouw Vervennen. Ik heb genoten van uw sprookje, maar ik ben eigenlijk best wel benieuwd naar de initialen van de grote gemeente-mug. De voorzitter: Dat was een beetje een retorische vraag. Inspreker 11: Ik verstond eigenlijk de grote, boze gemeente-mug, maar ik heb dat boze maar weggelaten. De voorzitter: Zo boos zijn we volgens mij vanavond helemaal niet. Mevrouw Moedt, wilde u nog een vraag stellen? Mevrouw Moedt: Ja, dank u wel, voorzitter. Een vraag aan de heer Blok. U noemde uw wijk de Planetenwijk een waterbedwijk. U zegt: met deze maatregelen, met dit beleid gaat de komende 20 jaar de parkeerdruk niet afnemen.
Sterker nog, waarschijnlijk wordt het eerder meer in uw wijk, omdat de Kleef wel gereguleerd gebied gaat worden volgens dit plan.
22
Inspreker 10: U komt waarschijnlijk uit Amsterdam. Mevrouw Moedt: Nee, helemaal niet. De voorzitter: Mijnheer Blok, laten we dit niet zo doen. Mevrouw Moedt, we doen het even opnieuw. Nee, wacht even heel even. Mevrouw Moedt, ten eerste, zou u uw microfoon een klein beetje naar boven, want niemand kan dit verstaan. Zou u een korte verduidelijkende vraag aan mijnheer Blok willen stellen? We proberen het even opnieuw. Mevrouw Moedt: Mijn vraag is, heeft u een goed idee hoe we die parkeerdruk omlaag kunnen krijgen? De voorzitter: Mijnheer Blok, heeft u een goed idee voor ons? Inspreker 10: De parkeerdruk omlaag kunnen krijgen? Om te beginnen geen parkeerplaatsen meer verwijderen. Haast maken met de parkeergarages. Het is wel mooi dat er een soort sigaar uit eigen doos wordt getoverd, vier parkeergarages, waarvan er al twee of drie al tien jaar geleden gepland stonden ongeveer, maar maak daar haast mee. Maak haast met P&R en Kiss and Ride parkeerplaatsen. Doe dat niet met asfalt, maar doe dat met beton waar het gras doorheen komt. Dan kunnen de mensen daar parkeren. Park and Ride, in heel veel grote steden en ik reken Haarlem toch ook wel onder een van de toonaangevende grote steden, P&R-gebieden. Die heb je in Haarlem niet of ze zijn heel klein of ze worden volgebouwd met containerwoningen of wat dan ook.
Dus een klein beetje creativiteit, maar ik had graag gewild dat u die vraag de stad twee, drie jaar geleden had gesteld en niet twee weken voordat u het stuk gaat afhameren. Dat vind ik een beetje jammer. De voorzitter: Dat is duidelijk, mijnheer Blok, maar u kwam wel nog met drie ideeën. Dat vind ik ontzettend goed. Ik wil iedereen hartelijk danken. Een ook voor een prettige avond. Hier heeft veel emotie op dit dossier gezeten. We hebben voor- en tegenstanders gehoord. We hebben ideeën gehoord, ook voor de commissieleden die dat kunnen inbrengen morgen in het debat, waar de standpunten kunnen worden uitgewisseld. En last but not least, er zijn ook nog Haarlemmers geweest die een inspreekbijdrage hebben geleverd op schrift. Die van u heb ik ook ontvangen, mijnheer Blok. Haarlemmers Van Dooren, Martens, Potsdammer, mevrouw Stet en Van Gessel. Die kunt u ook meenemen in uw debat morgenavond. En dan zie ik u morgen, waar we de hele Commissie Beheer dit parkeerbeleid gaan behandelen. Dank jullie wel voor jullie komst.
23