03 Bijlage 2 Onderzoeksaanpak en evaluatie monitoring
Tekst van het document
Bijlage 2: Onderzoeksaanpak en evaluatie monitoring 1. Onderzoeksaanpak dashboard De monitoring van horeca gerelateerde incidenten van overlast en onveiligheid die bekend zijn bij de politie en de meldingen in de openbare ruimte die zijn gedaan bij de gemeente, zijn verwerkt in een dashboard. De meldingen bij de gemeente die in het dashboard staan komen binnen via de BuitenBeter app, de gemeentelijke website en telefonisch via de meldkamer Handhaving. Maar er komen ook meldingen per e-mail en Whatsapp (aan diverse mensen binnen de gemeente) en X. Met het dashboard kan een selectie worden gemaakt van een bepaalde periode, gebied, tijdstip en type overlast. Zo kan bijvoorbeeld een vergelijking worden gemaakt met voorgaande jaren. Meldingen die binnenkomen zijn verdeeld in verschillende categorieën. Er is geen aparte categorie ‘uitgaansoverlast’ dus veel overlastmeldingen zijn niet noodzakelijk gerelateerd aan het uitgaansleven of de vrije openingstijden. Het dashboard wordt wekelijks gevuld met nieuwe data. In het dashboardoverzicht is te zien hoeveel incidenten bekend zijn bij de politie en hoeveel meldingen bij de gemeente zijn gedaan (zie afbeelding 1 en 2). Ten tijde van het schrijven van dit stuk was het jaar 2024 nog niet afgerond, daarom zijn de data t/m september 2024 meegenomen.
In het laatste kwartaal zijn overigens vaak minder meldingen en horeca gerelateerde incidenten omdat uitgaanspubliek vanwege het weer minder lang buiten blijft hangen (wat een belangrijke oorzaak van overlast is). Kanttekening is dat er begin 2022 nog coronamaatregelen van kracht waren dus dat er vermoedelijk weinig sprake was van overlast in het eerste kwartaal van dat jaar. Conclusies dashboard incidenten politie Afbeelding 1: Totaal aantal incidenten gesplitst in dagdelen (jan ‘22 t/m sep ‘24), bron: Politie 300 250 200 150 100 50
in Te nm
eed Sm
avond
middag
ochtend
'2 2 '2 3 '2 4
ba ut Ho
st
e
Kr u ns Ja
tro Pa
nacht
ar
'2 2 '2 3 '2 4
iss
tra at
rk '2 2 '2 3 '2 4
te pa
'2 2 '2 3 '2 4
-e n
e na
at
/D
Sk a
Fla
pc
an
'2 3 '2 4
Gr ot
e
Ke rk '2 2
0
Afbeelding 1 toont het aantal politie incidenten van januari 2022 t/m september 2024 bekend bij de politie. Deze gaan over 18 categorieën die mogelijk te maken hebben met horecagerelateerde incidenten. De 18 categorieën zijn als volgt: zakkenrollerij/tassenrollerij, straatroof, vandalisme/baldadigheid, vechtpartij (zonder vervolg), steekpartij (zonder vervolg), ruzie/twist (zonder vervolg), melding overlast jeugd, overlast i.v.m. alcohol/drugs, openlijke geweldpleging tegen personen, bezit harddrugs, bezit softdrugs, handel harddrugs, bedreiging, eenvoudige mishandeling, zware mishandeling, identiteitsfraude, geluidshinder horeca, geluidshinder overig. Hierbij is het belangrijk te benoemen dat de inhoud van de incidenten vanwege privacywetgeving niet beschikbaar was voor de analyse. Het is daarom niet mogelijk om te duiden of een incident gerelateerd is aan het uitgaan of niet. Daarom is gekozen een splitsing te maken in dagdelen en vooral te focussen op de incidenten die gemeld zijn in de nacht. De kans bestaat echter dat sommige melders gedurende de dag een melding hebben gedaan, bijvoorbeeld de ochtend na een incident. Het percentage incidenten gemeld gedurende de nacht in de periode was het hoogst bij het gebied van de Smede-, Jans- en Kruisstraat (gemiddeld 59%).
Voor de Grote Kerk is gemiddeld 41% van de gemonitorde incidenten gedurende de nacht gemeld, bij het gebied van het Patronaat/De Flapcan gemiddeld 26%, bij het gebied van Tenminste Houtbaar gemiddeld 17% en voor het gebied van het Skatepark werd gemiddeld 10% gedurende de nacht gemeld. Wat opvalt is dat voor de Smede-, Jansen Kruisstraat de meeste meldingen binnen komen gedurende de nacht maar dat het totale aantal overlastmeldingen hoger ligt voor het gebied rond de Grote Kerk. Incidenten politie per onderzoeksgebied Skatepark en Tenminste Houtbaar kennen het minste aantal incidentmeldingen gedurende de nacht. In het gebied van het Skatepark zijn in de periode januari 2022 t/m september 2024 slechts 7 incidenten gemeld gedurende de nacht. Deze vielen in verschillende categorieën incidenten. In het gebied van Tenminste Houtbaar zijn 20 incidenten gemeld, ook verschillend van aard. Voor het gebied van het Patronaat/De Flapcan zijn er over de jaren 152 incidenten gemeld gedurende de nacht, waarvan iets meer dan de helft valt in de categorieën geluidshinder overig en ruzie/twist. Voor de gebieden Skatepark en het Patronaat/De Flapcan hoeven de incidenten overigens niet betrekking te hebben op deze gelegenheden, het kunnen ook incidenten zijn die betrekking hadden op andere horecagelegenheden in hetzelfde gebied.
Voor het gebied rond de Grote Kerk zijn er over de jaren 537 incidenten gemeld gedurende de nacht, waarvan meer dan de helft van de gemelde incidenten ook in de categorieën ruzie/twist en geluidshinder overig vallen. Tot slot zijn de afgelopen jaren gedurende de nacht de meeste incidentmeldingen binnengekomen voor de Smede- Jans- en Kruisstraat, namelijk 834. Hier gaat het opnieuw voornamelijk om ruzie/twist incidenten, maar ook om overlast i.v.m. alcohol/drugs.
Conclusies dashboard meldingen gemeente
Afbeelding 2: Totaal aantal overlastmeldingen met splitsing uitgaansoverlast, bron: Gemeente 200 150 100 50
4
3
'2
2
'2
'2
ba ut Ho
st
e
Kr u
Te
nm
in
en sJa n Sm
ed
e-
ar
4 '2
at '2 2 '2 3
i ss
tra
4
3
at
na tro Pa
'2
2
'2
k ep
'2
ar
4
3
2
'2 Sk
/D e at
'2
pc Fla
e Gr ot
'2
an
4 '2
Ke
rk '2 2 '2 3
0
uitgaansoverlast
overige meldingen
Afbeelding 2 toont het aantal overlastmeldingen voor de jaren 2022, 2023 en 2024 (januari 2022 t/m september 2024) gemeld aan de gemeente. Dit overzicht omvat de totale meldingen van geluidsoverlast, vernielingen, vandalisme, hangjongeren en parkeeroverlast door fietsen. Voor de meldingen bij de gemeente was het ook mogelijk om de inhoud van de meldingen in te zien. Dit gaf de mogelijkheid om onderscheid aan te brengen tussen overlastmeldingen die te maken hebben met uitgaan (al dan niet gerelateerd aan de ruimere openingstijden) en meldingen die hier niet aan gerelateerd zijn. Hierbij is een brede benadering genomen. Meldingen werden geteld als uitgaansoverlast wanneer de meldingen gingen om: (geluids)overlast vanuit de horeca, (geluids)overlast op straat zonder toelichting gedurende de nacht, aangetroffen vernieling zonder toelichting, publiek urineren, braaksel, ontlasting, openbaar dronkenschap en overlast van uitgaansbezoek.
Hierbij is niet meegerekend tot uitgaansoverlast: (geluids)overlast vanuit particulieren (bijvoorbeeld privéfeestjes), (geluids)overlast vanuit horeca zonder vergunning hiervoor (bijvoorbeeld een restaurant wat na sluiting muziek draait), overlast van hangjongeren (omdat zij onder de 18 niet uit mogen, hierbij zijn deze wel meegenomen als zij als dronken werden omschreven), (geluids)overlast op straat gedurende de dag die niet gerelateerd is aan uitgaan (bijvoorbeeld een straatmuzikant), geluidsoverlast van festivals (omdat deze meldingen niet gerelateerd kunnen zijn aan de pilot vrije openingstijden) en overige meldingen. De toename van meldingen in 2023 t.o.v. 2022 heeft mogelijk te maken met dat begin 2022 de coronaregels nog van toepassing waren. Met name in juni en september 2023 werd er relatief veel overlast gemeld. De meldingspiek in juni kan mogelijk verklaard worden doordat het samenviel met de start van de pilot en de gemeente omwonenden had opgeroepen overlast te melden zodat dit inzichtelijk zou zijn in de monitoring.
Afbeelding 3: Totaal aantal uitgaansgerelateerde overlastmeldingen tijdens pilot vrije openingstijden (juni 2023 t/m september 2024), bron: Gemeente
45 40 35 30 25 20 15 10 5 0
jun '23
jul '23
Grote Kerk
aug '23
sep '23
okt '23
nov '23
Patronaat/De Flapcan
dec '23
jan '24
Skatepark
feb '24
mrt '24
apr '24
mei '24
Smede- Jans- en Kruisstraat
jun '24
jul '24
aug '24
sep '24
Tenminste Houtbaar
Afbeelding 3 toont het aantal meldingen die gerelateerd zijn aan het uitgaan per maand en per gebied gedurende de pilot vrije openingstijden. Het dasboard wordt automatisch gevuld en daarom was het mogelijk om de data t/m september 2024 mee te nemen in de analyse. De monitoringsperiode liep tot 1 juni 2024, maar de pilot zelf loopt nog door tot 1 december 2024. Omdat de data over deze laatste maanden voor handen is, is besloten deze nog mee te nemen in de analyse. In de afbeelding is te zien dat het aantal uitgaansgerelateerde overlastmeldingen aan het begin van de pilot hoger is dan richting het einde van de pilot. Met name in juni en september 2023 waren er relatief veel meldingen in vergelijking met dezelfde maanden in 2024. Verder valt op dat er in de koudere maanden van het jaar relatief weinig meldingen binnenkomen, waarschijnlijk omdat mensen minder lang buiten blijven hangen en er minder (buiten)evenementen worden georganiseerd. Meldingen gemeente per onderzoeksgebied • Grote Kerk: de ‘Grote Kerk’ was het onderzoeksgebied waar na de Smede-, Jans- en Kruisstraat de meeste uitgaansgerelateerde overlastmeldingen binnenkwamen (22% van de meldingen van de vijf gebieden). Gemiddeld kwamen er 4,5 uitgaansgerelateerde overlastmeldingen per maand binnen voor het onderzoeksgebied van de Grote Kerk.
In juni 2023 en juni 2024 kwamen de meeste meldingen binnen over geluidsoverlast op terrassen. In totaal zijn er, tijdens de periode van juni 2023 t/m september 2024, 22 uitgaansgerelateerde overlastmeldingen gedaan die mogelijk verband houden met de pilot vrije openingstijden. De rest van de uitgaansgerelateerde overlastmeldingen hebben geen verband met de pilot, omdat deze meldingen expliciet gaan over horecazaken die niet meedoen aan de pilot. Van de 22 uitgaansgerelateerde overlastmeldingen die mogelijk verband houden met de pilot zijn 15 van algemene van aard (dus zonder verdere context) en 7 gaan expliciet over horecazaken die meededen aan de pilot. Voor alle 22 uitgaansgerelateerde overlastmeldingen geldt dat we niet met zekerheid kunnen bevestigen of
•
•
•
•
•
uitsluiten dat deze verband hebben met de pilot. Er zijn geen meldingen die expliciet verwijzen naar de ruimere openingstijden. Patronaat/De Flapcan: 3% van de uitgaansgerelateerde overlastmeldingen ging over onderzoeksgebied ‘Patronaat/De Flapcan’. De meldingen van geluidsoverlast in het onderzoeksgebied ‘Patronaat/De Flapcan’ hebben voornamelijk betrekking op festivals die overdag plaatsvinden. Het aantal uitgaansgerelateerde overlastmeldingen is beperkt, met gemiddeld minder dan 1 per maand. Geen van de meldingen hebben expliciet betrekking op het Patronaat of de Flapcan. Er waren 7 uitgaansgerelateerde overlastmeldingen die over andere horecazaken gingen en er waren 2 algemene uitgaansgerelateerde overlastmeldingen zonder context. We kunnen niet bevestigen of uitsluiten dat deze algemene uitgaansgerelateerde overlastmeldingen verband hebben met de pilot. Smede-, Jans-, en Kruisstraat: het onderzoeksgebied ‘Smede- Jans- en Kruisstraat’ kent de meeste uitgaansgerelateerde overlastmeldingen (68%), met gemiddeld bijna 14 uitgaansgerelateerde overlastmeldingen per maand. Er is veel geluidsoverlast, en men doet meldingen over wildplassers en kotsende jongeren. Er zijn 71 uitgaansgerelateerde overlastmeldingen gedaan die mogelijk te maken hebben met de pilot vrije openingstijden.
De periode 29 augustus 2023 tot 10 mei 2024 zit daar niet bij omdat de vijf deelnemende zaken in de Smedestraat toen vanwege een bezwaar waren uitgesloten van de pilot. Bij 59 van de 71 gaat het om algemene uitgaansgerelateerde overlastmeldingen zonder verdere context. We kunnen niet bevestigen of uitsluiten dat deze verband hebben met de pilot. Voor 12 van de 71 meldingen wordt expliciet de naam van een deelnemende horecazaak genoemd. Bij deze meldingen is het helaas ook niet duidelijk of dit overlast was vanwege de latere openingstijden. Skatepark: 3% van de uitgaansgerelateerde overlastmeldingen kwam binnen over onderzoeksgebied ‘Skatepark’, met gemiddeld minder dan 1 per maand. Slechts 1 uitgaansgerelateerde overlastmeldingen gaat mogelijk over de pilot. Deze melding is een algemene uitgaansgerelateerde overlastmelding verdere context. Het is dus lastig te stellen of deze melding komt door de vrije openingstijden. De rest van de uitgaansgerelateerde overlastmeldingen zijn gerelateerd aan horeca die niet meededen aan de pilot. Tenminste Houtbaar: 4% van de uitgaansgerelateerde overlastmeldingen kwam binnen over onderzoeksgebied ‘Tenminste Houtbaar’, met gemiddeld minder dan 1 uitgaansgerelateerde overlastmelding per maand. Van alle uitgaansgerelateerde overlastmeldingen zijn er 8 mogelijk gerelateerd aan de pilot.
In 4 van deze 8 meldingen is expliciet Tenminste Houtbaar genoemd. Het is verder niet vast te stellen of deze uitgaansoverlast ervaren wordt door de vrije openingstijden of dat dit overlast is die tijdens de reguliere openingstijden heeft plaatsgevonden. Verder zijn de andere 4 van de 8 meldingen algemene uitgaansgerelateerde overlastmeldingen gemaakt zonder verdere context. We kunnen niet bevestigen of uitsluiten dat deze algemene uitgaansgerelateerde overlastmeldingen verband hebben met de pilot. Overall conclusies: het is lastig te bepalen welke meldingen en incidenten gerelateerd zijn aan de pilot vrije openingstijden. Van de meldingen bij de gemeente zijn 319 meldingen (mogelijk) gerelateerd aan uitgaansoverlast. Van deze 319 zijn 104 uitgaansgerelateerde overlastmeldingen mogelijk te linken aan de ruimere openingstijden/pilot. We kunnen echter niet bevestigen of uitsluiten dat deze 104 uitgaansgerelateerde overlastmeldingen verband hebben met de pilot. Ondanks de tijdelijke uitsluiting van het gebied 'Smede- Jans- en Kruisstraat' kwamen hier de meeste uitgaansgerelateerde overlastmeldingen van (68%). Van de 104 meldingen die mogelijk te linken zijn aan de ruimere openingstijden/pilot zijn 71 uit dit gebied, wat veel is aangezien ze
maar ongeveer een helft van de periode (juni 2023 t/m september 2024) hebben meegedaan. Daarnaast kwamen er veel uitgaansgerelateerde overlastmeldingen vanuit het gebied rondom de Grote Kerk (22%). Er lijkt minder uitgaansoverlast te worden ervaren rondom het Patronaat/De Flapcan, het Skatepark en Tenminste Houtbaar. Dit duidt erop dat hier relatief weinig uitgaansgerelateerde overlast wordt ervaren. Verder is te zien dat er rondom het Patronaat/De Flapcan iets meer incidenten zijn gemeld dan rondom het Skatepark en de Tenminste Houtbaar (zie afbeelding 1). Een mogelijke verklaring is dat daar meer directe omwonenden zijn. Opvallend is tot slot dat het aantal nachtincidenten bekend bij de politie voor de Smede-, Jans- en Kruisstraat en de Grote Kerk vrijwel gelijk is. Dit terwijl het aantal meldingen bij de gemeente voor de Smede-, Jans- en Kruisstraat aanzienlijk hoger ligt dan voor de Grote Kerk. 2. Onderzoeksaanpak omwonendenonderzoek Omwonenden van de deelnemende horecagelegenheden zijn per brief uitgenodigd om mee te doen aan een online onderzoek (zie bijlage 3). Hierin zijn vragen gesteld over: • • •
De effecten op de leefomgeving die men ervaart van het uitgaanspubliek en wat de verandering hierin is door de vrije openingstijden; De mening over de vrije openingstijden: wat brengt het en wat kost het; De maatregelen om de overlast te beperken.
Er hebben drie metingen plaatsgevonden: 1. een 0-meting voorafgaand aan de proef – mei/juni 2023 2. een 1-meting halverwege de proef – november/december 2023 3. een 2-meting aan het eind van de proef – juni 2024 Locatie Grote kerk Patronaat/De Flapcan Skatepark Smede-, Jans- en Kruisstraat Totaal
0-meting 115 84 66 109 374
Aantal respondenten 1-meting 104 61 47 93 305
2-meting 95 55 50 119 319
Tenminste Houtbaar heeft alleen tijdelijke omwonenden, namelijk de statushouders. Omdat het tijdelijke huisvesting betreft hebben de bewoners geen eigen adres en veelal beheersen ze de Nederlandse taal niet. Daardoor was het niet haalbaar om ze te laten deelnemen aan het online omwonendenonderzoek. Als alternatief is voor dit gebied besloten om op twee momenten een interview met de woonbegeleiders van de opvanglocaties af te nemen. Formeel gezien zijn er dus maar twee respondenten, maar omdat ze een grotere groep vertegenwoordigen is Tenminste Houtbaar weggelaten uit het overzicht met aantal respondenten. De interviews met de twee woonbegeleiders van de opvanglocatie van de statushouders vonden plaats in juni en december 2023 (zie bijlage 4). Conclusies omwonendenonderzoek • Meer positieve houding t.a.v. de pilot vrije openingstijden: steeds meer omwonenden vinden de invoering van de vrije openingstijden voor de horeca een goed idee, met een stijging van 25% bij de 0-meting naar 35% bij de 1-meting en 37% bij de 2-meting. De omwonenden van de locaties Grote Kerk, Patronaat/De Flapcan en Skatepark hebben vooral bijgedragen aan deze stijging. Het
•
•
•
•
•
•
percentage omwonenden dat vindt dat de vrije openingstijden passen bij een stad als Haarlem is ook gestegen, van 31% bij de 0-meting naar 41% bij zowel de 1- als 2-meting. Een kleine meerderheid van de omwonenden denkt niet dat vrije openingstijden uitgaan aantrekkelijker maakt en overlast vermindert: ongeveer een derde van de omwonenden is het (helemaal) eens met de stelling dat door de vrije openingstijden het uitgaan in Haarlem aantrekkelijker wordt, terwijl ongeveer vier op de tien omwonenden het hier (helemaal) niet mee eens is. Deze verhoudingen zijn gedurende de metingen stabiel gebleven. Daarnaast geven omwonenden aan niet minder overlast te ervaren doordat het uitgaanspubliek meer gespreid naar huis gaat. Het percentage dat het ‘helemaal niet eens’ is met de stelling dat zij minder overlast ervaren, is wel gedaald van 64% bij de nulmeting naar 55% bij de eerste en tweede meting. Deze daling komt vooral door omwonenden in de gebieden rond de Grote Kerk en het Skatepark. Geluidsoverlast van de horeca nam af: gedurende de pilot nam het aantal omwonenden toe dat aangaf nooit overlast te ervaren van geluid vanuit de horeca in de afgelopen 12 maanden (van 22% bij de 0-meting naar 31% bij de 1-meting en 2-meting). Vooral in de gebieden rond de Grote Kerk en het Skatepark is deze stijging zichtbaar.
Daarnaast nam het aantal omwonenden dat aangaf 'heel vaak' geluidsoverlast van horeca geluiden te hebben ervaren af halverwege de proef. Deze daling is met name zichtbaar in de gebieden rond de Grote Kerk en de Smede-, Jansen Kruisstraat. De afname van de Smede-, Jans- en Kruisstraat heeft echter waarschijnlijk geen verband met de vrije openingstijden, de zaken in deze straat waren namelijk tijdelijk uitgesloten van de pilot. Geluidsoverlast op straat nam af: gedurende de pilot hebben meer omwonenden aangegeven nooit overlast te ervaren van geluid vanuit de straat in de afgelopen 12 maanden. De onderzoeksgebieden Grote Kerk en Patronaat/De Flapcan dragen met name bij aan deze stijging. Overlast door vernieling en gedrag uitgaanspubliek lijkt onveranderd: het aantal omwonenden dat nooit overlast van gedrag op straat van het uitgaanspubliek ervaart nam af halverwege de proef af, maar keerde terug naar het niveau voor de proef aan het einde. Deze afname is mogelijk te verklaren aan de hand van het seizoenseffect. Mogelijk blijft het uitgaanspubliek in de winter minder lang buiten dan in de zomer. Verder gaven omwonenden bij de 1-meting minder vaak aan heel vaak overlast te hebben van vernieling. Hier kan ook mogelijk een seizoensgebonden component in zitten.
Onveilig gevoel door uitgaanspubliek is niet veranderd: tussen de 40% en 50% van de omwonenden geeft aan in de afgelopen 12 maanden hier nooit overlast door te hebben ervaren. Ongeveer 20% van de omwonenden meldt (zeer) vaak een gevoel van onveiligheid te hebben ervaren. Deze verhoudingen zijn gedurende de metingen stabiel gebleven. Groot gedeelte omwonenden geeft aan dat de gemeente onvoldoende maatregelen treft om overlast door het uitgaanspubliek te beperken: meer dan helft van de omwonenden is het (helemaal) niet eens dat de gemeente voldoende maatregelen treft of dat de politie en handhaving snel reageren bij overlast. Hierbij is echter wel een toename te zien gedurende de pilot in het aantal omwonenden die vinden dat de gemeente voldoende maatregelen treft. Voornamelijk omwonenden van het Patronaat en de Flapcan dragen bij aan deze toename in tevredenheid. Groot gedeelte omwonenden vinden dat de politie en handhaving niet snel en adequaat reageren als er sprake is van overlast door het uitgaanspubliek: meer dan 40% van de omwonenden is het (helemaal) niet eens dat de politie en handhaving snel reageren bij overlast.
•
•
•
•
•
Richting het einde van de proef is er echter wel een toename in het aantal omwonenden die vinden dat de politie wel snel en adequaat reageren. Voornamelijk rond Het Patronaat/De Flapcan en de Smede-, Jans- en Kruisstraat. Groot gedeelte omwonenden vinden dat horecaondernemers onvoldoende maatregelen nemen om overlast van hun gasten te beperken: de grootste groep van de omwonenden vindt dat horecaondernemers niet voldoende maatregelen nemen om overlast te beperken (gemiddeld meer dan 45%). Verder lijkt het Skatepark hierop de uitzondering, hier is rond de 30-40% het (helemaal) eens dat er voldoende maatregelen getroffen worden. Halverwege de proef was er een toename in omwonenden dat vond dat horecaondernemers voldoende maatregelen nemen om overlast door hun gasten te beperken. Overlast voornamelijk in het weekend en tijdens feestdagen en evenementen: overlast van uitgaanspubliek is voornamelijk in het weekend en tijdens feestdagen en evenementen. Bij de 1meting gaf een lager percentage omwonenden aan op zaterdagen en tijdens feestdagen en evenementen overlast te ervaren van het uitgaanspubliek. Echter, bij de 2-meting is het percentage voor feestdagen en evenementen weer gestegen naar het niveau van de nulmeting, mogelijk door het seizoenseffect aangezien er in de zomer vaker evenementen plaatsvinden.
Daarnaast gaf bij de 2-meting een lager percentage omwonenden aan op vrijdagen overlast te ervaren (van 71% bij de nulmeting naar 67% bij de 2-meting). Overlast voornamelijk tussen 1 en 4 uur ’s nachts en dit is niet veranderd: de overlast die omwonenden ervaren van het uitgaanspubliek, vindt voor ongeveer vier op de vijf omwonenden plaats tussen 1 en 4 uur ’s nachts. Voor een kleine twee derde van de omwonenden is dat (ook) tussen 22 uur ’s avonds en 1 uur ’s nachts. Deze verhoudingen blijven stabiel gedurende de metingen. Tenminste Houtbaar: twee interviews zijn gehouden met woonbegeleiders van het Rode Kruis, in juni en december 2023, om te onderzoeken of de statushouders overlast ervaren. De woonbegeleiders geven aan dat zij geen overlast ondervinden van uitgaanspubliek. Daarnaast geven zij aan dat Tenminste Houtbaar de buurt aantrekkelijker maakt qua uitstraling. Recent zijn er nieuwe woonunits geplaatst dichter bij Tenminste Houtbaar. Een aanvullend telefoongesprek heeft uitgewezen dat ook daar vooralsnog geen overlast wordt ervaren door de tijdelijke bewoners. Bevindingen Smedestraat: in de Smede-, Jans- en Kruisstraat geeft 46% van de omwonenden aan zeer vaak overlast te ervaren van geluid op straat door het uitgaanspubliek. Hier is echter geen verband te stellen met de pilot, wegens de tijdelijke uitsluiting van dit gebied van de proef met vrije openingstijden.
Dit geldt ook voor de straatoverlast zoals afval op straat en wildplassen.
3. Onderzoeksaanpak horecaondernemers en andere stakeholders Voor de horecaondernemers, de politie en andere stakeholders is kwalitatief onderzoek uitgevoerd in de vorm van focusgroepen en (groeps)interviews (zie bijlage 5 en 6). Het doel was om de verwachtingen, ervaringen en evaluaties van de betrokkenen te verzamelen. De gesprekken zijn onderverdeeld in verschillende doelgroepen, waarbij voor elke doelgroep specifieke vragen relevant waren.
De opzet per doelgroep: • Horecaondernemers: een groepsgesprek vond plaats voorafgaand aan de pilot om inzicht te krijgen in hun verwachtingen. Aan het einde van de monitoringsperiode zijn de horecaondernemers onderverdeeld in: deelnemende horecazaken, horecaondernemers in de Smedestraat en niet-deelnemende horecazaken: • De deelnemende ondernemers werden bevraagd over hun ervaringen, het effect van de pilot op hun exploitatie en de diversiteit in het aanbod, evenals hun indruk van de impact van de vrije openingstijden op de omgeving. • Bij de gesprekken met de deelnemers uit de Smedestraat is aanvullend gesproken over de impact van het bezwaar op hun deelname aan de pilot. • De gesprekken met niet-deelnemende horecaondernemers gingen over hun ervaringen en meningen met betrekking tot de vrije openingstijden. • Politie: met de politie werd na afloop van de pilot een gesprek gevoerd over hun ervaringen en de waargenomen invloed van de vrije openingstijden op de omgeving. • Selectie van stakeholders: andere stakeholders die na afloop van de pilot bevraagd zijn over hun mening en ervaringen zijn bestuursleden van Koninklijke Horeca Nederland Haarlem, leden van de Nachtwacht en horecabeveiligers.
Conclusies horecaondernemers en overige stakeholders Conclusies verwachtingen en eerste ervaringen: • Een beperkte nachtcultuur door context Haarlem: de ondernemers en overige stakeholders geven aan dat er op dit moment nog een beperkte nachtcultuur is. Vermoedelijk door de demografie van Haarlem (minder studenten, meer jonge gezinnen). De ondernemers twijfelen of er vraag is voor een nachtcultuur. Plekken zoals Slachthuis lijken te duiden dat er een groep is die behoefte heeft aan een alternatief aanbod. Verder geven de respondenten aan dat de prioriteit voor leefbaarheid een barrière vormt om te ondernemen in de nacht. Zij ervaren dat de gemeente veel prioriteit geeft aan leefbaarheid van de binnenstad en dat er dus ook veel gehoor is voor de klachten van de (volgens hun) kleine groep. Daarnaast zien zij dat toezicht en handhaving in de binnenstad is afgeschaald ten opzichte van voorgaande jaren. De ondernemers willen ook overlast voorkomen en zijn niet gebaat bij de fysieke schade en negatieve berichtgeving en procedures die tegen hen worden ingesteld. Een balans vinden tussen een stad met nachtcultuur en een stil centrum lijkt een complexe opgave. • Ondernemers zijn initieel terughoudend: vrije openingstijden worden door de meeste ondernemers niet gezien als dé oplossing voor de nachtcultuur. Men verwachtte bij zichzelf weinig verandering.
Veel ondernemers gaven zich op voor de pilot om een later moment te kunnen bepalen in hoeverre zij de vrije openingstijden gingen inzetten. Daarnaast ondervonden de ondernemers hinder door de negatieve verwachtingen van omwonenden na de bekendmaking van de aan de pilot deelnemende horecazaken. Er zou teveel nadruk liggen op het thema overlast en te weinig op de mogelijke positieve effecten van de pilot. • Bij de eerste ervaringen ondervinden de ondernemers vooral voordeel van toegenomen flexibiliteit. Ruimte om gasten te verrassen een extra uurtje of open te blijven ‘zolang het nog gezellig is’ wordt vooral gewaardeerd. Enkele verlengde avonden leiden dusver tot hogere omzet. Met name de ondernemers in het centrum keken de kat uit de boom, wegens een rustige periode, angst voor perceptie van omwonenden en de afwezigheid van (nieuwe) klanten door de recente start van het project. Het grootste voordeel werd behaald door een
•
•
ondernemer buiten het centrum die eerder tot niet later dan 01:00 open mocht zijn en nu wel een feest kon geven tot laat. De ondernemers zien potentie in de pilot en in vrije openingstijden op de langere termijn: met name het eerder openen voor horecazaken met een nachtontheffing, mee kunnen bewegen in seizoensgebonden wensen (wintertijd, langer binnen zitten met de kou), flexibiliteit rondom feestdagen en evenementen en nieuwe horecaconcepten uittesten (nacht restaurants; gedeelde ‘after party’). Ondernemers zien een aantal succesfactoren voor het verloop van de pilot: meer balans in bewoners- vs. stadsbelangen (minder gewicht klachten omwonenden, zonder belangen uit het oog verliezen), meer toezicht en handhaving, tijdig zicht op continuïteit flexibele openingstijden, langere proefperiode van enkele jaren, synchronisatie met terrasregels, wellicht vasthouden aan uitsluiting snackbars (al zijn de meningen verdeeld).
Conclusies einde pilot: • Vrije openingstijden bieden meer ondernemersvrijheid: ondernemers gaven aan dat ze door de vrije openingstijden meer flexibiliteit hebben gekregen in hun bedrijfsvoering. Ze hoeven bezoekers niet op een vast tijdstip weg te sturen, maar kunnen ad-hoc langer open blijven en bijvoorbeeld vanuit gastvrijheid gasten voor vertrek de kans geven om eerst hun drankje op te drinken. Dit helpt met een soepelere en meer gespreide uitstroom en minder druk. Op dagen dat ze gebruikmaken van de vrije openingstijden, zoals tijdens feestdagen, genereren ze meer omzet. Vrijwel alle deelnemende horecaondernemers gaan hooguit een extra uurtje open. Daarnaast willen ze vaak vooraf aan hun personeel duidelijkheid geven over de werktijden. • Voor ondernemers buiten het centrum droeg de pilot bij aan een meer concurrerend aanbod, wat leidde tot een groter bereik en aantrekkingskracht in de regio, maar zij vragen ook om meer tijd: Voor Patronaat, Stakepark en Tenminste Houtbaar ontstonden er meer kansen om te ondernemen in de nacht. Deze deelnemers gaven aan vaker te slagen te concurreren met feesten in andere steden. Daarnaast kunnen horecazaken de eindtijden van een feest nu beter laten aansluiten op de eerste treinen in de ochtend. Hierdoor hangt men ook minder lang op straat.
De ondernemers buiten het centrum genereren meer business en er ontstaat een voedingsbodem voor nieuwe en meer diverse initiatieven. Dit biedt kans voor een opbloeiende nachtcultuur als tegenwicht voor het verder wat minder diverse uitgaansaanbod in de stad. Verder werd door de ondernemers het belang van meer tijd benadrukt zodat publiek, ondernemer en programmeurs elkaar meer kunnen gaan vinden. • Terughoudendheid onder ondernemers pilot wegens negatieve publiciteit en communicatie: ondernemers ervaren negatieve publiciteit rondom de vrije openingstijden. Ze geven aan dat de gemeente bij de communicatie over de pilot de nadruk legde op overlast, wat negativiteit bij omwonenden veroorzaakte. Bovendien durven horecaondernemers niet publiekelijk te communiceren naar hun bezoekers dat ze langer open mogen blijven. Vaak beslissen ze op dezelfde dag of ze langer open blijven. Ondernemers die niet meedoen aan de pilot geven ook aan dat meedoen aan de pilot extra olie op het vuur zou gooien van het vaak al verhitte debat met omwonenden. Men is huiverig voor de consequenties en gaat de strijd bij voorbaat uit de weg omdat men verwacht dat omwonenden eerder in het gelijk gesteld worden.
• Geen volledig beeld van de potentie van vrije openingstijden door uitsluiting ‘het vlaggenschip’ Smedestraat: vanwege bezwaar van omwonenden werden de deelnemende zaken in de Smedestraat van 29 augustus 2023 tot 10 mei 2024 uitgesloten van de pilot vrije openingstijden. De burgemeester heeft uiteindelijk besloten om de bestreden besluiten voor deelname aan de pilot in stand te houden waardoor deze zaken weer kunnen deelnemen tot het einde van de pilot. Als gevolg van deze tijdelijke uitsluiting, hebben deze ondernemers tijdens de monitoring
•
•
•
van de pilot geen gebruik kunnen maken van de vrije openingstijden. Ondernemers geven aan dat dit de representativiteit van de pilot heeft aangetast, omdat de drukste uitgaansstraat van Haarlem was uitgesloten, wat een aanzienlijke impact had op de horecaondernemers. Flexibele sluitingstijden lijken in perceptie kleine, maar positieve impact te hebben op overlast: horecaondernemers geven aan dat de vrije openingstijden zorgen voor een meer gespreide uitloop van gasten op uitgaansavonden. Zo komt niet iedereen tegelijk op straat te staan. Echter, volgens sommige ondernemers en stakeholders was er al voor de pilot sprake van een redelijk gespreide uitloop. Daarnaast hanteren de deelnemende zaken de vrije openingstijden op redelijk vergelijkbare wijze. Hierdoor zijn volgens de stakeholders de verschillen met de oude situatie klein. Qua overlast op straat merkt men daarom weinig verschil. Daarbij is door de tijdelijke uitsluiting van de Smedestraat voor de stakeholders het beeld nog onvolledig omdat juist die straat in het verleden met de meeste overlast te kampen heeft gehad.
Beperkte publiek latere sluitingstijden (in het centrum) door demografie Haarlem: de ondernemers in het centrum wijten het weinige gebruik van de vrije openingstijden vooral aan de beperkte behoefte van het uitgaanspubliek door de demografie van Haarlem, waarvoor geen latere sluitingstijden nodig zouden zijn dan dat de horeca al hanteerde. Ook was dit een reden voor sommige zaken om niet aan de pilot mee te doen. Vraag naar uitgaansgelegenheid voor jongeren: door de demografie van Haarlem zou er weinig vraag zijn naar latere uitgaansmogelijkheden, echter zien ondernemers wel meer vraag naar uitgaansgelegenheden voor jongeren. Haarlem kent een grote groep jongeren van ongeveer 16 tot 18 jaar waarvoor het uitgaansaanbod beperkt is. Veel horecagelegenheden hanteren een 18+ beleid, hierdoor valt deze groep buiten de boot. Volgens de ondernemers en stakeholders zorgt de jongere groep vervolgens voor overlast op straat door zich op te houden in het uitgaansgebied (o.a. Smedestraat), wat tot een vertekend beeld zou leiden als het gaat over overlast van het uitgaanspubliek. Een oplossing voor deze doelgroep hoort ook bij een inclusief en volwaardig horeca-aanbod (volgens de stakeholders). Patronaat werpt zich op tot kweekvijver om deze doelgroep wegwijs te maken in het uitgaan en zij staat open voor initiatieven op dit vlak.
4. Onderzoeksaanpak bezoekersonderzoek Bezoekers van de nachthoreca zijn tijdens hun bezoek geïnterviewd aan de hand van een vaste vragenlijst (zie bijlage 7). In het onderzoek zijn onder andere de volgende onderwerpen aan bod gekomen: veranderingen in de effecten op de omgeving, de invloed van de vrije openingstijden op hun uitgaansgedrag (zoals tijd en locatie), veranderingen in het aanbod van de nachthoreca, het belang van vrije openingstijden en hun wensen met betrekking tot de nachthoreca. Naast de vragen werden ook verschillende stellingen voorgelegd. De enquêteurs hebben aangegeven dat het interviewen van bezoekers een uitdaging was. Aanvankelijk was gepland om nachtbezoekers te interviewen van 00:00 uur tot 05:00 uur. Dit werd echter aangepast naar 23:00 uur tot 02:00 uur omdat de enquêteurs veel, soms aangeschoten of dronken, mensen tegenkwamen die niet bereid waren deel te nemen aan een interview. Per locatie werden nachtbezoekers twee keer ondervraagd en op sommige locaties zelfs drie keer. Bij de locaties Patronaat, Skatepark en Tenminste Houtbaar stonden de enquêteurs binnen, terwijl ze bij de andere twee gebieden in het centrum buiten enquêteerden. Dat laatste was bij slecht weer wel een uitdaging. Tot slot lag het onderwerp in de Smedestraat gevoelig, zodat de bereidheid om geïnterviewd te worden ook afnam.
Locatie
Aantal enquêtes (totaal 374)
1: Patronaat/De Flapcan
102 (27,27%) 61 (16,31%) 114 (30,48%) 49 (13,10%) 48 (12,83%)
2: Grote Kerk 3: Smede-, Jans- en Kruisstraat 4: Skatepark 5: Tenminste Houtbaar
Conclusies bezoekersonderzoek • Over het uitgaansbezoek: het merendeel van de bezoekers gaat vaker uit (62% gaat meer dan een paar keer per maand uit). Het grootste gedeelte van de respondenten (75%) gaat vaker uit in Haarlem, 25% geeft aan soms of zelden in Haarlem uit te gaan. 65% van de respondenten komt uit Haarlem. De mensen die vaker elders uitgaan gaven voornamelijk daar uit te gaan omdat ze daar wonen en omdat het aanbod beter was, slechts 4% gaf aan elders uit te gaan wegens de openingstijden. Verder valt op dat het grootste gedeelte van de respondenten werkt (57%) en tussen de 18 en 24 jaar oud is (41%). De man/vrouw verdeling onder de respondenten is gelijk (47% man en 47% vrouw en 3% ander). • Uitgaanstijden: het aantal bezoekers dat tot sluitingstijd blijft is verdeeld. (34%) geeft aan vaak tot altijd tot sluitingstijd te blijven, 33% blijft soms tot sluitingstijd en 34% blijft zelden tot nooit tot de sluitingstijd. Daarnaast geeft het grootste gedeelte (43%) aan te vertrekken tussen 02:00 en 04:00. 22% vertrekt na 04:00 en 31% tussen 00:00 en 02:00, hoe dan ook is 1 op 3 drie bezoekers vaak tot altijd tot sluitingstijd op een feest. • Vrije openingstijden: het grootste gedeelte van de respondenten was niet op de hoogte van de proef vrije openingstijden (66%). Bijna de helft van de respondenten (49%) geeft aan niks te hebben gemerkt van de pilot.
Slechts 17% geeft aan wel een verandering te hebben gezien in de nachthoreca. Degenen die wel veranderingen zien geven voornamelijk aan een positieve verandering te zien, zoals een betere sfeer. Het grootste gedeelte (59%) van de respondenten geeft ook aan niet hun uitgaansgedrag te hebben veranderd door de vrije openingstijden. Mogelijk heeft het geringe effect en bewustzijn ook te maken met de terughoudendheid van ondernemers om gebruik te maken van de vrije openingstijden tijdens de pilot. • Gespreid naar huis gaan: nachtbezoekers waarderen het dat bezoekers gespreid naar huis gaan; 50% geeft aan dit prettig te vinden, 42% vindt het niet van belang en slechts 8% vindt het niet prettig. Wat verder opvalt, is dat 50% van de bezoekers die wel merken dat mensen gespreid naar huis gaan, geënquêteerd zijn in gebied Centrum Noord of Centrum Zuid. In de gebieden rond Patronaat, Skatepark en Tenminste Houtbaar gaf de meerderheid aan geen verschil te merken in het spreiden van vertrek. Dit kan te maken hebben met het feit dat deze locaties buiten het centrum liggen en vaak slechts één uitgaansgelegenheid betreffen, waardoor bezoekers na sluiting meestal direct naar huis gaan. Locaties binnen het centrum zijn de bezoekers wellicht eerder geneigd te blijven hangen.
• Ondanks dat de meeste respondenten niks gemerkt hebben van de pilot en niet op de hoogte waren, steunen de meeste respondenten wel het idee van vrije openingstijden in Haarlem. 64% vindt dat door vrije openingstijden uitgaan in Haarlem aantrekkelijker wordt. Het grootste gedeelte van de bezoekers denkt dat dit ook de uitgaanssfeer verbetert (50% (helemaal) eens, 8% (helemaal) oneens). Daarnaast denken de meeste respondenten dat zij door vrije openingstijden minder geneigd zijn in een andere stad uit te gaan (42% (helemaal) eens, 26% (helemaal) oneens. Tot slot zijn de meeste respondenten het (helemaal) eens dat vrije openingstijden passen bij een stad als Haarlem (72%). Bezoekers die suggesties deden aan de gemeente, benadrukten de behoefte aan betere communicatie, voortzetting van de pilot met vrije openingstijden en meer aanbod (zoals clubs, horeca, en een meer divers muziekaanbod).