03-04 Transcript cie Ontwikkeling docx
Tekst van het document
18
De heer Wiedemeijer: Voorzitter, als ik dat zou doen dan zou ik natuurlijk de heer Aynan eigenlijk helpen bij iets wat hij de afgelopen vier jaar heeft verzaakt, namelijk zijn plannen daadwerkelijk concreet maken. Ik snap uw verzoek, ik vind ook om eerlijk te zijn, als we zo’n onderzoek doen dat we niet allerlei politieke wensen daarin moeten voorkoken. Maar ik kan me ook voorstellen dat als we dat zouden doen, dat dat voor een andere partij een reden is om die cijfers op die manier niet in kaart te brengen. Dus ik kan me voorstellen dat we daar gewoon even buiten de vergadering breed moeten kijken wat mensen daarin willen hebben, dan zal ik mijn concept daarin rondsturen. Maar ik snap op zich uw verzoek. De voorzitter: Gaat u verder. De heer Wiedemeijer: De leegstandverordening, daarvan wordt gezegd: er is op dit moment niet zoveel leegstand, dus het is niet nodig om daar regels over af te spreken. Dat geloof ik op zich, ik geloof dat er op dit moment weinig leegstand is, zeker als het over wonen gaat, bij winkels is het wellicht anders. Maar we hebben natuurlijk wel een enorme woningcrisis, dus op het moment dat er objecten zijn die langdurig leeg staan is het denk ik logisch om daar afspraken over te maken. Dus ik moet zeggen: ik overweeg toch wel om een motie op te stellen om een leegstandverordening op te stellen.
Want dan kunnen we in ieder geval daarover afspraken maken. Dan heb … De voorzitter: Weer een interruptie. Mijnheer Aynan, die heel hard door zijn spreektijd heen gaat. Niet. Mijnheer Wiedemeijer, gaat u verder. De heer Wiedemeijer: Dan het laatste punt, want ik heb ook de zienswijze van de wijkraad Binnenstad met veel plezier doorgenomen. Die geven aan dat ze toch wel erg graag willen dat er een verbod komt op vakantieverhuur in de binnenstad. We zien ook dat de gemeente Amsterdam dat voor de binnenstad recent heeft geëffectueerd. Zoals u weet is de Partij van de Arbeid daar ook al lange tijd voorstander van en aangezien de wijkraad Binnenstad dat verzoek aangeeft en ik graag concrete verzoeken ook op die manier beoordeel moet ik zeggen dat ik daar toch wel erg voor opensta. Dus ik ben ook benieuwd hoe mijn collega’s daarover nadenken. Dus dat zou alleen gaan om een verbod op vakantieverhuur in het centrum, dus ik overweeg op dat gebied ook een amendement. Daar houd ik het nu even bij, want ik heb vorige keer al heel veel tijd opgebruikt, dus dat is nu wel even genoeg. De voorzitter: Dank u wel. Dan is het woord aan mevrouw Kok van OPHaarlem. Mevrouw Kok: Dank u wel, voorzitter. Ik kan me enigszins vinden in de woorden van mijnheer Wiedemeijer, want wij hadden daar ook een vraag over.
Want er wordt ook gesproken in het stuk over 10.000 woningen in de ontwikkelzones, maar veel van die ontwikkelzones hebben pas een planning na 2025. Dus ik begrijp wel dat mijnheer Wiedemeijer het over 2030 heeft en ik zou er ook graag een toelichting van de wethouder op willen, want die 10.000 woningen gaan we natuurlijk in die ontwikkelzones nooit voor 2025 realiseren. Dan wil ik ook nog zeggen dat bij punt 8, dat we het positief vinden dat er wordt gesproken over levensloopbestendig bouwen, zeer fijn om te lezen. Dan over de inspraakreacties. Ook wij hebben deze heel zorgvuldig gelezen en we willen toch wel even opmerken dat wij het erg slordig vinden dat er op zoveel fouten wordt gewezen in de cijfers en grafieken en tabellen, dat is toch bijzonder. Ook dat de wijkraden op deze manier dus hun input moeten leveren op het stuk via zo’n zienswijze en dat ze niet betrokken zijn. Tot zover. De voorzitter: Dank u wel. Dan is het woord aan mijnheer Rijbroek, Trots Haarlem.
19
De heer Rijbroek: Dank u wel, voorzitter. We hebben het hier over het vaststellen van de woonvisie en uitvoeringsagenda 2021-2025. Waar ik eigenlijk blij over ben is dat er ook een verschuivende vraag is naar bijzondere en alternatieve woonvormen. Dan moet je denken bijvoorbeeld aan ouderen die bij elkaar wonen, een soort daarbij geconcentreerd een zorgvoorziening, dat is een landelijke ontwikkeling, zoals wij dat zien aan de Prinsen Bolwerk. Maar dat zijn natuurlijk dure residences, zal ik dat maar zo omschrijven. Maar we hebben natuurlijk ook te maken met tiny houses, hoe gaan we daarmee om, op welke locaties? Het maakt het ook betaalbaar bij woningtekorten, waar gaan we dat doen? Daarin meegenomen heb je het natuurlijk ook over die woonwagenvormen waar we in agendapunten ook even over spraken als Trots Haarlem, want er komt dus een ontwikkeling op de bestaande locatie voor woningen. Wat gaat er dan met hun gebeuren, want ze hebben een officieel woonverblijf? Ik wil daarbij ook in meenemen, in het kader van duurzaamheid, dat we een duurzaamheidsprogramma hebben die ook zodanig is dat op criteria van inkomen en aflosbaarheid en technische haalbaarheid en niet op grond van afkomst of waar je woont, postbusnummer, enzovoort. Dus ook bij een duurzaamheidsaanvraag van zonnepanelen of hypotheekaanvraag bij een financiële instelling.
Daarnaast natuurlijk de bijzondere woonvormen als Domus Plus. Daar zal het laatste woord niet over gesproken worden, maar je kan zeggen wat je wil in een wijk, maar ik zou zeggen, ik zeg het alweer: doe het beleid bij je eigen voordeur, bij iemand voor de voordeur van het college. Ik zou het eerder zien als een oplossing bij de ‘…’, wat eerder gepoogd is. Als we het hebben over deze woonvisie en woonakkoord dan vind ik dat eigenlijk de verkeerde volgorde waar we nu over gaan praten. We hebben de woonvisies al vastgesteld, daarop kwamen de mobiliteitsvisie, het wonen en nu gaan we pas met het akkoord beginnen. Dat zou ik graag omgedraaid zien, waarom dat is weet ik niet. Als we het hebben over de financiën dan spreekt de gemeente over een bedrag en dat wordt daaraan gespendeerd, dat zijn consultants, dat zijn voor het beleid. Maar ik zou ook graag zien dat we daar meer er naartoe sturen, in de vorm van beleid, welke stakeholders daar inzien en dan verder op detailniveau wat we daarna gaan besteden naar de verschillende doelgroepen. Dan heb ik ook nog een vraag over het kadestraal splitsen van woningen, ligt gevoelig. Maar als wij zeggen een oplossing te willen hebben in bepaalde wijken waar dat kan, dat ouderen beneden wonen en jongeren – in de zin van jonge gezinnen die dat willen – dan kun je elkaar op voorwaarde daarin ondersteunen.
Misschien is dat een antwoord op de vraag, met daarbij een beperking tot restricties van parkeren. Daar wil ik het graag even bij laten. Dank u wel, voorzitter. De voorzitter: Mijnheer Rijbroek, 1. Let u op uw spreektijd, daar gaat u hard doorheen. 2. Wilt u even naar uw camera kijken, zodat u bij de volgende termijn die aan kunt zetten? Dat is wel zo prettig. Mijnheer Van Leeuwen, Actiepartij. Gaat uw gang. De heer Van Leeuwen: Voorzitter, dank u wel. Ik ga op een aantal punten in. Op pagina 13 wordt gesproken over nieuwe woonconcepten, de wethouder lijkt alleen niet verder te komen dan een overlegplatform. Dat is interessant, maar bent u bereid om binnen het eigen gemeentelijk vastgoed nadrukkelijker te kijken of dit soort alternatieve woonconcepten gerealiseerd kunnen worden? Met andere woorden: kunt u een overleg agenderen met uw vastgoedwethouder, de heer Botter? Die heeft vastgoed in de aanbieding. Op pagina 14 geeft u aan dat het moeilijk is om meer inzicht te krijgen in de toevoeging van woningen in de bestaande bouw. Dat komt nog niet echt van de grond, geeft u aan. Maar alle transformatie van kantoorpanden, dat gebeurt met een bouwvergunning, dus het lijkt ons niet heel moeilijk om dat te monitoren en jaarlijks te laten zien hoe veel woningen u daarin heeft toegevoegd.
Kunt u daarop ingaan? U geeft aan op pagina 15 dat er nadelige effecten zijn van de toevoeging van woningen in de bestaande wijken. U geeft aan dat de voorzieningen op peil moeten blijven. Dat is natuurlijk zo, maar wat doet u verder om de negatieve effecten van die toevoeging in die wijken, om die te bestrijden? Dan gaat het over parkeerdruk, dan gaat het over
20
leefbaarheid. U wil alles in de omgevingsvisie gaan oplossen, maar dat is eigenlijk de hete brij vooruit stuwen. Dus graag op die punten nog even een indruk. Dank u wel. De voorzitter: Dank u wel. Dan is het woord nu aan mevrouw Van Zetten, Hart voor Haarlem. Mevrouw Van Zetten: Dank u wel, voorzitter. Zo’n woonvisie, dat is uiteindelijk bij uitstek gewoon een zaak van een politieke keuze maken en dat heeft niet altijd iets met visie te maken. Wat Hart voor Haarlem betreft is er toch eigenlijk een beetje het idee dat er een taboe ligt op de middeldure koop, waar toch heel veel behoefte aan is, zeker voor gezinnen. Mobiliteit speelt geen rol of nauwelijks. Doorstromen, waar al veel over gezegd is, eigenlijk ook niet. Wat dat betreft zijn we ook wel benieuwd, er moet weer op zoek gegaan worden naar cofinanciering, dan vind ik het niet heel erg transparant, want dat betekent gewoon dat we meer ambtenaren nodig hebben om al die plannen te verwezenlijken. Dan lees ik ook dat er geen geld zou zijn na 2022 en eerlijk gezegd vind ik dat er daar ook een gebrekkige uitleg bij is, maar misschien kunt u dat nog een beetje verhelderen. Tot zover. Dank u wel, voorzitter. De voorzitter: Dan is het woord aan mijnheer De Groot, D66. De heer De Groot: Yes, dank u wel, voorzitter. Ook wij zijn positief over hetgeen wat voorligt.
Wat ons betreft ligt er een goede uitvoeringsagenda en ik denk dat het goed is dat er veel aandacht is voor de bijzondere doelgroepen die genoemd worden. Aandachtpunten zijn er ook, dit is een woonvisie tot en met 2025, maar het lijkt vaak wel alsof hij tot 2030 loopt. Is het college met ons eens dat wij een stuk vastleggen tot 2025 en niet tot 2030? Qua inspraak vonden wij de inspraak van de corporaties heel scherp. De sneer over dat wij iets willen zeggen over de kwaliteit van hun vastgoed, terwijl zij niks mogen zeggen over de kwaliteit van ons vastgoed vond ik bijzonder goed gevonden, mijn complimenten. Ik zou graag nog een reactie willen van de wethouder. Zij kwamen zelf, uit angst voor te veel bijzondere doelgroepen, met een percentage reguliere plaatsingen. Daar is goed op geantwoord, hoor, in de inspraaknotitie. Maar ik vond het wel een interessante suggestie, die echt heel erg duidelijk weergeeft dat er grenzen zijn aan hoeveel urgentie of voorrang je uiteindelijk kunt bieden. Dus graag een reactie van het college daarop. De complimenten ook voor de ambtenaren, het is echt heel prettig dat de discussie die wij voeren in de commissie genoteerd wordt en ook van antwoorden wordt voorzien, want daarmee dragen we echt bij aan het inspraakproces en het was heel prettig om dat terug te lezen en die reactie was ook heel erg uitgebreid. Dus houdt dat vooral vast.
Laatste opmerking, ook over die inspraak. De corporaties geven inderdaad aan: er zijn meer middelen beschikbaar, in ieder geval zeker van 2026 tot 2030. Dat geeft inderdaad vertrouwen. Tegelijkertijd staat er ook in reactie op onze inbreng tijdens het ter inzage leggen van dit stuk dat er actief gezocht wordt naar partijen buiten corporaties om, om sociale huur te realiseren. Zou het college iets kunnen zeggen over die zoektocht, want wij zouden toch de sterke voorkeur hebben dat de corporaties de sociale huur in Haarlem realiseren en geen marktpartijen. Dank u wel. Tot zover. De voorzitter: Dank u wel. Mijnheer Slik, ChristenUnie. De heer Slik: Dank u, voorzitter. De ChristenUnie is voornamelijk positief. In aansluiting op D66, mooi dat inderdaad al die inspraakreacties zo uitvoerig beantwoord worden. Daar botst dan inderdaad nog steeds mee dat de wijkraden zich miskend en ongehoord voelen. Ik hoop dat de wethouder daar wat mee kan. De ChristenUnie wacht met grote interesse af de amendementen of moties van de PvdA, daar zullen we met plezier naar kijken. Het is mooi dat het een uitgebreid stuk is met heel veel alinea’s waar heel veel onderwerpen behandeld worden, maar als ik dan aansluit op Hart voor Haarlem, er moeten natuurlijk wel uiteindelijk politieke keuzes gemaakt worden. Daar hebben we een heleboel jaren voor gelukkig. Om de
21
uitdrukking ‘een kinderhand is gauw gevuld’ te gebruiken, dat er een alinea op pagina 33 aan woonwagens wordt besteed, dat stemt hoopvol. Ik ben blij Trots daarmee aan mijn zijde te vinden, dat we ons daarvoor inzetten. Dus daar kijken we ook naar uit. Dank u zeer. De voorzitter: Dank u wel. Mijnheer Aynan, Jouw Haarlem. De heer Aynan: Dank u wel, voorzitter. Een … Ho, dit … Voorzitter? Ja, dit gaat veel beter. Voorzitter, een woonvisie mag best een beetje vaag zijn, maar van een actieplan had ik echt gewoon harde en concrete afspraken verwacht en ik mis dat vaak. Ook hier weer gegoochel met cijfers: 10.000 woningen bijgebouwd. Er wordt gezegd: 2800 zijn al gerealiseerd. Als je vraagt: welke woningen zijn dat dan? Dan zeggen ze: weet ik niet. Het lijkt hier wel een soort wisseltruc, om vooral die 10.000 woningen te willen realiseren. Even inhoudelijk, voorzitter, ik schrok wel ook van pagina 6, dat er wijken en complexen zijn waar de leefbaarheid echt in het geding is. Dan wordt er gezegd: over een paar jaar gaan we ernaar kijken. Dit is echt iets urgents, dat moet nu opgepakt worden. Dat stadsbrede meldpunt, daar willen we misschien een motie over indienen. Flexwoningen missen we ook, vooral voor jongeren en spoedzoekers. Over spoedzoekers gesproken: het is echt een gemiste kans dat we daar ons gemeentelijk vastgoed niet voor gebruiken.
We gaan straks weer een woning verkopen. Voorzitter, de grote vraag naar eengezinswoningen, maar ja, daar wordt niet voor gebouwd. Ze zijn er wel, maar die worden nu bezet en de verhuisgenegenheid is zeer gering. Wij denken om daar een doorstroommakelaar voor 55-plussers voor in te zetten die een eengezinswoning achterlaten. Dan het inschrijven voor een sociale huurwoning, of dat mogelijk is vanaf 16 jaar, want dan bouw je toch even wat extra tijd op. In het stuk daar is door inspraak op geamendeerd, daar staat nu dat er uitsluitend binnenstedelijk gebouwd gaat worden. Niet doen, want dan komen we in ieder geval wat Skaeve Huse en Domus Plus betreft in de problemen. Gentrification is een woord dat we helemaal missen en we zien echt die verdringing, daar willen we ook misschien via een motie kijken of daar in Haarlem sprake van is. Desondanks gaat er toch gebouwd worden, hopelijk veel. Dat levert veel werkgelegenheid op. Onze vraag is: is daar sprake van SROI en bijvoorbeeld het creëren van stageplekken? Tot zover, voorzitter. Dank u wel. De voorzitter: Dank u wel. U heeft nog ongeveer een minuut spreektijd. Mijnheer Visser, CDA. De heer Visser: Dank u wel. Voorzitter, we gaan tot 2030 10.000 woningen bouwen en daarbij houden we rekening met bestaande wijken en de benodigde voorzieningen. We vergroten de kans op de woningmarkt voor jongeren, senioren en kwetsbare groepen.
Voorzitter, deze ambitie steunen wij en we steunen daarmee dus ook deze woonvisie. Als antwoord op de PvdA die vroeg naar een reactie op de inspraak van de binnenstad: we hebben natuurlijk al de mogelijkheid tot particuliere verhuur teruggebracht naar 30 dagen per jaar, dus het is nu al verboden om huizen permanent te verhuren. Ik denk dus dat als op dit moment overlast wordt ervaren, dat het meer een handhavingsprobleem is dan een reguleringsprobleem. Ik vraag me dus af of een volledig verbod, in plaats van de 30 dagen per jaar, echt de ervaring op straat of de ervaring van de buurtbewoners zal verbeteren. Ik denk dat het eerder een handhavingsprobleem is. Tot zover, voorzitter. De voorzitter: Dank u wel. Dan mevrouw Eckhard, SP. Mevrouw Eckhard: Dank u, voorzitter. Ik heb goede ideeën gehoord van de PvdA en van Jouw Haarlem met name. Ik hoop dat de wethouder die meeneemt in haar volgende voorstel. Ik wil het zelf graag hebben over punt 6 op pagina 5, misschien kunt u meelezen. In deze woonvisie worden de bouwambities in cijfers nog eens naast elkaar gezet en ik vind het in dit geval ook gegoochel met cijfers, maar ik ga toch een beetje analyseren. De coalitie heeft een groeiambitie voor 2016 tot 2025 van 10.000 huizen in totaal. De woningvoorraad is gegroeid tussen 2016 en 2019 voor de 2800 en voor 2020 tot 2025 resteert er dan nog 7200. Dan kom je op
22
10.000. De planning 2020-2025 is 8600 minus de sloop is 7643. Naast deze plancapaciteit wordt er ook gesloopt en dan blijven er nog 7653 woningen over. Die staan al in de planning en dat is conform de groeiambitie, dat is dus mooi. Maar dan komt de volgende zin: “Voor heel Haarlem gaat het om 17.000 woningen, waarvan er 10.000 in de ontwikkelzones opgeleverd kunnen worden.” Waar komt nu opeens die 17.000 vandaan? Dan komen we bij de woningbehoefte en de beschikbare plancapaciteit. Er worden 10.000 woningen in de ontwikkelzones gebouwd en 7000 daarbuiten. Dan kom ik op 17.000. Is dat die 17.000 uit de vorige zin? Ik denk het. Dan komt er een nieuwe ambitie tevoorschijn, nu voor de periode 2020-2030 en een groei van 8000 tot 10.000. Dus de woningvoorraad is gegroeid met 2800, de planning is 7643 en de ontwikkelzones voor 10.000 erbij, dan kom ik op 20.443 woningen. Het is fantastisch, het is echt prachtig. Maar mag ik nu concluderen dat u in de periode 2016 tot 2025 – of is het 2030? – 20.343 woningen aan de woningvoorraad heeft toegevoegd? Dan komen we bij het laatste zinnetje in dit stukje over de geactualiseerde bouwambitie: “Op basis van de uitgangspunten van het woningbouwprogramma moeten er 3200 tot 4000 woningen in de groei van de sociale huurwoningen terechtkomen.” Het is wel echt een uitsmijter en ik probeer dit plan te doorzien.
Dus van de 20.443 woningen in 14 jaar tijd heeft u er 3200 tot 4000 in de sociale huur gebouwd? Dat is 15,6 procent. Ik dacht dat we 30 of 40 procent sociale huur zouden krijgen? Dus ik wil heel graag uitleg over deze cijfers. De voorzitter: Dank u wel. Dat is op zich ook een vrij technische toelichting die u vraagt. Mijnheer Drost, u heeft als laatste het woord. GroenLinks. De heer Drost: Dank u. Ik zou het gewoon een technische vragenronde noemen, maar ik geef u helemaal gelijk, voorzitter. Voorzitter, wat GroenLinks betreft is dit een heel groen en links verhaal. Hier komt duidelijk de ambitie van dit college goed in terug. Gaat het over het bijbouwen in de stad, gelukkig hebben we die stadsranden. Er komt extra fte bij, die hebben we vrijgemaakt in de begroting, die gaan we behandelen in de commissie bestuur om ook die ambities te versnellen. Via de impulsaanvraag is er ook extra geld natuurlijk binnengekomen, dus het is volle kracht die woningen neerzetten. Ik zou nog een aantal punten willen benoemen. Het wonen boven winkels, de wijkraad begon er net ook over. Wat GroenLinks betreft is dat ook wonen tussen winkels, dat heb ik al meerdere keren in deze commissie ook gezegd. Er is wat onduidelijkheid bij de wijkraden wat bij ons leeft, het idee dat dat plan van aanpak voor dat wonen boven winkels dit jaar langskomt, dus die transformatie van die winkels.
Graag even nog daar wat meer uitleg over, hoe dat precies zit. Goed ook dat die gemengde woonvormen goed erin terugkomen. Als laatste punt, dat is meer het groene deel, de richtlijn duurzaam bouwen gaan we aanscherpen, daar gaat GroenLinks echt voor dit jaar, die pakken we graag beet. Tot zover. De voorzitter: U heeft een interruptie van mijnheer Van Leeuwen. De heer Van Leeuwen: Voorzitter, dank u wel. Ik hoor de heer Drost het erg met u als voorzitter eens zijn, maar mijnheer Drost, bent u het niet met de Actiepartij eens dat de uitstekende vraag van mevrouw Eckhard, die niet voor het eerst gesteld wordt, die we al jaren vragen – een correcte weergave van de cijfers – dat we dat een keer politiek beantwoord gaan krijgen in plaats van technisch weer op een sheetje en dan maar weer eens zien hoe het politiek uitpakt. Ik vind dat u eigenlijk mevrouw Eckhard nogal tekortdoet. De heer Drost: Volgens mij technisch is: hoeveel het is. Misschien dat u het allemaal anders ziet, maar ik zie het op pagina 10 van de woonvisie heel duidelijk staan. Dus bij mij is daar geen onduidelijkheid over en volgens mij, het politieke deel is de keuze: waarom en waar en voor wie. Daar zou ik met u een discussie over willen voeren. Ik hoor steeds terugkomen hoeveel het nou is. Ik vind dat persoonlijk wat zonde van de debattijd. Daarom zeg ik: volgens mij kun je dat beter technisch uitvragen.
23
De voorzitter: Dank u wel. De heer Van Leeuwen: Dat was de vraag niet. De voorzitter: Iedereen heeft het woord kunnen voeren. Dan is het woord nu aan wethouder Meijs, gaat uw gang. Wethouder Meijs: Dank u wel, voorzitter. Ik zal als eerste even antwoord geven op de inspraak van de wijkraden, want daar is ook door de verschillende politieke partijen aan gerefereerd. We hebben de wijkraden – net zoals iedereen in Haarlem – kennis laten nemen van de conceptvisie en hun inspraak daarop gezien en die nemen wij ook mee. Zij worden bij alle uitwerkingen, zodra wij in de stadsdelen aan ontwikkelzones beginnen of welke bouwplannen dan ook, worden zij daar natuurlijk wel in gekend en hebben we ze ook keihard nodig om hun reacties voor de uitvoeringsplannen daarvan. Dus het is niet zo dat we ze buitenspel hebben willen zetten. Dus daarop mijn reactie en hoop ik dat ze zich gehoord voelen en dat we zeker naar hun luisteren. De PvdA kondigt aan dat zij een motie, of geeft ons eerst een compliment in reactie op de conceptvisie. Doet ook een compliment over het behaalde aantal, over 10.000. Het is net al gerefereerd door mevrouw Eckhard van de SP: welke getallen moet ik nu nemen? Voordat we hier denk ik in een hele technische verhandeling terechtkomen over welk aantal nu bedoeld wordt, het is precies zoals de heer Drost dat zegt: op bladzijde 10 kunt u dat lezen.
Dat ligt er maar aan welk vertrekpunt u neemt, want u begint uw rekenexercitie op 2016, er zijn mensen die beginnen bij 2018. Moeten we eindigen op 2025 of 2030? Ik denk dat het van groter belang is te realiseren dat wij een streven hebben zoals het in het coalitieakkoord is opgenomen en dat we ernaar streven om zo veel mogelijk te bouwen, daar waar het kan. We mogen inderdaad zeggen dat het ambitieus is, maar we hebben veel plancapaciteit nu uitstaan en er staan ook vele plannen op de nominatie om uitgevoerd te worden. We hebben recent een tweede impuls aan voor de bouw gehonoreerd gezien, dat heeft u ook in de krant gezien, maar ook in de mededelingen. Dus ja, wij gaan nog steeds onze plannen uitbreiden en onze bouwplannen kunnen met enige versnelling zelfs plaatsvinden met deze miljoenensteun. De voorzitter: U heeft een interruptie van mevrouw Eckhard, SP. Mevrouw Eckhard: Dank u. Mevrouw Meijs, kunt u gewoon zorgen dat die papieren die wij krijgen, dat daar gewoon de cijfers in kloppen? Zodat ik deze technische vragen niet allemaal hoef te stellen. Of ik dat nou technisch uitvraag of hier uitvraag, als u zorgt dat er gewoon goede cijfers liggen dan hoef ik dit allemaal niet te doen.
Wethouder Meijs: Volgens mij heeft u in uw bijlage – maar ik ben zeker bereid om nog een keer toe te lichten, als dat nodig is, in een technische sessie – maar in de bijlage echt zijn volgens mij hele duidelijke cijfers weergegeven over die aantallen en de getallen. Dus ik vind het zonde om daar nu nog langer bij stil te staan. De PvdA refereert aan de leegstandverordening, ik zou daar geen prioriteit aan geven. Het is alleen nog maar weer meer regelgeving, extra regelgeving. Op dit moment is er geen constatering van grote leegstand, behalve de leegstand inderdaad in de winkelstraten, maar daar komen we met de afdeling Economie nog over te spreken met elkaar. Ik heb onlangs – eigenlijk alweer een tijd geleden – met wethouder Berkhout daarover gesproken, dus daar is wel iets voor in de maak. Uw vakantieverhuur voor het centrum die ken ik. Het is aan de raad natuurlijk om dat amendement te steunen of niet, maar dat hoort eigenlijk eerder thuis bij de huisvestingsverordening dan hier bij de woonvisie. Dan vraagt OPH over de opname van levensloopbestendig bouwen, dat is volgens mij een onderdeel, dat hebben we hier duidelijk in opgenomen, want ook wij zien daar zeker de toekomst in. Begin nu alvast met drempelloos bouwen en bredere voorzieningen in huis, zodat
24
mensen ook wat langer zelfstandig kunnen blijven wonen. U verbaast zich over het concept waar vele fouten in staan. Daarom is het volgens mij ook een concept en we trekken het ons natuurlijk aan als er een verkeerde grafiek en verkeerde cijfers in staan, dus vandaar dat we daar blij mee zijn, dat daar een reflectie op geweest is. Trots Haarlem refereert aan de tiny houses. Volgens mij, bij locaties zoals bij de Zwemmerslaan, dat zijn tijdelijke voorzieningen en we zijn ons daar zeker van bewust, dat zijn ook de mensen die daar die tiny houses bewonen, dat dat tijdelijke voorzieningen zijn, dus dat zij daar op termijn weg moeten en elders gehuisvest moeten worden. Volgens mij hebben we – Trots refereert aan het woonsplitsen – daar hebben we ook uitgebreid al eerder met de commissie over gesproken. U vraagt over de woonwagens en dat had de ChristenUnie ook als vraag, die heb ik volgens mij al toegezegd, dat wij daar in april met elkaar met de conceptnota zullen komen met u. Dat is in overleg met woonwagenbewoners – op een enkel punt na, geloof ik – al klaar, dat concept, dus dat komt zo spoedig mogelijk naar u toe. De Actiepartij vraagt over de alternatieve concepten, dat we daar nu pas mee beginnen. Nou, dat is geen kwestie van nu pas beginnen, daar zijn wij al langer mee bezig. We kennen al geruime tijd andere woonconcepten en gaan we alleen nog maar meer naar kijken.
Volgens mij heeft u onlangs ook besproken, zoals het concept van Sint Jacob in Boerhavewijk, daar komen ook weer andere alternatieve woonconcepten aan bod. We hebben net New Harlem opgeleverd, dat zijn ook alternatieve woonconcepten. Wij blijven daarover in gesprek met u. Ook de transformatie van kantoren houden we u van op de hoogte. We hebben volgens mij onlangs in Schalkwijk een kantoor getransformeerd en zijn daar nu mee bezig met het Fluorkantoor te transformeren naar woningen. Ook daarover leveren we natuurlijk u de cijfers en gaan we ook met u, niet alleen in deze woonvisie, maar ook straks bij de commissie Samenleving over leefbaarheid en bereikbaarheid in de wijken ook voortdurend met elkaar over in gesprek. Dat is zeker niet iets wat uit het oog wordt verloren, zeker niet door deze wethouder, want het bouwen aan een stad is meer dan alleen maar het stapelen van stenen, je moet ook vooral goed kijken naar de voorzieningen. We hebben opgenomen dat in alle nieuwbouwprojecten of grote ontwikkelprojecten de 15 procent sociaal, maatschappelijke of cultureel bestemming moet plaatsvinden, dus dat is in de openbare ruimte toch echt wel iets wat we meenemen. Even zo goed kijken we altijd bij elk project naar de bereikbaarheid en de parkeernormen. Daar zit u altijd bij om dat te controleren of te bespreken met elkaar. De voorzitter: U heeft twee interrupties.
Eén van mijnheer Rijbroek, Trots Haarlem. De heer Rijbroek: Ja. De voorzitter: Mijnheer Rijbroek, met camera graag. Nee? Dan mijnheer Van Leeuwen, interruptie. Mijnheer Rijbroek, gaat uw gang. De heer Rijbroek: Hij blijft hangen. De voorzitter: Het gaat goed zo. De heer Rijbroek: Ik dacht mij te herinneren dat aan het begin van deze avond in reactie op de woonwagennota zullen we maar typeren, van de heer Slik van ChristenUnie, dat die maart, dus komende week of die week erop wordt beloofd. Nu hoor ik u zeggen: april. Wethouder Meijs: Ja. De heer Rijbroek: Klopt dat?
25
Wethouder Meijs: Ja, dat klopt. De voorzitter: Dank u wel. De heer …: Ja, dat klopt. De voorzitter: Dat klopt. De heer Rijbroek: Wat gaat u nu doen dan? De voorzitter: Ja, mevrouw Meijs zegt nu april. Mijnheer Van Leeuwen, u had een interruptie. De heer Van Leeuwen: Dank u wel. Ik heb de wethouder gehoord, maar ik heb haar helemaal niet gezegd dat ze pas nu begint met andere woonvormen, want die heb ik ook gezien. Ik heb geconstateerd dat ze aangeeft een overlegplatform op te stellen en ik heb haar gevraagd: zou ze niet met haar collega Botter over het bestaande vastgoed willen praten? Dat was de eerste vraag, daar ging ze niet op in. Inderdaad, transformatie gebeurt ook, maar alleen: u geeft aan op pagina 14 dat u eigenlijk niet goed inzicht kunt geven in die toevoegingen in die bestaande bouw, terwijl dat gewoon volgens mij binnen het apparaat is op te vragen. Het derde punt, de nadelige effecten van de toevoeging in de bestaande wijken. Ik vroeg u of u die nadelige effecten, met name parkeren, maar ook de leefbaarheid, meeneemt, want u gaat alleen maar in op de voorzieningen in het stuk, de voorzieningen moeten op peil blijven. Dus drie keer een vraag en drie keer een antwoord wat er niet zoveel mee te maken had, dat was mijn indruk. De voorzitter: Mevrouw Meijs.
Wethouder Meijs: Mijn excuus als u het idee heeft dat ik u niet bedien, maar dan heb ik dat verkeerd begrepen over die nieuwe woonconcepten. Ik ga voortdurend in overleg met mijn collega Botter als het gaat over vastgoed. Als het vrijkomend vastgoed is komt het altijd eerst bij alle afdelingen langs om te kijken of wij daar alternatieve woonvormen in kunnen plaatsen. Volgens mij heeft u daar de heer Botter onlangs ook al iets over horen zeggen in de rondvraag, als het gaat bijvoorbeeld over de Kampersingel of over projecten in Schalkwijk. Dus wij hebben daar zeker met elkaar voortdurend overleg over. Het toevoegen, het transformeren, volgens mij heb ik dat net aan u uitgelegd, dat wij aan die toevoegingen daar ook met u voortdurend over in conclaaf zijn als wij daar ons vastgoed transformeren van kantoren naar woonvormen. Over de openbare ruimte: ja, uiteraard, de leefbaarheid in de openbare ruimte is ook een aandachtspunt, ook voor dit college. Dus dat wordt ook altijd meegenomen in de ontwikkelzones of in de te ontwikkelen gebieden. Daarover hebben wij hier in de woonvisie … De heer Van Leeuwen: Voorzitter? Mevrouw Meijs: … al gezegd. De voorzitter: Mijnheer Van Leeuwen, graag via de chat, graag. Ik geef u nu het woord, maar graag via de chat. De heer Van Leeuwen: Hij stond nog open, maar bij deze, voorzitter.
Ik wil de wethouder graag begrijpen, maar ze schrijft zelf op pagina 14 dat ze het inzicht niet kan geven en dat ze daaraan moet werken. Mijn vraag is: is het zo moeilijk om dat inzicht, wat aan de hand van de aangevraagde bouwvergunningen gewoon op het stadhuis aanwezig is, dan kun je toch laten zien wat je toevoegt? Dan hoef je toch niet op te schrijven dat dat
26
niet lukt? Want dat lukt dan toch gewoon, dan staat er toch iets wat niet klopt? Of begrijpen we elkaar nu verkeerd? Mevrouw Meijs: Ik denk dat we elkaar verkeerd begrijpen, want volgens mij vraagt u nu iets technisch uit om u op de hoogte te houden van de toevoegingen. Als ik daar u schriftelijk over kan informeren dan lijkt me dat alleen maar prettig, want dan weten we waar we het over hebben en dat ik u goed versta. D66 vraagt over de woningcorporaties en de aandacht die zij bij de inspraak hebben gedaan over de complexiteit soms van bepaalde doelgroepen. Wij hebben enige tijd geleden het Pact van Uitstroom ondertekend als gemeentes onderling en ook met de woningcorporaties, maar ook met de zorgpartijen, en hebben met elkaar afgesproken dat wij daar ook een woon-zorg-agenda over op zullen stellen, want ook dat heeft onze aandacht natuurlijk, dat er geen concentraties van bijzondere doelgroepen in bepaalde wijken zijn. Als die er al zijn, dat dat soms tot spanningen kan leiden, maar daar hebben wij zeker overleg over met elkaar. Ik begrijp ook de zorg die de woningcorporaties heeft, dat er voldoende begeleiding moet zijn voor de mensen die uitstromen. U bedankt het ambtelijk apparaat voor de ondersteuning, die complimenten zal ik doorgeven.
U vraagt vervolgens op de inspraak van de woningcorporaties of wij als gemeente actief zijn naar anderen voor de sociale huurwoning of voor de uitwerking en de ontwikkeling van de huurwoningen. Daar zijn zij natuurlijk de eerste partij in, daar hebben we prestatieafspraken met drie woningcorporaties, Elan, Pré en – ik mis er één – Ymere, sorry. Maar zij zijn natuurlijk de eerste partijen die aan tafel zitten als wij het hebben over het ontwikkelen van sociale huurwoningen. Maar soms dienen zich ook andere partijen aan en soms heeft ook een ontwikkelaar daar ideeën over, dus die sluiten wij niet uit. Maar zij zijn de eerste partijen. Even kijken. De ChristenUnie had een vraag over de woonwagens. Ik bevestig hier nogmaals even, want als ik een andere maand heb genoemd dan mijn excuus, maar het streven is om het concept wat we nu met de woonwagenbewoners hebben afgesproken op 1 april bij de commissie te hebben liggen. Dus dan kunnen we dat met u bespreken. Dan, Jouw Haarlem vroeg ook over de leefbaarheid op pagina 6. Daar heb ik net al uitgebreid op geantwoord bij Actiepartij, ook daarover zijn wij met elkaar in gesprek, het Project Lelie kent u nu natuurlijk. Dat rollen wij niet uit over de hele stad, maar mensen kunnen wel gebruikmaken van de inzichten die wij daar hebben en de capaciteit die we daar hebben.
U vraagt ook over de leefbaarheid om de zorgen die de woningcorporaties hebben, daar heb ik net al wat over toegelicht. U vraagt ook over het binnenstedelijk bouwen en mijn visie op het buitenstedelijk bouwen. Wij hebben inderdaad twee uitzonderingen daar volgens mij nu, dat gaat over Domus Plus en de Skaeve Huse, maar daar zit echt een maatschappelijke visie achter, om die op een plek buiten het centrum nu te gaan plaatsen. We hebben al veel binnenstedelijke voorzieningen op dat punt en wij vragen de raad om toestemming om daar juist in de buitengebieden te kunnen gaan bouwen. Dan de vraag van mevrouw Eckhard nog even over de onduidelijkheid die er bij haar is over de cijfers. Soms gaat het over de zachte cijfers, soms gaat het over de harde cijfers. Ik vraag u nogmaals goed te kijken naar de bijlage, echt, waar volgens mij een goede uitleg is gegeven. GroenLinks heeft het over de complimenten, een groene en sociale woonvisie. We hebben het natuurlijk niet alleen maar over groen en sociaal, maar ook over beschikbaarheid, betaalbaarheid, de duurzaamheid. Er zijn vele items, maar hartelijk dank voor de complimenten en we vertalen natuurlijk ons coalitieakkoord in deze woonvisie. U refereert nogmaals aan de impulsgelden. Daar heeft de heer Roduner volgens mij u al over ingelicht, dat ook de tweede aanvraag gehonoreerd is.
Dus daarmee hebben wij een grote subsidiepot binnengekregen om ons bouwen te kunnen gaan versnellen. Dat was het volgens mij. De voorzitter: Ik wilde net vragen of u wilde afronden. Zijn er nog mensen die een tweede termijn willen? De heer Aynan: Voorzitter?
27
De voorzitter: Mijnheer Aynan. De heer Aynan: Niet van mijn tijd, want er zijn heel veel vragen blijven liggen. De voorzitter: Er zijn heel veel vragen blijven liggen. Mevrouw Meijs heeft wel uitgebreid de tijd genomen. Mevrouw Meijs: Ja. De heer Aynan: Dat zegt niks, hè? De voorzitter: Zegt u het maar. Kort. De heer Aynan: Daar gaan we weer. De leefbaarheid nu aanpakken, heb ik geen antwoord op gekregen. Ik heb geen antwoord gekregen op de inschrijfmogelijkheid vanaf 16 jaar, ik heb geen antwoord gekregen op een doorstroommakelaar voor 55-plussers die een eengezinswoning achterlaten. Ik heb geen antwoord gekregen op gentrification. Ik heb geen antwoord gekregen op SROI in stageplekken voor bouwers, voorzitter. De voorzitter: Dank u wel. Mevrouw Meijs. Mevrouw Meijs: Ja, het klopt dat ik u geen antwoord heb gegeven over de sociaal makelaar of de makelaar die zou moeten stimuleren tot doorstroming. Ik heb u al gezegd dat wij binnen de Woonservice daar ook aandacht voor hebben. U vraagt voor de inschrijfduur voor verlagen naar 16 jaar. Volgens mij hebben we daar ook al eerder met elkaar over gesproken, maar volgens mij is dat ook wettelijk een onmogelijkheid. De derde vraag ging over de leefbaarheid … De heer Aynan: In Den Bosch gebeurt het al.
Mevrouw Meijs: De leefbaarheid en gentrification, vooral een probleem waar sociale huur verdwijnt, maar dat gebeurt volgens mij nog steeds hier steeds minder, dus is dat volgens mij niet aan de orde hier. De voorzitter: Dank u wel. Is er verder behoefte aan een tweede termijn? De heer Aynan: SROI, voorzitter. De voorzitter: Mevrouw Meijs. Mevrouw Meijs: Stageplaatsen. De heer Aynan: En het inzetten van SROI. Mevrouw Meijs: Ja, die zal ik meenemen. De voorzitter: Is er behoefte aan een tweede termijn? Geen behoefte aan een tweede termijn. Dan wil ik graag weten hoe dit stuk naar de raad mag. De heer Aynan: Minimaal als bespreekpunt. De voorzitter: Ja, ik heb moties. Ja, u mag het in de chat zeggen. Maar dan wordt het een bespreekpunt. We zijn weer bijna een uur aan het vergaderen, ik wil voorstellen om weer 5 minuten kort te pauzeren en gaan we
28
over naar de spreektijd voor belangstellenden. Het is nu 21:01 uur, dan gaan we om 21:06 uur weer verder. Dank u wel, de vergadering is geschorst. Schorsing De voorzitter: Dan heropen ik de vergadering. Overige punten ter bespreking 8.
21.10 Spreektijd voor belangstellenden (over niet op de agenda staande onderwerpen) De voorzitter: Dan beginnen we met de spreektijd voor belangstellenden. Mijnheer Brunner namens het Platform Groen heeft zich aangemeld over de pilot ‘Natuurinclusief bouwen’. Mijnheer Brunner, u bent ook inmiddels in beeld. Ik weet niet of u bekend bent met inspreken in de commissie, maar als u straks begint met praten heeft u drie minuten om uw verhaal met de raadsleden te delen. Gaat uw gang. De heer Brunner: Voorzitter, geachte raadsleden, ik hoop dat u mij kunt verstaan. Ik spreek dus inderdaad hier in namens het Platform Groen. De voorzitter: Het gaat helemaal goed, hoor. Gaat u verder. De heer Brunner: Oké. Omdat ik hoor van de andere kant ook nog wat, dus dat is even verstoring. Het Platform Groen verzoekt u dringend om nu echt werk te maken van natuurinclusief bouwen in de grote Haarlemse bouwopgave. Wat is er aan de hand? De voorzitter: U heeft misschien ook nog uw laptop aan staan en dan kan het zijn dat u dingen dubbel hoort. De heer Brunner: Dat klopt, dat is inderdaad het probleem. Dat zie ik nu, dat dat niet goed werkt. Mijn excuses daarvoor. Ik wist niet hoe dat werkte, ik moest natuurlijk zien wat er gebeurt in de vergadering. Dat is nu weg. Wat is er aan de hand? Haarlem wil en moet vele duizenden woningen bouwen, vaak in grote dichtheden.
Willen we voorkomen dat de nieuwe bouwlocaties ecologische woestijnen worden, is er maar één oplossingsrichting: natuurinclusief bouwen. De ervaring die daarmee is opgedaan leert: elk bouwplan is weer anders. Maar in vrijwel elk bouwplan kunnen zonder grote problemen maatregelen worden getroffen ten gunste van natuur. Anders gezegd: natuurinclusief bouwen kan en is een must. Als wij met bouwers en ontwikkelaars praten blijkt telkens weer dat er best veel bereidheid bestaat om natuurinclusieve maatregelen mee te nemen in bouwplannen. Waarom gebeurt er dan in Haarlem zo weinig op dit gebied? Terwijl we er al 5 jaar over praten, terwijl uw raad in 2019 in grote meerderheid een motie heeft aangenomen en terwijl diverse andere steden allang beleid op dit gebied hebben ontwikkeld. U moet ons niet verkeerd begrijpen, het Platform Groen is niet tegen de pilot die het college wil doen. Ons grote bezwaar is echter: zo’n pilot duurt – inclusief evaluatie – minstens één à anderhalf jaar. Al die tijd dreigt er in talloze andere Haarlemse bouwprojecten weer niets te gebeuren. Het Platform adviseert u daarom om niet akkoord te gaan met deze werkwijze. Uitvoering van de pilot is prima, maar praat ondertussen in alle lopende bouwprojecten met bouwers en ontwikkelaars over de wens van uw raad om natuurinclusieve maatregelen toe te passen.
Dat is weliswaar nog vrijblijvend, maar zal ongetwijfeld eerste resultaten opleveren. Start daarnaast ook in de Waterpolder praktijkproeven voor de daar geldende opgaven, conform het gesloten convenant. Kortom, kom nu al in actie zover het kan en maak na evaluatie van de pilot de keuze of Haarlem wil overstappen op een meer ambitieus en minder vrijblijvende werkwijze. Ik dank u voor uw aandacht.
29
De voorzitter: Dank u wel, mede namens de commissie. Zijn er vragen? Mijnheer Drost, GroenLinks. De heer Drost: Dank, voorzitter. Dank dat u de moeite heeft genomen om te komen inspreken, heer Brunner. Ik was benieuwd: heeft u meegekregen dat we het onderwerp hebben geagendeerd aan het begin van de vergadering? Dus dat we hier nog verder over gaan praten, snel, een eerstkomende commissie? De heer Brunner: Nee, dat was mij niet bekend. Dus ik heb het begin van de vergadering gemist, want ik hoefde pas nu aan te sluiten. De heer Drost: Groot gelijk geef ik u, maar dan bij deze. De heer Brunner: Oké, dank u wel. De voorzitter: Dank u wel. Zijn er nog meer vragen of opmerkingen voor mijnheer Brunner? Want anders wil ik u inderdaad namens de hele commissie danken voor de moeite die u heeft genomen vanavond en u uitnodigen verder de vergadering te volgen online. Dan hartelijk dank voor uw aanwezigheid vanavond. De heer Brunner: Ik kom, geloof ik, nog een keer terug binnenkort ‘…’. De voorzitter: Dat mag, dat mag. 9.
21.25 uur Concept Stedenbouwkundig Programma van Eisen knooppunt Haarlem Nieuw-Zuid ter inzage leggen (FR) De voorzitter: Wij vervolgen de agenda vanavond met agendapunt 9. Dat gaat over het Concept Stedenbouwkundig Programma van Eisen, knooppunt Haarlem-Zuid, dat ter inzage gelegd gaat worden. Het college besluit dus dat Stedenbouwkundig Programma van Eisen ter inzage te leggen. Even kijken. De bespreking leidt in dit stadium niet tot aanpassing van het concept. De reacties worden tegelijk met de inspraakreacties betrokken bij het definitieve raadsvoorstel. Voordat we het gaan behandelen – en we hebben inderdaad mijnheer Brunner, die komt nog een keer inspreken – heeft mijnheer Roduner nog een mededeling voor de commissie. Wethouder Roduner: Dank u wel, voorzitter. Wethouder Meijs zei het volgens mij net ook al: we hebben de impulsaanvraag binnengekregen voor Zuid-West, dus dat is het goede nieuws. Het slechte nieuws is dat Oostpoort helaas weer is afgewezen. Ik denk dat het nu in ieder geval goed is om u even te informeren dat wij ook weer in gesprek gaan … De voorzitter: Mijnheer Roduner? U bent niet goed te verstaan. Wethouder Roduner: Doe ik het even zo, voorzitter. De voorzitter: Ja, kunt u het overnieuw doen? Wethouder Roduner: Het goede nieuws is dat we de impulsaanvraag hebben binnengekregen voor Zuid-West. Het slechte nieuws is dat Oostpoort weer is afgewezen.
Ik wilde u in ieder geval even informeren dat wij ook binnenkort weer een gesprek zullen hebben met BZK wat de achterliggende reden is dat we zijn afgewezen. Het lijkt een andere reden te zijn dan in de eerste keer, dus dat verbaast ons ook wel. Ik denk dat het goed is dat we daar even met het ministerie over verder praten en dan zal ik u daarna informeren wat dat, ik zal u
30
daar denk ik nog even inhoudelijk over informeren. Want ik kan me voorstellen dat u daarin geïnteresseerd bent. De voorzitter: Dank u wel. En dan is mijnheer Brunner … O, o, o, er is even wat misgegaan. Mevrouw …: ‘…’ (buiten microfoon). De voorzitter: We wachten gewoon even. Mijnheer Brunner, dat was sneller dan verwacht. Daar bent u weer. Mijnheer Krouwels, ik kan u horen. Mijnheer Brunner, als u uw camera aan wil zetten, dan … De heer Brunner: De camera zou ook … De voorzitter: … u weet inmiddels hoe het werkt. U heeft weer drie minuten. Gaat uw gang. De heer Brunner: Is de camera niet aan? De voorzitter: We zien u nog niet. Daar kan soms even een vertraging in zitten, hoor. Dat het even duurt. De heer Brunner: Ja, dat is dan raar inderdaad, want ik kan er verder geloof ik niks aan veranderen. De voorzitter: Ja, kijk, daar komt u. Gaat uw gang, mijnheer. De heer Brunner: Daar ben ik dus nog een keer. Ik spreek opnieuw in namens het Platform Groen. Het Platform maakt zich ook nogal zorgen over de plannen voor Nieuw-Zuid, die u straks bespreekt. Ons belangrijkste punt: voor de meer dan tweeduizend nieuwe bewoners in dit gebied, is er straks, als we niet opletten, vrijwel geen gebruiksgroen. Het Platform acht dit in strijd met het beleid van uw raad en het college. Maar het plan toont toch, om het zo te zeggen, behoorlijk groene ambities. Op papier lijkt dat wel zo.
Het Platform heeft echter twee grote bedenkingen. Ten eerste, het groen dat in het SPVE is ingetekend bestaat vrijwel alleen uit verhardingen en smalle groenstroken met bomen langs de lawaaiige, drukke verkeerswegen. Bovendien veelal gelegen in de schaduw van de hoge gebouwen. Echt gebruiksgroen is er niet. Kinderen moeten echter buiten kunnen spelen, jongeren buiten kunnen sporten en volwassenen buiten kunnen zitten en elkaar ontmoeten, het liefst op een zonnige plek. Die ruimte wordt ze niet of nauwelijks geboden. Ten tweede is het zowel verkeerstechnisch als financieel zeer de vraag of dit deel van de Schipholweg daadwerkelijk zoveel kan worden versmald als de tekeningen het doen voorkomen. Temeer daar er ook nog een mobiliteitshub moet komen die juist weer extra verharding zal eisen. Het Platform denkt daarom dat dit SPVE een te rooskleurig beeld schetst van de toekomstige situatie. Wie is dan het kind van de rekening? Natuurlijk weer het toch al vrij schamele groen. Wat te doen? In ons advies hebben we diverse aanbevelingen gedaan. Ik vat ze kort samen in twee punten. A. Breng veel beter in beeld welke ruimte rond de nieuwe gebouwen daadwerkelijk beschikbaar gaan komen voor groen en hoe die optimaal te gebruiken voor gebruiksgroen, bomen en/of ecologie. Situeer daarbij de gebouwen zodanig dat er zoveel mogelijk aaneengesloten groen aan de zuidzijde overblijft. B.
Verken met voorrang de mogelijkheden om de sportvelden compacter in te richten en zorg dat de vrijkomende ruimte op zijn minst gedeeltelijk beschikbaar komt als extra openbaar gebruiksgroen voor de nieuwe bewoners. Het Platform Groen is van mening dat dit plan nog niet voldoende gerijpt is om een aanvaardbare woonkwaliteit te waarborgen met het dringend noodzakelijke groen voor de bewoners. Ik dank u voor uw aandacht. De voorzitter: Dank u wel. Ik zie één vraag vanuit de commissie, de heer Krouwels, D66.
31
De heer Krouwels: Dank u wel, voorzitter. Dank u wel, mijnheer Brunner, voor het inspreken. Dit is nog een plan in de maak, absoluut. Wij zien ook de risico’s die u aankaart. Ziet u ook een mogelijkheid om bijvoorbeeld bij de Noordschalkwijkerweg, om daar groen toe te voegen? Daar heeft de auto nu bijvoorbeeld een functie, dat het niet per se hoeft te liggen in het asfalt wat er nu ligt waar de auto’s nu rijden, maar ook gewoon naast dit plangebied. De heer Brunner: Dat zou mogelijk maar een smal strookje opleveren, dus zoveel kan dat niet zijn. Ik denk dat je dat hele gebied, vooral tussen de weg en het sportpark, met elkaar moet gaan bekijken. De rand van het sportpark, wat je daaraan kan doen om juist wel wat extra groen ook voor bewoners. Misschien moet er ook voor het sporten op de sportvelden wat anders gebeuren, dat zou ook kunnen, dat kunnen wij niet overzien, daar willen we ons ook niet in verdiepen. Maar dat is de vraag. Ons punt is gewoon dat er heel weinig gebruiksgroen beschikbaar is en ook niet of onvoldoende beschikbaar komt. De heer Krouwels: Dat was duidelijk, dank u wel. De voorzitter: Dank u wel. Zijn er verder nog vragen vanuit de commissie? Nee, dan wil ik u nogmaals hartelijk danken, mijnheer Brunner, voor uw aanwezigheid vanavond en verzoeken de vergadering verder online te volgen. De heer Brunner: Oké, ga ik doen. Dank u wel.
De voorzitter: Wellicht zien we u nog een keer terug. Ik geef als eerste het woord aan mijnheer Krouwels van D66. De heer Krouwels: Dank u wel, voorzitter. Allereerst wil D66 graag zeggen dat we blij zijn met het tempo waarin het programma van eisen op tafel ligt en we gaan akkoord met het openstellen van de inspraak. Haarlem, Haarlemmers, laat u alstublieft horen. Dit is een bijzonder groot programma dat sterk gaat bijdragen aan het woningbouwprogramma van Haarlem. 1400 woningen en veelal gericht op starters en op jongeren. 2 duimen omhoog wat betreft D66 Haarlem. Wij willen wel een paar punten meegeven … Mevrouw Eckhard: Voorzitter, ik heb een punt van orde. De voorzitter: Dank u wel. Mevrouw Eckhard. Ik dacht dat u dat in uw termijn wilde meegeven? Maar u mag het ook nu maken. Mevrouw Eckhard: Nee, want ik wil het agendapunt teruggeven aan de wethouder wegens het ontbreken van de groenparagraaf. Dus ik wil het nu gewoon helemaal niet behandelen, ik vind het niet behandelrijp. De heer Krouwels: En ik wil mijn beetje spreektijd terug, alstublieft. De voorzitter: Ja. Mevrouw Eckhard, maakt u even uw punt en dan zullen we kijken of daar draagvlak voor is in de commissie. Mevrouw Eckhard: Ik heb mijn punt nu een paar keer gemaakt: ik vind het niet behandelrijp. De voorzitter: Ja, u vindt het niet behandelrijp, dat was de toelichting.
Is de commissie daarmee akkoord? Niet behandelrijp van dit agendapunt wegens het ontbreken van een groenparagraaf. Of kan het gewoon de inspraak in?
32
De heer Drost: Een punt van orde, voorzitter. De voorzitter: Mijnheer Drost. De heer Drost: Volgens mij hebben we de agenda toch gewoon vastgesteld aan het begin van de vergadering? Mevrouw Eckhard: Ja, maar toen is het verwezen naar het andere agendapunt, dus dat gaan we niet terugverwijzen naar de agenda. Dan begin ik een beetje heen en weer gestuurd te worden. De heer Drost: Dat is wel het moment om dat te doen. Mevrouw Eckhard: Dat heb ik gedaan, mijnheer Drost. De voorzitter: Mevrouw Eckhard … De heer …: ‘…’ De voorzitter: Mevrouw Eckhard, het voorstel was omdat u het punt in uw termijn zou kunnen meenemen. Maar we kijken even wat … Mevrouw Eckhard: Voorzitter, sorry, ik begin nu echt een beetje boos te worden. De voorzitter: Dat is niet nodig, hoor. Mevrouw Eckhard: Ik heb aan het begin van de agenda gevraagd om het terug te nemen naar de wethouder. Toen wilde u het bij het agendapunt bespreken. Vervolgens krijg ik het woord niet en nu heb ik het woord en nu heb ik het verdorie eerder hadden moeten doen. Ik vind dit gewoon niet eerlijk. De voorzitter: Zo was het niet bedoeld, hoor. Ik heb gewoon een lijst met, iedereen krijgt het woord vanavond en er had zich een inspreker aangemeld, dus dat is ook belangrijk. Even kijken, we kijken even rustig wie er het woord wil hebben.
Ik zie alleen niet … Ik zie allerlei mensen punten van de orde maken, maar ik had gevraagd of er steun was voor het voorstel van de SP het punt van de agenda te halen. Daar mag u op reageren. De heer …: Voorzitter, van de orde. De voorzitter: Moment, moment, moment. Er zijn er meer van de orde en dan ga ik gewoon het rijtje af. Even kijken, de eerste. Liberaal Haarlem, mevrouw Otten. Heel kort, graag. Mevrouw Otten: Ik zou graag even een goede onderbouwing willen horen van mevrouw Eckhard, waarom ze het van de agenda wil halen. Ik vind dat ze die gelegenheid niet heeft gekregen. De voorzitter: Mevrouw Eckhard, wilt u het nog een keer toelichten? Volgens mij had u dat voldoende … Mevrouw Eckhard: Er ontbreekt een groenparagraaf. Er staat helemaal niets over groen geschreven in het stuk en ik wil gewoon dat het terugkomt, in de commissie besproken wordt, met groenparagraaf. Ik heb daar de vorige raadsvergadering een motie over ingediend, die is verzet naar de volgende raadsvergadering, maar ik wil dat bij alle stukken gewoon een groenparagraaf zit. Volgens mij heb ik daar ook voldoende steun voor.
33
De voorzitter: Oké. Mevrouw Eckhard: Volgens mij wil de hele raad dat eigenlijk. De voorzitter: Dank u wel. Mevrouw Eckhard: Elke keer krijgen we stukken zonder groenparagraaf. De voorzitter: Dan mijnheer Klaver, CDA. Mijnheer Klaver, CDA. De heer Klaver: Ja, ik had even een probleem met de microfoon, voorzitter. Kunt u mij horen? De voorzitter: Ja, hoor. De heer Klaver: Volgens mij ligt het stuk al ter inzage en kunnen wij er wat van vinden. De SP kan dus vinden en vele partijen kunnen het daarmee eens zijn dat het dus ontbreekt aan een groenparagraaf. Daar kan het college mee aan het werk en dat kan onderdeel uitmaken van de inspraak. Maar het stuk ligt ter inzage, dus het lijkt me niet handig om hem niet te behandelen. De voorzitter: Dank u wel. Mevrouw Van Zetten, Hart voor Haarlem. Mevrouw Van Zetten: Eerlijk gezegd, die plannen die hier voorliggen zijn nogal groot. Ik vind dat we weinig gelegenheid hebben gekregen om ze te bekijken. Wat dat betreft geef ik de SP gelijk, want de groenpagina ontbreekt. Wat mij betreft zou ik ook wel wat meer tijd willen hebben om één en ander te begrijpen, wat hier nu voorligt en steun ik in die zin ook het verzoek van de SP. De voorzitter: Dat is een andere reden die u geeft, ik wil erop wijzen dat er afgelopen maandag een technische sessie is geweest.
Zijn er nog meer mensen die een punt van de orde willen maken? Want dan zie ik toch geen … Mijnheer Krouwels, D66. De heer Krouwels: Ik wil mij helemaal aansluiten bij de heer Klaver. Als we het nu niet behandelen, dit is juist ter inzage leggen. Ik heb het ook in mijn bijdrage staan: ik steun het betoog van de mevrouw van de SP ontzettend, maar dit moeten we juist behandelen om een zorgvuldige keuze te maken. De voorzitter: Dank u wel. Dan heb ik nu alle reacties gezien en dan kunt u het ook nakijken, maar dan is er een meerderheid voor het behandelen van het voorstel vanavond. Mijnheer Krouwels, dan geef ik u verder het woord. De heer Krouwels: Dank u wel, voorzitter. Ik ga dan even opnieuw beginnen, want allereerst wil D66 Haarlem zeggen dat we blij zijn met het tempo dat bij dit programma van eisen op tafel ligt. We gaan akkoord met het openstellen van de inspraak. Haarlem, laat u ook hierover alstublieft horen, het is een bijzonder groot programma en dat gaat sterk bijdragen aan het woningbouwprogramma van Haarlem. 1400 woningen, veelal gericht op jongeren en op starters, 2 duimen omhoog van D66. Een paar punten die we mee willen geven aan het college binnen de SPVE. Allereerst is het ov-knooppunt wat in de maak is, er moeten nog keuzes gemaakt worden voor invulling van het knooppunt. Het succes van dit programma hangt direct samen met de keuzes die daarin worden gemaakt.
Wethouder, hoe ziet u dat? Gaan we eerst woningen bouwen en daarna ov realiseren? Zo ja, hoe houden we het autobezit dan laag? Eén van de plannen in dit programma van eisen is de Schipholweg 1, die hangt direct samen met de opties voor het ov-knooppunt wat nog op tafel ligt. Eén van die
34
opties is het ov laten rijden vanuit het oude Bruynzeel-gebouw richting het centrum en richting het noorden. Het is niet de voorkeursoptie, als ik de stukken lees van het ov-knooppunt, maar als we asfalt willen bezuinigen voor bijvoorbeeld groen dan is het wel een hele handige. Hoe dan ook, de Schipholweg blijft een hele belangrijke verkeersader voor Haarlem. We besluiten dus over meerdere stukken een beetje tegelijkertijd. Wethouder, hoe zorgen we ervoor dat we de balans tussen dit programma en het programma van het ov-knooppunt behouden en hoe zorgt u ervoor dat de Haarlemse raad uiteindelijk een weloverwogen besluit kan nemen over beiden? Dan wil ik wat zeggen over het groen, want bij de toevoeging van woningen komt ook een vraag voor de leefbaarheid van de omgeving en voor het groen. D66 Haarlem vindt ook dat de bijdrage van de inspreker hier echt wel op aansluit. Eén van onze ideeën is: heeft u gekeken naar de Noordschalkwijkerweg? Er ligt een heel mooi initiatief uit Schalkwijk Aan Zet van de heer Guido van de Wijgert over dit programma. Dat wordt nu ook uitgevoerd, dat heet ‘Relaxed aan het Spaarne’, maar dat had als beginpunt dat de Noordschalkwijkerweg wordt ingedeeld als een recreatiegebied waar de auto eventueel geen functie meer heeft.
Kan het college hier nog een keer naar kijken? Want dit stuk langs het Spaarne wordt zeker een belangrijk leefgebied voor de Haarlemmers die hier komen wonen. Tot slot, voorzitter, de zogenaamde plinten in het nieuwbouwproject. Dat zijn zeg maar de eerste verdiepingen in het zicht. Tijdens de technische sessie van afgelopen maandag zijn een aantal opties genoemd om die plinten te vullen. Genoemd zijn een apotheker, een snackbar, een kleine detailhandel ten gunste van de omgeving. Wat op zich wel een goed idee is, maar D66 Haarlem wil hier wel graag de detailhandelsvisie en de economische visie even in herinnering roepen. Wij hebben de ambitie uitgesproken om die functies voornamelijk te laten landen in de centrumgebieden en ik wil de Haarlemse ondernemers in ieder geval meegeven namens D66 Haarlem: wij zitten niet per se te wachten op te veel concurrentie voor hun, ook in deze barre tijden. Tot zover even, voorzitter. Dank u wel. De voorzitter: U heeft een interruptie van mijnheer Amand. Mijnheer Amand, gaat uw gang. De heer Krouwels: Ik hoor u … De voorzitter: Mijnheer Amand, uw microfoon staat niet aan. Mijnheer Amand, uw microfoon staat niet aan. Mijnheer Amand staat op en loopt weg. Dan gaan we toch … Mevrouw …: Nee, daar komt hij wel aan. De voorzitter: O, kijk eens, daar bent u. De heer Amand: ‘…’ De voorzitter: Ik kan u niet verstaan zo, mijnheer Amand.
Nee, ik … De heer Amand: ‘…’ De voorzitter: Dank u wel. Het was slecht te verstaan, mijnheer Amand. De heer Krouwels: Excuus voorzitter, ik kon het niet goed … De voorzitter: Nee, en ik weet niet, ik had ook niet het idee dat er direct een vraag voor D66 in zat. We gaan verder. Mijnheer Van Leeuwen, Actiepartij.
35
De heer Van Leeuwen: Ja, daar ben ik. Voorzitter, ik wil op twee punten ingaan: het stedenbouwkundige verhaal dat we hebben gekregen en de plot zelf. Stedenbouwkundig. Zoals ik destijds in de commissie heb aangegeven: het SPVE lijkt vooral ingegeven vanuit de wens van ontwikkelaars om snel te kunnen ontwikkelen. Daar is op zich niks mis mee, maar de gemeente doet zich wat ons betreft te kort door niet een duidelijkere set randvoorwaarden mee te geven, te beginnen met een heldere visie op de mobiliteit. Dus welke modaliteiten willen we faciliteren, waar komt de hub, wat is de intensiteit van die hub, welk functioneel programma hoort er dan bij? Dus meer de logica van de plek. Hoe realistisch is het nu om vanuit die logica een hoogwaardig verblijfsgebied te laten ontstaan tussen de gebouwen? Het is immers de hoofdontsluiting van de stad. Er wordt nauwelijks gesproken over de ligging aan het Spaarne, dat lijkt ons een relevante factor in het geheel, en de relatie van de hoogbouw ten opzichte van de toren bij de Mariastichting. De relatie met de Slachthuisbuurt is wat tegenstrijdig, enerzijds wordt de Hamelinkstraat volledig afgesloten door een plint, waarna er volgens de stadsarchitect nog een doorsteekje moet worden bedacht om die wijk te ontsluiten op de toekomstige hub. Dat zou wat ons betreft een basisontwerp in het stedenbouwkundig plan moeten zijn.
Al met al is Actiepartij van mening dat die hub misschien daar helemaal niet ontwikkeld kan worden als we nu nog niet weten waar dat moet gebeuren. Dan kan je misschien beter in Schalkwijk-Centrum een hub gaan bouwen. Dat zou in elk geval de plotontwikkelingen een stuk vereenvoudigen, want we geven nu architecten een plan mee en eisen mee, terwijl we niet weten of die hub links, rechts of in het midden komt te liggen. Dus dat is onlogisch. Dan de plot zelf. De Bruynzeel-plot, we vinden het hoofdaccent zoals eerder gezegd interessant, maar hoe hoog is dan hoog? Op zich kan een landmark aan het Spaarne best wel, maar zoals gezegd: de plint die eronder zit is wel heel erg breed. Ontwerp dan eens eerst die doorsteek. Dan de ontwikkellocatie van Rijkswaterstaat. Die kan wat ons betreft autonoom gelijk worden ingezet, dat is goed uitgedacht, stedenbouwkundig wordt aangesloten bij de gang die is al ingezet met de herontwikkeling van de Schipholweg. Het was een heldere presentatie, we krijgen door de slim gekozen beukmaten, zoals de architect stelde, woningen die je kunt koppelen, dus van klein naar groot. Al met al past dat prima in wat er nu staat.