02-13 Transcript commissie Beheer 13 februari 2025
Tekst van het document
16
daar is denk ik wel even gezegd: vanuit die situatie kijken we naar die uitgebreide rol die we daarin willen pakken, om dus niet weer een netwerkbedrijf te zijn, maar echt een volledig warmtebedrijf te zijn. En als het goed is zijn die risico's ook toegelicht, die je dan afvangt met die op dit moment met die uitvoerende partijen zoals Essent. Ik wil weer even ontstijgen op hoofdlijnen wat we hier aan het doen zijn, maar dat is denk even de duiding. We komen daar sowieso nog op terug in het kader van het warmteprogramma, bij het concept warmteprogramma, hoe we die grotere rol zien binnen de Warmtewet voor het Warmtebedrijf Haarlem. Dus daar komen we op terug. Ik wil nog even in reactie op de VVD, het is niet zo, hoe ik het meekrijg, hebben we een Raad van Toezicht, waar er een vanuit de gemeente zit, een vanuit Firan en een onafhankelijk. Dus die twee tegen een situatie waar u op doelde, herkennen wij niet. En ook werd er eventjes gesteld en dat is denk ik wel, dat herken ik wel, het beeld van warmtenetten in het land als het ware een negatieve associatie. Ik wil daar wel op wijzen dat dat met name commerciële warmtenetten zijn, die eenzijdig bijvoorbeeld vastrecht kunnen verhogen. En ik denk dat we hier de unieke kans hebben om met een publiek warmtebedrijf met nog geen voorgeschiedenis van commerciële warmtebedrijven, om die regie te pakken en dat te voorkomen.
En dat is denk ik de kans die we hier hebben in Haarlem, waar die misschien in veel andere gemeentes of steden even in de situatie zit zoals die zit. Het laatste punt, het budgetrecht van de raad, zoals door de VVD genoemd, heel terecht. Hoe doen we dat met financieringsconstructies door andere partijen? Ook genoemd. Ik denk dat het heel relevant is om zowel voorafgaand aan het concept warmteprogramma nog een technische sessie in te steken, waar we met name hier wat dieper op ingaan. Daar zal ook echt wat uitgebreider, Partij voor de Dieren had het ook graag nu gezien, maar daar zullen we echt even de diepte in duiken van in hoeverre kan je nou als je zo'n grote warmtekavel hebt en een warmtebedrijf die uiteindelijk dit rendabel moet maken binnen dat rendement oplossen? In hoeverre heb je financiering nodig? Daar is ook recent ook door Haarlem onderschreven een warmte bod richting het Rijk te gaan, wat we nodig hebben van het Rijk om hierin opschaling te realiseren. Tot slot, is de laatste kant, moet je ook kijken in hoeverre subsidies hierin moeten helpen. Dit is in een notendop de financiering. U kunt uw loop denk ik in de technische sessie in september. We willen met name ook in de nota helderder laten zien welke knoppen we aan kunnen draaien om dit mogelijk te maken, ook als het gaat om bijvoorbeeld garantstellingen. De voorzitter: Mijnheer Aerssens.
De heer Aerssens: Een verhelderende vraag. Dus het college doet geen financiële toezeggingen eenzijdig zonder de raad daarbij te betrekken? Wethouder Berkhout: Nu sowieso nog niet, want nu zitten we natuurlijk in het vaststellen van een warmteprogramma. Volgens mij geldt het zo, maar dan kunnen we de diepte in van de nota garantstellingen, als het uiteindelijk in lijn is met de kaders van de raad, dan heeft het college bevoegdheid om garantstellingen te doen. Is dat uit het niets, dan is het altijd een raadsbevoegdheid. Hoe dan ook, uw punt van waar zit die verdeling tussen budgetrecht et cetera, komt terug in de volgende fase. Ik ga eventjes door. Actiepartij gaf aan, actief informeren of communicatie naar uiteindelijk bewoners, als het gaat om voorzienbaarheid als je een investering doet, is denk ik heel wezenlijk. Dus dat is ook eigenlijk precies wat we hier aan het doen zijn. En uiteindelijk zal dat ook zijn, ook als je uiteindelijk dat instrument om tot aanwijs over te komen inzet. Met name gaat het in de eerste stap om het voornemen tot, dan wordt die voorzienbaarheid gecreëerd voor een buurt. Dus dan zeggen we van hier denken we dat uiteindelijk het warmtenet de oplossing is. Dan krijgt een buurt die informatie. Dan gaan we dat hele proces in. U heeft ook het stappenplan bij de nota kunnen zien.
Dan gaan we uiteindelijk ook met bewoners in gesprek, om tot zo'n uitvoeringsplan te komen. Daar is altijd de opt-out, hij kwam hier ook al over tafel, mogelijk. Je kan altijd je eigen oplossing kiezen. De heer Visser heeft misschien ook zelf wat bewijs net geleverd van als je een alternatief hebt, hoef je niet mee te doen aan het
17
collectieve warmtenet. En uiteindelijk ligt het in de geest van de omgevingsplannen. Uiteindelijk is het ook weer een raadsbevoegdheid over zo'n wijk aanwijzen. Vooral die voorzienbaarheid is heel belangrijk. Ik denk in relatie met GroenLinks, die communicatie die moeten we daaromheen op gaan tuigen. Dus dit is het systeem wat we neer gaan zetten. Uiteindelijk vraagt dit natuurlijk ook om duidelijkheid voor de Haarlemmers, in welke wijk ze wonen wat dat van hen vraagt. De voorzitter: Mijnheer Trompetter heeft nog een verduidelijkende vraag voor u. De heer Trompetter: Ik heb nog een korte vraag en moeten we dan denken aan maanden of jaren in de zin van de voor voorzienbaarheid? Dus wanneer die communicatie komt van over vier maanden komt bij u een warmtenet of over zoveel jaar. Wethouder Berkhout: In de nota staat 10 jaar, dus dat is iets meer dan wat maanden. We proberen echt ruimschoots natuurlijk die voorzienbaarheid in te bouwen. Echt lange tijd. GroenLinks, ik denk dat ik een aantal dingen al heb aangestipt. De financiële risico's, wanneer we daarop terugkomen. De communicatie, hoe belangrijk we dat vinden, maar moeten we wel even met elkaar het systeem helder hebben, de buurten helder hebben. We moeten natuurlijk ook de juiste informatie kunnen bieden. Dus wij komen daar zeker in het conceptprogramma verder op terug hoe we dat voor ons zien.
Dat is ook in lijn met het burgerberaadadvies, dus dat is ook heel herkenbaar. Het is wel nog eventjes zoeken. All-electric zegt u stimuleren. Wacht daar nou niet mee. Dat is soms wel eventjes zoeken, want Liander heeft ook een route die ze door de stad lopen om uiteindelijk het net te verzwaren. En ze moeten ook weten waar ze rekening mee moeten houden. Dus we hebben ook wel afstemming met elkaar te doen, voordat wij bij wijze spreken als gemeente zeggen: we gaan vol een campagne starten in deze wijk om all-electric te gaan, terwijl eigenlijk dat net het niet aankan en Liander pas over 10 jaar voorbijkomt om de trafohuisje te plaatsen. Dat zou buitengewoon onhandig zijn. Dus je hebt wel met elkaar af te stemmen. Gelukkig, het goede nieuws is, we stemmen ook ontzettend met elkaar af. Dat noemen we integraal programmeren. Ik denk dat dat ook de winst is van de ambitie die we al jaren hier uitstralen, van het voorwerk wat we in Haarlem doen. Partijen in de stad nemen ons heel serieus in hoe we dit samen moeten gaan uitvoeren. We staan allemaal aan de lat nu om onze programmering, of het de woningcorporatie is met hun installaties, of het Liander is met de uitrol van zijn verzwaringen, of dat wij het zijn met de keuze voor welke wijken, maar ook ons beheerterrein, wanneer de straten opengaan, om dat allemaal langs elkaar te leggen.
Dat is een opgave die we eigenlijk in het land, waar we de troepen op vooruit zijn, maar het is ook mega complex. Daar heeft dit ook alles mee te maken. De voorzitter: Ik zag nog een handje van meneer Amand. Ik wil wel zeggen: u heeft zo'n beetje alle vragen kunnen stellen, zeker met de technische sessie erbij. Als we ook nog vragen gaan stellen op andermans vragen, dan wordt het wel een gebed zonder einde. Mijnheer Amand, een verduidelijkende vraag. De heer Amand: Een korte vraag, voorzitter. Gaat de wethouder nu toch doorzetten met Liander, ook al die huisjes in de parken te zetten, in de plantsoenen? Zoals het in sommige buurten al gebeurt. De voorzitter: Wethouder Berkhout. Wethouder Berkhout: Mijnheer Amand, uiteindelijk, maar dat hebben we ook al duidelijk aan u gezegd, zullen hier 400 transformatorhuizen toch geplaatst moeten worden en daar moet zo goed mogelijk een plek voor worden gevonden, die ook past in de ondergrond. Dus dat is uiteindelijk het eerlijke verhaal. Die opgave is er in de stad. Die hebben we ook nodig, omdat die vraag ook toeneemt en anders loopt het ook gewoon vast met elkaar. Ik weet niet precies waar ze komen, maar ze zullen moeten komen in de stad en weet dat daar
18
zorgvuldig over nagedacht wordt. Dus dat u even zegt van zo daar worden mensen of ik weet niet precies welke toon u hierbij probeert over te brengen, dat daar niet zorgvuldig over nagedacht wordt. Een vriendelijke toon. Nou, dat vind ik ontzettend fijn om te horen. Dat scheelt dan weer, want het is niet makkelijk, maar dit is wel nodig. Ik ga wat sneller er doorheen. Even kijken. Ik denk voor Hart voor Haarlem ook heel erg belangrijk. We zijn ook erg afhankelijk van het Rijksbeleid en met name de wetgeving. Ik denk het is goed om te weten dat we inmiddels, één wet is er doorheen, de andere wet ligt nog voor, de Warmtewet. Wij denken wel, we wensen en daar hebben we ook een verzoek naar gedaan met het warmte bod of eerder al, we zoeken naar consequent Rijksoverheidsbeleid, maar we anticiperen wel alvast op de Warmtewet, om uiteindelijk maximaal invulling te kunnen geven aan die rol die gemeentes hierin hebben, om klaar te zijn als het Rijk die stap zet. Ik denk wel dat het heel precies dit halfjaar wat we nu pakken, is ook goed want het is ook in bewegingen. U gaf een aantal onderzoeken aan. De verkenner van CE Delft zegt ook wat we eigenlijk met de grote marktbedrijven Vattenfall en natuurlijk wat er moet gaan gebeuren.
Er is veel beweging en we bekijken dit en daarom hebben we het ook even tijd tussen nu en september, om te kijken hoe het zich uitkristalliseert, hoe we daarop moeten anticiperen. Maar voor nu moet eruitziet denken we dat dit de meest haalbare stappen zijn om nu ook als Haarlem verder in te zetten. De voorzitter: Nog een vraag, mevrouw Van Zetten? Mevrouw Van Zetten: Vindt u dan niet dat er door de overheid een duidelijke keus moet worden gemaakt tussen inderdaad een warmtenet of warmtepompen in verband met subsidies? Dat er nu gewoon geen richting is en dat er heel veel geld verspild wordt? Wethouder Berkhout: Op allerlei vlakken denk ik dat duidelijkheid nodig is. We zien allerlei … Dus in het warmte bod. Ik denk dat dat ook toegestuurd is, hebben we een aantal wensen bij het Rijk neergelegd, hoe we van incidentele financiering naar structurele financiering moeten komen, maar ook hoe er uiteindelijk duidelijkheid geboden moet worden, ook naar particulieren. Ook misschien wel wat de heer Visser zei van als het maar op deze manier doorgaat, slaat dat ook gaten in businesscases van warmtenetten. Dus het is ook kwetsbaar, als we daar niet heel eenduidig in zijn. Het is wel een beweging, dus we zien die bij het Rijk ook, die zullen daar het komend halfjaar ook op moeten acteren. Dit is in ieder geval hoe wij daarop anticiperen als Haarlem.
We komen daar natuurlijk in september op terug en ik hoorde even uw zorgen specifiek over Zuiderhout. Ik kan nog wel even kijken, ook richting het concept warmteprogramma, of we daar nog eens in kunnen duiken. Wat ik nu meekreeg, is het luistert ook ontzettend nauw. Beide zijn lastig in deze wijk. Zowel de individuele als de collectieve oplossing. Dus daarom zie je eigenlijk dat dat een eerder onderzoek dan zegt: het zou net wel collectief kunnen worden en de ander zegt weer het wordt … Dus dat is lastig, denk ik, voor bewoners ook in een wijk. Ik denk dat we dit ook voor nu even moeten meenemen richting het concept warmteprogramma. Hoe we daar dan wel duidelijkheid bieden aan een wijk zoals Zuiderhout. D66 gaf een aantal punten. Geothermie is natuurlijk heel relevant. Net ook al genoemd. Grote kanshebber. We hebben in ieder geval wel wat onderzoeken de afgelopen jaren gedaan, die laten zien dat die potentie in de ondergrond zit. Nu is het nog eventjes, het vraagt een fikse investering en eigenlijk moet je gegarandeerd daar meteen mee aan de slag gaan. Wij denken dat dit het vehikel, de entiteit, kan worden die dat kan gaan doen. Dus dat belooft veel in de toekomst, hoop ik. OPHaarlem tot slot. Ik denk dat u een goed punt maakte als het gaat om de medezeggenschap van gebruikers van warmtenetten.
Dus dat is er eentje die ik een waardevolle suggestie vind om wat verder uit te werken richting het concept warmteprogramma. In welke vorm … Ik kreeg ook mee, in Denemarken lopen ze al jaren op ons vooruit als het gaat om warmtenet en daar kennen ze dit construct ook. Dus we gaan even echt serieus kijken in hoeverre dat een rol kan spelen, om toch ook dat draagvlak of eigenaarschap in buurten meer vorm te geven. Dus dank voor die suggestie. Verder gaf u aan: let eventjes op
19
het isoleren bij woningcorporaties. Weet dat daar wel hard aan wordt gewerkt. De EFG- labels, echt de lage labels, daar zijn ze nu echt hard mee aan de slag. Dat staat ook in de prestatieafspraken. Ik hoop dat iedereen het ook in de stad ziet her en der dat de woningen worden aangepakt. Dus daar werken ze gelukkig hard aan. En dat helpt ook. De voorzitter: Mevrouw Jacobsz, u mag een vraag stellen aan de wethouder. Mevrouw Jacobsz: Isoleren, want in de praktijk blijkt toch ook wel dat er dan dubbelglas wordt vangen door HR plus-plus glas bijvoorbeeld. Alleen dan vergeet men de kozijnen bijvoorbeeld aan te pakken, zodat dat hele isoleer-verhaal dan toch weer tenietgedaan wordt. Dus vandaar mijn opmerking, dat daar echt goed naar gekeken wordt. Wethouder Berkhout: Dat zal ik meenemen. Weet in ieder geval dat er dat er flink wordt geïsoleerd op dit moment. Hoe dat precies uitpakt, laat ik even uitzoeken. Dan tot slot, ChristenUnie. Ik denk ook dat het goed is die feedback die u aangeeft van aan de ene kant heb ik het afwegingskader, aan de andere kant heb ik de kaart, hoe verhoudt zich dat tot elkaar? Wie maakt dan uiteindelijk de afweging voor die kleur? Terwijl buurten of misschien wel clusters binnen die buurten weer duidelijk kunnen verschillen van een andere. Volgens mij gaf u zelf ook al de twee smaken die altijd binnen zo'n collectieve kleur dan weer kunnen verschillen.
Dat is de opt-out, de individuele oplossing kan altijd anders zijn dan de collectieve oplossing, maar ook die PvdD eigenlijk wel aangaf, de kleinschalige collectieve en dat was misschien uw laatste punt, het zonnewarmtenet is natuurlijk een kleinschalig collectieve. En ik vind dat ook een parel, laat dat duidelijk zijn. Dus als die onvoldoende in deze nota kwam, dan moeten we dat in het conceptprogramma meer terug laten komen. Ontzettend waardevol hoe daar wordt geïnnoveerd in het Ramplaankwartier en hoe dit hopelijk ook een … Dit is wat mij betreft het voorbeeld voor kleinschalig collectief. In de kaart staat die misschien oneerbiedig met een klein pijltje minder dan 1500. Daar bedoelen we eigenlijk mee, initiatieven zoals zonnewarmte, maar ook andere bewonersinitiatieven. Dus ik denk dat we daar dan wat meer aandacht, want ook de bewonersinitiatieven, het begint natuurlijk bij draagvlak in de buurt. U heeft dat ook vaak genoeg aan ons meegegeven. Dat is ook het uitgangspunt, samen. Dus dat neem ik me ter harte dat we dat wat steviger erin zetten. Het zit wel in het denken en in de machinerie. Dus die twee smaken kunnen ook nog altijd binnen een individuele wijk in ieder geval plaatsvinden. En de opt-out ook binnen de collectieve. Op deze manier, voorzitter. Dan ga ik stoppen. De voorzitter: Mijn vriendelijke dank.
Zijn er in tweede termijn nog vragen aan de wethouder? Ik wil even handjes zien. Een, twee. Ik begin bij de heer Dreijer. De heer Dreijer: Dank u wel, voorzitter. Ik hoorde het een paar keer. Voor de opt-out regeling moet in het Omgevingsplan onder andere bepaald worden wat dan het duurzaam alternatief voor gas is. En meerder keren is gezegd dat all-electric een duurzaam alternatief is. Ik denk dat de meesten dan denken aan een warmtepomp, maar all-electric is ook een elektrische cv of een doorstroomverwarmer. Alleen deze twee zaken gebruiken vier keer zoveel energie. Dus de vraag is eigenlijk: kunt u een goede definitie laten maken voor een duurzaam alternatief voor het vervolg? Dank u wel. De voorzitter: Wethouder Berkhout. Helemaal goed. Mijnheer Haver. U heeft helemaal gelijk. De heer Haver: Dank u, voorzitter. Ik was nog benieuwd hoe de wethouder dacht over het nieuws uit de andere gemeenten uit het land. Dus bijvoorbeeld dat Amsterdam ermee is gestopt. Hoe denkt de wethouder over dat soort nieuws?
20
De voorzitter: Dat was hem. Wethouder Berkhout. Wethouder Berkhout: Ik denk een terecht punt van het CDA. Definieer duurzaam, wat daaronder valt. Dat moeten we zeker even meenemen. Als dat dusdanig excessief stroomverbruik vraagt, moeten we maar eens heel goed kijken of dat wel wenselijk is. Dus die neem ik ook even mee om die uit te gaan zoeken, hoe we daar een definitie van vormen. In reactie op PvdA. Ik hoop dat het even in een notendop gezegd te hebben. Andere steden zijn misschien wel eerder geweest met warmtenetten, maar ook wel met commerciële warmtenetten. Amsterdam specifiek natuurlijk als het gaat om de situatie met Vattenfall. Dus dat ligt nu ook even vast. De commerciële warmtebedrijven doen ook even niets in afwachting van de Warmtewet, die eigenlijk zegt: dat moet publiek worden. Dus dan zit je eigenlijk weer op een achterstand en daarom zien zij zich gedwongen dat eigenlijk, hoe ga je daar nu mee om? De luxe die wij hebben, is dat we eigenlijk nog niet een commerciële partij hebben, maar aan de vooravond staan van ons eigen publieke warmtebedrijf en daarmee tempo kunnen maken en nog steeds kunnen leren van onze eigen ontwikkelingen in Meerwijk, Waarderpolder of Ramplaan, maar ook van andere gemeentes. Dus die vertraging kennen wij gelukkig niet. De voorzitter: Hartelijk dank. Dan zijn wij aan het einde gekomen van dit bespreekpunt. Dank u wel.
Dank u wel, wethouder De Berkhout. Pauze De voorzitter: Dan stel ik voor om lekker te gaan eten. Ik wil beginnen om 18:55 uur, iedereen weer lekker op zijn stoel. Welkom terug allen. Wilt u uw persoonlijke gesprekken staken? Ik hoop terwijl ik aan het woord ben dat er een collegelid naast me komt zitten. Die komt er zo vast aan. Dan heb ik … Dat doen we de volgende keer nog even over. Ik heb dan nog wel één mededeling voor jullie. Op 27 januari heeft u namelijk een enquête ontvangen. Dat ging over uw eigen informatievoorziening, maar er zijn wel vrij weinig reacties op gekomen. Zouden u en uw fractiegenoten die enquête alsnog willen invullen, dan kunnen wij daar verder mee. Kijk, dank u wel. De heer Van Leeuwen, welkom. 8.
Uitvoeringsplan Fietsparkeren De voorzitter: Dan gaan wij door naar agendapunt 8, Uitvoeringsplan Fietsparkeren. De komende jaren worden verschillende nieuwe fietsenstallingen gerealiseerd in Haarlem. En deze bieden de parkeercapaciteit van ongeveer 2.000 fietsen. Het college stuurt deze nota ter bespreking in de Commissie Beheer, dat bent u en de definitieve vaststelling die volgt na de financiële afweging bij de Kadernota 2026. Voordat we naar u gaan luisteren, mijnheer Aynan, u wilt er wat over zeggen? De heer Aynan: Krijgen we daar een aparte nota van of is dat een aanhechting van de Kadernota? De voorzitter: Dat is alvast een vraag aan het college. Misschien wil de heer Van Leeuwen dat ... De heer Van Leeuwen: Nee, dit is de nota. Daar zit dus inderdaad ook in, wat kost het als je het plan volledig wil doen? Bij de Kadernota gaan we de algehele balans opmaken. Als college doen we een voorstel aan u als raad. Dus dit is inderdaad een integraal onderdeel van de Kadernota. Mocht nou blijken dat bij de Kadernota u of het college denkt van er is hier veel minder geld voor beschikbaar of veel meer geld, wat ik als portefeuillehouder natuurlijk heel erg op prijs zou stellen. Dan zullen we het plan natuurlijk daarop aanpassen.
21
De voorzitter: Duidelijk. Bewaar de rest van de inhoud even voor zo meteen. Want we gaan niet naar u luisteren voordat we hebben geluisterd naar de heer Rood. U mag op de stoel recht voor mij plaatsnemen. Ja, dat komt hartstikke goed. Fantastisch. Als ik u zo meteen het woord geef, krijgt u 3 minuten. Als u op de knop druk van de microfoon voor u dan start de tijd. Dus dat zou ik nu nog niet doen. Dan start de tijd, krijgt u 3 minuten. Ik ben streng voor mijn collega-raadsleden. Ik ben ook streng voor u. Daarna hebben de raads- en commissieleden de mogelijkheid om uw vragen te stellen. Mijnheer Rood, de seinen staan op groen. De heer Rood: Grappig te zien dat ik 3 minuten heb en ik zie dat er heel veel fracties minder hebben. Dus ik heb de ruimte. Ik heb mijn stukje getiteld: Haarlem maakt het fietsendieven wel erg makkelijk. Dat heeft te maken met de Fietsparkeernota. Ik zal het voorlezen. De Fietsersbond heeft de nota Uitvoeringsplan Fietsparkeren met veel genoegen gelezen. Dat moet ik zeggen. Eindelijk een visie waarin doelgroepen centraal staan. Bezoekers van de binnenstad staan op nummer een. Deze groep bestaat uit kort- en langparkeerders. Langparkeerders krijgen er in de toekomst drie grote fietsenstallingen bij. Houtplein, Gierstraat en Kruisstraat. Waardoor de capaciteit behoorlijk wordt opgevoerd.
Maar welk parkeerregels in de stallingen worden toegepast? De oude openbare stallingen, daar gaan er twee van dicht, Smedestraat, Botermarkt, Tempelierstraat nu nog, zijn bewaakte stallingen. Hier wordt gewerkt met stallingsbewijzen. Bij aankomst krijg je een labeltje aan je stuur en een bonnetje. Als je de fiets dan weer ophaalt, wordt het bonnetje vergeleken met het labeltje. Je neemt je fiets mee, waarmee je ook gekomen bent. Dit validatiesysteem heeft bemenst bewaakt en volgens medewerkers van Haarlem Werkt in de Botermarktstalling, is in zijn stalling nog nooit een fiets gestolen. De gemeente wil het bonnetjessysteem afschaffen en in alle gevallen een bemenst toezicht invoeren. Je hoeft dan niet in of uit te checken, je hebt vrije toegang tot stalling en de toezichthouder in zijn glazen hokje zit erbij en kijkt ernaar. Een fietsendief kan nu met enige creativiteit met een oud barrel een fietsenstalling binnenlopen en met een veel betere fiets naar buiten lopen, zonder te worden gesnapt. De Fietsersbond pleit voor een bemenst bewaaksysteem in alle stallingen met een moderne of een digitale variant of desnoods met een bonnetjessysteem. Kortparkeerders worden weinig gastvrij ontvangen. De meeste kortparkeerders zijn klanten van winkels en horeca en komen daar geld uitgeven.
Daarnaast kennen we bezoekers aan verpleeghuizen, bibliotheken, ziekenhuizen en andere soorten openbare gebouwen. En veelal is de stalling niet in de directe omgeving voorhanden. Deze bezoekers moeten de fiets dan in een fietsvak parkeren, althans dat is het voorstel, zonder aanbindmogelijkheid. Dat bevordert niet alleen verrommeling, fietsen vallen namelijk om, maar het bevordert vooral diefstal. Juist fietsen die kort worden geparkeerd zonder te zijn aangebonden, worden opgetild en verplaatst naar een achterliggend straatje om 's avonds van hun slot te worden ontdaan. Fietsvakken oké, maar dan met een nietje en dan mag het in de vakken. Deze bezoekers gaan hun fiets niet 100 meter verderop parkeren, zoals de nota belooft. Dat zullen ze niet snel doen als ze daarvoor 100 of 200 meter moeten gaan lopen. De Fietsersbond bestrijdt overigens dat het plaatsen van nietjes de beschikbare ruimte gaat verkleinen. Wij denken zelfs dat het gaat vergroten. Valt ook niet om. De voorzitter: Wilt u afronden, mijnheer Rood? De heer Rood: Ik ben er bijna, hoor. Fietsendiefstal is al jaren de grootste vorm van traditionele criminaliteit in Nederland, blijkt uit de Veiligheidsmonitor. Vooral dure elektrische fietsen zijn steeds vaker doelwit van dieven. In 2023 werden 900.000 fietsen gestolen, een stijging van 30 procent ten opzichte van 2021 en een schadepost van 698 miljoen.
Dat kun je op internet vinden. De gemiddelde waarde van een gestolen fiets … De voorzitter: Mijnheer Rood, wilt u alstublieft echt afronden? De heer Rood: Oké.
22
De voorzitter: Dank u wel. U begon er zelf ook over, veel raadsleden hebben nog minder spreektijd. Ik wil daar echt streng op zijn. Wilt u uw microfoon uitdoen, alstublieft? Dan wil ik wel vragen of er nog vragen zijn vanuit de commissie aan de heer Rood van de Fietsersbond? Nee. Mijnheer Rood, dan wil ik u vragen uw microfoon uit te doen en op het knopje te drukken voor u. De heer Rood: Dat heb ik al gedaan. De voorzitter: Kijk, dat gaat beter. Dank u wel. Als u wilt, kunt u de discussie in de raad op de publieke tribune volgen. De heer Rood: Dank u wel. De voorzitter: Dan gaan wij door naar het verder bespreken van het Uitvoeringsplan Fietsparkeren. Wie mag ik als eerste het woord geven? De heer Aynan van Jouw Haarlem. De heer Aynan: Dank u wel, voorzitter, ook namens SP en OPH. Voorzitter, een fietsvriendelijke stad is een toegankelijke, schone en leefbare stad en Haarlem wil die fietsstad worden. We zien in het Uitvoeringsplan Fietsparkeren daar goede stappen voor gezet worden. Fietsen moeten goed en veilig geparkeerd kunnen worden, zonder dat voetgangers er last van hebben. Daarvoor is het belangrijk dat we duidelijke regels hanteren en de juiste voorzieningen hebben. Zo zijn we er blij mee dat alle stallingen gratis worden. Dit verlaagt de drempel en stimuleert het gebruik.
En we zijn in tegenstelling tot de Fietsersbond niet bang voor een groter risico op fietsendiefstal. Ook goed dat fietswrakken meteen weggehaald worden. Dat creëert meer ruimte voor mensen die hun fiets echt gebruiken en het gaat de verloedering van de openbare ruimte tegen. Voorzitter, we zien ook ruimte voor verbetering in het plan. Ten eerste, willen we dat de stallingen in de Tempelierstraat en Botermarkt openblijven. Er is grote behoefte aan buurstallingen. Door deze locaties te sluiten, maken we het bewoners lastiger om hun fiets veilig te stallen. Laten we zorgen voor voldoende en toegankelijke stallingen. Ten tweede, behoud de fietsenrekken op de Gedempte Oude Gracht. Dit is een druk winkelgebied met onder andere de DK, Jumbo, Muis, Boogaart, koffieshop, twee zelfs en hier willen fietsers snel en dichtbij hun fiets kwijt voor een kort winkelbezoek. Het verwijderen van rekken zal leiden tot meer foutparkeren en overlast. Laat de rekken daarom staan. Volgens mij wil de Fietsersbond dat ook. Ten derde. De voorzitter: Voordat u naar het derde punt gaat, heeft mijnheer Amand van Trots nog een vraag voor u. De heer Amand: Dank u, voorzitter. Hoe staat u erin met de bakfiets? Want dat zijn natuurlijk ook fietsen. Hoe gaat u dat dan aanpakken? Vindt u net als Trots dat daar ook een aparte voorziening voor moet komen? De heer Aynan: Daar hebben we vakken voor.
Ten derde, voorzitter, maak eenduidige openings- en sluitingstijden voor de stallingen. Nu zijn de tijden een wirwar. Dit zorgt voor verwarring en ontmoedigt het gebruik. Laten we zorgen voor logische, uniforme en ruim openingstijden. Wat ons betreft neem je de ruimst mogelijke, zoals bij Raaks. Punt vier, de fietsstewards moeten er echt komen. We zijn daar al jaren mee bezig. Er is een motie over aangenomen. Fietsstewards helpen fietsers en voorkomen overlast. Handhaving alleen werkt niet. We zien in het stuk dat bijna 70 procent van de bezwaren tegen fietsverwijdering gegrond wordt verklaard. Zorg wat ons betreft voor begeleiding in plaats van frustratie. Ten slotte, voorzitter, pak weesfietsen en fietswrakken aan. Wees- en wrakfietsen nemen nu 30 procent van de stallingsruimte in. Door deze actief te verwijderen, komen er zonder enige extra investering ruim 1.500 parkeerplekken vrij. Dat is een eenvoudige en effectieve maatregel. Voorzitter, afsluitend, met dit plan en onze aanpassingen wordt Haarlem echt een
23
fietsstad, waar parkeren logisch, toegankelijk en eerlijk geregeld is. Laten we daar met zijn allen voor gaan. Dank u wel. De voorzitter: Hartelijk dank. Is dat voor de eerste, mijnheer Abbasi? Nog een interruptie op mijnheer Aynan. De heer Abbasi: Ik wilde even wachten tot de heer Aynan zijn verhaal af had. Een vraag over de fietsstewards. Ik zie in het stuk de fietsstewards terugkomen. Er wordt zelfs een hele alinea aan gewijd. Wat vindt u daarvan? Want in uw betoog leek het net alsof daar geen aandacht aan wordt besteed. De heer Aynan: Klopt, goede vraag. Het is een kanbepaling in het stuk en wij vinden echt dat het moet. De voorzitter: Mooi gebruik gemaakt van de interruptie. Ik zie de heer Visser met een handje. Begint u uw termijn, helemaal goed. De heer Visser: Dank u wel, voorzitter. De ChristenUnie is blij met het Programma Fietsparkeren. Er wordt flink geïnvesteerd in stallingen, regels worden duidelijker en er komt een betere handhaving. Op vijf punten willen wij echter een wijziging. Ten eerste, het college wil fietsenrekken weghalen in de buurt van de nieuwe stallingen en dan alleen bij supermarkten wat fietsvakken terug schilderen. Je zal maar naar de Jumbo of de Dekamarkt gaan op de Gedempte Oude Gracht een even snel een boodschap doen. Nu kan je fiets daar nog in het rek. Straks is het rek weg.
Voor een snelle boodschap zullen fietsers echt niet de V&D-kelder ingaan. Gevolg: de fietsen belanden op straat, op zijn gunstigst in het door de wethouder zelf geschilderde vak. Dat wordt één groot mikadospel van omgevallen fietsen. Niet doen. Ten tweede, behoud de bewaking in de stallingen, alleen maar toezicht is een recept voor fietsendiefstal en wordt door alle deskundigen afgeraden. Doe het niet, wethouder. Ten derde, het fiets parkeerverbod in het oosten van de binnenstad rond Anegang en Kleine Houtstraat. Hier zijn stallingen nog ver weg. Dus we hebben echt twijfels of je daar een verbod moet invoeren. Laten we eerst met een oplossing komen voor dat gebied. Ten vierde, ik mis een visie op fietsenrekken, waar je fietsen goed kunt aanbinden. Want bij de huidige rekken kan het echt niet goed. Daar zou de wethouder zich op moeten richten. Een echt Haarlems diefstal bestendig rek in plaats van de voorliefde van het weghalen van alle rekken en fietsvakken schilderen. Want fietsendiefstal is echt een serieus probleem. En als de wethouder dat nu eindelijk niet toezegt, komen we daar met een amendement. Ten slotte, willen wij op de straat ook ultrakort parkeren in rekken houden, maximaal één uur je fiets in het rek, in de buurt van fietsenstallingen, anders mag handhaving je fiets weghalen. Dan zorg je dat mensen echt kort gaan parkeren. Dan kan je er ook strak op handhaven.
Andere steden doen dat ook. Waarom doen wij dat niet? Waarom lees ik dat niet in het stuk? Het is het ideale compromis en veel beter dan die fietsvakken. Dank u wel. De voorzitter: Hartelijk dank. Mijnheer Trompetter, Actiepartij, ga uw gang. De heer Trompetter: Dank u wel, voorzitter. Dank aan het college voor dit stuk. Het is goed om te lezen dat er steviger wordt opgetreden tegen fietswrakken en dat de definitie daarvan wordt verscherpt en verduidelijkt. Dat is een punt dat we vaak gemaakt hebben. Toch wel mijn vraag, net als de inspreker, waarvoor dank. Als we stoppen met het afgeven van stallingsbewijzen, kan ik me voorstellen dat de kans op diefstal een stuk groter wordt. Als men met een oude fiets naar binnen kan lopen en met een betere fiets naar buiten kan lopen. Want als er geen bewijs meer is, dan is er ook geen koppeling meer aan een fiets. Worden er ook nietjes in de vakken neergezet van de getekende vakken? Dat lijkt mij wel praktisch, zowel tegen omvallen als tegen diefstal. Ook nog een vraag over wanneer de evaluatie en herinrichting van buurtstallingen naar de commissie komt, staat er dan ook een afweging in staat om al of niet te kiezen voor belasting heffen op deze stallingen? Dank u wel.
24
De voorzitter: Hartelijk dank. Mijnheer Amand, Trots. De heer Amand: Dank u wel, voorzitter. Het is natuurlijk in Haarlem op heden, je kan beter zeggen: je hebt meer last van de fietsers als van de auto's. Dat is eigenlijk het hele kernpunt op heden. Ik kreeg van de week nog een berichtje van een man en vrouw uit de Leidsebuurt die zeiden: we hebben die stalling en het kost eigenlijk een heleboel geld, waar ik mijn fiets daarin moet zetten. Kan u daar ook wat aan doen? Ik zeg: binnenkort komt het op de agenda, dus daar moeten we nog maar eens naar gaan kijken. Dan hebben we zo, sorry. Verontschuldig. Het is natuurlijk wel zo dat Haarlem natuurlijk een fietsstad wil worden, maar dan moet je ook de juiste faciliteiten geven. Dus dat de fiets goed op slot kan. Ik hoorde van de week dat vanuit de Amsterdamstraat er ook veel fietsen worden gestolen. Nou en ook veel e-bikes trouwens, hoor ik ook steeds meer. Dan kom je natuurlijk, hoe ga je het handhaven? We roepen allemaal: wij handhaven, maar waar zijn die? Ik zie nu leerling-handhavers, dat is ook weer nieuw en dat is toch wel een goed teken dat die leerlinghandhavers dat mooi zouden kunnen gaan doen. Dus wij willen toch aan de wethouder vragen: hoe staat u daarin? Trots wil natuurlijk nog eens verder gaan. We krijgen die nieuwe fietsenstalling.
Alles krijgen we, maar gaan de mensen het werkelijk ook gebruiken? Is daar een meting van of cijfers van? Dus dat willen wij ook weleens weten. Misschien kan de wethouder ons daar even mee helpen. Dan hebben we natuurlijk nog een andere vraag en dat is natuurlijk iedereen bij de supermarkt zet zijn fiets neer, schots, scheef en akelig en de mensen met een handicap die kunnen er haast niet meer door. Dus wij willen toch wel eens een beetje aan de wethouder vragen: los dat nou eens op en bespreek dat in het college, dat wij natuurlijk zo meteen een heel mooi antwoord krijgen, waar de Haarlemmer echt wat aan heeft. Dit is het laatste. Dank u. De voorzitter: De wethouder is naast me druk aan het pennen voor hele mooie antwoorden, mijnheer Amand. De heer Abbasi van de Partij voor de Arbeid. De heer Abbasi: Dank u wel, voorzitter. Wat goed dat we dit eindelijk gaan doen. Ik denk dat een van de grootste ergernissen in de Haarlemse binnenstad de foutgeparkeerde fietsen zijn, de fietswrakken en fietsen die voor voetgangers, voor mensen die slecht ter been zijn, maar ook bijvoorbeeld ook voor hulpverleners letterlijk in de weg staan. Dus heel goed dat we dit eindelijk nu gaan aanpakken. Haarlem is natuurlijk een fietsstad. Haarlem moet ook een fietsstad blijven. Alleen betekent dat ook dat de fietsen goed geparkeerd moeten kunnen worden.
We zien daarom dat het belangrijk is dat die fietsenstallingen, dat daar vaart mee gemaakt wordt en de nieuwe fietsenstallingen die in aanbouw zijn, gaan daar zeker bij helpen. Toch nog een paar punten die wij ook graag mee zouden willen geven. En het zal wellicht wat herhalen zijn, maar is wel belangrijk om dat ook hier te vermelden. Ook wij maken ons namelijk zorgen om het verwijderen van fietsrekken. Fietsrekken, het klinkt misschien logisch om ze bij supermarkten en bij andere plekken waar je snel je fiets wil neerzetten, om die dan weg te halen, maar hij moet natuurlijk niet doorslaan. Kunnen we toch niet met een oplossing komen om je fiets vast te zetten? Bijvoorbeeld met een fietsnietje of iets anders waardoor je fiets, veel mensen hebben een dure e-bike, ergens aan vastgezet kan worden. Want uiteindelijk is het vastzetten van je fiets, ook al ben je een paar minuten weg, voor heel veel mensen belangrijk om die fiets te pakken om naar de stad te gaan. Dan is het denk ik ook belangrijk om een evenwichtige aanpak te creëren voor kortparkeerders. Dus fietsvakken kunnen zeker komen, maar laten we kijken of we dat kunnen combineren met fietsenrekken in de buurt, zodat mensen alsnog de optie hebben om dat te kunnen doen. De voorzitter: U heeft een interruptie van de heer Trompetter. De heer Trompetter: Dank u wel, voorzitter.
Mijnheer Abbasi, bent u er dan ook voor dat bij die getekende vakken daar ook nietjes in staan? Vindt u dat het gewoon zomaar een open veldje moet zijn?
25
De heer Abbasi: Ik denk dat als je het doet, dan zou je het in die open vakken moeten doen. Wat ik eerder heb begrepen, maar dat kan de wethouder misschien bevestigen, is dat dan de capaciteit van zo'n parkeervak omlaag gaat. Dat kan, maar ik weet nog niet of ik daar echt van overtuigd ben of dat een heel sterk argument is. Een ander punt werd ook door collega de heer Aynan naar voren gebracht, zijn de openingstijden van de fietsenstallingen. Het is natuurlijk niet heel logisch om de fietsenstalling van de Kruisstraat en de fietsenstalling van de Gierstraat in het weekend om 2:00 uur 's nachts al dicht te doen. In de Kruisstraat zijn behoorlijk wat horecagelegenheden aanwezig en veel mensen die dan hun fiets in de Kruisstraat hebben geparkeerd en die zitten tot 3:00 uur in de kroeg, die kunnen dan hun fiets dan niet meer uit de stalling halen. Dat is wel belangrijk. Is het mogelijk om die openingstijden te verlengen naar bijvoorbeeld 5:00 uur, zoals in de Smedestraat? Sterker nog, misschien is 5:00 uur ook tekort, want het gebeurt nog weleens dat mensen langer dan tot 5:00 uur in de stad zijn. Dat deed ik vroeger zelf ook, al heel lang niet meer, dat is nu niet meer het geval. De voorzitter: Uw uitgaansgeschiedenis hoeven we niet te weten, tenzij mevrouw Moedt daar een vraag over heeft.
Mevrouw Moedt: Ja, inderdaad voorzitter, ik ben wel benieuwd, want volgens mij is die beoogde fietsenstalling op de Kruisstraat hemelsbreed nog geen 100 meter van die van de Smedestraat. Dus wat let je als je in een kroeg op de Kruisstraat zit om je fiets in de Smedestraat-stalling te zetten? De heer Abbasi: Ik denk dat het heel logisch is om de fietsenstallingen die niet zo ver van elkaar staan, om die allemaal dezelfde openingstijd te geven. Het is natuurlijk heel onlogisch om fietsenstallingen die, vooral voor mensen in het weekend gebruikt worden als ze in de horeca zijn, om die dan andere openingstijden te geven. Laatste punt en dat is een punt die we denk ik wat gedetailleerder zullen gaan bespreken tijdens de Kadernota bespreking. Wij zijn ook kritisch ten opzichte van de kosten. Het ziet ernaar uit dat er 1 miljoen tot 1,5 miljoen structurele kosten per jaar bij gaan komen. Ik vind het toch belangrijk om daar met zijn allen over te gaan hebben, voordat we daar verder een besluit over gaan nemen, maar ik begrijp dat dat tijdens de Kadernota bespreking in mei gaat gebeuren. Wij zullen dan zeker kritisch gaan kijken naar die kosten en hoe die zijn opgesteld en of we die misschien naar beneden kunnen brengen. De voorzitter: U heeft eerst nog een vraag van de heer Aerssens, VVD.
De heer Aerssens: Vindt u het dan logisch dat we die besprekingen over die kosten uitstellen tot de Kadernota? Niet gewoon dat voor dit plan willen gaan bespreken, want dan kan je toch veel beter afwegen van dit is wat we hiervoor krijgen en dit gaat het kosten. In plaats van in het grote geheel van een Kadernota. De heer Abbasi: Volgens mij is het idee daarachter, maar nogmaals dat moet ook de wethouder dan beantwoorden, is dat je tijdens de Kadernota heb je ook veel breder beeld van hoeveel geld er beschikbaar is. Ik denk dat als we nu met zijn allen gaan besluiten om de kosten zo vast te stellen zoals ze zijn, dat we dan niet met zijn allen goed hebben kunnen kijken waar het geld vandaan komt. Dus het is denk ik goed om het tijdens de Kadernota te bespreken, want dan kunnen we meer een algeheel beeld hebben van de kosten. De voorzitter: Een hele korte vervolgvraag, mijnheer Aerssens. De heer Aerssens: Ik ben wel benieuwd wie volgens de heer Abassi meer inzicht heeft in de financiën van de gemeente, of wij dat zijn met onze kennis als raadsleden of dat de wethouder dat is met een batterij aan ambtenaren? Die kan toch veel beter bepalen waar de kosten al dan niet vandaan kunnen komen, vanuit welk
26
budget? Ik vind het persoonlijk altijd heel erg lastig een begroting of een Kadernota. Die taak zou ik liever beleggen bij onze wethouder. De heer Abbasi: Zoals ik het begrijp, komt dat terug tijdens de Kadernota. Dan kunnen we het hier met elkaar bespreken en wordt het hier ook besloten. De voorzitter: Dan heeft u nog een snelle vraag van de heer Trompetter. De heer Trompetter: Dank u wel, voorzitter. Is mijnheer Abbasi ervan op de hoogte dat wij voor het eerst in deze coalitie van deze periode een flink bedrag voor de fiets hebben vrijgemaakt in plaats van dat hadden we vroeger nooit, was vroeger onderdeel van vervoer. En lijkt het dan niet logisch om dat door te trekken in de toekomst? Tenzij de verkiezingen en onderhandelingen dat veranderen. De voorzitter: Dat zijn twee gesloten vragen. Dat is maar goed ook, want mijnheer Abbasi heeft nog maar 8 seconden. De heer Abbasi: Ja, het Fietsactieplan is inderdaad vastgesteld, daar was inderdaad geld voor vrijgemaakt en wellicht kan dat dan worden besproken tijdens de Kadernota, om dat geld ook vrij te maken voor de stallingen. De voorzitter: Kippenvel, echt fantastisch gedaan, mijnheer Abbasi. Daarmee is uw tijd wel op. Dan kijk ik naar mevrouw Moedt, Partij voor de Dieren, ga uw gang. Mevrouw Moedt: Dank u wel, voorzitter. Ja, we zijn het met elkaar eens.
Die stoepen moeten we toegankelijk maken en dat gaat alleen als er goede fietsparkeerplekken zijn. Goede communicatie erover is en er goed gehandhaafd wordt op dat beleid. Daar voorziet deze uitvoeringsagenda wel voor een groot deel in. Van een aantal dingen worden we ook best wel blij, zoals langer en vaker groen licht voor fietsers en betere fietspaden. Een drietal punten van ons. Ten eerste, het uitgangspunt staat er, is fietsen op eigen terrein parkeren en dat gaat alleen nog wel lastig in die vele Haarlemse straten, waar geen voortuin is, geen achterom, smalle stoepen en voorlopig ook nog geen herinrichting of buurtfietsenstalling in zicht is. Wat de Partij voor de Dieren betreft, zou het mogelijk moeten zijn om fietsnietjes neer te zetten op plekken waar nu auto’s staan, wanneer er te weinig fietsparkeerplekken zijn in de straat. Mijn buren bijvoorbeeld hadden een tijdje terug handtekeningen verzameld om een fietsvlonder te krijgen, want wij hebben chronisch tekort aan fietsparkeerplekken en überhaupt ruimte. Maar de conclusie van de medewerker die langskwam, was past niet, te veel auto's. Dat zou omgekeerd moeten zijn wat ons betreft. We zijn benieuwd hoe de wethouder daarover denkt. Jouw Haarlem had het over de blauwe tramfietsenstalling dat die in buurtfietsenstalling moet blijven. Dat vinden wij ook. Botermarkt weet ik niet zo.
Want die schijnt nogal een hoge huur te hebben. Misschien wordt het fietsparkeren voor de mensen dan wel erg prijzig. Kunnen we beter misschien een andere plek uitzoeken. Die groene vakken, een enkele oké, bijvoorbeeld op de Grote Houtstraat bij de supermarkt werkt het volgens mij prima. Het is alleen nog een beetje een krap vak als je een bakfiets hebt. Voor mij persoonlijk. Op minder drukke plekken is het misschien inderdaad beter om die nietjes te hanteren, zoals ik al meerdere mensen hoorde zeggen. Wat de bemensing van de fietsenstallingen betreft. Ik denk dat je heel goed in een communicatieplan op kan nemen waar je wel en waar je niet tot 5:00 uur ’s ochtends terechtkunt, want dat scheelt weer iemand die tot 5:00 uur ’s ochtends nachtdienst draait en dat scheelt daarmee ook een hoop geld. Dus dat lijkt mij een betere optie. Dank u wel, voorzitter.
27
De voorzitter: Ik zag ook een handje van mevrouw Schneiders, GroenLinks, ga uw gang. Dank u wel, mevrouw Moedt. Mevrouw Schneiders: Voorzitter, een goede fietsparkeerruimte en fietsinfrastructuur is essentieel voor onze groene fietsstad. Daar vinden wij als GroenLinks van dat hij er moet komen. Fietsvakken bij supermarkten vinden wij een goed alternatief. Nietjes staan er altijd, ook als het rustig is en fietsvakken die gebruik je als het druk is en anders dan is er gewoon ruimte. Ik heb een paar vragen aan mijnheer de wethouder. De handhaving moet naar ons idee intensiever, anders dan gaat het nooit lukken. Wees- en wrakfietsen zijn ons een doorn in het oog. Vaak staan ze meer dan een jaar. Hoe regelmatig gaat er nou straks gestickerd en verwijderd worden? Want 30 dagen is eigenlijk al een hele lange tijd, als ze dan zo lang mogen blijven staan. Worden verbogen nietjes … De voorzitter: U heeft een vraag van de heer Aerssens, VVD. De heer Aerssens: U zegt: de handhaving moet intensiever. Dan neem ik aan dat u ook meer budget vraagt voor extra handhavers? Mevrouw Schneiders: Klopt. Ik wil nog vragen of verbogen nietjes, worden die gerepareerd? Heel veel zijn scheef en krom en die doen het niet meer.
De nietjes bij de kerk, dus de vraag of die in de bogen van de kerk of die wel weg moeten, want dat is voor het uitgaanspubliek, publiek dat naar de Schuur en naar de PHIL wil, is het wel heel belangrijk om daar ruimte voor te hebben. Het vernietigen van fietswrakken vinden wij niet erg circulair. Heeft u daar een circulaire oplossing voor? De voorzitter: Uw laatste punt. Mevrouw Schneiders: Als laatste, hoe is het met de diefstal in de stationsstalling? Is die er? Want dat is wel bij bemenst, maar niet bewaakt. De voorzitter: Hartelijk, dank. Ik zie een handje van de heer Jonker, D66. De heer Jonker: Dank u wel. Mijn fiets is gestolen in de stationsstalling, dus wat dat betreft vast een antwoord: het is er. Ik zelf zet ook mijn fiets het liefst natuurlijk overal neer. Ik denk elke fietser, zo dichtbij mogelijk waar je waar je moet zijn, maar dit wildparkeren dat kan niet meer overal straks in een deel van de binnenstad en dat is wel begrijpelijk. Het zal je ook niet verbazen dat D66 heel graag de toegankelijkheid wil verbeteren. Mijn collega heeft daar zelfs een prachtig initiatiefvoorstel voor ingediend. En we investeren ook heel veel in die fietsparkeerplekken in die garages, geven daar veel geld aan uit. Dus het is ook logisch dat we dan willen dat mensen daar ook gebruik van maken.
We zijn dus positief over dit uitvoeringsplan en we zien ook uit naar de verdere uitwerking ervan. Maar er zijn wel een aantal aandachtspunten. Er zijn al hele goede punten genoemd wat betreft ruimere openingstijden. Ik heb ook vroeger wat horecaervaring en je weet niet altijd of je om 1:00 uur of om 4:00 uur naar huis gaat. Vaak wordt het dan toch 4:00 uur trouwens. Dus dan zit je met die ene stalling die dicht is en natuurlijk ook het horecapersoneel, die moet ook ruime mogelijkheden hebben. Rekken of nietjes, ik wist niet wat een nietje was, maar ik heb wel vertrouwen dat de wethouder en ambtenaren dit goed kunnen gaan inrichten. We vinden het ook fijn die stapsgewijze invoering van handhaving, want ik denk we moeten daar allemaal wel echt een beetje aan gaan wennen en daar gaan ook de eerste van onze twee aandachtspunten naartoe. De noordzijde van het station, er staat: daar is voldoende capaciteit, maar dat vragen wij ons echt af. Er staat namelijk dat andere inpandige stalling matig bezet is, maar mijn ervaring is echt anders. Die stalling, ook die van de NS, staat heel vaak heel vol op drukke werkdagen en het plein dat
28
nodigt eigenlijk heel erg uit om je fiets daar gewoon neer te zetten. Dat mag natuurlijk niet. En goed, deze week waren ze daar ook aan het handhaven. Maar moeten daar dan wat meer bankjes en bomen, zodat je je fiets daar ook minder neerzet, zal vast over een paar jaar komen. Maar misschien moet het al wat sneller, want nu is het gewoon een uitnodiging om je fiets daar op het plein neer te zetten. Het tweede is ook die fietsendiefstal. Komen er in die stallingen dan wel camera's? Dan schrikt dat in ieder geval af en kunnen we soms ook nog wat oplossen. Dan kan je misschien ook toch niet bemensen soms, zodat de openingstijden langer kunnen zijn. Dank je wel. De voorzitter: Hartelijk dank is. De heer Aerssens, VVD. De heer Aerssens: Heel kort, voorzitter. In principe al een heleboel gezegd, waar we ons redelijk bij aan kunnen sluiten. Handhaving is er eentje die ik er specifiek uit wil lichten. Ik ben benieuwd wat de wethouder gaat doen met het verzoek van de coalitiepartij GroenLinks, maar voornamelijk dat van de VVD voor extra handhaving. Ruimere openingstijden lijkt ons uitstekend en duidelijk communicatie op één, want zonder duidelijke communicatie naar zowel gasten als naar Haarlemmers, dan komen we nergens voor de hogere bezetting in de fiets parkeerkelder en wat wel en niet mag.
Dat kan met bewoording op een leuke, ludieke manier, posters of wat dan ook, als die posters maar een stuk beter zijn dan de huidige campagne over het bakje en het resteten. De voorzitter: Dan zie ik geen handjes meer. Pardon, excuus hoor, mijnheer Dreijer. Ga uw gang. U mag afsluiten. De heer Dreijer: Dank u wel, voorzitter. De uitgangspunten van het uitvoeringsplan vinden we prima, maar heb aandacht voor de punten die door de Fietsersbond zijn genoemd en met name het kunnen vastmaken van je fietsen ter voorkoming van diefstal. Ik ben meerdere keren in de stalling van het Hortusplein geweest en daar zit dus een bemenste bewaking. Echter, die persoon die kijkt je niet of nauwelijks aan. Tenminste, dat is mijn ervaring. Die zit meer op zijn mobiel te kijken, dan dat hij ziet wat voor fiets er in en uit gaat. Dus dat heeft totaal geen zin. Dat moet echt een stuk beter. Het werken met bonnetjes of goede camera's is toch wel het minimale wat je moet doen in dit soort stallingen. De uitbreiding van handhaving en inzet van stewards is voor ons nog geen gelopen race. Dat zullen we bij de Kadernota besluiten, want er gaan echt forse bedragen in om. Op dit moment is mijn ervaring met handhaving uitermate slecht. Ik heb meerdere meldingen gedaan en er wordt gewoon niet op gereageerd, ook niet in het centrum.
Ze moeten maar eerst eens, denk ik, hun werk doen, wat al als prioriteit is aangegeven. Een vraag, is er nog een hersteltermijn als je door handhaving of een steward wordt aangesproken op de overtreding van het parkeerverbod of kan je dan zeggen van fijn dat u gewaarschuwd heeft, maar ik zet hem neer, ik heb nog een half uur de tijd en ik ga weer weg. Wat mij betreft is het dan gelijk fiets weg laten halen. Ga zo snel mogelijk een evaluatie laten plaatsvinden. Dat hoeft echt niet een jaar, dat hoeft niet na een week, maar het hoeft ook geen jaar te duren, want dan kunnen we snel daarop anticiperen. Ten slotte, ik vind nog wel wat kwaliteitsissues in dit stuk zitten. Er zitten best wel wat foutjes in, verwijzingen naar het telefoonnummer van Amsterdam. Dus je kunt wel zien dat het uit Amsterdam waarschijnlijk gekopieerd is. Er is een artikel 5.12 verwijzing. De voorzitter: Wilt u afsluiten, mijnheer Dreijer? De heer Dreijer: Dat artikel wordt juist verwijderd. Zo zitten er wel meer in, dus nog even voor het definitieve ontwerp komt, nog even goed kijken naar dit soort puntjes.
29
De voorzitter: Hartelijk dank. Dan zie ik geen handjes meer. Het college heeft nog 5,5 minuten. Ik heb veel vragen gehoord, maar ook een paar keer een dubbeling. De heer Van Leeuwen, ik denk dat dat moet lukken. Ga u gang. Wethouder Van Leeuwen: Voorzitter, dank en dank voor ook een heel goed deel steun voor dit plan. Want ik hoorde toch ook heel veel mensen met een aantal aandachtspunten, maar ook brede steun. En Jouw Haarlem zei het misschien nog het mooist, voorzitter. Dus laat ik dat dan gewoon citeren: “een toegankelijke, schone en leefbare stad.” Want dat is wat met elkaar willen. En daar begon Jouw Haarlem de termijn mee en dat herhaal ik graag. Want we hebben met elkaar een Actieplan fietsbeleid, is hier ook in de raad vastgesteld en dit is dus het uitvoeringsplan . Waar staat het, fietsbeleid dat heeft u met elkaar als raad in meerderheid vastgesteld. Daar staat ook in dat we fietsvakken gaan gebruiken voor kortstondig parkeren en dit is de uitvoering daarvan. Dus ik hoor daar heel veel discussie over, maar dat heeft u als raad vastgesteld. Dat voer ik voor u uit, om de verhoudingen duidelijk te maken. De voorzitter: U heeft een vraag van de heer Aynan van Jouw Haarlem. De heer Aynan: Voorzitter, sorry, ik moet ook zo weg, dus excuus daarvoor.
Wat gaat u doen met toch wel de behoorlijke inbreng die hier gegeven is? Krijgen we een nieuw uitvoeringsplan of zegt u van: nou, er komt een ... Wat gaat u ermee doen? Wethouder Van Leeuwen: Daar kom ik zo op terug, want dat is eigenlijk een belangrijke component. Graag nu, omdat mijnheer Aynan weggaat. Dan doe ik het gelijk. Ik hoor heel veel wensen die deze portefeuillehouder mobiliteit ook al heeft. Bijvoorbeeld om ruime openingstijden, meer handhaving, want dan kunnen wees- en wrakfietsen ook snel worden weggehaald. Dat zit in dit plan en dit plan was misschien al een plan geweest als dat binnen het bestaande budget had gekund. Dus u heeft gezien, dat heeft u ook in het plan kunnen zien, er ligt hier best een forse claim, omdat het beheer van de stalling wordt duurder en de grootste component daarin is de mens. De mens die u ook wilt. En als we nog langer opengaan, dan zal die kostencomponent nog zwaarder gaan wegen. Waar we met elkaar, wij als college doen een voorstel, maar u als raad beslist, nog meer geld zouden moeten zoeken toekennen aan het onderwerp. En ik weet om eerlijk te zijn niet, ik heb dat niet als portefeuillehouder fiets zomaar ergens op de achterbank liggen of in mijn fietstassen zitten. Dus dat is wel de vraag, als u dan inderdaad meer handhaving wil, nog meer dan in dit plan al zit.
Als u nog langere openingstijd wil, weet ik niet waar ik het uit de lengte of breedte moet halen en hoe ik het op mijn bagagedrager meeneem. Dus dat is inderdaad en dan kom ik inderdaad bij wat de heer Aynan ook zegt. We zullen sowieso er een aantal schoonheidsfoutjes nog uithalen, maar ook als we het besluit met elkaar met de Kadernota hebben gehad, dan zullen we moeten kijken welke ambitie kunnen we waarmaken? Als je met elkaar besluit om het budget, zoals voorgesteld, dat is natuurlijk ook nog even in de integrale afweging van het college. Want zoals u weet, dat leest u ook in de media, hebben we ook nog wat landelijke tegenvallers, moeten wegen hoe deze investeringen tegenover andere investeringen gaan. Dat zal iets met de ambitie doen. Ik hoor uw oproep heel duidelijk. Velen van u zeggen: ga voor langere openingstijden, ga voor deugdelijke handhaving. Nou, die oproep neem ik mee naar het college. Naar mijn gesprekken over de Kadernota. Was ik hier uitgekomen met bestaand geld, dan hadden wij met elkaar een veel makkelijker gesprek gehad, want dan lag er een collegebesluit over het uitvoeringsplan en dan had u daar wat dingen mee kunnen geven, dat nog kunnen wijzigen, maar er ligt een informatienota, omdat het niet in bestaande budgetten past. Dus zo simpel en zo hard is deze werkelijkheid, ook als het gaat over openingstijden en extra handhaving.
De voorzitter: De heer Trompetter.
30
De heer Trompetter: Dank u wel, voorzitter. Nu we het over geld hebben, gaat het dan denk ik met name over de exploitatie en niet zozeer over de investering, toch? Wethouder Van Leeuwen: Dat is correct. De voorzitter: Gaat u verder met uw betoog, wethouder. Wethouder Van Leeuwen: Ik ga even in op, want daar begon ik net mee en voor de heer Aynan had ik dit gedaan. Dus dank voor uw aanwezigheid en tot de volgende keer. Voorzitter, de vakken. Toch een kleine historie over de vakken. Want ik ken de bedenkers zelf, die heb ik zelf ooit mogen ontmoeten. Dat was een waarde adviseur en vrijwilliger van de Fietsersbond Amsterdam, die ten behoeve van de rekken die eigenlijk altijd in de weg stonden bij de Jodenbreestraat, die toen vanuit de Fietsersbond Amsterdam aan de gemeente Amsterdam adviseerde: het is eigenlijk gewoon een chaos, want in die rekken daar is het altijd vol en die fietsen gaan ertussenin staan. Er zijn heel veel wrak- en weesfietsen. Die zijn ook lastig op te ruimen. Dus laten we hier misschien eens vakken op de grond schilderen. Nou, dat heeft de gemeente Amsterdam toen gedaan. En tata, dat was echt een wonderbaarlijk succes, dankzij meedenken van de actieve burger. En wat mooi dat het gelukt is. Zoals ik ook bij het beleid al heb gezegd: vakken zijn niet voor overal een oplossing, maar op sommige plekken wel.
Eén plek die mij echt verbaasde en dat is dan misschien een beetje onaardig, want dat zit in de bijdrage van Jouw Haarlem, om ze op de Gedempte Oude Gracht te laten staan. Ik hoop dan niet dat u bedoelt ook bij het Verwulft, want het Verwulft is precies zo’n plek, daar krijgen we een stalling echt onder de oude V&D. Daar kan je nu met een scootmobiel, een rollator of een kinderwagen kan je nauwelijks langs, laat staan op de zaterdag. Want dat is het eigenlijk tussen van gevel tot gevel, daar past het gewoon niet. Nou, hetzelfde heb ik weleens, u weet, ik ben vaak in de omgeving van het stadhuis, als ik dan probeer te lopen naar de Botermarkt en ik steek over bij de Gedempte Oude Gracht en ik probeer tussen de boekhandel en de Botermarkt over te steken, dan kom ik daar niet doorheen, want daar staan allemaal stallingen, rekken dus. Waar ook vaak de verschillende maten fietsen die er tegenwoordig staan, gaan niet meer in het rek, maar ertussen. Dus dan heb je twee plekken worden ingenomen door één fiets. Dus dat zijn van die plekken, als een stalling goed dichtbij is en je gaat dus goed handhaven. Fietsstewards, geef ik ook gelijk antwoord op een vraag, die staan ook in het plan, maar ook niet altijd, want dat kost ook gewoon geld. Daar staan mensen, die verdienen geld, moeten een eerlijk salaris krijgen. Dat wilt u ook als gemeenteraad.
Dat kan niet altijd 24/7, want dat kost u veel te veel geld, kost ons te veel te veel geld. Dus dat moeten we echt gericht inzetten op acties. Daar kom je dan dus niet doorheen als je over wilt steken, laat staan als je dus inderdaad met een stok, een rollator, een scootmobiel of een kinderwagen wil oversteken, dat gaat echt niet daar. De voorzitter: De wethouder gaat nog even wat vragen af, mijnheer Visser, maar u wilt er nog even eentje stellen? Ga uw gang. De heer Visser: De wethouder noemt Amsterdam, maar dat is een andere gemeente. Kort parkeren met één uur in rekken en dat gaat ook goed. Dus waarom noemt de wethouder dat voorbeeld niet? En wij bedoelden niet de V&D, wij bedoelden gewoon voor de Dekamarkt. Als je daar fietsvakken gaat doen, dat wordt een chaos. De voorzitter: Dat lijkt mij ook een goede toevoeging, mijnheer Visser. Wethouder Van Leeuwen: Waarvan akte. De heer Visser: Voorzitter.
31
De voorzitter: Mijnheer Visser. De heer Visser: Dan zeg ik: ja, we hebben het fietsbeleid vastgesteld, maar toen hadden we het ook al over de vakken en we zijn het met 80 procent van het fietsbeleid eens, maar 20 procent niet. En het is niet alleen de Fietsersbond, het is ook de ANWB en andere deskundigen. Dan komen we met moties en dan gaan we via moties het fietsbeleid bijsturen, als de wethouder niet wil luisteren. De voorzitter: Wil de wethouder nog reageren op een uur parkeren? Wethouder Van Leeuwen: Ik luister heel graag naar u, maar ik luister hier samen met al mijn collega's elke week. Ik luister naar de gemeenteraad, die ook een toegankelijke stad wil. Een toegankelijke stad, waar ook mensen die slecht ter been zijn, die de geleide strook wellicht moeten volgen, er ook op een zaterdagmiddag als de markt er staat, langs kunnen. Dus ik luister naar u integraal. Ik luister naar uw wensen over de fiets. Ik luister naar uw wensen over de toegankelijkheid. Ik luister naar uw wensen over vergroening. En het past niet allemaal. Het past niet allemaal, zo simpel is het. Daarvoor bent u met 39 en alle commissieleden, bent u ook om ons te controleren of wij die integrale afweging goed maken.
Als u denkt dat wij daar een steek laten vallen, dan is het aan u om daar een motie op in te dienen, maar ik denk dat het plan wat hier nu voorligt, dat we daar en dat werd al gezegd, echt een mooie stap maken om onze binnenstad toegankelijk, schoon en leefbaarder te maken. Daar kan je natuurlijk heel lang over twisten en dan ga ik wel gewoon naar een aantal vragen, voorzitter. De voorzitter: Het is goed als we dat doen. We kunnen wel een-tweetjes doen, maar als de wethouder geen mogelijkheid krijgt om de vragen van u te beantwoorden. Wethouder Van Leeuwen: Ik ben ingaan op de handhaving. De voorzitter: Is dat goed, mijnheer Amand en mevrouw Jacobsz? Wethouder Van Leeuwen: Over de handhaving, want daar heb ik veel over gehoord. Kijk, op dit moment is de capaciteit zo dat het met de capaciteit lukt en de huidige handhavingstermijn ook, om eigenlijk alleen de noordzijde van het station te doen. En als er dan een vliegende brigade naar andere wijken gaat of naar andere plekken, zoals bij het Hortusplein, dan wordt de noordzijde van het station dus niet gedaan. Dus zo beperkt is de capaciteit van de handhaving. Ook met een keuze bijvoorbeeld om het fietsdepot in de Cruquius te doen, want dan moet het busje met de fietsen heen en weer naar de Cruquius. Misschien is dat ook een keuze die we moeten heroverwegen.