02-12 Inspreekbijdrage bewoner 2 spoorwegovergang westergracht
Tekst van het document
De juridische bezwaren tegen het DO Westerstraat in een notendop Vergadering cie Beheer 12-2-2026 1. De risico-analyse/het veiligheidsrapport van Arcadis De start is het voorlopig ontwerp (VO). In het VO (en in het latere DO) wordt verwezen naar een veiligheidsrapport uit 2021 waaruit zou blijken dat zowel bij de Calvijnlaan als bij de Westerstraat sprake zou zijn van een onveilige situatie. Dat is niet juist. De risico-analyse heeft uitsluitend betrekking op de Calvijnlaan, in casu het gevaar dat vlak achter de spoorwegovergang een opstopping ontstaat waardoor het verkeer op de overgang tot stilstand komt. De zogeheten valstriksituatie. De analyse zegt echter niets over vermeende problemen bij de Westerstraat. Desondanks wordt de risico-analyse met regelmaat van stal gehaald ter rechtvaardiging/onderbouwing van (de noodzaak tot) het afsluiten van de Westerstraat. Al deze verwijzingen/aanhalingen1, zelfs tot in het Definitief Ontwerp2 aan toe, zijn geheel misplaatst. Evenzo de onjuiste passage in het collegebesluit van 24-10-20243. In tegendeel zegt Arcadis precies het tegenovergestelde te weten dat na de aanpassing van de uitrit Plaza West, sprake is van een overwegsituatie die voldoet aan de geldende veiligheidseisen. 4 2.
Andere oorzaken van vermeende onveiligheid Ter rechtvaardiging van het DO is het zoeken naar andere redenen waarom de situatie als onveilig zou kunnen worden aangemerkt. Genoemd worden met name het keren op de overweg alsmede het links passeren van de middenberm (vanaf het De Ruyterplein). Wij ontkennen niet dat dit incidenteel plaatsvindt. Het is echter storend dat er geen enkele registraties of waarnemingen van zijn. Ondanks dat wij regelmatig hebben aangedrongen op camera-toezicht of handhaving. Het blijft bij aannamen en veronderstellingen. Dat is volstrekt onvoldoende om de voorgestelde forse maatregelen mee te kunnen rechtvaardigen. Ook is onbegrijpelijk dat ProRail en de gemeente blijven weigeren om in gesprek te gaan over beduidend simpeler maatregelen om hetzelfde doel te bereiken. 3. Gevolgen voor de omgeving – bij-effecten van de voorgestelde maatregelen Zonder enige motivering wordt gesteld dat de voorgenomen afsluiting ‘geen grote gevolgen heeft voor de omgeving’5 terwijl geen enkel inzicht bestaat in aantallen (en 1
Bijvoorbeeld de kaderstellende notitie, punt 2 op p. 9; Collegebesluit 20-5-2025 onder ‘Kernboodschap’ en par. 5.2/5.3. 2 DO, par. 3.1. 3 Startnotitie bij Collegebesluit van 24-10-2024, par. 4.3. Citaat: Uit de risicoanalyse van ProRail kwam naar voren dat, naast de uitweg Calvijnlaan, een van de belangrijkste probleempunten de aansluiting van de Westerstraat op de Westergracht is 4 Hoofdstuk 5 Arcadis-rapport. Citaat: Na uitvoering van ontwerpvariant 1 of ontwerpvariant 2 (met betrekking tot de Calvijnlaan, EA) met daarbij het maatregelenpakket zoals genoemd in paragraaf 4.4 zijn wij van mening dat de veiligheid op de overweg Westergracht voldoet aan de daaraan te stellen eisen. 5 ‘Bv de Kaderstellende notitie, par. 3 op p. 9; Collegebesluit van 20-5-2025 onder 4.2. Ook de Startnotitie bij het Collegebesluit van 24-1-2024 onder par. 5.2 stelt zonder onderbouwing dat een ‘beperkt deel’ van het circulatieplan moet worden herzien. Dat is onzin, en alleen bedoeld om het probleem te bagatelliseren.
soorten) voertuigen. Evenzo ontbreekt iedere onderbouwing waarom de verkeerstoename in de Leidsebuurt ‘aanvaardbaar’ en ‘acceptabel’6 zou zijn., tot in het DO aan toe. Gesteld wordt dat er sprake is van verkeerstoename in de buurt maar dat dit desondanks niet leidt tot meer onveilige situaties.7 Dat is innerlijk tegenstrijdig maar los daarvan ontbreekt ook hier iedere kwantitatieve beschouwing of onderbouwing. Ondanks dat wij ook hier vaak hebben aangedrongen op verkeerstellingen en registraties. Evenmin is gekeken naar de bereikbaarheid voor verhuiswagens, voertuigen van bouwbedrijven, steigerbouwers enz. maar ook voor hulpdiensten als brandweer en ambulances waardoor de veiligheid en bereikbaarheid in het gedrang kunnen komen. Uit het VO noch DO blijkt van enig overleg met deze diensten. Op dit punt voldoet het DO niet aan het zorgvuldigheidsbeginsel van de Algemene wet bestuursrecht.8 4. De belangenafweging ProRail heeft een sterk eenzijdig belang. Dat is hun goed recht maar in ieder geval is totaal onvoldoende gemotiveerd waarom er geen andere oplossingen zouden zijn, temeer omdat het gaat om een bedrag van 2,6 miljoen Euro. Los daarvan: ProRail is niet de baas in Haarlem, en kan niet zomaar 2 miljoen Euro van de gemeente eisen.
Tegenover een (wellicht zeer minimale) verbetering op de overgang, staat een beduidende verslechtering van de verkeersveiligheid in de omliggende straten en bij de aansluiting van de Voorzorgstraat op de Westergracht. Deze verslechtering is in het VO noch in het DO in kaart gebracht. De gemeente neemt het besluit en is daarvoor volledig verantwoordelijk en dient daarbij een afweging van alle belangen in acht te nemen. Die afweging heeft niet plaatsgevonden en het DO voldoet daarmee evenmin aan een ander beginsel in de Awb, te weten het evenredigheidsvereiste.9 5. Hoe nu verder Het beste is om het DO even te ‘parkeren’ en een overleg te starten met alle betrokkenen waarbij dus ook ProRail en de bewoners eindelijk eens een keer samen aan één tafel gaan zitten.
6
Collegebesluit van 20-5-2025 onder 4.2. DO, par. 4.2. 8 Art. 3:2 Awb: Bij de voorbereiding van een besluit vergaart het bestuursorgaan de nodige kennis omtrent de relevante feiten en de af te wegen belangen. 9 Artikel 3:4 Awb 1 Het bestuursorgaan weegt de rechtstreeks bij het besluit betrokken belangen af, voor zover niet uit een wettelijk voorschrift of uit de aard van de uit te oefenen bevoegdheid een beperking voortvloeit. 2 De voor een of meer belanghebbenden nadelige gevolgen van een besluit mogen niet onevenredig zijn in verhouding tot de met het besluit te dienen doelen. 7