CConstaterende datHaarlem
Koppel je AI →
Document · PDF

03-04 Transcript cie Ontwikkeling

commissie Ontwikkeling 1 april 2021, gemeente HaarlemBij agendapunt: Transcript commissie d.d. 4 maart en 18 maart 2021 (alleen n.a.v.)33.238 woorden

Open het PDF bij iBabs ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 1 van 4

TRANSCRIPT VAN DE RAADSCIE VAN GEMEENTE HAARLEM d.d. 4 maart 2021

1.

19.10 uur Opening en mededelingen door voorzitter Dilia Leitner De voorzitter: Gaan we weer. Welkom allemaal bij de vergadering van de commissie Ontwikkeling van 4 maart. Ik heb een bericht van verhindering van de VVD gekregen, die zijn vanavond afwezig en in verband met het feit dat we digitaal vergaderen is een extra commissievergadering ingepland op donderdag 18 maart van 18:15 uur tot 19:45 uur. De agenda is al gepubliceerd, daar heeft u kennis van kunnen nemen. Ik word even gestoord door de commissiegriffier. Ja? Ik word inderdaad gecorrigeerd. Of de vergadering 18 maart ook digitaal is, dat hangt dan nog af van het besluit van het presidium en dan weer, uiteindelijk het presidium.

2.

Vaststellen van de agenda De voorzitter: Vaststellen van de agenda. Kan ik de agenda conform vaststellen? Zijn er nog opmerkingen over? Mevrouw Eckhard. U mag gewoon het handje opsteken, maar ik zie uw vingertje. Gaat uw gang. Mevrouw Eckhard: Dank u wel, daar heb ik weer even niet aan gedacht. Ik wil agendapunt 9 terug naar de wethouder, omdat ik eerst een groenparagraaf wil. De voorzitter: U vindt agendapunt 9 niet behandelrijp? Mevrouw Eckhard: Ja, als dat het juiste woord is, ja. De voorzitter: Er heeft zich al een inspreker aangemeld, dus die zullen we op zijn minst het woord moeten geven. Ik denk dat het goed is als u het punt bij behandeling van het agendapunt inbrengt, dan kan ik kijken of daar draagvlak is voor de commissie en dan kan de wethouder bepalen hoe ze daarmee omgaat. Is dat akkoord door de rest van de commissie? Ik ga daar even … Mevrouw Eckhard: Ja. De voorzitter: … dat is lastig zo.

3.

Mededelingen commissieleden en wethouder(s) De voorzitter: Er is een mededeling vanuit mijnheer Roduner, die doet hij voorafgaand aan agendapunt 9.

4.

Transcript commissie d.d. 3 en 4 februari 2021 (alleen naar aanleiding van) De voorzitter: Dan ga ik naar het transcript van de vergaderingen van 3 en 4 februari. Zijn er nog opmerkingen naar aanleiding van? Mijnheer Van Leeuwen. De heer Van Leeuwen: Voorzitter, ik had ook een mededeling, eigenlijk een vraag. Wij moeten ons nu vooraf en als het aan de griffie ligt begrijpelijkerwijs zo vroeg mogelijk aanmelden voor de agendapunten. Is het niet logischer dat de commissie in principe over alle punten wil spreken en als ze dat niet wil dan aangeeft niet over het punt te willen spreken? Dat lijkt mij logischer dan dat ik een dag of twee dagen van tevoren moet aangeven waar ik wel en niet over wil praten. Dat is mijn ordeverzoek.

1

De voorzitter: Zullen we meenemen, maar weet: het is puur even om de vergadering te stroomlijnen. U mag altijd staande de vergadering nog het woord voeren. Dat recht heeft u. 5.

Agenda komende vergadering(en), Jaarplanning en Actielijst – de lijsten worden aan vergadering 18 maart toegevoegd De voorzitter: Agendapunt 5, de agenda van de komende commissievergadering, de Jaarplanning en de Actielijst. Zijn er op de Jaarplanning en de Actielijst nog zaken die de commissie bij de wethouder om verduidelijking wil vragen? Kunnen er punten vanaf? Ook altijd prettig om te weten. Nee? Anders gaan we naar de komende vergadering, 31 maart en 1 april. We hebben ontvangen Startnotitie Herontwikkeling van Elan Wonen voor Louis Pasteur- en de Roordastraat en we hebben ontvangen – of tenminste, dat is nog onder voorbehoud van tijdige aanlevering – het vaststellen van de locaties voor Domus Plus en Skaeve Huse. Ter bespreking hebben we ontvangen een alternatieve locatie voor het watermetercollectief. Zijn er bij de ter kennisname-stukken nog stukken die de commissie wil agenderen? Dan heb ik mevrouw Verhoeff, Partij van de Arbeid. Mevrouw Verhoeff: Dank u wel, voorzitter. Ik wil graag 1.2, ‘Vaststellen definitief ontwerp openbare ruimte Slachthuisbuurt Zuidstrook, blok 6 tot en met 8’, agenderen. Dan, dat is misschien bijzonder om dat bij de commissie Ontwikkeling te vragen voor de commissie Beheer, omdat dit gaat over de buitenruimtelijke in ‘…’ op de openbare ruimte ‘…’. De voorzitter: Ja, dat begrijp ik.

Ik wil dat punt meenemen naar het presidium, omdat dit wel dan verandering is van de werkwijze zoals die tot nu toe is. Maar ik begrijp uw verzoek. Mevrouw Verhoeff: Dank u. De voorzitter: Mijnheer Slik, ChristenUnie. U had u ook gemeld. De heer Slik: Dank u, voorzitter. Een vraag aan mevrouw Meijs: woonwagens, zouden die niet ook vandaag op de agenda komen? Dank u. De voorzitter: Wat is uw vraag? Dat er geen stuk over de woonwagens bij de ter kennisname-stukken staat? De heer Slik: Nee, op de agenda voor deze vergadering. De voorzitter: Ik heb het nu, de vraag is of u bij de ter kennisname-stukken nog iets wil agenderen. De heer Slik: O, excuses. De voorzitter: Dat heeft u niet? De heer Slik: Nee. De voorzitter: U wil alleen van mevrouw Meijs weten wanneer het stuk voor de woonwagens verwacht kan worden? De heer Slik: Ja.

2

De voorzitter: Dan weet ik niet of mevrouw Meijs hier nu … Bent u aanwezig? Kunt u daar kort op antwoorden? Wethouder Meijs: Ja, ik kan daar zeker kort op antwoorden. Volgens mij is dat één van de komende vergaderingen, want het concept is zo goed als rond en afgestemd met de bewoners. De voorzitter: Prima, dank u wel. Dan kunnen we dat binnenkort verwachten. Zijn er nog anderen die iets willen agenderen? De heer …: ‘…’ (buiten microfoon). Mevrouw …: ‘…’ (buiten microfoon). De voorzitter: Niemand? Dan gaan we naar agendapunt 6, ter advisering … Ik zie een handje. Mijnheer Drost. De heer Drost: Excuus, ik had in de chat gezegd dat ik graag iets wil agenderen. Dat is punt 1.5, ‘Pilot natuurinclusief bouwen’. Dat is een reactie op een motie van 2 jaar geleden. In de tussentijd is er ook wel weer heel veel gebeurd in natuurinclusief-bouwen-land. We hebben überhaupt volgens mij dit onderwerp eigenlijk nog nooit besproken in de commissie Ontwikkeling en om die redenen willen we dat graag agenderen. De voorzitter: Is daar steun voor vanuit de commissie? Ja, het is lastig. Ik ga ervan uit, ik zie dat de handen … Ik denk dat we dat … Mevrouw Eckhard. Mevrouw Eckhard: Nee sorry, ik stak net mijn handje op dat ik akkoord was. De voorzitter: Ja, dank u wel. Ik denk dat wij dat even zo moeten regelen, dat is natuurlijk lastig digitaal. Oké, dank u wel. Ik zie allemaal akkoord op de chat.

Ja, dat werkt, dank u. Ter advisering aan de raad 6.

19.20 uur Vaststellen Woonakkoord Zuid-Kennemerland/IJmond 2021-2025 (MTM) De voorzitter: Agendapunt 6, ‘Vaststellen Woonakkoord Zuid-Kennemerland/IJmond 2021-2025’. Samen bouwen aan een toekomstbestendige toekomst. Het regionaal actieprogramma wonen is afgelopen, de portefeuillehouders Volkshuisvesting van de regiogemeenten Zuid-Kennemerland en de IJmond willen de huidige samenwerking een vervolg geven in het woonakkoord. Het woonakkoord vervangt het huidige regionale actieprogramma en het woonakkoord vormt de uitwerking van de provinciale omgevingsvisie en het woonagendapunt. De provincie is ook partij in het woonakkoord. De regiogemeenten werken met de provincie via het woonakkoord samen om een aantrekkelijke en gevarieerde woonregio te blijven, waar voor alle doelgroepen plek is die toekomstbestendig is. Het college stelt aan de raad voor het ‘Woonakkoord onderdeel bestuursakkoord Zuid-Kennemerland/IJmond 2021-2025, samen bouwen aan een toekomstbestendige regio’ vast te stellen. Er hebben zich een aantal mensen gemeld om hier het woord over te voeren. Daarna zal ik vragen of er nog mensen zijn die zich bedacht hebben of alsnog dat woord willen voeren. Maar als eerste mijnheer Visser van het CDA. Gaat uw gang. De heer Visser: Dank u wel.

Het akkoord komt tot stand via een regionale samenwerking en dat is natuurlijk hartstikke terecht, want de woningmarkt is een regionale opgave en dat moeten we gezamenlijk aanpakken.

3

In dat licht wil ik nogmaals aangeven dat CDA dus geen voorstander is van lokaal protectionisme, geen voorrangsregeling voor alleen maar Haarlemmers in Haarlem en ook geen voorrangsregeling voor cruciale beroepsgroepen. Maar op zich gaat het hier niet over, wij zullen in ieder geval instemmen met het woonakkoord, ondersteunen ook de uitvoeringsagenda, wat erbij zit, het collegebesluit. Het CDA wil nog twee dingen aangeven. Als eerste staat in de uitvoeringsagenda dat de toevoeging van woningen plaats kan vinden door woningen te splitsen. We gaan natuurlijk niet de discussie weer opnieuw doen, maar het credo is toch een beetje dat we appartementen gaan bouwen en de rest behouden. Dus alstublieft, doe dat in ieder geval in Haarlem niet op deze wijze. Ten tweede zijn we verheugd dat er ingezet wordt op nieuwe woonvormen voor senioren te faciliteren. Wij denken dat het mes aan twee kanten snijdt: enerzijds kunnen ouderen woningen en woonvormen betrekken wat past bij hun, waar ze behoefte aan hebben en anderzijds kan het de doorstroom bevorderen. Dat was het, voorzitter, dank u wel. De voorzitter: Helder. Dank u wel. Mijnheer Wiedemeijer, PvdA, gaat uw gang. De heer Wiedemeijer: Dank u wel, voorzitter. De Partij van de Arbeid vindt het ook enorm belangrijk dat om de enorme woningnood aan te pakken er in de regio wordt samengewerkt.

Daarom is het ook positief dat er nu tot een woonakkoord is gekomen. Vervolgens moeten we natuurlijk wel goed kijken naar wat er nou precies is afgesproken en wat de gevolgen daarvan zijn. Dan is de Partij van de Arbeid op twee punten wel eigenlijk kritisch en dat gaat om de volgende punten. Wij zijn blij aan de ene kant dat er is afgesproken om de voorraad sociale huur te laten stijgen. In de vorige periode was dat nog behoud, dus dat betekent dat de gemeenten samen tot het verstandige inzicht zijn gekomen: dat moet toenemen. Alleen op vragen van de PvdA is geantwoord: de genoemde dertig procent is een inspanningsverplichting en geen resultaatsverplichting. Dus wat gebeurt er nou als gemeenten zich daar niet aan houden? Dat antwoord is kort: eigenlijk helemaal niks. Er wordt een keertje over gesproken en er zijn geen gevolgen. Dus ik zou toch wel graag van de wethouder willen horen hoe ik dat nou moet zien, want in mijn wereld is toch ook wel een afspraak als twee personen – in dit geval wel wat meer – iets met elkaar afspreken en eentje houdt zich er wel aan en de ander niet, dat je toch een stevig gesprek met elkaar hebt of de andere partij dat misschien wel gaat nakomen. Dan is natuurlijk ook de realiteit dat ik er zelf bijzonder veel vertrouwen in heb dat wij dat wel gaan doen.

Dus wij gaan die veertig procent sociale huur bouwen en dan is het bij andere gemeenten maar de vraag of dat wel gaat gebeuren. Dan een tweede punt, dat zijn de aantallen. Op vragen van de Partij van de Arbeid komt naar voren dat er is afgesproken om zo’n 11.000 woningen bij te bouwen en dat getal is gebaseerd op de additionele behoefte. Daar zit niet de huidige problematiek, de huidige enorme tekorten zitten daar niet in verwerkt. Daarbij is gezegd: het is wel het doel dat op te lossen. Maar de realiteit is dat dat getal dus niet is afgesproken. Dus ik heb ook nog wel een vraag aan de wethouder: waarom ligt de ambitie niet wat hoger? Want je wil dus eigenlijk ook voorkomen dat wij dat straks wel gaan doen, die 10.000 woningen, en dat dus de rest – om het maar een beetje oneerbiedig te zeggen – uit zijn neus zit te vreten. Dus ik wil daar toch wel graag antwoord op, anders overweeg ik wel op beide punten om de ambitie, dat zou eventueel middels een addendum bij de afspraak kunnen, om daar aanvullende afspraken over te maken. Maar ik hoor graag uw antwoord daarop. De voorzitter: Dank u wel. Mevrouw Kok, OPHaarlem. Mevrouw Kok: Dank u wel, voorzitter. Ik sluit me graag aan bij de vorige sprekers, dat het goed is dat dit probleem regionaal wordt aangepakt. Dus ook … Vervelende echo. Ik zet even mijn geluid aan en uit. Dat is al beter.

Dus het is dus ook goed, denk ik, dat de provincie nu is aangeschoven als partij. Wij zijn het eens met de heer Wiedemeijer, dat er tekorten zijn. Maar in het stuk worden er op pagina vier en vijf cijfers genoemd over

4

het toevoegen van woningen en er zou sprake zijn van een overmaat, dus dat konden wij niet helemaal plaatsen. Kunt u dat misschien toelichten, wethouder? Net als het CDA willen wij graag het punt maken over de overige toevoegingen bij de woningvoorraad. Wij hopen toch van harte dat u hiermee niet het splitsen van woningen bedoeld. Dat zouden wij graag bevestigd willen zien. Tevens vinden wij het nog belangrijk om hierbij te noemen, ook in het kader van seniorenwoningen, ouderenwoningen, dat er levensloopbestendig gebouwd wordt. Dat willen wij nog graag meegeven. Tot zover. De voorzitter: Dank u wel. Mijnheer Rijbroek, Trots Haarlem. De heer Rijbroek: Dank u wel, voorzitter. Ons ligt op dit moment voor het vaststellen van het woonakkoord Zuid-Kennemerland. Allereerst, we hebben het dan over ook in dit kader stedenbouwkundige of architectonische ontwikkelingen. Even een vraag tussendoor, in het kader van de ARK, Adviescommissie Ruimtelijke Kwaliteit. Het baart ons zorgen volgens signalen dat er vaak ook een wisseling van de wacht is van directeuren. Hoe zit dat? Er zijn ook waarschijnlijk geen Haarlemmers in opgenomen, dat zou ik wel wenselijk vinden, in Zuid-Kennemerland. Dan verdere aanvulling: er wordt gesproken in het woonakkoord dat er tot en met 2030 ruim 11.500 woningen bijgebouwd moeten worden.

De provincie stelt 2,5 miljoen ter beschikking voor over een looptijd van 5 jaar. Dat lijkt mij een symbolisch bedrag, ik kijk er naar uit, misschien worden de woningen wel heel goedkoop en staan we in de rij. De vraag is dus ook: welke stakeholders gaan dan welke investeringen inleggen om die woningen te realiseren? Je moet toch denken aan miljarden euro’s. Wat betreft de risico’s, de uitdagingen, daar is men een beetje vaag in. Dat kan ook niet anders vanwege de coronamaatregelen en de invloed daarop, op de economie en ook de gemeentefinanciën. Ik denk dat we nog een dreun krijgen. Daarnaast, wat wij eerder behandeld hebben is over de woningcorporaties, dat de gemeente ook garant staat. Trots Haarlem is niet helemaal overtuigd dat dat niet zonder risico is, gezien ook niet alleen de gemeente, maar er staat ook voor bijvoorbeeld bankinstellingen garant heeft gestaan. Achteraf bleek welke rekening we hebben betaald gekregen. Ik ben niet overtuigd met de kredietcrisis. Iets anders is nog: de uitspraken die ik regelmatig ook doe en blijf doen als kapstok, de CO2-uitspraak van de rechter in Den Haag, het PFAS-besluit van de Raad van State. Dat staat in de weg, iedere sector moet meedoen. Het moet niet zo zijn dat groen, land, tuinbouw en veehouders moeten wijken om woningen te doen, woningen te bouwen, wegen aan te leggen.

Ik denk dat iedereen daar zijn opgave in heeft en dat je daar ook in meeneemt een juiste verhouding mobiliteit, bereikbaarheid, wonen en leefbaarheid. Daarnaast ook bijzondere aandacht, vind ik, dat er meer moet worden gelegd, gezien de coronamaatregelen, bij de economisch daklozen en ook de statushouders, want daar komen er nogal wat van op ons af. Ik vind het ergens gerechtvaardigd als je in een oorlogsgebied leeft en dat je ergens tijdelijk veilig moet zijn. Dit jaar zullen het er 28.000 worden. Wat gaan we daarmee voor oplossing zoeken? Bij die doelgroepen hoort eigenlijk ook als alternatief tiny houses – daar kom ik in agendapunt 7 ook nog wel op terug – en woonwagenvormen. Want in de opgave die in Haarlem geldt op die locaties wil men gaan ontwikkelen. Dan vind ik, als je daar rechtvaardiging hebt tot wonen – tenslotte je hebt een huisnummer, een postbus – dan vind ik ook dat je deze mensen rechtvaardig dient te behandelen en dus te zeggen: wij gaan het upgraden of we geven ze een alternatieve locatie. Dit is al te onzeker. Dank u wel, voorzitter. De voorzitter: Dank u wel. Dan is het woord aan Jouw Haarlem, mijnheer Aynan. De heer Aynan: Dank u wel, voorzitter. Ik wil eerst beginnen met de ambtenaar te bedanken voor de zeer snelle beantwoording van onze technische vragen. Tot zover de complimenten. Voorzitter, het woonakkoord.

Het is al eerder gezegd, er wordt echt een beetje gegoocheld met cijfers. Aantallen woningen die echt ondoorzichtig zijn, de plancapaciteit: dan is het weer 8000, dan is het weer 6000. Dus ons verzoek aan het

5

college is: harmoniseer die cijfers nou, ook in het kader van de woonvisie die we straks ook zullen behandelen. Het kan niet zo zijn dat ik echt gewoon uren moet zoeken op plancapaciteit.nl en dat ik de 2 documenten moet vergelijken, kan eigenlijk niet. Voor ons is het ronduit onacceptabel dat in het woonakkoord sprake is van 30 procent sociale huur. Wij hebben hier, deze coalitie heeft hier volhartig afgesproken dat het 40 procent sociale huur is en dan moet dat ook gewoon in het woonakkoord opgeschreven zijn. Een harde afspraak, in ieder geval voor Haarlem. Dat willen we terugzien. Dus graag een reactie van de wethouder daarop. Dan dat de gemeenten die sociale huur, dat percentage, dat ze dat bij elkaar kunnen compenseren. Dat vinden we echt gewoon een heel slecht idee, want op die manier bouw je eigenlijk een ontsnappingsclausule in, onwenselijk. Dan, voorzitter, er staat toch wel een goed dingetje in, in dit woonakkoord in ieder geval en ik zal daar in de woonvisie ook over spreken: dat er in het landelijk gebied gebouwd kan worden als dat nodig is. Verstandig. Tenslotte, voorzitter, een vraag over de mandatering. Er staat op pagina vijf en ook verder in het document dat we het college mandateren om afspraken te maken. Waar is die mandatering op gebaseerd? Wanneer, wat mandateren we? Dus graag daar ook helderheid over. Tot zover, voorzitter. De voorzitter: Dank u wel.

Mijnheer Slik, ChristenUnie. De heer Slik: Dank u, voorzitter. De ChristenUnie vindt regionaal de juiste schaal, zoals ook onder andere CDA al heeft aangedragen. Goed dat er meer aandacht is voor doelgroepen zoals senioren. OPH noemde levensbestendig bouwen, daar is de ChristenUnie ook voorstander van, maar vooral blik op doorstroming. Dus we hopen dat dat met dit plan gaat lukken, zeker op regionale schaal. Een vraag aan de wethouder of er ook mogelijkheden zijn om dus ook doorstroming regionaal te bekijken met cijfers, met projecten die we hier boven de gemeente uit kunnen laten stijgen. Het woord ‘woonwagens’ wordt een paar keer genoemd, dus daar zal extra aandacht voor komen, hopelijk. Dat is niet alleen een kwestie van doorstroming van mensen die in steen wonen en toch echt weer naar een woonwagen willen en moeten, maar het is ook een verplichte en noodzakelijke en morele inhaalslag die gemaakt moet worden. Ik zou graag van de wethouder weten of dat ook regionaal loopt en hoe dat vorm kan gaan krijgen, dus de ChristenUnie wacht op een grandioze uitwerking, zeker op het punt woonwagens dan de volgende vergadering. Dank u wel. De voorzitter: Dank u wel. Mijnheer De Groot, D66. De heer De Groot: Dank u wel, voorzitter. Met interesse gelezen en ik draai ondertussen lang genoeg mee om ook de RAP destijds nog besproken te hebben in de commissie Ontwikkeling.

Daar heb ik goed nieuws en slecht nieuws en het goede nieuws is dat er heel veel gebeurd is. Niet alleen bij ons, maar ook bij de gemeenten om ons heen. Tegelijkertijd zie je ook dat veel van de afspraken die we gemaakt hebben zijn niet verder gekomen dan de intentie om zaken voor elkaar te krijgen, want het gaat gewoon ontzettend hard. 5 jaar zijn voorbij voordat je er erg in hebt en we zijn alweer in 2021. In die zin hecht ik, ik heb ook die aantallen gezien en ik hoor ook een aantal van mijn collega’s over de aantallen woningen wat zeggen en we zien dat we zo meteen natuurlijk ook terug bij de woonvisie. Maar dit is voor ons vooral indicatief, dit is waar we voor mikken. We kijken in die zin 5 en in sommige gevallen 10 jaar vooruit. Er staat hier niets in wat echt niet kan of onmogelijk is en tegelijkertijd zetten wij onze vraagtekens bij de haalbaarheid daarvan. De vraag die er inderdaad wel ook al gesteld werd door mijnheer Aynan was: er staat hier nu 30 procent sociale huur. Wij hebben natuurlijk een andere afspraak gemaakt, ik ben inderdaad ook benieuwd naar de reactie van het college daarop. Ik vond verder in deze woonafspraken opvallend dat de problematiek heel duidelijk verwoord werd, dus waar we behoefte aan hebben in de vorm van meer woningen, maar ook de andere problematiek die speelt op de woningmarkt werd wat mij betreft uitstekend daarin benoemd.

Dus wij kunnen ook instemmen mij het hetgeen wat voorligt. Dank u wel, voorzitter.

6

De voorzitter: Dank u wel. Dan is het woord aan mevrouw Van Zetten, Hart voor Haarlem. Mevrouw Van Zetten: Dat had ik niet gedacht, voorzitter. Wat zal ik zeggen? Heel veel mooie woorden staan hier weer in en ik ga er maar vanuit dat het richtinggevend zal zijn, want in de praktijk, er hoeft maar een crisis te komen en de hele zaak ligt op zijn gat. Ik heb mijzelf de vraag ook inderdaad, dezelfde als Jouw Haarlem: hoe zit het met die mandatering? Ik vind dat slecht gemotiveerd, dus graag een reactie waarom dat nodig is. Ik vind ook het praten over 2021-2025, we zijn al in 2021, dus ik dacht: is het niet al wat laat om aan deze belangrijke opdracht te beginnen in de regio? Nog een opmerking: ik mis toch altijd wel het doorstromen, want er zitten toch wel heel veel mensen in sociale woningen die daar niet horen en andere mensen hebben die woningen nodig. Even kijken, daar laat ik het maar even bij. Dank u wel. De voorzitter: Dank u wel. Dan is het woord aan mijnheer Van den Doel van GroenLinks. De heer Van den Doel: Dank u wel, voorzitter. Ook GroenLinks heeft het met interesse gelezen en inderdaad een aantal complimenten, dat in ieder geval een regionaal probleem nu regionaal wordt opgepakt. Mevrouw Van Zetten: … extra ambtelijke capaciteit … De heer Van den Doel: Sorry mevrouw Van Zetten, u praat er doorheen. Ik ga verder.

Over de oudere, de doorstroming daarvan, we gaan ervan uit, we hopen dat in ieder geval ook de corporaties daarop samenwerken en dat je dus als oudere van de ene coöperatie een woning achterlaat en bij de andere corporatie, waar een ouderenwoning beschikbaar is, kunt betrekken. Een sociaal woningmakelaar doet tegenwoordig ‘…’, dat is iemand die daarmee bezig is en daarvoor zorgt en dat ook regionaal kan bekijken en daarmee ook die doorstroming kan promoten. Want op dit moment wordt er vanuit de gemeente niet direct heel veel gedaan om het echt te promoten. Dus het zou mooi zijn als daar wat meer aandacht aan besteed wordt. Circulair wordt genoemd, ook met enige bescheidenheid. Eén project, ‘biobased in tien jaar’, ik denk: kom op, regio, dat kunnen we beter. Dus ik hoop ook dat daar meer uitvoering aangegeven wordt en dat het bij één project blijft en dat we dan elkaar na tien jaar op de schouders kloppen: fantastisch dat we één project hebben gedaan. Dat lijkt me wat al te weinig. Wij willen ook nog wel graag een soort waarschuwing geven: de nieuwbouw, daar worden tegenwoordig ontzettend veel kleine woningen gebouwd, 24 tot 28 vierkante meter. Daar moeten we mee oppassen, dat niet elk nieuwbouwproject vol zit met die kleine woningen, want dan hebben we straks weer heel veel kleine woningen waar bijna niemand in wil wonen, dus dat lijkt me ook niet de bedoeling.

Het voldoet voor een deel aan de behoefte, maar of de behoefte zo groot is dat er nu op wordt ingezet, dat is nog maar de vraag. Dan hebben we nog een vraag aan u: 2400 sociale woningen netto in 10 jaar, daarmee lijkt de wachtlijst niet op te lossen. Dat lijkt me nogal stug als je ziet hoe groot de wachtlijst is, op zijn hoogst komt het tegemoet aan de verwachte aangroei, maar de huidige problematiek die er is wordt daarmee niet geadresseerd. Dat vinden we erg jammer. Daarbij wil ik het laten. Op zich ondersteunen wij het stuk, dus wij kunnen daar wel op zich akkoord mee gaan. Maar we hebben deze vragen, waar we graag antwoord op zouden krijgen. Dank u wel. De voorzitter: Dank u wel. Dan is het woord aan mevrouw Otten, Liberaal Haarlem. Mevrouw Otten: Dank u wel, voorzitter. Wat ik hierover kwijt wil is vooral het veertig procent sociale woningbouw, dat heb ik al veel vaker gezegd. Er is een groot tekort aan middenhuur in Haarlem, het is extreem hoeveel mensen scheef wonen, met goede salarissen in sociale woningbouw waar ze ooit in terecht zijn gekomen. Ik verwonder me over de naïviteit van mijn mederaadsleden, dat we maar blijven vasthouden

7

aan de veertig procent en dat we niet veel meer gaan kijken naar de doorstroom en ook simpelweg gaan controleren wie er scheef woont. Dank u wel. De voorzitter: Dank u wel. Ik heb verder via de chat geen andere meldingen gezien voor het woord. Ik zie een hand van mijnheer Wiedemeijer. De heer Wiedemeijer: Ik heb een interruptie op mevrouw Otten, die zegt dat er veertig procent is afgekomen, maar dat is dertig procent. Maar ik heb eigenlijk twee vragen, want u zegt altijd: sociale huur in Haarlem, dat wil ik niet, dat moeten andere gemeenten maar doen. Nu die dat gaan doen is dat ook weer niet goed, dus kunt u dat even toelichten? U zegt dat extreem veel mensen scheef wonen, dus dat zouden hele grote groepen zijn. Kunt u aangeven wat dat ongeveer is, heeft u daar gegevens van of kletst u maar wat? Mevrouw Otten: Ik hou sowieso van ‘…’, dat klopt, maar in dit geval klets ik zeker niet zomaar wat. Uw eerste vraag is totaal niet relevant, want dat heb ik helemaal niet gezegd. Op uw tweede vraag: als ik in mijn eigen kennissenkring kijk dan durf ik te zeggen dat er zo’n tien procent scheef woont. Ik denk dat mijn kennissenkring een redelijk gemêleerd publiek is. Ik weet gewoon van heel veel mensen, van collega’s, dat ze gewoon scheef wonen. Ik zit hier geen flauwekul te vertellen, maar ik sta midden in het leven en u misschien niet. Dat zal het verschil zijn. Dank u wel.

De voorzitter: Dank u wel. Interruptie mijnheer Aynan. De heer Wiedemeijer: Mag ik nog even reageren? De voorzitter: Heel kort. De heer Wiedemeijer: Voorzitter, dat klinkt inderdaad als heel uitgebreid onderzoek, hele goede cijfers inderdaad. Dank u wel. De voorzitter: Dank u wel. Mijnheer Aynan. De heer Aynan: Dank u wel, voorzitter. Mijnheer Aynan staat ook midden in het leven en die heeft ook een uitgebreid kennissennetwerk. Mevrouw Otten, heeft u het stuk gelezen en heeft u ook gezien hoe veel procent er sociaal zou moeten huren van de Haarlemse bevolking? Mevrouw Otten: Ik moet heel kort antwoorden. Ik heb het stuk gelezen en dat heb ik ook gezien en dat ontken ik ook niet, maar de bedoeling is dat mensen die nu scheef wonen die huizen uitgaan en plaats maken voor degenen die het nodig hebben. Dank u wel. De heer Aynan: Dat is doorstromen, dat is wat anders. De voorzitter: Dank u wel. De heer Aynan: Voorzitter, ik hecht eraan om toch te constateren dat 42 procent van de Haarlemmers sociaal zou moeten huren en de markt voorziet maar in 30 procent. Dat is een enorm tekort. De voorzitter: Dank u wel. Dan geef ik het woord aan mevrouw Meijs. Wethouder Meijs, gaat uw gang.

8

Wethouder Meijs: Dank u wel, voorzitter. Dank u wel voor de vragen, maar ook de complimenten van de commissie. Zoals D66 al zei: dit is een voortzetting van de oude RAP, Regionale Afspraken. Wij hebben een aantal zaken vernieuwd, het vervangt het oude RAP en het huidige woonakkoord wordt inderdaad ondersteunt door de provincie Noord-Holland. Iemand refereerde er al aan dat dat 4 à 5 miljoen is. Die miljoenen zijn niet bedoeld om daadwerkelijk de woningbouwprojecten te ondersteunen, maar meer te faciliteren daar waar pilots doen, daar waar we werkgroepen willen doen, daar waar we onderzoek willen doen. Dus inderdaad, als we daarmee de bouw zelf zouden willen financieren is dat veel te weinig, maar wij zijn wel heel blij met het aanhaken van de provincie en dat zij dus ook medeondertekend hebben. Wat ook bijzonder is voor dit woonakkoord is dat ook iedereen zich eraan gecommitteerd heeft en daar hebben al een aantal partijen vragen over gesteld, over die 30 procent versus de 40 procent die wij hier in Haarlem in ons coalitieakkoord hebben. Wij gaan daar niet de 40 procent halen die wij hier in Haarlem hebben, maar zijn al wel blij met het minimale 30 procent, want dat was in de vorige RAP nog niet behaald. Dus wij zijn inderdaad van mening met elkaar dat wij in deze regio allemaal elkaar zullen aanspreken op die 30 procent.

Daarmee refereerde de PvdA al: is dat een inspanningsverplichting? Ja, dat is een inspanningsverplichting. Maar u bent volgens mij al meerdere keren betrokken geweest bij de regionale afspraken of de regionale bijeenkomsten: wij gaan nou eenmaal niet over de raden in de gemeentes om ons heen. Dus ik ben al heel erg tevreden dat wij die 30 procent hebben gehaald. Dat is een minimale ondergrens, dus uiteraard hopen wij, mijnheer Aynan, dat de 40 procent gehaald wordt, maar 30 procent is wel al een minimumwaarde en we denk ik met zijn allen hard aan de bak zullen moeten gaan om dat te doen. De voorzitter: U heeft twee interrupties, mevrouw Meijs. Eerst van mijnheer Aynan. De heer Aynan: Dank u wel, voorzitter. U zegt: we gaan elkaar aanspreken op die 30 procent. Maar we willen hier in Haarlem graag aangesproken worden op die 40 procent die afgesproken is. Dus de vraag is: bent u bereid dat in het akkoord op te nemen of moeten we daarvoor amenderen? Wethouder Meijs: Nee … De voorzitter: Moment, dan doen we gelijk mijnheer Van den Doel, kunt u ze in één keer beantwoorden. De heer Van den Doel: Wethouder, u verwees naar het radenoverleg, het regio-overleg. Daar heb ik een paar keer gezeten bij de deelgroep Wonen, daar ging het over wonen.

Ik kon mij niet aan de indruk onttrekken dat de aangrenzende gemeentes, met name de sociale woningbouw, die opdracht eigenlijk liever niet wilden en nu kijkt naar Haarlem. Want wij halen 40 procent, daar staat wel in dat Haarlem hoger dan die 30 procent gaat. Mijnheer Aynan, als u goed gelezen heeft kunt u dat zien, dus dat Haarlem zich verplicht tot 40 procent. Maar dat is een mooie rekensom voor de aangrenzende gemeentes, want die denken: als Haarlem 40 procent doet en we moeten overal 30 procent, dan hoef ik het niet te doen, want Haarlem die schiet hoger en dat betekent dat ik minder hoef te doen. Die indruk kreeg ik toch echt. Hoe kijkt u daar tegenaan? De voorzitter: Mevrouw Meijs. Wethouder Meijs: Dank u wel. Het is regelmatig een onderwerp binnen de portefeuillehoudersoverleggen, niet alleen hier, met alleen Bloemendaal, Zandvoort en Heemstede, maar ook in de regio. Het is ook meer dan het benoemen of het op papier zetten, maar het is wel echt een akkoord wat we nu hebben getekend met elkaar. Geen enkele regiogemeenten had zijn handtekening eronder gezet en 40 procent is echt niet realistisch. Dat is onze basis, dat is ons coalitieakkoord, daar zullen wij voor gaan. Maar dat is niet een realistisch iets als we het hebben over de partijpolitieke keuzes van andere gemeentes. Juist omdat we nu een

9

regionaal akkoord hebben, juist omdat we die ondergrens van 30 procent hebben gehaald denk ik: tel uw zegeningen. Want dat is eigenlijk iets waar we heel erg blij mee moeten zijn met elkaar. De voorzitter: Dat roept weer interrupties op, mevrouw Meijs. Mevrouw Van Zetten. Wethouder Meijs: Mag ik nog één laatste opmerking maken? Het is ook niet een soort gemiddelde, het is ook een afspraak waar we elkaar op aanspreken als het niet gehaald wordt. Dus het is niet zo dat als wij 40 procent bouwen, dat een ander 20 procent moet bouwen om die 30 te halen. De voorzitter: Mevrouw Van Zetten. Mevrouw Van Zetten: Ik vind het jammer dat mevrouw Meijs niet ingaat op het argument van de heer Van den Doel, die heeft opgemerkt dat ze in Bloemendaal en Aerdenhout natuurlijk naar Haarlem zitten te kijken en zelf daar niet zo hard voor lopen. Dan wil ik u nog even wijzen ook, mijnheer Van den Doel, dat wij juist op de grens van Bloemendaal in al die nieuwbouwzones 60 procent sociale huur willen bouwen. Wij hebben als Hart voor Haarlem gewaarschuwd: dat geeft alleen maar meer argumenten voor de buurgemeenten die gewoon lekker hun chique woningen bouwen en hun minderbedeelde bewoners naar Haarlem sturen. Wat vindt u daarvan, mevrouw Meijs? De voorzitter: Dank u wel. Dan nog een interruptie van mijnheer Aynan. Kort. De heer Aynan: Voorzitter, toch even die 30 procent.

In het woonakkoord staan er uitzonderingen, voor bijvoorbeeld Beverwijk, die wil eigenlijk niet zo sociaal gaan bouwen. Dus ik vraag u om ook voor Haarlem juist een uitzondering te maken en dat op te nemen expliciet in het woonakkoord, dat we voor 40 procent gaan. Ik wil dat gewoon terugzien. De voorzitter: Mevrouw Meijs. Wethouder Meijs: Ik kan alleen maar herhalen wat ik net heb gezegd, is dat iedere gemeente zijn handtekening hieronder gezet heeft, dus dat er niet iets is van dat wij daarvan afwijken. Wij hebben onze marges hoger zitten, dat is wat ik herhaal. Hier in Haarlem hebben wij 40 procent afgesproken en we hebben ook afgesproken om divers te bouwen in Haarlem, dus daarmee kondigen we ook aan dat in West meer sociale huurwoningen worden gebouwd dan in Oost en dat grenst dan weer aan Bloemendaal en Aerdenhout, waar mevrouw Van Zetten op doelt. Maar ik druk u op het hart dat iedereen, ook de woningcorporaties van alle regio’s, van alle regiogemeentes hun handtekening hieronder hebben gezet. Dus het is meer dan alleen maar een papieren werkelijkheid. Ik ben blij dat we dit hebben kunnen afstemmen met elkaar en dat we hier ook een keihard akkoord hebben liggen.

Daarnaast denk ik dat we blij mogen zijn dat de provincie hier zijn handtekening onder gezet heeft, want dat is nou een juist een kracht die we kunnen gebruiken op het moment daar waar het gaat over onderzoeken doen – waar u ook al een paar keer aan refereerde, verschillende partijen – over bijvoorbeeld de doorstroming. We hebben een jaar geleden, ruim een jaar geleden, aan het begin van de coronaperiode met elkaar het project ‘Ook later lekker wonen’ afgesproken. Dat is een grootse campagne die over de hele regio uitgerold wordt – een beetje ingehaald door de corona, dus die wordt nu weer opnieuw ingezet – waarbij de doorstroming heel erg gepromoot wordt, waarbij juist heel veel aandacht wordt gegeven aan het doorstromen van ouderen die op dit moment na moeten gaan denken over hoe zij prettig willen blijven wonen, ook als ze wat ouder zijn. Verder is de inspanningsverplichting ook onderdeel van – dat zei ik net al – bij de woningcorporaties. Dus daar hebben we ook met elkaar allemaal de handtekening onder gezet, dat is ook een nieuw iets in vergelijking met de oude

10

RAP. Verder de vraag van OPH over de overmaat waarover gesproken wordt. Dat gaat onder andere bijvoorbeeld over de plancapaciteit. Onze plannen liggen soms hoger dan de minimumgrenzen die genoemd worden. De heer Aynan heeft het over gegoochel met cijfers, maar het is geen gegoochel, het heeft te maken met de verschillen tussen zachte en harde afspraken. Daar waar we al de bouw gestart zijn of daar waar de plancapaciteiten al harder zijn, daardoor kunnen de aantallen verschillen. Ze worden ook steeds gemonitord en ook met u gedeeld. Volgens mij krijgen we dit jaar alweer ontwikkelcijfers en dat zijn vaak dag-of maandkoersen, dus we houden u voortdurend op de hoogte van onze bouwcapaciteiten. Verder had Jouw Haarlem nog een vraag, net als Hart voor Haarlem, over de mandatering. U bent natuurlijk als raad altijd aan zet als het gaat over budgetten. Maar hier gaat het puur over een mandatering, waarbij wij als regiowethouders in een regionale afspraak gemandateerd worden om met elkaar dit soort afspraken en onderzoeken te doen. Wij doen geregeld met elkaar onderzoeken, we doen geregeld pilots met elkaar, we doen de campagne, zoals ik het er net al over had. Daar mandateert u ons voor en verder nergens voor. De voorzitter: Dat is even een mooie pauze. U heeft een interruptie van mijnheer Van Leeuwen. De heer Van Leeuwen: Dank u wel, voorzitter.

Ik hoor een hele terechte vraag van de heer Aynan en ik hoor dat u eigenlijk wel tevreden bent, maar ik hoor u ook zeggen dat er onder het akkoord een aantal handtekeningen staan en daarmee roept u de suggestie op dat dit niet valt te amenderen. Is dat een juiste constatering? Wethouder Meijs: Nee, dat zeg ik juist niet. Ik zeg juist dat de mandatering gaat over ons overleg en niet over de aantallen. De aantallen, daar hebben we met elkaar een afspraak over gemaakt. Dat akkoord, daar heeft iedereen zijn handtekening onder gezet. Maar waar de heer Aynan over vraagt gaat over budgetrecht., Mandateert u ons op het gebied van het budget? Nee, u mandateert ons voor het voeren van onderzoeken en het voeren van pilots. De heer Van Leeuwen: Daar ging mijn vraag niet over, voorzitter. De voorzitter: Mijnheer Van Leeuwen. De heer Van Leeuwen: Mijn vraag ging over de 30 dan wel 40 procent. Dat lijkt vastgezet te zijn met een aantal handtekeningen. De vraag is: kan dat geamendeerd worden? Wethouder Meijs: Dat kan niet eenzijdig gemandateerd worden. Dit is een regionale afspraak. Dus als Haarlem zich mandateert of via een amendement committeert aan 40 procent, dan zullen we met de hele regio dat amendement moeten bespreken. Maar ik kan u wel op een briefje geven: als wij voor die 40 procent gaan, dan gaat de rest van de regio daar niet mee akkoord. Dat is wat ik net heb gezegd.

De voorzitter: Ja, helder antwoord. Mijnheer Rijbroek, ik zie af en toe een handje van u omhooggaan, maar als u een interruptie heeft, wilt u dat graag in de chat zetten? Maar mijnheer Rijbroek, gaat uw gang. De heer Rijbroek: Ik wil … Ja, merci. Ik had nog een vraag aan de wethouder, hij blijft hangen, dat wil ik er wel even bij zeggen, verbinding is niet best. Als Haarlemmers een woon-/werkbinding hebben, je ziet nu verdringing. Bijvoorbeeld: mensen uit Leiden, Amsterdam komen deze kant op, de woningprijzen stijgen. Kunnen we daar een oplossing voor vinden voor Haarlemmers, dat die voorrang krijgen op woningen, ongeacht prijsklasse, of dat 40/40/20 procent is? Wordt daaraan gewerkt, en hoe?

11

Wethouder Meijs: Deze vraag gaat volgens mij buiten het woonakkoord om. Leiden zit niet in het regionaal woonakkoord, dus daar kan ik in ieder geval geen toezegging over doen. Ja, we zijn ons bewust van grotere verhuisbewegingen, behalve alleen met de regiogemeentes waar we nu de afspraken mee hebben. Er zijn ook vele verhuisbewegingen uit Amsterdam, uit Alkmaar, Zaandam, maar die zitten niet in dit woonakkoord. De voorzitter: Dank u wel. U heeft nog twee interrupties. Mijnheer Aynan eerst. De heer Aynan: Voorzitter, om het helder te krijgen. Op pagina 7 van het raadsstuk staat dat we het college mandateren om de uitvoeringsagenda te actualiseren. Het is niet dat u mandaat krijgt om kopjes koffie te gaan drinken, het is dus wel degelijk een zeer belangrijk mandaat. Wethouder Meijs: Zeker. De heer Aynan: Ik wil daar eigenlijk alvast een amendement over aankondigen, want u doet alsof het niet belangrijk is en het is hartstikke belangrijk. Wethouder Meijs: Nou, dat … De voorzitter: Een interruptie is bedoeld om een vraag te stellen aan de wethouder. De heer Aynan: Ja, ja, voorzitter. De vraag over, want het is mij gewoon echt niet helder meer. Die 40 procent, als wij die nou gewoon geëffectueerd willen zien in dit woonakkoord en u zegt tegen ons: daar gaat de regio niet mee akkoord.

Waarom zou Heemskerk, Beverwijk, Velsen niet akkoord gaan met een Haarlems 40 procent sociaal? Ik begrijp dat niet. De voorzitter: Mevrouw Meijs. Wethouder Meijs: Ik denk dat ik u dan niet goed begrijp, maar wij hebben hier in Haarlem – dat is denk ik het misverstand wat we hebben – wij hebben hier in Haarlem de afspraken van de kaders en instrumenten. Daarin staat de 40/40/20-procentverdeling. Regionaal hebben wij gezegd dat er minimaal in de projecten 30 procent moeten zitten, om te kunnen voldoen aan de bouwopgaven die we hier regionaal met elkaar afgesproken hebben. Wij gaan niet over de precieze aantallen zoals ze in Beverwijk, IJmuiden, Velsen, alle andere gemeentes doen, maar wij hebben wel een minimumgrens met elkaar afgesproken. Dus op het moment dat u iets amendeert op het Haarlemse, dat gaat niet automatisch over de hele regio. De voorzitter: Prima, dank u wel. Mijnheer Aynan. De heer Aynan: Heel eventjes. Natuurlijk gaan wij niet amenderen wat ze in Beverwijk moeten bouwen, maar ik zou heel graag de Haarlemse 40 procent in het regionaal woonakkoord terug willen zien. Wethouder Meijs: Dat had ik ook graag gewild, maar dat is een compromis. Dat is als je met elkaar een woonakkoord afsluit met de regio, dan heeft u een compromisvoorstel. Dat is hetzelfde als met het akkoord wat we hebben met de MRA: Amsterdam heeft 50 procent, wij hebben 40 procent.

Wij gaan niet over de gemeenteraad van Amsterdam en Amsterdam gaat niet over de gemeenteraad van Haarlem. Ik kan het niet vaak genoeg uitleggen. De voorzitter: Volgens mij is het al een aantal keren uitgelegd. Mijnheer Wiedemeijer, PvdA.

12

De heer Wiedemeijer: Ik had het idee dat mevrouw Meijs daar net op in wilde gaan. De voorzitter: Waarop? De heer Wiedemeijer: Klopt dat? Wethouder Meijs: Ik kan het niet anders uitleggen dan dat ik het al een paar keer heb uitgelegd, net zoals over de mandatering, dat heb ik ook al een paar keer uitgelegd. De mandatering zit hem erin, niet dat wij uw mandaat moeten hebben om kopjes koffie te drinken, want daarmee doet u het regionale akkoord geen recht. Die mandatering gaat over de uitvoering, dat gaat over … De heer Wiedemeijer: Voorzitter, dan had ik een andere vraag. Excuus voor de verwarring. De voorzitter: Had u ook. Mijnheer Wiedemeijer. De heer Wiedemeijer: Ik had een vraag over die aantallen, want er zijn nu minimumaantallen afgesproken die gebaseerd zijn op de additionele behoefte. Ik snap dat wij niet eenzijdig andere gemeenten andere getallen op kunnen leggen, maar er is gewoon feitelijk geconstateerd dat die aantallen alleen overeenkomen met de additionele vraag en niet met de huidige tekorten. Maar wel dat die ambitie er ligt. Dus dan heb ik zoiets van: dan zal er dus in een addendum opgenomen moeten worden dat er eigenlijk meer nodig is, want dan is dit gewoon, dan stel je eigenlijk feitelijk vast dat het niet afdoende is, maar toch worden er niet andere afspraken gemaakt.

Hoe ziet u dat? Wethouder Meijs: Ook daarover hebben we in de technische beantwoording aan u al proberen uit te leggen dat het een inspanningsverplichting is en dat die aantallen minimale aantallen zijn. Wij zullen er natuurlijk never nooit voor gaan liggen als er meer gebouwd gaat worden. Dat is natuurlijk ook ons streven, wij hebben al meerdere keren met elkaar gesproken en dat zullen we ook in het volgende stuk bespreken, dat we wat dat betreft te maken hebben met een tekort aan huizen. Wij hebben hierin een minimum, een ondergrens aantallen aangegeven. Natuurlijk, we zullen wel gekke Henkie zijn als er meer gebouwd wordt, dat we daar niet voor gaan liggen. Daar zullen we natuurlijk onze handtekening ook onder zetten. Ik vraag toch nog een keer met klem aan de heer Aynan met welk doel u de Haarlemse 40 procent zou willen amenderen om te verhogen, als we daar niet regionaal een afspraak over hebben? Want dat is voor mij niet helder. De voorzitter: Maar die discussie heeft u al een paar keer gevoerd onderling. Mevrouw Meijs, er zijn nog een aantal onbeantwoorde vragen. Gaat u verder met uw betoog. Wethouder Meijs: De ChristenUnie en andere partijen hebben ook gevraagd over het specifieke levensloopbestendig bouwen voor specifieke senioren en doelgroepen. Ja, ook dat is opgenomen in het woonakkoord van de regio.

Ik heb u al een paar keer verwezen naar de pilot ‘Ook later lekker wonen’. Hart voor Haarlem vroeg: is er ook aandacht voor de doorstroming? Ja, we hebben met elkaar zeker afspraken gemaakt ook over de doorstroming en we zullen daar ook zeker nog meer onderzoek naar doen. We hebben niet voor niets ook onze afspraken in de regio gedaan over de Woonservice, ook daarmee vergemakkelijken we het kunnen inschrijven voor de Haarlemmers en voor de regionale inwoners in elkaars woningen onder bepaalde condities. GroenLinks verwijst nog naar een pilot op het gebied van biobased bouwen. Dat is natuurlijk niet het enige project wat er over duurzaamheid in de regio is, maar dit werd er met name uit gehaald, dus daar is zeker meer aandacht voor en hebben we ook met de woningcorporaties, ook met andere

13

woningcorporaties, daar uiteraard afspraken over gemaakt. Maar dat zult u ook gezien hebben in de Haarlemse woonvisie. Volgens mij heb ik daarmee alle vragen beantwoord, voorzitter. De voorzitter: Dank u wel. Is er behoefte aan een tweede termijn? Tenminste, ik zie er al één. Mijnheer Visser, CDA. De heer Visser: Dank u wel. Ik wil toch nog even de wethouder ondersteunen in haar betoog, dat wij in Haarlem natuurlijk niet in een regionaal akkoord extra aanvullende afspraken hoeven te maken, waar wij alleen als Haarlem aan gebonden zijn. We maken afspraken met gemeentes met een hele andere politieke werkelijkheid en dit is gewoon het minimum wat we afspreken. Waarom zouden we meer gaan toevoegen wat alleen maar voor Haarlem bindend is, waar we dan vervolgens ook nog eens op kunnen worden afgerekend? Dus ik wil daarin het betoog van de wethouder zeker ondersteunen. De voorzitter: Dank u wel. Even kijken, nog meer tweede termijnen? Mevrouw Kok, OPH. Mevrouw Kok: Dank u wel, voorzitter. Ik had in mijn eerste termijn al een vraag gesteld over het splitsen van woningen. Want op pagina 9 wordt gesproken over overige toevoegingen en ik wilde graag een bevestiging van de wethouder dat hier niet het splitsen van woningen bedoeld wordt. De voorzitter: Dank u wel. Dan mijnheer Aynan. De heer Aynan: Dank u wel, voorzitter.

De wethouder heeft het over een keihard akkoord, maar als wij kijken dan staat er eigenlijk heel zacht 30 procent. Want het gaat ook nog eens een keer om bruto. En vergeet alstublieft niet dat er ook nog eens een keer 4200 woningen worden gesloopt. Dus hoe hard is dat akkoord? Dan die ontsnappingsclausule, daar heeft de wethouder eigenlijk niet op gereageerd. Dat gemeentes sociale huur bij elkaar kunnen compenseren. Doet me een klein beetje denken aan de handel in emissierechten, dat moet er wat ons betreft ook uit. Ik kondig alvast een aantal amendementen aan, dan weet u al hoe we dit naar de raad willen hebben. De voorzitter: Mijnheer Aynan, let u op uw spreektijd voor vanavond, u zit onder de 5 minuten. Zijn er nog mensen voor de tweede termijn? Anders geef ik het woord aan mevrouw Meijs. Mijnheer Van den Doel, GroenLinks. De heer Van den Doel: Dank u. Ik had nog even aangestipt het ouderenwoningen en het doorstromen daarvan en eventueel een sociale woningmakelaar. Maar misschien komt dat bij ouderenhuisvesting, een ander agendapunt volgende week, terug. Maar u gaf er helemaal geen antwoord op, dus vandaar dat ik er nog even naar vraag. De voorzitter: Oké, mevrouw Meijs. Wethouder Meijs: Dank u wel voor de tweede termijn. Ik wilde nog even terugkomen bij OPH en het CDA had daar ook een opmerking over gemaakt, over het splitsen.

Dat is een zaak die we wel in zijn algemeenheid natuurlijk wel toerekenen aan de toevoeging van wonen, maar niet een speerpunt is. Maar hebben we ook met elkaar in de regio besproken, dus het is niet alleen maar het splitsen wat het toevoegen van woningen geeft. Nogmaals, over het vereffeningseffect of vereveningseffect: er zijn bijvoorbeeld afspraken tussen de gemeente Heemskerk en Beverwijk, daar waar zij elkaars grondgebieden heel dicht bij elkaar hebben, hebben zij wel afspraken gemaakt over de percentages, maar in zijn totaal is dat akkoord. Dus daar kan een

14

gemiddelde in zitten, maar daar wordt niet die 30 procent ondermijnd. GroenLinks vraagt nogmaals over de ouderen in de projecten rondom de ouderen en seniorenwoningen. Wij hebben bij het project ‘Ook later lekker wonen’ wel gesproken over extra capaciteit inzetten, maar dat zijn dure voorzieningen, dus waar we ons nu op richten is vooral met campagnevoeren. Woonservice begeleidt mensen die daar handen nodig hebben om dat uit te laten zoeken en ook elke gemeente heeft daar weer zijn eigen tools voor, dus ook de gemeente Haarlem heeft daar in het project ‘Prettig wonen, ook als je ouder bent’ begeleiding. Dus er is niet een specifieke ouderenmakelaar. Daarmee heb ik volgens mij alle vragen gehad. De voorzitter: Even kijken. Mijnheer Van den Doel, GroenLinks. De heer Van den Doel: Nog even, als je als oudere een woning verlaat, kan je dan ook bij andere makelaars of zelfs een regiogemeente een ouderenwoning betrekken? Wordt dat gestimuleerd? Dus met dezelfde regeling, gelijkblijvende huur enzovoort, is dat intercoöperatief of is … Wethouder Meijs: Ja, volgens mij wel. Als het niet zo is dan laat ik u dat weten, maar wij hebben juist met Woonservice dat regionaal afgesproken, dus daar kan regionaal op geanticipeerd worden. De voorzitter: Oké. Dank u wel. De heer Van den Doel: Dank u wel. De voorzitter: Hoe mag dit agendapunt naar de raad? Graag in de chat.

Hamerstuk met stemverklaring zou mijn voorstel zijn. Mijnheer Aynan heeft natuurlijk een amendement aangekondigd, dus dan wordt het een bespreekpunt. Ja. Mevrouw …: ‘…’ (buiten microfoon). De voorzitter: Wilt u nog even kort aangeven welke amendementen u van plan bent in te dienen? Welke onderwerpen? De heer Aynan: Heeft u het tegen mij, voorzitter? De voorzitter: Ja, mijnheer Aynan. De heer Aynan: Ja, dus de 40 procent sociaal voor Haarlem, de mandatering gaat eruit en de compensatieregel dat de gemeentes elkaars sociale huur mogen compenseren. De voorzitter: Goed. Dank u wel. Dan hebben we dit punt hiermee afgerond. Dan gaan we naar agendapunt 7. Voordat we dat doen, we zijn bijna een uur aan het vergaderen, ik wilde eigenlijk voorstellen 5 minuten kort te schorsen, zodat iedereen even koffie, thee of andere dingen kan doen. Beginnen we weer 5 minuten, dat is 20:08 uur. Ik schors de vergadering.

15

Schorsing 7.

20.00 uur Vaststellen Woonvisie en uitvoeringsagenda 2021-2025 “Samen doorbouwen aan een Duurzaam (t)huis” (MTM) De voorzitter: Verder met agendapunt 7. Het vaststellen van de woonvisie en de uitvoeringsagenda 20212025, “Samen doorbouwen aan een duurzaam (t)huis”. Het college stelt aan de raad voor de woonvisie en de uitvoeringsagenda vast te stellen, bij de eerstvolgende bestuursrapportage de resterende gelden uit de reserve Wonen te onttrekken voor de uitvoering van activiteiten opgenomen in de uitvoeringsagenda en de activiteiten voor 2022 en verder, opgenomen in de uitvoeringsagenda, te betrekken bij de afwegingen van de kadernota. Het beoogde resultaat is om meer, betaalbaarder en energiezuiniger woningaanbod in de Haarlemse wijken te realiseren voor verschillende woningzoekenden samen met betrokken partners, zodat de wijken vitaal en veerkrachtig blijven. Op basis van de woonvisie en de uitvoeringsagenda worden afspraken gemaakt met partijen, worden kaders aan initiatiefnemers meegegeven en worden ondersteunende activiteiten ontwikkeld. Hiervoor heeft zich één inspreker aangemeld, dat is mevrouw De Roos-van Rooden, voorzitter van de wijkraad Vondelkwartier, die namens acht wijkraden een inspraakreactie heeft ingediend.

Mevrouw De Roos, bent u inmiddels in de vergadering toegelaten? Dan mag u de camera aanzetten en als u begint met spreken heeft u drie minuten om uw zienswijze met de commissie te delen. Mevrouw De Roos-van Rooden: Dank u wel, voorzitter. De voorzitter: Gaat uw gang. Mevrouw De Roos-van Rooden: Dank u wel, voorzitter. Voorzitter, namens de … De voorzitter: We zien u nog niet. Ja, daar bent u. Welkom. Mevrouw De Roos-van Rooden: Oké, dank u. Voorzitter, leden van de commissie Ontwikkeling, ik ben Thea de Roos en voorzitter van de wijkraad Vondelkwartier en inspreker namens de acht wijkraden. Om maar met de deur in huis te vallen: het stadsbestuur heeft de wijkraden in deze woonvisie aan de kant gezet. We worden geen enkele keer genoemd en ook in deze inspraakronde voelen wij ons niet gehoord. Deze manier van inspreken bij de gemeente Haarlem lijkt nog het meest op het meedoen aan een loterij. Een loterij met vele nieten, want wij krijgen twaalf keer ‘nee’. Twee keer een troostprijs, want twee keer ‘ja’ en zeker geen hoofdprijs, want voor het stadsbestuur is de rol van de wijkraden niet relevant.

Daarom probeer ik het maar met een vraag: wat wilt u als politiek bestuur? Wilt u ook ‘nee’ blijven zeggen tegen de wijkraden en ons op die manier afserveren? Of zegt u: “Wij willen ook dat de woonvisie een woningbouwprogramma wordt met een plan van aanpak voor de knelpunten per stadsdeel, wij willen ook weten wat we gaan doen op korte termijn, tot 2025 en wat op langere termijn, na 2025. Wij willen ook dat de wijkraden worden betrokken bij de aanpak en de uitvoering. En ten slotte, wij willen ook op die manier serieus inhoud geven aan het actieprogramma Nieuwe Democratie en aan de leus: Samen maken wij de stad.” Als u en uw collega’s hier ‘ja’ tegen zegt dan bent u ons lot uit de loterij. Dan luistert u naar betrokken Haarlemmers, dan heeft u geen visies meer nodig zoals deze. Dank u wel. De voorzitter: Dank u wel, dat heeft u vlot gedaan. Zijn er vanuit de commissie nog vragen aan mevrouw De Roos? Mijnheer Slik, ChristenUnie.

16

De heer Slik: Dank u, voorzitter. Bedankt mevrouw De Roos, zeker ook dat u namens acht wijkraden weet in te spreken. Dus ik hoop dat de wethouder ook voelt dat dat breed gedragen dan wordt. Maar mijn vraag is wel, mevrouw De Roos, hebben u en de andere wijkraden wel een inhoudelijke mening over de visie zoals die er nu staat, die u alvast de wethouder kunt meegeven? Mevrouw De Roos-van Rooden: Als u de stukken hebt gelezen – en dat heeft u ongetwijfeld – dan heeft u gezien dat wij een inspraakreactie hebben gestuurd op 26 januari waarin wij klip en klaar hebben gezegd wat wij per stadsdeel willen, namelijk de actiepunten, de aandachtspunten zoals ze worden genoemden. Aandachtspunten, dat vinden wij eigenlijk toch een beetje zwak. Het zijn geen aandachtspunten, het zijn knelpunten en die per stadsdeel gaan oplossen in samenwerking met de wijkraden en dan ook met een concreet tijdschema eraan: wat gaan we doen op korte termijn en wat gaan we doen op lange termijn? Gebiedvisies worden aangekondigd, daar hebben wij geen behoefte aan. Aan een grote woonvisie, daar hebben wij geen behoefte aan. We hebben behoefte aan acties, korte termijnacties en duidelijkheid naar de wijken toe. Dat staat in onze inspraaknotitie. De voorzitter: Dank u wel. Mijnheer Aynan, Jouw Haarlem. De heer Aynan: Dank u wel, voorzitter. Dank u wel, mevrouw De Roos, voor uw heldere inspraak, nu ook op papier.

U had het over de hoofdprijs die u had gewild. Waaruit zou die bestaan moeten hebben? Mevrouw De Roos-van Rooden: De hoofdprijs die wij hadden gewild had bestaan uit het betrekken van de stadsdelen en de wijkraden bij de ontwikkeling van een activiteitenprogramma per wijk. Wij worden dus nergens bij betrokken, wij staan niet eens in dat hele dikke plan van u. Wat krijgen wij retour? Ja, u heeft gelijk, wij zetten de naam ‘wijkraden’ erin. Maar als we alleen maar met onze naam in deze notitie komen, wat is onze rol dan? Ik bedoel, daar hebben wij niks aan. Wij willen actief betrokken zijn en of het nou nieuwe of oude democratie is, het maakt mij niet uit, maar wij willen meepraten en wij willen concreet aan de slag en geen vergezichten, geen visies, geen projecten op de lange termijn. Kort en duidelijk: wat nu, wat volgend jaar, wat daarna? De heer Aynan: Helder, dank u wel. Mag ik, voorzitter? De voorzitter: Heel kort. De heer Aynan: Ja, heel kort. Mag ik de wethouder vragen om te reageren? De voorzitter: Er zijn nog meer mensen met een vraag. Mevrouw Kok, OPH. Mevrouw Kok: Reeds gesteld door mijn voorgangers, voorzitter. De voorzitter: Dank u wel. Zijn er dan geen vragen meer? Ah, even kijken, komt er net één binnen. Mijnheer Wiedemeijer, PvdA. De heer Wiedemeijer: Dank u wel, voorzitter.

Ik had de zienswijze van de wijkraden ook gelezen en daar werd inderdaad ook gesproken over bepaalde knelpunten. Maar wat voor knelpunten zijn dat dan precies, mevrouw De Roos, in het kader van de woonvisie? Zijn dat knelpunten op het gebied van wonen? Zo ja, welke, of zijn dat knelpunten in de brede zin van het woord? Dat wordt mij om eerlijk te zijn namelijk niet helemaal duidelijk.

17

Mevrouw De Roos-van Rooden: Dat vind ik jammer, want het staat heel duidelijk in onze inspraakreactie. Ik noem maar wat: een andersoortige aanpak van eengezinswoningen, wat gaan we daarmee doen? Wat is het plan van aanpak voor de lege winkels, bijvoorbeeld in de Cronjéstraat? Wat is het plan van aanpak in het stadsdeel Centrum, als wonen boven winkels blijvend moet worden gestimuleerd? Waarom is er geen plan van aanpak voor het omvormen van winkels en andere functies, zoals wonen? Wilt u nog meer weten, mijnheer Wiedemeijer? Het staat allemaal in ons stuk. De voorzitter: Dank u wel. Zijn er nog vragen? Nee, als er geen vragen meer zijn vanuit de commissie dan wil ik u namens de commissie hartelijk danken dat u hier vanavond aanwezig hebt willen zijn. U kunt de vergadering verder online thuis volgen. Mevrouw De Roos-van Rooden: Dank u wel. De voorzitter: Hartelijk dank. Fijn dat het ook allemaal zo gaat. Dan gaan wij verder met de bespreking. Eerst is het woord aan de raadsleden en daarna kan de wethouder reageren. Mijnheer Aynan heeft daarbij al een vraag gesteld aan de wethouder. Ik geef als eerste het woord aan mijnheer Wiedemeijer van de Partij van de Arbeid. De heer Wiedemeijer: Dank u wel, voorzitter. We hebben recent hier ook over gesproken en toen had ik al mijn spreektijd opgebruikt, ik zal nu proberen om dat niet te doen. Laat ik beginnen met een compliment.

Ik had toen eindeloos veel ideeën en de behandelend ambtenaar heeft die allemaal zeer uitgebreid beantwoord, dus ik ben in ieder geval overtuigd dat dat in concept bespreken zeker een goed idee is. U voelt hem al aankomen: en blijven toch nog altijd wel wat wensen over. Ik heb ook alle zienswijzen goed beoordeeld, ook al had net iemand anders daar andere ideeën bij, maar ik heb ze wel degelijk allemaal goed doorgenomen. De aantallen, dat blijft toch wel punt van discussie. Dan zien we nu dat het wordt uitgelegd: de komende jaren worden er 1200 woningen per jaar gebouwd en op termijn zouden dat er zo’n 1000 per jaar kunnen worden. Dat snap ik niet zo goed waarom er niet gewoon is gezegd: we willen tot 2030 10.000 woningen afspreken, waarvan 40 procent sociale huur. Maar goed, voordat we daar de hele avond over gaan filosoferen: ik denk dat ik even met mijn collega’s moet kijken of er een wens is om dat op die manier te amenderen. Maar de eerlijkheid gebiedt natuurlijk te zeggen dat een nieuwe coalitie na de volgende gemeenteraadsverkiezingen daar afspraken over zal moeten maken, ongeacht wat wij daar vanavond over invullen. Dan kom ik bij het volgende punt, waar ik graag namelijk een motie over zou willen aankondigen, en dat is dat er wordt aangegeven dat er zo’n plancapaciteit is van 10.000 woningen in ontwikkelzones en 7000 daarbuiten.

Dat betekent dat er nog relatief veel plancapaciteit is. Wat ik graag zou willen is een motie – en die noem ik dan ‘Keuzes in kaart’ – waar er ambtelijk wordt uitgezet voor de zomer welke mogelijkheden er zijn op korte en lange termijn om de woningbouw uit te breiden. Dat is dan eigenlijk gewoon een informatief document wat politieke partijen kunnen gebruiken voor hun keuzes in hun verkiezingsprogramma en dat we ook bij de gemeenteraadsverkiezingen daar zelf aan de kiezer onze plannen duidelijk kunnen uitleggen en dan volgend jaar bij de gemeenteraadsverkiezingen een nieuwe coalitie al goed voorbereid afspraken kunnen maken over de woningbouw tot 2030 en wellicht ook daarna. Dus dat is niet om daar zelf nu een stelling in te poneren, maar dat we allemaal als politiek daar zelf afgewogen keuzes in kunnen maken voor volgend jaar. Dan een derde punt, de leegstandsverordening. O, ik heb een interruptie. De voorzitter: U heeft een interruptie. Mijnheer Aynan. Let u op uw tijd? De heer Aynan: Heel goed idee, mijnheer Wiedemeijer, die motie. Bent u bereid om ook te kijken naar de randen, wat daar aan capaciteit mogelijk is? Om dat op te nemen.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij iBabs is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/12271770/1